21-073 A. GEM-RIJSW-1206-Mobiliteitsvisie-v10.pdf
Tekst van het document
Uitgangspunt 1: we stellen de mens centraal Mensen willen zich kunnen verplaatsen om vrienden en familie te bezoeken, te gaan werken, sporten, winkelen, uit te gaan of wat voor andere denkbare redenen dan ook. Dat willen ze veilig en gemakkelijk kunnen doen. De kwaliteit van de leefomgeving is bepalend voor het wel bevinden van de mensen. Dat staat centraal. Meer mensen in de stad zorgen voor meer verkeer. We maken het aantrekkelijker om te gaan lopen, fietsen en het openbaar vervoer te gebruiken. Mobiliteit is een middel en geen doel op zich.
1
inwoners en ondernemers. Bij het voortraject van dit programma hebben ze hun mening kunnen geven en ook bij het bepalen van de strategie en de concrete uitwerking ervan gaan we de stad in om meningen en suggesties op te halen. Initiatieven van bewoners zijn een belang rijke pijler in het behalen van de doelstellingen.
Wij werken samen, in Rijswijk en met de partners in de regio, omdat samenwerking de effectiviteit van de maatregelen versterkt. Uiteindelijk willen we hetzelfde: een veilige en leefbare woonomgeving waarin Rijswijk en de regio Haaglanden goed bereikbaar zijn.
Uitgangspunt 3: we kiezen een gebiedsgerichte aanpak Het derde uitgangspunt is dat we kiezen voor een gebiedsgerichte aanpak. De ene wijk is de andere niet. Waar de ene wijk ruim is opgezet, heeft de andere wijk smalle straten en stoepen. Weer een andere wijk heeft kantoren die omgebouwd worden naar woningen. Ieder type wijk heeft een eigen pakket aan maatregelen nodig. Het is niet mogelijk of nodig om overal in de stad dezelfde maatregelen te nemen en
3
Uitgangspunt 2: we maken de stad samen met de inwoners en de ondernemers We betrekken bij iedere stap de mensen die te maken hebben met het beleid, namelijk de
2
28
53
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
dus kiezen we voor maatwerk: de plek in de stad bepaalt de mobiliteitsaanpak. In bestaande wijken onderzoeken we samen met bewoners welke mogelijkheden er zijn om te voorzien in de vraag naar behoefte aan vervoer. Daarbij maken we de omgeving mooier en beter. Uitgangspunt 4: we gebruiken gebiedsontwikkeling als vliegwiel We gaan de volle potentie van gebiedsontwik kelingen voor de mobiliteitstransitie benutten. Daarom is het van belang dat gebiedsontwik kelingen uitnodigen tot lopen en fietsen, dat er kwalitatief hoogwaardig openbaar vervoer beschikbaar is en dat er ruim voldoende en goede deelmobiliteit aanwezig is. Voor iedere gebiedsontwikkeling, zoals bijvoorbeeld RijswijkBuiten, wordt zijn eigen mobiliteitsvisie gemaakt om dit te waarborgen. Verhuizingen zijn een ideaal moment om het reisgedrag te beïnvloeden. Daarom zetten we bij nieuwe woningen van meet af aan in op lopen, fietsen, openbaar vervoer en deelmobiliteit. Parkeren wordt in nieuwe woongebieden geclusterd: op eigen terrein of aan de rand van de buurt of wijk.
4
Uitgangspunt 5: we verdelen de mobiliteitsbehoefte over de verschillende vervoerssoorten Om de straten en wegen bereikbaar te houden, maken we het voor inwoners en ondernemers aantrekkelijk om voor verschillende vormen van vervoer te kiezen. We vergroten de keuze mogelijkheid voor vervoer door alternatieven
5
Uitgangspunt 6: we maken gebruik van innovaties en experimenten Het zesde uitgangspunt is gebruik maken van innovaties en experimenten. De wetenschap staat niet stil, er gebeurt van alles op het ge bied van elektrisch vervoer, deelmobiliteit, data en slimme verkeerslichten. Daar willen we zoveel mogelijk van profiteren om alle vervoersmogelijkheden zo efficiënt mogelijk te maken. Hoe de toekomst er precies uitziet, weten we niet. Dat betekent dat we moeten uitproberen en zien hoe het werkt. Het analy seren van de gegevens van verkeersbewegingen helpt om technieken doelmatig in te zetten. Met inwoners en ondernemers moeten we uitvinden of bepaalde vernieuwingen en maat regelen in de praktijk werken. Door te doen leren we en krijgen we nieuwe inzichten die we gebruiken om een efficiëntere doorstroming te bevorderen.
