04 Bijlage 2: Regels
Tekst van het document
met dien verstande dat de maximum dakhelling en hoogte niet meer mogen bedragen dan die van het bijbehorende hoofdgebouw; f.
de verticale bouwdiepte van een bijbehorend bouwwerk mag niet meer dan 3 meter bedragen.
8.2.4 Bouwwerken geen gebouwen zijnde a. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan in tabel 8.2.4 is aangegeven: Tabel 8.2.4 bouwwerk, geen gebouw zijnde
max. bouwhoogte voor de max. bouwhoogte achter de voorgevelrooilijn voorgevelrooilijn erfafscheidingen 1,2 m 2m buitenverlichting 1m 2m vlaggenmasten 8m 8m antennes niet toegestaan 8m pergola's 3m 3m speelvoorzieningen 3m 3m overig 2m 2m b. het oprichten van een niet-overdekt zwembad is uitsluitend toegestaan, indien het bouwperceel een oppervlakte heeft van meer dan 500 m² en de oppervlakte van het zwembad maximaal 100 m² bedraagt. 8.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen met betrekking tot de situering en afmetingen van de onder 8.2 bedoelde bouwwerken en de aanleg van parkeerplaatsen op eigen terrein, indien dat noodzakelijk is in verband met een onevenredige aantasting van:
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
31
a. b. c. 1. 2. 3. 4. 5. d. e.
het straat- en bebouwingsbeeld: in het belang van een verantwoorde, evenwichtige en samenhangende stedenbouwkundige inpassing en ter waarborging van de stedenbouwkundige (beeld)kwaliteit; de gebruiksmogelijkheden: ter voorkoming van een onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en de zich daarop bevindende bouwwerken; het woon- en leefklimaat: het in stand houden van een goede woonsituatie ter plaatse en in de omgeving, in het bijzonder met het oog op: de lichttoetreding/bezonning ten opzichte van de (bebouwing op) aangrenzende gronden; het uitzicht; de aanwezigheid van voldoende privacy; het gebruik in verband met een beroep aan huis; de verkeersveiligheid: ter waarborging van de verkeersveiligheid, in het bijzonder de benodigde uitzichthoeken op hoeken van wegen; de sociale veiligheid: ter waarborging en voorkoming van een ruimtelijke situatie die onoverzichtelijk, onherkenbaar en niet sociaal controleerbaar is; de brandveiligheid: ter waarborging en voorkoming van een ruimtelijke situatie die uit een oogpunt van brandveiligheid respectievelijk brand- en rampenbestrijding, niet gewenst is.
8.4 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: 8.4.1 Afstand voorgevelrooilijn 8.2.3, onder b, van deze regels, voor het oprichten van ten hoogste één bijbehorend bouwwerk op een kleinere afstand vanaf de voorgevelrooilijn of de weg aan de voorzijde van de woning, of geheel of gedeeltelijk vóór de voorgevelrooilijn, onder voorwaarde dat: a. b. c. d.
het oppervlak van het bijgebouw voor zover gelegen buiten het bouwvlak maximaal 20 m² bedraagt; een verantwoorde, evenwichtige en samenhangende stedenbouwkundige inpassing en stedenbouwkundige (beeld)kwaliteit is gewaarborgd; de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en de zich daarop bevindende bouwwerken niet onevenredig worden aangetast; de afstand van het bijgebouw tot de aan de bestemming 'Verkeer' gelegen zijde van de bestemmingsgrens, mede in verband met de verkeersveiligheid, ten minste 1,50 meter bedraagt.
8.4.2 Erfafscheidingenop hoekpercelen 8.2.4, onder a, van deze regels, voor het oprichten van een erfafscheiding vóór maximaal een van de voorgevelrooilijnen op hoekpercelen, onder voorwaarde dat: a. b. c. d.
de maximum hoogte 2 meter bedraagt; een verantwoorde, evenwichtige en samenhangende stedenbouwkundige inpassing en stedenbouwkundige (beeld)kwaliteit is gewaarborgd; de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en de zich daarop bevindende bouwwerken niet onevenredig worden aangetast; de verkeersveiligheid, in het bijzonder de benodigde uitzichthoeken op hoeken van wegen, is gewaarborgd.
8.4.3 woningen voorzien van platdak 8.2.2, onder g, van deze regels, voor het toestaan dat de woning wordt voorzien van een platdak, onder voorwaarde dat ter beoordeling van de toelaatbaarheid van de afwijking een evenredige belangenafweging plaatsvindt, waarbij betrokken wordt: 1.
32
de mate waarin waarden, die het plan beoogt te beschermen, kunnen worden geschaad;
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
2. 3.
de mate waarin de belangen van gebruikers en/of eigenaren van de aanliggende gronden worden geschaad; de mate waarin de uitvoerbaarheid, waaronder begrepen de milieutechnische-, de waterhuishoudkundige-, de archeologische-, de ecologische-, de verkeerstechnische toelaatbaarheid en de stedenbouwkundige inpasbaarheid is aangetoond.
8.4.4 ander woningtype 8.2.2 voor het toestaan van een ander woningtype dan aangeven op de verbeelding onder voorwaarde dat ter beoordeling van de toelaatbaarheid van de afwijking van het woningtype een evenredige belangenafweging plaatsvindt, waarbij betrokken wordt: 1. 2. 3.
de mate waarin waarden, die het plan beoogt te beschermen, kunnen worden geschaad; de mate waarin de belangen van gebruikers en/of eigenaren van de aanliggende gronden worden geschaad; de mate waarin de uitvoerbaarheid, waaronder begrepen de milieutechnische-, de waterhuishoudkundige-, de archeologische-, de ecologische-, de verkeerstechnische toelaatbaarheid en de stedenbouwkundige inpasbaarheid is aangetoond.
