Concept-verslag Forum Stad 14012025
Tekst van het document
CONCEPT-VERSLAG FORUM STAD 14 JANUARI 2025
Aanwezig
Voorzitter: Mevrouw S. van Maarseveen
Raadsleden: De heer E. van der Veer De heer M. Stuijfzand (f.a.) De heer C. Dolmans De heer M. el Majjaoui Mevr. L. de Bruin De heer A. Zoghbi De heer J. D. Stam (f.a.)
1.
Vervolg aanwezige raadsleden: De heer D. Cupedo De heer E. Braam De heer J. Loof De heer M. Keijzer (f.a.) De heer J. Bruin (f.a.) Mevrouw B. Niesen Mevrouw W. v.d. Weij
Aanwezige portefeuillehouders:
Griffie:
Wethouder S. van de Waart Wethouder M. Wit
Griffier: De heer J. Hoefnagel (verslag)
Opening De voorzitter: Goedenavond, welkom allemaal bij het Forum Stad van 14 januari 2025. Eerste Forum stad in het nieuwe jaar, 2025. Dus laten we er een mooi begin van het nieuwe jaar van maken.
2.
Algemeen inspreekrecht
De voorzitter: We beginnen zo met het algemeen inspreekrecht van de inwoners. We hebben twee insprekers: de heer Van Poelgeest over het beleidsplan, en de heer Hoyer ook over het Groenbeleidsplan. En allebei de insprekers: u heeft vijf minuten en na vier minuten geef ik u even een signaaltje dat u weet dat u nog één minuut heeft. En dan beginnen we met de heer Van Poelgeest. Gaat uw gang, hoor. De heer Van Poelgeest: Ja, dank u wel. Even de keel schrapen, ik heb drie kwartier gefietst. Het Groenbeleidsplan, dat is ook in het PlatformGroen Rijswijk besproken. Iedereen was wel redelijk tevreden over … Wat wij … Er zijn twee punten die wij uiterst positief vinden: dat de stad als biotoop wordt gezien. Is heel belangrijk. En wat bedoelen wij daarmee: dat daar planten en dieren een kans krijgen om hun leven te leven. Een ander belangrijk punt is bijvoorbeeld over de bomen. Dat bij kruisingen zo veel mogelijk de bomen aansluiten aan de andere kant. En dat was voor ons een heel verrassend en nieuw inzicht. Dat hebben we ook naar andere gemeentes uitgedragen en die vonden dat ook erg leuk. Niet overal zou dat natuurlijk kunnen. Een ander punt is de regel 3-30-300. Die kent u misschien wel: uit je huis zie je drie bomen, de omgeving is met minimaal 30 procent bladeren bedekt, en binnen 300 meter moet er een wijkpark zijn. Nou dat zijn hele mooie groene ambities.
En bij ambities is natuurlijk … En dat is de, hoe zeg je dat? De uitdaging. Zo heet dat in moderne woorden, het zijn geen problemen. Nee, het zijn uitdagingen. Moet je oplossen. Dat vanuit het oude beleid - dat was bijvoorbeeld één boom per inwoner. Dat was een prachtige ambitie, maar dat is niet gehaald. Dus Raad … En daar hebben wij misschien wel ook zitten slapen, maar jullie ook. Jongens, als je dat voorneemt, toets het af en toe eens. Van jongens, hoe is de voortgang? En daar willen wij graag met de Raad mee in gesprek. Waarschuw ons ook als je vragen daarover hebt, die vragen willen we graag beantwoorden. En dat is dus een heel mooi … Dus die regel 3-30-300 … En ook de icoonsoorten vanuit de provincie … Bijvoorbeeld, ik noem maar wat, de ransuil en de weidehommel, ik noem maar een voorbeeld. Dat zijn dus twee dingen die regel 3-30-300 dat gaat eigenlijk over vierkante meters. Hartstikke belangrijk. En die andere icoonsoorten gaan over de levende wezens. Die balans die kan je dus gebruiken om te toetsen of de ambitie die jullie hebben - en die zijn best goed. Maar of je die haalt, is heel belangrijk. Dus Raad, wees ‘…’ Ik moet constateren dat de afgelopen tijd, bijvoorbeeld die regel van één boom bewoner, is niks mee gedaan. Dus even een beetje zitten slapen om het even zo te zeggen. Bedoel ik niet lullig hoor.
Waar we ook … Om tot iets tot stand te brengen heb je een aantal punten, heb je bijvoorbeeld geld nodig. Dat heeft de wethouder ook erkend in het overleg met de Rijswijkse natuurorganisatie. Dat is niet geregeld, dus Raad, grijp je kans, doe je plicht. Een ander ding is: de mensen moeten het ook uitvoeren. Nou wij zijn … Wij werken heel nauw en naar tevredenheid samen met de groene afdeling en de beleidsafdelingsgroep. Dus niets dan lof. De communicatie is ook zo'n punt. Wat als je wil iets slagen? Daar weet ik … Dan heb ik eigenlijk te weinig inzicht of dat slecht of goed is, maar wees daarop attent. En ik heb al gezegd waar je de algehele … Want je wil natuurlijk niet een gemeente zijn die overal moet meten en dat soort dingen. Hou het gewoon simpel. Dus neem die 3-30-300 en die ik icoonsoorten als uitgangspunt, en ook de tevredenheid van de bewoners, en ook de tevredenheid van natuurorganisaties, en dan kom je een heel eind. En hier wou ik het bij laten. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Poelgeest. Is er nog iemand die een vraag heeft aan de heer Van Poelgeest? Nee? Dankuwel. De heer Van Poelgeest: Dus wij verwachten regelmatig een vraag van jullie en een uitnodiging voor een gesprek. De voorzitter: Dankuwel, genoteerd. Oké. De heer Hoyer gaat nu ook inspreken over het Groenbeleidsplan.
Mijnheer Hoyer, u kent de procedure: u heeft vijf minuten en na vier minuten geef ik even een signaaltje dat u weet dat de vijf minuten bijna voorbij zijn. Dus gaat uw gang.
De heer Hoyer: Klopt. Dank u wel, voorzitter. Ik haak aan bij het verhaal van Geert, maar ik wil er wel een wat stevigere nuance aan geven, omdat wat Geert vraagt in de afgelopen tijd ook voor ons verzocht is en nog nooit een draai aan gegeven. Maar laat ik beginnen. Beste leden van Forum Stad. Vandaag had een mooie dag kunnen zijn: een dag waarop Rijswijk een duidelijk Groenbeleid had kunnen laten zien, een krachtige visie, controleerbaar door de Raad, kaderstellend voor belangrijke te nemen beslissing over de toekomst van Rijswijk. En blijkt dat bovendien een antwoord is op de werkelijke alarmerende achteruitgang van de Nederlandse natuur en past binnen de Europese natuurherstelwet. Niets is echter minder waar. Voor ligt weliswaar een mooi plan, maar het mag geen beleidsplan heten. Het zegt een actualisatie te zijn van het Groenbeleidsplan bomen natuur recreatie dat in 2010 door de gemeenteraad is vastgesteld en tot op heden nog steeds geldt. Er ontbreken echter een groot aantal essentiële zaken, waaronder - Geert noemde ze eigenlijk al - nergens wordt er aangegeven wat de verschillen zijn met het vorige plan. Wat geldt nog, wat geldt expliciet niet meer? En wat zijn de redenen? Er is geen enkele kwantitatieve update, status en verloop, onder andere aan de hand van een actualisatie Rijswijk in groene feiten en cijfers, hoofdstuk 5.3.
De status, een beleidsspeerpunt om naar één boom per inwoner te gaan. We kunnen er wel makkelijk over doen. Het is niet gehaald, maar wij weten ook niet waarom het niet gehaald is. We weten niks. De doelstelling om minimaal 77 vierkante meter openbaar groen per woning te behouden. Op geen enkele manier wordt voor aangaande beleid geëvalueerd: wat is goed gegaan, waar is het beleid niet goed gegaan, en waarom is het niet gelukt? In het nieuwe plan wordt de 3-30-300-regel geïntroduceerd, maar worden hiermee de bovengenoemde kengetallen verlaten? En waarom deze afzwakking, of niet? Wat is de staat als deze regel wordt toegepast met de reeks aangenomen bestemmingsplannen? Hoe zou dit verschillen met de kengetallen in het oude plan? Wordt vanaf nu elk ontwikkelplan verplicht getoetst? Het nieuwe plan stelt expliciet dat het groenbeleid een afweerkader dient te zijn voor beleidsbeslissingen. Het mist echter duidelijke meetbare kwantitatieve en kwalitatieve doelstellingen en een toetsmoment, waardoor toetsen niet mogelijk is. En het is niet duidelijk hoe, en of, de Raad kan worden … door de Raad kan worden bijgestuurd, als blijkt dat de natuur toch achteruitgaat. Het raadsvoorstel zegt dat er geen directe financiële consequenties zijn. In de praktijk zien we echter dat juist de belangrijkste groenknelpunten en het beheer uit de diverse projectbudgetten worden gesneden.