6
te bieden met, onder andere, openbaar vervoer en deelmobiliteit en stimuleren het gebruik, onder andere, door nudging (verleiden met acties). De ene keer kunnen inwoners dan de fiets pakken of in de bus stappen en een andere keer kiezen ze voor een (deel)auto. We hanteren bij de inrichting van de wijk het STOMP- ordeningsprincipe. Nadere uitleg hierover staat in paragraaf 4.3
29
53
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
2 we maken de stad samen met de inwoners en de ondernemers
We stellen de mens centraal 1
3 we kiezen een gebiedsgerichte aanpak
Uitgangspunt 7: we doen het samen met de regio In Rijswijk is veel doorgaand verkeer: meer dan de helft van de reizigers komt van of gaat naar een andere gemeente. Uit de peiling blijkt dat Rijswijkers zich daar zorgen over maken of er zich aan ergeren. Mobiliteit houdt natuurlijk niet op bij de gemeentegrens. Het is daarom belangrijk om met regiogemeenten onze doelen en ambities af te stemmen. Samen zoeken naar mogelijkheden, zodat het niet meer vanzelf sprekend is dat doorgaand verkeer door Rijswijk rijdt. Plannen en doelen stemmen we af met de aanbieders van openbaar vervoer en de Metro poolregio Rotterdam Den Haag om tot een netwerk van openbaar vervoer te komen dat aansluit op de behoeften van inwoners, onder nemers en bezoekers van Rijswijk.
we gebruiken gebiedsontwikkeling als vliegwiel 4
7
5 we verdelen de mobiliteitsbehoefte over de verschillende vervoerssoorten
6 maken gebruik van innovaties en experimenten
7 we doen het samen met de regio
Figuur 20: De zeven uitgangspunten.
30
53
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
Bij het STOMP-principe geven we de S de meeste prioriteit bij het inrichten van de open bare ruimte, gevolgd door de T, de O, de M en dan pas de P. Zo vormt de mens het startpunt. Door functiemenging van wonen, werken en voorzieningen, en compactheid toe te passen,
S Stappen
T Trappen
Het STOMP-principe geldt op alle schaal niveaus in de gemeente. STOMP is een systeem van communicerende vaten. Als in een gebied de wens bestaat het privéautogebruik te verlagen, dan zullen de andere delen van STOMP (lopen, fietsen, openbaar vervoer en deelmobiliteit) moeten verbeteren. STOMP leidt tot veilige, efficiënte, korte, schone, inclusieve en gezonde verplaatsingen.
ontstaan gebieden waar lopen een aantrekke lijke optie is. Voor langere afstanden bieden fiets en openbaar vervoer uitkomst als schone en ruimte-efficiënte vervoerswijzen. MaaS – bijvoorbeeld deelvervoer – kan dit gebruik vergemakkelijken en verder stimuleren. Idealiter wordt de privéauto vooral gebruikt voor ver plaatsingen waarvoor lopen, fietsen, openbaar vervoer en deelmobiliteit geen optie zijn. Dat wil niet zeggen dat er geen plek is voor auto’s: in sommige gebieden zal er voor de auto meer plek zijn dan voor bijvoorbeeld lopen en fietsen. Wat STOMP precies betekent voor een gebied, is sterk afhankelijk van het soort gebied.
4.3 STOMP We gebruiken ‘STOMP’ als ordeningsprincipe om de mobiliteitstransitie in praktijk te brengen. STOMP staat voor hoe we verplaatsingen in een gebied onderscheiden: Stappen (lopen), Trappen (fietsen), Openbaar Vervoer, Mobility as a Service (MaaS, ook wel: deelmobiliteit) en Particuliere auto.
O OV
M Maas
P Priveauto
Figuur 21: Prioritering vervoerswijzen: STOMP
31
53
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
???
