CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept verslag Forum stad 4 april 2023.docx

Forum Stad 16 mei 2023, gemeente RijswijkBij agendapunt: Vaststellen verslag forum 4 april 202332.080 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Ik ben wel nieuwsgierig hoelang de verwachte vertraging is door het cassatieverzoek, en heeft deze vertraging gevolgen voor de plannen? Dat was het, dank u wel. De voorzitter: Dank u vriendelijk. Wie mag ik dan het woord geven? Mevrouw Woudstra, D66. Mevrouw Woudstra (D66): Dank. Ik hoop dat de camera zich inmiddels gaat gedragen. De voorzitter: Hij zwenkt weer mee, ja. Mevrouw Woudstra (D66): Met dank voor ook alle wijzigingen aan de technische kant. Gezien de marktomstandigheden waarin prijzen stagneren, hypotheekrente anders is, is het niet verwonderlijk en toch erg vervelend dat sprake hebben met mogelijk verlies op de grex en het nieuwe moeten van financieren dus ook een punt is waar wij zeker van balen. Dat is al vaker uitgesproken. Er zijn natuurlijk momenten geweest waar we heel trots konden zijn op dingen van de grex en nu zitten we toch op momenten die het moeilijker

maken. We staan dan ook achter de maatregelen die worden genomen. We zijn ook heel benieuwd hoe we nog meer kunnen kijken naar subsidies, of het verlengen van de looptijd toch nog een mogelijkheid is om het verlies te kunnen beperken, maar we horen daar graag een afweging ook van de wethouder dan wel in het vervolg een te maken afweging over. Aan de andere kant willen we ook waken dat het ons gaat om de kwaliteit van de openbare ruimte. We hebben dat punt al vaker gemaakt, er worden soms dingen toegerekend aan de grex, een rioolvoorziening of andere punten, die straks overgaan naar de gemeente. Als we daar nu fouten mee maken, hebben we daar later last van. Dus wij willen daar blijven benadrukken dat de kwaliteit van de omgeving op de lange termijn ook belangrijk is, naast het nu zorgen voor het beperken van de kosten. Wij hebben daar wel een aantal vervolgvragen. Hoe staat het met de toezegging van het college over het monitoren van de biodiversiteit? De inspreker noemde het al, er wordt heel veel gesproken – logischerwijs, omdat het grondexploitatie is – de kosten en de opbrengsten. Maar we hebben natuurlijk ook een beleidskader, wat nu niet in deze grex zit, maar waar de grex uiteindelijk wel mee moet rekenen en we hebben een toezegging over het monitoren van de biodiversiteit.

We horen graag wanneer het college met concrete feiten en cijfers komt, zodat de raad haar controlerende taak, ook op de biodiversiteit, ook op het groen, ook op het water, kan uitoefenen en bij kan sturen. We krijgen die dan ook graag tijdig, want bijsturen betekent dat we daar ook wat mee kunnen in de komende periode. Kan het college ook toezeggen dat niet wordt beknibbeld op de kwaliteit van de openbare ruimte en de toezegging met betrekking tot het realiseren van de ecologische structuren in het ontwikkeld gebied? We horen daar verschillende discussies over en we krijgen bij verschillende presentaties daar ook stukjes van terug. Over structuren die wel kunnen voor het groen, structuren die niet kunnen, maar we zouden daar ook wel graag consequent in zijn en over teruggekoppeld worden zodat we daar die keuzes in kunnen maken. Hoe zorgt het college ervoor dat ontwikkelaars met deze uitdagingen op de markt blijven zorgen voor kwalitatieve bouw, en zijn er maatregelen voor of lopen daar gesprekken over, bijvoorbeeld ook met de mogelijkheden die – dan moet ik even zeggen, hoe heet het ook alweer? – het woonteam van de provincie en het woonteam van het ministerie en Platform31 daar allemaal voor bieden. We weten dat die contacten er zijn, maar willen er toch nog op wijzen hoe belangrijk we dat vinden ook in de kwaliteit en de lengte daarvan.

We zijn benieuwd naar de stand van zaken van het bedrijventerrein Haantje en Pasgeld. Er staat nu dat die in de grex zit. Eerder is ook wel gesproken over mogelijkheden voor ontvlechting en we horen daar graag meer over hoe het college dat inschat. Dank. De voorzitter: Dank u wel. Wie mag ik verder het woord geven? Dan is de heer Van Dam. De heer Van Dam (Wij.Rijswijk): Dank, voorzitter. Ik heb ik heb één vraag, of althans, er wordt aangegeven in het stuk dat we in Q3 geïnformeerd gaan worden over een actieplan dat wordt opgesteld om eventuele stijgingen om daar op te kunnen sturen, om eventuele meerkosten te kunnen bedwingen, ideeën die daarvoor zijn en daar krijgen we in Q3 dan iets als raad over te horen. Mij is dan niet duidelijk of daar dan in Q3 al meteen wat aan kan worden gedaan, of die acties die in dat actieplan dan staan al worden uitgevoerd, of dat dat een plan is dat ter ontwikkeling staat en later nog dan Q3 naar de raad toekomen. Dat lijkt me dat als we kostenstijgingen blijven hebben en we hebben daar de mogelijkheid om te kunnen bijsturen, dat we dat zo snel mogelijk zouden willen doen. Dus ik zou graag willen weten wat het tijdspad is van dat actieplan. Daarbij laat ik het. De voorzitter: Dank u wel. De heer Braam namens Beter voor Rijswijk.

De heer Braam (Beter voor Rijswijk): Hoeft niet al te lang te houden, hoor, want enkele vragen zijn gesteld, onder andere door D66, dus die ga ik niet herhalen. Wat ik wel belangrijk vind is om toch ook te constateren

dat door het maken van keuzes, en dat betekent minder bouwen in Pasgeld en dus meer groen toevoegen en meer water toevoegen, dat kost wel veel geld en het niet bouwen van meer woningen, dat levert ons veel minder geld op. Dan weet je ook dat je een aantal miljoenen achteruit loopt. Voor de rest hebben we natuurlijk wel de tijd tegen dat die rente fors aan het stijgen is, dat is balen. Maar ja, goed, je weet dat dat ook op je af kan komen. Het kan weer keren, dus we hebben natuurlijk behoorlijke fluctuaties meegemaakt, dus het kan enigszins nog meevallen op termijn. De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik dat niet echt zie gebeuren, maar goed. Het is iets wat we helaas zullen moeten accepteren, hoe pijnlijk het ook is. Maar ja, ook door de keuzes die we uiteindelijk ook zelf maken, zoals ik net eerder in mijn betoog heb aangegeven. De voorzitter: Dank u wel. De heer Oelen, VVD-fractie. De heer Oelen (VVD): Dank, voorzitter. Meerderen hebben het al gezegd, toch wel teleurstellend waar we nu weer naar kijken. De volgende emmer die wordt leeggegooid in deze vergadering en daar maken wij ons als VVD toch wel ernstige zorgen over. De heer Braam is daar wat luchtiger over, maar dat is in ieder geval niet de houding van de VVD. Ik snap heel goed hoor, dat er sprake is van hogere rentes, inflatie, gestegen bouwkosten.

Ik begrijp ook dat dat gevolg heeft voor betaalbaarheid van bouwprojecten. Ik probeer alleen nog maar even te doorgronden waarom dit de gemeente dan eigenlijk zoveel geld moet gaan kosten. Betekent dit dat wij allerlei prijzen die wij aan ontwikkelaars doorrekenen verlagen, zijn de kosten die wij zelf maken voor bouwrijp maken dan zo enorm gestegen, et cetera? Ik zou de wethouder willen vragen om mij daar nog iets meer in mee te nemen. Er zijn zorgen die hopelijk worden weggenomen ook met de aanpassingen die worden voorgesteld om te voorkomen dat bouwprojecten alsnog worden gestaakt, dat we daarmee nog verder in de problemen gaan komen met de grex. Kan de wethouder – of kan het college liever gezegd, want dat gaat buiten ook de portefeuille van de wethouder van Financiën – de raad misschien een analyse toezeggen die breder is dan alleen RijswijkBuiten, maar waarin wel een risico-inschatting wordt gemaakt van de bouwprojecten die er nu allemaal lopen in Rijswijk? Dat zijn er best veel en als je alle verhalen hoort om in en om Rijswijk. We hebben een tijdje geleden al een presentatie gehad over de bouwprojecten waar ook al wat zorgelijke geluiden werden gehoord, maar ik zou een gedegen analyse vanuit college graag tegemoet zien waar we eigenlijk naar kijken en hoe groot de risico's zijn die we in de stad lopen.

