Bijlage A. Jaarrekening 2024 update 4-7-25 (SiSa tabel)
Tekst van het document
• Aan de Minister Verschuurlaan is een speeltoestel vervangen. • Op initiatief van bewoners is een schaaktafel geplaatst bij Rijswijk Buitengewoon en is de draaischijf op het tunneldak van het station in ere hersteld.
Wat heeft het gekost? Exploitatie (bedragen x € 1.000) Wonen en Leven 5600 Openbaar groen en openluchtrecreatie Saldo 7210 Afvalverwijdering en -verwerking Saldo 7220 Riolering en waterzuivering Saldo 7230 Milieubeheer Saldo
Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten
Realisatie 2023
Primitief 2024
7.611 94 -7.516 9.094 10.750 1.656 3.059
6.613 82 -6.531 10.354 12.743 2.389 3.151
Gewijzigde raming 2024 7.219 82 -7.137 10.127 12.645 2.519 2.953
-3.059 2.884 1.052 -1.832
-3.151 7.297 1.726 -5.571
-2.953 4.003 1.479 -2.524
7.324 93 -7.230 10.568 12.680 2.113 3.962
Afwijking (+ = voordeel) -105 11 -94 -441 35 -406 -1.008
-3.962 3.033 1.458 -1.575
-1.008 970 -21 949
Realisatie 2024
Wonen en Leven 82
Exploitatie (bedragen x € 1.000) Wonen en Leven 7260 Baten rioolheffing Saldo 7290 Huishoudelijk/bedrijfsafvalwater Saldo 7300 Hemelwater Saldo 7310 Grondwater Saldo 8100 Ruimtelijke ordening Saldo 8200 Woningexploitatie Saldo 8210 Wijkontwikkeling Saldo 8220 Volkshuisvesting Saldo 8300 Bouwgrondexploitatie Saldo 8320 Grondexploitatie RijswijkBuiten Saldo Programmatotalen Saldo
Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten
Realisatie 2023
Primitief 2024
Gewijzigde raming 2024
Realisatie 2024
Afwijking (+ = voordeel)
5.702 5.702 876 5 -871 186
5.886 5.886 867
5.936 5.936 866 -866 140
5.976 5.976 695 104 -592 144
40 40 171 104 275 -3
-867 142
-186 157
-142 155
-140 155
-144 141
-3 14
-157 2.632 1.393 -1.239 59 448 389 172
-155 11.800 8.629 -3.171 56 93 38 837
-155 8.961 6.763 -2.198 57 893 837 858
-141 3.115 3.369 254 55 96 42 849
14 5.846 -3.393 2.452 2 -797 -795 8
-172 4.883 3.953 -930 1.577 3.492 1.916 7.015 8.492 1.476 40.204 35.381 -4.823
-837 2.325 2.663 338 490 183 -307 17.678 17.658 -20 61.764 49.664 -12.101
-858 2.905 2.663 -242 738 335 -403 12.507 12.491 -16 51.490 43.289 -8.201
-849 3.588 154 -3.433 748 413 -335 6.114 8.426 2.311 40.336 32.770 -7.565
8 -682 -2.509 -3.191 -10 78 67 6.393 -4.066 2.327 11.154 -10.518 636
Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten
Het verschil tussen de begroting (na wijziging) en het werkelijke saldo van baten en lasten is € 636.000 voordelig. Indien het verschil op de baten of lasten per beleidsproduct boven de € 100.000 zijn, worden deze hieronder toegelicht: Programma / beleidsproduct (bedrag x € 1.000) Wonen en Leven 5600 Openbaar groen en openluchtrecreatie Er is additioneel zwerfvuil opgeruimd, welke kosten niet begroot waren. Dit betrof onder andere lachgasflessen, welke opgeruimd en afgevoerd/vernietigd zijn. De resterende overschrijding ten op zichte van het budget wordt verklaard door (kleine) overschrijdingen op diverse andere begrotingsposten 7210 Afvalverwijdering en -verwerking Er heeft meerwerk plaatsgevonden bij het plaatsen van ondergrondse containers. Daarnaast hebben inwoners weer meer restafval aangeleverd dan we hebben begroot wat leidde tot hogere verwerkingskosten. Werkzaamheden die zijn uitgevoerd voor de desinvesteringskosten PMD minicontainers. De resterende overschrijding ten op zichte van het budget wordt verklaard door (kleine) overschrijdingen op diverse andere begrotingsposten. 7220 Riolering en waterzuivering De kostendekkendheid van de riolering mag maximaal 100% bedragen. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar de uitgaven op de post riolering, maar ook naar de posten hemelwater, grondwater, veegkosten en kwijtschelding. Ook de btw en overhead worden bij de berekening betrokken.
Doordat de inkomsten hoger zijn uitgevallen en andere toerekenbare kosten lager zijn uitgevallen, zou er overdekking ontstaan. Om die reden
Saldo Baten
Saldo Lasten -105 -82 -23 -441 -350 -33 -58 -1.008
-1.008
Wonen en Leven 83
Programma / beleidsproduct (bedrag x € 1.000) Wonen en Leven heeft er een verplichte dotatie aan de egalisatievoorziening plaatsgevonden. Zie ook de kostendekkendheidsberekening in de paragraaf lokale heffingen. 7230 Milieubeheer Voor de milieuzones Haagweg en Beatrixlaan zijn de baten foutief opgevoerd in de begroting 2024-2027. Werkelijke baten zijn in lijn met aangeleverde prognose. Invoering van de milieuzone Beatrixlaan is vertraagd als gevolg van te doorlopen Europese aanbesteding van het automatiseringssysteem. Uitvoering staat nu gepland in 2025 Invoering van de milieuzone Haagweg is vertraagd als gevolg van te doorlopen Europese aanbesteding van het automatiseringssysteem. Uitvoering staat nu gepland in 2025 Vanuit het werkbudget milieu zijn een aantal taken (houtstookcampagne) gestart en doorlopend in 2025, danwel overgeheveld naar 2025 (milieukundige begeleiding bij graafwerkzaamheden bij het volkstuincomplex Ons Ideaal en onderzoek niet gesprongen explosieven). De vacature op het Actieplan klimaatadaptatatie is niet ingevuld. Hierdoor is de uitvoering van het actieplan gepauzeerd en zijn er alleen wat kleine kosten voor onderzoek uitgegeven. Met de invulling van de vacature, zal ook het actieplan verder uitgevoerd worden. Als gevolg van vertraging in het project Warmtenet Rijswijk West zijn minder kosten gemaakt dan geraamd in 2024.
