CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Campus At the Park_vastgesteld_Toelichting

Forum Stad 4 juni 2024, gemeente RijswijkBij agendapunt: Raadsvoorstel vaststellen bestemmingsplan ''Campus at the Park"" (RV 24 029)26.024 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bestemmingsplan Campus At the Park Toelichting

Vastgesteld 18 juni 2024

Inhoudsopgave

Toelichting

5

Hoofdstuk1 Inleiding 1.1 Aanleiding en doel 1.2 Ligging en begrenzing plangebied 1.3 Vigerende plannen 1.4 Leeswijzer

6 6 6 8 9

Hoofdstuk2 Planbeschrijving 2.1 Ontstaan Rijswijk en het Kessler Park 2.2 Huidige situatie 2.3 Toekomstige situatie

10 10 12 14

Hoofdstuk3 Ruimtelijk beleidskader 3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Regionaal beleid 3.4 Gemeentelijk beleid 3.5 Conclusie

23 23 25 28 30 36

Hoofdstuk4 Omgevingsaspecten 4.1 Inleiding 4.2 Archeologie en cultuurhistorie 4.3 Bedrijven en milieuzonering 4.4 Bodemkwaliteit 4.5 Ecologie 4.6 Externe veiligheid 4.7 Geluid 4.8 Luchtkwaliteit 4.9 M.e.r.-beoordeling 4.10 Stikstof 4.11 Verkeer en parkeren 4.12 Water 4.13 Duurzaamheid en klimaatadaptatie 4.14 Bezonning 4.15 Wind

37 37 37 38 42 43 44 46 48 51 52 53 55 58 65 65

Hoofdstuk5 Juridische planbeschrijving 5.1 Planopzet 5.2 Artikelsgewijze toelichting

67 67 67

Hoofdstuk6 Uitvoerbaarheid en handhaving 6.1 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 6.2 Economische uitvoerbaarheid 6.3 Handhaving

69 69 69 70

Hoofdstuk7 Proces 7.1 Overleg ex artikel 3.1.1 Bro 7.2 Ontwerpfase 7.3 Vaststellingsfase 7.4 Crisis- en herstelwet

71 71 71 71 71

Campus At the Park Pagina 2 van 71

Campus At the Park Pagina 3 van 71

Campus At the Park Pagina 4 van 71

Toelichting

Campus At the Park Pagina 5 van 71

Hoofdstuk 1

1.1

Inleiding

Aanleiding en doel

Op 8 februari 2022 is het Ontwikkelkader voor Kessler Park en omgeving vastgesteld. De gemeente Rijswijk heeft de ambitie om het stationsgebied van Rijswijk te ontwikkelen naar een woon-werk (-leer)campusmilieu in een groene omgeving. Faciliteitencampus 'At the Park' wil bedrijven en organisaties aantrekken die actief zijn op het gebied van; Geothermie en energietransitie; Life sciences & health; Overige innovatieve (top)sectoren (impact economy). Deze ambitie wordt ook door de buurgemeenten, Metropool Regio Rotterdam Den Haag en de provincie Zuid-Holland als economische versterking van de regio ondersteund. Deze visie en de signatuur van de faciliteitencampus 'At the Park' zijn in 2023 in het Acceptatiekader uitgewerkt. Met het oog op het Acceptatiekader zijn de eerste ruimtelijke besluiten genomen. Zo is een gebruiksverruiming aan de bestaande gebouwen Rockies, Andes, Zagros en Alps afgegeven. In het gebruik van deze gebouwen zal men aansluiten op het faciliteitencampusconcept zoals hierboven genoemd; een mix van innovatieve bedrijven en organisaties mét ook onderwijs, vakopleidingen en een informatie- en bezoekerscentrum. Door het verbeteren van de openbare ruimte en het ontwikkelen van woningen ontstaat een gebied dat aantrekkelijk wordt voor bedrijven en inwoners.

De faciliteitencampus 'At the Park' met haar woningprogramma en de daarbij behorende campus ondersteunende functies biedt een kans om de blijvende grote vraag naar woningen in de gemeente aan te pakken. Met het voorliggende bestemmingsplan wordt deze transformatie van het Kessler Park planologisch mogelijk gemaakt.

1.2

Ligging en begrenzing plangebied

Het bestemmingsplangebied betreft het Kessler Park en is gesitueerd in de Plaspoelpolder in Rijswijk, gelegen in de gelijknamige gemeente in de provincie Zuid-Holland. Het plangebied wordt aan de noordwest kant begrensd door de Kessler Park en aan de noordoost kant door de Volmerlaan, zoals te zien is in figuur 1.2. Aan de zuidoost kant wordt het plangebied begrensd door de Visseringlaan en aan de zuidwest kant door de Lange Kleiweg. Het plangebied is goed bereikbaar door de centrale ligging. Het station Rijswijk bevindt zich ten noordwesten op loopafstand van het plangebied. Op dit station komen treinen, trams en bussen aan. Daarnaast is het plangebied goed bereikbaar via de A4 en verschillende ontsluitingswegen.

Campus At the Park Pagina 6 van 71

Figuur 1.1: Ligging plangebied ten opzichte van de regio

Figuur 1.2: Ligging plangebied ten opzichte van de nabije omgeving.

Campus At the Park Pagina 7 van 71

1.3

Vigerende plannen

Ter plaatse van het plangebied vigeren de volgende bestemmingsplannen en voorbereidingsbesluiten: Bestemmingsplan Plaspoelpolder, 1e algehele herziening, vastgesteld op 01-11-2011; Bestemmingsplan Parapluherziening parkeernormering Rijswijk, vastgesteld op 12-06-2018; Paraplubestemmingsplan wonen Rijswijk, vastgesteld op 12-12-2023; Voorbereidingsbesluit hyperscale datacenters, vastgesteld op 12-07-2023; Tevens is in het plangebied een omgevingsvergunning verleend ten behoeve van gebruiksverruiming bestaande gebouwen. Deze is verleend op 29-11-2022; Bestemmingsplan Plaspoelpolder, 1e algehele herziening (2013) Dit bestemmingsplan is van toepassing op het gehele plangebied en delen om het plangebied heen. In het bestemmingsplan heeft de grond waarop de beoogde ontwikkeling gepland is de enkelbestemming 'Bedrijventerrein'. Binnen deze bestemming zijn bedrijfsactiviteiten, die zijn genoemd in Bijlage 1 onder de categorieën 1 t/m 3.2 van het bestemmingsplan toegestaan met uitzondering van geluidzoneringsplichtige inrichtingen en zelfstandige kantoren, tenzij in sub c t/m x van de artikel 4.1 Bedrijventerrein anders is bepaald. Tevens zijn commerciële activiteiten, voorzieningen, maatschappelijke onderwijsvoorzieningen en bedrijfswoningen toegestaan. De bouw van een groot scala woningen is niet toegestaan binnen de huidige bestemming.

Daarom dient voor de beoogde ontwikkeling de bestemming gewijzigd te worden. Wel zijn middels een verleende omgevingsvergunning voor afwijken van dit bestemmingsplan reeds de planologische mogelijkheden binnen de bedrijfsbestemming van specifiek aangewezen gebouwen verruimd om aan te sluiten op een faciliteitencampusconcept. Dit houdt in dat een mix van innovatieve bedrijven en organisaties mét ook onderwijs, vakopleidingen en een informatiebezoekerscentrum onder bepaalde voorwaarden zijn toegestaan. Naast de enkelbestemming ligt er ook een dubbelstemming 'Waarde-Archeologie' over het zuidoostelijke gedeelte van het plangebied heen. Daarnaast kent het plangebied verschillende maatvoeringen en functieaanduidingen. Het voorliggende bestemmingsplan 'Campus At the Park' zal na vaststelling het bestemmingsplan 'Plaspoelpolder, 1e algehele herziening' volledig vervangen voor de specifieke gronden van het plangebied. Bestemmingsplan Parapluherziening parkeernormering Rijswijk (2018) Dit bestemmingsplan schrijft bepalingen voor betreffende de parkeernormen binnen de gemeente Rijswijk. Echter zijn er in het Ontwikkelkader Kessler Park en omgeving parkeernormen vastgesteld die specifiek gelden voor het plangebied.

