CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Besluitvorming inzake krediet verbouw Lyceum Schöndeln (digitaal ter inzage)

Gemeenteraad 17 februari 2022, gemeente RoermondBij agendapunt: Heroverweging (ver)nieuwbouw ROER College Schöndeln27.873 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

W

-

w

^

gemeente Roermond

B&W Vergadering Dossiernummer Vertrouwelijk Vergaderdatum Agendapunt Omschrijving Eigenaar Bereikbaar op Zaaknummer Medeadviseur(s) Publlcatlemoment B&W besluit Portefeulllehouder(s) Commissie Commissiedatum Gemeenteraad

1789 Nee 30 mei 2017 2.1.3 Krediet verbouw Lyceum Schöndeln Cuido Simons, guidosimons@roermond.nl 9306 16280-2016 Rob Kessels, Pieter-jan Schroeten (concernadvies) Direct na besluitvorming publiceren Dhr. F.J. Pleyte (Wethouder)

Geagendeerd

Vergaderdatum

B&W Vergadering

30 mei 2017

27-06-2017 (BS) 13-07-2017

Parafering Albert Dahmen, albertdahmen@ro ermond.nl

Akkoord

Peter Marx, petermarx@roerm ond.nl

Akkoord

Han Ceraedts, hangeraedts@roe rmond.nl

Akkoord

Voorgesteld besluit Het college heeft besloten om onder voorbehoud van vaststelling van de Kadernota 201 8 aan de gemeenteraad voor te stellen akkoord te gaan met het beschikbaar stellen van een krediet in boekjaar 2019 van € 6.456.000,- ten behoeve van h et verbouwen van Lyceum Schöndeln.

Besluit Het college heeft besloten om onder voorbehoud van vaststelling van de Kadernota 2018 aan de gemeenteraad voor te stellen akkoord te gaan met het beschikbaar stellen van een

— '•

gemeente Roermond

krediet in boekjaar 2019 va n € 6.456.000 ten behoeve van het verbouwen van Lyceum Schöndeln.

Bundel van de B&W Vergadering van 30 mei 2017

2.1.3

Krediet verbouw Lyceum Schöndeln Dossier 1789 voorblad.pdf BW voorstel - krediet lyceum schondeln def.docx Bijlage 1 - intentieovereenkomst soml.pdf Bijlage 2 - advies Niels Delamarre.pdf Bijlage 3 - memo_verantwoordelijkheden_huisvesting.pdf Bijlage 4 - definitief Bidbook Platform Hoger Onderwijs Roermond april 2017.pdf Bijlage 5 - complex schondeln .pdf Bijlage 5 - memo prognose bijlage.pdf Bijlage 5 - memo_prognose_financiele_bijdrage_SOML_21_april.pdf Bijlage 6 - raadsvoorstel.docx Bijlage 7 - raadsbesluit krediet schondeln.docx

2.1.3 Krediet verbouw Lyceum Schöndeln 1 Dossier 1789 voorblad.pdf

B&W Vergadering Dossiernummer

1789

Vertrouwelijk

Nee

Vergaderdatum

30 mei 2017

Agendapunt

2.1.3

Omschrijving

Krediet verbouw Lyceum Schöndeln

Eigenaar

Guido Simons, guidosimons@roermond.nl

Bereikbaar op

9306

Zaaknummer

16280-2016

Medeadviseur(s)

Rob Kessels, Pieter-Jan Schroeten (concernadvies)

Publicatiemoment B&W besluit

Direct na besluitvorming publiceren

Portefeuillehouder(s)

Dhr. F.J. Pleyte ( Wethouder )

Commissie Commissiedatum

27-06-2017 (BS)

Gemeenteraad

13-07-2017

Geagendeerd

Vergaderdatum

B&W Vergadering

30 mei 2017

Parafering Albert Dahmen,

Akkoord

albertdahmen@ro ermond.nl Peter Marx,

Akkoord

petermarx@roerm ond.nl Han Geraedts,

Akkoord

hangeraedts@roe rmond.nl Voorgesteld besluit Het college heeft besloten om onder voorbehoud van vaststelling van de Kadernota 2018 aan de gemeenteraad voor te stellen akkoord te gaan met het beschikbaar stellen van een krediet in boekjaar 2019 van € 6.456.000,- ten behoeve van het verbouwen van Lyceum Schöndeln.

Besluit Het college heeft besloten om onder voorbehoud van vaststelling van de Kadernota 2018 aan de gemeenteraad voor te stellen akkoord te gaan met het beschikbaar stellen van een

krediet in boekjaar 2019 van € 6.456.000 ten behoeve van het verbouwen van Lyceum Schöndeln.

1 BW voorstel - krediet lyceum schondeln def.docx

VOORSTEL AAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE ROERMOND

Onderwerp: Krediet verbouw Lyceum Schöndeln

Bijlagen: Bijlage 1 Intentieovereenkomst; Bijlage 2 Advies Niels Delamarre; Bijlage 3 Memo verantwoordelijkheden gemeente bij monumentale schoolgebouwen; Bijlage 4 Bidbook Platform Hoger Onderwijs; Bijlage 5 Specificatie financiële bijdrage SOML; Bijlage 6 Raadsvoorstel Samenvatting: In dit voorstel wordt uw college geadviseerd de gemeenteraad te verzoeken om onder voorbehoud van goedkeuring kadernota en begroting 2018 een krediet beschikbaar te stellen van € 6.456.000,- ten behoeve van het verbouwen van Lyceum Schöndeln, Heinsbergerweg 184, Roermond. Toelichting op voorstel: Met Stichting Onderwijs Midden-Limburg, verder: SOML, is gekeken naar het pand van Lyceum Schöndeln. Het pand is meer dan 50 jaar oud en voldoet niet meer aan de eisen die daar aan worden gesteld op basis van het huidige onderwijs, de visie op het onderwijs en energie- en klimaatbeheersing. Het is een traditionele school met grote klaslokalen, brede gangen en een grote entree hal. Beschikbare ruimten kunnen daarom niet meer efficiënt voor de huidige manier van onderwijs worden gebruikt. Het onderwijs is nu minder klassikaal en meer in kleine groepen. De energiekosten leggen een onevenredig beslag op het schoolbudget. Gelet op bovenstaande wordt niet alleen vanuit onderwijshuisvesting naar het pand gekeken, maar ook vanuit de onderwijsvisies van zowel gemeente als SOML.

Intentieovereenkomst Met SOML is op basis van bovenstaande in oktober 2014 een intentieovereenkomst getekend (zie bijlage 1) waarbij gemeente en SOML hebben afgesproken de haalbaarheid van een plan voor de gebouwelijke renovatie en verduurzaming van Lyceum te onderzoeken. In de begroting 2016 heeft uw college verder de gemeenteraad met betrekking tot dit onderwerp het volgende laten weten: “De stichting Onderwijs Midden Limburg (SOML) heeft de strategische ambitie om samen met partners in het onderwijs, bedrijfsleven en overheden te investeren in opleidingen die aansluiten op basis- en vervolgonderwijs en die passen bij de lokale (arbeids-)vraag van Roermond. In 2017 zal het overleg hierover worden voortgezet. Het voornemen van SOML is om deze ambitie te realiseren in het bestaande gebouw Lyceum Schöndeln. Hiervoor is volgens SOML een renovatie en verduurzaming van het gebouw van Lyceum Schöndeln noodzakelijk. De gemeente Roermond en SOML hebben eerder de intentie naar elkaar uitgesproken om, elk vanuit hun eigen invalshoek, de haalbaarheid van het plan voor de renovatie en verduurzaming van het gebouw Lyceum Schöndeln te zullen onderzoeken. Daarbij zal de gemeente onder andere onderzoeken of er mogelijkheden zijn voor doen van een financiële bijdrage ín dan wel tot het verkrijgen van subsidie voor de renovatie en verduurzaming van het Lyceum Schöndeln.

Naar verwachting zal SOML in 2016 het definitieve plan aan de gemeente voorleggen.” Naar aanleiding van hetgeen dat is opgenomen in de intentieovereenkomst en de gesprekken tussen gemeente

onderwerp: pagina: 2

Krediet verbouw Lyceum Schöndeln

en SOML is door SOML aan de RO-groep gevraagd een ontwerp op te stellen met betrekking tot de noodzakelijke kosten van de investering. Bij besluit van 29 september 2016 heeft ons college een voorbereidingskrediet aan SOML beschikbaar gesteld van € 35.700,- exclusief btw ten behoeve van het door de RO-groep op te stellen plan van aanpak. Dit voorstel is vooraf met de commissie BS besproken en is aan de commissie gevraagd haar standpunt kenbaar te maken. De commissie heeft met het voorstel ingestemd. Verantwoordelijkheid gemeente huisvesting Voortgezet Onderwijs Vanuit de intentieovereenkomst heeft de gemeente tevens advies gevraagd (zie bijlage 2) omtrent de verantwoordelijkheid van de gemeente aangaande de huisvesting van het voortgezet onderwijs. Uit dit advies blijkt dat renovatie van een schoolpand ook een gemeentelijk belang dient. Verder heeft de RO-groep een memo aangeleverd omtrent verantwoordelijkheden van de gemeente bij monumentale schoolgebouwen (zie bijlage 3). Hieruit blijkt dat door renovatie de levensduur van een pand wordt verlengd waardoor vervangende nieuwbouw niet behoeft te worden gerealiseerd. Hierdoor wordt duurdere vervangende nieuwbouw voorkomen.

