CConstaterende datRoerdalen
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Raadsadviescommissie 28 augustus 2023, gemeente Roerdalen24.509 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

November 2023 November 2023

ge

{#kis gemeente roerdalen Toezending van voorlopige collegebesluiten en gewijzigde regeling aan raden voor toestemming Verlenen toestemming Definitieve collegebesluiten tot wijziging 9.

Raden Colleges

Februari 2024 Maart 2024

Privacy

Het verwerken van persoonsgegevens is bij dit voorstel niet aan de orde. 10. (Wettelijk en/of beleidsmatig) kader Het wettelijk kader wordt gevormd door de Wet gemeenschappelijke regelingen. 11. Bijlagen 1. 2.

Ontwerp Gemeenschappelijke Regeling Servicecentrum MER Concept-raadsbesluit

Sint Odiliënberg, 27 juni 2023.

Burgemeester en wethouders van Roerdalen, De secretaris,

"2

mr. M. . de Boer-Beerta

Pagina 6 van 6

Gemeenschappelijke Regeling Servicecentrum MER 2023 De Colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Maasgouw, Echt-Susteren en Roerdalen, ieder voor zover het zijn eigen bevoegdheden betreft; overwegende dat de Gemeenteraden van de gemeenten Maasgouw, Echt-Susteren en Roerdalen op grond van artikel 1, leden 4 en 5 van de Wet gemeenschappelijke regelingen toestemming hebben verleend voor het wijzigen van deze Regeling door de Colleges van die gemeenten; overwegende de ontwikkeling van GR Servicecentrum MER, recente regelgeving en praktijkervaring; gelezen de uitkomsten van de zienswijzeprocedure; gelet op de Wet gemeenschappelijke regelingen, de Gemeentewet, de Algemene wet bestuursrecht en de Archiefwet;

Besluiten De Gemeenschappelijke Regeling Servicecentrum Maasgouw, Echt-Susteren en Roerdalen te wijzigen en als volgt vast te stellen:

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1 Begripsbepalingen In deze gemeenschappelijke Regeling wordt verstaan onder: a. Aanvullende dienstverlening: taken, activiteiten en projecten die niet in onder basistaken vallen. b. Basistaken: de (wettelijke) taken die Servicecentrum MER uitvoert en die alle Deelnemende gemeenten afnemen. c. Colleges: de Colleges van burgemeester en wethouders van de Deelnemende gemeenten. d. Deelnemende gemeenten: de gemeenten Maasgouw, Echt-Susteren en Roerdalen. e. De Regeling: Gemeenschappelijke Regeling Servicecentrum MER. f.

De Wet: Wet gemeenschappelijke regelingen.

g. Servicecentrum MER: Het openbaar lichaam als bedoeld in artikel 2 van deze regeling. h. Taakvelden: Omgevingsdienst, Sociaal Domein en Bedrijfsvoering.

Servicecentrum MER, P.a. Nieuwe Markt 55, Echt Postbus 450, 6100 AL Echt

Artikel 2 Openbaar lichaam 1. Er is een openbaar lichaam als bedoeld in artikel 8, eerste lid van de Wet, met de naam Servicecentrum MER. 2. Servicecentrum MER is gevestigd in de gemeente Echt-Susteren.

Hoofdstuk 2 Belangen, uitgangspunten, taken en bevoegdheden Artikel 3 Belangen en uitgangspunten 1. Servicecentrum MER behartigt de gemeenschappelijke en afzonderlijke belangen van de Deelnemende gemeenten met name op de taakvelden Omgevingsdienst, Sociaal Domein en Bedrijfsvoering.

Artikel 4 Taken en bevoegdheden 1. Servicecentrum MER ontwikkelt voor de taakvelden Omgevingsdienst en Sociaal Domein het uitvoeringsbeleid en verricht op basis daarvan alle uitvoerende taken voor de Deelnemende gemeenten. 2. Servicecentrum MER ontwikkelt voor het taakveld Bedrijfsvoering het inhoudelijk (en uitvoerings) beleid voor de Deelnemende gemeenten en verricht op basis daarvan alle uitvoerende taken voor de Deelnemende gemeenten. 3. De Colleges van de Deelnemende gemeenten mandateren hun taken en bevoegdheden met betrekking tot de hiervoor genoemde taakvelden aan de bestuursorganen van het openbaar lichaam. 4. De Colleges kunnen besluiten nader te bepalen taken en bevoegdheden te delegeren aan de bestuursorganen van het openbaar lichaam. 5. Bij toepassing van het bepaalde in het voorgaande lid dienen de Colleges een unaniem besluit te nemen. 6. Zij kunnen over een voorgenomen delegatiebesluit de zienswijze van de Gemeenteraden van de Deelnemende gemeenten vragen. 7. De Colleges kunnen besluiten andere taken en bevoegdheden, dan die op basis van de in art 3 genoemde taakvelden, te mandateren aan de bestuursorganen van het openbaar lichaam. Zij kunnen over een dergelijk voorgenomen besluit de zienswijze van de Gemeenteraden vragen. 8. Voorts is Servicecentrum MER belast met: a. De afhandeling van klachten voor zover deze betrekking hebben op Servicecentrum MER. 2

b. Het bieden van ondersteuning aan de Colleges bij de behandeling van bezwaar- en beroepsschriften en in civiele procedures. De bevoegdheid tot het nemen van beslissingen op bezwaar wordt niet gemandateerd en blijft bij de Colleges berusten. 9. Het Dagelijks Bestuur kan besluiten dat Servicecentrum MER, middels een samenwerkingsovereenkomst en onder door het Dagelijks Bestuur te stellen voorwaarden, één van de in het eerste lid genoemde taken verricht ten behoeve van andere instanties of van buiten het verzorgingsgebied van deze Regeling gelegen gemeenten die daartoe een verzoek doen.

Artikel 4a Participatie 1.

Het Dagelijks Bestuur kan, in het kader van het in het voorgaande artikel bepaalde, nader regelen dat bij de voorbereiding, de uitvoering en de evaluatie van beleid op grond van deze Regeling ingezetenen van de Deelnemende gemeenten en overige belanghebbenden kunnen worden betrokken.

2.

Bij de toepassing van het voorgaande lid is in beginsel afdeling 3.4 Algemene wet bestuursrecht van toepassing, tenzij het Dagelijks Bestuur anders heeft bepaald.

Hoofdstuk 3 Het Algemeen Bestuur Artikel 5 Samenstelling 1.

Het Algemeen Bestuur staat aan het hoofd van het samenwerkingsverband.

2.

Het Algemeen Bestuur bestaat uit de drie Colleges van de Deelnemende gemeenten.

3.

Het lidmaatschap van het Algemeen Bestuur eindigt op het tijdstip waarop de zittingsperiode van de Colleges afloopt.

4.

Het lidmaatschap eindigt tevens bij beëindiging van het lidmaatschap van het College waaruit het lid is aangewezen.

5.

Indien tussentijds een zetel van een lid van het Algemeen Bestuur vacant komt, wijst het College van de betreffende gemeente zo spoedig mogelijk een nieuw collegelid aan.

6.

Bij het bestaan van een vacature blijven de resterende bestuursleden bevoegd besluiten te nemen.

Artikel 6 Werkwijze 1.

Het Algemeen Bestuur vergadert tenminste tweemaal per jaar en voorts zo dikwijls als de voorzitter dit nodig acht of als de meerderheid van de Deelnemende gemeenten in het Algemeen Bestuur daarom vraagt onder schriftelijke opgave van de te behandelen onderwerpen.

2.

In het Algemeen Bestuur heeft elk College één stem.

3

Het Algemeen Bestuur stelt voor zijn vergaderingen en andere werkzaamheden een reglement van orde vast.

Artikel 7 Taken en bevoegdheden 1.

Alle taken en bevoegdheden die in het kader van deze Regeling niet zijn opgedragen aan het Dagelijks Bestuur, behoren aan het Algemeen Bestuur.

2.

Tot de taken en bevoegdheden van het Algemeen Bestuur, als bedoeld in het eerste lid, behoren in ieder geval: a.

Het aanwijzen en zo nodig ontslaan van de leden van het Dagelijks Bestuur.

b.

Het instellen van een commissie, zoals vermeld in de artikelen 24, 24a en 25 van de Wet.

c.

Het vaststellen van de begroting en begrotingswijzigingen.

d.

Het vaststellen van de jaarrekening.

e.

Het besluiten tot de oprichting van of de deelneming in een privaatrechtelijke rechtspersoon. Het bepaalde in artikel 31a van de Wet is van toepassing.

f.

