Bijlage_1_-_Collegevoorstel_Voorstel_ontwerp_uitgangspunten_herinrichting_Stationsplein_17.12.2024[1]
Tekst van het document
In voorbereiding op het opstellen van deze projectopdracht zijn binnen de eigen organisatie verkennende gesprekken gevoerd over het Stationsplein met de beoogde leden voor de projectgroep en specialisten vanuit beleid en
Aandachtspunten voor het ontwerp (bovengronds): versterken cultuurhistorisch erfgoed, management passantenstromen, toegankelijkheid openbare ruimte voor mensen met een fysieke beperking, plekken voor ontmoeten of wachtende reizigers, stimuleren van bewegen, spelen en sporten, (veiligheids)eisen evenemententerrein, bebording en bewegwijzering, transformatiehuisjes en evenementenkasten in de openbare ruimte, openbare verlichting, cameratoezicht, eisen weginrichting voor hulpdiensten, faciliteiten voor winterterrassen (stroompunten verlichting en terrasverwarming), locatie voor een pinautomaat, aandacht voor afvalinzameling, vervuild hemelwater en verstopte riolering na evenementen.
Aandachtspunten voor het ontwerp (ondergronds): hoge archeologische verwachting, vervangen of renoveren van bestaande metselwerkriolering, aanleg ondergrondse infiltratievoorziening, energietransitie, innovaties toepassen voor het gescheiden houden van kabels, leidingen en boomwortels en alle ongeroerde grond is verdacht op niet gesprongen explosieven (NGE).
Op twee plekken in de directe omgeving van het Stationsplein zijn al herinrichtingswerkzaamheden in voorbereiding in de openbare ruimte. Dat is aan de Willem II Singel vanuit het project vergroenen Singelring-oost en aan het Stationsgebied, de omgeving rondom het stationsgebouw. Deze gebieden vallen daarom buiten de scope van voorliggend project Stationsplein. Raakvlakken worden uiteraard goed afgestemd.
Afbeelding 10: plangebied fase 1 omgeving stationsgebouw Naast het vergroenen van de openbare ruimte van de binnenstad bevat het Gebiedsprofiel binnenstad Roermond nog twee andere hoofdlijnen. De tweede hoofdlijn is het herstellen van het gevelbeeld en de derde hoofdlijn is het stimuleren van wonen boven en tussen winkels. Hier worden vanuit het project Stationsplein geen werkzaamheden aan verricht. Wel blijft van kracht dat we de integrale blik op de transformatieopgaven voor de binnenstad behouden. Vanuit het project blijven we op de hoogte van de ontwikkelingen binnen de andere hoofdlijnen. Naar de omgeving toe trekken we samen met interne collega’s op als we in contact met inwoners of ondernemers vragen over de andere hoofdlijnen uit het gebiedsprofiel verwachten.
Wanneer er sprake is van een uniek en concreet resultaat binnen vastgestelde kaders (tijd, budget en kwaliteit) kan projectmatig werken worden toegepast. Voor het project Stationsplein wordt met het vaststellen van de projectopdracht de voorbereidingsfase van dit project opgepakt. Daarmee wordt bedoeld de werkzaamheden die voorafgaand aan de uitvoering van het project worden uitgevoerd. Denk hierbij aan doorlopen van de benodigde vergunningen/procedures, het opstellen van het ontwerp, het participatieproces en het voorbereiden en begeleiden van de benodigde aanbestedingsprocedures voor het begeleiden van de selectie van ontwerpbureau en de aannemer(s) voor de uitvoering van het werk. Eerder werd al duidelijk (zie paragraaf 2.2.) dat de voorbereidingsfase van het project Stationsplein bestaat uit de definitiefase en de ontwerpfase. Iedere projectfase werken we toe naar een kwalitatief helder en goed onderbouwt besluit.
Om tot een ontwerp voor het Stationsplein te komen moeten er nog verschillende keuzes gemaakt worden, waarbij het gebiedsprofiel wordt geïnterpreteerd en verschillend belangen over de gebruiksfuncties van het plein worden afgewogen. Op basis van de huidige gebruiksfuncties van het plein zien wij de volgende variabelen. In de definitiefase kan een afweging gemaakt worden of dit wel of geen afweegbare aspecten zijn voor het project Stationsplein (discussienota college) en, zo ja, welke ontwerpkaders voor het Stationsplein gelden (besluit ontwikkelscenario’s gemeenteraad):
Voordat de uitwerking van het integrale gebiedsontwerp start wordt de gemeenteraad gevraagd deze belangenafweging te maken. In samenwerking met het ontwerpbureau worden in de definitiefase vier toekomstige scenario’s als schetsontwerp voor het Stationsplein opgesteld, inclusief ruimtelijke analyse en kostenraming. Door tot een van deze scenario’s te besluiten stelt de raad richtinggevende kaders voor het project vast.
Functie Singelring
Functie evenementenplein
Functie Stationshub (aanpasbaar ontwerp i.v.m. toekomstplannen Limburg Centraal)
Voorrang doorstroom wegverkeer
Evenementen in huidige vorm (bezoekersaantallen tussen 10.000 en 18.500)
Overstapfaciliteiten aan oostkant
Voorrang kruisende voetgangers en fietser
Evenementen kleinschaliger (bezoekersaantallen tussen 5.000 en 10.00)
Overstapfaciliteiten aan westkant
Evenementen verplaatsen
Als de kaders voor het ontwerp duidelijk zijn kan het ontwikkelscenario dat gekozen is in het ontwerpproces worden uitgewerkt. Dit project wordt ingericht volgens de methode ‘projectmatig creëren’, waarbij we de processtappen (1) goed voorbereiden, (2) goed faseren en (3) goed besluiten rvolgen.
Voor het op te stellen ontwerp worden in samenwerking met beleidsmedewerkers en beheerders ontwerpkaders gemaakt die worden verzameld in een Programma van Eisen. In overleg met het kernteam werken we bijgevoegde planning op hoofdlijnen (zie bijlage 1) nader uit tot een gezamenlijke project-/werkplanning. Daarin plannen we alle stappen van het projectproces en nemen we ook reactieperiodes op om tussenproducten te beoordelen. Doordat we dit met het kernteam doen, ontstaat er ook commitment voor deze planning en kunnen teamleden ook direct beoordelingstermijnen in eigen agenda’s inplannen. In overleg met inkoop stellen we een inkoopstrategie en aanbestedingsleidraad op om een ontwerpbureau te selecteren. Via een meervoudig onderhandse aanbesteding selecteren we een ontwerpbureau wat verantwoordelijk wordt voor het opstellen van ontwerpen in verschillende fasen (schetsontwerp/voorontwerp/definitief) inclusief bijbehorende kostenramingen en het participatieproces.
Voor de benodigde (voor)onderzoeken benaderen we specialistische partijen denk aan bijvoorbeeld landmeetkundig onderzoek, bodem- en wateronderzoek, archeologie, niet gesprongen explosieven en ecologie. Daarbij sluiten we zoveel mogelijk aan bij gebruikelijke werkwijzen van gemeente Roermond.
In de ontwerpfase wordt het inrichtingsontwerp op verschillende momenten vanuit beleid en beheer getoetst (voorlopig ontwerp en definitief ontwerp). In samenwerking met het ontwerpbureau wordt binnen dit iteratieve ontwerpproces een participatieaanpak opgesteld en uitgevoerd. Aan het einde van deze fase wordt het concept ontwerp ter inspraak voorgelegd zodat iedereen het kan bekijken en er desgewenst op kan reageren. Na de inspraak wordt het ontwerp aan het bestuur ter besluit voorgelegd. Het ontwerpproces eindigt met een vastgesteld inrichtingsplan voor de openbare ruimte binnen het projectgebied, dit is het definitieve ontwerp. In elke ontwerpfase laten we een kostenraming opstellen om het ontwerp te kunnen toetsen aan het projectbudget. Parallel hieraan worden de benodigde onderzoeken uitgezet. De resultaten van de onderzoeken worden vertaald in het definitief ontwerp. Benodigde vergunningen worden door ons aangevraagd of vertaald naar contracteisen (wanneer de aannemer voor deze vergunning verantwoordelijk wordt). Daarna wordt de contractvoorbereidingsfase opgestart. Er wordt vooruitgekeken naar de uitvoering en worden eisen en wensen verzameld om het werk te kunnen realiseren. Het vastgestelde definitieve ontwerp wordt omgezet naar een technisch ontwerp (uitvoeringsontwerp). Het
uitvoeringsontwerp vormt samen met de contracteisen en bijlagen het contract. Het kernteam van het project, de beheerders en cruciale stakeholders worden betrokken bij het opstellen van het contract. Denk aan specifieke eisen en wensen ten aanzien van de bereikbaarheid van het centrum of de toegankelijkheid van horeca en station tijdens de uitvoering van de werkzaamheden. Dit contract wordt daarna aanbesteed om een aannemer te selecteren die het werk gaat uitvoeren.