De parkeernormen uit het ontwikkelkader zijn leidend ten opzichte van de normen uit de Parapluherziening parkeernormering Rijswijk en worden in onderhavig bestemmingsplan aangehouden. Paraplubestemmingsplan wonen Rijswijk (2023) De gemeente Rijswijk heeft een paraplubestemmingsplan opgesteld om de druk op de leefbaarheid in wijken als gevolg van verkamering en woningsplitsing te reguleren. Het plan is bedoeld om een eenduidige regeling voor wonen en verschillende woonvormen te creëren binnen de gemeente. Het stelt over het algemeen een verbod in op het gebruik van woningen voor andere doeleinden dan de huisvesting van één huishouden, maar biedt ruimte voor uitzonderingen via een omgevingsvergunning. Dit beleid is ook gekoppeld aan de Huisvestingsverordening en bevat een gemeentebrede regeling voor bed & breakfast faciliteiten. Het doel is om negatieve effecten zoals overlast en parkeerdruk te verminderen en tegelijkertijd ruimte te bieden voor flexibiliteit in huisvestingsbehoeften. Het onderhavige plan sluit grotendeels aan bij het paraplubestemmingsplan, echter wordt er met het onderhavige plan wel op kleine schaal woningdelen mogelijk gemaakt binnen het plangebied.

Campus At the Park Pagina 8 van 71

Voorbereidingsbesluit hyperscale datacenters (2023) Het voorbereidingsbesluit hyperscale datacenters verbiedt de ontwikkeling van hyperscale datacenters op aangewezen gebieden door het gehele rijk. Deze datacenters nemen veel ruimte in beslag en verbruiken veel (duurzame) energie. Het Rijk ontwikkelt daarom op landelijk niveau beleid om de datacenters zo goed mogelijk in te passen. Om te voorkomen dat in de periode die nodig is om het beleid te maken nieuwe hyperscale datacenters worden gevestigd op locaties die mogelijk niet binnen het nieuwe beleid passen, is het voorbereidingsbesluit genomen. Het voorbereidingsbesluit is van toepassing op het gehele plangebied. De beoogde ontwikkeling betreft geen hyperscaal datacenter. Daarmee vormt het voorbereidingsbesluit geen obstakel voor het bestemmingsplan.

1.4

Leeswijzer

Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en deze toelichting. In dit eerste hoofdstuk van de toelichting zijn de aanleiding en het doel, de ligging en de begrenzing en de huidige vigerende plannen beschreven. Hoofdstuk 2 van de toelichting bevat een gedetailleerde planbeschrijving en een motivering van de locatiekeuze. Vervolgens wordt in hoofdstuk 3 aandacht besteed aan het relevante ruimtelijke beleidskader op rijks-, provinciaal- en gemeentelijk niveau. In hoofdstuk 4 worden alle verschillende omgevingsaspecten die van invloed kunnen zijn op de ruimtelijke ontwikkeling besproken. Per omgevingsaspect wordt het wettelijk kader, de situatie van het plangebied en de verrichte onderzoeken besproken. Op basis daarvan worden conclusies getrokken voor de beoogde ontwikkeling. In hoofdstuk 5 wordt de maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid van de beoogde ontwikkeling besproken. Tot slot wordt in hoofdstuk 6 de juridische planbeschrijving opgenomen, waarin de koppeling tussen de toelichting, de regels en de verbeelding wordt uitgelegd. Na de toelichting volgen de bijbehorende bijlages, de regels en de bijlagen bij de regels.

Campus At the Park Pagina 9 van 71

Hoofdstuk 2

Planbeschrijving

2.1

Ontstaan Rijswijk en het Kessler Park

2.1.1

Geschiedenis Rijswijk

Rijswijk ontstond rond 200 voor Chr. in de lagune achter de strandwallen: het duin- en binnenduinrandgebied van de huidige Hollandse kust. Als gevolg van een stijgende zeespiegel werd het veen weggeslagen en ontstond er een krekensysteem, waarvan de Gantel, de grootste kreek, door het Westland tot aan het huidige Delft liep. De hoger gelegen oeverwallen langs de kreken werden vestigingsplaatsen voor de vroegere bewoners van de Nederlandse delta, waaronder Rijswijk. De structuur van de historische kern Rijswijk is vervolgens gevormd door het onderliggende landschap: de oever- en strandwallen en de lage zandvlakten. Deze lage zandvlakten zijn later opgehoogd voor bebouwing. Rond 1900 kent Rijswijk een bescheiden groei in oostelijke richting van de oude kern. In 1906 verschijnt het Uitbreidingsplan Gemeente Rijswijk, mede als reactie op de expansiedrift van Den Haag. In het uitbreidingsplan staat de tuindorpstructuur centraal en wordt het onderliggende slagenlandschap volledig genegeerd. Rijswijk groeit op basis van het uitbreidingsplan in oostelijke en zuidelijke richting, nog dichtbij de oude kern. Deze uitbreiding vindt vrij langzaam plaats in de periode 1906-1930. Na de Tweede Wereldoorlog kampt Den Haag met een enorm woningtekort.

Mede hierom breidt Rijswijk fors in westelijke richting uit met 15.000 woningen en worden tevens het bedrijventerrein Plaspoelpolder, het winkelcentrum 'In de Bogaard', stadsparken en verschillende sportcomplexen aangelegd. De uitbreiding wordt vormgegeven op basis van de modernistische gedachte, waarin de scheiding van stedelijke functies als ideaal wordt gezien. In het noorden wordt een parkruimte gespaard met de bedoeling een buffer te creëren tussen Den Haag en Rijswijk (vandaag de dag bekend als de Landgoederenzone). Er worden aparte gebieden voor wonen, werken en recreëren aangelegd met daartussen brede ruime wegen met groenstroken. De bouwblokken in de woonwijken bestaan veelal uit flats in twee, drie of vier verdiepingen die in stroken parallel aan of haaks op elkaar worden geplaatst. Vanaf de jaren '60 van de vorige eeuw neemt het aantal bouwlagen per blok en daarmee de hoogte van de bebouwing snel toe. De woningbehoefte is nog altijd groot en de grond duur. In deze periode zijn onder andere de Artiestenbuurt (met winkelcentrum In de Bogaard) en het Stationskwartier gebouwd. Het doel was om Rijswijk uit te laten uitgroeien tot stadsformaat. In slechts enkele jaren kwamen er 15.000 woningen bij. In deze periode is Rijswijk het snelst gegroeid.

In de Artiestenbuurt en het Stationskwartier kwamen veel portiekwoningen en flats van zes verdiepingen en hoger te staan, afgewisseld met lagere bouwblokken en eengezinswoningen. En tussen de woningen in veel groen en ruimte. Vooral aan de randen van de wijken en langs de toegangswegen, onder andere in Steenvoorde-Noord, wordt hoogbouw neergezet om een stedelijke uitstraling te creëren. In de jaren '70 en '80 van de vorige eeuw worden op invullocaties vooral eengezinswoningen gebouwd en ontstaat er weer een grotere diversiteit aan woningtypes. Begin jaren '90 van de vorige eeuw vormt Rijswijk al een belangrijk onderdeel van de aaneengesloten stedelijke agglomeratie Den Haag. Ter ontsluiting van de Plaspoelpolder wordt na dertig jaar voorbereiding in 1985 de A4 doorgetrokken. De meer recente uitbreidingen van Rijswijk (de Hoekpolder en De Strijp) bestaan voornamelijk uit eengezinswoningen. Afbeelding 2.1 geeft het huidige grondgebied van de gemeente Rijswijk weer, met daarop het plangebied rood omlijnd aangeduid. De komende jaren worden Eikelenburg en Rijswijk-Buiten verder ontwikkeld waarbij voornamelijk Campus At the Park Pagina 10 van 71

grondgebonden woningen worden gerealiseerd. Daarnaast wordt er getransformeerd in onder meer In de Bogaard en de Plaspoelpolder. Het plangebied Kessler Park maakt onderdeel uit van de Plaspoelpolder.

Figuur 2.1: Ligging plangebied in de gemeente Rijswijk.