Het aanwijzen dan wel ontslaan van de accountant.

Hoofdstuk 4 Het Dagelijks Bestuur Artikel 8 Samenstelling 1.

Het Dagelijks Bestuur bestaat uit drie leden, één lid per College, waaronder de voorzitter.

2.

De leden van het Algemeen Bestuur wijzen uit hun midden één lid per deelnemend College aan om zitting te nemen in het Dagelijks Bestuur.

3.

Het lidmaatschap van het Dagelijks Bestuur eindigt op het tijdstip waarop de zittingsperiode van het College afloopt.

4.

De leden van het Dagelijks Bestuur blijven na het verstrijken van de in het derde lid bedoelde termijn hun functie waarnemen tot het tijdstip dat de nieuwe leden zijn aangewezen.

5.

Het lidmaatschap eindigt tevens bij beëindiging van het lidmaatschap van het College waaruit het lid is aangewezen.

6.

Bij het bestaan van een vacature blijven de resterende bestuursleden bevoegd besluiten te nemen.

Artikel 9 Werkwijze 1.

Het Dagelijks Bestuur vergadert zo dikwijls als de voorzitter of een ander lid van het Dagelijks Bestuur dit nodig acht, zulks onder opgave van de te behandelen onderwerpen.

2.

Het Dagelijks Bestuur besluit bij consensus. Indien wordt geconstateerd dat geen consensus mogelijk is, besluit het Dagelijks Bestuur in een volgende vergadering bij meerderheid van stemmen. 4

3.

Het Dagelijks Bestuur kan de uitoefening van een of meer van zijn bevoegdheden opdragen aan een of meer leden van dat bestuur.

4.

De opgedragen bevoegdheid wordt uit naam en onder verantwoordelijkheid van het Dagelijks Bestuur uitgeoefend.

5.

Het Dagelijks Bestuur kan te dien aanzien alle aanwijzingen geven die het nodig acht.

6.

Het Dagelijks Bestuur stelt voor zijn vergaderingen en andere werkzaamheden een reglement van orde vast. Het brengt dit reglement ter kennis van het Algemeen Bestuur.

Artikel 10 Taken en bevoegdheden Dagelijks Bestuur 1.

Tot de taken en bevoegdheden van het Dagelijks Bestuur behoren: a.

Het voorbereiden van al hetgeen aan het Algemeen Bestuur ter overweging en ter beslissing moet worden voorgelegd.

b.

Het uitvoeren van de besluiten van het Algemeen Bestuur.

c.

Het houden van toezicht op het functioneren van Servicecentrum MER.

Artikel 10a Evaluatie 1.

Het Dagelijks Bestuur draagt om de vier jaar zorg voor een evaluatie van de Regeling.

2.

Het Dagelijks Bestuur zal daartoe telkens een evaluatieplan voorstellen aan het Algemeen Bestuur. Het evaluatieplan heeft betrekking zowel op nut en noodzaak van het samenwerkingsverband als op het functioneren daarvan.

3.

Het Algemeen Bestuur kan de Gemeenteraden een zienswijze vragen met betrekking tot het ontwerp van een evaluatieplan.

Hoofdstuk 5 De voorzitter Artikel 11 Aanwijzing, taken en bevoegdheden 1.

De voorzitter is tevens voorzitter van het Algemeen Bestuur en van het Dagelijks Bestuur.

2.

De voorzitter wordt door het Algemeen Bestuur aangewezen uit de leden van het Algemeen Bestuur met in achtneming van artikel 8, eerste en tweede lid van de Regeling.

3.

Bij verhindering van de voorzitter wordt deze vervangen door een ander lid van het Dagelijks Bestuur aan te wijzen door het Algemeen Bestuur.

4.

De voorzitter tekent de stukken die van het Algemeen Bestuur of het Dagelijks Bestuur uitgaan, tenzij hij het tekenen van bepaalde stukken aan andere personen heeft opgedragen.

5.

De voorzitter vertegenwoordigt Servicecentrum MER in en buiten rechte. De voorzitter kan de vertegenwoordiging opdragen aan een door hem aan te wijzen gemachtigde. 5

Hoofdstuk 6 Inlichtingen en verantwoording Artikel 12 Informatieverschaffing 1.

De bestuursorganen van de Regeling leggen de actieve informatieverschaffing aan de Gemeenteraden, de Colleges en de individuele leden daarvan vast in een informatiereglement.

2.

3.

In dit reglement zullen in elk geval worden bepaald: a.

De momenten van informatieverschaffing.

b.

De onderwerpen van informatieverschaffing.

c.

De wijze van informatieverschaffing.

Het Algemeen Bestuur geeft de Gemeenteraden schriftelijk de door een of meer leden daarvan gevraagde inlichtingen, tenzij het verstrekken daarvan in strijd is met het openbaar belang.

Artikel 13 Verantwoording leden Algemeen Bestuur 1.

Een lid van het Algemeen Bestuur kan door het College dat dit lid heeft aangewezen, ter verantwoording worden geroepen voor het door hem in dat bestuur gevoerde beleid.

2.

Een lid van het Algemeen Bestuur verstrekt aan het College dat dit lid heeft aangewezen, alsmede aan de betreffende Raad de door een of meer leden van dat College of Raad gevraagde inlichtingen. De verstrekking geschiedt mondeling of schriftelijk.

Artikel 14 Verantwoording Dagelijks Bestuur 1.

Het Dagelijks Bestuur en elk van zijn leden afzonderlijk zijn aan het Algemeen Bestuur verantwoording schuldig over het door het Dagelijks Bestuur gevoerde bestuur.

2.

Het Dagelijks Bestuur geeft het Algemeen Bestuur alle inlichtingen die het Algemeen Bestuur voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft.

3.

Het Dagelijks Bestuur en elk van zijn leden afzonderlijk geven het Algemeen Bestuur mondeling of schriftelijk de door een of meer leden gevraagde inlichtingen, tenzij het verstrekken ervan in strijd is met het openbaar belang.

Artikel 15 Verantwoording voorzitter 1.

De voorzitter is aan het Algemeen Bestuur verantwoording schuldig over het door hem gevoerde bestuur.

2.

De voorzitter geeft het Algemeen Bestuur alle inlichtingen die het Algemeen Bestuur voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft.

6

3.

De voorzitter geeft het Algemeen Bestuur mondeling of schriftelijk de door een of meer leden gevraagde inlichtingen, tenzij het verstrekken ervan in strijd is met het openbaar belang.

Hoofdstuk 7 Personeel en directie Artikel 16 Personeel 1.

Bij Servicecentrum MER is personeel werkzaam voor de uitvoering van de aan Servicecentrum MER opgedragen taken.

2.

Voor het personeel in dienst van Servicecentrum MER geldt vanaf 1 januari 2020 de Cao Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (SGO).

3.

Het Dagelijks Bestuur kan in verband met de rechtspositie van de personeelsleden zo nodig aanvullende regelingen vaststellen.

Artikel 17 Directeur 1.

Aan het hoofd van de ambtelijke organisatie van Servicecentrum MER staat een directeur.

2.

De directeur staat het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur, de voorzitter en de door het bestuur ingestelde commissies terzijde bij de uitoefening van hun taak.

3.

De directeur is verantwoordelijk voor de uitvoering van de taken van Servicecentrum MER en draagt zorg voor de kwaliteit van de organisatie.

4.

De directeur ondertekent mede alle stukken die van het Algemeen en Dagelijks Bestuur dan wel de Voorzitter uitgaan.

Hoofdstuk 8 Archief Artikel 18 Archief 1.

Het Dagelijks Bestuur is belast met de zorg voor de archiefbescheiden van Servicecentrum MER overeenkomstig de Archiefwet en met in achtneming van het bepaalde in het Archiefbesluit.

2.

De directeur is belast met de bewaring van de archiefbescheiden als bedoeld in het vorige lid overeenkomstig de door het Dagelijks Bestuur vast te stellen nadere regels, voor zover deze archiefbescheiden niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats.

3.

De, conform de Archiefwet aangewezen, archivaris is belast met het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden van Servicecentrum MER, voor zover deze archiefbescheiden niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats.

4.

De archivaris brengt periodiek aan het Dagelijks Bestuur verslag uit over het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden die niet of nog niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats. 7

5.

Voor de bewaring van de op grond van de Archiefwet over te brengen archiefbescheiden is door het Dagelijks Bestuur een archiefbewaarplaats aangewezen.

6.

Bij ontbinding en liquidatie van deze Regeling worden de archiefbescheiden geplaatst in een door het Dagelijks Bestuur aan te wijzen archiefbewaarplaats.