Kosten voor operatie Steenbreek zijn minder hoog uitgevallen dan geraamd omdat de opdracht pas startte in het tweede kwartaal 2024. Daarnaast is door personele problemen bij een opdrachtnemer die de klimaatatlas en hitteplan zou maken, vertraging ontstaan in de uitvoering. De bestedingstermijn van de SPUK energiearmoede is verlengd van 2025 tot en met 2027. Dit geeft meer tijd voor de uitvoering van de energiefixers. 7290 Huishoudelijk/bedrijfsafvalwater Er is een bijdrage ontvangen van het Hoogheemraadschap voor de verbetering van de waterkwaliteit Pasgeld/Hooghe. Dit zijn ontvangsten van derden na schades aan riolering bij graafwerkzaamheden of inkomsten bij aanvragen riolering bv bij (nieuw)bouwprojecten. Het inspecteren en reinigen van het areaal wordt per wijk/ buurt uitgevoerd. Sommige buurten zijn wat groter en sommige zijn wat kleiner. Dit jaar waren de gebieden kleiner, het reinigen verliep voorspoedig, waardoor we lager in kosten uitkwamen dan geraamd. Vantevoren schatten wij de voorziene reparaties zo goed mogelijk in. In 2024 bleek een gedeelte van de voorziene reparaties niet nodig. 8100 Ruimtelijke ordening De uitbetaling van de SBI-bijdrage aan de projectontwikkelaar is doorgeschoven omdat contractuele afspraken nog niet nagekomen zijn in 2024.
Door vertraging in de start van de bouw van Hof van Rijswijk heeft de overeengekomen uitbetaling van de SBI-subsidie en restitutie van een eerder betaalde bijdrage kostenverhaal van totaal circa € 2,1 miljoen niet in 2024 plaatsgevonden. Deze zal in 2025 plaatsvinden. De belangrijkste oorzaak voor de lagere lasten voor het Kessler Park is dat het Waterbergingfonds nog niet opgericht is. In de begroting was namelijk rekening gehouden met het feit dat een bijdrage geleverd zou worden aan het Waterbergingfonds, maar omdat dit fonds nog niet is opgericht kan de bijdrage pas later worden gedaan. Het Waterbergingsfonds wordt gevoed uit twee delen. Enerzijds de Waterberging op eigen terrein. Alleen als dit onmogelijk is, is een afdracht aan het fonds mogelijk. Met deze afdracht kan de gemeente het op korte afstand zelf realiseren. Het andere deel is de bijdrage voor Toename Vuilwaterafvoer. Hier wordt altijd een bijdrage voor uitgerekend en gefactureerd. De gemeente ontvangt hiervoor bijdragen van projectontwikkelaars, welke de gemeente dan moet doorbetalen aan het Waterbergingsfonds. Dit fonds is echter nog niet geactiveerd, waardoor de ontvangsten nog niet als baat verantwoord mogen worden en als vooruitontvangen bedrag op de balans zijn opgenomen. Eerder was een voorziening ter dekking van mogelijke toekomstige verplichtingen en risico’s getroffen voor € 2.500.000.
Bij het actualiseren van de risico's blijkt dat de voorziening met dit bedrag kan worden verlaagd. De resterende lagere baten ten op zichte van het budget worden verklaard door (kleine) baten op diverse andere begrotingsposten. De resterende overschrijding ten op zichte van het budget wordt verklaard door (kleine) overschrijdingen op diverse andere begrotingsposten. 8200 Woningexploitatie
Saldo Baten
Saldo Lasten
970 96 240 102
76
235 80
60
81 104
171
35 69 80 91 -3.393
5.846 2.253
-2.072
1.119
-1.027
2.500 -294 -26 -797
Wonen en Leven 84
Programma / beleidsproduct (bedrag x € 1.000) Wonen en Leven Een verwachting bij de eerste halfjaarrapportage 2024 was dat het pand Laan Hofrust 2-4 in de tweede helft van 2024 verkocht zou worden. Verkoop is door omstandigheden vertraagd, waardoor de verkoopopbrengst van € 800.000 niet in 2024 is gerealiseerd, maar naar verwachting in 2025 zal worden gerealiseerd. De resterende extra baten ten op zichte van het budget worden verklaard door (kleine) extra baten op diverse andere begrotingsposten. 8220 Volkshuisvesting Er zijn in 2024 extra kosten voor inhuur van personeel gemaakt. Een gedeelte van deze inhuurkosten wordt gecompenseerd met niet gebruikte salariskosten. Deze extra inhuur was nodig omdat: 1. In het eerste half jaar van 2024 is een extra personele inzet geleverd is om de grote hoeveelheid vergunningaanvragen die in 2023 nog onder de oude wetgeving zijn ingediend af te handelen binnen de verplichte wettelijke termijnen. Daarnaast in 2024 ook veel inzet gepleegd om de vergunningaanvragen onder de Omgevingswet, welke per 1 januari 2024 is ingevoerd, binnen de nieuwe kortere termijnen af te handelen. 2. Er geen vast personeel is gevonden op de openstaande vacatures en de wettelijke taak wel uitgevoerd moest worden. 3. Er grote projecten in aanvraag zouden komen vanuit gebiedsontwikkeling.