Campus At the Park Pagina 11 van 71

2.1.2

Geschiedenis Kessler Park

In 1962 opende Shell haar voormalig onderzoekscentrum op het Kessler Park. Na 55 jaar verliet Shell het gebied en werd het pandencomplex At the Park inclusief het unieke fieldlab verkocht aan campusontwikkelaar Kadans Science Partner. Het unieke voormalig olie- en gasboringen onderzoeks- en testcentrum op Kessler Park wordt nu gebruikt voor testen en onderzoeken op het gebied van warmte/geothermie en -opslag en aanverwante duurzame energietechnieken (denk aan CO2-opslag). Winning en het gebruik van aardwarmte en -opslag kan een belangrijk rol spelen in de energietransitie. In 2019 is door het Ministerie van Economische Zaken, Energie Beheer Nederland, Provincie Zuid Holland, gemeente Rijswijk en de Nederlandse Organisatie voor toegepast natuurwetenschappelijk onderzoek (TNO) het Rijswijk Center for Sustainable GeoEnergy (RCSG) opgericht. Het unieke voormalig olie- en gasboringen onderzoeks- en testcentrum op Kessler Park wordt nu gebruikt voor testen en onderzoeken op gebied van warmte/geothermie en -opslag en aanverwante duurzame energietechnieken (denk aan CO2-opslag). In het unieke fieldlab kunnen aardwarmteprojecten onder ware condities in de ondergrond worden getest. Bedrijven die actief zijn op het gebied van aardwarmte kunnen gebruik maken van geavanceerde testopstellingen.

Het RCSG levert daarmee een belangrijke bijdrage aan onderzoek naar duurzame hernieuwbare energie en de energietransitie. In privaat publiek samenwerkingsverband met overheid, onderwijs, kennisinstellingen en bedrijven wordt de maatschappelijke opgave van de energietransitie nog breder aangepakt. Zo is een informatie- en bezoekerscentrum De Energy Cave pal naast het fieldlab in At the Park gevestigd en werken partijen samen aan onder andere ook het opleiden van talent en vakmensen. At the Park heeft grote potentie voor de ontwikkeling tot een campus met als hoofdfunctie research & development en als nevenfunctie onderwijs- en educatiefaciliteiten en woon/werkunits. Voor kennis- en innovatiebedrijven is het Kessler Park met organisaties als RCSG, TNO en het Europees Octrooibureau (EPO) in de directe omgeving een aantrekkelijk vestigingsgebied. In lijn met deze gedachte beoogt campusontwikkelaar Kadans Science Partner middels het bestemmingsplan 'Campus At the Park' een aantrekkelijke campus te ontwikkelen waarin functiemenging plaatsvindt en een innovatie ecosysteem gecreëerd wordt. Bedrijven en kennisinstellingen kunnen elkaar opzoeken, talenten opleiden en samen innoveren.

2.2

Huidige situatie

2.2.1

Ligging en omgeving

Het plangebied betreft het Kessler Park, gesitueerd aan de oostzijde van het bedrijventerrein Plaspoelpolder. Dit bedrijventerrein is een van de grootste bedrijventerreinen in de regio. De eerste bedrijvigheid in dit gebied bestond met name uit maakindustrie. In de jaren '70 maakte dit plaats voor meer dienstverlenende bedrijven. Daarom wordt de Plaspoelpolder nu gekenmerkt door de vele kantoren en bedrijven die het huisvest. Veel van deze oude kantoorpanden voldoen niet meer aan de eisen van de huidige gebruikers en behoeven transformatie. Tegelijktertijd is er in Rijswijk meer vraag naar woningen ontstaan. De Plaspoelpolder is een geschikte locatie voor de ontwikkeling van wonen, vanwege de centrale ligging van de Plaspoelpolder in Rijswijk, de aanwezigheid van voldoende infrastructuur en de beschikbare ruimte. Vanwege deze twee kenmerken is de Plaspoelpolder een kansrijke locatie voor transformatie tot een woonwerkgebied. De gemeente Rijswijk werkt actief samen met bedrijven en vastgoedeigenaren om verouderde kantoorpanden te transformeren of de locaties te laten herontwikkelen na sloop en in te spelen op de urgente vraag naar extra woningen. Het onderhavige bestemmingsplan is daar onderdeel van.

Het Kessler Park, het plangebied, is goed bereikbaar vanwege de gunstige ligging ten opzichte van de A4 en de A13 én het station van Rijswijk dat zich ten noordwesten van het plangebied bevindt. Ten noorden en westen van het plangebied liggen woonwijken. Ten oosten liggen bedrijven- en kantorenterreinen (onderdeel van de Plaspoelpolder) en in het zuiden ligt het Elsenburgerbos.

Campus At the Park Pagina 12 van 71

Figuur 2.2.1: Ligging plangebied ten opzichte van de omgeving (Cyclomedia). 2.2.2

Plangebied

Het plangebied wordt omsloten door de straten Kessler Park, Volmerlaan, Visseringlaan en Lange Kleiweg. Het plangebied is kadastraal bekend als gemeente Rijswijk, sectie G, nummers 3004, 3384, 3385, 3386, 3387, 2411, 2412. De noordelijke kant van het plangebied bestaat met name uit een ondergrondse parkeergarage bedekt door gras en enkele bomen. Verder is er centraal in het plangebied een groot kantorencomplex aanwezig. Te midden van het complex is een vijver omringd door een aantal bomen gesitueerd. Het kantorencomplex wordt voor een deel gebruikt door innovatieve bedrijven zoals TNO en Eurofins. Ook bevindt zich op het Kessler Park een uniek fieldlab in de vorm van het Rijswijk Center for Sustainable GeoEnergy (RCSG). Er is sprake van twee laboratoriumruimten waarin TNO onderzoek verricht naar geothermie, groene chemie, gasbehandelingen en boortechnieken. In het plangebied bevindt zich verder, op de hoek van de Lange Kleiweg en de de Visseringlaan, een kantoorpand. Het plangebied kent een hoge mate van verstedelijking met abrupte overgangen naar het openbaar gebied (zie figuur 2.2.2). Aan de kant van het Kessler Park wordt het plan door een groener karakter gekenmerkt, zoals te zien is in figuur 2.2.3. Dit gebied fungeert momenteel echter anoniem naar haar omgeving, door het ontbreken van een duidelijke routing en een aanleiding om deze zone te betreden.

Campus At the Park Pagina 13 van 71

Figuur 2.2.2 Hoge mate van verstedelijking Kessler Park

Figuur 2.2.3 Groen karakter Kessler Park (Foto: Kessler Parkveld)

2.3

Toekomstige situatie

2.3.1

Visie

Rijswijk wil al langer de verouderde kantoren in de Plaspoelpolder aanpakken. Door de Toekomstvisie Plaspoelpolder uit 2017 en het Addendum uit 2019, is verdichting en de combinatie van wonen, werken en verblijven op sommige plekken toegestaan. Hierdoor mogen kantoorlocaties getransformeerd worden. Door het vertrek van Shell ontstond er verloedering van het Kessler Park en werd transformatie noodzakelijk. De Verstedelijkingsalliantie wil tot 2040 ongeveer 240.000 woningen bijbouwen in de Zuidelijke Randstad. Hiervan wordt 70% gebouwd vlakbij stations langs de Oude Lijn. In Rijswijk zijn ‘Bogaard Stadscentrum’, 'Havenkwartier' en ‘Kessler Park en omgeving’ de locaties die hier uitstekend bij passen. Op 8 februari 2022 stelde de gemeenteraad van Rijswijk het "Ontwikkelkader Kessler Park en omgeving" vast. Dit kader schetst de visie en principes voor de ontwikkeling van Kessler Park. Het ontwikkelkader wijst At The Park als faciliteitencampus aan, met een omgeving waar wordt gewerkt en gewoond en waar tevens plaats is voor ontmoeting, cultuur en ontspanning. Het is bedoeld voor zowel de mensen die er wonen en werken als voor bedrijven in de Plaspoelpolder en de Rijswijkse inwoners. Campusomgevingen fungeren als ontmoetingsplekken en verblijfsgebieden waar verschillende functies elkaar aanvullen en versterken.