Hoe zouden de knelpunten - en die zijn er enorm veel, zie de inventarisatie - in de nabije toekomst worden opgelost? En als er geen budget voor gereserveerd wordt. Nota bene in het oude plan wordt nadrukkelijk gewezen op onder andere investeringsbudget stedelijke vernieuwing en groeifonds Haaglanden. In welke mate is dat überhaupt onderzocht? Waarom is Rijswijk te klein voor monitoring op soorten? En als dat al zo is, waarom gebeurt dat niet in samenwerking met de provinciale landgoederen en buurtgemeentes. Hoe worden doelsoorten en icoonsoorten gemonitord? Hoe zal worden ingegrepen als soorten blijken af te nemen, wat concreet in een rap tempo het geval is? Dit zijn maar enkele van de vele kanttekeningen die geplaatst kunnen worden bij het Rijswijkse groenbeleid en het nieuwe Groenbeleidsplan in het bijzonder. We hebben ze met aanvullingen via de griffie naar u toegezonden. U zult ze dus als een ingezonden stuk ontvangen. Wat wij de wethouder nadrukkelijk vragen om ons voorliggende plan in te trekken. 208 keer het woord ‘groen’ in een plan van 45 pagina's maakt niet tot groenbeleid. Zelfs amenderen of met behulp van moties de goede kant uitduwen, maakt het niet kaderstellend en door de Raad toetsbaar. Helaas biedt de omgevingsvisie noch een aanvulling noch een alternatief. Mocht u het plan niet willen intrekken, dan vragen we de stad om het voorliggende plan te verwerpen.
Rijswijk verdient veel beter dan dat ze in de toekomst terugkijkend moeten constateren dat ze wellicht geslaagd zijn naar steeds meer naar boven gestelde groeiambities, maar de stad voor wat betreft groen en biodiversiteit alleen maar verder achteruit is gehold. Zie één punt één regel, zoals Geert ook noemde. Maar zult niet alleen zeggen … Maar we willen niet alleen zeggen ‘stop’, we bieden ook een helpende hand om vanuit onze eigen jarenlange expertise in het maken van uitvoerende strategische plannen wél tot een groenbeleid te komen dat gestoeld is op kennis uit het verleden dat zich opgeeft op de toekomst. Toetsend is, toetsbaar en financieel onderbouwd. En dus daadwerkelijk kaderstellend aan het Rijswijkse bouwen en groeien, niet andersom. De voorzitter: U heeft nog één minuut, mijnheer Hoyer.
De heer Hoyer: Dank u wel. Beste Raad, geacht bestuur, de toestand van natuur en biodiversiteit in Nederland, en Rijswijk in het bijzonder, is zeer verontrustend. Zie anderhalve week geleden EenVandaag bijvoorbeeld: 25 procent in vijf jaar tijd tussen 2016 en 2021 is de natuur afgenomen. Nu is het nog het moment om de neerwaartse spiraal te keren. Daarmee hoort een helder, toetsbaar, en sterk groenbeleid. Nu, in het verleden in de toekomst. En dat is er niet. Integendeel, er ligt een prachtig plan, maar het is niet meetbaar, niet kwantificeerbaar, niet toetsbaar. En dat kan de Raad wel zijn best doen. Maar als er nergens naar gerefereerd kan worden, is dat een holle fase, en zal ook niets gebeuren wat ook niet gebeurt in het verleden. Ook wij hebben heel vaak gevraagd: kan een plan getoetst worden aan de één op één regeling? En het is genegeerd. We werden voor gek weggezet, want het was toch niet meer aan de orde. Neem alstublieft uw verantwoordelijkheid en laat de kans niet voorbijgaan om echt groenbeleid te krijgen. Hartelijk dank voor uw aandacht. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Hoyer. Precies binnen vijf minuten, mooi getimed. Is er nog iemand die iets wil vragen aan de heer Hoyer? Nee. Dank u wel. 3.
Lijst van ingekomen stukken: vaststelling wijze van afdoening De voorzitter: Dan gaan we door naar het volgende agendapunt. Dat is de lijst van ingekomen stukken. Er is een agenderingsvoorstel binnengekomen van de VVD voor het Forum van 4 februari aanstaande. Over de RIB 24 101 herinrichting Herenstraat, Willemsstraat. Mijnheer Loof, wilt u dat nog verder toelichten of is het … Ja? Gaat uw gang. De heer Loof: Ja, dankuwel, voorzitter, nee, de tekst in het format is duidelijk genoeg. Ik zou het alleen maar herhalen anders. De voorzitter: Ja dank u wel, mijnheer Loof. Dan is natuurlijk de vraag is er steun in het Forum … twee fracties. Ik zie D66. Was dat een hand mijnheer Van der Veer? Ja. Dus er is voldoende steun, dus dan noteren we dit voor het volgende Forum. Dank u wel. Dan gaan we naar de vaststelling van de wijze van afdoening voor de lijst van ingekomen stukken is die verder akkoord. Nou ik zie verder niks, dus dan ga ik er vanuit dat dat akkoord is.
4.
Vaststelling agenda De voorzitter: Dan gaan we door naar het volgende agendapunt: de vaststelling van de agenda. Is de agenda zo akkoord? Ja? Helemaal goed.
5.
Mededelingen college De voorzitter: En dan gaan we door naar agendapunt vijf: mededelingen van het college. Zijn er mededelingen vanuit het college? Nee? Nou dat gaat lekker vlot.
6.
Terugkoppeling Gemeenschappelijke regelingen De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt zes: terugkoppeling gemeenschappelijke regelingen. Is er een terugkoppeling vanuit een gemeenschappelijke regeling? Nee? Nou dan tikken we die ook af.
7.
Overzicht toezeggingen en moties De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt zeven: overzicht van de toezeggingen en moties. Wil daar iemand nog iets over zeggen? Nee? Mooi akkoord.
8.
Vaststellen Forumverslag 3 december 2024
De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt acht: het vaststellen van het Forumverslag van 3 december 2024. Zijn daar nog vragen of aanmerkingen over? Mijnheer Stam. Gaat u gang. De heer Stam: Dank u wel, voorzitter. Ik mis mijn naam in de aanwezigenlijsten. Volgens mij was ik er wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Stam. Ik neem aan dat de griffie heeft genoteerd en dat gaan ze aanpassen. Mevrouw Van der Weij: Voorzitter? De voorzitter: Ja? Mevrouw Van der Weij: Ik mis mijn naam ook bij de aanwezigen dan wel afwezigen, maar ik dacht dat ik aanwezig was. Maar help me even. De voorzitter: Even kijken, hoor. De griffie heeft het genoteerd. Dus we gaan even kijken … Nou ja. Misschien moeten we even de band afkijken om te kijken of u aanwezig was. Maar dat komt goed. 9.
Raadsvoorstel instellen reserve degeneratievergoedingen straatwerk (RV 25-001) De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt negen: het raadsvoorstel instellen reserve … dat is een heel moeilijk woord. Degeneratievergoedingen straatwerk. Even kijken, hoor. Wie mag ik daar als eerste het woord over geven? Mijnheer El Majjaoui, gaat uw gang. De heer El Majjaoui: Ja, dank, voorzitter en dank dat u mijn vragen, althans, onze vragen, zijn beantwoord. Echter heb ik nog een vervolgvraag voor wat betreft de laatste vraag, omdat hier ook sprake is van een straatwerk en soms langdurig overlast van opengebroken straten, wat leidt tot slechte bereikbaarheid van de getroffen ondernemers. Vanuit welk potje worden deze tegenvallers dan gecompenseerd? Zo ook om een gezond ondernemingsklimaat te waarborgen. En in hoeverre voert de gemeente een flexibele en transparant beleid, zodat ondernemers zich kunnen aanmelden bij ongewenste situaties. Dus deze tweetal vragen zou ik graag beantwoord willen hebben. Dank. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer El Majjaoui. Mijnheer Van der Veer, gaat uw gang. De heer Van der Veer: Dank u wel, voorzitter. Dank voor de beantwoording van een van de twee vragen. Dus ik ga de andere vraag ook stellen. Over de boom is vrij uitgebreid beantwoord … De voorzitter: Mijnheer Van der Veer, kunt u de microfoon iets dichter? De heer Van der Veer: Ja, dat kan.
