Bijlage 3 - Regels en toelichting bestemmingsplan Herontwikkeling Emmalaan-Prins Bernhardstraat
Tekst van het document
Inhoudsopgave
Regels
3
Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1 Begrippen Artikel 2 Wijze van meten
4 4 9
Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3 Maatschappelijk Artikel 4 Woongebied
10 10 12
Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 5 Anti-dubbeltelregel Artikel 6 Algemene bouwregels Artikel 7 Algemene gebruiksregels Artikel 8 Algemene afwijkingsregels Artikel 9 Algemene wijzigingsregels Artikel 10 Algemene procedureregels Artikel 11 Overige regels
15 15 16 17 18 19 20 21
Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 12 Overgangsrecht Artikel 13 Slotregel
22 22 23
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
2
Regels
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
3
Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1
Inleidende regels
Begrippen
plan:
het bestemmingsplan Herontwikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond met identificatienummer NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 van de gemeente Roermond. 1.2
bestemmingsplan:
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3
aan en/of uitbouw:
een aan een hoofdgebouw vast gebouwd bouwwerk, dat architectonisch ondergeschikt is aan het hoofdgebouw, maar dat in functioneel opzicht deel uitmaakt van het hoofdgebouw; voor de toepassing van deze regels wordt een aan- of uitbouw gelijkgesteld met een aan het hoofdgebouw aangebouwd bijgebouw. 1.4
aan huis verbonden beroep:
de uitoefening van een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, (para-)medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende bijgebouwen, met behoud van de woonfunctie, kan worden uitgeoefend. Hieronder dient niet te worden begrepen de uitoefening van detailhandel. 1.5
aanduiding:
een geometrisch bepaald vlak of een figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.6
aanduidingsgrens:
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.7
aaneengebouwde woning:
een woning die onderdeel uitmaakt van een blok van minimaal drie woningen waarvan de hoofdgebouwen aan elkaar gebouwd / verbonden zijn. 1.8
activiteitenbesluit:
Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer. 1.9
afhankelijke woonruimte:
een (deel van een) gebouw waarin een gedeelte van de huishouding uit het oogpunt van mantelzorg is gehuisvest en dat qua ligging een ruimtelijke eenheid met de woning vormt. 1.10
archeologische waarde:
waarde die bestaat uit de aanwezigheid van een bodem-archief met sporen van vroegere menselijke bewoning en/of grondgebruik daarin, en als zodanig van wetenschappelijk belang is en het cultuurhistorisch erfgoed vertegenwoordigt. 1.11
bebouwing:
een of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 1.12
bebouwingspercentage:
een percentage, dat de grootte aangeeft van het deel van een bouwperceel, dat ten hoogste mag worden bebouwd.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
4
1.13
bedrijfsactiviteit:
het beroepsmatig uitoefenen van bedrijvigheid met gebruikmaking van machines dan wel door middel van handwerk en geen kantoor zijnde. 1.14
bedrijfsgebouw:
een gebouw dat dient voor de uitoefening van één of meer bedrijfsactiviteiten. 1.15
bedrijfsvloeroppervlak:
de totale vloeroppervlakte van kantoren, winkels of bedrijven met inbegrip van de daartoe behorende magazijnen en overige dienstruimten. 1.16
begane grond:
bouwlaag waarvan het vloerpeil ter hoogte van het (straat)peil ligt, dan wel de bouwlaag boven een souterrain. 1.17 bestaand: a. bij bebouwing: bebouwing zoals aanwezig of wordt gebouwd op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan, dan wel mag worden gebouwd krachtens een voor dat tijdstip aangevraagde omgevingsvergunning voor het bouwen; b. bij gebruik: het vergunde gebruik zoals aanwezig op het tijdstip dat het plan in werking is getreden; c. in aanvulling op het bepaalde onder b. worden tot de bestaande kamerverhuurpanden tevens gerekend de panden die zijn opgenomen in bijlage 2 van deze planregels: Lijst kamerverhuurpanden; d. in aanvulling op het bepaalde onder b. worden tot de bestaande kamerwoningen tevens gerekend de kamerwoningen waarvoor een omgevingsvergunning op grond van de huisvestingsverordening is verleend. 1.18
bestemmingsgrens:
de grens van een bestemmingsvlak. 1.19
bestemmingsvlak:
een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.20
bevoegd gezag:
bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ten aanzien van een al verleende omgevingsvergunning. 1.21
bijgebouw:
een gebouw dat in bouwkundig opzicht ondergeschikt is aan een op hetzelfde bouwperceel gelegen hoofdgebouw en dat ten dienste staat van dat hoofdgebouw. 1.22
bouwen:
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. 1.23
bouwgrens:
de grens van een bouwvlak. 1.24
bouwlaag:
een doorlopend deel van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond. 1.25
bouwperceel:
een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
5
1.26
bouwperceelgrens:
een grens van een bouwperceel. 1.27
bouwvlak:
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten. 1.28
bouwwerk:
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. 1.29
detailhandel:
het bedrijfsmatig te koop aanbieden (waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop), het verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. 1.30
dienstverlening:
het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen, zoals reis- en uitzendbureaus, kapsalons en wasserettes. 1.31
evenement:
al of niet periodiek terugkerende publieke gebeurtenis op het gebied van sport, cultuur, folklore, handel, recreatie, liefdadigheid, religie, gezondheid, wetenschap, amusement en vergelijkbare gebeurtenissen. 1.32
gebouw:
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.33
gebruiksoppervlakte:
de gebruiksoppervlakte wordt berekend door van de totale oppervlakte binnen de wanden van de woning, het BVO (brutovloeroppervlak) de volgende oppervlaktes af te trekken: Grondoppervlak van dragende binnenwanden. Oppervlak van vides, liftschachten en trapgaten, indien groter dan 4 m2. Oppervlak van ruimten met een vrije hoogte lager dan 1,5 meter. (ter plaatse van een trap of hellingbaan die kleiner is dan 4m2, telt de vloeroppervlakte bij een hoogte onder 1,5 meter wel mee). Grondoppervlak van afzonderlijke constructies (bijv. penanten) groter dan 0,5 m2. Grondoppervlak van leidingschachten, indien groter dan 0,5 m2. 1.34
hoofdgebouw:
een gebouw dat door zijn constructie, afmetingen of situering, dan wel gelet op de bestemming als belangrijkste bouwwerk op een bouwperceel valt aan te merken. 1.35
horeca:
het bedrijfsmatig verstrekken van dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse, één en ander al dan niet in combinatie met ondersteunende activiteiten of met een vermaaksfunctie, met uitzondering van seksinrichtingen. De horecacategorieën binnen de functie horeca zijn omschreven in Bijlage 3 'Staat van horeca-activiteiten'. 1.36
huishouden:
een alleenstaande, dan wel twee of meer personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren. 1.37
