CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

RV 26 006 Bijlage A Actualisatie Integraal Huisvestingsplan (IHP) Rijswijk 2026-2041

Raadsvergadering 24 februari 2026, gemeente RijswijkBij agendapunt: Raadvoorstel Herijken Integraal Huisvestingsplan (IHP) 2026-2041 (RV 26 006)14.490 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

ijdelijke

isvesting

van lietlaan S

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

e

kker

23/42

Rijswijks Lyceum/ Van Vredenburch College Het Rijswijks Lyceum en het van Vredenburch College zijn onderdeel van VO Haaglanden. Het Rijswijks Lyceum is gehuisvest in een gebouw uit 1962. Het Van Vredenburch College is gehuisvest in een gebouw uit 1996. Aangegeven is dat bouwtechnisch en functioneel het jongere gebouw in relatief slechtere staat is. Voor beide gebouwen zijn de komende jaren hoge onderhoudskosten aan de orde om de voorzieningen in stand te kunnen blijven houden. In het IHP 2020 is het gebouw uit 1962 opgenomen voor een vernieuwingsopgave in de periode 2025-2030. Daarnaast speelt op deze locatie dat het schoolbestuur onderzoekt of het mogelijk is om een gewijzigd aanbod in de vernieuwingsopgave te realiseren. De school beschikt over een breed aanbod van basis-kadergerichte leerweeg tot vwo. Vanwege de stijgende kosten en teruglopende leerlingaantallen overweegt het schoolbestuur om met de vernieuwingsopgave een programma te realiseren voor +/- 1.200 leerlingen met alleen een aanbod van mavo, havo en vwo. In de regio Haaglanden is een overschot aan b/k onderwijs, met deze wijziging zou de school kunnen bijdragen aan een op regionaal niveau passend aanbod. Het wijzigen van het onderwijsaanbod vraagt om nadere uitwerking. VO Haaglanden is binnen de gemeente de enige aanbieder van openbaar voortgezet onderwijs.

Bij het afstoten van de b/k zou dat aanbod van een openbaar schoolbestuur binnen de gemeente verdwijnen. Daarnaast dient overlegd te worden met de andere schoolbesturen in de regio. Ook vraagt deze inhoudelijke wijziging in om een marktanalyse om er zeker van te zijn dat een school voor 1.200 leerlingen een passende omvang is. Op dit moment beschikken het Rijswijks Lyceum en het Van Vredenburch college over circa 1.240 leerlingen, de prognoses geven een krimp aan. De huidige

ijs ijks

ce m

an redenb rc

leerlingenprognoses lopen tot 2042, hierin is (nog) geen effect zichtbaar uit de gebiedsontwikkelingen in de Plaspoelpolder voor het VO. De stappen die gezet moeten worden om het aanbod te wijzigen zijn onderdeel van de onderzoeksfase voor de nieuwbouw. Het advies is om het voorgestelde onderzoek verder uit te werken. Het is in het belang van zowel de gemeente als het schoolbestuur om de ontwikkeling uit te voeren in fase 1. Het onderzoek zou kunnen leiden tot een toekomstbestendig perspectief voor zowel de gebouwen als de organisatie. Met het plan kan op het huidige ruime kavel een nieuw schoolgebouw gerealiseerd worden, en kunnen zowel de gebouwen uit 1962 als uit 1996 afgestoten worden. Het streven is om de vernieuwingsopgave zo veel mogelijk zonder tijdelijke huisvesting te doorlopen. Het is nader te onderzoeken in hoeverre dit haalbaar is. Mogelijk kan in de gehele ontwikkeling het kavel ook verdicht worden, waardoor ook een gedeelte vrij zou kunnen komen ten behoeve van andere functies, zoals woningbouw. Aandachtspunten hierin zijn een complexere bouwlogistiek (veiligheid, bouw- en onderwijsprocessen dicht bij elkaar), dat zou kostenverhogend kunnen zijn. Om het plan in fase 1 te realiseren is het nodig dat de planvoorbereiding in 2026 van start gaat.

Bewegingsonderwijs Twee van de gymzalen van het Rijswijks Lyceum en het Van Vredenburch College zijn nog relatief jong en in goede staat. Een derde gymzaal is ouder, daarvoor is op termijn mogelijk een vernieuwingsopgave nodig. Deze is mogelijk in fase 3 aan de orde. De gymzalen zijn nodig om het bewegingsonderwijs te programmeren en blijven behouden.

ollege

m alen 2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

24/42

Nicolaas Beetsschool De Nicolaas Beetsschool is gevestigd in Oud-Rijswijk en gehuisvest in een gemeentelijk monument. Het gebouw komt uit 1931 en is volgens de gemeentelijke administratie voor het laatst gerenoveerd in het begin van de jaren ’70 van de vorige eeuw. De school valt onder het bestuur Stichting Librijn Openbaar Onderwijs. Voor het schoolbestuur heeft het gebouw een hoge prioriteit voor een vernieuwingsopgave vanwege de slechte technische staat van het gebouw en de hoge onderhouds- en energiekosten. In het IHP 2020 is het gebouw opgenomen voor een vernieuwingsopgave voor 2025-2030. Het advies voor IHP 2026 is om het gebouw op korte termijn te vernieuwen, conform het vigerend plan. De leeftijd en technische staat van het gebouw maken een vernieuwingsopgave vanuit de gemeente wenselijk. De prognoses geven een groei aan (vanuit Havenkwartier, de Nicolaas Beetsschool is formeel een nevenvestiging van ‘t Prisma maar het is niet reëel en wenselijk om deze volledige groei in dit gebouw op te vangen. Ruimtelijk zijn er geen kansen voor een uitbreiding. Het uitgangspunt is daarom om het gebouw te vernieuwen als enkelstrooms school voor 225 leerlingen. De tijdelijke huisvesting vormt een aandachtspunt. In Oud-Rijswijk is het aanbod aan geschikte locaties beperkt en is ook de afstand tot de wissellocatie aan de P. van Vlietlaan te groot.