8.5 Specifieke gebruiksregels Voor het gebruik gelden de volgende regels: 8.5.1 Beroep aan huis Een woning mag worden gebruikt voor de uitoefening van een beroep aan huis in de hoofd- en/of bijbehorende bouwwerken, onder voorwaarde dat: a. b. c. d. e. f.
de woonfunctie in overwegende mate behouden blijft en niet meer dan 1/3 van de gezamenlijke vloeroppervlakte van het hoofdgebouw en de bijbehorende bouwwerken daarvoor wordt gebruikt; geen afbreuk wordt gedaan aan het woon- en leefklimaat van de omgeving; het beroep aan huis wordt uitgeoefend door degene die in de betreffende woning zijn hoofdverblijf heeft; het gebruik geen invloed heeft op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige parkeerdruk veroorzaakt; er geen detailhandel plaatsvindt; per beroep aan huis 1 reclame- of naambord aan de gevel of in de tuin/erf is toegestaan van maximaal 0,5 m².
8.5.2 Bedrijf aan huis Een woning mag worden gebruikt voor de uitoefening van een bedrijf aan huis in de hoofd- en/of bijbehorende bouwwerken, onder voorwaarde dat: a. b. c. d. e. f. g.
de woonfunctie in overwegende mate behouden blijft en niet meer dan 1/3 van de gezamenlijke vloeroppervlakte van het hoofdgebouw en de bijbehorende bouwwerken daarvoor wordt gebruikt; geen afbreuk wordt gedaan aan het woon- en leefklimaat van de omgeving; uitsluitend bedrijfsactiviteiten worden toegestaan tot en met categorie 2 van Bijlage 5 Staat van bedrijfsactiviteiten aan huis; het bedrijf aan huis wordt uitgeoefend door degene die in de betreffende woning zijn hoofdverblijf heeft; het gebruik geen invloed heeft op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige parkeerdruk veroorzaakt; er geen detailhandel plaatsvindt, met uitzondering van detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit in verband met het bedrijf aan huis; per bedrijf aan huis 1 reclame- of naambord aan de gevel of in de tuin/erf is toegestaan van maximaal 0,5 m².
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
33
8.5.3 Mantelzorg De aan het hoofdgebouw verbonden bijbehorende bouwwerken mogen worden gebruikt als afhankelijke woonruimte, onder voorwaarde dat: 1. 2.
de bewoners van het bijbehorende bouwwerk voor hun mantelzorg afhankelijk zijn van de bewoners van het hoofdgebouw; op het bouwperceel geen tweede zelfstandige woning ontstaat.
8.5.4 Parkeren Ten aanzien van parkeren op eigen terrein dienen de volgende normen te worden gehanteerd: a. b. c. 8.6
per vrijstaande woning ten minste 2 parkeerplaatsen; per twee-aaneen gebouwde woning ten minste 1 parkeerplaats; waarbij een garage niet wordt meegerekend als parkeerplaats. Afwijken van de gebruiksregels
8.6.1 Bed & breakfast Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 8.1 van deze regels voor een bed & breakfast in de woning, onder voorwaarde dat: a. b. c. d. e. f. g. h.
de woonfunctie in overwegende mate behouden blijft; geen afbreuk wordt gedaan aan het woon- en leefklimaat van de omgeving; de exploitant in de betreffende woning zijn hoofdverblijf heeft; het gebruik geen invloed heeft op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige parkeerdruk veroorzaakt; per bed & breakfast 1 reclame- of naambord aan de gevel of in de tuin/erf is toegestaan van maximaal 0,5 m²; de bed & breakfast door indeling en maatvoering niet functioneert als een zelfstandige woning, zodat een aparte kookgelegenheid niet is toegestaan; maximaal 5 slaapplaatsen in ten hoogste 2 kamers mogen worden gerealiseerd; ter voorkoming van permanente bewoning een kortdurende recreatieve verblijfsduur geldt van maximaal 3 weken.
8.6.2 Bedrijf aan huis Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 8.1, van deze regels voor de uitoefening van een bedrijf aan huis in de hoofd- en/of de bijbehorende bouwwerken, onder voorwaarde dat: a. b. c. d. e. f. g.
34
de woonfunctie in overwegende mate behouden blijft en niet meer dan 1/3 van de gezamenlijke vloeroppervlakte van het hoofdgebouw en de bijbehorende bouwwerken daarvoor wordt gebruikt; geen afbreuk wordt gedaan aan het woon- en leefklimaat van de omgeving; uitsluitend bedrijfsactiviteiten worden toegestaan tot en met categorie 2 van de Staat van bedrijfsactiviteiten aan huis; het bedrijf aan huis wordt uitgeoefend door degene die in de betreffende woning zijn hoofdverblijf heeft; het gebruik geen invloed heeft op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige parkeerdruk veroorzaakt; er geen detailhandel plaatsvindt, met uitzondering van detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit in verband met het bedrijf aan huis; per bedrijf aan huis 1 reclame- of naambord aan de gevel of in de tuin/erf is toegestaan van maximaal 0,5 m².
