Bijlage 3: Toelichting
Tekst van het document
Princenweg 42a 6002 AK Weert T 06 - 294 209 18 E ester@buro-ester.nl I www.buro-ester.nl
Bestemmingsplan ‘ Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum ’ Toelichting Gemeente Roerdalen
Toelichting Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ Gemeente Roerdalen
Plangebied:
Herkenbosserweg ongenummerd, Vlodrop Kadastraal bekend als gemeente Vlodrop, sectie G, nummer 802, 803, 1753, 1754 (allen geheel) en 1766 (gedeeltelijk)
Datum:
30 mei 2024
Status:
vastgesteld
IMRO-code:
NL.IMRO.1669.BPHerkenbw2-VG01
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
2
Inhoudsopgave
1.
2.
3.
4.
5.
Inleiding ..............................................................................................................................................5 1.1.
Aanleiding en doel ............................................................................................................................ 5
1.2.
Ligging van het plangebied ............................................................................................................... 6
1.3.
Geldend bestemmingsplan .............................................................................................................. 6
1.4.
Leeswijzer ......................................................................................................................................... 7
Planbeschrijving uitbreiding Tuincentrum Schmitz ..............................................................................8 2.1.
Gebiedsbeschrijving ......................................................................................................................... 8
2.2.
Voorgenomen ontwikkeling ........................................................................................................... 11
Beleidskader...................................................................................................................................... 17 3.1.
Rijksbeleid ...................................................................................................................................... 17
3.2.
Provinciaal beleid ........................................................................................................................... 19
3.3.
Regionaal beleid ............................................................................................................................. 23
3.4.
Gemeentelijk beleid ....................................................................................................................... 25
Onderzoeksaspecten ......................................................................................................................... 28 4.1.
Inleiding .......................................................................................................................................... 28
4.2.
Vormvrije m.e.r.-beoordeling......................................................................................................... 28
4.3.
Bedrijven en milieuzonering .......................................................................................................... 29
4.4.
Bodem ............................................................................................................................................ 32
4.5.
Geluid ............................................................................................................................................. 33
4.6.
Luchtkwaliteit ................................................................................................................................. 33
4.7.
Geur................................................................................................................................................ 35
4.8.
Externe veiligheid ........................................................................................................................... 36
4.9.
Waterparagraaf .............................................................................................................................. 38
4.10.
Wet natuurbescherming ................................................................................................................ 40
4.11.
Archeologie en cultuurhistorie ....................................................................................................... 44
4.12.
Verkeer en parkeren ...................................................................................................................... 45
Juridische planopzet .......................................................................................................................... 47 5.1.
Planstukken .................................................................................................................................... 47
5.2.
Verbeelding .................................................................................................................................... 47
5.3.
Regels ............................................................................................................................................. 47
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
3
6.
Uitvoerbaarheid ................................................................................................................................ 50 6.1.
Economische uitvoerbaarheid ....................................................................................................... 50
6.2.
Maatschappelijke uitvoerbaarheid ................................................................................................ 50
6.3.
Procedure ....................................................................................................................................... 50
Bijlagen:
1.
Indeling Tuincentrum Schmitz
2.
Vooronderzoek bodem Herkenbosserweg 2 te Vlodrop - BodemInzicht, 12 september 2022
3.
Toelichtende memo behorende bij Aerius-berekening Herkenbosserweg 2 te Vlodrop en Aerius-berekening - NOx Advies, 20 februari 2024
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
4
1.
Inleiding
1.1.
Aanleiding en doel
Sinds 1994 wordt aan de Herkenbosserweg 2 in Vlodrop een tuincentrum geëxploiteerd, destijds ontstaan na beëindiging van het agrarisch bedrijf (konijnenfokkerij). Tuincentrum Schmitz is een familiebedrijf, inmiddels in handen van de tweede generatie. In de afgelopen jaren heeft het bedrijf zich ontwikkeld tot een gespecialiseerd bedrijf, gericht op de Nederlandse en Duitse markt. Enkele jaren geleden heeft het bedrijf het naastgelegen agrarisch perceel G802 aangekocht. Voornemen is dit bij het tuincentrum te betrekken in de vorm van parkeerruimte en buitenverkoopruimte.
Afbeelding 1. Luchtfoto Herkenbosserweg ongenummerd en verdere omgeving, bestaand deel tuincentrum met stippellijn weergegeven (bron: pdok.nl)
Het perceel G802 is bestemd als ‘Agrarisch met waarden – Landschapswaarden – 1’. Volgens de bestemmingsregels is op dit perceel agrarisch grondgebruik toegestaan, evenals het behoud en ontwikkeling van landschappelijke en cultuurhistorische waarden. Het bestaande deel van het tuincentrum is bestemd als ‘Detailhandel – Tuincentrum’. De wens van initiatiefnemer om het perceel in gebruik te nemen als onderdeel van het tuincentrum past niet rechtstreeks binnen het vigerende bestemmingsplan "Buitengebied Roerdalen – 2e herziening". Het college van burgemeester en wethouders heeft echter besloten in te stemmen met uitbreiding van het tuincentrum in de vorm van parkeerplaats en buitenverkoopterrein. Aan de principemedewerking zijn een aantal voorwaarden verbonden. Om de beoogde uitbreiding van het tuincentrum aan de Herkenbosserweg 2 te regelen, is voorliggend bestemmingsplan opgesteld. In hoofdstuk 3 wordt inhoudelijk op de gestelde voorwaarden ingegaan.
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
5
1.2.
Ligging van het plangebied
Het plangebied is gelegen in het buitengebied van de gemeente Roerdalen, circa 2 kilometer ten noordoosten van Vlodrop en ruim 1 kilometer ten zuidoosten van Herkenbosch. De locatie wordt ontsloten door de doorgaande Herkenbosserweg en secundaire Veeweg. De Herkenbosserweg N 570 vormt de verbinding vanuit Roermond, via Herkenbosch naar Duitsland. De Veeweg is een secundaire weg in het buitengebied die voornamelijk wordt gebruikt door bestemmingsverkeer. Het bestaande tuincentrum is gevestigd op het adres Herkenbosserweg 2. Het plangebied bestaat uit de percelen, kadastraal bekend als gemeente Vlodrop, sectie G, nummers 802, 803, 1753, 1754 (allen geheel) en 1766 (gedeeltelijk).
Afbeelding 2. Ligging plangebied Herkenbosserweg ongenummerd en directe omgeving (bron: pdok.nl)
Het gebied kan worden gekarakteriseerd als buitengebied langs een doorgaande weg met verspreid liggende bebouwing, omgeven door agrarische gronden, natuur en landschapselementen. Stedelijke functies zijn op enige afstand gelegen.
1.3.
Geldend bestemmingsplan
Voor het plangebied geldt het bestemmingsplan "Buitengebied Roerdalen, 2e herziening” van de gemeente Roerdalen (vastgesteld 21 april 2016). Op 23 mei 2019 is het bestemmingsplan “Facetbestemmingsplan Vervallen bestemmingsplanregeling huisvesting (buitenlandse)
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
6
werknemers” vastgesteld door de gemeenteraad. Hierin zijn voor het plangebied en de beoogde ontwikkeling geen relevante wijzigingen opgenomen. De gronden zijn in het geldend bestemmingsplan bestemd als ‘Detailhandel – Tuincentrum’ en ‘Agrarisch met waarden – Landschapswaarden - 1’. Delen van het als ‘tuincentrum’ bestemde deel zijn aangewezen als bouwvlak. Binnen de agrarische bestemming is geen bouwvlak toegekend. Wel gelden voor het plangebied de dubbelbestemmingen ‘Waarde – Archeologie – 5’ en ‘Waarde Archeologie – 6’ en de gebiedsaanduiding ‘milieuzone – roerdalslenk III’.