Het definitief ontwerp leggen we met kostenraming ter besluitvorming voor aan de gemeenteraad van Roermond. Tussentijds informeren we de portefeuillehouder en het college van B&W over de verschillende ontwerpstappen en -keuzes. Het aanbestedingsgereed contract inclusief de contractraming leggen we ter goedkeuring samen met de inkoopstrategie voor bij de ambtelijk opdrachtgever, voorafgaand aan start aanbestedingsprocedure.
Bij het doorlopen van de processtappen monitoren we de kwaliteit en voortgang van het project aan de hand van de zeven beheersaspecten van projectmanagement. Deze beheersaspecten en hoe deze in het project worden geborgd, worden hieronder toegelicht:
bijvoorbeeld beheer- en onderhoudsbudgetten of subsidiemogelijkheden. Gedurende de gehele planvoorbereiding houden we het projectbudget, investeringskosten en subsidiekansen nauwlettend in de gaten. Bij elke ontwerpfase maken we een raming en toetsen we aan het budget. In de Kadernota 2024 is de verdere uitwerking en implementatie van de gebiedsprofielen opgenomen. De verdere vertaling hiervan is opgenomen in de begroting 2024, met meerjarenperspectief 2025-2027.
Een haalbaar en betaalbaar plan, is belangrijk in elke fase van het project Stationsplein. In de eerste fase analyseren we de kostenonderbouwing op basis waarvan de gemeenteraad budget heeft gereserveerd. We toetsen bedragen aan de hand van kostenkengetallen en vierkante meters van het definitieve plangebied (na vaststelling projectscope). Zo beoordelen we of er een realistisch financieel vertrekpunt is in onze projectopdracht. Bovendien kijken we in de eerste fase naar dekking van het projectbudget, mogelijk zijn er aanvullende middelen beschikbaar vanuit
In de kennismakingsmakingsgesprekken met de verschillende beleidsmedewerkers en specialisten hebben we een inventarisatie gemaakt van verschillende projectrisico’s. Deze zijn in beeld gebracht in de risicotabel op de volgende pagina.
Het risicodossier inclusief de beheersmaatregelen bespreken en actualiseren we in elke fase met het betrokken kernteam.
Afbeelding 11: risicomanagement volgens de RISMAN-methode.
Risico-ID
Risico-omschrijving
Oorzaak
Gevolg
Beheersmaatregel
R1
Weerstand vanuit de omgeving van het project
Onduidelijke of onvolledige communicatie
Vertraging en bezwaren in het proces. Negatief imago van het project.
Zorgvuldige communicatie- en participatieaanpak opstellen.
R2
Start van het ontwerpproces Stationsplein terwijl op een aantal onderwerpen geen beleid is vastgesteld.
Er zijn een aantal beleidsthema’s waarvoor nog geen beleid is opgesteld of het beleid geactualiseerd moet worden
Mogelijke ontwerpwijzingen gedurende het ontwerpproces, leidt tot vertraging en mogelijk frustratie van het proces.
Nauwe afstemming met beleidsmedewerkers op deze specifieke onderwerpen.
R3
Verrassingen in de ondergrond.
Ondergrondse situatie Stationsplein nog niet in beeld.
Mogelijke vertraging en kostenverhogende factoren, bijvoorbeeld bodemvervuiling, archeologische vondsten of niet gesprongen explosieven.
In voorbereidingsfase tijdig benodigde vooronderzoeken doen om situatie in beeld te brengen.
R4
Capaciteit en doorlooptijden voorbereiding en uitvoering door netbeheerders (voorbereidingstijd kabels en leidingen)
Capaciteitstekort bij netbeheerders
Vertraging en conflicten tijdens uitvoeringsfase.
Vroegtijdige afstemming van planning en verwachtingen.
R5
Beheerstrategie metselwerkriolering ontbreekt.
Gemeente heeft nog geen vastgestelde strategie hoe in de toekomst omgegaan wordt met bestaande metselwerkriolen.
Onduidelijk of bestaande metselwerkriolen onder stationsplein worden vervangen of blijven gehandhaafd.
Vroegtijdig vervolggesprekken met beleidsmedewerkers riolering en waterhuishouding.
R6
Capaciteit van interne organisatie
Druk op interne organisatie vanwege hoge ambities in Roermond en beperkte ambtelijke capaciteit.
Vertraging in het voorbereidingsproces, langere beoordelingstijden van tussenproducten.
Vroegtijdige afstemming met teamleden, rugdekking voor interne capaciteit via clustermanagers.
R7
Projecten sluiten niet goed op elkaar aan
Onvoldoende afstemming over raakvlakken tussen verschillende projecten
Frustratie bij omgeving/stakeholders Negatief imago van gemeente Roermond
Nauwe afstemming tussen projectleiders over raakvlakken in projecten
R8
Aanvullende middelen nodig voor realisatie van het project
Tegenvallers vanuit de (voor)onderzoeken Veel eisen en wensen
Plan wordt duurder dan vooraf was ingeschat
Bij elke ontwerpstap stellen we een kostenraming op en toetsen we aan beschikbaar budget.
R9
Overslaan of geen besluit in de definitiefase
College- of gemeenteraad neemt geen besluit over kaders en uitgangspunten.
Geen duidelijke richtinggevende kaders voor het ontwerpproces, leidt tot vertraging of mogelijke frustratie van het ontwerpproces.
Processtap scenariostudie en gemeenteraadsbesluit over voorkeursscenario.
Projectondersteuning: Het project Stationsplein valt binnen het cluster Projecten Omgeving (PO) in samenwerking met aanverwante clusters zoals Ontwikkeling Opgaven (OO), Beheer Openbare Ruimte (BOR) en Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH). Cluster Projecten Omgeving – ruimtelijke projecten: Naast het specialisme in het realiseren van ruimtelijke projecten, vervuld de afdeling Projecten Omgeving ook een adviesrol in de inrichting van de openbare ruimte.
Bestuurlijk opdrachtgever: Wethouder Dirk Franssen is door het college van B&W aangewezen als gedelegeerd of gemandateerd bestuurlijk opdrachtgever (projectwethouder).
Ambtelijk opdrachtgever: Franny Cremers is ambtelijk opdrachtgever voor het project Stationsplein en stuurt in samenspraak met de bestuurlijk opdrachtgever en de projectleiding op het te bereiken projectresultaat.
Projectleiding: Nicole Hanneman en Stijn van Rijen verzorgen vanuit BEECKK de projectleiding van het Stationsplein. Stijn is eindverantwoordelijk vanuit BEECKK.
Sandra Nelissen-Douven verzorgt vanuit de gemeente Roermond de projectondersteuning.
Kernteam: Wij stellen voor om in de ontwerpfase een compact kernteam samen te stellen bestaande uit de volgende disciplines: 1. Stedenbouw 2. Groen en spelen 3. Verkeer 4. Water en riolering 5. Coördinator vanuit beheer) 6. Economie 7. Projectleiding Op afroep betrekken we benodigde specialisten, denk aan disciplines zoals archeologie, veiligheid of de coördinator van evenementen. Dit doen we bijvoorbeeld bij het opstellen van het Programma van Eisen maar uiteraard ook bij het toetsen van tussenproducten: schetsontwerp, voorontwerp en definitief ontwerp en onderzoeksresultaten. Een deel van het kernteam betrekken we actief in de aanbestedingsprocedure voor het selecteren van het ontwerpbureau. De benodigde capaciteit is op hoofdlijnen aan de hand van de planning op hoofdlijnen (paragraaf 4.4) bijgevoegd als bijlage 4 bij deze projectopdracht.
