Jaarstukken 2023
Tekst van het document
-227 2.505 2.228 -277 586 568 -18 38.269 38.249 -20 63.758 58.609 -5.149
-227 3.372 2.228 -1.144 606 2.568 1.962 17.634 17.614 -20 52.037 44.553 -7.484
-172 4.883 3.953 -930 1.577 3.492 1.916 7.015 8.492 1.476 40.204 35.381 -4.823
55 -1.512 1.725 214 -971 924 -46 10.619 -9.122 1.497 11.833 -9.172 2.661
Het verschil tussen de begroting (na wijziging) en het werkelijke saldo van baten en lasten is € 2.661.000 voordelig. De belangrijkste afwijkingen zijn de volgende: 5600 Openbaar groen en openluchtrecreatie Lasten nadeel € 184.000 Tekort € 245.000 'onderhoud bomen': In de besluitvorming bij de 2de halfjaarrapportage 2023 is de aanvraag voor extra rondes watergeven bomen van € 245.000 afgewezen. Om kapitaalvernietiging van de jonge aanplant tegen te gaan tijdens de aanhoudende droge maanden gedurende het voorjaar en het zomerseizoen, hebben we deze jonge bomen water moeten geven. Het betreft meer dan 750 jonge bomen. Daarnaast is uit de data van de vochtsensoren bij alle bomen in de verharding gebleken dat ook deze groep bomen extra water nodig had vanwege de aanhoudende droogte en de hitte. Naar aanleiding van een motie van de Raad (18 april 2023) is er uitvoering gegeven aan de organisatie van een Sinterklaasintocht. Voor de gevraagde organisatie van de sinterklaasintocht was geen ambtelijke capaciteit beschikbaar waardoor een extern evenementenbureau is ingehuurd. Met deze kosten was vooraf geen rekening gehouden in de begroting en er was geen dekking aanwezig (in de vorm van eventuele overschotten)elders in de begroting op dit beleidsproduct. Dit heeft geresulteerd in een lasten nadeel van 54.000 euro.
In overeenstemming met het coalitieakkoord en het collegewerkprogramma is er een evenementenbeleid uitgewerkt in 2023. Voor de opzet en de uitvoer van dit evenementenbeleid was ambtelijke capaciteit noodzakelijk. De financiële dekking voor deze ambtelijke capaciteit is aanwezig maar staat geraamd op het team budget en niet op dit beleidsproduct. De uitgaven voor deze ambtelijke capaciteit zijn uiteindelijk, terecht, wel geboekt op dit beleidsproduct. Dit heeft geresulteerd in een lasten nadeel van 74.000 euro op dit beleidsproduct. Omdat het budget wel aanwezig is, maar op het team begroot staat, is er op de totale exploitatie sprake van een budget neutrale impact. 7210 Afvalverwijdering en -verwerking Lasten voordeel € 298.000 Vanaf 2023 wordt de subsidie verrekend via de bijdrage van Avalex. Deze wordt niet langer afzonderlijk geraamd en zijn dan ook niet zichtbaar als baten zoals de jaren hiervoor. Lasten nadeel overig Tijdens het samenstellen van de begroting 2023 wordt op basis van de verwachte salarislasten de doorbelasting berekend voor de directe salarislasten vanuit de overhead naar de beleidsproducten. In
Wonen en Leven 83
de realisatie is de doorbelasting hoger dan geraamd, dit wordt veroorzaakt door hogere salarislasten en het doorbelasten van overige overheadkosten welke tijdens de begroting niet inzichtelijk waren. Hierdoor wordt een lasten nadeel veroorzaakt op het betreffende beleidsproduct. 7230 Milieubeheer Lasten voordeel € 702.000 Baten nadeel € 363.000 Zoals gemeld in de 2e halfjaarrapportage heeft het Rijk in 2023 een specifieke uitkering van € 591.271 voor de aanpak energiearmoede aan de gemeente Rijswijk toegekend. Dit komt boven op de middelen die in 2022 (€1.028.130) al via de SPUK energiearmoede zijn verstrekt. Met de 2e halfjaarrapportage is voorgesteld om de resterende middelen te verdelen over de jaren 2023-2025. De middelen zijn grotendeels ingezet in de aanbesteding voor de nieuwe inzet van energiefixers. Deze fixers zijn pas in de winter van 2023 van start zijn gegaan, waardoor hetgeen begroot voor 2023 niet volledig is uitgegeven. Dit heeft geresulteerd in een lasten voordeel en een baten nadeel van circa 113.000 euro. Gemeenten en provincies hebben zich gecommitteerd aan het Klimaatakkoord. Uit het Klimaatakkoord vloeit een aantal taken voort voor de decentrale overheden.
Hiervoor heeft het kabinet in 2023 middels een tijdelijke regeling CDOKE uitvoeringsmiddelen beschikbaar gesteld met als doel om gemeenten en provincies de ruimte te geven om een organisatie op te bouwen gericht op het uitvoeren van de klimaat- en energietaken (eigen medewerkers, externe inhuur en onderzoek). Zoals gemeld in de 2e halfjaarrapportage is de snelheid waarmee middelen kunnen worden uitgegeven onder andere afhankelijk van de snelheid waarmee vacatures kunnen worden vervuld. Voor 2023 zijn dan ook niet alle middelen uitgeven. Dit heeft geresulteerd in een lasten voordeel en een baten nadeel van circa 290.000 euro. Voor zowel de specifiek uitkering aanpak energiearmoede als de specifieke uitkering CDOKE geldt dat de in 2023 overgebleven middelen t/m eind 2025 kunnen worden uitgegeven. De begroting 2024 en 2025 zal hierop worden aangepast. Capaciteitstekort leidt tot vertraagde uitvoer milieuzones en groenbeleid (o.a. Natuurwaardenkaart). 8100 Ruimtelijke ordening Lasten voordeel € 2.809.000 Een lasten voordeel is ramingtechnisch ontstaan doordat de activering van de onderhanden werk positie niet in de raming meegenomen is. Deze lasten worden verdeeld over de looptijd van de facilitaire projecten, in 2023 is er minder uitgevoerd aan deze projecten, waardoor de werkzaamheden doorschuiven naar de toekomstige jaren.
