CConstaterende datRoerdalen
Koppel je AI →
Document · PDF

17 E-mailbericht 17 september 2022 Aanvullend collegebesluit zoekgebieden windenergie

Gemeenteraad 29 september 2022, gemeente RoerdalenBij agendapunt: Onderzoekslocaties en strategiebepaling windenergie17.508 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Van: Verzonden: Aan:

# Raadsleden

CC:

# Griffie; # Burgemeester & Wethouders

Onderwerp: Bijlagen:

FW: Aanvullend collegebesluit zoekgebieden windenergie Collegebesluit wind 16-9[48268].docx; 20220704 Haalbaarheidsstudie potentiegebieden windenergie Roerdalen (v2.0) met bijlagen.pdf

zaterdag 17 september 2022 09:39

Leden van de raad, Met verwijzing naar het onderstaande e-mailbericht doe ik u hierbij toekomen het (aanvullende) collegebesluit van vrijdag 16 september jl. alsmede het onderliggende technische rapport. Met vriendelijke groet,

Raadsgriffier

gemeente roerdalen bezoekadres Schaapsweg 20, 6077 CG Sint Odiliënberg postadres Postbus 6099, 6077 ZH Sint Odiliënberg telefoon 0475 538 888 e-mail info@roerdalen.nl website www.roerdalen.nl

Van:. Verzonden: vrijdag 16 september 2022 18:57 Aan: Onderwerp: Aanvullend collegebesluit zoekgebieden windenergie

Beste Het college heeft vrijdag 16 september een aanvullend besluit genomen over de zoekgebieden windenergie. Gezien de actuele discussie verzoek ik je namens het college om dit besluit te delen met de gemeenteraad. Tevens stuur ik hierbij ter informatie het technische rapport dat aanleiding is voor dit collegebesluit. Met vriendelijke groet,

Gemeentesecretaris I Directeur Gemeente Roerdalen

Collegebesluit zoekgebieden windenergie d.d. 16 september 2022

Aanleiding In het kader van een WOO-verzoek zijn alle documenten verzameld die een rol hebben gespeeld bij de eerste ambtelijke vooronderzoeken naar windenergie. Bij de verzamelde documenten zit ook een technisch onderzoek naar de realisatiemogelijkheden van windturbines van 250 meter op zowel het Meinweg-plateau als het zoekgebied Montfort-Zuid. Met dit technisch vooronderzoek, uitgaande van de maximale hoogte en het maximale aantal molens, is gecheckt wat volgens de gangbare normen in deze gebieden maximaal haalbaar is vanuit ruimtelijk perspectief. Mede op basis van deze technische check zijn de twee onderzoeksgebieden aan het college voorgesteld. De burgemeester en wethouders waren van dit onderliggende technisch onderzoek niet op de hoogte, maar hebben er op donderdag 15 september 2022 wel kennis van genomen. Dit was aanleiding voor een extra collegevergadering op vrijdag 16 september 2022.

Toelichting Aan de hand van een proefopstelling is een technische verkenning gedaan van de impact van windturbines. Er is uitgegaan van een maximale hoogte van 250 meter en van drie windturbines in Montfort-zuid en vier op het Meinwegplateau. Het technisch rapport geeft inzicht in onder andere de effecten van geluid en slagschaduw. Op het gebied van slagschaduw wordt geconstateerd dat Montfort en Sint Joost hier tot maximaal 16 uur per jaar hinder van kunnen ondervinden. De effecten hiervan zijn te verminderen door een technisch hulpmiddel waarbij de molens zichzelf uitschakelen als er slagschaduw ontstaat. De mogelijkheden om met turbines van 250 meter te schuiven zijn op de locatie Montfort-Zuid beperkt. Het college concludeert daarom op 16 september dat de kans op overlast, uitgaande van drie turbines van 250 meter hoog, te groot is. Het college wil de kans op overlast voor Montfort en Sint Joost verder minimaliseren. Dit betekent dat het college drie windturbines van 250 meter wil uitsluiten bij verder onderzoek naar deze locatie. Het moet dus bij het verdere onderzoek in Montfort gaan om minder turbines dan drie en/of lager dan 25o meter. Pas als deze alternatieven ook onderzocht zijn op haalbaarheid en op het verder beperken van overlast, kan er een afgewogen besluit worden genomen.

Omdat het bij minder dan drie turbines de vraag is of deze rendabel kunnen worden aangelegd, wil het college dat tevens samen met Echt-Susteren de mogelijkheid onderzocht wordt van een eventueel gecombineerd windmolenpark over de grenzen van de gemeenten heen. De opdracht is om naast het verder onderzoeken van lokale varianten, ook met Echt-Susteren hierover in contact te treden. Voor het Meinwegplateau geldt dat alle opties nog open zijn omdat er meer mogelijkheden zijn om met 3 of 4 molens te schuiven. Daardoor en omdat het hier om minder woningen gaat, zijn er ook meer mogelijkheden om te voorkomen dat te veel overlast ontstaat door slagschaduw. Omdat de gemeente hier geen grond in eigendom heeft is volledige regie vanuit de gemeentelijke belangen wel lastiger uitvoerbaar. Voor beide zoekgebieden geldt dat nog meer en breder onderzoek nodig is om te bepalen of windenergie in deze gebieden mogelijk en wenselijk is.

Besluit

- Het college besluit op basis van het inmiddels beschikbare technisch onderzoek, dat drie windturbines van 250 meter in Montfort-Zuid worden uitgesloten; - De opdracht wordt verstrekt om in Montfort-Zuid alleen nog varianten met lagere windturbines en/of minder windturbines te onderzoeken, waarbij ook de variant van een eventueel gezamenlijk windmolenpark met de buurgemeente Echt-Susteren onderdeel wordt van de vervolgonderzoeken; - Voor het Meinwegplateau zijn er vooralsnog geen verdere restricties voor het vervolgonderzoek; - De onderzoeken op alle locaties moeten zich richten op enerzijds technische en financiële haalbaarheid en anderzijds op het verminderen van de kans op overlast; - Bovenstaande aanleiding en toelichting maken onderdeel uit van dit collegebesluit; Alle besluiten worden genomen onder voorbehoud van de besluitvorming in de gemeenteraad; - Dit aanvullende collegebesluit uiterlijk zaterdag 17 september 2022 delen met de gemeenteraad en met de betrokken inwoners van Montfort die hun e-mailadres hebben gedeeld om over dit onderwerp nadere informatie te ontvangen. Aanvullend hierop zaterdag 17 september de media informeren en tijdens de informatiebijeenkomst, op 21 september in het dorpshuis van Montfort, een toelichting geven.

@84pONDERA t

Haalbaarheidsstudie Potentiegebied Meinwegplateau en Montfort Zuid Gemeente Roerdalen 722031 04,0 7 /2022

20

-

984ONDERA

Pondera

Colofon

Hoofdvestiging Nederlac

33ort document

Amsterdamseweg 13 6814 CM Arnhem 088 - pondera (088-7663372) info@ponderaconsult.com

Haalbaarheidsstudie

;e;tnaam Potentiegebied Meinwegplateau en Montfort Zuid

Postadres Postbus 919 6800 AX Arnhem

2.0

Vestiging Sout

ast 4si a

JI. Mampang Prapatan XV no 18 Mampang Jakarta Selatan 12790 Indonesia

Vestiging No

.h

East As

Suite 1718, Officia Building 92 Saemunan-ro, Jongno-gu Seoul Province Republic of Korea

4-7-2022

porect nummer 722031

)drachtgever Gemeente Roerdalen

John van de Lagemaat agekeken door Paul Janssen

Disclaimer In het onderzoek is gebruik gemaakt van algemeen geaccepteerde uitgangspunten, modellen en informatie die ten tijde van het opstellen van dit rapport ter beschikking stonden. Aanpassingen in de uitgangspunten, modellen of gebruikte gegevens kunnen leiden tot andere uitkomsten. De aard en de nauwkeurigheid van de gebruikte gegevens voor het onderzoek bepalen in belangrijke mate de nauwkeurigheid en de onzekerheden van de berekende uitkomsten. Pondera is niet aansprakelijk voor gederfde inkomsten of schade die wordt geleden door opdrachtgever(s) en/of derden uit conclusies die gebaseerd zijn op gegevens die niet van Pondera afkomstig zijn. Deze rapportage is opgesteld met de intentie dat deze alleen gebruikt wordt door de opdrachtgever en slechts voor het doel waarvoor de rapportage is opgesteld. Er mag geen beroep worden gedaan op de informatie uit deze rapportage voor andere doeleinden zonder schriftelijke toestemming van Pondera. Pondera is niet verantwoordelijk voor de consequenties die kunnen voortvloeien uit het oneigenlijk gebruik van de rapportage. De verantwoordelijkheid voor het gebruik van (de analyse, resultaten en bevindingen in) de rapportage blijft bij de opdrachtgever. De Rechtsverhouding opdrachtgevers - architect, ingenieur en adviseur conform DNR 2011 is te allen tijde van toepassing.