Er zal daarom binnen de wijk zelf een oplossing moeten worden gevonden voor de opvang van leerlingen tijdens de werkzaamheden. Denkrichtingen zijn het benutten van leegstaande onderwijscapaciteit in de wijk of medegebruik van BSO-capaciteit in de wijk. In de planvoorbereiding dient dit verder onderzocht te worden. Uiterlijk in 2026 dient er een passende oplossing te zijn voor de benodigde tijdelijke huisvesting. Hierin dient tevens onderzocht te

worden of er koppelkansen liggen met de vernieuwingsopgaves voor de andere scholen in dit gedeelte van Rijswijk, zoals de Mariaschool. Vanwege het gebouw als gemeentelijk monument en een benodigde oplossing voor tijdelijke huisvesting is het vernieuwen van de school een complex project. Het advies is om te starten met planvoorbereiding in de tweede helft van 2026. Daarmee kan de vernieuwing nog in fase 1 doorlopen worden. Bewegingsonderwijs De gymzaal van de Nicolaas Beetsschool is benodigd voor het bewegingsonderwijs in de wijk. De vernieuwing van de gymzaal is onderdeel van het plan. Ook hiervoor is tijdelijke huisvesting een aandachtspunt. Een gedeelte kan opgevangen worden in de gymzaal van de Kronenburgh, maar deze beschikt niet over voldoende capaciteit voor beide scholen. Mogelijk kan de gymzaal separaat vernieuwd worden in een vakantieperiode, en in gebruik blijven terwijl de renovatie van de school plaatsvindt.

icolaas eetssc ool m aal

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

icolaas eets

25/42

Kronenburgh egenda Ingreep fase

6.2 Projecten fase 2

icolaas eetsschool

een ingreep fase ariaschool

Met de beoogde projecten in fase 2 faciliteren we het volgende:

─

Een verdere uitbreiding van de capaciteit ten behoeve van de leerlinggroei uit

─ ─

Havenkwartier en Kesslerpark;

─

Een tweede tijdelijke wissellocatie voor het doorlopen van vernieuwingsopgaves;

─

Een vernieuwingsopgave voor een gedeelte van het primair onderwijs.

Prins K

Snijders t Prisma odfried omanschool

Een nieuw gebouw en nieuwe plek voor een gedeelte van het voortgezet onderwijs;

Van Vredenburch college Rijswijks

auritsschool

Rehobothschool

ceum

Elsenburgschool De Piramide Stanislas Pro Stanislascollege eweeg vmbo mavo redeschool Steenvoorde

Tijdelijke huisvesting Petrusschool

De elodie De Akker SR

Kentalis de Voorde Het Kristal

ethouder rederodeschool

atuurrijk ontessori Parkrijk

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

K

uitenrijck

Freinet Parkrijk

26/42

Stanislas Beweeg VMBO & Stanislas PrO Het Stanislas Beweeg VMBO en Stanislas PrO zijn gehuisvest in een schoolgebouw uit 1962, in 2015 zijn de scholen in dit gebouw gehuisd. De gemeente heeft toen een (relatief kleine) investering gedaan om het gebouw geschikt te maken voor de scholen. Een grootschalige levensduurverlenging of verduurzaming is (voor zo ver bekend) nooit uitgevoerd. De school valt onder het bestuur Lucas Onderwijs. Voor het schoolbestuur heeft het gebouw een hoge prioriteit voor een vernieuwingsopgave vanwege de matige functionaliteit en hoge kosten voor onderhoud. Het schoolbestuur staat ervoor open om bij nieuwbouw te verplaatsen naar de Plaspoelpolder, met het verplaatsen van de school wordt tijdens de realisatie van een vernieuwingsopgave tevens tijdelijke huisvesting voorkomen. In het IHP 2020 is het gebouw opgenomen voor een vernieuwingsopgave voor 2030-2040. Naast het belang vanuit het schoolbestuur om de school op een andere plek in Rijswijk te bouwen constateren we tevens een kans om op de huidige locatie van het Stanislas extra capaciteit voor het primair onderwijs aan de portefeuille toe te voegen. Dit is nodig om de leerlinggroei uit de gebiedontwikkelingen Havenkwartier en Kesslerpark op te kunnen vangen. Het gebouw aan de P.C.

Boutenslaan ligt aan de rand van de Plaspoelpolder (specifieker aan het deelgebied Kesslerpark) en biedt ruimte om permanent en/of tijdelijk een ontwikkeling voor het primair onderwijs te realiseren nadat een eventuele nieuwbouw voor het Stanislas op een andere locatie gereed is. Hiervoor geldt dat het definitief toekomstperspectief van deze locatie nader te bepalen is, ook andere gemeentelijke belangen dienen hierin afgewogen te worden.

