CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage A De Erfgoednota Rijswijk 2024-2032, Gezichten om van te houden (RV 24-039)

Forum Samenleving 10 september 2024, gemeente RijswijkBij agendapunt: Raadsvoorstel Erfgoednota Rijswijk 2024-2032, Gezichten om van te houden (RV 24-039)20.513 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Pagina 28

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

de zone langs de Kastanjewetering (’t Haantje en Sion), langs de Strijpwetering, langs de Spieringswetering en aan weerszijden van de Vliet.

Kantoorgebouw van uitgeverij Sijthoff op het bedrijventerrein Plaspoelpolder. Het werd gebouwd in 1980 en behoort tot het zogenaamde Brutalisme, herkenbaar aan de spiegelende ramen en repeterende betonnen elementen. Het gebouw is tijdens de inventarisatie van naoorlogs erfgoed gewaardeerd als van zeer hoge waarde (monumentaal) en ondergaat momenteel een transformatie.

Borgen van deskundigheid De monumentenambtenaar van Rijswijk zal nauwe banden onderhouden met externe erfgoedprofessionals, waaronder de medewerkers monumentenzorg van Erfgoed Delft. De meerwaarde van de samenwerking ligt in het brede aanbod aan erfgoedspecialisaties in Delft waaronder bouwhistorie, verduurzamen van monumenten en historisch groen. Collegiaal advies en uitwisseling van kennis, maar ook het uitvoeren van cultuur-, architectuur- en bouwhistorisch onderzoek en waardestelling behoren tot de mogelijkheden. Archeologisch onderzoek blijft onderdeel van het takenpakket van het team Archeologie en Monumentenzorg van de gemeente Rijswijk. Ambitie: het borgen van deze werkprocessen m.b.t. gebouwde en aangelegde monumenten en gebieden met cultuurhistorische waarden in de samenwerking met de medewerkers monumentenzorg van Erfgoed Delft in een formele samenwerkingsovereenkomst.

Pagina 29

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

Onderzoeksagenda monumenten Een belangrijk instrument voor het ‘bij de tijd blijven’: het opvullen van kennislacunes en de vergroting van de erfgoedkennis is het opstellen van een onderzoeksagenda voor cultuurhistorisch onderzoek. Dergelijk onderzoek draagt bij aan de kennis van bredere, overkoepelende erfgoedthema’s die belangrijk zijn voor Rijswijk en niet eerder onderwerp van onderzoek en waardering waren. Het toegankelijk en relevant te maken voor een breder publiek, inclusief de integratie van Erfgoedparticipatie volgens het Verdrag van Faro is daarbij leidend. Op de agenda van de komende acht jaar staan inventarisaties en (vervolg)onderzoeken naar de naoorlogse periode en op de langere termijn naar onderwerpen die tot nu in Rijswijk toe buiten het blikveld zijn gebleven, maar landelijk al eerder zijn opgepakt, zoals kerken, Joods erfgoed, begraafplaatsen en het slavernijverleden. In dergelijke onderzoeken zal worden meegenomen welke instrumenten geschikt zijn voor eventueel behoud of behoud van karakteristieken. Dergelijke thema’s zijn van belang vanwege de maatschappelijke waarde van erfgoed. De Oude Begraafplaats van Rijswijk is een aandachtspunt vanwege de oude én ultramoderne grafmonumenten en de bijzondere historische sfeer en uitstraling.

Ambitie: het ontwikkelen van een onderzoeksagenda, onder meer voor inventarisatieprojecten zoals de begraafplaats Oud-Rijswijk, Joods erfgoed, Kerkenvisie.

Onderzoeksagenda archeologie Een belangrijk onderdeel van het toekomstig beleid is het actualiseren van de Lokale Onderzoeks Agenda Rijswijk (LOAR), die inspeelt op zowel lokale als bredere onderzoeksvragen binnen de archeologie. Deze dient onder meer als leidraad bij de uitwerking, vraagstelling, interpretatie en rapportage van reeds voltooide opgravingen en is noodzakelijk, mede door voortschrijdend inzicht. De agenda is ook belangrijk als archeologisch kader voor toekomstig onderzoek door de gemeente zelf en door externe partijen die in Rijswijk archeologisch onderzoek gaan doen. Dit onderdeel benadrukt de ambitie om archeologie toegankelijk en relevant te maken voor een breder publiek, inclusief de integratie van Erfgoedparticipatie volgens het Verdrag van Faro. Hierin staat de sociale waarde van erfgoed centraal, met aandacht voor de betrokkenheid en participatie van burgers bij het beheer en de interpretatie van cultureel erfgoed. De LOAR betreft zowel specifiek Rijswijkse onderzoeksvragen, als onderzoeksvragen die verband houden met de Nationale Onderzoeksagenda (NOA) en de Provinciale Onderzoeksagenda (POA). Een lokale onderzoeksagenda is tevens van belang voor het opstellen van Programma’s van Eisen en speelt mede in op actuele kennis en onderzoeksaspecten.

De LOAR is daarom geen vaste lijst met onderzoeksvragen, maar een agenda met aandachtsgebieden en onderzoeksaspecten, die deels meebeweegt met de actuele stand van onderzoek en voortschrijdende kennis. Wél ligt binnen de gemeente Rijswijk de nadruk op de specifieke archeologische perioden Midden- tot Laat-Neolithicum, de Romeinse tijd, de Late Middeleeuwen en de Nieuwe Tijd. Ambitie: het actualiseren en in stand houden van een eigen onderzoeksagenda voor de gemeente Rijswijk - de Lokale Onderzoeks Agenda Rijswijk (LOAR).

Samenwerking met opleidingsinstituten In het werkveld Archeologie wordt al jaren samengewerkt met opleidingsinstituten en amateurarcheologen. De vrijwilligers helpen bij veldwerk en de uitwerking van de archeologische onderzoeken van de gemeente. De kruisbestuiving met collegawetenschappers, studenten en amateurarcheologen levert een rijker beeld op van de archeologie van Rijswijk. Pagina 30

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

Ambitie: het aangaan van nieuwe en in stand houden van bestaande samenwerkingsverbanden met externe partijen waaronder amateurarcheologen en overheden. Voorbeelden zijn de bilaterale samenwerking met de Universiteit Leiden en de Hogeschool Saxion, door de inzet van studenten op gemeentelijke onderzoeksprojecten in het kader van stage.

Archeologische studies worden gedeeld op verschillende manieren, bij voorbeeld in de Rijswijkse Archeologische Rapporten.

4. Monumenten en duurzaamheid De gemeente Rijswijk wil verduurzaming van monumenten stimuleren in het kader van de energietransitie. Wij zoeken de balans tussen het behoud van cultureel erfgoed en het toepassen van moderne duurzaamheidsmaatregelen. Ook herbestemming van historische gebouwen draagt bij aan duurzaam gebruik van materialen en energie.

Pagina 31

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

Voor beschermde monumenten geldt dat de Rijksoverheid in 2030 een gemiddelde CO2reductie wil bereiken van 40% en in 2040 van 60%. Ook monumenten kunnen door middel van energiebesparende maatregelen duurzamer worden gemaakt. Wat er wel en niet kan is afhankelijk van de unieke waarde van het gebouw, de technische staat en het belang voor de omgeving. Sommige maatregelen zijn niet geschikt voor historische gebouwen; andere wel. Het kan voorkomen dat de historische waarden zwaarder wegen dan het belang van duurzaamheid, maar dit is lang niet altijd het geval. Het is hoe dan ook belangrijk dat er energie wordt bespaard en opgewekt voor het behoud van erfgoed op de lange termijn. Ambitie: het adviseren over het verduurzamen van monumenten stimuleren, zonder de monumentale waarden onnodig aan te tasten.

Uitwisseling van kennis en expertise Om vanuit de erfgoedwaarden aansluiting te vinden bij opgaven van verduurzaming en energietransitie wordt kennisuitwisseling gezocht en gestimuleerd. De gemeente streeft naar samenwerking met de deskundige op het terrein van duurzaamheid van Erfgoed Delft. Verduurzaming van monumenten is maatwerk. Er is nog veel onduidelijk over welke maatregelen in welke situaties de beste oplossing bieden. Bovendien is de benodigde kennis en expertise over producten en diensten nog in ontwikkeling. Erfgoedinstellingen en energiecoaches bouwen kennis op en kunnen behulpzaam zijn bij verduurzamingsvraagstukken. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, het Provinciaal Steunpunt Monumenten Zuid-Holland en diverse gespecialiseerde websites geven advies over de verduurzaming van monumenten. Ook is er een Routekaart Verduurzaming Monumenten waarin organisaties uit de monumentensector de krachten hebben gebundeld (www.duurzaamerfgoed.nl). Ambitie: het opbouwen, delen en toepassen van kennis over de verduurzaming van monumenten en het uitbreiden en versterken van het netwerk.