32
53
HOOFDSTUK 5 KANSEN
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
HOOFDSTUK 5 KANSEN IS DE RIJSWIJKSE MOBILITEITSOPGAVE MET ONZE BEVOLKINGSGROEI OPLOSBAAR? Een optimale bereikbaarheid van de stad en tegelijkertijd de leefomgeving aantrekkelijker maken. Kan dat eigenlijk wel? Ja, doordat we mobiliteit efficiënter maken, zowel als het gaat om de ruimte die zij inneemt als om de gevolgen voor het milieu. Bij het zoeken naar een nieuw evenwicht maken we wandelen, fietsen en openbaar vervoer in snelheid, gemak en veiligheid aantrekkelijk. We maken optimaal gebruik van de kansen die er zijn: • Rijswijkse gebiedsontwikkelingen; • Nieuwe vervoermiddelen; • Nieuw beleid; • Aanleg hoogwaardig openbaar vervoer door het Rijk; • Motie 30 km binnen de bebouwde kom het nieuwe normaal; • Beschikbaarheid data. Gebiedsontwikkeling Gebiedsontwikkelingen bieden kansen. In Rijswijk komen er tot 2040 zo’n 8.000 tot 10.000 woningen bij. In deze groei ligt niet alleen een opgave, maar ook een kans. Want een verhuizing is voor veel mensen hét moment om hun reisgedrag te veranderen. Als we ervoor
33
53
zorgen dat de nieuwe bewoners van deze woningen zich op een manier verplaatsen die minimale druk oplevert voor de bereikbaarheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid, is de druk die deze mensen leveren aan het mobiliteits netwerk gemiddeld veel lager dan die van andere Rijswijkers. Als de bewoners van deze nieuwe woningen meer gebruik maken van bijvoorbeeld deelmobiliteit en openbaar ver voer, ligt er bovendien een grotere basis voor investeringen in zulke voorzieningen. Daardoor neemt de kwaliteit van deze voorzieningen toe en wordt het ook voor de andere bewoners van Rijswijk aantrekkelijk om gebruik te maken van bijvoorbeeld deelmobiliteit en openbaar vervoer.
van deelauto’s, deelfietsen en deelscooters. Dit leidt ook tot efficiënter ruimtegebruik. Nieuw beleid De afgelopen jaren ontwikkelde Rijswijk een verkeersveiligheidsplan, een actieplan CO2, een actieplan lucht en een actieplan geluid. Daarmee zetten we de eerste stappen in de richting van een mobiliteitstransitie. Hoogwaardig openbaar vervoer Een goede bereikbaarheid per spoor is belang rijk voor de aantrekkelijkheid van Rijswijk én de regio Haaglanden. Het Rijk investeert in de Oude Lijn, de spoorlijn tussen Leiden en Dordrecht. Voor Rijswijk betekent dit onder andere een hogere frequentie van sprinters. En (mogelijk) komt er ook een nieuw trein station in RijswijkBuiten.
We willen de volle potentie van gebieds ontwikkelingen voor de mobiliteitstransitie benutten. Daarom is het van belang dat ge biedsontwikkelingen uitnodigen tot lopen en fietsen, dat er kwalitatief hoogwaardig openbaar vervoer beschikbaar is en dat er ruim voldoende en goede deelmobiliteit aanwezig is.
Als tegenprestatie vraagt het Rijk dat gemeenten zich inzetten voor het verhogen van het gebruik van het openbaar vervoer. Dat is een win-win situatie: niet alleen verhogen we zo de financiële basis voor het openbaar vervoer, ook verlichten we de druk op de rest van het mobiliteits systeem. De omgeving van station Rijswijk is op dit moment weinig aantrekkelijk. We laten ons inspireren door andere gemeenten in de Zuidelijke Randstad. Daar is het aantal arbeids plaatsen rond de treinstations de laatste jaren hard gegroeid. Samen met onze partners NS en ProRail werken we de plannen voor het stationsgebied verder uit.