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
Artikel 9
Wonen - Buurtschappen
9.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen - Buurtschappen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.
wonen;
met de daarbij behorende: b.
hoofdgebouwen, bijbehorende bouwwerken en bouwwerken geen gebouwen zijnde, erven, tuinen, in- en uitritten, parkeervoorzieningen, ontsluitingspaden en brandgangen;
alsmede voor: c. d.
water en waterhuishoudkundige voorzieningen; de in tabel 41.1 vermelde toegestane nevenfuncties.
Tabel 9.1 nevenfunctie
beroep-aan-huis
maximaal aantal m2 gronden in gebruik voor nevenfunctie -
maximaal aantal m2 bebouwing in gebruik voor nevenfunctie max. 1/3 van de woning en bijbehorende bouwwerken
- = niet van toepassing 9.2 Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: 9.2.1 Algemeen a. er zijn niet meer woningen toegestaan dan aanwezig en bestemd middels bouwvlak op de eerste dag van de inwerkingtreding van dit bestemmingsplan; b. aaneengebouwde woningen dienen aaneengebouwd te zijn en te blijven. 9.2.2 Hoofdgebouwen a. een hoofdgebouw is uitsluitend binnen het bouwvlak toegestaan; b. het bouwvlak mag voor 100% worden bebouwd; c. de voorgevel van het hoofdgebouw, met uitzondering van ondergeschikte bouwdelen, moet worden gesitueerd op de bouwgrens of op een afstand van maximaal 2 m daarachter; d. de afstand van het hoofdgebouw tot de zijdelingse perceelsgrens bedraagt: 1. voor vrijstaande woningen aan beide zijden ten minste 2 m; 2. voor twee-aaneengebouwde woningen aan één zijde ten minste 2 m; 3. voor aaneengebouwde hoekwoningen aan één zijde ten minste 2 m; e. de goothoogte bedraagt ten hoogste 6 m; f. de bouwhoogte bedraagt ten hoogste 9 m; g. de woning moet zijn voorzien van een kap met een dakhelling van ten minste 30 graden en ten hoogste 65 graden; h. de verticale bouwdiepte van een hoofdgebouw bedraagt ten hoogste 3 m.
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
35
9.2.3 Bijbehorende bouwwerken a. een bijbehorend bouwwerk is zowel binnen als buiten het bouwvlak toegestaan, met inachtneming van de overige bouwregels; b. een bijbehorend bouwwerk mag uitsluitend worden opgericht op een afstand van ten minste 2 m achter de voorgevelrooilijn van het hoofdgebouw, met dien verstande dat: 1. wanneer het een garage betreft, de afstand van de garage tot de bestemming 'Verkeer' aan de voorzijde van de woning ten minste 5,5 m bedraagt; 2. bijgebouwen uitsluitend op een afstand van ten minste 2 m uit de zijdelingse perceelsgrens mogen worden opgericht; c. de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken bedraagt ten hoogste 100 m², met dien verstande dat de gezamenlijke oppervlakte aan hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken per bouwperceel ten hoogste: 1. 40% bedraagt voor vrijstaande woningen; 2. 50% bedraagt voor twee-aaneengebouwde woningen; 3. 60% bedraagt voor aaneengebouwde woningen; d. voor bijbehorende bouwwerken die aan het hoofdgebouw worden gebouwd gelden de volgende goot- en bouwhoogte: 1. goothoogte: ten hoogste 30 cm boven de bovenkant van de scheidingsconstructie met de tweede bouwlaag van het bijbehorende hoofdgebouw; 2. bouwhoogte: tot ten hoogste halverwege de kap op het bijbehorende hoofdgebouw; e. voor bijbehorende bouwwerken die niet aan het hoofdgebouw worden gebouwd, gelden de volgende gooten bouwhoogte: 1.
goothoogte: ten hoogste 3,5 m; 2. bouwhoogte: ten hoogste 5 m; met dien verstande dat de dakhelling en hoogte niet meer mogen bedragen dan die van het bijbehorende hoofdgebouw; f.
de verticale bouwdiepte van een bijbehorend bouwwerk bedraagt ten hoogste 3 m.
9.2.4 Bouwwerken geen gebouwen zijnde a. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt ten hoogste de hoogte zoals in tabel 9.2.4 is aangegeven: Tabel 9.2.4 bouwwerk, geen gebouw zijnde
max. bouwhoogte voor de max. bouwhoogte achter de voorgevel voorgevel erfafscheidingen 1m 2m buitenverlichting 1m 2m vlaggenmasten 8m 8m antennes niet toegestaan 8m pergola's 3m 3m speelvoorzieningen 3m 3m b. het oprichten van een niet-overdekt zwembad is uitsluitend toegestaan, indien het bouwperceel een oppervlakte heeft van meer dan 500 m² en de oppervlakte van het zwembad ten hoogste 100 m² bedraagt.
36
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
9.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen met betrekking tot de situering en afmetingen van de onder 9.2 bedoelde bouwwerken en de aanleg van parkeerplaatsen op eigen terrein, indien dat noodzakelijk is in verband met een onevenredige aantasting van: a. b. c. 1. 2. 3. 4. 5. d. e.