Afbeelding 3. Uitsnede bestemmingsplan ‘Buitengebied Roerdalen – 2e herziening’ perceel G802 en directe omgeving (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
In het geldend plan zijn geen wijzigings-, uitwerkings- of afwijkingsbevoegdheden opgenomen, waarmee de gewenste uitbreiding van het tuincentrum gerealiseerd kan worden. Om binnen het plangebied exact de mogelijkheden te bieden die gewenst zijn, is dit ‘postzegel’bestemmingsplan opgesteld.
1.4.
Leeswijzer
Het volgende hoofdstuk van deze toelichting beschrijft de huidige en gewenste situatie in het plangebied. Vervolgens wordt deze gewenste ontwikkeling in hoofdstuk 3 afgezet tegen de relevante beleidskaders. Hoofdstuk 4 toetst de milieugevolgen, waarna in hoofdstuk 5 de juridische planbeschrijving is opgenomen. Tenslotte behandelt hoofdstuk 6 de uitvoerbaarheid van het plan.
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
7
2.
Planbeschrijving uitbreiding Tuincentrum Schmitz
In dit hoofdstuk wordt een korte beschrijving gegeven van de bestaande situatie in het plangebied en de beoogde situatie na de voorgenomen ontwikkeling.
2.1.
Gebiedsbeschrijving
Het plangebied is al lange tijd in gebruik als tuincentrum en, voor het uitbreidingsdeel, agrarische productiegrond. Dit agrarisch gebruik bestaat afgelopen jaren uit gras-/ hooiland, eerdere jaren heeft ook akkerbouw plaatsgevonden. Uit historische kaarten blijkt dat het agrarisch gebruik in elk geval al dateert vanaf begin 1900. Ook wordt uit deze kaarten duidelijk dat destijds reeds bebouwing aanwezig was op de locatie Herkenbosserweg 2.
Afbeelding 4 t/m 9. Ontwikkeling plangebied op historische topografische kaarten 1900 – 2021 (bron: topotijdreis.nl)
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
8
Het uitbreidingsdeel van het tuincentrum is geheel onbebouwd en kent geen beplanting, behoudens voor de agrarische bedrijfsvoering. Het gehele terrein is op dit moment onverhard, en zover bekend nooit verhard geweest. De omvang van het perceel bedraagt 5.990 m2. Het bestaande deel van het tuincentrum omvat de percelen kadastraal bekend als gemeente Vlodrop, sectie G, nummers 803, 1753, 1754, 1765 en 1766 en heeft een totale omvang van 27.920 m2. Hierop is wel bebouwing aanwezig in de vorm van hallen en een kas. Deze bebouwing is in gebruik als verkoopruimte, logistiek en ondersteunende ruimte. De buitenruimte heeft naast deze functies ook de functie parkeren.
Afbeelding 10. Plangebied en omgeving, met de in de BAG vastgelegde bebouwing (bron: pdok.nl)
Afbeelding 11. Zicht op het plangebied met links de uitbreidingsruimte en rechts het bestaande deel van Tuincentrum Schmitz Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
9
Afbeelding 12. Zicht op het plangebied vanaf de zuidzijde/ Veeweg
Afbeelding 13. Zicht vanuit de Veeweg over de uitbreidingsruimte naar het bestaande deel van Tuincentrum Schmitz
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
10
Het gebied kenmerkt zich als een agrarisch landschap omgeven door natuurlijke elementen en natuurgebied. De bebouwing is met name geconcentreerd aan de doorgaande Herkenbosserweg. Van oorsprong had de agrarische bedrijvigheid de overhand. Door de jaren heeft een aantal agrarische locaties een bedrijfsfunctie of burgerwoonfunctie gekregen. Ten zuiden van het plangebied, aan de overzijde van de Veeweg, ligt eveneens een tuincentrum. De Herkenbosserweg is een provinciale weg bestaande uit 2 rijstroken met vrijliggend fietspad. Ter plaatse van de inrit van het tuincentrum zijn aparte in- en uitvoegstroken aanwezig. De Veeweg is een secundaire weg in het buitengebied, voornamelijk ter ontsluiting van aangrenzende (agrarische) percelen. Deze weg bestaat uit één rijbaan met plaatselijk brede bermen, maar zonder verdere beplanting of verkeersvoorzieningen. Er zijn geen rijbaanmarkering of langzaamverkeersvoorzieningen aanwezig.
2.2.
Voorgenomen ontwikkeling
Het agrarisch deel van het plangebied, perceel G802, is enkele jaren geleden aangekocht door Tuincentrum Schmitz en inmiddels is de wens ontstaan om dit bij de bedrijfsvoering te betrekken. Het terrein wordt ingericht als parkeerterrein en buitenverkoopruimte, beide functies in het verlengde van het aangrenzend terrein dat reeds deel uitmaakt van het tuincentrum. De voorste ca. 810 m2 wordt ingericht voor parkeren, waarbij de indeling van het bestaande parkeerterrein wordt voortgezet. Het betreft 4 stroken schuin parkeren met een doorgaande route en in de middenstrook enkele groenelementen. Het parkeerterrein dient ter vervanging van de noodparkeerplaats, die aan de noordzijde van het bedrijf gelegen is. Een braakliggend deel, grenzend aan het formele parkeerterrein, is hier door de tijd gaan dienen als noodoverloop op drukke dagen. Dit terrein is echter niet ingericht ten behoeve van parkeren, waardoor verkeersstromen chaotisch verlopen hetgeen de verkeersveiligheid niet bevordert. Ook ligt dit deel op aanzienlijke afstand van de entree waardoor bezoekers relatief ver moeten lopen naar en van de winkel. Door de ingebruikname van een deel van het plangebied voor parkeren wordt de verkeersveiligheid vergroot evenals het gebruiksgemak voor bezoekers.
Het zuidwestelijk deel van het plangebied, met een omvang van ongeveer 3.550 m2, wordt ingericht als buitenverkoopruimte, aansluitend bij het bestaande buitenverkoopdeel. Deze gronden worden met name benut voor uitstalling van producten, waarbij gebruik kan worden gemaakt van themavelden, kleinschalig aan het bedrijf verwant gebruik ter (kinder)vermaak en/ of educatieve objecten (te denken valt aan een kleinschalige kinderboerderij of enkele natuurlijke speelelementen). Binnen de uitbreidingslocatie wordt geen bouwvlak toegekend. Het oprichten van gebouwen en overkappingen is niet toegestaan. Rond de parkeergelegenheid en buitenverkoopruimte wordt een robuuste groenstructuur aangelegd.
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
11
Afbeelding 14. Referentiebeeld/ Bestaande buitenverkoopruimte Tuincentrum Schmitz
Afbeelding 15. Referentiebeeld/ Bestaand parkeerterrein Tuincentrum Schmitz
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
12
Afbeelding 16. Weergave toekomstige inrichting uitbreidingsdeel plangebied
Motivering situering uitbreiding De indruk kan bestaan dat binnen het geldende bestemmingsvlak ‘Detailhandel - Tuincentrum’ nog ruimte aanwezig is om de gewenste uitbreiding te realiseren. Dit merendeels onbebouwde terrein aan de noordzijde van het bedrijf is echter wel degelijk in gebruik ten dienste van de bedrijfsvoering. Ook zijn er overige redenen om dit terrein niet om te vormen tot buitenverkoopruimte. Eén en ander wordt hieronder nader omschreven. De belangrijkste functies op het bedrijf zijn de binnen- en buitenverkoopruimte van het tuincentrum, de binnen- en buitenlogistiek, het parkeerterrein voor bezoekers en de bedrijfswoning. Tevens is een waterbekken aanwezig waar het hemelwater wordt opgevangen ten behoeve van hergebruik en zijn er ondersteunende ruimtes zoals kantoor en kantine. Verwezen wordt naar bijlage 1 voor een weergave van de functies op het terrein. De bedrijfsopzet is bewust zodanig dat het bezoekersdeel en logistieke deel zoveel mogelijk gescheiden zijn. Dit heeft drie belangrijke voordelen: 1. 2.
