RIB 23 012c Nota van inspraak en vooroverleg
Tekst van het document
Bebouwing Halteplaats De precieze locatie is nog niet bekend. De halte voor de Citysprinter zal te zijner tijd op een passende wijze moeten worden ontsloten. . Waar mogelijk wordt geanticipeerd op het toekomstige station. Er zullen waarschijnlijk kleinschalige voorzieningen zoals een fietsenstalling worden ingepast.. Er is géén grootschalig station voorzien met een groot verzorgingsgebied en winkels. Het bestemmingsplan (en stedenbouwkundig plan) houdt rekening met mogelijke inpassing van een dergelijke station in de toekomst. Vooralsnog is dit niet aan de orde en is er geen sprake van aantasting van groen. . Deze procedure valt buiten de scope van dit bestemmingsplan voor Pasgeld West. De hoofdstructuur Pasgeld is uitgebreid beschreven in de toelichting van het bestemmingsplan. School Het is nog niet zeker of er een school wordt gerealiseerd. Het bestemmingsplan voorziet enkel in de mogelijkheid om een dergelijke functie (basisschool en kinderopvang) te realiseren, omdat er een maatschappelijke behoefte aan is. De locatie van de school is nog niet duidelijk, maar er wordt geanticipeerd op de toekomstige (zorgvuldige) inpassing hiervan. Dit zal te zijner tijd in overleg met een schoolbestuur worden uitgewerkt en ingepast in het stedenbouwkundig ontwerp. Indien een school wordt gerealiseerd dient te worden getoetst aan diverse milieukundige aspecten.
Zo wordt ten aanzien van parkeren op grond van CROW kengetallen gekeken naar de benodigde parkeerplaatsen voor bezoek en personeel. Ook in de verkeersstructuur zal
m. Klopt het dat de in de in eerste instantie in de bedrijvenstrook gereserveerde groencompensatie alsnog wordt benut voor bedrijven? Zo ja, waar vindt deze compensatie dan nu plaats?
moeten worden gekeken hoe dit op een verkeersveilige en doelmatige manier kan worden afgewikkeld. Bij de positionering van de school dient ook rekening te worden gehouden met de aanwezigheid van diverse belemmeringszones (veiligheidszones) in de omgeving. Verder gelden richtafstanden naar omliggende functies, en zal worden gezorgd dat er sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Dit wordt geborgd in de regels van het bestemmingsplan. In het stedenbouwkundig plan wordt op dit moment rekening gehouden met de eventuele inpassing van een school. Het maximale woningaantal wijzigt niet. Bedrijven Ten zuiden van de Laan van ’t Haantje ligt momenteel al een uit te werken bedrijfsbestemming. Met dit bestemmingsplan voor Pasgeld West worden deze gronden voorzien van een directe bouwtitel. Het is niet wenselijk en mogelijk om deze bedrijfsgronden te amoveren en bestemmen voor woningbouw. De planologische veiligheidscontouren van DSM zijn niet meer aanwezig. Groencompensatie Groencompensatie die was voorzien in het bedrijventerrein wordt inderdaad benut ten behoeve bedrijven.
De compensatie vindt niet elders plaats aangezien de door de provincie Zuid Holland opgelegde compensatieplicht in overleg met de provincie deels is komen te vervallen doordat Tuinvereniging De Schoffel, die onderdeel was van de regionale/provinciale groenstructuur, grotendeels wordt ingepast en niet in zijn geheel geamoveerd, zoals aanvankelijk was besloten.
13.
14.
Maatschappelijke kosten en baten analyse (MKBA) a. Hoe wordt maatschappelijke schade gecompenseerd? b. Kunt u per MKBA-schadepost aangeven welke maatregelen u neemt om hiervoor te compenseren? c. Welke voorzieningen zijn niet meegenomen in het huidige ontwerpplan? d. Wat zijn de begrote kosten hiervan? e. Wanneer worden deze kosten gemaakt en wie zal deze betalen? f. Heeft u per kostenpost al dekking? Zo nee, hoe komt u daartoe? Leefbaarheid en veiligheid in relatie tot de toename van inwoners en woningen a. Kunt u rust en ruimte blijven garanderen?
Met de MKBA zijn de welvaartseffecten van de verschillende alternatieven voor Pasgeld-West en Pasgeld-Oost inzichtelijk gemaakt. De MKBA is mede op verzoek van de gemeenteraad uitgevoerd ter ondersteuning van de belangenafweging en besluitvorming over de ontwikkelrichting van Pasgeld. De uitkomsten van de MKBA zijn daarmee een wegingsfactor geweest voor de gemeenteraad voor het raadsbesluit van 12 oktober 2021. Er is dus geen sprake van een compensatieplicht o.i.d. op basis van de MKBA.
MKBA
Meer informatie rondom het netto positieve resultaat van deze MKBA staat in het document, dat raadpleegbaar is via de website Samen Rijswijk.
Vorig jaar is door de gemeenteraad besloten dat er 1.000 woningen worden gerealiseerd in Pasgeld West, in combinatie met de aanleg van een groene hoofdstructuur. Dat is het vertrekpunt voor dit plan. De hoofdgroenstructuur is leidend en zorgt voor een robuuste en kwalitatieve groenstructuur die in
Leefbaarheid
b.
