CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Detailhandelsbeleid 2025-2030 (oud)

Commissie Ruimte (RU) 3 september 2025, gemeente RoermondBij agendapunt: Actualisatie detailhandelsbeleid (punt 12 op de agenda)19.444 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030 De meest aantrekkelijke, veelzijdige en unieke retailgemeente van Nederland

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

1

colofon

projectnaam Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030 datum 12 augustus 2025 projectnummer P08446 opdrachtgever Gemeente Roermond BRO projectleider FSi projectteam RKo, RvL bron kaft BRO review RvL

Industriestraat 94 5931 PK Tegelen +31 (0)77 373 06 01 info@bro.nl www.bro.nl

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

2

Inhoudsopgave Voorwoord

4

6

1

Inleiding

5

B1: Bestaand beleid

30

1.1 1.2 1.3 1.4

Aanleiding Doel Toelichting bronnen en methoden Reikwijdte

6 6 6 6

Provinciaal beleid Regionaal beleid Gemeentelijk beleid

30 30 30

Samenvatting ambitie en beleid

8

2.1 2.2

9 10

2

3

4

5

Ambitie Beleidsdoelen

Ambitie en algemene beleidsdoelen

11

3.1 3.2 3.3 3.4

12 13 14 14

Leidende principes Detailhandelsstructuur Ambitie Algemene beleidsdoelen

Beleidsdoelen per sector en thema

16

4.1

17

Specifieke beleidsdoelen

Beleid per gebied

22

5.1 5.2 5.3 5.4 5.5

23 23 24 24 25

Inleiding Binnenstad Roermond Boodschappenstructuur Designer Outlet Roermond Perifere detailhandel

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

Bijlagen

29

B2: Trends en ontwikkelingen

32

B3: Analyse vraag en aanbod

35

Consumentendraagvlak Ontwikkeling winkelaanbod Benchmark gemeente Roermond Detailhandelsstructuur Analyse verspreide bewinkeling Beschrijving per gebied

35 36 37 38 40 42

B4: Behoefte Distributieplanologisch onderzoek Doelgerichte niet-dagelijkse sector Artikelgroepen

47 47 47 48

B5: Bezoekersenquête

50

B5: Definities

53

3

Voorwoord Roermond is een stad in ontwikkeling. Wie hier rondloopt, ziet het meteen: nieuwe winkels, levendige winkelstraten en een groeiend aantal bezoekers uit binnen- en buitenland. De vele talen die je hoort – van Duits tot Italiaans – vertellen het verhaal van een stad met internationale aantrekkingskracht én een sterke lokale identiteit. Onze detailhandel speelt hierin een sleutelrol. Niet alleen draagt zij bij aan de levendigheid van onze stad, maar ook aan onze lokale economie. Winkels zorgen voor werkgelegenheid, trekken bezoekers aan en versterken het vestigingsklimaat voor ondernemers. Tegelijkertijd zijn dagelijkse voorzieningen – zoals supermarkten, bakkers en drogisterijen – van onschatbare waarde voor onze inwoners. Zij zorgen ervoor dat Roermond een fijne, leefbare stad blijft voor iedereen. Van de historische binnenstad tot het Designer Outlet, van het Retailpark tot de Huis- en Tuinboulevard, van de woonboulevard tot de wijkwinkelcentra: elk winkelcluster heeft zijn eigen karakter en samen vormen ze een krachtig en compleet aanbod. Als wethouder ben ik trots op wat we samen hebben opgebouwd en op de koers die we met dit beleidskader inzetten voor de toekomst. Laat dit een uitnodiging zijn aan alle Roermondenaren, maar ook aan inwoners uit de regio, onze provincie én over de landsgrenzen heen om in Roermond te komen winkelen.

Met vertrouwen kijk ik uit naar de volgende stappen. Roermond groeit – en de detailhandel groeit mee. Dirk Franssen Wethouder economie, stedelijke ontwikkeling en financiën

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

4

1

Inleiding

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

5

1.1

Aanleiding

de kwantitatieve berekeningen. Wel zijn de cijfers op basis de ken-

In verhouding tot het aantal inwoners behoort Roermond tot de top 10

Hoewel dit een sectoraal beleidskader betreft, worden in dit document

grootste retailgemeenten van Nederland. Roermond is met circa 3.400

ook flankerende beleidsthema’s geraakt. Detailhandel heeft immers ook

m² wvo per 1.000 inwoners zelfs de grootste retailgemeente van Lim-

ruimtelijke randvoorwaarden nodig om te kunnen functioneren. Denk

proces zijn diverse gesprekken gevoerd met ondernemers en vast-

burg. De combinatie van een historische binnenstad, een Designer Out-

aan de inrichting van de openbare ruimte en mobiliteit. Ook de beleids-

goedeigenaren van de verschillende winkelgebieden. Alle input is

let, een Retailpark1, een Huis- en Tuinboulevard, een Woonboulevard,

thema’s duurzaamheid, arbeidsmarkt en inclusie zijn van belang voor

meegewogen in de analyse en de beleidskeuzes. Uiteindelijk zijn de

diverse buurt- en wijkcentra én overige winkellocaties is uniek in Neder-

een toekomstbestendige detailhandelssector. Voor de aanpak en keu-

keuzes gemaakt in het kader van het algemeen belang. Ook is dit

land. Er is geen enkele andere gemeente in Nederland met een sterk en

zes hieromtrent verwijzen wij naar de desbetreffende kaders.

beleid afgestemd met verschillende flankerende disciplines binnen

aantrekkelijk winkelaanbod in alle sectoren van detailhandel, namelijk

nis van nu (anno 2025) tegen het licht gehouden. Gesprekken ondernemers en vastgoedeigenaren: gedurende het

de gemeente Roermond.

de dagelijkse boodschappen, recreatief én doelgericht winkelen. Het bovengemiddelde winkelaanbod kan in Roermond functioneren vanwege

1.2

Doel

de bovenregionale en zelfs internationale aantrekkingskracht. De win-

Dit rapport bevat de visie en beleidsdoelen waar nieuwe detailhandels-

1.4

kels zijn een belangrijke drager voor de regionale economie, de toeristi-

initiatieven aan getoetst moeten worden. Deze beleidsregels moeten

Met de vaststelling van dit beleid komt het detailhandelsbeleid uit 2015

sche sector en de werkgelegenheid. Ook voor de eigen inwoners heeft

vertaald worden naar het omgevingsplan en in vergunningen. Om te be-

te vervallen. Het beleid voor de boodschappenstructuur is reeds herijkt

de detailhandel een belangrijke betekenis. Het zorgt er voor dat je alles

palen of een detailhandelsinitiatief wel/niet gefaciliteerd kan worden,

(‘Visie dagelijkse voorzieningen Roermond’) en voor de binnenstad (‘Ge-

wat je nodig hebt in je eigen wijk of woonomgeving kunt kopen. Dit is po-

moet onder andere getoetst worden aan dit detailhandelsbeleid.

biedsprofiel binnenstad Roermond’) is al een ontwikkelrichting vastgesteld. Beide stukken blijven in werking en zijn integraal overgenomen in

sitief voor de leefbaarheid en maakt Roermond een aantrekkelijke woongemeente.

1.3

Detailhandel is belangrijk voor Roermond en daardoor is actueel beleid voor deze sector noodzakelijk om te kunnen blijven inspelen op kansen en trends die Roermond nóg sterker maakt. De laatste jaren heeft Roer-

Denk aan het beleid voor perifere detailhandel en hoe om te gaan met specifieke vormen van detailhandel, zoals ondergeschikte detailhandel, nevenassortimenten en kringloopwinkels.

1

Hierin wordt ingezet op uitbreiding. Voordat een afweging kan worden gemaakt over eventuele uitbreiding is nog veel nader onderzoek nodig. In dit document worden daarom geen uitspraken gedaan over de toekomstige ontwikkeling van het DOR.