3.
Efficiënte en praktische bedrijfsvoering door het clusteren van deelfuncties; Zo min mogelijk ‘kruisingen’ tussen het vrachtverkeer en de bezoekers ten behoeve van de verkeersveiligheid. Deze verkeersstromen worden direct na de inrit zoveel mogelijk gescheiden om onveilige situaties te voorkomen; De situering en indeling van de verkoopruimtes (binnen en buiten) is bepalend voor de noodzakelijke inzet van personeel. Door clustering en een overzichtelijke terreinindeling kan hier op een efficiënte manier mee omgegaan worden.
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
13
Afbeelding 17. Uitsnede Indeling Tuincentrum Schmitz (volledige afbeelding in bijlage)
Daarnaast is de huidige indeling van uit een aantal andere aspecten gewenst. Zichtbaarheid en aantrekkingskracht entree De bezoekersentree van het bedrijf is iets links van het midden van het hoofdgebouw gelegen. Het is gewenst dat bezoekers vanuit de parkeerplaats direct zicht hebben op de entree. Dit maakt het terrein voor het gevoel van de bezoeker overzichtelijker en werkt uitnodigender. Daarnaast geldt in het algemeen dat bezoekers graag zo dicht mogelijk bij de ingang parkeren. Sociale veiligheid Een overzichtelijk parkeerterrein aan de openbare weg draagt bij aan de sociale veiligheid. Het creëren van parkeerruimte aan de zijkant van bebouwing en buiten de logische looproutes is ongewenst voor het veiligheidsgevoel van bezoekers. Ook is de kans op ongenode gasten die geen bezoek komen brengen aan het tuincentrum bij ‘achteraf-parkeergelegenheid’ groter. Gebruik gronden noordzijde In de noordwesthoek van het terrein is een waterbekken aanwezig dat zorgt voor het opvangen van het hemelwater, zodat dit hergebruikt kan worden binnen de bedrijfsvoering.
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
14
Het ten oosten en zuiden van het waterbekken gelegen terrein is voor 80% in gebruik voor logistieke doeleinden. Naast een beperkte mate van opslag dient het buitenterrein onder andere als manoeuvreerruimte naar de 3 laad- en losdocks aan de lange zijde van de loods (noordkant) en de rolpoort aan de achterzijde (westkant). Conclusie Het benutten van het noordelijk deel van het bedrijf voor de beoogde functies parkeren en buitenverkoopruimte is dan ook niet passend bij de bestaande bedrijfsopzet en uitgangspunten voor het gebruik van het terrein. Het mengen van verkeersstromen zou zorgen voor verslechtering van de verkeersveiligheid op het terrein, hetgeen initiatiefnemers wensen te voorkomen. De gronden aan de zuidzijde sluiten juist wel goed aan bij het bestaande parkeerterrein en de bestaande buitenverkoopruimte. De beoogde ontwikkeling is hier op een logische manier mogelijk. 2.2.1.
Landschappelijke inpassing
Ten behoeve van het planvoornemen is een landschappelijk inpassingsplan opgesteld, dat aansluit aan de direct aangrenzende omgeving en natuurdoeltype. Daarnaast is rekening gehouden met het karakter van het bedrijf en de ontwikkeling. Het opgestelde ‘Landschappelijk inpassingsplan Herkenbosserweg 2, Vlodrop’ (BNL advies, 12 maart 2024) is verankerd in en opgenomen als bijlage 3 van de regels bij dit bestemmingsplan. Het landschappelijk inpassingsplan bestaat uit diverse nieuw aan te leggen landschapselementen: • • •
Knip- en scheerhagen, Landschapsbomen, Houtsingel.
De bestaande structuur met een knip- en scheerhaag en landschapsbomen aan de zijde van de Herkenbosserweg wordt doorgezet. Daarnaast wordt een knip- en scheerhaag aangebracht tussen de parkeerplaats en buitenverkoopruimte. Langs de Veeweg en aan de zuidwestzijde van het plangebied, tegen de bestaande bosstrook, wordt een houtsingel met struikvormers en landschapsbomen aangeplant. De struikvormers hebben allemaal hun eigen functie voor fauna in het gebied. Ze bloeien op verschillende momenten in het jaar en zorgen met hun bessen voor voedsel voor vogels en zoogdieren. Ook is een houtsingel een belangrijke plaats voor vogels en zoogdieren om zich voort te planten en te schuilen bij gevaar. De houtsingel heeft een minimale breedte van 10 meter. Het inpassingsplan is in het voortraject enkele malen aangepast naar aanleiding van overleg met de provincie Limburg. Daarnaast is het plan voorgelegd aan de regionale Omgevingscommissie. Zij heeft op 30 november positief geadviseerd mits in de houtsingel circa 20 bomen daadwerkelijk uitgroeien tot boom (vergelijkbaar met solitaire bomen op de parkeerplaats). De reeds opgenomen boomsoorten, zomereik, gewone beuk en Hollandse linde, lenen zich hier goed voor. Initiatiefnemer kan zich hierin vinden en het inpassingsplan is hierop dan ook aangepast (versie 12 maart 2024).
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
15
Afbeelding 18. Landschappelijk inpassingsplan Herkenbosserweg 2 (bron: BNL advies)
De nieuwe aanplant bestaat in totaal uit: Type Landschapsbomen
Knip- en scheerhaag Houtsingel
Soort Liquidambar styraciflua Quercus robur Fagus sylvatica Tilia europaea Tilia cordata Photinia 'Red Robin' Ilex aquifolium Diverse boom- en struikvormers
Aantal 4 5 5 5 5 165 165 727
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
16
3.
Beleidskader
In dit hoofdstuk wordt voor zover relevant het ruimtelijke beleid voor het plangebied beschreven. De uitbreiding van parkeerterrein en buitenverkoopruimte, in combinatie met landschappelijke inpassing, vormt de belangrijkste ontwikkelingscomponent binnen het plangebied. Daarnaast worden op een deel van het bestaande terrein de mogelijkheden beperkt, zodat juridischplanologisch geborgd is dat hier geen publieksfuncties tot ontwikkeling komen in de toekomst. Gezien de aard van de ontwikkeling, wordt met name ingegaan op het zuidelijk deel van het plangebied.
3.1.
Rijksbeleid
3.1.1.
Nationale Omgevingsvisie
De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is op 11 september 2020 vastgesteld. Deze Omgevingsvisie vervangt de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte uit 2012. In de NOVI geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving voor Nederland. Het toekomstperspectief is 2050. Met de vaststelling van de NOVI wordt vooruitgelopen op de Omgevingswet, die naar verwachting in 2023 in werking treedt. De NOVI voldoet aan de eisen die de Omgevingswet stelt aan een omgevingsvisie. Zodra de Omgevingswet in werking treedt, zal deze omgevingsvisie dan ook gelden als de Nationale Omgevingsvisie in de zin van deze wet. Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. Het versterken van de omgevingskwaliteit staat in de NOVI centraal; alle plannen moeten met oog voor natuur, gezondheid, milieu en duurzaamheid gemaakt worden. Bij het maken van keuzes wordt gebruik gemaakt van drie afwegingsprincipes: 1. combinatie van functies gaat voor enkelvoudige functies; 2. kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal en; 3. afwentelen wordt voorkomen. Het Rijk wil daarbij sturen en richting geven op vier prioriteiten: 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; 2. Een duurzaam en (circulair) economisch groeipotentieel; 3. Sterke en gezonde steden en regio's; 4.
Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Het plan voor de uitbreiding van het tuincentrum met parkeren en buitenverkoopruimte op perceel G802 is van een dermate geringe omvang dat er op nationale schaal geen belangen in het geding zijn. Het rijksbeleid legt geen specifieke kaders of voorwaarden op aan deze ontwikkeling. Zo lang er geen sprake is van een nationaal belang laat het rijk de beoordeling en uitvoering van ontwikkelingen aan de provincies en gemeenten over. In de NOVI is een tabel opgenomen die weergeeft hoe de relatie is tussen de in de NOVI opgenomen nationale belangen, de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) en de uitvoeringsregels in het Besluit algemene regels ruimtelijke
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
17
ordening (Barro), het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) en het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) onder de Omgevingswet. De betreffende onderdelen en/of artikelen in het Barro, Bro, en straks Bkl, blijven ook na inwerkingtreding van de NOVI gelden. In het Barro is aangegeven welke gebieden, of projecten, van nationaal belang zijn en aanvullende toetsing behoeven. Om te bepalen of sprake is van strijdigheid met de belangen uit de SVIR dient daarom verder getoetst te worden aan het Barro. 3.1.2.
Besluit en ministriële regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Barro en Rarro)
In bovenbeschreven omgevingsvisie is bepaald welke kaderstellende uitspraken zodanig zijn, dat ze van invloed zijn op de ruimtelijke besluitvormingsmogelijkheden op provinciaal, regionaal en lokaal niveau. Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) verankert deze kaderstellende uitspraken juridisch. De Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro) vormt de bijbehorende ministeriële regeling. Op 30 december 2011 is het Barro en op 1 december 2020 de (gewijzigde) Rarro in werking getreden. In het Barro en Rarro zijn regels opgenomen ter bescherming van de nationale belangen. De regels moeten in acht worden genomen bij het opstellen van provinciale ruimtelijke verordeningen, bestemmingsplannen en ruimtelijke onderbouwingen. Het plangebied ligt niet in één van de gebieden waar het Barro of Rarro betrekking op heeft, zoals militaire terreinen of reserveringsgebieden voor nieuwe infrastructuur. De regels vormen dan ook geen belemmering voor de ontwikkeling. 3.1.3.
Ladder voor duurzame verstedelijking
In het geval van stedelijke ontwikkeling dient getoetst te worden aan de Ladder voor duurzame verstedelijking conform artikel 3.1.6, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). De ladder heeft als doel te komen tot een zorgvuldig ruimtegebruik waarbij goede afwegingen worden gemaakt waar gebouwd mag worden. Daarnaast is de ladder erop gericht om ontwikkelingen die een ruimtelijke impact hebben zoveel mogelijk binnen het bestaande stedelijk gebied op te vangen waardoor verstening van het buitengebied wordt tegengegaan. Het is een toetsingsinstrument dat gevolgd moet worden bij ruimtelijke ontwikkelingen. Toepassing van de ladder is verplicht voor initiatieven die nieuwe stedelijke ontwikkelingen mogelijk maken. Onder stedelijke ontwikkeling wordt verstaan: nieuwe bebouwing die een stedelijk karakter heeft zoals woningbouw, realisatie winkelruimte, kantoorpanden, bedrijventerreinen of overige stedelijke functies. Indien sprake is van een voorgenomen nieuwe stedelijke ontwikkeling, dan dient op grond van de herziene versie van de Ladder gemotiveerd te worden wat de behoefte is aan die ontwikkeling en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
18
De beoogde ontwikkeling bestaat uit toevoeging van een agrarisch perceel aan een bestaand tuincentrum. De toe te voegen gronden worden ingericht als parkeerterrein en buitenverkoopruimte. Het oprichten van bebouwing wordt niet toegestaan. Voordat de inhoudelijke toetsing aan de Ladder plaatsvindt, is vastgesteld of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling. Bij de ontwikkeling is geen sprake van het oprichten van nieuwe bebouwing, een belangrijke indicatie dat geen sprake is van een stedelijke ontwikkeling, zoals bedoeld in het Bro. Uit jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) blijkt dat een ontwikkeling zoals die bij Tuincentrum Schmitz niet als een stedelijke ontwikkeling in de zin van het Bro moet worden aangemerkt en bijgevolg niet aan de ladder hoeft te worden getoetst. Als onderbouwing wordt verwezen naar de uitspraak van de Afdeling d.d. 20 april 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:1075). De Afdeling overweegt in r.o.
9.4 als volgt: “Een bestemmingsplan dat ten opzichte van het voorheen geldende bestemmingsplan geen uitbreiding van de maximaal toegelaten oppervlakte aan bedrijfsbebouwing mogelijk maakt, maar alleen een planologische functiewijziging, voorziet in beginsel niet in een nieuwe stedelijke ontwikkeling als bedoeld in artikel 3.1.6, tweede lid, van het Bro, tenzij die planologische functiewijziging een zodanige aard en omvang heeft dat desalniettemin sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling (…).Zoals hiervoor is overwogen voorziet het plan ten opzichte van het vorige bestemmingsplan niet in uitbreiding van de bebouwingsmogelijkheden, en derhalve niet in nieuw ruimtebeslag, maar uitsluitend in uitbreiding van de gebruiksmogelijkheden. Naar het oordeel van de Afdeling brengt in dit geval de wijziging van het toegestane gebruik van het perceel niet met zich dat het plan een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt. (…).” In het onderhavige geval is geen sprake van een uitbreiding van de bedrijfsbebouwing, maar van een planologische functiewijziging. Op het perceel waar de uitbreiding is beoogd, zullen bouwwerken immers niet zijn toegestaan. Het gaat enkel om het gebruik als parkeerplaats en buitenverkoopruimte.
Bovendien is de beoogde planologische functiewijziging ook niet van zodanige aard en omvang dat desalniettemin sprake zou zijn van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Zowel ten noordwesten (Tuincentrum Schmitz) als ten zuidoosten (Tuincentrum Daniëls) zijn reeds grote tuincentra gevestigd. Gezien de omvang van beide tuincentra is de beoogde functiewijziging van in totaal ca. 6.000 m2, waarvan ruim 1.600 m2 wordt ingericht ten dienste van landschappelijke inpassing, niet als disproportioneel aan te merken. Op basis van het bovenstaande is geen sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling en is een toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking niet aan de orde.
3.2.
Provinciaal beleid
3.2.1.
Provinciale Omgevingsvisie (POVI)
Op 1 oktober 2021 hebben Provinciale Staten van Limburg Omgevingsvisie Limburg (POVI) vastgesteld. In de POVI is beschreven hoe de provincie richting wil geven aan toekomstbestendige
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
19
ontwikkelingen en hoe daarbij steeds de balans wordt gezocht tussen het beschermen én benutten van de fysieke leefomgeving. De provincie geeft met deze visie een doorkijk voor de periode 2021 tot 2030 – 2050. De visie bouwt deels voort op eerder gemaakte beleidskeuzes. In de omgevingsvisie staan drie hoofdopgaven centraal: 1. Een aantrekkelijke, sociale, gezonde en veilige leefomgeving; a. in stedelijk c.q. bebouwd gebied b. in landelijk gebied 2. Een toekomstbestendige, innovatieve en duurzame economie; inclusief landbouwtransitie; 3. Klimaatadaptatie en energietransitie. Deze opgaven spelen Limburg-breed, maar de accenten verschillen per gebied en per sector. Per sector is in de omgevingsvisie aangegeven wat de opgave is voor de sector, welke ambitie de provincie heeft met deze sector en welke keuzes worden gemaakt per sector. Ook voor de sector ‘werken’ is op deze manier beschreven welke richting de provincie de komende jaren op wil. De provincie is zich er van bewust dat voor de vestiging of uitbreiding van bedrijven geschikte huisvesting en ruimte noodzakelijk is. Door beperkt beschikbare ruimte of eisen van initiatiefnemers kan dat een probleem zijn. De provincie heeft de ambitie om ook in de toekomst te beschikken over genoeg werklocaties en goede ontwikkelruimte voor bestaande en nieuwe bedrijven: bedrijventerreinen, kantoorlocaties en winkelgebieden.