9.4
het straat- en bebouwingsbeeld: in het belang van een verantwoorde, evenwichtige en samenhangende stedenbouwkundige inpassing en ter waarborging van de stedenbouwkundige (beeld)kwaliteit; de gebruiksmogelijkheden: ter voorkoming van een onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en de zich daarop bevindende bouwwerken; het woon- en leefklimaat: het in stand houden van een goede woonsituatie ter plaatse en in de omgeving, in het bijzonder met het oog op: de lichttoetreding/bezonning ten opzichte van de (bebouwing op) aangrenzende gronden; het uitzicht; de aanwezigheid van voldoende privacy; het gebruik in verband met een beroep-aan-huis; de verkeersveiligheid: ter waarborging van de verkeersveiligheid, in het bijzonder de benodigde uitzichthoeken op hoeken van wegen; de sociale veiligheid: ter waarborging en voorkoming van een ruimtelijke situatie die onoverzichtelijk, onherkenbaar en niet sociaal controleerbaar is; de brandveiligheid: ter waarborging en voorkoming van een ruimtelijke situatie die uit een oogpunt van brandveiligheid respectievelijk brand- en rampenbestrijding, niet gewenst is. Afwijken van de bouwregels
9.4.1 Afstand voorgevelrooilijn Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 9.2.3 onder b, van deze regels, voor het oprichten van ten hoogste één bijbehorend bouwwerk op een kleinere afstand vanaf de voorgevelrooilijn of de weg aan de voorzijde van de woning, of geheel of gedeeltelijk vóór de voorgevelrooilijn, met inachtneming van het volgende: a. b. c. d.
het oppervlak van het bijgebouw bedraagt ten hoogste 20 m²; een verantwoorde, evenwichtige en samenhangende stedenbouwkundige inpassing en stedenbouwkundige (beeld)kwaliteit dient gewaarborgd te zijn; de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en de zich daarop bevindende bouwwerken mogen niet onevenredig worden aangetast; de afstand van het bijgebouw tot de aan de bestemming Verkeer gelegen zijde van de bestemmingsgrens, mede in verband met de verkeersveiligheid, dient ten minste 1,5 m te bedragen.
9.4.2 Hekwerken op hoekpercelen Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 9.2.4 onder a, van deze regels, voor het oprichten van een hekwerk vóór de voorgevelrooilijn op hoekpercelen, met inachtneming van het volgende: a. b. c. d.
de hoogte bedraagt ten hoogste 2 m; een verantwoorde, evenwichtige en samenhangende stedenbouwkundige inpassing en stedenbouwkundige (beeld)kwaliteit dient gewaarborgd te zijn; de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en de zich daarop bevindende bouwwerken mogen niet onevenredig worden aangetast; de verkeersveiligheid, in het bijzonder de benodigde uitzichthoeken op hoeken van wegen, dient gewaarborgd te zijn.
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
37
9.5 Specifieke gebruiksregels Voor het gebruik gelden de volgende regels: 9.5.1 Beroep-aan-huis Een woning mag worden gebruikt voor de uitoefening van een beroep-aan-huis in de hoofd- en/of bijbehorende bouwwerken, met inachtneming van het volgende: a. b. c. d. e. f. g.
de woonfunctie dient in overwegende mate behouden te blijven en niet meer dan 1/3 van de gezamenlijke vloeroppervlakte van het hoofdgebouw en de bijbehorende bouwwerken mag daarvoor worden gebruikt; er dient geen afbreuk gedaan te worden aan het woon- en leefklimaat van de omgeving; uitsluitend bedrijfsactiviteiten tot en met categorie 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn toegestaan; het beroep-aan-huis dient te geschieden door degene die in de betreffende woning zijn hoofdverblijf heeft; het gebruik mag geen invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige parkeerdruk veroorzaakt; detailhandel is niet toegestaan, met uitzondering van detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit in verband met het bedrijf-aan-huis; per beroep-aan-huis is 1 reclame- of naambord aan de gevel of in de tuin/erf toegestaan van ten hoogste 0,5 m².
9.5.2 Mantelzorg De aan het hoofdgebouw verbonden bijbehorende bouwwerken mogen worden gebruikt als afhankelijke woonruimte, met inachtneming van het volgende: a.
b. c.
de bewoners van het bijbehorende bouwwerk voor hun mantelzorg afhankelijk zijn van de bewoners van het hoofdgebouw of de bewoners van het bijbehorende bouwwerk voor het geven van mantelzorg afhankelijk zijn van de bewoners van het hoofdgebouw; er geen extra huisnummer wordt afgegeven; op het bouwperceel mag geen tweede zelfstandige woning ontstaan.
9.5.3 Parkeren Ten aanzien van parkeren op eigen terrein gelden de volgende normen: a. b. c. 9.6
per vrijstaande woning ten minste 2 parkeerplaatsen; per twee-aaneengebouwde woning ten minste 1 parkeerplaats; waarbij een garage niet wordt meegerekend als parkeerplaats. Afwijken van de gebruiksregels
9.6.1 Bed & breakfast Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 9.1 van deze regels voor een bed & breakfast in de woning, met inachtneming van het volgende: a. b. c. d. e. f.
38
de woonfunctie dient in overwegende mate behouden te blijven; er dient geen afbreuk gedaan te worden aan het woon- en leefklimaat van de omgeving; de exploitant dient in de betreffende woning zijn hoofdverblijf te hebben; het gebruik mag geen invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige parkeerdruk veroorzaken; per beroep-aan-huis is 1 reclame- of naambord aan de gevel of in de tuin/erf toegestaan van ten hoogste 0,5 m²; de bed & breakfast mag door indeling en maatvoering niet functioneren als een zelfstandige woning,
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
g.
zodat een aparte kookgelegenheid niet is toegestaan; het aantal slaapplaatsen bedraagt ten hoogste 5 en het aantal kamers ten hoogste 2.