Op basis van ons stappenplan hebben we een projectplanning op hoofdlijnen opgesteld, deze is bijgevoegd in bijlage 3. We sturen in deze planning op de volgende mijlpalen: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Vastgestelde projectopdracht Overeenkomst met ontwerpbureau Voorkeurscenario vastgesteld (raad) Definitief ontwerp vastgesteld (raad) Aanbestedingsgereed contract Definitieve gunning aan aannemer
november 2024 maart 2025 oktober 2025 juni 2026 augustus 2026 december 2026
Participatie en communicatie Het Gebiedsprofiel binnenstad Roermond is in een intensief participatieproces met stakeholders tot stand gekomen. Op basis van de uitgangspunten in het gebiedsprofiel gaan we het uitwerken van het ontwerp begeleiden. Ook in dat proces is – een steeds concretere vorm van – in contact zijn met de omgeving en belanghebbenden van het stationsplein belangrijk. De bedoeling is niet om het participatieproces dat tot nu toe gelopen is opnieuw te doen, maar wel om met positieve energie verder te bouwen aan wat in gang is gezet. Door inwoners en ondernemers te laten zien hoe we de visie uitwerken in uitvoerbare plannen en te laten voelen dat de tijdelijke overlast die de
werkzaamheden gaan geven voor een goed doel zijn, bouwen we aan breed draagvlak voor het Stationsplein zelf, maar ook de verdere transformatieopgave van de gehele binnenstad. We starten met het uitvoeren van een stakeholderanalyse en het opstellen van een communicatie- en participatieplan, waarbij we de concrete aanpak nader uitwerken in samenwerking met het te selecteren ontwerpbureau. Informatiebeheer Ons voorstel is om alle projectinformatie vast te leggen en te beheren op één centrale locatie op het netwerk, we sluiten hierbij aan op de werkwijze binnen de gemeente Roermond. Kwartaalrapportage De kwartaalrapportage is een document waarin de voortgang van het project wordt samengevat in een stoplichtenmodel. Deze rapportage wordt opgesteld binnen Totallink. Op deze manier rapporteren we de voortgang van het project aan het management en bestuur. Afsluitdocument Het afsluitingsdocument heeft als doel om een project formeel af te sluiten. In het afsluitdocument wordt beschreven hoe het project is afgerond, welk resultaat is bereikt en welke leerpunten voortkomen uit het project. Daarnaast wordt hiermee de overdracht van het project naar regulier beheer georganiseerd.
De kwaliteit van het proces, het ontwerp/contract en het eindresultaat borgen we door: Vier ogen principe Het vier ogen principe is een methode om kwaliteit van onze producten te borgen. Elk geschreven tussen- en eindproduct wordt door een tweede persoon getoetst voordat we het resultaat opleveren. Interdisciplinair samenwerken Door het samenstellen van een integraal kernteam en het inrichten van een zorgvuldig en efficiënt toetsproces worden alle producten en processtappen interdisciplinair getoetst. Samenwerking met bekende partners Door het selecteren van een ontwerpbureau via een meervoudig onderhandse aanbesteding kunnen we in het project Stationsplein samenwerken met bekende ontwerpbureaus waar gemeente Roermond goede ervaringen mee heeft. Door te selecteren op prijs én kwaliteit en vooraf goed na te denken over kwaliteitscriteria/gunningcriteria kijken we ook naar toegevoegde waarde van het bureau in deze specifieke opgave. Ook voor de benodigde onderzoeken werken we zoveel mogelijk met bekende partijen. Dit komt de kwaliteit van het voorbereidingsproces vaak ten goede.
Kwaliteit in de uitvoering Bij het selecteren van de aannemer voor de uitvoering wordt in de contractvoorbereidingsfase al goed nagedacht over kwaliteitsbewaking. In nauw overleg met de afdeling Beheer Openbare Ruimte maken we vooraf goede (kwaliteits)afspraken over het gewenste eindresultaat en de procesbeheersing door de aannemer.
Bijlage 1: Gespreksverslagen horeca en evenementenorganisaties Bijlage 2: Overzicht projectgroep en stakeholders Bijlage 3: Projectplanning op hoofdlijnen Bijlage 4: Capaciteitsraming
DONNA Philitelaan 57-05 5617 AK Eindhoven info@beeckk.com www.beeckk.com
Project:
Stationsplein Roermond
Opdrachtgever: Gemeente Roermond Datum:
29 oktober 2024
Auteur:
Nicole Hanneman
Organisatie
Contactpersoon
Kennismakingsgesprek
Contactgegevens
Hotel Roermond
Roy Janssen
26 september 2024
roy@dojahoreca.nl 06-22600425
In de Kroon
Frank Smeets
26 september 2024
indekroon@home.nl 0475 332 139
Café & Zo
Oscar Lommen
2 oktober 2024
oscar.lommen@gmail.com 0475-332 321
Jill Murphy’s
Jorg Sijben Remy Engelen
8 oktober 2024
jsijben@yahoo.com 06-50280321
Café le Journal
Dorus van Wamel
8 oktober 2024
info@cafelejournal.nl 06-24926131
Organisatie
Contactpersoon
Kennismakingsgesprek
Contactgegevens
Sjeng Kraft Kompenei (stichting) & Nr.1 Artiesten
Rob Knubben Bart Essers
22 oktober 2024
rob@nr1artiesten.nl bartessers@live.nl 06-51501963
Sjolefestatie & Sjtasiefestasie
Jules Geraedts
24 oktober 2024
jules1geraedts@hotmail.com 06-81149966
Organisatie
Contactpersoon
Kennismakingsgesprek
Contactgegevens
Maakplaats en Cultuurnacht Roermond
Roy Janssen
26 september 2024
info@Kunsthandelneo.nl 0475-332993
Evenementenorganisaties
Datum: 26 september 2024 Onderwerp: Gespreksverslag Stationsplein Gesproken met: Op verzoek anoniem
Horecaeigenaar van een aantal panden aan het Stationsplein aan beide kanten van de Singelring. De horecaruimtes in de plint van de panden aan de westkant van de Singelring worden verhuurd aan horecaondernemers. In de zomer van 2024 stopten twee onderhuurders met hun horecazaak. Voor een van deze ondernemers was dat na ongeveer 35 jaar een horecazaak gehad te hebben aan het Stationsplein. Ondernemer vertelt dit om te laten zien dat het ondernemersklimaat op het Stationsplein sterk veranderd is. De horecaondernemers aan het Stationsplein hebben moeite om rond te komen en er is weinig interesse vanuit nieuwe horecaondernemers om de lege ruimtes te huren. Het heeft ook negatieve gevolgen voor de waarde van de panden, die daalt. Ongeveer 17 jaar geleden besloot de gemeente Roermond om het plein zo in te richten dat er evenementen georganiseerd kunnen worden. De horecaondernemers aan het plein hadden daar toen al twijfels over, geeft hij aan. Voor die tijd zag het Stationsplein er heel anders uit, met bijvoorbeeld een fontein, en zaten mensen er graag op het terras. Het ondernemers-klimaat was zeer goed in die tijd. Na de herinrichting is het plein kaal geworden en niet meer geschikt voor horeca. De leegstand en het stoppen van veel horecazaken laten zien dat de klandizie gedaald is.
Volgens deze ondernemer komt dat doordat mensen het plein geen fijne plek vinden om op het terras te zitten. Ook speelt mee dat het terrassenaanbod groot is in Roermond. Op veel verschillende pleinen in de binnenstad wordt horeca toegestaan. Het aantal horecazaken staat niet in verhouding tot het aantal bezoekers, waardoor het aantal bezoekers per plek daalt. Het Stationsplein toekomstbestendig en aantrekkelijk inrichten gaat voor deze horecaondernemer over vergroenen, maar ook over goed nadenken over het inrichten van looproutes. Vroeger waren er twee oversteekpunten op de Singelring. Toen deze zijn samengevoegd tot één, veranderde dit de loop- en fietsrichting van mensen. Mensen liepen eerst langs de horecazaken en steken nu dwars over het Stationsplein richting de Hamstraat. Ook dat heeft invloed op de terrasbeleving. Voorheen hadden de terrasgasten en de voorbijgangers iets om te kijken. ‘Zien en gezien worden’ is ook waarom mensen graag op het terras zitten of blijven hangen. Het deel van het Stationsplein aan de voorkant van het Station (oostzijde van de Singelring) heeft hij het liefst autovrij. In de huidige situatie hebben ze hier last van criminaliteit (o.a. drugsrivaliteit) en een gebrek aan handhaving.