De gemeenteraad heeft op 20 september 2022 besloten voor de jaren 2023 en 2024 in totaal € 1.182.000 zal bijdragen aan het exploitatietekort m.b.t. het flexwooncentrum Hof van Elsenburg, met 2 betalingen van € 591.000 per jaar. Dit bedrag was niet geraamd omdat de kosten worden gedekt uit een subsidie. Maar er is nog niet voldaan aan de voorwaarden van de subsidie, waardoor de subsidie waarschijnlijk pas later wordt ontvangen. In 2023 is een voorziening gevormd om de lasten voor de gemeente met betrekking tot grote (bouw)projecten te dekken. Deze voorziening is in 2024 aangewend. In 2024 is rekening gehouden dat meerdere grote gebiedsontwikkelingen tot aanvraag zouden komen en dit was doorberekend in de te verwachten leges. Inmiddels is duidelijk dat een aantal grote ontwikkelingen vertraging hebben, waardoor deze doorschuiven naar 2025 of zelfs naar 2026 en verder (zoals bijvoorbeeld de verschillende gebieden binnen de stadsas). De resterende extra baten ten op zichte van het budget worden verklaard door minder baten op diverse andere begrotingsposten. De resterende overschrijding ten op zichte van het budget wordt verklaard door onderbesteding op diverse andere begrotingsposten. 8320 Grondexploitatie RijswijkBuiten Voor deze toelichting verwijzen we naar de paragraaf RijswijkBuiten.
Saldo Baten
Saldo Lasten
-800
3 -2.509
-682
-660
-591
300
-2.429
-80 269 -4.066
6.393
Investeringen
Investering (bedrag x € 1.000) Aanpak woonomgeving ihkv wijkverbetering Te Werve Geluidsanering Groot onderhoud gemeentelijke woningen Herinrichten speelplekken in de wijk 2024
Begrote lasten
Werkelijk lasten
Saldo lasten
146 126 47
47
230
110
120
412 238 1.757
371 30 1.281
41 208 476
560
27
533
3.209 275
96
3.114 275
Begrote Werkelijke baten baten
Saldo baten
6
6
146 126
Inrichting van het Hof van Sion Kinderboerderij 't Akkertje Realisatie van het Huis van de Stad Transformatie Wilhelminapark 2024 Uitvoeringsprogramma landgoederenzone (fase 1) Uitwerking actieplan geluid 2024 Vergroenen en verbeteren entrees Plaspoelpolder Vervanging beplanting Vervanging bladkorven Vervanging bomen 2024 Vervanging hekwerken 2024
49 421 101 1.137 19
406 70 1.130
49 15 30 7 19
Wonen en Leven 85
Investering (bedrag x € 1.000) Vervanging luchtfoto's 2024 Vervanging toplaag bij vier speelplekken Vervanging van afvalbakken 2024
Begrote lasten 27 53
Werkelijk lasten 2
Saldo lasten 27 51
Begrote Werkelijke baten baten
74
57
17
4.951
1.806
3.145
1.210
150 2 13.985
26
124 2 8.526
1.210
Saldo baten
Vervanging vrijvervalriolen 2024 Voorbereidingskrediet herontwikkeling Marimbahal Zwethzone - Algemeen Eindtotaal
5.459
-1.210
6
Wonen en Leven 86
-1.204
Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien (Bedragen x € 1.000)
Raming na wijziging Lasten
a) Lokale heffingen waarvan de besteding niet gebonden is: - OZB eigenaren woningen - OZB eigenaren niet-woningen - OZB - wet WOZ - precariobelasting - retributies - toeristenbelasting Subtotaal lokale heffingen b) Algemene uitkeringen: - uitkering uit het gemeentefonds Subtotaal algemene uitkeringen c) Dividend: - dividenden Subtotaal dividend d) Overige algemene dekkingsmiddelen: - bespaarde rente - gemeente eigendommen - uitkeringen van derden - BTW compensatiefonds - lasten/baten oude dienstjaren - overig - dubieuze debiteuren Subtotaal overige algemene dekkingsmiddelen - Heffing VPB Subtotaal heffing VPB
Subtotaal algemene dekkingsmiddelen Onvoorzien Onvoorziene uitgaven exploitatie Onvoorziene uitgaven investeringen Subtotaal onvoorzien Totaal
Verschil t.o.v. raming na wijziging
Jaarrekening
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
7.403 6.701
2
7.393 6.771
-2
-9 70
-12 70 7 -145
25
7.391 6.771 -47 -457 25
368
310 14.438
7.403 6.701 -54 -312 24 -2 310 14.070
386 14.575
386 14.069
-137
76 137
1.356 1.356
130.882 130.882
129.526 129.526
134.612 134.612
134.612 134.612
1.356 1.356
3.730 3.730
5.086 5.086
129 129
687 687
558 558
172 172
607 607
435 435
-43 -43
-80 -80
-123 -123
246
1.376
1.130
228
1.716
1.488
18
340
358
1.127 36 5.151 40
880 21 1.495 229
-247 -15 -3.656 189
-1.127 -36 1.357 -40
880 21 492 229
-247 -15 1.849 189
4.340
-2.241
172
1.962
2.134
-93 -93
-13 -13
146.783
1.335
54 312 24 2
47 457
2 506
6.507
1.002
-5.505
6.753
2.379
-4.375
6.581
-80 -80
93 93
139.699
7.352
80 80
8.687
148.386
7 -145
154.134
2 76
-13 -13
5.749
7.084
50
-50
50
50
50
-50
50
50
8.737
148.386
139.649
87
7.352
154.134
146.783
1.385
5.749
7.134
Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien
Toelichting Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien Toelichting op de afwijkingen Omschrijving OZB eigenaren woningen en niet woningen Wet WOZ Precariobelasting Toeristenbelasting Retributies Algemene uitkering Dividenden Gemeente eigendommen BTW compensatiefonds Uitkeringen van deren/lasten baten oude dienstjaren Overige verschillen Voorziening dubieuze debiteuren Vennootschapsbelasting Onvoorzien