Baten nadeel € 1.862.000 De verwachte inkomsten van ontwikkelaars zijn ontvangen in het boekjaar, echter hebben deze inkomsten betrekking op onderhanden facilitaire projecten waardoor er een deel van de opbrengsten geactiveerd dient te worden. 8200 Woningexploitatie Baten nadeel € 395.000 De planning was aanvankelijk dat zowel De Voorde als de Laan Hofrust 2-4 ook in 2023 verkocht zouden worden.Dit is niet gebeurd.
Wonen en Leven 84
8220 Volkshuisvesting Lasten nadeel € 1.512.000 Baten voordeel € 1.725.000 Team Vergunningen heeft in 2023 extra capaciteit ingehuurd om de wettelijke taken af te kunnen handelen (overschrijding 150k). Team Ruimte: investeringsbijdrage Our House doorgeschoven naar 2024 door uitloop project 8300 Bouwgrondexploitatie Lasten nadeel € 971.000 Baten voordeel € 924.000 Voor Bogaard stadscentrum zijn delen van subsidies uitgekeerd (SPUK IW en Gebiedsgelden). Voor Bogaard stadscentrum vielen te maken kosten hoger uit door hogere uitvoeringskosten. 8320 Grondexploitatie RijswijkBuiten Lasten voordeel € 10.619.000 Baten nadeel € 9.122.000 Zie voor een nadere toelichting de Paragraaf RijswijkBuiten. Investeringen
Investering (bedrag x € 1.000) Begr.Lasten Werk.Lasten Aanleg skatebaan Treubstraat 50 50 Aanpak woonomgeving ihkv wijkverbetering Te Werve 146 Gebouw speeltuinvereniging Rozenstraat 55 39 Geluidsanering 126 Groot onderhoud gemeentelijke woningen 76 41 Herinrichten speelplekken in de wijk 2023 342 287 Inrichting van het Hof van Sion 447 35 Realisatie van het Huis van de Stad 13.479 11.869 Transformatie Wilhelminapark 2023 486 176 Uitvoeringsprogramma landgoederenzone (fase 1) 3.339 129 Uitwerking actieplan geluid 2023 251 Vergroenen en verbeteren entrees Plaspoelpolder 49 Vervanging bomen 2023 828 828 Vervanging hekwerken 2023 27 23 Vervanging luchtfoto's 2023 20 13 Vervanging toplaag bij vier speelplekken 138 85 Vervanging van afvalbakken 2023 85 61 Vervanging vrijvervalriolen 2023 4.401 1.630 Zwethzone - Algemeen 28 26 Eindtotaal 24.374 15.292
Saldo lasten Begr.Baten Werk.Baten
146 16 126 35 55 412 1.611 310
8 25
25
3
3
8
3.209 251 49 4 7 53 24 2.771 2 9.083
1 1.210 1.238
1 -1.210
36
Wonen en Leven 85
Saldo baten
-1.202
Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien (Bedragen x € 1.000)
Raming na wijziging Lasten
Verschil t.o.v. raming na wijziging
Jaarrekening
Baten
Saldo Lasten
Baten
Saldo Lasten
7.018 6.366
6.974 6.302
24
6.974 6.302 -46 -354 24
478
310 13.718
7.018 6.366 -39 -437 24 -2 310 13.239
338 13.638
338 13.237
b) Algemene uitkeringen: - uitkering uit het gemeentefonds Subtotaal algemene uitkeringen
-346 -346
122.897 122.897
123.243 123.243
124.842 124.842
124.842 124.842
c) Dividend: - dividenden Subtotaal dividend
129 129
415 415
286 286
129 129
415 415
286 286
262
1.383
1.120
274
1.600 411 490 1.304
a) Lokale heffingen waarvan de besteding niet gebonden is: - OZB eigenaren woningen - OZB eigenaren niet-woningen - OZB - wet WOZ - precariobelasting - retributies - toeristenbelasting Subtotaal lokale heffingen
d) Overige algemene dekkingsmiddelen: - bespaarde rente - gemeente eigendommen - uitkeringen van derden - BTW compensatiefonds - lasten/baten oude dienstjaren - overig - dubieuze debiteuren Subtotaal overige algemene dekkingsmiddelen - Heffing VPB Subtotaal heffing VPB
Subtotaal algemene dekkingsmiddelen Onvoorzien Onvoorziene uitgaven exploitatie Onvoorziene uitgaven investeringen Subtotaal onvoorzien Totaal
39 437 24 2
46 354
401
3.797
863
-2.933
4.059
2.246
-1.813 -320 -320
340 340
134.636
5.389
4.640
139.276
Saldo
-44 -64
-44 -64 -7 83
-7 83 2
233 518 3.403 91 4.519
320 320
Baten
3.806
142.700
78
28 -80
2 28 -2
-346 -346
1.945 1.945
1.599 1.599
1.326
-12
217
206
179 -28 -2.099 -90 -713
-233 -518 394 -91 -460
411 490 440
179 -28 834 -90 1.100
-340 -340
-20 -20
137.311
-748
1.559
-20 -20
3.424
2.676
50
-50
50
50
50
-50
50
50
4.690
139.276
86
134.586
5.389
142.700
137.311
-698
3.424
2.726
Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien
Toelichting Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien Toelichting op de afwijkingen Het nadeel bestaat uit (V= voordelig; N= nadelig): Omschrijving OZB eigenaren woningen en niet woningen Wet WOZ Toeristenbelasting Retributies Algemene uitkering Dividenden Gemeente eigendommen BTW compensatiefonds Uitkeringen van deren/lasten baten oude dienstjaren Overige verschillen Voorziening dubieuze debiteuren Vennootschapsbelasting Onvoorzien
Bedrag x € 1.000,N V V V V V V V N V N N V V
115 83 28 2 1.599 1 206 179 28 834 90 20 50 2.726
OZB baten nadelig € 115.000 (exogeen, incidenteel) De opbrengst OZB is in 2023 achtergebleven bij de verwachting. Dit wordt veroorzaakt doordat de WOZ-waarden van woningen en niet-woningen in Rijswijk iets lager uitvallen dan geraamd (< 1%). Omdat deze waarden ten tijde van het berekenen van de OZB-tarieven nog niet vaststaan, wordt op basis van de voorlopige gegevens een inschatting gemaakt. De grootste onzekerheid hierbij is de oplevering van nieuwbouw voor of na 1 januari. Wanneer deze achterblijft bij de verwachting, leidt dat tot een wat lagere opbrengst. Ook verlagingen naar aanleiding van bezwaarschriften hebben geleid tot minder OZB-inkomsten. Hierdoor is er een nadeel op de opbrengsten OZB van circa € 115.000. Wet WOZ voordelig € 83.000 (exogeen, incidenteel) In 2023 zijn het aantal bezwaarschriften ingediend door zogeheten No Cure No Pay bureaus (NCNP) fors toegenomen ten opzichte van 2022. De NCNP-bureaus ontvangen bij toekenning van het bezwaarschrift een ruime vergoeding. In 2023 zijn 129 bezwaarschriften ingediend door een NCNPbureau verlaagd. Dit heeft geleidt tot een gemiddelde vergoeding per verlaagde WOZ-waarde van 730 euro. Toeristenbelasting voordelig € 28.000 Er zijn meer belastbare overnachtingen in 2023 geweest dan geraamd. Algemene uitkering voordelig € 1.599.000 (exogeen, incidenteel) De algemene uitkering laat de volgende ontwikkeling in 2023 zien.