Als grote evenementen een groene en toekomstbestendige inrichting van het Stationsplein in de weg staan, vindt hij het beter om de evenementen te verplaatsen of terug te brengen in omvang (alleen kleinere evenementen). De kermis past in zijn huidige vorm niet op het plein. De omzet die de horeca tijdens de evenementen draait weegt niet op tegen het hebben van een aantrekkelijk terras op de andere dagen van het jaar, geeft deze ondernemer aan. Bij beslissingen hierover moet niet alleen de dag van het evenement zelf in overweging genomen worden. Er moet ook rekening mee gehouden worden dat de horecazaken tijdens de op- en afbouwdagen, alles bij elkaar ongeveer een week, slechter bereikbaar zijn.
Het autoverkeer op de Singelring is toegenomen toen de Roerkade eenrichtingsverkeer werd. Het valt deze ondernemer op dat het autoverkeer dat richting Horn gaat de Singelring gebruikt als sluiproute.
Datum: 26 september 2024 Onderwerp: Gespreksverslag Stationsplein Gesproken met: Frank Smeets, In de Kroon
Het Stationsplein beschrijft Frank in de huidige situatie als een ‘grijze vlakte’. Toewerken naar een situatie waarin inwoners en bezoekers van Roermond het plein ervaren als een ‘warme deken’, is wat hij graag ziet. Voor het inrichtingsontwerp geeft hij als aandachtspunten mee: -
-
-
De openbare ruimte groen inrichten kan helpen om het plein een uitnodigende en warme uitstraling te geven. Werken met vaste beplanting heeft zijn voorkeur, omdat dat een betere uitstraling geeft. Het is dan ook belangrijk om boom- en plantsoorten te kiezen die tegen een stootje kunnen (hufterproof). Dit om te voorkomen dat het kapot gemaakt wordt en ieder jaar opnieuw aangepland moet worden. Een ander aandachtspunt is voldoende en mooie verlichting. In de Hamstraat hebben de ondernemers samen gezorgd dat de bomen verlicht worden. De verlichting gaat helaas vaak stuk, maar als de verlichting werkt is het aangenamer om door de Hamstraat te lopen in de periode dat het vroeg donker wordt. In de Hamstraat en op het Stationsplein wordt een onveilige sfeer ervaren. Er hangen vaak groepjes mensen rond. Het vermoeden is dat sommige groepjes die samenscholen zich schuldig maken aan activiteiten die niet legaal zijn (zoals drugsdealen). Om die reden adviseert Frank om het samenkomen en rondhangen van mensen in de openbare ruimte te ontmoedigen door in het nieuwe ontwerp niet te veel zitgelegenheden in de openbare ruimte mee te nemen.
Frank vindt belangrijk om mee te geven, heb niet alleen aandacht voor het aanplanten van groen maar ook voor onderhoud als het er staat. Als voorbeeld gebruikt hij de verplaatsbare plantenbakken in de Hamstraat. De ervaring leert dat het neerzetten van deze plantenbakken in de praktijk ook betekent dat mensen afval wegstoppen onder de planten, de plantenbakken bekladden en bekrassen en honden er tegenaan laten plassen. Dit verrommeld het staartbeeld. Frank neemt nu vaak zelf het initiatief om de openbare ruimte voor zijn zaak netjes te houden, dat is voor hem belangrijk voor de klantbeleving. Dat dit meerwaarde heeft vindt hij duidelijk zichtbaar in het outletcentrum. De uitbater van het outletcentrum steekt veel aandacht in het prettig inrichten en netjes houden van de winkelstraten en de binnenplaats. Het maakt dat mensen zich er veilig voelen en er graag verblijven. Het vasthouden aan de evenementenpleinfunctie van het Stationsplein, mag wat Frank betreft ter discussie staan. Hij vraagt zich af of het plein nog de geschikte plek is voor evenementen en de kermis. Het Stationsplein is nu ingericht voor de vier dagen per jaar waarop twee grote evenementen plaatsvinden. Dat bepaalt ook hoe het plein er de rest van het jaar uitziet.
Is dat nog houdbaar of zijn de evenementen uit hun voegen gegroeid? De horecaondernemers merken dat hoe groter het evenement is, hoe meer kostenposten er bij komen om rekening mee te houden. De horeca moet bijvoorbeeld een commissie betalen aan de evenementen-organisatie, beveiliging regelen en schoonmaakkosten betalen. Zij houden er te weinig aan over om de evenementenfunctie van het Stationsplein als de moeite waard te zien. De opbrengst op evenementendagen weegt niet op tegen het plezier van een fijn terras aan een mooi plein op al die andere dagen van het jaar. In de tijden dat
evenementen zo’n 8.000 tot 10.000 bezoekers trok was het prima. Op die schaal heeft de organisatie ook te maken met andere veiligheidseisen. De verslechterde bereikbaarheid van het Stationsplein op de op- en afbouwdagen heeft gevolgen voor de omzet van In de Kroon. De dag voor carnaval was een paar jaar terug een van de dagen waarop zij de beste omzet draaide maar nu een van de slechtste, omdat de klanten de zaak nauwelijks nog kunnen bereiken. Het succes van een goed lopende horecaonderneming aan het Statiosplein is niet alleen afhankelijk van hoe het Stationsplein is ingericht. Er ligt ook een verantwoordelijkheid bij horecaondernemers zelf, geeft Frank aan. Plekken als de Roerkade en het Munsterplein zijn aantrekkelijker geworden om te gaan zitten voor een hapje en een drankje, dus moeten horecaondernemers op het Stationsplein onderscheidend en gedreven zijn om hard te werken om mensen de kant van het station op te krijgen. Een toekomstbestendige herinrichting van het plein kan wel helpen om positieve ontwikkeling te stimuleren. Dit geldt volgens Frank ook voor de invulling van de leegstaande panden op de Hamstraat. De gemeente kan met het inrichten van de openbare ruimte beinvloeden welke winkels er in deze panden komen. Wat Frank nu ziet is dat de panden op een eenzijdige manier worden gevuld. De vele wisselingen in zaken, geeft een onveilige sfeer.
Ondernemers blijven om die reden weg. Ook zijn eigen pand zakt al een aantal jaar in waarden.
Datum: 2 oktober 2024 Onderwerp: Gespreksverslag Stationsplein Gesproken met: Gino Vranken, Maakplaats en Cultuurnacht Roermond
Gino is eigenaar van kunsthandel Neo gevestigd in de Bakkerstraat in Roermond. Ook is hij actief betrokken bij de cultuursector in Roermond. Hij zet zich o.a. in voor De Maakplaats, een cultureel initiatief dat hij mee heeft opgezet, en hij organiseert jaarlijks de de Cultuurnacht in de binnentad. In het verleden sloot Gino, als secretaris van de straatvereniging, incidenteel aan bij vergaderingen van de BIZ. Gino is geinteresseerd in hoe de binnenstad van Roermond zich ontwikkeld. Om zich heen ziet hij dat eigenaren van winkelpanden erover nadenken om de winkelbestemming om te zetten naar wonen. Gino vraagt zich af of de binnestad, buiten het outlecentrum, meer een leefstad wordt dan een koopstad. Hij hoopt zelf van niet. Dit past ook niet bij de manier waarop de gemeente Roermond op dit moment met wonen in de binnenstad om gaat. Wonen boven winkels en horeca wordt aangemoedigd, maar het is nu niet gebruikelijk dat de gemeente meewerkt aan verzoeken die gaan over het toestaan van wonen op de begane grond van winkel- of horecapanden. De Maakplaats is een subsidieregeling van de gemeente Roermond die is bedoeld om jonge ondernemers met een cultureel of creatief initiatief een steuntje in de rug te geven. Gino zit in de redactieraad van de Maakplaats. Deze raad adviseert de gemeente over de binnenkomende subsidieaanvragen en ondersteunt lopende initiatieven.