9.6.2 Bedrijf-aan-huis Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 9.5.1 ten behoeve van bedrijf-aan-huis, met inachtneming met inachtneming van het volgende: a. b. c. d. e. f. g.
de woonfunctie dient in overwegende mate behouden te blijven en niet meer dan 1/3 van de gezamenlijke vloeroppervlakte van het hoofdgebouw en de bijbehorende bouwwerken mag daarvoor worden gebruikt; geen mag afbreuk worden gedaan aan het woon- en leefklimaat van de omgeving; bedrijfsactiviteiten hoger dan categorie 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn niet toegestaan; het bedrijf-aan-huis dient te geschieden door degene die in de betreffende woning zijn hoofdverblijf heeft; het gebruik mag geen invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige parkeerdruk veroorzaken; detailhandel is niet toegestaan, met uitzondering van detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit in verband met het bedrijf-aan-huis; per bedrijf aan huis is 1 reclame- of naambord aan de gevel of in de tuin/erf toegestaan van ten hoogste 0,5 m².
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
39
Artikel 10
Leiding - Riool
10.1 Leiding - Riool De voor 'Leiding - Riool' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor: a. b.
ter plaatse van de aanduiding 'hartlijn leiding-riool' de beschermingszone van een rioolpersleiding; waarbij de bestemming 'Leiding - Riool' voorrang heeft op de andere daar voorkomende bestemmingen. Verder geldt voor zover de op de verbeelding weergegeven dubbelbestemmingen geheel of gedeeltelijk samenvallen, dat de dubbelbestemming 'Leiding - Gas' voorrang krijgt.
10.2 Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: Op en onder de in lid 10.1 genoemde gronden mogen uitsluitend bouwwerken geen gebouwen zijnde ten dienste van de bestemming worden gebouwd met een bouwhoogte van maximaal 3 meter. 10.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 10.2 ten behoeve van het bouwen overeenkomstig de medebestemming, onder voorwaarde dat daartegen uit hoofde van het leidingentransport geen bezwaren bestaan en de desbetreffende leidingbeheerder daar vooraf over is gehoord. 10.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 10.4.1 Verbod Het is verboden om op de voor 'Leiding - Riool' aangewezen gronden de volgende werken en/of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren, zonder of in afwijking van een 'Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden': a. b. c. d. e. f. g. h. i.
het aanbrengen van hoogopgaande en/of diepwortelende beplanting; het wijzigen van het maaiveldniveau door ontgronding of ophoging; het verrichten van grondroeractiviteiten (bijvoorbeeld het aanbrengen van rioleringen, kabels, leidingen en drainage) anders dan normaal spit- en ploegwerk; diepploegen; het aanbrengen van gesloten verhardingen; het permanent opslaan van goederen waaronder ook begrepen het opslaan van afvalstoffen; het aanleggen van waterlopen of het vergraven, verruimen of dempen van bestaande waterlopen; het plaatsen van onroerende objecten zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair; het indrijven van voorwerpen in de bodem.
10.4.2 Uitzondering Het in lid 10.4.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: a. b. c. d.
het normale onderhoud en beheer betreffen; reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan; noodzakelijk zijn voor het aansluiten van bouwwerken op het net van openbare nutsvoorzieningen; voorkomen op de beplantingslijst van de leidingbeheerder.
40
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
10.4.3 Voorwaarden a. De in lid 10.4.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de belangen van het leidingentransport, en de leidingenbeheerder daar vooraf advies over heeft uitgebracht. b. De in lid 10.4.1 genoemde vergunning moet worden geweigerd indien de belangen van het leidingentransport onevenredig worden aangetast en dat niet kan worden voorkomen door voorwaarden op te nemen in de vergunning, waarover de leidingbeheerder vooraf advies heeft uitgebracht.
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
41
Artikel 11
Waarde - Archeologie - 4
11.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waarde - Archeologie - 4' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de bescherming van een terrein met archeologische waarde. 11.2
Bouwregels
11.2.1 Verbod Het is verboden om zonder of in afwijking van een besluit om van de bouwregels af te wijken, te bouwen of te laten bouwen op de voor 'Waarde - Archeologie - 4' mede bestemde gronden. 11.2.2 Uitzonderingen Het in lid 11.2.1 genoemde verbod is niet van toepassing: a. 1. 2. b. 1. 2. 11.3
op bebouwing die kan worden gebouwd krachtens de andere daar voorkomende bestemming(en) indien voldaan wordt aan één van de volgende twee voorwaarden: de maximum oppervlakte van de bebouwing bedraagt ten hoogste 250 m²; de maximum ondergrondse bouwdiepte bedraagt ten hoogste 40 cm; op de verbouwing en/of sloop- en nieuwbouw van bestaande bebouwing krachtens de andere daar voorkomende bestemming(en) indien voldaan wordt aan de volgende twee voorwaarden: de bestaande fundering wordt gebruikt; de bestaande oppervlakte niet wordt uitgebreid. Afwijken van de bouwregels
11.3.1 Afwijking Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het verbod in lid 11.2.1 voor het bouwen volgens de andere daar voorkomende bestemming(en), mits: a. b.
op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden niet worden verstoord; of op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden afdoende kunnen worden beschermd door middel van het verbinden van voorschriften aan het besluit om af te wijken.
