Was-wordt-tabel Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk.pdf
Tekst van het document
Was-wordt-tabel Wijziging Algemene Plaatselijke Verordening voor Rijswijk Leeswijzer: Aan elk gewijzigd artikel is een tabel gewijd. Per gewijzigd artikel worden in deze tabel telkens de bestaande en de nieuwe tekst benoemd. Hierbij worden ook de oude en de nieuwe locatie van het artikel weergegeven. In de kolom ‘nieuwe tekst’ zijn de nieuwe woorden en leestekens vet gedrukt. In de ‘bestaande tekst’ zijn de woorden en leestekens waaraan iets verandert, cursief gezet. Elke tabel wordt afgesloten met een toelichting op de doorgevoerde wijzigingen. De wettelijke grondslag van de verordening wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd artikel 147, eerste lid, van de Gemeentewet
Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd 1. Artikel 147, eerste lid, van Gemeentewet 2. Artikel 149 van de Gemeentewet 3. De Omgevingswet
de
Toelichting
De wettelijke grondslagen zijn aangevuld en geactualiseerd.
Omdat artikel 1 een begripsbepaling betreft die aan bepaalde artikelen hangt en deze artikelen deels overgaan naar de Verordening Fysieke Leefomgeving, wordt de begripsbepaling deels gedupliceerd. De begripsbepaling blijft dus bestaan in de APV, maar wordt ook opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving. Met deze reden bevinden zich hieronder twee was-wordt tabellen (één voor de APV en één voor de Verordening Fysieke Leefomgeving). Artikel 1:1 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
1
Artikel 1:1 Definities In deze verordening wordt verstaan onder: a. bebouwde kom: het gebied binnen de grenzen die zijn vastgesteld op grond van artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994; b. bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een omgevingsvergunning als bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; c. bouwwerk: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Bouwverordening; d. bromfiets: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder e, van de Wegenverkeerswet 1994; e. college: het college van burgemeester en wethouders; f. gebouw: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel, eerste lid van de Woningwet; g. handelsreclame: iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te dienen; h. motorvoertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; i. openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn; j. openbare plaats: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties; k. parkeren: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; l. rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht; m.
voertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met uitzondering van kleine wagens zoals kruiwagens en kinderwagens, en rolstoelen;
Artikel 1:1 Definities In deze verordening wordt verstaan onder: a. bebouwde kom: het gebied binnen de grenzen die zijn vastgesteld op grond van artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994; b. bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een omgevingsvergunning; c. bouwwerk: constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren, met inbegrip van de daarvan deel uitmakende bouwwerkgebonden installaties anders dan een schip dat wordt gebruikt voor verblijf van personen en dat is bestemd en wordt gebruikt voor de vaart; d. bromfiets: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder e, van de Wegenverkeerswet 1994; e. college: het college van burgemeester en wethouders van Rijswijk; f. gebouw: bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke overdekte geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; g. handelsreclame: iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te dienen; h. motorvoertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; i.
openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn; j. openbare plaats: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties; k. parkeren: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;
2
n. weg: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder b, van de o. Wegenverkeerswet 1994.
l.
rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht; m. voertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met uitzondering van kleine wagens zoals kruiwagens en kinderwagens, en rolstoelen; n. weg: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994.
Toelichting
Bij de definitie van het begrip ‘bevoegd gezag’ is de tekst ““als bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht” verwijderd. De Wabo gaat deels op in de Omgevingswet. Bij de definitie van het begrip ‘bouwwerk’ is de tekst “hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Bouwverordening;” verwijderd. De Bouwverordening komt te vervallen. Met de nieuwe definitie is aangesloten bij de Databese juridische begrippen Omgevingswet van de VNG. Het begrip is hiermee in overeenstemming gebracht met de begrippen die onder de Omgevingswet en ook in het omgevingsplan gehanteerd worden. Hierdoor worden misverstanden voorkomen. Bij de definitie van het begrip ‘college’ is de tekst “van Rijswijk” toegevoegd. Hiermee wordt aangesloten bij de definitie van het begrip ‘college’ in de Verordening Fysieke Leefomgeving en de achterblijvende verordeningen. Bij de definitie van het begrip ‘gebouw’ is de tekst “hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel, eerste lid van de Woningwet;” verwijderd. De Woningwet gaat deels op in de Omgevingswet. Met de nieuwe definitie is aangesloten bij de Databese juridische begrippen van de VNG. Het begrip is hiermee in overeenstemming gebracht met de begrippen die onder de Omgevingswet en ook in het omgevingsplan gehanteerd worden. Hierdoor worden misverstanden voorkomen. Bij de definitie van het begrip ‘weg’ is een stijlfout hersteld.
De overbodige ‘o’ is verwijderd.
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 1:1 Definities In deze verordening wordt verstaan onder:
Artikel 1:1 Definities In deze verordening wordt verstaan onder: 3
a. bebouwde kom: het gebied binnen de grenzen die zijn vastgesteld op grond van artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994; b. bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een omgevingsvergunning als bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; c. bouwwerk: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Bouwverordening; d. bromfiets: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder e, van de Wegenverkeerswet 1994; e. college: het college van burgemeester en wethouders; f. gebouw: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel, eerste lid van de Woningwet; g. handelsreclame: iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te dienen; h. motorvoertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; i. openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn; j. openbare plaats: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties; k. parkeren: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; l. rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht; m.
voertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met uitzondering van kleine wagens zoals kruiwagens en kinderwagens, en rolstoelen; n. weg: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder b, van de
Bouwwerk: Constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren, met inbegrip van de daarvan deel uitmakende bouwwerkgebonden installaties anders dan een schip dat wordt gebruikt voor verblijf van personen en dat is bestemd en wordt gebruikt voor de vaart. Bromfiets: Hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder e, van de Wegenverkeerswet 1994. College: Het college van burgemeester en wethouders van Rijswijk. Gebouw: bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke overdekte geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. Handelsreclame: Iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te dienen. Motorvoertuig: Hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV 1990 met inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1 onder ia van het RVV 1990; met uitzondering van motorfiets zoals bedoeld in artikel 1 van het RVV 1990 en de geldigheid van het kenteken van het motorvoertuig niet door de Rijksdienst Wegverkeer is geschorst. Openbaar water: Wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn.