V N V V V V N V N N V V N V V
Bedrag x € 1.000,66 145 76 2 5.086 123 358 247 185 2.019 189 13 50 7.134
Wet WOZ nadelig € 145.000 (exogeen, incidenteel) De post betreft uitbetaling van proceskostenvergoeding in bezwaar/hoger beroepsprocedures. In de begroting 2024 zijn de lasten voor proceskostenvergoeding lager geraamd dan ze uiteindelijk zijn uitgevallen. Algemene Uitkering voordelig € 5.086.000 (exogeen, incidenteel) De algemene uitkering laat de volgende ontwikkeling in 2024 zien. Het voordeel bestaat uit (V= voordelig; N= nadelig): Jaar 2024 2023 2022 2021 Subtotaal Labelling ontwikkelingen algemene uitkering Totaal
Bedrag 3.968 173 14 79 3.730 1.356 5.086
V/N V N V N V V V
2024 De raming 2024 van de algemene uitkering bevat de uitkomsten van de meicirculaire die is opgenomen in de 2e halfjaarrapportage, De afwijking bestaat uit de saldi van de september- en decembercirculaire 2024 die niet in de raming zijn opgenomen. Algemene uitkering Bijstellingen maatstaven t.o.v. meicirculaire (door BZK) Diverse ontwikkelingen algemene uitkering BCF plafond 2023 Taakmutaties Nettoresultaat septembercirculaire Bijstellingen maatstaven t.o.v. meicirculaire (door BZK) Diverse ontwikkelingen algemene uitkering Taakmutaties Nettoresultaat decembercirculaire Totaal nettoresultaat circulaires
Bedrag 1.111 3.716 742 105 5.674 120 0 384 504 6.178
88
Toelichting Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien
2021 t/m 2024 Globaal gezien bestaat de berekening van de algemene uitkering uit de vermenigvuldiging van het aantal eenheden van alle berekeningsmaatstaven met het bijbehorende bedrag per eenheid. De som van deze producten, de zogenaamde uitkeringsbasis, wordt vervolgens vermenigvuldigd met de uitkeringsfactor. De algemene uitkering bestaat uit circa 45 berekeningsmaatstaven. De variabelen in deze berekeningsmaatstaven worden door het Rijk in de loop van de jaren definitief vastgesteld. Op dat moment wordt ook de hoogte van de uitkering per jaar steeds preciezer bijgesteld. De maatstaf WOZ is over 2021, 2022, 2023 en 2024 zijn nog niet definitief door BZK vastgesteld. Dit heeft tot gevolg dat de algemene uitkering over 2022 en 2023 voordeliger zijn bijgesteld o.b.v. een aantal nieuw vastgestelde maatstaven. De maatstaven voor 2021 zijn nog niet definitief vastgesteld. Dividenden nadelig € 123.000 (exogeen, incidenteel) De lasten zijn hoger door de bijdrage aan de aanhoudeelhouderskas van Eneco van € 42.000. Daarnaast zijn de uitgekeerde divenden van de BNG en St. woonmaatschappij Rijswijk zijn lager uitgevallen.
Gemeente Eigendommen voordelig € 358.000 Het voordelig verschil op gemeente eigendommen wordt voornamelijk veroorzaakt doordat er minder uren zijn ingezet bij uitbestede werkzaamheden (€ 46.000), meer huuropbrengsten (€ 138.000) en hogere opbrengsten uit grondverkopen, erfpachten, verhuur aan derden en overige vergoedingen (€ 174.000). BTW compensatiefonds nadelig € 247.000 (exogeen, incidenteel) De incidentele tegenvaller bij het BTW-Compensatiefonds wordt veroorzaakt door verschillende suppleties op BTW/BCF-aangiften van de afgelopen jaren. Deze waren aangehouden bij de belastingdienst in verband met een lopend boekenonderzoek. Deze zijn deels in 2024 afgehandeld wat tot een negatief resultaat heeft geleid. Voorziening dubieuze debiteuren voordelig € 189.000 (exogeen, incidenteel) Bij het opstellen van de jaarrekening is van alle vorderingen volgens de jarenlange gangbare methodiek in Rijswijk bepaald wat de hoogte van de voorziening moet zijn. Uit deze berekening komt dat de voorziening voor de dubieuze debiteuren te hoog was ingeschat. Hierdoor is er € 229.000 aan de voorziening onttrokken. De werkelijk af te boeken dubieuze debiteuren betrof € 40.000. Jaarlijks wordt deze inschatting op balansdatum gemaakt a.d.h.v. de ouderdom van de openstaande bedragen, zoals vermeld onder het hoofdstuk grondslagen.
Uitkeringen van derden/lasten baten oude dienstjaren € 185.000 (exogeen, incidenteel) In 2024 zijn een aantal oude SPUK’s (specifieke uitkeringen) afgewikkeld € 189.000 en een aantal zaken m.b.t. gemeentelijke belastingen zijn afgewikkeld € 20.000. Overige verschillen voordelig € 2.019.000 (exogeen, incidenteel) Het voordelig verschil is voornamelijk te verklaren door afwijkingen in diverse posten, zoals hogere renteopbrengsten bij de schatkist € 500.000, hogere interne doorbelastingen € 400.000, uitgangspunten kadernota €1.000.000 en overige posten € -50.000. Onvoorzien lasten voordelig € 50.000 (exogeen, incidenteel) In 2024 is geen beroep gedaan op de post onvoorzien.