Uit de memo van de RO-groep blijkt dat bij vervangende nieuwbouw voor de omvang van het aantal leerlingen van Lyceum Schöndeln, inclusief de leerlingen van MAVO Roermond, zou vragen om een gebouw van 9.588 m2 bvo op basis van de gemeentelijke verordening. Uitgaande van de landelijke kwaliteitseisen zou hiermee een investering in bandbreedte gemoeid zijn van € 15.800.000,- tot € 19.800.000,- (stichtingskosten, inclusief btw). In deze zou de gemeente Roermond de kosten van deze vervangende nieuwbouw voor haar rekening moeten nemen. Visie op onderwijs Onderwijshuisvesting, en daarmee de verbouw van Lyceum Schöndeln, is een belangrijk middel en een belangrijke factor voor de kwaliteit van en de visie op het onderwijs in Roermond. De gemeentelijke visie op onderwijs is dat goed onderwijs het beste middel is voor de burgers om een goede basis voor hun toekomst te leggen en het mogelijk te maken het beste uit zichzelf te halen. Door in het onderwijs leerlingen hun talenten te laten ontdekken, hun passies te laten vinden en hun weerbaarheid te vergroten ontstaat een stimulerende, rijke voedingsbodem voor de ontwikkeling tot gemotiveerde, actief participerende burgers. Daarbij gaat het niet alleen om kennis maar vooral ook om de ontwikkeling tot zelfbewuste en zelfredzame burgers.

Onderwijs is de sleutel tot zelfontplooiing: het bepaalt, voor een belangrijk deel, niet alleen wát je wordt, maar ook wie je wordt. Daarbij is de school voor de toekomst een inspirerende leeromgeving en geen ‘leerfabriek’. Onderwijs leidt leerlingen niet op vanuit het verleden, is ook niet gericht op het ‘nu’ maar wil klaar zijn voor een toekomst, die morgen al anders is dan vandaag. De aandacht richt zich zowel op de ontwikkeling van kennis en vaardigheden als op de vorming van karakter en de metavaardigheid om te leren. In dit onderwijs is de leerling intrinsiek gemotiveerd en meer in regie. Platform Hoger Onderwijs De visie op onderwijs is door de gemeente en SOML nader uitgewerkt in de notitie “Platform Hoger Onderwijs”. De gemeente en SOML bevestigen de hieruit voortkomende gedeelde maatschappelijke opgave: ‘onderwijs dat opleidt voor de samenleving van de toekomst’, uitgevoerd ‘in samenwerking met partners binnen het (vervolg)onderwijs, het bedrijfsleven en de gemeente’. Dit is nodig om het toekomstperspectief van de individuele jongeren te verbeteren binnen de gemeente Roermond. De ontwikkeling van een Platform Hoger Onderwijs is een gezamenlijke ambitie voor de gemeente en SOML: ‘We willen kwalitatief goed onderwijs in de stad waar jongeren worden voorbereid op het toekomstig burgerschap in een inclusieve samenleving’.

Het concept ‘Platform Hoger Onderwijs Roermond’ legt verbindingen met lokaal onderwijs, vervolgonderwijs in de (eu)regio, bedrijfsleven en overheid. Gemeente en schoolbestuur versterken elkaar, elk vanuit hun eigen verantwoordelijkheid, en zoeken proactief naar synergie. De gemeente Roermond en SOML concretiseren

onderwerp: pagina: 3

Krediet verbouw Lyceum Schöndeln

samen in Platform Hoger Onderwijs de uitwerking. Binnen het Platform Hoger Onderwijs Roermond wordt gewerkt aan o.a. onderstaande programmalijnen:    

Een betere aansluiting van het onderwijs op de vragen van het (toekomstige) burgerschap en de arbeidsmarkt, zowel kwantitatief als kwalitatief. Het voortgezet onderwijs meer positioneren als ‘portaal’ en partner voor hoger en wetenschappelijk onderwijs. Internationaal positioneren. Meer gebruik maken van het onderwijs als logische ontmoetingsplaats en het versterken van de mogelijkheden als ingang voor diverse samenwerkingspartners.

Met het uitwerken van deze programmalijnen wordt tastbaar invulling gegeven aan de gezamenlijke doelen van gemeente en schoolbestuur De planlocatie voor het Platform Hoger Onderwijs is het bestaande, gemeentelijk monument Lyceum Schöndeln. SOML en de gemeente hebben de conclusie getrokken dat de bouwkundige, energetische en exploitabele toestand van het gebouw slecht is, en dat een oplossing voor verbetering passend bij het concept in gezamenlijkheid moet worden gevonden. Samen met de gemeente is daartoe een ontwikkelplan Platform Hoger Onderwijs opgesteld, geprojecteerd op locatie Schöndeln. Daarbij is het perspectief van de bestaande locatie vastgesteld, zijn concrete maatregelen voor renovatie en verduurzaming onderzocht en zijn de consequenties van de maatregelen bepaald. Bovenstaande is verder uiteengezet in het ‘Bidbook Platform Hoger Onderwijs Roermond’ d.d. april 2017 (zie bijlage 3). Op basis van inhoudelijke concepten voorziet het platform in een fysiek ‘innovatielab’ gericht op het samenbrengen van onderwijs, bedrijfsleven, onderzoekers en wetenschap. Op basis van de informatie voortkomend uit het Bidboek Platform Hoger Onderwijs Roermond heeft SOML de mogelijke bijdrage in het project bepaald.

SOML is bereid een financiële bijdrage voor te dragen ad € 2.844.000,- ten opzichte van de totale kosten van renovatie ad € 9.300.000,-, (zie hiervoor ook bijlage 4 waarin de totale financiële berekening staat weergegeven). Hieruit blijkt dat er een investering wordt gevraagd van € 6.456.000,- vanuit de gemeente Roermond. Ter vergelijking: zoals eerder in dit voorstel vermeldt kost vervangende nieuwbouw een investering van € 15,8 mln. tot € 19,8 mln. Monumentenzorg Door in te zetten op renovatie, zal gekeken moeten worden naar de monumentale status van het pand. Delen van het schoolcomplex zijn aangewezen tot gemeentelijk monument. Dit betekent dat voor (een deel van) de werkzaamheden binnen de benodigde omgevingsvergunning ook een vergunning voor de activiteit ‘monument’ benodigd is. De mogelijkheden van subsidiëring op basis van de monumentenstatus zijn beperkt. De mogelijkheden van een gemeentelijke subsidie zijn gemaximeerd op € 5.500,-. Er vinden op dit moment gesprekken plaats met de provincie om te bekijken of de provincie bereid is om een financiële bijdrage te leveren aan deze ontwikkeling. Voorstel Op basis van bovenstaande wordt uw college geadviseerd om onder voorbehoud van vaststelling van de Kadernota 2018 en de Begroting 2018 aan de gemeenteraad voor te stellen; akkoord te gaan met de gevraagde investering in boekjaar 2019 van € 6.456.000,-.