EIK I50 90 0 1·2 0 15

gecertificeerd

nhoudsopgave lering ] 1.3

Lk3ml/I[] [ten[@qeD/@]en Leeswijzer 2

gangspunten ruimtelijke analyse ) ] 2.2 2.3

[n[91Hin Hoferen[[@[yrD1neS 0 Ruimtelijke belemmeringenanalyse

Firtelijke analyse Meinwegplateau 31 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3. 7 3.8 3.9

4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8

5

5

19

\/r ee/dos[el[in] [9 Geluid 20 Externe veiligheid 23 Technische mogelijkheden 23 Ecologie 24 Indicatie opbrengst 25 Netaansluiting 26 Overige aandachtspunten 26

Cynclusies en aanbevelingen Bijlagen: 1.

4

\/r D@@/]ODS[ell] O Geluid 6 Externe veiligheid 10 Technische mogelijkheden 10 Ecologie 11 Indicatie opbrengst 13 Netaansluiting 13 Overige aandachtspunten 14 Zonne-energie Meinwegplateau 16

Ruimtelijke analyse Montfort Zuid

d_1

3

Criteria ruimtelijke analyse

2.

Ecologische verkenning Bureau Waardenburg

3.

Energieopbrengstberekening

27

-

/8A4ONDERA

1

I

1 +

De gemeente Roerdalen heeft in augustus 2021 haar beleidskader voor zonne- en windenergie vastgesteld.1 Hierin is het Meinwegplateau naar voren gekomen als mogelijk ontwikkelgebied voor windenergie. Aanvullend is de vraag vanuit de gemeente gekomen om een haalbaarheidsstudie te doen voor windenergie binnen de gehele gemeente. Deze studie 2 is voorafgaand aan voorliggend onderzoek door Pondera uitgevoerd. Daaruit zijn een viertal potentiegebieden naar voren gekomen. De gemeente heeft Pondera verzocht om naast het Meinwegplateau ook het potentiegebied 'Montfort Zuid' te onderzoeken. Daarnaast vormt het onderzoek naar haalbaarheid voor windenergie op het Meinwegplateau aanleiding om parallel ook de kansen voor grondgebonden zonne-energie op deze locatie te onderzoeken.

Zie Figuur 1.1 voor de ligging en begrenzing van de potentiegebieden uit de eerdere studie, deze gebieden zijn aangegeven middels een rode cirkel. Het gaat om de gebieden 1 (Meinwegplateau) en 4 (Montfort Zuid) op de kaart.

Legenda genotiegebweden

rjres soroe

Busiedn9

si Contour tuisieicing 250 objecten Contour gevoelige objecten 400m Kwvetsreobjecten Contour kwetsbare objecten 90m tatura 2000

à,

BRZO inrichting Contour BRZO irichting 400m @ Risicovcie inrching cotosr 'skovone rihtn9 250 ···· Spoorwegen au]con tour spoor»weger 98me

Gevoelige

Ze

804 »ONDERA •

tl weoe

m -

$tuttegebied

[] uts»u tungsgebeden wtur nes contour ween 9om oentiegebed wond gemeente • Hoogs0ann qsiesding Utstbutngsgebiedwind gereentelik [ cactor oospanen9s red9 250

-

/8poNDERA

1.3 Leeswijze Na dit inleidende hoofdstuk worden in hoofdstuk 2 de uitgangspunten van de ruimtelijke analyse beschreven. In hoofdstuk 3 wordt vervolgens ingegaan op de ruimtelijk-technische analyse van potentiegebied Meinwegplateau. Per (milieu)aspect worden de voornaamste belemmeringen in kaart gebracht. Hierbij wordt met name aandacht besteed aan de 'harde' belemmeringen die bepalend zijn voor de fysiek beschikbare ruimte voor windenergie. Per aspect wordt een korte toelichting gegeven op de resultaten van de analyse. Daarnaast wordt er ingegaan op de potentie voor zonne-energie op deze locatie. In hoofdstuk 4 word ingegaan op de ruimtelijke-technische analyse voor potentiegebied Montfort Zuid. Tot slot worden er in hoofdstuk 5 conclusies getrokken en enkele aanbevelingen gegeven.

-

/8ONDERA

2 Uitgangspunten ruimtelijke analyse 21 Inleiding Aan de hand van een analyse met behulp van een geografisch informatiesysteem (GIS) is de beschikbare ruimte voor de plaatsing van windturbines in het potentiegebied geanalyseerd en zijn de kansen en belemmeringen in beeld gebracht. Daarbij wordt rekening gehouden met aandachtspunten en aan de te houden afstanden op basis van beleid, wet- en regelgeving. Daarnaast worden relevante milieutechnische aspecten en gevoelige functies die een belemmering voor de haalbaarheid van windenergie vormen op basis van vuistregels bij de analyse betrokken.

22 Referentieturbines Voor de meeste aspecten geldt dat de afmetingen van de windturbines bepalend zijn voor de benodigde ruimte en dus de (on)mogelijkheden voor windenergie in het potentiegebied. Deze afmetingen zijn de afgelopen jaren steeds toegenomen. Dat heeft te maken met het feit dat het harder en constanter waait op grotere hoogtes en een grotere windturbine dus meer duurzame elektriciteit tegen een lagere kostprijs produceert. Een grotere rotor 'vangt' namelijk meer wind. De Rijksoverheid heeft een subsidieregeling Stimulering Duurzame Energieproductie (SDE+ +) beschikbaar gesteld waar duurzame energieprojecten aanspraak op kunnen maken. Deze subsidieregeling is zo ingericht dat vooral efficiënte projecten worden gehonoreerd.

degme In de gemeente Roerdalen is sprake van een relatief lage gemiddelde windsnelheid({< 6,75 mis gemiddeld op 100 meter hoogte}, zie Figuur 2.1.

Gemiddelde w indsnelheid per gemeente, zoo4

2013

Categorie SDE++ 202 2 {gemiddelde windsnelheid in m/'s op 1oo eter hoogte!

El·uhoeer ans.s) us.o-85

was-8.s» va.o-75s v6.rs-7s V(6.75en lager!

• Gemeentegrenzen pet 31 december 2019

-

/8pONDERA De ontwikkelingen in de SOE Basisbedragen zorgt ervoor dat windturbines (in het binnenland) steeds hoger worden en vooral een grotere rotordiameter krijgen. Daarbij is een verschuiving gaande van een standaard van 120m ashoogte/120m rotordiameter naar 150m ashoogte/150m rotordiameter of zelfs hoger/groter. Dat laatste is sterk afhankelijk van de windsnelheid op de specifieke plek. De relatief lage windsnelheid in de gemeente Roerdalen pleit ervoor om een zo groot mogelijke turbine als uitgangspunt te nemen, omdat verwacht mag worden dat in de komende jaren de afmetingen van windturbines verder toenemen. Rekening houdend met deze groei en het feit dat deze turbines over 3-4 jaar ook nog beschikbaar en rendabel moeten zijn is in deze analyse gekozen voor een referentieturbine met een ashoogte van 160m en een rotordiameter van 180m Tabel 2.1. Deze turbine-categorie representeert een van de grootst mogelijke windturbines die momenteel op de markt beschikbaar zijn. Taboe ! 2

,

1 Gehanteerde referentieturbine

Ashoogte

Rotordiameter

Tiphoogte

160m

180m

250m

23 Ruimtelijke belemmeringenanalyse In de ruimtelijke belemmeringenanalyse zijn relevante omgevingsaspecten in kaart gebracht die mogelijk een 'harde' of 'zachte' belemmering vormen voor de ontwikkeling van windenergie. Harde belemmeringen zijn aspecten waarbij sprake is van aan te houden toetsafstanden die afgeleid zijn van wet- en regelgeving, en daarin opgenomen normen. Binnen deze toetsafstanden is het plaatsen van een windturbine in principe niet mogelijk. Buiten deze toetsafstanden kan worden voldaan aan de wettelijke eisen, eventueel met beperkte maatregelen. Zachte belemmeringen zijn aspecten die randvoorwaarden met zich mee brengen óf aandachtspunten vormen, en maken de plaatsing van windturbines in bepaalde situaties mogelijk. De afstand die tot de verschillende omgevingsaspecten moet worden aangehouden, en de belemmering die ze daarmee vormen voor windturbines, is vaak afhankelijk van de turbineafmetingen. In de analyse is uitgegaan van een referentieturbine waarvan de kenmerken in Tabel 2.1 zijn weergegeven. Een overzicht van de relevante belemmering is opgenomen in bijlage 1.

