Bijlage A Beheerplan wegen 2024-2028
Tekst van het document
Beheerplan wegen 2024-2028
Voor een duurzaam en dynamisch Rijswijk
Corsanr: 23.109640
Colofon Gemeente Rijswijk Team Stadsbeheer Auteur: Erwin Vega Versiedatum: 19 december 2023
1
Inhoud 1.
2.
3.
4.
Inleiding ...........................................................................................................................................3 1.1
Belang van wegen ...................................................................................................................3
1.2
Aanleiding en achtergrond .......................................................................................................3
1.3
Doel .........................................................................................................................................4
1.4
Afbakening beheerplan ............................................................................................................4
1.5
Resultaten................................................................................................................................4
1.6
Leeswijzer ................................................................................................................................5
Beleid en regelgeving ......................................................................................................................6 2.1
Juridisch kader.........................................................................................................................6
2.2
Beleidskaders ..........................................................................................................................7
2.3
Normen en richtlijnen ...............................................................................................................9
Beheer ...........................................................................................................................................11 3.1
Beheerstrategie wegen ..........................................................................................................11
3.2
Structuurgebieden .................................................................................................................16
3.3
Trends en ontwikkelingen ......................................................................................................17
3.4
Terugblik afgelopen jaren ......................................................................................................18
Kosten ...........................................................................................................................................20 4.1
5.
Budgetten ..............................................................................................................................20
Risicoparagraaf .............................................................................................................................27 5.1
Wortelopdruk en integrale herinrichtingen .............................................................................28
5.2
Kabels, leidingen en de energietransitie ................................................................................28
5.3
Klimaatadaptatie ....................................................................................................................29
5.4
Geen extra budget .................................................................................................................29
5.5
Onvoorziene gebeurtenissen .................................................................................................29
Bijlage 1: overzicht integrale probleemstraten.......................................................................................30 Bijlage 2: Technische levensduur wegen ..............................................................................................32 Bijlage 3: Meerjarenplanning groot onderhoud en vervanging ..............................................................33 Bijlage 4: Beheer en onderhoud ............................................................................................................37 Bijlage 5: Kwaliteit en kwantiteit ............................................................................................................39 Bijlage 6: Uitgevoerd groot onderhoud 2020 – 2022 .............................................................................42
2
1. Inleiding 1.1 Belang van wegen Wegen dragen bij aan een bereikbare stad. Dit besef bestond al in de oudheid. Zo legden de Romeinen aan het begin van onze jaartelling al een uitgebreid wegennet aan om op een snelle manier goederen en legertroepen te kunnen verplaatsen. De sporen van dit wegennet zijn heden ten dage nog steeds in ons land terug te vinden. De oude Limes die destijds de noordgrens van het Romeinse rijk vormden zijn daar een voorbeeld van. Hoewel de tijden veranderd zijn, zijn onze inwoners en mensen van buiten de stad voor nog steeds afhankelijk van infrastructuur. We verplaatsen ons per openbaar vervoer, auto, fiets of lopend. Veilige wegen zorgen ervoor dat we gebruik kunnen maken van voorzieningen in en buiten Rijswijk. We willen graag recreëren. Ook mensen van buiten Rijswijk brengen tijd door in onze gemeente. Wegen dragen bij aan de mogelijkheden tot recreatie. Onze parken en landgoederenzones zijn goed bereikbaar. Daarnaast heeft Rijswijk grote bedrijventerreinen. Om een aantrekkelijke vestigingsplaats te blijven is een goede bereikbaarheid van groot belang. Tenslotte ligt Rijswijk centraal in de Metropoolregio Rotterdam Den Haag. De stad fungeert daarin als belangrijke schakel. De doorgaande wegen zijn belangrijke verkeersaders in de regio.
De Prinses Beatrixlaan, een belangrijke verbindingsweg van Delft via Rijswijk naar den Haag. 1.2 Aanleiding en achtergrond Als gemeente zijn we verantwoordelijk voor het adequate beheer van onze kapitaalgoederen, waaronder wegen. ‘Wegen’ is een verzamelnaam voor alle typen verhardingen welke onderdeel uitmaken van de infrastructuur. Dit zijn bijvoorbeeld gemeentelijke hoofdwegen, wegen in woonwijken, parkeerplaatsen, fietspaden, trottoirs en wandelpaden. Die kunnen zijn gemaakt van asfalt, elementen zoals betontegels of klinkers, of halfverharding. 3
In dit beheerplan staat hoe we in de gemeente Rijswijk de komende jaren invulling willen geven aan het beheer en onderhoud van de wegen. Dit beheerplan voor de periode 2024-2028 volgt het vorige beheerplan (Strategisch beheerplan wegen 2017-2021) op. 1.3 Doel In maart 2021 heeft de raad het plan voor Integraal Beheer van de Openbare Ruimte (IBOR) vastgesteld. Hierin is een beleidsvisie, kwaliteitsniveau en budgetten voor het beheer van de openbare ruimte opgenomen. Dit beheerplan voor wegen is een vertaling van de beleidskaders uit het IBOR naar een beheerstrategie voor de periode 20242028. In praktische en financiële zin betreft het ook een herijking van het IBOR. Daarnaast is dit beheerplan voor wegen een vervolg op het strategisch beheerplan wegen 2017-2021. We gebruiken het beheerplan als leidraad om de wegen de komende vier jaar schoon, heel en veilig te houden. We voldoen daarmee aan onze zorgplicht. Dat betekent dat er aan het einde van de beheerperiode geen wegvakken van kwaliteit D (zie voor uitleg pagina 10) meer zijn. Gedurende de looptijd van dit beheerplan ontstaan er door gebruik en externe weersinvloeden ook nieuwe wegvakken met kwaliteit D. We pakken aanvullend ook deze wegvakken aan. Met de onderbouwing van de budgetten in dit beheerplan voldoen we ook aan de verplichting – vanuit de BBV – om inzichtelijk te maken hoe we onze kapitaalgoederen beheren.
1.4 Afbakening beheerplan Het beheerplan richt zich op die wegen waar we als gemeente een onderhoudsplicht voor hebben. Dit zijn verhardingen van asfaltbeton, elementverharding, cementbeton en halfverharding in eigendom van de gemeente. De markeringen op de verhardingen en de bebording horen hier ook bij. Voor rijkswegen, provinciale wegen, wegen in beheer van het hoogheemraadschap en wegen op particulier terrein heeft de gemeente geen onderhoudsplicht waardoor dergelijke wegen niet onder dit beheerplan vallen. Verder maken herinrichtingen van de openbare ruimte als gevolg van gebiedsontwikkelingen (Havenkwartier, Te Werve Oost, Kesslerpark, Stationsgebied, De Bogaard, Pasgeld en overige inbreidings- en uitbreidingslocaties) geen deel uit van dit beheerplan. Dit zijn aparte projecten met een eigen financiering. Na afronding van de herinrichting van de openbare ruimte draagt de projectorganisatie het verdere beheer en onderhoud over aan team Stadsbeheer en team ORD. De heringerichte openbare ruimte valt daarmee na overdracht onder dit beheerplan. Na overdracht zorgen de partijen achter de gebiedsontwikkeling gedurende een afgesproken periode voor een beheervergoeding. 1.5 Resultaten Door de beheerstrategie en de maatregelen uit dit beheerplan de komende vier jaar toe te passen staat de kwaliteit van de wegen er over vier jaar beter bij dan nu.
Dit betekent dat we de achterstand in vervangingen verder inlopen en er aan het einde van de beheerperiode geen wegvakken met technische kwaliteit D meer zijn. Ook het oppervlak aan wegvakken met kwaliteit C neemt verder af (zie voor omschrijving kwaliteitscores pagina 10). De vooruitgang maken we zichtbaar aan de hand 4
van de areaalinspecties uit 2019, 2023 en t.z.t. in 2027. Door eens in de vier jaar te inspecteren beschikken we over actuele inspecties die de basis vormen voor de verdere programmering. Doordat we dagelijks inzetten op preventief onderhoud, zorgen we ervoor dat de veiligheid van verhardingen gegarandeerd wordt en de noodzaak voor groter onderhoud snel wordt gesignaleerd. De wegen houden we daardoor veilig en het aantal schadeclaims zo laag mogelijk. 1.6 Leeswijzer Hoofdstuk twee beschrijft de wettelijke kaders, vastgesteld beleid en normen en richtlijnen die we in Rijswijk hanteren. Hoofdstuk drie gaat over de manier waarop we de wegen in Rijswijk beheren. Ook geven we aan welke ontwikkelingen er zijn in het vakgebied. Hoofdstuk vier geeft inzicht in de benodigde budgetten voor de komende jaren. Hoofdstuk vijf benoemt de grootste risico’s en hoe we die zo klein mogelijk houden.