Hoofdstuk 9 Begroting, jaarrekening en financiering Artikel 19 Financiën algemeen 1.

De artikelen 186 tot en met 213 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing voor zover daarvan bij of krachtens de Wet niet is afgeweken.

2.

Het Algemeen Bestuur stelt in dat kader de vereiste regelingen vast.

3.

De begroting en jaarrekening dienen te voldoen aan het bepaalde in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten.

Artikel 20 Kadernota: algemene financiële en beleidsmatige kaders Het Dagelijks Bestuur zendt vóór 30 april van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de kadernota met daarin de algemene financiële en beleidsmatige kaders aan de Gemeenteraden van de Deelnemende gemeenten.

Artikel 21 Begroting 1.

Het Algemeen Bestuur stelt de begroting vast in het jaar voorafgaande aan dat waarvoor zij dient.

2.

Het Dagelijks Bestuur zendt de ontwerpbegroting twaalf weken voordat zij aan het Algemeen Bestuur wordt aangeboden aan de Gemeenteraden van de Deelnemende gemeenten.

3.

De ontwerpbegroting wordt door de Colleges van de Deelnemende gemeenten voor eenieder ter inzage gelegd en algemeen (digitaal) beschikbaar gesteld.

4.

De Gemeenteraden van de Deelnemende gemeenten kunnen bij het Dagelijks Bestuur hun zienswijze over de ontwerpbegroting naar voren brengen. Het Dagelijks Bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijze is vervat bij de ontwerpbegroting, zoals deze aan het Algemeen Bestuur wordt aangeboden. Het Dagelijks Bestuur voegt zijn oordeel over de ingediende zienswijzen toe aan de ontwerpbegroting.

5.

Na vaststelling van de begroting zendt het Algemeen Bestuur deze, zo nodig, aan de Gemeenteraden, die ter zake hun zienswijzen naar voren kunnen brengen bij gedeputeerde staten.

6.

Het bepaalde in dit artikel is voor wat betreft de procedurele gang van zaken van overeenkomstige toepassing op de besluiten tot wijziging van de begroting van Servicecentrum MER die financiële gevolgen hebben voor de begrotingen van de Deelnemende gemeenten. 8

Artikel 22 Jaarrekening 1.

Het Dagelijks Bestuur zendt de voorlopige jaarrekening vóór 30 april aan de Gemeenteraden.

2.

Het Algemeen Bestuur stelt de jaarrekening vast in het jaar volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft.

3.

Het Dagelijks Bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 juli van het jaar volgende op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, aan gedeputeerde staten.

Artikel 23 Financiering 1.

De Deelnemende gemeenten betalen Servicecentrum MER voor te leveren dienstverlening conform hetgeen daarover is afgesproken. Servicecentrum MER brengt de integrale kosten voor de geleverde dienstverlening bij de Deelnemende gemeenten in rekening.

2.

Voorschotten voor de dienstverlening worden bij de aanvang van elk kwartaal door Servicecentrum MER aan de gemeenten gefactureerd. De basis hiervoor vormt de begroting van het betreffende jaar.

3.

Facturering van de aanvullende dienstverlening geschiedt achteraf.

4.

De deelnemers zullen er steeds voor zorgdragen dat Servicecentrum MER over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen jegens derden en de eigen organisatie te kunnen voldoen.

5.

Indien het Algemeen Bestuur blijkt dat een deelnemer weigert deze uitgaven op de begroting te zetten, doet het onverwijld aan gedeputeerde staten het verzoek over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195 Gemeentewet.

6.

Alvorens het rekeningresultaat wordt bepaald, zal een her-calculatie plaatsvinden van de bij de Deelnemende gemeenten in rekening gebrachte bedragen. Uiteindelijk zal Servicecentrum MER niet meer en niet minder dan de werkelijke na-calculatorische kosten in rekening brengen.

Hoofdstuk 10 Toetreding, uittreding, wijziging en liquidatie Artikel 24 Toetreding 1.

Toetreding door het College van een andere gemeente vindt plaats indien alle Deelnemende Colleges hiermee instemmen, na verkregen toestemming van hun Gemeenteraden.

2.

Het Algemeen Bestuur brengt de gevolgen van een toetreding in beeld. Het kan hierover aan de Gemeenteraden van de Deelnemende gemeenten een zienswijze vragen.

3.

Het Algemeen Bestuur bepaalt de voorwaarden voor een toetreding in het toetredingsbesluit. Daarbij wordt ook de ingangsdatum van de toetreding bepaald.

9

Artikel 25 Uittreding 1.

Een deelnemend College kan pas na een deelname periode van ten minste vier jaren besluiten tot uittreding, onverminderd het bepaalde in artikel 1 van de Wet.

2.

Het betreffende College zendt, na verkregen toestemming van zijn gemeenteraad het voorgenomen besluit tot uittreding aan het Algemeen Bestuur. De procedure tot uittreding begint op de dag na ontvangst van het voorgenomen besluit.

3.

Het Algemeen Bestuur benoemt een arbitragecommissie met als samenstelling een lid namens het Algemeen Bestuur van het openbaar lichaam, een lid namens de uittredende deelnemer en een onafhankelijk voorzitter aan te zoeken door de twee overige leden van de commissie.

4.

De arbitragecommissie stelt een uittredingsarrangement op waarin de gevolgen van de uittreding worden beschreven. Tevens dient de implementatie van dit arrangement te worden beschreven. Daarvan maken in ieder geval deel uit:

5.

a.

De personele gevolgen.

b.

De gevolgen voor de huisvesting.

c.

De gevolgen voor externe verplichtingen (waaronder huurovereenkomsten).

d.

De gevolgen van de ontvlechting van ICT en data.

e.

De gevolgen voor de meerjarenbegroting, de reservepositie en voorzieningen en activa.

f.

Vermijding van frictiekosten.

g.

De kosten voor opstellen van het uittredingsarrangement.

h.

De wijze van afwikkeling van het arrangement.

De arbitragecommissie legt het arrangement uiterlijk binnen een jaar na het begin van de uittredingsprocedure voor aan het Algemeen Bestuur en het uittredend College.

6.

Het Algemeen Bestuur stelt het arrangement vast. Het Dagelijks Bestuur legt, met in achtneming van artikel 1, lid 4 van de Wet dit besluit voor instemming voor aan de Gemeenteraden van de Deelnemende gemeenten.

7.

De effectuering van het arrangement mag niet meer dan drie kalenderjaren duren.

8.

Het uittredend College dient het besluit van het Algemeen Bestuur over te nemen. Indien dat niet het geval is, vervalt het uittredingsvoornemen. Alle kosten die in het kader van voorgenomen besluit tot uittreding gemaakt zijn, komen dan voor rekening en risico van het betreffende College.

Artikel 26 Wijziging 1.

De Regeling inclusief taken en bevoegdheden kan worden uitgebreid/gewijzigd, indien de meerderheid van de Deelnemende gemeenten in het Algemeen Bestuur daarmee instemmen, na verkregen toestemming van alle Gemeenteraden. 10

2.

Het Algemeen Bestuur stelt een concept wijzigingsbesluit op waarin de gevolgen voor de deelnemers worden beschreven.

3.

Indien nodig kan het Algemeen Bestuur een arbitragecommissie instellen om de financiële gevolgen van een voorgenomen wijziging te beschrijven en een financieel overgangsvoorstel te doen.

4.

Een wijzigingsbesluit regelt de datum van inwerkingtreding met in achtneming van het bepaalde in artikel 26 van de Wet.

Artikel 27 Ontbinding en liquidatie 1.

De Regeling kan worden opgeheven bij een unaniem besluit van de Colleges van de Deelnemende gemeenten, na verkregen toestemming van de Gemeenteraden.

2.

In geval van opheffing stelt het Algemeen Bestuur een liquidatieplan vast, de Colleges van de Deelnemende gemeenten gehoord.

3.

Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de gemeenten tot deelneming in de financiële gevolgen van de opheffing.

4.

Het liquidatieplan voorziet in de gevolgen van de opheffing voor het personeel.

5.

Het Dagelijks Bestuur is belast met de uitvoering van de liquidatie.

6.

De organen van de Regeling blijven ook na het tijdstip van opheffing in functie, totdat de liquidatie is voltooid.

11

Hoofdstuk 11 Overgangs- en slotbepalingen Artikel 28 Inwerkingtreding en duur 1.

De gewijzigde Regeling treedt met ingang van <

> in werking.

2.

Het College van de gemeente Echt-Susteren draagt zorg voor bekendmaking van de Regeling overeenkomstig het bepaalde in artikel 26 van de Wet.