Openbare plaats: Hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties. Parkeren: Het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan van een motorvoertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van 4
o. Wegenverkeerswet 1994.
goederen, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden. Rechthebbende: Degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht. Voertuig: Hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met uitzondering van kleine wagens zoals kruiwagens en kinderwagens, en rolstoelen. Weg: Hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994.
Toelichting
De begrippen uit alle verordeningen die regels bezitten die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving, zijn in de Verordening Fysieke Leefomgeving samengevoegd in artikel 1.1.1. Zo ook de begrippen uit de Algemene Plaatselijke Verordening Rijswijk 2011. In de kolom ‘nieuwe tekst’ worden enkel de begrippen uit de Algemene Plaatselijke Verordening Rijswijk 2011weergegeven en niet de gehele begripsbepaling uit de Verordening Fysieke Leefomgeving. Voor de gehele begripsbepaling wordt u doorverwezen naar artikel 1.1.1 in de Verordening Fysieke Leefomgeving Rijswijk. De begripsbepalingen zijn gefilterd. Begrippen die niet genoemd worden in de Verordening Fysieke Leefomgeving worden niet meegenomen. Dit geldt voor de begrippen ‘bebouwde kom’, ‘wet’ en ‘motorrijtuigen’, ‘perceel’, ‘onzelfstandige woonruimte’, ‘straatafval’, ‘gebruiker van een perceel’, ‘inzamelmiddel’ en ‘inzamelvoorziening’. Het begrip ‘bevoegd gezag’ is niet meegenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving omdat dit begrip een Awb begrip is en in allerlei regelingen voorkomt. De VNG adviseert hiernaast om dit begrip niet nader te definiëren in de begripsbepalingen omdat dit begrip in de Omgevingswet duidelijk staat aangewezen. Hierdoor kan er geen misverstand ontstaan over het begrip.
Bij de definitie van het begrip ‘bouwwerk’ is de tekst “hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Bouwverordening;” verwijderd. De Bouwverordening komt te vervallen. Met de nieuwe definitie is aangesloten bij de Databese juridische begrippen Omgevingswet van de VNG. Het begrip is hiermee in overeenstemming gebracht met de begrippen die onder de Omgevingswet en ook in het omgevingsplan gehanteerd worden. Hierdoor worden misverstanden voorkomen. De volgende begrippen blijven ongewijzigd: ‘bromfiets’, ‘handelsreclame’, ‘openbaar water’, ‘openbare plaats’, ‘rechthebbende’, ‘voertuig’ en ‘weg’. 5
Bij de definitie van het begrip ‘college’ is de tekst “van Rijswijk” toegevoegd. Hiermee wordt aangesloten bij de definitie van het begrip ‘college’ in de achterblijvende verordeningen. Bij de definitie van het begrip ‘gebouw’ is de tekst “hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel, eerste lid van de Woningwet;” verwijderd. De Woningwet gaat deels op in de Omgevingswet. Met de nieuwe definitie is aangesloten bij de Databese juridische begrippen van de VNG. Het begrip is hiermee in overeenstemming gebracht met de begrippen die onder de Omgevingswet en ook in het omgevingsplan gehanteerd worden. Hierdoor worden misverstanden voorkomen. Bij de definitie van het begrip ‘motorvoertuig’ is de tekst “hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990” verwijderd. Deze definitie is geharmoniseerd met de definitie uit een andere verordening. Omdat dit begrip algemeen is, is gezocht naar een definitie die de lading van dit begrip over de gehele Verordening Fysieke Leefomgeving dekt. Bij de definitie van het begrip ‘parkeren’ is de tekst “hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990” verwijderd. Deze definitie is geharmoniseerd met de definitie uit een andere verordening.
Omdat dit begrip algemeen is, is gezocht naar een definitie die de lading van dit begrip over de gehele Verordening Fysieke Leefomgeving dekt. Bij de definitie van het begrip ‘weg’ is een stijlfout hersteld. De overbodige ‘o’ is verwijderd.
Artikel 1:2 betreft een algemene bepaling die op meerdere artikelen uit de APV betrekking heeft. Het gaat hierbij om artikelen die achterblijven in de APV alsmede artikelen die overgaan naar de Verordening Fysieke Leegomgeving. Artikel 1:2 wordt daarom gedupliceerd. Dit artikel krijgt dus zowel in de achterblijvende APV als in de Verordening Fysieke Leegomgeving een plek. Met deze reden bevinden zich hieronder twee was-wordt tabellen (één voor de APV en één voor de Verordening Fysieke Leefomgeving). Artikel 1:2 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 1:2 Beslistermijn 1. Het bevoegde bestuursorgaan beslist op een aanvraag voor een vergunning of ontheffing binnen acht weken na de datum van ontvangst van de aanvraag. 2. Het bestuursorgaan kan de termijn voor ten hoogste acht weken verdagen. 3. Het bepaalde in het eerste en tweede lid geldt niet voor de beslissing op een aanvraag om vergunning voor:
Artikel 1:2 Beslistermijn 1. Het bevoegde bestuursorgaan beslist op een aanvraag voor een vergunning of ontheffing binnen acht weken na de datum van ontvangst van de aanvraag. 2. Het bestuursorgaan kan de termijn voor ten hoogste acht weken verdagen. 3. Het bepaalde in het eerste en tweede lid geldt niet voor de beslissing op een aanvraag om vergunning voor:
6
a. een groot evenement als bedoeld in artikel 2.25, eerste lid; b. een horecabedrijf als bedoeld in artikel 2.28, eerste lid; c. een seksinrichting of escortbedrijf als bedoeld in artikel 3.4, eerste lid. 4. In afwijking van het eerste en tweede lid is artikel 3.9 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht van toepassing als beslist wordt op een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 2:10, vijfde lid, of een vergunning als bedoeld in artikel 2:11, tweede lid, of een vergunning als bedoeld in artikel 4:11.
a. een groot evenement als bedoeld in artikel 2:8, eerste lid; b. een horecabedrijf als bedoeld in artikel 2:10, eerste lid; c. een seksinrichting of escortbedrijf als bedoeld in artikel 3:4, eerste lid.
Toelichting
Lid 4 is verwijderd omdat deze artikelen allemaal zijn opgegaan in de VFL. De nummering is aangepast.