Indien de gesprekken met de provincie er toe leiden dat de provincie een subsidie beschikbaar stelt, zal het investeringsbedrag vanuit de gemeente lager zijn. Risicoparagraaf Binnen de totale investering van 9,3 mln is nog geen rekening gehouden met een mogelijk asbestsanering. De risicopost voor een mogelijke noodzakelijk asbestsanering wordt ingeschat op 350.000 euro. De noodzaak van

onderwerp: pagina: 4

Krediet verbouw Lyceum Schöndeln

deze sanering kan pas worden vastgesteld na het uitvoeren van een destructief onderzoek. Indien er inderdaad sprake is van asbestsanering, zal de gemeente Roermond deze voor haar rekening nemen, conform wet- en regelgeving. Toelichting op de middelen De bijdrage van € 6.456.000 inzake de renovatie Lyceum Schöndeln in 2019 levert een 25-jarige kapitaallast op van gemiddeld € 309.000,- per jaar. Op basis van de voorgeschreven liniaire afschrijvingsmethodiek volgt hieruit een kapitaallast in 2019 (1e jaar) van € 339.000, aflopend tot in 2044 van € 262.000. Op dit moment is er nog niet in dekking van deze structurele kapitaallast voorzien, daar deze wordt meegenomen in de algehele overwegingen omtrent de Kadernota en Begroting 2018. Wijzigingen in reserves/voorzieningen en aanvraag investeringskredieten Omschrijving Kapitaallasten renovatie Lyceum Schöndeln (473000.60256 Huisvesting voortgezet onderwijs) Investeringsplanning Onderwijs 2018

2017

2018

2019

2020 2021 € 339.000 € 336.000

-/-€ € 339.000

-/-€ € 336.000

Wijzigingen in reserves/voorzieningen en aanvraag investeringskredieten Omschrijving Nieuw Krediet renovatie Lyceum Schöndeln

2017

2018

2019 € 6.456.000

2020

2021

De kadernota 2018 wordt op 13 juli 2017 ter vaststelling voorgelegd aan de gemeenteraad. Vervolgens wordt de kadernota vertaald naar de begroting 2018 die op 9 november 2017 ter vaststelling wordt voorgelegd aan de gemeenteraad. Dit betekent dat het college alleen onder voorbehoud van goedkeuring kadernota en begroting 2018 aan de gemeenteraad kan verzoeken, een besluit te nemen om het gevraagde krediet van € 6.456.000 in 2019 beschikbaar te stellen.

1 Bijlage 1 - intentieovereenkomst soml.pdf

o.'oo gemeente Roermond

*

lGt

St¡cht¡ng Onderw¡js M idde n-Limburg

INTENTIEOVEREENKOMST

Lyceum Schöndeln

Ondergetekenden 1

de gemeente Roermond, te dezen vertegenwoordigd door haar burgemeester de heer mr. P.A.G. Cammaert, de gemeente ingevolge artikel 171van de Gemeentewet rechtsgeldig vertegenwoordigende, handelende ter uitvoering van het besluit van het college van burgemeester en wethouders van 15 juli 2014;

hierna te noemen "de gemeente" en

2. Stichting Onderwíjs Midden-Limburg, statutair gevestigd en kantoorhoudende te Heinsbergerweg 180 te Roermond, ten deze vertegenwoordigd door de heer ir. C.B. Hoefnagel, voorzitter College van

Bestuur, en de heer drs. M.J.H.M. Kikken (lid van het College van Bestuur); hierna te noemen "SOML" gezamenlijk te noemen "partijen"

in aanmerking nemende dat:

SOML de strategische ambitie heeft om samen met partners in het onderwijs, bedrijfsleven en overheden te investeren in opleidingen die aansluiten op basis- en vervolgonderwijs en die passen bij de lokale (arbeids)vraag van Roermond, de ambitie van SOML is nader weergegeven in het position paper in bijlage l; het voornemen van SOML bestaat deze ambitie te realiseren in het bestaande gebouw Lyceum Schöndeln;

hiervoor, volgens SOML, een renovatie en verduurzaming noodzakelijk is van het gebouw Lyceum Schöndeln;

door deze renovatie en verduurzaming de exploitatieperiode van het gebouw Lyceum Schöndeln met minimaal23 jaar wordt verlengd; SOML een eerste verkenning heeft uitgevoerd voor een renovatieplan van het gebouw Lyceum Schöndeln; het partijen bekend is dat het gebouw Lyceum Schöndeln een gemeentelijk monument is; INTENTIEOVEREENKOMST LOCATIE BC SCHONDELN te ROERMOND

Paraaf

31 oktober 2014

www. roermond. n I

het college van B&W van de gemeente Roermond tesamen met de provincie Limburg een werkbezoek hebben gebracht aan het Lyceum Schöndeln; partijen afspraken wensen vast te leggen over het onderzoek naar de haalbaarheid van de renovatie en verduurzaming van Lyceum Schöndeln en omgevrng; Verklaren te zijn overeengekomen als volgt: Begripsbepal ingen/ definities Renovatie: Het (gedeeltelijk) vernieuwen van een bestaand schoolgebouw waardoor het schoolgebouw voldoet aan de huidige eisen van het Bouwbesluit, de eisen van duurzaamheid en energiebesparing, alsmede de onderwijskundige-functionele eísen van deze tijd. Doelstelling van renovatie is het gebouw bruikbaar maken naar de huidige maatstaven en normen, waardoor het gebruikscomfort(functioneel en technisch) wordt verbeterd en de levensduur wordt verlengd. Verbouwing: Het gedeeltelijk wijzigen van een bestaand schoolgebouw waardoor het schoolgebouw voldoet aan de onderwijskundige-functionele eisen van deze tijd. Nieuwbouw: Het realiseren van een nieuw schoolgebouw voor nieuw bekostigde school omdat er geen ander geschikt gebouw voor deze nieuwe onderwijsinstelling beschikbaar is. Uitbreiding: Het (aan)bouwen van het schoolgebouw zodanig dat de capaciteit van het schoolgebouw toeneemt. Onderhoud: Het herstellen en vervangen om de veroudering van de bestaande gebouwelementen tegen te gaan

Vervangende nieuwbouw: Het realiseren van een nieuw schoolgebouw omdat vervanging van de bestaande schoolgebouw noodzakelijk is.

Artikel 1

Doel

Partijen hebben de intentie, elk vanuit hun eigen invalshoek, de haalbaarheid van het plan voor de renovatie en verduurzaming van het gebouw Lyceum Schöndeln te onderzoeken.

Artikel 2

Haalbaarheidsonderzoek

2.1. Binnen de periode waarvoor deze overeenkomst van toepassing is, onderzoekt SOML, gefaciliteerd door de gemeente en andere partijen, de haalbaarheid van de renovatie en verduurzaming van het gebouw Lyceum Schöndeln. 2.2. Het onder 2.1 genoemde haalbaarheidsonderzoek omvat in ieder geval: . De resultaten van de ruimtelijke, financiële, economische, juridische, en maatschappelijke analyses ten aanzien van de gebouwelijke vernieuwing. INTENTIEOVEREENKOMST LOCATIE BC SCHONDELN te ROERMOND 31 oktober2014

2 Paraaf gem

.

Uitspraken en keuzen ten aanzien van programma's, volumes, massa's, rooilijnen en hoogtes van de bebouwing, de hierin te realiseren functies, de architectuur, de vormgeving en inrichting van de openbare ruimte, de infrastructurele randvooruvaarden, de monumentale randvoorwaarden en de randvoorwaarden en oplossingen ten aanzien van parkeren en verkeer waaraan voldaan moet zijn om de voorgestelde bebouwing en functies goed te laten kunnen functioneren. . Een gedegen financiële analyse van de geprognosticeerde kosten en opbrengsten van het planconcept, uitmondend in een bouwbegroting, 2.3. Op basis van het onder 2.1 genoemde onderzoek beoordelen partijen of sprake is van een haalbaar plan.

2.4. De gemeente Roermond zal SOML faciliteren bij het uitvoeren van het onder 2.1 genoemde onderzoek, bijvoorbeeld door ambtelijke inzet van kennis op het gebied van energetische maatregelen, duurzaamheid en monumentenzorg; 2.5. De gemeente onderzoekt of er mogelijkheden zijn voor doen van een financiële bijdrage ín dan wel tot het verkrijgen van subsidie voor de renovatie en verduurzaming van het Lyceum Schöndeln; 2.6. Partijen zullen zich inspannen om in overleg te treden met provincie of andere partners/ fundraisers ten behoeve van het bereiken van een financiële bijdrage van deze partijen; 2.7. De gemeente spant zich in om - indien sprake is van een haalbaar plan - binnen de gebruikelijke termijnen de gevraagde vergunningen tijdig, te verlenen.

Artikel 3

Overlegstructuur

3.1. Ten behoeve van benodigd overleg in het kader van deze overeenkomst zullen partijen regelmatig met elkaar in overleg treden.

3.2. Partijen komen overeen dat zij elkaar over en weer van elke relevante informatie met betrekking tot het project op de hoogte stellen.

Artikel4

Kosten

4.1. Elk der partijen draagt de eigen interne kosten gemoeid met de uitvoering van de door haar te verrichten werkzaamheden in het kader van het 2 .1 genoemde haalbaarheidsonderzoek.

4.2. De (externe) kosten voor het uitvoeren van het onder 2.1 genoemde haalbaarheidsonderzoek zijn voor rekening van de SOML.