Maar daar is nog meer vervolgschade. En daar ging mijn vraag ook over. Straatverlichting: we merken op dat ook na graafwerkzaamheden heel vaak de straatverlichting het slachtoffer is geworden. En hoe worden die kosten verhaald dan wel hoe wordt dat geregeld? Neem het Havenkwartier, daar zijn we sinds anderhalf, twee jaar zijn we daar druk bezig. Momenteel om de dag ligt de straatverlichting eruit. Gisteren deden ze het omdat de zon gisteren gemaakt … Gisteravond deden ze het, en vandaag ligt het er weer uit. En zo gaat het eigenlijk bijna wekelijks om de dag dat de straatverlichting … En dat is niet alleen in havenkwartier maar we zien dat bij de Lindenlaan, overal waar graafwerkzaamheden zijn, heeft de straatverlichting het te verduren. Gaat CityTech … gaat dat repareren, want die is eigenaar van de leiding heb ik kunnen lezen. Maar worden die kosten doorberekend aan de gemeente? Dat is eigenlijk mijn vraag.
De voorzitter: Oké. Dank u wel mijnheer Van der Veer. Mevrouw … Lichèlle. Gaat uw gang. Mevrouw De Bruijn: Dank voorzitter, dank ook voor het voorstel van het college. Zoals wij het lezen, verwacht het college dat er met het instellen van een reserve voor degeneratievergoedingen straatwerk een beter inzicht ontstaat over de instroom en uitstroom van gelden. Kan de wethouder aangeven waarom er op dit moment aandacht is voor het instellen van een reserve voor deze gelden? Heeft de gemeente inzicht in de verhouding van de inkomsten en de kosten op de exploitatie van de voorgaande jaren? En wat zijn de gevolgen als de reserve structureel onvoldoende blijkt te zijn? Dat was het. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw De Bruijn. Mijnheer Zoghbi. De heer Zoghbi: Ja dank u wel, voorzitter. Allereerst bedankt voor het voorstel. Opzich doordacht om een potje te creëren op deze manier. We kunnen ons de vraag van GroenLinks kunnen we … daar kan ik me in vinden. Dus die vraag wil ik ook gesteld hebben. En daarnaast nog een vraag: hoe zorgen we ervoor dat de reserve effectief en transparant wordt beheerd? Dus zonder te veel administratie en duidelijkheid dat er beperkte toegang is tot eventuele overschot. Dank u wel. De voorzitter: Dankuwel, mijnheer Zoghbi. Door naar D66. Nee? Beter voor Rijswijk? Mijnheer Cupedo, gaat uw gang.
De heer Cupedo: Dankuwel, voorzitter, dank ook voor het raadsvoorstel. We hebben twee vragen. Kunt u aangeven hoe vaak er een verzakking in 2023-‘24 heeft plaatsgevonden? En kunt u aangeven wat de degeneratievergoeding betrof in het jaar 2023-’24? Tot zo ver. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Cupedo. Mijnheer Loof? Nee? Mevrouw Niesen? Gaat uw gang. Mevrouw De Haan-Niesen: Dank u wel, voorzitter en ook dank voor het raadsvoorstel aan het college. Ik sluit me even aan bij de vraag van de heer Zoghbi. En daarnaast zouden we … Kunnen we als Raad een overzicht krijgen medio volgend jaar juni, Juli, wat de stand van zaken is in de uitgaven, inkomsten en eventueel reserve? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Niesen, mijnheer Stam? Nee? Dan gaan we door naar wethouder Wit. Gaat uw gang. De heer Wit: Ja dank u wel, voorzitter en dank ook voor de vragen. Is wel belangrijk om nog eventjes aan te stippen dat we dit voorstel echt doen om vooral administratief het voor ons ook makkelijker te maken. Uiteindelijk als dus werkzaamheden uitgevoerd worden in het ene jaar en daar blijkt uit dat er schade ontstaat, dan wordt dat tijdelijk hersteld. En dan moet je dat eerst laten inklinken. Vervolgens kun je het jaar daarna pas definitief herstellen.
En als je dan telkens weer die overheveling moet doen van financiën terug van algemene middelen, dat maakt het gewoon naar een … om die rekening te kunnen betalen. Dat maakt het gewoon ingewikkeld voor ons. Dus het is eigenlijk gewoon een exercitie om het voor ons ook makkelijk te maken - onderdeel van - en inderdaad om het transparanter en meer inzicht te krijgen in de kosten die we daadwerkelijk maken. Even de vragen langslopen. Partij voor Gelijkheid & Rechtvaardigheid: ondernemers compenseren. Wij compenseren geen ondernemers. Niet uit deze potten in ieder geval, en op moment dat er groots planschade is vanuit een project, dan kunnen ondernemers dat claimen. Maar wij hebben geen potje waarbij onze werkzaamheden ondernemers eventuele schade direct kunnen claimen, of waar we ze uit zouden kunnen vergoeden. Het is ook niet … wij houden er op het moment dat wij een project uitvoeren zo veel mogelijk rekening mee dat ondernemers bereikbaar zijn. Er worden … of als er met een groter verkeer een ondernemer bereikt moet worden, dan zorgen we dat daar de mogelijkheid voor is. En zeker als wij
werkzaamheden uitvoeren in winkelstraten of ook bij woningen, dan zorgen we dat die locaties bereikbaar zijn. Dus daar is in principe … compensatie is niet aan de orde. De Partij van de Arbeid heeft vragen over … De voorzitter: Wethouder Wit, ik geloof dat de heer El Majjaoui wil interrumperen. Gaat uw gang. De heer El Majjaoui: Ja, dank, voorzitter. Het gaat mij er niet om of de gemeente de kosten compenseert van de schade die eventueel is ontstaan tijdens de graafwerkzaamheden. Het gaat erom dat de gemeente eindverantwoordelijke is en faciliteert hetgene die dan schade heeft geleden, waardoor ondernemers. En daarom vraag ik het potje, wellicht is het dat het potje van een instantie, waardoor de gemeente borg staat. Ook in het kader van gezond ondernemingsklimaat. Dank. De voorzitter: Dank u wel mijnheer El Majjaoui. Wethouder Wit, gaat uw gang. De heer Wit: Nee, dat is niet. We hebben gewoon geen pot daarvoor. De pot waar we het nu over hebben, degeneratievergoeding is echt voor herstellen straatwerk en een aantal werkzaamheden rondom groen daaromheen. Niet voor andere schade of economische schade of noem maar op. Straatverlichting: als wij straat … de Partij van de Arbeid vroeg daarom … op moment dat er schade is bij werkzaamheden en er worden kabels kapotgetrokken, dan wordt dat indien de veroorzaker te achterhalen is, direct verhaald via het NODR.
Dat is een instantie die werkt als een soort van verzekering. En wanneer we de veroorzaker niet kunnen achterhalen, dan moeten we die schade zelf betalen. Dat dat is niet onderdeel van het potje degeneratievergoeding we zien dus ook meestal schade die we tijdens de werkzaamheden allemaal aantreffen. Maar het kan natuurlijk zijn dat er achteraf uit werkzaamheden nog door water indringing in de leidingen alsnog kortsluiting ontstaat en dat we dan de boel weer open moeten maken. Dan is dat als we het niet meer kunnen verhalen op via de NODR op de mogelijke veroorzaker, dan zijn die kosten helaas voor onszelf. GroenLinks heeft vragen gesteld over inzicht: waarom doen we dit nu? We doen dit op dit moment … In principe hadden we dit elk moment kunnen doen. We beginnen nu met een nieuw jaar, we willen dit nu in principe inzetten, zodat we gewoon dit jaar ook eventuele middelen die we vanuit die aannemers krijgen om die degeneratie werkzaamheden uit te voeren. Dan vanaf begin van het jaar reserve opbouwen, zodat we ook straks aan het eind van het jaar gewoon die beschikbaar hebben. Zodat we ook de werkzaamheden na het einde van dit jaar, dus bij het sluiten van dit boekjaar en het einde van dit jaar, dit gewoon in 2026 ook kunnen uitvoeren. Maar we hadden dit ook op een ander moment kunnen doen. Het is niet direct van belang, het moment. Hebben we nu inzicht in de hoeveelheid werk.