kamerverhuur:
woonvorm waarbij een pand door meerdere personen die geen gezamenlijk huishouden vormen wordt bewoond, en waarbij sprake is van woonruimtes waarbij afzonderlijke huishoudens afhankelijk zijn van één of meer gedeelde wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte. Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
6
1.38
kamerverhuurpand:
pand dat wordt gebruikt ten behoeve van kamerverhuur en waarin zich meerdere kamerwoningen bevinden. 1.39
kamerwoning:
een wooneenheid die geen eigen toegang heeft en welke niet door een huishouden kan worden bewoond, zonder afhankelijk te zijn van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte. Het begrip 'kamerwoning' wordt gelijkgesteld met het begrip 'onzelfstandige woonruimte'. 1.40
kantoor:
een ruimte die door haar aard, indeling en inrichting is bedoeld voor het verrichten van werkzaamheden van hoofdzakelijke administratieve aard. 1.41
kleine economie:
bedrijfsactiviteiten die wat betreft invloed op de woonomgeving gelijk te stellen zijn aan een aan huis gebonden beroep, waarvan de omvang en de activiteiten zodanig zijn dat de activiteiten in een woning en de daarbij behorende gebouwen met behoud van de woonfunctie kunnen worden uitgeoefend. 1.42
levensloopbestendig:
zodanig geschikt voor bewoning, doordat de primaire leefruimten (woonruimte, kookruimte, toiletruimte, badruimte en/of doucheruimte en ten minste 1 slaapruimte) op dezelfde verdieping liggen en deze leefruimten zowel inpandig als vanuit het aansluitende terrein drempelvrij toegankelijk te zijn. 1.43
logeerappartement:
een appartement waar cliënten met een niet aangeboren hersenletsel tijdelijk kunnen verblijven en gebruik kunnen maken van de geboden 24-uurszorg. 1.44
maatschappelijke voorzieningen:
voorzieningen ten behoeve van educatieve, sociale, sociaal-medische, sociaal-culturele, (para-) medische en levensbeschouwelijke voorzieningen, alsmede voorzieningen ten behoeve van sport en sportieve recreatie en voorzieningen ten behoeve van begeleid wonen en van de openbare dienstverlening, alsook ondergeschikte detailhandel en horeca ten dienste van deze voorzieningen. 1.45
mantelzorg:
het bieden van zorg aan eenieder die hulpbehoevend is op het fysieke, psychische en/of sociale vlak, op vrijwillige basis en buiten organisatorisch verband. 1.46
nutsvoorzieningen:
voorzieningen ten behoeve van het op het openbare net aangesloten nutsvoorziening, het telecommunicatieverkeer, het openbaar vervoer en/of het wegverkeer. 1.47
ondergeschikte detailhandel:
detailhandel-activiteiten die qua uitstraling passen bij de hoofdfunctie, naar aard- en omvang ondergeschikt zijn aan en dienen ter ondersteuning van de hoofdfunctie, en niet zelfstandig worden uitgeoefend en/of toegankelijk zijn, los van de hoofdfunctie. 1.48
onzelfstandige woonruimte:
dit begrip is gelijk aan het begrip 'kamerwoning'. 1.49
pand:
de kleinste bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig-constructiefzelfstandige eenheid die direct en duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar is.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
7
1.50
peil:
voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld. 1.51
prostitutie:
het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding. 1.52
seksinrichting:
de voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht of gelegenheid wordt geboden seksuele handelingen te verrichten dan wel vertoningen en/of voorstellingen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting worden in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf; een raamprostitutiebedrijf; een erotische massagesalon; een seksbioscoop; een sekstheater; een parenclub; geheel of gedeeltelijke bedrijfsvoering in overwegend seksueel geaarde dienstverlening; al dan niet in combinatie met elkaar. 1.53
voorgevelrooilijn:
denkbeeldige lijn waarin een (of meer) gevel(s) van een gebouw is/zijn of word(t)(en) geplaatst en die is gelegen aan de zijde van de aan de weg gelegen perceelsgrens. 1.54
vrijstaand bijgebouw:
een bijgebouw, dat qua constructie en visueel vrij staat van het hoofdgebouw. 1.55
waterhuishouding:
het ontvangen, vasthouden, (tijdelijk) bergen en afvoeren van water, eventueel gecombineerd met infiltratie van water in de bodem. 1.56
woning:
een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden, dan wel voor de huisvesting van maximaal twee personen die geen gezamenlijk huishouden voeren. Het begrip woning wordt gelijkgesteld met het begrip 'zelfstandige woonruimte'. 1.57
woongebouw:
een gebouw, dat meerdere naast elkaar en/of geheel of gedeeltelijk boven elkaar gelegen woningen omvat en dat qua uiterlijke verschijningsvorm als een eenheid kan worden beschouwd. 1.58
zelfstandige woonruimte:
dit begrip is gelijk aan het begrip 'woning'. 1.59
zorgwoning:
een woning of wooneenheid, bestemd voor verzorgd wonen, die niet via de reguliere woningdistributie beschikbaar komt, maar waarvan de bewoner(s) vanwege hun beperkte zelfredzaamheid vanaf aanvang van bewoning op basis van een ter zake van overheidswege gehanteerd systeem zijn geïndiceerd voor zorg, die beschikbaar is in de directe nabijheid van die woning of wooneenheid en welke zorg door die bewoner(s) ook daadwerkelijk wordt afgenomen.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
8
Artikel 2
Wijze van meten
Bij de toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1
de afstand
de afstand tussen bouwwerken onderling alsmede de afstand van bouwwerken tot perceelsgrenzen worden daar gemeten waar dez afstand het kleinst is. 2.2
de bedrijfsvloeroppervlakte
binnenwerks, op de vloer van de ruimten die worden of kunnen worden gebruikt voor bedrijfsactiviteiten. 2.3
de bouwhoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.4
breedte, lengte en diepte van een bouwwerk
tussen (de lijnen getrokken door) de buitenzijde van de gevels en het hart van de scheidsmuren. 2.5
de dakhelling
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.6
de goothoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.7
de inhoud van een bouwwerk
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.8
de oppervlakte van een bouwwerk
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.9
Aanvullende bepalingen
bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen binnen bestemmingsvlakken worden ondergeschikte bouwdelen als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de bouwc.q. bestemmingsgrens met niet meer dan 0,5 m wordt overschreden.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
9
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Bestemmingsregels
Maatschappelijk
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. 28 zorgwoningen en een logeerappartement met bijbehorende maatschappelijke voorzieningen; met daaraan ondergeschikt: b. c. d. e. f. g. h. i.
water en waterhuishoudkundige voorzieningen; verkeersvoorzieningen; groenvoorzieningen; parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen; speelvoorzieningen; kleinschalige evenementen; overige bijbehorende voorzieningen.