/84ONDERA •

3 Ruimtelijke analyse Meinwegplateau Figuur 3.1 geeft een overzicht van de ruimtelijke belemmeringen in en rondom potentiegebied Meinwegplateau. Een deel van het gebied is uitgesloten voor windturbines: dit omvat Nationaal Park de Meinweg dat tevens een Natura 2000-gebied is. Daarnaast is dit ook een stiltegebied. Een deel van het gebied valt onder het Nationaal Natuurnetwerk Nederland (NNN). Verder zijn er enkele kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten en enkele woningen aanwezig in het gebied. Daarnaast bevat het gebied een risicovolle inrichting (bestaande uit een propaanopslag nabij een agrarisch bedrijf).

/84 ONERA • Da 95042022

Legenda

.is 529992

DlGeeeneg rens Roerdalen ' e

Ris covol le inch tng

fiedel Con tour ns covol le inch .ng 250m Contour beperkt kwetsbare objecten 9om Natura 2000

u

NN [ ursturungsgebieden wind turbines Stultegebed

)

A

In Figuur 3.2 is de voorbeeldopstelling weergegeven zoals gebruikt is voor de verschillende onderzoeken. Het bepalen van deze voorbeeldopstelling is gebaseerd op een aantal uitgangspunten: •

Buiten Natura-2000 en NNN gebieden (NNN is provinciaal nog niet uitgesloten, maar in de RES

•

Geen overdraai over Natura-2000, NNN gebieden en geen overdraai over de grens met

•

Voldoende afstand om onderlinge beïnvloeding van windmolens te voorkomen;

•

Duidelijk herkenbare opstelling, rechte lijnen in landschap.

1.0wel); Duitsland;

/84ONERA •

Deze voorbeeldopstellingen zijn gekozen als basis om de verder onderzoeken uit te kunnen voeren, dit betekent echter niet dat op voorhand gezegd kan worden dat realisatie van een windturbine op deze locatie mogelijk is.

/84ONDERA •

Legenda [ Ge een regrens Roerdalen

«

wi nd turbi ne voo rbeeld op stelling en

:if

0

K 600

3.2 Geluid Op basis van een windturbine passend bij de afmetingen uit Tabel 2.1 zijn een drietal geluidscontouren bepaald. De voorbeeldturbine die gehanteerd is, is een relatief luide turbine waardoor een worst-case scenario weergegeven wordt. De geluidscontouren zijn te zien in Figuur 3.3. Zoals te zien bevindt zich binnen de 47 dB Lae contour één geluidgevoelig object (een woning over de grens in Duitsland) en bevinden zich binnen de 45 dB La contour twee geluidgevoelige objecten. escne Voor het toepassen van wet- en regelgeving maakt de wetgever onderscheid tussen brongebonden en gebiedsgebonden effecten. Brongebonden effecten zijn effecten die worden bepaald door de turbine zoals geluid en slagschaduw. Het type windturbine bepaalt de omvang van de effectafstand. Gebiedsgebonden effecten zijn effecten die worden bepaald door de eigenschappen en het beschermingsdoel van een gebied binnen de invloedsfeer van beoogde windpark. Voor brongebonden effecten geldt de Nederlands norm. Dus de Nederlandse geluid- en slagschaduwduur-normen gelden ook voor de Duitse gevoelige objecten. In Nederland moeten alleen geluid (en slagschaduw) normen voor gevoelige objecten worden vastgelegd. Daarbij gelden voor alle gevoelige objecten eenzelfde (hoogte van de} geluidsnorm. Momenteel wordt deze herzien als gevolg van een recente uitspraak van de Raad van State (zie ook kader 3.1 ).

-

/8ONDERA In Duitsland zijn de wettelijke geluidsnormen afhankelijk van de bestemming/gebruik van de locatie. Wij adviseren om in een eventuele vervolganalyse nader te onderzoeken of voor het Duitse object ook voldaan kan worden aan de Duitse normen. Dit zal afhankelijk zijn van het windturbinetype en schuifruimte in de opstelling. Figuur 3 3 Geluidscontouren

9/84 O NERA •

•

ote 0s 02. RS.F. J i ,

Legenda Nieuw e windtur bines e

Gevoelig object

Geluid contouren Lden

- 42dB 45dB - 47dB

•

N

4

0 0,1 02 0,3 04im -

-

I

twtegebed Een deel van het potentiegebied is als stiltegebied aangewezen, waarin regels gelden ter voorkoming of beperking van geluidhinder. In deze gebieden mag geen verstoring van de stilte, uitgedrukt in een 24 uursgemiddelde LAeq, 24h van ten hoogste 40dß(A) optreden. Het stiltegebied heeft de dezelfde begrenzing als Nationaal Park de Meinweg. Deze gebieden zijn al uitgesloten voor windturbines. Stiltegebieden op zichzelf zijn geen harde uitsluiting voor windturbines, echter zal de geluidsnorm mogelijk wel beperkend zijn voor de realisatie van windturbines. Daarnaast is het de vraag of er sprake is van externe werking van het stiltegebied. Dit dient in een vervolg nader afgestemd te worden met het bevoegd gezag.

@8ONDERA t

Kader 3 1 'Nevele arrest en gevolgen Op 30 juni 2021 heeft de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (de ABRvS) een uitspraak gedaan in de zaak Windpark Delfzijl Zuid Uitbreiding (DZU) over -samengevat - de vraag of voor het vastleggen van milieunorm en voor windturbines in het Activiteitenbesluit milieubeheer en de Activiteitenregeling milieubeheer een plan-MER-plicht bestaat op grond van de Europese SMS-richtlijn (ECLl:NL:RVS:2021:1395). De Afdeling is in die uitspraak tot het oordeel gekomen dat op grond van het Europese recht inderdaad een dergelijke beoordeling moet worden gemaakt van de gevolgen voor het milieu. Die beoordeling zal in eerste instantie door het Rijk worden opgesteld. Totdat die beoordeling is gemaakt en verankerd in wetgeving (een proces dat naar verwachting van de Staatssecretaris circa 1.5-2 jaar zal duren) mogen de algemene normen uit het Activiteitenbesluit en de Activiteitenregeling niet zonder meer worden gebruikt bij de beoordeling van de ruimtelijke aanvaardbaarheid van een nieuw bestemmingsplan en/of vergunbaarheid van een omgevingsvergunning vanuit het oogpunt van de bescherming van het milieu (voor 3 of meer windturbines). De ABRvS geeft echter ook aan dat in de tussentijd het bevoegd gezag eigen normen kan hanteren ter vervanging van de normstelling uit het Activiteitenbesluit en de regeling.

Deze dienen te worden vastgelegd in de vergunning en het ruimtelijk plan voor een concreet project. Dit gebeurd ook op meerdere plekken in Nederland. Voor 1 of 2 windturbines kunnen de huidige normen nog wel worden toegepast. Omdat de ontwikkeling van windenergieprojecten gebruikelijk circa 3-4 jaar in beslag neemt, is de verwachting dat er inmiddels een nieuwe AMvB zal zijn vastgesteld op het moment dat voor een eventueel project in de gemeente Roerdalen een vergunningprocedure wordt gestart en besluiten moeten worden genomen. Voor deze haalbaarheidsstudie betekent dit dat de gevolgen van geluid, slagschaduw en lichtschittering en veiligheid, inzichtelijk zijn gemaakt, maar geen oordeel wordt gegeven over de aanvaardbaarheid van de effecten. Op basis van de onderzoeksresultaten kan de gemeente besluiten of zij mogelijkheden ziet voor de ontwikkeling van windenergie of niet.

321

Slagschaduw Op basis van een windturbine passend bij de afmetingen uit Tabel 2.1 zijn eveneens een aantal slagschaduwcontouren bepaald. Dit is gedaan voor de contouren van respectievelijke 16, 6 en O uur slagschaduwduur per jaar op slagschaduwgevoelige objecten. De contouren zijn weergegeven in

/84ONDERA • Figuur 3.4. Zoals te zien in Tabel 3.1 raakt de contour van 16 uur per jaar slechts 14 gevoelige objecten. De contour voor 6 uur per jaar raakt 17 gevoelige objecten. De contour voor O uur per jaar raakt een deel van de bebouwde kern van Oberkrüchten, namelijk 77 gevoelige objecten. De effecten van slagschaduw zijn over het algemeen goed te mitigeren door middel van een stilstandsvoorziening. abel 3

Siagschaduwgevoelige oojecten per contour

Slagschaduwcontour

Aantal gevoelige objecten

> 0 uur per jaar

77

> 6 uur per jaar

17

> 16 uur per jaar

14

-

/8ONDERA

84 »ONDERA • putte 1,3o2 1,Ha , Noa

Legenda Nieuwe windturbines e

Gevoelig object

Slagschaduwcontouren Ou per jaar 6u per jaar

-- 1u per jaar

N 0

0,3

06

09

A

12

3.3 Externe veiligheid Zoals te zien in Figuur 3.1 bevindt zich slechts een risicovolle inrichting in het potentiegebied. Gezien de afstand die aangehouden moet worden om de geluidbelasting ter plaatse van woningen te beperken wordt er ook automatisch voldaan aan voldoende afstand tot deze risicovolle inrichting.