Artikel 29 Onvoorziene gevallen In alle gevallen waarin deze Regeling of de Wet niet voorziet, beslist het Algemeen Bestuur.

Artikel 30 Titel Deze Regeling kan worden aangehaald als Gemeenschappelijke Regeling Servicecentrum MER.

Ondertekening:

12

Artikelsgewijze toelichting op Gemeenschappelijke regeling Servicecentrum MER Artikel 3, lid 1 De opname van de woorden “met name” geeft de kern van de taakstelling van de regeling aan. Het is echter mogelijk dat in de toekomst ook andere taakgebieden op- dan wel overgedragen kunnen worden aan het openbaar lichaam. Een eventuele bestuurlijke keuze in deze krijgt op deze wijze al een juridische basis. Zie hiervoor ook het zevende lid van dit artikel. Artikel 4, leden 1 en 2 Uit de tekst van het eerste lid blijkt dat de Regeling met name een uitvoeringsregeling is. Beleidsvoorbereiding blijft bij de Deelnemende gemeenten. In het tweede lid is echter bepaald dat op het taakveld Bedrijfsvoering ook beleidsontwikkeling van deze taakopdracht aan het openbaar lichaam mogelijk is. Deze keuze is met name ingegeven door efficiency en effectiviteit van de te nemen maatregelen. Deze hebben met name interne werking voor het openbaar lichaam en organisaties van de deelnemende gemeenten. Artikel 4, leden 3 t/m 6 In de tot nu toe geldende regeling is steeds uitgegaan van een mandaatverhouding tussen de deelnemende Colleges en de bestuursorganen van het openbaar lichaam. Op deze wijze wordt de bestuurlijke nabijheid en dus de lokale maat gegarandeerd.

In de praktijk blijkt echter dat op het taakveld Bedrijfsvoering de beleidsvorming heel goed op regelingniveau kan gebeuren zonder iets af te doen aan de lokale maat daarvan (bijvoorbeeld ICT, personeelszaken, huisvesting). Efficiency en effectiviteit in beleidsvoorbereiding, besluitvorming en uitvoering van dat beleid zijn voor dit taakveld essentieel. Gelet op het voorgaande is daarom in het vierde lid een “kan-bepaling” opgenomen dat op dit taakveld ook delegatie mogelijk kan zijn. Daarbij gaat de bevoegdheid en de verantwoordelijkheid dus over naar het niveau van de bestuursorganen van de Regeling. In het vierde lid is deze delegatiemogelijkheid niet beperkt tot het taakveld Bedrijfsvoering. Uitbreiding naar andere taakvelden of onderdelen daarvan wordt hierdoor mogelijk. In het vijfde en zesde lid zijn daarom waarborgen opgenomen om deze keuzes zorgvuldig te laten verlopen (besluitvorming bij unanimiteit en een zienswijze procedure). 13

Artikel 4a Dit is de uitwerking van de participatie van belanghebbenden in het functioneren van de Regeling. Als gevolg hiervan wordt het democratisch gehalte van de voorbereiding en de uitvoering verhoogd. De toepassing van deze bepaling is ook flexibel geformuleerd door middel van de opdracht dat hiervoor een nadere regeling opgesteld dient te worden. Artikelen 5 t/m 10 en 11 Ofschoon het Algemeen Bestuur aan het hoofd staat van het openbaar lichaam, blijkt uit deze bepalingen dat het bestuurlijk zwaartepunt van het samenwerkingsverband als collegeregeling bij het Dagelijks Bestuur ligt. In die zin is ook hier sprake van verlengd lokaal bestuur. Artikel 10a De evaluatiebepaling is een direct gevolg van de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Hier is gekozen voor een evaluatietermijn van vier jaar. Nader te bepalen is de startdatum van deze termijn. Het ligt in de reden dat dit vier jaar is vanaf de inwerkingtredingsdatum van de gewijzigde regeling. Zie hiervoor artikel 28 van de regeling. Het is van belang hier te wijzen op de strekking van deze bepaling (en in het verlengde daarvan het op te stellen evaluatieplan en de uitvoering daarvan): de principiële vraag naar nut en noodzaak van de samenwerking moet uitdrukkelijk aan de orde gesteld worden.

Artikel 12 Actieve informatieverschaffing is essentieel voor het transparant functioneren van het openbaar bestuur. Dit beginsel is ook recent neergelegd in de Wet open overheid (Woo). Zie met name Hoofdstuk 3 van de Woo. Om de toepassing van dit artikel en dus de Woo zo flexibel mogelijk te maken en te houden, is hier gekozen voor een nadere uitwerking in een informatiereglement. Door dit op deze wijze te doen kan worden bereikt dat de uitkomsten van de actieve openbaarheid snel verwerkt kunnen worden zonder dat de Regeling gewijzigd zou moeten worden. Artikel 18 Artikel 18 heeft betrekking op archiefbescheiden van Servicecentrum MER. De zorg voor de archiefbescheiden van de in artikel 4, lid 1-3 en 7, genoemde taken blijft berusten bij de deelnemende gemeenten.

14

Artikelen 19 t/m 22 Voor begroting en rekening sluiten deze bepalingen aan op het regime van de artikelen 34 e.v. van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Omdat deze wettelijke regelingen goed uitgewerkt zijn vergen die geen nadere uitwerking in de tekst van de Regeling. Artikel 25 De gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen vereist een uitwerking van de procedure voor uittreding en de gevolgen daarvan. In de hier opgenomen uitwerking ligt de nadruk op het in gezamenlijk overleg op te stellen uittredingsarrangement (zie lid 4). De bedoeling hiervan is dat partijen in redelijkheid en billijkheid een evenwichtig akkoord kunnen bereiken over de financiële gevolgen van een uittreding.

15

Raadsbesluit

Jaar …./../..

Zaaknummer: Z23-036801 Onderwerp: Wijziging Gemeenschappelijke Regeling Servicecentrum MER De raad van de gemeente Roerdalen heeft; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 27 juni 2023, gelet op de Wet gemeenschappelijke regelingen, het volgende besluit genomen:

Besluit: geen zienswijzen in te dienen tegen de ontwerp Gemeenschappelijke Regeling Servicecentrum MER .

Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 21 september 2023. De gemeenteraad van Roerdalen, De griffier,

De voorzitter,

R.J.J. Notermans

mr. M.D. de Boer-Beerta

Pagina 1 van 2

Pagina 2 van 2

Raadsvoorstel Zaaknummer Onderwerp: Datum: Indiener agendapunt: Portefeuillehouder: Gevraagd besluit:

Z22-033241 Halfjaarrapportage 2023 1 augustus 2023 College van Burgemeester en wethouders Roerdalen A.C.A.G. Smits 1. De halfjaarrapportage 2023 vast te stellen; 2. In te stemmen met de mutaties van het investeringsschema 2023-2026. 3. In te stemmen met de volgende mutaties in de reserves: a. Reserve Toerisme: Extra inzet communicatie. Onttrekking aan reserve. (programma 4) € 13.000 b. Reserve Bouwgrondexploitatie: Actualisatie BGE Holsterveld. Lagere toevoeging aan reserve. (programma 5) € 357.000 c. Algemene reserve: Herontwikkeling Centrumplan Herkenbosch is nog niet afgerond. Dekking uit de AR vindt later plaats. Lagere onttrekking aan reserve in 2023. (programma 5) € 1.035.000 d. Reserve Omgevingswet: Inzet reserve t.b.v. BW20232 van het servicecentrum MER, omgevingsdienst. Onttrekking aan reserve. (programma 5) € 57.000 e. Reserve Projectenkalender MER: Inzet reserve t.b.v. BW2023-2 van het servicecentrum MER, bedrijfsvoering. (programma 7) € 44.000 f. Reserve Organisatieontwikkeling: De inzet van deze reserve wordt doorgeschoven naar 2024 i.v.m. een tijdelijke functie. (programma 7) € 103.000 4. In te stemmen met begrotingswijziging 2023-8 5. De reserve Armoedebestrijding niet op te heffen per 31/12/2023 (amendement 2022A14) en de middelen beschikbaar te houden ten behoeve van armoedebestrijding.