Dit is de landelijk geaccepteerde bron voor winkeldata. De leegstandscijfers hebben niet alleen betrekking op winkelleegstand, 

maar ook op leegstand van andere publieksfuncties. Gemeente Roermond / CBS: de bevolkingsprognoses zijn gebaseerd op de woningbouwplannen- en ambities en zijn intern afge-

derdelen integraal overgenomen en aangevuld met alle andere beleidsthema’s die onderdeel zijn van het gemeentelijk detailhandelsbeleid.

deze actualisatie. Het DOR heeft een eigen toekomstvisie opgesteld.

participatie. De analyse bevat meerdere bronnen en processen.  Locatus: de aanbod- en leegstandsdata is gebaseerd op Locatus.

de ontwikkelrichting voor het centrum vastgelegd in het ‘Gebiedsprofiel vastgesteld. In dit document zijn deze twee reeds geactualiseerde on-

Toelichting bronnen en methoden

De keuzes in dit beleid zijn tot stand gekomen op basis van analyse en

mond het detailhandelsbeleid stap voor stap geactualiseerd. In 2023 is Binnenstad’. In 2024 is de dagelijkse voorzieningenstructuur herijkt en

Reikwijdte

stemd met de gemeente Roermond. Koopstromenonderzoek 2019: eind 2019 is grootschalig onderzoek gedaan naar het koop- en bezoekgedrag in Limburg. Deze gegevens, specifiek voor Roermond, zijn toegepast voor de duiding én

In dit stuk refereren we met het Retailpark naar het gehele gebied, bestaand uit het ‘Retailpark’ en het ‘Outdoor Center’

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

6

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

7

2

Samenvatting ambitie en beleid

In dit hoofdstuk zijn de belangrijkste beleidskeuzes samengevat en toegelicht.

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

8

2.1

Ambitie

De huidige positie als bovenregionale en internationale koopstad wordt verder versterkt. Roermond blijft toonaangevend op het gebied van detailhandel, beschikt over een sterke structuur met winkelgebieden die elkaar aanvullen en die invulling geven aan de behoeften van de eigen inwoner, de bovenregionale en internationale bezoeker. Om deze positie te versterken zet Roermond primair in op het in kwalitatieve zin versterken van de winkelgebieden. Daarnaast is ook kwantitatieve uitbreiding onder voorwaarden mogelijk, ten gunste van nóg meer diversiteit en keuzemogelijkheden in het winkelaanbod. 

Focus op de hoofddetailhandelsstructuur (zie figuur 1). Nieuwe initiatieven moeten primair landen in deze winkelgebieden.

De winkelgebieden moet elkaar onderling versterken, niet beconcurreren. Dit betekent inzet op en behoud van complementariteit.

Inzet op compacte en complete winkelgebieden, ieder binnen het eigen profiel en de verzorgingsfunctie.

Ongewenste en onbenutte plancapaciteit buiten de hoofdstructuur moet worden gesaneerd. Krimpen om te kunnen groeien.

Figuur 1: Complementaire detailhandelsstructuur gemeente Roermond

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

9

2.2

Beleidsdoelen

terreinen Broekhin en Merum. In het kader van de Europese Diensten-

Trafficlocaties en tankstations

richtlijn worden mogelijkheden voor detailhandel op perifere locaties ver-

Kleinschalige detailhandel op trafficlocaties en

Binnenstad Roermond

ruimd, zonder dat dit ten koste gaat van de reguliere winkelgebieden.

tankstations is mogelijk. Om de kleinschaligheid te borgen geldt een

De gemeente zet in op een toekomstbestendige binnenstad. Daarbij is

Want ook hier geldt: complementariteit staat voorop. Dit betreft zowel de

maximale maat van 250 m² wvo per vestiging.

niet alleen ruimte voor retail, maar ook voor andere functies die bijdra-

branchering als de minimale maatvoering.

gen aan het functioneren en de toekomstbestendigheid van de binnen-

Blurring en blending

stad. Winkels, horeca, ambachten, leisure, cultuur en maatschappelijke

Designer Outlet Roermond (DOR)

Binnen de concentraties van de hoofdwinkelstructuur willen we blending

functies. Allemaal dragen ze bij aan de aantrekkelijkheid van de binnen-

Het Designer Outlet Roermond is een belangrijke regionale en internati-

(combinatie van verschillende functies) optimaal stimuleren. Blurring

stad van Roermond. Ook wonen heeft in de binnenstad een belangrijke

onale publiekbliekstrekker voor de gemeente Roermond. Die functie er-

(combinatie winkels en horeca) is binnen de hoofdwinkelstructuur toege-

plek. Niet elke functie is echter overal even passend of wenselijk. Op

kennen en waarderen we. Het DOR heeft een eigen toekomstvisie op-

staan conform de wettelijke eisen die zijn gesteld in de Alcoholwet. Ver-

hooflijnen wordt een onderscheid gemaakt tussen het kernwinkelgebied,

gesteld, waarin wordt ingezet op uitbreiding. Voordat een afweging kan

ruiming van de mogelijkheden is goed voor het ondernemerschap, de

aanloopgebieden en woongebieden.

worden gemaakt over eventuele uitbreiding is nog veel nader onderzoek

uniciteit en de leefbaarheid.

nodig. In dit document worden daarom geen uitspraken gedaan over de Dagelijkse voorzieningenstructuur

toekomstige ontwikkeling van het DOR,

De wijk- buurt- en dorpscentra hebben een belangrijk functie voor inwo-

Beleid voor afhalen Afhaalpunten (met en zonder showroom) willen we zoveel mogelijk con-

ners om boodschappen te kunnen doen. Ze zijn hiermee belangrijk in

Detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit

centreren in centra, vanwege combinatiebezoek. Alleen afhaalpunten

het kader van leefbaarheid. Supermarkten en andere dagelijkse voorzie-

Detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit bij bedrijven buiten de

(zonder showroom) zijn bij uitzondering mogelijk op trafficlocaties.

ningen worden zo veel mogelijk geclusterd binnen de boodschappen-

hoofdstructuur blijft mogelijk, maar onder voorwaarden. Er geldt een

structuur. Binnen de gewenste structuur krijgen ondernemers volop

maximum van 10% van het vloeroppervlak.

ruimte. Met solitaire supermarkten wordt terughoudend omgegaan.

Winkelopeningstijden In 2022 is de nieuwe winkeltijdenverordening van Roermond vastge-

Nieuwe initiatieven op perifere locaties ten aanzien van dagelijkse voor-

Nevenassortiment

steld. Deze is nog altijd van kracht en staat niet ter discussie. De huidige

zieningen zijn niet langer toegestaan.

Regels omtrent nevenassortiment bij winkels in de periferie worden ge-

regeling blijft gehandhaafd.

uniformeerd én aangescherpt om de complementariteit met de reguliere Perifere detailhandel

winkelgebied te versterken en coherent en systematisch te handelen in

Ambulante handel

Perifere detailhandel wil de gemeente zoveel mogelijk concentreren bin-

het kader van de Dienstenrichtlijn. Uitgegaan wordt van maximaal 10%

In 2024 is het nieuwe beleid voor zowel warenmarkten als standplaat-

nen de ‘Stadsrandzone Noord’. Dit betreft primair het Retailpark en de

van het winkelverkoopvloeroppervlak, uiteraard rekening houdend met

sen vastgesteld. Daarmee beschikt Roermond over zeer recent beleid

Huis- en Tuinboulevard. Voor nieuwe initiatieven zijn dit de eerst aange-

strijdig gebruik in het geval van brancheringsbeperkingen.

voor warenmarkten en standplaatsen.

wezen plekken. Aanvullend zijn er voor nieuwe initiatieven mogelijkheden op Broekhin, mits het initiatief niet inpasbaar is in het Retailpark en

Kringloop- en tweedehandswinkels

de Huis- en Tuinboulevard. Het Broekhin is een soort overloopgebied

De gemeente wil kringloop- en tweedehandswinkels stimuleren, omdat

voor perifere detailhandel. Voor specifieke vormen van detailhandel blijft

deze voorzien in de behoefte van inwoners en bijdragen aan de werkge-

maatwerk mogelijk op bedrijventerreinen en andere verspreide locaties

legenheid voor inwoners met een arbeidsachterstand. Wel gelden be-

in de gemeente. Autoshowrooms worden geconcentreerd op bedrijven-

paalde vestigingsvoorwaarden.

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

10

3

Ambitie en algemene beleidsdoelen

In dit hoofdstuk is de ambitie en zijn de belangrijkste algemene beleidsdoelen voor de detailhandel in de gemeente Roermond beschreven. Veel doelen betreffen continuering van bestaand beleid, maar er zijn ook nieuwe thema’s en keuzes gemaakt. Nogmaals, het beleid voor de dagelijkse voorzieningenstructuur en de binnenstad zijn één op één overgenomen uit eerdere besluiten.

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

11

3.1

Leidende principes

Context van leidende principes Een goede consumentenverzorging, complementaire en heldere voorzieningenstructuur en toekomstbestendig economisch functioneren zijn de drie leidende principes binnen het detailhandelsbeleid. Deze dienen in balans en samenhang te staan in combinatie met alle andere belangen en overwegingen die spelen.