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 1:2 Beslistermijn 1. Het bevoegde bestuursorgaan beslist op een aanvraag voor een vergunning of ontheffing binnen acht weken na de datum van ontvangst van de aanvraag. 2. Het bestuursorgaan kan de termijn voor ten hoogste acht weken verdagen. 3. Het bepaalde in het eerste en tweede lid geldt niet voor de beslissing op een aanvraag om vergunning voor: a. een groot evenement als bedoeld in artikel 2.25, eerste lid; b. een horecabedrijf als bedoeld in artikel 2.28, eerste lid; c. een seksinrichting of escortbedrijf als bedoeld in artikel 3.4, eerste lid.
Artikel 9.1.2 Beslistermijn 1. Het bevoegde bestuursorgaan beslist op een aanvraag voor een vergunning of ontheffing binnen acht weken na de datum van ontvangst van de aanvraag. 2. Het bestuursorgaan kan de termijn voor ten hoogste acht weken verdagen. 3. In afwijking van het eerste en tweede lid is artikel 3.9 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (artikel 16.64 Omgevingswet) van toepassing als beslist wordt op een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 8.1.1, vijfde lid, of een vergunning als bedoeld in artikel 6.2.1, tweede lid, of een vergunning als bedoeld in artikel 4.1.1. 7
4. In afwijking van het eerste en tweede lid is artikel 3.9 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht van toepassing als beslist wordt op een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 2:10, vijfde lid, of een vergunning als bedoeld in artikel 2:11, tweede lid, of een vergunning als bedoeld in artikel 4:11.
Toelichting
Artikel 3.9 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht komt te vervallen met de komst van de Omgevingswet. De verwijzing naar de Omgevingswet is daarom toegevoegd. Lid 3 is komen te vervallen, omdat deze artikelen niet terugkomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving (en dus achterblijven in de APV). De nummering is aangepast.
Artikel 1:3 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 1:3 Indiening aanvraag (Vervallen)
Toelichting
Artikel 1:3 is reeds vervallen en daarom verwijderd.
Artikel 1:4 betreft een algemene bepaling die op meerdere artikelen uit de APV betrekking heeft. Het gaat hierbij om artikelen die achterblijven in de APV alsmede artikelen die overgaan naar de Verordening Fysieke Leegomgeving. Artikel 1:4 wordt daarom gedupliceerd. Dit artikel krijgt dus zowel in de achterblijvende APV als in de Verordening Fysieke Leegomgeving een plek. Met deze reden bevinden zich hieronder twee was-wordt tabellen (één voor de APV en één voor de Verordening Fysieke Leefomgeving). Artikel 1:2 wordt als volgt gewijzigd: Wordt 8
Was
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 1:4 Voorschriften en beperkingen 1. Aan een vergunning of ontheffing 1. kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. Deze voorschriften en beperkingen strekken slechts tot bescherming van het belang of de belangen in verband waarmee de vergunning of ontheffing is vereist. 2. 2. Degene aan wie een vergunning of ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen na te komen.
Artikel 1:3 Voorschriften en beperkingen Aan een vergunning of ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. Deze voorschriften en beperkingen strekken slechts tot bescherming van het belang of de belangen in verband waarmee de vergunning of ontheffing is vereist. Degene aan wie een vergunning of ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen na te komen.
Toelichting
De nummering is aangepast.
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 1:4 Voorschriften en beperkingen 1. Aan een vergunning of ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. Deze voorschriften en beperkingen strekken slechts tot bescherming van het belang of de belangen in verband waarmee de vergunning of ontheffing is vereist. 2. Degene aan wie een vergunning of ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen na te komen.
Artikel 9.1.3 Voorschriften en beperkingen 1. Aan een vergunning of ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. Deze voorschriften en beperkingen strekken slechts tot bescherming van het belang of de belangen in verband waarmee de vergunning of ontheffing is vereist. 2. Degene aan wie een vergunning of ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen na te komen.
Toelichting 9
De nummering is aangepast.
Artikel 1:5 betreft een algemene bepaling die op meerdere artikelen uit de APV betrekking heeft. Het gaat hierbij om artikelen die achterblijven in de APV alsmede artikelen die overgaan naar de Verordening Fysieke Leegomgeving. Artikel 1:5 wordt daarom gedupliceerd. Dit artikel krijgt dus zowel in de achterblijvende APV als in de Verordening Fysieke Leegomgeving een plek. Met deze reden bevinden zich hieronder twee was-wordt tabellen (één voor de APV en één voor de Verordening Fysieke Leefomgeving). Artikel 1:5 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 1:5 Persoonlijk karakter van vergunning of ontheffing De vergunning of ontheffing is persoonlijk, tenzij bij of krachtens deze verordening anders is bepaald.
Artikel 1:4 Persoonlijk karakter van vergunning of ontheffing De vergunning of ontheffing is persoonlijk, tenzij bij of krachtens deze verordening anders is bepaald.
Toelichting
De nummering is aangepast.
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 1:5 Persoonlijk karakter van vergunning of ontheffing De vergunning of ontheffing is persoonlijk, tenzij bij of krachtens deze verordening anders is bepaald.
Artikel 9.1.4 Persoonlijk karakter van vergunning of ontheffing De vergunning of ontheffing is persoonlijk, tenzij bij of krachtens deze verordening anders is bepaald.
Toelichting
10
De nummering is aangepast.
Artikel 1:6 betreft een algemene bepaling die op meerdere artikelen uit de APV betrekking heeft. Het gaat hierbij om artikelen die achterblijven in de APV alsmede artikelen die overgaan naar de Verordening Fysieke Leegomgeving. Artikel 1:6 wordt daarom gedupliceerd. Dit artikel krijgt dus zowel in de achterblijvende APV als in de Verordening Fysieke Leegomgeving een plek. Met deze reden bevinden zich hieronder twee was-wordt tabellen (één voor de APV en één voor de Verordening Fysieke Leefomgeving). Artikel 1:6 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 1:6 Intrekking of wijziging van vergunning of ontheffing De vergunning of ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd als: a. ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt; b. op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de vergunning of ontheffing, intrekking of wijziging noodzakelijk is vanwege het belang of de belangen ter bescherming waarvan de vergunning of ontheffing is vereist; c. de aan de vergunning of ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen; d. van de vergunning of ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen of gedurende een daarin gestelde termijn dan wel, bij het ontbreken van een gestelde termijn, binnen een redelijke termijn; of e. de houder dit verzoekt.