5
2. Beleid en regelgeving 2.1 Juridisch kader De belangrijkste wetten en regelingen die van invloed zijn op het beheer van civieltechnische constructies, zoals wegen, worden hier kort omschreven. Wegenwet en Woningwet Het wettelijke kader voor het onderhouden van wegen is vastgelegd in de Wegenwet uit 1930 en de Woningwet uit 1991. De Woningwet waarborgt onder andere de kwaliteit van de sociale huisvesting en heeft daarmee een link met de kwaliteit van de openbare ruimte. De Wegenwet regelt enerzijds de openbaarheid van wegen en anderzijds de verplichting voor de beheerder om de weg in een goede staat te behouden. We zijn dus als gemeente verplicht alle binnen onze grenzen vallende openbare wegen te onderhouden, tenzij deze in beheer zijn bij provincie, waterschap en/of het Rijk. Hierbij wordt niet duidelijk gemaakt wat onder de term ‘in een goede staat’ verstaan wordt. We hebben dus een onderhoudsverplichting zonder een vastgelegd kwaliteitsniveau. We hebben als beheerder op deze manier dus enige vorm van vrijheid voor invulling van het kwaliteitsniveau waarop wordt onderhouden. Wel hebben we altijd een zorgplicht. De Wegenwet is verouderd en wordt op termijn geïntegreerd in de Omgevingswet. De Woningwet wordt deels vervangen door de Omgevingswet.
Pragmatisch is het CROW-kwaliteitsniveau C (zie kopje CROW-richtlijn voor technische- en beeldkwaliteit aan het einde van dit hoofdstuk) binnen het vakgebied aangeduid als de minimale kwaliteit waarbij we aan onze zorgplicht voldoen. Wegenverkeerwet De Wegenverkeerswet uit 1994 stelt dat wegen veilig moeten zijn voor de weggebruiker. Daarnaast moet de weg functioneel zijn. Dat wil zeggen dat deze is gebouwd op het beoogde gebruik, zoals het type of intensiteit van het verkeer. De Wegenverkeerswet stelt geen specifieke eisen aan het wegbeheer. De Wegenverkeerswet blijft bestaan naast de Omgevingswet. Burgerlijk Wetboek Wegen moeten voor de gebruikers veilig zijn. Dit is voor ons een vanzelfsprekendheid. Als dit niet het geval is, kunnen we als gemeente aansprakelijk worden gesteld voor de gebreken, zelfs bij het volledig nakomen van de zorgplicht. Bij een onveilige situatie door de staat van de weg betreft dat de risicoaansprakelijkheid. Bij schade door de situatie, zoals losliggende voorwerpen, die aan de wegbeheerder toe te schrijven is, betreft dit de schuldaansprakelijkheid. De bewijslast ligt bij de gemeente: we moeten aan kunnen tonen dat inspecties en onderhoud hebben plaatsgevonden en omgezet zijn in maatregelen en een uitvoeringsprogramma. De beheerder is verantwoordelijk voor een bijgewerkt overzicht van het totale areaal. Daarom inspecteren we regelmatig.
Hoe vaak en op welke manier leggen we vast in dit beheerplan. De resultaten van de inspecties leggen we vast in een beheersysteem. Zodoende borgen we de kwaliteit van de verhardingen en het wegennet. Een goed functionerend onderhouds-, meldingen- en inspectieproces draagt bij aan een snelle en adequate afhandeling van eventuele claims. Het Burgerlijk Wetboek en de Omgevingswet worden op elkaar afgestemd. Waterstaatswetgeving De Waterwet uit 2009 en de Keur van het Waterschap zorgen voor juridische kaders waar we in het beheer van wegen rekening mee moeten houden. Wanneer wegen een raakvlak hebben met water op het moment dat ze worden aangelegd of gereconstrueerd, is toetsing door het Hoogheemraadschap nodig. De legger van het Hoogheemraadschap heeft voorschriften die voor ons aanleiding kunnen zijn om de openbare ruimte op zo’n manier in te richten dat we aan die voorschriften voldoen. De Waterwet sluit niet optimaal aan op de Wegenwet maar gaat volledig op in de Omgevingswet 6
waardoor deze aansluiting verbetert. Na invoering van de Omgevingswet hebben de waterschappen tot 1 januari 2026 de tijd om de Keur te vervangen door een nieuwe, per waterschap vast te stellen Waterschapsverordening. 2.2 Beleidskaders Wegen maken onderdeel uit van de openbare ruimte. Voor het beheer van de openbare ruimte heeft de raad in maart 2021 het plan voor ‘Integraal Beheer Openbare Ruimte’ (IBOR) vastgesteld voor de periode 2021-2025. Hierin heeft de raad een visie, een kwaliteitsniveau en budgetten vastgelegd. Het IBOR stelt daarmee de beleidskaders voor dit beheerplan. Die zijn als volgt: Een goede basis • We zorgen dat de openbare ruimte de basis op orde is. Dit vatten we samen onder het motto schoon, heel en veilig. Volgens CROW-richtlijnen hanteren we technische kwaliteit B. Dit beleid hebben we in het IBOR vastgelegd. Met een beheerplan dient een gemeente aan de provincie aan te kunnen tonen dat op minimaal kwaliteitsniveau C wordt beheerd. Gemeente Rijswijk legt de lat in het IBOR in die zin hoger dan wat de provincie vereist. Voor wegvakken met kwaliteit C geldt echter dat binnen twee jaar onderhoud uitgevoerd moet worden om te voorkomen dat dergelijke wegvakken degenereren naar kwaliteit D. • Gelet op het bovenstaande plannen we als we kwaliteit C en vooral D aantreffen onderhoud in. Zo beperken we veiligheidsrisico’s.
We zorgen ervoor dat mensen zich ook veilig voelen en claims door ongevallen worden beperkt. We zorgen ervoor dat kwaliteit D uit ons areaal verdwijnt en dat er geen nieuwe kwaliteit D ontstaat. • Wegen zijn functioneel. Ze vervullen de functie die ze in de totale infrastructuur hebben. • We zorgen voor een actueel overzicht van de hoeveelheid en de staat van ons areaal. Op die manier kunnen we kwaliteit monitoren en onderhoudsplanningen maken. • We zorgen voor structureel onderhoud om de functionaliteit en veiligheid van onze wegen te borgen. • We beheren integraal. Afstemming van opgaven en programmering vindt plaats tussen beheerdisciplines en met andere teams en domeinen. • We geven integraal en planmatig invulling aan de aanpak van de probleemstraten om onder andere het probleem van wortelopdruk te verminderen. Bereikbaarheid • We zorgen ervoor dat de doorgaande wegen een goed visitekaartje zijn van Rijswijk. Ze hebben een verzorgde en verkeersveilige inrichting en begeleiding van bomen en groen. • We faciliteren fietsen beter door goede en veilige fietspaden. In onze gemeente worden meer fietspaden geschikt gemaakt als regionale en doorgaande fietsroute, de zogenoemde snelfietsroute. Als beheerder van wegen maken we goede afspraken met de ontwikkelaars van deze projecten. • We zorgen voor voldoende ruimte voor voetgangers.
Duurzaamheid De ontwikkelingen rond duurzaamheid en circulariteit binnen de gemeente hebben gevolgen voor het beheer. Afstemming vindt plaats met het team Onderhoud Ruimtelijk Domein (ORD) en andere gemeentelijke teams die werken aan deze opgaven. •
Circulair aanbesteden is in ontwikkeling, vooral aan de inkoopkant. We gaan hier expertise en ervaring over inwinnen. Diverse gemeentes hebben deze ervaring al. De spelregels zijn openbaar via Expertisecentrum Aanbesteden PIANOo. We selecteren een geschikt proefproject om hier ook in Rijswijk ervaring mee op te doen.