Nieuwe vervoermiddelen in opkomst Vroeger was de keuze vrij overzichtelijk: lopen, fiets of de brommer, auto of openbaar vervoer. Inmiddels zijn er veel meer mogelijkheden. Steeds meer mensen hebben een (e)-bakfiets, e-bike, speedpedelec, (e-)step of elektrische auto. En de keuze beperkt zich niet tot bezit: we kunnen steeds makkelijker gebruik maken
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
30 KM binnen de bebouwde kom In oktober 2020 heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen die de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom terugbrengt van 50 naar 30 kilometer per uur. Het doel hiervan is om de verkeersveiligheid te verhogen. Een limiet van 50 kilometer per uur is nog toegestaan op doorgaande wegen als de verkeersveiligheid niet in gevaar is. Beschikbaarheid data Er komen steeds meer data beschikbaar over waar, wanneer, hoe en waarom we ons verplaatsen. Die data gaan we gebruiken om inzicht te krijgen in knelpunten zodat we tijdig kunnen bijsturen, via, bijvoorbeeld, wegaan passingen, slimme verkeerslichten en reisadvies in apps.
34
53
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
HOOFDSTUK 6 MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
35
53
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
HOOFDSTUK 6 MOGELIJK TOEKOMSTBEELD Op basis van de analyse en de input uit de stad is een mogelijk toekomstbeeld te schetsen. Rijswijk in 2040 De einddatum van dit mobiliteitsprogramma is 2040. Rijswijk is dan nog steeds een veilige, leefbare en bereikbare gemeente. We kunnen nog steeds autorijden, veroorzaken daarmee geen overlast zoals geluidshinder, luchtvervuiling en overvolle wegen. We maken gemakkelijker gebruik van andere vormen van vervoer en deze veroorzaken geen overlast. De plattegrond van Rijswijk is anders: stoepen, voet- en fietspaden en straten en doorgaande wegen zijn anders ingericht om ruimte te geven aan alle verkeersdeelnemers. Hieronder schetsen we het mogelijk toekomst beeld per verplaatsingswijze. 6.1 STAPPEN Inwoners die goed ter been zijn, gaan lopend op pad naar voorzieningen tot op ongeveer een kilometer afstand, boodschappen doen, kinderen naar school brengen en een ommetje maken. Op straat is het veilig, groen en er is gezonde lucht. De stoepen en straten zijn op wandelen ingericht. Er zijn genoeg veilige oversteekplaatsen en de wachttijd voor verkeerslichten is kort.
Netwerk Voor voetgangers zijn er verschillende niveaus van infrastructuur. Allereerst is er een basisnetwerk, stoepen en voetpaden. Het basisnetwerk is voor iedereen veilig en goed toegankelijk, ook voor kinderen en mensen met een visuele, auditieve of fysieke beperking. De stoepen zijn egaal en struiken groeien niet over de stoep. De stoepen zijn breed ingericht en in verschillende wijken zijn er door bewoners experimenten gestart met autovrije speelstraten.
Doordat we in Rijswijk diagonale verbindingen en doorsteekjes hebben aangelegd, zijn loopen fietsroutes veel logischer ingericht. Tot slot zijn er voetgangersgebieden. Dat zijn de winkelcentra, recreatiegebieden, het gebied rondom het NS-station en de gebieden rondom scholen tijdens de ‘haal-en-brengspits’.
Ten tweede zijn er stedelijke routes met een pluskwaliteit. Dat zijn de belangrijkste routes naar voorzieningen zoals als scholen, winkels, haltes van openbaar vervoer en zorg. De stoepen zijn hier extra breed en nergens hoeft lang gewacht te worden bij verkeerslich ten. De verkeerslichten geven voetgangers en fietsers voorrang bij grote drukte en bij regen.
Netwerk
Waar
Functie
Kenmerken
Voetgangersgebieden
Speciale omgevingen
Verblijven
Aantrekkelijk
Basisnetwerk
Algemene stoepen, voetpaden en pleinen
Ontsluiting adressen
Veilig, toegankelijk
Stedelijk netwerk
Speciale routes
Verbinden voorzieningen
Rechtstreeks, met pluskwaliteit, comfortabel
Figuur 22: Overzicht infrastructuur voor voetgangers
36
53
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
goed verlicht en hebben voorrang op autowegen in het basisnetwerk. De kern van de stedelijk routes is dat ze de grote autoroutes ontwijken en minder verkeerslichten hebben. Ze zijn sociaal veilig en je kunt er onbezorgd fietsen.
minder ongelukken, omdat de fietspaden zijn verbeterd.