34 Technische moge! 4kheden Om goed inzicht te krijgen in de technische mogelijkheden voor het bouwen van turbines is er een locatiebezoek met een expert op het gebied van technische realisatie en logistiek van windturbineprojecten. Daarbij is gekeken naar de beschikbare ruimte voor het vervoeren en opbouwen van de windturbines. De conclusie van dit locatiebezoek is dat er voldoende ruimte aanwezig is om de windturbines te kunnen bouwen. Wel zal het transport van de windturbine-onderdelen mogelijk een uitdaging zijn. Dit zal via Duitsland moeten gebeuren. Net over de grens in Duitsland staan al enkele windturbines. Dit geeft aan dat deze locatie in ieder geval te bereiken is met windturbineonderdelen van deze afmetingen. Dit zijn wel kleinere windturbines dan voorzien in deze studie. Het laatste deel van de route tot aan het plateau is vrij smal. De inschatting is echter dat het niet onmogelijk is om de locatie via deze weg te bereiken. Hiervoor zal in een eventuele vervolgfase onderzoek naar de draagkracht en de draairuimtes benodigd zijn.

8ONDERA • guur35 0to locatie Nel wegpatea

Ecologie Door Bureau Waardenburg is een eerste ecologische risicoanalyse uitgevoerd (zie bijlage 2). Hieronder is een beknopte samenvatting opgenomen van deze risicoanalyse. In de analyse wordt ingegaan op de te verwachten effecten en risico's vanuit Natuurbeschermingswet- en regelgeving. Hierbij wordt onderscheidt gemaakt in vier categorieën: •

Het risico op effecten is verwaarloosbaar (0)

•

Er is een klein risico op effecten (0/-)

•

Er is een groot risico op effecten (-)

•

Er is een zeer groot risico op effecten, kans dat effecten zodanig zijn dat dit niet vergunbaar is (--)

Meer achtergrond over de beoordeling is opgenomen in bijlage 2.

Het zoekgebied grenst aan de westzijde direct aan het Natura 2000-gebied Meinweg (Vogelrichtlijngebied en Habitatrichtlijngebied), ten noorden en zuiden grenst het zoekgebied direct aan het Duitse Natura 2000gebied 'Vogelschutzgebiet 'Schwalm-Nette-Platte mit Grenzwald und Meinweg' (kortweg: Schwalm-NettePlatte; Vogelrichtlijngebied), ten noorden aan het Duitse Lüsekamp und Boschbeek (Habitatrichtlijngebied) en ten zuiden aan het Duitse Meinweg mit Ritzroder Dünen (Habitatrichtlijngebied). In de ruime omgeving van het zoekgebied zijn daarnaast meerdere Natura 2000-gebieden gelegen waarvoor soorten zijn aangewezen die een actieradius hebben die reikt tot in het zoekgebied. Het gaat hierbij om de Groote Peel (Vogelrichtlijngebied) en de Deurnsche Peel & Mariapeel (Vogelrichtlijngebied). Naast deze gebieden liggen er ook nog enkele andere Natura 2000-gebieden in de nabije omgeving (<15 km) die zijn aangewezen als Habitatrichtlijngebied.

/84ONDERA • Het realiseren van windturbines op deze locatie heeft mogelijk een negatief effect op het behalen van de instandhoudingsdoelstellingen van omliggende Natura 2000-gebieden, zoals de Meinweg en het Duitse Schwalm-Nette Platte. Dit betreft mogelijk aanvaringsslachtoffers onder broedvogels (rode wouw en wespendief), vleermuizen en/of verstoring/verlies van foerageergebieden (gelegen binnen het zoekgebied) van deze soorten waarvoor de Natura 2000-gebieden zijn aangewezen (score -). Daarnaast kan de tijdelijke uitstoot van stikstof in de aanlegfase van het initiatief een (gering) effect hebben gevoelige habitattypen in de Natura 2000-gebieden (score 0/-).

Het NNL omvat verschillende bos- en heidegebieden en graslanden waarvoor een aantal planten, insecten en broedvogels kwalificeert. Het merendeel van deze soorten is sterk gebonden aan dergelijke habitattypen en ondervindt op voorhand geen of verwaarloosbare effecten van wind- en zonneparken buiten deze gebieden. Enkele soorten kunnen zich mogelijk ook buiten deze gebieden begeven en hierbij in het zoekgebied voedsel zoeken of dit vliegend passeren. Negatieve effecten op doelsoorten, in de vorm van aanvaringsslachtoffers door windturbines en/of verlies van foerageergebied door zonnepanelen, waarvoor de aanwezige NNL-gebieden binnen het zoekgebied wind- en zonne-energie Meinwegplateau zijn aangewezen, kunnen hierdoor niet op voorhand worden uitgesloten en zullen bij de bepaling van een initiatief moeten worden onderzocht (score -).

In het kader van de soortbescherming binnen de Wnb kan het initiatief in de aanlegfase leiden tot aantasting van vaste rust- en verblijfplaatsen of leefgebieden van beschermde soorten fauna, zoals eekhoorn, vleermuizen en reptielen. Daarnaast kan het initiatief in de aanlegfase leiden tot vernietiging of verstoring van jaarrond beschermde nesten van vogels. Omdat dergelijke effecten in de regel goed te mitigeren zijn, is dit als licht negatief effect (score O/-) beoordeeld. Tenslotte kunnen de geplande windturbines in de gebruiksfase leiden tot aanvaringsslachtoffers onder vogels en vleermuizen (voorzienbare sterfte). Voor dit effect dient inzichtelijk te worden gemaakt om welke soorten dit kan gaan en of de voorzienbare sterfte de gunstige staat van instandhouding van betrokken soorten in gevaar kan brengen (score -). Een samenvatting van de scores is weergegeven in Figuur 3.6.

Natuuraspect

Score plangebied

Gebiedenbescherm ing Wnb

,_

Natura 2000-gebieden Habitattypen

0/-

Habitatrichtlijnsoorten

0/-

Broedvogels Niet-broedvogels NNL S oortbescherm ing Wnb

Aanlegfase Verblijfplaats en vleerm uizen

0/-

Jaarrond bescherm de nesten

0/-

Overige soorten fauna en flora

0/-

Gebruiksfase Vogelslachtoffers Vleerm uisslachtoffers Groenblauwe Mantel

0/-

/A4ONDERA t Aanbevelingen oor vervolg In een eventueel vervolgtraject zal aanvullend onderzoek uitgevoerd moeten worden om te onderzoeken of een Wnb-vergunning en/of Wnb-ontheffing noodzakelijk zijn. Om de effecten op beschermde natuurwaarden goed te kunnen bepalen en beoordelen is met name meer informatie nodig over het gebiedsgebruik en vliegbewegingen van vleermuizen en vogels. De bomen en gebouwen in en direct nabij het zoekgebied dienen onderzocht te worden op aanwezigheid van nesten van vogels met een jaarrond beschermde nestplaats in de periode maart tot en met juni. Om de potentie voor andere beschermde soorten in kaart te brengen dient in een vroeg stadium een veldbezoek (quick scan) plaats te vinden. Verder dient de emissie van stikstof gedurende de aanlegfase van windturbines en zonnepanelen door middel van het rekenprogramma Aerius Calculator bepaald te worden.

Op basis van een windturbine passend bij de afmetingen uit Tabel 2.1 is een opbrengstberekening uitgevoerd (zie bijlage 3). Dit gaat om een indicatieve opbrengstberekening, die als doel dient om een eerste inzicht in de haalbaarheid van een project te geven. Het windklimaat is gebaseerd op langjarige modeldata, waarbij geen gebruik is gemaakt van metingen op locatie die inzicht geven in de lokale windcondities. De omgeving van de turbines is gemodelleerd op basis van online beschikbare hoogte- en ruwheidsmodellen; nadere detaillering van deze modellen is niet uitgevoerd. Als gevolg hiervan is de onzekerheid hoog ingeschat, wat leidt tot een relatief grote spreiding tussen de P50- en P90-waarden. De onzekerheid van deze berekening kan worden verlaagd door (o.a.) het uitvoeren van metingen op locatie, het verfijnen van het omgevingsmodel en door gebruik te maken van locatiespecifieke informatie over de doorgerekende windturbine. Een samenvatting van de resultaten is weergegeven in tabel 3.2.