Stanislas e eeg

Andere ruimte rond de Plaspoelpolder ten behoeve van onderwijs is niet beschikbaar. De Plaspoelpolder zelf leent zich niet voor het realiseren van primair onderwijs. Het middengebied is uitgesloten, en in het Havenkwartier is geen ruimte. Als het kavel van het Stanislas College in de toekomst niet ingezet kan worden voor primair onderwijs verwachten we een groot tekort in onderwijscapaciteit dat elders in de portefeuille niet opgevangen kan worden. Het verplaatsen van een voortgezet onderwijs school is vanwege de omvang een complex proces. Het is wenselijk om de nieuwbouw zo spoedig mogelijk te realiseren vanwege de bovenstaande belangen. Gemiddeld is de doorlooptijd van een dergelijk proces circa 5 tot 7 jaar. Hierin zijn voor het Stanislas College de volgende stappen te doorlopen: ▪

In 2026 een locatie vastgesteld te worden ten behoeve van de nieuwbouw voor het Stanislas College. De mogelijke opties dienen binnen de gemeente verkend te worden, een scenariostudie moet uitwijzen wat het toekomstperspectief wordt. Indien er geen andere locaties geschikt zijn,

Stanislas r m alen Stanislas

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

27/42

▪

▪

vraagt dat om sloop/nieuwbouw voor het Stanislas College op de huidige locatie. Dat vraagt om significante eenmalige kosten voor tijdelijke huisvesting die niet in het IHP zijn opgenomen. Nadat is besloten waar nieuwbouw gerealiseerd kan worden voor het Stanislas college dient onderzocht te worden wat het toekomstperspectief wordt voor het huidige kavel. Vanuit het IHP duiden we het belang om de locatie te behouden voor onderwijscapaciteit, hierin spelen echter bredere gemeentelijke belangen om tot een definitief besluit te kunnen komen. Nadat een locatie bekend is voor de nieuwbouw van het Stanislas college kan met de planvoorbereiding gestart worden. Naar verwachting kan de realisatie plaatsvinden in 2030-2031.

Onderdeel van de genoemde onderzoeken is tevens een afspraak met het schoolbestuur over de beoogde staat van oplevering en de financiële gevolgen daarvan. Bewegingsonderwijs Het Stanislas College heeft ook bij de herhuisvesting capaciteit nodig voor bewegingsonderwijs. Er dient minstens capaciteit gerealiseerd te worden voor 2 zaaldelen. Voor de capaciteit die daarbovenop nodig is kan uitgeweken worden naar capaciteit in de omgeving.

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

28/42

Petrusschool De Petrusschool is gehuisvest in een gebouw uit 1971 en is (voor zover bekend) nooit eerder vernieuwd vanuit een gemeentelijke ingreep. De school valt onder het bestuur Laurentius. Voor het schoolbestuur is een vernieuwingsopgave op termijn wenselijk vanwege de technische staat van het gebouw en hoge onderhoudslasten. In het IHP 2020 is het gebouw opgenomen voor een vernieuwingsopgave voor 2025-2030. Vanwege de beschikbaarheid van tijdelijke huisvesting aan de P. van Vlietlaan kan de vernieuwingsopgave van de Petrusschool begin fase 2 doorlopen worden (realisatie in 2030-2031). Planvoorbereiding kan starten in 2028. Bewegingsonderwijs De Petrusschool beschikt op dit moment over een gymzaal. Het is nader te bepalen of dat het wenselijk is om bij de vernieuwingsopgave ook de gymzaal in stand te houden. Binnen de verwijsafstand beschikt de vernieuwde Steenvoordeschool over een sportzaal met 2 zaaldelen waarvan gebruik gemaakt kan worden.

ijdelijke

isvesting

van lietlaan etr ssc ool

m aal etr ssc ool

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

29/42

Freinet Parkrijk De Freinetschool Parkrijk is momenteel gevestigd in een tijdelijk schoolgebouw in Rijswijk Buiten. De school is formeel een dislocatie van de Wethouder Brederodeschool en is opgericht toen bleek dat de capaciteit in onderwijshuisvesting achter bleef bij de woningbouwontwikkeling. Het tijdelijke gebouw beschikt over een vergunning tot circa 2030. Gezien de aanhoudende groei en het ontbreken van een beschikbare nieuwe locatie op korte termijn wordt gestreefd naar verlenging van deze vergunning tot 2035. Hiermee zou de school in de komende jaren in haar huisvestingsbehoefte kunnen blijven voorzien. Dit dient in 2026 onderzocht en vastgesteld te worden. Indien het verlengen van de vergunning niet mogelijk is, dienen (tijdelijke) alternatieven onderzocht te worden.

Bewegingsonderwijs In de planvoorbereiding voor Freinet dient onderzocht te worden in hoeverre het nodig is om gymcapaciteit in het gebied toe te voegen, of dat er in het gebied voldoende capaciteit aanwezig is om de vraag op te kunnen vangen. Dit is afhankelijk van de daadwerkelijke leerlingontwikkeling vanuit het Havenkwartier en Kesslerpark.