Dat is breder dan alleen een financieel risico, maar ik vind het ook een risico als er bepaalde bouwprojecten gewoon stil komen te staan en we tegen lelijke rotkiezen in de stad moeten gaan aankijken. Ik lees dat een actieplan naar de raad gaat komen voor Q3. Een aantal denkrichtingen die in het plan komen zijn al in dat raadsvoorstel genoemd, dat is mooi. Ik stimuleer de wethouder dat dit eerder aan het begin van Q3 dan aan het eind van Q3 gereed is. Ik vroeg me hier nog wel af of de raad – en ik hoor ook wat vragen hierover in het forum – over die maatregelen of de raad daar dan ook een rol nog in gaat krijgen, anders dan dat wij erover geïnformeerd gaan worden. Ik zou verder graag willen weten wat dit alles betekent voor de financiële ratio's van de gemeente in relatie tot jet profiel waarvoor wij hebben gekozen, en of dit betekent dat er elders nog maatregelen getroffen moeten gaan worden om dat solide profiel te kunnen handhaven. Het bedrijventerrein Sion – ‘t Haantje in de grex, daar hebben andere fracties ook al het een en ander wat over gezegd. We moeten, als ik hem maar even plat sla – bijplussen vanuit de opbrengst van de woningbouw op de grex van Sion – ‘t Haantje.

De provincie, lees ik, staat niet toe dat er alsnog een woonbestemming gaat komen, ook vanuit het ministerie van EZK wordt aangedrongen dat het bedrijventerrein benut is en benodigd is voor de opgaven die er in de regio zijn. ‘t Haantje zal dus geherstructureerd en verduurzaamd moeten gaan worden. Dat raakt gelijk ook het volgende agendapunt op deze agenda en het agendapunt daarna, want daar zit een relatie tussen. We hebben een bedrijventerrein wat herontwikkeld moet worden, we zitten in industrieschap dat alle kennis van zaken heeft om hier verstandige dingen te gaan doen en ziet de plannen ook in het volgend agendapunt rondom het middengebied van de Plaspoelpolder, de GAVI-locatie en het IPP heeft goed geld op de planken liggen. Dus het

lijkt de VVD Rijswijk om allerlei redenen verstandig om dat bedrijventerrein in ontwikkeling en financiële dekking onderdeel te laten vormen van de investeringsagenda van het industrieschap, en dat het industrieschap vervolgens gaat onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om dekking te vinden voor het geraamde tekort van het bedrijfsterrein, waarbij ook de externe positie of de reservepositie van het IPP wordt betrokken. Grex van ‘t Haantje kan dan worden losgekoppeld van de woningbouwgrex, waarbij we niet langer vanuit de woningbouwopgave tekorten van het bedrijventerrein financieren. We realiseren ons heel goed dat niet alleen Rijswijk daarover gaat, want we zitten met andere gemeenten in het IPP, in het industrieschap, maar we willen graag, als het college dit ziet zitten, het college een duwtje meegeven en dat zouden we willen doen om tijdens de raadsvergadering een motie in te dienen die deze strekking heeft. Die motie zal ook raadsbreed bij de andere fracties worden gedeeld, waarbij ik natuurlijk hoop dat deze breed wordt meegetekend, zodat het ook aan onze buren duidelijk is dat Rijswijk dit heel erg graag wil. Ik hoor natuurlijk nog wel even van de wethouder of hij deze denkrichting kan omarmen.

Ik hoor ook nog even of het, omdat de twee zienswijzen – en daarmee, voorzitter, heb ik gelijk ook de inbreng van de volgende twee agendapunten gehad –of ik ook moet amenderen op de twee zienswijzen die hierna worden behandeld om ook deze richting meer handen en voeten te geven. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Oelen. Mevrouw Kames namens Rijswijks Belang. Mevrouw Kames (Rijswijks Belang): Dank u wel. Ik ben heel blij met mijn collega mijnheer Oelen, die heeft het allemaal zo goed verwoord en alle vragen gesteld, dus ik ga met aandacht luisteren wat we wethouder beantwoordt. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we dat … Mijnheer Van Enk, CDA. De heer Van Enk (CDA): Dank u wel. Ik sluit me aan bij mevrouw Kames die de heer Oelen complimenteert over zijn inbreng. Ik zou alleen nog willen stipuleren dat onderzoeken of resultaten kunnen verbeteren door verder optimaliseren en verkavelen en de programma’s indikken, dat ik daar los van de omstandigheden toch nooit een voorstander van ben. Ook niet als het om bedrijven gaat, ook niet als het om woningen gaat. Terecht natuurlijk dat de relatie wordt gelegd naar Pasgeld-Oost, maar ook als je daar hebt besloten om minder woningen te bouwen, dan mogen dat wel luxere en duurdere woningen zijn die ook meer opbrengen en daarmee de grondopbrengsten neutraliseren qua programma.

Daar zoek ik het toch liever in, in mooiere, betere, duurdere kwaliteit, om een grondexploitatie sluitend te houden, waar we al die tijd toch uiteindelijk goed in geslaagd zijn, dan dat we gaan verdichten en herverkavelen, want dan wordt het, als je niet uitkijkt, een onaantrekkelijk gebied. Ik zou graag van de wethouder iets horen over de oplossingsrichting zoals ik hem net mijn voorkeur voor uitspreek. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan wij naar wethouder Van de Laar, gaat uw gang. De heer Van de Laar: Voorzitter, dank u wel. Ik ga gelijk beginnen met de vragen dan sluit ik af om nog even stil te staan bij het tienjarig jubileum van het RijswijkBuiten. PvdA, een visie om het risico te beperken. Dan neem ik aan dat u bedoelt het risico wat er is dat de verliesvoorziening ook daadwerkelijk wordt gerealiseerd. Want ik denk dat we die tot een minimum willen brengen. Er zijn een aantal zaken, zoals toch ook staat opgenoemd in het raadsvoorstel, waar we aan kunnen denken, zoals de afzet garanderen. Dat kan met allerlei regelingen om het aantrekkelijker te maken, zoals de koopstartregeling, of erfpachtinstrument wat we ook voor ondernemers hebben geïntroduceerd. Dat kan ook door woningen te bouwen die aantrekkelijk zijn in deze markt. Dus we zien dat woningen rond de acht ton niet verkopen, maar voor andere woningen is er nog absoluut veel interesse.

We zijn op zoek naar subsidies zouden meer kunnen doen. Nou, dat hele rijtje wat

daar staat, dus dat is eigenlijk de visie. De visie is ook dat we, zoals omschreven staat in het raadsvoorstel, we steeds slimmer moeten zijn dat de sturingsmogelijkheden steeds kleiner worden, omdat het een heel groot deel van programma al gerealiseerd is en naarmate we dichter bij het einde komen van de ontwikkeling, dat we steeds minder kunnen sturen. De visie is niet om nog eens duizend woningen extra erbij te bouwen. Een paar jaar geleden zaten we eigenlijk voor dezelfde vraag, werden we ook geconfronteerd onder andere door de DSM-procedure en de negatieve gevolgen die dat opleverde. Toen hebben we een heel maatregelenpakket in de Sionsgaarde overlegd en daarna hier vastgesteld in de raad en dat zag er wel echt programmatisch grote wijzigingen. Toen is er meer bedrijventerrein uitgegeven, er zijn vierhonderd woningen extra bij gekomen, Pasgeld-Oost is er toen bijgetrokken. Zo zijn er toen een aantal maatregelen echt programmatisch genomen en nu is de visie om meer te kijken op het vlak van risicobeheersing en het optimaliseren van het huidig programma. Ik kom daar zo meteen nog op terug. Dus dat is de visie. Uw vraag over 3b, over van vijftien naar veertien, daar moet ik als ik daar vanavond nog iets over hoor moet ik daar schriftelijk op terugkomen.