Artikel 1:5 Intrekking of wijziging van vergunning of ontheffing De vergunning of ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd als: a. ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt; b. op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de vergunning of ontheffing, intrekking of wijziging noodzakelijk is vanwege het belang of de belangen ter bescherming waarvan de vergunning of ontheffing is vereist; c. de aan de vergunning of ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen; d. van de vergunning of ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen of gedurende een daarin gestelde termijn dan wel, bij het ontbreken van een gestelde termijn, binnen een redelijke termijn; of e. de houder dit verzoekt.
Toelichting
De nummering is aangepast.
11
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 1:6 Intrekking of wijziging van vergunning of ontheffing De vergunning of ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd als: a. ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt; b. op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de vergunning of ontheffing, intrekking of wijziging noodzakelijk is vanwege het belang of de belangen ter bescherming waarvan de vergunning of ontheffing is vereist; c. de aan de vergunning of ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen; d. van de vergunning of ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen of gedurende een daarin gestelde termijn dan wel, bij het ontbreken van een gestelde termijn, binnen een redelijke termijn; of e. de houder dit verzoekt.
Artikel 9.1.5 Intrekking of wijziging van vergunning of ontheffing De vergunning of ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd als: a. ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt; b. op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de vergunning of ontheffing, intrekking of wijziging noodzakelijk is vanwege het belang of de belangen ter bescherming waarvan de vergunning of ontheffing is vereist; c. de aan de vergunning of ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen; d. van de vergunning of ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen of gedurende een daarin gestelde termijn dan wel, bij het ontbreken van een gestelde termijn, binnen een redelijke termijn; of e. de houder dit verzoekt.
Toelichting
De nummering is aangepast.
Artikel 1:7 betreft een algemene bepaling die op meerdere artikelen uit de APV betrekking heeft. Het gaat hierbij om artikelen die achterblijven in de APV alsmede artikelen die overgaan naar de Verordening Fysieke Leegomgeving. Artikel 1:7 wordt daarom gedupliceerd. Dit artikel krijgt dus zowel in de achterblijvende APV als in de Verordening Fysieke Leegomgeving een plek. Met deze reden bevinden zich hieronder twee was-wordt tabellen (één voor de APV en één voor de Verordening Fysieke Leefomgeving). Artikel 1:7 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt 12
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 1:7 Termijnen Artikel 1:6 Termijnen 1. De vergunning of ontheffing geldt voor 1. De vergunning of ontheffing geldt voor onbepaalde tijd, tenzij bij de vergunning onbepaalde tijd, tenzij bij de vergunning of ontheffing anders is bepaald of de of ontheffing anders is bepaald of de aard van de vergunning of ontheffing aard van de vergunning of ontheffing zich daartegen verzet. zich daartegen verzet. 2. De aard van de vergunning of 2. De aard van de vergunning of ontheffing verzet zich in ieder geval ontheffing verzet zich in ieder geval tegen gelding voor onbepaalde tijd als tegen gelding voor onbepaalde tijd als het aantal vergunningen of het aantal vergunningen of ontheffingen is beperkt en het aantal ontheffingen is beperkt en het aantal mogelijke aanvragers het aantal mogelijke aanvragers het aantal beschikbare vergunningen of beschikbare vergunningen of ontheffingen overtreft. ontheffingen overtreft.
Toelichting
De nummering is aangepast.
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 1:7 Termijnen Artikel 9.1.6 Termijnen 1. De vergunning of ontheffing geldt voor 1. De vergunning of ontheffing geldt voor onbepaalde tijd, tenzij bij de vergunning onbepaalde tijd, tenzij bij de vergunning of ontheffing anders is bepaald of de of ontheffing anders is bepaald of de aard van de vergunning of ontheffing aard van de vergunning of ontheffing zich daartegen verzet. zich daartegen verzet. 2. De aard van de vergunning of 2. De aard van de vergunning of ontheffing verzet zich in ieder geval ontheffing verzet zich in ieder geval tegen gelding voor onbepaalde tijd als tegen gelding voor onbepaalde tijd als het aantal vergunningen of het aantal vergunningen of ontheffingen is beperkt en het aantal ontheffingen is beperkt en het aantal mogelijke aanvragers het aantal mogelijke aanvragers het aantal beschikbare vergunningen of beschikbare vergunningen of ontheffingen overtreft. ontheffingen overtreft. 13
Toelichting
De nummering is aangepast.
Artikel 1:8 betreft een algemene bepaling die op meerdere artikelen uit de APV betrekking heeft. Het gaat hierbij om artikelen die achterblijven in de APV alsmede artikelen die overgaan naar de Verordening Fysieke Leegomgeving. Artikel 1:8 wordt daarom gedupliceerd. Dit artikel krijgt dus zowel in de achterblijvende APV als in de Verordening Fysieke Leegomgeving een plek. Met deze reden bevinden zich hieronder twee was-wordt tabellen (één voor de APV en één voor de Verordening Fysieke Leefomgeving). Artikel 1:8 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 1:8 Weigeringsgronden Artikel 1:7 Weigeringsgronden 1. Een vergunning of ontheffing kan in 1. Een vergunning of ontheffing kan in ieder geval worden geweigerd in het ieder geval worden geweigerd in het belang van: belang van: a. de openbare orde; a. de openbare orde; b. de openbare veiligheid; b. de openbare veiligheid; c. de volksgezondheid; c. de volksgezondheid; d. de bescherming van het milieu. d. de bescherming van het milieu. 2. Een vergunning of ontheffing kan voorts 2. Een vergunning of ontheffing kan voorts worden geweigerd indien redelijkerwijs worden geweigerd indien redelijkerwijs moet worden aangenomen dat ter moet worden aangenomen dat ter verkrijging daarvan in de aanvraag verkrijging daarvan in de aanvraag onjuiste dan wel onvolledige gegevens onjuiste dan wel onvolledige gegevens zijn verstrekt dan wel indien zijn verstrekt dan wel indien redelijkerwijs moet worden redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke situatie aangenomen dat de feitelijke situatie niet in overeenstemming zal zijn met niet in overeenstemming zal zijn met hetgeen in de aanvraag is vermeld. hetgeen in de aanvraag is vermeld. 3. Een vergunning of ontheffing kan ook 3.