7
•
• • •
We gebruiken duurzame materialen wanneer dat mogelijk is. We volgen de ontwikkelingen rondom toepassing van lage-temperatuur asfalt en het gebruik van alternatieve bindmiddelen zoals geopolymeren bij de productie van betonstraatstenen. We zetten in op levensduurverlengend onderhoud. Dat is duurzaam en kostenefficiënt op de lange termijn. Bij groot onderhoud of vervanging leggen we gebruikte materialen en hoeveelheden vast in ons gegevensbeheersysteem. Zo kunnen we kwantitatieve analyses maken. Bij groot onderhoud of renovatie vrijkomende elementen (klinkers e.d.) hergebruiken we zoveel mogelijk. Dat gebeurt al bij herstraten of gebruik van materiaal in parkeervakken.
Klimaatbestendigheid • We sluiten aan op het onlangs door de raad goedgekeurde beleidsdocument Rijswijkse Adaptatiestrategie en Aanpak voor Klimaatverandering (RAAK 2023-2030). • We leveren ook input voor de RAAK 2023-2030. Ontwikkelingen volgen we en passen we waar mogelijk in in onze werkzaamheden. Ook bij de keuze van materialen nemen we de RAAK 2023-2030 mee in de belangenafweging. • We stemmen af met de beleidsdisciplines Groen en Riolering inzake klimaatadaptieve maatregelen. We gaan naar minder versteend oppervlak. We passen waterberging in de weg toe waar het kan. • Op pagina 15 is beschreven wat het beleid op het gebied van klimaatbestendigheid voor het beheer van wegen betekent.
Wortelopdruk en integrale probleemstraten Vanuit het afwegingskader De juiste boom op de juiste plek is speciale aandacht voor probleemstraten. Dat zijn straten in Rijswijk waar verharding en groen op dit moment niet goed samengaan. Het beheerplan Groen 2024–2028 bevat een actualisatie op dit afwegingskader. Er is veel wortelopdruk. Omhoog gedrukte elementverharding zorgt voor onveilige situaties. Ook door solitaire bomen wordt bestrating door wortels omhoog gedrukt, waarbij een lokale onveiligheid kan ontstaan. Daarom vinden we het belangrijk om te zorgen voor de juiste boom op de juiste plek. Dit betekent de goede soortkeuze binnen de ruimte die er is en voldoende ondergrondse ruimte voor een boom om zich te ontwikkelen. Niet in elke straat is dat mogelijk, dus soms moet worden gezocht naar alternatieve locaties of een alternatieve groene aankleding. We werken hier nauw samen met de beheerdiscipline Groen. In bijlage 1 wordt verder ingegaan op de integrale probleemstraten. Gemeentelijk riolerings- en waterplan Op grond van de wet Milieubeheer is de gemeente verplicht een Gemeentelijk Rioleringsplan op te stellen. Rijswijk heeft daar -hoewel dit niet verplicht is- een Waterplan in opgenomen. Het Gemeentelijk Rioleringsplan beschrijft hoe de gemeente haar rioleringstaken uit gaat voeren en heeft een beleidsmatige- en een uitvoeringsgerichte component.
Het heeft daarmee een invloed op het beheer van wegen.
8
Programma fietspaden, stroken en fietsstraten en Fietsplan 2040 Voor het realiseren van de ambities op bereikbaarheid per fiets verbetert het team Mobiliteit En Parkeren (MEP) aan de hand van het Programma fietspaden, -stroken en fietsstraten bestaande fietspaden. Aanvullend is onlangs het fietsplan 2040 door de raad vastgesteld. We maken fietspaden zoveel mogelijk onderdeel van sterfietsroutes in de regio. Sterfietsroutes voeren we uit als asfaltverharding, tenzij er zwaarwegende bezwaren zijn (bijvoorbeeld nabijheid van bomen). Ook voor fietspaden die geen onderdeel zijn van sterfietsroutes wegen we af welk verhardingstype het meest geschikt is, waarbij vanwege comfort asfalt de voorkeur heeft. Het vervangen van fietspaden heeft gevolgen voor beheerkosten afhankelijk van het verhardingstype. Deze maken we inzichtelijk zodat in de toekomst de juiste afwegingen worden gemaakt. 2.3 Normen en richtlijnen Naast wet- en regelgeving en beleidskaders hanteren we in het beheer van wegen ook enkele normen en richtlijnen van andere instanties. Zij geven richting aan hoe wij als gemeente handelen, ook op juridisch gebied. De belangrijkste richtlijnen in het beheer voor wegen zijn ons Programma van Eisen, de NEN normen en de Eurocodes (Europese normen en richtlijnen voor de bouwwereld) en de richtlijnen van het CROW.
Programma van Eisen De eisen die we stellen aan de inrichting van de openbare ruimte hebben we vastgelegd in het Programma van Eisen (PvE). Deze is beschikbaar voor aannemers, ontwikkelaars en voor intern gebruik. Het PvE is een dynamisch document. Door de opzet wordt het op een relatief eenvoudige manier actueel gehouden. De meest actuele ontwerpnormen (NEN) en wet- en regelgeving zijn daarin verwerkt. Wanneer dit niet het geval is, hebben deze ontwerpnormen en wet- en regelgeving voorrang op het PvE. We werken samen met de andere domeinen aan een afwegingskader met betrekking tot het te kiezen verhardingsmateriaal indien er sprake is van integrale inrichtingsproblematiek. De uitkomst hiervan wordt in het PvE opgenomen. Opgemerkt wordt dat er gewerkt wordt aan een Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR), dat te zijner tijd het PvE zal gaan vervangen. Verwacht wordt dat op basis van dit LIOR met name bij nieuwbouwontwikkelingen een betere afweging ontstaat over de inrichting van de openbare ruimte. Inspecties We voeren elke vier jaar een technische inspectie uit op het gehele areaal. Met deze inspectie krijgen we een diep inzicht in de technische staat van onze wegen en de restlevensduur.
9
Volgens CROW en de Notitie Materiële Vaste Activa (Commissie BBV) is er sprake van achterstallig onderhoud in het wegenareaal van de gemeente zodra wegvakken kwaliteitsniveau D hebben. Het is wenselijk dat het wegenareaal geen enkel wegvak met kwaliteitsniveau D heeft. Met een beheerplan dient een gemeente aan de provincie aan te kunnen tonen dat op minimaal kwaliteitsniveau C wordt beheerd zodat geen achterstallig onderhoud van het wegenareaal plaatsvindt. Het gaat hierbij om de kwaliteit die tijdens een inspectie is geconstateerd. Gemeente Rijswijk legt de lat in het IBOR in die zin hoger door als beleid uit te gaan van beheer op kwaliteitsniveau B.
10
3. Beheer In dit hoofdstuk geven we aan hoe we met onze manier van beheren van onze wegen de komende jaren invulling geven aan onze onderhoudsplicht en beleidskaders. Daarvoor behandelen we de beheerstrategie en de relatie met andere beheerdisciplines. Dit hoofdstuk eindigt met een terugblik op de afgelopen jaren en de trends en ontwikkelingen die de komende jaren een rol spelen. 3.1 Beheerstrategie wegen Het beheer van de openbare ruimte is de taak van onze teams ‘Stadsbeheer’ en ‘Onderhoud Ruimtelijk Domein’ (ORD) van het domein Ruimtelijke Ontwikkelingen. Deze teams zijn ervoor verantwoordelijk dat we binnen de juridische- en beleidskaders onze doelen halen. Hoe we die halen leggen we vast in de hieronder weergegeven beheerstrategie. Inzicht areaal Voor het beheer van wegen maken we gebruik van diverse registratiesystemen die voldoen aan de richtlijnen van het CROW. Vanuit de Omgevingswet wordt voorgeschreven dat we zo veel mogelijk data openbaar maken, dit om participatie mogelijk te maken. Ons beheersysteem is daarop ingericht. Een actueel inzicht in de gegevens van de verhardingen zorgt ervoor dat we kunnen inschatten of een verharding nog functioneel en veilig is en of dat in de toekomst gaat veranderen. We hebben dit inzicht nodig voor het maken van een onderhouds- en vervangingsplanning. In bijlage 5 is de omvang en kwaliteit van ons areaal weergegeven.
