04 Bijlage 2. Ruimtelijke motivering
Tekst van het document
Omgevingsveiligheid
In deze paragraaf worden risicobronnen en kwetsbare gebouwen beschreven en op welke wijze bij het project rekening is gehouden met het aspect omgevingsveiligheid. Omgevingsveiligheid beschrijft de risico’s die ontstaan als gevolg van opslag, productie, gebruik en vervoer van gevaarlijke stoffen en windturbines. Voor omgevingsveiligheid zijn regels opgenomen in paragraaf 5.1.2 van het Bkl). De paragrafen 5.1.2.2 tot en met 5.1.2.6 van het Bkl gaan over het toelaten van beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties in verband met het externe veiligheidsrisico van een activiteit die op een locatie is toegelaten op grond van een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Plaatsgebonden risico Grenswaarden en standaardwaarden voor het Plaatsgebonden Risico (PR) ten aanzien van (zeer) (beperkt) kwetsbare gebouwen en (beperkt) kwetsbare locaties zijn opgenomen in artikel 5.6 tot en met artikel 5.11a van het Bkl. Grenswaarden voor kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en kwetsbare locaties (art. 5.7 lid 1 Bkl) worden in acht genomen. Met standaardwaarden voor beperkt kwetsbare gebouwen en locaties wordt in een omgevingsplan rekening gehouden (art. 5.11 Bkl).
Voor het plaatsgebonden risico gelden, afhankelijk van de activiteit, vastgestelde afstanden of te berekenen afstanden (bijlage VII Bkl). Bij de inwerkingtreding van het Basisnet zijn de maximale risicoafstanden voor het Basisnet bepaald en vastgelegd in de Regeling basisnet, als plafonds. Het Bkl verwijst voor het Basisnet naar de Omgevingsregeling. En de Omgevingsregeling verwijst naar de tabellen in de bijlagen I, II en III bij de Regeling basisnet. Hier staan de maximale risicoafstanden (ook genoemd: basisnetafstanden) voor het Basisnet. Binnen die afstanden gelden ruimtelijke beperkingen. Groepsrisico (GR) Het groepsrisico is de kans dat een groep van 10 of meer personen overlijdt als gevolg van een ongeval met gevaarlijke stoffen. Voor veranderingen van het groepsrisico in een invloedsgebied dient een verantwoording afgelegd te worden over de wijze waarop de toelaatbaarheid van de verandering in de besluitvorming is betrokken.
Ten behoeve van de planontwikkeling heeft er een inventarisatie plaatsgevonden van de risicovolle activiteiten, zoals Bevi-bedrijven, transportroutes voor gevaarlijke stoffen en buisleidingen, in of nabij het plangebied daarbij is gebruik gemaakt van de website Risicokaart.nl, hieruit is het volgende gebleken: ▪ binnen als nabij het plangebied bevinden geen inrichtingen (bedrijven) die vanwege de aanwezigheid of het werken met gevaarlijke stoffen beperkingen opleveren; de locatie ligt niet binnen de plaatsgebonden risicocontour 10-6 en het invloedsgebied van ‘AkzoNobel Functional Chemicals BV’ op het bedrijventerrein ‘AkzoNobel’ in het noorden van de kern Herkenbosch; ▪ binnen als nabij het plangebied liggen geen transportassen die vanwege het transport met gevaarlijke stoffen beperkingen opleveren voor de omgeving; de Keulsebaan als transportas is gelegen op een afstand van 800 meter van de locatie; Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
31
▪ in of in de omgeving van het plangebied bevinden zich geen buisleidingen; ▪ gelet op het feit dat de locatie niet binnen het invloedsgebied van risicobronnen is gelegen hoeft de Veiligheidsregio niet te adviseren. Conclusie Voor het aspect omgevingsbeleid is sprake van een “Evenwichtige toedeling van Functies aan Locaties”. 5.5
Water
Artikel 5.37 van het Bkl stelt dat in een omgevingsplan rekening wordt gehouden met de gevolgen voor het beheer van watersystemen door weging van het waterbelang. Water is onderdeel van die fysieke leefomgeving en wordt dus ook in de Omgevingswet gereguleerd. Het begrip ‘weging van het waterbelang’ (voorheen de watertoets) houdt voor de relatie tussen water en ruimte in dat bij ruimtelijke ontwikkelingen rekening moet houden met de gevolgen voor het beheer van watersystemen. De gemeente moet daarom de opvattingen van de waterbeheerder betrekken bij het inschatten van de gevolgen voor het watersysteem. De gemeente is verplicht om deze waterbelangen mee te nemen in de regels die zij in het omgevingsplan voor de fysieke leefomgeving opneemt. Dit is een instructieregel Rijk: zie artikel 5.37 Besluit kwaliteit leefomgeving, Bkl. De weging van het waterbelang geldt ook voor het afwijken van een omgevingsplan bij een zogenoemde buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Dit betekent dat bij een aanvraag voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit de waterbelangen moet meewegen. En ook hier moet de gemeente overleggen met de waterbeheerder. Waterschap Limburg en gemeente Roerdalen Voor het waterschap is de waterschapsverordening hèt instrument om te zorgen voor veilige dijken, droge voeten, voldoende en schoon water.