We hebben goed inzicht daarin. Dat wil niet zeggen dat we de degeneratievergoeding die we krijgen, altijd ook voldoende is. We proberen dat natuurlijk wel goed af te stemmen. Daar zijn kentallen voor. Soms is het wat meer, soms is het wat minder. Het kan zijn dat we daar soms wat negatief uitkomen soms wat positief. Wat ik wel weet, is dat we het gros van de werkzaamheden die we hebben hiervoor kunnen doen, maar dat het lastig is om exact uit te komen. We zien ook dat door stijgende prijsstijgingen et cetera - kan natuurlijk ook zijn dat wij wat meer geld kwijt zijn. Over het algemeen gaat het om werkzaamheden die vaak nog ook te maken hebben met ons ondergrondse eigen leidingstelsels. Noe maar op. Dat zou kunnen zijn reparaties of de gasleidingen die aangelegd worden. En dan is het helaas niet altijd dekkend. Is onderdeel van - we proberen natuurlijk wel op moment dat wij inzien dat het niet dekkend is om de jaren daarna ervoor te zorgen dat we in contracten zorgen dat we een goed niveau krijgen. Maar het is niet altijd voldoende. Wat als de reserve niet voldoende … Dat heb ik uitgelegd inderdaad. Wij. Rijswijk: effectief beheer van de reserve vraagt u om. In principe worden er gewoon alleen werkzaamheden uitbetaald die ook daadwerkelijk in aanmerking komen voor die degeneratievergoeding.
Dus het beheer wat wij doen is het geld dat binnenkomt voor degeneratie, komt in die pot, dat wordt geregistreerd waar en door wie het binnen is gekomen. Vervolgens worden de werkzaamheden daaruit betaald. En zal ook op een gegeven moment nou ja terug te halen zijn wanneer het geld is binnengekomen, door welke aannemer het is binnengekomen. Maar als u daar echt exact wil weten hoe dat in elkaar zit en hoe dat financieel … dat weet ik ook niet uit mijn hoofd, dan zou ik daar nog eventjes op terug moeten komen.
Maar het is in ieder geval niet meer dan een reserve zodat we op het eind van het jaar niet … moeite moeten doen om ze weer uit de algemene middelen te trekken. Dat is eigenlijk de strekking van het verhaal. Beter voor Rijswijk heeft vragen gesteld over de verzakking. Ja, het is een hele specifieke vraag, moet ik wel zeggen. Hoeveel verzakkingen dat weet ik namelijk echt niet. Ik zie het gaat ook niet … Dit zijn … Degeneratievergoeding is niet direct voor verzakkingen. Op het moment dat wij verzakkingen ergens - om wat voor reden ook, dan is dat gewoon herstel straatwerk, waardoor ons beheer opgepakt wordt. Dit gaat echt om plekken waar werkzaamheden geweest zijn. Waarvan we weten dat we nog werkzaamheden gaan hebben om de bestrating op termijn te herstellen. Dus de verzakkingen overige, dat is een hele andere pot, een hele andere tak van sport ook. Dus die vallen hier in principe niet onder. Degeneratiekosten in 2023-24: hoeveel is dat geweest? Ja die cijfers heb ik ook niet paraat. Ik kan ze u wel doen toekomen als u dat wenst. Ik ga even kijken of ik daar op het laatste moment nog iets voor … even zien. Zijn wel beschikbaar, dus die kunnen we wel nog aan u toe laten komen. Als u dat wenst. En Rijswijks Belang wil ook graag een overzicht hebben van de uitgaven, en ja dan ook net al aangegeven dat dat kan.
We kunnen u een overzicht geven van de financiële stand van zaken daarover. De voorzitter: Mevrouw Niesen, gaat uw gang. Mevrouw De Haan-Niesen: Dank u wel, voorzitter, dank, wethouder. Maar ik bedoel eigenlijk dan medio juni volgend jaar om te kijken wat dat potje inhoudt, waar het naartoe gaat en wat daar binnenkomt. Of dat volgend jaar ergens kan. De voorzitter: Mijnheer Wit, gaat uw gang. De heer Wit: Volgend jaar of dit jaar bedoelt u? Mevrouw De Haan-Niesen: 2026. Want in het raadsvoorstel staat: de uitgaven vinden pas later plaats, circa één jaar nadat de degeneratie vergoedingen zijn voldaan. Dus zou het fijn zijn als we volgend jaar een overzichtje krijgen van dit is erin gekomen, dat is er uitgegaan. Dit zijn de werkzaamheden geweest. Drie keer dezelfde plek de straten open, waarvoor? Dat soort zaken. Raadsinformatiebrief bijvoorbeeld. De heer Wit: Dat is wel vrij uitgebreid wat u vraagt, want feitelijk wilt u dan dat wij bijhouden elke keer als we ergens bestrating herstellen. Maar goed in principe wat we wél kunnen doen is het overzicht geven van het geld wat binnengekomen is, en wanneer het geld is uitgegeven, en aan welk project het is uitgegeven. Dat zou in principe geregistreerd moeten worden vanuit deze reserve. Dat is de normale financiële gang van zaken. Dat kan ik u doen toekomen volgend jaar. De voorzitter: Mevrouw Niesen, gaat uw gang.
Mevrouw De Haan-Niesen: Dank u wel, voorzitter. Dat is prima, wethouder en kunnen we daar eventueel op terugkomen als we daar nog vragen over hebben? De voorzitter: Wethouder Wit, gaat uw gang. De heer Wit: Ik had verder geen opmerking, ik heb alle vragen beantwoord, voorzitter. De voorzitter: Oké, dank u wethouder Wit. Is er behoefte aan de tweede termijn? Nee. Even kijken. Ik probeerde dus een toezegging van wethouder Wit op te schrijven en toen gebeurde er van alles. Maar volgens mij heeft de wethouder een toezegging gedaan dat die een overzicht zal geven van de stand van zaken, het geld dat binnen is gekomen, het geld dat eruit komt, dat eruit is gegaan, en waaraan het is uitgegeven. Naar
aanleiding van de vraag van mevrouw Niesen. En naar de aanleiding van de vraag van de heer Cupedo een overzicht van de cijfers. Ik weet alleen niet meer precies … ik heb dus niet opgeschreven welke cijfers. De heer Cupedo: Voorzitter, ik zou voorstellen dat we dat op dezelfde manier doen als dat we ook de vraag van mevrouw Niesen beantwoorden. Dan heeft u ook een overzicht. Dat is prima. De voorzitter: Is goed. Dus dat wordt dan ook een overzicht van wat er binnen is gekomen, wat eruit is gegaan, en waaraan dit is uitgegeven. Helemaal goed. Even kijken, kan dit voorstel als een akkoordstuk naar de Raad? Ja? Helemaal mooi. 10. Raadsvoorstel Groenbeleid (RV 25-002) De voorzitter: Dan gaan we door naar het volgende raadsvoorstel, dat is het raadsvoorstel groenbeleid. Dan begin ik nu voor de verandering aan deze kant, bij mijnheer Stam. Gaat uw gang. De heer Stam: Dank u wel, voorzitter voor het woord. Mijn fractie heeft het stuk met interesse gelezen, en ik wil eerst complimenten uitdelen voor de viewer. Dat vond ik een interessante nieuwe tool om het wat interactief te maken dus die heeft u alvast. U kent de ChristenUnie als een partij met hart voor de natuur en voor het groen. En daarom steunen wij de ambitie om onze groengebieden te behouden, te vergroten, te versterken, en de kwaliteit en de kwantiteit van het Rijswijkse groen te verbeteren.
Het nieuwe groenplan lijkt ook ambitieuzer het vorige plan, dat meer gericht is op beheer. Juist vanwege de groei van Rijswijk vinden wij het belangrijk dat er op meer plekken groen bijkomt. Tegelijkertijd mist mijn fractie nieuwe plekken waar groen bijkomt in plaats van steen. Groen lijkt vooral geïntegreerd te gaan worden in de nieuw bebouwing of bestaande infrastructuur. Kan de wethouder daarop reflecteren en wellicht een voorbeeld geven van een terrein dat ontwikkeld zou kunnen worden tot hoogwaardige natuur. En hoe wordt bij verdichting in algemene zin de kwantiteit van het groen verbeterd? Er komt dus meer groen bij dan was, maar door verdichting gaat groen verloren, door te bouwen op plaatsen waar struiken en bomen stonden. Kan de wethouder een voorbeeld geven van waar dit in de praktijk in Rijswijk of in een andere gemeente is gebeurd. Hoe dat … een positief voorbeeld waar sprake is van kwantitatieve verbetering bij verdichting. Met name de ambitie om een netwerk van groene wandelpaden te realiseren past goed bij tienpuntenplan van de ChristenUnie, waar we bij iedere Rijswijker een ommetje in het groen gunnen.