Inspectie technische kwaliteit We inspecteren minimaal eens in de vier jaar het volledige areaal op technische kwaliteit volgens CROW-richtlijn. Het doel is het vaststellen van de technische staat en de restlevensduur. Voor deze inspecties hanteren we de CROW-richtlijn voor inspectie beeldkwaliteit. Op verschillende criteria krijgt het wegvak een score. De laagste score is de totaalscore voor het wegvak. In onderstaande tabel zijn de scores beschreven.
Onderhoudsniveau A+ Zeer hoog A Hoog B Basis C Laag D Zeer laag
Indicatie kwaliteit Nagenoeg ongeschonden Mooi en comfortabel Functioneel, rustig beeld en incidenteel hinder Onrustig beeld, discomfort of enige vorm van hinder Achterstallig onderhoud, kapitaalvernietiging, uitlokking van vernieling, functieverlies, juridische aansprakelijkstelling of sociale onveiligheid Tabel 1. Kwaliteitsscores beeldkwaliteit CROW
De inspectiemethode wordt in de rapportage gemotiveerd. We laten aanvullende technische inspecties uitvoeren wanneer dat nodig is. Dit geeft ons meer inzicht in de technische kwaliteit van de wegen. Hierdoor kunnen wij verhardingsadvies gerichter opzetten en de noodzaak tot groot onderhoud of vervanging beter inschatten.
11
Functionaliteit en bereikbaarheid Bereikbaarheid is belangrijk voor de inwoners van Rijswijk. We sluiten aan op het principe van Stappen en vervolgens naar Trappen, Openbaar vervoer, Mobility as a service en tot slot de Particuliere auto (STOMP). Daarmee sluiten we aan op het coalitieakkoord.
De komende jaren maken we Rijswijk beter toegankelijk per fiets en te voet. Het team Mobiliteit en Parkeren (MEP) zet zich in voor een bereikbaar Rijswijk. Het mobiliteitsbeleid stelt kaders. Daarom is het belangrijk dat we regelmatig de gevolgen van MEP-projecten voor het wegbeheer afstemmen en tevens het belang van het wegbeheer onder de aandacht brengen. De doorgaande wegen zijn voor veel weggebruikers het voornaamste wat ze zien van Rijswijk. We zorgen daarom dat deze wegen goed onderhouden blijven. De doorgaande wegen liggen vast in de gekozen structuurgebieden als onderdeel van het IBOR. De bereikbaarheid wordt geborgd doordat de gekozen verhardingen op de doorgaande wegen het type verkeer goed aankunnen. Naast het borgen van de veiligheid, zorgen we er daarom voor dat deze wegen er verzorgd uit zien. Op het gebied van groen rond hoofdwegen stemmen we af met het groenbeheer. Klein onderhoud We verhelpen kleine schades naar aanleiding van, meldingen en inspecties. Dit noemen we klein onderhoud. Vaak heeft klein onderhoud een ad-hoc karakter. Te denken valt bijvoorbeeld aan het opvullen en herstraten van kleine kuilen in klinkerbestrating of het repareren van lokale schades of opvullen van scheurtjes in asfaltverharding. Het team ORD stuurt klein onderhoud aan.
Klein onderhoud is zeer belangrijk om groot onderhoud en/of vervanging uit te stellen en daarmee kapitaalvernietiging te voorkomen. Groot onderhoud en vervanging Groot onderhoud betreft ingrijpend levensduurverlengend onderhoud waarbij meerdere onderhoudsbehoeftes gelijktijdig worden aangepakt. Groot onderhoud en vervanging zijn in de regel te plannen. Om de functionaliteit en veiligheid doorlopend te borgen stellen we voor groot onderhoud en vervanging een onderhouds- en vervangingsplanning op (of bij) met maatregelen die nodig zijn. We 12
kijken vier jaar vooruit, met een globale doorkijk over nog eens vier jaar. Wanneer het gaat om zeer grote levensduur verlengende maatregelen (renovatie) die een vervanging ver kunnen uitstellen, dan kijken we of het mogelijk is de maatregel als investering op te voeren.
Groot asfaltonderhoud in de Broekpolder De onderhouds- en vervangingsplanning voor de komende jaren stellen we op door gebruik te maken van de volgende pijlers: •
•
•
•
•
• •
Technische levensduur. Wegen hebben een beperkte levensduur (zie bijlage 2). De levensduur in combinatie met het bouwjaar geeft een theoretische voorspelling van het einde van de levensduur van het object en zorgt voor een technische vervangingsplanning. Inspecties. Elke vier jaar laten we een areaalinspectie uitvoeren. De inspectiegegevens zorgen voor een praktisch actueel beeld van de staat en restlevensduur van objecten. Naar aanleiding van inspecties stellen we de planning bij. Eigen expertise. Gemeente Rijswijk heeft hoog opgeleide mensen in dienst met een ruime ervaring. Deze kennis en ervaring wegen we mee en gebruiken we om eventueel in de tussentijd tussen twee areaalinspecties bij te sturen. Integrale planning. We sluiten met onderhouds- of vervangingswerkzaamheden waar mogelijk aan bij beheeropgaven van andere beheerdisciplines (riolering, groen, water, openbare verlichting, civiele kunstwerken, klimaatadaptatie) en projecten vanuit andere domeinen, bijvoorbeeld bij het omvormen van fietspaden of het vergroten van verkeersveiligheid vanuit het team Mobiliteit en Parkeren. Projecten en ontwikkelingen. Wanneer projecten worden uitgevoerd vanuit andere opgaven, zoals kabel- of leidinginfrastructuur, de energietransitie, mobiliteitsprojecten of gebiedsontwikkelingen, heeft dat gevolgen voor onze groot onderhouds- en vervangingsplanning. De toegekende budgetten.
Deze budgetten stellen grenzen aan de bewegingsruimte in de onderhouds- en vervangingsplanning. Juridische kaders, richtlijnen en beleidskaders zoals in het beheerplan beschreven. 13
Bij het plannen van een vervanging wegen we af of het mogelijk is groot onderhoudsmaatregelen uit te voeren die de vervanging op een kostenefficiënte manier kunnen uitstellen. Bij een vervanging houden we rekening met een mogelijke wijziging in functie van een weg, zoals een wijziging in breedte, maximale aslast en type verkeer. Tenslotte zijn milieufactoren, zoals type en herkomst van het materiaal, en invloed op de omgeving (zoals geluidshinder) onderdeel van het afwegingskader. De meerjaren onderhouds- en vervangingsplanning is weergegeven in bijlage 3. In bijlage 4 wordt nader ingegaan op de verschillende soorten onderhoud en vervanging. Kostenbewust We hebben in het beheer van wegen de verantwoordelijkheid om kritisch te kijken naar onze uitgaven. Een technisch onderhoudsprogramma vormt de basis, maar we blijven alert op het besparen van kosten door slim beheer. Het zoeken naar materialen die langer meegaan, het uitstellen van vervangingen door levensduur verlengend onderhoud of het aanpassen van de functionaliteit (uitsluiten verkeerstypen) van een weg waar dat mogelijk is, zijn daar voorbeelden van. Een weg die geen functie meer heeft bij het einde van de levensduur, kan komen te vervallen. Een inschatting of deze maatregelen mogelijk zijn wordt door de beheerder gemaakt binnen de beleidskaders.
Groen, klimaat en duurzaamheid In Rijswijk willen we dat mensen zich thuis voelen in een groene leefomgeving. Daarom zorgen we zo veel mogelijk voor een groene beleving en dat mensen makkelijk de grotere groenstructuren (o.a. parken) kunnen bereiken.
Bij inrichtingen in de wijken gaan we uit van het principe: verharding waar het moet, groen waar het kan. We leveren input aan de operatie Steenbreek door hier geschikte locaties voor aan te wijzen. Dit vereist nauwe samenwerking met beheerdisciplines Groen en Klimaat. In het beheer dringen we het energieverbruik en daarmee CO2-uitstoot terug om onze bijdrage aan klimaatverandering te verminderen. Het gebruik van elektrische voertuigen voor klein onderhoud neemt gedurende de beheerperiode toe. Hoe we onze impact op klimaatverandering verder kunnen reduceren werken we de komende jaren verder uit. We sluiten aan bij de inzet op circulaire economie binnen onze gemeente en de eisen die daarvoor worden opgesteld. Dit kan gaan over eisen aan materiaal of bijvoorbeeld partijen in aanbestedingen. Bijvoorbeeld materialen die zijn hergebruikt, langer meegaan, die bij de productie een lagere impact hebben wanneer het gaat om energie(kosten) of betere arbeidsomstandigheden bieden. Daarnaast zetten we in op levensduurverlengend onderhoud.