Artikel 5

Duur en beëindiging van de overeenkomst

5.1. Deze overeenkomst wordt aangegaan vanaf de datum van ondertekening van deze intentieovereenkomst en eindigt indien en zodra een besluit is genomen over de haalbaarheid van de renovatie en verduurzaming , doch uiterlijk binnen een jaar na datum van ondertekening van deze overeenkomst. 5.2. De in 5.1 genoemde periode kan slechts met instemming van partijen worden verlengd, voor ten hoogste drie maanden. 5.3. Deze overeenkomst eindigt doordat: . de SOML surseance van betaling heeft aangevraagd dan wel in staat van faillissement is komen te verkeren; . partijenbeëindigingovereenkomen;

INTEN-TI EOVEREENKOMST

LOCATIE BC SCHONDELN te ROERMOND 31 oktober 2014

Paraaf gemeente

f

3 Paraat

.

partijen op basis van de beoordeling als bedoeld in artikel 2.3 tot de conclusie komen dat er geen

!

sprake is van een haalbaar plan; na verloop van de in artikel 5.1 gestelde termijn, eventueel verlengd met toepassing van artikel 5.2.

54

Aan een beëindiging zullen partijen geen enkele aanspraak op vergoeding van kosten, schade of interesten kunnen ontlenen.

Artikel6

Non-gebondenheid

Partijen verklaren dat het overleg nimmer kan leiden tot enige juridische gebondenheid en zullen daarop geen beroep doen. Na beëindiging van de overeenkomst zijn partijen over en weer jegens elkander bevrijd

ArtikelT

Geheimhouding/Exclusiviteit

Partijen zijn verplicht om aan derden geen gegevens of kennis uit of ten gevolge van deze samenwerking verkregen met betrekking tot de andere partij c.q. het project te verstrekken.

Artikel I

Onvoorziene omstandigheden

lndien de omstandigheden waaronder deze overeenkomst is gesloten zodanige wijzigingen ondergaan dat van partijen of een der partijen in redelijkheid niet meer gevergd kan worden dat deze de overeenkomst ongewijzigd geheel of gedeeltelijk nakomt of deze overeenkomst niet meer kan nakomen, dan treden partijen op verzoek van de partij die zich op de onvoorziene omstandigheden beroept in overleg, teneinde te bezien of de intentieovereenkomst op voor alle partijen aanvaardbare voorwaarden aan deze omstandigheden kan worden aangepast. lndien partijen niet tot overeenstemming komen is de geschillenregeling zoals bedoeld in artikel 9 van overeenkomstige toepassing.

Artikel 9 9.1

9.2

9.3

Toepasselijk recht en geschillen

Deze intentieovereenkomst wordt beheerst door Nederlands recht. Partijen zullen zich tot het uiterste inspannen deze intentieovereenkomst te goeder trouw uit te voeren en zullen daartoe bij onvoorziene omstandigheden tijdig overleg plegen alvorens tot enigerlei actie over te gaan. Geschillen van welke aard en omvang ook, daaronder mede begrepen die, welke slechts door één der partijen als zodanig worden beschouwd, die naar aanleiding of op grond van deze intentieovereenkomst mochten ontstaan, zullen in eerste aanleg worden beslecht door de te Roermond bevoegde rechter.

Artikel l0

Bevoegd orgaan

Waar in deze intentieovereenkomst enige beslissing of handeling van de gemeente wordt verlangd, is het daartoe aangewezen orgaan het college van burgemeester en wethouders dan wel door burgemeester en wethouders aan te wijzen functionarissen, tenzij in deze intentieovereenkomst of bij wettelijk voorschrift anders is bepaald.

Artikel 11

Overige bepalingen

INTENTIEOVEREENKOMST

LOCATIE BC SCHONDELN te ROERMOND 31 oktober20l4

Paraaf gemeente:

f

4 Paraaf

10.1 . 10.2.

10.3

lngeval van tegenstrijdigheid tussen het bepaalde in deze overeenkomst en het bepaalde in de bijlagen prevaleert het bepaalde in deze overeenkomst. De navolgende bijlagen maken deel uit van deze overeenkomst: Position paper SOML bijlage 1 Het bepaalde in deze overeenkomst laat onverlet de krachtens publiekrechtelijke voorschriften of regelingen op de gemeente rustende verplichtingen c.q. de uitoefening van de gemeentelijke bevoegdheden. De gemeente draagt binnen haar vermogen en met inachtneming van de door haar te betrachten zorgvuldigheid ten opzichte van derden zorg voor het afwikkelen van de vereiste wettelijke procedures. De gemeente is nimmer aansprakelijk indien vertraging ontstaat dan wel door partijen beoogde plannen niet gerealiseerd kunnen worden, tenzij sprake is van grove schuld of opzet bij de

10.4

gemeente. Het is SOML niet toegestaan haar contractpositie, in welke vorm dan ook, over te dragen aan derden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de gemeente. Aan een dergelijke toestemming kunnen voorwaarden worden verbonden.

Aldus verklaard en getekend in tweevoud te Roermond

Plaats: Roermond Datum: 31-10-2014

Plaats: Roermond

Datum: 31-10-2014

De gemeente Roermond, De Burgemeester,

Stichting Onderwijs Middel Limburg, Lid van het College van Bestuur, voor deze:

¡

De heer mr. P.A.G. Cammaert

De heer drs. M.J.H.M. Kikken

5

INTENTIEOVEREENKOMST

LOCATIE BC SCHONDELN te ROERMOND 31 oktober 2014

Paraaf

Paraaf

Bijlage I

Position Paper SOML

INTENTIEOVEREENKOMST

LOCATIE BC SCHONDELN te ROERMOND 31 oktober 2014

Paraaf gemeente:

f

Paraaf

R0 groep

H

a

a nãerweerdevast

/. a.aaa

*

Position paper Lyceum Schöndeln Roermond Datum

april2O14

Betreft

lnvesteren in kansen voor beroepsmarkt Roermond

rÐ

gemeente Roermond

Onze ambitie: voortgang van de lokale econom¡sche ontwikkeling. De mate van afstemming van "gocdc vakmcnccn, op do juistc plaats, aansluitcnd op dc actuclc marktvraag" bepaalt de economische voortgang van Roermond en regio. Bevolkingskrimp veronderstelt dat 'met minder mensen minimaal een gelijke economische groei moet worden bereikt'. De opgave voor beroepsonderwijs en wetenschappelijk onderwijs is de arbeidsproductiviteit te vergroten door verbreding van basiskwalificaties van personeel met aanvullende kwalificaties. Daarnaast ligt er een opgave om het arbeidspotentieel vast te houden voor de regio en te zorgen dat arbeidsparticipatie toeneemt. De inzet hier is om instroom in beroepsonderwijs en wetenschappelijk onderwijs maximaal te realiseren en doorstroom te optimaliseren. Afstemming tussen onderwijs, werkgevers, gemeente maar zeker ook studenten geeft garantie aan het juist 'op peil houden' van de regionale beroepsbevolking, kwalitatief en

kwantitatief . W¡J 'kiezen voor kansen' in een gezamenlijke investering in de volgende activiteiten:

Opleiden voor de vraag Het aanbod van opleidingen moet passen bij de arbeidsvraag van Roermond en de regio. Het leren is niet uitsluitend een individuele aangelegenheid, maar gebeurt in relatie en samenwerking met andere stakeholders in de lokale beroepsmarkt. lntensieve samenwerking tussen onderwijs, de werkgevers en de overheden is belangrijk voor een juiste afstemming van de regionale beroepsbevolking, kwalitatief en kwantitatief . Perspectief op werk in Roermond en de regio motìveert de leerling voor gediplomeerde uitstroom. Opleidingen in zorg, detailhandel, toerisme en techniek sluiten aan bij de lokale economie. Bereiken van doorlopende leerlijnen, aansluiting b'rj hoger onderw¡is en behoud van potentieel voor de Roermond en reg¡o Opleidingen in VMBO en MBO moeten aansluiten op elkaar, in richting en niveau. Doorlopende leerlijnen bevorderen de juiste overdracht van beroepsvoorbereiding naar beroepskwalificatie en voorkomen ongediplomeerd schoolverlaten en uitstroom naar opleidingen buiten de regio. Uitval wordt voorkomen door een thuisnabij aanbod van onderwijs én vervolgonderwijs. Leerlingen in het HAVO en VWO moeten aansluiting vinden bij relevante opleidingen in het HBO en WO buiten de regio, in binnen- en buitenland.