Samen met gemeenten en/of eigenaren werkt de provincie de komende jaren toe naar werklocaties die zowel in kwantitatief als kwalitatief opzicht aan de maat zijn. Uitgangspunt is daarbij zo efficiënt mogelijk om te gaan met het ruimtebeslag. Nieuwe bedrijven vestigen zich bij voorkeur op bestaande werklocaties. Bij de vestiging van nieuwe bedrijven streeft de provincie zo veel mogelijk naar multifunctioneel ruimtegebruik. Tussen het bestaande tuincentrum en de openbare Veeweg is een smal agrarisch perceel gelegen. Een omvang van bijna 6.000 m2 zonder aangrenzende landbouwgronden kent geen duurzaam agrarisch toekomstperspectief. Wel is het perceel uitermate geschikt voor de uitbreiding en optimalisatie van het aangrenzend tuincentrum. Het bedrijf kan worden geoptimaliseerd, zonder een inbreuk te doen op het landschap of agrarische gronden met toekomstperspectief. Met de uitbreiding van het tuincentrum op perceel G802 wordt de noodparkeerplaats aan de noordzijde overbodig, hetgeen een bijdrage levert aan de kwaliteit, uitstraling en verkeersveiligheid van het bedrijf. De beschikbare ruimte wordt optimaal gebruikt doordat aangesloten wordt bij de bestaand parkeer- en verkoopruimte. Het landelijk gebied in Limburg is heel aantrekkelijk. Het provinciaal beleid is er op gericht om dit zo te houden.
Met nieuwe stedelijke ontwikkelingen in het buitengebied wordt dan ook zeer terughoudend omgegaan. Het plan is niet gericht op een nieuwe stedelijke ontwikkeling of verstening. Het toekomstperspectief van een bedrijf met lokale en regionale/ internationale afzetmarkt wordt met de ontwikkeling versterkt. Er vindt geen verstening plaats en de locatie wordt zorgvuldig ruimtelijk ingepast. Hoewel uitbreiding van de publieksgerichte activiteiten aan de noordzijde van Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
20
het bedrijf geenszins in de lijn der verwachting ligt, wordt aan noordzijde volledigheidshalve een aanduiding opgenomen, waarmee wordt voorkomen dat dit gebruik hier in de toekomst gaat plaatsvinden. De beoogde ontwikkeling past dan ook binnen de beleidslijnen uit de Provinciale Omgevingsvisie. 3.2.2.
Omgevingsverordening Limburg 2014
In de Omgevingsverordening Limburg 2014 staan de regels die nodig zijn/ waren om het omgevingsbeleid van het POL2014 juridische binding te geven. Het POL2014 is inmiddels vervangen door de Provinciale Omgevingsvisie en als opvolger van de Omgevingsverordening Limburg 2014 heeft de Ontwerp Omgevingsverordening Limburg ter inzage gelegen. Deze is echter nog niet vastgesteld, waardoor de kaders uit de Omgevingsverordening Limburg 2014 vooralsnog van toepassing zijn. De Omgevingsverordening is vastgesteld op 12 december 2014 en bevat de kaders voor een aantal beleidsvelden (onder andere vanuit de Provinciale milieuverordening, de Wegenverordening en het aspect Ruimte). Sinds 2014 zijn er enkele wijzigingsverordeningen vastgesteld. De meest recente, geconsolideerde versie dateert van 22 november 2019. In de verordening is het plangebied aangewezen als ‘Landelijk gebied – Midden-Limburg’ en als ‘Bronsgroene landschapszone’. De kernkwaliteiten in de Bronsgroene landschapszone zijn het groene karakter, het visueel-ruimtelijk karakter, het cultuurhistorisch erfgoed en het reliëf.
Afbeelding 19. Uitsnede kaartbeeld Kwaliteitskaart landschap, Landschapskader Noord- en Midden-Limburg voor uitbreidingslocatie binnen plangebied (bron: provincie Limburg)
De kwaliteiten zijn nader vastgelegd in het Landschapskader Noord- en Midden-Limburg. Uit de Kwaliteitskaart (kaart 4) van dit kader blijkt dat het plangebied is aangewezen als ‘Kampen en oude graslanden’. Van oorsprong is hierbij sprake van een kleinschalig gebied met houtwallen. Het Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
21
betreft een door de mens gecreëerd landschapstype met van oorsprong beslotenheid en bebouwingsarm. Het deel van het plangebied waar de uitbreiding beoogd is, bestaat uitsluitend uit een agrarisch perceel zonder natuur- of landschapswaarden. Ook is er geen sprake van cultuurhistorische elementen of fysisch geografische waarden. Het perceel wordt aan drie zijden begrensd door de openbare weg en aan de laatste zijde door Tuincentrum Schmitz. Als gevolg van deze ligging is geen sprake van een waardevol visueel-ruimtelijk karakter. De karakteristiek van het kampenlandschap is ter plaatse, gelegen tussen de twee tuincentra, niet (meer) als zodanig herkenbaar. Uit de AHNkaarten blijkt dat geen sprake is van een bolle akker.
Afbeelding 20. Uitsnede hoogtekaart met hoogteprofiel uitbreidingsdeel (bron: AHN viewer)
Het perceel wordt benut voor uitbreiding van een bestaand tuincentrum, waarbij geen bebouwing wordt opgericht. Het geheel wordt zorgvuldig landschappelijk ingepast. Op dit moment zijn niet tot nauwelijks groene waarden op het perceel aanwezig. Met de inpassing worden deze toegevoegd. Het plan doet dan ook geen afbreuk aan aanwezige waarden in de Bronsgroene landschapszone.
Afbeelding 21. Uitsnede kaartbeeld Beschermingszones natuur en landschap, Geconsolideerde versie Omgevingsverordening Limburg 2014 (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
22
Voor het aspect ‘Detailhandel’ is in artikel 2.4.3 van de omgevingsverordening bepaald dat een ruimtelijk plan, zoals een bestemmingsplan, voor een gebied gelegen in de regio Midden-Limburg, niet mag voorzien in de toevoeging van vestigingsmogelijkheden voor detailhandel aan de bestaande voorraad detailhandel alsmede aan de bestaande planvoorraad detailhandel anders dan in overeenstemming met de thematische principes zoals beschreven in paragraaf 6.3 van POL2014, het beleidskader werklocaties Midden-Limburg en de bestuursafspraken regionale uitwerking POL2014 voor de regio Midden-Limburg. Het resultaat van de regionale toetsing en afstemming is opgenomen in paragraaf 3.3. In het POL2014 is de Limburgse ambitie voor detailhandel vastgelegd. Gestreefd wordt naar een gezonde detailhandelsmarkt, die goed inspeelt op maatschappelijke ontwikkelingen. Voor winkels wordt gesteld dat sprake is van kwantitatieve (overschot) en kwalitatieve opgaven. Er wordt gestreefd naar een goede balans, waarin ook de grootschalige winkelgebieden aan de rand van de steden, dorpen en wijken worden meegenomen. Tuincentrum Schmitz is al tientallen jaren aanwezig als familiebedrijf waar service en klantvriendelijkheid centraal staat. Er is sprake van een omvangrijke lokale en regionale/ internationale klantenkring.
Bij het bedrijf werken jaarrond circa 45 personen, waardoor het bedrijf ook een belangrijke bijdrage levert aan de lokale arbeidsmarkt. Het plan voorziet niet in een nieuwe detailhandelsvestiging maar uitsluitend in uitbreiding van de bestaande (onbebouwde) voorzieningen op een tussenperceel. Hiermee wordt meer kwaliteit en beleving geboden en de bestaande detailhandelsfunctie versterkt. De ontwikkeling past dan ook binnen de randvoorwaarden van de omgevingsverordening en het flankerend beleid.