Opbrengstberekening voorbeeldopstelling Gezamenlijk vermogen voorbeeldturbines (MW)

24,8 (4x6,2 MW)

Bruto productie (GWh/jr)

81,3

P50 netto energieproductie (GWh/jr)

63,9

P90 netto energieproductie (GWh/jr)

47,5

3

In Tabel 3.3 zijn de indicatieve kosten weergegeven om de windturbines aan te sluiten op het onderstation van Enexis. Dit gaat om onderstation Maalbroek, dat op circa 13 kilometer afstand ligt. De indicatieve kosten zijn middels de eenheidstarieven van Enexis geraamd op circa 3 miljoen euro. s Tracélengte (m)

12.700

Boringen (m)

1.500

Kosten indicatief (€)

3.048.000

De kabel voor de aansluiting lo opt door Natura-2000 gebied heen, wat voor problemen kan zorgen tijdens de aanlegfase. Daarnaast moet de kabel een behoorlijke afstand afleggen wat de nodige kosten met zich

/8ONDERA • meebrengt. Deze zijn mogelijk flink terug te brengen door het leggen van de kabel in eigen beheer uit te laten voeren. Of dit mogelijk is hangt af van het type aansluiting en zal met de netbeheerder afgestemd moeten worden. Daarnaast is een aansluiting in Duitsland mogelijk nog een optie om te verkennen. De afstand tot het onderstation in Niederkrüchten is circa 5,8 kilometer en dus een stuk korter. Dit brengt wel veel juridische problemen (o.a. ook in het kader van een eventuele SDE++ subsidie) met zich mee er zal nader onderzocht moeten worden of dit mogelijk en uitvoerbaar is. Een ander optie is om een aansluiting achter de meter te maken bij een van de bedrijven op het industrieterrein Roerstreek Noord. Dit tracé is circa 2,5 kilometer korter dan de aansluiting op onderstation Maalbroek. Dat kan leiden tot een besparing van circa 0,5-0,8 miljoen. Echter zal ook voor dit tracé een Natura-2000 gebied doorkruist moeten worden.

3.8 Overige aandachtspunten 81

/iegverkeer en radar Het potentiegebied ligt in het toetsingsveld van de radarinstallatie van Volkel. Voor hoge objecten geldt een onderzoek plicht naar mogelijke verstoring van de radar. Tot een afstand van 15 kilometer rond de luchthaven is de kans op een positieve uitkomst van een dergelijk verstoringsonderzoek gering. Daarbuiten (tot 75 km van de posten) is de kans aanzienlijk groter op een positieve uitkomst. Hoe groter de afstand hoe beter. De verwachting is dat het aspect radar op zichzelf geen definitieve belemmering vormt voor de realisatie van windenergie, maar een berekening ter verificatie is noodzakelijk. Dit onderzoek dient door TNO te worden uitgevoerd.

382

Cultuurhistorie In deze analyse is voor het aspect cultuurhistorie gekeken naar de aanwezigheid van Rijksmonumenten en Rijksbeschermde stads- en dorpsgezichten in en rondom het potentiegebied. Deze zijn in en rondom het potentiegebied niet aanwezig. Het is daarom niet de verwachting dat dit een belemmering zal vormen voor de realisatie van windenergie.

Volgens de archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart voor de gemeente Roerdalen geldt er ter plaatse van de voorbeeldopstellingen en lage verwachting voor droge en natte landschappen. Daarmee zal archeologie waarschijnlijk geen belemmering vormen voor de eventuele realisatie van windturbines op deze locatie.

Over de grens in Duitsland staan al enkele windturbines. Daarnaast zijn er op de voormalige militaire luchtmachtbasis Elmpt net over de grens in Duitsland zeven windturbines gepland. De afstanden tot deze windturbines vormen geen harde belemmering. Wel staan de windturbines in het potentiegebied in de overheersende windrichting van de bestaande Duitse windturbines. Daarmee zal er zeer waarschijnlijk een zog-effect 3 optreden. Dit kan leiden tot planschade vanwege een verminderde opbrengst van de Duitse windturbines.

/4ONDERA •

eoNr

_

z

gr

a

Da re

Legenda

05 o4 f20 22

csr s7ass :

-[seeenenrens Roerdalen ",

.

2

•

wnaturb nes Du utsiand

4 \.

N 700

M

wndturbine voorbeeldopstellingen

140om

/84ONDERA • 3.9 Zonne-energie Meiwegplateau Volgens het beleidskader zonne- en windenergie van de gemeente Roerdalen 4 is het Meinwegplateau uitgesloten voor zonne-energie. Echter vormt het onderzoek naar de haalbaarheid van windenergie op het Meinwegplateau de aanleiding om toch ook de haalbaarheid voor zonne-energie op deze locatie te onderzoeken.

In Figuur 3.8 is de indicatieve ruimte voor zonne-energie ingetekend op het Meinwegplateau. Dit is ingetekend op het gebied wat momenteel gebruikt wordt voor agrarische doeleinden. Het deel van het Meinwegplateau wat valt onder Natura-2000 en NNN is niet meegenomen als potentieel gebied voor zonne-energie. In onderstaand voorbeeld is een 'worst case' situatie geschetst die uitgaat van de volledige benutting van het beschikbare oppervlak.

/84ONERA •

Legenda [ Geeenerens Roerdalen le NNN [C] uitstuirngsgebieden windturbines Windtu rbine voorbeeld opst ellingen

«

Nat ra 2000 Zonnepa rk indcate f

Gebieden die vallen onder Natura 2000 zijn in de provinciale zonneladder uitgesloten voor de toepassing van zonneparken. De gemeente sluit hier in haar beleidskader zonne- en windenergie op aan. Ook in de RES 1.0 Noord en Midden Limburg zijn Natura 2000 gebieden uitgesloten voor zon.

8ONDERA

•

Zonnepanelen veroorzaken, in tegenstelling tot windturbines, geen directe aanvaringsslachtoffers onder vogels en/of vleermuizen. Wel zorgt de realisatie van een zonnepark, afhankelijk van de technische lay-out van het project, voor een verlies aan foerageer- en leefgebied voor grondgebonden soorten, zeker wanneer gewerkt wordt met hekken rond het terrein. Omdat de exacte configuraties van het zonnepark bepalend zijn voor de effecten is nu een overall inschatting gemaakt voor zon/wind gezamenlijk. Voor de beoordeling van de ecologische risico's van realisatie van zonne-energie op deze locatie kan de risico-inventarisatie uit bijlage 2 (zie ook paragraaf 3.5) worden gehanteerd.

Bij grondgebonden zonneparken is op grote lijnen onderscheid te maken tussen twee typen opstellingen. Daarbij gaat het om een opstelling gericht op het zuiden en een opstelling waarbij de zonnepanelen in een dakvorm gericht zijn op het oosten en het westen (zie Figuur 3.9). De opbrengst, maar vooral ook de kosten kunnen per type erg uiteen liggen. Een zuid opstelling heeft een hoge opbrengst per paneel. Een oost-west opstelling heeft daarentegen een hogere opbrengst per m2, voornamelijk doordat er gemiddeld meer panelen op een mz passen. Daar staat tegenover dat er dus ook meer panelen gebruikt worden, wat hogere kosten met zich mee brengt.

oost-west opstelling

zuid opstelling

Het ingetekende gebied met zonne-energie in Figuur 3.8 omvat circa 50 hectare. Om te bepalen wat de opbrengst is, is er een concept model van het zonnepark gemaakt met het ontwerpprogramma HelioScope, wat specifiek ontwikkeld is om zonneparken te ontwerpen. Op basis hiervan passen er naar schatting maximaal 115.000 panelen in dit gebied (bruto oppervlakte 42 ha). Dit is echter gedaan op basis van een eerste grove inschatting. Daarbij is nog geen rekening gehouden met landschappelijke inpassing en specifieke details als hoogteverschillen, paden/wegen, locaties voor transformatoren, etc. Voor de opstellingen is een paneelvermogen gebruikt van 325 Wp, wat op dit moment marktconform is voor het gebruik in grootschalige zonneprojecten. Dit vanwege de geringere kosten per MWp in vergelijking met panelen met een (nog) hoger vermogen. Vanwege de geringere investeringskosten en

poNDERA • hogere opbrengst per paneel is gekozen voor de meest gangbare opstelling, de zuid-opstelling, en niet voor een oost-west opstelling. In de onderstaande tabel is de elektriciteitsopbrengst samengevat. Tabel 3 4 Eigenschappen fictief zonnepark /maximaal Opstelling oriëntatie

Oppervlakte

Zuidopstelling

Bruto ca. 42 ha

J Vermogen Ca. 115.000

Ca. 37 MWp

In de praktijk zal het vermogen waarschijnlijk lager uitvallen. Omdat in de voorbeeldsituatie is uitgegaan van het gebruik van alle percelen en er nog geen rekening is gehouden met landschappelijke inpassing.

Aansluitingsmogelijkheden De aansluitmogelijkheden voor een eventueel zonnepark zijn niet anders dan de aansluiting van windturbines op het Meinwegplateau. Dit gaat dus ook om een aansluiting op onderstation Maalbroek. In Tabel 3.3 zijn de indicatieve afstand en kosten weergegeven. Dit betekent een tracélengte van circa 12. 700 meter en aansluitkosten van rond de 3 miljoen euro. Daarmee is een rendabele businesscase voor een zonnepark op zichzelf vrijwel zeker uitgesloten.