Voordeel algemene uitkering (€1.945.000). Het nadeel op lasten van € 346.000 is niet gerealiseerd. Het nadeel bestaat uit (V= voordelig; N= nadelig): Jaar 2023 2022 2021 2020 Subtotaal Labelling algemene uitkering Totaal
Bedrag € 2.118 € 14 € 59 € 245 € 1.945 € 346 € 1.599
87
V/N V V V N V N V
Toelichting Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien
2023 De raming 2023 van de algemene uitkering bevat de uitkomsten van de meicirculaire en de energietoeslag (€3.151.000) die is opgenomen in de 2e halfjaarrapportage, vooruitlopend op de uitkering van de decembercirculaire. De afwijking bestaat uit de saldi van de september- en decembercirculaire 2023 die niet in de raming zijn opgenomen. Vanuit de decembercirculaire wordt, via een raadsvoorstel, € 259.000 overgeheveld naar 2024. Algemene uitkering Bijstellingen maatstaven t.o.v. meicirculaire (door BZK) Diverse ontwikkelingen algemene uitkering BCF plafond 2023 Taakmutaties Nettoresultaat septembercirculaire Bijstellingen maatstaven t.o.v. meicirculaire (door BZK) Diverse ontwikkelingen algemene uitkering Taakmutaties Nettoresultaat decembercirculaire Totaal nettoresultaat circulaires
Bedrag -600 1.076 236 6 718 592 209 352 1.153 1.871
2021 t/m 2023 Globaal gezien bestaat de berekening van de algemene uitkering uit de vermenigvuldiging van het aantal eenheden van alle berekeningsmaatstaven met het bijbehorende bedrag per eenheid. De som van deze producten, de zogenaamde uitkeringsbasis, wordt vervolgens vermenigvuldigd met de uitkeringsfactor. De algemene uitkering bestaat uit circa 45 berekeningsmaatstaven. De variabelen in deze berekeningsmaatstaven worden door het Rijk in de loop van de jaren definitief vastgesteld. Op dat moment wordt ook de hoogte van de uitkering per jaar steeds preciezer bijgesteld. De maatstaf WOZ is over 2021, 2022 en 2023 zijn nog niet definitief door BZK vastgesteld. Dit heeft tot gevolg dat de algemene uitkering over 2021 en 2022 voordeliger zijn bijgesteld o.b.v. een aantal nieuw vastgestelde maatstaven. De maatstaven voor 2020 zijn definitief vastgesteld. Gemeente eigendommen voordelig € 206.000 Het voordelig verschil op gemeente eigendommen wordt voornamelijk veroorzaakt door niet geraamde inkomsten uit tijdelijke verhuur van grond € 140K (o.a. P3 Warmtelink) en extra vergoedingen voor reclame-inkomsten € 70K en een kleine tegenvaller van € -6K bij overige verhuringen.
BTW compensatiefonds voordelig € 179.000 (exogeen, incidenteel) De incidentele meevaller bij het BTW-Compensatiefonds wordt veroorzaakt door de afhandeling van verschillende suppleties op BCF-aangiften van de afgelopen jaren. Deze waren aangehouden bij de belastingdienst in verband met een lopend boekenonderzoek. Deze zijn grotendeels in 2023 afgehandeld. Wat tot een positief cijfer heeft geleid. Uitkeringen van derden/lasten baten oude dienstjaren nadelig € 28.000 (exogeen, incidenteel) M.i.v. december 2023 is d.m.v. een raadsbesluit de starterslening nieuw leven in geblazen. De starterslening is nu beschikbaar voor geheel Rijswijk. Het betreft de mutaties vorderingen Stimuleringsfonds Volkshuisvesting (SVN) ten behoeve van verstrekte startersleningen RijswijkBuiten en Rijswijk. Overige verschillen voordelig € 834.000 (exogeen, incidenteel) In de overige verschillen zit een nadelig effect van € 287.000 die betrekking hebben op de kosten van het Huis van de Stad. De uitvoeringskosten van het Huis van de Stad zijn hoger dan geraamd. Dit is voornamelijk toe te schrijven aan hogere kapitaallasten (rentelasten) en uitvoeringskosten en door de kosten voor het leeg opleveren van het oude stadhuis. Doordat we hier sneller mee aan de slag zijn gegaan, is een deel van het werk van 2024 al in 2023 uitgevoerd. Het merendeel
88
Toelichting Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien
van de uitvoeringskosten voor het leeg opleveren valt in 2024 en is in de bestemmingsreserve hiervoor geoormerkt. Voorziening dubieuze debiteuren nadelig € 90.000 (exogeen, incidenteel) Bij het samenstellen van de jaarrekening is van alle vorderingen volgens de jarenlange gangbare methodiek in Rijswijk bepaald wat de hoogte van de voorziening zou moeten zijn. Uit deze berekening was per saldo € 90.000 extra storting benodigd omdat ingeschat werd dat de risico’s op de vorderingen iets zal toenemen. Jaarlijks wordt deze inschatting op balansdatum gemaakt a.d.h.v. de ouderdom van de openstaande bedragen, zoals vermeld onder het hoofdstuk grondslagen. Vennootschapsbelasting nadelig € 20.000 (exogeen, incidenteel) Het incidentele verschil van de VPB wordt veroorzaakt doordat er in 2023 een inhaalslag heeft plaatsgevonden bij de VPB-aanslagen van diverse oude jaren. Onvoorzien lasten voordelig € 50.000 (exogeen, incidenteel) In 2023 is geen beroep gedaan op de post onvoorzien.