3.3.
Regionaal beleid
Regionaal beleidskader werklocaties Midden-Limburg In het regionaal beleidskader werklocaties Midden-Limburg worden tuincentra ondergebracht in de categorie “perifere detailhandel”. Ten aanzien van (onder andere) die tuincentra is bepaald dat het een vorm van detailhandel betreft die zich in principe in alle regiogemeenten op de daartoe aangewezen perifere locaties (perifere concentraties, bedrijventerreinen of delen daarvan) mogen vestigen, mits qua omvang passend bij de verzorgingsfunctie van de kern of de locatie. In het beleidskader is specifiek ingegaan op de tuincentra Schmitz en Daniëls, welke naast elkaar zijn gelegen, en wordt tevens de link met winkelcentrum Rothenbach gelegd: “Het winkelcentrum Rothenbach is een winkelcentrum direct aan de grens met Duitsland dat zich specifiek richt op de Duitse kooptoerist. Het winkelcentrum kent een mix van dagelijks en niet dagelijks winkelaanbod en horeca. Op een hoger schaalniveau ligt winkelcentrum Rothenbach in een gebied dat ook wel wordt aangeduid als de ‘Gouden Driehoek’ en zich uitstrekt ongeveer tot aan de kernen Vlodrop en Herkenbosch. De (perifere) detailhandel in dit gebied, waaronder twee tuincentra aan de Herkenboscherweg, draait ook voor een belangrijk deel op het bezoek van Duitse kooptoeristen.
In het algemeen geldt dat eventuele initiatieven voor ontwikkelingen in dit gebied, ook indien een behoefte aan uitbreiding kan worden aangetoond, met oog op leefbaarheid bij voorkeur landen in de nabijgelegen kernen.”
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
23
Uit deze passage blijkt duidelijk dat het winkelaanbod in de “Gouden Driehoek” voor een groot deel draait op Duitse kooptoeristen. Deze vormen dan ook een groot aandeel in het cliënteel van Tuincentrum Schmitz. Toetsing voorgenomen ontwikkeling Tuincentrum Schmitz Toegepast op Tuincentrum Schmitz is het uitgangspunt dat het bedrijf reeds sinds 1994 ter plaatse is gevestigd, na beëindiging van het agrarisch bedrijf (konijnenfokkerij). In de afgelopen jaren heeft het bedrijf zich ontwikkeld tot een gespecialiseerd bedrijf, gericht op de Nederlandse en Duitse markt. De wens tot uitbreiding van het bedrijf is uiteraard niet plots opgedoken, maar betreft een proces van jaren. De vraag of de uitbreiding qua omvang past bij de verzorgingsfunctie van de kern of de locatie, moet volgens initiatiefnemer dan ook positief worden beantwoord. De jarenlange bedrijfsontwikkeling toont aan dat een uitbreiding van de parkeerplaats en van de buitenverkoopruimte voorziet in een aanwezige behoefte. Hoewel het bedrijf in zijn huidige vorm reeds beschikt over 190 parkeerplaatsen, blijkt dit op drukke dagen toch niet voldoende te zijn om het aantal klanten te verwerken. Regelmatig wordt dan ook gebruik gemaakt van het braakliggend stuk terrein van het bedrijf tussen de bedrijfswoning, parkeerplaats en het gebouw van het tuincentrum als “overloop parkeerplaats”.
Hieruit moet worden afgeleid dat het tuincentrum goed draait en dat een uitbreiding van de parkeerplaats zeker voorziet in een aanwezige behoefte. De uitbreiding van het oppervlak zorgt namelijk voor circa 50 extra parkeerplaatsen. Uitgaande van gemiddeld 4 unieke voertuigen per plek per dag, wordt ruimte gecreëerd voor 200 voertuigen per dag. Wat de uitbreiding van de buitenverkoopruimte betreft, toont de jarenlange ervaring en groei van het bedrijf aan dat ook deze ontwikkeling voorziet in een aanwezige verzorgingsfunctie van de locatie. Daarbij is typerend dat het verzorgingsgebied van deze locatie zich niet enkel beperkt tot de kern, maar door de aard van de goederen veel groter is, namelijk de Nederlandse en Duitse klanten. Dit wordt ook bevestigd in het Regionaal beleidskader werklocaties Midden Limburg, waar ten aanzien van de “Gouden Driehoek” het belang van de Duitse consument uitdrukkelijk wordt vermeld. Daarbij wordt geconstateerd dat de omvang van de verzorgingsfunctie van deze locatie alleen maar groter lijkt te worden. Getuige daarvan zijn de recente ontwikkelingen bij Rothenbach (uitbreiding oppervlakte detailhandel inclusief brancheringsregeling) en het verzoek tot uitbreiding van Beatrix Hout (dat vlakbij Tuincentrum Schmitz is gelegen en ook een groot aantal Duitste klanten ontvangt).
Op basis van het bovenstaande wordt geconcludeerd dat een uitbreiding van Tuincentrum Schmitz past binnen de verzorgingsfunctie van deze locatie. Deze uitbreiding kan enkel plaatsvinden op de huidige locatie van het bedrijf, aangezien de aard van de verkochte goederen en het daarmee gepaard gaande verkeer niet passend is in een kern. Dat is dan ook de reden waarom deze ontwikkeling geen belemmering vormt voor alle andere detailhandel in de kernen. Over het initiatief is een positief advies afgegeven door het Samenwerkingsverband MiddenLimburg (SML), werkveld economie.
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
24
3.4.
Gemeentelijk beleid
3.4.1.
Omgevingsvisie Roerdalen 2050
De Omgevingsvisie Roerdalen 2050 is op 8 juli 2021 vastgesteld door de gemeenteraad. In de omgevingsvisie staat wat de gemeente Roerdalen voor de lange termijn belangrijk vindt voor de fysieke leefomgeving. In de visie is vastgelegd dat de gemeente MKB bedrijven waar mogelijk faciliteert en ondersteunt in het behouden van hun concurrentiepositie. Waar mogelijk worden bedrijven in de gelegenheid gesteld noodzakelijke/ gewenste ontwikkelingen door te voeren. De toevoeging van perceel G802 als parkeerterrein en buitenverkoopruimte zorgt voor Tuincentrum Schmitz voor een belangrijke bijdrage aan het optimaliseren van het bedrijf en toekomstperspectief. De noodparkeerplaats wordt vervangen door een volwaardige uitbreiding van het parkeerterrein, hetgeen de bereikbaarheid en verkeersafwikkeling ten goede komt. De algemene koers is in de Omgevingsvisie uitgewerkt in zeven leidende thema’s. Eén van deze thema’s is ‘Ondernemend Roerdalen’. Hierin wordt als focuspunt onder meer benoemd het duidelijk kaders stellen aan (door)ontwikkeling van solitaire bedrijven. De kaders voor de mogelijke ontwikkeling van perceel G802 tot onderdeel van Tuincentrum Schmitz zijn vastgelegd in het principebesluit. Er zijn geen gebouwen en overkappingen toegestaan en er dient voorzien te worden in een zorgvuldige landschappelijke inpassing.
Het perceel vormt een afgebakend geheel, waardoor de aard en omvang van de ontwikkeling ruimtelijk automatisch is ingekaderd. Daarbij is reeds bepaald dat uitbreiding van het bestaande bouwvlak niet aan de orde is, hetgeen juridisch-planologisch is verankerd in voorliggend bestemmingsplan. Tuincentrum Schmitz ligt in een cluster met het naastgelegen tuincentrum en vormt een trekpleister voor Nederlandse en Duitse bezoekers. De gemeente is positief over continuering en optimalisering van deze functie. 3.4.2.