Ik weet niet of dat betrekking heeft op het totaal wat op het einde het geval zou zijn, of dat nu een tijdelijk iets is, want die percentages kunnen fluctueren naarmate een project is opgeleverd. Als er een sociale woningbouwproject is opgeleverd, dan is het weer een hoog percentage, maar komen er weer twee keer zoveel vrijesectorwoning in dat jaar, dan verandert dat percentage weer. Maar daar kom ik dus op terug. GroenLinks, bouw en verkoop gestaag door. Ja, dat klinkt wat paradoxaal. In alle berichten die we lezen in de krant, die we ook zien en wat gemeenten voor een onorthodoxe maatregelen nemen, zoals gemeente Den Haag onlangs die 3 miljoen bij een project gewoon moet bijplussen, gewoon cash uit de begroting bij wijze van spreken of gewoon overmaken. Toch, ook wij zien in onze verschillende projecten dat die het heel moeilijk hebben op dit moment, omdat de rentes en de kosten vooral gestegen zijn en de opbrengstprijs, zoals ook in het raadsvoorstel staat, onder druk staat. Dus om dan gelijk een antwoord te geven op de heer Oelen, dat is het verschil in die grondwaarden. Dus de kosten stijgen, de prijzen dalen en het verschil is de residuele grondwaarde die wij ervoor krijgen, dus op die manier dalen onze opbrengsten en stijgen ook onze eigen kosten die wij moeten maken voor het bouwrijp maken van de grond. Toch zeggen wij: ja, onze bouw en verkoop gaat gestaagd door.

Dat heeft onder andere verschillende aspecten, onder andere te maken met dat we hele goede band hebben met de ontwikkelaars in de bouwers in RijswijkBuiten. Dit is ontstaan in de crisis, toen is met open boeken ontwikkeld en ook omdat de bouwbedrijven aan de gang moesten blijven. Daardoor is er nu zo'n goede relatie ontstaan zodat een prioriteit van de bouwers en de ontwikkelaars ook echt hier ligt om hierdoor te blijven bouwen. Maar het moet natuurlijk wel uit kunnen en het moet wel kunnen verkopen. Dat zien we sommige projecten in hogere segmenten gaan moeilijker, maar er is nog steeds een ongelooflijke grote vraag aan betaalbaar. Maar ook vorige week zijn de Parels aan het Groen in de verkoop gegaan, zeventien woningen eerste fase rond de vijf, zes ton en daar zijn nu al 75 inschrijvingen voor. Dus dat is toch een heel mooie. Drie jaar geleden ontstond er een file op de Beatrixlaan als er zulke woningen en dat is niet meer het geval, maar 75 is echt een heel goed teken. Voorzitter, als u mij toestaat een beetje uit te weiden naar een sprongetje. Ik heb vorige week met alle projectontwikkelaars gesproken in de stuurgroep van het havengebied en alle projectontwikkelaars van het Kessler Park en die verwachten dat de markt wel gaat stabiliseren qua kosten en ze zien gewoon een aanhoudende vraag.

Dus daar kreeg ik geen heel negatief gevoel bij, maar ik denk dat een risicoanalyse wel op zijn plaats is – en dan geef ik daar antwoord op de heer Oelen – om te zien vooral inderdaad vanuit het perspectief: wat gaat dat doen met onze stad, gaan er gaten vallen? Want niet zozeer financieel, in de rest van de stad lopen wij niet zo'n heel groot financieel risico zoals in RijswijkBuiten we doen, en dan is die stadsontwikkeling en die gaten misschien wel het grootste risico. Dat is tegelijkertijd heel erg moeilijk, omdat het echt per week verschilt bijna en per project ook echt heel anders is. Het ligt aan wat voor soort woningen het zijn, wat voor soort belegger er is, wat voor soort financiering erachter zit, wat voor soort verkoop. We zien sommige projecten, maar die zijn wel gelukkig echt in de minderheid, die het heel zwaar hebben en daar zijn we nu hele serieuze, Den Haag-achtige overwegingen aan

het maken, om het zo te zeggen. En andere projecten gaan gewoon volle vaart door. Dus we zien, GroenLinks, genoeg aanleiding om te zeggen dat in RijswijkBuiten de bouw en de verkoop gestaag doorgaat. Het optimaliseren heeft onder andere te maken en het flexibiliseren, het zijn wat algemene termen, met: wat is nou een slimme bouwplanning en wat zijn nou … Dat woningprogramma staat nog niet vast, dus wat zijn nou verkoopbare woningen? Rationaliseren, dat is ook nog zo’n term. Bijvoorbeeld als je een rij woningen, het is heel mooi in RijswijkBuiten, die inspringen en verschillende gevels en zo, en als je het allemaal op één rooilijn gaat zitten is dat goedkoper. Ja, dat zijn eigenlijk de zaken – en dan kom ik bij mevrouw Woudstra terug van D66 – waar we niet op willen ingeven, op de kwaliteit van RijswijkBuiten. Collega Wit heeft daar ook een bovengemiddelde belangstelling voor, want ik heb veel gesprekken gehad. Ook bijvoorbeeld als je kijkt naar Parkrijk, daar waren de plaatjes ook anders, de eerste schetsen. Dat waren ook termen als optimaliseren en rationaliseren en dat is toch een iets minder groen karakter geworden dan die plaatjes oorspronkelijk eruitzagen. Dus het is nu de kunst om niet in diezelfde richting op te gaan, maar dan hebben we daar een waarborg voor, zal ik maar zeggen.

We hebben zelf binnenkort het bestemmingsplan Pasgeld-West in de raad, dus dan zijn we er gewoon allemaal zelf bij. Ontvlechting bedrijventerreinen. Ik weet eerlijk gezegd niet waarom daar ooit voor gekozen is. Er zijn andere mensen inderdaad die dat geloof ik wel heel goed weten, maar dat was ook de makkelijkste oplossing eigenlijk en de hoop ook, omdat die woningbouw zo goed zou gaan dat dat tekort ruimschoots goedgemaakt zou worden. In de tussentijd zijn allerlei verschillende zaken bij die grex toegevoegd, waardoor die onrendabele top of dat het steeds onzuiverder wordt eigenlijk. Het voorstel is nu om die onrendabele top op het bedrijventerrein eruit te halen, om dat wat meer explicieter te maken, omdat wij zien dat het tekort aan bedrijventerreinen stijgt in de regio en daarmee de prijs voor bedrijventerreinen ook en daarmee dus subsidies die beschikbaar worden voor bedrijventerreinen ook. Dus vijf jaar geleden begon ik hier en dan was er nog 200 euro de meter, misschien nog wel minder voor een meter bedrijventerrein, en die zit nu op 350 euro, zoiets rond die prijs.

We denken dat dit een goed moment is om het eruit te halen en een apart programma daarop te zetten, om te zien of daar inderdaad subsidies voor zijn, of we daar op een andere manier geld kunnen maken of vandaan kunnen trekken die we niet zo makkelijk in een woningbouwproject, wat RijswijkBuiten toch vooral is, op dezelfde manier zouden kunnen krijgen. Ik vind het een hele goede suggestie, daar hebben we dan ervaren mensen voor nodig die dat kunnen, die de connecties hebben, die de ervaring hebben en dat zou het IPP heel goed kunnen zijn om dat mogelijk tot hun gebied te rekenen. Cassatie, ik weet niet hoelang dat gaat duren, maar dat is hetzelfde casus als waar we een raad geleden u een mogelijkheid heeft gegeven aan het college om een onteigeningsprocedure te beginnen. Maar eerst moet de potentiële verkoper het op zien te lossen met ProRail. Daar ligt nu dat cassatieverzoek en als dat nou niet gaat werken, dan heeft u ons in staat gesteld om daar versnelling in aan te brengen. D66, het verlengen van de looptijd, is dat een idee? Ja, dat willen we ook gaan doen, dus nu 2026 wordt 2030. En waarom? Enerzijds zijn we daartoe gedwongen, omdat het langzamer gaat, de bouw en met name de afzet gaat langzamer, dus in 2026 is niet klaar. En van de andere kant, en dan kijk naar de heer Braam, het kan verkeren.