3.2
Bouwregels
3.2.1
Algemeen
voor het bouwen gelden de volgende regels: a. op de als 'Maatschappelijk' bestemde gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de onder 3.1 genoemde functies worden gebouwd. 3.2.2 Hoofdgebouwen a. hoofdgebouwen worden binnen het bouwvlak gebouwd; b. ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' bedraagt de goot- en bouwhoogte van hoofdgebouwen ten hoogste de op de verbeelding weergegeven maat. 3.2.3 Bijgebouwen a. bijgebouwen worden tenminste 3 meter achter het verlengde van de voorgevel van het hoofdgebouw geplaatst; b. het totale grondoppervlak van bijgebouwen bedraagt maximaal 200 m²; c. de maximale goothoogte van bijgebouwen met een kap bedraagt 2,70 meter en de maximale bouwhoogte van bijgebouwen met een kap bedraagt 5 meter; d. de maximale bouwhoogte van bijgebouwen zonder kap bedraagt 3 meter 3.2.4
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
De hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt maximaal 3,00 meter, met uitzondering van erfafscheidingen, waarbij de hoogte voor de voorgevelrooilijn maximaal 1,00 meter bedraagt en achter de voorgevelrooilijn maximaal 2,00 meter. In afwijking hiervan mag bij hoekpercelen de hoogte van de erfafscheiding aan één wegzijde voor de voorgevelrooilijn maximaal 2,00 meter bedragen, mits deze ten minste 1,00 meter achter de perceelsgrens wordt geplaatst. 3.3
Afwijken van de bouwregels
Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde onder 3.2.4 voor het plaatsen van erfafscheidingen op de perceelsgrens bij hoekpercelen, onder de voorwaarden dat de erfafscheiding: a. het vrije uitzicht van het wegverkeer niet mag belemmeren en voor het wegverkeer ook niet Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
10
anderszins hinder of gevaar mag opleveren; b. geen fundamentele inbreuk op de groene dan wel open structuur pleegt. 3.4
Specifieke gebruiksregels
3.4.1
Strijdig gebruik
Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken wordt in elk geval gerekend: a. het gebruik van bijgebouwen voor zelfstandige bewoning. 3.5
Afwijken van de gebruiksregels
3.5.1
Kleine economie
Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde onder 3.1 voor de uitoefening van bedrijven, vallende onder de kleine economie, met dien verstande dat: a. geen onevenredige hinder mag worden toegebracht aan de kwaliteit van het woonmilieu; b. door de uitoefening van de activiteit het uiterlijk aanzien van de woning niet zodanig mag veranderen, dat het karakter ervan geheel of gedeeltelijk verloren gaat, dit houdt onder meer in dat er geen grote reclame-uitingen aan of bij de woning geplaatst mogen worden; c. de oppervlakte van de woning welke voor de bedrijfsvoering wordt gebruikt, niet meer dan 50 % van de begane grond en maximaal 30 % van het totale vloeroppervlak van de woning en de bijgebouwen bedraagt en de totale oppervlakte van de activiteit niet meer bedraagt dan 25 m²; d. het niet zodanig verkeersaantrekkende activiteiten betreft, die de woonomgeving onevenredig belasten en ten gevolge waarvan extra verkeersmaatregelen, waaronder extra parkeerplaatsen, noodzakelijk worden, tenzij op eigen terrein gezorgd kan worden voor voldoende parkeervoorzieningen of in de omgeving voldoende beschikbare plaatsen zijn; e. de uitvoerder van de activiteiten op hetzelfde perceel woont; f.
detailhandel alleen als ondergeschikte activiteit is toegestaan en uitsluitend van goederen die verband houden met de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning wordt verleend; g. activiteiten die op grond van het bepaalde in de Wet milieubeheer meldingsplichtig zijn of activiteiten die op grond van artikel 2.1 lid 1 onder e van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht vergunningplichtig zijn, in beginsel niet worden toegestaan, tenzij kan worden aangetoond dat geen overlast voor de omgeving op zal treden, waarbij maximaal bedrijven uit categorie 2 van de Bedrijvenlijst kleine economie zoals opgenomen in Bijlage 1 of daarmee qua aard en invloed op de woonomgeving vergelijkbare bedrijven worden toegestaan.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
11
Artikel 4 4.1
Woongebied
Bestemmingsomschrijving
De voor ‘Woongebied’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. woningen met bijbehorende voorzieningen zoals tuinen en erven, alsmede aan huis verbonden beroepen; met daarbij behorende: b. c. d. e. f. g. h. i. 4.2
verkeersvoorzieningen; parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen; groenvoorzieningen; speelvoorzieningen; kleinschalige evenementen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; overige bijbehorende voorzieningen; Bouwregels
Voor het bouwen gelden de volgende regels: op de als ‘Woongebied’ bestemde gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de onder 4.1 genoemde functies worden gebouwd;
4.2.1 Hoofdgebouwen a. hoofdgebouwen worden binnen het bouwvlak gebouwd; b. binnen het bouwvlak zijn enkel aaneengebouwde woningen toegestaan; c. de goot- en bouwhoogte bedraagt niet meer dan is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)'; d. het aantal woningen mag niet meer bedragen dan is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden'; e. ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden:10' dienen de woningen levensloopbestendig te worden gerealiseerd; f. het maximale bebouwingspercentage bedraagt per bouwperceel voor woondoeleinden tot 200 m2 maximaal 70%; 4.2.2 Bijgebouwen a. bijgebouwen worden tenminste 3 meter achter het verlengde van de voorgevel van het hoofdgebouw geplaatst, tenzij het een aan de wegzijde gelegen open stallingsruimte voor personenauto's betreft; b. het totale grondoppervlak van bijgebouwen bedraagt per bouwperceel tot en met 700 m2 maximaal 70 m2, waarbij het bepaalde in 4.2.1 onder i van overeenkomstige toepassing is; c. bouwperceel, waarbij het bepaalde in 4.2.1 onder i van overeenkomstige toepassing is; d. de maximale goothoogte van bijgebouwen met een kap bedraagt 3 meter en de maximale bouwhoogte van bijgebouwen met een kap bedraagt 5 meter; e. de maximale bouwhoogte van bijgebouwen zonder kap bedraagt 3 meter; f.
de goothoogte van bijgebouwen aansluitend aan het hoofdgebouw, bedraagt ten hoogste de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw;
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
12
4.2.3
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
De hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt maximaal 3,00 meter, met uitzondering van erfafscheidingen, waarbij de hoogte voor de voorgevelrooilijn maximaal 1,00 meter bedraagt en achter de voorgevelrooilijn maximaal 2,00 meter. In afwijking hiervan mag bij hoekpercelen de hoogte van de erfafscheiding aan één wegzijde voor de voorgevelrooilijn maximaal 2,00 meter bedragen, mits deze ten minste 1,00 meter achter de perceelsgrens wordt geplaatst; 4.3
Afwijken van de bouwregels
Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde onder 4.2.3 voor het plaatsen van erfafscheidingen op de perceelsgrens bij hoekpercelen, onder de voorwaarden dat de erfafscheiding: a. het vrije uitzicht van het wegverkeer niet mag belemmeren en voor het wegverkeer ook niet anderszins hinder of gevaar mag opleveren; b. geen fundamentele inbreuk op de groene dan wel open structuur pleegt. 4.4
Specifieke gebruiksregels
Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken wordt in elk geval gerekend: a. het gebruik van bijgebouwen voor zelfstandige bewoning; b. het bouwen en/of in gebruik nemen van nieuwe kamerverhuurpanden; c. het bouwen en/of in gebruik nemen van nieuwe woningen met gebruiksoppervlakte kleiner dan 60 m2. 4.5
Afwijken van de gebruiksregels
4.5.1
Kleine economie
Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde onder 4.1 voor de uitoefening van bedrijven, vallende onder de kleine economie, met dien verstande dat: a. geen onevenredige hinder mag worden toebracht aan de kwaliteit van het woonmilieu; b. door de uitoefening van de activiteit het uiterlijk aanzien van de woning niet zodanig mag veranderen, dat het karakter ervan geheel of gedeeltelijk verloren gaat, dit houdt onder meer in dat er geen grote reclame-uitingen aan of bij de woning geplaatst mogen worden; c. de oppervlakte van de woning welke voor de bedrijfsvoering wordt gebruikt, niet meer dan 50 % van de begane grond en maximaal 30 % van het totale vloeroppervlak van de woning en de bijgebouwen bedraagt en de totale oppervlakte van de activiteit niet meer bedraagt dan 25 m²; d. het niet zodanig verkeersaantrekkende activiteiten betreft, die de woonomgeving onevenredig belasten en ten gevolge waarvan extra verkeersmaatregelen, waaronder extra parkeerplaatsen, noodzakelijk worden, tenzij op eigen terrein gezorgd kan worden voor voldoende parkeervoorzieningen of in de omgeving voldoende beschikbare plaatsen zijn; e. de uitvoerder van de activiteiten op hetzelfde perceel woont; f.