Het kennispotentieel uit de regio dient behouden te worden, en leerlingen / studenten moeten zodanig 'verbonden' worden aan het gebied zodat deze potentie hier ook ingezet wordt na afronding van de vervolgopleiding. Bieden van maatwerk in schol¡ng en zorg Kwaliteitsverbetering In scholing wordt bereikt door leerlingen aan te spreken op hun talenten, vaardigheden en verantwoordelijkheden. Realistische perspectieven worden hierdoor geboden, wat de instroom van nieuwe leerlingen bevordert èn wat bestaande leerlingen behoudt. Leerlingenzorg binnen de keten van beroepsonderwijs wordt geharmoniseerd (expertise en processen) zodat vroegtijdige uitstroom beperkt wordt. Document Pagim

U4

fu

R0 groep

H

i. 'r \. ,.¡

van waardevol

/

a naar waardeväst

lo

,aoaa

*

@

Position paper Lyceum Schöndeln Datum

april2O14

Betreft

lnvesteren in kansen voor beroepsmarkt Roermond

gemeente Roermond

Vergroten herkenbaarheid van onderwijs Leerlingen moeten zich herkennen in hun opleiding. Met contextrijk onderwijs, in samenwerking ook met het bedrijfsleven, wordt de leerling gestimuleerd in de te bestuderen / te oefenen lesstof en wordt het beroepsbeeld van de leerling bevorderd. De leerling moet daarb¡j ook perspectief hebben in het vervolgonderwijs en/of beroepsbeeld. Hierbij moet samenwerking verder worden versterkt tussen onderwijsinstellingen in en buiten de regio, maar ook met afnemers in de beroepsmarkt van Roermond en omgeving. De belangstelling voor opleidingen wordt hiermee vergroot en een betere instroom en doorstroom wordt bewerkstelligd. Delen van exploitatie Door het delen van menskracht, faciliteiten en gebouwen kan onderwijs efficiënter worden georganiseerd. Synergie wordt gezocht ook met het lokale bedrijfsleven. De voor de regio relevante opleidingen kunnen hierdoor worden behouden en in kwaliteit worden versterkt. D¡t vraagt intensieve samenwerking tussen onderwijsinstellingen, maar ook met het bedrijfsleven

Wij willen 'Samen met partners in het MBO, HBO en WO investeren in aansluitende opleidingen die passen bij de regionale vraag'

Wij zijn al gestart. Zolegl SOML momenteel verbindingen met vervolgonderwijs en onderzoeken wij samen met gemeente en bedrijfsleven hoe mogelijke onderdelen van het vervolgonderwijs in de regio zelf kan worden uitgevoerd. Daarbij wordt ook gekeken naar verbindingen met buitenlandse instellingen. Het bedrijfsleven, € overheden en onderwijs werken samen in Keyport. Bedrijven zijn geinteresseerd in leerlingen 'van hier', die na onderwijs plek krijgen in bedrijf . SOML speelt in op die plekken waar ondernemers gaten ervaren. Hierin wordt ook gezocht naar perspectief voor de leerlingen in (garantie voor) werk, in een boeiende contextrijke leeromgeving. Maar ook kansen in ontwikkelperspectief worden gemaximaliseerd door nieuwe werkwijzen in persoonlijk leren / gepersonaliseerd leren. Maatwerk dus, om de leeropbrengsten in kwaliteit te versterken. 01101 (} lecñnctogre ---l Dit motiveert de leerling voor gediplomeerde uitstroom en als ,nlenàllonãlt*rinq mogelijk naar vervolgonderwijs.

T

'Via inhoudelijke en ruimtel'rjke samenwerking' a

a

Sterk 'centrum voor beroepsopleidingen' in Roermond, door verbinding voorzieningen Niekée, Gilde Opleidingen, Expertisecentrum, bedrijven 'Platform hoger onderwijs' in noord en zuid Roermond, samen met partners op bestaande iconen Broekin en Lyceum Schöndeln

Documenl Pagina

2t4

t

H

R0 groep

,2 JO

O ñeã¡wåardevåsl

¡atoa gemeente Roermond

Position paper Lyceum Schöndeln Roermond Datum

april2O14

Betreft

lnvesteren in kansen voor beroepsmarkt Roermond

, ,,ii'il,fllr,, r

E¡ndhoven

útv9'c I

(,'l¡ l'l

lw3*n\6' 0irsseldorf

roe t-'

úrvâ¡qÎ

ì

'NLfel\\t

Leuven ]---

-l

qr.çrlc;

?iil:l:ilìii >--. Mt9l

Júlich

{ø<iw:z¡íro

Màãst¡íchl

Aken ñ1h lsld.

Slerk centsum bcroépsople¡lngen

Platfurm Hoger Onderw¡js. als brugtumtie

Platfu rm hoger onderw¡¡s

Via beslaande iconen Broekhin en Lyceum Schondeln

Het resultaat levert een ¡ntensieve onderwijsstructuur met een sterke verbinding naar vervolgonderwijs en lokaal bedrijfsleven. De inhoudelijke en ruimtelijke samenwerk¡ng brengt betere afstemming van vraag (opleidingsinhoud) en aanbod (werkgelegenheid). De samenwerking versterkt daarmee de toekomstbestendige economische structuur voor Roermond en geeft daarnaast kwaliteitsverbetering van het verblijfs- en vestigingsklimaat.

Starten met Lyceum Schöndeln Transformatie Lyceum Schöndeln is een bestaand historisch icoon, een identiteitsdrager, voor Roermond en omgeving. Het gebouw ¡s een gemeentelijk monument, is technisch verouderd, heeft een ongezond klimaat en kent hoge exploitatiekosten.

:;: " i: LYC= UM

scH0uo= LN:

Lyceum Schöndeln transformeert naar concept 'platform hoger onderwijs'. Hiertoe: Aansluiten bij HBO en WO(TU/e, Fach Hochschule, Katholieke Hochschule, Universiteit Maastricht, RWTH Aachen, Zuyd Hogeschool, Fontys, Forschungszentrum Julich. Via integrale didactische werkwijze van onderzoek en ontwerp lTechnasium is voorbeeld) ¡ Aansluiten bij bedrijfsleven / markt. o lnternationaal positioneren. ¡ Verbinden naar samenleving, brede maatschappelijke voorziening.

e

Lyceum Schöndeln transformeert naar eigentijdse voorziening. Hiertoe: lntensiveren gebruik in hoofdgebouw, voor circa 1100 leerlingen. lnvesteren in levensduurverlenging met minimaal 20 jaar. Bereiken gezond klimaat en duurzame exploitatie. lnrichten academische omgeving met (economische) aantrekkingskracht

¡ ¡ r ¡

Documont Pagim

3t4

ãú

H

R0 groep van waârdevôt

l.

/

O nåarwaardevast

gemeente Rocrmond

Position paper Lyceum Schöndeln Datum

april2O14

Belreft

lnvesteren in kansen voor beroepsmarkt Roermond

Bij de transformatie van het bestaande gebouw Lyceum Schöndeln wil SOML actief inzetten op het betrekken van leerringen en onderwijsdoeren ('revensechte reeromgeving,), arsmede op het vinden van aansluiting bij de lokale arbeidsmarkt

Urgentie De transformatie Lyceum Schöndeln is startpunt van de samenwerkingsambitie onderwijs, werkgevers en overheid om de toekomstbestendige economische structuur voor Roermond en reg¡o te waarborgen. Daarbij vordoet het gebouw niet aan de hedendaagse (formere) eisen die aan een onderwijsgebouw gesteld worden: noch qua gebouwkenmerken en onderhoud, noch qua indeling ten behoeve van onderwijsproces. Stand van zaken Een inrichtingsplan is gemaakt voor Lyceum Schöndeln (inhoudelijk concept

én voorontwerp).

Het college B&W alsmede raad is geinformeerd over de regio-ambitie en de planontwikkeling. Frequent overleg regio-ambitie en de planuitwerking met wethouders w. Kemp en G. lJff. Gedeputeerde N. Lebens heeft een werkbezoek gebracht aan Lyceum Schöndeln; de provincie Limburg onderzoekt momenteel de mogelijke (financiële) partícipatie. SoML onderhoudt contact. SOML is een intern onderzoek gestart naar de concretisering van de planontwikkeling, de samenwerking met partners en de financiële ruimte binnen de eigen organisatie.

Financieel Verwachte stichtingskosten planontwikkeling Lyceum Schöndeln: 1O mln. (inclusief

btw), zie

bijgevoegde kostenraming. De financiering van een dergelijke transitie is formeel niet ingeregeld. SOML vraagt (naast investering van SOML) bijdrage in investering vanuit overheden.

fl

1 Bijlage 2 - advies Niels Delamarre.pdf

Memo Aan

:

Gemeente Roermond

Van

:

Niels Delemarre

Betreft

:

Notitie: Renovatie en vervangende nieuwbouw BC Schondlen

Datum

:

6 juli 2015

Kenmerk

:

B001-men01-nde-vs 2.0

Aanleiding Eind 2013 is het college van B&W van de gemeente Roermond uitgenodigd door het schoolbestuur van BC Schondlen (voortgezet onderwijs) voor een locatiebezoek en een bestuurlijk overleg. In dit overleg en n.a.v. het bezoek is duidelijk geworden dat het schoolgebouw van het BC niet meer voldoet aan de normen van deze tijd. Het schoolbestuur heeft aan de gemeente verzocht om via een gezamenlijke inspanning te komen tot een haalbaar plan voor een vernieuwd schoolgebouw. Het college wil weten of de gemeente verantwoordelijk is hierbij een bijdrage te doen. In ieder geval wil het college de intentie uitspreken om gezamenlijk de haalbaarheid van het plan te onderzoeken en ook de verantwoordelijkheid van partijen hierin. Het college wil zich vooraf geen enkele toezegging doen over een mogelijke inzet van middelen voor de huisvesting. Het commitment zit in het ondersteunen op ambtelijk gebied (inzet van mensen). Om dit formeel te regelen is een concept intentieovereenkomst opgesteld.