Bijlage(n):

Bijlage 1: Raadsbesluit Halfjaarrapportage 2023 Bijlage 2: Begrotingswijziging 2023-08 Bijlage 3: Halfjaarrapportage 2023

Pagina 1 van 8

*Z0118DC6293*

Toelichting bij het raadsvoorstel 1. Onderwerp Halfjaarrapportage 2023 2. Inleiding Met de halfjaarrapportage geven we u inzicht in de voortgang van begrotingsjaar 2023. Dit voorstel gaat over stand van zaken per 1 juli 2023. De halfjaarrapportage geeft inzicht in de voortgang op: • Inhoud • Financiën • Planning We geven inzicht in de voortgang op alle doelen en acties. De nadruk ligt op het toelichten van de afwijkingen ten opzichte van de begroting. 3. Beslispunten De raad besluit: 1. De halfjaarrapportage 2023 vast te stellen; 2. In te stemmen met de mutaties van het investeringsschema 2023-2026. 3. In te stemmen met de volgende mutaties in de reserves: a. Reserve Toerisme: Extra inzet communicatie. Onttrekking aan reserve. (programma 4) € 13.000 b. Reserve Bouwgrondexploitatie: Actualisatie BGE Holsterveld. Lagere toevoeging aan reserve. (programma 5) € 357.000 c. Algemene reserve: Herontwikkeling Centrumplan Herkenbosch is nog niet afgerond. Dekking uit de AR vindt later plaats. Lagere onttrekking aan reserve in 2023. (programma 5) € 1.035.000 d. Reserve Omgevingswet: Inzet reserve t.b.v. BW2023-2 van het servicecentrum MER, omgevingsdienst. Onttrekking aan reserve. (programma 5) € 57.000 e. Reserve Projectenkalender MER: Inzet reserve t.b.v. BW2023-2 van het servicecentrum MER, bedrijfsvoering. (programma 7) € 44.000 f.

Reserve Organisatieontwikkeling: De inzet van deze reserve wordt doorgeschoven naar 2024 i.v.m. een tijdelijke functie. (programma 7) € 103.000 4. In te stemmen met begrotingswijziging 2023-8 Overige beslispunten:

Pagina 2 van 8

5. De reserve Armoedebestrijding niet op te heffen per 31/12/2023 (amendement 2022A14) en de middelen beschikbaar te houden ten behoeve van armoedebestrijding. Argumentatie:

1. Argumenten

1.1. Met de vaststelling van de halfjaarrapportage wordt het (financiële) beeld van het jaar 2023 geactualiseerd In november 2022 heeft u de programmabegroting 2023 en de meerjarenbegroting 20242026 vastgesteld. Na het vaststellen van de Programmabegroting veranderde de financiële situatie voor onze gemeente. Dat gebeurde door veranderende bijdragen van de rijksoverheid, via de Decembercirculaire 2022 en de Meicirculaire 2023 (Zie raadsinformatiebrief 27-06-2023). Daarnaast heeft u sinds het vaststellen van de begroting besluiten genomen die nu in de halfjaarsrapportage worden verwerkt. Ook verloopt de uitvoering van de begroting op onderdelen anders dan gepland. We hebben een inschatting gemaakt van de kosten tot nu toe. We hebben alle wijzigingen verwerkt in deze halfjaarrapportage (peildatum 1 juli 2023). Daarmee krijgt u inzicht in de voortgang en het financieel perspectief voor het jaar 2023. Met het vaststellen van de halfjaarrapportage stelt u het financieel kader bij naar de actuele situatie. Daarnaast zijn er ontwikkelingen geweest waardoor nu ook voor een aantal nieuwe zaken extra middelen worden gevraagd. Deze worden in de volgende beslispunten verder uitgewerkt.

1.2 beslispunt mutaties investeringsschema 2023-2026 Er is kritisch gekeken naar investeringskredieten, deze worden deels doorgeschoven naar de komende jaren. 1.3 beslispunt mutaties reserveringen In de halfjaarrapportage zitten meerdere mutaties betreffende de reserves. Een aantal hiervan betreft het tijdelijk achterwege laten van dan wel lagere onttrekkingen wegens vertraging van projecten. Voor een uitgebreidere uitleg betreffende de mutaties verwijzen we u graag door naar de Halfjaarrapportage 2023. 1.4 beslispunt reserve armoedefonds. We zijn bezig met het creëren van een nieuwe aanpak/proces bestaanszekerheid als brede maatschappelijke opgave. Dit vergt meer tijd dan wij op voorhand hadden ingeschat. Het lukt ons daarom niet meer om de middelen dit jaar uit te geven. De middelen zijn wel nodig in 2024 om te kunnen innoveren en experimenteren. Omdat de middelen wel nodig zijn maar niet dit jaar uitgegeven worden willen wij voorkomen dat ze teruggestort worden in de algemene reserve. Daarom willen wij de middelen graag doorschuiven naar 2024.

Pagina 3 van 8

2. Kanttekeningen 1.1.Ondanks de huidige actualisatie kan de realisatie op het eind van het jaar afwijken. De halfjaarrapportage is gebaseerd op de feitelijke financiële stand van zaken per 1 juli 2023 en op zo reëel mogelijke inschattingen voor het verloop van de rest van het jaar. Uiteraard bestaat de mogelijkheid dat niet alle geplande uitgaven nog worden gedaan in 2023, als de uitvoering minder voorspoedig verloopt dan gepland. Daarnaast kan het voorkomen dat kosten hoger of lager uitvallen dan we nu voorzien. We verantwoorden dat in de jaarrekening 2023. 3. Financiën Het resultaat van de begroting 2023 vóór de halfjaarrapportage was begroot op een positief saldo van € 291.000. De bijstellingen zoals deze in de halfjaarrapportage zijn opgenomen hebben een negatief effect van per saldo € 1.041.00. Het verwachte resultaat over 2023 wordt daarom gecalculeerd op €750.000 nadelig. In de diagram hieronder staan de verschillende afwijkingen ten opzichte van de begroting (positief en negatief) benoemd en uitgelegd. Onder de tabel zijn de toelichtingen van de voor- en nadelen delen uit de halfjaarrapportage toegevoegd.

Voordelen Natuurbeheer en natuurontwikkeling (€ 1.000.000 hogere baten) De Provincie Limburg en de gemeente Roerdalen zijn in onderhandeling over een grondruil van ongeveer 41.5 hectare landbouwgrond gelegen in het Flinke Ven te Herkenbosch (eigendom Gemeente) en 13 hectare landbouwgrond nabij de stort voor de realisatie van een zonnepark (eigendom Provincie Limburg). Uitgangspunt is dat de percelen zullen worden geruild op basis van taxatiewaarde en dat de levering eind 2023 plaats gaat vinden. Zoals het er nu uit ziet zal dit voor de gemeente Roerdalen

Pagina 4 van 8

een boekwinst opleveren van € 1.000.000- en gaan we er qua landbouwareaal 28.5 hectare op achteruit. Van de 13 hectare landbouwgrond welke wij in deze ruil geleverd gaan krijgen worden er ongeveer 8 ingezet voor de realisatie van een zonnepark nabij de stortplaats in Montfort. Dividend Enexis (€ 457.000 hogere inkomsten) De jaarrekening van Enexis Holding N.V. over 2022 is vastgesteld door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA). De Ava heeft besloten om 50% van het netto resultaat over 2022 in de vorm van een contant dividend uit te keren. Daarnaast is besloten om het verkoopresultaat van Fudura BV contant uit te keren. Dit resulteert in een incidenteel hogere dividenduitkering. Meicirculaire 2023 (€ 436.000 hogere inkomsten) De hogere opbrengsten hebben te maken met de effecten van de meicirculaire 2023. Meicirculaire - Bijstelling algemene uitkering

€ 158.000

- Bijstellingen sociaal domein

€ 204.000

- Integratie- en decentralisatie-uitkeringen

€ 74.000

Omgevingsvergunningen (€ 348.000 hogere baten) We verwachten dit jaar meer leges te ontvangen in verband met grotere projecten. Pilot lokaal behandelteam (€ 175.000 lagere lasten) Pilot gaat vooralsnog niet door. De pilot wordt uitgesteld in verband met de daarvoor noodzakelijke financiële investering in combinatie met de aanwezige tekorten binnen het sociaal domein. We hebben ook de wens om daarin meer regionaal te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn in het laagdrempelig en indicatie loos beschikbaar maken van meer gespecialiseerde jeugdhulp voor onze inwoners. Ten slotte hebben we beperkt beschikbare ambtelijke capaciteit om deze pilot uit te voeren. Kapitaallasten openbare ruimte ed. (€ 173.000 lagere lasten) Het uitstel van o.a. de verbouwing van de gemeentewerf en wegrenovaties leiden tot lagere kapitaallasten. Nadelen Jeugdzorg (€ 1.370.000 hogere lasten) Ondanks de positieve resultaten van pilots stijgen de kosten. De coronajaren hebben op de jongeren een grote impact gehad en de psychische gezondheid toont een neerwaartse trend, met