Een vergunning of ontheffing kan ook worden geweigerd als de aanvraag worden geweigerd als de aanvraag daarvoor minder dan drie weken voor daarvoor minder dan drie weken voor de beoogde datum van de beoogde de beoogde datum van de beoogde activiteit is ingediend en daardoor een activiteit is ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijk is. aanvraag niet mogelijk is.
Toelichting 14
De nummering is aangepast.
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 1:8 Weigeringsgronden Artikel 9.1.7 Weigeringsgronden 1. Een vergunning of ontheffing kan in 1. Een vergunning of ontheffing kan in ieder geval worden geweigerd in het ieder geval worden geweigerd in het belang van: belang van: a. de openbare orde; a. de openbare orde; b. de openbare veiligheid; b. de openbare veiligheid; c. de volksgezondheid; c. de volksgezondheid; d. de bescherming van het milieu. d. de bescherming van het milieu. 2. Een vergunning of ontheffing kan voorts 2. Een vergunning of ontheffing kan voorts worden geweigerd indien redelijkerwijs worden geweigerd indien redelijkerwijs moet worden aangenomen dat ter moet worden aangenomen dat ter verkrijging daarvan in de aanvraag verkrijging daarvan in de aanvraag onjuiste dan wel onvolledige gegevens onjuiste dan wel onvolledige gegevens zijn verstrekt dan wel indien zijn verstrekt dan wel indien redelijkerwijs moet worden redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke situatie aangenomen dat de feitelijke situatie niet in overeenstemming zal zijn met niet in overeenstemming zal zijn met hetgeen in de aanvraag is vermeld. hetgeen in de aanvraag is vermeld. 3. Een vergunning of ontheffing kan ook 3.
Een vergunning of ontheffing kan ook worden geweigerd als de aanvraag worden geweigerd als de aanvraag daarvoor minder dan drie weken voor daarvoor minder dan drie weken voor de beoogde datum van de beoogde de beoogde datum van de beoogde activiteit is ingediend en daardoor een activiteit is ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijk is. aanvraag niet mogelijk is.
Toelichting
De nummering is aangepast.
Artikel 2:1 en artikel 2:1 a blijven ongewijzigd. Artikel 2:2 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
15
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 2:2 Optochten (Vervallen)
Toelichting
Artikel 2:2 Optochten is reeds vervallen en daarom verwijderd.
Artikel 2:3 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 2:3 Kennisgeving betogingen op openbare plaatsen 1. Degene die het voornemen heeft op een openbare plaats een betoging te houden, waaronder begrepen een samenkomst als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Wet openbare manifestaties, geeft daarvan voor de openbare aankondiging en ten minste 96 uren voordat de betoging wordt gehouden, schriftelijk kennis aan de burgemeester. 2. De kennisgeving bevat: a. naam en adres van degene die de betoging houdt; b. het doel van de betoging; c. de datum waarop de betoging wordt gehouden en het tijdstip van aanvang en van beëindiging; d. de plaats en, voor zover van toepassing, de route; e. voor zover van toepassing, de wijze van samenstelling; en f. maatregelen die degene die de betoging houdt zal treffen om
Artikel 2:2 Kennisgeving betogingen op openbare plaatsen 1. Degene die het voornemen heeft op een openbare plaats een betoging te houden, waaronder begrepen een samenkomst als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Wet openbare manifestaties, geeft daarvan voor de openbare aankondiging en ten minste 96 uren voordat de betoging wordt gehouden, schriftelijk kennis aan de burgemeester. 2. De kennisgeving bevat: a. naam en adres van degene die de betoging houdt; b. het doel van de betoging; c. de datum waarop de betoging wordt gehouden en het tijdstip van aanvang en van beëindiging; d. de plaats en, voor zover van toepassing, de route; e. voor zover van toepassing, de wijze van samenstelling; en f. maatregelen die degene die de betoging houdt zal treffen om 16
een regelmatig verloop te bevorderen. 3. Degene die de kennisgeving doet, ontvangt daarvan een bewijs waarin het tijdstip van de kennisgeving is vermeld. 4. Als het tijdstip van de schriftelijke kennisgeving valt op een vrijdag na 12.00 uur, een zaterdag, een zondag of een algemeen erkende feestdag, wordt de kennisgeving gedaan uiterlijk op de werkdag die aan de dag van dat tijdstip voorafgaat vóór 12.00 uur. 5. De burgemeester kan in bijzondere omstandigheden op verzoek een kennisgeving in behandeling nemen buiten deze termijn.
een regelmatig verloop te bevorderen. 3. Degene die de kennisgeving doet, ontvangt daarvan een bewijs waarin het tijdstip van de kennisgeving is vermeld. 4. Als het tijdstip van de schriftelijke kennisgeving valt op een vrijdag na 12.00 uur, een zaterdag, een zondag of een algemeen erkende feestdag, wordt de kennisgeving gedaan uiterlijk op de werkdag die aan de dag van dat tijdstip voorafgaat vóór 12.00 uur. 5. De burgemeester kan in bijzondere omstandigheden op verzoek een kennisgeving in behandeling nemen buiten deze termijn.
Toelichting
Artikel 2:2 Optochten is reeds vervallen en daarom verwijderd. Artikel 2:3 wordt hierdoor 2:2.
Artikel 2:4 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 2:4 Afwijking termijnen (Vervallen)
Toelichting
Artikel 2:4 is reeds vervallen en daarom verwijderd. Artikel 2:5 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Wordt Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021) 17
Artikel 2:5 Te verstrekken gegevens (Vervallen)
Toelichting
Artikel 2:5 is reeds vervallen en daarom verwijderd.