14
Klimaatadaptatie Het klimaatbestendig maken van de buitenruimte is nodig omdat er door klimaatverandering meer hitte, droogte en wateroverlast voorkomt. Grondwaterpeilen gaan door nattere winters en drogere zomers meer variëren. Onze wegen moeten bestand zijn tegen de gevolgen van het veranderende klimaat. Daarnaast kunnen wegen e en rol hebben in het klimaatbestendig maken van de leefomgeving. We sluiten daarbij aan bij het gemeentelijke programma voor klimaatadaptatie. We wegen klimaatbestendige oplossingen af met de overige beheerambities, zoals waterdoorlatende verharding, verharding met een lichtere kleur of een wegprofiel dat afvloei van water mogelijk maakt. Deze kennis delen we om bij te dragen aan een klimaatbestendig Rijswijk. We streven ernaar om externe financiering ter ondersteuning van onze klimaatdoelstellingen te realiseren. Integraal werken De uitgangspunten voor integraal beheer zijn vastgelegd in het IBOR. Bij het team Stadsbeheer hanteren we een integrale projectenplanning. Daarin staan in ieder geval onderhoudsmaatregelen of vervangingen die het beheerdomein overstijgen of waarbij sprake is van meekoppelkansen. Binnen het team Stadsbeheer betekent dat dat we met de meeste andere beheerdisciplines een directe verbinding leggen: •
•
•
•
• • •
De verlichting van wegen zorgt voor verkeersveiligheid en sociale veiligheid. De keuze voor het type verharding heeft effect op de verlichting van de weg. Daarnaast staat verlichting vaak in verharding en ligt de bekabeling onder of direct naast de verharding. Afstemmen met de beheerdiscipline openbare verlichting is daarom essentieel. Groen en verharding sluiten vaak op elkaar aan. Dat de afweging voor groen of verharding een prominentere rol gaat spelen zorgt ervoor dat afstemming tussen deze disciplines van groot belang is. Plaatsing van bomen kan bij verkeerde keuzes zorgen voor problematiek met verhardingen. Het is van wederzijds belang om de groeiplaatsinrichting van bomen integraal te overwegen. Bij klimaat maatregelen is groen vaak nodig om water direct te laten infiltreren in de ondergrond en/of als tijdelijke buffer te fungeren bij piekbelasting. Bij herinrichtingen betekent dit dat wellicht minder verhard oppervlak terug komt ten gunste van groenperken. Dit vraagt een samenwerking tussen de beheerdisciplines Wegen, Groen, Klimaat en Rioleringen. Speeltoestellen bij openbare speelplekken hebben valondergronden. Deze moeten aansluiten op aangrenzende verharding. Daarnaast is bij speeltuinen en kinderboerderijen vaak sprake van halfverharde paden. Wegen worden schoongemaakt en onkruid wordt verwijderd van de verharding.
Voor de kwaliteit op het gebied van schoon en voor een gedeelte op het gebied van veiligheid zijn we daarom afhankelijk van de reiniging en groenbeheer van het team Onderhoud Ruimtelijk Domein (ORD). Wegen sluiten aan op civieltechnische kunstwerken, zoals bruggen en tunnels. Daarin vindt afstemming plaats met de beheerdiscipline civieltechnische kunstwerken. Riolering ligt in het algemeen onder de rijbaan. Grootschalige vervangingsprojecten van riolering worden afgestemd met de opgaven in het wegbeheer. Waterbeheer, en dan met name de vervanging van beschoeiingen, grenst vaak aan wegbeheer (bijvoorbeeld bij de geplande vervanging van de beschoeiing aan de Strijpwetering; aanpak van de verharding aldaar vindt plaats nadat de beschoeiing is vervangen en daarmee weer stabiel is).
Met “het beheerdomein overstijgen” doelen we echter niet alleen op samenwerking met de andere beheerdisciplines binnen het team Stadsbeheer, maar ook op synergie met het team Mobiliteit en 15
Parkeren, Ruimte en de teams die met gebiedsontwikkeling of grootschalige herinrichting bezig zijn, zoals Rijswijk Buiten en WarmtelinQ. Communicatie De communicatie betreft enerzijds meldingen en onze reactie daarop. De melding wordt afgehandeld en de melder krijgt een terugkoppeling. We zijn servicegericht en staan klaar voor onze inwoners. Anderzijds organiseren we voor aanvang van grootschalige werkzaamheden bewonersbijeenkomsten en versturen we “bewonersbrieven”. Omwonenden zijn zo op de hoogte wat er in hun buurt gaat gebeuren en kunnen hiermee rekening houden. We maken zo onze interactie met inwoners positiever. Het moet niet alleen gaan over dingen die niet goed gaan of moeten worden opgelost, we willen bij een mooie prestatie samen met inwoners het resultaat vieren. Bijvoorbeeld na reconstructieprojecten of het tegemoetkomen aan een wens van de buurt. Dit vraagt een actieve communicatie rond projecten en de afhandeling van meldingen. Bij projecten hebben we aandacht voor de communicatie vóór, tijdens en na de uitvoering. Bij meldingen geven we aan waarom we wel of niet aan een verzoek kunnen voldoen, zodat inwoners de juiste verwachtingen hebben. Vanuit het ruimtelijk domein is een plannenkaart in ontwikkeling. In deze plannenkaart maken we alle toekomstige werkzaamheden in de openbare ruimte zichtbaar.
Het doel hiervan is om inzicht te krijgen in werkzaamheden die gelijktijdig op gaan treden. Dit inzicht is een belangrijk hulpmiddel om integraal te plannen en de bereikbaarheid van de stad te voorspellen. Een afgeleide vorm van deze plannenkaart willen we gaan gebruiken om via onze website ook inwoners te informeren. 3.2 Structuurgebieden Rijswijk is onderverdeeld structuurgebieden: centra, hoofdwegen, bedrijventerreinen, buitengebied, twee typen groengebieden en vier typen woonwijken. Woonwijken zijn onderverdeeld in ‘Oud-Rijswijk,’ ‘vroeg naoorlogs,’ ‘laat naoorlogs’ en ‘Rijswijk Buiten.’ De groengebieden zijn onderverdeeld in ‘landgoederen’ en ‘parken.’
16
Deze structuurgebieden bieden houvast in het maken van keuzes in het beheer. Het is mogelijk om op basis van de structuurgebieden andere kwaliteitseisen te stellen aan verhardingen. Het aanpassen van kwaliteitsniveaus is een keuze van de raad. 3.3 Trends en ontwikkelingen De techniek staat niet stil, evenals eisen die aan wegen worden gesteld vanuit opgaven als duurzaamheid en klimaat. We benoemen deze ontwikkelingen en de mogelijkheden die er zijn bij het beheer van wegen om hier mee om te gaan. •
Geluidsoverlast van wegen is een oud probleem. Geluidsoverlast wordt veroorzaakt door bandengeluid en motorgeluid. Bandengeluid is daarbij afhankelijk van de snelheid. Hoe harder gereden wordt, hoe meer bandengeluid er geproduceerd wordt. Er zijn echter steeds meer mogelijkheden om wegen stiller te maken. Bijvoorbeeld met een geluiddempend asfaltmengsel. Ook zijn er “stillere banden” in ontwikkeling. Verder is de verwachting dat in de toekomst 17
•
•
•
steeds meer brandstofvoertuigen vervangen worden door elektrische voertuigen, die minder motorgeluid produceren. Aan de andere kant is aangetoond is dat de werkingsduur van geluidreducerend asfalt beperkt is, aangezien het hogere percentage holle ruimte in dergelijke mengsels binnen enkele jaren dicht zou slibben resulterend in sterk verminderend effect. Tenslotte brengt het extra kosten voor beheer met zich mee, aangezien dit materiaal sneller slijt en dus eerder vervangen moet worden. Dit laatste gegeven staat haaks op het streven naar een duurzaam materiaalgebruik en een vermindering van de emissie van CO2. Per geval wegen we af welk streven prioriteit heeft en of er alternatieven zijn, waarna we besluiten of, en zo ja, welke, maatregelen we nemen. Zo zal bij de herinrichting van de Lindelaan een asfaltmengsel worden gebruikt dat een compromis biedt tussen geluidsreductie en lange termijn levensduur. We stemmen af met het te actualiseren Actieplan Geluid 2018-2023 dat bij het team MEP in ontwikkeling is. Het is steeds gebruikelijker om wegen in wijken, waar een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur geldt, in te richten met open elementenverhardingen. Wegen met een maximumsnelheid van 50 kilometer per uur worden in asfalt uitgevoerd. Inrichting en beheer van wegen kan bijdragen aan klimaatbestendigheid.