Voor Gino zelf houdt dit in dat hij makers koppelt aan eigenaren van leegstaande winkelpanden. De makers stellen bijvoorbeeld hun werk tentoon in de etalage van de winkels, tonen een expositie in de leegstaande ruimte of gebruiken deze als werkplaats (denk aan een culturele hub). De Maakplaats draagt op deze manier bij aan het verbeteren van de leefbaarheid van de binnenstad. Want leegstaande ruimtes opvullen met creativiteit en culturele initiatieven maakt de stad dynamisch en levendiger. De ervaring is dat pandeigenaren er wisselend tegenover staan om hun winkelruimte beschikbaar te stellen hiervoor. Ongeveer de helft is enthousiast. De andere helft wil er niets van weten. De samenwerking met eigenaren van horecapanden zoeken, bijvoorbeeld op het Stationsplein, is op dit moment nog niet zo zeer aan de orde. In deze panden staan vaak nog veel spullen, waardoor de eigenaren van deze panden voorzichtiger zijn met toegang verlenen. Gino heeft vanuit de Cultuurnacht ervaring met het organiseren van evenementen die zich verspreiden door de binnenstad. Hij geeft aan dat dit nauwelijks te handhaven is. Hij heeft de Cultuurnact nu tien jaar georganiseerd en krijgt te maken met steeds strengere veiligheidseisen. De evenementenorganisator moet er zorg voor dragen dat aan deze eisen wordt voldaan. Het wordt zo steeds ingewikkelder om iets te organiseren.
Volgens Gino is het Stationsplein de meest geschikte plek om evenementen te organiseren. Redenen daarvoor zijn de ligging van het plein ten opzichte van het Station en de goede ontsluiting voor de hulpdiensten, maar ook omdat er verder geen goed alternatief is. Een evenement organiseren op het Munsterplein ligt gevoelig. Dat geeft snel veel rumour bij Roermondenaren. Veel mensen zijn snel ontstemd als op dat plein iets gebeurd of verkeerd gaat. De markt is een tweede locatie die geschikt
kan zijn, maar is veel lastiger te bereiken door hulpdiensten als het escaleert. De ervaring die Gino heeft opgedaan met het organiseren van evenementen leert hem dat een logische routing belangrijk is voor het succes van evenementen. Als voorbeeld van een evenement dat om die reden minder geslaagd was noemt hij het Oktoberfest. De laatste editie daarvan was op het Wilhelminaplein. Dat ervaren bezoekers als te ver waardoor de bezoekersaantallen tegenvielen. Al die afwegingen meegenomen vindt Gino het logisch om evenementen op het Stationsplein te blijven organiseren, maar Roermond hoeft wat hem betreft geen tweede Venlo te worden. Wellicht zit daar de oplossing, geeft hij aan. De evenementen niet verplaatsen, maar anders verpakken. De afgelopen jaren worden evenementen steeds groter, maar het kan ook een krachtige boodschap zijn om als Roermond te kiezen om niet de nadruk te leggen op de omvang van een evenement maar op kwaliteit. Groots zijn door klein te blijven. Voor de evenementenorganisaties heeft dit als voordeel dat de categorie van veiligheidseisen waar zij aan moeten voldoen en het bijbehorende kostenplaatje wijzigt. De organisatoren van de 11e van de 11e en het bevrijdingsfestival hebben het volgens Gino financieël zwaar. De vele veiligheidseisen waar zij aan moeten voldoen en de uitgaven die daarbij komen kijken, maakt het lastig om de begroting rond te krijgen.
De reden waarom evenementen steeds groter worden is het grote aanbod van activiteiten. Rond 11 november en de carnaval worden op heel veel plekken in de regio evenementen georganiseerd. Bezoekers hebben veel keuze. Omdat er veel concurrentie is komen de organisaties iedere jaar met nog grotere artiesten om elkaar te overtroeven en bezoekers te trekken. Dat lijkt onhoudbaar. Daarom biedt dit volgens Gino juist een kans om de evenementen te richten op een doelgroep die op zoek is naar kleinschaligheid. Er zijn genoeg mensen die daar naar zoeken in plaats van het massale. Het Stationsplein en de Hamstraat ervaren mensen in Gino zijn omgeving als onveilig (subjectieve waarneming). De leegstaande panden en de jongeren die op straat hangen, waarvan sommige mogelijk dealen, is wat een onprettig gevoel geeft als ze er lopen. Het horecalandschap is de laatste jaren veranderd in de binnenstad van Roermond. De Neerstraat is opgeknapt en de Roerkade is polulair. Dit trekt bezoekers die kant op. Ondertussen is de horeca op het Stationsplein noodleidend. Gino geeft aan dat op dit moment onduidelijk is welke doelgroep de horeca op dit plein wil aanspreken. Een duidelijke doelgroep kiezen en daar ook de openbare ruimte vriendelijk en uitnodigend op inrichten, kan zijn wat de horeca nodig heeft op dat plein. Welke doelgroep dat moet zijn? Dat is aan de horeca-ondernemers om te bepalen.
In de binnenstad van Roermond zijn er nu weinig plekken waar de doelgroep 18 t/m 25 jaar terecht kan, maar Gino twijfelt of dat de oplossing is voor de horeca op het Stationsplein. Deze doelgroep geeft nu eenmaal weinig uit als zij op stap gaan. Zij drinken van tevoren thuis, komen pas laat naar de stad en hebben weing te besteden. Een aandachtspunt dat Gino nog wil meegeven. Als de gemeente Roermond ervoor kiest een evenementenstad te willen zijn, dan vraagt dat ook inzetten op de woondoelgroep jongeren. Het organiseren van evenementen als vooral ouderen in de woningen trekken die beschikbaar komen, dat matcht niet met elkaar.
Datum: 2 oktober 2024 Onderwerp: Gespreksverslag Stationsplein Gesproken met: Oscar Lommen, pandeigenaar Café &Zo
Oscar bezit een van de panden aan het Stationsplein. Het pand wordt op dit moment verhuurd, maar staat leeg. De huidige huurder had de intentie om een horecazaak te starten, maar krijgt geen vergunning van de gemeente (Bibob gerelateerd). Huurder en verhuurder zijn nu aan het uitzoeken hoe zij het huurcontract met wederzijdse goedkeuring kunnen beëindigen. De situatie maakt dat Oscar nadenkt over de volgende stap. Een horecazaak met daghoreca lijkt nog steeds een invulling die het meest voor de hand ligt, maar als Oscar geen uitbater vindt die daar interesse in heeft dan gaat hij over andere opties nadenken. Het omvormen van het pand naar wonen, noemt hij als voorbeeld. Een combinatie van wonen en horeca heeft hij overwogen, maar een beslissing daarover is afhankelijk van wie interesse heeft om het pand te huren. De binnenruimte van de horecazaak is niet groot. Als een horecaondernemer ook eten wil serveren neemt het te veel plek in om een keuken op de begane grond te maken. Op de eerste verdieping is wel plek om een keuken te bouwen, maar dan is daar dus geen ruimte meer voor een woning. De invulling van het pand is daarmee ook afhankelijk van de richting die het plein op beweegt. Blijft het Stationsplein nog een horecaplein? Voor de herinrichting van het Stationsplein geeft Oscar de volgende aandachtspunten mee: -
-
-
De rode bestrating die voor de horecazaken langs loopt maakt dat het lijkt dat dit een rijbaan is. Oscar ziet graag dat dit een paar meter naar achter schuift (vanuit de gevel van de horecazaken gezien), zodat er meer ruimte komt voor winterterrassen. Omdat de binnenruimte van de horecazaken klein is en mensen graag buiten zitten, is het voor de horecaondernemers fijn als de winterterrassen ruimer opgezet kunnen worden. Het heeft zijn voorkeur om het plein egaal in te richten. Geen hoogteverschillen door stoepdrempeltjes meer. Een afscheiding tussen de terrassen en de rest van het plein door een dubbele bomenrij rondom het plein te planten (verwijst als voorbeeld naar het Vrijthof in Maastricht). Vaste bomen in de volle grond heeft dan Oscar zijn voorkeur. Een flexibele inrichting met plantenbakken maakt het plein rommelig, denkt hij. Een kindvriendelijk waterelement op het plein is een mooie aanvulling voor het Stationsplein.
Als de consequentie van het uitvoeren van deze ideeën is dat er minder ruimte is voor grote evenementen op het Stationsplein, vindt Oscar het acceptabel dat evenementen kleiner worden. Oscar zegt daarover: richt een plein niet in voor vier dagen per jaar waarbij het twijfelachtig is of de omzet die de horecaondernemers eruit halen dat het waard is. Het terugbrengen van de levendigheid op het plein en horecaondernemers die zich kunnen inrichten op een goed draaiende onderneming op alle dagen van het jaar, mag wat hem betreft echt de prioriteit hebben.