detailhandel alleen als ondergeschikte activiteit is toegestaan en uitsluitend van goederen die verband houden met de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning wordt verleend; g. activiteiten die op grond van het bepaalde in de Wet milieubeheer meldingsplichtig zijn of activiteiten die op grond van artikel 2.1 lid 1 onder e van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht vergunningplichtig zijn, in beginsel niet worden toegestaan, tenzij kan worden aangetoond dat geen overlast voor de omgeving op zal treden, waarbij maximaal bedrijven uit categorie 2 van Bijlage 1 Bedrijvenlijst kleine economie of daarmee qua aard en invloed op de woonomgeving vergelijkbare bedrijven worden toegestaan. 4.5.2
Afwijkingsbevoegdheid ten behoeve van nieuwe kamerwoningen
Het bevoegd gezag kan, met in acht name van de daartoe vastgestelde beleidsregel 'Uitvoeringsbeleid kamerverhuur en ministudio's' (of een daarvoor in de plaats tredende beleidsregel), met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 4.4 onder c in gevallen: a. waarin bestaande kamerwoningen verdwijnen, en minder kamerwoningen worden teruggebouwd / in Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
13
gebruik genomen, of; b. waarbij de beoogde ontwikkeling niet leidt tot een dreigende onaanvaardbare aantasting van de leefbaarheid in de omgeving. 4.5.3
Afwijkingsbevoegdheid ten behoeve van nieuwe woningen kleiner dan 60 m2
Het bevoegd gezag kan, met in acht name van de daartoe vastgestelde beleidsregel 'Uitvoeringsbeleid kamerverhuur en ministudio's' (of een daarvoor in de plaats tredende beleidsregel), met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 4.4 onder d in gevallen a. waarin bestaande woningen met een gebruiksoppervlakte kleiner dan 60 m2 verdwijnen, en minder bestaande woningen met een gebruiksoppervlakte kleiner dan 60 m2 worden teruggebouwd / in gebruik genomen, of; b. waarin de aanvraag ziet op de bouw- of in gebruikname van één woning met een gebruiksoppervlakte kleiner dan 60 m2, in een bestaand gebouw waarbij vanwege de beschikbare ruimte in de bestaande toestand redelijkerwijs geen woning met een gebruiksoppervlak van minimaal 60 m2 kan worden gerealiseerd, of; c. waarbij de beoogde ontwikkeling niet leidt tot een dreigende onaanvaardbare aantasting van de leefbaarheid in de omgeving.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
14
Hoofdstuk 3 Artikel 5
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
15
Artikel 6
Algemene bouwregels
6.1
Algemene bepaling over bestaande afstanden en andere maten
6.1.1
Overschrijding voorgeschreven maten
Indien afstanden tot, bouwhoogten, inhoud, aantallen en/of oppervlakten van bestaande bouwwerken die gebouwd zijn met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Woningwet of de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van het plan meer bedragen dan ingevolge hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen deze maten en hoeveelheden als maximaal toelaatbaar worden aangehouden. 6.1.2
Minimaal toelaatbare maten
In die gevallen dat afstanden tot, bouwhoogten, inhoud, aantallen en/of oppervlakten van bestaande bouwwerken, die gebouwd zijn met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Woningwet of de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van het plan minder bedragen dan ingevolge hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen deze maten en hoeveelheden als minimaal toelaatbaar worden aangehouden.
6.1.3
Heroprichting van gebouwen
In het geval van (her)oprichting van gebouwen is het bepaalde in 6.1.1 en 6.1.2 uitsluitend van toepassing indien het geschiedt op dezelfde plaats.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
16
Artikel 7 7.1
Algemene gebruiksregels
Strijdig gebruik
Tot een strijdig gebruik met de bestemming wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik voor een seksinrichting; b. het permanent bewonen van recreatiewoningen, kampeermiddelen en andere onderkomens en gebouwen die niet voor permanente bewoning bestemd zijn; c. het gebruik van niet-bebouwde grond als permanente staan- of ligplaats van demonteerbare of verplaatsbare inrichtingen voor de verkoop van etenswaren en/of dranken; d. het gebruik van niet-bebouwde grond als staan- of ligplaats voor (menselijk of dierlijk) verblijf geschikte, al dan niet aan hun bestemming onttrokken, vaar- of voertuigen, arken of andere objecten, voor zover die niet als bouwwerk zijn aan te merken; e. het gebruik van niet-bebouwde grond voor het opslaan, storten of bergen van al dan niet afgedankte stoffen, voorwerpen en producten, tenzij dit gebruik noodzakelijk is voor of verband houdt met het op de bestemming gerichte gebruik van de gronden.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
17
Artikel 8 8.1
Algemene afwijkingsregels
Algemene afwijking
Het bevoegd gezag kan – tenzij op grond van Hoofdstuk 2 reeds kan worden afgeweken – met een omgevingsvergunning afwijken van de regels voor: a. het afwijken van de maatvoering (inclusief percentages) met ten hoogste 15%; b. het oprichten van niet voor bewoning bestemde bouwwerken van openbaar nut, zoals wachthuisjes, telefooncellen en naar de aard en omvang daarmee gelijk te stellen bouwwerken, voor zover deze bouwwerken geen grotere bouwhoogte dan 3,50m en geen grotere oppervlakte dan 20m2 hebben; c. het oprichten van gebouwtjes ten dienste van de verkoop van kranten en tijdschriften, bloemen, ijs, frisdranken en straatconsumpties, voor zover deze bouwwerken geen grotere bouwhoogte dan 3,50m en geen grotere oppervlakte dan 12m2 hebben; d. geringe afwijkingen, van de op de verbeelding aangegeven bestemmingsgrenzen, welke in het belang zijn van een ruimtelijk of technisch beter verantwoorde plaatsing van bouwwerken of welke noodzakelijk zijn in verband met de werkelijke toestand van het terrein, mits de afwijking niet meer dan 2,00m bedraagt; e. het oprichten van zend; ontvangst; en/of sirenemasten voor zover deze van geringe horizontale afmetingen zijn en mits de hoogte, gemeten vanaf het peil tot het hoogste punt van het bouwwerk, niet meer bedraagt dan 5 meter voor privégebruik en niet meer dan 40 meter voor gemeenschappelijk gebruik; f.
het oprichten van waterretentiebekkens, met dien verstande dat: 1. de inhoud niet meer bedraagt dan 4000m3; 2. ingeval van ondergrondse bekkens: bekkens minimaal 0,50 meter onder het aangrenzende maaiveld blijft; de putdeksels op maaiveldniveau gelegen zijn. g. evenementen voor zover de bestemming niet onevenredig wordt aangetast; 8.2
Voorwaarden
8.2.1
Voorwaarden ten aanzien van de situering
Het bevoegd gezag kan bij verlening van de omgevingsvergunning voorwaarden stellen ten aanzien van de situering van de in 8.1 bedoelde bouwwerken, teneinde een ruimtelijk verantwoorde plaatsing van deze bouwwerken ten opzichte van de omgeving te waarborgen.