Wel moet dit nader onderzocht worden, kan de wethouder aangeven wanneer hij verwacht dat duidelijk wordt of dit mogelijk is? En kan de raad zich daar dan nog over uitspreken? Wat ons betreft moet de nadruk liggen op kwalitatieve en kwantitatieve verbetering van het groen op plekken waar dat nu nog niet het geval is. Daarom is de christenuniefractie benieuwd naar concrete maatregelen op plekken waar nu nog niet aan de 3-30-300-regel wordt … moet worden voldaan. Op welke manier krijgen deze plekken prioriteit? Wij vinden het ook positief dat er gewerkt wordt aan een goede manier om de stand van het groen te monitoren. Maar – en, de insprekers refereerden er al aan – is het dan niet beter om concretere doelstellingen te formuleren dan nu is gedaan? Over het aantal bomen per inwoner of het aantal vierkante meters groen per huishouden. En wanneer wordt nog getoetst of deze doelstellingen worden behaald, en hoe wordt de raad daarin meegenomen? En over de relatie van dit Groenbeleidsplan tot andere plannen voor de stad moeten alle nieuwe plannen - over het bijvoorbeeld opknappen van een weg of een nieuwe woonwijk - aan dit plan getoetst worden? En hoe gaat het dan met de financiering voor bijvoorbeeld extra boom of een tunnel, voor kleine dieren in het wegdek? Daar horen we graag nog wat meer over.
En ten slotte nog één kanttekening: in het raadsvoorstel staat dat geactualiseerde groenbeleid direct na vaststelling de rechtskracht heeft vooruitlopend op de invoering van de Omgevingsvisie. Volgens mijn fractie is het groenbeleid een bouwsteen van de omgevingsvisie zoals het college zelf ook schrijft. En daarmee lijkt het ons beter om te spreken dat het groenbeleid kaderstellend is in plaats van het rechtskracht is. Aangezien dit niet juridisch afdwingbaar is. Is de wethouder het hiermee met ons eens. Tot zover over de eerste termijn. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Stam. Wie mag ik het woord geven van Rijswijks Belang? Ja. Gaat uw gang. De heer Bruin: Ja, dank u wel voorzitter. Rijswijks Belang is op zich best tevreden met het beleidsplan wat ons voorgelegd is. Het uitbreiden van de biodiversiteit in combinatie met proberen terug te laten keren van icoonsoorten of verdwenen soorten kunnen wij echt alleen maar toejuichen. Maar we hebben ook wel zorgen. Als we deze groenimpulsen op kruisingen en dergelijke gaan toevoegen, zijn we dan nog wel in staat om het onderhoud wat nu al zorgelijk is en waar al vele klachten van binnenkomen, te kunnen blijven uitvoeren? Kan de wethouder daar een antwoord op geven? Er wordt even een toevoeging op het plan veel gesproken over groene daken. Maar er zijn ook bepaalde icoonsoorten, zoals de scholekster, die juist geen daken nodig hebben. Ik ken meerdere flats in Rijswijk waar door verduurzamingswerkzaamheden begin daken verwijderd zijn, en de scholekster zijn of haar broedplaats is verloren. Ook willen wij graag een halfjaarlijkse rapportage over de voortgang in de resultaten van dit Groenbeleidsplan. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bruin. Mijnheer Loof. De heer Loof: Ja, dank, voorzitter. Ik zat ook even te twijfelen … Dank, voorzitter. Dat stuk hebben we gelezen en vind ik een mooi stuk. Zou ik het eigenlijk bij willen laten.
Los van nog één vraag: ik zou graag de wethouder willen vragen naar een korte reflectie op de combinatie van dit plan met andere beleidsterreinen zoals verkeer, de openbare ruimte, denk bijvoorbeeld aan zwerfafval in het groen, klimaatadaptatie met water vasthouden door bomen, maar ook mogelijke gevolgen van groen op bepaalde plekken. Denk bijvoorbeeld aan bomen met luizen die ervoor zorgen dat de hele stoep en auto's onder de plak zitten en die dat ook aantasten. Dus ik zoek ook een beetje naar de combinatie met andere beleidsterreinen hier zo. Het stuk zelf vind ik een mooi helder, duidelijk stuk, en de ambities daarin kunnen wij ook onderschrijven. Maar wel in achtneming dat dat niet ten koste gaat van andere … of dat het niet negatief gaat uitpakken wanneer er een gebrekkige afstemming zou zijn met andere beleidsterreinen. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Oké. Dank u wel, mijnheer Loof. Mijnheer Cupedo gaat uw gang. De heer Cupedo: Dank u wel, voorzitter. Ook wij hebben het stuk gelezen, interessant, helder, we hebben eigenlijk een vraag -misschien een rare vraag - kan het GIS, het geografische informatiecentrum, toegankelijk worden gemaakt voor de burgers? Misschien is dat al … gaat het gebeuren maar toen bij de presentatie … en dat was de moeite waard. Dank u.
De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Cupedo, wie mag ik het woord geven? Aan D66? Mijnheer Dolmans? Gaat uw gang. De heer Dolmans: Dank u wel, voorzitter. Mijn inbreng zal wat kritischer zijn en wat meer in lijn met die van de ChristenUnie. Met dit Groenbeleidsplan zet Rijswijk sterker in op klimaatadaptatie, biodiversiteit, en natuurinclusief bouwen. En daar zijn we blij om. Het behoud van de hoofdgroenstructuur, zoals landgoederenzone en de stadsparkzone blijft ongewijzigd. En de introductie van de 3-30-300-regel als richtlijn voor groenontwikkeling is ambitieus, maar roept ook vragen op over de praktische uitvoerbaarheid. Wat ook goed is, is dat de focus op uniforme groenoplossingen vervalt, en in plaats daarvan komt maatwerk per wijk en … positieve ontwikkeling die meer rekening houdt met lokale behoeften. Echter een knelpunt blijft het ontbreken van concrete financiële kaders, wat ook in het oude plan al problematisch was. De D66 Rijswijk vindt het ontbreken van concrete meetbare doelstellingen in cijfers echt een zwakte in het plan. Er worden ambities genoemd, zoals het vergroten van de boomspiegels en het aanleggen van natuur verbindingszones. Maar deze worden niet gekoppeld aan specifieke streefcijfers of meetmethoden.
Hoeveel bomen wil je nou bereiken? Hoeveel vierkante meter groen willen we in Rijswijk hebben? En ook de monitoring van flora en fauna-variatie wordt slechts summier behandeld. Het zou echt een verbetering zijn om duidelijke indicatoren
te formuleren, en deze zo nodig nader uit te werken. D66 maakt zich ook zorgen over het ontbreken van een evaluatiecyclus. Het oude plan is niet geëvalueerd. Het voorliggende plan zou sterker zijn met een jaarlijkse rapportage, of een tussentijdse herziening, waarin voortgang, knelpunten, en bijstellingen kunnen worden besproken. De 3-30-300-regel biedt een heldere visie, maar roept ook vragen op over de toepassing in reeds goedgekeurde bestemmingsplannen. Andere sprekers kwamen daar ook al op. Wordt deze regel nu afdwingbaar, en wat betekent dit voor projecten die al in gang zijn gezet? Het ontbreken van een verplichting, of een juridische basis, maakt de implementatie daarvan immers onzeker. Een vergelijking met eerdere kengetallen ontbreekt, wat het moeilijk maakt om te bepalen hoe deze regel zich vertaalt naar meetbare verbeteringen. Ook hier is echt wel wat meer duidelijkheid noodzakelijk. De aanpak van groenknelpunt is ambitieus, maar de afwezigheid van specifieke financiering is een groot risico. Het plan suggereert afhankelijkheid van externe financiering. Maar het biedt geen concrete alternatieven of voorbeelden bij het uitblijven hiervan. Voorstellen zoals beplanting van kruispunten of het realiseren van ecologische structuren - daar hebben we ook al discussie over gehad - blijven afhankelijk van externe middelen.