Het samenspel van levendige plinten in een groene, publiek toegankelijke setting stimuleert spontane ontmoetingen en zorgt voor een levendig straatbeeld. Daarnaast creëert het een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor allerlei innovatieve bedrijven. Het is voordelig voor deze kleinschalige innovatieve bedrijven om zich in nabijheid van elkaar te vestigen, omdat daardoor benodigd materiaal gedeeld kan worden en er van elkaar geleerd kan worden. Dit kan leiden tot allerlei innovaties. Voor het Kessler Park

Campus At the Park Pagina 14 van 71

ziet gemeente Rijswijk vanwege de besproken geschiedenis (paragraaf 2.1.2) met name kansen voor de vestiging van bedrijven die samen de energietransitie vormgeven met onderzoek en doorontwikkeling van geothermie, waterstof, zon, wind en andere manieren van duurzame energieproductie en opslagtechnieken.

Figuur 2.3.1 Artist impression Campus At the Park.

Figuur 2.3.2 Impressiebeeld Brainport Eindhoven

Campus At the Park Pagina 15 van 71

2.3.2

Ontwikkelingen

De beoogde ontwikkelingen in het Kessler Park komen overeen met het beeld dat gemeente Rijswijk in het ontwikkelkader heeft geschetst. Het hoofddoel voor ontwikkeling van het Kessler Park is het creëren van een faciliteitencampus, waar wonen, werken en verblijven elkaar ontmoeten en waar ingezet wordt op innovatief onderzoek naar (geo)thermie en andere vormen van de winning en opslag van duurzame energie. Daarnaast wordt een omgeving beoogd waarin de ruimtelijke en economische mogelijkheden optimaal benut worden en waarbij diverse programmaonderdelen elkaar versterken. Nieuwe mobiliteit wordt beschouwd als een kans, geen obstakel. De locatie transformeert tot een levendige, gevarieerde, groene en stedelijke omgeving. Het wordt een aantrekkelijke vestigingsplaats met een eigen signatuur en karakter, waardoor bedrijven, kennisinstellingen en talent blijvend worden aangetrokken en waarbij een woonklimaat wordt gecreëerd voor passende doelgroepen. Verschillende gebruikers zullen ruimtes in de gebouwen vinden die in de loop der tijd verschillende doeleinden kunnen dienen. Het plan biedt hiervoor ook flexibiliteit. De openbare ruimte wordt aangepast om meer ruimte te bieden voor verblijf en om aangename verbindingen te creëren.

De beoogde ontwikkelingen in het Kessler Park worden dus geïnitieerd door de markt (de vraag naar woningen in de Plaspoelpolder) en de gemeente (de ontwikkeling van een campusomgeving). In figuur 2.3.3 worden de twee ontwikkelgebieden weergegeven. Gebied 1 betreft het project At The Park. Gebied 2 betreft het project Here At The Park.

Figuur 2.3.3: Het plangebied opgedeeld in de twee ontwikkelgebieden. Ontwikkelgebied At The Park Gebied 1 betreft het grootste gedeelte van het plangebied. Hier wordt het project At The Park ontwikkeld. Een groot deel van het ontwikkelgebied wordt ingenomen door de bestaande gebouwen Rockies, Andes, Zagros en Alps. Door middel van een omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan zijn hier reeds de planologische mogelijkheden verruimd, om aan te sluiten op het faciliteitencampusconcept; een mix van innovatieve bedrijven en organisaties mét ook onderwijs, vakopleidingen, laboratoria en een informatie- en bezoekerscentrum. Zo'n 50 procent van de bestaande gebouwen blijft behouden ten behoeve van de hiervoor beschreven functies. De andere 50 procent van de gebouwen wordt gesloopt. In het noordoostelijke deel van het gebied is men na de sloop voornemens circa 1370 wooneenheden te realiseren verspreid over meerdere gebouwen. De woonfunctie wordt gecombineerd met commerciële en maatschappelijke voorzieningen om zodoende de

Campus At the Park Pagina 16 van 71

campusgedachte optimaal uit te dragen. Het huidige Kessler Park zal een levendige en innovatieve omgeving uitademen. In de parkeerbehoefte wordt voorzien door middel van de bestaande 2-laagse ondergrondse parkeergarage die zich onder het Kesslerveld bevindt, in het noorden van het ontwikkelgebied. Ontwikkelgebied Here At The Park Het zuidwestelijke deel van het plangebied wordt ontwikkeld onder de projectnaam 'Here At The Park'. Het kantoorpand dat zich daar bevindt, wordt gesloopt. Het project Here At The Park betreft de realisatie van circa 530 wooneenheden gecombineerd met commerciële voorzieningen in de plint. Een deel van de wooneenheden wordt mogelijk benut ten behoeve van campushuisvesting. Parkeren zal op eigen locatie worden voorzien of in directe nabijheid (binnen een straal van circa 250 meter) van de locatie, maar niet in het openbaar gebied. In figuur 2.3.4 is opgenomen welk deel van de bestaande bebouwing op het Kessler Park gesloopt wordt ten behoeve van de hiervoor beschreven ontwikkelingen.

Figuur 2.3.4: De te slopen bebouwing (gearceerd). De gearceerde bebouwing wordt gesloopt en deels vervangen door nieuwbouw. In figuur 2.3.5 is in het donkergrijs globaal de nieuwbouw in het Kessler Park weergegeven, met in het zuidwesten de nieuwbouw van Here At The Park. Langs de noordoostelijke rand van het plangebied is de nieuwbouw van At The Park weergegeven.

Campus At the Park Pagina 17 van 71

Figuur 2.3.5: Nieuw te bouwen massa (donkergrijs) inclusief groene voetgangersverbindingen. Ontwikkelkader In het ontwikkelkader geeft de gemeente haar visie op de gewenste ontwikkeling van het Kessler Park in de komende jaren. Het Kessler Park zal zich volgens deze visie ontwikkelen tot een aantrekkelijk gebied, waar het werken en wonen in een campus setting plaatsvinden met een passend aanbod aan voorzieningen. Het ontwikkelkader kent een structuurkaart met een raamwerk, dat de basis vormt voor een duurzame en een blijvende gebiedsontwikkeling (zie figuur 2.3.5). Het Kessler Park dient een bruisend stedelijk woon-werkgebied naast het station te worden, onder andere door de toevoeging van woningen en het verbeteren van de openbare ruimte. Het gebied wordt hierdoor aantrekkelijk voor bedrijven, onderwijsinstellingen en inwoners. Voor de inrichting van de openbare ruimte gelden vier uitgangspunten, die op verschillende manieren kunnen worden toegepast. 1. 2. 3. 4.

Ruimte voor voetgangers en fietsers; Goede verbindingen; Klimaat-adaptief, robuust en duurzaam; Groene ruimtes.

Campus At the Park Pagina 18 van 71

Figuur 2.3.6: Structuurkaart Kessler Park en omgeving. Voor Kessler Park en omgeving wordt een raamwerk ontwikkeld, waarin de hierbovengenoemde vier ambities (met de nadruk op ambitie 1 en 2) worden gewaarborgd. Het raamwerk van de openbare ruimte ordent de stad en geeft houvast. De volgende ingrepen versterken het raamwerk: Versterken van lange lijnen; Verbeteren van de relatie tussen station en Plaspoelpolder; Openen van Kessler Park door een fijnmazige structuur van hoven en pleinen; Maken van een groen hart voor de ontwikkeling het Stadsveld. Hiervoor is voor de ruimtelijke opzet in figuur 2.3.6 gekozen, inclusief raakvlakken naar de omgeving.

Campus At the Park Pagina 19 van 71

Figuur 2.3.7 Ruimtelijke opzet beoogde ontwikkeling. Stadsveld Het Stadsveld met zijn ligging tussen het NS Station Rijswijk en de Plaspoelpolder zorgt ervoor dat veel mensen gebruik zullen maken van het Stadsveld en het voor voetgangers doorwaadbare Kessler Park (zie figuur 2.3.7). De losse volumes van de bebouwing faciliteren dit doorwaabaar gebied (zie figuur 2.3.8).