Ook met Oscar is gesproken over de doelgroep waar de horecaondernemers op het Stationsplein zich op richt of op moet gaan richten. Oscar benoemt dat er weinig aanbod is in de stad voor de jeugd om op stap te gaan, maar een uitgaansconcept is voor de horecazaken een gepasseerd station na het sluiten van de discotheken op de Veldstraat. Volgen hem valt er te weinig te verdienen aan jongeren om een levensvatbaar feestcafé op te zetten. De kansen liggen volgens Oscar eerder in het aanbieden van kleine dag- en avondhoreca. Denk aan een kleine kaart, een wijnbar etc.
Datum: 8 oktober 2024 Onderwerp: Gespreksverslag Stationsplein Gesproken met: Jorg Sijben en Remy Engelen, Jill Murphy’s Jorg runt ongeveer 20 jaar een horecazaak aan het Stationsplein. Ook mede-eigenaar Remy draait al vele jaren mee in de zaak. Dat betekent ook dat zij het plein door de jaren heen hebben zien veranderen, geven Jorg en Remy aan. Vroeger was het plein ingericht op het op stap gaan. De mensen gingen dansen in de discotheken aan de Veldstraat en ook de horecazaken op het Stationsplein richtte zich op dat publiek. In die tijd was er vooral veel natte horeca op het Stationsplein. Het geld werd ’s nachts verdiend. Vervolgens zagen Jorg en Remy gebeuren dat de bezoekersaantallen op de Veldstraat afnamen en de discotheken dichtgingen. Zij zijn toen hun focus gaan verleggen naar het serveren van eten en de naborrel, maar het Stationsplein is nog steeds ingericht op stappen, carnaval en de kermis. Met andere woorden, de inrichting van het Stationsplein blijft achter op de verandering die horecaondernemers hebben doorgemaakt. De inrichting past niet lager bij de doelgroep die de horecaondernemers willen aanspreken. Er is nu behoefte aan openbare ruimte die gezelligheid uitstraalt. De horecazaak van Jorg en Remy neemt deel aan evenementen, zoals carnaval en EK/WK voetbalwedstrijden uitzenden op het plein.
Toch zien zij liever dat evenementen zich aanpassen aan een aangenaam ingericht plein dan dat de inrichting van het plein zich aanpast aan evenementen. Grote evenementen met 25.000 bezoekers op het Stationsplein past niet langer als daarvan de consequentie is dat het plein de rest van het jaar daar op ingericht moet zijn, geven Jorg en Remy aan. Daarin speelt voor de ondernemers ook mee dat evenementen enkele dagen in het jaar zijn. Een paar dagen voor en na het evenement is het plein grotendeels afgezet voor de op- en afbouw en de bereikbaarheid van horecazaken slecht. Dat betekent dat de horecaondernemers op een dag het geld voor de hele week moeten verdienen. Terwijl zij van tevoren geen zekerheid hebben of het evenement een succes wordt. Als het bijvoorbeeld op de dag van het evenement regent kan het zijn dat het aantal bezoekers dat jaar tegenvalt. Het verzoek van Jorg en Remy is daarom, laat de evenementen niet leidend zijn voor het Stationsplein. Evenementen met kleinere bezoekersaantallen passend bij de omgeving, kunnen op het Stationsplein blijven. Als wordt gevraagd wat Jorg en Remy willen meegeven over de toekomstige inrichting van het Stationsplein, verwijzen zij naar het Gebiedsprofiel binnenstad Roermond.
Zij zijn enthousiast over de tekeningen van de denkrichtingen, maar zien nog liever dat de mate van vergroening nog ambitieuzer wordt aangepakt (hoe groener, hoe beter). Daarmee bedoelen zij niet alleen bomen, maar ook grondbeplanting zodat het plein een parkachtige uitstraling krijgt. Dit kan een combinatie van een vaste en flexibele groeninrichting zijn, maar een plein waarop alle bomen en planten verplaatsbaar zijn (helemaal flexibel) zien Jorg en Remy liever niet. Concretere aandachtspunten die zij daarnaast nog meegeven, zijn: -
Een inrichting kiezen die de verkeersbeweging van wandelaars en fietsers die de Singelring oversteken anders stuurt. Bijvoorbeeld door bomen of bloembakken te plaatsen op het Stationsplein, parallel aan de westkant van de Singelring. Deze kunnen dienen als afscheiding om te ontmoedigen dat voetgangers en fietsers dwars over het plein gaan. Beide verkeersstromen krijgen nu tegelijk groen licht en komen op het plein met elkaar in botsing
-
-
-
-
-
als zij elkaars rij- en looprichtingen kruisen om richting de verschillende zijstraten te gaan. Jorg en Remy zien regelmatig mensen onderuit gaan en het maakt het plein onrustig. Voor de ondernemers zou een voetgangerszone langs de terrassen de ideale situatie zijn, zodat de mensen die van het Stationsplein af komen langs de terrassen lopen. Dit was vroeger ook zo, toen er een zebrapad ter hoogte van Hotel Roermond was. Voor de fietsers zou een apart fietspad, dat niet langs de terrassen loopt, duidelijker zijn De straat tussen de horecazaken en het Stationsplein (rode steen) minder breed maken, zodat de terrassen dichterbij de horecagevel komen. Dan worden de terrassen meer een geheel (uniformiteit). Een waterelement als speelplek voor kinderen spreekt aan. Het is dan wel belangrijk dat de inrichting van het plein de ouders een gevoel van intimiteit geeft. Dat zij met een gerust hart de kinderen op het plein kunnen laten spelen als zij op het terras zitten. Vooral de nabijheid van de Singelring is daarbij een aandachtspunt. Niemand wil zien gebeuren dat spelende kinderen daar de weg op rennen. Een stroomput op het plein om verlichting en muziek te kunnen regelen, is een wens. Nu worden de kabels daarvoor over de straat gelegd met een mat eroverheen, zodat niemand struikelt. Dat ziet er minder fraai uit. Geen hoogteverschillen en stoepjes meer.
Vanuit het Station naar het westen neemt de grondhoogte af. Jorg en Remy willen graag dat er gekeken wordt of wat gedaan kan worden om dat verschil te verkleinen. Het Roermondje kunstwerk (citymarketing) werkt goed. Mensen die langslopen of op het terras zitten willen ermee op de foto en hebben er plezier van. Jorg en Remy adviseren om het kunstwerk niet weg te halen op het Stationsplein.
Een actueel probleem voor de horecaondernemers op het Stationsplein is de opslag van afval. De ondernemers huren samen een stuk grond waar zij hun afval verzamelen voor de ophaaldienst, maar de afspraak met de grondeigenaar loopt dit jaar per 1 november af. Zij zoeken naar een alternatief om hun afval netjes kwijt te kunnen, omdat daar weinig tot geen ruimte voor is op eigen terrein. Aan de voorkant van de panden is het gebied openbaar tot aan de gevel en er is geen buitenruimte achterom. Het is voor Jorg en Remy duidelijk dat de herinrichting van het Stationsplein op dit moment wordt voorbereid. Het zal nog even duren voordat de werkzaamheden buiten echt beginnen, maar misschien is het mogelijk om in stappen vooruit te denken. Bijvoorbeeld een tijdelijke oplossing voor de komende periode en in het ontwerp van het Stationsplein een ondergrondse container meenemen. Eerder is al uitgezocht dat de noordwestelijke hoek, voor ’t Roerpotje, een goede plek is voor een ondergrondse container. Op die plek zitten geen kabels en leidingen in de ondergrond. Jorg en Remy vinden het geen bezwaar als in de openbare ruimte zichtbaar is dat daar een ondergrondse afvalcontainer staat. “Het is kiezen tussen twee kwaden” zeggen ze daarover.