15.
16.
Kunt u dit kwantitatief onderbouwen? c. Hoe definieert u rust en ruimte? d. Kunt u met oog op deze toename alsnog groen en biodiversiteit versterken? e. Kunt u de groene bufferfunctie behouden? f. Kunt u kwantitatief aangeven hoe de druk van mens, dier en auto op Pasgeld vanuit Pasgeld West en andere ontwikkellocaties zal toenemen? Hierbij lettend op het groen, de biodiversiteit, sport, recreatie, verkeer, parkeer en hittestress Kabels en leidingen a. Wat wordt het tracé van WarmtelinQ? b. Welke veiligheidscontouren gelden hiervoor? c. Welke invloed heeft WarmtelinQ op het plan en op de veiligheid? d. Zijn er nog andere kabels of leidingen te verwachten? Hoe houdt u hier rekening mee? a.
b.
17.
18.
Kunt u garanderen dat u met de knip blijft voldoen aan de eisen van de hulpdiensten met betrekking tot aanrijdtijden? Blijft de knip in de toekomst gehandhaafd?
Welke maatregelen treft u zodat de rust en veiligheid terugkeren in Pasgeld gezien de toegenomen criminaliteit sinds het openen van de tunnel op de Laan van 't Haantje (gestolen auto's, overlast, inbraken etc)? Sociale cohesie a. Wat is uw visie op sociale cohesie in Pasgeld met betrekking tot deze ontwikkeling? b. Welke maatregelen treft u om deze cohesie positief te beïnvloeden? c. Kunt u garanderen dat de toekomstige Rijswijkse bevolking geen problemen zal ondervinden van de groeistuip, of aantonen hoe u dit financieel en anderszins opvangt? d. Bent u bereid om een leefbaarheidseffectrapportage in kaart te laten brengen? Zo
verhouding is tot de beoogde woningbouwontwikkeling van Pasgeld West.
De gemeente is nog in gesprek over het tracé van WarmtelinQ. Bij de WarmtelinQ zijn geen veiligheidscontouren in het geding. WarmtelinQ heeft dus ook geen gevolgen voor het bestemmingsplan Pasgeld-West. Alle planologisch relevante kabels en leidingen zijn als zodanig bestemd. Hiervoor zijn beschermende regelingen opgenomen in het bestemmingsplan. Bij verlening van een omgevingsvergunning voor de bouw dient onder meer een KLIC melding te zijn gedaan. Het besluit over het wel of niet knippen van de Lange Kleiweg vindt niet plaats op grond van dit bestemmingsplan. Met het plan anticiperen we wel op de wens om hier verandering door te voeren, namelijk een karakter als woonstraat en geen doorgaande verkeersroute met hoge snelheden. Voor een uitgebreide toelichting op de toekomstige inrichting van de Lange Kleiweg wordt verwezen naar de algemene beantwoording onder hoofdstuk 3.2.
Kabels en leidingen
Verkeer
Het reguleren van sociale veiligheid valt buiten de scope van dit bestemmingsplan. De link met de tunnel op de Laan van het Haantje is niet te kwantificeren. We hebben uw signaal wel gehoord. De gebiedsregisseur pakt dit met politie en handhaving op.
Leefbaarheid
Met een toename aan woningen en populatie in het gebied ontstaat er meer sociale veiligheid. In het stedenbouwkundig plan wordt nadrukkelijk rekening gehouden met het faciliteren van ontmoeting, verbinding en sociale contacten, onder meer door het realiseren van een prettige en uitnodigende openbare ruimte.
Leefbaarheid
Door Twynstra Gudde is in samenspraak met de gemeente een Programma Stadsontwikkeling opgesteld in relatie tot de door u genoemde ‘groeistuip’ om de groei van Rijswijk richting te geven. In de MKBA zijn veel effecten meegenomen, waaronder ook het ‘woongenot omgeving’. Leefbaarheid is hier een onderdeel van. Er wordt
10. 1.
nee, kunt u alle plannen thans geen aparte leefbaarheidseffectrapportage delen die de toekomstige opgesteld. leefbaarheid van Pasgeld onderzoeken en begeleiden? Inspraakreactie 10 – Geanonimiseerd Visualisaties a. Kunt u contouren van de beoogde bebouwing opnemen in het VOBP? b. Kunt u visualisaties vanaf ooghoogte vanaf de Lange Kleiweg in Zuidwestelijke richting en Laan van ’t Haantje in Noordwestelijke richting opnemen in het VOBP?