Een duurzaam financieringsmodel, en of inzet op publiek-private samenwerking of een Europese subsidies, zou hier helpen. Het volgen van doelsoorten en icoonsorten is in het plan vaag omschreven. Daar hebben we al eerder aandacht om gevraagd. Het ontbreekt aan een concreet monitoringsprogramma. Ook de methodologie en de verantwoordelijke partijen daarin ontbreken, zoals ook één van de insprekers meldde: samenwerken met omliggende gemeenten en natuurorganisaties zou een oplossing kunnen zijn, vooral ook gezien het regionale karakter van de biodiversiteit. Hoewel het Groenbeleidsplan echt goede punten bevat, zoals de focus op biodiversiteit en de 3-30-300-regel, blijven er ook belangrijke vragen onbeantwoord. En die vragen zijn dus: hoe verhoudt dit met beleid met het vorige beleid, het gebrek aan meetbare doelstellingen, financiële middelen, en een concreet monitoringsprogramma. Dat beperkt de haalbaarheid en impact van het plan. Aanvullende verduidelijking en concretisering zijn volgens D66 dan ook noodzakelijk om dit Groenbeleidsplan succesvol uit te kunnen voeren. Dankuwel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Dolmans, mijnheer Zoghbi. De heer Zoghbi: Ja dank u wel, voorzitter. Allereerst complimenten aan het college en de ambtelijke organisatie voor het opstellen van een Groenbeleidsplan. Het is een goed leesbaar document.
Toch hebben we enkele aandachtspunten die we graag onder uw aandacht brengen. Allereerst merken we op dat het niet helemaal duidelijk is wat precies de verschillen zijn tussen het oude en het nieuwe beleid. Collega van D66 noemde dat ook al. Wat zijn nu de vernieuwde ambities van dit college? Welke elementen blijven we uitvoeren volgens het oude beleid? En als er een andere koers wordt gevaren, wat is dan de reden voor deze wijziging? Het zou kunnen helpen als dit helder wordt gemaakt, zodat ook inwoners de stappen in het beleid beter kunnen begrijpen. Een ander punt betreft de groenambities. In het plan wordt gesteld dat zowel de kwaliteit als de kwantiteit van het openbaar groen willen verbeteren. Voor de kwaliteitsverbetering zien we interessante projecten, zoals het vergroten van de boomspiegels, het beter afstemmen van beplanting op de natuurlijke context, en het verhogen van de variatie in beplanting. Maar wanneer het gaat om de kwantiteit zien we geen grootschalige projecten die gericht zijn op het toevoegen van nieuwe groengebieden of het uitbreiden en versterken van bestaande parken. Veel maatregelen, zoals het toevoegen van groene gevels of enkele bomen binnen ontwikkelgebieden, zoals de Plaspoelpolder en de Bogaard, zijn vanzelfsprekend en zouden we nooit kunnen rekenen tot kwantitatief opplussen van groen in Rijswijk.
Daarom zou ik van de wethouder en van mijn collega-raadsleden nogmaals willen weten of zij het met ons eens zijn dat we met een groeiende stad, ook het groen moeten laten meegroeien. We kunnen niet alleen bouwen. Ik hoor graag de wethouders zijn visie hierop. Daarnaast vragen we ons af wat precies wordt verstaan onder begrippen zoals wijkpark en buurtgroen. Het beleidsplan stelt dat iedere woning in Rijswijk binnen 10 minuten loopafstand toegang heeft tot buurtgroen of wijkpark. Dit klinkt als een mooie ambitie, maar het lijkt ons wel belangrijk om helder te hebben wat deze termen precies inhouden: wat zijn de criteria voor een wijkpark en wat bedoelen we precies met buurtgroen? En hoe is de huidige situatie in bestaande wijken? En hebben deze op dit moment tien minuten toegang tot de wijkpark en de buurtgroen? Tot slot willen we ingaan op het onderdeel
natuurtypes uit het beleidsplan, waarin kwalitatieve eisen worden uitgewerkt voor de natuurtypes die in de natuurwaardenkaart worden verwerkt. Dit is essentieel om de diversiteit van dieren en plantsoorten in Rijswijk te waarborgen. Onze vraag is: wat is de nulmeting voor deze biodiversiteit? Welke groepen dieren en planten worden hierin meegenomen. Als we de inspreker Ernst Hoyer mogen geloven, zijn we de afgelopen jaren al een aantal soorten kwijtgeraakt. Wat is het ambitieniveau van dit beleid op het gebied van biodiversiteit? We zien uit naar uw antwoorden, en dank alvast voor de toelichting. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Zoghbi. Mevrouw De Bruijn. Mevrouw De Bruijn: Dank u wel voorzitter, dank aan het college voor het actualiseren van het Rijswijk groenbeleid. GroenLinks is blij om te zien dat het college belang hecht aan groen en dat er hard wordt gewerkt aan het behouden, vergroten, en versterken van Rijswijkse groengebieden en groenstructuren. Ook dank aan de ambtenaren die het mogelijk hebben gemaakt om dit groenbeleid in de digitale viewer beschikbaar te maken, zodat we met kaarten goed kunnen zien hoe het groenbeleid straks in de stad zal uitwerken.
Verder is GroenLinks ook blij om te lezen dat het groene maatschappelijke netwerk grote waardering heeft uitgesproken voor het geactualiseerde groenbeleid, en ook is het fijn om te horen dat PlatformGroen hier positief over is. Wij danken hen voor medewerken hieraan. GroenLinks heeft ook nog een aantal vragen. Kan de wethouder aangeven hoe de actualisatie van het groenbeleid een vervolg is op het beleid van 2010-2020? En welke concrete lessen en inzichten zijn meegenomen? En hoe deze worden vertaald in meetbare doelen en actiepunten binnen het huidige beleid. Daarnaast de vraag over de natuurwaardenkaart. Deze zal zoals mijn voorganger ook zei een belangrijke uitwerking zijn die hoort bij het groenbeleid. Deze natuurwaardenkaart vormt bij ruimtelijke ontwikkelingen het programma van eisen voor de stadsnatuur. Kan de wethouder aangeven op welke manier het groenbeleid voldoende richting meegeeft voor het vormgeven van kaders voor deze natuurwaardenkaart, en hoe de effecten van inrichtings- en beheermaatregelen straks worden geborgd en getoetst? Op een later moment worden kwalitatieve eisen voor natuur uitgewerkt in de vorm van natuurtypes, staat in het document. Deze gegeven onder andere uitgangspunten voor inrichting en beheer en voor natuurinclusief bouwen.
Welke rol krijgt de Raad in de besluitvorming bij het vormgeven en toetsen van de effecten van deze natuurtypes? En op welke manier worden inwoners en maatschappelijke organisaties eventueel betrokken bij het opstellen van deze types? Daarnaast ook sluiten wij aan bij de vraag van D66 over de monitoring: is het mogelijk om in regionaal verband wel op de status van iconen doelsoorten te monitoren? Dat waren mijn vragen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mevrouw De Bruijn. Mijnheer Van der Veer, gaat uw gang. De heer Van der Veer: Dank u wel, voorzitter. Vanavond bespreken we het Groenbeleidsplan van onze gemeente, een belangrijk stuk waarin wij de groene ambities van Rijswijk laten zien. Ambities om Rijswijk nog groener, gezonder en klimaatbestendiger te maken. De PvdA-fractie steunt deze ambities van harte, en dankt het college en de ambtenaren voor het uitgebreide ambitieuze Groenbeleidsplan. Dit Groenbeleidsplan moet, en zal, een stevige basis leggen om Rijswijk toekomstbestendiger te maken voor onze inwoners. Toch hebben we een aantal vragen, veel zijn al gesteld door mijn voorgangers. Zijn er belangrijke verschillen tussen de oude en de nieuwe Groenbeleidsplan? Hoe kunnen we dat toetsen? Er zijn al diverse partijen die daar vragen over heb gesteld. De 3-30-300-regel is een waardevol uitgangspunt, maar de huidige situatie toont flinke uitdagingen om dat te realiseren.