89
Toelichting Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien
Overhead De definitie van de overhead volgens het BBV is “alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces”. Deze kosten worden verantwoord bij het taakveld Overhead. Hiertoe behoren ook de systemen en aanverwante lasten die deze functies ondersteunen. (Uitvoerings-) lasten worden zoveel mogelijk direct toegerekend aan de betreffende taken en activiteiten. Alle functies, bijbehorende systemen en aanverwante lasten en baten die rechtstreeks aan een specifiek taakveld zijn toe te wijzen, maken deel uit van de overige taakvelden en niet van het taakveld Overhead. Financiële samenvatting
Overhead (bedragen x € 1.000) Materieel en kapitaallasten Personeel Naar programma's en investeringen Saldo
Begr.Lasten Werk.Lasten 16.855 16.624 56.793 57.363 73.648 73.987 -38.445 -38.445 35.203
-37.412 -37.412 36.575
Saldo Lasten Begr.Baten Werk.Baten 231 938 1.626 -570 86 503 -339 1.024 2.129
Saldo baten 688 417 1.105
Resultaat 919 -153 766
-1.033 -1.033 -1.372
-155 -155 950
-1.188 -1.188 -422
315 315 1.339
160 160 2.289
Apparaatskosten zijn de noodzakelijke financiële middelen voor het inzetten van personeel (salarissen), organisatie-, huisvestings-, materieel-, automatiseringslasten e.d. voor de uitvoering van de organisatorische taken. Apparaatskosten zijn dus alle personele en materiële lasten (zowel direct personeel als Overhead) die verbonden zijn aan het functioneren van de organisatie, exclusief griffie en bestuur. Van de totale apparaatskosten van de gemeente ad. € 74 miljoen, is € 37,4 miljoen toegerekend aan de programma’s (beleidsproducten) en investeringen. Deze toerekening is € 1 miljoen lager dan begroot, dit wordt veroorzaakt door € 1,1 miljoen extra baten ten opzichte van de begroting. De overhead ad. € 36,6 miljoen wordt niet verdeeld over de programma’s, maar blijft op het taakveld Overhead drukken. Per saldo komt de overhead € 0,4 miljoen lager uit dan in de begroting was voorzien. Per saldo is op de totale apparaatskosten en -baten van de gemeente een voordeel behaald van € 0,8 miljoen. Dit voordeel is het gevolg van baten op personeel; de gemeente heeft medewerkers aan andere gemeenten uitgeleend, waarvoor bijna € 0,5 miljoen detacheringsvergoeding is ontvangen. Ook kunnen de kosten van sommige medewerkers worden gedekt uit ontvangen subsidies. Hiervan is € 0,3 miljoen niet begroot.
De overheadlasten zijn nagenoeg gelijk aan de begroting, maar uiteindelijk wordt er € 1 miljoen minder doorbelast naar de programma’s en investeringen ten opzichte van de begroting. Dat komt omdat de overheadlasten deels worden gedekt door hogere baten op het apparaat. Hierdoor komt het resultaat van de overhead per saldo uit op een negatief saldo van € 0,4 miljoen. Nadere toelichtingen op de personele kosten en de doorbelastingen zijn beschreven in de paragraaf Bedrijfsvoering en diverse beleidsproducten. N.b. De getoonde bedragen bij de categorie “Personeel” komen niet overeen met de bedragen die zijn opgenomen bij de paragraaf Bedrijfsvoering. Het verschil bestaat uit inhuurkosten die direct betrekking hebben op de uitvoering van beleid. Die worden niet verantwoord onder apparaatslasten, maar direct op de taakvelden.
Overhead 90
Beleidsindicatoren De BBV-indicatoren die betrekking hebben op de eigen organisatie zijn hieronder weergegeven. Het aantal fte van de bezetting van de medewerkers per 1.000 inwoners is gestegen van 8,57 naar 9,23. De apparaatskosten per inwoner ten opzichte van 2023 zijn gestegen van € 920,59 naar € 1.141,13, wat vooral wordt veroorzaakt door hogere personele lasten. Tenslotte zijn de overheadkosten t.o.v. de totale kosten gestegen van 11,6% naar 13,2%. Indicator
Eenheid
Formatie Bezetting Apparaatskosten Externe inhuur Overhead
Fte per 1.000 inwoners Fte per 1.000 inwoners Kosten per inwoner Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen % van totale lasten
Rekening 2023 9,65 8,57 € 920,59 23,2% 11,6%
Overhead 91
2024 10,06 9,23 € 1.141,13 23,0% 13,2%
Paragrafen
92
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Een gezonde financiële situatie is belangrijk voor de gemeente Rijswijk. Daarom kijken we goed naar financiële risico’s en hoe we ons daartegen kunnen beschermen. In deze paragraaf leggen we uit welke risico’s de gemeente loopt en hoeveel geld er is om onverwachte kosten op te vangen. Ook vertellen we hoe we deze risico’s proberen te beperken.
Waarom is dit belangrijk? De gemeente moet haar taken uitvoeren binnen een bepaald budget. Soms gebeuren er onverwachte dingen, zoals veranderingen in wetten, economische problemen of andere tegenslagen. Daarom is het belangrijk om een financiële buffer te hebben. Dit geld zorgt ervoor dat de gemeente belangrijke diensten kan blijven leveren, zelfs als er onverwachte kosten zijn. Om goed met risico’s om te gaan, moeten we deze op tijd herkennen en aanpakken. Dit helpt niet alleen om financiële problemen te voorkomen, maar zorgt er ook voor dat inwoners en organisaties op de gemeente kunnen blijven rekenen.
Regels en afspraken De gemeente volgt vaste regels en afspraken voor financiële planning en risicobeheer: • Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) bepaalt dat gemeenten in hun jaarstukken een paragraaf over weerstandsvermogen moeten opnemen. Ook moeten ze financiële kerncijfers laten zien. • De Financiële Verordening van de gemeente Rijswijk (vastgesteld op 12 december 2023) bevat richtlijnen voor financieel beleid. • De Nota Weerstandsvermogen en Risicomanagement (vastgesteld op 17 december 2013) beschrijft hoe de gemeente omgaat met risico’s. • De Nota Reserves en Voorzieningen (ook vastgesteld op 17 december 2013) legt vast hoe de gemeente haar financiële buffers beheert.
Wie doet wat? Verschillende partijen binnen de gemeente hebben een rol bij risicobeheer: • De gemeenteraad bepaalt het beleid en controleert de financiën. • Het college van burgemeester en wethouders houdt toezicht op de uitvoering en neemt beslissingen over risico’s. • Het management voert het beleid uit, beoordeelt de belangrijkste risico’s en zorgt ervoor dat maatregelen worden genomen. • Medewerkers herkennen en melden risico’s en nemen maatregelen om deze te beperken. • Het team Advies & Control helpt bij het analyseren van risico’s en houdt toezicht op het risicobeheer.