Op langere termijn wordt met het huidige aanbod in Rijswijk Buiten een overcapaciteit aan onderwijshuisvesting verwacht. Gezien de tijdelijke aard van het huidige gebouw is het een optie om de Freinetschool binnen Rijswijk te verplaatsen. Het schoolbestuur staat open voor het verplaatsen van de school, mits de school binnen de verwijsafstand blijft van de Wethouder Brederodeschool. Het voorkeursscenario is om de Freinetschool op termijn te verplaatsen naar de huidige locatie van het Stanislas. Daarmee wordt zowel invulling gegeven aan het herhuisvestingsvraagstuk van de Freinetschool én de extra vraag naar onderwijscapaciteit vanuit de gebiedsontwikkelingen Havenkwartier en Kesslerpark. De definitieve locatie dient afgewogen te worden met ook andere gemeentelijke belangen die spelen op dit kavel. Indien het huidige kavel van het Stanislas College geen optie is, dient een andere locatie gezocht te worden. In het IHP voorzien we permanente nieuwbouw voor de Freinetschool als enkelstrooms school.

reinet arkrijk

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

30/42

Mariaschool De Mariaschool is gehuisvest in een gebouw uit 1915 en is (voor zover bekend) nooit eerder vernieuwd vanuit een gemeentelijke ingreep. De school valt onder het bestuur Laurentius. Voor het schoolbestuur is een vernieuwingsopgave op termijn wenselijk vanwege de technische staat van het gebouw en hoge onderhoudslasten. In het IHP 2020 is het gebouw opgenomen voor een vernieuwingsopgave voor 2025-2030. De vernieuwingsopgave van de Mariaschool kan doorlopen worden op het moment dat er een tweede tijdelijke wissellocatie in de gemeente beschikbaar is. Mogelijk kan deze gerealiseerd worden op de huidige locatie van het Stanislas College, naar verwachting omstreeks 2032. Mogelijk zijn er t.b.v. de tijdelijke huisvesting ook koppelkansen met de andere scholen in dit gedeelte van Rijswijk, zoals de Nicolaas Beetsschool. Daarmee kan de vernieuwingsopgave van de Mariaschool eind fase 2 doorlopen worden (realisatie in 2033). Planvoorbereiding kan starten in 2031. De Mariaschool heeft op dit moment normatieve leegstand en beschikt daarmee over ruimte om groei op korte termijn uit het Havenkwartier op te vangen. Bewegingsonderwijs De Mariaschool beschikt over een eigen gymzaal. Het is onwenselijk om deze af te stoten, er ontbreekt een gymvoorziening op <1 kilometer afstand. De gymzaal wordt daarom tegelijkertijd met de Mariaschool vernieuwd.

ariasc ool m aal

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

ariasc ool

31/42

Kronenburgh egenda Ingreep fase

6.3 Projecten fase 3

icolaas eetsschool

een ingreep fase

Met de beoogde projecten in fase 3 faciliteren we het volgende:

▪ ▪

ariaschool Prins

Toekomstbestendige huisvesting voor het so en sbo in de gemeente; Een vernieuwingsopgave voor de laatste verouderde PO-scholen van de gemeente.

K

Snijders t Prisma odfried omanschool

Van Vredenburch college Rijswijks

auritsschool

Rehobothschool

ceum

Elsenburgschool De Piramide Stanislas Pro Stanislascollege eweeg vmbo mavo redeschool Steenvoorde

Tijdelijke huisvesting Petrusschool

De elodie De Akker SR

Kentalis de Voorde Het Kristal

ethouder rederodeschool

atuurrijk ontessori Parkrijk

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

K

uitenrijck

Freinet Parkrijk

32/42

Overzicht fase 3 De volgordelijkheid en planning voor de scholen in fase 3 is nader te bepalen in een volgende herijking van het IHP. In fase 3 voorzien we in ieder geval een vernieuwingsopgave voor de volgende scholen: ▪

De Elsenburgschool is gehuisvest in een gebouw uit 1962. Het gebouw vraagt gezien de technische staat en de leeftijd om een vernieuwingsingreep. Het IHP 2020 ging uit van een vernieuwingsopgave in de periode 2025-2030. Het is echter onwenselijk voor de gemeente om het gebouw als opzichzelfstaande voorziening te vernieuwen. Het is relatief klein (te klein voor een volwaardige enkelstrooms school) en beschikt niet over de voorzieningen die wenselijk zijn voor een sbo-school, zoals een speellokaal en een gymzaal. Idealiter wordt een nieuwe voorziening daarom geclusterd met een andere school. In fase 3 zijn daarvoor de meeste mogelijkheden. Een mogelijke denkrichting voor de lange termijn is het clusteren van de

Elsenburgschool met de Rehobothschool als één sbo-cluster. Omdat de school hiermee fors langer in stand blijft dan waar tot op heden vanuit is gegaan, formuleren we de volgende ingrepen op korte termijn: ─ Er wordt een semipermanent speellokaal gerealiseerd bij de school om de functionaliteit van het gebouw te verhogen. Tevens dient het speellokaal te beschikken over de voorzieningen die nodig zijn om het in te zetten voor een gedeelte van het bewegingsonderwijs (bijvoorbeeld voor de jongere kinderen) om het tekort in de gymzaal bij De Piramide op te lossen. ─ In fase 1 wordt een verkenning gedaan naar het meest wenselijke toekomstperspectief voor de lange termijn voor de school, inclusief mogelijke clustering. Dit moet een concreter tijdspad bieden voor de vernieuwingsopgave van de school.