In de toelichting van het bestemmingsplan wordt de laatste stand van zaken rondom het stedenbouwkundig plan nader toegelicht. Verder zijn meerdere visualisaties getoond tijdens de informatiebijeenkomst op 1 september 2022. Deze visualisaties zijn nog in concept, het stedenbouwkundig plan is nog volop in ontwikkeling. De presentatie is terug te kijken via de website van RijswijkBuiten: https://www.rijswijkbuiten.nl/informatieavondvoorontwerpbestemmingsplan-pasgeld-west/
Visualisatie
Ruimtelijke ordening a. Welk type woonmilieu wordt per buurtschap voorzien? b. Wat is uw definitie van een gemêleerd woonmilieu, of de andere woonmilieu’s? En hoe verhoudt dit zich tot de andere deelgebieden van Rijswijk-Buiten? c. Wat is de motivatie voor de verschuiving van een groen stedelijk woonmilieu naar een rustig stedelijk woonmilieu en/of een gemêleerd woonmilieu, en/of groen woonmilieu? d. Wat is de motivatie om onbenutte plancapaciteit door te schuiven vanuit Parkrijk naar Pasgeld-West? e. Wat is de motivatie om de plancapaciteit daar bovenop te overschrijden middels de voorgenomen bestemmingsplanwijziging? f. Wat is de ingeplande woningdichtheid en woningaantallen per buurtschap? g. Passen deze woningdichtheden bij de duurzame leefomgeving en het beoogde woonmilieu? h. Welke buurtschappen worden grondgebonden bouw en welke gestapelde bouw? i. Wat is de verhouding (percentage) tussen grondgebonden bouw en gestapelde bouw per buurtschap? j. Hoe verhoudt de gestapelde bouw zich in de bosplots ten opzichte van de boomkruinen? Kunt u dit visualiseren? k. Kunnen de verschillende beukmaten voor de
Deze opzet en invulling van woonmilieus wordt uitgewerkt in het stedenbouwkundig plan. Dit valt buiten de scope van het bestemmingsplan. In de toelichting van het bestemmingsplan is wel een beknopte weergave beschreven van de beoogde ruimtelijke structuur. Naar ons idee wordt nog steeds een groen stedelijk woonmilieu beoogd, met een gemêleerde samenstelling qua type woningen. De groene hoofstructuur speelt hierin een belangrijke rol.
Woningbouw
Meer informatie over de stand van zaken in het stedenbouwkundig plan, waaronder type woningen is getoond tijdens de informatieavond. Deze presentatie is terug te kijken via de website van RijswijkBuiten: https://www.rijswijkbuiten.nl/informatieavondvoorontwerpbestemmingsplan-pasgeld-west/ Het woningaantal voor Pasgeld West is besloten door de gemeenteraad op 12 oktober 2021, zie hiervoor ook de algemene toelichting onder 3.1. Het doorschuiven van plancapaciteit is alleen relevant voor de onderbouwing van behoefte aan woningen en de regionale planmonitoring. Voor de woningen in Pasgeld West wordt de Ladder voor duurzame verstedelijking doorlopen, waarin de behoefte aan woningen wordt onderbouwd. Voor de laddertoets wordt verwezen naar de toelichting van het bestemmingsplan.
2.
3.
woningtypen cijfermatig geduid worden? Duurzame leefomgeving a. Is de definitie van een duurzame leefomgeving uit de Woonvisie 2015-2025 ook na de actualisatie in 2021 nog van toepassing als vigerend beleid? b. Is een duurzame leefomgeving nog steeds een uitgangspunt in het VOBP? c. Kan er een cijfermatig overzicht in tabelvorm van de verschillende bestemmingen in oppervlakte binnen het plangebied gegeven worden? d. Wat is de verhouding tussen bestaande groenbestemmingen binnen het plangebied en nieuwe groenbestemmingen? e. Kunnen afwijkingen van beleidskaders opgenomen worden in het VOBP? Dat gaat ook om waar lokaal beleid strijdig is met bovenlokaal beleid. f. Welke mitigerende maatregelen zijn voorzien voor wat betreft de geluidscontour van de aanwezige spoorverbinding en voorziene Lightrailvoorziening? Waterhuishouding a. Kunt u in het VOBP aangeven waar en in welke vorm de waterbergingsopgave wordt voldaan in het plangebied aan weerszijden van ’t Haantje? b. Kan er bij de watertoets expliciet duiding gegeven worden aan hoe er voldaan wordt aan het “Stand-still” principe? En op basis van welke uitgangspunten het principe gehanteerd is? c. Hoe wordt er invulling gegeven aan het Regionaal Structuurplan Haaglanden waarin minimaal 15% laagste delen binnen een plangebied wordt vrijgewaard van ontwikkelingen? d.
Welke aanvullende voorzieningen en regelingen ter voorkoming van overmatige verstening van niet-openbare ruimte gaan er van toepassing zijn binnen het plangebied?
Leefbaarheid In het bestemmingsplan worden diverse actuele en relevante beleidskaders beschouwd. Ook wordt aangegeven in hoeverre het plan aansluit op deze kaders. Er wordt verwezen naar de toelichting van het bestemmingsplan. De toelichting van het bestemmingsplan bevat geen tabel met de verschillende bestemmingen en de oppervlakte daarvan. Op www.ruimtelijkeplannen.nl kan met behulp van een zogenaamde 'meet-tool' afstanden en oppervlakte berekend worden. Ten aanzien van de aanwezige spoorverbinding wordt in het plan rekening gehouden met hetgeen in de geldende wet- en regelgeving is bepaald ten aanzien van spoorweglawaai. Verder is er sprake van geluidproductieplafonds waarbinnen toekomstige ontwikkelingen kunnen worden gerealiseerd.