11.3.2 Beperkingen Het bevoegd gezag kan het besluit om af te wijken onder beperkingen verlenen en de volgende voorschriften aan het besluit verbinden: a. b.
de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; de verplichting tot het doen van opgravingen, of de verplichting de activiteit, die leidt tot de bodemverstoring te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg.
11.3.3 Advies Alvorens het bevoegd gezag besluiten om af te wijken kan zij schriftelijk advies inwinnen bij een archeologisch deskundige omtrent de vraag of door het verlenen van een besluit om af te wijken archeologische waarden (kunnen) worden aangetast, en welke voorschriften aan het besluit moeten worden verbonden.
42
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
11.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 11.4.1 Uitvoeringsverbod zonder omgevingsvergunning Het is verboden om op de voor 'Waarde - Archeologie - 4' aangewezen gronden de volgende werken en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren zonder of in afwijking van een 'omgevingsvergunning voor de uitvoering van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden': a. b. c. d. e. f. g.
de bodem met meer dan 1 m op te hogen boven het bestaande maaiveld; het verwijderen van funderingen op een diepte van meer dan 40 cm onder het bestaande maaiveld; het graven, dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren van waterlopen, vijvers, sloten, greppels en andere wateren; de aanleg van drainage op een diepte van meer dan 40 cm onder het bestaande maaiveld; de aanleg van ondergrondse transport-, energie-, telecommunicatie- of andere leidingen en de daarmee verband houdende constructies op een diepte van meer dan 40 cm onder het bestaande maaiveld; het planten en/of het vellen/rooien van diepwortelende bomen en/of beplanting; andere grondbewerkingen op een diepte van meer dan 40 cm onder het bestaande maaiveld.
11.4.2 Uitzondering op het uitvoeringsverbod Het in lid 11.4.1 genoemde verbod is niet van toepassing indien: a. b. c. d. e. f.
de werken of werkzaamheden een oppervlakte hebben van niet meer dan 250 m²; of en het werken of werkzaamheden betreft waarbij de bodem tot ten hoogste 40 cm onder het bestaande maaiveld wordt geroerd; of de werken en of werkzaamheden het normale onderhoud betreffen; of de werken of werkzaamheden reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan; of de werken of werkzaamheden mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning; of de werken en werkzaamheden het archeologisch onderzoek betreffen.
11.4.3 Toetsingscriteria De vergunning wordt verleend, indien de in 11.4.1 bedoelde werken of werkzaamheden niet zullen leiden tot een verstoring van de archeologische waarden, of indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn. 11.4.4 Voorwaarden voor een omgevingsvergunning Het bevoegd gezag kan de vergunning onder beperkingen verlenen en de volgende voorschriften aan de vergunning verbinden: a. b.
de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; de verplichting tot het doen van opgravingen, of de verplichting de activiteit, die leidt tot de bodemverstoring te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg.
11.4.5 Advies Alvorens het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning kan zij schriftelijk advies inwinnen bij een archeologisch deskundige, omtrent de vraag of door het verlenen van de vergunning archeologische waarden (kunnen) worden aangetast, en welke voorschriften aan de vergunning moeten worden verbonden.
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
43
11.5 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen en de bestemming 'Waarde - Archeologie - 4' geheel of gedeeltelijk laten vervallen, indien op basis van een nader archeologisch onderzoek is gebleken dat de archeologische waarden van de gronden niet behoudenswaardig zijn of niet langer aanwezig zijn.
44
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
Hoofdstuk 3 Artikel 12 12.1
Algemene regels
Algemene aanduidingsregels
milieuzone - roerdalslenk II
12.1.1 Aanduidingsomschrijving Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'milieuzone - roerdalslenk II' gelden voor die gronden in afwijking van hetgeen in de overige regels is bepaald de navolgende aanvullende regels. 12.1.2 Bouwregels Ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone - roerdalslenk II' is het niet toegestaan om: a. b.
boorputten op te richten, in exploitatie te nemen of te hebben dieper dan 30 meter beneden het maaiveld; de grond te roeren dieper dan 30 meter beneden het maaiveld, of deze handeling toe te laten, of anderszins werken of in de bodem uit te voeren of te doen uitvoeren, waarbij ingrepen worden verricht of stoffen worden gebruikt die de beschermende werking van de slechtdoorlatende bodemlagen kunnen aantasten.
12.1.3 Uitzonderingen De in artikel 12.1.2 gestelde verboden gelden niet voor: a. b.
het inrichten van boorputten ten behoeve van het provinciale grondwaterbeheer in het kader van de Wet bodembescherming en de Waterwet; het verrichten van bodemonderzoeken die bij of krachtens wet zijn voorgeschreven.
Indien er bij de werkzaamheden als bedoeld in dit artikel sprake is van een boorput, dienen de doorboorde weerstandbiedende lagen en het boorgat, van 0 tot 3 meter beneden het maaiveld, te worden afgedicht met klei of bentoniet. 12.1.4 Afwijken Het bevoegd gezag kan ontheffing verlenen van de verboden in dit artikel.
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
45
Artikel 13
Algemene afwijkingsregels
13.1 Maten en bouwgrenzen Het bevoegd gezag kan – tenzij op grond van hoofdstuk 2 reeds afwijking mogelijk is – bij een omgevingsvergunning afwijken van de regels voor: a.
overschrijding van bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, voor zover zulks van belang is voor een technisch betere realisering van bouwwerken dan wel voor zover zulks noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein; de overschrijdingen mogen ten hoogste 3 m bedragen.