lsenb rgsc ool e obot sc ool m aal e obot sc ool entalis de oorde ronenb rg

t risma et o der rederodesc ool

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

33/42

▪

▪

▪

▪

▪

De Rehobothschool is gehuisvest in een gebouw uit 1957. In het IHP 2020 was een vernieuwingsopgave opgenomen voor 2030-2040. Het schoolbestuur is tevreden met het gebouw en heeft daarom zelf geïnvesteerd in verduurzamingsingrepen. Vooralsnog is een vernieuwingsopgave daarmee pas in fase 3 aan de orde. De gymzaal in het gebouw is wenselijk om te behouden voor het sbo en kan in de vernieuwingsopgave meegenomen worden. Als het mogelijk is om een tweede wissellocatie te realiseren aan de P.C. Boutenslaan kan die voor de vernieuwingsopgave van deze school ingezet worden. Kentalis de Voorde is gehuisvest in een gebouw uit 1968. In het IHP 2020 was een vernieuwingsopgave opgenomen voor 2030-2040. Het is een school voor speciaal onderwijs, gericht op kinderen met een taalontwikkelstoornis. Het gebouw voldoet nog voor het onderwijs, er is geen directe aanleiding om het gebouw te vernieuwen. Vooralsnog is een vernieuwingsopgave daarmee pas in fase 3 aan de orde. Als het mogelijk is om de wissellocatie aan de P. van Vlietlaan te behouden kan dat dienen als tijdelijke huisvesting voor deze school. Kronenburgh is een school voor primair onderwijs en is gehuisvest in een gebouw uit 1929. De gemeente heeft voor het laatst geïnvesteerd in het gebouw in de periode 2016-2022 ten behoeve van het inhuizen van de school. Op termijn is een integrale vernieuwingsopgave benodigd.

Vooralsnog voldoet het gebouw en voorzien we een vernieuwing in fase 3. Tijdelijke huisvesting is voor deze school een aandachtspunt. ’t risma is gehuisvest in een gebouw dat in 2023 is gerevitaliseerd, waarin een levensduurverlenging van 10 jaar is gerealiseerd. Het gebouw blijft ook op lange termijn nodig om voldoende onderwijscapaciteit te behouden. De school is een 1,5-strooms school, deze afspraak is met de gemeente en de andere schoolbesturen gemaakt. Begin fase 3 zal een vernieuwingsopgave opnieuw nodig zijn, mogelijk kan planvoorbereiding al starten eind fase 2. Als het mogelijk is om een tweede wissellocatie te realiseren aan de P.C. Boutenslaan kan die voor de vernieuwingsopgave van deze school ingezet worden. De Wethouder Brederodeschool is gehuisvest in een gebouw uit 1986 en daarmee bijna 40 jaar oud. In het IHP 2020 was een vernieuwingsopgave opgenomen voor 2030-2040. Dit perspectief blijft gehandhaafd in het IHP. Als het mogelijk is om de wissellocatie aan de P. van Vlietlaan te behouden kan dat dienen als tijdelijke huisvesting voor deze school.

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

34/42

6.4 Instandhouding Op een aantal scholen binnen Rijswijk is geen aanleiding voor een huisvestingsingreep. Dit betreft: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

capaciteit aanwezig is voor circa 1.000 kinderen. Het advies is om op andere plekken in Rijswijk binnen de verwijsafstand (zoals bij de Melodie en mogelijk de huidige locatie Stanislas) deze capaciteit toe te voegen.

Montessori Parkrijk en gymzaal; Kindcentrum Buitenrijck en gymzaal; Prins Mauritsschool; Godfried Bomansschool; KC Snijders.

Voor de odfried omansschool, K Snijders en ’t Prisma geldt dat de prognoses een forse groei aangeven als gevolg van de gebiedsontwikkeling Havenkwartier die niet gehuisvest kan worden binnen de huidige capaciteit. Het is een bewuste keuze om geen extra capaciteit toe te voegen in deze scholendriehoek, waar al

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

35/42

7. Financiën In de vorige hoofdstukken zijn de ingrepen beschreven voor het onderwijs en bewegingsonderwijs om de geconstateerde knelpunten op te kunnen lossen. Onderdeel van het IHP is ook een financiële doorrekening van het plan. Dit is uitgewerkt in de vertrouwelijke bijlage 6. Bij het bepalen van de financiële consequenties van de projecten wordt er rekening gehouden met het basisscenario. Dit bestaat uit de volgende onderdelen: ▪

▪ ▪

Aangepaste normbedragen gebaseerd op de financiële paragraaf van het Kwaliteitskader. In de financiële paragraaf van het Kwaliteitskader wordt een levensduur- en een basisscenario benoemd, we hanteren daarin het basisscenario. Het investeringsbedrag in het Kwaliteitskader is een landelijk gemiddelde. In de praktijk constateren we dat de investeringskosten in de randstad hoger liggen dan in het Kwaliteitskader opgenomen, met name veroorzaakt door complexere binnenstedelijke bouwprocessen en een hogere vraag. Daarom hanteren we daarvoor een toeslag en indexeren we de bedragen naar januari 2026. Inclusief onderwijs (50 m2 bvo per project). Een standaard stelpost van 10% voor kosten die buiten de normvergoeding vallen. Dit wordt per fase gereserveerd en is geen standaard onderdeel van het bouwbudget.

Naast het basisscenario bevat het IHP een beschrijving van extra ambities die bijdragen aan een kwalitatief hoogwaardige, toekomstbestendige en duurzame onderwijshuisvesting. Deze ambities zijn gericht op het realiseren van een onderwijshuisvesting die niet alleen functioneel is, maar ook maatschappelijke waarden zoals duurzaamheid en leefomgeving ondersteunt. De aanvullende ambities die ter besluitvorming voorliggen zijn: ▪ ▪ ▪

Budget voor natuur inclusief bouwen; Budget voor circulair bouwen; Budget om de omvang van plannen af te ronden op een logische schoolgrootte.