Verder geven Jorg en Remy in het gesprek nog mee dat zij zich er bewust van zijn dat zijzelf ook een aandeel kunnen hebben in het aangenaam inrichten van het Stationsplein. Zij willen die bijdrage ook leveren. Op de hoeken van het terras van Jill Murphy’s staan nu bijvoorbeeld al plantenbakken. Dat willen zij best uitbreiden, maar zij denken ook aan aankleding keuzes zoals andere pararols, terrasmeubilair of windschermen van het winterterras. Het vervangen van deze spullen vraagt alleen wel een flinke investering. Die investering willen zij pas doen als er duidelijkheid is over de plannen en richtlijnen van de gemeente. Het terrasbeleid wat de gemeente Roermond opstelt zal over sommige dingen duidelijkheid geven, maar Jorg en Remy denken ook dat de inrichtingskeuzes voor het
Stationsplein duidelijk moeten zijn voordat zij sommige dingen aanpakken. Voor het kiezen van nieuwe windschermen voor het winterterras moeten zij bijvoorbeeld weten of de hoogteverschillen van de ondergrond veranderen.
Datum: 8 oktober 2024 Onderwerp: Gespreksverslag Stationsplein Gesproken met: Dorus van Wamel, Café Le Journal
Dorus zit met Café Le Journal ongeveer negen jaar in het pand op het Stationsplein. Hij merkt dat de aankleding van het plein in die jaren vaak is besproken, maar er verandert weinig. De reactie van de gemeente komt er steeds op neer dat het plein is aangewezen als een evenementenlocatie wat de mogelijkheden om het plein anders in te richten beperkt. Dorus krijgt dan te horen dat voor de groeninrichting alleen mobiele voorzieningen mogelijk zijn vanwege de waarde die wordt gehecht aan de evenementenfunctie van het plein. Hij vraagt zich af of dit echt niet anders kan. Het Bevrijdingsfestival wordt bijvoorbeeld op het ARLO-terrein georganiseerd. Daar staan ook bomen. Waarom kan daar wel een evenement met een groeninrichting gecombineerd worden, maar zou dat op het Stationsplein niet kunnen? Als toch gekozen wordt dat het Stationsplein een plein blijft waar de grote evenementen plaatsvinden en het plein om die reden een kale vlakte blijft, vindt Dorus dat dan ook alle evenementen richten het Stationsplein moeten verplaatsen. Het Stationsplein beschrijft Dorus als ‘de poort van Roermond’. Dat moet zichtbaar zijn in de uitstraling. Het aantal evenementen dat op het Stationsplein wordt georganiseerd is op een hand te tellen. Het geld dat de horecaondernemers hieraan verdienen zien zij daarom meer als een leuke bijverdienste.
Bij evenementen is ook een gevolg dat bij op- en afbouwdagen de zaak minder druk bezocht wordt. Geld verdienen op al die andere dagen van het jaar is nodig om rond te komen. Het plein verdient een mooie aankleding, zodat het uitnodigt om op het Stationsplein op het terras te gaan zitten. Zijn voorkeur gaat uit naar vaste beplanting. Dat geeft rust en eenheid. Verplaatsbare bloembakken komen nooit op dezelfde plek terug. Dat geeft blijvend discussie. Als vergroenen betekent dat er iets minder mensen terecht kunnen op een evenement, ziet Dorus dat niet als een bezwaar. Groter is niet altijd beter. In zijn eigen kroeg merkt hij ook dat bezoekers het prettiger hebben en het een gezelligere avond vinden als het niet helemaal vol staat. Dat kan voor evenementen ook gelden. Dorus stelt voor om rondom het plein bomen te planten. Daarmee bedoelt hij ongeveer twee meter bij de gevel van de horecapanden vandaan een bomenrij met voetpad. Evenementen moeten altijd een bepaalde afstand tot de gevel houden, dus in die ruimte is plek voor groen. Het voetpad zal helpen om de verkeersstromen van wandelaars en fietsers te ontwarren. In de huidige situatie is onduidelijk waar voetgangers mogen lopen en fietsers mogen fietsen. Dat loopt nu vaak door elkaar en botst met elkaar, Ook komen de terrassen op die manier dichter naar de horecazaken. Dat voelt intiemer.
Het idee in het Gebiedsprofiel binnenstad Roermond voor een fontein op het plein, ziet hij zitten. In de zomer wordt het plein erg warm, en een fontein kan helpen om het aangenamer te maken. Ook het plein zelf mag van Dorus meer een verblijfplaats worden. Hij denkt aan een parkachtige uitstraling met bankjes of verhoogde borders waar mensen kunnen zitten om een broodje te eten of coffee-to-go te drinken. Het zou bijvoorbeeld mooi zijn als de inrichting treinreizigers verleid om niet op het station rond te blijven hangen. Op het terras gaan zitten kost op dat moment misschien net iets te veel tijd, maar een Stationsplein dat welkom aanvoelt om even te wachten heeft dan ook
meerwaarde voor de stad. Ondanks dat Dorus regelmatig handhaving belt als er onrust is op het plein, vindt hij niet dat verblijven op het plein ontmoedigd moet worden door juist geen zitplekken te maken. De oplossing daarvoor zit volgens hem niet in concessies doen aan de inrichting, maar in beter handhaven. De doelgroep die het Stationsplein wil aanspreken is volgens Dorus de mensen op de terugweg van een dagje binnenstad of shoppen in de outlet die nog even willen blijven hangen om iets te eten en te drinken. Het plein moet hen uitnodigen om bij het binnenlopen van de stad al te bedenken dat ze aan het einde van de dag nog even op het Stationsplein willen zitten. Het leegstaan van horecapanden is volgens Dorus niet alleen te verklaren door de inrichting van het plein of onduidelijkheid over de doelgroep die ondernemers willen aanspreken. Het is een A-locatie dus pandeigenaren vragen hoge huren en de brouwerij wil een afnameverplichting. Dat zijn allemaal redenen waarom startende ondernemers twee keer nadenken of het de investering waard is voor ze eraan beginnen. Dorus stelt voor dat de gemeente ook kan nadenken of zij hier iets in kunnen betekenen. Moet er altijd horeca in de leegstaande panden? De gemeente kan bijvoorbeeld met subsidies stimuleren dat winkelaanbod dat meer in een niche markt zit de kans krijgt om in Roermond te ondernemen.
Als de brandweer en hulpdiensten op locatie komen kijken is er vaak meer mogelijk dan dat beleid en richtlijnen voorschrijven, is de ervaring van Dorus. De papieren werkelijkheid slaat door op het punt van veiligheidseisen waar aan voldaan moet worden. Dat is ook de reden waarom Dorus het belangrijk vindt dat voor de herinrichting van het Stationsplein wordt samengewerkt met de gebruikers van het plein en de horecaondernemers aan het plein. Zij ervaren het plein elke dag en hebben een goed beeld van wat belangrijk is en wel of niet werkt. Dorus wil graag betrokken blijven bij het proces. Verder geeft Dorus nog de volgende aandachtspunten mee: -
Bij hevige regenval heeft Dorus last van wateroverlast. Het water komt tot aan de opstaande rand. De afwatering gaat dan (te) langzaam. Voor de bevoorrading van de horeca en de winkels komen er veel auto’s over het plein. Voor de winkels is dit vaak na sluitingstijd. Dat draagt bij aan de onrustige uitstraling op het plein. De horecaondernemers zijn bereid om mee te denken over een uniforme terrasaankleding. Als het plein een mooie uitstraling krijgt zijn zij bereid mee te investeren. Vooruitlopend op de herinrichting daarmee beginnen is voor hun niet praktisch. De keuze is namelijk ook afhankelijk van de inrichting. Stel er komen veel bomen die blad verliezen dan heeft dat bijvoorbeeld invloed op de kleur en het materiaal wat Dorus voor de parasols kiest.
Datum: 22 oktober 2024 Onderwerp: Gespreksverslag Stationsplein Gesproken met: Rob Knubben en Bart Essers, Sjeng Kraft Kompenei
De11devande11de is de traditionele opening van het Limburgse carnavalsseizoen en wordt sinds 2000 georganiseerd door de Sjeng Kraft Kompenei. Rob is sinds de oprichting van de stichting (ook in 2000 opgericht) betrokken als bestuurslid en mede-oprichter van het de11devande11de-evenement. Bart is sinds 2015 betrokken bij de organisatie van het evenement en trad vorig jaar toe tot het bestuur van de Sjeng Kraft Kompenei. Lange tijd werd de11devande11de op ‘t Vrijthof in Maastricht gehouden. De Sjeng Kraft Kompenei liep er tegenaan dat op ‘t Vrijthof geen ruimte meer was om te groeien. Daarnaast stelde de gemeente Maastricht steeds strengere veiligheidseisen aan het evenement. De evenementenorganisatie werd bijvoorbeeld ook verantwoordelijk voor het handhaven van de openbare orde in de straten rondom ’t Vrijthof. De kosten om aan deze veiligheidseisen te voldoen, werden te hoog. In 2019 werd de11devande11de daarom verplaatst naar een binnenlocatie, het MECC. Dit maakte het evenement veel duurder en minder aantrekkelijk voor de carnavalvierders, die gewend zijn om buiten carnaval te vieren. De Sjeng Kraft Kompenei wilde daarom in 2020 graag terug naar ’t Vrijthof, maar was te laat voor de vergunningsaanvraag. De gemeente Maastricht wilde geen uitzondering maken.