De hoeveelheid watercompensatie (kwantiteit) en de wijze waarop (kwaliteit) dit plaats vindt is in overleg met het Hoogheemraadschap bepaald. Uitgangspunt hierbij is het beleid van het Hoogheemraadschap. Dit houdt onder meer in dat er sprake moet zijn van het stand-still principe en dat er rekening gehouden moet worden met klimaatverandering. De uitkomst is verankerd in de regels van het bestemmingsplan waarbij geborgd is dat er tegenover een toename van verharding altijd een evenredige toename van waterbergingscapaciteit staat die voldoet aan de eisen van het Hoogheemraadschap. Daarnaast wordt een waterhuishoudkundig plan opgesteld dat de nadere detaillering van het watersysteem bevat. Hierin worden zaken die buiten de scope van het bestemmingsplan vallen nader vormgegeven. Dit waterhuishoudkundig plan zal afgestemd zijn op het stedenbouwkundig plan. Het waterhuishoudkundig plan is geen statisch gegeven en is onderhavig aan (eventuele) wijzigingen die gedurende het ontwikkelproces worden. Het waterhuishoudkundig plan moet (steeds) worden goedgekeurd door het Hoogheemraadschap. Het beleid van de gemeente en het Hoogheemraadschap is er op gericht onnodige verstening van niet-openbare ruimte tegen te
Water
gaan. Omdat het momenteel nog niet mogelijk is om hier afdwingbare regels voor op te stellen wordt er bij het bepalen van de toename van de verharding gerekend met een hoge verhardingsgraad van niet-openbare ruimte. 4.
5.
6.
11. 1.
Verkeer a. De inbrenger maakt zich zorgen om de bereikbaarheid van Rijswijk-Buiten, Rijswijk en Den Haag Zuidwest indien er een knip komt. Samengevat worden als argumenten het gebrek aan alternatieven, de hogere druk op de afrit van de A4 bij Rijswijk en dat de A4 pas in 2028 heringericht wordt aangedragen. b. Wilt u overwegen de knip te plaatsen op de Wateringseweg in plaats van de Lange Kleiweg? c. Wilt u een integraal verkeersplan voor de gemeente Rijswijk opstellen inclusief alle nieuwe ontwikkelingen, gezien de laatste uit 2010 stamt? d. Wilt u de principes zoals uiteengezet in de Strategische Mobiliteitsvisie (2019) verder onderzoeken e. De inbrenger geeft aan dat een aantal stakeholders geen concrete plannen hebben m.b.t. de lightrail verbinding in RijswijkBuiten, en geeft aan dat de herinrichting van de Prinses Beatrixlaan een goede optie is om deze verbinding in mee te nemen. Wat is de impact van het niet benutten van planruimte (200 woningen Parkrijk) op de grondexploitatie?
Wordt er met het verkeersonderzoek voldaan aan de toezegging van het college aan de raad voor wat betreft motie D66 te 12 oktober 2021? Inspraakreactie 11 – Geanonimiseerd Missende onderdelen a. Een argumentatie voor de verhoging van 575 naar 1000 woningen ontbreekt, anders dan de puur rekenkundige. De beoordeling of deze ophoging mogelijk is ontbreekt b. Er ontbreken diverse onderzoeksrapporten (PM) c. Toetsing aan gemeentelijk beleid ontbreekt
Verkeer We begrijpen dat een mogelijke knip in de Lange Kleiweg vragen oproept. Het besluit over welke verkeerskundige ingreep op de Lange Kleiweg plaatsvindt en het wel of niet knippen van de Lange Kleiweg gebeurt niet op grond van dit bestemmingsplan. Met het bestemmingsplan anticiperen we wel op de wens om het karakter van de Lange Kleiweg te transformeren naar een woonstraat en geen doorgaande verkeersroute met hoge snelheden. Een besluit over welke verkeerskundige ingreep op de Lange Kleiweg plaatsvindt wordt te zijner tijd genomen in een Verkeersbesluit. Aan een verkeersbesluit zit een uitgebreide motivering vast, met onder andere als doel het verzekeren van de veiligheid op de weg, aanrijdtijden van hulpdiensten en het beschermen van weggebruikers en passagiers. Het is een separaat besluit waartegen (te zijner tijd) officieel bezwaar kan worden gemaakt. Voor een meer uitgebreide toelichting op de toekomstige inrichting van de Lange Kleiweg wordt verwezen naar paragraaf 3.2.
Het plan geeft invulling aan het raadsbesluit van 12 oktober 2021 en maakt maximaal 1.000 woningen mogelijk. Verder maakt het voor de grondexploitatie niet uit waar de woningen gebouwd worden. Deze vraag valt daarom buiten de context van het bestemmingsplan. Daar wordt aan voldaan, met dien verstande dat één en ander iets meer tijd heeft gevraagd.
Het plan geeft invulling aan het raadsbesluit en maakt maximaal 1.000 woningen mogelijk. Er wordt verwezen naar deze algemene toelichting in paragraaf 3.1. Ontbrekende onderzoeken bij het voorontwerpbestemmingsplan worden bij het ontwerpbestemmingsplan toegevoegd voor zover gereed. Na publicatie van het ontwerpbestemmingsplan start opnieuw een terinzagelegging met mogelijkheid tot het indienen van een zienswijze.
Woningbouw
Verkeer
Bijlagen
d.
2.
3.