Pagina 32

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

Samenvatting De Erfgoednota bestaat uit vier hoofdstukken: 1. Als erfgoed kon spreken: over het erfgoed van Rijswijk 2. Maatschappelijke waarde: over de erfgoedpartners in Rijswijk en de toegankelijkheid van informatie over het erfgoed 3. Erfgoed en stadsontwikkeling: over de Omgevingswet en de inbedding van het erfgoed in de ontwikkeling van de stad 4. Monumenten en duurzaamheid: over de verduurzaming van monumenten De Erfgoednota bestrijkt een periode van acht jaar. Bij de uitvoering van het beleid zal het zwaartepunt liggen op het voldoen aan de wettelijke taken en het op orde brengen van de basis. Het wegwerken van achterstanden en het borgen van het erfgoedwerk in de organisatie hebben prioriteit. Deze prioriteiten zijn voorwaarde scheppend voor het naar behoren kunnen uitvoeren van de inhoudelijke advisering ten dienste van de vergunningverlening en planontwikkeling. Daar waar de gemeente meer wil doen - de echte ambities van Rijswijk - zal jaarlijks een keuze worden gemaakt die wordt meegenomen in de jaarlijkse begroting. De keuze voor de eerste anderhalf jaar betreft het uitrollen van het aanwijzingsbeleid voor de naoorlogse periode en het beschermingsregime van stedenbouwkundige- en groenstructuren. De ambities van de gemeente Rijswijk zullen de komende jaren gefaseerd worden uitgevoerd volgens een jaarlijks op te stellen uitvoeringsplan.

Daarbij zullen ook begrotingsvoorstellen worden gedaan. Samengevat gaat het om de volgende uitgangspunten en ambities van de gemeente Rijswijk: 1. Basistaken op orde brengen en voortzetten bestaand beleid cluster Archeologie & Monumentenzorg • •

•

Erfgoedwaarden (archeologie, monumenten, cultuurhistorie) meewegen bij omgevingsvergunningen en in ruimtelijke plannen Cultuurhistorische onderzoeken (laten) uitvoeren om monumentale waarden te bepalen en inventariserend archeologisch verkennend onderzoek zoals bureau- en booronderzoek; incidenteel opgravingen (laten) uitvoeren Overnemen en actualiseren van het beschermingsregime van de bestemmingsplannen en erfgoed borgen in het Omgevingsplan

2. Borgen van de taken archeologie en monumentenzorg in de organisatie •

• •

•

Borgen van deskundige advisering en inhoudelijke voorbereiding archeologie- en monumentenkwesties intern (advies aan taakvelden Vergunningen, Ruimte, aan het bestuur en aan de Adviescommissie omgevingskwaliteit) en extern (monumentenadvies aan burgers, eigenaren, marktpartijen, voorlichtingstaken en advies planontwikkeling) Jaarlijks uitvoeringsplan opstellen, beleid evalueren en actualiseren Samenwerking met het taakveld Monumenten van Erfgoed Delft intensiveren en formaliseren voor zwaardere inhoudelijke advisering, onderzoek en dergelijke; samenwerking met externe erfgoedprofessionals indien nodig; aansturen en toezicht houden Blijvend actualiseren erfgoedregister, archeologische beleids- en verwachtingenkaart, cultuurhistorische waardenkaart en verwachtingenkaart naoorlogs erfgoed

Pagina 33

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

3. Wegwerken achterstanden en actualisering • • • • •

Bijwerken verslaglegging archeologie en moderniseren en uitbreiden van het depot Bijwerken redengevende omschrijvingen monumenten, erfgoedregister en monumenten- en kennisdossiers Coördineren verbeterde openbare toegang en doorzoekbaarheid erfgoedregister, redengevende omschrijvingen, beeldbank en bouwtekeningen Actualiseren en uitbreiden erfgoedinformatie online Vormgeven van de erfgoedparticipatie in Rijswijk, zowel met de erfgoedpartners als met de Rijswijkers breed

4. Aanwijsbeleid •

• •

Aanwijsprogramma naoorlogs erfgoed uitrollen. Inventarisatie en waardering naoorlogse architectuur, groenstructuren en stedenbouw (rapport Linda Driesen, Quickscan Wederopbouw en Post-65 1945-1990 Gemeente Rijswijk, juni 2024) en nader onderzoek ten behoeve van selectie en beschermingsregime, waaronder aanwijzen van naoorlogse monumenten Aanwijsprocedure Bunkercomplex Overvoorde tot rijks- of gemeentelijk monument Incidenteel aanwijzen van erfgoed dat nog geen status heeft gekregen, maar wel op een shortlist staat van objecten of structuren met hoog monumentale waarden (b.v. stads- en dorpsgezichten)

Pagina 34

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

Colofon Titel: Erfgoednota Rijswijk 2024-2032. Gezichten om van te houden Gemeente Rijswijk Domein Ruimtelijke ontwikkelingen Team Vergunningen, Archeologie en Monumentenzorg Cluster Archeologie en Monumentenzorg Postadres: Postbus 5305 – 2280 HH Rijswijk Bezoekadres: Generaal Spoorlaan 2 – 2283 GM Rijswijk Email: stadhuis@rijswijk.nl

© Gemeente Rijswijk 2024 Foto voorpagina: Het Oorlogsmonument met rechthoekige vijver in het park van de voormalige buitenplaats Hofrust waar de gevallenen van de Tweede Wereldoorlog worden herdacht. Foto’s: B.M. Laan tenzij anders vermeld.

Pagina 35

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

Bijlagen De bijlagen 5 t/m 7 zijn ook als afzonderlijke documenten opgenomen omdat deze dynamisch zijn en op deze manier gemakkelijk kunnen worden geactualiseerd. Bovendien zijn deze als pdf beter leesbaar. 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Wettelijke taken Middelen Participatiebijeenkomst erfgoedpartners Erfgoedregister (gemeentelijke en rijksmonumenten) Archeologische beleids- en verwachtingenkaarten (pdf) Cultuurhistorische waardenkaart (pdf) Verwachtingswaardenkaart naoorlogs erfgoed (pdf)

Pagina 36

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

1. Wettelijke taken Bij de zorg voor het cultureel erfgoed horen een aantal verantwoordelijkheden, rechten en plichten. Er zijn veel verschillende werkwijzen, beschermingsinstrumenten en vormen van samenwerking om aan de wettelijke eisen te voldoen. De landelijke wetgeving bepaalt de wettelijke taken die de gemeente Rijswijk heeft op het gebied van het eigen erfgoed. De Erfgoedwet van 2016 stelt de Nederlandse gemeentes verantwoordelijk voor de zorg van het erfgoed binnen de gemeentegrenzen: de zorgplicht. Vanaf 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden, die samen met de Erfgoedwet zorgt voor de bescherming van het cultureel erfgoed. De Omgevingswet gaat over de fysieke leefomgeving en activiteiten die de fysieke leefomgeving betreffen. Daaronder wordt blijkens artikel 1.2, tweede lid, van die wet ook cultureel erfgoed verstaan. Cultureel erfgoed wordt gedefinieerd als volgt: ‘monumenten, archeologische monumenten, stads- en dorpsgezichten, cultuurlandschappen en, voor zover dat voorwerp is of kan zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties in het omgevingsplan, ander cultureel erfgoed als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet. Ook internationale verdragen zijn van toepassing, zoals het verdrag van Malta, dat cultureel erfgoed in de bodem beschermt.