Het detailhandelsbeleid stuurt in de basis op drie leidende principes die zich uiten in enkele ambities en verschillende beleidsdoelen. Te veel nadruk op het ene principe, kan leiden tot een conflict met een ander principe. Uitgangspunt van het beleid is daarom het streven naar een goede balans tussen de principes. 1. Consumentenverzorging: de behoefte van inwoners in de gemeente Roermond staat centraal. Een goede spreiding en nabijheid van (boodschappen)aanbod leidt tot een goede leefbaarheid en gezondheid. Daarmee hangt ook kwaliteit samen, zoals keuzemogelijkheden, gemak en comfort. Je moet als consument iets te kiezen hebben. Daarbovenop is nadrukkelijk sprake van een bovenregionale verzorgingsfunctie. Het aanbod in Roermond heeft óók een functie voor de regionale én internationale bezoeker. 2. Voorzieningenstructuur: de voorzieningenstructuur bepaalt de keuzemogelijkheden, diversiteit, kwaliteit en compleetheid van het aanbod. Dit is idealiter geclusterd in concentratiegebieden, zodat voorzieningen van elkaars aantrekkingskracht kunnen profiteren via combinatiebezoek en leegstand wordt voorkomen. Dit is ook een belangrijke beleidsmatig uitgangspunt voor de gemeente Roermond. 3. Economisch functioneren: ondernemers moeten economisch goed kunnen functioneren om te kunnen overleven.

Het economisch functioneren wordt bepaald door de omzet per m² wvo en hangt sterk samen met specifieke locatievoorkeuren.

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

Figuur 2: Balans tussen leidende principes en andere belangen en overwegingen

12

Naast de leidende principes zijn er nog drie andere dimensies waar rekening mee gehouden dient te worden in het beleid.  Grofmazig versus fijnmazig: te veel versnippering (fijnmazigheid) kan leiden tot slecht functionerend aanbod, omdat het agglomeratie effect ontbreekt. Ook kan het negatieve effecten (leegstand) veroorzaken in concentratiegebieden. Te veel concentratie (grofmazigheid) kan leiden tot meer reistijd voor consumenten en mogelijk meer autogebruik. Dat kan de leefbaarheid onder druk zetten, even

als ambities om te fiets en te voet te stimuleren. Algemeen versus individueel belang: het beleid stuurt op het algemeen belang van de consumentenverzorging en de voorzieningenstructuur. Dit is ook de taak van de overheid. Echter dient ook rekening gehouden te worden met de economische haalbaarheid vanuit het perspectief van ondernemers (individueel belang). De visie wordt immers voor een belangrijk deel ingevuld door marktpartijen, zoals ondernemers. Het algemeen belang zit ook in het bewaken van goed economisch functioneren van andere (bijvoorbeeld kleinere) ondernemers en daarmee de leefbaarheid en voorkomen

van (onaanvaardbare) leegstand. Huidige versus toekomstige situatie: dit beleid schetst de wensen en ambities voor de toekomst (2030). Dit matcht niet altijd met de huidige situatie. Dit betekent transformatie- en herontwikkelingsopgaven, maar soms ook het programmeren van nieuwe ontwikkelingen. Er is echter geen sprake van een blanco canvas, waardoor mede in het licht van de haalbaarheid van de uitvoering altijd rekening gehouden moet worden met de feitelijke huidige situatie.

3.2

Detailhandelsstructuur

Figuur 3 toont de detailhandelsstructuur, met de verschillende centrumgebieden, binnen de gemeente Roermond. De bestaande structuur blijft in het nieuwe beleid leidend. Aanvullend wordt de locatie ‘Broekhin’ aangewezen als ‘overloopgebied’ voor perifere detailhandelsvestigingen. Figuur 3: Complementaire detailhandelsstructuur gemeente Roermond

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

13

3.3

3.4.2

Ambitie

Compacte centrumgebieden

In verhouding tot het aantal inwoners behoort Roermond tot de top 10

Hoofdambitie: De huidige positie als bovenregionale en internatio-

grootste retailgemeenten van Nederland. Roermond is met circa 3.400

nale koopstad wordt verder versterkt. Roermond blijft toonaange-

m² wvo per 1.000 inwoners zelfs de grootste retailgemeente van Lim-

vend op het gebied van detailhandel, beschikt over een sterke

Beleidsdoel: de gemeente Roermond streeft naar compacte cen-

burg. De combinatie van een historische binnenstad, een Designer Out-

structuur met winkelgebieden die elkaar aanvullen en die invulling

tra. Dit betekent dat winkels zoveel mogelijk aaneengesloten geves-

let, een Retailpark, een Huis- en Tuinboulevard, een Woonboulevard, di-

geven aan de behoeften van de eigen inwoner, de bovenregionale

tigd zijn. Onderbrekingen in de plint met niet-publieksfuncties zijn

verse buurt- en wijkcentra én overige winkellocaties is uniek in Neder-

en internationale bezoeker. Om deze positie te versterken zet Roer-

niet gewenst. Een ‘gatenkaas-structuur’ moet worden voorkomen.

land. Er is geen enkele andere gemeente in Nederland met een sterk en

mond primair in op het in kwalitatieve zin versterken van de winkel-

aantrekkelijk winkelaanbod in alle sectoren van detailhandel, namelijk

gebieden. Daarnaast is ook kwantitatieve uitbreiding onder voor-

voor de dagelijkse boodschappen, recreatief én doelgericht winkelen.

waarden mogelijk, ten gunste van nóg meer diversiteit en keuzemo-

Het bovengemiddelde winkelaanbod kan in Roermond functioneren van-

gelijkheden in het winkelaanbod.

wege de bovenregionale en zelfs internationale aantrekkingskracht. De

Toelichting Met compacte centra wordt een aaneengesloten ‘open’ plint aan publieksvoorzieningen bedoeld, zonder ‘gesloten’ onderbrekingen. Winkels dienen in elkaars nabijheid te liggen om combinatiebezoek te bevorde-

winkels zijn een belangrijke drager voor de regionale economie, de toe-

3.4

ristische sector en de werkgelegenheid. Ook voor de eigen inwoners

Algemene beleidsdoelen

In deze paragraaf is de hoofdambitie uitgewerkt in algemene beleids-

Functies die veel synergie met elkaar hebben dienen zoveel mogelijk

heeft de detailhandel een belangrijke betekenis. Het zorgt er voor dat je

doelen. Dit zijn als het ware de uitgangspunten waar nieuwe detailhan-

geclusterd te worden. Denk aan supermarkten met dagelijkse speciaal-

alles wat je nodig hebt in je eigen wijk of woonomgeving kunt kopen. Dit

delsinitiatieven aan moeten voldoen.

zaken in de directe omgeving. Of verschillende modewinkels naast el-

is positief voor de leefbaarheid en maakt Roermond een aantrekkelijke woongemeente.

ren. Korte loopafstanden en goede zichtrelaties dragen hier aan bij.

kaar, gecombineerd met horeca met terrasfunctie. Tegelijkertijd neemt 3.4.1

Concentratie van detailhandel in de centra

de functiemix toe. Minder winkels, meer horeca en diensten. Functiemening is wenselijk, mits dit past bij het profiel en de functie van het ge-

De gemeente Roermond beschikt over een heldere en evenwichtige detailhandelsstructuur. De verschillende winkelgebieden functioneren over-

Beleidsdoel: nieuwe detailhandelsinitiatieven vinden plaats in of

wegend goed en zijn in hoge mate aanvullend aan elkaar. De dagelijkse

aansluitend aan winkelgebieden die behoren tot de hoofddetailhan-

detailhandel heeft een belangrijke functie voor de eigen inwoner. Het

delsstructuur (zie figuur 3). De bestaande structuur vormt het uit-

zeer uitgebreide en gevarieerde niet-dagelijkse winkelaanbod heeft na-

gangspunt voor de toekomstige structuur.

drukkelijk een bovenregionale en internationale functie. Daarmee is uit-

stad meer wenselijk dan in de hoofdwinkelstraten of in boodschappencentra. In de gebieden waar publieksfuncties dominant zijn wordt terughoudend omgegaan met transformatie van bijvoorbeeld winkels naar woningen op de begane grond. Nogmaals, een ‘gatenkaas-structuur’ met ‘gesloten’ functies op de begane grond moet voorkomen worden in

stekend invulling gegeven aan de ambitie zoals geformuleerd in het de-

Toelichting

tailhandelsbeleid van 2015, namelijk toonaangevend zijn op het gebied

Blijven kiezen voor concentratie van winkels is belangrijk om combina-

van detailhandel, beschikken over een sterke en evenwichtige structuur

tiebezoek te stimuleren. Hierdoor kunnen ondernemers meer van el-

en versterken van Roermond als bovenregionale koopstad. Voor de ko-

kaars aantrekkingskracht profiteren en ontstaat voor de consument ge-

mende jaren wil Roermond de sterke retailfunctie nog verder versterken,

mak en efficiëntie. Uiteraard blijft maatwerk mogelijk voor specifieke si-

ten gunste van een nóg betere consumentenverzorging, leefbaarheid,

tuaties of specifieke gevallen. Dit is uitgewerkt in paragraaf 4.1.4.

economie, meer werkgelegenheid en sterkere toerisme sector.

bied. Zo is functiemenging in de randen/aanloopstraten van de binnen-

gebieden die moeten bruisen. 3.4.3

Complete centrumgebieden

Beleidsdoel: de gemeente Roermond streeft naar complete centra, met aanbod passend binnen het profiel en de verzorgingsfunctie van het betreffende centrum.