Antwoord gemeente op lopend beroep tegen voorbelasting Pasgeld-West ontbreekt e. Kunt u een nieuwe inspraaktermijn voor het VOBP uitschrijven als alle stukken zijn toegevoegd? Woningdichtheid a. Is er voldaan aan de motie van D66 te 12 oktober 2022 wat betreft het VOBP gezien de missende bijlagen? b. Houdt u rekening met de mogelijkheid dat de 1000 woningen niet gerealiseerd kunnen worden gezien de effecten van mobiliteitsdruk, water- en groencompensatie, stikstofdepositie en natuurbescherming? c. Indien ja, kunt u dan in plaats van in Pasgeld de extra woningen realiseren in meer versteende delen van Rijswijk, en Pasgeld als groene contramal te behouden? d. Is de grote woningdichtheid niet in strijd met de doelstelling van Pasgeld West in het Masterplan en Bestemmingsplan Sion ’t Haantje? e. Kunt u aangeven hoe de provincie Zuid-Holland de gemeente heeft verplicht/gestimuleerd om de extra 200 woningen op zich te nemen? f. Hoe verklaart u dat u in het raadsvoorstel en verslag van de gemeenteraad van 30 september 2021 een sluitende grondexploitatie aanwijst als oorzaak voor de verhoging, en niet de provincie? g. Acht u de verhoging van het aantal woningen uit financiële motieven niet in strijd met goede ruimtelijke ordening? Relatie tot andere ontwikkellocaties a. Waarom heeft u de druk van alle ontwikkellocaties (7100 woningen) op Pasgeld niet meegenomen? b.
Zijn deze 7100 woningen aan de noordzijde van het plangebied een onderdeel van de missende passende beoordeling/PlanMER? c. Is een MER voor dit bestemmingsplan verplicht? d. Is een herbeoordeling van de MER uit 2010 niet noodzakelijk voor aspecten
Toetsing aan het gemeentelijk beleid is opgenomen in paragraaf 3.3 en voor specifiek beleid omtrent diverse milieukundige aspecten, in de diverse paragrafen in hoofdstuk 4. Antwoord op een beroepsprocedure valt buiten de scope van dit bestemmingsplan. De motie waar de inspreker naar verwijst is ingetrokken door de betreffende indiener. De hoofdlijnen van de motie worden echter wel meegenomen in de uitwerking van het bestemmingsplan.
Woningbouw
Vooralsnog is er geen aanleiding om aan te nemen dat het woningaantal niet gerealiseerd kan worden in relatie tot de genoemde punten. Het bestemmingsplan toont door middel van diverse onderzoeken de uitvoerbaarheid van het plan aan. Het plan geeft invulling aan het raadsbesluit en maakt maximaal 1.000 woningen mogelijk. In het Masterplan is overigens al een stedelijk woonmilieu voorzien op de locatie Pasgeld West. Er is geen sprake van enige directe provinciale verplichting of stimulans. Wel is de provincie in het verleden geconsulteerd bij het opstellen van de herziening van de grondexploitatie. Zij gaven toen aan dat meer verdichting wenselijk en mogelijk is. Ook is het plan getoetst aan de ladder voor duurzame verstedelijking, waarbij het plan wordt getoetst aan provinciale behoefteramingen. Financiële motieven zijn niet de enige motivatie geweest. Het bestemmingsplan toont aan dat sprake is van een goede ruimtelijke ordening alsmede maatschappelijke en financiële uitvoerbaarheid. .
Door Twynstra Gudde is in samenspraak met de gemeente een Programma Stadsontwikkeling opgesteld in relatie tot de door u genoemde de toekomstige groei van Rijswijk richting te geven. Ook is in het kader van de planvorming de ladder voor duurzame verstedelijking doorlopen. Een passende beoordeling/PlanMER wordt uitsluitend toegevoegd indien hiertoe sprake is op grond van de Wnb. Zoals blijkt uit de stikstofrapportage is een MER niet aan de orde. Een herbeoordeling van de eerdere MER is niet aan de orde. In dit bestemmingsplan voor Pasgeld West worden voor deze aspecten opnieuw
Relatie andere ontwikkel-locaties
e.
4.
5.
als verkeer, luchtkwaliteit, groen, water en natuur? Wanneer komt de PlanMER beschikbaar en leidt deze beschikbaarheid tot een verlenging van de inspraakperiode van het VOBP?