De gemeentelijke Erfgoedverordening wordt door de gemeenteraad vastgesteld en geeft regels voor de omgang met het lokale cultureel erfgoed. De volgende bepalingen uit de Erfgoedverordening blijven in de verordening staan: artikelen die betrekking hebben op het gemeentelijke erfgoedregister en op de aanwijzing van beschermde gemeentelijke cultuurgoederen, en verzamelingen. De overige bepalingen gaan over naar het Omgevingsplan. De gemeente Rijswijk werkt samen met de landelijke en provinciale erfgoedinstanties om integrale erfgoedzorg te kunnen garanderen. Een integrale benadering betekent ook dat naast het beschermd cultureel erfgoed het door Rijk en provincie beschermde cultureel erfgoed wordt betrokken door daarover op gemeentelijk niveau aanvullende regels te stellen. Met een dergelijke integrale benadering worden de verbeterdoelen van de Omgevingswet meer bereikbaar. De gemeente is verantwoordelijk voor de bescherming van de aanwezige gemeentelijke en rijksmonumenten. Dat betekent: het bijhouden van het erfgoedregister, het verlenen van vergunningen om gebouwde of aangelegde monumenten te kunnen veranderen en het toezien op het onderhoud van monumenten. De gemeente heeft ook een zorgplicht voor de archeologische waarden die zich in de bodem bevinden. En zij dient rekening te houden met de erfgoedwaarden bij ruimtelijke plannen.

De kwaliteitsnorm vergunningverlening moet deskundige advisering garanderen. Ten slotte heeft de gemeente een taak bij het informeren en bewust maken van inwoners en belanghebbenden over het lokale erfgoed. 1.1. Archeologie en Monumentenzorg Grootschalige nieuwbouw na de Tweede Wereldoorlog, in grote delen van het Rijswijks grondgebied, vormde een toenemende bedreiging voor het behoud van het cultureel erfgoed. Dit betrof zowel de ondergrondse, archeologische waarden, als de bovengrondse, gebouwde monumenten. Veel ging verloren en hiermee ontstond een toenemende behoefte aan maatregelen om het cultureel erfgoed te behoeden voor verdere vernietiging. Cultuurhistorische waarden maken immers de geschiedenis van een gebied zichtbaar en dragen bij aan een positieve beleving van de leefomgeving. Vanaf de jaren ’70 kwam hier verandering in, door het invoeren van nieuwe wetten en een actievere rol van het Rijk en gemeenten in de zorg voor monumenten en archeologie.

Pagina 37

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

Ook vandaag de dag is de druk op het cultureel erfgoed onverminderd hoog. Door maatschappelijke veranderingen en wetswijzigingen blijft een actief beleid met betrekking tot Archeologie en Monumentenzorg noodzakelijk; in deze dynamische realiteit is het meebewegen met veranderende omstandigheden en het periodiek actualiseren van de Erfgoednota dan ook van wezenlijk belang. Belangrijke veranderingen zijn mede het gevolg van de in 2007 van kracht geworden Wet op de Archeologische Monumentenzorg (WAMZ). Van groot belang voor het erfgoedbeleid van de gemeente Rijswijk is de bepaling dat gemeenten zelf verantwoordelijk zijn voor het behoud en beheer van hun cultureel erfgoed. 1.2. Archeologie Het team Archeologie van de gemeente Rijswijk verricht zelfstandig archeologisch onderzoek, waaronder archeologische opgravingen. De gemeente is Bevoegd Gezag voor haar grondgebied; bij grensoverschrijdende projecten is dat de provincie of het Rijk. In die gevallen is het van belang dat het taakveld Archeologie van de gemeente Rijswijk zo goed mogelijk de belangen behartigt ten aanzien van haar archeologische waarden. Vanaf 1997 beschikte de gemeente Rijswijk over een opgravingsvergunning. Sinds 1 juli 2016 is hiervoor een certificaat verplicht gesteld; dit geldt eveneens voor de functie als depothouder, aangezien de gemeente Rijswijk over een eigen gemeentelijk archeologisch depot beschikt.

Conform de Erfgoedwet beschikt het taakveld Archeologie over een certificaat BRL SIKB 4000 en beschikken tevens de medewerkers individueel over een registratie in het KNAactorregister. Om het certificaat te behouden dient de gemeente Rijswijk ervoor zorg te dragen dat blijvend aan de voorwaarden van kwaliteitswaarborging conform de BRL SIKB 4000 wordt voldaan. Het onderhouden van de certificaat-eisen is een continu proces, waarbij de verscheidene archeologische processtappen conform de geldende protocollen worden getoetst. Hiertoe is de gemeente Rijswijk een contract aangegaan met een toetsende en certificerende instelling. Het certificaat wordt onderhouden door jaarlijkse herhalingstoetsen. Bij positieve beoordelingen van deze jaarlijkse toetsen volgt elke vier jaar verlenging van het certificaat. Voor de medewerkers – de zogenaamde actoren – geldt dat zij individueel moeten voldoen aan de geldende kennis- en ervaringseisen van hun desbetreffende actorstatus(sen). De actor is zelf verantwoordelijk voor het verzamelen van de bewijsstukken ter verlenging van de actorstatus, hetgeen elke vier jaar wordt getoetst en bij positieve beoordeling van de onderhoudseisen wordt verlengd. Het archeologisch bodemarchief, dat wordt gevormd door het geheel aan fysieke resten van menselijke activiteiten en bewoning in het verleden, is een belangrijke bron van het gemeenschappelijk geheugen.

Het is echter kwetsbaar en, eenmaal vernietigd, onvervangbaar. In 1992 werd het Europese verdrag van Malta ondertekend door de lidstaten van de Raad van Europa en in 1998 door Nederland geratificeerd. Het verdrag beoogt het archeologisch erfgoed beter te beschermen door structurele inpassing van archeologie in ruimtelijke ontwikkelingsprocessen. Streven naar behoud in situ en het principe van de verstoorder betaalt zijn hierin de belangrijkste uitgangspunten. Het Verdrag van Malta heeft in Nederland geleid tot een ingrijpende herziening van de Monumentenwet uit 1988, die op 1 september 2007 met Wet op de Archeologische Monumentenzorg (WAMZ) van kracht is geworden. Met de inwerkingtreding van de WAMZ is de verantwoordelijkheid voor het archeologische erfgoed verschoven van Rijk en provincie naar de gemeenten. Gemeenten zijn verplicht om in nieuwe bestemmingsplannen en bestemmingsplanwijzigingen rekening te houden met archeologie, en kunnen randvoorwaarden opleggen aan omgevingsvergunningen en projectbesluiten. Pagina 38

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

Een andere, wettelijke taak van de provincie, die in het kader van deze Erfgoednota van belang is, is het Interbestuurlijk Toezicht (IBT). Het doel ervan is als volgt geformuleerd: ‘interbestuurlijk toezicht is er omdat de overheid haar taken blijvend goed wil uitvoeren en dat inwoners en bedrijven erop kunnen vertrouwen dat dit beschermd en geborgd is’. Het IBT houdt systematisch toezicht in en richt zich op taken binnen onder andere de toezichtgebieden Ruimtelijke Ordening, Omgevingsrecht en Monumenten en Archeologie. De inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024 heeft directe gevolgen voor deze toezichtgebieden en de toepassing van het IBT. Door middel van systematisch toezicht toetst de toezichthouder of er indicaties zijn voor mogelijke taakverwaarlozing (door de gemeente). Indien hiervan sprake zou zijn, en na het doorlopen van verscheidene processen en beoordelingen conform de IBT-ladder, volgt in het uiterste geval als sanctie een interventie (indeplaatsstelling) door de provincie.

De gemeente Zoals reeds vermeld heeft er als gevolg van de inwerkingtreding van de WAMZ een verschuiving van taken en verantwoordelijkheden plaatsgevonden. De essentie is dat gemeenten zelf verantwoordelijk zijn voor het behoud en beheer van hun cultureel erfgoed. Rijswijk beschikt over beleid dat voldoet aan de wettelijke eisen met betrekking tot de integratie van archeologische- en cultuurhistorische waarden in de ruimtelijke ordening, door afstemming op het provinciaal-, het landelijk- en het internationaal beleid en het zichtbaar en beleefbaar maken van het cultureel erfgoed. De gemeente Rijswijk wil archeologie aan de voorkant zetten bij ruimtelijke ontwikkelingen, mede door een archeologische waardenkaart te verankeren in ruimtelijke instrumenten, zoals het omgevingsplan of structuurvisie. Verder verricht het team Archeologie van de gemeente Rijswijk archeologische bureauonderzoeken en stelt zij Programma’s van Eisen (PvE) op en/of keurt die door derden zijn opgesteld goed. Deze documenten vormen de basis voor het verdere verloop van het archeologisch onderzoek; zonder een goedgekeurd PvE kan een archeologisch veldonderzoek niet plaatsvinden (KNA 4.1.). Elk archeologisch veldonderzoek in de gemeente Rijswijk vindt plaats in overleg met en onder supervisie van het BMA.