Artikel 2:6 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 2:6 Verspreiden geschreven of gedrukte stukken of afbeeldingen 1. Het is verboden gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen onder publiek te verspreiden dan wel openlijk aan te bieden: a. op doordeweekse dagen tussen 22.00 uur en 10.00 uur; b. in de overdekte winkelpassages in winkelcentrum In de Boogaard. 2. Het verbod is niet van toepassing op het huis-aan-huis verspreiden of het aan huis bezorgen van gedrukte of geschreven stukken en afbeeldingen. 3. Tijdens het op openbare plaatsen verspreiden dan wel openlijk aanbieden van gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen onder het publiek: a. mag de veiligheid van het publiek op geen enkele wijze in gevaar worden gebracht; b. moeten alle bevelen en aanwijzingen van de politie, gegeven in het belang van de openbare orde en veiligheid, stipt en onmiddellijk worden opgevolgd;
Artikel 2:3 Verspreiden geschreven of gedrukte stukken of afbeeldingen 1. Het is verboden gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen onder publiek te verspreiden dan wel openlijk aan te bieden: a. op doordeweekse dagen tussen 22.00 uur en 10.00 uur; b. in de overdekte winkelpassages in winkelcentrum In de Boogaard. 2. Het verbod is niet van toepassing op het huis-aan-huis verspreiden of het aan huis bezorgen van gedrukte of geschreven stukken en afbeeldingen. 3. Tijdens het op openbare plaatsen verspreiden dan wel openlijk aanbieden van gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen onder het publiek: a. mag de veiligheid van het publiek op geen enkele wijze in gevaar worden gebracht; b. moeten alle bevelen en aanwijzingen van de politie, gegeven in het belang van de openbare orde en veiligheid, stipt en onmiddellijk worden opgevolgd; 18
c. mogen evenementen niet worden verstoord. 4. Na het op openbare plaatsen verspreiden van wel openlijk aanbieden van gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen onder het publiek dient als het uitgereikte, weggeworpen en resterende (folder)materiaal onmiddellijk te worden verwijderd.
c. mogen evenementen niet worden verstoord. 4. Na het op openbare plaatsen verspreiden van wel openlijk aanbieden van gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen onder het publiek dient als het uitgereikte, weggeworpen en resterende (folder)materiaal onmiddellijk te worden verwijderd.
Toelichting
Artikel 2:4 Afwijking termijnen en artikel 2:5 Te verstrekken gegevens zijn reeds vervallen en daarom verwijderd. Artikel 2:6 wordt hierdoor artikel 2:3.
Artikel 2:7 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 2:7 Feest, muziek en wedstrijd e.d. (Vervallen)
Toelichting
Artikel 2:7 is reeds vervallen en daarom verwijderd.
Artikel 2:8 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 2:8 Diensteverlening (Vervallen) 19
Toelichting
Artikel 2:8 is reeds vervallen en daarom verwijderd.
Artikel 2:9 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 2:9 Vertoningen op openbare plaatsen 1. Het is verboden ten behoeve van publiek als straatartiest, straatfotograaf, tekenaar, filmoperateur of gids op te treden op door de burgemeester in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu aangewezen openbare plaatsen. 2. De burgemeester kan het verbod beperken tot bepaalde dagen en uren. 3. De burgemeester kan ontheffing verlenen van het verbod. 4. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.
Artikel 2:4 Vertoningen op openbare plaatsen 1. Het is verboden ten behoeve van publiek als straatartiest, straatfotograaf, tekenaar, filmoperateur of gids op te treden op door de burgemeester in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu aangewezen openbare plaatsen. 2. De burgemeester kan het verbod beperken tot bepaalde dagen en uren. 3. De burgemeester kan ontheffing verlenen van het verbod. 4. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.
Toelichting
Artikel 2:7 Feest, muziek en wedstrijd e.d. en artikel 2:8 Diensteverlening zijn reeds vervallen en daarom verwijderd. Artikel 2:9 wordt hierdoor artikel 2:4. Artikel 2:10 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Wordt Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving) 20
Artikel 2:10 Voorwerpen op of aan de weg of Artikel 8.1.1 Voorwerpen op of aan de weg of openbare plaats openbare plaats 1. Het is verboden de weg of een 1. Het is verboden de weg of een weggedeelte anders te gebruiken dan weggedeelte anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie overeenkomstig de publieke functie daarvan, als dat gebruik: daarvan, als dat gebruik: a. gevaar oplevert of kan opleveren a. gevaar oplevert of kan voor de openbare orde, de opleveren voor de openbare openbare veiligheid, de orde, de openbare veiligheid, volksgezondheid of de de volksgezondheid of de bescherming van het milieu; bescherming van het milieu; b. schade toebrengt of kan b. schade toebrengt of kan toebrengen aan de weg, de toebrengen aan de weg, de bruikbaarheid van de weg bruikbaarheid van de weg belemmert of kan belemmeren, belemmert of kan belemmeren, dan wel een belemmering vormt dan wel een belemmering of kan vormen voor het beheer vormt of kan vormen voor het of onderhoud van de weg; of beheer of onderhoud van de c. hetzij op zichzelf, hetzij in weg; of verband met de omgeving niet c. hetzij op zichzelf, hetzij in voldoet aan redelijke eisen van verband met de omgeving niet welstand; voldoet aan redelijke eisen van d. hinder of overlast oplevert of welstand; kan opleveren voor gebruikers d.
hinder of overlast oplevert of van een in de nabijheid gelegen kan opleveren voor gebruikers onroerende zaak. van een in de nabijheid gelegen 2. Onverminderd het bepaalde in het onroerende zaak. eerste lid is het verboden op de weg of 2. Onverminderd het bepaalde in het een weggedeelte containers te plaatsen eerste lid is het verboden op de weg of of te hebben als deze worden gebruikt een weggedeelte containers te plaatsen voor een ander doel dan voor de of te hebben als deze worden gebruikt tijdelijke opslag van puin of voor een ander doel dan voor de bouwmaterialen tijden een verbouwing tijdelijke opslag van puin of of de tijdelijke opslag van waren in het bouwmaterialen tijden een verbouwing kader van de uitoefening van of de tijdelijke opslag van waren in het detailhandel. kader van de uitoefening van 3. Het college kan in het belang van de detailhandel. openbare orde of de woon- en 3. Onverminderd het bepaalde in het leefomgeving nadere regels stellen voor tweede lid moeten containers, die op terrassen, uitstallingen, reclameborden, de openbare weg zijn geplaatst, zijn hijs- en hefwerktuigen en voorzien van een markering, die bouwplaatsinrichtingen in het openbaar voldoet aan de volgende eisen: gebied. a. op ieder zijvlak en op het 4. Het bevoegde bestuursorgaan kan kopstuk moet aan de ontheffing verlenen van het verbod in buitenzijde een duidelijk het eerste lid.
zichtbare markering aanwezig 5. Het verbod is niet van toepassing op: zijn; a. evenementen als bedoeld in artikel 2:24; 21
b. standplaatsen als bedoeld in artikel 5:17; c. overige gevallen waarin krachtens een wettelijke regeling een vergunning voor het gebruik van de weg is verleend. 6. Het verbod is voorts niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatwerken, artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994 of de provinciale wegenverordening. 7. Op de aanvraag om een ontheffing bedoeld in het vierde lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
4.