Cable o olg

Gezien een zonnepark op deze locatie op zichzelf waarschijnlijk geen haalbare businesscase oplevert is het extra interessant om te kijken naar de mogelijkheden voor 'cable pooling'. Dit betekent dat dezelfde kabel zowel door de windturbines als het zonnepark gebruikt wordt. Daarmee kunnen de aansluitkosten gedeeld worden wat een aanzienlijke besparing oplevert. Er is geen aansluiting nodig voor de som van beide (piek)vermogens omdat dit slechts in 5% van de gevallen op zal treden (heel zonnig weer met veel wind). Doordat een windturbine veel meer vollasturen produceert dan een zonnepark wordt de kabel intensiever gebruikt, daarmee kunnen de kosten voor de kabel financieel gedragen worden.

94

Overige aandachtspunten Landscha De gemeente Roerdalen heeft in haar beleidskader een aantal strenge randvoorwaarden opgenomen in het kader van landschap. Het zonneveld moet: •

passen in de schaal en maatvoering van het landschap;

•

landschappelijk worden ingepast;

•

meervoudig ruimtegebruik faciliteren;

•

aantoonbare waarde toevoegen.

Zonneparken zijn in tegenstelling tot windturbines beter in te passen in het landschap. Veelal wordt dit gedaan door de toepassing van houtsingels of hagen met gebiedseigen beplanting.

Het plangebied is een plek waar veel fietsers en wandelaars passeren. Het zonnepark zou wanneer dit goed wordt ingericht een educatieve en/of toeristische functie kunnen vervullen passend bij het gebruik van het gebied. Anderzijds zullen er mogelijk ook bezoekers zijn die zich zullen storen aan de aanwezigheid van een zonnepark op deze locatie. Een goede landschappelijke inpassing passend bij de omgeving zal daarom gewenst zijn.

/84ONDERA • 4 Ruimtelijke analyse Montfort Zuid Figuur 4.1 geeft een overzicht van de ruimtelijke belemmeringen in en rondom potentiegebied Montfort Zuid. Het is een landelijk gebied omringd door stroken bos. De omliggende ruimte wordt vooral beperkt door de aanwezige gevoelige objecten.

/804 »ONDERA

o

d

Legenda

te 05042022 25_ps 289s

[Gemeentegrens Roerdalen Rus covolle in nicht ng

TE] contour ns covolle innchtn9 250m Contour kwetsbare objecten 90m Contour beperkt kwetsbare objecte n 90m

itit N N S /teg ebied

N

#

In Figuur 4.2 is een voorbeeldopstelling weergegeven zoals gebruikt is voor de verschillende onderzoeken. Het bepalen van deze voorbeeldopstelling is gebaseerd op een aantal uitgangspunten: •

Buiten NNN gebieden (NNN is provinciaal nog niet uitgesloten, maar in de RES 1.0 wel);

•

Geen overdraai over NNN gebieden;

•

Voldoende afstand om onderlinge beïnvloeding van windmolens te voorkomen;

•

Duidelijk herkenbare opstelling.

Deze voorbeeldopstellingen zijn gekozen als basis om de verder onderzoeken uit te kunnen voeren, dit betekent echter niet op voorhand gezegd kan worden dat realisatie van een windturbine op deze locatie mogelijk is.

-

/4pOoNDERA -iguur 4 2 /oorbeeidopsteiing

i84 pONDERA

-

Legenda

D0Gemeente;rens Roerdalen Windtu rbine voo rbeeld opstelling en

42 Geld Op basis van een windturbine passend bij de afmetingen uit Tabel 2.1 zijn een drietal geluidscontouren bepaald. De voorbeeldturbine die gehanteerd is, is een relatief luide turbine waardoor een worst-case scenario weergegeven wordt. De geluidscontouren zijn te zien in

/A4ONDERA t Figuur 4.3. Zoals te zien bevindt zich binnen de 47 dB Lae contour geen enkel geluidgevoelig object en bevindt zich binnen de 45 dB La co ntour één geluidgevoelige object.

-

/84oNDERA

guur 4 3 Geluidscontouren

°°° ' a°

•

"9poNDERA

•

o# Legenda

fat» 203202

Nie uwe windturbines

o e

•

°

$,

""•

I•

0% ,

Gevoelig object

Geluidcontouren Lden

+2ae 45 d 47dB

•

j

I

I

I

e-

• e »

• •

• 0

•

0,1 0,2 0,3

-

-

N

A

04m I

Stiltegebied In de nabijheid van het potentiegebied is een stiltegebied aanwezig, waarin regels gelden ter voorkoming of beperking van geluidhinder. In deze gebieden mag geen verstoring van de stilte, uitgedrukt in een 24 uursgemiddelde LAeq, 24h van ten hoogste 40dB(A) optreden. Het stiltegebied heeft de dezelfde begrenzing als Nationaal Park de Meinweg. Deze gebieden zijn al uitgesloten voor windturbines. Stiltegebieden op zichzelf zijn geen harde uitsluiting voor windturbines, echter zal de geluidsnorm mogelijk wel beperkend zijn voor de realisatie van windturbines. Daarnaast is het de vraag of er sprake is van externe werking van het stiltegebied. Dit dient in een vervolg nader afgestemd te worden met het bevoegd gezag. 121

Slagschaduw Op basis van een windturbine passend bij de afmetingen uit Tabel 2.1 zijn eveneens een aantal slagschaduwcontouren bepaald. Dit is gedaan voor de contouren van respectievelijke 16, 6 en O uur slagschaduwduur per jaar op slagschaduwgevoelige objecten. De contouren zijn weergegeven in Figuur 4.4. Zoals te zien in Tabel 3.1 raakt de contour van 16 uur per jaar slechts 14 gevoelige objecten. De contour voor 6 uur per jaar raakt 264 gevoelige objecten. De contour voor O uur per jaar raakt een flink deel van de bebouwde kernen van Montfort en Sint Joost, namelijk 1.796 gevoelige objecten. De effecten van slagschaduw zijn over het algemeen goed te mitigeren door middel van een stilstandsvoorziening.

-

/8O NDERA

Slagschaduwcontour

antal

t«aidsciisamen gevoelige objecten

> 0 uur per jaar

1.796

> 6 uur per jaar

264

> 16 uur per jaar

12

/

84»ONDERA ut2 • 0t M 2

t

+#a, 902

Legenda Nieuwve windtu rbin es

Gevoelig object Slagschaduwcontouren 0upet jaar 6u per Jaar

Iuper jaar

• N

• •

0.3

0,6

• 0,9

#

t ,2im

Zoals te zien in Figuur 3.1 bevindt zich in de buurt van het potentiegebied slechts een enkele risicovolle inrichting. Gezien de afstand die aangehouden moet worden om geluidsoverlast te beperken wordt er ook automatisch voldaan aan voldoende afstand tot deze risicovolle inrichting.

Om goed inzicht te krijgen in de technische mogelijkheden voor het bouwen van turbines is er een locatiebezoek met een expert op het gebied van technische realisatie en logistiek van windturbineprojecten gedaan. Daarbij is gekeken naar de beschikbare ruimte voor het vervoeren en opbouwen van de windturbines. De conclusie van dit locatiebezoek is dat er voldoende ruimte aanwezig is om de windturbines te kunnen bouwen. Wel zal het vervoer van de windturbines mogelijk een uitdaging zijn. De wegen die het potentiegebied ontsluiten zijn vrij smal en daarnaast staan er behoorlijk wat bomen

/AONDERA • langs de wegen. De inschatting is echter dat het niet onmogelijk is om de locatie via deze wegen te bereiken. Hiervoor zal in een eventuele vervolgfase verder onderzoek naar gedaan moeten worden.

45 Ecologie

In de directe nabijheid van het potentiegebied zijn geen Natura-2000 gebieden gelegen. Wel zijn er binnen een straal van 10 kilometer van het potentiegebied de volgende Natura 2000-gebieden gelegen: •

Roerdal;

•

Grensmaas;

•

Abdij Lilbosch en voormalig Klooster Mariahoop.

Het dichtstbijzijnde Natura-2000 gebied ligt op circa 3,8 kilometer afstand. De mogelijke effecten op de gebieden en soorten zullen verder onderzocht moeten worden in een vervolgonderzoek. Echter zal dit waarschijnlijk geen harde belemmering zijn.