Mobiliteit a. De inbrenger maakt zich zorgen om de bereikbaarheid van Rijswijk-Buiten, Rijswijk en Den Haag Zuidwest indien er een knip komt. Samengevat worden als argumenten het gebrek aan alternatieven, de hogere druk op de afrit van de A4 bij Rijswijk en dat de A4 pas in 2028 heringericht wordt aangedragen. b. Wilt u overwegen de knip te plaatsen op de Wateringseweg in plaats van de Lange Kleiweg? c. Wilt u een integraal verkeersplan voor de gemeente Rijswijk opstellen inclusief alle nieuwe ontwikkelingen, gezien de laatste uit 2010 stamt? d. Wilt u de principes zoals uiteengezet in de Strategische Mobiliteitsvisie (2019) verder onderzoeken e. De inbrenger geeft aan dat een aantal stakeholders geen concrete plannen hebben m.b.t. de lightrail verbinding in RijswijkBuiten, en geeft aan dat de herinrichting van de Prinses Beatrixlaan een goede optie is om deze verbinding in mee te nemen. f. Wat is de impact van het niet benutten van planruimte (200 woningen Parkrijk) op de grondexploitatie? Groen a. Houdt u er rekening mee dat op grond van de Wet natuurbescherming Soortbescherming een groot deel van het plangebied niet bebouwd kan worden? b. Kunt u een toetsing aan het gemeentelijk beleid m.b.t. groen toevoegen? c. Waarom is het westelijk deel van de Parkloper ten zuiden van en aansluitend aan ATV De Schoffel in zijn geheel niet
separate onderzoeken uitgevoerd die toezien op onder andere deze aspecten. Daarmee wordt de uitvoerbaarheid van het plan aangetoond. Het voorontwerpbestemmingsplan is geen onderdeel van de formele bestemmingsplanprocedure, maar een extra moment van terinzagelegging en daarmee tevens een inspraakmogelijkheid. De formele procedure start bij het ontwerpbestemmingsplan. Daar zullen deze onderzoeken worden toegevoegd. Het ontwerpbestemmingsplan ligt ter inzage voor 6 weken. Dit is een wettelijk vastgestelde termijn. We begrijpen dat een mogelijke knip in de Lange Kleiweg vragen oproept. Het besluit over welke verkeerskundige ingreep op de Lange Kleiweg plaatsvindt en het wel of niet knippen van de Lange Kleiweg gebeurt niet op grond van dit bestemmingsplan. Een besluit over welke verkeerskundige ingreep op de Lange Kleiweg plaatsvindt wordt te zijner tijd genomen in een Verkeersbesluit. Aan een verkeersbesluit zit een uitgebreide motivering vast, met onder andere als doel het verzekeren van de veiligheid op de weg, aanrijdtijden van hulpdiensten en het beschermen van weggebruikers en passagiers. Het is een separaat besluit waartegen (te zijner tijd) bezwaar kan worden gemaakt. Voor een meer uitgebreide toelichting wordt verwezen naar paragraaf 3.2.
Verkeer
Het opstellen of herzien van gemeentedekkende visies valt buiten de scope van dit bestemmingsplan.
Het plan geeft invulling aan het raadsbesluit en maakt maximaal 1.000 woningen mogelijk. Verder maakt het voor de grondexploitatie niet uit waar de woningen gebouwd worden. Deze vraag valt daarom buiten de context van het bestemmingsplan.
Groen Het wettelijk bepaalde in de Wet natuurbescherming is, als vanzelfsprekend, richtinggevend voor wat betreft hoe hier mee omgegaan moet worden. Het Groenbeleidsplan is een richtinggevende visie. Op basis daarvan wordt het plan vormgegeven. Uitwerking vindt onder meer plaats in de groenblauwe hoofdstructuur. Er is geen sprake van een wet of beleidsregel met een dwingende toetsing. Hier hoeft een plan dus niet aan te voldoen.
d.
e.
f.
g.
h.
i.
j.
k.
6.
Water a.
b.
c.
d. e.
bestemd als groen, in tegenstelling tot het Schetsboek? Is de oorzaak hiervoor het wel bestemde NS Station en het blauwe bustracé? Is in de groene en blauwe compensatie rekening gehouden met het verharde openbaar vervoerstation? Waarom is het oostelijke talud van de spoorsloot langs de spoorlijn vanaf het bestemde NS Station tot aan de Laan van ‘t Haantje niet als groene bestemming opgenomen? Het gebied ten noorden van De Schoffel staat in het bestemmingsplan Sion ’t Haantje als ecologische verbindingszone, maar in het VOBP als woningbouw, hoe verklaart u dit? Hoe wordt de in het bestemmingsplan Sion ’t Haantje verankerde ecologische verbindingszone van 0,8 hectare langs de Zweth/Vlietroute dan gerealiseerd? Hoe wordt de andere helft van de 1,6 hectare ad 0,8 ha aan beloofde compensatie gerealiseerd? Waarom heeft de gemeente de groenblauwe delen van Pasgeld-Oost ingelijfd bij Pasgeld-West? Is dit om de hoge woningdichtheid in PasgeldWest meer acceptabel te maken? Hoeveel watercompensatie is nodig voor Pasgeld-West en op basis van welke normen? Waarom geeft het VOBP geen verklaring voor het afwijken van het beleid van Hoogheemraadschap Delfland om te compenseren binnen het te verharden gebied? Stemt het Hoogheemraadschap Delfland in met het realiseren van de helft van de watercompensatie buiten de te verharden locatie van Pasgeld West? Zo ja, op basis van welke argumenten?