De projectlocatie is niet gelegen binnen de grenzen van waterwegen, oppervlaktewater, beken, waterkeringen, buffers, etc. Op grond van artikel 2.5 Omgevingswet is het waterschap verplicht om een Waterschapsverordening vast te stellen. Het algemeen bestuur van Waterschap Limburg heeft op 7 juli 2021 de Waterschapsverordening Waterschap Limburg en de onderhoudsregeling Waterschap Limburg vastgesteld. Het beleid van het waterschap en de gemeente Roerdalen is dat bij nieuwbouwprojecten 100% van het regenwater dat valt op bebouwing en andere oppervlakteverhardingen van de gemeentelijke riolering afgekoppeld dient te worden. In het kader van de waterhuishouding dient nagegaan te worden hoe met regenwater en afvalwater wordt omgegaan in het plangebied. Het waterschap Limburg en de gemeente Roerdalen eisen een scheiding van beide waterstromen. Voor het regenwater is het principe: vasthouden, bergen en dan pas afvoeren. Onderhavige planontwikkeling met 8 woningen voorziet in een wijziging van het aantal m2 verhard//bebouwd oppervlak van circa 370 m2. Er zijn geen directe waterbelangen, zoals primair water in of nabij het plangebied en er vindt geen lozing of diepte-infiltratie plaats. De onderzoekslocatie bevindt zich niet binnen de grenzen van een grondwaterbeschermingsgebied of waterwingebied.
Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
32
Aan de basisprincipes van het waterbeleid van gemeente en waterschap kan worden voldaan door rekening te houden met de volgende planuitgangspunten: 1. Afvalwater Huishoudelijk afvalwater dat vrijkomt bij de toekomstige bebouwing zal, net als in de huidige situatie, afgevoerd worden naar het gemeentelijke (gemengde) vuilwaterstelsel op dezelfde locatie. Hiervoor zal naderhand een aanvraag ingediend worden. Bij de uitvoering van de plannen van de nieuwbouw met bijbehorende bouwwerken zal rekening gehouden worden met de gemeentelijke uitgangspunten, zoals opgenomen in het Gemeentelijk Rioleringsplan. 2. Hemelwater (dak)verhardingen Als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling zal het hemelwater van alle nieuwe (dak)verhardingen verwerkt kunnen worden op het eigen perceel met infiltratie ter plaatse. 3. Hemelwater van onverhard en semi-verhard terrein Het hemelwater dat valt op de onverharde en semi-verharde terreindelen binnen het plangebied zal, zo nodig na beperkte oppervlakkige afstroming, rechtstreeks infiltreren in de bodem op het perceel. Het hemelwater dat valt op de nieuwe (dak)verharding zal worden opgevangen (afgekoppeld van het riool) en naar een plek op eigen terrein worden geleid voor infiltratie. Het systeem van infiltratie dient goed onderhouden te worden. 4.
Capaciteit hemelwatervoorziening In de omgeving van het plangebied is een gescheiden rioleringsstelsel aanwezig. De stromingsrichting van het grondwater is zuidelijk volgens het bodemonderzoek. De hoogteligging van de locatie bedraagt circa 26,5 m+NAP. Op basis hiervan kan het grondwater op de onderzoekslocatie op een diepte van circa 3,74 m-mv aangetroffen worden. 1. Waterbergingsopgave. Bij nieuwbouw wordt gestreefd naar 100% afkoppeling van het verharde oppervlak. Om te beoordelen hoe groot de te realiseren hemelwatervoorziening moet zijn, dient de hoeveelheid af te voeren hemelwater te worden berekend conform T=100 (60 mm in 30 minuten) en overloop op eigen terrein. Op de tekening fundering-riolering is een infiltratievoorziening opgenomen. Het dakoppervlak bedraagt 370m2 (370m2 x 60l/m2= 22,2 m3), de capaciteit van de voorziening bedraagt 22,2 m3. De gewenste dimensionering van de waterhuishoudkundige voorzieningen op het perceel is goed mogelijk o.a. onder de parkeerplaatsen aan de Vijverweg. De gemeente Roerdalen is in deze de toetsende instantie. Bij de aanvraag omgevingsvergunning voor de bouw van de woning wordt de infiltratievoorziening nader uitgewerkt. 2. Riolering. Bij nieuwbouw dient hemelwater en afvalwater gescheiden aangeleverd te worden. Als gevolg van de ontwikkeling zal het aanbod van vuilwater toenemen.
Voor de berekening van het toekomstige aanbod en eventuele toename hierin, is voor de berekening uitgegaan van een gemiddeld verbruik van 120 liter per dag geproduceerd per IE. Per woning wordt uitgegaan van een gemiddelde woningbezetting van 2,5 bewoners. Dit betekent dat er dus 2,5 x 120 liter = 300 liter per dag per woning wordt geloosd. Geconcludeerd kan worden dat bij het onderhavige plan voor het aspect water sprake is van een “Evenwichtige toedeling van Functies aan Locaties”.
Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
33
5.6
Archeologie, cultuurhistorie en landschap
Archeologie In het Bkl zijn ten aanzien van de bescherming archeologische monumenten een aantal beginselen geformuleerd (art. 5.130 Bkl). Deze beginselen richten zich op de omgang met monumenten die op grond van het omgevingsplan zijn beschermd, archeologische monumenten, (voorbeschermde) rijksmonumenten, beschermde stads- en dorpsgezichten en beschermde cultuurlandschappen. Voor het archeologiebeleid in de gemeente Roerdalen gold in eerste instantie het door de gemeenteraad vastgesteld beleid d.d. 16 december 2010, bestaande uit een Archeologieverordening 2010 en archeologische verwachtingskaart. Deze topografische kaart van het gemeentelijke grondgebied bevat de archeologische monumenten en archeologische verwachtingsgebieden. Tevens bevat de kaart ondergrenzen met betrekking tot grondroerende werkzaamheden. Het gemeentelijk beleid is erop gericht in de grond aanwezige archeologische waarden ter plaatse te behouden. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen dient in kaart te worden gebracht in hoeverre archeologische waarden gevaar lopen en hoe hiermee omgegaan wordt tijdens de uitvoering van het project. In 2021 heeft de gemeente Roerdalen de archeologische waarden en verwachtingen in het gehele grondgebied van de gemeente laten actualiseren, mede ook vanwege de komst van de Omgevingswet.
Met een facetbestemmingplan “Actualisatie archeologisch beleid en kwaliteitskader”, vastgesteld door de gemeenteraad op 10 april 2025, worden de huidige archeologische dubbelbestemmingen geschrapt en worden de nieuwe archeologische dubbelbestemmingen met de hieraan verbonden voorwaarden vastgesteld. De actualisatie heeft geleid tot beperken van het aantal beleidscategorieën. De locatie ligt in een archeologisch monument (AMK-terrein 16635) met name de oude dorpskern van Herkenbosch. Dit is een terrein met oude bewoningssporen uit de late middeleeuwen tot en met de nieuwe tijd. Op de locatie is geen archeologisch onderzoek uitgevoerd. In het bestemmingsplan “1e herziening Kernen Roerdalen” geldt voor het plangebied de dubbelbestemming “Waarde – Archeologie 4” volgens artikel 26 van de regels. In het ontwerp facetbestemmingsplan “Actualisatie archeologisch beleid en kwaliteitskader” krijgt het plangebied de dubbelbestemming “Waarde – Archeologie 4” met een vrijstellingseis voor archeologisch onderzoek tot een oppervlakte van de bebouwing van maximaal 250 m² en een ondergrondse bouwdiepte van maximaal 40 cm.
Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
34
Het bebouwd oppervlak van de 8 nieuwe woningen bedraagt circa ca. 370 m2, hierdoor komt het plan boven de 250 m2 grens en zou archeologisch vervolgonderzoek noodzakelijk zijn. Door de sloop van de voormalige bebouwing (3 elementen) van in totaal ca. 393 m2, met daarbij extra een gedempte kelder ter hoogte van de Vijverweg (boring B01 volgens bijlage 6 van het bodemonderzoek) kan geconcludeerd worden dat het een groot deel het plangebied geroerd is. De funderingen van de voormalige bebouwing zijn op een diepte van 0,80 cm verwijderd. Door de sloop van de twee bestaande woningen is meer dan 250 m2 geroerd voor de realisatie van de nieuwe appartementen. Voor het plangebied wordt door de recente verstoring in 2023 als gevolg van de sloop om bovenstaande redenen geen archeologisch vervolgonderzoek noodzakelijk geacht. Indien tijdens graafwerkzaamheden archeologische sporen en/of vondsten worden aangetroffen dient dit, ingevolge artikel 5.10 van de Erfgoedwet, onverwijld gemeld te worden bij het bevoegd gezag. Conclusie Hiermee vormt het aspect archeologie geen planologische belemmering voor het plan en is vanuit het oogpunt van archeologische belangen sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Cultuurhistorie Volgens de cultuurhistorische waardenkaart van de provincie Limburg wordt het plangebied gerekend tot de kern Herkenbosch.
Binnen het plangebied en de directe omgeving daarvan bevinden zich geen panden die zijn geïnventariseerd als beeldbepalend. Ook zijn er geen (rijks)monumenten aanwezig in de omgeving van het plangebied. Herkenbosch telt momenteel 6 rijksmonumenten en 19 gemeentelijke monumenten. De Sebastianuskerk en het Kasteel Daelenbroeck zijn de bekendste. Conclusie Vanuit het aspect cultuurhistorie bestaan er geen bezwaren voor de beoogde ontwikkeling. De bouw zal de cultuurhistorische waarde van Herkenbosch niet aantasten. Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
35
In het stedenbouwkundig ontwerp van het complex worden de cultuurhistorische waarden in de omgeving niet geraakt. Er is vanuit het oogpunt van cultuurhistorie sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Landschap Naast veiligheid en gezondheid is 'een goede omgevingskwaliteit' opgenomen in de centrale doelstelling (artikel 1.3 Omgevingswet). Dit geeft aan dat bijvoorbeeld cultureel erfgoed, architectonische kwaliteit van bouwwerken, stedenbouwkundige kwaliteit en kwaliteit van natuur en landschap belangrijk zijn. Het project is gesitueerd in de kern Herkenbosch. Het plangebied ligt buiten de vroegere Goudgroene Natuurzone, het Limburgse deel van Natuurnetwerk Nederland (NNN). Het plangebied maakt geen deel uit van de voormalige Ecologische Hoofdstructuur (goudgroene en zilvergroene landschapszone). Volgens de provinciale natuurkaarten komen in het projectgebied geen bijzondere natuurlijke en/of landschappelijke waarden voor. Het project is gelegen in de bebouwde kom van Herkenbosch en wordt aangemerkt als bebouwd gebied. Het landschap van de gemeente Roerdalen is afwisselend en gevarieerd. De volgende landschappelijke eenheden zijn te onderscheiden: ▪ De Meinweg. ▪ Het rivierdal van de Roer. ▪ Het beekdal van de Vlootbeek. ▪ Het Middenterras van Maas en Roer.