5.
6.
7.
b. de markeringen moeten vast, dat wil zeggen niet verwijderbaar, zijn bevestigd; c. de markeringen dienen uit retro-reflecterend materiaal te bestaan, in de kleuren rood of rood wit. Het college kan in het belang van de openbare orde of de woon- en leefomgeving nadere regels stellen voor terrassen, uitstallingen, reclameborden, hijs- en hefwerktuigen en bouwplaatsinrichtingen in het openbaar gebied. Het bevoegde bestuursorgaan kan ontheffing verlenen van het verbod in het eerste lid. Het verbod is niet van toepassing op: a. evenementen als bedoeld in artikel 2:7 van de Algemene Plaatselijke Verordening voor Rijswijk 2021; b. standplaatsen1 als bedoeld in artikel 1.1.1; c. overige gevallen waarin krachtens een wettelijke regeling een vergunning voor het gebruik van de weg is verleend. Het verbod is voorts niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatwerken, artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994 of het provinciale Omgevingsbeleid.
Toelichting
Het oorspronkelijke lid 7 is verplaatst naar artikel 9.1.1 Verordening Fysieke Leefomgeving. In dit artikel bevindt zich een opsomming van de artikelen waarvoor paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet en wel geldt. Lid 3 is toegevoegd en vindt zijn oorsprong in artikel 2:13a. Artikel 2:13a wordt gehandhaafd vanuit een OOV (openbare orde en veiligheids-) perspectief. Dit artikel blijft daarom achter in de APV. Omdat de markeringseisen toch ook invloed hebben op de fysieke leefomgeving, is een extra lid opgenomen in artikel 2:10 (nu 8.1.1 Verordening Fysieke Leefomgeving). De nummering is aangepast.
22
De provinciale wegenverordening is vervallen en vervangen door het provinciale Omgevingsbeleid.
Artikel 2:11 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 2:11 (Omgevings)vergunning voor het aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg 1. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van het bevoegde bestuursorgaan een weg aan te leggen, de verharding daarvan op te breken, in een weg te graven of te spitten, aard of breedte van de wegverharding te veranderen of anderszins verandering te brengen in de wijze van aanleg van een weg. 2. De vergunning wordt verleend als omgevingsvergunning door het bevoegd gezag, als de activiteiten zijn verboden bij een bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit. 3. Het verbod is niet van toepassing voor zover in opdracht van een bestuursorgaan of openbaar lichaam werkzaamheden worden verricht. 4. Het verbod is voorts niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, de Wegenwet, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de waterschapskeur, de provinciale wegenverordening, de Telecommunicatiewet of de daarop gebaseerde telecommunicatieverordening. 5. Op een aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van
Artikel 6.2.1 (Omgevings)vergunning voor het aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg 1. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van het bevoegde bestuursorgaan een weg aan te leggen, de verharding daarvan op te breken, in een weg te graven of te spitten, aard of breedte van de wegverharding te veranderen of anderszins verandering te brengen in de wijze van aanleg van een weg. 2. De vergunning wordt verleend als omgevingsvergunning door het bevoegd gezag, als de activiteiten zijn verboden bij een bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit. 3. Het verbod is niet van toepassing voor zover in opdracht van een bestuursorgaan of openbaar lichaam werkzaamheden worden verricht. 4. Het verbod is voorts niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, de Wegenwet, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de Waterschapskeur, het provinciale Omgevingsbeleid, de Telecommunicatiewet of paragraaf 6.1.
toepassing.
23
Toelichting
Het oorspronkelijke lid 5 is verplaatst naar artikel 9.1.1 Verordening Fysieke Leefomgeving. In dit artikel bevindt zich een opsomming van de artikelen waarvoor paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet en wel geldt. Lid 4: Bij het woord ‘waterschapskeur’ is een hoofdletter ingevoegd. De provinciale wegenverordening is vervallen en vervangen door het provinciale Omgevingsbeleid. De tekst “of de daarop gebaseerde telecommunicatieverordening” is verwijderd. Deze verordening is sinds 2010 vervallen en toen vervangen door de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur (AVOI). De AVOI gaat in zijn geheel op in de Verordening Fysieke Leefomgeving, daarom wordt nu verwezen naar paragraaf 6.1. De nummering is aangepast.
Artikel 2:12 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 6.2.2 Maken of veranderen van een Artikel 2:12 Maken of veranderen van een uitweg uitweg 1. Het is verboden zonder 1. Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het bevoegd omgevingsvergunning van het bevoegd gezag een uitweg te maken naar de weg gezag een uitweg te maken naar de weg of verandering te brengen in een of verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de weg; bestaande uitweg naar de weg; 2. In afwijking van het bepaalde in artikel 2. In afwijking van het bepaalde in artikel 9.1.7 wordt de vergunning slechts 1:8 wordt de vergunning slechts geweigerd: geweigerd: a. ter voorkoming van gevaar voor a. ter voorkoming van gevaar voor het verkeer op de weg; het verkeer op de weg; b. als de uitweg zonder noodzaak b. als de uitweg zonder noodzaak ten koste gaat van een ten koste gaat van een openbare parkeerplaats; openbare parkeerplaats; c. als door de uitweg het c. als door de uitweg het openbaar groen op openbaar groen op onaanvaardbare wijze wordt onaanvaardbare wijze wordt aangetast; aangetast; d. als er sprake is van een uitweg d. als er sprake is van een uitweg van een perceel dat al door een van een perceel dat al door een andere uitweg wordt ontsloten, andere uitweg wordt ontsloten, 24
en de aanleg van deze tweede uitweg ten koste gaat van een openbare parkeerplaats of het openbaar groen; of e. als op het perceel ten dienste waarvan de vergunning wordt aangevraagd, parkeren op grond van het vigerende bestemmingsplan niet is toegestaan. 5. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de waterschapskeur of de provinciale wegenverordening.
en de aanleg van deze tweede uitweg ten koste gaat van een openbare parkeerplaats of het openbaar groen; of e. als op het perceel ten dienste waarvan de vergunning wordt aangevraagd, parkeren op grond van het vigerende bestemmingsplan niet is toegestaan. 3. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de Waterschapskeur of het provinciale Omgevingsbeleid.