Campus At the Park Pagina 20 van 71

Figuur 2.3.8 Doorwaadbaar gebied Kessler Park. Volmerlaan De Volmerlaan vormt één van de entrees naar de toegangsweg richting Rijswijk en Den Haag. Deze belangrijke functie met veel gebruikers vraagt om representatieve gevels van het Kessler Park richting de Volmerlaan. Het gevelbeeld bestaat uit een diversiteit van volumes, onderbroken door verbindingen naar het Kessler Park en enkele accenten ter hoogte van het TUI-gebouw en de groene ader van de Verrijn Stuartlaan. Rond deze laatste is ook plaats voor een hoogteaccent, dat zich verbijzondert ten opzichte van de gevellijn. Visseringlaan De Visseringlaan vormt een van de groene assen in de Plaspoelpolder, die zorgt voor infiltratie van regenwater in de bodem. Daarnaast is en blijft er veel ruimte voor het parkeren van voertuigen. Aan deze as zal ook de broodfabriek in de toekomst herontwikkeld worden. De ontwikkeling van het Kessler Park sluit hier enerzijds op aan door fysiek afstand te houden tot zijn (nieuwe) buren en anderzijds door een visuele relatie aan te gaan door middel van architectuur en groene voetgangersverbindingen (zie figuur 2.3.6). Lange Kleiweg Van oudsher vormt de Lange Kleiweg een rechtstreekse verbindingsweg tussen Delft en Rijswijk. Ook aan deze straat is het belangrijk om te zorgen voor aantrekkelijke gevels bij de ontwikkeling van het Kessler Park.

De openbare ruimte dient in esthetiek en in verblijfskwaliteit te verbeteren. Daarvoor zal de bestaande zone tussen straat en het bouwveld worden omgevormd tot een breed trottoir met veel ruimte voor groen. Daarnaast dient aandacht te worden besteed aan het ontwerp van een pocketplaats op de kruising tussen de Lange Kleiweg en de Visseringlaan. Werken Voor kennis- en innovatiebedrijven is het Kessler Park met bedrijven als TNO en het Europees Octrooibureau én een samenwerkingsinitiatief als RCSG een aantrekkelijk vestigingsgebied. In lijn met deze gedachte beoogt campusontwikkelaar Kadans Science Partner middels het bestemmingsplan 'Campus At the park' een aantrekkelijke campus te ontwikkelen waarin functiemenging plaatsvindt en een innovatie ecosysteem wordt gecreëerd. Bedrijven en kennisinstellingen kunnen elkaar opzoeken, talenten opleiden en samen innoveren. In de herontwikkelingsplannen wordt er ruimte geboden aan start- en scale-up's. Wonen Campus At the Park wordt een gebied met een aantrekkelijke mix van verblijfsfuncties: werken, leren, ontspannen en wonen. Door middel van meer openbare groene gebieden ontstaat er een levendige en bloeiende campus. Door de functie wonen aan de campus toe te voegen ontstaat er Campus At the Park Pagina 21 van 71

een levendig, inspirerend en ook levensvatbaar toekomstbestendig stedelijk milieu. De geplande volumes landen allen individueel op een groen tapijt waardoor pockets ontstaan met verschillende thematuinen, die zorgen voor intimiteit en worden gekenmerkt door uitwisseling tussen de gebruikers onderling en tussen de campus en zijn omgeving. Voorzieningen In de plint van de woongebouwen van zowel At The Park als Here At The Park worden diverse commerciële en maatschappelijke voorzieningen gerealiseerd. Dit betreft voorzieningen die passen in de omgeving, geschikt zijn voor functiemenging en passen binnen het faciliteitencampus concept. Concreet zijn dit start-ups, kleinschalige innovatie maakbedrijven, dienstverlening, ondergeschikte detailhandel en passende horeca. Vergroening Het plangebied wordt naast de verdichting ook vergroend. Er wordt bijgedragen aan de verbetering van de leefbaarheid middels een variëteit van publiek toegankelijke natuurbiotopen. In deze gebieden worden ontmoetingen gestimuleerd. Tevens wordt hittestress gereduceerd middels een grid van bomen en zal hemelwater worden opgevangen door landschappelijke elementen en waterberging.

Campus At the Park Pagina 22 van 71

Hoofdstuk 3

Ruimtelijk beleidskader

In dit hoofdstuk wordt getoetst in hoeverre de voorgenomen ontwikkeling past binnen het door de overheid vastgestelde beleid. Achtereenvolgens wordt ingegaan op het rijks, provinciaal, regionaal en gemeentelijk beleid.

3.1

Rijksbeleid

3.1.1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is de langetermijnvisie van het Rijk op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van onze leefomgeving. Hiermee wil het Rijk inspelen op de grote uitdagingen die voor ons liggen. De NOVI toont voor welke uitdagingen Nederland staat, wat daarbij de nationale belangen zijn, welke keuzes het Rijk maakt en welke richting het Rijk meegeeft aan decentrale keuzes. Deze keuzes hangen samen met de toekomstbeelden van de fysieke leefomgeving, de maatschappelijke opgaven en economische kansen die daarbij horen. De NOVI komt voort uit de Omgevingswet (die 1 januari 2024 in werking treedt). Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang met elkaar. Zo kunnen in gebieden betere, meer geïntegreerde keuzes worden gemaakt. Prioriteiten De NOVI schetst een toekomstperspectief naar 2050 waarin vier prioriteiten worden vastgesteld: Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie Nederland moet zich aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. Zeespiegelstijging, hoge rivierafvoeren, wateroverlast en lange periodes van droogte zijn hier voorbeelden van. In 2050 zal Nederland klimaatbestendig en waterrobuust zijn. In 2050 moet Nederland ook een duurzame energievoorziening hebben. Dit vraagt ruimte, onder meer voor windmolens en zonnepanelen.

Voorwaarde is dat bewoners goed betrokken zijn en invloed hebben op het gebruik en kunnen meeprofiteren in de opbrengsten. Voor de ontwikkeling van duurzame energie zijn regionale energiestrategieën (RES) essentieel. Medeoverheden geven, in samenwerking met de energiesector, gebruikers en andere belanghebbenden, in de RES invulling aan de inpassing van duurzame energie op het land. Duurzaam economisch groeipotentieel Nederland werkt toe naar een duurzame, circulaire, kennisintensieve en internationaal concurrerende economie in 2050. De Nederlandse economie dient toekomstbestendig te worden, oftewel concurrerend, duurzaam, en circulair. Het gebruik van duurzame energiebronnen en verandering van productieprocessen wordt gestimuleerd. Steden en stedelijke regio's zijn belangrijk voor onze economie. Dit geldt vooral daar waar sprake is van een aantrekkelijke en gezonde omgeving en diversiteit in aanwezige economische functies, opleidingen en andere voorzieningen. Sterke en gezonde steden en regio's Er zijn vooral in steden en stedelijke regio's nieuwe locaties nodig voor wonen en werken. Het liefst binnen de bestaande stadsgrenzen, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio's behouden blijven. De leefbaarheid van stedelijk gebied staat voorop. Hiervoor dienen deze

Campus At the Park Pagina 23 van 71

gebieden in te zetten op klimaatadaptatie om de gevolgen van klimaatverandering tegen te gaan. Ook dient de bouw van nieuwe woningen te zijn gericht om een zo breed mogelijk aantal inwoners te bereiken. Mobiliteit dient aan te sluiten op nieuwe ontwikkelingen waarbij onder meer de CO2 uitstoot wordt verminderd. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Er ontstaat een nieuw perspectief voor de Nederlandse landbouwsector als koploper in de duurzame kringlooplandbouw. Een goed verdienpotentieel voor de bedrijven wordt gecombineerd met een minimaal effect op de omgevingskwaliteit van lucht, bodem en water. Er dient een balans tussen de ontwikkeling van natuur en landbouw te worden gevonden. Hiernaast dient het een prettige omgeving te zijn om te werken, wonen en te recreëren. Biodiversiteit van gebieden en de verduurzaming van landbouw zijn kernpunten. Afwegingsprincipes Het stellen van de bovenstaande prioriteiten kan een situatie maken dat belangen soms botsen. Om in zo'n situatie keuzes te maken worden er drie afwegingsprincipes gebruikt: Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies: In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI zoekt het Rijk naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte.

Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling, tussen concurrentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot gebied. Afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat onze leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties. De uitvoering van de NOVI moet gezamenlijk worden aangepakt. Rijk, provincies en gemeenten gaan meer samenwerken als één overheid. Ook staat participatie centraal. Daarnaast is de NOVI continu in beweging. Het is de bedoeling dat het zich continu aanpast aan ontwikkelingen, in een permanent en cyclisch proces. Betekenis voor het plan: De beoogde ontwikkeling van een multifunctionele wijk in Rijkswijk draagt bij aan de doelstellingen van de NOVI. De beoogde ontwikkeling verbetert namelijk de leefbaarheid in het bestaande gebied door een bruisend woon,- werk en verblijfsgebied te creëren. Met de binnenstedelijke locatiekeuze wordt er beoogd de groene structuren aan de randen van Rijswijk te behouden, de vraag naar woningen in het binnenstedelijke gebied te beantwoorden en efficiënt om te gaan met het ruimtegebruik.

Daarnaast worden er duurzame ontwerpen, ontwikkelmethodes en energiebronnen in het plan verweven, waardoor er rekening wordt gehouden met de behoeftes van toekomstige generaties. Tevens zal de beoogde wijk een groen karakter krijgen. 3.1.2

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)

Voor de bescherming van de rijksbelangen in plannen van andere overheden, is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) opgesteld. Het Barro is op 30 december 2011 in werking getreden en bevat bepalingen die juridisch doorwerken op het niveau van bestemmingsplannen. Zo bevat het bepalingen omtrent de mainportontwikkeling van Rotterdam, de bescherming van de waterveiligheid in het kustfundament en in en rond de grote rivieren, de uitoefening van defensietaken, de bescherming en behoud van de Waddenzee en enkele werelderfgoederen, zoals de Beemster, de nieuwe Hollandse Waterlinie en de Stelling van Amsterdam. Betekenis voor het plan Het plangebied van de beoogde ontwikkeling ligt niet binnen de invloedssfeer van het Barro, waardoor het Barro niet van toepassing is op het plan.

Campus At the Park Pagina 24 van 71

3.1.3

Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro)

De Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro) geef tuitwerking aan enkele bepalingen die in het Barro zijn vastgelegd. Het plangebied ligt in het radarverstoringsgebied die vastgelegd is door de Rarro. Hierdoor geldt er een maximale toegestane hoogte van 90 meter ten opzichte van het Nieuw Amsterdams Peil (NAP) voor het bouwen van bouwwerken. De beoogde ontwikkeling voorziet niet in de bouw van een bouwwerk boven 90 meter ten opzichte van het NAP. De ontwikkeling is dus niet in strijd met de Rarro. 3.1.4

Besluit ruimtelijke ordening (Bro)

Het Besluit ruimtelijke ordening geeft regels waar concrete ruimtelijke projecten aan moeten voldoen. In het Besluit ruimtelijke ordening is de zogenaamde 'Ladder voor duurzame verstedelijking' opgenomen (art. 3.1.6 lid 2 Bro). Op grond van dit artikel bevat de toelichting van een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.

Betekenis voor het plan Eerst moet worden beoordeeld of er in onderhavig geval sprake is van een 'stedelijke ontwikkeling'. Een stedelijke ontwikkeling is gedefinieerd in artikel 1.1.1, onder i van het Bro als 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen'. De beoogde ontwikkeling kan gedefinieerd worden als een stedelijke ontwikkeling. Wonen, campushuisvesting, maatschappelijke en commerciële diensten en horeca zijn nog niet toegestaan in het vigerende bestemmingsplan. Voor deze functies is hiermee dus sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. In het kader van de Ladder voor duurzame verstedelijking dient te worden gemotiveerd dat er sprake is van een project waar behoefte aan is. In Bijlage 21 is de Laddertoets opgenomen die is uitgevoerd voor het nieuw te realiseren programma. Uit de laddertoets blijkt dat het beoogd nieuw programma aan wonen, campushuisvesting, maatschappelijke en commerciële diensten en horeca voorziet in een duidelijke behoefte, kwantitatief én kwalitatief. De ruimtelijke effecten zijn aanvaardbaar. Voor zover er al enig negatief waarneembaar effect is, wordt dit snel weer ingelopen door de groei van het potentieel: 13.700 extra inwoners (+19%) in de gemeente Rijswijk en een groei van meer dan 100.000 (8%) inwoners in de regio Haaglanden.

Van aantasting van het woonen leefklimaat en ondernemersklimaat is geen sprake. De beoogde ontwikkeling van wonen, campushuisvesting, maatschappelijke en commerciële diensten en horeca in Campus At the Park kan dan ook de toets aan de Ladder voor duurzame verstedelijking doorstaan. 3.1.5

Beoordeling initiatief

De beoogde ontwikkeling past binnen en is niet strijdig met het rijksbeleid.

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1

Omgevingsvisie Zuid-Holland

De Omgevingsvisie van Zuid-Holland die is vastgesteld op 1 april 2023 (geconsolideerde versie), biedt een strategische blik op de lange(re) termijn voor de gehele fysieke leefomgeving en bevat de hoofdzaken van het te voeren integrale beleid van de provincie Zuid-Holland. In de Omgevingsvisie worden zeven provinciale vernieuwingsambities geformuleerd: Samen werken aan Zuid-Holland: inwoners, organisaties en bedrijven in een vroeg stadium

Campus At the Park Pagina 25 van 71

betrekken bij besluiten. Bereikbaar Zuid-Holland: efficiënt, veilig en duurzaam over weg, water en spoor. Schone energie voor iedereen: op zoek naar schone energie, haalbaar en betaalbaar voor iedereen. Een concurrerend Zuid-Holland: diversiteit, de economische kracht van Zuid-Holland. Versterken natuur in Zuid-Holland: een aantrekkelijk landelijk gebied draagt bij aan de kwaliteit van de leefomgeving. Sterke steden en dorpen in Zuid-Holland: versnellen van de woningbouw met behoud van ruimtelijke en sociale kwaliteit. Gezond en veilig Zuid-Holland: beschermen en bevorderen van een gezonde, veilige leefomgeving. Betekenis voor het plan De herontwikkeling van het achtergeraakte kantoren- en bedrijvengebied tot een bruisende woon-werk locatie sluit aan op de provinciale vernieuwingsambities die zijn vastgelegd in de omgevingsvisie van Zuid-Holland. De beoogde ontwikkeling draagt namelijk bij aan de ambities van de provincie om een concurrerend Zuid-Holland te worden met diversiteit en economische kracht én om de woningbouw te versnellen met behoud van ruimtelijke en sociale kwaliteit. 3.2.2

Omgevingsprogramma Zuid-Holland

Het Omgevingsprogramma Zuid-Holland is opgesteld als uitwerking van de beleidskeuze in de Omgevingsvisie. De beleidskeuzes worden vertaald naar concrete doelstellingen die de provincie Zuid-Holland vaststelt. Wat betreft de realisatie van een bruisend stedelijk woon-werkgebied zijn de meest relevante doelstellingen: Bestuurlijke afspraken over woningbouw Voor bestemmingsplannen van locaties waar woningbouw gaat plaatsvinden dient conform de ladder voor duurzame verstedelijking de behoefte voor de ontwikkeling te worden onderbouwd op basis van actueel onderzoek. Belangrijke zaken daarbij zijn de locatie, kwantiteit, kwaliteit en het tempo van de woningbouw. Concurrerende en toekomstbestendige bedrijventerreinen De provincie heeft als doel toekomstbestendige bedrijventerreinen te creëren die de vitaliteit van het bedrijfsleven versterken. Die toekomstbestendigheid betreft onder andere het gebied van energie, klimaatadaptatie en groen. De provincie streeft er naar een kwantitatief en kwalitatief evenwicht te creëren in vraag en aan bod van bedrijventerreinen. Transformeren, herstructureren en verdichten van locaties Met het oog op het creëren van een aantrekkelijk vestigingsklimaat, zullen diverse locaties in en nabij het stedelijke gebied andere functies krijgen die beter aansluiten aan de kwalitatieve en kwantitatieve behoefte in het gebied.