6.2 TRAPPEN Voor verplaatsingen binnen de gemeente Rijswijk en naar omliggende gemeenten wordt gebruik gemaakt van de (elektrische) fiets, Speedpedelec en E-bike. Binnen de gemeente is fietsen de snelste manier van verplaatsen. Veilige, verlichte, geasfalteerde fietsroutes met slimme verkeerslichten waardoor de wachttijden bij oversteken minimaal zijn. Voor fietsritten naar omliggende gemeenten wordt gebruik gemaakt van de snelle metropolitane routes of de ‘groene routes’ door de parken.
Netwerk We zien in 2040 drie verschillende niveaus van infrastructuur voor fietsers. Er is een basis netwerk dat bestaat uit straten in woonwijken, waar de fiets en de auto samen de straat delen. Voor veel gebieden waar de auto en de fiets de straat delen, geldt een maximumsnelheid van 30 of 15 kilometer per uur. Het is de bedoeling dat dit in alle gebieden gaat gebeuren, afhanke lijk van het tempo van reconstructie van wegen.
Op drukke routes zijn groene golven voor fietsers ingericht met regensensoren bij neerslag. Het stallen van een fiets is geen probleem, want daarvoor zijn bij woningen en voor zieningen goede mogelijkheden. Ook zijn er
Het derde netwerk bestaat uit hoofdroutes. Het zijn doorgaande snelfietsroutes, onder deel van een regionaal fietsnetwerk, naar aangrenzende gemeenten en NS-stations. Ze zijn breed, goed verlicht en hebben waar mogelijk een groene golf en strak asfalt. Op drukke plaatsen zijn ongelijk vloerse kruisingen aangelegd.
Het tweede niveau is het stedelijk netwerk. Deze fietsroutes ontsluiten wijken en verbinden die met voorzieningen zoals winkelcentra en kantoorlocaties. De routes zijn geasfalteerd,
Netwerk
Waar
Functie
Kenmerken
Basisnetwerk
Straten in woonwijken, doorsteekjes naar andere netwerken
Ontsluiting adressen
Veilig, toegankelijk
Stedelijk netwerk
Straten in woonwijken, langs gebiedsontslui tingswegen
Verbinden voorzieningen
Comfortabel, aantrek kelijk, vrijliggend, goed verlicht, asfalt
Hoofdnetwerk
Langs hoofdroutes
Verbinden voorzienin gen en aangrenzende gemeenten
Snel, breed, vrijliggend, goed verlicht, asfalt
Figuur 23: Overzicht infrastructuur voor fietsers
37
53
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
Netwerk In 2040 hebben we vier kwaliteitsniveaus voor het openbaar vervoer. Er is maatwerkvervoer voor alle mensen in gebieden die niet bediend worden door het stedelijk netwerk en voor specifieke doel groepen. Ook is er een stedelijk netwerk dat functies, zoals winkelcentra, scholen, dichtbij ontsluit. Een hoogwaardig openbaar vervoernetwerk: dit zijn snelle openbaarvervoerlijnen die functies in de regio verbinden. Het landelijk netwerk is het spoor. Dit verbindt bestemmingen door het hele land.
stations goed geregeld. Ze kunnen gemakkelijk overstappen op bus, tram en- of trein. Bij haltes en stations zijn genoeg mogelijkheden om de fiets te parkeren. Het stationsgebied is overdag en ’s avonds een prettige plek waar verblijven en ontmoeten mogelijk is. Verschillende (horeca) voorzieningen maken dat mede mogelijk als ook een (grote) Hub waar deelmodaliteiten aanwezig zijn. RijswijkBuiten is goed bereikbaar met open baar vervoer. Via een NS-station, maar ook met een bus of vernieuwende vormen van vervoer als shuttles.