Pagina 5 van 8

als gevolg stijging van de kosten. Het aantal jeugdigen in jeugdzorg neemt weliswaar licht af, maar er is wel een stijging te zien in de zwaardere zorg en de duur van trajecten. Daarnaast hebben we een forse taakstelling toegepast op het budget in het kader van de omvorming sociaal domein. Het is dus niet alleen zo dat de uitgaven gestegen zijn, we hebben in het kader van de omvorming ook een taakstelling opgenomen in de begroting die niet wordt behaald dit jaar. Dat is het gevolg van de bovenstaande redenen, vertragingen in het opstarten van de pilots door corona en de krapte op de arbeidsmarkt, waardoor personeel minder en later beschikbaar is. Uitkeringen (€ 167.000 hogere baten en € 834.000 hogere lasten) Per 1 januari 2023 zijn de minimumlonen geïndexeerd met 10,15% wat leidt tot een stijging van de bijstandsnormen en de maximale loonkostensubsidie (LKS). Gemeenten ontvangen extra budget voor deze loonbijstelling bij de definitieve budgetten in 2023 van het Rijk middels de gebundelde uitkering voor het bekostigen van de uitkeringen voor de Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz 2004. Daarnaast zien we een piek in de aantallen uitkeringen doordat we sinds 2022 aan onze taakstelling voldoen voor de inburgering. De statushouders worden begeleid naar werk, maar ontvangen ter overbrugging van de inburgeringsperiode een uitkering.

Compensatie van het Rijk voor deze extra uitgaven vindt plaats in het jaar volgend op het afgesloten dienstjaar. Deze systematiek zorgt ervoor dat voor gemeenten een tekort kan ontstaan omdat inkomsten en uitgaven niet synchroon lopen. Indien een gemeente een tekort heeft boven de eigenrisicodrempel, kan onder voorwaarden een vangnetuitkering worden aangevraagd. Deze aanvraag wordt voorbereid, tevens wordt onderzocht naar mogelijke aanvullende maatregelen om dit tekort terug te dringen. Ten slotte is per 1 januari 2023 ook de leeftijd die geldt voor de kostendelersnorm verhoogd van 21 jaar naar 27 jaar. Door deze wijziging zijn er gezinnen met een uitkering die door deze verandering meer geld krijgen. Gemeentelijke bijdrage Sc MER-SD (€ 181.000 hogere lasten) Bijstelling aan de hand van begrotingswijziging 2023-2 van het servicecentrum MER sociaal domein. Hier staat (gedeeltelijk) een rijksvergoeding tegenover inzake de uitbetaling van de energietoeslag in programma 8. C-MER OD (€ 261.000 hogere lasten, deze kosten worden deels gedekt door een onttrekking uit de reserve omgevingswet € 57.000) Hogere bijdrage aan SC-MER OD naar aanleiding van de 2e begrotingswijziging 2023. Gemeentelijke bijdrage sc MER-bv (€ 74.000 lagere lasten) Bijstelling aan de hand van begrotingswijziging 2023-2 van het servicecentrum MER bedrijfsvoering. Voor bedrijfsvoering is deze stijging € 151.000.

Doordat wij binnen programma 7 rekening hadden gehouden met een stelpost voor de cao-stijging van het hele servicecentrum MER van € 225.000 is het effect hiervan binnen dit programma € 74.000 positief. Zie de programma’s 2, 3 en 5 voor de andere aanpassingen.

Pagina 6 van 8

Elektriciteit maatschappelijke accommodaties (€ 25.000 hogere lasten) Hogere kosten voor elektriciteit door de gestegen prijs Electra weekmarkten, kermissen en monumenten (€ 31.000 hogere lasten) Hogere kosten voor elektriciteit door gestegen prijs. Electra gemeenteloods en riolering (€ 28.000 hogere lasten) Hogere kosten voor elektriciteit door de gestegen prijs. De extra kosten riolering worden verrekend met de voorziening riolering. Openbare verlichting (€ 147.000 hogere lasten) Hogere kosten voor elektriciteit door de gestegen prijs. Elektriciteit gemeentehuis (€ 69.000 hogere lasten) Hogere kosten voor elektriciteit door de gestegen prijs. Wmo, huishoudelijke hulp (€ 192.000 hogere lasten) Als gevolg van een tariefswijziging zijn de kosten van hulp bij het huishouden opnieuw hoger dan begroot. Op basis van de eerst kwartaalrapportage 2023, opgesteld door de MER-SD, stellen wij het budget bij. Bijzondere bijstand, minimaregelingen en schuldhulpverlening (€ 182.000 hogere lasten) Het aantal inwoners dat een beroep doet op bijzondere bijstand, minimaregeling en of schuldhulpverlening neemt toe. Enerzijds is dit te verklaren door een groter wordende groep inwoners dat problemen heeft met rondkomen en hulp nodig heeft.

En anderzijds zien we dat we meer mensen bereiken door de inzet van de VoorzieningenWijzer, het formulierensteunpunt en het frequenter communiceren over de regelingen. In de meicirculaire 2023 is een gedeeltelijke compensatie verwerkt voor deze kosten. Veiligheidsregio Limburg-Noord (€ 112.000 hogere lasten) Diverse onvoorziene ontwikkelingen maken het noodzakelijk dat begrotingswijziging 1-2023 is opgesteld. De Veiligheidsregio kan niet alle extra kosten opvangen binnen de beschikbare budgettaire ruimte. Zo is er sprake van loon- prijsstijgingen van personeel van 9,54% in 2023, is sprake van kostenverhogende secundaire arbeidsvoorwaarden en stijging van kosten materiaal. De VRLN is genoodzaakt een verhoging van de gemeentelijke bijdrage door te voeren. Veiligheidsregio Limburg-Noord (GGD) (€ 55.000 hogere lasten) Diverse onvoorziene ontwikkelingen maken het noodzakelijk dat begrotingswijziging 1-2023 is opgesteld. Geconstateerd is dat niet alle extra kosten opgevangen kunnen worden binnen de beschikbare budgettaire ruimte. Zo is er sprake van loon- prijsstijgingen van personeel van 9,54%

Pagina 7 van 8

in 2023, is sprake van kostenverhogende secundaire arbeidsvoorwaarden alsmede stijging van kosten materiaal. De VRLN is genoodzaakt een verhoging van de gemeentelijke bijdrage door te voeren.

4. Planning en uitvoering De halfjaarrapportage is een momentopname van de eerste helft van het jaar en geeft een doorkijk naar de rest van het jaar. De jaarrapportage rapporteert uiteindelijk over het totaalbeeld van het jaar.

5. (Wettelijk en/of beleidsmatig) kader Volgens de financiële verordening zijn we verplicht een halfjaarrapportage op te stellen om u te informeren over de stand van zaken betreffende de doelen/acties en financiële positie gedurende het begrotingsjaar.

6. Bijlagen Bijlage 1: Raadsbesluit Halfjaarrapportage 2023 Bijlage 2: Begrotingswijziging 2023-08 Bijlage 3: Halfjaarrapportage 2023

Sint Odiliënberg, 01-08-2023

Burgemeester en wethouders van Roerdalen, De secretaris, De burgemeester,

J.J.W.M. L’Ortije

Pagina 8 van 8

mr. M.D. de Boer-Beerta

Raadsbesluit

Jaar …./../..

Zaaknummer: Z22-033241 Onderwerp: Halfjaarrapportage 2023 De raad van de gemeente Roerdalen heeft; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 1 augustus 2023, gelet op artikel 7 van de financiële verordening 2018 van gemeente Roerdalen het volgende besluit genomen:

Besluit: 1. De halfjaarrapportage 2023 vast te stellen; 2. In te stemmen met de mutaties van het investeringsschema 2023-2026. 3. In te stemmen met de volgende mutaties in de reserves: a. Reserve Toerisme: Extra inzet communicatie. Onttrekking aan reserve. (programma 4) € 13.000 b. Reserve Bouwgrondexploitatie: Actualisatie BGE Holsterveld. Lagere toevoeging aan reserve. (programma 5) € 357.000 c. Algemene reserve: Herontwikkeling Centrumplan Herkenbosch is nog niet afgerond. Dekking uit de AR vindt later plaats. Lagere onttrekking aan reserve in 2023. (programma 5) € 1.035.000 d. Reserve Omgevingswet: Inzet reserve t.b.v. BW2023-2 van het servicecentrum MER, omgevingsdienst. Onttrekking aan reserve. (programma 5) € 57.000 e. Reserve Projectenkalender MER: Inzet reserve t.b.v. BW2023-2 van het servicecentrum MER, bedrijfsvoering. (programma 7) € 44.000 f. Reserve Organisatieontwikkeling: De inzet van deze reserve wordt doorgeschoven naar 2024 i.v.m. een tijdelijke functie. (programma 7) € 103.000 4. In te stemmen met begrotingswijziging 2023-8 5. De reserve Armoedebestrijding niet op te heffen per 31/12/2023 (amendement 2022A14) en de middelen beschikbaar te houden ten behoeve van armoedebestrijding.