In het kader van het gemeentelijk “Groenstructuurplan” (2009) is de groenstructuur in de gemeente in kaart gebracht. Daarbij zijn ook de landschappelijke en cultuurhistorische waarden geïnventariseerd. Het plangebied is aangemerkt als bebouwde kern op de rand van het middenterras. In en rond het plangebied bevinden zich geen monumentale bomen volgens het Groenstructuurplan. Voor het te realiseren plan t.b.v. 8 appartementen is het aspect “groen” niet relevant. Het plangebied vormt geen onderdeel van een natuur- of groengebied met een beschermde status, zoals Natura 2000-gebieden. Conclusie Er is vanuit het oogpunt van landschap sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. 5.7
Ecologie en stikstof
In deze paragraaf worden de natuurwaarden beschreven en op welke wijze bij het project rekening is gehouden met het aspect natuur en de gevolgen voor de natuur door stikstofdepositie. Ecologie Ter bescherming van de natuurwaarden zijn in het Bkl diverse regels opgenomen. Het gaat hierbij in de eerste plaats om regels voor de gebiedsbescherming van aangewezen Natura 2000-gebieden, regels voor de soortenbescherming van te beschermen planten- diersoorten (waaronder vogels) en regels ter bescherming van houtopstanden. Het gebieds- en soortenbeschermingsregime vloeit voor een belangrijk deel voort uit twee Europese richtlijnen, te weten de Vogelrichtlijn (79/409/EEG) en de Habitatrichtlijn (92/43/EEG).
Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
36
Gebiedsbescherming De Omgevingswet richt zich met de bescherming van natuurgebieden uitsluitend op Natura 2000- gebieden. Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. In Natura 2000-gebieden worden bepaalde diersoorten en hun natuurlijke leefomgeving beschermd om de biodiversiteit te behouden. Invloeden (ook van buitenaf) mogen deze instandhoudings-doelstellingen niet in gevaar brengen. Het projectgebied maakt geen deel uit van een Vogel- en/of Habitatrichtlijngebied. Het projectgebied is gesitueerd op circa 350 meter afstand van het Natura 2000-gebied 'Roerdal' en op 1,5 km van de Meinweg met tussenliggende bebouwing. Ten aanzien van Natura 2000 gebieden dient zekerheid geboden te worden omtrent het niet optreden van een verslechtering van de kwaliteit van de natuurlijke habitats en de habitats van soorten, dan wel de verstoring van soorten.
Ligging Natura 2000 gebied Roerdal en Meinweg t.o.v. plangebied (bron: Provincie Limburg)
Stikstofdepositie Stikstofdepositie is geregeld in artikel 22.20 van de Omgevingswet. De regels van artikel 5.5a van de Wet natuurbescherming (Wnb) blijven gelden tot een bij koninklijk besluit te bepalen datum. Hier vindt, vooralsnog, dus geen verandering plaats ten opzichte van oorspronkelijke wet- en regelgeving. Omdat stikstofemissie mogelijk een effect kan veroorzaken op Natura-2000 gebieden dient een toets te worden uitgevoerd of het realiseren en het gebruik van de 8 woningen mogelijk vergunningplichtig is in het kader van de Omgevingswet. Effecten kunnen in beginsel alleen optreden door zogenaamde externe werking, waarbij veranderingen en activiteiten binnen de locatie kunnen leiden tot veranderingen van de milieusituatie in de natuurgebieden. Voor de 8 woningen betreft het de uitstoot van stikstof als gevolg van het realiseren en het gebruik ervan. Als onderdeel van de vergunningsstukken bouwaanvraag heeft Kompas Adviseurs en Ingenieurs voor het bouwplan “Vijverweg Molenbergweg” de benodigde stikstofdepositieberekeningen uitgevoerd.
Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
37
In de rapportage d.d. 4 juli 2025 (zie bijlage 3.3) worden de volgende onderdelen gepresenteerd: ▪ Stikstofdepositie tijdens de bouwfase; ▪ Stikstofdepositie tijdens de gebruiksfase. Dit betekent dat moet worden beoordeeld of een natuurvergunning is vereist als gevolg van de uitstoot van stikstof tijdens de bouw- en gebruiksfase van de woningen. De inputgegevens van zowel de bouw - en gebruiksfase zijn ingevoerd in de Aerius calculator. Voor beide situaties zijn twee afzonderlijke berekeningen gemaakt zie bijlage 4.1 en 4.3. Uit de stikstofdepositieberekening uitgevoerd door Kompas Adviseurs en Ingenieurs (bijlage 1 & 2) is gebleken dat er tijdens de aanlegfase van het plan sprake is van een minimale stikstofdepositie op Natura-2000 gebieden waarbij mogelijk significante effecten op kunnen treden. Om significante gevolgen van de berekende stikstofdepositie uit te kunnen sluiten, is een ecologische voortoets uitgevoerd. Uit de ecologische voortoets zal moeten blijken of de ontwikkeling mogelijke belemmeringen met zich meebrengt ten aanzien van stikstofdepositie. Uit de berekening blijkt dat tijdens: ▪ De bouwfase de stikstofdepositie 0,01 mol N/ha/jaar is; ▪ De gebruiksfase de stikstofdepositie 0,00 mol N/ha/jaar is. Voor het project heeft een extra beoordeling van de Hexagonen plaatsgevonden zie hiervoor de bijlagen 4.2. en 4.4. met een hersteldoel.
Om het mogelijk te maken om de depositiebijdrage van een plan of project ook op herstellocaties te berekenen, zijn ‘hexagonen met een hersteldoel’ opgenomen in AERIUS 2024. ‘Hexagonen met een hersteldoel’ zijn hexagonen waarbinnen in de Arerius Calculator gerekend wordt met de kritische depositiewaarde van de stikstofgevoelige habitats. Op basis van artikel 16.53c Ow geldt dat er een Passende Beoordeling moet worden gemaakt wanneer een plan of project (afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten), significante negatieve gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied. Wanneer deze gevolgen op grond van objectieve gegevens met zekerheid kunnen worden uitgesloten, is geen Passende Beoordeling vereist en bij projecten geen vergunning noodzakelijk. Door Tritium Advies is een ecologische voortoets uitgevoerd d.d. 30 april 2025 versie A zie bijlage 4.5. Uit de algemene en gebiedspecifieke overwegingen in de effectbeoordeling blijkt dat er ten gevolge van het planvoornemen geen sprake is van stikstofdepositie waarbij significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden kunnen plaatsvinden. De berekende stikstofdeposities van maximaal 0,01 mol N/ha/jr op het Natura 2000- gebied Roerdal zijn dusdanig gering dat deze geen belemmering vormen voor het behalen van de instandhoudingsdoelstellingen voor de betrokken leefgebieden en de daarvoor aangewezen soorten.
Een vergunning Natura 2000 activiteit ten aanzien van het aspect stikstofdepositie is derhalve ook niet aan de orde. De realisering van de 8 woningen zal geen effecten hebben op de instandhoudingsdoelstellingen van de Natura-2000 gebieden in de omgeving gezien de afstand. Er is vanuit het oogpunt van gebiedsbescherming geen sprake van een belemmering. Soortenbescherming Op de toekomstige bouwkavel is de bebouwing en alle bestaand groen in 2022 verwijderd om de bouw mogelijk te maken. Er was geen bijzondere begroeiing aanwezig en er ontbraken bomen of waterpartijen. Het perceel wordt omringd door bestaande (woon)bebouwing met tuinen en wegen. Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
38
In de tussenliggend periode tussen 2022 en nu heeft het perceel braak gelegen en is er enkel 2 keer per jaar gemaaid. Het terrein is braakliggend en begroeid met onkruid/gras. In de tuinen van de omliggende woningen is wel groen aanwezig. Daarmee kunnen de beschermde soorten, waaronder vogels, aangrenzend aan het plangebied leven. Vleermuizen verblijven in gebouwen onder andere achter betimmering en daklijsten, in spouwmuren, of onder dakpannen. In het plangebied zijn geen gebouwen aanwezig. Daarmee kunnen deze soorten aangrenzend aan het plangebied leven. Op de te ontwikkelen kavel zijn vaste rust- en verblijfplaatsen van vleermuizen uitgesloten. Nader onderzoek naar negatieve effecten op gebouwbewonende en gewone vleermuizen wordt niet nodig geacht. Gezien deze omstandigheden is het niet aannemelijk dat beschermde soorten enkel hun leefgebied op de projectlocatie hebben. Conclusie In het kader van de Wet natuurbescherming zijn er, uitgaande van het bovenstaande, geen belemmeringen ten aanzien van het voorgenomen plan te verwachten. Het plan ligt op te grote afstand van de Natura 2000-gebieden en het Natuurnetwerk Nederland om negatieve effecten te veroorzaken. Bescherming van houtopstanden De bescherming van houtopstanden betreft voornamelijk een voortzetting van de Boswet en richt zich op de instandhouding van het bosareaal.