Het kan verkeren inderdaad, dat is ook wat ontwikkelaars zeggen en daarmee heb je meer ruimte om te plannen als je de looptijd verlengt. Dus dat is het idee om dat tot 2030 te doen. Investeringen overhevelen naar de exploitatiebegroting, dat zou misschien iets kunnen zijn wat in het actieplan voor Q3 terechtkomen. Er zijn niet meer zoveel investeringen en de vraag of we dat zouden willen. Wat betekent dat bijvoorbeeld? Dat is de vorige keer een paar jaar geleden ook gebeurd, dat is een van de maatregelen, bijvoorbeeld de riolering of de brug, dat die niet meer binnen de grex wordt opgelost, maar dat je zegt: dat is een voorziening waar de hele stad iets aan heeft, die schrijven we af op de exploitatiebegroting, in plaats van dat we het hele bedrag nu nemen in de grex. Dus in plaats van anderhalf miljoen binnen de grex schrijf je bij wijze van spreken 200.000 euro af in veertig jaar. Maar daar zien we nu niet zo heel veel mogelijkheden meer voor, omdat alles al elders zit. De kwaliteit van de omgeving, daar kunt u zichzelf ook nog over uitspreken bij de behandeling van het bestemmingsplan Pasgeld-West, maar daar heb ik een en ander over gezegd. De

monitoring van de biodiversiteit, dat zou ik toch niet willen behandelen bij de grex, maar misschien dat de heer Wit daar nog iets over kan zeggen, want dat is echt iets voor het groenbeleidsplan zou ik zeggen. De kamer van de provincie of de expertise van de provincie, ik denk dat inmiddels de provincie bij ons aan kan kloppen voor dat soort expertise. Maar wij zijn heel goed aangehaakt op dat soort en ook zeer gewaardeerd dat soort instrumenten bijvoorbeeld. Wij zijn onlangs met een casus die we hadden die onder water staat naar de Versnellingskamer geweest van BZK. De Versnellingskamer bestaat uit allerlei commerciële ontwikkelaars, ook die ingehuurd zijn door BZK, dan krijgen ze een casus, dan kunt u brainstormen: wat kan je hier allemaal doen? Daar kwam, en dat is ook leuk om te vertellen, twee keer zijn we daar geweest en twee keer hebben ze gezegd: Rijswijk, jullie hebben het goed in orde, jullie hebben alles onderzocht, we kunnen niets meer bedenken voor jullie. Dat is ook jammer, eerlijk gezegd. Een compliment aan de ambtenaren is dat. Bedrijventerreinen ontwikkelen heb ik iets over gezegd. Het actieplan Q3. Nee, we wachten niet met maatregelen nemen totdat het actieplan er is. Het zijn heel veel verschillende maatregelen van allerlei verschillende niveau, dus erfpacht en koopstart, dat kan gewoon nu al. Ook een nieuwe lening moest er afgesloten worden.

Er is een rentepercentage gebruikt in de raming van 3,7 procent, maar we hebben inmiddels een lening kunnen afsluiten van 3 procent. Dus daar hebben we al een deel eigenlijk ingehaald. Heel veel van dat soort zaken zijn ongoing. Als er nou echt programmatisch iets is, dan komt dat in Q3 in dat actieplan. Ik denk eerlijk gezegd dat dat actieplan tegelijkertijd komt met de grote projectenrapportage, die komt, meen ik ook in Q3. Dan kijk ik even, of is dat juist in het voorjaar? Nou ja, zoiets. Maar we zijn nu bezig met al die maatregelen nemen en als er programmatisch iets gebeurt, dan wordt dat zeker aan de raad nog voorgelegd. Even kijken. De verschillende, BvR, VVD over die kosten en gronden. Actieplan, rol van de raad, de analyse van de risico's. Ik wilde voorstellen eigenlijk, Deloitte heeft een onderzoek gedaan over wat de gemeente kan doen, Rijswijk specifiek, aan de bouw bevorderen en hoe we om moeten gaan met deze marktrisico's. Dat was echt een heel heldere presentatie en ik wilde eigenlijk voorstellen om die ook aan de raad te geven en dan kunnen we dat in één keer meenemen. Maar uw agenda is heel druk, dus ik heb ook nog niet het verzoek ingediend, omdat ik ook zocht naar het meest relevante moment eigenlijk. Maar ik neem dat mee samen, dat Deloitte-onderzoek en die analyserisico, dat we dat onderwerp in ieder geval adresseren.

De financiële ratio's, dat klinkt denk ik iets geloofwaardiger uit de mond van de wethouder Financiën wat voor effecten dat heeft. Dan heb ik denk ik alle vragen beantwoord, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Van Damme dan, gaat uw gang. De heer Van Damme: Dank u wel, voorzitter. Ik word uitgedaagd door mijn collega. Ik ben het natuurlijk geheel met de VVD eens dat we dit in zijn geheel moeten bekijken, want alle tegenslagen die we nu hebben, die hebben natuurlijk zijn weerslag gewoon op de financiële ratio's en het profiel daarbij. Uit de overdracht heb ik gekregen dat we streven naar een neutraal profiel. Dat is ook wel solide denk ik, maar dit doet dus wat met de ratio’s. Ik kan wel al zeggen, want we zitten continu te rekenen aan onder andere de ratio’s, maar ook aan de begroting en jaarverslagen, dat we dat dat effect wel gaan zien, maar dat we niet door een ondergrens zakken. Dus wij blijven dit steeds ook integraal afwegen en dat gaan we natuurlijk ook samen met de hele raad doen. Dat nog in aanvulling op wat mijn collega aan mijn linkerzijde, voor u rechterzijde, aan de overkant heeft gezegd. Dit betekent wel, dus dit is zowel die Huis van de Stad – ik noem toch maar even het vorige agendaonderwerp – als dit en die verliesvoorziening, dat we negatieve cijfers gaan schrijven over 2022.

Dat lijkt me helder, hè? Ik heb dat ook laatst nog in een brief aangekondigd over de budgetoverheveling, dus was het nog in het najaar rooskleurig 4 miljoen – ik schat hem voor nu heel positief – we gaan nu echt wel negatieve cijfers schrijven over 2022. Dus dat doet wat met die ratio’s. Dan toch nog even terug over het volgende agendapunt. Ze lopen nu wat door elkaar, de agendapunten. De IPP, de heer Oelen begon daar ook over, ik denk dat wij goed kijken naar de rol van het IPP, die ook een rol zou kunnen spelen bij de ontvlechting

van de bedrijventerreinen uit die grex, maar ik hecht wel heel erg aan een zorgvuldig proces met onze partner in deze gemeenschappelijke regeling. Dus het amenderen van de nu voorliggende zienswijze, daar twijfel ik ernstig aan. Tegelijkertijd zou een motie ons ook wel helpen richting de toekomst ook van het IPP, dat nog even gezegd hebbende. De voorzitter: Dank u wel. Ter afronding van deze termijn aan de kant van het college nog het woord aan wethouder Wit. De heer Wit: Even kort ingaande op de biodiversiteit en ecologie. Het is natuurlijk een traject wat continu loopt en waar ik ook continu scherp op ben. Op het moment dat wij welk voorstel dan ook over Pasgeld of RijswijkBuiten naar voren krijgen, dat lijkt me logisch vanuit mijn portefeuille een van de eerste dingen waar ik naar kijk: is klimaatadaptie goed geborgd, is natuurinclusiviteit goed geborgd? We hebben daar afspraken over gemaakt in het verleden hoe we dat in deze wijk willen doen en daar blijf ik me ook hard voor maken. Het moment dat wij bestemmingsplan gaan vaststellen zal ook daar in het bestemmingsplan ook duidelijk de randvoorwaarden aan meegegeven worden. Dus ik hoop dat dat voldoende antwoord is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u vriendelijk. Dan is het 22:43 uur en dan vraag ik wie er behoefte heeft aan een tweede termijn bij dit agendapunt. De heer Oelen, gaat uw gang.