89
Toelichting Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien
Overhead De definitie van de overhead volgens het BBV is “alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces”. Financiële samenvatting
Overhead (bedragen x € 1.000) Materieel en kapitaallasten Personeel Naar programma's en investeringen
Begr.Lasten Werk.Lasten 13.695 15.012 49.342 51.455 63.037 66.467 -32.268 -32.268 30.768
Saldo
-33.418 -33.418 33.048
Saldo Lasten Begr.Baten Werk.Baten -1.318 513 950 -2.113 108 285 -3.430 622 1.235
Saldo baten 437 177 613
Resultaat -881 -1.936 -2.817
1.150 1.150 -2.280
-155 -155 458
995 995 -1.822
315 315 937
160 160 1.395
Apparaatskosten zijn de noodzakelijke financiële middelen voor het inzetten van personeel (salarissen), organisatie-, huisvestings-, materieel-, automatiseringslasten e.d. voor de uitvoering van de organisatorische taken. Apparaatskosten zijn dus alle personele en materiële lasten (zowel directe personeel als Overhead) die verbonden zijn aan het functioneren van de organisatie, exclusief griffie en bestuur. De totale apparaatskosten van de gemeente, geraamd op ongeveer € 63 miljoen, worden verdeeld naar de programma’s (beleidsproducten) en investeringen. De overhead wordt niet verdeeld over de programma’s, maar blijft op het taakveld Overhead drukken. Per saldo is op de totale apparaatskosten van de gemeente een nadeel behaald van € 2,8 miljoen. Zowel de materiele kosten (zoals huisvesting, ICT, facilitair) als de personele kosten (eigen personeel en inhuur) vallen hoger uit dan begroot. Deels komt dit doordat de inflatie hoger is dan bij de begroting was uitgegaan. Verder heeft de gemeente moeite met het vullen van vacatureruimte, waardoor er meer personeel wordt ingehuurd. Omdat extern personeel duurder is dan intern personeel, biedt de vacatureruimte onvoldoende dekking voor de inhuurkosten. Deze negatieve consequentie wordt versterkt doordat de krappe arbeidsmarkt leidt tot hogere tarieven, wat ook geldt voor de uitbestede werkzaamheden.
Omdat in deze tijden het extra belangrijk is om in eigen personeel te investeren, is er ook meer uitgegeven voor vorming en opleiding. Daarnaast zijn ook de baten zijn wat hoger uitgevallen dan oorspronkelijk begroot. De hogere overhead leidt tot een hogere doorbelasting naar de programma’s en investeringen van € 1 miljoen ten opzichte van de begroting. Hierdoor komt het resultaat van de overhead per saldo uit op een negatief saldo van € 1,8 miljoen. Beleidsindicatoren De BBV-indicatoren die betrekking hebben op de eigen organisatie zijn hieronder weergegeven. Het aantal fte van de bezetting van de medewerkers per 1.000 inwoners is gestegen van 8,25 naar 8,57. De apparaatskosten per inwoner ten opzichte van 2022 zijn gestegen van € 860,61 naar € 920,59, wat vooral wordt veroorzaakt door hogere personele lasten. Tenslotte zijn de overheadkosten t.o.v. de totale kosten gedaald van 12,4% naar 11,6%. Indicator
Eenheid
Formatie Bezetting Apparaatskosten Externe inhuur Overhead
Fte per 1.000 inwoners Fte per 1.000 inwoners Kosten per inwoner Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen % van totale lasten
Rekening 2022 8,43 8,25 € 860,61 20,6% 12,4%
Overhead 90
2023 9,65 8,57 920,59 23,2% 11,6%
Paragrafen
91
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Het is een zeer dynamische tijd voor alle gemeenten in Nederland, dus ook voor Rijswijk. Tal van externe ontwikkelingen met mogelijke risico’s doen zich tegelijkertijd voor in de vorm van onder andere oorlogen, milieuproblemen, woningbouwopgaven en financiële uitdagingen door andere financiering door het Rijk. De risicobeheersing vraagt van de gemeente steeds meer zicht en grip op geld en processen. Daarom is een gemeentelijk beleid op hoe omgegaan moet worden met risico’s op basis van een adequaat risicobeleid’ noodzakelijk. Risico’s kunnen naast financiële gevolgen ook andere gevolgen hebben. Te denken valt o.a. aan imagoschade, politieke risico’s, juridische risico’s en veiligheidsrisico’s.
Aanleiding en achtergrond De gemeente Rijswijk wil risico's die zij loopt beheersbaar houden. Door inzicht in de risico's wordt de organisatie in staat gesteld om op verantwoorde wijze besluiten te nemen, zodat huidige en toekomstige risico’s in verhouding staan tot de vermogenspositie van de organisatie. Om inzicht in deze risico's te verkrijgen is een risico-inventarisatie uitgevoerd. Op basis van de geïnventariseerde risico’s wordt het benodigde weerstandsvermogen berekend. In het kader van de begrotingscyclus worden de risico’s gemonitord door de afdelingen. Bij elke rapportage wordt de lijst geactualiseerd, beoordeeld en centraal verwerkt in het risicomanagementprogramma NARIS®. Met dit programma wordt bijvoorbeeld de top 10 risico’s en scenario’s bepaald, maar kunnen ook de geïmplementeerde beheersmaatregelen worden aangepast.
Kader Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) Het BBV schrijft voor dat een paragraaf Weerstandsvermogen in de jaarstukken moet worden opgenomen. Daarnaast moet, op grond van het BBV, een tabel met financiële kengetallen worden opgenomen. Deze treft u aan het einde van de paragraaf aan. 1. Financiële verordening gemeente Rijswijk 2023 Op 12 december 2023 heeft de raad de verordening vastgesteld. 2. Nota weerstandsvermogen en risicomanagement Op 17 december 2013 heeft de raad deze nota vastgesteld. 3. Nota reserves en voorzieningen gemeente Rijswijk Ook deze nota is op 17 december 2013 door de raad vastgesteld.
Taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden In de nota weerstandsvermogen en risicomanagement 2013 is dit volgens onderstaande tabel vastgelegd.