De provincie Veel van de taken die voorheen bij de provincie lagen, zoals het beoordelen van archeologische onderzoeksrapporten en Programma’s van Eisen voor archeologisch onderzoek, zijn in het huidige archeologiebestel overgenomen door de gemeenten. Bij ontgrondingsvergunningen, die nog steeds door de provincies worden verleend, beslist de provincie echter nog wel over het uit te voeren en uitgevoerde archeologische onderzoek, en bij gemeentegrenzen-overschrijdende projecten en grotere bestemmingsplannen als ook sommige bodemsaneringen kan de provincie optreden als adviseur of bevoegd gezag. Verder beheert de provincie Zuid-Holland de Cultuurhistorische Hoofd Structuur (CHS), die een overzicht geeft van alle cultuurhistorische en archeologische kenmerken en waarden in de provincie, en de provinciale Archeologische Monumenten Kaart (AMK), waarop alle archeologische monumenten in de provincie staan aangegeven. Ook beheert de provincie het provinciale depot voor bodemvondsten, gevestigd in Alphen aan den Rijn, waar archeologische vondsten en documentatie van gemeenten die zelf geen depot hebben, verplicht worden opgeslagen. Dit geldt niet voor de gemeente Rijswijk als depothouder. Het bovenstaande onderstreept het belang van een degelijk beleid omtrent het behoud en beheer van het cultureel erfgoed, in het bijzonder mede door gebruikmaking van een geactualiseerde Erfgoednota.

Ook onderstreept het belang van structureel onderhoud van het certificaat BRL SIKB 4000 als kwaliteitsborging.

Pagina 39

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

Het Rijk In het huidige archeologiebestel heeft het Rijk als kerntaken, naast beleidsontwikkeling en de uitvoering van de wet- en regelgeving op nationaal niveau, vooral kennisoverdracht, advisering en kwaliteitsbewaking. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) heeft hierin een centrale en sturende rol. De Rijksdienst adviseert bij het behoud, de duurzame ontwikkeling en het toegankelijk maken van belangrijke archeologische vindplaatsen. Namens de Minister kan de Rijksdienst waardevolle archeologische terreinen aanwijzen tot archeologisch rijksmonument, opgravingsvergunningen verlenen en beslissen over monumentenvergunningen voor archeologische rijksmonumenten. De Erfgoedinspectie ziet toe op de naleving van de wet- en regelgeving en op de kwaliteit van de archeologische onderzoeken.

Omgevingsplan en Omgevingsvergunning Sinds 2007 wordt het archeologisch erfgoed als een volwaardig belang meegewogen in ruimtelijke planvorming in Nederland. Het Omgevingsplan en de Omgevingsvergunning zijn vanaf 1 januari 2024 de belangrijkste instrumenten die de gemeente inzet bij de zorg voor archeologische monumenten. In het Omgevingsplan kunnen regels worden opgenomen over archeologisch onderzoek. Zo kunnen archeologische monumenten in de bodem worden beschermd of deskundig worden opgegraven. Op basis daarvan kunnen bepaalde bouwplannen alleen met een Omgevingsvergunning worden uitgevoerd. De gemeente moet terreinen kleiner dan 100m2 in beginsel vrijstellen van archeologische onderzoeksplicht, maar is vrij om in het Omgevingsplan een grotere of kleinere grens vast te leggen. Zelfs een stukje grond van nul m2 kan belangrijke wetenschappelijke waarde hebben en daarmee een grote maatschappelijke meerwaarde bezitten. Gebieden met een lage verwachtingswaarde kunnen vrijgesteld worden om het planproces niet onnodig te vertragen.

Archeologisch onderzoek De archeologische verwachting wordt middels bronnenonderzoek en waar nodig veldonderzoek vastgesteld. Deze inventarisaties vormen het toetsingskader voor toekomstige ontwikkelingen. Zulke onderzoeken moeten volgens bepaalde eisen worden gedaan. Het uitgangspunt is dat vondsten zoveel mogelijk in de bodem worden behouden. Als dat niet kan worden de vondsten onderzocht en gedocumenteerd en opgeslagen in depot. Soms worden onverwacht vondsten gedaan; het is belangrijk om dergelijke vondsten snel te documenteren om de kennis niet verloren te laten gaan. 1.3. Monumenten De eerste beschermde rijksmonumenten van Rijswijk zijn aangewezen op grond van de eerste Monumentenwet van 1961. Inmiddels wijst de gemeente Rijswijk zelf beschermde gemeentelijke monumenten aan. Met de nieuwe Erfgoedverordening 2024 wordt het ook mogelijk om gemeentelijke stads- en dorpsgezichten aan te wijzen. Sinds het Rijk het monumentenbeleid veranderde in 2009 Modernisering Monumentenzorg (MoMo), werd het monumentale erfgoed als een volwaardig belang meegewogen in ruimtelijke planvorming in Nederland. Vanaf dat moment moet bij ruimtelijke ontwikkelingen de cultuurhistorische waarden van het gebied in kaart worden gebracht en meegewogen.

Omgevingsplan en Omgevingsvergunning Om het erfgoed te behouden moet de gemeente een toereikend beschermingsregime instellen. Het Omgevingsplan en de Omgevingsvergunning zijn vanaf 1 januari 2024 de belangrijkste instrumenten die de gemeente in zet bij de zorg voor de gebouwde en Pagina 40

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

aangelegde (groene) monumenten (naast het aanwijsbesluit van monumenten). In het Omgevingsplan moet rekening worden gehouden met het belang van het behoud van cultureel erfgoed (Besluit kwaliteit leefomgeving art. 5.130 lid 1). De regels uit de Erfgoedverordening die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving moeten in 2031 worden opgenomen in het Omgevingsplan. De gemeente legt de te beschermen gemeentelijke monumenten, de beschermde stads- en dorpsgezichten en de provinciale Erfgoedlijnen en biotopen vast in het Omgevingsplan. Voor de wettelijke bescherming van rijksmonumenten is het niet nodig om ze op te nemen in het Omgevingsplan. Het Omgevingsplan is een instrument waarin van rechtswege de bestaande bestemmingsplannen zijn opgenomen tot het moment dat deze zijn omgezet naar het nieuwe plan. In de oude bestemmingsplannen van Rijswijk is een beschermingsregime opgenomen met dubbelbestemming waarde cultuurhistorie: de wijk Oud Rijswijk is daar een voorbeeld van. De gemeente actualiseert de erfgoedwaarden zoals vastgelegd in de bestemmingsplannen en verwerkt het beschermingsregime in het Omgevingsplan. Bouwplannen voor beschermde monumenten en stads- en dorpsgezichten kunnen alleen met een Omgevingsvergunning worden uitgevoerd. Voor het beoordelen van ingrepen maakt de gemeente Rijswijk gebruik van de Adviescommissie omgevingskwaliteit Rijswijk.

Ook worden regels opgenomen over bouwhistorisch en cultuurhistorisch onderzoek om te kunnen bepalen wat van waarde is en wat niet.

Onderzoek gebouwde monumenten Het doen van onderzoek is noodzakelijk om de beleidsinstrumenten op te stellen, te actualiseren en toe te passen. Om de cultuurhistorische waarden van gebouwen in een gebied te bepalen worden cultuurhistorische inventarisaties en waardestellingen gemaakt zodat het cultureel erfgoed kan worden meegewogen aan het begin van ruimtelijke planvorming. Daarbij wordt aangegeven welke gebouwen of elementen behouden moeten worden, herkenbaar moeten blijven of versterkt kunnen worden en welke elementen mogen verdwijnen. Ook bij vergunningaanvragen voor ingrepen in beschermde monumenten worden de bouw-, architectuur en cultuurhistorische waarden bepaald. Daarmee kunnen voorwaarden gesteld worden aan de vergunning. Bij grote projecten zijn de initiatiefnemers zelf verplicht de kosten voor dergelijk onderzoek te dragen. Het onderzoek dient uitgevoerd te worden volgens de landelijke richtlijnen voor bouwhistorisch onderzoek (RCE 2009). Cultuurhistorische inventarisaties en waardestellingen worden in opdracht gegeven aan gespecialiseerde erfgoedprofessionals.