De heer Oelen (VVD): Dank, voorzitter. Heel kort, hoor. Allereerst dank voor de beantwoording uiteraard. Helder dat die amendementen er niet hoeven te komen. Die komen er dan ook niet, dat scheelt ook weer wat huiswerk in het weekend. Maar de motie dus wel en ik hoor, ervan uitgaande tenminste dat deze wordt dan aangenomen in de raad, dat dat een welkome steun ook in de rug is in de gesprekken met de partners in de regio. Die steun is u natuurlijk van harte gegund. Ten aanzien van de risicoanalyses en het Deloitte-onderzoek. Wethouder, het hoeft niet per se via een presentatiebijeenkomst aan de raad gezonden te worden, ik ontvang het ook graag gewoon via een raadsinformatiebrief. Als dat betekent dat het veel sneller kan, van harte welkom. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan zag ik een melding van mevrouw Woudstra, D66. Mevrouw Woudstra (D66): Wij zitten toch een beetje met eerder gedane toezeggingen die stukken praktischer waren dan net. Dus echt dank voor de vragen en alle actie die er is, maar we hebben gewoon concrete toezeggingen gehad op het monitoring van de biodiversiteit. Die willen we er best bij gaan halen, maar die willen we echt uitgewerkt zien door het college.

Dus wij krijgen echt graag concrete tijdstippen en momenten, feiten en cijfers waarop dat terugkomt en als dat kan tussen nu en de raad, om als het dan vanavond niet lukt om dat praktisch en concreet te maken, dan zien we dat graag dan nog terug. Maar wel daarvoor graag, want ze zouden toch het jammer vinden om toezeggingen weer om te gaan moeten zetten in moties. Maar als we dat moeten, horen we dat heel graag van tevoren en niet op de avond zelf. Daarnaast nog ook de vraag en dat heeft ook te maken met onze controlerende rol, want we willen die bijsturing kunnen doen, want willen die keuzes in de grex ook kunnen maken. Dus dat is niet om vervelend te doen, maar echt keuzes uit de grex. Daarnaast nog de toezegging op de kwaliteit. We hebben een mooi verhaal gehoord over: dat komt bij het bestemmingsplan, we letten daarop, hoe gaat het. Ik ben even op zoek of de presentatie waarover gezegd wordt ook over kwaliteit gaat, of alleen over keuzes in de huidige bouwmarkt. Dus daar krijg ik nog graag antwoord op, en ook toch een concretere uiteenzetting, nu dan wel later, over het behouden van die kwaliteit en een toezegging op het feit dat we inderdaad niet gaan beknibbelen. De wethouder gaf aan: we moeten erop letten vanwege Parkrijk, het komt er nog naartoe. Het is voor ons als raad heel moeilijk om te

controleren of dat plaatje klopt met het volgende plaatje, precies op die plaatjes, dus we willen erg graag een concrete toezegging. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Woudstra. Zijn er nog andere fracties? Zo niet, dan ga ik naar het college voor de tweede termijn. Er is in ieder geval een vraag gesteld aan wethouder Van de Laar en aan Wethouder Wit. Gaat uw gang. De heer Van de Laar: Ik ben aan het denken, ja. RIB over de risico's, ik ga kijken of dat de handigste manier is inderdaad en of dat dan ook nog actueel is wat we daar dan in schrijven. Ten aanzien van toezeggen om niet te beknibbelen, dat vind ik een te weinig afgebakende toezegging, maar ik begrijp uw strekking dat we de kwaliteit willen behouden. Dat is, zoals ik ook in de beantwoording naar de PvdA zei, dat is de visie van het college, maar wat we ook in de eerdere overleggen met de raad hebben geproefd, dat dat absoluut bovenaan staat voor verdere ontwikkeling van RijswijkBuiten. Dus dat is ook een toezegging die u aan zichzelf heeft gedaan en dan het eerstvolgende moment dat we daar echt op kunnen sturen – en dat zeg ik u dan toe en dat heeft de heer Wit geloof ik net ook gedaan – dat we het bestemmingsplan Pasgeld-West en Oost, die komen er nog aan, dat de kwaliteit daar de boventoon zal voeren.

Er staan in de grex ook nog een aantal dingen over biodiversiteit en klimaatadaptatie, het is ook nog, ik heb wel een paar keer gezegd, nog steeds komen er allerlei politici van andere gemeenten, de voltallige Staten, de voltallige gemeente van Zuidplas, volgende week komt het college van Delft. Specifiek hebben ze aangegeven om naar RijswijkBuiten te komen om te zien wat daar allemaal gebeurt op het gebied van klimaatadaptatie en ik denk dat we die naam hoog te houden hebben, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan zie ik eerst nog een hand van mevrouw Woudstra. Mevrouw Woudstra (D66): Goed om te horen dat we zeker een kwaliteit hoog te houden hebben. In het kader van hoe we daarop kunnen controleren komen wij daar dan mogelijk nog wel op terug. En even inderdaad als voorbeeld, dat komt inderdaad gewoon omdat er eerst tussen twee onder het spoor door een ecoduct zou zijn en we dan ergens horen dat dat er toch niet komt. Als we dat als raad later horen en er ook niks meer aan kunnen doen, dan wordt het voor ons vergelijken van die plannen heel erg lastig. Dus daar zit een stukje informatievoorziening in de rest, maar daar komen we gewoon graag nog op terug. En dank voor het antwoord. De voorzitter: Dank u wel. Een interruptie van de heer Van Dam, Wij. Rijswijk. De heer Van Dam (Wij.Rijswijk): Ik wou toch heel even inhaken op het punt wat wordt aangedragen door D66 hier.

Want waar het mij ook om gaat is, als we straks die plannen gaan bekijken en die worden naar de raad toegestuurd en we hebben een bestemmingsplan en daar staan keuzes in die we gaan maken, dan is ook voor ons ontzettend belangrijk dat die kwaliteit van dat gebied zo goed mogelijk is. Nou zien we dat we geld tekort komen, wat een gegeven is, en daar moet dus wat ergens iets op gaan beknibbeld worden. Het is voor ons heel lastig om te zien waar dat nou daadwerkelijk in gaat zitten. Dus er gaan straks keuzes worden gemaakt, alleen die keuzes zijn op het moment dat wij een bestemmingsplan voor onze ogen krijgen eigenlijk niet meer terug te zien waar hier nou wat geld bespaard is. Ik denk waar mevrouw Woudstra naar op zoek was – of althans, laat ik voor mezelf spreken – waar ik misschien naar op zoek ben is een manier om te kijken waar die keuzes nou in zijn gemaakt. Ik hoop dat dat wellicht in beeld kan worden gebracht en dat misschien kaderstellend is voor iets wat wij graag zouden willen ontvangen. Daarbij wil ik het houden. De voorzitter: Dank u wel.

De heer Van de Laar: Dank. Uw raad geeft een heel helder signaal af, wat niet wordt tegengesproken ook, dat de kwaliteit de boventoon moet voeren. Dat is een duidelijke opdracht en ik begrijp ook het inzicht dat u wilt hebben bij of er al programmatisch keuzes zijn gemaakt die kwaliteit teniet doen. Dat zal ik zeker meenemen als dat gebeurt als we die discussie aangaan. Heel veel van de maatregelen zoals ze staan opgenoemd in raadsvoorstel zijn niet programmatisch, dus dat is allemaal: we gaan dit bouwen, dit is onze ambitie, dit is onze kwaliteit en daar zoeken we bij om dat slim te doen met extra financiering, met risico's beperken en dat soort dingen. Dus dat zijn geen kwalitatieve maatregelen. Mocht dat wel zo zijn, dan hoort u het bij het bestemmingsplan inderdaad, wat al in de voorontwerp et cetera en de procedure ligt, dus daar gaan we niet meer aan veranderen. Dit gegeven kwam daarna pas, dus dat soort keuzes zijn daar niet meer in gemaakt, maar die gaan we dus ook niet meer voorstellen, dat had ook nog kunnen zijn. In Q3, als er dan echt iets programmatisch verandert, of eerder, komen we daar bij terug. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we ter afronding van dit agendapunt nog naar wethouder Wit. De heer Wit: Volgens mij heeft mijn collega net wel goed duidelijk antwoord gegeven wat er met bestemmingsplannen ook programmatisch allemaal momenteel in staat.