De omgevingsvergunning wordt niet verleend, indien daardoor onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken. 13.2 Evenementen Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van de regels voor het toestaan van evenementen langer dan 7 dagen (inclusief opbouw- en afbraakwerkzaamheden) in de bestemmingen: a. b. c. d. e. f. g. h. i.
Agrarisch met waarden - Landschapswaarden - 1; Agrarisch met waarden - Landschapswaarden - 2; Groen; Kastelen en Landgoederen; Kastelen en Landgoederen - 2; Cultuur en ontspanning - Bezoekerscentrum; Verkeer; Maatschappelijk; Sport (ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van sport - sport en spel' en specifieke vorm van sport - sportterrein'); en voor het toestaan van evenementen in andere bestemmingen dan: j. k. l. m. n. o. p. q. r. s.
Agrarisch met waarden - Landschapswaarden - 1; Agrarisch met waarden - Landschapswaarden - 2; Groen; Kastelen en Landgoederen; Kastelen en Landgoederen - 2; Cultuur en ontspanning - Bezoekerscentrum; Verkeer; Maatschappelijk; Natuur; Sport (ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van sport - sport en spel' en specifieke vorm van sport - sportterrein'); mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: t.
er vindt geen horeca ter plaatse plaats, anders dan ondergeschikt en inherent aan het toegestane evenement; u. er vindt geen detailhandel ter plaatse plaats, anders dan ondergeschikt en inherent aan het toegestane evenement, met uitzondering van vlooien- en/of rommelmarkten; v. er treden geen onomkeerbare gevolgen voor het landschap op; w. de belangen van de betreffende bestemming worden niet onevenredig aangetast; x. er vindt geen onevenredige aantasting plaats van de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; y. belangen van derden worden niet onevenredig geschaad;
46
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
z.
er vindt geen onevenredige aantasting plaats van in de omgeving aanwezige architectonische, cultuurhistorische of natuurwaarden; aa. de belangen van in de nabijheid gelegen functies verzetten zich niet tegen het gebruik van de betreffende bestemming voor het evenement. 13.3 Hogere erf- en terreinafscheidingen Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in hoofdstuk 2 teneinde hogere erf- en terreinafscheidingen toe te staan, met inachtneming van het volgende: a. b.
de hoogte van erf- en terreinafscheidingen bedraagt ten hoogste 2 m; hogere erf- en terreinafscheidingen mogen niet leiden tot een onevenredige aantasting van de landschappelijke, natuurlijke, cultuurhistorische en visueel-landschappelijke waarden.
De omgevingsvergunning wordt niet verleend, indien daardoor onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken. 13.4 Schuilgelegenheden voor hobbydieren Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van de regels ten behoeve van het realiseren van schuilgelegenheden voor hobbydieren met in achtneming van het volgende: a. 1. 2. 3. b.
c. d. e. f. g. 1. 2. h. 1. 2. 3. i. 1. 2. j.
k. l.
Afwijken kan alleen binnen de geldende bestemmingen: Artikel 4: Agrarisch met waarden – Landschapswaarden 1 Artikel 5: Agrarisch met waarden – Landschapswaarden 2 Artikel 6: Agrarisch met waarden – Natuur- en landschapswaarden Een schuilgelegenheid kan alleen worden opgericht voor het bieden van een gelegenheid tot schuilen van hobbymatig gehouden dieren. Dit houdt dus in dat dieren die gebruik gaan maken van de schuilgelegenheid niet gebruikt worden voor bedrijfsmatige activiteiten of in een bedrijfsmatige context. Het is niet toegestaan een stal te realiseren voor de (semi-)permanente stalling van dieren. Het is niet toegestaan om stro, voer of andere materialen op te slaan in of nabij de schuilgelegenheid op het perceel. De mogelijkheid tot afwijking geldt alleen voor die percelen die als geheel gelegen zijn in de gemeente Roerdalen. Een schuilgelegenheid op een huisperceel dient binnen het bouwvlak behorend bij het huisperceel en binnen de geldende bebouwingsregels te worden gerealiseerd De omgevingsvergunning kan slechts worden verleend onder de voorwaarden dat: de karakteristieke openheid van het landschap niet in het geding komt; de schuilgelegenheid geen onevenredige afbreuk doet aan bestaande landschappelijke en natuurlijke of cultuurhistorische waarden.
Afhankelijk van de grootte van het perceel wordt een bepaalde maximale oppervlakte van de schuilgelegenheid toegestaan. Hierbij wordt de volgende verdeling aangehouden: op een perceel tot 5.000 m² een schuilgelegenheid van maximaal 20 m², op een perceel van 5.000 tot 10.000 m² een schuilgelegenheid van maximaal 25 m², op een perceel van 10.000 en meer een schuilgelegenheid van maximaal 30 m². Een schuilgelegenheid mag maximaal de volgende maatvoeringen hebben: de goothoogte bedraagt maximaal 2,5 meter; de nokhoogte bedraagt maximaal 3 meter. Een schuilgelegenheid dient te worden gesitueerd aan de randen van het perceel, nabij bestaande bosschages, houtwallen, begroeiingen of erfafscheidingen, of in de hoek van een perceel bij voorkeur aansluitend bij bestaande opstanden. Een schuilgelegenheid dient ruimtelijk en landschappelijk te worden ingepast. De schuilgelegenheid dient te zijn gebouwd van hout.