Financiering onderhoud monumenten Monumenteigenaren in Rijswijk kunnen aanspraak maken op de Onderhoudssubsidie van de gemeente. Eigenaren van rijksmonumenten (uitgezonderd woonhuizen) kunnen aanspraak maken op de Subsidie Instandhouding Monumenten (Sim) van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. 1.4. Archief De belangrijkste bepaling uit de Archiefwet (1995) is dat overheden hun informatie na 20 jaar in goede, geordende en toegankelijke staat moeten brengen en bewaren. De nieuwe Archiefwet gaat mogelijk in op 1 juli 2024 en houdt een periode van 10 jaar aan. De nieuwe wet is beter toegerust op de opslag en ontsluiting van digitaal archiefmateriaal. Pagina 41

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

De openbaarheid van bestuur vraagt om transparantie en vindbaarheid van overheidsdocumenten volgens de Archiefwet en de Wet Open Overheid (2022). De gemeentearchivaris van het Stadsarchief Delft houdt actief toezicht op de werkprocessen en de staat van het informatiebeheer voor de gemeente Rijswijk. De archivaris brengt jaarlijks verslag uit aan het college van burgemeester en wethouders.

Pagina 42

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

2. Middelen Monumentenzorg is een wettelijke taak waarop door de interbestuurlijk toezichthouder van de provincie Zuid-Holland toezicht wordt gehouden. Daarbij wordt getoetst of de gemeente voldoende capaciteit en middelen heeft begroot om uitvoering te geven aan deze wettelijke taak. Omdat de erfgoednota voor een periode van 8 jaar wordt vastgesteld, is het niet realistisch om te verwachten dat direct in het eerste jaar aan alle geformuleerde ambities uitvoering kan worden gegeven. Er zal jaarlijks in het jaarplan worden opgenomen aan welke opgaven binnen de bestaande formatie uitvoering zal worden gegeven met daarbij eventueel, afhankelijk van de financiële situatie op dat moment, een budgetverzoek.

Pagina 43

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

3. Participatiebijeenkomst erfgoedpartners Op 5 juni 2024 is een participatiebijeenkomst gehouden met de erfgoedpartners van Rijswijk; de lijst met aanbevelingen is hier als bijlage toegevoegd. Aanbevelingen bijeenkomst erfgoedpartners • •

•

•

• • •

Archeologie kan beter toegankelijk worden gemaakt via sociale media dan nu. Er bestaat meer erfgoed dan hetgeen valt onder het taakveld Archeologie en Monumentenzorg. Suggesties zijn: mobiel erfgoed, foto’s en de binnenkant van gebouwen. Het uitgangspunt van de gemeente zou moeten zijn dat meer mensen dan de partners die in het voortraject bij de totstandkoming van de nota zijn betrokken (Museum Rijswijk, Museum BB Overvoorde, Historische Vereniging Rijswijk, Erfgoed Delft) zouden moeten kunnen meedenken over het erfgoed van Rijswijk. Betrek ook de inwoners van Rijswijk! En gebruik de Uitvoeringsagenda van Faro Deel I. Met de aangevraagde 1 fte voor een vaste monumentenambtenaar worden de ambities voor de komende acht jaar niet gerealiseerd, is de vrees. Zet hoger in en zorg voor een permanente monumenten/erfgoedambtenaar, niet slechts voor anderhalf jaar. Neem monumenteneigenaren mee in de erfgoedparticipatie. Maak gebruik van de kennis die aanwezig is bij vrijwilligers. Neem het gevaar voor degradatie van bekende archeologische vindplaatsen door wisselende grondwaterstanden en vervuiling mee (Parkzone).

Een aantal van de opmerkingen vormden een nuttige aanvulling op de nota en zijn daarin verwerkt. Een aantal vragen en opmerkingen konden tijdens de bijeenkomst worden beantwoord en nader toegelicht. De belangrijkste uitkomst van de bijeenkomst is het inzicht dat de erfgoedpartners al decennia lang de belangen van het erfgoed hebben behartigd en dat met hart en ziel hebben gedaan. Bij de erfgoedpartners bestaat het gevoel dat de gemeente op verschillende momenten steken heeft laten vallen, waardoor de indruk kon ontstaan dat de rol van de partners vaak wordt onderschat en gemarginaliseerd. Daarom zijn de passages over erfgoedparticipatie in de erfgoednota aangescherpt en zal het participatietraject in de uitvoeringsfase van de nota nader worden uitgewerkt. Het is een ambitie van de gemeente Rijswijk om erfgoedparticipatie te incorporeren in het gemeentelijk beleid. Archeologie en Monumenten speelt het Verdrag van Faro een leidende rol. Omdat dit verdrag nog niet geratificeerd is neemt de gemeente de Uitvoeringsagenda Faro Deel I daarbij als leidraad en niet als vastgesteld kader. De sociale waarde en burgerparticipatie staan centraal en coproductie wordt gewaardeerd.

De gemeente wil via erfgoedparticipatie meer faciliteren en luisteren naar haar inwoners: wat verstaan zij onder erfgoed, welke waarden hechten zij daaraan en wat willen zij ermee doen? Gedurende de inventarisatie van het naoorlogse erfgoed en het vervolgtraject (rapport L. Driesen juni 2024) zal door het taakveld Communicatie een participatie uitvraag over dit erfgoed worden gelanceerd onder andere via de sociale media. Ook zal door het taakveld Archeologie en Monumenten een bijeenkomst voor monumenteneigenaren worden georganiseerd. Deze eigenaren hebben de aanwezigheid van een vaste monumentenambtenaar de laatste jaren node gemist en vaak geen antwoord gekregen op hun vragen. De voorlichtings- en adviestaken van de gemeente en vragen over wat wel en niet mag en kan met een monument zijn daardoor blijven liggen. Verder loopt erfgoed sinds februari 2024 mee in het participatietraject van de Omgevingsvisie. Pagina 44

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

4. Erfgoedregister (gemeentelijke en rijksmonumenten) Het Erfgoedregister omvat lijsten van de actuele beschermde gemeentelijke en rijksmonumenten en (in de toekomst) beschermde stads- en dorpsgezichten. De bijbehorende gegevens over de monumenten in de lijsten zijn de gegevens die momenteel bekend zijn; deze zijn verouderd, niet overal correct en hier en daar onvolledig. Bij de actualisering van de lijsten zullen de gegevens worden bijgewerkt. De gemeente Rijswijk heeft 101 rijksmonumenten, waaronder een tiental complexen van monumenten die uit verschillende gebouwen bestaan met aparte monumentnummers. Er zijn 57 gemeentelijke monumenten, waaronder vier archeologische monumenten. Binnen de grenzen van Rijswijk liggen drie van de zeven Erfgoedlijnen van de Provincie Zuid-Holland. Binnen de Landgoederenzone en de Vlietzone bevinden zich zowel rijks- als gemeentelijke monumenten. Daarnaast is het bunkercomplex Overvoorde onderdeel van de provinciale Erfgoedlijn Atlantikwall. Het is door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed voorgedragen om als rijksmonument te worden aangewezen als één van de voorbeelden van militair erfgoed van nationaal belang. Er is één rijksmonumentale molen in Rijswijk die de aanduiding ‘molenbiotoop’ heeft gekregen: de Schaapweimolen. Dat betekent dat de windvang en het zicht op de molen zijn beschermd.

De molen ligt in de Hoekpolder bij de Molenwetering en heeft een beschermde provinciale molenbiotoop. De buitenplaatsen in Rijswijk hebben de aanduiding ‘landgoedbiotoop’ en hebben daarmee de beschermde status van provinciale landgoedbiotopen. Dat betekent dat de samenhangende structuur van de hoofd- en bijgebouwen met tuin en park en het omringende groen beschermd is, alsmede het blikveld, de zichtlijnen en panorama’s van de cultuurlandschappelijke aanleg. Gemeentelijke monumenten Rijswijk Monumentnr.

Adres

GM003

Tollensstraat 2a-2b

GM004

Tollensstraat 2d-4

GM006

Doelenstraat 15

GM007

Doelenstraat 19

GM008

Herenstraat 68

GM009

Laan van Hoornwijck 25-29

GM011

Haantje 14

GM012

Herenstraat 24

GM013

Delftweg 79

GM014H

Herenstraat 40, 42, 42a

GM014S

Schoolstraat 20

GM015

Herenstraat 64-66

GM016

Oranjelaan 39

GM017

Geestbrugweg 68-70

GM018

Geestbrugweg 66

GM019

Geestbrugweg 2-8, Oranjelaan 1

Pagina 45

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden Monumentnr.