Zoals onvoldoende volwassen bomen, en beperkte schaduw in sommige buurten. Hoe zorgt het college ervoor dat deze uitdagingen effectief worden aangepakt en opgepakt? We zien het bijvoorbeeld in Te Werve, daar gaan straks heleboel hele grote monumentale bomen verdwijnen. Komt er één voor terug? Of komen er drie voor terug, omdat zo'n boom minimaal vijftien jaar moet groeien om hetzelfde effect te krijgen? Even kijken. Stedelijke verdichting biedt kansen voor vergroening, bijvoorbeeld de groene daken en gevels. Hoe garandeert het college dat deze initiatieven daadwerkelijk worden gerealiseerd, en niet blijven steken op ambities op papier. Monitoring natuurwaarden is al uitgebreid over gesproken. We
zien in andere gemeentes, zoals bijvoorbeeld Utrecht, waar expliciet aandacht besteed wordt aan opknappen van en verbeteren van versleten groen - versleten tussen haakjes - zoals oude parkjes en plantsoentjes, wijkgroen. Heeft Rijswijk een vergelijkbare aanpak voor verouderde en verminder functionele groengebieden in Rijswijk met wijkgroen. Zo nee, is het college bereid om in de toekomst te onderzoeken hoe we dat kunnen oppakken? De rest is al aan de orde geweest, dus daar laat ik het even bij. Eerste termijn. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dankuwel, mijnheer Stam. Mijnheer El Majjaoui. De heer El Majjaoui: Dank u, voorzitter, voor het woord. Onze fractie heeft met belangstelling het raadsvoorstel met betrekking tot het groenbeleid gelezen. Gezien het kaderstellende kader van dit document heeft onze fractie toch een aantal vragen hieromtrent. Voorzitter, u geeft aan dat er de komende jaren een aanzienlijke bevolkingsgroei wordt verwacht, mede als gevolg van nieuwbouwontwikkelingen. Hoe wordt het beheer en het structureel onderhoud van het extra groen dat door deze ontwikkeling zal worden toegevoegd vormgegeven? Is er rekening gehouden met de benodigde mankracht, financiële middelen, en een dekkingsplan voor een langdurig onderhoud? Daarnaast zijn wij benieuwd naar hoe de kwaliteit van het groen op peil wordt gehouden, ook op lange termijn.
Wat zijn de plannen voor periodieke snoeiwerkzaamheden en het aanvullen van beplanting? Bent u het met ons eens dat sommige bomen in de stad, wanneer zij niet tijdig gesnoeid of beheerd worden, overlast kunnen worden veroorzaakt. Dit kan variëren van verstoring van het straatbeeld, tot schade aan infrastructuur of overlast voor bewoners. Bijvoorbeeld door vallende takken bij ernstige weersomstandigheden, wortelopdrukking, of schadevorming. Hoe geeft u invulling aan het voorkomen van overlast, dan wel herstellen hiervan. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer El Majjaoui. Dat waren alle vragen in eerste termijn. Dan geef ik nu het woord aan wethouder Wit. Gaat uw gang. De heer Wit: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik ben blij dat dit stuk hier ligt. Het groenbeleid zoals het er lag, was voor een groot deel goed werkbaar - was ook inhoudelijk goed, en is ook zeker een onder iets wat de afgelopen jaren in het beleid en ook in de projecten teruggekomen is. Maar het was wel tijd om daar een verbetering aan te geven, ook omdat wij in ons coalitieakkoord hebben aangegeven dat we daar gewoon sterkere wensen en ook stel eisen aan hebben gesteld. De wijze waarop we het nu presteren, is voor mij ten eerste al iets heel bijzonders.
Want oorspronkelijk was ik niet van plan om met een PDF nog u toe te sturen maar het puur te doen met de viewer die straks digitaal voor al onze inwoners ook beschikbaar is. En ook voor de bedrijven die in de toekomst werkzaamheden gaan uitvoeren in Rijswijk. Want dat is toch ook wel een beetje de nieuwe manier van werken: het is digitaal beschikbaar, je kunt er doorheen scrollen, je ziet ook meteen de kaart. Ik ga er enigszins vanuit dat u er allemaal naar gekeken heeft. Je ziet de profielen verspringen ten opzichte van de teksten ernaast, het loopt allemaal keurig mee. Het is een interactief iets aan het worden wat echt wat mij betreft de toekomst is hoe wij beleidsplannen, maar zeker als het aankomt op groen of de openbare ruimte, prima zouden kunnen presenteren. Oorspronkelijk was ook mijn idee om het helemaal niet direct als apart Groenbeleidsplan te presenteren, maar als onderdeel van de omgevingsvisie bij u neer te leggen. En het is nog steeds ook één van de bouwstenen - werd terecht opgemerkt - van de omgevingsvisie. Maar in de omgevingsvisie wordt ook keurig aangegeven op welke beleidsdocumenten de omgevingsvisie gestoeld is en gebouwd is.
En als je dan alle documenten erin hebt staan en het belangrijkste en dan zal ik als wethouder groen van een groene partij uiteindelijk als achterban ook nog een keer - moeten we daar toch ook wel het beeld bij hebben dat we dat op een goede manier ook gepositioneerd hebben. Ik denk dat we dat op dit moment … de wijze waarop we nu gedaan hebben ook hebben bereikt. U heeft veel vragen gesteld. Ik begin even niet aan het begin maar bij de vragen van D66, en dat doe ik eigenlijk omdat u veel vragen gesteld heeft die ook door andere gesteld zijn. Dan kan ik denk een hele hoop al direct afvangen. Belangrijkste eigenlijk is natuurlijk monitoren. Daar kom ik zo even op terug. Maar u zegt de verschillen tussen het nieuwe en het oude beleidsplan. Wat is er nou veranderd? Het is een actualisatie. Dat heeft u inderdaad
heel goed gezien. Wat er ook is, het is compacter geworden. Het document wat er lag was een dik document – en dat wil niet zeggen dat het nou per definitie meer zei, dat het meer ambitie had. En dat het beter in elkaar zat. Dus het is compacter geworden. En het is natuurlijk, zoals ik al zei, in het geheel digitaal, wordt ook een interactief, waardoor wij ook duidelijk een andere manier van presenteren beogen. Het groenbeleid bevat een hogere groenambitie, die wij als college en ook als coalitie hebben. En de Raad … Feitelijk ook willen we richten ook op het behouden, vergroten, en versterken van die Rijswijk groenstructuren. Dat is ook één van de basispunten van dit nieuwe beleid. Dus zo veel mogelijk meer versterken dan we tot nu toe gedaan hebben. En dat is ook … En dat zit hem inderdaad vooral dan in alle projecten, alle ontwikkelingen, alle … de werkzaamheden die we … projecten, landgoederenzone bijvoorbeeld uitvoeren. Daar zit die versterking en die vergroting in. Tegelijkertijd beogen wij met dit groenbeleid dan ook daadwerkelijk de natuurwaarden en de biodiversiteit te verhogen. Ten opzichte van in ieder geval het oude plan, denk ik dat we daar een stevige stap in gezet hebben. Maar uiteindelijk is het nog wel steeds … en dat heeft Utrecht echt … daar zit geen financiële paragraaf bij. Het is lastig.
Ik moet voor mij … ik heb niet de financiële middelen om te zeggen ik ga een aantal miljoen reserveren om het groen daar bepaald gebied te versterken. Daar hebben wij momenteel gewoon de middelen niet voor. Dus ik ben afhankelijk van de wijze waarop we dat in projecten en in de herontwikkeling van onze groene structuur - dus de parken waar we nog projecten hebben lopen, de landgoederenzone - om daar de goede stappen te zetten. En tegelijkertijd ook de ontwikkelaars aan te sporen om op goede wijze klimaatadaptatie, maar ook inclusief groen natuurinclusief bouwen en biodiversiteit vergrotend op te nemen. Wat dat betreft - ik zat net even met mijn collega te praten - we hebben ook een raadsinformatiebrief geagendeerd, hoe wij in RijswijkBuiten de komende tijd in PasgeldZuid de biodiversiteit denken te gaan vergroten, en hopen te gaan vergroten, bij de projecten die we daar lopen. Dit heeft u niet geagendeerd, maar als u hem niet gelezen heeft, ik zou zeker nog een even doen, want dan gaan we best ver om ook op over privéterrein straks van inwoners zeggen: maar u heeft minimaal één boom in die tuin, en u mag maximaal zoveel vierkante meter betegelen. Dat zijn stappen die wij nu al zetten om ook onze ontwikkelaars aan te sporen mee te werken. Dus dat is iets wat we gewoon ontzettend belangrijk vinden. Wat nieuw is inderdaad, is ook de GIS kaart, het omzetten GIS kaarten.