Dit kan door materiaalgebruik, zoals waterbergend funderingsmateriaal of waterdoorlatende banden in plaats van kolken, door een iets lichtere kleur te gebruiken, of door de weg bol aan te leggen in plaats van hol. Dit is een gebied in ontwikkeling en vraagt onderzoek en uitwisselen van praktische informatie en ervaring met collega (weg)beheerders en klimaatdeskundigen in het land. We staan open voor pilots. Vaak brengt dit extra kosten met zich mee, die we inzichtelijk maken om vervolgens een goede afweging te maken. Het is vaker van belang de herkomst van de bouwmaterialen te kennen. Dan kan de milieu- en sociale impact afgewogen worden bij het inkopen. Binnen de gemeente krijgen duurzame materiaalkeuze en energiebesparing vaker een plaats in de afwegingskaders. Bij het beheer van wegen gaan ook wij mee in die ontwikkeling. Brancheorganisaties spelen in op de vraag, zo hebben bij Bouwend Nederland aangesloten bouwbedrijven de doelstelling onderschreven om vanaf 2025 alleen nog “lage temperatuur asfalt” voor de wegenbouw te leveren. Voorafgaand aan dit besluit is onder auspiciën van het CROW onderzoek verricht naar de haalbaarheid van dit streven. Het resultaat is positief.
3.4 Terugblik afgelopen jaren Het beheer heeft vanuit de budgetten voor klein onderhoud in de afgelopen periode bestaan uit ad hoc klein onderhoud op basis van veiligheidsrisico’s, visuele areaalinspecties en meldingen. Voor groot onderhoud en vervangingen hebben we gewerkt op basis van een programma, gebaseerd op levensduur, het strategisch beheerplan wegen 2017 – 2021 en de visuele areaalinspectie uit 2019. Daarnaast is in het IBOR van 2021 tot en met het jaar 2025 extra budget toegekend om een deel van de geconstateerde achterstanden weg te werken. In bijlage 6 is het gedurende de afgelopen drie jaar uitgevoerde groot onderhoud weergegeven.
18
De taartdiagrammen geven voor de verschillende verhardingstypen de procentuele verdeling weer in kwaliteit volgens de CROW-richtlijn voor technische- en beeldkwaliteit (zie voor uitleg pagina 9). Conclusie is dat het gevoerde programma tot een kwalitatieve verbetering heeft geleid, vooral bij elementenverharding. Duidelijk is ook dat verdere degeneratie van kwaliteit B naar C effectief is voorkomen. Als onderhoud nodig is wordt niet gestuurd op kwaliteit B, maar op A of A+ zodat gedurende lange tijd geen nieuw onderhoud nodig is. Zo gaan we efficiënt om met beschikbare middelen.
19
4. Kosten 4.1 Budgetten Het beheer van wegen valt uiteen in de volgende onderdelen: • • • • • • • •
Onkruidbestrijding op verharding Groot onderhoud elementenverharding Klein onderhoud elementenverharding Groot onderhoud asfalt Klein onderhoud asfalt Onderhoud halfverharidng Herstel halfverharding Belijningen en Markeringen
Uitgangspunten bij de kostenramingen zijn: •
•
•
•
Voor de integrale herinrichting van probleemstraten zijn aparte budgetten gereserveerd in de meerjarenbegroting. Vanuit dit beheerplan is daar geen aanvullend budget voor benodigd/gereserveerd. In het IBOR hebben we doorgerekend hoeveel het beheer van wegen kost. De raad heeft het benodigde budget voor onderhoud op niveau B toegekend. Daarnaast heeft de raad extra vervangingsbudget toegekend voor het inlopen van achterstanden voor de periode vanaf 2021 tot en met 2025, waarvan op jaarbasis 428.120 euro voor wegen. De grootste achterstand in herstelonderhoud ligt bij asfaltverhardingen. Voor elementenverhardingen is de achterstand minder groot. Dit beheerplan gaat er daarom vanuit dat het volledige extra investeringsbudget voor wegen vanuit het IBOR voor verbetering van asfaltwegen wordt ingezet. De grootste achterstand in het dagelijks onderhoud ligt bij onkruidbestrijding op verharding. Dit probleem speelt bij alle verhardingstypen, met uitzondering van asfalt. Vanuit klimaat- en duurzaamheidsoverwegingen leggen we steeds meer open verharding aan. Dat is verharding waar hemelwater de bodem in kan dringen in plaats van dat het afgevoerd wordt naar het riool. Zo houden we regenwater vast om de grondwaterstand ook in droge tijden op peil te houden.
De “gaten” in de verharding zijn opgevuld met een doorlatend aggregaat waar we gras op laten groeien. Behalve gras vinden ook onkruid en houtige gewassen hier een voedingsbodem. Dit verwijderen we handmatig aangezien anders ook het gras schade oploopt. Dat is arbeidsintensief werk, ook omdat bij gebruik van een bosmaaier het gevaar bestaat dat het losliggende aggregaat “alle kanten opvliegt”. Om de gewenste beeldkwaliteit ook voor open verharding te handhaven is een hoger exploitatiebudget benodigd. 20
Hierna zijn voor de verschillende verhardingstypen de beschikbare budgetten en de benodigde budgetten tot en met 2027 weergegeven. Kapitaalslasten van investeringen zijn separaat opgenomen. Een uitgebreide weergave van de benodigde budgetten is te vinden in bijlage 3. Onkruidbestrijding op verharding Voor onkruidbeheersing op verharding is in de begroting een exploitatiebudget gereserveerd van € 297.240 per jaar. Om met name de open verharding op de gewenste beeldkwaliteit te krijgen en te houden (dit speelt onder andere in Rijswijk-Buiten) is een extra exploitatiebudget nodig van € 139.160 per jaar. Gezien de financiële positie van de gemeente is een verruiming van het budget als ambitie benoemd. Elementenverharding
Voor onderhoud van elementenverharding bestaan twee exploitatiebudgetten. In tegenstelling tot de investering voor groot asfaltonderhoud geldt voor groot onderhoud elementen dat dit een exploitatiebudget is. Dit komt onder andere doordat op dit boekpostnummer soms ook herstraatprojecten (waarbij gebruikt materiaal opnieuw ingezet wordt) worden geboekt, die niet als investering opgevat mogen worden. Het betreft dus: • •
Klein onderhoud elementen (boekpostnummer 62100101) Groot onderhoud elementen (boekpostnummer 62100108)
Klein onderhoud elementen (62100101) Exploitatie Beschikbaar Benodigd budget budget 2024 € 463.720 € 463.720 2025 € 463.720 € 463.720 2026 € 463.720 € 463.720 2027 € 463.720 € 463.720 Tabel 2. Exploitatie klein onderhoud elementen.
21
Groot onderhoud elementen (62100108) Exploitatie Beschikbaar Indexering Benodigd budget 20% budget 2024 € 382.990 € 77.010 € 460.000 2025 € 382.990 € 77.010 € 460.000 2026 € 382.990 € 77.010 € 460.000 2027 € 382.990 € 77.010 € 460.000 Tabel 3. Exploitatie groot onderhoud elementen.