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
47
m. De schuilgelegenheid mag niet bestaan uit stalen (damwand) profielen, gemetselde of anderszins stenen muren, kunststof of golfplaten. n. De landschapsdeskundige van de gemeente zal altijd een oordeel moeten geven over de uitstraling van een schuilgelegenheid. o. De schuilgelegenheid mag enkel de volgende kleuren hebben: naturel/houtkleur, bruin of donkergroen.
48
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
Artikel 14
Algemene bouwregels
14.1 Toegelaten bouwwerken met afwijkende maten a. Voor een bouwwerk, dat bij of krachtens de Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden en dat in het plan ingevolge de bestemming is toegelaten, maar waarvan de bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen afwijken van de maatvoeringbepalingen in de bouwregels van de betreffende bestemming, geldt dat: 1. bestaande maten, die meer bedragen dan in hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen als ten hoogste toelaatbaar worden aangehouden; 2. bestaande maten, die minder bedragen dan in hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen als ten minste toelaatbaar worden aangehouden. b. Ingeval van herbouw is lid a onder 1 en 2 uitsluitend van toepassing, indien de herbouw op dezelfde plaats plaatsvindt. c. Op een bouwwerk als hiervoor bedoeld, is het Overgangsrecht bouwwerken als opgenomen in dit plan niet van toepassing. 14.2 Afstand van bebouwing tot verharde wegen a. Binnen het bouwvlak moet de bebouwing op een afstand van ten minste 10 m van de as van een verharde weg met een breedte van 10 m of minder worden gebouwd of op een afstand van ten minste 15 m van de as van een verharde weg breder dan 10 m. b. Met dien verstande dat: 1.
voor bebouwing, dat bij of krachtens de Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden en dat in het plan gevolgde de bestemming is toegelaten, maar waarvan de afstand tot de as van de weg kleiner is dan onder a genoemd, geldt dat de bestaande afstand als ten hoogste toelaatbaar wordt aangehouden. 14.3
Parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden bij of in gebouwen
14.3.1 Parkeernormen In, op of onder gebouwen dan wel het daarbij behorende terrein dienen voldoende parkeerplaatsen voor auto's aanwezig te zijn. Aan deze eis wordt geacht te zijn voldaan als de parkeernormen van de op dat moment van toepassing zijnde beleidsregels (die zijn neergelegd in CROW publicatie 317, dan wel de opvolger dan die regel) worden nageleefd. 14.3.2 Afmetingen parkeerruimte De in artikel 14.3.1 bedoelde parkeerplaatsen moeten afmetingen hebben die zijn afgestemd op gangbare personenauto's. Aan deze eis wordt geacht te zijn voldaan indien de afmetingen minimaal 1,80 m bij 5,00 m bedragen. 14.3.3 Laad- en losruimte Indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort.
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
49
14.3.4 Omgevingsvergunning Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 14.3.1 en 14.3.3 indien aangetoond is door initiatiefnemer dat in de directe omgeving (een straal van circa 100 meter) voldoende parkeerplaatsen aanwezig zijn en de openbare ruimte niet onevenredig wordt belast. 14.3.5 Nadere eisen Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen ten aanzien van het aantal parkeerplaatsen en de situering daarvan ten behoeve van een goede parkeerbalans, de verkeerssituatie en/of het stedenbouwkundig beeld.
50
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
Artikel 15 a. b.
Algemene gebruiksregels
Het gebruik of laten gebruiken van vrijstaande bijbehorende bouwwerken als zelfstandige of afhankelijke woonruimte is niet toegestaan. Het gebruik van recreatiewoningen voor permanente bewoning is niet toegestaan.
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
51
Artikel 16
Algemene wijzigingsregels
16.1 Overschrijding bestemmingsgrenzen Burgemeester en wethouders kunnen de in het plan opgenomen bestemmingen wijzigen ten behoeve van overschrijding van bestemmingsgrenzen, voor zover zulks van belang is voor een technisch betere realisering van bestemmingen of bouwwerken dan wel voor zover zulks noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein. De overschrijdingen mogen echter ten hoogste 3 m bedragen en het bestemmingsvlak mag met ten hoogste 10% worden vergroot.
52
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
Artikel 17
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
53
Artikel 18
Overige regels
18.1 Werking wettelijke regelingen De wettelijke regelingen waarnaar in de regels wordt verwezen, gelden zoals deze luiden op het moment van vaststelling van het plan. 18.2 Relatie Ter plaatse van de aanduiding 'relatie' zijn 2 of meer bouwvlakken gekoppeld en geldt voor de toepassing van: 1. 2. 3. 4.
gebruiksregels; bouwregels; afwijkingsbevoegdheden; wijzigingsbevoegdheden;
dat de gekoppelde bouwvlakken als één bouwvlak aangemerkt dienen te worden.
54
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
Hoofdstuk 4 Artikel 19
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
19.1 Overgangsrecht bouwwerken Voor bouwwerken luidt het overgangsrecht als volgt: a.
1. 2.
3. b.
een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; na het tenietgaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is tenietgegaan; het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van dit lid onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in dit lid onder a met ten hoogste 10%; het bepaalde onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
19.2 Overgangsrecht gebruik Voor gebruik luidt het overgangsrecht als volgt: a. b.
c.
d.
het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in dit lid onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; indien het gebruik, bedoeld in dit lid onder a, na het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; dit lid onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop
55
Artikel 20
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Boslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 Vlodrop'.
56
bestemmingsplanBoslaan 1a-1b en Herkenbosserweg 7 t/m 15 te Vlodrop