Het is een van de voorbeelden die de Sjeng Kraft Kompenei het gevoel gaf dat de gemeente Maastricht eerder tegenwerkte dan wilde samenwerken. Daarom gingen zij op zoek naar een andere locatie voor het evenement. De media bracht onder de aandacht dat er geen plek meer was voor de11devande11de in Maastricht, waarna de Sjeng Kraft Kompenei vanuit drie verschillende gemeenten het aanbod kreeg om het evenement daar te organiseren. Uiteindelijk heeft de Sjeng Kraft Kompenei voor Roermond gekozen vanwege de centrale ligging van Roermond in de provincie en de goede bereikbaarheid van het plein vanuit het NS-station. De gesprekken met de gemeente Roermond zijn in 2020 gestart. Dit jaar vindt de derde editie van de11devande11de in Roermond plaats (nadat het evenement vanwege corona in 2020 en 2021 werd geannuleerd). De Sjeng Kraft Kompenei en gemeente Roermond hebben de afspraak dat de11devande11de ook de komende vijf jaar in Roermond georganiseerd wordt. Deze afspraak ligt (nog) nergens formeel vast. De vergunning voor het evenement wordt elk jaar opnieuw aangevraagd. Dit betekent ook dat de voorwaarden jaarlijks kunnen veranderen. De Sjeng Kraft Kompenei heeft besloten om met kaartverkoop te gaan werken, omdat zij in Maastricht te maken kregen met een bezoekersstop. Als het terrein vol was, werd het terrein afgesloten.
Er was dan geen nieuwe aanloop meer toegestaan, ook niet als andere bezoekers het terrein verlieten. Hierdoor was het plein aan het einde van de avond ver leeg, wat zorgde voor gemiste drank inkomsten. Het terrein ging ieder jaar steeds eerder dicht, waardoor de situatie onhoudbaar werd. Bij kaartverkoop kunnen bezoekers van het terrein af en er later weer op. Daardoor blijft het aantal bezoekers stabiel. Alle drie de edities die in Roermond georganiseerd zijn, zijn uitverkocht. Eerdere edities waren er 17.500 kaarten beschikbaar, maar dit aantal heeft de Sjeng Kraft Kompenei op eigen initiatief teruggebracht naar 16.500. In hun ervaring passen er, met de huidige inrichting, maximaal 16.500 bezoekers op het plein. Met dat aantal zijn de eet- en drinkbuffetten nog op een aangename manier bereikbaar voor bezoekers. De Sjeng Kraft Kompenei was de eerste evenementenorganisatie
die op het Stationsplein met kaartverkoop ging werken (inclusief inzicht in no-show gegevens). Het is dan ook het eerste evenement dat de gemeente vrij precies inzicht geeft in daadwerkelijke bezoekersaantallen. Daarvoor had de gemeente, vanwege vrije entree, alleen een inschatting van de bezoekersaantallen. Rob en Bart denken dat een evenement op het Stationsplein door de dag heen best 25.000 bezoekers gehad kan hebben, omdat bezoekers elkaar afwisselen, maar geven aan dat 25.000 bezoekers tegelijkertijd niet past. Tijdens het evenement hebben de horecazaken aan het Stationsplein een eigen buitenbar en sluiten ze hun zaak af. De evenementenorganisatie verkoopt ook drank op het terrein. Van elke consumptie dragen de horecazaken, via het muntensysteem, 25% af aan de evenementenorganisatie. De horeca krijgt daar voordelen voor terug. Zij profiteren mee van het muziekprogramma dat de Sjeng Kraft Kompenei regelt, maar krijgen bijvoorbeeld ook de herbruikbare bekers aangeleverd die gebruikt worden omdat wegwerpplastic niet mer mag. De hele logistiek daar omheen, zoals het bestellen en het reinigen van de bekers, verzorgt de Sjeng Kraft Kompenei. Als de11devande11de afgelopen is om 20:00 uur openenen de horecazaken hun pand om het feest binnen voort te zetten. In de huidige situatie worden delen van het plein tijdens op- en afbouw dagen tijdelijk afgezet om veilig te kunnen werken.
Dit omdat de ervaring leert dat mensen uit gewoonte over het plein blijven lopen door de werkzaamheden heen. Drie dagen voor het evenement wordt de Singelring afgesloten (nacht van 7 op 8 november) om voorbereidingen te treffen, zoals het plaatsen van toiletten en het weghalen van de verkeerslichten. De plantenbakken worden verplaatst naar de Veldstraat en het Roermondje gaat naar de gemeentewerf. Op de dag van het evenement wordt het terrein afgesloten vanaf de toegangswegen (de Hamstraat en de Veldstraat). Oftewel, alleen op de dag van het evenement zijn de horecazaken op het Stationsplein niet vrij toegankelijk. Op de avond van het evenement zelf wordt gestart met afbouwen, omdat de afspraak met de hulpdiensten is dat de Singelring vanaf 22:00 uur weer vrij is van obstakels. Het plein zoals het nu is, is een fijne uitgangssituatie voor de evenementenorganisatie. Rob en Bart hebben geen bezwaar tegen het toevoegen van een flexibele groeninrichting. Als dat op het Stationsplein komt, vinden zij het ook geen probleem om een handje te helpen bij het verplaatsen en terugplaatsen ervan. Elke toevoeing van vaste groenelementen op het Stationsplein maakt het organiseren en op- en afbouwen van evenement ingewikkelder. De drie bestaande bomen op het Stationsplein staan bijvoorbeeld al behoorlijk in de weg.
Voor de11devande11de maakt de organisatie, vanwege deze bomen, gebruik van twee grote parasols. Dat doen zij alleen omdat zij rekening moeten houden met de bomen. Voor de Sjeng Kraft Kompenei is vrij zicht op het podium de hoogste prioriteit. De plek waar het podium staat is om geluidstechnische redenen de meest logische plek. Rob waakt ervoor dat het zicht zo min mogelijk belemmerd wordt door obstakels. Als voorbeeld noemt hij het gesprek dat hij jaarlijks met L1 heeft over de camerastandpunten voor de live-uitzending van de11devande11de. Voor Rob is het belangrijk dat dit niet ten koste gaat van het zicht van het publiek op het podium. De mensen op het plein hebben een kaartje gekocht en gaan voor bij de keuzes die gemaakt worden. Als er meer vaste bomen op het plein komen, verwachten Rob en Bart dat het realistisch gezien niet meer mogelijk is om 16.500 mensen voor een evenement op het Stationsplein toe te laten. Zij geven aan dat het voor de Sjeng Krqaft Kompenei dan mogelijk niet langer interessant is om de11devande11de op het
Stationsplein te organiseren. Kort samengevat, Rob en Bart kunnen leven met alle vormen van groeninrichting die zij kunnen afdekken of weghalen. Maar als er in de toekomst groeninrichting op het Stationsplein komt waar zij omheen moeten werken, dan geeft dat problemen waar zij niet blij mee zijn. Rob en Bart dachten dat ‘vergroenen van het Stationsplein’ ook zou gaan over verduurzamen. Zij zijn als evenementenorgansatie veel bezig met maatregelen treffen om de11devande11de milieuvriendelijker te maken. Ze hopen dat bij de herinrichting van het plein, afhankelijk van hoe ingrijpend deze wordt, ook gekeken wordt naar de wensen van evenementenorganisaties. Zo kunnen er misschien dingen in het ontwerp worden opgenomen die de op- en afbouwsituatie voor evenementen gemakkelijker maakt of die hun helpen om duurzaamheids-maatregelen te nemen. Zij denken bijvoorbeeld aan een buis onder de Singelring door om kabels doorheen te leggen of verzwaren van de stroomput op het Stationsplein, zodat zij bij evenementen niet met grote aggregaten hoeven te werken.