Zo zal bij binnenstedelijke locaties de focus liggen op herontwikkeling naar gemengd stedelijk gebied met een intensief ruimtegebruik. Er zijn provinciaal verschillende transformatiegebieden aangewezen. Het plangebied ligt binnen het transformatiegebied 'Plaspoelpolder'. Betekenis voor het plan: De realisatie van een bruisend stedelijk woon-werkgebied sluit aan bij de concrete doelstellingen die de provincie Zuid-Holland heeft vastgesteld in haar omgevingsprogramma. Hierdoor vormt het Omgevingsprogramma Zuid-Holland geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.

Campus At the Park Pagina 26 van 71

3.2.3

Omgevingsverordening Zuid-Holland

In de Omgevingsverordening Zuid-Holland (vastgesteld op 01-04-2023) zijn regels voor de fysieke leefomgeving samengevoegd op het gebied van natuur, milieu, mobiliteit, erfgoed, ruimte, energie en water. De provincie Zuid-Holland wil met de Omgevingsverordening ontwikkelingen, zoals woningbouw en de energietransitie, mogelijk maken en zet in op het beschermen van mooie en bijzondere gebieden in Zuid-Holland. De Omgevingsverordening Zuid-Holland richt zich op het in onderlinge samenhang: bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit; doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften; en zorgvuldig beheren, beschermen en ontwikkelen van de natuur, gelet op de intrinsieke waarde, dierenwelzijn, het behouden en herstellen van de biologische diversiteit, economische belangen, volksgezondheid en openbare veiligheid. Het provinciale beleid ten opzichte van stedelijke ontwikkelingen komt terug in art. 6.2.3 (Stedelijke ontwikkelingen), waarin de eisen worden besproken waaraan een bestemmingsplan moet voldoen bij het mogelijk maken van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Zo moet de toelichting van een bestemmingsplan ingaan op de ladder voor duurzame verstedelijking.

Daarnaast is vastgesteld dat de locatie van de ontwikkeling binnenstedelijk dient te zijn of een aangewezen grote buitenstedelijke bouwlocatie moet betreffen. Tevens worden er eisen gesteld aan het voorzien in voldoende sociale huurwoningen, parkeernormen, bereikbaarheid en de dichtheid en verscheidenheid van de woningbouw. Betekenis voor het plan Het plangebied van de beoogde ontwikkeling bevindt zich in verschillende aangewezen provinciale zones. Deze aanwijzingen hebben gevolgen voor de beoogde ontwikkeling. Met het huidige ontwerp is de ontwikkeling echter niet in strijd met het de Omgevingsverordening Zuid-Holland. Hieronder wordt besproken aan welke provinciale belangen het plangebied raakt: Bedrijventerreinen Het plangebied van de beoogde ontwikkeling is aangewezen als bedrijventerrein door de provincie Zuid-Holland, waardoor op grond van artikel 6.12 de vestiging van bedrijven uit de hoogst mogelijke milieucategorie van de Staat van Bedrijfsactiviteiten mogelijk is. De aanwijzing voorziet daarom tevens in overeenkomstige milieuzones voor geluid of geur, passend bij de omgeving van het bedrijventerrein, waarbij rekening wordt gehouden met toekomstige ontwikkelingen die mogelijk zijn op grond van een vigerend bestemmingsplan.

Volgens lid 3 van artikel 6.12 kan een bestemmingsplan in beperkte mate voorzien in nieuwe woningen, bedrijfswoningen en andere functies op delen van een bedrijventerrein. Indien een bestemmingsplan voorziet in gehele of gedeeltelijke transformatie naar een andere bestemming dan bedrijven, dient verantwoordt te worden op welke wijze binnen de regio planologische compensatie van bedrijventerrein zal plaatsvinden of heeft plaatsgevonden. Dit is enkel nodig bij een bedrijventerrein met milieucategorie 3 of hoger en overeenkomstige milieuzones, een geluidgezoneerd bedrijventerrein en een watergebonden bedrijventerrein. De compensatie kan achterwegen blijven als is aangetoond dat na transformatie voldoende bedrijventerreinen in de regio beschikbaar blijft. De gemeente Rijswijk heeft laten onderzoeken (Bijlage 1) of compensatie noodzakelijk is. In het bestuurlijk gesloten Woonwerkakkoord is afgesproken dat enkel feitelijk gebruik hoeft te worden gecompenseerd. Aan de hand van de toetsing met de afspraken zoals gemaakt in het Woonwerkakkoord is er grotendeels geen sprake van een compensatieplicht als deze gronden deels worden getransformeerd naar andere functies. In het onderhavige bestemmingsplan blijft het feitelijk gebruik van milieucategorie 3.1. op de locatie van het het fieldlab, met aanvullend buitenterrein, mogelijk.

Op basis van de afwijkingsbevoegdheid van art 6.34 van de Omgevingverordening van de provincie Zuid-Holland en het bestuurlijk gesloten Woonwerkkakkoord wordt de oppervlakte van het fieldlab (880m2) middels het onderhavige bestemmingsplan feitelijk gecompenseerd en blijft deze behouden. Ook blijft er ruimte voor andere Campus At the Park Pagina 27 van 71

bedrijven van milieucategorie 3.1, mits passend binnnen het acceptatiekader en de regels van het onderhavige bestemmingsplan. Door de realisatie van functiemenging wordt er ingezet op het leveren van een bijdrage aan economische doelstellingen, uit onder meer het provinciale beleid, en het realiseren van een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Planoptimalisatie Het plangebied betreft een planoptimalisatie gebied volgens de omgevingsverordening vanwege de ligging in de stationsomgeving. Op grond van artikel 6.10c geldt daarom een maximale parkeernorm van 0,7 autoparkeerplaats per woning bij het voorzien in nieuwe woningen bij een bestemmingsplan. Van deze parkeernorm kan enkel afgeweken worden als de gemeente op de lokale situatie afgestemde regels of beleid voor parkeren heeft vastgesteld. Voor de beoogde ontwikkeling wordt er gewerkt met verschillende maximale parkeernormen vanuit het ontwikkelkader, afhankelijk van het type woning. Voor een studio geldt een parkeernorm van 0,2 autoparkeerplaats per woning. Voor een micro appartement betreft dit een parkeernorm van 0,3, voor een klein appartement is dit een parkeernorm van 0,4 en voor een middelgroot appartement wordt een parkeernorm van 0,5 gehanteerd. Zie hiervoor ook tabel 4.1 in paragraaf 4.11.1. Het aantal parkeerplaatsen dat op basis van de parkeernormen beschikbaar is, dient als maximum.

De maximale parkeernorm uit de Omgevingsverordening wordt met deze parkeernormen dus niet overschreden. Het plan past zodoende binnen de planoptimalisatie van het provinciale beleid. Waterschap Het plangebied is aangewezen als gebied met een waterkwantiteitsnorm en waterschappen. Zodoende dient er in het onderhavige bestemmingsplan rekening te worden gehouden met de gevolgen van de risico's van klimaatverandering betreffende: wateroverlast door overvloedige neerslag, overstroming, hitte en droogte. In paragraaf 4.12 wordt ingegaan op het aspect water. In paragraaf 4.13 wordt ingegaan op het aspect duurzaamheid inclusief het aspect klimaatadaptatie. Fietsnetwerk Enkele randen van het plangebied zijn aangewezen als recreatief fietsnetwerk, onderdeel van het hoofdfietsnet. Het betreft hier de straten Lange Kleiweg, Kessler Park en Volmerlaan. Volgens art. 6.20a van de omgevingsverordening dient het bestemmingsplan daarom rekening te houden met het belang van de instandhouding en zo mogelijk de verbetering van het hoofdfietsnetwerk. De beoogde ontwikkeling zet in op een versterking van alternatieve vervoersconcepten, waaronder het gebruik van de fiets. Het is daarbij van belang dat de bestaande fietsroutes behouden worden en versterkt worden. Hiermee past de ontwikkeling binnen het provinciale beleid. 3.2.4

Beoordeling initiatief

Het planvoornemen past binnen en is niet strijdig met het provinciaal beleid.