Ik moet zeggen, de toezegging over de biodiversiteit, ik ga daar even goed naar kijken. Als we eventueel daar nog iets … Ik ga proberen om daar voor de raad ook nog een reactie op te geven. Maar of dat exact wordt wat u verwacht daarvan, dat weet ik niet, want het overvalt mij ook nu een beetje. Ik moet even goed kijken hoe ik dit ga doen, maar ik ga u wel de toezegging doen dat ik daar mijn uiterste best voor doe. De voorzitter: Dank u wel. Dan met deze toezegging ronden wij dit agendapunt af en concludeer ik dat dit stuk denk ik als bespreekstuk naar de raad gaat van 18 april. 13. Raadsvoorstel Zienswijze begrotingswijziging 2023 en investeringsagenda Industrieschap De Plaspoelpolder (IPP) (23-025) De voorzitter: Dan gaan we naar agenda punt 13, het raadsvoorstel Zienswijze begrotingswijziging 2023 en de investeringsagenda Industrieschap De Plaspoelpolder. Welke fractie mag ik daarover het woord geven? Ik zie één hand en dat is de heer Braam van Beter voor Rijswijk. O nee, ik zie ook een tweede hand. We beginnen met de heer Braam van Beter voor Rijswijk. De heer Braam (Beter voor Rijswijk): Voorzitter, bedankt. Op zich heb ik niet zoveel te zeggen over de zienswijze.

Ik denk dat het wel handig is dat het signaal in de richting van de Plaspoelpolder gaat als het gaat om de verdere invulling straks intern, dat er ook gekeken wordt naar andere problemen die zich heel direct aan de rand van de Plaspoelpolder voordoen. Dan doel ik eigenlijk op twee dingen. Eén, we hebben toevallig weer de demonstratie gezien van de mensen die een halte missen bij Volmerlaan en precies op datzelfde punt is ook een groot verkeersprobleem. Dat wordt alleen maar groter op het moment als we daar massaal mensen naartoe sturen, of ze nou werken daar of dat ze daar wonen, in alle gevallen betekent dat een verdere ophoping. Dat past een beetje bij het verhaal wat Wij. gedaan heeft, we moeten niet Rijswijk helemaal op slot gooien en dat signaal mag best wel landen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Dam, Wij. Rijswijk. De heer Van Dam (Wij.Rijswijk): Excuus, ik zag dat dit gaat over de geheimhouding en daar hoef ik niks over te zeggen.

De voorzitter: Dank u wel. Heeft het college behoefte om te reageren op de bijdrage van de heer Braam? Wethouder Van Damme. De heer Van Damme: Helder, en de problematiek is daar bekend. De halte is een bekend probleem en daar heeft mijn collega Van de Laan ook al vaker wat over gezegd. De verkeersontwikkeling daar op dat punt ook is ook inderdaad een probleem, maar dat is even voor het IPP, zeg maar die investeringsagenda wat dan straks ook voorligt, niet wat het oplost. Maar uw punt is duidelijk en we hebben er aandacht voor. De voorzitter: Dank u wel. Mag ik dan concluderen dat dit stuk wel als hamerstuk naar de raad van 18 april kan? Aldus besloten. 14. Raadsvoorstel wijziging rechtsgebied gr IPP (RV23-021) De voorzitter: Dan gaan we een agendapunt 14, het raadsvoorstel Wijziging rechtsgebied industrieschap de Plaspoelpolder. Welke fractie mag ik daarover het woord geven? Niemand? Dan stel ik voor dat dit ook als hamerstuk naar de raad van 18 april gaat. 15. Vragenuur De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 15, het laatste punt van vanavond, het vragenuur. We hebben al besloten dat de vragen over het resultaat bodemonderzoek naar lood in de bodem volkstuinen naar het Form Stad gaat in mei dit jaar en daar worden de vragen in meegenomen. Dan zie ik drie sets vragen over de evaluatie gladheidsbestrijding.

Met een oog op de klok wil ik u eigenlijk voorstellen dat we de wethouder direct het woord geven zonder dat u alle vragen nog een keer hardop voorleest, want zowel hier in deze zaal als ook thuis kunnen de mensen alle vragen keurig lezen en dat scheelt toch weer een paar minuten, denk ik. Als u daarmee akkoord bent, geef ik het woord graag … Mevrouw Woudstra. Mevrouw Woudstra (D66): Als daarvoor de luisteraars niet mee aan het lezen zijn of niet kunnen lezen, dan heel kort wel de wethouder ingaat welke vragen er zijn, want dan kunnen we het ook gewoon volgen. De voorzitter: Daar ging ik eerlijk gezegd van uit, mevrouw Woudstra. Dus het woord is aan wethouder Wit, gaat uw gang. De heer Wit: Dank u wel, voorzitter. Om mevrouw Woudstra even gerust te stellen, ik zal de vraag even doornemen. Het is een hele lijst, dus het kan zijn dat ik een kleine dubbeling heb af en toe, maar ik probeer het zoveel mogelijk in één keer af te doen. Ik begin even bij de vraag van Wij. Rijswijk: waar is de evaluatie over het nog toereikend zijn van de algemene strooiroute? Met name fietsroutes bleken in de vorige periode gemist te worden. Alle hoofdwegen en fietsroutes zijn meegenomen in die strooiroutekaart en daarmee voldoet die strooiroutekaart ook aan de eisen van de gladheidsbestrijding in Rijswijk.

Bij gebiedsuitbreiding zoals in RijswijkBuiten worden direct de belangrijkste fietsroutes ook weer meegenomen in de actuele kaart. Fietsers kunnen altijd binnen ongebonden meters, zoals ook in de evaluatie stond, vanuit de wijk hun hoofdroute bereiken. Het probleem in december was dus voornamelijk dat fietsroutes niet voldoende werden ingereden, omdat mensen toch zich hielden aan de voorschriften van het KNMI of aan de waarschuwing om niet te veel naar buiten te gaan, waardoor het gewoon langer glad bleef. Vindt de wethouder het verantwoordelijk dat mensen soms enkele honderden meters moeten reizen? Het is gewoon ondoenlijk om alle straten te strooien op zo’n situatie. Als wij de hele stad moeten strooien, dat krijgen we gewoon niet voor elkaar en dan zijn er wijken die helemaal niet gestrooid worden en hoofdroutes die we misschien missen en

dan is het gevaar nog veel groter. Bovendien, in de wijken wordt door beperkt gebruik het zout gewoon ook weer niet goed ingereden, dus dan heb je alsnog gladheid, dus het is gewoon ook minder effectief. Op hoofdroutes wordt wel genoeg gereden, dus daar wordt gewoon gestrooid. Behalve helaas als mensen zich aan het advies houden van het KNMI, dan heb je gewoon situaties waar dat niet zo is en precies deze samenloop hadden we in december 2022. Het moet voor weggebruikers gewoon duidelijk zijn waar wel en niet wordt gestrooid. Op het moment dat we dus gaan diversifiëren daarin, dan is dat niet duidelijk meer. Hoofdroutes is gewoon duidelijk en staat ook duidelijk op de kaart. Dan maak ik even een sprongetje naar Rijswijks Belang, want die vroegen inderdaad ook: kunt u dat duidelijker maken, kunt u daar een lijst voor opnemen welke routes, eigenlijk gewoon een straatnamenlijst. Ja, ik kan het natuurlijk wel doen, maar dat voegt denk ik niet zo heel veel toe, want als je goed inzoomt op de kaart zie je ook echt wel goed welke delen het zijn. Maar, en daaraan toevoegend, daar is het ook zo dat we dan huisnummers moeten gaan opnemen, omdat we sommige delen van straten nou eenmaal niet helemaal strooien, omdat het dan net niet de hoofdroute is. Dus dan wordt het ook een hele lijst met huisnummers waarvoor we wel of niet strooien en dat maakt het denk ik alleen maar verwarrender.