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

14

Toelichting Het doel van de gemeente Roermond is om het winkelaanbod en de kwaliteit van elk type winkelgebied zo compleet mogelijk te maken. Uiteraard binnen de functie die het centrum heeft in de structuur. Dit kan betrekking hebben op meer diversiteit in aanbod door uitbreiding in kwantitatieve zin, maar ook door het moderniseren van bestaand aanbod om beter te kunnen inspelen op nieuwe trends en ontwikkelingen. Ook het verbeteren van de kwalitatieve randvoorwaarden is in diverse winkelgebieden nodig. Denk aan investeren in aantrekkelijke en groene openbare ruimte, goede bereikbaarheid en parkeren, goede samenwerking en aantrekkelijk gevelbeeld. 3.4.4

Saneren ongewenste plancapaciteit

Beleidsdoel: de gemeente Roermond streeft naar het terugdringen van ongewenste plancapaciteit voor detailhandel op solitaire locaties buiten de hoofdstructuur.

Toelichting Kiezen voor concentratie van winkels in winkelgebieden, betekent terughoudend omgaan met nieuwe solitaire vestigingen. Uitbreiding op solitaire locaties is in principe niet gewenst, maar op basis van maatwerk zijn er mogelijkheden (zie paragraaf 4.1.4). Potentiële structuur verstorende locaties met onbenutte plancapaciteit worden in juridisch-planologische zin gesaneerd. Dit is niet alleen belangrijk om negatieve structuureffecten te voorkomen, maar ook om het economisch functioneren van winkels ín de winkelgebieden sterk te houden. Bovendien zorgt het saneren van plancapaciteit op ongewenste plekken voor meer economische uitbreidingsmogelijkheden binnen of aansluitend aan de winkelgebieden waar uitbreiding wél wenselijk is. Kortom, krimpen om te kunnen groeien.

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

15

4

Beleidsdoelen per sector en thema

In dit hoofdstuk is zijn de belangrijkste beleidsdoelen voor de detailhandel naar sector en thema opgenomen. Dus voor de dagelijkse voorzieningenstructuur, de recreatieve winkelstructuur, de perifere (doelgerichte) detailhandelsstructuur en overige vormen van detailhandel.

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

16

4.1

Specifieke beleidsdoelen

Toelichting

In deze paragraaf is de hoofdambitie uitgewerkt in specifieke beleids-

In 2024 is het beleid voor de dagelijkse voorzieningen herijkt. De volle-

doelen. Dit zijn de uitgangspunten voor de specifieke sectoren in de de-

dige herziening staat in het rapport ‘Roermond, Visie dagelijkse voorzie-

tailhandel en thema’s.

ningenstructuur’. De beleidsdoelen uit dit beleid zijn puntsgewijs samen-

4.1.3

Beleidsdoel: de gemeente Roermond faciliteert de verkoop van detailhandel in ‘volumineuze goederen’ (ook wel PDV genoemd) op

gevat in het voorgaande kader. In het betreffende rapport is ook het be4.1.1

Versterken dagelijkse voorzieningenstructuur

de plekken waar dit nu ook al mogelijk is: het Retailpark, de Huis &

leid per winkelgebied beschreven, met daarbij een concrete ontwikke-

Tuinboulevard, de Woonboulevard én aanvullend bedrijventerrein

lingsrichting. Beleidsdoelen 

De gemeente blijft streven naar concentratie van supermarkten

4.1.2

Versterken perifere detailhandelsstructuur

Broekhin. Het Retailpark is en blijft de enige locatie waar tevens ‘grootschalige detailhandel’ in ‘niet-volumineuze’ goederen (ook wel

Versterken recreatieve winkelstructuur

GDV genoemd) mogelijk is.

en ander dagelijks voorzieningenaanbod in buurt-, wijk- en

dorpscentra. Ook de binnenstad heeft een functie voor bood-

Beleidsdoelen

schappen doen, met mogelijkheden voor nieuwe initiatieven.

Een toekomstbestendige binnenstad bestaat uit veel meer fa-

De gemeente staat nieuwe supermarkten of andere nieuwe vor-

cetten dan alleen retail. Er ontstaat nieuwe dynamiek en ener-

men van dagelijkse voorzieningen op perifere concentraties, zo-

gie door deze uit te breiden met de creatieve-, de toeristische-

als het Retailpark en de Huis- en Tuinboulevard niet langer toe.

en de culturele sector en wonen. Digitalisering, circulair onder-

Ook uitbreiding van bestaande supermarkten is op deze loca-

nemen, mobiliteit, klimaatadaptief bouwen en vergroening bie-

ties niet gewenst.

den voor de binnenstad kansen. Het Designer Outlet is een uniek en onderscheidend winkelge-

De gemeente kiest voor concentratie in winkelgebieden. Er wordt terughoudend omgegaan met solitaire supermarkten.

bied met een enorme regionale en internationale aantrekkings-

Voor kleinschalige initiatieven blijft ruimte voor maatwerk.

kracht. Het is van belang om de unieke positie van het Designer

De gemeente staat positief tegenover innovatie en vernieuwing.

Outlet ook de komende jaren te behouden.

Dit is noodzakelijk om relevant te blijven. Er zit wel een grens aan kwantitatieve groei aan meters. Vernieuwing en innovatie

Het is belangrijk om een onderscheid te maken tussen perifere (PDV) en grootschalige (GDV) detailhandel. Beide vormen van detailhandel kunnen niet op één hoop worden gegooid. Juridisch en beleidsmatig is sprake van een essentieel verschil, namelijk:  Perifere detailhandel (PDV) is complementair aan reguliere centra vanwege de aard en omvang van het assortiment (volumineus). De 

branchering is in deze categorie leidend. Grootschalige detailhandel (GDV) is uitsluitend complementair aan reguliere centra vanwege de omvang van de winkelruimte. De (minimale) maatvoering van de winkel is in deze categorie leidend.

Toelichting

PDV: verruiming branchering, verlaging minimale maatvoering

In 2023 is het Gebiedsprofiel Binnenstad vastgesteld. Hiermee is

Op dit moment geldt beleidsmatig een minimale maat van 1.000 m 2 bvo

een ontwikkelrichting bepaald voor het centrum.

voor PDV. In sommige perifere concentraties zijn niet alle PDV-bran-

Het Designer Outlet is in de huidige vorm een unieke trekpleister

ches toegestaan. In het kader van de Dienstenrichtlijn en om vastgoed-

ren van (harde) plancapaciteit van supermarkten op onge-

voor Roermond, met een enorme regionale en internationale aan-

eigenaren en ondernemers meer ruimte te geven om zelf keuzes te ma-

wenste, onbenutte en potentieel structuur verstorende locaties,

trekkingskracht. Het toekomstperspectief moet nader bepaald wor-

ken verruimen we de branchering van enkele perifere concentraties bin-

zoals op bedrijventerreinen of andere solitaire plekken.

den. Daarbij moet, zoals ook in hoofdstukken 2 en 5 aangegeven,

nen de PDV-branches (zie kader) én wordt de minimale maat voor PDV

een integrale afweging plaatsvinden. Zie hoofdstuk 5 voor meer toe-

verlaagd van 1.000 m2 bvo naar 500 m2 bvo voor PDV.

moeten vooral in kwalitatieve zin bereikt worden. Binnen de buurt-, wijk- en dorpscentra krijgen ondernemers in de dagelijkse sector volop ruimte. Hetzelfde geldt voor de binnenstad. 

Toelichting

De gemeente Roermond gaat actief aan de slag met het sane-

lichting.