Wanneer komt het Waterhuishoudkundig plan beschikbaar en leidt dit tot
De groenbestemming ter plaatse van de Parkloper is in het ontwerpbestemmingsplan ook als Groen bestemd. Op dit moment is nog niet bepaald waar het talud langs de spoorsloot exact komt te liggen. Dit is afhankelijk van de toekomstige waterbreedte en de breedte van het talud. In het huidige bestemmingsplan Sion ’t Haantje, 2e herziening is reeds een woonbestemming opgenomen ten noorden van de Schoffel. Doordat Tuinvereniging de Schoffel, destijds onderdeel van de regionale/provinciale groenstructuur, grotendeels wordt ingepast en niet in zijn geheel wordt geamoveerd, is de door de provincie Zuid Holland opgelegde compensatieplicht deels komen te vervallen. Desalniettemin zal ter plaatse van de Zweth een verbindingszone gerealiseerd worden die primair gericht is op de watervleermuis. De gewenste Groenblauwe Hoofdstructuur Pasgeld is ‘alvast’ geborgd en voorzien van een actuele bestemming in dit bestemmingsplan. Het Schetsboek Pasgeld en de hieruit voortvloeiende Hoofdplanstructuur Pasgeld bieden de voorwaardelijke kaders voor de totale gebiedsontwikkeling. Het is wenselijk om deze groene hoofdstructuur als zodanig te borgen. De 1.000 woningen in Pasgeld West vloeien voort uit het raadsbesluit van 12 oktober 2021 en het is niet wenselijk dat deze woningen afbreuk doen aan de groene hoofdstructuur.
De hoeveelheid watercompensatie (kwantiteit) en de wijze waarop (kwaliteit) dit plaats vindt is in overleg met het Hoogheemraadschap bepaald. Uitgangspunt hierbij is het beleid van het Hoogheemraadschap. Dit houdt onder meer in dat er sprake moet zijn van het standstil principe en dat er rekening gehouden moet worden met klimaatverandering. De uitkomst is verankerd in de regels van het bestemmingsplan waarbij geborgd is dat er tegenover een toename van verharding altijd een evenredige toename van waterbergingscapaciteit staat die voldoet aan de eisen van het Hoogheemraadschap. Daarnaast wordt een waterhuishoudkundig plan opgesteld dat de nadere detaillering van het watersysteem bevat. Hierin worden zaken die buiten de scope van het bestemmingsplan vallen nader vormgegeven. Dit waterhuishoudkundig plan zal afgestemd zijn op het stedenbouwkundig plan. Het waterhuishoudkundig plan is geen statisch gegeven en is onderhavig aan (eventuele)
Water
7.
een verlenging van de inspraaktermijn? f. Wanneer komt er informatie over en de mogelijkheid tot inspraak op het Waterhuishoudkundig plan? g. Kan deze inspraak op het Waterhuishoudkundig plan van invloed zijn op het VOBP en zo ja binnen welke tijdsruimte? h. Op de Plankaart is een groot deel van de westelijke Parkloper bestemd als Openbaar vervoerstation, en dus verhard terrein. Is hier in de berekening van de benodigde watercompensatie mee gerekend? i. Wat is het effect op de gewenste drooglegging van de bestaande woningen van de 1,5 maaiveldverhoging en het waterbedeffect via de druk op de venige ondergrond die dit met zich meebrengt? Veiligheid a. Bevat het QRA Arcadisrapport andere data, dan wel andere conclusies dan het AVIV-rapport? b. Waarom is het QRA Arcadisrapport niet toegevoegd als bijlage bij het VOBP? c. Hoe kan het dat de bestemming Openbaar Vervoersstation wordt gegeven aan een plek waar niet gebouwd mag worden i.v.m. een aardgasleiding? d. Dient de risicoanalyse niet aangevuld te worden met de bestemming van het NS Station? e. Is het risico van een aardgasleiding te combineren met de locatie van een NS Station? f. Klopt het dat er binnen de rode 100% letaliteitslijnen niet gebouwd kan worden? g. Vormen de 100% letaliteitsgrenzen tevens ook de grenzen van de als groen bestemde Parkloper alhier? h.
Waarom zijn de 100% letaliteitsgrenzen niet op de plankaart aangegeven? i. Waarom is de groene zone van de Parkloper ter hoogte van de gas- en rioolleiding niet op de plankaart aangegeven? j. Moet het groepsrisico niet verder verantwoordt worden gezien de AVIV aangeeft dat
wijzigingen die gedurende het ontwikkelproces worden. Het waterhuishoudkundig plan moet (steeds) worden goedgekeurd door het Hoogheemraadschap. Het toekomstige maaiveld zal op een hoogte van circa 0,10 meter NAP worden aangelegd. Omdat tussen het ontwikkelgebied en de bestaande woningen watergangen en/of -partijen aanwezig zijn, heeft dit geen effect op de drooglegging van bestaande woningen.
De QRA in het kader van dit bestemmingsplan voor Pasgeld West is opgesteld door AVIV. De verantwoording houdt rekening met de aanwezige bronnen, waaronder de eerder gerealiseerde leidingen waar het Arcadis rapport op ziet (leiding W-514-01 en leiding W-514-10). Het is dus niet nodig om beide rapporten toe te voegen aan het bestemmingsplan. Ter plaatse van de gronden in Pasgeld West, waaronder rond het beoogde openbaar vervoersstation, kan worden gebouwd, mits er afstemming heeft plaatsgevonden met de leidingbeheerder en er geen onevenredige afbreuk gedaan wordt aan de belangen van en de veiligheidssituatie rond de betreffende leiding. Dit is geborgd in de regels van het bestemmingsplan. Het onderbouwen van een station voor de citysprinter vindt te zijner tijd plaats via een wijzigingsbevoegdheid, wanneer de nadere uitwerking bekend is en afgestemd met ProRail. De relevante leidingen in het gebied zijn als zodanig opgenomen op de verbeelding van het bestemmingsplan en voorzien van een juridische regeling. De groenzone is in het ontwerpbestemmingsplan als zodanig bestemd. De veiligheidsregio heeft een vooroverlegrectie ingediend. Deze is in dit document onder ‘vooroverlegreacties’ nader toegelicht. Er is geen aanleiding tot wijziging van de QRA. Er is ook geen sprake van verlenging van een inspraakperiode.