Maar goed, dus dat is eigenlijk mijn antwoord daarop, ik denk dat het te lastig is en dat het ook niet veel toevoegt aan de informatie die er nu al op staat. Ik ga even terug naar Wij., de conclusie over een stijging van de klachten, dat die te maken heeft met het advies van Rijkswaterstaat en niet met het gevoerde beleid. Er zijn inderdaad veel meldingen gedaan over het strooien van stoepen en wegen die niet in de strooiroute vallen. Het strooibeleid is echter wel vergelijkbaar met het beleid van omliggende gemeenten. We hebben dit ook duidelijk met hen gecommuniceerd, hebben ook gewoon gehoord dat de problematiek daar exact hetzelfde was. Dus ja, dat geeft ook aan dat de extreme weersomstandigheden ondanks het gevoerde beleid hieraan bij hebben gedragen. En ja, dan vraagt u mij: doet u wel aan zelfreflectie? Ik denk dat als wij kijken naar de evaluatie zoals die er nu ligt is dat een reflectie van het beleid en in vergelijking met wat we bij de buren hebben gezien en die echt exacte dezelfde situatie zaten en ook met dezelfde problemen, dan denk ik dat we gewoon alles gedaan hebben wat we konden doen. Ik ben ook nog steeds blij dat Rijkswaterstaat wel die waarschuwing afgeeft, of het KNMI, als er een landelijke waarschuwing uit gaat, dat men ook zich daaraan houdt. Want ja, uiteindelijk is dat natuurlijk hetgeen we graag zien, dat mensen niet onnodig de straat opgaan.

Dat wat betreft de vraag van Wij. Dan ga ik even naar Beter voor Rijswijk of ik iets specifieker kan maken wat nou die honderden meters in de wijk is. Een aantal honderden meters, tweehonderd of negenhonderd? Nou, negenhonderd is het echt niet, want zoveel afstand van een willekeurige wijk in Rijswijk tot aan een hoofdroute, die hebben we niet. Maar het kan inderdaad variëren. Als je langs de rand woont, dan is het misschien vijftig meter en woon je wat verder in de wijk, dan is het misschien vijfhonderd meter. Dat is wel wat reëel is. Dus hoofdwegen worden gestrooid en als je midden in de wijk woont, ja, dan moet je iets verder, dat is inderdaad wel de realiteit. D66, scholen. Het lastige is om bij aanrijroutes maar te strooien, gegeven de kosten ook onder andere. We hebben afgelopen seizoen de scholen niet in de strooirondes meegenomen. Dat heeft niet echt geleid tot problemen bij scholen, behalve wellicht op die ene dag, omdat het een extreme situatie betrof. Het moment dat wij dus dan gaan zeggen: we nemen alleen de straat rond de school mee. Dan is het dus zo dat als men bij de school wegfietst, of aan komt fietsen, of door de wijk fietst, dat je denkt: het is hier wel gestrooid en we rijden verder de wijk in en ineens is het niet glad meer. Dan creëer je dus ook weer een vorm van schijnveiligheid en dat willen we wel voorkomen.

Mensen fietsen van de eventueel gestrooide omgeving van de school, krijg je ineens gladheid, juist daarvan krijg je ongelukken. Wanneer we ijzel verwachten brengen we een zakje zout naar de school toe om ze daar te helpen, als die wens er is, zodat zij kunnen strooien waar nodig. Zoals we ook zien is dat wij bij – dan komen we ook nog even terug op de vraag van Rijswijks Belang – bij zorginstellingen et cetera, gewoon wel met de binnenbaan en onze eigen mensen handmatig ook strooien. Mechanisch strooien wij geen stoepen, dus dat wordt minder groot materieel gedaan, dat kunnen we ook niet. Maar handmatig doen we dat zoveel mogelijk. U vraagt om een lijst waar we dat gedaan hebben. Ik heb hier een lijst, die kan ik voorlezen, maar in het kader

van de tijd zal ik dat denk ik niet doen. Dus als u het niet erg vindt ga ik u die schriftelijk doen, dat zijn heel veel locaties waar we handmatig gestrooid hebben. D66 even terug. U geeft aan dat qua … Even kijken, hoor. Er is een meting gedaan hoe kinderen naar school komen. Is er een meting gedaan? Ja, we hebben niet echt exact gemeten hoe elk kind op die ene dag naar school gegaan is, zoals zult u begrijpen. Wij hebben natuurlijk wel gezien dat er problemen waren voor ouders om bij school komen, dat heeft ook te maken gewoon met de routes door de wijken heen. We zien met dit extreme weer dat wegen gewoon verraderlijk glad kunnen zijn, dus is het onmogelijk om kinderen zonder mogelijk het risico op een valpartij om die naar school te brengen. Dat kan ik gewoon echt niet voorkomen. Dus er ligt een grote verantwoordelijkheid bij de gebruikers. En wegfietsen, wat ik net al zei, op het moment dat we alleen de route rond school gaan strooien en de straat verderop niet, nogmaals, dat gaat alleen maar meer problemen opleveren. Rijswijks Belang, even kijken wat ik daarvan niet al beantwoord heb. U geeft aan, 74 meldingen zijn in behandeling genomen, 65 daarvan gingen over de gladheidsbestrijding. De meeste meldingen vragen bewoners om de trottoirs te strooien en de wegen de straat in de wijk, meestal nabij de eigen woning.

Wegen en straten in de wijken zijn gewoon niet opgenomen in die strooiroute, dus die gaan we ook niet strooien, want ja, dan zouden we alles moeten strooien en dat gaat gewoon niet. Trottoirs strooien we nogmaals niet, behalve bij bijzondere locaties op werkdagen zoals winkelcentra, zorglocaties, bushaltes, knelpunten, bruggetjes et cetera. Dit doet De Binnenbaan dus in samenwerking met onze eigen teams. Een aantal van de meldingen die we gehad hebben betreft ook die knelpunten. Die proberen we echt zo snel mogelijk op te pakken, want we realiseren ons natuurlijk ook wel dat als je zo bruggetje niet zou strooien of bij een zorgcentrum, dat dat extra risico's. Maar die pakken we echt zo snel mogelijk op, maar die doen we dus niet met individuele meldingen van mensen dat we de stoep voor hun huis niet gestrooid hebben. Even kijken, hoor. Zijn er nog strooiwagens aan te pas gekomen deze periode? Ja, natuurlijk wel, heel uitgebreid zelfs, meerdere keren. Ik geloof ook dat we in de bijlage van de evaluatie duidelijk hebben aangegeven dat er elke dag soms meerdere malen gestrooid is. Sterker nog, we hebben afgelopen nacht ook nog weer gestrooid. Dat heeft u misschien niet gemerkt, maar het ging vriezen, dus we hebben wel gestrooid. Even kijken, hoor. Op locaties waar we handmatig strooien nogmaals zetten we geen strooiwagen in, omdat dat gewoon geen effect heeft. Even kijken.

De bakken met strooizout, daar hebben we ook in het Forum toen wel over gehad. Wij hebben die in het verleden geplaatst en die werden geleegd. Die waren leeg op het moment dat we het nodig hadden, omdat mensen het voor eigen gebruik gebruiken. Dan kan je er een slot op doen, maar dan ben je te laat vaak om het slot er weer af te halen als mensen het wel nodig hebben. Dus ja, dat is toch gedrag van mensen dat dat zout gewoon gestolen wordt. Daarnaast moeten we wel kunststof bakken plaatsen, want RVS bakken, strooizout en RVS-staal gaat gewoon niet goed samen. Dan heb je hele hoge kosten om de zoveel jaar, dat willen we denk ik ook niet. Als we het hebben over de financiële consequenties. Als wij een strooironde uitbreiden met schoolomgevingen, dan betekent dat om en nabij de 600 euro per strooibeweging extra, dus per strooiroute. Die wagen moet extra zout meenemen, dat kan niet soms omdat het best wel veel meters zijn. Dan kan die niet meenemen, dan moet die terugrijden naar de werven of naar de verzamellocatie om het zout op te halen. Dat kost weer tijd, dat betekent ook dat als we dat gaan doen, dat we misschien te laat zijn met strooien op hoofdroutes. Dus dat is ook de reden waarom we echt dit beleid voeren. Als we daarvan af gaan wijken, dat maakt het gewoon lastig. Maar dat is in ieder geval de financiële consequenties die er dan ongeveer aan zouden zitten.