92
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Actoren Raad
Rollen Sturen en toezicht houden
College
Sturen en toezicht houden
Management
Sturen en verantwoorden
Medewerkers
Beheersen
Advies & Control
Beheersen en toezicht houden
Acties/besluiten • Vaststellen nota weerstandsvermogen en risicomanagement; • hoogte weerstandsvermogen vaststellen; • programma- en programmarekening vaststellen. • toezicht op implementatie risicomanagement; • sturen op verantwoording van risico’s. • Implementatie risicomanagement; • beoordelen top 10 risico’s; • kwantificering risico’s; • aanspreken op gedrag. • Implementeren beheersmaatregelen; • kwantificeren van risico’s; • rapporteren ontwikkeling risico’s; • aanspreken op gedrag. • Bijdrage leveren aan risico analyse; • in beeld brengen financiële consequenties; • bewaken input risicobeheersingssysteem.
Risicoprofiel Om de risico’s van de gemeente Rijswijk in kaart te brengen is een risicoprofiel opgesteld. Dit risicoprofiel wordt als volgt gedefinieerd: Een overzicht van de risico-eigenschappen van de organisatie, d.w.z. minimaal omvattend de risicodefinities met bijbehorende kansen en gevolgen. Dit risicoprofiel is onder andere tot stand gekomen met behulp van een risicomanagement informatiesysteem dat bij veel gemeenten wordt gebruikt. Hiermee worden risico's systematisch in kaart gebracht en beoordeeld. Afzonderlijk van het gemeente breed gehanteerd risicomanagementsysteem systeem is door een extern bureau een risicoanalyse uitgevoerd op de grondexploitatie Rijswijk Buiten. Omdat de werkwijze niet geheel overeenkomt met het gehanteerde systeem worden de resultaten apart vermeld en zijn deze niet opgenomen in onderstaand overzicht. In de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit en het weerstandsvermogen is wel rekening gehouden met de uitkomsten van de risicoanalyse van Rijswijk Buiten.
P&C-cyclus De nota weerstandsvermogen en risicomanagement schrijft een koppeling van het risicoprofiel m.b.v. NARIS® voor bij de diverse beleidsrapportages zoals programmabegroting, jaarrekening en tussentijdse rapportages. In de kern draait NARIS® om het vastleggen en analyseren van risico’s, beheersmaatregelen en opgetreden risico’s (incidenten). Risico’s hebben impact op de activiteiten (processen en projecten) die de organisatie onderneemt om haar doelen te realiseren. Door risico’s te koppelen aan projecten, processen en/of doelstellingen ontstaat direct inzicht waarop gestuurd moet worden om grip te houden op de belangrijkste risico’s van de organisatie.
93
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Risico's Voor de jaarstukken 2023 zijn de risico’s geactualiseerd. Op grond van het risicomanagementbeleid worden in het onderstaande overzicht alleen de 10 grootste risico's gepresenteerd met de hoogste bijdrage aan de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Tabel 1: Belangrijkste financiële risico's Risico Kans Financieel gevolg Invloed Juridische risico's als gevolg van bezwaar, beroep en procedures 50% max.€ 20.500.000 60,90% Juridische risico's als gevolg van bezwaar, beroep en procedures CAO ontwikkelingen 70% max.€ 2.000.000 6,24% De CAO loopt op 1-1-2023 af. De onderhandelingen voor een nieuwe CAO moete nog starten. de verwachting is dat de lonen zullen stijgen. Het is echter nog onzeker met hoeveel de lonen zullen stijgen. Participatiewet 50% max.€ 2.400.000 5,35% Bezuiniguingen op de macrobudgetten BUIG en veranderingen in het rekenmodel waarmee de macrobudgetten BUIG worden berekend kunnen leiden tot tekorten op de lokale rijkssubsidie. Een dergelijke overheidsmaatregel kan niet worden voorkomen en kan leiden tot tekorten. Het participatiebudget wordt maximaal ingezet voor bevordering van uitstroom uit de uitkering zodat de uitgaven aan uitkeringen zo laag mogelijk blijven en het eventuele tekort zoveel als mogelijk beperkt blijft. Oplopende inflatie en stijgende energieprijzen.
50% max.€ 2.000.000 4,45% Als gevolg van macro economische ontwikkelingen is er sprake van een hoge inflatie en fors stijgende energieprijzen. Het is onzeker hoe dit zicht in de toekomst gaat ontwikkelen. Gebiedsontwikkelingen 50% max.€ 1.000.000 2,22% Bezuinigingen op de macrobudgetten en veranderingen in het rekenmodel waarmee de macrobudgetten worden berekend, kunnen leiden tot tekorten op de lokale rijkssubsidie. Een dergelijke overheidsmaatregel kan niet worden voorkomen en kan leiden tot tekorten. Het participatiebudget wordt maximaal ingezet voor bevordering van uitstroom uit een uitkering zodat de uitgaven aan uitkeringen zo laag mogelijk blijven en het eventuele tekort zoveel als mogelijk beperkt blijft. Deelname in gemeenschappelijke regeling 50% max.€ 1.000.000 2,22% Verplichte bijdragen in exploitatieverliezen en beperkte invloed waardoor beleidsdoelstellingen niet volledig zouden kunnen worden gehaald Financiële tegenvallers, hogere kosten of lagere opbrengsten 30% max.€ 1.200.000 1,59% Niet kunnen afdekken van risico's, die kunnen ontstaan door richtlijnen, voorwaarden, eisen van andere overheden, langere procedures en overige derden-partijen. Toekomstig renterisico. 50% max.€ 700.000 1,56% De financieringsbehoefte zal vanaf 2023 t/m 2025 liggen tussen de € 40 tot € 60 miljoen inclusief de eventuele extra financieringsbehoefte van RijswijkBuiten.
Een en ander is afhankelijk van de ontwikkeling van deze grondexploitatie. De eventuele extra rentekosten worden in rekening gebracht bij RijswijkBuiten. In de begroting is rekening gehouden met financieringskosten van 1,5% over € 60 miljoen, ofwel € 900.000 per jaar voor de algemene dienst. Dit bedrag is voorlopig genoeg om de eventuele rentestijgingen op te kunnen vangen. Door de energiecrisis zal de economie worden afgeremd. Dit zal tot gevolg hebben dat de druk op de renteontwikkeling zal afnemen. Betalingsproblemen bij burgers en bedrijven. 50% max.€ 600.000 1,34% Als gevolg van de hoge inflatie met als gevolg stijgende kosten voor burgers en bedrijven stijgt het risico dat uitstaande vorderingen niet betaald kunnen worden. Grote investeringen 30% max.€ 600.000 0,80% Bij grote projecten worden de investeringen overschreden
Uit de inventarisatie zijn in totaal 62 risico's in beeld gebracht met een totaal geraamd risico van circa € 62.756.000,-.Risico’s met een geschatte omvang kleiner dan € 60.000,- zijn in deze berekening niet meegenomen. Indien een dergelijk risico zich daadwerkelijk voordoet, dienen de lasten hiervan binnen de exploitatiebudgetten opgevangen te worden. Het aandeel van de top 10 risico's in het totaal is € 32.000.000,-.Dit betekent dat de overige 52 risico's optellen tot een bedrag van € 30.756.000,-.
Benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Het bepalen van de benodigde weerstandscapaciteit wordt uitgevoerd met behulp van een risicosimulatie (Monte Carlo methode). Dit is een onderdeel van NARIS® waarbij gebruik wordt gemaakt van de inschattingen van de kansen en gevolgen zoals die per risico zijn aangegeven. Op
94
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
basis van de risicosimulatie kan worden berekend welk bedrag er nodig is om de geïdentificeerde risico’s in financiële zin af te dekken. Hierbij wordt gerekend met een zekerheidspercentage van 90%. Het reserveren van het maximale bedrag van de opgenomen risico's is namelijk niet reëel, omdat de risico's niet allemaal tegelijk en in hun maximale omvang zullen optreden. Het resultaat van deze simulatie is dat met een benodigde weerstandscapaciteit van € 22.697.349,- het voor 90% zeker is dat alle risico's kunnen worden afgedekt. Ter informatie is in de volgende tabel de benodigde weerstandscapaciteit opgenomen bij het hanteren van naastgelegen zekerheidspercentages. Percentage 75% 80% 85% 90% 95%
Bedrag in € € 18.803.960 € 20.198.694 € 21.489.261 € 22.697.349 € 24.086.949
Analyse risicomanagement RijswijkBuiten Afzonderlijk van het gemeente breed gehanteerd risicomanagementsysteem systeem is een risicoanalyse uitgevoerd op de grondexploitatie Rijswijk Buiten. Omdat de werkwijze niet geheel overeenkomt met het gehanteerde systeem worden de resultaten apart vermeld en zijn deze niet opgenomen in bovenstaand overzicht. In de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit en het weerstandsvermogen wordt wel rekening gehouden met de uitkomsten van de risicoanalyse van Rijswijk Buiten voor zover deze niet kunnen worden opgevangen binnen de Grondexploitatie. In de grondexploitaties Sion-’t Haantje Twaalfde herziening, 2024 (woongebied) en Bedrijventerrein Haantje – Pasgeld, 2024 is er een totaalbedrag aan gekwantificeerde risico’s opgenomen van € 4.333.000,-. Het verwachte nadelige saldo van de Grondexploitatie 2023 bedraagt € 20.941.000,- waardoor er binnen de Grondexploitatie geen buffer meer is voor het opvangen van risico’s en deze moeten worden meegenomen in de berekening van de weerstandscapaciteit van de gemeentelijke begroting. Totaal benodigde weerstandscapaciteit Totaal benodigde weerstandscapaciteit Uitkomst risicomanagementsysteem Uitkomst risicoanalyse RijswijkBuiten Totaal
€ 22.697.349 € 4.333.000 € 27.030.349
Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit van de gemeente Rijswijk bestaat uit het geheel aan middelen dat de organisatie daadwerkelijk beschikbaar heeft om de risico's in financiële zin af te dekken. Weerstand Startcapaciteit Algemene reserve Reserve Woonfonds Reserve Investeringsfonds energietransitie en klimaat Onvoorzien Totale weerstandscapaciteit
€ 32.124.000 € 3.300.000 € 7.410.000 € 50.000 € 42.884.000
Bijboekingen
Afboekingen € 11.656.000
€ 135.000 € 135.000
€ 11.656.000
Huidige capaciteit € 20.468.000 € 3.300.000 € 7.545.000 € 50.000 € 31.363.000
*vóór bestemming resultaat 2023
Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, moet de relatie worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico's en de daarbij gewenste en beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen beide componenten wordt in onderstaande figuur weergegeven.
95
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit, kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen. Ratio weerstandsvermogen =
Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit
=
€ 31.363.000 = € 27.030.349
1,2
Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen moeten we eerst vaststellen welke ratio de gemeente Rijswijk nastreeft. Dit gebeurt volgens de nota weerstandsvermogen en risicomanagement met onderstaande waarderingstabel. Waarderingscijfer A B C D E F
Ratio >2.0 1.4-2.0 1.0-1.4 0.8-1.0 0.6-0.8 <0.6
Kwalificatie uitstekend ruim voldoende voldoende matig onvoldoende ruim onvoldoende
De ratio valt in categorie C. Geconcludeerd kan worden dat op dit moment, volgens de huidige analyse van de mogelijke risico’s, vertaald in het benodigde weerstandsvermogen, de kwalificatie ‘voldoende’ van toepassing is. Ten opzichte van de jaarrekening 2022 is de ratio weerstandsvermogen afgenomen van 2,8 naar 1,2. Dit is enerzijds een gevolg van een nà balansdatum opgekomen verhoging van het juridische risico en anderzijds een negatief resultaat over 2023. Omstandigheden die bekend worden ná balansdatum maar vóór vaststelling van de jaarrekening door de raad, dienen verwerkt te worden om een getrouw, duidelijk inzicht te verschaffen in de financiële positie.