Vraagstelling De gemeente Roermond heeft n.a.v. deze concept intentieovereenkomst twee concrete vragen: •

Wanneer is een gemeente financieel verantwoordelijk (in de zin van de onderwijshuisvestingswet) voor de huisvesting van het Voortgezet Onderwijs?

•

Levert de (concept)intentieovereenkomst hier spanningen mee op?

De context In 1997 is de verantwoordelijkheid voor de onderwijshuisvesting van de rijksoverheid verschoven naar de gemeenten. De gedachte achter deze decentralisatie was dat gemeenten veel beter dan de rijksoverheid in staat zouden zijn op lokaal niveau invulling te geven aan de huisvesting van scholen. Zij kennen de lokale situatie als geen ander en zijn goed in staat binnen het totale gemeentelijke takenveld goede afwegingen te maken. Via de algemene uitkering uit het gemeentefonds krijgen de gemeenten de noodzakelijke financiële middelen toebedeeld. In de Wet op het Primair Onderwijs (WPO), de Wet op de ExperticeCentra (WEC) en de Wet op het Voorgezet Onderwijs (WVO) is een aantal artikelen toegevoegd dat de rechten en plichten van gemeenten en schoolbesturen mede vorm geeft. Via de gemeentelijke verordening is op lokaal niveau verder invulling gegeven aan deze verantwoordelijkheid. De meeste gemeenten hebben gebruik gemaakt van de modelverordening onderwijshuisvesting van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). In dit memo is er vanuit gegaan dat de gemeente Roermond de modelverordening van de VNG heeft overgenomen.

1

De gemeente heeft de zorgplicht voor alle scholen binnen haar grondgebied. Het gaat hierbij om scholen voor primair- en voortgezet onderwijs. In de wet (WPO, WEC en WVO) zijn de voorzieningen in de huisvesting opgenomen waarvoor de gemeente verantwoordelijk is. Schoolbesturen in het primair onderwijs (PO) en voortgezet onderwijs (VO) zijn zelf verantwoordelijk voor de exploitatie (schoonmaak, energie, dagelijks onderhoud) van de schoolgebouwen. In het VO is het schoolbestuur verantwoordelijk voor het totale onderhoud aan de schoolgebouwen. De gemeente is verantwoordelijk voor nieuwbouw en uitbreiding. De noodzaak voor vervangende nieuwbouw is in de gemeentelijke verordening vastgelegd. Vanaf 1 januari 2015 zijn alle schoolbesturen in het PO (basis- en speciaal onderwijs) zelf verantwoordelijk voor het totale onderhoud en alle aanpassingen aan schoolgebouwen. Hiermee is de situatie gelijk aan de verantwoordelijkheid in het VO. In de wet (W.V.O. art. 76c) zijn de voorzieningen in de huisvesting opgenomen waarvoor de gemeente (financieel) verantwoordelijk is.

•

voor blijvend onderscheidenlijk voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen, bestaande uit:

o 1°.nieuwbouw, een bestaand gebouw of een gedeelte daarvan, verplaatsing van een bestaand gebouw of van een gedeelte daarvan, terreinen, alsmede eerste aanschaf van leer- en hulpmiddelen en meubilair,

o 2°.uitbreiding van de onder 1° bedoelde voorzieningen, en o 3°.medegebruik van een ruimte die geschikt is voor het onderwijs; •

herstel van constructiefouten aan het gebouw of het terrein;

• herstel en vervanging in verband met schade aan gebouw, leer- en hulpmiddelen en meubilair in geval van bijzondere omstandigheden.

In de verordening zijn de normen en criteria opgenomen waaraan een school moet voldoen om in aanmerking te komen voor een huisvestigingsvoorziening. Daarnaast is er een procedure vastgelegd hoe en wanneer de gemeente moet beslissen op een verzoek van een schoolbestuur. In het jaar voorafgaand aan de bekostiging van een huisvestingsvoorziening worden de aanvragen van de schoolbesturen getoetst aan de criteria uit de verordening. De verordening geeft de rechtszekerheid dat scholen/schoolbesturen in gelijke omstandigheden op gelijke wijze worden behandeld. Voor dit specifieke vraagstuk is de voorziening vervangende nieuwbouw van belang.

Vervangende nieuwbouw De noodzaak van vervangende bouw, zoals opgenomen in de gemeentelijke verordening voorzieningen huisvesting onderwijs, blijkt uit het feit dat: Voldoende en voldoende zwaarwegende gebouwelementen volgens de bouwkundige opname zoals bedoeld in artikel 7, tweede lid onder c, in zo'n slechte/matige conditie zijn dat onderhoud en/of aanpassingen geen redelijk resultaat opleveren (in kosten ten opzichte van de levensduurverlenging). Deze noodzaak wordt over het algemeen aangeduid als de bouwkundige noodzaak. Daarnaast kan (conform het verordening VHO) sprake zijn van vervangende bouw als: a.

vervanging per saldo geen meerkosten met zich meebrengt, zulks ter beoordeling van het college;

b.

vervanging van een gebouw noodzakelijk is als gevolg van een herschikkingsoperatie;

c.

vervanging in verband met ontwikkelingen in de ruimtelijke ordening noodzakelijk is.

d.

vervanging op basis van vastgesteld lokaal onderwijshuisvestingsbeleid noodzakelijk is.

De wetgever heeft een duidelijke onderverdeling gemaakt naar verantwoordelijkheden. In het VO ligt de verantwoordelijkheid voor het totale onderhoud en alle aanpassingen bij het schoolbestuur.

2

Bij goed onderhoud door het schoolbestuur(in het VO)kan de gemeente nooit op vervangende nieuwbouw worden aangesproken. Tenzij er sprake is van één van de bovenstaande situaties (a. t/m d.).

Renovatie Naast de bouwkundige veroudering zullen schoolgebouwen in de loop der jaren technisch en functioneel verouderen. De wetgever heeft hiervoor geen voorziening in de wet opgenomen. Gemeenten en schoolbesturen moeten hier ieder vanuit de eigen verantwoordelijkheid maatwerkoplossingen voor vinden. De schoolbesturen ontvangen middelen voor de exploitatie en het bouwkundig onderhoud van schoolgebouwen. Gemeenten ontvangen in de gemeentefondsuitkering een vergoeding ter dekking van de lasten voor (vervangende)nieuwbouw. Ook in recente discussies in de Eerste en Tweede Kamer is gebleken dat er landelijk onvoldoende draagvlak is om renovatie als voorziening in de wet op te nemen. Als reactie op een motie hierover heeft de Staatssecretaris aangegeven dat gemeenten(VNG) en schoolbesturen(PO-VOraad) hier samen richtlijnen voor moeten ontwikkelen. ‘De verantwoordelijkheid voor renovatie zal niet uitdrukkelijk bij ofwel de gemeente ofwel het bevoegd gezag komen te liggen, omdat renovatie niet als aparte voorziening is opgenomen in de onderwijswetten. Gemeenten en bevoegde gezagsorganen zullen in voorkomende gevallen in goede verstandhouding tot een redelijk vergelijk moeten komen over de verdeling van de kosten en een eventuele keuze tussen renovatie en nieuwbouw’.