Adres

GM020

Geestbrugweg 64

GM023

Laan Hofrust 1

GM024

Laan Hofrust 3-5

GM025

Laan Hofrust 7-9

GM026

Delftweg 132

GM028

Delftweg 103

GM030

Geestbrugkade 27

GM031

Geestbrugkade 21, 22, 23

GM032

Geestbrugkade 24, 25, 26, 26a

GM033

Koninginnelaan 1

GM034

Van Vredenburchweg 975

GM035

Van Vredenburchweg 70-72

GM036

Van Vredenburchweg 83-87

GM038

Schoolstraat 18

GM040

Van Vredenburchweg 122, 126

GM045

Julialaantje 30

GM047

Sir Winston Churchilllaan 1021-1023

GM049

Julialaantje 24

GM051

Hoek Sionsweg - Spieringsweteringweg

GM052

Tegenover Van Vredenburchweg 152

GM053

Hoek Laan te Blothinge - Julialaantje

GM054

nabij Jaagpad 7

GM055

Bij Laan Hofrust 2

GM056

Bij Van Vredenburchweg 79

GM057

Einde Steenplaetsstraat

GM058

Hoek Huis te Hoornkade - Thierenskade

GM060

Kruising Frans Halskade - Jozef Israëlslaan

GM061

Hoek Rembrandtkade - Frans Halskade

GM062

Hoek Jaagpad - Pasgeldlaan

GM063

Hoek Jaagpad - Thierenskade

GM064H

Haagweg 176-180

GM064S

Bij Sniplaan 49

GM078

Tollensstraat 10

GM101

Sir Winston Churchilllaan 277-279

GM102

Kerklaan 26-38

GM104

Beetslaan 97

Pagina 46

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden Monumentnr.

Adres

GM105

Sir Winston Churchilllaan 241-243

GM106

Rijksweg A4 (segment Hoekpolder)

GM107

Bij Van Vredenburchweg 164

GM108

Ruysdaelplein

GM109

Geestbrugweg 16

Rijksmonumenten Rijswijk Monumentnr.

Adres

Type

20039

Beetslaan 251

Behorend bij complex

20040

Delftweg 50

20041

Molenwetering 2

20042

Endehoekseweg 9

20043

Geestbrugkade 18

20044

Geestbrugkade 19

20045

Geestbrugkade 20

20046

Bij Herenstraat 62

20047

Herenstraat 62b

20048

Herenstraat 67

20049

Herenstraat 69

20050

Herenstraat 79

20051

Herenstraat 81

20052

Herenstraat 83

20053

Herenstraat 87

20054

Herenstraat 89

20055

Jaagpad 6

20056

Jan Thijssenweg 2

20060

Julialaantje 28

20065

Kerklaan 46

20066

Kerklaan 48

20067

Laan te Blotinghe 2

20068

Laan Hofrust 2-4

20068

Laan Hofrust 2-4

20069

Ruysdaelplein 39

20070

Schoolstraat 4

20071

Schoolstraat 6

20072

Schoolstraat 8 Pagina 47

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden Monumentnr.

Adres

Type

20073

Schoolstraat 8

20074

Schoolstraat 10

20075

Schoolstraat 12-14

20076

Schoolstraat 32

20077

Groeneveld 64

20078

Van Vredenburchweg 12

20079

Van Vredenburchweg 12

20080

Van Vredenburchweg 22-24

20081

Van Vredenburchweg 24a

20082

Van Vredenburchweg 985

20082

Van Vredenburchweg 987

20084

Van Vredenburchweg 162

20086

Van Vredenburchweg 79

506286

Van Vredenburchweg 158

Behorend bij complex

506916

Julialaantje 2

Behorend bij complex

506917

Julialaantje 2, 2a, 4

Complex

506924

Julialaantje 2a

Behorend bij complex

506925

Julialaantje 4

Behorend bij complex

506926

Julialaantje 4

Behorend bij complex

506927

Julialaantje 2

Behorend bij complex

506928

Julialaantje 4

Behorend bij complex

506929

Julialaantje 4

Behorend bij complex

506930

Julialaantje 2

Behorend bij complex

508034

Van Vredenburchweg 158

Complex

508035

Van Vredenburchweg 158

Behorend bij complex

515691

Van Vredenburchweg 105

Complex

515692

Van Vredenburchweg 105

Behorend bij complex

515693

Van Vredenburchweg 105

Behorend bij complex

Pagina 48

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden Monumentnr.

Adres

Type

515694

Van Vredenburchweg 105

Behorend bij complex

515695

Van Vredenburchweg 105

Behorend bij complex

515696

Van Vredenburchweg 105

Behorend bij complex

515697

Van Vredenburchweg 105

Behorend bij complex

515698

Van Vredenburchweg 105

Behorend bij complex

515699

Van Vredenburchweg 105

Behorend bij complex

515700

Van Vredenburchweg 105

Behorend bij complex

515701

Van Vredenburchweg 105

Behorend bij complex

518120

Van Vredenburchweg 67-69

Complex

518121

Van Vredenburchweg 69

Behorend bij complex

518122

Van Vredenburchweg 67

Behorend bij complex

518123

Sir Winston Churchilllaan 231-233

Complex

518124

Sir Winston Churchilllaan 231-233

Behorend bij complex

518125

Sir Winston Churchilllaan 231-233

Behorend bij complex

518126

Sir Winston Churchilllaan 231-233

Behorend bij complex

518127

Lange Kleiweg 98-100

518128

Lange Kleiweg 100

Behorend bij complex

518129

Lange Kleiweg 98

Behorend bij complex

518130

Lange Kleiweg 100

Behorend bij complex

518131

Lange Kleiweg 100

Behorend bij complex

518132

Beetslaan 251

Complex

518133

Beetslaan 251

Behorend bij complex

518134

Jaagpad 7

Complex

518135

Jaagpad 7

Behorend bij complex Pagina 49

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden Monumentnr.

Adres

Type

518136

Jaagpad 7

Behorend bij complex

518137

Jaagpad 7

Behorend bij complex

518138

Geestbrugweg 66

Complex

518139

Geestbrugweg 66

Behorend bij complex

518140

Geestbrugweg 66

Behorend bij complex

518141

Haantje 11

Complex

518142

Haantje 11

Behorend bij complex

518143

Haantje 11

Behorend bij complex

518144

Haantje 11

Behorend bij complex

518145

Haantje 11

Behorend bij complex

518146

Haantje 11

Behorend bij complex

518147

Haantje 11

Behorend bij complex

518149

Jaagpad 148c

518150

Jaagpad 148b

518151

Delftweg 32

518152

Van Vredenburchweg 150

522873

Van Vredenburchweg 174

Complex

522874

Van Vredenburchweg 174

Behorend bij complex

522875

Van Vredenburchweg 174

Behorend bij complex

522876

Van Vredenburchweg 174

Behorend bij complex

530644

Van Vredenburchweg 174

Behorend bij complex

Pagina 50

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

5. Archeologische verwachtings- en beleidskaart (pdf) Inleiding De bij deze nota behorende Archeologische verwachtings- en beleidskaart is het belangrijkste instrument om het archeologische erfgoed te integreren in de ruimtelijke ordening. Op deze kaarten zijn de bekende en te verwachten archeologische waarden aangegeven. Aan de hand van deze waarden is een beleid geformuleerd bij welke verwachting op welke manier archeologisch onderzoek moet worden gedaan in geval van bodemverstoring of juist wanneer bodemverstoring voorkomen dient te worden om de archeologische resten te behouden. Wanneer bij de voorbereiding van bodemverstorende projecten, als woningbouw, geen of onvoldoende rekening wordt gehouden met archeologische resten ontstaat een groot risico dat in een later stadium als nog de plannen aangepast moeten worden of onverwachte bodemvondsten worden gedaan met een vertraging als gevolg. Daarom is het beter om archeologie en cultuurhistorie vanaf het begin te betrekken bij de ontwikkeling van (nieuwe) plannen. Het is daarnaast ook belangrijk dat bij de ontwikkeling van een gebiedsvisie en/ of ontwerpbestemmingsplan al in het voortraject rekening wordt gehouden met de archeologische waarden, zoals die op de Archeologische verwachtings- en beleidskaart staan aangegeven. Dat voorkomt problemen als aanpassingen of vertragingen in een later stadium.