Kwaliteitskader Roerdalen
Het gemeentelijk Kwaliteitskader maakt onderdeel uit van de Omgevingsvisie en heeft als doel de kwaliteit van het buitengebied te beschermen en verbeteren. Ruimtelijke ontwikkelingen in het buitengebied dienen gepaard te gaan met een kwaliteitsbijdrage. Deze bestaat in elk geval uit landschappelijke inpassing en afhankelijk van het initiatief tevens uit een bijdrage ‘aanvullende kwaliteit’. Ten behoeve van de ontwikkeling is een inpassingsplan opgesteld, waarmee de landschappelijke inpassing in de omgeving wordt geborgd (zie ook paragraaf 2.2.1). Daarnaast is sprake van een aanvullende kwaliteitsbijdrage overeenkomstig module 7b; Uitbreiding solitaire (commerciële) bedrijven/ kantoren (niet aan huis). De bijdrage voor deze ontwikkeling bedraagt € 1,-/m2 nieuw ruimtegebruik en zal door initiatiefnemer worden afgedragen. Het initiatief is behandeld in de regionale Omgevingscommissie op 30 november 2023. De commissie heeft ingestemd met het plan, mits een aantal (circa 20) bomen in de houtsingel ook daadwerkelijk mogen doorgroeien tot boom. Initiatiefnemer heeft hiertegen geen enkel bezwaar, zoals ook omschreven in paragraaf 2.2.1. Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
25
3.4.3.
Bestemmingsplan ‘Buitengebied 2011’
Het plangebied is juridisch-planologisch geregeld in het bestemmingsplan ‘Buitengebied Roerdalen – 2e herziening’. Voor de gronden van het bestaande tuincentrum geldt de bestemming ‘Detailhandel – Tuincentrum’ en voor de voorgenomen uitbreiding aan de zuidzijde geldt de bestemming ‘Agrarisch met waarden – Landschapswaarden - 1’. Naast deze enkelbestemming zijn voor het plangebied van toepassing: • • • • • •
Dubbelbestemming Waarde – Archeologie – 5 (gedeeltelijk) Dubbelbestemming Waarde – Archeologie – 6 (gedeeltelijk) Bouwvlak (gedeeltelijk) Maatvoering – maximum aantal wooneenheden: 0 (gedeeltelijk) Maatvoering – maximum bebouwd oppervlak: 10.200 m2 (gedeeltelijk) Gebiedsaanduiding milieuzone – roerdalslenk III
Afbeelding 22. Uitsnede vigerend bestemmingsplan ‘Buitengebied Roerdalen – 2e herziening’ plangebied G802 en directe omgeving (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Op grond van het bepaalde in artikel 4.1 zijn gronden binnen de bestemming ‘Agrarisch met waarden – Landschapswaarden – 1’ primair bestemd voor: • • •
uitoefening van een agrarisch bedrijf met daarbij behorende voorzieningen; behoud, versterking en ontwikkeling van de landschappelijke, cultuurhistorische en visueel-landschappelijke waarden van de gronden; extensieve dagrecreatie.
natuurlijke,
Binnen bouwvlakken mogen gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd ten dienste van de bestemming.
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
26
Aan perceel G802 is geen bouwvlak toegekend. Het gebruik bestaat tot heden, overeenkomstig de bestemming, uit agrarisch grondgebruik in de vorm van grasland of andere teelt. Op basis van de archeologische dubbelbestemmingen geldt een verbod voor het roeren van de bodem zonder vooraf archeologisch onderzoek voor grondwerkzaamheden dieper dan 40 cm en groter dan respectievelijk 1.000 of 2.500 m2. Als gevolg van de aanduiding 'Milieuzone - roerdalslenk III' voor het gehele plangebied is het niet toegestaan om: a. boorputten op te richten, in exploitatie te nemen of te hebben dieper dan 30 meter beneden het maaiveld; b. de grond te roeren dieper dan 30 meter beneden het maaiveld of c. anderszins werken of in de bodem uit te voeren of te doen uitvoeren, waarbij ingrepen worden verricht of stoffen worden gebruikt die de beschermende werking van de slechtdoorlatende bodemlagen kunnen aantasten.
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
27
4.
Onderzoeksaspecten
4.1.
Inleiding
Bij de toekenning van een nieuwe functie aan een bepaald gebied dient rekening gehouden te worden met mogelijke (milieu-)effecten op de omgeving en vanuit de omgeving. Het onderzoek naar de milieuaspecten zoals bedrijven en milieuzonering, geluid, luchtkwaliteit, bodem en externe veiligheid wordt in de volgende paragrafen beschreven. Eveneens is gekeken naar planologische aspecten, zoals kabels en leidingen, water, archeologie en cultuurhistorie, natuur, verkeer en parkeren. Ook de hieruit voortkomende bevindingen worden in dit hoofdstuk toegelicht. Ook voor dit hoofdstuk geldt dat de belangrijkste ontwikkelingscomponent binnen het plangebied wordt gevormd door de uitbreiding van parkeerterrein en de buitenverkoopruimte, in combinatie met landschappelijke inpassing. Daarnaast worden op een deel van het bestaande terrein de mogelijkheden beperkt, zodat juridisch-planologisch geborgd is dat hier geen publieksfuncties tot ontwikkeling komen in de toekomst. Deze beperking van de gebruiksmogelijkheden leidt niet tot milieuhygiënische effecten die nader onderzoek vergen. Gezien de aard van de ontwikkeling wordt dan ook met name ingegaan op het zuidelijk deel van het plangebied.
4.2.
Vormvrije m.e.r.-beoordeling
Algemeen In de Wet milieubeheer is aangeven dat voor bepaalde ontwikkelingen een milieueffectrapportage moet worden gemaakt. In de wet is de procedure beschreven en zijn de inhoudelijke eisen opgenomen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen ‘m.e.r.-plichtige activiteiten’, waarvoor een volledig milieueffectrapport (MER) moet worden opgesteld en ‘m.e.r.-beoordelingsplichtige activiteiten’, waarbij moet worden afgewogen of sprake kan zijn van significant negatieve gevolgen voor het milieu. In onderdeel C en D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten in het kader van het ruimtelijk plan of de omgevingsvergunning plan m.e.r.-plichtig, project m.e.r.-plichtig of m.e.r.-beoordelingsplichtig zijn. In het Besluit m.e.r. zijn voor deze activiteiten drempelwaarden opgenomen. Daarnaast zijn er ruimtelijke ontwikkelingen die onder de drempelwaarden blijven. Voor dit soort situaties geldt dat een zogenaamde 'vormvrije m.e.r.-beoordeling' uitgevoerd moet worden. Deze toets is weliswaar 'vormvrij'; de wet stelt echter wel eisen aan de inhoud. In de praktijk betekent dat in de toelichting bij het ruimtelijk plan een paragraaf 'vormvrije m.e.r.beoordeling' wordt opgenomen.
Beoordeling In dit geval is voorliggende toelichting onderdeel van een bestemmingsplan, dat het mogelijk maakt dat een agrarisch perceel in gebruik wordt genomen als buitenruimte van een bestaand tuincentrum. Er wordt geen nieuwe bedrijfsfunctie gecreëerd en geen bebouwing opgericht. Wel is sprake van aanleg van parkeerterrein. Dit kan worden beschouwd als activiteit die genoemd wordt in onderdeel D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. Er is een aanmeldingsnotitie opgesteld en (vormvrije) m.e.r.-beoordeling uitgevoerd. Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
28
4.3.