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

17

Branches perifere detailhandel (PDV) 

Detailhandel in auto’s, motoren, boten, caravans en tenten (beide laatste in combinatie met kampeerartikelen);

Detailhandel in automaterialen (in relatie met inbouw);

Detailhandel in meubels, keukens, badkamers, sanitair, tegels;

Bouwmarkten en andere allround doe-het-zelf zaken;

Tuincentra (inclusief dierenbenodigdheden en –voeding en

Een andere reden voor de keuze is de Dienstenrichtlijn. Beperkingen in

GDV: verruiming branchering, minimale maatvoering onveranderd

maatvoering en branchering moeten een algemeen belang dienen, moe-

GDV (grootschalige detailhandel) is wezenlijk anders dan PDV. Dit aan-

ten coherent en systematisch worden toegepast én moeten effectief zijn

bod is niet complementair vanwege de aard en omvang van de artike-

om de algemene doelen te dienen. In dit kader geldt het volgende.

len, maar door de omvang van de winkelruimte. Om complementariteit

Het verlagen van de minimale maat van 1.000 m² bvo naar 500 m2

met de binnenstad en de wijk- en buurtcentra te waarborgen is het

bvo is proportioneel in het kader van de Dienstenrichtlijn. Het volle-

noodzakelijk om een (hogere) minimale maatvoering per vestiging te

dig afschaffen van de huidige minimale maat voor PDV is in dit ka-

hanteren. De minimale maatvoering van 1.000 m² bvo blijft gehand-

der overwogen, maar dit gaat een stap te ver. Er zijn immers ook di-

haafd. Bovendien moet, gezien de overlap met reguliere winkelgebie-

verse kleine winkels in de perifere branches gevestigd in de binnen-

den, voorkomen worden dat dit type winkelaanbod te veel wordt. Dit kan

stad en buurt- en wijkcentra. Tegelijkertijd is sprake van de trend

niet alleen leegstandseffecten hebben in Roermond, maar ook in de re-

schaalverkleining. Perifere winkels tussen 500 m 2 bvo en 1.000 m2

gio. Om die reden is vestiging van GDV uitsluitend toegestaan op het

bvo vallen momenteel vaak tussen wal en schip vallen. Ze zijn te

Retailpark. Op basis van landelijke trends en de Dienstenrichtlijn is ge-

groot voor een geschikte plek in de reguliere winkelgebieden, maar

analyseerd in welke mate verruiming in branchering verantwoord is. Ge-

te klein voor een perifere winkelconcentratie. Om tegemoet te ko-

kozen is om een bepaalde mate van verruiming toe te staan. In hoofd-

men aan deze trend, maar toch enige complementariteit te borgen

stuk 5 is dit nader toegelicht.

woondecoratie); 

Detailhandel in (zeer) volumineuze artikelen zoals zonwering, tuinhuisjes, buitenspeeltoestellen, zwembaden, tuinbeelden, haarden en kachels, grafzerken, (paarden)trailers, aanhangwagens, etc.;

Brand- en explosiegevaarlijke stoffen, grove bouwmaterialen, landbouwwerktuigen.

met de reguliere centra is verlaging van de minimale maat voor PDV naar 500 m2 bvo daardoor verantwoord.

Branches grootschalige detailhandel (GDV)

Vestiging van PDV wordt mogelijk op alle aangewezen perifere con-

Detailhandel in huishoudelijke artikelen;

winkelgebieden. Ze komen daar daarom ook nauwelijks voor. Om die re-

centraties (zie hoofdstuk 5). Er wordt aansluiting gezocht bij de mo-

Detailhandel in sport- en speelgoedartikelen;

den is verdere brancheverruiming en een verlaging van de maatvoering

gelijkheden voor PDV zoals opgenomen in het regionaal beleidska-

Detailhandel in hobbyartikelen;

met betrekking tot PDV verantwoord. Het heeft geen negatief effect op

der voor werklocaties (zie onderstaand kader). Dit betekent een ver-

Detailhandel in bruin- en witgoed;

de binnenstad en de buurt- en wijkcentra.

ruiming van de mogelijkheden voor PDV: van specifieke branche- of

Detailhandel in rijwielen;

artikelgroepen per locatie, naar PDV in generieke zin. Detailhandel

Detailhandel in dierenartikelen en voeders (dibevo);

PDV: waarom deze verruiming in branchering en maatvoering? Winkels in de perifere branches zijn niet goed inpasbaar in reguliere

Roermond wil bovendien de regionale en internationale positie als retail-

in auto’s en automaterialen vormt hierop een uitzondering. Deze

stad behouden en versterken. Dit betekent dat onnodige beperkingen

sector blijft uitgesloten, omdat deze geclusterd wordt op bedrijven-

met betrekking tot branchering en maatvoering afgeschaft moeten wor-

terreinen Broekhin en Merum.

GDV: waarom deze verruiming in branchering?

den ten gunste van ondernemerschap. Dit past in het bredere progres-

Voor de vestiging van GDV op het Retailpark zijn branches toegestaan

sieve en liberale beleid van de gemeente Roermond dat ruimte biedt

zoals bruin- en witgoed, sport, rijwielen en huishoudelijk. Onder strijdig

voor ondernemerschap, innovatie en vernieuwing.

gebruik wordt in ieder geval verstaand nieuwe dagelijkse winkels, persoonlijke verzorging, kleding, schoenen, warenhuizen, sieraden en optiekzaken. In hoofdstuk 5 is dit genuanceerd. In ondergeschikte vorm zijn bijvoorbeeld kleding en levensmiddelen toegestaan. Denk aan de stroopwafels en werkkleding bij een bouwmarkt.

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

18

Voor GDV blijft een minimale maatvoering gelden van 1.000 m 2 bvo.

alles zomaar toe te staan. Terughoudendheid is belangrijk, ook om te

Dit afwegingskader is bedoeld als handvat voor maatwerk. Afwegingska-

Verlaging van de minimale maatvoering is overwogen, maar de conclu-

voorkomen dat bedrijventerreinen te veel verkleuren met detailhandel.

ders zijn geen (juridische) basis voor initiatiefnemers om een ontwikke-

sie is dat dit de reguliere centrumgebieden te veel kan raken. Bovendien

Dit is onwenselijk, omdat juist ook behoefte is aan ruimte voor bedrijven.

ling af te dwingen/mogelijk te maken. Bijvoorbeeld door te beroepen op

is het ook niet noodzakelijk en gewenst vanuit ondernemers en vast-

Maatwerkgevallen worden getoetst aan onderstaand afwegingskader.

het feit dat voldaan wordt aan één of meerdere voorwaarden.

goedeigenaren van het Retailpark. De hoge minimale maatvoering blijft van belang om de complementariteit met de binnenstad te waarborgen. Een andere vraag die gesteld kan worden is waarom GDV alleen moge-

4.1.5

Detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit

Afwegingskader maatwerk – specifieke initiatieven Indien een initiatief voldoet aan meerdere van de onderstaande criteria zou maatwerk verleend kunnen worden. Uitgangspunt is dat aangetoond moet

Beleidsdoel: Detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit bij be-

worden dat het initiatief voorziet in een behoefte en dat de ruimtelijk-functi-

ties, zoals de Huis- en Tuinboulevard en de Woonboulevard. De reden

drijven buiten de hoofdstructuur blijft mogelijk, maar onder voor-

onele effecten op de hoofddetailhandelsstructuur, de consumentenverzor-

is omdat het anders te veel wordt. Zoveel marktruimte is er niet. Te veel

waarden. Er geldt een maximum van 10% van het vloeroppervlak.

ging en de leegstand aanvaardbaar zijn. Dit conform de eisen van de Lad-

GDV in de periferie, betekent minder regulier niet-dagelijks winkelaan-

der voor duurzame verstedelijking.

bod in de reguliere centra. Vanwege de bovenregionale verzorgingsge-

lijk blijft voor het Retailpark en niet voor de andere perifere concentra-

bieden, betekent dat niet alleen effecten op de reguliere centra in Roermond, maar ook in de regio. Dit is niet verantwoord in het kader van on-

aanvaardbare potentiele leegstandseffecten in de regio. 4.1.4

Maatwerk blijft mogelijk

teit bij andere bedrijfsactiviteiten, waar bedrijfsactiviteiten de hoofdactivi-

gericht maatwerk.

teit is. Denk aan een groothandel met een consumentenbalie en kassa

Het betreft een zeer grootschalige winkel die niet inpasbaar is in bestaande concentratiegebieden.