Staatssecretaris van OCW in de toelichting bij het wetsvoorstel tot overheveling van taak en budget voor onderhoud en aanpassing PO. Het ontwikkelen van landelijke richtlijnen blijft lastig en lijken er (voorlopig) niet te komen. VNG en PO-­‐raad hebben daarom het Kenniscentrum Ruimte voor Onderwijs en Kinderopvang (Ruimte-­‐OK) opdracht gegeven een brochure te schrijven. De brochure biedt een handreiking voor een (gezamenlijke) uitwerking op lokaal niveau. Naast inzicht in het wettelijke kader, een overzicht van interpretaties en een afwegingskader voor de diverse belangen die er rondom het renovatievraag-­‐ stuk kunnen spelen worden een aantal voorbeelden uit de praktijk geschetst. De inhoud van de handreiking sluit aan bij de inhoud van dit advies. Enkele citaten u it de handreiking:

•

•

•

•

•

Renovatie is volgens de onderwijswetten geen voorziening huisvesting en komt daarom ook niet voor als voorziening in de modelverordening van de VNG. Gemeenten hebben‘formeel’dus geen wettelijke plicht te investeren in renovatie. Ondanks het feit dat de financiering van renovatie en nieuwbouw verschillend is, kan vervangende nieuwbouw door renovatie van een schoolgebouw een aantal jaren worden uitgesteld. Voor gemeente en schoolbestuur kan dit aanleiding zijn om, hoewel de gemeente hiertoe formeel dus niet verplicht is, tot een afspraak over een kostenbijdrage. De praktijk leert dat het kan helpen een gezamenlijk (inhoudelijk) toekomstperspectief voor (school)gebouwen binnen de gemeente vast te stellen. Dit toekomstperspectief dient vervolgens als uitgangspunt voor het terugredeneren naar de benodigde ingrepen in de onderwijshuisvesting, of in bredere zin in het lokaal voorzieningenniveau. Uitgangspunt van de modelverordening is dat deze model- verordening alleen die zaken regelt die conform onderwijs- wetten worden vereist. Wil de gemeenteraad voorzieningen bekostigen die niet vallen onder de omschrijving ‘voorzieningen huisvesting’ onderwijs dan dienen afspraken daarover apart te worden vastgelegd. Dit kan worden geregeld in een beleidsregel.. Belangrijk daarin is wel te borgen dat alle schoolbesturen gelijk worden behandeld.

Er zijn ook gemeenten die dit regelen via een toegevoegde bijlage aan de Verordening Materiële financiële gelijkstelling (Fingel). Binnen de huidige verordening (door een verruiming van het begrip ‘vervangende nieuwbouw’) het schoolbestuur een aanvraag te laten indienen voor een gemeentelijke bijdrage in de bekostiging van de renovatie van het schoolgebouw.

•

3

Er bestaat dus geen eenduidige definitie van renovatie en er zijn geen regels of en hoeveel een gemeente aan een renovatie moet bijdragen. In dit memo wordt op basis van onze kennis en ervaring aangegeven hoe gemeenten met dit vraagstuk om kunnen gaan. Voor renovatie bestaat geen eenduidige omschrijving. Onder renovatie kan worden verstaan: ‘Het (gedeeltelijk) vernieuwen van een bestaand schoolgebouw waardoor het schoolgebouw voldoet aan de huidige eisen van het Bouwbesluit, de eisen van duurzaamheid en energiebesparing, alsmede de onderwijskundige-functionele eisen van deze tijd. Doelstelling van renovatie is het gebouw bruikbaar maken naar de huidige maatstaven en normen, waardoor het gebruikscomfort(functioneel en technisch) wordt verbeterd en de levensduur wordt verlengd’. Renovatie moet worden onderscheiden van groot onderhoud. Groot onderhoud is gericht op een bouwkundige verbetering van een onderhoudselement. Hierbij valt te denken aan het aanpassen van de sanitaire voorzieningen, vervangen van kozijnen. Hierbij is dus sprake van het herstellen (of vervangen van delen) van het schoolgebouw waarbij gebruikscomfort gelijk blijft. Renovatie heeft daarentegen betrekking op zowel een bouwkundige verbetering als een functionele verbetering van het gebouw, zodat het gebouw voldoet aan de huidige onderwijskundige eisen.

Voor het antwoord op de vraag of in deze kosten een gemeentelijke bijdrage kan worden verstrekt is van belang dat de investering leidt tot een levensduurverlenging van het schoolgebouw. Met renovatie zal vervangende nieuwbouw moeten worden voorkomen.

Renovatie voor een school voor Voortgezet Onderwijs, zou kunnen onder de voorwaarden: 1.

het schoolgebouw is minstens 40 jaar oud (gemeenten hanteren een financiële afschrijvingstermijn van 40 jaar);

2.

de leerlingenprognose wijst uit dat het schoolgebouw minimaal 15 jaar voor het huisvesten van de leerlingen van de school noodzakelijk en qua omvang passend is;

3.

de bouwkundige en technische rapportage moeten uitwijzen dat het voorgenomen onderhoud noodzakelijk is;

4.

een rapportage moet uitwijzen dat de voorgenomen investeringen naast investeringen in onderhoud en functionele verbeteringen ook leiden tot het verlengen van de levensduur met minimaal 25 jaar;

5.

de voorgenomen investeringen in duurzaamheid (binnenklimaat en energiegebruik) zijn nodig om het gebouw te laten voldoen aan het programma van eisen Frisse scholen klasse B;

6.

door voorgenomen functionele aanpassingen zijn gebaseerd op een heldere en consistente toekomstvisie van het schoolbestuur op onderwijs en organisatie in de komende 15 jaar;

7.

uitgewerkte business case waaruit blijkt dat de gekozen oplossingen kosten efficiënt zijn en een voorstel voor de verdeling van de kosten tussen gemeente en schoolbestuur verantwoord is onderbouwd.

De verdeling van de kosten zal het belangrijkste discussiepunt tussen gemeente en schoolbestuur zijn. Voor deze verdeling zijn twee mogelijkheden: -­‐

de verdeling is gebaseerd op een uitsplitsing van de kosten

4

-­‐

de verdeling is gebaseerd op een percentage van de kosten

In het eerste geval kunnen op basis van de kostenraming van de renovatie, kosten die gerelateerd zijn aan onderhoud en investeringen die een positief effect hebben op de exploitatie worden toegedeeld aan het schoolbestuur. Kosten die betrekking hebben op de levensduurverlenging kunnen voor rekening van de gemeente komen. In het tweede geval zou men afgeleid van de bekostigingssystematiek van gemeenten en schoolbesturen een theoretische verdeling kunnen maken. Conclusie Vanuit de zorgplicht voor de onderwijshuisvesting is de gemeente Roermond verantwoordelijk voor de vervangende nieuwbouw van BC Schondlen. Wij gaan er in dit memo vanuit dat de bouwkundige noodzaak hiervoor ontbreekt. Veel schoolgebouwen zijn naar verloop van tijd bouwkundig, bouwtechnisch en functioneel verouderd. Renovatie is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van gemeente en schoolbestuur, omdat het zowel aspecten van onderhoud als het voorkomen van vervangende nieuwbouw bevat. Landelijke richtlijnen voor renovatie zullen er niet komen. Een handreiking voor gemeenten en schoolbesturen is het hoogst haalbare op landelijk niveau. Gemeenten en schoolbesturen zullen gezamenlijk op lokaal niveau beleid moeten maken. Beleid dat past bij de specifieke lokale omstandigheden en rekening houdt met het toekomstperspectief van alle scholen in de gemeente.

De ontwikkeling van het aantal leerlingen en de beschikbare capaciteit van alle scholen in Roermond maakt een integraal onderdeel uit van de afweging of investeringen in de renovatie van BC Schondlen noodzakelijk zijn.

Intentieovereenkomst De gemeente Roermond vindt Lyceum Schöndeln een belangrijke voorziening voor de jongeren in haar gemeente. Het behoud en verstreken van de school is daarom belangrijk. Lyceum Schöndeln is een bestaand historisch icoon, een identiteitsdrager, voor Roermond en omgeving.( Position paper Lyceum Schöndeln Roermond). Zoveel mogelijk jongeren moeten binnen de gemeente onderwijs kunnen volgen in een goed en modern schoolgebouw. Het schoolbestuur heeft belang bij een gebouw dat een optimale en aantrekkelijke leeromgeving biedt voor leerlingen en docenten. Gemeente en schoolbestuur hebben hierin een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Deze gaat verder dan de formele zorgplicht op basis van de wet en de gemeentelijke verordening. Gemeente en schoolbestuur moeten, naar onze mening, in een dialoog de plannen verder uitwerken. Vanuit het gezamenlijk belang moet met respect voor elkaars positie en mogelijkheden worden gezocht naar oplossingen voor de knelpunten. Naast de financiële (on)mogelijkheden van de gemeente, moet de gemeente ook rekening houden met het wettelijk kader en moet precedentwerking richting de andere schoolbesturen worden voorkomen. In de concept intentieovereenkomst zijn de volgende begrippen opgenomen maar niet gedefinieerd. Hieronder ons voorstel voor de definities.