Bewoningsgeschiedenis De Archeologische verwachtings- en beleidskaart bestaat uit twee kaartbladen waarop de archeologische verwachting is weergegeven. De keuze voor twee kaarten hangt samen met de geologische ontwikkeling en de bewoningsgeschiedenis van Rijswijk. Deze is samengevat als volgt. Door het toenemen van de temperatuur rees de afgelopen 10.000 jaar de zeespiegel. Aanvankelijk ging de stijging zeer snel. De Noordzee ontstond door het onderlopen van een laagvlakte. De kustlijn verschoof steeds meer landinwaarts en bereikte in West Nederland omstreeks 4100 voor Chr. de meest oostelijke positie. Deze lijn liep door het zuiden van Rijswijk. Daarna verschoof de kustlijn weer in westelijke richting. In het vlakke gebied leefden mensen op lage duinen. De bewoningsresten dateren van omstreeks 3800-3400 voor Chr. en behoren tot de oudste sporen van menselijke activiteiten in het kustgebied van WestNederland. Voor het eerst werden in het kustgebied van West Nederland in Rijswijk aanwijzingen gevonden van bewoning (bouwput Rijksweg 4 in 1984 en 1993). Enige jaren later werd op Ypenburg (toen nog van de gemeente Rijswijk) door Rijswijkse archeologen een nederzetting aangetroffen met zelfs een grafveld. Later werden nog enkele woonplaatsen rond Rijswijk gevonden.

Door erosie is de oudste kustlijn met alle resten van bewoning in heel West-Neder land verdwenen en is alleen in de strook Leidschendam-Rijswijk-Wateringseveld nog een stukje van die oude kustlijn bewaard. Daardoor is de zone van nationaal belang.

Oude kustbewoners Nog tijdens de bewoning langs ‘de oude kustlijn’ ontstond aan de zeezijde een nieuwe strandwal waarop duinvorming plaats vond. Deze zandrug strekt zich uit van Voorschoten tot in Wateringen. De Van Vredenburchweg markeert de lengteas van deze zandrug. Op deze zandrug wonen vanaf de prehistorie mensen. Het was immers een hoge en droge plek in een voor de mens nat maar aangenaam landschap. Tussen de oudste kustlijn en de strandwal lag een uitgestrekte strandvlakte waarin geïsoleerde duinen lagen. Dergelijke duinen zijn waargenomen bij de aanleg van de spoortunnel en de aanleg van een bouwput aan de Johan Braakensieklaan. Pagina 51

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

Er lagen veel van dergelijke duinen in de strandvlakte en enkele van deze duinen zullen zeker door mensen zijn benut. Naar locatie, spreiding en eventuele sporen van bewoning op de duinen in de strandvlakte heeft tot op heden nog maar nauwelijks onderzoek plaatsgevonden.

Een nat landschap Vanaf 3000 jaar voor Chr. is door vernatting van het landschap een dikke laag veen gegroeid. Deze veenlaag heeft in de loop van de eeuwen het oude kustlandschap en de strandvlakte volledig bedekt. Alleen het hoogste deel van de strandwal stak als een zandrug boven het veen uit. Het veengebied werd zeker door de mensen benut maar daar zijn weinig bewoningsresten meer van terug te vinden. Dat is veroorzaakt door een grote overstroming vanuit het Maasmondgebied. In de periode 500-150 voor Chr. drong de zee opnieuw het land binnen. Vanuit de Maasmond drong een grote getijdengeul door tot in Rijswijk om hier af te buigen richting Delft. Vanuit de hoofdgeul is een heel systeem van kleinere geulen vertakt door de hele regio. Het overstromingswater ruimde het grootste deel van het veenlandschap op en vanuit de geulen werd een dikke laag klei afgezet. Een groot deel van het bovenste deel van de bodem van Rijswijk bestaat daardoor uit een pakket klei en zand tot een dikte van ruim 2,5 meter.

De Romeinse tijd Aan het begin van de jaartelling was het geulensysteem verland en vond door uitdroging inklinking van de bodem plaats. De oude kreekbeddingen en geuloevers kwamen als ruggen in het landschap te liggen. Deze hogere delen waren zeer geschikt voor bewoning. In de Romeinse tijd (eerste - derde eeuw na Chr.) kende het landschap een intensieve bewoning. Er stonden verschillende boerderijen waarvan een aantal in lintbebouwingen. Aan de Tubasingel (Rijswijk-De Bult) werd in 1967-1969 een nederzetting opgegraven waarvan het belangrijkste gebouw deels uit (kostbare) steen was opgetrokken. Dit villa-achtig gebouw is uniek voor Zuid-Holland. Rijswijk neemt in de Romeinse tijd een bijzondere plaats in. Op korte afstand stond de hoofdstad Forum Hadriani (nu: park Arentsburgh te Voorburg) van waaruit het gebied werd bestuurd. Rijswijk ligt letterlijk onder de rook van de stad waardoor de bewoning ‘rijker’ kan zijn dan verder af gelegen nederzettingen in Delfland. De villa van De Bult is er een goed voorbeeld van. Ook andere ontdekkingen zoals de vondst van een hoofdverkeersweg - de toenmalige A4 - waarlangs nota bene in Rijswijk zelfs twee zandstenen mijlpalen zijn gevonden, zijn hiervan een goed bewijs. Langs de weg lag een kanaal, het zogeheten kanaal van Corbulo. In de afgelopen jaren zijn langs de Sir Winston Churchilllaan resten van het kanaal aangetroffen.

De Middeleeuwen Aan het einde van de Romeinse tijd nam de bewoning sterk af. De bewoning vond vooral plaats op de zandgronden langs de kust en de oevers van rivieren. Tot op heden zijn er in Rijswijk geen sporen van bewoning gevonden van de periode vierde - elfde eeuw. Op basis van vondsten elders in de regio zijn dergelijke vondsten echter ook in Rijswijk te verwachten. Vanaf de elfde eeuw nam de bevolking van Holland in aantal sterk toe. In dezelfde periode gingen woongronden langs de kust verloren door kusterosie en overstuivingen. De behoefte aan nieuwe landbouwgronden werd opgelost door het op grote schaal ontginnen van de klei en veengebieden. In deze periode werd ook het Rijswijkse klei en veengebied aan weerszijden van de strandwal in cultuur gebracht. De grens van Rijswijk strekte zich uit van de Kastanjewetering in het zuiden tot aan de Hoefkade, nu een straat in Den Haag, in het noorden. Over de Rijswijkse gemeenschap weten we nog maar weinig. Er zijn geen schriftelijke bronnen, kaarten of afbeeldingen uit die tijd overgeleverd. Voor de reconstructie van de geschiedenis is de gemeente aangewezen op archeologische gegevens. De boerderijen stonden verspreid in het klei- en veengebied als ook op de strandwal. Onderzoek Pagina 52

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

in de Hoekpolder en de Plaspoelpolder toont aan, dat vanaf de late twaalfde eeuw veel woonplaatsen in het klei- en veengebied zijn verplaatst naar de landwegen. De middeleeuwse samenleving was een hiërarchisch geordende samenleving. Deze sociale verschillen binnen de bevolking zijn af te leiden uit archeologische vondsten. Zowel op de strandwal als in het kleigebied wordt de status benadrukt door onder meer de bouw van kastelen als Te Werve en Den Burch en het omgrachten van woonplaatsen in de dertiende en de veertiende eeuw. Aanvankelijk werd gedacht dat dergelijke woonplaatsen alleen op de strandwal in het kleigebied voorkwamen maar recente vondsten in de Klaroenstraat (2007) en de Citerstraat (2011) tonen aan, dat ook in het kleigebied dergelijke woonplaatsen aanwezig zijn. Ook teruggevonden gebruiksvoorwerpen als luxe aardewerk en ‘rijker’ voedsel als jachtwild en geïmporteerde vruchten, duiden op sociale verschillen. Behalve boerderijen en omgrachte woonplaatsen verschenen ook andere vormen van bebouwing in Rijswijk. In de middeleeuwen stonden er twee kloosters: Sancta Maria in Monte Sion (Hof van Sion) en Onze Lieve Vrouwe van Nazareth (Leeuwendaallaan). Beide kloosters zijn tijdens de reformatie (1572) geconfisqueerd en vervolgens gesloopt. In de Hoekpolder stond in de veertiende en vijftiende eeuw ook een uithof van de abdij van Egmond.