Op het moment dat het ontwerpbestemmingsplan ter inzage ligt, wordt eenieder in de gelegenheid gesteld om een zienswijze in te dienen.
Veiligheid
het 10% van de oriëntatiewaarde bedraagt? k. Kunt u de verantwoording genoemd in 4.6 terug laten komen in AVIV? l. Heeft de veiligheidsregio advies uitgebracht over de bestrijdbaarheid en zelfredzaamheid en kunt u het toevoegen bij het VOBP? m. Zo nee, wanneer komt dit beschikbaar en leidt dit tot verlenging van de inspraakperiode? Kunt u aangeven wanneer bijlage 2 Luchtkwaliteit beschikbaar komt en leidt dit tot de verlenging van de inspraakperiode?
8.
9.
Bestemming verkeer a. Waarom is in het westelijk deel van de Parkloper het blauwe bustracé niet als bestemming opgenomen? b. Waarom is in het oostelijke talud langs de spoorlijn vanaf het bestemde NS Station tot aan de Laan van ’t Haantje het blauwe bustracé niet als bestemming opgenomen? c. Waarom is het zuidelijk deel van de Lange Kleiweg niet bestemd als Enkelbestemming Verkeer2?
5.3.
Ontbrekende onderzoeken bij het voorontwerpbestemmingsplan worden bij het ontwerpbestemmingsplan toegevoegd. Dit leidt niet tot verruiming van de inspraakperiode. Een voorontwerpbestemmingsplan is overigens niet wettelijk verplicht. Op het moment dat het ontwerpbestemmingsplan ter inzage ligt, wordt eenieder in de gelegenheid gesteld om een zienswijze in te dienen. De uitwerking van het woongebied gebeurt aan de hand van een stedenbouwkundig plan dat momenteel nog in ontwikkeling is. Daarin is voldoende flexibiliteit gewenst. Het is daarom niet gewenst om alle wegen op dit moment al specifiek vast te leggen. Dit bestemmingsplan maakt diverse functies mogelijk binnen de bestemming Woongebied, waaronder ook (ontsluitings-)wegen en paden.
Luchtkwaliteit
Verkeer
Er is bewust gekozen om de huidige Lange Kleiweg te integreren in de Woongebied bestemming en geen separate verkeersbestemming te geven. Het is wenselijk dat ingrepen worden gedaan aan deze weg om de verkeersveiligheid te verbeteren en de straat een karakter als woonstraat mee te geven.
BEANTWOORDING NIET-ONTVANKELIJKE INSPRAAKREACTIES
De inspraakreacties zijn ingediend binnen de termijn en zijn afkomstig van belanghebbenden, en zijn derhalve ontvankelijk. In het kader van het voorontwerpbestemmingsplan is er één reactie buiten de termijn ontvangen. Omdat deze buiten de termijn is ingediend, is de reactie niet-ontvankelijk. Dit gaat om de volgende inspraakreactie: 12. Inspraakreactie 12: Flattuinvereniging De Volle Grond – 11 oktober 2022
Nr.
Inspraakreactie
12. 1.
Inspraakreactie 12 – Geanonimiseerd Kunt u een bezonningsplan maken voor deelgebied H9, om de schaduwwerking op het daar aanwezige moestuincomplex inzichtelijk te maken?
Beantwoording Bij de verdere uitwerking van het stedenbouwkundig plan van deelgebied H9 zal de bezonning van de moestuinen expliciet worden meegenomen. De bestaande sloot tussen de tuinen en H9 zal worden verbreed waardoor bebouwing sowieso op ten minste 20 meter afstand komt. Daarnaast wordt een bepaling opgenomen dat in een strook van 10 meter de bouwhoogte beperkt moet blijven tot ten hoogste 8 meter.
Soort vraag
2.
Kunt u een bebouwingscontour aangeven op de plankaart waarbij toekomstige bebouwing op voldoende afstand is gesitueerd van het moestuincomplex?
6.
AMBTSHALVE WIJZIGINGEN
Voor de beantwoording wordt verwezen naar punt 1.
In het kader van het ontwerpbestemmingsplan worden in aanvulling op de inspraak- en vooroverlegreacties diverse wijzigingen doorgevoerd. Globaal betreffen deze wijzigingen het volgende: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Er heeft actualisering plaatsgevonden van naam, datum en status van het plan; De wijzigingen in de regels en op de verbeelding zijn doorgevoerd in de (juridische) planbeschrijving van het bestemmingsplan; Diverse onderzoeken zijn waar nodig aangevuld en geactualiseerd; Beleidsdocumenten zijn herzien op actualiteit en waar nodig aangevuld; De meest recente versie van het stedenbouwkundig plan is doorgevoerd in de planbeschrijving; Een en ander is op de verbeelding aangepast aan de hand van het actueel stedenbouwkundig plan, zoals de situering van groen- en water.