8.2.2
Geen onevenredige afbreuk aan gebruiksmogelijkheden
De in artikel 8.1 genoemde vergunning mag slechts worden verleend indien hierdoor geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
18
Artikel 9 9.1
Algemene wijzigingsregels
Algemene wijziging
Burgemeester en wethouders kunnen de in het plan opgenomen bestemmingen wijzigen ten behoeve van: a. het wijzigen van de voorgeschreven maatvoering voor bouwwerken met ten hoogste 25%; b. een enigszins andere situering en/of begrenzing van de bestemmingsgrenzen, indien bij de uitvoering van het plan mocht blijken dat verschuivingen in verband met de uitvoering van een bouwplan waarvan realisering wenselijk of noodzakelijk wordt geacht; c. het wijzigen van de lijst van bedrijfsactiviteiten, indien technologische ontwikkelingen of vernieuwde inzichten hiertoe aanleiding geven; d. het aanpassen van opgenomen bepalingen in de voorafgaande artikelen, waarbij verwezen wordt naar bepalingen in wettelijke regelingen, indien deze wettelijke regelingen na het tijdstip van tervisielegging van het ontwerpplan worden gewijzigd; e. door een planregel toe te voegen waarin wordt bepaald dat een bestaand kamerverhuurpand of een bestaande kamerwoning zoals omschreven in 1.17 onder c. en d. niet langer als zodanig mag worden gebruikt, indien het gebruik van die woning(en) leidt tot een onaanvaardbare aantasting van de leefbaarheid en een goed woon- en leefklimaat in de omgeving.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
19
Artikel 10
Algemene procedureregels
Bij het stellen van nadere eisen als bedoeld in deze regels gelden de volgende procedureregels: a. het ontwerpbesluit ligt gedurende tenminste twee weken voor belanghebbenden ter inzage ter gemeentesecretarie; b. burgemeester en wethouders maken de ter inzage legging van het ontwerpbesluit tevoren bekend in één of meer dag-, nieuws- of huis-aan-huisbladen, die in de gemeente worden verspreid, en voorts op de gebruikelijke wijze; c. de bekendmaking houdt in de bevoegdheid van belanghebbenden tot het schriftelijk indienen van zienswijzen bij burgemeester en wethouders tegen het ontwerpbesluit gedurende de onder a. genoemde termijn; d. burgemeester en wethouders delen aan hen, die zienswijzen hebben ingediend, de beslissing daaromtrent mede.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
20
Artikel 11 11.1
Overige regels
Werking wettelijke regelingen
De wettelijke regelingen waarnaar in de regels wordt verwezen, gelden zoals deze luiden op het moment van vaststelling van het plan. 11.2
Parkeren
11.2.1 Bepaling met betrekking tot het aantal parkeerplaatsen op eigen terrein Bij het oprichten van gebouwen of het veranderen van gebruik dient de inrichting van elk perceel zodanig te zijn dat voldoende ruimte aanwezig is om zowel het parkeren als het eventueel laden en lossen op eigen terrein te kunnen afwikkelen. Op eigen terrein dient voorzien te zijn in voldoende parkeeraccommodatie, inclusief parkeergelegenheid voor werknemers en bezoekers, conform de parkeernormen zoals opgenomen in de Nota Parkeernormen 2021, waarbij geldt dat ingeval de Nota Parkeernormen 2021 binnen de planperiode wordt herzien, deze herziening leidend is voor het bepalen van de parkeercriteria. Voor de toepassing dienen de norm uit de kolom 'schil' gebruikt te worden. 11.2.2 Afwijken van het benodigd aantal parkeerplaatsen Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het in artikel 11.2.1 bepaalde indien anderszins in voldoende parkeergelegenheid is voorzien. 11.3
Nadere eis
Burgemeester en Wethouders kunnen, met het oog op het aspect externe veiligheid, ter beheersing van de blootstelling aan giftige stoffen en uitpandige vluchtroutes, nadere eisen te stellen aan: a. b. c. d.
de situering van bouwwerken (gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde); de inrichting van terreinen; de bruto vloeroppervlakte (bvo) en de hoogte van gebouwen; de wijze van afsluitbaarheid van mechanische ventilatiesystemen.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
21
Hoofdstuk 4 Artikel 12 12.1
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwen
12.1.1 Algemeen overgangsrecht bouwwerken Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 12.1.2 Afwijking Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van 12.1.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in 12.1.1 met maximaal 10%.
12.1.3 Uitzondering op het overgangsrecht bouwwerken Lid 12.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan. 12.2
Overgangsrecht gebruik
12.2.1 Algemeen overgangsrecht gebruik Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 12.2.2 Wijzigen strijdig gebruik Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 12.2.1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.
12.2.3 Verboden gebruik Indien het gebruik, bedoeld in 12.2.2, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.
12.2.4 Uitzondering op het overgangsrecht gebruik Lid 12.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
22
Artikel 13
Slotregel
Deze regels worden aangehaald onder de naam 'Regels van het bestemmingsplan 'Herontwikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond'.
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
23
Bijlage bij Regels
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
3
Bijlage 1 Bedrijvenlijst kleine economie
Herontw ikkeling Emmalaan - Prinsbernhardstraat Roermond NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01 vastgesteld
4
Bedrijvenlijst kleine economie
GEVAAR
CATEGORIE
VERKEER
VISUEEL
0 0 0 0 0 0
10 10 30 10 30 10
0 0 0 10 10 0
10 10 30 30 30 D 10
1 1 2 2 2 1
1 P 1 G 2 G 2 G 2 G 1 G
1 1 1 1 1 1
30
0
30
0
30
2
1 G
1
0 30
10 10
10 10
0 10
10 30
1 2
1 P 1 G
1 1
0
0
10
0
10
1
1 P
1
0
0
10
10
10
1
1 P
1
0
0
10
0
10
1
2 P
1
0 0 0
0 0 0
10 10 10
0 0 0
10 10 10 D
1 1 1
2 P 1 P 1 P
1 1 1
0
0
10
0
10
1
1 P
1
0
0
10
0
10
1
1 P
1
0
0
10
0
10 D
1
2 P
1
0
0
30
0
30
2
2 P
1
0
0
10
0
10
1
1 P
1
0
0
10
0
10
1
2 P
1
0 0
0 0
10 10 C
0 0
10 10 D
1 1
1 P 1 P
1 1
-
B B
B
LUCHT
GELUID
0 0 30 30 30 0
GROOTSTE AFSTAND
STOF
UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUKTIE VAN OPGENOMEN MEDIA Uitgeverijen (kantoren) A Grafische afwerking B Binderijen Grafische reproduktie en zetten Overige grafische aktiviteiten Reproduktiebedrijven opgenomen media - VERVAARDIGING VAN MEDISCHE EN OPTISCHE APPARATEN EN INSTRUMENTEN A Fabrieken voor medische en optische apparaten en instrumenten e.d. - VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN OVERIGE GOEDEREN N.E.G. 2 Meubelstoffeerderijen b.o. < 200 m2 Fabricage van munten, sieraden e.d. - GROOTHANDEL EN HANDELSBEMIDDELING Handelsbemiddeling (kantoren) - DETAILHANDEL EN REPARATIE T.B.V. PARTICULIEREN Reparatie t.b.v. particulieren (excl. auto's en motorfietsen) - VERVOER OVER WATER / DOOR DE LUCHT A Vervoersbedrijven (uitsluitend kantoren) - DIENSTVERLENING T.B.V. HET VERVOER Overige dienstverlening t.b.v. vervoer (kantoren) Reisorganisaties Expediteurs, cargadoors (kantoren) - VERHUUR VAN EN HANDEL IN ONROEREND GOED A Verhuur van en handel in onroerend goed - COMPUTERSERVICE- EN INFORMATIETECHNOLOGIE A Computerservice- en informatietechnologie-bureau's e.d. - OVERIGE ZAKELIJKE DIENSTVERLENING A Overige zakelijke dienstverlening: kantoren - GEZONDHEIDS- EN WELZIJNSZORG 2 Kinderopvang - DIVERSE ORGANISATIES Bedrijfs- en werknemersorganisaties (kantoren) - CULTUUR, SPORT EN RECREATIE Bibliotheken, musea, ateliers, e.d.