Het potentiegebied wordt omringd door bosgebieden die onderdeel zijn van het NNL. Daarnaast kruist de Putbeek het gebied, welke eveneens onderdeel is van het NNL. Seide vallen onder de voormalige goudgroen natuurzone. Het merendeel van deze soorten binnen het NNL is sterk gebonden aan de in de gebieden voorkomende habitattypen en ondervindt op voorhand geen of verwaarloosbare effecten van windturbines buiten deze gebieden. Enkele soorten kunnen zich mogelijk ook buiten deze gebieden begeven en hierbij in het zoekgebied voedsel zoeken of dit vliegend passeren. Negatieve effecten op

/84ONDERA • doelsoorten, waarvoor de aanwezige NNL-gebieden binnen het potentiegebied zijn aangewezen, kunnen hierdoor niet op voorhand worden uitgesloten en zullen bij de bepaling van een initiatief moeten worden onderzocht. Soortbescherming

0

In het kader van de soortbescherming binnen de Wnb kan het initiatief in de aanlegfase leiden tot aantasting van vaste rust- en verblijfplaatsen of leefgebieden van beschermde soorten fauna, zoals eekhoorn, vleermuizen en reptielen. Daarnaast kan het initiatief in de aanlegfase leiden tot vernietiging of verstoring van jaarrond beschermde nesten van vogels. Dergelijk effecten zijn in de regel wel goed te mitigeren. Tenslotte kunnen de geplande windturbines in de gebruiksfase leiden tot aanvaringsslachtoffers onder vogels en vleermuizen (voorzienbare sterfte). Voor dit effect dient inzichtelijk te worden gemaakt om welke soorten dit kan gaan en of de voorzienbare sterfte de gunstige staat van instandhouding van betrokken soorten in gevaar kan brengen. Aanbeveiingen ·oor vervolg In een eventueel vervolgtraject zal aanvullend onderzoek uitgevoerd moeten worden om te onderzoeken of een Wnb-vergunning en/of Wnb-ontheffing noodzakelijk zijn. Om de effecten op beschermde natuurwaarden goed te kunnen bepalen en beoordelen is met name meer informatie nodig over het gebiedsgebruik en vliegbewegingen van vleermuizen en vogels. De bomen en gebouwen in en direct nabij het zoekgebied dienen onderzocht te worden op aanwezigheid van nesten van vogels met een jaarrond beschermde nestplaats in de periode maart tot en met juni.

Om de potentie voor andere beschermde soorten in kaart te brengen dient in een vroeg stadium een veldbezoek (quick scan) plaats te vinden. Verder dient de emissie van stikstof gedurende de aanlegfase van windturbines en zonnepanelen dient door middel van het rekenprogramma Aerius Calculator bepaald te worden.

16

Indicatie opbrengst Op basis van een windturbine passend bij de afmetingen uit Tabel 2.1 is een opbrengstberekening uitgevoerd (zie bijlage 3). Dit gaat om een indicatieve opbrengstberekening, die als doel dient om een eerste inzicht in de haalbaarheid van een project te geven. Het windklimaat is gebaseerd op langjarige modeldata, waarbij geen gebruik is gemaakt van metingen op locatie die inzicht geven in de lokale windcondities. De omgeving van de turbines is gemodelleerd op basis van online beschikbare hoogte- en ruwheidsmodellen; nadere detaillering van deze modellen is niet uitgevoerd. Als gevolg hiervan is de onzekerheid hoog ingeschat, wat leidt tot een relatief grote spreiding tussen de P50- en P90-waarden. De onzekerheid van deze berekening kan worden verlaagd door (o.a.) het uitvoeren van metingen op locatie, het verfijnen van het omgevingsmodel en door gebruik te maken van locatiespecifieke informatie over de doorgerekende windturbine. Een samenvatting van de resultaten is weergegeven in Tabel 4.2.

Opbrengstberekening voorbeeldopstelling Gezamenlijk vermogen voorbeeldturbines (MW)

18,6

Bruto productie (GWh/jr)

65,9

P50 netto energieproductie (GWh/jr)

53,0

P90 netto energieproductie (GWh/jr)

39,4

984OoNDERA •

4,7 Netaansluiting

In Tabel 4.3 zijn de indicatieve kosten weergegeven om de windturbines aan te sluiten op het dichtstbijzijnde onderstation van Enexis. Dit gaat om onderstation Maasbracht. De indicatieve kosten zijn middels de eenheidstarieven van Enexis geraamd op circa 1,4 miljoen euro.

Tracélengte (m)

4.300

Boringen (m)

2.000

Kosten indicatief (€)

1.390.000

Doordat er in en rondom het gebied weinig ruimte is in de bermen zal er waarschijnlijk relatief veel geboord moeten worden. Dit brengt de nodige kosten met zich mee. Deze zijn mogelijk terug te brengen door het leggen van de kabel in eigen beheer uit te laten voeren. Of dit mogelijk is hangt af van het type aansluiting en zal met de netbeheerder afgestemd moeten worden. 18

Overige aandachtspunten

Het potentiegebied ligt in het toetsingsveld van de radarinstallatie van Volkel. Voor hoge objecten geldt een onderzoek plicht naar mogelijke verstoring van de radar. Tot een afstand van 15 kilometer rond de luchthaven is de kans op een positieve uitkomst van een dergelijk verstoringsonderzoek gering. Daarbuiten (tot 75 km van de posten) is de kans aanzienlijk groter op een positieve uitkomst. Hoe groter de afstand hoe beter. De verwachting is dat het aspect radar op zichzelf geen definitieve belemmering vormt voor de realisatie van windenergie, maar een berekening ter verificatie is noodzakelijk.

In deze analyse is voor het aspect cultuurhistorie gekeken naar de aanwezigheid van Rijksmonumenten en Rijksbeschermde stads- en dorpsgezichten in en rondom het potentiegebied. Deze zijn in en direct rondom het potentiegebied niet aanwezig. Wel zijn op circa 1 kilometer van de windturbines de rijksmonumenten Voorhof en kasteel Montfort gelegen. Dit verdient nadere aandacht in een eventueel vervolg maar is naar verwachting geen harde belemmering voor de realisatie van windenergie op deze locatie.

Volgens de archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart voor de gemeente Roerdalen geldt er ter plaatse van de voorbeeldopstellingen voor het grootste deel een lage verwachting voor droge en natte landschappen. Daarnaast heeft een deel een middelhoge verwachtingswaarde voor natte landschappen. Hier zal mogelijk een vervolgonderzoek nodig zijn afhankelijk van de oppervlaktes van de werken of werkzaamheden. Echter zal archeologie naar alle waarschijnlijk geen belemmering vormen voor de eventuele realisatie van windturbines op deze locatie.

/A4pONDERA •

5 Conclusies en aanbevelingen Uit de analyse is naar voren gekomen dat er op basis van de toetsafstanden gehanteerd voor de referentieturbine op beide locaties technisch gezien ruimte is waar potentieel windturbines van het gekozen formaat zouden kunnen worden gerealiseerd. In beide gebieden zijn relatief weinig geluidgevoelige objecten aanwezig. Op de locatie Meinwegplateau is wel één geluidgevoelig object net over de grens, dat binnen de 45dB La contour valt. De slagschaduwcontouren in met name Montfort Zuid raken een relatief groot aantal gevoelige objecten, hiervoor is echter mitigatie mogelijk in de vorm van een stilstandvoorziening. Met name voor het Meinwegplateau zal er aanvullend ecologisch onderzoek benodigd zijn. Dit gebied ligt dichtbij Natura-2000 gebieden waar gevoelige soorten als de wespendief voorkomen. De locatie Montfort Zuid lijkt ecologisch een stuk minder complex te zijn.

•

Om de effecten op beschermde natuurwaarden goed te kunnen bepalen en beoordelen is met name meer informatie nodig over het gebiedsgebruik en vliegbewegingen van vleermuizen en vogels. Hiervoor zijn veld- en radaronderzoeken benodigd.

•

In een eventueel vervolgtraject zal aanvullend onderzoek uitgevoerd moeten worden in de vorm van een Natuurtoets om te onderzoeken of een Wnb-vergunning en/of Wnb-ontheffing noodzakelijk zijn. Om de effecten op beschermde natuurwaarden goed te kunnen bepalen en beoordelen is met name meer informatie nodig over het gebiedsgebruik en vliegbewegingen van vleermuizen en vogels. De bomen en gebouwen in en direct nabij het zoekgebied dienen onderzocht te worden op aanwezigheid van nesten van vogels met een jaarrond beschermde nestplaats in de periode maart tot en met juni. Om de potentie voor andere beschermde soorten in kaart te brengen dient in een vroeg stadium een veldbezoek (quick scan) plaats te vinden. Verder dient de emissie van stikstof gedurende de aanlegfase van windturbines en zonnepanelen dient door middel van het rekenprogramma Aerius Calculator bepaald te worden.

•

Voor het geluidgevoelige object aan de Duitse zijde van de grens is - afhankelijk van de te kiezen opstelling en windturbine - vervolgonderzoek nodig naar de Duitse wetgeving en afstemming met het bevoegd gezag aldaar.

•

Om de effecten op beschermde natuurwaarden goed te kunnen bepalen en beoordelen is met name meer informatie nodig over het gebiedsgebruik en vliegbewegingen van vleermuizen en vogels. Hiervoor zijn veld- en radaronderzoeken benodigd.