Renovatie: ‘Het (gedeeltelijk) vernieuwen van een bestaand schoolgebouw waardoor het schoolgebouw voldoet aan de huidige eisen van het Bouwbesluit, de eisen van duurzaamheid en energiebesparing, alsmede de onderwijskundige-functionele eisen van deze tijd. Doelstelling van renovatie is het gebouw bruikbaar maken naar de huidige maatstaven en normen, waardoor het gebruikscomfort(functioneel en technisch) wordt verbeterd en de levensduur wordt verlengd’. Verbouwing:

5

Het gedeeltelijk wijzigen van een bestaand schoolgebouw waardoor het schoolgebouw voldoet aan de onderwijskundige-functionele eisen van deze tijd. Nieuwbouw: Het realiseren van een nieuw schoolgebouw voor nieuw bekostigde school omdat er geen ander geschikt gebouw voor deze nieuwe onderwijsinstelling beschikbaar is. Uitbreiding: Het (aan)bouwen van het schoolgebouw zodanig dat de capaciteit van het schoolgebouw toeneemt. Vernieuwing: De term zouden wij niet gebruiken en spreken over onderhouden en vervangende nieuwbouw. Onderhoud: Het herstellen en vervangen om de veroudering van de bestaande gebouwelementen tegen te gaan. Vervangende nieuwbouw: Het realiseren van een nieuw schoolgebouw omdat vervanging van de bestaande schoolgebouw noodzakelijk is. In Artikel 2 van de overeenkomst missen wij: De onderwijskundige onderbouwing. Onderwijskundige toekomstvisie. De relatie tussen de hiervoor benodigde onderwijs- en organisatieontwikkeling en de koppeling met de gewenste functionele aanpassingen moet helder zijn. De gemeente moet zeker weten dat de investering (vervangende) nieuwbouw voorkomt. Het gebouw moet het toekomstig onderwijs optimaal faciliteren. Veel nieuwe en gerenoveerde schoolgebouwen zijn architectonische en bouwtechnische ‘hoogstandjes’ en houden geen of onvoldoende rekening met de ontwikkelingen in het onderwijs Businesscase.

Een haalbaar plan moet passen binnen de financiële mogelijkheden van schoolbestuur en gemeente. Uit de Businesscase moet blijken of het plan financieel haalbaar is. Monumentale status. In het proces moet duidelijk worden welke kosten specifiek gerelateerd zijn het in stand houden van de monumentale status van het gebouw. Hiervoor zouden aanvullende dekkingsmiddelen kunnen worden gezocht. In artikel 3.1 staat; Ten behoeve van het benodigd overleg in het kader van deze overeenkomst hebben partijen een overlegstructuur in het leven geroepen, zoals beschreven in bijlage 3. Wij hebben niet de beschikking over bijlage 3 en hebben hierdoor zicht op de begrenzing en projectstructuur. Wij adviseren de gemeente Roermond wel regie op het proces te houden. Hoe vrijblijvend de rol van de gemeente in de intentieovereenkomst ook is, er zal altijd een investeringsbijdrage van de gemeente verlangd worden. Voorkomen moet worden dat het plan van de school wordt en dat de gemeente ‘slechts’ als financier wordt aangesproken. De gemeente kan beter vanuit haar verantwoordelijkheid voor de onderwijshuisvesting een actieve rol nemen waardoor er voor beiden partijen een reëel en betaalbaar plan komt. In deze zin vinden wij de rol van de gemeente zoals beschreven in artikel 2.6 te beperkt.

Conclusie De concept intentieovereenkomst is niet strijdig met de gemeentelijke zorgplicht voor de onderwijshuisvesting. Omdat wij op basis van onze kennis en ervaring verwachten dat de gemeente toch zal worden aangesproken op een financiële bijdrage vanuit/op van basis van deze zorgplicht adviseren wij de gemeente een actievere rol in het proces (en daarmee in de intentieovereenkomst) te nemen. Dit kan door eisen te stellen aan het haalbaarheidsonderzoek en de businesscase of door deelname in het opdrachtgeverschap van het haalbaarheidsonderzoek en de businesscase.

6

1 Bijlage 3 - memo_verantwoordelijkheden_huisvesting.pdf

Lyceum Schöndeln: monumentale onderwijshuisvesting Datum Betreft

30 maart 2017 Verantwoordelijkheden bij monumentale schoolgebouwen

Verantwoordelijkheden onderwijshuisvesting Iedere gemeente heeft een wettelijke plicht voor het bieden van adequate onderwijshuisvesting, voldoende omvang, goede gebouwkwaliteit en rekening houdend met veiligheid. Gemeenten zijn in dat kader m.n. verantwoordelijk voor nieuwbouw en vervangende nieuwbouw, uitbreiding van schoolgebouwen, tijdelijke huisvestingsvoorzieningen en herstel bij schade of constructiefouten (inclusief asbest). Ook de bekostiging van en het buitenonderhoud aan gymnastiekvoorzieningen is de verantwoordelijkheid van gemeenten. Gemeenten ontvangen hiervoor financiële middelen via de algemene uitkering uit het Gemeentefonds. College en gemeenteraad zijn vrij om deze middelen naar eigen inzicht te besteden en wegen deze af tegen hun andere taken en verantwoordelijkheden. In de onderwijswetgeving is bepaald dat schoolbesturen jaarlijks aanvragen kunnen doen bij hun gemeente. Honoreert deze de aanvraag, dan neemt ze de voorziening op in haar jaarlijkse huisvestingsprogramma en betaalt ze voor de uitvoering ervan. De schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor de instandhouding en exploitatie van hun onderwijsgebouwen. Voor het begrip van renovatie is geen eenduidige definitie voorhanden. Het is in feite een verzamelbegrip voor bouwkundige ingrepen in een bestaand gebouw, met als doel dit meer aan de eisen van de tijd te laten voldoen.

Gemeenten hebben ‘formeel’ geen wettelijke plicht te investeren in renovatie. In tegenstelling tot renovatie is aanpassing wel een wettelijke term. In jurisprudentie wordt het begrip aanpassing (aan te merken als onderhoud) beperkt tot ingrepen die noodzakelijk zijn vanwege nieuwe wettelijke voorschriften. Vanaf 2015 zijn de kosten van aanpassing voor rekening van het schoolbestuur.

Huisvestingsakkoord VNG, PO-raad, VO-raad Medio december 2016 hebben de PO-raad, VO-raad en de VNG een huisvestingsakkoord gepresenteerd aan het Rijk. In het voorstel wordt een aantal knelpunten uit het huidige stelstel opgelost, met als één van de belangrijkste resultaten dat er eindelijk duidelijkheid komt over renovatie van bestaande onderwijsgebouwen. Renovatie kan als levensduur-verlengende maatregel voorkomen dat nieuwbouw gepleegd moet worden wanneer een schoolgebouw aan het einde van haar levensduur is.

Document Pagina

17033406 1/2

In het voorstel gaat men uit van een verlenging van de levensduur voor tenminste 25 jaar, en worden deze gebouwen qua functionaliteit, uitstraling en flexibiliteit weer passend gemaakt aan de huidige eisen in het Bouwbesluit. Uitgangspunt is dat bij renovatie de kosten voor rekening komen van de gemeente. Het schoolbestuur draagt bij aan de investering door het vrijvallende deel van de onderhoudskosten in deze 25 jaar aan de gemeente ter beschikking te stellen. In eerste instantie heeft het ministerie van OCW positief gereageerd op het akkoord. De komende maanden werken de raden en het ministerie het voorstel verder uit. Vooruitlopend op nieuwe weten regelgeving in dit verband, zetten de PO-raad, VO-raad en VNG “zich er maximaal voor in dat conform de onderhavige afspraken gewerkt wordt”.

Verantwoordelijkheden gemeente bij monumentaal schoolgebouw De monumentaliteit van de ‘campus’ Lyceum Schöndeln wordt door zowel gemeente als SOML onderkend. Vervangende nieuwbouw is daarom in deze situatie niet gewenst. Dat ontslaat de gemeente echter niet van de verplichting om passende huisvesting aan te bieden. Dat kan in vervangende nieuwbouw, of door het bestaande gebouw te renoveren en daarmee de levensduur van het gebouw te verlengen. Ter vergelijking. Nieuwbouw voor de omvang van het aantal leerlingen van Lyceum Schöndeln, inclusief de leerlingen van MAVO Roermond zou op basis van de gemeentelijke verordening vragen om een gebouw van 9.588 m2 bvo. Uitgaande van het landelijk Kwaliteitskader Onderwijshuisvesting VO is hiermee een investering in bandbreedte gemoeid van € 15,8 mln. tot € 19,8 mln. (stichtingskosten, inclusief btw). In het licht van wet- en regelgeving, en bovenstaand huisvestingsakkoord, is de gemeente Roermond aan zet bij de aanpassing van het gemeentelijk monument Lyceum Schöndeln. Het schoolbestuur draagt bij voor zover er exploitatievoordelen zijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=cadcc09e-3e9a-44ae-b9ab-e7a1f174852d