- OVERIGE DIENSTVERLENING Kappersbedrijven en schoonheidsinstituten B Persoonlijke dienstverlening n.e.g.
INDICES
GEUR
nummer
22 221 2223 2223 2224 2225 223 23 33 33 34 36 361 362 37 51 511 52 52 527 55 61, 62 61, 62 63 63 6322, 6323 633 634 64 70 70 71 72 72 73 74 74 75 85 853 90 91 9111 92 92 9251, 9252 93 93 9302 9305
AFSTANDEN IN METERS
BODEM
OMSCHRIJVING
SBI-CODE
Bestemmingsplan ‘Herontwikkeling Emmalaan-Prins Bernhardstraat’ Gemeente Roermond Vastgesteld
BRO Vestiging Tegelen Industriestraat 94 5931 PK Tegelen T +31 (0)77 373 06 01 E info@bro.nl
Bestemmingsplan ‘Herontwikkeling Emmalaan-Prins Bernhardstraat’ Gemeente Roermond Vastgesteld
Identificatienummer:
NL.IMRO.0957.BP00000321-VG01
Rapportnummer BRO:
P01681
Datum:
Mei 2022
Projectteam BRO:
SSh, IMo
Concept:
Juli, november 2021, januari 2022
Ontwerp:
Februari 2022
Vaststelling:
Juli 2022
Trefwoorden:
Woningbouw, Emmalaan, Prins Bernhardstraat, gemeente Roermond
Bron foto kaft:
Hollandse Hoogte 4
Beknopte inhoud:
Ten behoeve van de realisatie van woningbouw op de locatie Emmalaan en de Prins Bernharstraat in Roermond is voorliggend bestemmingsplan opgesteld. De bouwplannen passen namelijk niet volledig binnen het vigerende bestemmingsplan “Roermondse Veld”.
BRO Vestiging Venlo Industriestraat 94 5931 PK Tegelen T +31 (0)77 373 06 01 E info@bro.nl
Inhoudsopgave
pagina
1. INLEIDING
4
2. GEBIEDSBESCHRIJVING 2.1 Gebiedsprofiel 2.2 Besluitprofiel 2.3 Stedenbouwkundige en ruimtelijke effecten
7 7 9 10
3. BELEIDSASPECTEN 3.1 Rijksbeleid
13 13
3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) 3.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening 3.1.3 Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro) 3.1.4 Besluit ruimtelijke ordening (Ladder voor duurzame verstedelijking) 3.2 Provinciaal beleid
13 14 15 15 21
3.2.1 Provinciale Omgevingsvisie (POVI) 3.2.2 Omgevingsverordening Limburg 2014 3.2.3 Ontwerp Omgevingsverordening (2021) 3.3 Regionaal beleid
21 23 24 25
3.3.1 Structuurvisie Wonen Midden-Limburg 2018 tot en met 2021 3.4 Gemeentelijk beleid
25 27
3.4.1 Toekomstvisie Roermond 2030 3.4.2 Duurzaamheidsvisie 3.4.3 Groenvisie 3.4.4 Nota bodembeheer 3.4.5 Nota parkeernormen 2021
27 28 29 29 30
4. ONDERZOEK 4.1 Milieuaspecten
32 32
4.1.1 Vormvrije m.e.r.-beoordeling 4.1.2 Bodem 4.1.3 Geluid 4.1.4 Luchtkwaliteit 4.1.5 Bedrijven en milieuzonering 4.1.6 Kabels en leidingen 4.2 Externe veiligheid
Inhoudsopgave
32 32 34 36 38 39 39
1
4.2.1 Toetsingskader 4.2.2 Quickscan externe veiligheid 4.3 Waterhuishouding
39 40 43
4.3.1 Beschrijving van het waterrelevant beleid 4.3.2 Watertoets 4.3.3 Conclusie 4.4 Archeologie
43 45 48 48
4.4.1 Nota Archeologie gemeente Roermond 4.4.2 Onderzoek 4.5 Cultuurhistorie 4.6 Ecologie
48 49 49 50
4.6.1 Toetsingskader 4.6.2 Onderzoek 4.6.3 Conclusie 4.7 Verkeer en infrastructuur
50 52 54 55
4.7.1 Verkeersgeneratie 4.7.2 Parkeren
55 55
5. JURIDISCHE ASPECTEN 5.1 Feitelijke planopzet 5.2 Juridische planopzet
57 57 57
5.2.1 Verbeelding 5.2.2 Planregels
57 57
6. UITVOERBAARHEID 6.1 Economische uitvoerbaarheid en Grexwet 6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid
59 59 60
7. PROCEDURE
61
SEPARATE BIJLAGEN Bijlage 1: Aanmeldnotitie m.e.r. Bijlage 2: Verkennend bodemonderzoek Bijlage 3: Besluit Provincie Limburg saneringsplan Bijlage 4: Akoestisch onderzoek weg- en railverkeerslawaai Bijlage 5: Onderzoek geluidwering gevels Bijlage 6: Onderzoek externe veiligheid Bijlage 7: Advies Veiligheidsregio Limburg-Noord Bijlage 8: Verantwoordingsdocument externe veiligheid
Inhoudsopgave
2
Bijlage 9: Watertoets Bijlage 10: Archeologisch onderzoek Bijlage 11: Stikstofdepositieberekening Bijlage 12: Onderzoek flora en fauna Bijlage 13: Participatieplan Bijlage 14: Verslag omgevingsdialoog Bijlage 15: Nieuwsbrief Emmalaan
Inhoudsopgave
3
1.
INLEIDING Het voornemen bestaat om de locatie ter plaatse van de Emmalaan en de Bernhardstraat in Roermond te herontwikkelen ten behoeve van woningbouw. De aanwezige bebouwing zal worden gesloopt. Hiervoor komt nieuwbouw terug ten behoeve van 16 sociale huurwoningen en een zorgcomplex voor NAH-cliënten. In dit complex komen 28 zorgappartementen en een logeerappartement. De locatie staat kadastraal bekend als gemeente Roermond, sectie B, nrs. 5386, 5387, 5388, 6486, 6582, 6583, 6584 en 7963.
Figuur 1.1: Topografische kaart met globale ligging plangebied
Het plangebied is gelegen binnen het vigerend bestemmingsplan ‘Roermondse Veld’, vastgesteld op 30 oktober 2014 door de gemeenteraad van Roermond. De gronden in dit plan zijn bestemd tot ‘Woongebied’. Op het plangebied ligt tevens de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie’. Binnen de bestemming ‘Woongebied’ is geen nieuwbouw toegestaan, behoudens herbouw van bestaande gebouwen. Ook de beoogde zorgfunctie past niet binnen de bestaande woonbestemming. Op de plan-
Hoofdstuk 1
4
locatie geldt tevens een maximum bouwhoogte van 10 meter en een maximum goothoogte van 8 meter. Daarnaast ligt op een klein gedeelte van de gronden binnen het plangebied de functieaanduiding ‘dienstverlening’ en ‘detailhandel’. De beoogde nieuwbouw past niet volledig binnen deze maatvoeringen en functieaanduidingen.