/A4ONDERA • Bijlage 1 Criteria ruimtelijk analyse Overzicht relevante belemmeringen windenergie: Hard Aspect

of

Bron

Criterium

Toetsafstand

zacht Leefomgeving:

Geluid

Hard

Activiteitenbesluit'/WHO norm

Voor geluidgevoelige objecten•: Lan = 47 dB, Lnan = 41 dB.

400 meter/500 meter

Slagschaduw'

Hard

Activiteiten-regeling'

Voor gevoelige objecten' op minder dan 12x de rotordiameter die meer dan 17 dagen per jaar meer dan 20 minuten slagschaduw ondervinden.

400 meter

Externe Veiligheid' en Infrastructuur:

Hard

Handboek Risicozonering Windturbines (2020)

Halve rotordiameter

90 meter

Hard

Handboek Risicozonering Windturbines (2020)

Ashoogte + halve rotordiameter OF werpafstand bij nominaal toerental wanneer dat groter is dan ashoogte + halve rotordiameter

250 meter

Hard

Handboek Risicozonering Windturbines (2020)

Ashoogte + halve rotordiameter OF werpafstand bij nominaal toerental wanneer dat groter is dan ashoogte + halve rotordiameter

250 meter

Hoogs panningsleidingen

Hard

Handboek Risicozonering Windturbines (2020)

Ashoogte + halve rotordiameter OF werpafstand bij nominaal toerental wanneer dat groter is dan ashoogte + halve rotordiameter

250 meter

Hoofdwegen

Hard

Handboek Risicozonering Windturbines (2020)

Halve rotordiameter

90 meter

Spoorweg

Hard

Handboek Risicozonering Windturbines (2020)

Halve rotordiameter + 7,85 meter

98 meter

Bestaande windturbines

Hard

Expert judgement

Vuistregel 4 x rotordiameter van de bestaande turbines

360 tot 600 meter

Panden en beperkt kwetsbare objecten

Buisleidingen

Risicobronnen

sraak van de aa an Sare 00 CNRVS22 1 395 moger de het Activiteiten estun er -regeli ng hie rna windturinebepalingen oogenore o ren q.or geluid slagschaduw el ede e veiltgneid van windturmnes niet neer zonder meer wcder gebu k als 'Na de

ir

regeling. Het is nog niet duidelijk wat de gevolgen hiervan zijn voor de huidige normen. De nieuwe normen kunnen in

wv dturhineealingen en veroigens direct toetsen aar de ews normen Er mogen echter door het bevoegd gezag 0 K 2gen7

rmhen oor pr0jc ter worder gesteld as J o dat poiec: onderbouwd dienen te worder en voorzie zel staande a 0ie 3an de orde zijnde suatue toegesneden oori,ar 1, wnx /e ne0ain g• ve l ga de

r qe

JA

r,

g

/8ONDERA • Hard of

Bron

Criterium

Zacht

Wet Natuurbescherming

Significante effecten op instandhoudingsdoelstellingen

Zacht

Omgevingsverordening Limburg

Significante effecten op wezenlijke kenmerken en kernwaarden natuurgebied, uitgesloten in RES 1.0 nog niet in provinciaal beleid

Zacht

Omgevingsverordening Limburg

Significante effecten op wezenlijke kenmerken en kernwaarden natuurgebied, uitgesloten in RES 1.0 nog niet in provinciaal beleid

Uitsluitingsgebieden Windenergie

Hard

Omgevingsverordening Limburg

Het plaatsen van windturbines is binnen dit gebied niet toegestaan

Stiltegebied

Zacht

Omgevingsverordening Limburg

Aandachtspunt, geen uitsluitingscriterium

Radar defensie

Zacht

Regeling algemene regels ruimtelijke ordening

Toetsingsverplichting voor locaties binnen afstand van 75 kilometer van radarinstallaties. Kan uiteindelijk wel een hard uitsluitingscriterium zijn, maar dat kan pas worden bepaald na een berekening van TNO.

Militaire oefenterreinen en laagvliegroutes

Hard

Regeling algemene regels ruimtelijke ordening

Het plaatsen van windturbines is binnen dit gebied niet toegestaan

Luchtvaart

Hard

Luchthavenbesluit

Hoogtebeperkingen (funnels) en toetsingszones voor burgerradar (CNS)

Aspect

Toetsafstand

zacht Ecologie: Natura 2000

NNN (goud, zilver brons)

Groenblauw mantel

Provinciaal beleid:

Radar en luchtvaart:

Archeologie en Cultuurhistorie: Archeologie

Zacht

Beleidswaarden archeologie

Aandachtspunt, geen uitsluitingscriterium

Rijksmonumenten

Zacht

Rijksdienst Cultureel Erfgoed

Aandachtspunt, geen uitsluitingscriterium

75 kilometer (toetsingsverplichting)

-

/84ONDERA

Bijlage 2 Ecologische verkenning Bureau Waardenburg

ht eureau waardenobure pose standsetoe

Ecologische risicoanalyse wind- en zonne-energie Roerdalen Onderzoek in het kader van de Wet natuurbescherming en Natuurnetwerk Nederland

B.W.R. Engels

Ecologische risicoanalyse wind- en zonne-energie Roerdalen Onderzoek in het kader van de Wet natuurbescherming en Natuurnetwerk Nederland B.W.R. Engels Status uitgave: definitief

Rapportnummer:

22-073

Projectnummer:

22-0014

Datum uitgave:

29 april 2022

Projectleider:

drs. C. Heunks

Tweede lezer:

dr. R.E. van der Vliet

Opdrachtgever:

Pondera Consult B.V. Amsterdamseweg 13 6814 CM Arnhem

Referentie opdrachtgever:

e-mail John van de Lagernaal d.d. 28 februari 2022

Akkoord voor uitgave:

drs. R.C. Fijn

Paraaf:

#" Graag citeren als: Engels, B.W.R. 2022. Ecologische risicoanalyse wind- en zonne-energie Roerdalen. Onderzoek in het kader van de Wet natuurbescherming en Natuurnetwerk Nederland. Rapport nummer 22-073. Bureau Waardenburg, Trefwoorden: ecologische risicoanalyse, windenergie, zonne-energie, Natura 2000, NNL Bureau Waardenburg bv is niet aansprakelijk voor gevolgschade, alsmede voor schade welke voortvloeit uit toepassingen van de resultaten van werkzaamheden of andere gegevens verkregen van Bureau Waardenburg bv. Opdrachtgever hierboven aangegeven vrijwaart Bureau Waardenburg bv voor aanspraken van derden in verband met deze toepassing. © Bureau Waardenburg bv/ Pondera Consult B.V. Dit rapport is vervaardigd op verzoek van opdrachtgever en is zijn eigendom. Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden d.m.v. druk, fotokopie, digitale kopie of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever hierboven aangegeven en Bureau Waardenburg bv, noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd. Lid van de branchevereniging Netwerk Groene Bureaus. Het kwaliteitsmanagementsysteem van Bureau Waardenburg bv is gecertificeerd door EIK Certificering overeenkomstig ISO 9001 :2015.

Bureau Waardenburg bv hanteert als algemene voorwaarden de DNR 2011, tenzij schriftelijk anders wordt overeengekomen.

Bureau Waardenburg Ecologie & Landschap Bureau Waardenburg, Varkensmarkt 9 4101 CK Culemborg, 0345 512710,info@buwa.nl,www.buwa.nl

Ecologische risicoanalyse wind- en zonne-energie Roerdalen

Voorwoord Pondera Consult B.V. (kortweg: Pondera) onderzoekt namens energiecoöperatie EOS, Coöperatie Duurzaam Roerdalen en de gemeenten Roermond en Roerdalen de mogelijkheden voor de realisatie van wind- en zonne-energie voor een zoekgebied in de gemeente Roerdalen, namelijk het Meinwegplateau. De bouw en het gebruik van een winden zonnepark kan effecten hebben op beschermde soorten planten en dieren, beschermde natuurgebieden en Natuurnetwerk Nederland. Pondera heeft Bureau Waardenburg opdracht verstrekt om de effecten op beschermde natuurwaarden globaal in beeld te brengen en aan te geven waar eventuele ecologische risico's zich voor kunnen doen. Dit rapport is te beschouwen als een globale verkenning van de aanwezige natuurwaarden in het zoekgebied voor wind- en zonne-energie te Roerdalen en een eerste toets op hoofdlijnen. Na de bepaling van de opstellingsvarianten dient verder onderzoek te worden verricht naar eventuele effecten op natuurwaarden en op welke wijze eventuele negatieve effecten kunnen worden beperkt. Aan de totstandkoming van dit rapport werkten mee: B.W.R. (Bas) Engels C. (Camiel) Heunks

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roerdalen&id=f9cae545-c3ec-41a1-8510-2d27dbbb5979