3.3

Regionaal beleid

3.3.1 Regionale Realisatieagenda Wonen Haaglanden (regionale woondeal) - 'Meer bouwen, beter benutten' De negen gemeenten die samen de woningmarktregio Haaglanden vormen, hebben in 2023 een regionale woondeal 'Regionale Realisatieagenda Wonen Haaglanden' gesloten om de woningmarkt in de regio te versterken door het stellen van gerichte maatregelen. In deze woondeal worden regio specifieke kritische succesfactoren gedefinieerd en concrete oplossingsrichtingen voorgesteld die bijdragen aan (versnelde) woningbouw en verbouw. De belangrijkste regio-specifieke thema's van de woondeal zijn: 1. Het opharden van bestaande zachte woningbouwplannen en het programmeren van voldoende aandeel betaalbare woningbouw. 2. Het concreet benoemen van knelpunten en het maken van afspraken om tot oplossingen en Campus At the Park Pagina 28 van 71

realisatie te komen. 3. De gerichte aandacht voor de positie van woningbouwcorporaties. 4. Het verhogen van het aantal betaalbare woningen in de bestaande woningvoorraad door corporaties en het toekomstbestendig maken van de woningvoorraad via verbeter- en verduurzamingsmaatregelen. In het actuele regionale woningbouwprogramma en het vastgestelde tussenakkoord 'Samenwerken aan een solide woningmarkt in Haaglanden' zijn in de regio Haaglanden circa bruto 74.500 woningen gepland tussen 2022 t/m 2030. Het is essentieel dat deze ambitie behaald wordt. In de woondeal worden verschillende kritische succesfactoren benoemd die belangrijk zijn voor het behalen van deze ambitie. Betekenis voor het plan De beoogde ontwikkeling draagt bij aan het opharden van de al geruime tijd bestaande plannen voor de ontwikkeling van woningen in het Kessler Park. Ook is er in de beoogde ontwikkeling voldoende ruimte voor betaalbare woningbouw. Zodoende is de beoogde ontwikkeling in lijn met de ambities uit de regionale woondeal. 3.3.2

Bestuurlijk Woon-werkakkoord

In het bestuurlijk Woon-Werkakkoord geven gemeenten Delft, Den Haag, Leidschendam-Voorburg en Rijswijk en de provincie Zuid-Holland invulling aan de ruimte voor wonen en werken. Hierin wordt zowel gefocust op de versnelling van het woningbouwprogramma als de borging van voldoende ruimte voor binnen de regio passende bedrijvigheid. Het Kessler Park wordt in het Woon-werkakkoord benoemd als transformatielocatie waarvan de gemeente op korte termijn van plan is de (bedrijfs)bestemming te wijzigen. Het akkoord stelt dat er ongeveer 1.500 woningen, of meer, worden gepland. Ook stelt het dat er per saldo geen bedrijvigheid verloren zal gaan in het gebied, omdat het gebied wordt ontwikkeld tot een gemengd woon-werk campusgebied. De transformatie van een werkbestemming naar een gemengde- dan wel woonbestemming verdwijnt er ruimte voor een specifiek type bedrijvigheid. Volgens het vigerende provinciale beleid dient hier planologische compensatie plaats te vinden. In het licht van de beoogde versnelling is het middels het Woon-werkakkoord mogelijk om uit te gaan van compensatie op basis van feitelijk gebruik vanaf 1 januari 2021. De gemeente Rijswijk dient voor het Kessler Park een compensatieplan op te stellen om aan te tonen dat de compensatie van feitelijk gebruik daadwerkelijk plaatsvindt.

Betekenis voor het plan De 'Notitie - Compensatieplan Kessler Park en omgeving Rijswijk' is op 7 november 2023 opgesteld en in Bijlage 1 bij de toelichting van dit bestemmingsplan toegevoegd. Uit het Woon-werkakkoord volgt dat alleen feitelijk gebruik van gronden met de bestemming Bedrijventerrein gecompenseerd moet worden, in plaats van de planologisch aanwezige hectares. Daarbij hoeven kantoorruimtes en openbare ruimtes, zoals ter plaatse van Visseringlaan en Kessler Park, niet gecompenseerd te worden. TNO is met het fieldlab/onderzoekscentrum Rijswijk Center for Sustainable GeoEnergy (RCSG) het enige bedrijf binnen het plangebied met een milieucategorie groter dan 2. Daarnaast zijn er ook nog bedrijven aanwezig met een maximale feitelijke milieucategorie van 2. Deze bedrijven worden verder buiten beschouwing gelaten aangezien deze bedrijven niet compensatieplichtig zijn. Bij TNO met het fieldlab/onderzoekscentrum Rijswijk Center for Sustainable GeoEnergy (RCSG) is er wel sprake van een compensatieplicht, omdat een deel van dit bedrijf, namelijk het op het buitenterrein aanwezige fieldlab, een milieucategorie heeft van 3.1. Echter kan de compensatieplicht binnen de grenzen van het plangebied worden opgelost door TNO/fieldlab RCSG in te passen binnen voorliggende bestemmingsplan.

De bedrijvigheid van TNO/fieldlab RCSG kan daardoor gewoon op de huidige locatie worden voortgezet. Op het betreffende buitenterrein wordt in voorliggend bestemmingsplan ook bedrijvigheid van milieucategorie 3.1 toegestaan. Campus At the Park Pagina 29 van 71

Door de realisatie van functiemenging (Campus At The Park), wordt er ingezet op het leveren van de bijdrage aan economische doelstellingen, uit onder meer het provinciale beleid, en het realiseren van een aantrekkelijk vestigingsklimaat. 3.3.3

Beoordeling initiatief

Het planvoornemen past binnen en is niet strijdig met het regionaal beleid.

3.4

Gemeentelijk beleid

3.4.1

Actualisatie woonvisie 2015-2025

De woonvisie Vertrouwd Stedelijk Wonen in Rijswijk is in 2015 opgesteld met een horizon van tien jaar. In 2021 werd deze woonvisie echter geactualiseerd, gezien de snel ontwikkelende uitdagingen van de woningmarkt. De actualisatie vervangt de oude woonvisie niet, maar voegt twee nieuwe speerpunten toe. De Woonvisie, vastgesteld in 2015, kent de volgende speerpunten: 1. Het versterken en differentiëren van de woningvoorraad met aandacht voor zowel kwantitatieve als kwalitatieve groei. 2. Het toevoegen van betaalbare huur- en koopwoningen om voldoende aanbod voor alle doelgroepen te creëren. 3. Het verbeteren van de combinatie wonen en zorg. Er moet geschikt aanbod zijn voor mensen met een zorgbehoefte en ouderen moeten zo lang mogelijk in hun wijk kunnen blijven wonen. 4. Het verduurzamen van de woningvoorraad. De Actualisatie Woonvisie 2015-2025 voegt aan deze speerpunten de volgende twee pijlers toe: Een doelgroepgericht woningbouwprogramma. Deze pijler is erop gericht het grote tekort aan woningen en de knelpunten bij de doorstroming te overkomen, door meer te sturen op woningbouw voor doelgroepen die nu onvoldoende aan bod komen. De gemeente legt hierbij de nadruk op woningbouw in het middensegment. Werken aan een toekomstbestendige stad.

De gemeente richt zich met deze pijler op het streven naar sociaal sterke, gemêleerde, veilige en leefbare wijken door het verbeteren van de sociale cohesie en leefbaarheid in sommige wijken. Hiermee beoogd de gemeente dat het in de toekomst goed wonen is in alle wijken van Rijswijk. Het plangebied van het onderhavige bestemmingsplan is in de geactualiseerde woonvisie aangewezen als transformatiegebied. Hierbij staan de doelgroep 'werkende jongeren, young professionals, kleine huishoudens en studenten' centraal, zoals in figuur 3.1 te zien is.

Campus At the Park Pagina 30 van 71

Figuur 3.1: Verbeelding woningbouw en doelgroepen afkomstig uit de Actualisatie Woonvisie 2015-2025. Het plangebied is gelegen in vak B 'Kessler Park' met de bijbehorende doelgroep 'werkende jongeren, young professionals, kleine huishoudens en studenten'. Betekenis voor het plan De beoogde ontwikkeling, zoals in Hoofdstuk 2 omschreven, past binnen en is niet in strijd met de Actualisatie Woonvisie 2015-2025 3.4.2

Stadsvisie Rijswijk 2030: 'Samen maken wij de stad!'

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=d950b2d4-65c4-4cc7-96dc-5ff592b0dc78