Financiële kengetallen Vanaf 2016 moet onderstaande tabel met financiële kengetallen in de begroting worden opgenomen. Gedachtegang van de commissie BBV is dat de toezichthouders (gemeenteraad en provincie) deze kengetallen meewegen bij de beoordeling van de financiële positie van de gemeente. Hierbij moet nadrukkelijk de eigen specifieke situatie in ogenschouw genomen worden, omdat deze voor iedere
96
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
gemeente min of meer uniek is. Oftewel, enige nuancering is op zijn plaats bij het interpreteren van de ‘kale’ cijfers. Kengetal
2022 Jaarrekening 102,7% 102,4% 23,3% 40,4% 4,7% 99,9%
Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
2023 Begroting 113,4% 106,5% 26,7% 31,5% 2,8% 96,2%
2023 Jaarrekening 102,4% 102,4% 19,0% 39,9% -3,1% 93,0%
Toelichting kengetallen Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. De schuldquote in Rijswijk is tijdelijk hoger dan gemiddeld vanwege de grondexploitatie RijswijkBuiten. De netto schuldquote bevindt zich in de categorie 'oranje' volgens de VNG. Als de netto schuldquote boven de 130% stijgt bevindt een gemeente zich in de gevarenzone 'rood'. Solvabiliteitsratio Het solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de medeoverheid in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Het laat de verhouding zien tussen het eigen vermogen en de schulden. Als gevolg van een negatief resultaat in 2022 dat een daling van de reserves veroorzaakt is deze ratio ten opzichte van 2022 gedaald en komt daardoor onder de norm van 20% uit. Het eigen vermogen zal na bestemming van het negatieve resultaat 2023 ook dalen wat direct effect heeft op de solvabiliteit. Grondexploitatie Dit kengetal betreft de verhouding van de waarde van de bouwgronden (grondpositie) ten opzichte van de totale (geraamde) baten. Het totaal van de activa van de bouwgronden in exploitatie bedraagt 39,8% van het totaal baten in 2022 exclusief mutaties van de reserves.
Hierbij komt Rijswijk boven de norm van 35%, dit wordt veroorzaakt door de grondexploitatie RijswijkBuiten welke nog niet afgerond is. Structurele exploitatieruimte Een percentage waarmee beoordeeld kan worden welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. De structurele exploitatieruimte wordt berekend door het saldo van de structurele baten en lasten (baten minus lasten) vermeerderd met het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen (onttrekkingen minus toevoegingen) aan reserves te delen door de totale baten. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht in hoe de belastingdruk in de gemeente zicht verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Rijswijk heeft dit jaar een lagere belastingdruk dan het landelijk gemiddelde van € 944 (meerpersoonshuishouden) Dat is het gevolg van het gebruik van het COELO van de gemiddelde woningwaarde exclusief huurwoningen bij de berekening van dit gemiddelde. Rijswijk gaat uit van de gemiddelde woningwaarde om zo het juiste tarief voor de opbrengst te kunnen berekenen.
97
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Onderhoud kapitaalgoederen Wat wilden we bereiken? Visie op de kapitaalgoederen Het beheer en onderhoud van kapitaalgoederen (openbare ruimte, gebouwen) komt in meerdere programma’s van deze begroting terug. Het vormt financieel gezien een aanzienlijk deel van de begroting en het is bovendien maatschappelijk gezien van groot belang. Om deze redenen wordt het beheer en onderhoud van kapitaalgoederen in een aparte, verplichte paragraaf in de begroting opgenomen. 'Samen werken aan de stad' De gemeente Rijswijk is verantwoordelijk voor de kwaliteit en de veiligheid van de openbare ruimte. We zorgen dat de openbare ruimte op orde is en aansluit bij het hedendaagse gebruik en de identiteit van onze stad. Dit doen we niet alleen, maar samen met Rijswijk. Bewoners zijn niet alleen belangrijke ogen en oren voor het dagelijks beheer, maar we vragen hun ook om actief bij te dragen en mee te denken over passende langetermijnoplossingen. Met elkaar hebben we bepaald wat de basis is en hebben we het minimale kwaliteitsniveau op onze kapitaalgoederen vastgelegd in een integraal beheerplan. Dit overkoepelend beheerplan vormt de leidraad voor onze inzet de komende jaren en zorgt ervoor dat de basis op orde blijft. We werken belangrijke ontwikkelingen verder uit die veel raakvlakken hebben met en/of invloed hebben op het beheer en onderhoud.
Denk hierbij aan de energietransitie, klimaatverandering, ecologie, biodiversiteit en circulaire economie. Doelstellingen 1. De basis op orde De openbare ruimte voldoet aan de gestelde kwaliteitsniveaus en wettelijke zorgplicht. Dat wil zeggen: geen kapitaalvernietiging en het is schoon, heel en veilig en het onderhoudsniveau is gemiddeld “B-kwaliteit”. We inspecteren regelmatig onze kapitaalgoederen en grijpen tijdig in om kapitaalvernietiging te voorkomen. Er wordt gewerkt met actuele beheerplannen, meerjarenonderhoudsplannen en een adequaat dekkingsplan voor zowel de onderdelen in het integraal beheerplan openbare ruimte als voor al het vastgoed. 2. Meedenken en betrokkenheid We willen bewoners actief betrekken bij het beheer en onderhoud van de stad. Door samen aan de slag te gaan, willen we niet alleen een openbare ruimte creëren die beter aansluit op het gebruik, maar ook meer betrokkenheid en waardering realiseren. Samen maken we de stad beter. 3. Versterken van parken en groene zones in Rijswijk Rijswijk is een groene stad. Conform ons groenbeheerplan gaan we de komende jaren investeren in het openbaar groen om dit beeld te behouden en waar mogelijk te versterken. Dit willen we samen met bewoners, gebruikers, partners en bedrijven gaan invullen. 4.
Verduurzaming en innovatie in het beheer van kapitaalgoederen We willen innovatieve technieken in gebouwen-, infra- en groenbeheer gaan toepassen. Daarmee willen we een bijdrage leveren aan de energietransitie en verduurzaming van Rijswijk. Dit aspect nemen we ook mee in de selectie van onze aannemers en toeleveranciers. 5. Optimaal gebruik van gebouwen Wij gaan gebouwen zoveel als mogelijk multifunctioneel inzetten en proberen hiermee de functies te versterken. Hiermee gaan wij kosten besparen en meer interactie stimuleren tussen maatschappelijke partners. 6. Communiceren Jaarlijks wordt fors geïnvesteerd in de openbare ruimte. We willen meer laten zien wat we doen, waarom we het zo doen en wat het betekent voor de stad. We gaan de komende jaren de werkzaamheden meer zichtbaar maken.