Risico’s van de gemeente Om de risico’s van de gemeente Rijswijk in kaart te brengen is een risicoprofiel opgesteld. De gemeente brengt elk jaar de grootste financiële risico’s in kaart. Dit zijn risico’s die veel geld kunnen kosten als ze werkelijkheid worden. Afzonderlijk van de gemeente is door een extern bureau een risicoanalyse uitgevoerd op de grondexploitatie RijswijkBuiten. Omdat de werkwijze niet geheel overeenkomt met de gemeente worden de resultaten apart vermeld en zijn deze niet opgenomen in onderstaand overzicht. In de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit en het weerstandsvermogen is wel rekening gehouden met de uitkomsten van de risicoanalyse van RijswijkBuiten.
93
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
P&C-cyclus De nota weerstandsvermogen en risicomanagement schrijft een koppeling van het risicoprofiel voor bij de diverse P&C producten zoals programmabegroting, jaarrekening en tussentijdse rapportages.
Risico's Voor de jaarstukken 2024 zijn de risico’s geactualiseerd. Op grond van het risicomanagementbeleid worden in het onderstaande overzicht alleen de 10 grootste risico's gepresenteerd met de hoogste bijdrage aan de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Tabel 1: Belangrijkste financiële risico's
94
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Risico
Kans
Participatiewet Bezuinigingen op de macrobudgetten BUIG en veranderingen in het rekenmodel waarmee de macrobudgetten BUIG worden berekend kunnen leiden tot tekorten op de lokale rijkssubsidie. Een dergelijke overheidsmaatregel kan niet worden voorkomen en kan leiden tot tekorten. Het participatiebudget wordt maximaal ingezet voor bevordering van uitstroom uit de uitkering zodat de uitgaven aan uitkeringen zo laag mogelijk blijven en het eventuele tekort zoveel als mogelijk beperkt blijft. Juridische risico's als gevolg van bezwaar, beroep en procedures Juridische risico's als gevolg van bezwaar, beroep en procedures Gebiedsontwikkelingen Uitgangspunt bij gebiedsontwikkelingen is 100% kostendekkendheid door middel van bijdragen van ontwikkelaars. Er bestaat een risico dat er aan het einde van de projecten een tekort optreedt. Netcongestie Tennet en Stedin hebben op 5 december 2024 netcongestie afgekondigd voor bijna geheel Zuid-Holland, waaronder Rijswijk. Netcongestie heeft geen gevolgen voor de bestaande aansluitingen, maar wel voor nieuwe grootverbruikersaansluitingen op het elektriciteitsnet. Tennet heeft de verwachting uitgesproken dat de netcongestie niet eerder is opgelost dan 2032-2035. Welke gevolgen de netcongestie voor Rijswijk zal hebben wordt onderzocht.
Om dit actuele risico duidelijk naar voren te laten komen in de risico inventarisatie, is dit risico met een vooralsnog fictief bedrag van € 1.000.000 opgevoerd. Deelname in gemeenschappelijke regeling Verplichte bijdragen in exploitatieverliezen en beperkte invloed waardoor beleidsdoelstellingen niet volledig zouden kunnen worden gehaald Inflatie en fluctuerende energieprijzen. Als gevolg van macro economische ontwikkelingen is er sprake van inflatie en fluctuerende energieprijzen. Het is onzeker hoe dit zicht in de toekomst gaat ontwikkelen. Verkoop Vastgoed Het niet kunnen vinden van een koper voor vastgoed van de gemeente. Kosten Jeugd Vanwege het feit dat de kosten van de Jeugdzorg een “open einde” regeling is. Dat betekent dat de invloed van de gemeente beperkt is en dat er een risico bestaat dat de geraamde lasten niet voldoende zijn. Toekomstig renterisico. De financieringsbehoefte zal vanaf 2023 t/m 2025 liggen tussen de € 40 tot € 60 miljoen inclusief de eventuele extra financieringsbehoefte van RijswijkBuiten. Een en ander is afhankelijk van de ontwikkeling van deze grondexploitatie. De eventuele extra rentekosten worden in rekening gebracht bij RijswijkBuiten. In de begroting is rekening gehouden met financieringskosten van 1,5% over € 60 miljoen, ofwel € 900.000 per jaar voor de algemene dienst.
Dit bedrag is voorlopig genoeg om de eventuele rentestijgingen op te kunnen vangen. Door de energiecrisis zal de economie worden afgeremd. Dit zal tot gevolg hebben dat de druk op de renteontwikkeling zal afnemen. Betalingsproblemen bij burgers en bedrijven. Als gevolg van de hoge inflatie met als gevolg stijgende kosten voor burgers en bedrijven stijgt het risico dat uitstaande vorderingen niet betaald kunnen worden.
50%
Financieel Invloed gevolg max.€ 2.400.000 14,59%
50%
max.€ 2.000.000
12,19%
15%
max. €3.800.000
6,95%
50%
max.€ 1.000.000
6,08%
50%
max.€ 1.000.000
6,04%
50%
max.€ 1.000.000
6,03%
25%
max.€ 1.300.000
5,24%
50%
max.€ 800.000
4,87%
50%
max.€ 700.000
4,28%
50%
max.€ 600.000
3,64%
In totaal zijn er 49 risico’s in beeld gebracht. De geschatte kosten als alle risico’s tegelijk optreden, bedragen € 41,3 miljoen. De top 10 risico’s samen hebben een mogelijke impact van € 14,6 miljoen.
Benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit De gemeente berekent hoeveel geld nodig is om risico’s op te vangen. Dit gebeurt via een risicosimulatie. Hierbij wordt gekeken hoeveel geld er in verschillende situaties nodig zou zijn. Voor 2024 is berekend dat de gemeente € 6,3 miljoen nodig heeft om 90% van de risico’s te kunnen dekken.