U vraagt ook nog extra tijd, want die is er niet, zou die er dan niet zijn? Maar dat is wat ik net zeg, op het moment dat wij extra routes gaan toevoegen rond scholen of ergens anders in wijken, dat betekent dat we met de capaciteit die we hebben het gewoon niet voor elkaar krijgen om de hoofdroutes te doen. Ja, het is een afweging, ik begrijp dat die niet altijd even gelukkig is, maar het is wel het beleid waarvoor we kiezen, omdat we anders gewoon echt andere gevaarlijke situaties creëren. Veiligheid staat voorop, hoe weet u zeker … Ja, het strooien bij schoolomgeving, maar ik denk dat ik daar al daar al genoeg over gezegd heb. Verantwoordelijkheid van de gemeente wanneer een persoon genoodzaakt naar buiten moet. We hebben een

zorgplicht vanuit de gemeente, dus we zijn verantwoordelijk voor het strooibeleid en een strooiplan binnen de gemeente. Het strooiplan is het plan hoofdroutes en handmatig op plekken waar noodzakelijk is. Maar helaas is het onmogelijk in dit soort situaties zoals wij toen hebben gezien met deze extreme ijzel om dat op een echt honderd procent goed dekkende manier te doen. Dat krijgen we gewoon niet voor elkaar. En als bewoners letsel oplopen, dan wordt naar de situatie gekeken in alle redelijkheid en billijkheid en wordt er met verzekeringen gekeken of wij daar aansprakelijk voor zijn, of dat wij alles gedaan hebben wat binnen ons strooibeleid lag en wat binnen onze macht ligt. De gemeente heeft daarin geen ander beleid dan de omliggende gemeenten, het is niet dat wij daarvan afwijken. Dan heeft u nog een vraag over: zijn er meldingen geweest afgelopen vijf jaar – ik geloof dat dit de laatste vraag is – van letsel? Over vijf jaar, dat heb ik niet helemaal paraat, maar ik weet wel dat in 2021 hebben we vier gevallen van letselschade gehad en één geval van materiële schade als gevolg van deze gladheid. Bij deze gevallen heeft de gemeente geen aansprakelijkheid erkend, omdat er voldaan werd aan die zorgplicht, of omdat niet voldoende kon worden aangetoond dat het ongeluk door de gladheid was veroorzaakt.

Dat kan natuurlijk ook nog, dat mensen toch om een andere reden iets proberen op te voeren. Dus zover heb ik dat voor u kunnen uitzoeken. Nogmaals, het is ook gedrag van mensen. Als het echt heel glad is en we krijgen het advies om niet naar buiten te gaan, ga dan ook niet naar buiten tenzij echt noodzakelijk. Honderd procent ongevallen kunnen we in dit soort gevallen gewoon echt niet voorkomen als mensen toch ervoor kiezen om naar buiten te gaan. Voorzitter, ik geloof een lang betoog. Ik wil daarbij laten, ik hoop dat het voldoende is. De voorzitter: Dank u wel voor alle uitgebreide antwoorden op de vele vragen die zijn gesteld. Dan hebben we nog de beleidsregels flexwonen, maar die zijn afgehandeld als het goed is in het Forum Samenleving. Dan sluiten we deze vergadering af met de vragen die zijn gesteld over de RIB 23-019, de verlichting, door de fractie van D66. Ook daar wil ik voorstellen dat we niet de vragen gaan oplezen, maar gelijk de wethouder willen vragen om dit Forum te besluiten met de antwoorden op deze vragen. Gaat uw gang. De heer Wit: Dank u wel, voorzitter. Openbare verlichting. U heeft een viertal vragen ingediend. Vraag 1 is: hoe zorgt u ervoor dat de verlichting tussen woonwijken is afgestemd, zodat je niet bijvoorbeeld in de schemering vanuit de ene buurt naar de andere buurt rijdt? De verlichtingsarmaturen in Rijswijk worden aangestuurd door klokken.

Die zijn we allemaal aan het vervangen, dus dat we ook die problemen met zomeren wintertijd niet meer hebben straks, dan hoop ik dat het lukt. Het is helaas alleen niet mogelijk om dat allemaal tegelijk te doen. Op het moment dat je ze allemaal tegelijk aanzet of allemaal tegelijk uitzet, krijgen we piekspanningen die we niet kunnen opvangen. Dus er zit altijd een overgang in van wijk naar wijk en daar kan even tijd tussen zitten. Dus ik kan het niet allemaal in één keer pats boem aanzetten of pats boem uitzetten. Vraag 2 is: wanneer u het plan niet aanpast ziet u op tabel pagina 6, dat is een tabel die gaat over de storingen die wij hebben gehad de afgelopen jaren. Als wij het plan niet aanpassen, hoe ziet de tabel er dan uit? Wij verwachten, wij hebben gezien dat we vanaf 2019 een hele mooie daling hebben ingezet in het aantal storingen. We hebben natuurlijk heel hard gewerkt ook om kabels te vervangen en ook om armaturen te vervangen door te verledden, waardoor ze betrouwbaarder zijn. We verwachten van 2023 naar 2026 ook hier nog een lichte daling door te kunnen zetten. Maar of de kosten daarmee ook naar beneden gaan, dat weet ik niet, want we hebben wel te maken met inflatie et cetera, dat hoef ik u niet uit te leggen, denk ik.

Vraag 3: hoe spelen sensoren een rol in het afstellen van verlichting? Wij zijn geen voorstander van sensoren, omdat deze sensoren zijn heel storingsgevoelig. Het gaat om licht-donker-sensoren, bedoelt u, die worden nogal veel aangetast door groenaanslag, vogelpoep, condens ook, waardoor ze niet goed functioneren. Dat zien we in het land. Het kan natuurlijk zo zijn dat er allerlei technische oplossingen zijn, maar voor ons nu hebben wij hanteren wel een dimregime voor nieuw te plaatsen armaturen, maar gaan we nog niet direct op basis van lichtsterkte dimmen, omdat gewoon die sensoren daar te onbetrouwbaar zijn. Dan krijgen we te veel

storingen, hebben we daar weer problemen mee. Dan is er nog een vraag over de tijdsassen van de grafiek op pagina 24. Dat gaat over de levensduur van lichtmasten en over de levensduur van armaturen. De lichtmasten, dat is lastig om hetzelfde … Ik kan die niet meer veranderen, laat ik het zo zeggen, in het rapport. Dat lukt me gewoon niet. U vraagt om: als we dat wel zouden doen, is er dan een patroon te zien in de tijd? Wij hebben wel even zelf gekeken: wat gebeurt er dan? Wij herkennen geen patronen daarin in ieder geval. Dus ik hoop dat dat voor u voldoende is. Het is natuurlijk even kijken, we zien gewoon een verschil in masten en in armaturen. Armaturen worden ook nog eens een keer vaak weer op oude masten geplaatst logischerwijs, want die masten hebben een langere levensduur. Maar echt een patroon zien we daar niet in. Ik heb daarmee alle vragen beantwoord, ik hoop dat afdoende is. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Van der Weij tot slot, gaat uw gang. Mevrouw Van der Weij (D66): Ik had nog een vraag over de sensoren, want u heeft het over licht-donkersensoren, maar ik bedoelde eigenlijk ook bewegingssensoren. Dus als het bijvoorbeeld ergens donker is, maar er is beweging, dat er dan licht is. Geldt dan hetzelfde argument als wat u net gaf? En het is goed te horen dat over de klok natuurlijk veranderen waardoor het verbetert.

Maar er zijn ook nog lampen die overdag aan staan die eigenlijk gewoon uit zouden kunnen. Ik weet niet of u daarvan op de hoogte bent en of die klokken daarin ons gaan helpen. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Wit. De heer Wit: Als er verlichtingsarmaturen zijn die overdag aan staan, dan betreft het denk ik gewoon een storing. Dus ik zou het graag als u dat wil, meldt dat. Want ik krijg ook heel veel meldingen van iemand anders uit deze raadszaal dat verlichtingsarmaturen 's avonds niet aan staan. Ik denk dat dit hetzelfde probleem is, er zit ergens een storing, dus daar moeten we iets aan doen. Als we kijken naar de bewegingssensoren kan ik me zomaar voorstellen dat dat dezelfde problematiek kent van groenaanslag. Dan maakt het niet uit wat voor sensor het is, en vervuiling ook niet. Dus uiteindelijk, sensoren zijn storingsgevoelig, dat is wel een probleem. De voorzitter: Dank u wel. 16. Sluiting De voorzitter: Ik wil u allen hartelijk danken voor dit Forum Stad. Ik sluit de vergadering en ik wens u allen wel thuis en een goede nachtrust.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=f1b23c0b-50ff-4cf0-b42a-7957dea46d1b