Voor sommige winkels (met detailhandel als hoofdactiviteit) geldt dat so-

sauna’s/zwembaden, tegelhandel, etc. Maar bijvoorbeeld ook een klein-

ducten aan consumenten) soms plaats als ondergeschikte nevenactivi-

viteiten, zoals bijvoorbeeld reparatie, renovatie, op maat maken, klant-

Een deel van het bedrijf betreft opslag voor productieactiviteiten.

drijven in kachels/haarden, bedrijven in tuinhuisjes, bedrijven in

Van oudsher vindt detailhandel (de bedrijfsmatige verkoop van pro-

Een deel van het concept betreft naast detailhandel ook productieacti-

litaire vestiging gewenst kan zijn. Voorbeelden zijn zadelmakerijen, be-

neuze en doelgerichte artikelen.

Levering is voor een groot deel business-to-business.

(binnen of buiten de hoofdwinkelstructuur) mogelijk.

Toelichting

Toelichting

Beleidsdoel: Voor specifieke vormen van detailhandel en onder bepaalde voorwaarden blijft vestiging op een afwijkende locaties

De detailhandelscomponent betreft verkoop in laagfrequente, volumi-

Het betreft een kleinschalig winkelconcept dat positieve invloed heeft

of een hoveniersbedrijf dat ook klanten ontvangt en tegels verkoopt. De vraag die zich daarbij vaak voordoet is in hoeverre de detailhandelsactiviteit ondergeschikt is en/of deze noodzakelijk en/of gebruikelijk is voor de hoofdactiviteit. Evenals bij internetverkoop zijn voor het detailhan-

op de leefbaarheid in de directe omgeving.

delsbeleid en de planologische vertaling in het omgevingsplan vooral de

Het totale bedrijfsconcept (mix) is niet geschikt en/of inpasbaar voor/in

ruimtelijke effecten (beoogde detailhandelsstructuur, verkeer) en ver-

de winkelgebieden op basis van de aard, omvang en samenstelling.

schijningsvorm (ruimtegebruik, uitstraling) relevant. Hiervan is vooral

Vanwege het aanbod/de producten kan de detailhandelformule niet

sprake indien verkoop plaatsvindt vanuit of in combinatie met een fy-

duidelijk worden aangemerkt als PDV of GDV.

sieke uitstalruimte die gericht is op en/of toegankelijk is voor consumen-

De aard van de winkel past bij de parkeer- en bereikbaarheidssituatie

ten (een winkelruimte). In dit licht wordt detailhandel als ondergeschikte

van de betreffende locatie.

nevenactiviteit buiten een pand met een winkelbestemming slechts zeer beperkt toegestaan, namelijk tot maximaal 10% van het vloeroppervlak.

schalige bakker op de hoek met meerwaarde voor de omgeving. In uitzonderlijke gevallen kunnen dergelijke winkels, mits passend binnen gestelde randvoorwaarden, zich daarom vestigen op afwijkende locaties (binnen of buiten) de hoofdstructuur. Maatwerk is echter geen reden om

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

19

4.1.6

Mogelijkheden voor nevenassortimenten

Beleidsdoel: Regels omtrent nevenassortiment bij winkels in de periferie worden geuniformeerd én aangescherpt om de complementariteit met de reguliere winkelgebieden te versterken en cohe-

buurt- en wijkcentra, ten gunste van de complementariteit. Branchever-

Toelichting

vaging binnen de juridische brancheringsruimte is toegestaan. Dit wordt

Trafficlocaties zijn locaties waar veel vervoersstromen en dus mensen

ook wel blurring of blending genoemd (zie paragraaf 4.1.9).

samenkomen. Denk aan stations, ziekenhuizen, tankstations en mobiliteitshubs. Detailhandel op dergelijke locaties is mogelijk onder voor-

4.1.7

Kringloop- en tweedehandswinkels

waarden. De aard en omvang van deze detailhandel moeten passen bij de functie van de locatie en het gebied en is ondergeschikt aan de

rent en systematisch te handelen in het kader van de Dienstenrichtlijn. Uitgegaan wordt van maximaal 10% van het winkelverkoop-

Beleidsdoel: de gemeente Roermond wil kringloop- en tweede-

vloeroppervlak, uiteraard rekening houdend met strijdig gebruik in

handswinkels stimuleren, omdat deze voorzien in de behoefte van

het geval van brancheringsbeperkingen.

inwoners en bijdragen aan de werkgelegenheid voor inwoners met een arbeidsachterstand. Wel gelden bepaalde voorwaarden.

hoofdactiviteit. De detailhandel dient dus hoofdzakelijk gericht te zijn op reizigers, forensen of werknemers op de locatie. Een kleinschalige gemakswinkel is op dit soort plekken toegestaan tot maximaal 250 m² wvo. Het vestigen van bezorg- en afhaalpunten op deze locaties is ook denkbaar. Voor trafficlocaties geldt dat vanwege de diversiteit in verschijningsvorm elk initiatief afzonderlijk beoordeeld wordt.

Toelichting Veel winkels in de periferie zijn juridisch-planologisch beperkt in bran-

Toelichting

chering om de complementariteit met de reguliere winkelgebieden te

Kringloop- en tweedehandswinkels zijn populair. De circulaire economie

borgen. Veelal zijn er specifieke regels opgenomen in het omgevings-

draait volop. Deze winkels voorzien in de behoefte voor mensen met

plan die een bepaalde mate van nevenassortiment toestaan. Voor

een kleinere portemonnee, maar spelen ook in op trends rondom duur-

nieuwe initiatieven moeten regels worden aangescherpt en worden ge-

zaamheid en verantwoord kopen. Bovendien levert het vaak werkgele-

uniformeerd in het kader van complementariteit en coherent en syste-

genheid op voor mensen met een zwakkere sociaal-maatschappelijke

matisch handelen (in het kader van de Dienstenrichtlijn).

positie. Het is belangrijk dit soort winkels in Roermond te blijven facilite-

Het nevenassortiment ligt in het verlengde van het hoofdassortiment

ren. Kleine tweedehandswinkels, bijvoorbeeld op het gebied van kle-

en het bezoekmotief.

ding, zijn prima inpasbaar in de binnenstad of buurt- en wijkcentra. De

Het nevenassortiment wordt beperkt tot maximaal 10% van het win-

grootschalige kringloopwinkels zijn niet goed inpasbaar in de reguliere

kelverkoopvloeroppervlak van de winkel.

centra, waardoor voor deze winkels maatwerk verleend kan worden bui-

Toelichting

Artikelen die dominant voorkomen in de sectoren dagelijks en recre-

ten de hoofdstructuur.

Met blurring wordt de vermenging van detailhandels- en horeca activitei-

 

atief winkelen worden volledig uitgesloten. Denk aan levensmiddelen, artikelen op het gebied van persoonlijke verzorging, (modische)

Blurring en blending

Beleidsdoel: binnen de concentraties van de hoofdwinkelstructuur willen we blending optimaal stimuleren. Blurring is binnen de hoofdwinkelstructuur toegestaan conform de wettelijke eisen die zijn gesteld in de Alcoholwet. Verruiming van de mogelijkheden is goed voor het ondernemerschap, de uniciteit en de leefbaarheid.

ten in één pand bedoeld. Blending is nog breder gedefinieerd en bevat 4.1.8

Trafficlocaties en tankstations

kleding en schoenen2, sieraden, speelgoed en media.

ook vermenging met diensten, workshops, evenementen en andere publieksactiviteiten. Om winkelgebieden aantrekkelijker en toekomstbe-

Winkels in de reguliere winkelgebieden hebben meer juridische bran-

Beleidsdoel: Kleinschalige detailhandel op trafficlocaties en

cheringsruimte dan winkels in de periferie. De strenge eisen voor neven-

tankstations is mogelijk. Om de kleinschaligheid te borgen geldt een

assortimenten gelden dus vooral op locaties buiten de binnenstad en

maximale maat van 250 m² wvo per vestiging.

2

4.1.9

stendiger te maken is blurring én blending een kans. Denk aan een koffiecorner in een boekenwinkel, een lunchroom in een woonwinkel of workshops en bedrijfsuitjes bij een bakkerij. Vermengen van activiteiten kan bijdragen aan beter economisch functioneren en innovatie, maar

Kleding en schoenen bijvoorbeeld gericht op bouwen bij de bouwmarkt is wel toegestaan als onderdeel van het hoofdassortiment.

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

20

zorgt ook voor meer reuring op verschillende momenten. Het is een

4.1.12

Ambulante handel

vorm van efficiënter en multifunctioneler ruimtegebruik. Het schenken van alcohol blijft automatisch uitgesloten en is vergunning plichtig. De alcoholwet is hierin leidend. 4.1.10

Beleid voor afhalen

ze bij aan beleving en verblijfskwaliteit van het gebied. Bovendien wordt hiermee ingezet op clustering en versterking van de bestaande struc-

Beleidsdoel: in 2024 is het nieuwe beleid voor zowel warenmarkten als standplaatsen vastgesteld. Daarmee beschikt Roermond over zeer recent beleid voor warenmarkten en standsplaatsen.

tuur. Uitgangspunt is leisure met een minimale omvang van 1.000 m 2 bvo. Net als bij detailhandel geldt ook hier het uitgangspunt van complementariteit. De focus ligt op de binnenstad. Voor grootschalige vormen van leisure die niet mogelijk zijn in de binnenstad, biedt clustering binnen de ‘Stadsrandzone Noord’ wél de mogelijkheid.