Onderhoud kapitaalgoederen 98
Indicatoren Indicator 1. Aantal meldingen over de openbare ruimte 2.Voldoen aan vastgesteld kwaliteitsniveau 3. bezettingspercentage maatschappelijk vastgoed
Begroting 2023 9.000 Niveau B 95%
Realisatie 2023
Areaalgegevens Het openbare gebied dat de gemeente beheert, omvat een omvangrijk aantal objecten met uiteenlopende functies. Vanwege ontwikkeling, uitbreidings- en ontwikkellocaties en aanpassingen in het openbaar gebied zijn de areaalgegevens aan verandering onderhevig. Enkele kengetallen: Groen, water en reacreatie Gazon en gras Beplanting Bomen Water
circa circa circa circa
194 111 30.066 63
ha ha stuks km
Voorzieningen voor kinderen en jeugd Speeltoestellen
circa
689
stuks
Verkeer en verblijf in de stad Verkeerregelinstallatie Doorgaande wegen en pleinen Fiets- en recreatieve paden Bruggen, tunnels en viaducten Lichtmasten (incl. armaturen)
circa circa circa circa circa
45 109 121 310 9.600
stuks ha km stuks stuks
Volksgezondheid en milieu Afvalbakken Ondergrondse verzamelcontainers Bovengrondse verzamelcontainers Riolering en hemelwaterafvoer
circa circa circa circa
970 800 320 231
stuks stuks stuks km
De vastgoedportefeuille die de gemeente beheert, omvat verschillende objecten met uiteenlopende functies: Soor locatie Brede Schoollocaties in eigendom bij de gemeente Rijswijk Cultuurlocaties Sportlocaties (geen onderdeel van brede school) Welzijnslocaties/wijkwelzijnswerk Welzijnslocaties/kinderopvang Ateliers (gebouwen)
Aantal 4
Soort locatie Woningen
Aantal
2 5
Winkelpanden Fietsenstallingen
5 2
3 6 2
Kinderboederijen Overige gebouwen
2 14
12
Wat hebben we er voor gedaan? Integraal beheerplan In ons Integraal beheerplan openbare ruimte staat aangegeven wat de doelstellingen zijn en welke activiteiten wij verrichten. Samenvattend is het credo: slim, doelmatig en sober. Wij zorgen voor de veiligheid en houden de basis op orde. De benodigde middelen voor het realiseren van de kwaliteit hebben we inzichtelijk.
Onderhoud kapitaalgoederen 99
Product Integraal beheerplan Buiten Beter 2021-2025
Baggerplan 2021-2026 Beheerplan groen 2020-2024
Beheerplan kunstwerken 2023 - 2027 Beheerplan oevers 2019-2023 Beleidsplan OV openbare verlichting 2023-2027 Beheerplan VRI verkeersregelinstallaties 2016-2020
Beheerplan spelen 2019-2022 Nota speelbeleid Gemeentelijk Riolerings- en Waterplan Rijswijk 2021 t/m 2025 MOP’s Maatschappelijk Vastgoed 2015-2025
Niet maatschappelijk vastgoed
Ambitie Dit overkoepelend beheerplan vormt de leidraad voor onze inzet de komende jaren en zorgt ervoor dat de basis op orde blijft. Ook worden belangrijke ontwikkelingen die veel raakvlakken hebben met en invloed hebben op het beheer en onderhoud, zoals de energietransitie, klimaatverandering, biodiversiteit en circulaire economie beschreven en betrokken. We behalen een gemiddelde kwaliteit in het beheer en onderhoud van kwaliteitsniveau B (op basis van landelijke standaarden van het CROW-instituut). Voldoen aan wettelijke eisen waardoor de benodigde diepte van de watergangen is gewaarborgd. Het Baggerplan is in 2021 vastgesteld. In het beheerplan groen zijn keuzes gemaakt op welke wijze we ons groen onderhoud en hoe het groen bijdraagt aan doelstellingen op gebied van o.a. duurzaamheid, klimaatbestendigheid en leefbaarheid. Uitvoeren van de maatregelen die benodigd zijn om de functionaliteit te waarborgen en de veiligheid te garanderen. In standhouden van de oevers waar noodzakelijk en omvormen naar natuurvriendelijk waar mogelijk. In het beheerplan wordt gefocust op preventief beheer, onderhoud en ‘duurzaam beheer’. Bij vervanging van de VRI passen we energiezuinige installaties toe. Achterstand kabels wegwerken. Het toepassen van LED verlichting met een dimregime voor het bijdragen aan de ambitie van duurzaamheid en verkeersen sociale veiligheid.
Het integrale beheerplan Spelen is begin 2019 vastgesteld. Onderhoud is beperkt tot strikt noodzakelijk onderhoud voor het veilig houden van wegen. De piek in onderhoud voor de vervanging van riolering spreiden door levensduur verlengende maatregelen uit te voeren. Het zorgen voor een duurzaam, veilig en robuust watersysteem. In 2021 heeft herijking van het beheerplan Maatschappelijk Vastgoed plaatsgevonden. Dit beheerplan is door de gemeenteraad goedgekeurd en vastgesteld. Uitgangspunt hierbij is de kwaliteit van het vastgoed duurzaam in stand te houden In 2021 zijn de meerjarenonderhoudsplanningen geactualiseerd. Onze ambitie is om het vastgoed veilig en bereikbaar te hebben en houden.
Uitdagingen en risico's Inlopen achterstanden We zien dat de basis nog niet op orde is voor de prodcuten wegen en bruggen. Dit komt door de beperkte onderhoudsbudgetten van de afgelopen jaren. De middelen die voortvloeien uit het Integraal beheerplan openbare ruimte zijn berekend op het op orde houden van de basis. We gaan extra investeren in het wegwerken van de achterstanden zoals vastgesteld is in het IBOR. Deze investeringen worden ingezet voor het versneld vervangen van bruggen en voor reconstructies aan de wegen. In 2021/2022 zijn we gestart met de voorbereidingen en is een start gemaakt met het herstelprogramma. Bij de kabels van de openbare verlichting (OV) bestaat een grote achterstand. We hebben ongeveer 250 km aan kabels in Rijswijk. We hebben reeds 48 km vervangen. Daarmee liggen we voor op schema, maar gezien de omvang van het project zijn we hier nog vele jaren mee bezig. Voor de komende jaren hebben we het aanzienlijke bedrag van €669.000 per jaar vrij gemaakt om kabels in de oudste delen van Rijswijk te vervangen. We hebben een areaal van ongeveer 9500 armaturen (OV). Hiervan is 40% procent vervangen voor duurzame ledverlichting. Ook hebben we hiervoor extra middelen vrijgemaakt waarmee we de komende jaren de achterstanden wegwerken zodat we kunnen overgaan naar een duurzamere openbare verlichting. Bij de vervanging van verkeersregelinstallaties zijn er twee cycli.
Momenteel zitten wij in de cyclus waarbij de regelinstallatie en de lichten worden vervangen.
Onderhoud kapitaalgoederen 100