Bij houtopstanden groter dan 10 are of 20 rijbomen en gelegen buiten de bebouwde kom geldt een meldplicht, herplantplicht en mogelijke oplegging van een kapverbod. Deze vorm van bescherming is niet van toepassing op het plangebied. De conclusie is dat realisatie van het voorliggende plan geen nadelige effecten zal hebben op het voortbestaan van beschermde dier- en plantensoorten en dat er derhalve geen belemmering voor het onderhavig plan te verwachten zijn. Een ontheffingsaanvraag in het kader van de natuurwetgeving is niet aan de orde. Geconcludeerd kan worden dat voor de aspecten natuur en stikstofdepositie sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. 5.8
Verkeer en parkeren
Het aspect infrastructuur valt uiteen in de volgende elementen: 1. Bereikbaarheid. 2. Parkeren. Ad. 1. Herkenbosch is een van kernen in de gemeente Roerdalen. De gemeente kent een adressendichtheid van 395 adressen/km2, hiermee hoort deze gemeente tot de categorie “Niet stedelijk”. De bouwlocatie aan de Vijverweg/Molenbergweg bevindt zich op de rand van het centrum van Herkenbosch en valt daarmee in de categorie “Schil centrum” volgens de CROWpublicatie Parkeerkencijfers 2024. Voor het appartementengebouw worden de verkeersbewegingen ingeschat op totaal 48 per etmaal (bron: Kompas rapportage stikstof d.d. 21 maart 2025 versie 03). Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
39
De parkeerplaatsen voor het complex liggen aan de Vijverweg. De entree tot de woningen ligt eveneens aan de Vijverweg. De realisatie van de bouw heeft geen invloed op de reeds aanwezige verkeersstructuur. De toegang naar de appartementen op de Vijverweg verloopt via de openbare weg vanaf de parkeerplaatsen en rijbaan. De weg en het trottoir liggen op één niveau. De locatie blijft voor de diverse verkeersdeelnemers normaal toegankelijk. Ad. 2. Bij een ruimtelijk plan dient aangetoond te worden dat er voorzien is in voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein. Het parkeren voor het nieuwe complex dient overeenkomstig het gemeentelijk beleid primair op eigen terrein plaats te vinden. De basis voor de parkeernormen wordt gevonden in de “Parkeerkencijfers CROW” publicatie 744 uit 2024. De parkeercijfers voor de categorie niet stedelijk/schil centrum zijn als volgt: ▪ Koop, appartement, 75-100 m2 bvo, minimaal 0,9 pp; ▪ Koop, appartement, >100 m2 bvo, minimaal 1,2 pp; ▪ Aandeel bezoekers (per woning) 0,15 pp.
De 8 appartementen hebben de volgende oppervlaktes bvo met bijbehorende parkeernormen volgens de Crow publicatie 744 uit 2024: ▪ Koop, appartement, 75-100 m2 bvo, 5 x 0,9 pp + 5 x 0,15 pp bezoekers aandeel is in totaal 5,25 pp (afgerond 5 pp); ▪ Koop, appartement, >100 m2 bvo, 3 x 1,2 pp + 3 x 0,15 pp bezoekers aandeel is in totaal 4,05 pp (afgerond 4 pp) ▪ Totaal 9 parkeerplaatsen Bij de nieuwe woningen kan voorzien worden in de parkeerbehoefte met totaal 11 parkeerplaatsen aan de voorzijde. Er zijn in het ontwerp 9 parkeerplaatsen opgenomen en 2 optioneel. Er zijn daarmee maximaal 11 parkeerplaatsen op eigen terrein mogelijk.
Parkeren Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
40
Geconcludeerd kan worden dat voor de aspecten verkeer en parkeren sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. 5.9 Duurzaamheid en gezondheid Duurzaamheid Het gemeentelijk beleid ten aanzien van duurzaamheid en/of gezondheid is in Roerdalen (nog) niet in het omgevingsplan vastgelegd in de vorm van omgevingswaarden. Roerdalen staat bekend als een groene gemeente in termen van haar prachtige natuur met o.a. het Nationale Park de Meinweg. Het behoud van natuurwaarden is daarom erg belangrijk wat onder meer tot uitdrukking komt in de vele geluksplekken onder de noemer ‘Klein Geluk in Roerdalen’. De 8 woningen zijn onderscheidend in relatie tot duurzaamheid door extra energie-neutrale investeringen in isolatie, zonnepanelen, warmtepompen en de waterberging van hemelwater. Gezondheid Conform artikel 1.3 sub a Omgevingswet is het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit een belangrijk maatschappelijk doel van de Omgevingswet. De aspecten veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit hangen nauw met elkaar samen. Gelet op de centrale rol van het gezondheidsaspect binnen de Omgevingswet dient dit aspect breed te worden gemotiveerd.
Omdat het bereiken en in stand houden van een gezonde fysieke leefomgeving een belangrijk doel is van de Omgevingswet, bevat het Bkl een aantal instructieregels die specifiek de bescherming van de gezondheid en het milieu tot doel hebben. De instructieregels hebben onder andere betrekking op de aspecten geluid, geur, trillingen, luchtkwaliteit en bodem. De genoemde aspecten zijn in de hier voorafgaande paragrafen nader gemotiveerd. Volledigheidshalve wordt hier dan ook verwezen naar de betreffende paragrafen. Uit de nadere motivering blijkt dat de ontwikkeling niet leidt tot ernstige nadelige of mogelijk ernstige nadelige gevolgen voor de gezondheid. Er is als gevolg van de ontwikkeling geen sprake van een onevenredige verslechtering van de fysieke leefomgeving. Conclusie Er is vanuit het oogpunt van gezondheid sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. 5.10 Openbare ruimte en ondergrond In en in de omgeving van het plangebied zijn geen planologisch relevante buisleidingen, hoogspanningsverbindingen of straalpaden aanwezig. De inrit naar de nieuwe woningen is opgenomen in het ontwerp en technisch uitvoerbaar. Geconcludeerd kan worden dat voor het aspect openbare ruimte en ondergrond sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
41
5.11 Stedenbouw Voor de stedenbouwkundige inpassing van het project kan het volgend gesteld worden. Het plan is gelegen in een welstandsvrij gebied en is daarom niet voorgelegd aan de omgevingscommissie. In de ambtelijke beoordeling van het plan op de intaketafel zijn geen stedenbouwkundige eisen gesteld. Het belangrijkste instrument om de ambitie voor stedenbouwkundige kwaliteit vast te leggen, is de omgevingsvisie Roerdalen 2050 (zie paragraaf 3.4). De beoogde ontwikkeling voor 8 appartementen is als ruimtelijk aanvaardbaar beoordeeld door de gemeente, vanwege massa en ontwerp die afgestemd zijn op de omgeving. De stedenbouwkundige invulling, zoals de bouwhoogte van maximaal 10 meter en de bebouwingsdichtheid van de locatie, worden als passend beschouwd in de kern Herkenbosch. Geconcludeerd kan worden dat het complex zich stedenbouwkundig voegt naar de omgeving en er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
42
6.
Maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid
6.1
Participatie
De initiatiefnemer heeft de omwonenden in de directe omgeving op 17 april 2025 mondeling geïnformeerd over het plan op een informatie bijeenkomst. Dit betrof de bewoners van de 17 adressen waarvan 10 adressen aanwezig waren met 15 personen. De uitnodigingsbrief is ingesloten als bijlage 5.1 Het plan voor de realisatie van de 8 appartementen is door de omgeving positief ontvangen. Van deze bijeenkomst is een verslag gemaakt zie bijlage 5.2. 6.2
Vooroverleg
De Provincie Limburg en het Waterschap Limburg zijn in het kader van het vooroverleg betrokken in het plan en kunnen zich hierin vinden. 6.3
Economische uitvoerbaarheid
In deze paragraaf zal worden aangegeven of het project binnen een redelijke termijn uitvoerbaar is, gelet op de aard en omvang van de voorziene ontwikkeling en het gebied waar deze ontwikkeling is voorzien Tevens wordt de wijze van bekostiging van het initiatief beschreven. Uitgangspunt is dat de kosten die gemaakt worden voor het opstellen van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor rekening komen van de initiatiefnemer. Voor het plan heeft de gemeente met de initiatiefnemer een privaatrechtelijk overeenkomst gesloten met akkoordverklaring van de kosten en voorwaarden. Op grond van deze overeenkomst wordt het gehele project voor rekening en risico van de initiatiefnemer gerealiseerd. Onder realisering wordt verstaan de bouw van de nieuwe appartementen. Nu voor het plan een omgevingsvergunning nodig is, is de buitenplanse omgevingsvergunning het schadeveroorzakend besluit. Voor de gevraagde planologische wijziging is door de gemeente Roerdalen met de initiatiefnemer een overeenkomst nadeelcompensatie afgesloten op basis van artikel 4.5 Awb waarvan de kosten voor een nadeelcompensatie voor rekening en risico van de initiatiefnemer komen. Daarmee is het verhaal van de kosten van het plan in dit gebied verzekerd en is de economische uitvoerbaarheid van het plan gegarandeerd. De participatie en het vooroverleg zijn in paragraaf 6.1 en 6.2 beschreven.
De voorliggende motivering is noodzakelijk voor het volgen van een buitenplanse afwijking van het omgevingsplan.
Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
43
6.4
Procedure
Op de aanvraag is conform artikel 16.62 Omgevingswet de reguliere procedure van titel 4.1 Algemene wet bestuursrecht van toepassing. De beslistermijn is acht weken. In sommige gevallen kan het college echter wel bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten de uitgebreide procedure op basis van afdeling 3.4 van de Awb van toepassing verklaren. Voorliggende motivering zal, waar nodig, aangepast worden naar aanleiding van mogelijk ingebrachte zienswijzen. De gemeente zorgt ervoor dat de onherroepelijke BOPA uiteindelijk in het omgevingsplan wordt opgenomen.
Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
44
7.
Conclusie Evenwichtige toedeling van Functies aan Locaties (Etfal)
In dit hoofdstuk wordt een algehele conclusie getrokken. Gemotiveerd wordt of er sprake is van een “Evenwichtige toedeling van functies aan locaties”. De Omgevingsregeling stelt specifieke aanvraagvereisten voor de BOPA (artikel 7.207b, onder 2). Onder andere dat de aanvrager de gegevens verstrekt die nodig zijn om de gevolgen van die activiteit te beoordelen voor een “Evenwichtige toedeling van Functies aan Locaties”. Het bevoegd gezag kan dit aanvraagvereiste voor de BOPA concretiseren door een goede onderbouwing voor de fysieke leefomgeving te eisen bij een aanvraag voor een BOPA. Daaruit moet blijken dat de activiteit in overeenstemming is met een “Evenwichtige toedeling van Functies aan Locaties” en dat de activiteit ook uitvoerbaar is. Om een “Evenwichtige toedeling van Functies aan Locaties” te kunnen beoordelen zijn alle voor de fysieke leefomgeving relevante aspecten (voor zover betrekking hebbend op de gevraagde activiteit) nader onderzocht en afgewogen (zie de hoofdstukken 3, 4, 5, 6 en 7). Bij het voorliggende initiatief is sprake van een kleinschalige woningbouwontwikkeling, waardoor geen nationale belangen in het spel zijn. Dit initiatief komt in de plaats van een eerder plan met 3 woningen op deze locatie. Ten behoeve van het oorspronkelijke plan is de verouderde bestaande bebouwing al gesloopt.