Voor klein onderhoud aan elementen is het budget al geïndexeerd in de begroting van 2024. Voor groot onderhoud elementen wordt een indexering van 20% gevraagd. Het verschil met klein onderhoud elementen wordt veroorzaakt doordat bij klein onderhoud elementen in de regel elementen worden hergebruikt en er dus geen nieuw materiaal wordt aangeschaft. Vooral bij inkoop van nieuwe materialen is sprake van prijsstijgingen. Het verschil tussen beschikbaar budget en benodigd budget voor groot onderhoud elementen wordt niet veroorzaakt door extra uit te besteden werk, maar door hogere grondstofprijzen en hogere personeelskosten. Volgens de inputprijsindex voor de grond- weg- en waterbouw van het CBS is de prijs voor uitbesteed werk aan open verharding (elementenverharding) sinds januari 2021 met ruim 20% gestegen. Asfalt Voor asfalt bestaat een exploitatiebudget en een investeringsbudget: • •
Klein onderhoud asfalt, (exploitatie, boekpostnummer 62100102) Herstel asfaltwegen (investering, boekpostnummer in 2023: 72000401, dit boekpostnummer wordt jaarlijks aangepast)
22
Klein onderhoud asfalt (62100102) Exploitatie Beschikbaar Indexering budget 30% 2024 € 72.880 € 21.864 2025 € 72.880 € 21.864 2026 € 72.880 € 21.864 2027 € 72.880 € 21.864 Tabel 4. Exploitatie klein onderhoud asfalt.
Benodigd budget € 94.744 € 94.744 € 94.744 € 94.744
Herstel asfaltwegen (in 2023: 72000401) Investering Extra budget na afloop IBOR
Indexering Beschikbaar budget 30% 2024 € 997.000 € 303.000 2025 € 997.000 € 303.000 2026 € 569.000 € 428.000 € 303.000 2027 € 569.000 € 428.000 € 303.000 Tabel 5. Investering groot onderhoud asfalt.
Benodigd budget € 1.300.000 € 1.300.000 € 1.300.000 € 1.300.000
Voor klein asfaltonderhoud en herstel asfaltwegen geldt dat het verschil tussen benodigd budget en beschikbaar budget wordt veroorzaakt door kostenstijgingen a.g.v. duurdere grondstoffen en inzet van personeel. Daarnaast is asfaltwerk ook nog eens een energie intensieve bezigheid. Volgens de inputprijsindex van de grond- weg- en waterbouw van het CBS is de prijs voor werk aan gesloten verharding (asfaltverharding) sinds januari 2021 met ruim 30% gestegen. Aangezien IBOR begin 2021 is vastgesteld, is deze indexering ook over het toegekende IBOR-budget gerekend. Bij herstel asfaltwegen geldt aanvullend dat vanaf 2026 geen extra investeringsbudget meer vanuit IBOR gereserveerd is; IBOR loopt immers eind 2025 af. Inspecties hebben aangetoond dat ook in 2026 en 2027 een extra investering nodig is om de gewenste kwaliteit en veiligheid te halen/behouden. Hiervoor is een bedrag gelijk aan het jaarlijkse IBOR-bedrag opgenomen, vermeerderd met de indexering. Halfverhardingen Voor klein onderhoud van halfverharding is een jaarlijks onderhoudsbudget (exploitatie) gereserveerd van € 10.510. Gebleken is dat dit budget bij lange na niet toereikend is om de paden op de gewenste beeldkwaliteit te houden. Gezien de financiële positie van de gemeente is een verruiming van het budget als ambitie benoemd.
Daarnaast is een aantal investeringen in halfverharding als ambitie opgenomen (zie pagina 24).
23
Belijningen en markeringen
Belijningen en markeringen (62100107) Exploitatie Beschikbaar Benodigd budget budget 2024 € 107.990 € 107.990 2025 € 107.990 € 107.990 2026 € 107.990 € 107.990 2027 € 107.990 € 107.990 Tabel 6. Exploitatie onderhoud belijningen en markeringen.
Voor het aanbrengen en onderhouden van belijningen en markeringen is het budget al geïndexeerd in de begroting van 2024. Ambities • Voor 2024 is het bij herstel asfaltwegen de ambitie om de Laan van Hoornwijk richting de Hoornbrug op te knappen en om een meekoppelkans met Warmtelinq te realiseren op het wegvak Prinses Beatrixlaan kruising van Vredenburchweg – gemeentegrens den Haag. De kosten verbonden aan deze ambitie zijn € 150.000 + € 100.000 = € 250.000. • Ook voor halfverharding definiëren we ambities. Voor herstel van halfverhardingen bestaat dit moment geen investeringsboekpostnummer, dit soort projecten worden tot nu toe afgeboekt op groot onderhoud elementenverharding. Dat is niet hoe we boekhoudkundig hiermee om willen gaan. We hebben de ambitie om hier een nieuw investeringsboekpostnummer (“7nummer”) voor aan te maken. De in de laatste jaren opgedane ervaringen met halfverhardingen zijn positief (zie bijvoorbeeld het Planetenpad dat in 2022 van een halfverharding is voorzien) en de trend is om dit soort verhardingen in de toekomst vaker toe te passen, bijvoorbeeld in het Wilhelminapark, het Elsenburgerbos en andere locaties waar nu een asfaltverharding of een elementenverharding ligt.
De ambitie is om gedurende de beheerperiode een jaarlijkse inspanning te doen om in het Wilhelminapark en Elsenburgerbos een aantal in minder goede staat verkerende voetpaden die nu in klinkerverharding zijn uitgevoerd, om te vormen naar halfverharding. De kosten worden geraamd op € 150.000 op jaarbasis. Halfverharding heeft een grote invloed op de 24
•
•
•
•
lange termijn duurzaamheid van paden in deze gebieden. Bijvoorbeeld, halfverharding vergt minder onderhoud dan elementenverharding in de nabijheid van bomen. Voor klein onderhoud van halfverharding is een jaarlijks onderhoudsbudget (exploitatie) gereserveerd van € 10.510. Ook onderhoud van onverharde paden, ruiterpaden en houtsnipperpaden vallen hieronder. Het betreft onkruidverwijdering en het uitvoeren van kleine reparaties. Dit doen we in de regel handmatig waarbij we geen chemische middelen gebruiken. Het betreft totaal ongeveer 67.000 m2 aan areaal (zie bijlage 5). Gebleken is dat dit budget bij lange na niet toereikend is om de paden op de gewenste beeldkwaliteit te houden. Om aan de ambitie om deze werkzaamheden naar behoren uit te kunnen voeren invulling te geven is een verhoging van het beschikbare exploitatiebudget met € 121.890 nodig. Vanuit de beheerdiscipline “Spelen en dierenwelzijn” wordt in 2025 een integrale herinrichting van kinderboerderij ’t Akkertje voorzien. Het betreft een totale opknapbeurt van het buitenterrein. De ambitie is om daar vanuit “Wegen” ook een aantal halfverharde paden aan te leggen. De kosten worden geraamd op € 90.000. Wanneer dit voorstel niet wordt gehonoreerd kan “Wegen” niet meedoen in dit plan waardoor een deel van het integrale plan geen doorgang heeft.
Voor 2026 is de ambitie om het deel van het voetpad dat nog in asfalt is uitgevoerd parallel aan de Schaapweg in halfverharding uit te voeren. De kosten worden geraamd op € 200.000. Halfverharding is makkelijker te repareren, bijvoorbeeld als er wortelopdruk van naastgelegen bomen optreedt. Dat geeft een verhoging van de veiligheid. Daarnaast past halfverharding beter bij de natuurlijke omgeving dan het asfalt dat er nu ligt. De asfaltverharding die er nu ligt is slecht. Wanneer het voorstel niet wordt gehonoreerd, dan zal deze asfaltverharding gedurende de beheerperiode niet aangepakt worden, resulterend in verdere achteruitgang van veiligheid en aanzien. Voor onkruidbeheersing op verharding is in de begroting een exploitatiebudget gereserveerd van € 297.240 per jaar. Om met name de open verharding op de gewenste beeldkwaliteit te krijgen en te houden (dit speelt onder andere in Rijswijk-Buiten) is een extra exploitatiebudget nodig van € 139.160 per jaar. Gezien de financiële positie van de gemeente is een verruiming van het budget als ambitie benoemd. Als deze ambitie niet wordt gehonoreerd is het gevolg dat er geen verbetering van de visuele kwaliteit van het wegenareaal met betrekking tot aanwezigheid van onkruid optreedt. Ambities Omschrijving
2024
Asfalt: Laan van Hoornwijk Asfalt: Meekoppelkans warmtelinq Halfverharding: halfverharding Wilhelminapark en Elsenburgerbos 2025 Halfverharding: Kinderboerderij ’t Akkertje Halfverharding: halfverharding Wilhelminapark en Elsenburgerbos 2026 Halfverharding: Voetpad parallel aan de Schaapweg Halfverharding: halfverharding Wilhelminapark en Elsenburgerbos 2027 Halfverharding: halfverharding Wilhelminapark en Elsenburgerbos Tabel 7. Benodigde investering herstel halfverhardingen.