95
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Percentage 75% 80% 85% 90% 95%
Bedrag in € € 5.091.416 € 5.409.761 € 5.799.241 € 6.316.682 € 7.172.055
Analyse risicomanagement RijswijkBuiten De omgang met risico’s bij grondexploitaties is beschreven in de Nota Grondbeleid. Risico’s bij dit project kunnen zich voordoen op allerlei gebieden (onder andere politiek, bestuurlijk, maatschappelijk, economisch, wet- en regelgeving, samenwerking). Voor de kansen en bedreigingen van de gemeentelijke grondexploitaties in RijswijkBuiten is een risicoparagraaf opgesteld. Deze maakt deel uit van de grondexploitaties. De gekwantificeerde risico’s binnen de Grondexploitatie Sion-’t Haantje Woongebied Twaalfde herziening, 2024 en de Grondexploitatie Bedrijventerrein Haantje-Pasgeld, 2024 tezamen bedragen € 4,333 miljoen. Gelet op de geraamde negatieve exploitatieresultaten is hiervoor binnen de grondexploitaties geen dekking aanwezig. De Algemene reserve wordt ingezet als buffer. Totaal benodigde weerstandscapaciteit Totaal benodigde weerstandscapaciteit Uitkomst risicomanagementsysteem Uitkomst risicoanalyse RijswijkBuiten Totaal
€ 6.316.682 € 4.333.000 € 10.649.682
Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit van de gemeente Rijswijk bestaat uit het geheel aan middelen dat de organisatie daadwerkelijk beschikbaar heeft om de risico's in financiële zin af te dekken. Weerstand Algemene reserve Reserve Woonfonds Reserve Investeringsfonds energietransitie en klimaat Onvoorzien Totale weerstandscapaciteit
Startcapaciteit
Bijboekingen
Afboekingen
€ 20.468.000 € 3.300.000 € 7.545.000 € 50.000 € 31.363.000
€ 15.256.236
€ 10.820.925 € 3.300.000 € 7.545.000
€ 15.256.236
€ 21.665.925
Huidige capaciteit € 24.902.931 €0 €0 € 50.000 € 24.952.931
*vóór bestemming resultaat 2024
Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, moet de relatie worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico's en de daarbij gewenste en beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen beide componenten wordt in onderstaande figuur weergegeven.
Ratio weerstandsvermogen =
Beschikbare weerstandscapaciteit = Benodigde weerstandscapaciteit
€ 24.952.931 =
2,3
€ 10.649.682
Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen moeten we eerst vaststellen welke ratio de gemeente Rijswijk nastreeft. Dit gebeurt volgens de nota weerstandsvermogen en risicomanagement met onderstaande waarderingstabel.
96
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Waarderingscijfer A B C D E F
Ratio >2.0 1.4-2.0 1.0-1.4 0.8-1.0 0.6-0.8 <0.6
Kwalificatie uitstekend ruim voldoende voldoende matig onvoldoende ruim onvoldoende
De ratio valt in categorie A. Geconcludeerd kan worden dat op dit moment, volgens de huidige analyse van de mogelijke risico’s, vertaald in het benodigde weerstandsvermogen, de kwalificatie ‘uitstekend’ van toepassing is.
Financiële kengetallen In onderstaande tabel worden de financiële kengetallen opgenomen. Gedachtegang van de commissie BBV is dat de toezichthouders (gemeenteraad en provincie) deze kengetallen meewegen bij de beoordeling van de financiële positie van de gemeente. Hierbij moet nadrukkelijk de eigen specifieke situatie in ogenschouw genomen worden, omdat deze voor iedere gemeente min of meer uniek is. Oftewel, enige nuancering is op zijn plaats bij het interpreteren van de ‘kale’ cijfers. Kengetal
2023 Jaarrekening 102,4% 102,4% 19,0% 39,9% -3,1% 93,0%
Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
2024 Begroting 109,6% 103,0% 20,0% 25,3% 0,6% 108,1%
2024 Jaarrekening 97,8% 97,8% 20,6% 37,8% -0,5% 101,0%
Toelichting kengetallen Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. De schuldquote in Rijswijk is tijdelijk hoger dan gemiddeld vanwege de grondexploitatie RijswijkBuiten. De netto schuldquote bevindt zich in de categorie 'oranje' volgens de VNG. Als de netto schuldquote boven de 130% stijgt bevindt een gemeente zich in de gevarenzone 'rood'. De netto schuldquote is in de jaarrekening 2024 gedaald naar 97,8%. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de medeoverheid in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Het laat de verhouding zien tussen het eigen vermogen en de schulden. Als gevolg van een negatief resultaat in 2022 en 2023 kwam deze ratio bij de jaarrekening 2023 onder de norm van 20% uit. Ten opzichte van de jaarrekening 2023 is de solvabiliteitsratio verbeterd en komt met 20,6% weer boven de norm uit van 20%. Grondexploitatie Dit kengetal betreft de verhouding van de waarde van de bouwgronden (grondpositie) ten opzichte van de totale (geraamde) baten. Het totaal van de activa van de bouwgronden in exploitatie bedraagt 37,8% van het totaal baten in 2024 exclusief mutaties van de reserves.
Hierbij komt Rijswijk boven de norm van 35%, dit wordt veroorzaakt door de grondexploitatie RijswijkBuiten welke nog niet afgerond is.
97
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Structurele exploitatieruimte Een percentage waarmee beoordeeld kan worden welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. De structurele exploitatieruimte wordt berekend door het saldo van de structurele baten en lasten (baten minus lasten) vermeerderd met het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen (onttrekkingen minus toevoegingen) aan reserves te delen door de totale baten. In de jaarrekening 2024 is de structurele exploitatieruimte -0,5% ten opzichte van -3,1% in de jaarrekening 2023. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht in hoe de belastingdruk in de gemeente zicht verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Rijswijk heeft dit jaar een iets hogere belastingdruk dan het landelijk gemiddelde van € 944 (meerpersoonshuishouden). Dat is het gevolg van het gebruik van het COELO van de gemiddelde woningwaarde exclusief huurwoningen bij de berekening van dit gemiddelde. Rijswijk gaat uit van de gemiddelde woningwaarde om zo het juiste tarief voor de opbrengst te kunnen berekenen.