De gemeenteraad besluit over het toekennen van budgetten voor deze maatregelen in het IHP. Het opnemen van deze ambities vraagt uiteraard om 2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

een extra initiële investering, maar biedt tegelijkertijd voordelen op het gebied van duurzaamheid, onderwijskwaliteit en maatschappelijke waarde creatie.

7.1 Uitgangspunten Bij het bepalen van de investeringen zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: ▪ De voorgestelde huisvestingsingrepen en het beoogde kwaliteitskader voor het onderwijs vormen de basis voor de berekeningen; ▪ Alle bedragen zijn inclusief btw en prijspeil januari 2026; ▪ Bedragen zijn afgrond op tienduizendtallen; ▪ Er is een algemene post van 10,0% van het investeringsbedrag opgenomen voor bijkomende kosten. Dit betreft onvoorziene kosten, die buiten de norm vallen en/of op basis van werkelijke kosten door de gemeente worden vergoed; ▪ De investeringskosten voor het realiseren van ruimte voor derden (bijvoorbeeld ten behoeve van kinderopvang) maken onderdeel uit van de financiële vertaling. Daarbij is voor het bepalen van de benodigde capaciteit uitgegaan van 22% van de onderwijscapaciteit, tenzij anders afgesproken. Deze capaciteit is een indicatie ten behoeve van de investeringskosten en dienen in de initiatieffase aangescherpt en vastgesteld te worden. Er kunnen geen rechten aan worden ontleend; ▪ Voor het toepassen van circulair/ bio-based bouwen wordt gerekend met een taakstelling van € 00,- per m² bvo. Binnen het project wordt onderzocht welke circulaire/bio-based maatregelen van dit budget het beste gerealiseerd kunnen worden. ▪ Voor het toepassen van natuurinclusief bouwen wordt gerekend met een taakstelling van € 50,- per m2 bvo.

Binnen het project wordt onderzocht welke natuurinclusieve maatregelen van dit budget het beste gerealiseerd kunnen worden. ▪ In het berekenen van de jaarlasten wordt uitgegaan van een afschrijftermijn van 60 jaar bij nieuwbouw. In het scenario waarin ook gerekend wordt met de investeringen t.b.v. circulair bouwen wordt gerekend met een financiële restwaarde van 10%. De onderstaande kosten zijn niet meegenomen in het standaard investeringsbudget en maken geen deel uit van de normvergoeding. De stelpost

36/42

van 10% van de investeringskosten is bedoeld om hierin zo veel mogelijk te voorzien. ▪

▪

Kwaliteit of projectgebonden kosten, zoals: ─ Contextuele factoren of locatiegebonden kosten (bijvoorbeeld bijzondere eisen vanuit welstand of stedenbouw); ─ Kosten voor tijdelijke huisvesting; ─ Verhuiskosten; ─ Mogelijke kosten voor eerste inrichting onderwijsleerpakket en meubilair. Grondgebonden kosten, zoals: ─ Kosten voor aankoop van grond en eventuele aanpassingen aan de infrastructuur/openbare ruimte; ─ Sloopkosten; ─ Kosten voor grondsanering. ─ Kosten en baten bij het eventueel afstoten van locaties en gebouwen.

Op projectniveau wordt in de businesscase onderzocht welke van deze kosten noodzakelijk zijn om het project te realiseren, en welke kosten daarvan geactiveerd kunnen worden.

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

37/42

8. Slotsom, risico’s en aanbevelingen 8.1 Slotsom Het voorliggende IHP is met een nauwgezet proces en in constructief overleg met de gemeente, de schoolbesturen en de kinderopvang tot stand gekomen. De visie op onderwijshuisvesting, die gezamenlijk is opgesteld, geeft een helder perspectief voor de huisvesting van het onderwijs in de gemeente Rijswijk. Deze visie bevat tevens concrete afspraken over de uitvoering van de projecten in het IHP.

staat van bestaande gebouwen tegenvalt of wanner nieuwe regelgeving aanvullende eisen stelt aan gebouwen. Daarnaast kunnen ook organisatorische risico’s ontstaan door onvoldoende afstemming tussen betrokken partijen, wat kan leiden tot vertraging of onduidelijkheden in besluitvorming. Externe factoren spelen ook een rol: veranderende leerlingenprognoses, schaarste aan materialen of personeel en langere vergunningsprocedures kunnen de uitvoering beïnvloeden. Voor IHP Rijswijk constateren we een aantal risico’s waar rekening mee dient te worden gehouden, weergegeven in de onderstaande tabel. Risico Onvoldoende

Het IHP geeft een concreet beeld van de projecten voor de komende 4 jaar. Voor deze projecten is de planning bepaald en zijn de benodigde investeringen in beeld gebracht. Met het uitvoeren van deze projecten worden de meest urgente knelpunten in de onderwijshuisvesting opgelost. Dit IHP geeft daarmee een kwaliteitsimpuls aan de deels verouderde portefeuille aan onderwijsgebouwen. Schoolbesturen en gemeente werken, na vaststelling van dit IHP, als partners samen aan deze gezamenlijke opgave. Daarnaast geeft dit IHP ook een doorkijk naar de projecten voor de periode 4 16 jaar. Dit IHP kan dan ook gezien worden als strategisch koersdocument voor de lange termijn. In deze periode zullen grootschalige woningbouwontwikkelingen van invloed gaan zijn op de vraag naar onderwijshuisvesting. Met de uitvoering van de lange termijn projecten wordt er ingespeeld op grootschalige ontwikkelingen in de gemeente.