Pagina 1 van 2

Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 21 september 2023.

De gemeenteraad van Roerdalen, De griffier,

De voorzitter,

R.J.J. Notermans

mr. M.D. de Boer-Beerta

Pagina 2 van 2

BEGROTINGSWIJZIGING

Provincie Limburg

Dienstjaar:

2023

Wijziging 8nr.:

Gemeente ROERDALEN De raad der gemeente Roerdalen besluit de begroting van lasten en baten voor bovengenoemd dienstjaar te wijzigen als volgt:

omschrijving

(Bedragen * € 1.000,-)

wijziging lasten

wijziging baten

wijziging lasten

wijziging wijziging wijziging wijziging wijziging baten lasten baten lasten baten

335 26 14 70 174 1 21 -161 193

555 54 51 114 21 179 136

170 14 14 32 102 6 -128 131

343 17 114 83 130

145 14 14 32 78 6 -128 131

343 17 114 83 130

-148 90

275 13 110 63 89

5.340 252 2.067 298 1.292 217 -48 -45 270 -33 19 -176

2.522 225 1.891 281 19 9 -

1.644 26 -3 307 887 208 3 -50 270 17 19 -100

400 5 350 10 -

1.588 26 -3 307 887 177 3 -50 270 -33 19 -75

293 5 350 -97 -

1.640 26 -3 307 887 165 3 -51 270 -33 19 -

525 5 350 145 -

Halfjaarrapportage 2023 Programma's Exploitatie 1. Krachtige dorpen 4.2 Onderwijshuisvesting 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken 5.1 Sportbeleid en activering 5.2 Sportaccommodaties 5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie 5.6 Media 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 7.1 Volksgezondheid 2. Participatie, ondersteuning en zorg 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 6.2 Wijkteams 6.3 Inkomensregelingen 6.4 Begeleide participatie 6.5 Arbeidsparticipatie 6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO) 6.71a Hulp bij het huishouden (WMO) 6.71b Begeleiding (WMO) 6.71c Dagbesteding (WMO) 6.72 Maatwerkdienstverlening 18-

80 14 14 28 78 6

wijziging lasten

wijziging baten

40 1.126 283 115 80 228 -509 224 -155 -205 25 -40 -12 27

-

37

35

3. Veilige dorpen 1.1 Crisisbeheersing en brandweer 1.2 Openbare orde en veiligheid

161 144 18

100 137 -37

1 1

4. Economie, natuur, toerisme en cultuur 3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen 3.4 Economische promotie 5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie 5.5 Cultureel erfgoed 7.4 Milieubeheer

321 -7 20 28 3 278 -1.114 10 -64 -1.112

omschrijving

wijziging lasten

wijziging wijziging wijziging wijziging wijziging baten lasten baten lasten baten

Halfjaarrapportage 2023 6.72a Jeugdhulp begeleiding 6.72b Jeugdhulp behandeling 6.72c Jeugdhulp dagbesteding 6.73a Pleegzorg 6.73b Gezinsgericht 6.73c Jeugdhulp met verblijf overig 6.74a Jeugdhulp behande;ling GGZ zonder verblijf 6.74b Jeugdhulp crisis/ LTA/GGZ-verblijf 6.74c Gesloten plaatsing 6.81 Geëscaleerde zorg 18+ 6.81b Maatschappelijke- en vrouwenopvang (WMO) 6.82a Jeugdbescherming 6.82b Jeugdreclassering 7.1 Volksgezondheid

5. Woonomgeving 0.2 Burgerzaken 7.3 Afval 7.4 Milieubeheer 8.1 Ruimte en leefomgeving

60 -

25 -

-

25 35

-

35 1 1

25 35

-

25 1 1

25

-

-

-

-

1.159 -30 1.010 179

174 -9 183

186 3 183

178 -9 187

190 3 187

-

-

-398 -52 -25 30

1.056 6 79 947

-54 -52 -

-17 6 50 -87

2 -52 56 -

-18 6 50 -87

2 -52 56 -

-

-

-9 -9

3 3

wijziging lasten

wijziging baten

8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) 8.3 Wonen en bouwen

-346 398

-697 347

6. Mobiliteit, infrastructuur en openbaar groen 0.4 Overhead 2.1 Verkeer en vervoer 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie 7.2 Riolering 7.5 Begraafplaatsen en crematoria

282 -35 281 15 20 1

189 -1 160 10 20 -

7. Bestuur, organisatie en dienstverlening 0.1 Bestuur 0.2 Burgerzaken 0.4 Overhead 0.8 Overige baten en lasten

238 -12 -6 297 -41

10

8. Algemene middelen 0.5 Treasury 0.61 OZB woningen 0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds 0.8 Overige baten en lasten 3.4 Economische promotie

omschrijving

wijziging lasten

wijziging wijziging wijziging wijziging wijziging baten lasten baten lasten baten

Halfjaarrapportage 2023 -

-

-

24

-2

29

-1 -1

37 -9 -

-

-2

29

-1 -1

37 -9 -

29

-1 -1

37 -9 -

870 461 8 452 -50

-

2.198 8 2.240 -50

-

2.309 8 2.351 -50

-

1.586 8 1.628 -50

Totaal Saldo van baten en lasten

5.381

5.007

3.520

3.105

2.344

3.169

2.142

2.423

Mutatie reserves 1. Krachtige dorpen 4. Economie, natuur, toerisme en cultuur 5. Woonomgeving 7. Bestuur, organisatie en dienstverlening

-357 -

-

-

24 1.035 104

33

33

-

419 34 37 349 -

-

-182 18 -200 -

13 -978 -59

-

-2

-

-2 12

420 35 37 349 -

-

13

446 36 52 359 -

-

33

-

14

33

33 33 -

wijziging lasten

wijziging baten

Totaal Mutatie reserves

-357

-1.024

-

1.163

-

-

-

-

Resultaat inclusief reservemutaties

5.024

3.983

3.520

4.268

2.344

3.169

2.142

2.423

omschrijving

wijziging lasten

wijziging wijziging wijziging wijziging wijziging baten lasten baten lasten baten

Halfjaarrapportage 2023

Resultaat Voorzieningen Voorziening rioleringen toekomstige investeringen Voorziening Limb Kwal.Menu buiten rode contour Sluitrekeningen

1.041

-748

-826

-281

271 20 251

271 251 20

-

-

-

-

-

-

Reserves Algemene reserve Bestemmingsreserves Sluitrekening Algemene reserve Sluitrekening Bestemmingsreserves

-1.381 -1.035 11 -357

-1.381 -357 -1.035 11

1.163 1.035 128 -

1.163 1.035 128

-

-

-

-

Investeringen Materieel Wegenplan en GRP Gebouwen Subs. ed. toevoegen aan projectbudget Sluitrekening Investeringen

-16.256 162 -9.501 -6.366 -551 -

-16.256 240 -16.496

16.448 40 9.919 6.366 123 -

16.448 300 16.148

255 215 40 -

255 60 195

141 141 -

141 141

-216 -216

-216 -216

-

-

-

-

-

-

-1.272 -1.272

-1.272

1.035 1.035

1.035

-

-

-

-

Bouwgrondexploitatie Mutatie boekwaarde BGE Bedrijfsvoering (Kapitaallasten) Lagere kapitaallasten Doorbelasting kapitaallasten

-1.272

1.035

omschrijving

wijziging lasten

wijziging baten

wijziging lasten

-13.830

-13.830

22.165

wijziging wijziging wijziging wijziging wijziging baten lasten baten lasten baten

Halfjaarrapportage 2023

22.165

2.599

Toelichting op de begrotingswijziging Voor een toelichting m.b.t. deze 8e wijziging voor het jaar 2023, verwijzen we naar het raadsvoorstel m.b.t. de Halfjaarrapportage 2023. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 21 september 2023. De raad voornoemd, de griffier,