98
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Onderhoud kapitaalgoederen Wat wilden we bereiken? Visie op de kapitaalgoederen Het beheer en onderhoud van kapitaalgoederen (openbare ruimte, gebouwen) komt in meerdere programma’s van deze begroting terug. Het vormt financieel gezien een aanzienlijk deel van de begroting en het is bovendien maatschappelijk gezien van groot belang. Om deze redenen wordt het beheer en onderhoud van kapitaalgoederen in een aparte, verplichte paragraaf in de begroting opgenomen. 'Samen werken aan de stad' De gemeente Rijswijk is verantwoordelijk voor de kwaliteit en de veiligheid van de openbare ruimte. We zorgen dat de openbare ruimte op orde is en aansluit bij het hedendaagse gebruik en de identiteit van onze stad. Dit doen we niet alleen, maar samen met Rijswijk. Bewoners zijn niet alleen belangrijke ogen en oren voor het dagelijks beheer. We vragen hen ook om actief bij te dragen en mee te denken over passende lange termijn oplossingen. Met elkaar hebben we bepaald wat de basis is en hebben we het minimale kwaliteitsniveau op onze kapitaalgoederen vastgelegd in een integraal beheerplan. Dit overkoepelend beheerplan vormt de leidraad voor onze inzet de komende jaren en zorgt ervoor dat de basis op orde blijft. We werken belangrijke ontwikkelingen die veel raakvlakken hebben met en/of invloed hebben op het beheer en onderhoud, verder uit.
Denk hierbij aan de energietransitie, klimaatverandering, biodiversiteit en circulaire economie. Doelstellingen 1. De basis op orde De openbare ruimte voldoet aan de gestelde kwaliteitsniveaus en wettelijke zorgplicht. Dat wil zeggen: geen kapitaalvernietiging en het is schoon, heel en veilig en het onderhoudsniveau is gemiddeld B kwaliteit. We inspecteren regelmatig onze kapitaalgoederen en grijpen tijdig in om kapitaalvernietiging te voorkomen. Er wordt gewerkt met actuele beheerplannen, meerjarenonderhoudsplannen en een adequaat dekkingsplan voor zowel de onderdelen in het integraal beheerplan openbare ruimte als voor al het vastgoed. 2. Meedenken en betrokkenheid We willen bewoners actief betrekken bij het beheer en onderhoud van de stad. Door samen aan de slag te gaan, willen we niet alleen een openbare ruimte creëren die beter aansluit op het gebruik, maar ook meer betrokkenheid en waardering realiseren. Samen maken we de stad beter. 3. Versterken van parken en groene zones in Rijswijk Rijswijk is een groene stad. Conform ons groenbeheerplan gaan we de komende jaren investeren in het openbaar groen om dit beeld te behouden en waar mogelijk te versterken. Dit willen we samen met bewoners, gebruikers, partners en bedrijven gaan invullen. 4.
Verduurzaming en innovatie in het beheer van kapitaalgoederen We willen innovatieve technieken in gebouwen-, infra- en groenbeheer gaan toepassen. Daarmee willen we een bijdrage leveren aan de energietransitie en verduurzaming van Rijswijk. Dit aspect nemen we ook mee in de selectie van onze aannemers en toeleveranciers. 5. Optimaal gebruik van gebouwen Wij gaan gebouwen zoveel als mogelijk multifunctioneel inzetten en proberen hiermee de functies te versterken. Hiermee gaan wij kosten besparen en meer interactie stimuleren tussen maatschappelijke partners.
Onderhoud kapitaalgoederen 99
6. Communiceren Jaarlijks wordt fors geïnvesteerd in de openbare ruimte. We willen meer laten zien wat we doen, waarom we het zo doen en wat het betekent voor de stad. We gaan de komende jaren de werkzaamheden meer zichtbaar maken. Indicatoren
Indicator 1. Aantal meldingen over de openbare ruimte 2.Voldoen aan vastgesteld kwaliteitsniveau 3. bezettingspercentage maatschappelijk vastgoed
Realisatie
Streefwaarde
2023 9.469
2024 9.000
2025 9.000
2026 8.750
2027 8.500
2028 8.250
niveau B
niveau B
niveau B
niveau B
niveau B
niveau B
Circa 80%
90%
95%
95%
95%
95%
Areaalgegevens Het openbare gebied dat de gemeente beheert, omvat een omvangrijk aantal objecten met uiteenlopende functies. Vanwege ontwikkeling, uitbreidings- en ontwikkellocaties en aanpassingen in het openbaar gebied zijn de areaalgegevens aan verandering onderhevig. Enkele kengetallen: Groen, Water en Recreatie Gazon en Gras Beplanting Bomen Water Voorzieningen voor kinderen en jeugd Speeltoestellen
circa circa circa circa
circa
Wegen, civiele kunstwerkenen verkeer Verkeerregelinstallatie Doorgaande wegen en pleinen Fiets- en recreatieve paden Bruggen, tunnels en viaducten Lichtmasten (incl. armaturen)
194 ha. 111 ha. 30.066 stuks 63 km.
689 stuks 720 stuks (inspectie juli 2024)
circa circa circa circa circa
Volksgezondheid en milieu Afvalbakken Ondergrondse verzamelcontainers Bovengrondse verzamelcontainers Riolering en hemelwaterafvoer
circa circa circa circa
45 stuks 109 ha. 121 km2 310 stuks 9.600 stuks
970 stuks 800 stuks 320 stuks 231 km
De vastgoedportefeuille welke de gemeente beheert, omvat verschillende objecten met uiteenlopende functies: Brede Schoollocaties in eigendom bij de gemeente Rijswijk Cultuurlocaties Sportlocaties (geen onderdeel van brede school) Welzijnslocaties/wijkwelzijnswerk Welzijnslocaties/kinderopvang Ateliers (gebouwen) Woningen Winkelpanden Fietsenstallingen Kinderboerderijen Overige gebouwen
4 2 5 3 5 2 12 5 2 2 14
Onderhoud kapitaalgoederen 100