Figuur 1.2: Uitsnede vigerend bestemmingsplan en ligging plangebied
Om de realisatie van de woningen en het zorgcomplex mogelijk te maken, dient er een nieuw bestemmingsplan te worden opgesteld. Middels voorliggend bestemmingsplan wordt derhalve de beoogde realisatie van de woningen en het zorgcomplex juridisch-planologisch geregeld.
Hoofdstuk 1
5
Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt een beschrijving gegeven van de bestaande situatie, het besluitprofiel en de stedenbouwkundige en ruimtelijke effecten. In hoofdstuk 3 volgen de uitgangspunten uit het rijks-, provinciaal, regionaal en gemeentelijk beleid, die betrekking hebben op onderhavige locatie. In hoofdstuk 4 volgt de toetsing van de milieu- en overige onderzoeksaspecten op de locatie. In hoofdstuk 5 worden de planstukken beschreven en in hoofdstuk 6 volgt de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid. Tot slot wordt in hoofdstuk 7 de procedure beschreven.
Hoofdstuk 1
6
2.
GEBIEDSBESCHRIJVING 2.1 Gebiedsprofiel Het plangebied is gelegen tussen de Emmalaan, Prins Bernhardstraat en Koninginnelaan in Roermond. Het plangebied ligt in de kern van Roermond, ten zuidoosten van het centrum. Op circa 1,3 kilometer van de boogde locatie is de Maas gelegen. Het plangebied wordt omringd door voornamelijk woningen, maar er zijn ook maatschappelijke functies in de omgeving gelegen. Tegenover het plangebied, aan de Koninginnelaan wordt een nieuwe ontwikkeling gerealiseerd. Dit betreft met name woningbouw.
Figuur 2.1: Luchtfoto met globale ligging plangebied (rode marker)
Hoofdstuk 2
7
Binnen het plangebied staan momenteel drie gebouwen. In het gebouw aan de Burgemeester Steinwegstraat zijn 6 woningen aanwezig. Dit geldt ook voor het gebouw aan de Koninginnelaan. Het gebouw dat is gelegen aan de Prins Bernhardstraat staat op dit moment leeg. Hierin waren voorheen 8 woningen aanwezig en op de begane grond bevond zich detailhandel. De bestaande bebouwing is voorzien van verharde parkeergelegenheid rondom de gebouwen. Ook ligt een gedeelte van de Burgemeester Steinwegstraat in het plangebied. Voor het overige is het plangebied onbebouwd en zijn bomen en struikgewassen aanwezig.
Figuur 2.2: Zicht op plangebied vanuit kruispunt Prins Bernhardstraat en Koninginnelaan
Figuur 2.3: Zicht op onbebouwd gedeelte plangebied vanuit de Emmalaan
Hoofdstuk 2
8
2.2 Besluitprofiel Het planvoornemen voorziet in de realisatie van 16 sociale huurwoningen en een zorgcomplex met 28 zorgwoningen voor NAH-cliënten. Dit zijn personen met een niet aangeboren hersenletsel. Binnen het complex wordt passende zorg en ondersteuning geboden aan mensen met hersenletsel in de chronische fase na een ziekenhuisopname of revalidatie. Het beheer zal worden uitgevoerd door SGL. SGL is een organisatie die personen met hersenletsel ondersteunen en begeleiden. In het zorgcomplex wordt 24-uurszorg geboden aan de cliënten. Een van de diensten die worden geboden is ‘Wonen’. De cliënten zijn niet meer in staat thuis te wonen. Dit zorgcomplex biedt voor hen een plek om te wonen. De cliënten hebben meerdere keren per dag zorg of begeleiding nodig, vaak op onverwachte of op wisselende momenten. Tevens is het mogelijk voor NAH-cliënten om te logeren in het logeerappartement. Zo kan de cliënt tijdelijk gebruik maken van de 24-uurszorg. Voor dit initiatief worden de gebouwen in het plangebied gesloopt. De 28 zorgwoningen en het logeerappartement komen aan de Prins Bernhardstraat. De nieuwbouw zal op dezelfde locatie worden gesitueerd waar reeds het leegstaande gebouw staat. De voorgevels van 10 van de 16 sociale huurwoningen worden gesitueerd aan de Emmalaan. De voorgevels van de overige 6 woningen wordt richting de Koninginnelaan gesitueerd.
Voor het initiatief zullen er een aantal bomen moeten worden gekapt, maar er zal nieuw groen voor terug komen.
Figuur 2.4: Aanduiding van de te kappen bomen (ter plaatse van de rode kruisen)
Hoofdstuk 2
9
De 16 sociale huurwoningen bestaan uit 10 levensloopbestendige woningen en 6 eengezinswoningen. Binnen het plangebied zijn in totaal 48 parkeerplaatsen beoogd.
Figuur 2.5: Plattegrond beoogde nieuwbouw
2.3 Stedenbouwkundige en ruimtelijke effecten De woningen zijn zo ontworpen dat zij passend zijn binnen het straatbeeld. De eengezinswoningen hebben een bouwhoogte van maximaal 11 meter en de levensloopbestendige woningen hebben een maximale bouwhoogte van 8 meter. Het gebouw aan de Prins Bernhardstraat krijgt een maximale bouwhoogte van 11 meter.
Hoofdstuk 2
10
Figuur 2.6: 3D beelden ontwerp
Alle eengezinswoningen zijn voorzien van een tuin tussen de 38 m 2 en 40 m2. De woonkamer en keuken hebben een oppervlak van circa 33 m 2. Daarnaast heeft elke woning op de eerste verdieping drie slaapkamers variërend tussen de 6 m 2, 9m2 en 14 m2.
Figuur 2.7: Plattegrond begane grond, éérste verdieping en zolder eengezinswoningen
Hoofdstuk 2
11
De levensloopbestendige woningen zijn ook voorzien van een tuin. Deze tuinen hebben een oppervlak tussen de 37 m2 en 42 m2. De levensloopbestendige woningen zijn nultredenwoningen en beschikken derhalve alleen over een begane grond. De begane grond van de levensloopbestendige woningen hebben een oppervlak van 72 m2 of 76 m2. Alle woningen worden voorzien van een eigen berging.
Figuur 2.8: Plattegrond begane grond levensloopbestendige woningen
In het zorgcomplex zal tevens een logeerappartement aanwezig zijn. Het plangebied zal groen worden ingericht.
Hoofdstuk 2
12
3.
BELEIDSASPECTEN Dit hoofdstuk gaat in op de relevante beleidsaspecten op rijks, provinciaal, regionaal en gemeentelijk niveau.
3.1 Rijksbeleid 3.1.1
Nationale Omgevingsvisie (NOVI)
Op 11 september 2020 heeft het Rijk vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Omgevingswet de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. De NOVI omvat een langetermijnvisie op de toekomstige ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De intentie van het Rijk is om met de NOVI een perspectief te bieden om grote maatschappelijke opgaven aan te pakken. Bij die opgaven kan worden gedacht aan grote en complexe opgaven met betrekking tot klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw. Een centraal aspect van de NOVI is de focus op een nieuwe aanpak van vraagstukken in de fysieke leefomgeving. Werken op basis van integraliteit met betrekking tot verschillende vraagstukken in plaats van sectorale aanpakken voor individuele vraagstukken vormt de kern van deze nieuwe aanpak. Het streven naar integraliteit, dat onderdeel uitmaakt van de NOVI, valt samen in vier verschillende prioriteiten waartussen een onderscheid wordt gemaakt in de NOVI, te weten: Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; Duurzaam economisch groeipotentieel; Sterke en gezonde steden en regio’s; Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Binnen de NOVI worden drie afwegingsprincipes gehanteerd om te komen tot weloverwogen beleidskeuzes. Die zouden moeten helpen bij het afwegen en prioriteren van verschillende belangen en opgaven: 1.
Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; 3. Afwentelen wordt voorkomen. De nationale overheid richt zich in de NOVI op 21 verschillende nationale belangen: 1. Bevorderen van een duurzame ontwikkeling van Nederland als geheel en van alle onderdelen van de fysieke leefomgeving; 2. Realiseren van een goede leefomgevingskwaliteit; 3. Waarborgen en versterken van grensoverschrijdende en internationale relaties; 4. Waarborgen en bevorderen van een gezonde en veilige fysieke leefomgeving;
Hoofdstuk 3
13
5. Zorg dragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften; 6. Waarborgen en realiseren van een veilig, robuust en duurzaam mobiliteitssysteem; 7. In stand houden en ontwikkelen van de hoofdinfrastructuur voor mobiliteit; 8. Waarborgen van een goede toegankelijkheid van de leefomgeving; 9. Zorg dragen voor nationale veiligheid en ruimte bieden voor militaire activiteiten; 10. Beperken van klimaatverandering; 11. Realiseren van een betrouwbare, betaalbare en veilige energievoorziening, die in 2050 CO₂-arm is en de daarbij benodigde hoofdinfrastructuur; 12. Waarborgen van de hoofdinfrastructuur voor transport van stoffen via (buis)leidingen; 13. Realiseren van een toekomstbestendige, circulaire economie; 14. Waarborgen van de waterveiligheid en de klimaatbestendigheid (inclusief vitale infrastructuur voor water en mobiliteit); 15. Waarborgen van een goede waterkwaliteit, duurzame drinkwatervoorziening en voldoende beschikbaarheid van zoetwater; 16. Waarborgen en versterken van een aantrekkelijk ruimtelijk-economisch vestigingsklimaat; 17. Realiseren en behouden van een kwalitatief hoogwaardige digitale connectiviteit; 18. Ontwikkelen van een duurzame voedsel- en agroproductie; 19. Behouden en versterken van cultureel erfgoed en landschappelijke en natuurlijke kwaliteiten van (inter)nationaal belang; 20. Verbeteren en beschermen van natuur en biodiversiteit; 21.
Ontwikkelen van een duurzame visserij. Afweging Een van de doelen van de NOVI is zorgdragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften. Om in kaart te brengen wat de woningbehoefte is in Nederland is er een analyse gemaakt van de woningopgave.1 De woningopgave kan echter per gemeente verschillen. De woningbehoefte op provinciaal, regionaal en gemeentelijk niveau zal respectievelijk in paragraaf 3.2, 3.3 en 3.4 worden besproken. Onderhavig planvoornemen maakt de realisatie van een zorgcomplex van 28 zorgwoningen en 16 sociale huurwoningen mogelijk. Het planvoornemen sluit aan bij de woningbehoefte binnen de gemeente Roermond. Derhalve is onderhavig initiatief in overeenstemming met de NOVI. 3.1.2
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening
In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisten opgenomen. De AMvB Ruimte is gericht op doorwerking van de nationale belangen in bestemmingsplannen. De onderwerpen in het Barro betreffen: Rijksvaarwegen, Project Mainportontwikkeling Rotterdam, Kustfundament, Grote Rivieren, Waddenzee en waddengebied, Defensie, Hoofdwegen en landelijke spoorwegen, Elektriciteitsvoorziening, Buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen, Natuurnetwerk Nederland, Primaire waterkeringen buiten het kustfundament, IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte), Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde en Ruimtereservering parallelle Kaagbaan.
1
ABF research, Primos Prognose, Delft 2020.
Hoofdstuk 3
14
Afweging Het plangebied heeft geen overlap of invloed op de in het Barro beschermde nationale belangen. Het plan is niet in strijd met het Barro. 3.1.3
Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro)
De Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro) is gebaseerd op het Barro. In het Barro is bepaald dat bij ministeriële regeling verschillende militaire terreinen en objecten, hoofdwegen en NNNgebieden worden aangewezen, waar gemeenten bij de vaststelling van bestemmingsplannen rekening mee moeten houden. In de Rarro wordt daar uitvoering aan gegeven. Afweging Onderhavige planlocatie is niet gelegen binnen een radarverstoringsgebied. Het Rarro vormt derhalve geen belemmering voor het initiatief. 3.1.4
Besluit ruimtelijke ordening (Ladder voor duurzame verstedelijking)
Om zorgvuldig ruimtegebruik te bevorderen is per 1 oktober 2012 de ladder voor duurzame verstedelijking in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6 Bro) opgenomen. De ladder ziet op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten. De ladder is een motiveringsinstrument dat geldt bij elk ruimtelijk besluit dat een ‘nieuwe stedelijke ontwikkeling’ mogelijk maakt. Volgens artikel 1.1.1 Bro is dit: “De ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.” Uit de jurisprudentie blijkt dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling enige omvang moet hebben. Per 1 juli 2017 is een gewijzigde Ladder in werking getreden.
Hierin is de tekst van de Ladder teruggebracht naar de essentie, namelijk de noodzaak om aan te geven dat de voorgenomen nieuwe stedelijke ontwikkeling voorziet in een behoefte plus een motivering indien de stedelijke ontwikkeling niet binnen bestaand stedelijk gebied kan worden gerealiseerd: “De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.” (artikel 3.1.6 lid 2 Bro) Of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van die ontwikkeling, in relatie tot de omgeving. Voor wonen geldt, dat voor woningbouwlocaties vanaf twaalf woningen sprake is van een stedelijke ontwikkeling die Ladderplichtig is. Het planvoornemen ziet op 16 woningen en een zorgcomplex. In het plangebied zijn reeds 20 woningen aanwezig. Het aantal reguliere woningen wordt derhalve verminderd. Een zorgcomplex heeft een maatschappelijke functie en de zorgeenheden vallen derhalve niet onder woningen. Wel is een ladderonderbouwing noodzakelijk indien de bebouwing met circa 500 m 2 toeneemt. Hier is sprake van.
Hoofdstuk 3
15
Hersenletsel kan ontstaan door een ziekte, maar ook bijvoorbeeld door een beroerte, hersenbloeding, dementie, zuurstoftekort, middelengebruik, vergiftiging of ongeval. SGL biedt passende zorg en ondersteuning aan mensen met (niet-aangeboren) hersenletsel. SGL richt zich op mensen met hersenletsel in de chronische fase na een ziekenhuisopname of revalidatie. Ze helpen en stimuleren hen om een zo zelfstandig mogelijk leven te leiden en actief deel te nemen aan de maatschappij. Om weer toekomstperspectief te hebben. SGL is expert op het gebied van niet aangeboren hersenletsel (NAH). In heel Limburg biedt SGL diverse behandelingen, begeleiding, dagbesteding en woonvoorzieningen aan. Ook kunnen hier mensen met hersenletsel logeren. Daarnaast staan ze klaar voor de partners en naasten van mensen met hersenletsel, bijvoorbeeld door het houden van bijeenkomsten voor naasten en mantelzorgers. Voor het voorzien in de intramurale zorg voor NAH-cliënten is SGL voor het zorgkantoor een voorkeursleverancier. Zij zijn met name gericht op zware- en vaak ook multi-problematiek. Enige jaren geleden is met zorgkantoor Noord/Midden Limburg (VGZ) afgesproken, dat er in Regio Midden/Noord 14 plekken uitbreiding mogelijk is vanwege de zorgvraag.