Beleidsdoel: de gemeente Roermond streeft naar concentratie van afhaalpunten (met en zonder showroom) in centrumgebieden.

Toelichting Voor het beleid ten aanzien van warenmarkten en standplaatsen wordt verwezen naar de ‘Marktverordening gemeente Roermond 2024’ en de ‘Beleidsnotitie standplaatsen gemeente Roermond 2024’.

Toelichting Er worden steeds meer pakketjes of producten afgehaald in de winkel of

4.1.13

Leisure (vrijetijdsvoorzieningen)

bij specifieke pakket afhaalpunten. Dit beleid zet in op concentratie van die afhaalpunten ín centrumgebieden. Verschillende bezorgdiensten, zoals PostNL, DHL, Homer, etc. hebben nu nog vaak eigen afhaalpunten op verschillende locaties. Dit moet meer geconcentreerd worden op één plek, zodat meer duidelijkheid en gemak bij de consument ontstaat. Pakketmuren waar meerdere aanbieders op kunnen aansluiten zijn

Beleidsdoel: de gemeente Roermond wil meer mogelijkheden bieden voor grootschalige vormen van leisure op perifere locaties. Daarbij ligt de focus op concentratie van leisure binnen de ‘Stadsrandzone Noord’

hierop het antwoord. Initiatieven die hier aan bijdragen zijn gewenst. Toelichting 4.1.11

Winkelopeningstijden

Leisure voorzieningen (vrijetijdsvoorzieningen) geven invulling aan een hedendaagse consumentenbehoefte (ontmoeten en beleven). Dergelijke

Beleidsdoel: in 2022 is de nieuwe winkeltijdenverordening van Roermond vastgesteld. Deze is nog altijd van kracht en staat niet ter discussie. De huidige regeling blijft gehandhaafd.

voorzieningen dragen bij aan de functiemix en versterken centrumgebieden. Er kan onderscheid gemaakt worden tussen kleinschalige en grootschalige vormen van leisure. Kleinschalige vormen van leisure zijn uitstekend inpasbaar in de binnenstad van Roermond. Ze versterken de (aantrekkingskracht van) de binnenstad en dragen bij aan de toekomst-

Toelichting

bestendigheid van de binnenstad. Grootschalige vormen van leisure zijn

Voor het beleid ten aanzien van winkeltijden wordt verwezen naar de

doorgaans niet inpasbaar in de binnenstad. Deze zijn kansrijk voor vesti-

‘Verordening winkeltijden Roermond 2022’.

ging op perifere locaties die onderdeel zijn van de ‘Stadsrandzone Noord’. Leisurefuncties vinden steeds vaker hun weg op perifere concentraties. Daar zorgen ze ook voor reuring in de avonduren en dragen

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

21

5

Beleid per gebied

In dit hoofdstuk zijn de beleidskeuzes per winkelgebied samengevat: binnenstad, het Designer Outlet , de buurt- en wijkcentra en de perifere locaties. Het beleid voor de binnenstad en de boodschappenstructuur zijn in een eerder stadium visies opgesteld. Dit beleid is overgenomen. Het beleidsperspectief bepaalt de ontwikkelingsrichting: versterken, behouden of anders.

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

22

5.1

Inleiding

Per winkelgebied is de ontwikkelrichting geschetst, onder te verdelen in:  Versterken: ruimte voor kwantitatieve en kwalitatieve uitbreiding van het voorzieningenniveau binnen of aansluitend aan de be

staande contour van het concentratiegebied. Behouden: ruimte voor kwalitatieve vernieuwing in het kader van meegaan met de dynamiek in de markt, trends en noodzakelijke modernisering. Modernisering vindt plaats binnen of aansluitend aan

de bestaande contour van het concentratiegebied. Veranderen: ruimte voor afbouw van het aanbod, functieverandering/ transformatie en/of verplaatsing. Uitbreiding van winkelaanbod binnen of aansluitend aan de bestaande contour van het concentratiegebied is niet wenselijk.

5.2

Binnenstad Roermond

Ontwikkelrichting: versterken In de binnenstad wordt ingezet op een sterk en compact kernwinkelgebied en aantrekkelijke aanloopgebieden waar volop sprake is van functiemenging en waar tevens ruimte is voor transformatie naar wonen. Een dynamische stad bevat een rijkdom aan diverse bestemmingen voor bewoners en bezoekers. De functiekaart van de binnenstad toont hoe de functies in de binnenstad verspreid zijn en zich op bepaalde plekken concentreren. Het kernwinkelgebied kenmerkt zich door een concentratie van winkels in de Neerstraat, de Steenweg en de Hamstraat en vormt een verbinding tussen het NS-station en de Markt. De leegstand concentreert zich in de Graaf Gerardstraat, Kloosterwandstraat, maar ook aan de Hamstraat. Het is interessant om te zien dat een aantal aanloopstraten al een mix hebben van woningen en winkels. De Bakkerstraat is daar een goed voorbeeld van. Figuur 4: Ruimtelijke hiërarchie binnenstad Roermond (Bron: Gebiedsprofiel binnenstad Roermond)

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

23

De straten kunnen worden ingedeeld in drie typen: autovrije straten in

Woonstraten: in de woonstraten ligt de nadruk op wonen en wordt

het kernwinkelgebied, gemengde aanloopstraten en rustige woonstraten

de woonfunctie zo veel mogelijk gefaciliteerd (bron: Gebiedsprofiel

in de buurten. Vanwege de huidige leegstandsproblematiek zijn onder-

binnenstad 2023).

nemers en de gemeente op zoek gegaan naar mogelijkheden om het kernwinkelgebied compacter te maken. Hierbij wordt gekeken naar het concentreren van winkels en het mengen van functies. Speerpunten zijn

5.3

Boodschappenstructuur

tevens ‘wonen boven winkels’ en ‘wonen tussen winkels’.

Voor de verschillende dagelijkse voorzieningenclusters is het beleid per winkelgebied uitgewerkt in de visie op de dagelijkse voorzieningenstruc-

Belangrijke opgaven zijn het compacter maken van het kernwinkelge-

tuur (zie Visie dagelijkse voorzieningenstructuur). Samenvattend komt

bied en de aanpak van leegstand. In de aanloopstraten wordt ingezet op

dit neer op de volgende ontwikkelingsrichtingen per winkelgebied (ten

functiemenging. Structurele leegstaand buiten het kernwinkelgebied

aanzien van dagelijkse voorzieningen):  Versterken: Centrum Roermond, Swalmen, Herten, Maasniel

komt in aanmerking voor transformatie, bij voorkeur aangepast naar de woon- of werkfunctie. In het kernwinkelgebied moet wonen boven winkels worden gestimuleerd. De inrichting van de openbare ruimte moet uitnodigen tot bewegen en ontmoeten, afhankelijk van de functie die een

Behouden: Retailpark, Huis- en Tuinboulevard, Donderberg, Kemp-

weg Veranderen: Nassaustraat.

straat heeft. En het herstellen van het gevelbeeld draagt bij aan de aantrekkelijkheid en beleving van het gebied. De binnenstad kan ruimtelijk worden ingedeeld in het kernwinkelgebied, de aanloopstraten en de woonstraten. Voor de verschillende gebieden geldt op hoofdlijnen het volgende:  Kernwinkelgebied: in het kernwinkelgebied ligt de nadruk op de winkelfunctie. Toch is hier ook ruimte andere publieksfuncties zoals ambachten, horeca, maatschappelijke functies, culturele functies en leisure. Uitgangspunt is dat de hoofdfunctie van de straat een win-

5.4

Designer Outlet Roermond

Ontwikkelrichting: nader te bepalen. Het Designer Outlet is in de huidige vorm een unieke trekpleister voor Roermond met een enorme regionale en internationale aantrekkingskracht. Er moet nog een zorgvuldige belangenafweging gemaakt worden.

kelfunctie blijft en dat functies bijdragen aan reuring gedurende winkelopeningstijden. Functies die sterk in de avonduren worden be

zocht, zijn meer geschikt voor de aanloopgebieden. Aanloopstraten: in de aanloopgebieden ligt de nadruk op functiemenging (winkels, horeca, dienstverlening, maatschappelijk, leisure, cultuur, etc.). Er is een aantrekkelijke mix van functies. Functies zijn niet ondergeschikt aan de winkelfunctie. Bij langdurige leegstand is tevens ruimte voor transformatie van publieksfunctie naar wonen.