Ingevolge art. 203 gemeentewet gezonden aan: Gedeputeerde Staten van Limburg Datum van inzending: kenmerk:

de voorzitter,

2.599

2.283

2.283

Halfjaarrapportage 2023

Behandeling in de gemeenteraad op 21 september 2023

Inhoudsopgave INLEIDING ...........................................................................................................................2 Financiële positie .................................................................................................................................2 Roerdalen in Balans .............................................................................................................................4 Zo is deze halfjaarrapportage opgebouwd ..........................................................................................6

PROGRAMMAPLAN ............................................................................................................7 Programma 1 Krachtige dorpen ..........................................................................................................7 Programma 3 Veilige dorpen.............................................................................................................14 Programma 4 Economie, natuur, toerisme en cultuur ......................................................................16 Programma 5 Woonomgeving...........................................................................................................21 Programma 6 Mobiliteit, infrastructuur en openbaar groen.............................................................26 Programma 7 Bestuur, organisatie en dienstverlening .....................................................................30 Programma 8 Algemene middelen....................................................................................................32

FINANCIËN IN HOOFDLIJNEN.............................................................................................34

Halfjaarrapportage 2023

1

Inleiding Voor u ligt de halfjaarrapportage 2023 van de gemeente Roerdalen. Hiermee informeren we de gemeenteraad over de voortgang van de uitvoering van de begroting. Het merendeel van de activiteiten loopt volgens planning. In deze rapportage staan we voornamelijk stil bij de afwijkingen ten opzichte van de begroting. Ook behandelen we in de inleiding kort de huidige status van het project “Roerdalen in balans”. Dit is het project met het doel om de begroting op zijn laatst in 2024 sluitend te krijgen.

Financiële positie We zien in een aantal programma’s (financiële) afwijkingen ten opzichte van de begroting. In totaal ongeveer € 1.041.000 negatief. De belangrijkste verschillen worden veroorzaakt door:

2

In deze rapportage zijn de effecten van de meicirculaire 2023 verwerkt.

bedragen x € 1.000 Begroting 2023 Overzicht baten en lasten

Primitieve begroting

Begrotingswijzigingen

Halfjaarrapportage

Totaal

Saldo van baten en lasten Lasten 1. Krachtige dorpen 2. Participatie, ondersteuning en zorg 3. Veilige dorpen 4. Economie, natuur, toerisme en cultuur 5. Woonomgeving 6. Mobiliteit, infrastructuur en openbaar groen 7. Bestuur, organisatie en dienstverlening 8. Algemene middelen Totaal Lasten

- 5.332 - 22.829 - 2.345 - 1.788 - 6.040 - 8.057 - 11.344 - 551 - 58.285

38 - 1.578 - 644 - 2.489 - 81 - 762 - 5.516

- 335 - 5.340 - 161 - 321 1.114 - 282 - 238 182 - 5.381

- 5.629 - 29.747 - 2.506 - 2.753 - 7.414 - 8.419 - 12.344 - 369 - 69.182

Baten 1. Krachtige dorpen 2. Participatie, ondersteuning en zorg 3. Veilige dorpen 4. Economie, natuur, toerisme en cultuur 5. Woonomgeving 6. Mobiliteit, infrastructuur en openbaar groen 7. Bestuur, organisatie en dienstverlening 8. Algemene middelen Totaal Baten

182 5.260 93 681 5.242 2.543 355 43.344 57.699

371 371

554 2.522 100 1.159 - 398 189 10 870 5.007

736 7.782 193 1.840 4.844 2.732 365 44.585 63.077

Saldo van baten en lasten

- 585

- 5.145

- 374

- 6.104

Mutatie reserves Toevoegingen

- 458

- 800

357

- 901

Onttrekkingen

1.125

6.154

- 1.024

6.255

Mutatie reserves

667

5.354

- 667

5.354

Resultaat

82

209

- 1.041

- 750

Halfjaarrapportage 2023

3

Roerdalen in Balans Bij de voorbereiding van de begroting 2021-2024 bleek een groot meerjarig oplopend tekort in de structurele inkomsten van bijna € 3,5 miljoen. Om toch de meerjarige begroting in 2024 sluitend te krijgen is er gekozen voor een onconventionele aanpak. Hierin wordt als doel gesteld om met onze kernwaarden centraal toch een sluitende begroting te krijgen. In het college van 16 maart 2021 is het projectplan “Roerdalen in Balans” vastgesteld. Dit project bestaat uit drie deelprojecten: • Omvorming sociaal domein. • Investeren in duurzaamheid en om te renderen. • In control. We geven een kort overzicht over de voortgang. Omvorming sociaal domein. De omvorming is gericht op de forse uitbreiding van de basisondersteuning op ‘sleutelposities’ in de vorm van ambities en pilots. We hebben hiermee beoogd fors op zorgkosten te besparen. En de hulp meer nabij te organiseren. Echter blijven de kosten oplopen. Het financieel tekort is ongekend hoog. Daarom kiezen we voor het verder vergroten van onze autonomie en het versterken van hulp en ondersteuning die we in Roerdalen zelf kunnen bieden. Kostenbewustzijn is nodig om onze ambities waar te kunnen maken. In de omvorming zijn we ervan uitgegaan dat we met de inzet van de verschillende pilots in de basisondersteuning een besparing zouden realiseren bij de specialistische hulp.

Echter, gezien de landelijke ontwikkelingen denk aan Corona, de toename van complexe (jeugd) problematiek, de hoge inflatie en daarmee gepaard gaande kostenstijgingen in de zorg, constateren we dat deze voorgenomen besparing niet meer realistisch is. We zien wel een lichte daling in aantallen van begeleiding Wmo en jeugd, hier schuilt het perspectief in van een mogelijke besparing. Daarnaast is het zo dat we niet weten hoe het plaatje eruit zou zien als we niets hadden gedaan. We maken aankomende maanden verder de balans op. En bekijken hoe we de inzet kunnen verstevigen. We monitoren de pilots om te zien wat wel goed werkt of juist niet. Het is nog te vroeg voor definitieve conclusies. Investeren in duurzaamheid en om te renderen. Met het programma Investeren in Duurzaamheid en om te Renderen combineren we onze duurzaamheidsambities met kostenbesparing en nieuwe inkomsten. Daarnaast willen we nieuwe inkomsten halen uit reclame en zendmasten. In 2023 werken we volop aan de voorbereiding en uitvoering van projecten. We realiseren de financiële taakstelling op onderdelen later dan gepland. Dat wordt veroorzaakt door: • De sterk gestegen energieprijzen. Daardoor beperken we door energiebesparende maatregelen wel de meerkosten. • Langere voorbereidingstijd. De voorbereiding van het zonneveld naast de stortplaats Montfort kost meer tijd dan voorzien.

We richten ons nu op realisatie eind 2024. • Netwerkschaarste. Ook de gemeente heeft te maken met de gevolgen van netwerkschaarste. We kunnen het zonnedak op de gemeenteloods in Sint Odiliënberg niet realiseren zoals gepland. We onderzoeken alternatieven, waarmee we alsnog duurzame energie kunnen opwekken en energiekosten kunnen besparen. • Herprioritering van werkzaamheden. Vanwege de opdracht om met spoed voor tijdelijke huisvesting te zorgen zijn de projecten voor reclame-inkomsten tijdelijk stilgelegd. Voor

4

zowel reclame in de dorpen als de reclamemast worden nu (haalbaarheids)onderzoeken gedaan. In control Het onderdeel in control heeft een aantal doelen: - Grip op alle mogelijke structurele inkomsten en uitgaven (inclusief monitoren rijksvergoedingen) - Versterking van het risicomanagement - Versterking van bedrijfsvoering door het zoeken naar de optimale balans tussen kwaliteit en efficiency - Verbetering van de kwaliteit van rapportages Voor de versterking van de bedrijfsvoering maken we gebruik van de werkmethodes van de leansystematiek. In 2023 hebben we via lean het begrotingsproces verbeterd. We gaan de begroting 2024 via de nieuwe aanpak voorbereiden. Daarnaast willen we de overhead verlagen door verantwoordelijkheden lager in de organisatie te beleggen. We passen de hoofdstructuur van de organisatie aan naar vier teams. Hierover worden na deze zomer besluiten genomen. De nieuwe organisatie-indeling gaat in per januari 2024. Hiermee verlagen we de overheadkosten en realiseren we de taakstellende bezuiniging op de Roerdalense organisatie. Ook binnen het SC MER wordt de lean-systematiek toegepast om processen te stroomlijnen. Het uitgangspunt is standaardiseren waar dat kan en maatwerk waar dat nodig is. De kosten van het SC MER worden verdeeld op basis van de nu afgesproken kostenverdeelsystematiek.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roerdalen&id=73effe08-ba66-4db0-a4f7-01c5a9a570b3