tijdelijke huisvesting

Toekenning subsidies

8.2 Risico’s Bij het opstellen van een IHP is het van belang om tijdig zicht te hebben op risico’s die de haalbaarheid, planning en kosten van projecten kan beïnvloeden. Hierbij kan gedacht worden aan financiële onzekerheden zoals stijgende bouwen onderhoudskosten of wijzigingen in beschikbare budgetten. Ook technische en ruimtelijke aspecten kunnen knelpunten vormen, bijvoorbeeld wanneer de

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

Verlengde vergunningstrajecten

Omschrijving Vanuit het belang van onderwijshuisvesting zijn een aantal kansen voor tijdelijke huisvesting benoemd. Als het behouden of realiseren daarvan vanwege andere zwaarwegende belangen binnen de gemeente niet haalbaar is, zijn zeer hoge kosten noodzakelijk om per project de tijdelijke lokalen te realiseren. Voor het realiseren van de renovatie van Het Kristal is het van belang dat er een DUMAVA-subsidie wordt aangevraagd. De DUMAVA-subsidie is veiligheidshalve geen onderdeel van de financiële doorrekening in het IHP. Het toekennen van de DUMAVA subsidie leidt tot een financieel voordeel voor de gemeente. Als de DUMAVA niet wordt toegekend is de investering te maken conform de financiële doorrekening. Sinds 2025 is het beschikbare budget van de DUMAVA ruim, en worden subsidieaanvragen bij goede voorbereiding niet of nauwelijks afgewezen. Voor bepaalde locaties en maatregelen is het van belang dat er vergunningen worden aangevraagd of verlengd. Als

Maatregel Vroegtijdig onderzoek naar de mogelijkheid om wissellocaties te behouden of te realiseren.

Volledige en tijdige aanvraag van de DUMAVAgelden in de projecten waar dat van toepassing is.

Vergunningsaanvragen tijdig starten voor

38/42

vergunningen niet verlengd worden dient daar tijdig op geanticipeerd te worden.

Leerlinggroei als gevolg van gebiedsontwikkelingen Kesslerpark en Havenkwartier

Herhuisvesting Stanislas

Netcongestie

Vanuit de gebiedsontwikkelingen Kesslerpark en Havenkwartier wordt in totaal een groei van circa 1.200 leerlingen verwacht. Met het huidige IHP voorzien we in fase 1 een uitbreiding voor 250 leerlingen, en in fase 2 ook een uitbreiding voor circa 200-250 leerlingen. Een risico is dat de leerlingontwikkeling niet gaat verlopen zoals de prognoses aangeven. Het voorgestelde herhuisvesten van Stanislas PrO en Stanislas Beweeg VMBO naar een andere plek is Rijswijk is een complex proces. Een risico is dat geen alternatieve locatie gevonden kan worden, met als gevolg dat de huidige locatie van het Stanislas niet ingezet kan worden voor de geadviseerde ontwikkelingen ten behoeve van het primair onderwijs.

Netcongestie kan ertoe leiden dat nieuwe of verzwaarde elektrische aansluitingen niet tijdig beschikbaar zijn. Hierdoor kunnen duurzame installaties niet worden gerealiseerd en loopt de planning vertraging op. Dit kan extra kosten met zich meebrengen. De

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

projecten en locaties waarin voorzien wordt dat deze langer nodig zijn dan de huidige vergunning. Ingrijpen is nodig als deze niet verlengd worden. Blijf jaarlijks de ontwikkelingen monitoren zodat er tijdig kan worden ingespeeld op de capaciteit die nodig is voor onderwijshuisvesting. Vroegtijdig uitvoeren van scenarioonderzoek naar mogelijke locaties. Indien nodig een alternatief plan ontwikkelen om leerlinggroei PO op te vangen en het Stanislas te vernieuwen. Vroegtijdig met de netbeheerder afstemmen en tijdig de benodigde

Personele capaciteit

vervangingsopgave en de duurzaamheidsdoelen komen daarmee onder druk te staan. Bij zowel gemeente als schoolbestuur kan er sprake zijn van een bottleneck in personele inzet om de projecten uit te voeren. Hierdoor is er een mogelijkheid dat de planning van het IHP kan vertragen.

netaansluiting aanvragen. Heldere procesafspraken maken, indien nodig (tijdelijk) opschalen.