Keuze extra budget € 150.000 € 100.000 € 150.000 € 90.000 € 150.000 € 200.000 € 150.000 € 150.000
Totaal € 400.000 € 240.000 € 350.000 € 150.000
Daarnaast is er een ambitie om het exploitatiebudgtet voor onderhoud aan halfverharding met € 121.890 te verruimen en om het exploitatiebudget voor onkruidbestrijding op verharding met € 139.160 op ter hogen.
25
Samenvatting De financiële consequenties zijn weergegeven in de tabel 8, 9, 10 en 11. De ambities zijn, gezien de financiële situatie waarin de gemeente Rijswijk zich bevindt, niet in deze samenvatting verwerkt. De samenvatting beperkt zich in die zin tot het strikt noodzakelijke om de huidige veiligheid in stand te houden. Bij instemming van de raad worden de financiële consequenties verwerkt in de eerste halfjaarrapportage van 2024 en de eerstvolgende meerjarenbegroting.
Investeringsbudget beheerplan Wegen 2024-2028 2024 € 1.300.000 2025 € 1.300.000 2026 € 1.300.000 2027 € 1.300.000 Tabel 8. Samenvatting investeringsbudgetten.
Reeds verwerkt in de begroting € 997.000 € 997.000 € 569.000 € 569.000
Benodigd aanvullend investeringsbudget € 303.000 € 303.000 € 731.000 € 731.000
De impulsinvestering vanuit het IBOR loopt eind 2025 af. Om de onderhoudsachterstand aan het eind van de beheerperiode ingelopen te hebben is ook in 2026 en 2027 nog een aanvullende impulsinvestering nodig. Dit resulteert in een relatief hoog benodigd aanvullend budget voor deze jaren. Voor de begroting zijn met name de kapitaallasten als gevolg van investeringen en exploitatiekosten van belang. De investeringen betreffen vervanging van asfaltverharding. Die schrijven we in 20 jaar af (zie bijlage 2). Als rentevoet hanteren we 1%. Afschrijvingen beginnen in het jaar na een investering. In tabel 9 zijn de jaarlijkse extra kapitaallasten weergegeven. In tabel 10 worden de benodigde aanvullende exploitatiebudgetten samengevat.
Benodigd aanvullend Toename investeringsbudget kapitaallasten 2024 € 303.000 2025 € 303.000 € 18.180 2026 € 731.000 € 36.209 2027 € 731.000 € 79.766 2028 P.M. € 122.592 Tabel 9. Samenvatting kapitaallasten ten gevolge van benodigd aanvullend investeringsbudget.
Exploitatiebudget Reeds verwerkt in de beheerplan Wegen 2024begroting 2028 2024 € 1.433.744 € 1.334.870 2025 € 1.433.744 € 1.334.870 2026 € 1.433.744 € 1.334.870 2027 € 1.433.744 € 1.334.870 Tabel 10. Samenvatting exploitatiebudgetten
Benodigd aanvullend exploitatiebudget € € € €
98.874 98.874 98.874 98.874
26
In de exploitatietabel bestaat het benodigde aanvullende budget uit: •
De prijsindex sinds januari 2021 volgens de inputprijsindex tabellen voor de grond- weg- en waterbouw van het CBS (voor groot elementenonderhoud en klein asfaltonderhoud, totaal € 98.874).
In tabel 11 zijn de toename van de kapitaallasten en het benodigd aanvullend exploitatiebudget opgeteld.
Toename kapitaallasten
Benodigd aanvullend Totaal extra benodigd exploitatiebudget 2024 € 98.874 € 98.874 2025 € 18.180 € 98.874 € 117.054 2026 € 36.209 € 98.874 € 135.083 2027 € 79.766 € 98.874 € 178.640 2028 € 122.592 P.M. P.M. + € 122.592 Tabel 11. Samenvatting toename kapitaallasten en extra benodigd exploitatiebudget.
27
5. Risicoparagraaf 5.1 Wortelopdruk en integrale herinrichtingen In Rijswijk worden veel problemen gemeld met betrekking tot open verhardingen, zoals trottoirs en klinkerwegen. De verharding ligt soms ongelijk, wat kan leiden tot ongelukken en schadeclaims. Het repareren van deze verhardingen blijft terugkeren als de onderliggende problematiek niet wordt aangepakt. Het betreft vaak opdruk van de verharding door boomwortels. Dit wordt veroorzaakt door bomen die niet voldoende (ondergrondse) ruimte hebben en daardoor dicht onder de oppervlakte zoeken naar vocht en voeding. Hier is de laatste decennia meer kennis over ontwikkeld. Deze kennis gebruiken we om zowel bij bestaande bomen als nieuwe aanplant de belangen van Groen en Wegen beter af te stemmen. Enerzijds streven we naar een groene stad, anderzijds naar veilige wegen die kosteneffectief beheerd worden. Bij de integrale herinrichting van straten houden we hier rekening mee. Een nieuwe, herziene inventarisatie van potentiële straten en wijken waar dit probleem kan gaan spelen of voor een deel al speelt is gewenst. Gedurende de beheerperiode stellen we daartoe een visie op samen met de beheerdiscipline Groen. Daarnaast is afstemming met projectontwikkeling vereist om deze problematiek effectief te verminderen. Wanneer dit niet plaatsvindt is er een risico op blijvende hoge beheerkosten.
5.2 Kabels, leidingen en de energietransitie In Rijswijk wordt de komende jaren 80 kilometer aan gasleiding vervangen. Waterleidingen moeten worden vervangen en het glasvezelnetwerk wordt verder uitgerold. Daarnaast gaat de energietransitie een rol spelen in de openbare ruimte, met name als gevolg van de aanleg van een warmtenet. Dit
zorgt voor veel werkzaamheden in de ondergrond en de noodzaak om verhardingen open te breken. Dit zal extra kosten met zich meebrengen, de kostenverdeling is nog niet vastgesteld. Door adequaat te anticiperen, planningen op elkaar af te stemmen en het dragen van kosten te combineren, kan werk met werk worden gemaakt en kunnen de kosten worden beperkt.
28
5.3 Klimaatadaptatie Klimaatverandering brengt nieuwe uitdagingen met zich mee. Wateroverlast, droogte en hitte kunnen voor problemen zorgen die we nu nog niet goed in beeld hebben. Het beleid voor klimaatadaptatie in de openbare ruimte is in de zomer van 2023 vastgesteld. Het delen van kennis en het benoemen van mogelijkheden en onmogelijkheden vanuit wegbeheer zorgen voor een betere toepassing van het klimaatadaptatieve beleid. Het vroeg in het proces aanhaken van alle onderdelen van beheer van de openbare ruimte zorgt voor een gedragen en uitvoerbaar beleid. Maar ook in het vinden van oplossingen door slim te combineren van inrichting tussen wegen, groen, water en rioleringen. Wanneer samenwerking met beheer er niet is, bestaat het risico dat er te laat over de uitvoerbaarheid wordt nagedacht en het beleid voor klimaatadaptatie in het beheer weinig draagvlak krijgt. 5.4 Geen extra budget Met dit beheerplan wordt een structurele verruiming van het budget voor wegbeheer gevraagd. Dit wordt veroorzaakt door stijgende materiaalprijzen en uitvoeringskosten. Wanneer deze verruiming niet wordt toegekend lopen we niet in op de onderhoudsachterstand. Sterker nog, de onderhoudsachterstand neemt toe door de stijgende materiaalprijzen en uitvoeringskosten. Er kan dan minder werk worden gedaan dan nu het geval is.