Bedrijven en milieuzonering
Goede ruimtelijke ordening voorkomt hinder en gevaar. Dit kan door voldoende afstand te houden tussen milieubelastende activiteiten (zoals bedrijven) en gevoelige functies (zoals woningen). Binnen het zuidelijk deel van het plangebied wordt een onbebouwd agrarisch perceel herbestemd tot ‘Bedrijf – Tuincentrum’. De agrarische activiteiten verdwijnen, maar vanuit het te realiseren parkeerterrein en de buitenverkoopruimte kan er sprake zijn van milieu-invloed op de omgeving. Bij de nieuwe functies is geen sprake van gebouwen waar gedurende langere tijd mensen verblijven. Er is dan ook geen sprake van functies die gevoelig zijn voor negatieve milieu-invloed vanuit functies in de omgeving. Een toets van de invloed vanuit de omgeving op het plangebied hoeft dan ook niet plaats te vinden. Om te bepalen of tussen de bedrijfsmatige activiteiten in het plangebied en gevoelige functies in de omgeving voldoende afstand in acht wordt genomen is gebruik gemaakt van de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ uit 2009. In deze publicatie zijn voor een scala aan typen bedrijvigheid richtafstanden opgenomen voor de vier ruimtelijk relevante milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar.
De richtafstand geldt tussen enerzijds de grens van de bestemming die bedrijven (of andere milieubelastende functies) toelaat en anderzijds de uiterste situering van de gevel van een woning (of andere milieugevoelige functie) die volgens het bestemmingsplan of via vergunningvrij bouwen mogelijk is. Bij het bepalen van de richtafstanden zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: • Het betreft ‘gemiddeld’ moderne bedrijfsactiviteiten met gebruikelijke productieprocessen en voorzieningen. • De richtafstanden hebben betrekking op de omgevingstypen ‘rustige woonwijk’. Wanneer sprake is van ‘gemengd gebied’ kan de richtafstand met één trede worden verlaagd; • De richtafstanden bieden in beginsel ruimte voor normale groei van de bedrijfsactiviteiten. • Bij activiteiten met ruimtelijk duidelijk te onderscheiden deelactiviteiten (zoals productie, opslag, kantoren, parkeerterreinen) kunnen deze deelactiviteiten desgewenst als afzonderlijk te zoneren activiteiten worden beschouwd, bijvoorbeeld bij ligging van de activiteit binnen zones met een verschillende milieucategorie. • De richtafstand geldt tussen enerzijds de grens van de bestemming die bedrijven (of andere milieubelastende functies) toelaat en anderzijds de uiterste situering van de gevel van een woning die volgens het bestemmingsplan of via vergunningvrij bouwen mogelijk is.
De gegeven afstanden zijn in het algemeen richtafstanden en geen harde afstandseisen. Dit betekent dat gemotiveerd afwijkingen in de lokale situatie mogelijk zijn. De richtafstanden zijn weergegeven in afstandsklassen. De richtafstanden voor de te onderscheiden bedrijfstypen zijn afgeleid van: • in Nederland aanvaarde normen voor de emissies door milieubelastende activiteiten; • in Nederland voorgeschreven of aanvaarde grens- en richtwaarden voor de immissies bij woningen en andere milieugevoelige bestemmingen; • ervaringen en waarnemingen met betrekking tot de omvang en schadelijkheid van emissies door activiteiten.
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
29
De grootste afstand voor geur, stof, geluid en gevaar is bepalend voor de indeling in de milieucategorie. De volgende tabel geeft inzicht in het verband tussen de afstand en de milieucategorie. Tabel: Milieucategorieën met bijbehorende richtafstanden Milieucategorie Richtafstand 1 2 3.1 3.2 4.1 4.2 5.1 5.2 5.3 6
10 m 30 m 50 m 100 m 200 m 300 m 500 m 700 m 1.000 m 1.500 m
In onderstaande tabel zijn de richtafstanden behorende bij de functies in het plangebied weergegeven:
GROOTSTE AFSTAND
10
30
2
0
30
2
0
0
10
0
30 C
CATEGORIE
GEVAAR
30
STOF
GELUID
AFSTANDEN IN METERS
GEUR
OMSCHRIJVING
nummer
SBI-2008
-
4752 5221
1
Bouwmarkten, tuincentra, hypermarkten Autoparkeerterreinen, parkeergarages
De aanbevolen afstand vanuit de nieuwe functies in het plangebied, uitgaande van de gebiedscategorie ‘rustige woonwijk’ bedraagt dan ook 30 meter. In onderstaande afbeelding is de zone van 30 meter rond de toe te voegen bedrijfsbestemming inzichtelijk gemaakt.
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
30
Afbeelding 23. Uitbreidingsruimte met contour van 30 meter (bron: pdok.nl, bewerkt Bu-RO Ester)
Het plangebied is gelegen aan een doorgaande (provinciale) weg en wordt omgeven door twee tuincentra. Er is dan ook geen sprake van het gebiedstype ‘rustige woonwijk’, maar van ‘gemengd gebied’. Dit betekent dat de afstanden met één trede kunnen worden verlaagd, en een aanbevolen afstand van 10 meter geldt. Binnen de 30 meter zone zijn eigen gronden, infrastructuur landbouwgrond en natuur aanwezig, evenals een beperkt deel van het naastgelegen tuincentrum. De gronden zijn deels aangewezen als bouwvlak, een bedrijfswoning is hier niet toegestaan. De zone van 10 meter is uitgezet in onderstaande afbeelding, waarin eveneens het bouwvlak van het naastgelegen tuincentrum is opgenomen.
Afbeelding 24. Uitbreidingsruimte met contour van 10 meter (bron: pdok.nl, bewerkt Bu-RO Ester)
Bestemmingsplan ‘Herkenbosserweg 2, Vlodrop – uitbreiding tuincentrum’ | toelichting
31
Binnen de aanbevolen afstand is geen sprake van (mogelijk te realiseren) milieugevoelige functies op het terrein van derden. Het bouwvlak van Herkenbosserweg 4 is op een afstand van ruim 12 meter van het plangebied gelegen. Aan de aanbevolen afstanden wordt voldaan, waarmee voldoende gemotiveerd is dat de uitbreiding van het tuincentrum geen negatieve invloed heeft op het woon- en leefklimaat van de omgeving. Conclusie In een deel van het plangebied worden functies toegevoegd die potentieel milieu-invloed hebben op gevoelige bestemmingen in de omgeving. Binnen het plangebied worden geen gevoelige functies toegevoegd. Uit de toets aan de richtafstanden uit de VNG-brochure blijkt dat voldaan wordt aan de aanbevolen afstanden. De beoogde ontwikkeling wordt dan ook niet belemmerd door gevoelige functies in de omgeving.
4.4.
Bodem
Bij een functiewijziging dient gemotiveerd te worden dat de bodemkwaliteit ter plaatse voldoende is ten opzichte van de in het plan toegelaten bestemming/ functie. De (milieuhygiënische) bodemkwaliteit moet geschikt zijn voor de volgens de bestemming toegestane functie(s). Door BodemInzicht is een vooronderzoek bodem uitgevoerd in het deel van het plangebied waar de uitbreiding plaatsvindt (bestemming wijzigt). De resultaten zijn vastgelegd in de rapportage ‘Vooronderzoek Herkenbosserweg 2 te Vlodrop, 12 september 2022’. De rapportage is opgenomen als bijlage 2 bij deze toelichting. Uit het verrichte vooronderzoek blijkt dat er geen (voormalige) potentiële bronnen zijn, die bodemverontreiniging tot gevolg kunnen hebben. Vanuit de directe omgeving wordt geen beïnvloeding verwacht op de bodemkwaliteit. De bodem binnen de onderzoekslocatie wordt niet als asbestverdacht beschouwd. Op basis van het vooronderzoek wordt de locatie dan ook als onverdacht beschouwd en verkennend bodemonderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. De eventueel bij werkzaamheden vrijkomende grond is op of buiten het onderzoeksterrein herbruikbaar. Indien vrijkomende grond van de locatie afgevoerd dient te worden, dient men rekening te houden met de regels van het vigerende Besluit Bodemkwaliteit.