De beoogde ontwikkeling met 8 appartementen is dan ook niet in strijd met de nationale belangen, zoals verwoord in de Nationale Omgevingsvisie. Artikel 5.129g van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) bepaalt dat de Ladder voor duurzame verstedelijking betrekking heeft op een stedelijke ontwikkeling die voldoende substantieel is. Het plan is niet Ladderplichtig. Op grond van het Etfal-criterium is de gevraagde ontwikkeling aanvaardbaar. Dit betekent dat er sprake moet zijn van een balans tussen de verschillende functies binnen het gebied en het nieuwe plan. Onderdeel hiervan is het toetsen van de BOPA aan het geldende beleid van het Rijk, de provincie en de gemeente (zie hoofdstuk 3). Er is voldaan aan de instructieregels van het rijk en provincie, zoals vervat in artikel 5.21 lid 2 van de Omgevingswet. Het plan is tevens passend binnen de gemeentelijke beleidsdoelstellingen zoals opgenomen in de omgevingsvisie, gemeentelijke programma’s of beleidsregels. De provinciale instructieregels voor wonen welke in de provinciale Omgevingsverordening opgenomen zijn in hoofdstuk 12 Wonen, werken en recreëren zijn gevolgd. Geconcludeerd moet worden dat het initiatief niet belemmerd wordt door de instructieregels van de provincie Limburg. Het plan is tenslotte beoordeeld aan de hand van gemeentelijke beoordelingsregels en beleid.
Het voorliggende plan voldoet tevens aan de gemeentelijke beleidskaders zoals beschreven. Het plan past niet binnen de regels van het “Omgevingsplan Roerdalen”, omdat er geen nieuwe woningen toegevoegd mogen worden volgens dat plan. De gewenste ontwikkeling is in hoofdstuk 4 getoetst aan de verschillende aspecten uit de fysieke leefomgeving. Hierbij zijn geen belemmeringen geconstateerd. Het aspect bodem is nader onderbouwd met een verkennend bodemonderzoek en vormt geen belemmering voor de realisatie van het plan. Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
45
Het plan is akoestisch onderbouwd voor de aspecten wegverkeerslawaai en de effecten van te plaatsen warmtepompen. Tenslotte is de stikstofemissie in de realisatie- en gebruiksfase onderbouwd in het kader van de Wet natuurbescherming. Met een ecologische voortoets is onderzocht of de planontwikkeling mogelijke belemmeringen met zich meebrengt ten aanzien van stikstofdepositie. Voor het project is geen natuurvergunning nodig. Uit de gevoerde omgevingsdialoog is gebleken dat het plan in de omgeving positief ontvangen is. De conclusie kan getrokken worden dat met de voorgenomen ontwikkeling wordt voldaan aan een “Evenwichtige toedeling van Functies aan de Locaties”.
Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
46
8. Bijlagen Bijlage 1: Definitief ontwerp 8 appartementen Vijverweg-Molenbergweg d.d. 13 mei 2025, Engelman Architecten te Roermond Bijlage 2: “Verkennend bodemonderzoek en nader bodemonderzoek asbest Vijverweg (ong.) Herkenbosch” rapportnummer 23268501J, HMB bv Maasbree, d.d. 1 september 2023 Bijlage 3: 3.1 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai “Vijverweg 2 Herkenbosch”, K+ Adviesgroep, rapportnummer Rm250014aaA0.dezi_01 d.d. 14 februari 2025 3.2 Gevelgeluidwering “Vijverweg 2 Herkenbosch”, K+ Adviesgroep onder nummer R Rm250014aaA1 d.d. 14 februari 2025 3.3. Geluidbelasting warmtepompen, Kompas rapportage “Vergunningsstukken Bouwaanvraag Vijverweg-Molenberg Herkenbosch” d.d. 4 juli 2025 versie 04. Bijlage 4: 4.1 Aerius berekening bouwfase Vijverweg-Molenberg Herkenbosch” Kompas d.d. 21 maart 2025 4.2 Aerius Extra beoordeling Hexagonen, Kompas d.d. 21 maart 2025 4.3 Aerius berekening gebruiksfase Vijverweg-Molenberg Herkenbosch” kompas d.d. 21 maart 2025 4.4. Aerius Extra beoordeling Hexagonen, Kompas d.d. 21 maart 2025 4.5 Ecologische voortoets Vijverweg-Molenbergweg te Herkenbosch, Tritium Advies, d.d. 30 april 2025 Bijlage 5: 5.1 Uitnodiging Omgevingsdialoog d.d. 4 april 2025 5.2 Verslag omgevingsdialoog d.d. 17 april 2025
Adviesbureau Theelen Ruimtelijke motivering fysieke leefomgeving 8 appartementen hoek Vijverweg-Molenbergweg Herkenbosch Status: ontwerp
47