Vanuit deze uithof exploiteerde deze belangrijke Hollandse abdij haar landerijen in dit deel van Delfland. Over de uithof is maar weinig bekend. Bij de Hoornburg stond in de zestiende eeuw een kapel. Deze is vermoedelijk ook in de periode 1572-1574 met de grond gelijk gemaakt. Naast deze gebouwen met een religieuze functie stonden verspreid in Rijswijk diverse poldermolens en een steenbakkerij. De beginjaren van de tachtigjarige oorlog markeerden het einde van de middeleeuwen in Delfland. Vooral de jaren 1572-1574 waren dramatisch. De frontlinie liep dwars door de streek. Soldaten van beide partijen plunderden het platteland. De meeste middeleeuwse instituties hielden toen op te bestaan of gingen door in sterk gewijzigde vorm. Het platteland liep zware schade op, maar dat werd in de jaren die volgden snel hersteld.

Arm en rijk De welvaart leidde vanaf het einde van de zestiende eeuw tot de bouw van vele buitenplaatsen. Rijswijk telde maar liefst zo’n 40 buitenplaatsen. Soms bestond een buitenplaats uit niet meer dan een boerderij met aangebouwde herenkamer en een fraaie siertuin, soms een groot landhuis met bijgebouwen, tuinen en tuinbeelden. De buitenplaats Sion behoorde tot de grootste buitenplaatsen van Delfland. De grootste en meest luxe buitenplaats was het paleis van Frederik Hendrik: het Huys ter Nieuburch. Dit paleis werd gebouwd in 1630-1635 en gesloopt in 1786-1792. Daarnaast stonden langs de Vliet verschillende industriemolens en bleef de middeleeuwse steenbakkerij actief. Op de strandwal ontwikkelde zich een dorpskern die geleidelijk in omvang toenam. In de dorpskern staat ook een imposante kerk waarvan de oudste bouwfase minstens van de twaalfde eeuw dateert. Het is onbekend wanneer de dorpskern is ontstaan. De oudste, middeleeuwse, archeologische vondsten dateren uit de twaalfde eeuw. In de dorpskern woonden een groot deel van bevolking van Rijswijk, zowel welgestelden in hun voorname woningen als ambachtslieden, middenstanders en armen.

Het gebruik van de Archeologische verwachtings- en beleidskaart Rijswijk heeft een lange bewoningsgeschiedenis. Hierdoor bevinden zich in de bodem veel archeologische vindplaatsen waarvan verschillende vanwege de zeldzaamheid en/of het wetenschappelijk belang behoudenswaardig zijn. Om de Archeologische verwachtings- en beleidskaart overzichtelijk te houden is er voor gekozen om twee kaartbladen te maken en op elk kaartblad de archeologische verwachting in zones weer te geven. Per zone wordt aangegeven in welke mate met archeologische resten rekening moet worden gehouden en hoe er mee om te gaan.

Pagina 53

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

De Archeologische verwachtings- en beleidskaart van Rijswijk bestaat uit twee kaarten. Dat is nodig vanwege de hoeveelheid informatie die op de kaarten is opgenomen. Bij het beoordelen van plannen zullen beide kaarten gebruikt moeten worden.

Archeologische verwachtings- en beleidskaart Rijswijk; kaartblad Neolithicum, Bronsen IJzertijd

Dit kaartblad bevat de informatie uit de prehistorie. Het bijbehorende landschap ligt in het grootste deel van Rijswijk op een diepte van ruim twee tot drie meter beneden maaiveld. Alleen in de strook van de strandwal, dus in het noordelijk deel van Rijswijk, liggen dergelijke oude bewoningssporen veel minder diep. Enkele gebieden van Rijswijk bevatten als gevolg van diepgaande grondwerkzaamheden geen prehistorische bewoningsresten meer. Enkele voorbeelden zijn: het Elsenburgerbos (grote ontgronding uit ca. 1970-1975), de Rijswijkse spoortunnel en het verdiept aangelegde cunet van de rijksweg A4 (Plaspoelpolder/Hoekpolder).

Pagina 54

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

Archeologische verwachtings- en beleidskaart; kaartblad Romeinse tijd en de Late Middeleeuwen/Nieuwe tijd

Het andere kaartblad bevat de bewoningsresten uit de Romeinse tijd en jonger. Deze bewoningsresten liggen in heel Rijswijk direct onder het maaiveld tenzij het is bedekt door een ophogingslaag, aangebracht in twintigste eeuw of later, voor de aanleg van wegen en nieuwbouw. Diverse gebieden in Rijswijk bevatten geen bewoningssporen meer van deze periode waaronder diverse grote waterpartijen en ondergrondse parkeergarages. Er zijn meer gebieden in Rijswijk waar dergelijke ingrepen hebben plaatsgevonden. Deze gegevens zijn niet beschikbaar en zouden apart verzameld moeten worden indien daartoe de gemeenteraad besluit. Het afzonderlijk aangeven van vindplaatsen op de kaartbladen is niet gedaan. Dat zou immers betekenen, dat alleen bekende (en ook door opgravingen al verdwenen locaties) vindplaatsen wel op de kaart terecht komen maar niet de terreinen waarvan bekend is dat deze archeologische resten moeten bevatten maar waar tot op heden geen archeologisch onderzoek is gedaan. Dat klinkt cryptisch. Daarom een korte toelichting. Van sommige terreinen is uit historische bronnen bekend dat er een bewoning was, bijvoorbeeld de middeleeuwse woning Gruisbeek (gesloopt ca. 1746), maar heeft er nimmer een archeologisch onderzoek plaatsgevonden.

Zonder twijfel zijn de overblijfselen als funderingen, puinbanen van uitgebroken muren, waterputten en huishoudelijk afval van de buitenplaats nog in de bodem aanwezig. Een ander voorbeeld is de eerder genoemde woonplaats De Schilp. In combinatie met het graven van de bouwput van het zwembad De Schilp vond in 2000 een opgraving plaats waarbij resten van een woonplaats uit de Nieuwe Steentijd zijn gevonden. Op basis van de opgraving is duidelijk dat de resten zich buiten de bouwput in oostelijke, westelijke en noordelijke richting voortzetten. Er is geen discussie nodig. Rondom het zwembad De Schilp bevinden zich archeologische resten van het nederzettingsterrein in de bodem. Pagina 55

Erfgoednota Rijswijk 2024 -2032 Gezichten om van te houden

Terreinen van provinciaal belang Het Rijk en de provincie hanteren eveneens beleidskaart. Dit zijn de Indicatieve Kaart Archeologische Waarden, de Archeologische Monumentenkaart (AMK) en de Cultuurhistorische Hoofdstructuur Zuid-Holland (CHS). De op deze kaarten geplaatste archeologische terreinen, de zogeheten AMK-terreinen, zijn verwerkt in de Rijswijkse Archeologische verwachtings- en beleidskaart. Indien door recent onderzoek grenzen waren bij te stellen, dan is dat gebeurd. Daardoor kan een grens van een AMK-terrein iets afwijken van de grenzen, aangegeven op de CHS-kaart.

Archeologische verwachtings- en beleidskaart Rijswijk De Archeologische verwachtings- en beleidskaart geeft een weergave op hoofdlijnen. De kaarten zullen door onderzoek voortdurend op detail niveau kunnen worden aangepast. Daarom zal bij de voorbereiding van plannen (zowel groot als klein) het raadzaam en soms zelfs noodzakelijk zijn het taakveld Archeologie te raadplegen. De voorbereiding van de plannen vereist immers maatwerk. De kaarten kunnen echter niet vanwege elk detail steeds opnieuw worden vastgesteld door de gemeenteraad. De Archeologische verwachtings- en beleidskaart bij deze nota wordt gebruikt tot een nieuwe nota wordt vastgesteld. Bij grote (tussentijdse) wijzigingen op de kaarten kan eventueel een actuelere versie tussentijds door de gemeenteraad worden vastgesteld. Aan de Archeologische verwachtings- en beleidskaart en deze nota is een Erfgoedverordening verbonden. Verder dient te worden gerealiseerd dat de regels worden opgenomen en geactualiseerd in het Omgevingsplan (vóór 1 januari 2024: bestemmingsplannen). Bij de voorbereiding van plannen waarbij grondwerk te pas komt (bodemsaneringen, infrastructurele projecten, bouwwerkzaamheden, herinrichting groengebieden, etc.) is in een vroeg stadium - dus ontwerpfase en periode van vooroverleg – contact met het taakveld Archeologie noodzakelijk.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=1fe133b9-6592-4cbf-9f6e-f322ac7865fb