Dat maakt het gewoon veel inzichtelijker waar we mee bezig zijn. Niet alleen in het groenbeleid maar ook in het groenbeheer. Groenbeheer staat straks ook volledig in GIS, dat wordt los hiervan als groene hub straks gepresenteerd, waardoor we ook echt heel nauwkeurig kunnen kijken op elk vlak wat we in Rijswijk hebben: groenvlak, wat voor groen vlak is dat nou? Van elke boom alle informatie hebben. Dus het is echt een professionaliseringsslag ten opzichte van het verleden. En het feit dat we op deze manier nu ook onze groenstructuren - natte structuur, droogstructuur, groenstructuren - in deze GIS kaart hebben staan, betekent ook dat we de knelpunten beter kunnen signaleren. En die knelpunten die hebben we dus ook daadwerkelijk gezien. We weten ook nu welke kruispunten we echt iets moeten doen. Ik ben blij met de ondersteuning die ik daar ook van u krijg, en zelfs ook van één van de insprekers dat die knelpunten bij die kruispunten - die zijn ook voor vogels en voor insecten, hebben die voor hun foerageergebieden hebben die dat soort plekken gewoon nodig, dat soort oversteken. En die hebben we dus beter inzicht gekregen doordat we op deze wijze ook de boel registreren. Met het oog op ontwerp en uitvoering, hebben we ook de informatie in tabellen of in dwarsprofielen goed toegevoegd zodat het ook handvatten heeft.
Hoe zien wij dat dan voor ons? Zoals bijvoorbeeld over de inrichting van natuurverbindingszones of versterken van die groene knooppunten. Hoe gaan we het in cijfers vastleggen wat we gaan doen, en wat de doelstellingen, of we die behalen, en of we die meten. Dus het aantal bomen per inwoner, vierkante meter groen, wat in het oude beleidsplan eigenlijk stond. En ik heb het best wel een beetje ... Daarom was ik ook … één van de dingen waar ik in het oude beleidsplan wel een beetje moeite mee had, is dat je dat eigenlijk niet zoveel zegt. Want ik kan zeggen: ik ga daar een boom neerzetten, en dat is dan één boom voor een boom die ik weggehaald heb. Maar tegelijkertijd is dat natuurlijk niet dezelfde natuurwaarde die je terugbrengt. Dus het is belangrijker dat je kijkt naar de groenwaarden die je terugbrengt. Dus je hebt … met cijfers breng je niet direct de juiste informatie om de betekenis van Rijswijks’ groen voor de leefomgeving voor mens, plant, en dier, goed te bepalen. Dat kun je beter doen door te kijken naar bijvoorbeeld die 3-30-300-regeling, wat voor ons echt iets is waar we naar willen streven, wat niet een harde eis is die we gaan stellen. Want we kunnen die dertig procent gewoon
namelijk als eis momenteel niet stellen. Is wel iets waar we naar streven. Dat heeft meer effect dan te zeggen: wij moeten zoveel bomen plaatsen. Maar veel belangrijker is ook op welke plek plaats je die bomen. Had ik het net al even over, als je hebt over die oversteken groene verbindingszones, is veel belangrijker dat die bomen op een goede plek staan. Veel belangrijker is dat je diversiteit in bomen hebt, waardoor ze minder vatbaar zijn voor ziekten en plagen. Dat is de basis waarop we deze stad een betere biodiversiteit en een sterkere groenstructuur willen geven. Even kijken. Ja heel plat gezegd: twee bomen is minder dan vijf, maar vijf bomen kunnen een veel minder effect hebben dan twee grotere bomen. Dus dat is iets waar we goed naar moeten kijken. En uiteindelijk is het belang niet alleen biodiversiteit. Die 30 procent of die 3-30-300 die 30 procent is ook belangrijk voor de klimaatadaptatie. Uiteindelijk hebben wij ook gewoon een hitteprobleem in deze stad. We hebben hittegebieden en bomen bieden gewoon veel schaduw. Even verder gaan de die 3-30-300-regel: het is een hulpmiddel. Het is geen eis. We gaan het dus ook niet verplichten, of in de bestemmingsplannen opnemen. Maar het is wel een richting die we willen meegeven in de Omgevingsvisie en in het Groenbeleidsplan.
Als je ontwikkelplannen echt wil gaan verplichten om die gedetailleerde afstand- en schaduwberekeningen van bomen uit te voeren et cetera, lijkt ons eerlijk gezegd niet zo reëel. Je kan veel beter kijken hoe zorgen we er nou voor dat we zoveel mogelijk wel op een goede wijze de groenstructuren verbeteren, en zorgen voor alle eisen die daaromheen zitten op gebied van biodiversiteit en schaduwwerking. Dus het is een hulpmiddel die drie en driehonderd-regel halen we trouwens vrijwel overal in de stad wel. Er zijn bijna geen straten meer in Rijswijk waar geen bomen staan. Ze zijn er nog wel. Schoolstraat is daar eentje van, en daar in de hoek zijn nog wel een aantal straten die nog geen bomen hebben. Dat is ook erg lastig om daar bomen te plaatsen, zijn we ook al achter gekomen. Was ook mijn wens toen ik begon hier tweeënhalf jaar geleden, om daar bomen te plaatsen. Dat is nog niet zo makkelijk. Maar die drie die halen we wel vrijwel overal en die driehonderd halen we ook vrijwel overal, er is bijna overal wel een wijkpark of buurtgroen bereikbaar binnen die 300 meter. Nou krijg er een droge mond van, even kijken hoor. Hoe worden de groenknelpunten … hoe gaan we die aanpakken zonder die specifieke financiële middelen? Hoe gaan wij er nou voor zorgen dat onze stad beter wordt, groener wordt, biodiverser wordt, zonder dat we specifiek middelen hebben vastgelegd.
We hebben ook … Er zit ook geen planning aan vast. Het is niet dat we zeggen: we willen over een jaar zoveel kruispunten aangepakt hebben. We hebben de financiële middelen daar gewoon niet voor. Projecten die we oppakken, zorgen we ervoor dat we dat wel meenemen. Dus op het moment dat wij projecten - of het nou met herinrichting van een straat is, of dat het nou een rioolvervanging is waardoor de straat open moet - proberen we daar te zorgen dat we die stappen wel kunnen zetten. Externe financiering is natuurlijk altijd een mogelijkheid. Ik wil niet zeggen dat het haalbaar is, we weten dat er wel subsidie is die beschikbaar zijn. We hebben ook iemand hier binnen onze organisatie die zich bezighoudt, die continu aan het kijken is wat voor subsidies kunnen we voor dit soort projecten binnenhalen. Maar het feit blijft dat subsidies over het algemeen beschikbaar zijn voor bijvoorbeeld verduurzaming van riolen, klimaatadaptatie. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat je zo een subsidie niet zou kunnen gebruiken. Klimaatadaptatie is ook tegengaan van hittestress, en bomen helpen weer tegen hittestress. Dus wellicht kun je op die manier kijken hoe je dat alsnog laat landen. Maar ik ben het helemaal met u eens als u zegt: het ontbreken van een financiële paragraaf is eigenlijk is lastig, is ook eigenlijk onwenselijk.
Maar ik hoef ook niet uit te leggen wat de financiële situatie van de gemeente momenteel is. Zoals ik zeg: ik ga een plan opstellen, en ik ga de komende jaren een paar miljoen per jaar vrijmaken voor de vergroening en het vergroten van de biodiversiteit, zonder dat ik dat onderbreng in projecten en ergens de financiële … Dat het op één of andere manier weer kan dekken. Ja, dan moet er iets anders niet gedaan worden. Dat is wel de realiteit. Ik bedoel onze begroting staat erg onder druk. Dat zal richting 2026 niet beter worden. Zoals we al zeiden: knelpunten hebben we in kaart gebracht. Ze weten ook als we dus projecten hebben in die omgeving, dat we dat op een goede manier moeten kunnen oppakken, en dan maken we dat ook onderdeel van het project. En dus integraal in planvorming. En dus ook integraal mee begroten in planvorming. Dan kun je ook … kun je ook natuurlijk eigenlijk efficiënter werken, als je op die manier je werkzaamheden, je projecten draait. Dan doelsoorten en icoonsoorten. Hoe gaan we die volgen? We hebben het hier natuurlijk al eerder over gehad. U stelt een aanvullende vraag ook inderdaad: kunnen we dat samen doen met omliggende gemeenten, andere organisaties? Wij gaan uit van de kwantitatieve aanwezigheid van