Toelichting
De nummering is aangepast. Lid 3:
Bij het woord ‘waterschapskeur’ is een hoofdletter ingevoegd. De provinciale wegenverordening is vervallen en vervangen door het provinciale Omgevingsbeleid.
Artikel 2:13 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 2:13 Veroorzaken van gladheid (Vervallen)
Toelichting
Artikel 2:13 is reeds vervallen en daarom verwijderd.
Artikel 2:13a wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt 25
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 2:13a Markeringseisen afzetcontainers Onverminderd het bepaalde in artikel 2:10 moeten afzetcontainers, die op de openbare weg zijn geplaatst, zijn voorzien van een markering. Deze markering moet voldoen aan de volgende eisen: a. op ieder zijvlak en op het kopstuk moet aan de buitenzijde een duidelijk zichtbare markering aanwezig zijn; b. de markeringen moeten vast, dat wil zeggen niet verwijderbaar, zijn bevestigd; c. de markeringen dienen uit retroreflekterend materiaal te bestaan, in de kleuren rood of rood wit.
Artikel 2:5 Markeringseisen afzetcontainers Onverminderd het bepaalde in artikel 8.1.1 Verordening Fysieke Leefomgeving moeten afzetcontainers, die op de openbare weg zijn geplaatst, zijn voorzien van een markering. Deze markering moet voldoen aan de volgende eisen: a. op ieder zijvlak en op het kopstuk moet aan de buitenzijde een duidelijk zichtbare markering aanwezig zijn; b. de markeringen moeten vast, dat wil zeggen niet verwijderbaar, zijn bevestigd; c. de markeringen dienen uit retroreflecterend materiaal te bestaan, in de kleuren rood of rood wit.
Toelichting
De artikelen 2:10 t/m 2:12 zijn over naar de Verordening Fysieke Leefomgeving. Artikel 2:13 is vervallen. Artikel 2:13a wordt hierdoor 2:5. De nummering is aangepast. In sub c is een spelfout hersteld.
De artikelen 2:15 t/m 2:23 worden als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 2:15 Hinderlijke beplanting of gevaarlijk voorwerp (Vervallen) Artikel 2:16 Openen straatkolken en dergelijke (Vervallen) 26
Artikel 2:17 Kelderingangen en dergelijke (Vervallen) Artikel 2:18 Rookverbod in bossen en natuurterreinen (Vervallen) Artikel 2:19 Gevaarlijk of hinderlijk voorwerp (Vervallen) Artikel 2:20 Vallende voorwerpen (Vervallen) Artikel 2:21 Voorzieningen voor verkeer en verlichting (Vervallen) Artikel 2:22 Objecten onder hoogspanningslijn (Vervallen) Artikel 2:23 Veiligheid op het ijs (Vervallen)
Toelichting
Deze artikelen zijn reeds vervallen en daarom verwijderd.
Artikel 2:24 wordt als volgt gewijzigd:
Was
Wordt
Bestaande tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2019)
Nieuwe tekst (Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk 2021)
Artikel 2:24 Definities 1. In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van: a. bioscoop- en theatervoorstellingen; b. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet en artikel 5:22;
Artikel 2:7 Definities 1. In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van: a. bioscoop- en theatervoorstellingen; b. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet en artikel 5:5; 27
c. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen; d. het in een inrichting in de zin van de Drank- en Horecawet gelegenheid geven tot dansen; e. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties; f. activiteiten als bedoeld in de artikelen 2:9 en 2:39; g. sportwedstrijden, niet zijnde vechtsportevenementen als bedoeld in het tweede lid, onder f. 2. Onder evenement wordt mede verstaan: a. een herdenkingsplechtigheid of herdenkingstocht; b. een braderie; c. een optocht op de weg, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2:3; d. een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg; e. een straatfeest of buurtbarbeque; f. een door de burgemeester aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of gala’s. 3. Onder herdenkingstocht wordt verstaan: een tocht met het doel het herdenken van een persoon of gebeurtenis. 4. In deze afdeling wordt onder klein evenement verstaan een eendaags evenement waarbij: a. het aantal aanwezigen niet meer bedraagt dan 150 personen; en b. het evenement tussen 08.00 en 23.00 uur plaats vindt; en c. geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 07.00 uur of na 23.00 uur d. geen (of zeer geringe) beperking van het gebruik van de openbare weg wordt veroorzaakt zodat het niet noodzakelijk is om meer dan
c. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen; d. het in een inrichting in de zin van de Drank- en Horecawet gelegenheid geven tot dansen; e. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties; f. activiteiten als bedoeld in de artikelen 2:4 en 2:20; g. sportwedstrijden, niet zijnde vechtsportevenementen als bedoeld in het tweede lid, onder f. 2. Onder evenement wordt mede verstaan: a. een herdenkingsplechtigheid of herdenkingstocht; b. een braderie; c. een optocht op de weg, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2:2; d. een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg; e. een straatfeest of buurtbarbeque; f. een door de burgemeester aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of gala’s. 3. Onder herdenkingstocht wordt verstaan: een tocht met het doel het herdenken van een persoon of gebeurtenis. 4. In deze afdeling wordt onder klein evenement verstaan een eendaags evenement waarbij: a. het aantal aanwezigen niet meer bedraagt dan 150 personen; en b. het evenement tussen 08.00 en 23.00 uur plaats vindt; en c. geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 07.00 uur of na 23.00 uur d. geen (of zeer geringe) beperking van het gebruik van de openbare weg wordt veroorzaakt zodat het niet noodzakelijk is om meer dan
28
één verkeersmaatregel te treffen; en e. slechts kleine objecten worden geplaatst met een oppervlakte van minder dan 10m2 per object; en f. er een organisator is; en g. de organisator ten minste 15 werkdagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester. 5. Onder een groot evenement wordt verstaan: een evenement dat door de burgemeester als zodanig wordt aangemerkt op grond van een meer dan gemiddelde belasting op de woonen leefomgeving en een meer dan gemiddelde inzet van de hulpdiensten. 6. Onder evenemententerrein wordt verstaan: de ruimte die in de evenementenvergunning is aangegeven om de activiteiten te laten plaatsvinden en het publiek in staat te stellen daarnaar te kijken en/of er aan deel te nemen.