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

24

5.5

Perifere detailhandel

Retailpark: versterken Het Retailpark is het enige cluster waar zowel PDV én GDV aanwezig is. Kwantitatieve uitbreiding in of aansluitend het Retailpark is mogelijk. Kwalitatieve versterking is gewenst. Om dynamiek te bevorderen worden de mogelijkheden ten aanzien van de branchering en de minimale maatvoering verruimd, zonder daarbij de complementariteit met het centrum van Roermond en wijk- en buurtcentra te verliezen (zie tabel 1). Dit betekent ook dat de beperkingen binnen het winkelgebied gelijk getrokken worden. De verruiming zit vooral in het toestaan van perifere detailhandel. Daarnaast kan verruiming worden gevonden in meer ruimte voor nevenassortiment. Zo zijn er winkels die bijvoorbeeld huishoudelijke artikelen verkopen, maar in beperkte mate ook textiel. Denk aan Wibra. Dergelijke discount winkels hebben qua aanbod steeds meer overlap met winkels als Action. Aangezien de overlap in assortiment redelijk groot is voor dit soort winkels en er al veel branches (en artikelgroepen) zijn toegestaan op het Retailpark, is het logisch dat voor dit soort winkels, mits grootschalig, ruimte ontstaat. Ook de maximale meters per branche zijn niet noodzakelijk. Voor PDV en GDV is de branchering en minimale maat leidend, niet de maximale omvang. Uitbreiding van detailhandel in dagelijkse voorzieningen (levensmiddelen) en modische kleding blijft uitgesloten.

Mogelijkheden voor grootschalige vormen van leisure en vrijetijdsvoorzieningen blijven gehandhaafd, mits niet inpasbaar zijn in het centrum. De exploitant van het terrein is verantwoordelijk voor versterking van ruimtelijk randvoorwaarden zoals toegankelijkheid, goede verbinding tussen de verschillende onderdelen van het Retailpark, groen en ontmoetingsplekken. Behoud van een goede bereikbaarheid en parkeren verdienen continu aandacht, zeker bij kwantitatieve uitbreiding van het aanbod. De ontsluiting op het wegennet (op- en afrit) vraagt daarbij exFiguur 5: Perifere detailhandelsstructuur.

tra aandacht.

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

25

Tabel 1 toont enerzijds wat er al mogelijk is qua branchering op het Retailpark en anderzijds wat er met het nieuwe beleid wordt toegestaan,

Tabel 1: Beoogde branchering Retailpark

Hoofdgroep

Branche

Reeds mogelijk

Toestaan

Toelichting

PDV / Volumineus

Wonen

Ja

Ja

Reeds toegestaan, mogelijkheid continueren. Minimale maatvoering omlaag 500 m 2 bvo

Doe-het-zelf

Nee

Ja

Mogelijkheden verruimen, minimale maatvoering 500 m2 bvo

Tuin

Nee

Ja

Mogelijkheden verruimen, minimale maatvoering 500 m2 bvo

Auto’s, boten, caravans

Nee

Nee

Concentratiegebieden zijn Broekhin en Merum

Bruin- en witgoed

Ja

Ja

Reeds toegestaan, mogelijkheid continueren, minimale maatvoering 1.000 m2 bvo

Rijwielen

Ja

Ja

Reeds toegestaan, mogelijkheid continueren, minimale maatvoering 1.000 m 2 bvo

Sport en kamperen

Ja

Ja

Reeds toegestaan, mogelijkheid continueren, minimale maatvoering 1.000 m 2 bvo

Dibevo

Ja

Ja

Reeds toegestaan, mogelijkheid continueren, minimale maatvoering 1.000 m 2 bvo

Muziekinstrumenten

Ja

Ja

Reeds toegestaan, mogelijkheid continueren, minimale maatvoering 1.000 m 2 bvo

Kringloopwinkels

Nee

Ja

Mits het assortiment zich niet richt op het aanbod dat strijdig is

Speelgoed

Ja

Ja

Reeds toegestaan, mogelijkheid continueren, minimale maatvoering 1.000 m 2 bvo

Huishoudelijk

Ja

Ja

Reeds toegestaan, mogelijkheid continueren, minimale maatvoering 1.000 m 2 bvo

Warenhuizen

Nee

Nee

Warenhuizen zijn onderdeel van de recreatieve winkelfunctie van de binnenstad

Kleding en mode

Nee

Nee

Warenhuizen zijn onderdeel van de recreatieve winkelfunctie van de binnenstad

Dagelijks

Ja

Alleen bestaand

Dagelijks aanbod hoort thuis in de buurt- en wijkcentra. Bestaand aanbod is toegestaan.

Carnavalsartikelen

Ja

Ja

Reeds toegestaan, mogelijkheid continueren, minimale maatvoering 1.000 m2 bvo. De beperking in tijd is niet nodig om de complementariteit met de reguliere centra te waarborgen

Sportschool

Ja

Ja

Reeds toegestaan, mogelijkheid continueren, minimale maatvoering 1.000 m 2 bvo

Overige leisure

Ja

Ja

Reeds toegestaan, mogelijkheid continueren, minimale maatvoering 1.000 m 2 bvo

Het nieuwe beleid zet nadrukkelijk in op een verruiming van de mogelijkheden (branchering en maatvoering), zonder dat dit ten koste gaat van de complementariteit met de reguliere winkelgebieden. Op de volgende pagina’s is dit ook gedaan voor de Huis- en Tuinboulevard (tabel 2), Broekhin (tabel 3) en de Woonboulevard (tabel 4). GDV / Grootschalig

Leisure

Detailhandelsbeleid Roermond 2025 - 2030

26

Tabel 2: beoogde branchering Huis- en Tuinboulevard

Huis- en Tuinboulevard: versterken

Hoofdgroep

Branche

Mogelijk?

Toestaan?

Toelichting

PDV / Volumineus

Wonen

Ja

Ja

Reeds toegestaan, mogelijkheid continueren. Minimale maatvoering omlaag 500 m 2 bvo

thema ‘In en om Huis’. Kwantitatieve uitbreiding en kwalitatieve verster-

Doe-het-zelf

Ja

Ja

Reeds toegestaan, mogelijkheid continueren. Minimale maatvoering omlaag 500 m 2 bvo

king zijn mogelijk, waarbij wordt ingezet op behoud van het sterke the-

Tuin

Ja

Ja

Reeds toegestaan, mogelijkheid continueren. Minimale maatvoering omlaag 500 m 2 bvo

Auto’s, boten, caravans

Nee

Nee

Concentratiegebieden zijn Broekhin en Merum

Sportschool

Nee

Ja

Komt op vergelijkbare concentraties in Nederland steeds vaker voor. Zorgt ook voor reuring in de avonduren. Minimale maatvoering 1.000 m2 bvo

Overige leisure

Nee

Ja

Komt op vergelijkbare concentraties in Nederland steeds vaker voor. Zorgt ook voor reuring in de avonduren. Minimale maatvoering 1.000 m2 bvo

De Huis- en Tuinboulevard is het voornaamste PDV-cluster binnen het

matische profiel. Om dynamiek te bevorderen worden de mogelijkheden ten aanzien van de branchering en de minimale maatvoering verruimd, zonder daarbij de complementariteit met het centrum van Roermond en wijk- en buurtcentra te verliezen. (zie tabel 2). Er komen tevens moge-

Leisure

lijkheden voor de toevoeging van grootschalige vormen van leisure en vrijetijdsvoorzieningen, die niet inpasbaar zijn in het centrum. De exploitant van het terrein is verantwoordelijk voor versterking van

Tabel 3: beoogde branchering Broekhin

ruimtelijk randvoorwaarden zoals toegankelijkheid en ontmoetingsplek-

Hoofdgroep

Branche

Mogelijk?

Toestaan?

Toelichting

ken. Behoud van een goede bereikbaarheid en parkeren verdienen con-

PDV / Volumineus

Wonen

Ja

Ja

Reeds toegestaan, mogelijkheid continueren. Minimale maatvoering omlaag 500 m 2 bvo

Doe-het-zelf

Nee

Ja

Mogelijkheden verruimen, minimale maatvoering 500 m2 bvo

Tuin

Nee

Ja

Mogelijkheden verruimen, minimale maatvoering 500 m2 bvo

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=b78a4076-2383-43f3-a823-789cdafdfc3d