8.3 Aanbevelingen Onze aanbevelingen zijn onderverdeeld in twee categorieën: (1) aanbevelingen voor het proces en (2) aanbevelingen voor de realisatie van projecten in het IHP. Proces -

-

-

-

-

Voer om de vier jaar een actualisatie uit van het IHP. Maak daarbij duidelijke procesafspraken. Monitor jaarlijks de woningbouwontwikkeling en de effecten op de leerlingenontwikkeling. Door een grote groei op korte termijn kan het nodig zijn om tussentijds maatregelen te nemen of bij te sturen. Houd ieder jaar een constructief overleg tussen gemeente, schoolbesturen en kinderopvang over de ontwikkelingen binnen gemeente Rijswijk. Op basis van de werkelijke leerlingentellingen kunnen de gevolgen op de onderwijscapaciteit en een mogelijk ruimtetekort tijdig ondervangen worden. Blijf gezamenlijk werken aan de nadere uitwerking van de duurzaamheidsambities voor de kindvoorzieningen in het IHP waarbij de landelijke ontwikkelingen nauwgezet gevolgd worden. Houd de ontwikkelingen rondom de stelselwijziging kinderopvang en de daaruit voortkomende vraag nauwgezet in de gaten. Ga indien nodig met elkaar in gesprek en actualiseer het IHP op de huisvesting voor kinderopvang eerder als dat nodig blijkt. Bedragen in het IHP zijn prijspeil januari 2026. Om te zorgen dat de budgetten voor de projecten marktconform en realistisch blijven adviseren om deze te jaarlijks indexeren en de begroting hierop aan te passen.

39/42

Realisatie projecten in het IHP Het geactualiseerde IHP van Rijswijk is een concreet en toekomstbestendig plan om de vernieuwingsopgave van de onderwijshuisvesting in de komende jaren effectief te doorlopen. De plannen zijn ambitieus in omvang en efficiëntie, een risico is dat bij tegenslagen vertragingen zich opstapelen. Het is van belang om de regie van de vernieuwingsopgaves zo veel mogelijk bij de bouwheer (de schoolbesturen) neer te leggen, dat vraagt om goede voorbereiding en opdrachtgeverschap bij de gemeente. Na vaststelling van het IHP moeten de ambities en de geformuleerde globale plannen in meer detail uitgewerkt worden. Tot op heden is er binnen de gemeente Rijswijk geen vastgelegd proces met stappen die bij

vernieuwingsopgaves te doorlopen zijn om tot realisatie te komen. Globaal gezien zijn bij vernieuwingsprojecten de onderstaande stappen te doorlopen. We adviseren om binnen de gemeente Rijswijk een meer gestandaardiseerde werkwijze te organiseren, met in het bijzonder aandacht voor de stappen in de initiatief- en definitiefase: 1. 2.

Vaststellen IHP Bij start project een startnotitie door de gemeente, waarin de kaders en onderzoeksvragen t.b.v. het haalbaarheidsonderzoek uiteen worden gezet. Eventueel wordt het opstellen van een startnotitie uitbesteed aan een externe partij. De regie voor het opstellen ligt bij de gemeente, maar gebeurt in samenspraak met het betrokken schoolbestuur. De gemeente en

Haalbaarheidsonderzoek

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

40/42

3.

het schoolbestuur ondertekenen gezamenlijk de startnotitie als startschot voor de ontwikkeling. Op basis van de getekende startnotitie wordt het voorbereidingskrediet aangevraagd. In de startnotitie wordt het volgende vastgesteld: ─ Beoogde omvang, gebaseerd op leerlingaantallen (prognose), achterstandsscore en de ambities die zijn geformuleerd in het IHP; ─ Uitwerking van een functioneel, ruimtelijk en technisch PvE; ─ De mogelijke bijdrage vanuit het schoolbestuur; ─ Mogelijke capaciteit voor kinderopvang; ─ Mogelijke capaciteit voor bewegingsonderwijs; ─ Te onderzoeken scenario’s (nieuwbouw vernieuwbouw ; ─ Mogelijke uitwerking van aanvullende gemeentelijke ambities (op stedenbouwkundige randvoorwaarden, duurzaamheid, binnenklimaat, inpassing van andere voorzieningen); ─ Financiële kaders. Een haalbaarheidsonderzoek uitgevoerd door de bouwheer, waarin de kaders en de onderzoeksvragen zoals geformuleerd in de startnotitie uitgewerkt worden. Het uitvoeren van het haalbaarheidsonderzoek is onderdeel van het voorbereidingskrediet. Het haalbaarheidsonderzoek wordt vastgesteld door de gemeente, en de gemeente gaat bij positief besluit (eventueel door de gemeenteraad) over tot het uitkeren van het restant van het voorbereidingskrediet.

Op basis van de door de gemeente vastgestelde haalbaarheidsonderzoek wordt het bouwproject gestart door de bouwheer. In de basis is het schoolbestuur bouwheer, en wordt de rol van de gemeente na het doorlopen van de bovenstaande stappen kleiner. Na toekennen van het voorbereidingskrediet worden de volgende stappen doorlopen: 1. 2. 3. 4. 5.

Ontwerpfase (met voorlopig ontwerp, definitief ontwerp); Op basis van het uitvoeringsgereed ontwerp wordt een uitvoerende partij (aannemer) aanbesteed en gecontracteerd; Alvorens met de bouwwerkzaamheden te starten heeft de aannemer tijd nodig om de uitvoering voor te bereiden (bestek fase); Na de realisatie van het project levert de aannemer het werk op aan de opdrachtgever en vindt controle van het resultaat plaats; De organisatie kan naar de vernieuwde huisvesting verhuizen en er zal aandacht zijn voor vragen of eventuele gebreken (nazorg).

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl

41/42

-

Colofon Datum: Auteur(s): Gereviewd door:

16 januari 2026 Bram Treffers en Christel Breedijk Maarten Groenen info@icsadviseurs.nl 088 - 235 04 27

2250076/2060108 | www.icsadviseurs.nl www.icsadviseurs.nlOnderdeel van ICS Ruimteregie Groep BV

42/42

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=2872a98b-7e20-4d54-8721-1fbe7f11b54f