6.3 OPENBAAR VERVOER Ook het gebruik van het openbaar vervoer is vanzelfsprekend. Rijswijk heeft (in 2040) twee treinstations aan de spoorbaan tussen Den Haag en Rotterdam: het huidige aan het Generaal Eisenhowerplein en RijswijkBuiten. Er rijdt om de paar minuten een sprinter. Bovendien is er goed geïnvesteerd in openbaar vervoer, zowel in fijnmazig maatwerk als in HOV-lijnen (Hoogwaardig Openbaar Vervoer). Dit betekent onder meer dat ze goed door stromen, goed toegeruste haltes met reizigers informatie hebben en comfortabel zijn. Er wonen in 2040 veel meer mensen rondom het NS-station aan het Generaal Eisenhowerplein en het station RijswijkBuiten. Voor inwoners en werknemers is het voor- en natransport naar de
38
53
Netwerk
Waar
Functie
Kenmerken
Basis: Maatwerk vervoer
Belbus, shuttles/ woonwijk
Ontsluiten woonwijk waar stedelijk netwerk niet komt en voor doelgroepen
Fijnmazig, sociale functie, op afroep.
Stedelijk netwerk
Bus, tram/ stadsniveau
Ontsluiten woonwijk, verbinden voorzie ningen
Basic, hoge frequentie, veel haltes.
Hoofd: Hoogwaardig openbaar vervoer netwerk
Bus, tram/ regioniveau
Verbinden belangrijke voorzieningen en OV-knooppunten
Comfortabel, hoge frequentie, weinig haltes
Landelijk netwerk
Trein/landelijk
Verbinden OV-knoop punten
Comfortabel, lagere frequentie, weinig haltes
Figuur 24: Overzicht infrastructuur voor openbaar vervoer.
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
Netwerk Voor deelmobiliteit is een netwerk van plekken waar deze vervoermiddelen beschikbaar zijn.
6.4 MAAS /DEELMOBILITEIT In 2040 kunnen inwoners er ook voor kiezen om te reizen met een vervoermiddel dat niet hun eigendom is. Op loopafstand van hun huis staan deelscooters, -fietsen, -bakfietsen en -auto’s. Het gebruik is simpel dankzij apps waarmee je je reis kunt plannen, het vervoer middel kunt reserveren en betalen. Wie met de kinderen op pad wil, leent een bakfiets. Als je wilt klussen, gebruik je een deelbusje om je materialen te kopen en als je naar een locatie wat verder weg wil, gebruik je een deelscooter. In sommige buurten zijn deelvoertuigcoöpera ties opgericht. Hierdoor is ruimte op straat ontstaan voor meer speelplekken en plantsoen tjes of andere groenvoorzieningen. En sommige Rijswijkers merken het in hun portemonnee, want bij een beperkt aantal kilometers ben je met een deelauto goedkoper af dan met een eigen auto. Voor het stallen van deelscooters wordt structureel plek gereserveerd.
De basis is dat deelvervoer in de hele stad te vinden is, het zogenaamde free-floating netwerk. Inwoners kunnen het gebruikte deelvervoermiddel achterlaten als ze op hun bestemming zijn aangekomen, waarna de volgende gebruiker het voertuig weer ophaalt. Op straat is voldoende ruimte om ze te parkeren zonder dat inwoners er last van hebben. In de wijken zijn micro-hubsnetwerken, cen trale plekken met verschillende voorzieningen. Hubs hebben duurzame en schone vervoer middelen beschikbaar, afgestemd op de behoefte van de buurt, ook zijn er haltes van openbaar vervoer aanwezig. Hubs zijn meer dan een verzamelplaats van vervoermiddelen. Buurt bewoners kunnen er pakjes uit een pakket muur halen en retourneren, reizigers kunnen er
Netwerk
Waar
Functie
Kenmerken
Basisnetwerk
In de hele stad
Flexibel vervoer voor korte afstanden
Free-floating
Stedelijk netwerk
In woonwijken
Micro-hubs
Meerdere vervoers middelen bij elkaar, sociale functie
Hoofdnetwerk
Op OV-knooppunten
Wisselen van vervoerssoort
Gekoppeld aan andere functies
beschut wachten en werken en voor kinderen zijn er speelvoorzieningen. Bij de NS-stations Generaal Eisenhowerplein en RijswijkBuiten zijn (grote) hubs. Daar kunnen reizigers overstappen op ander openbaar vervoer, een fiets of scooter stallen, een deel fiets- of – scooter pakken. Ook het repareren van fietsen is mogelijk, er kunnen boodschap pen worden gedaan, er zijn ontmoetingsplekken en kinderopvang en er kunnen pakketjes worden afgehaald en geretourneerd.
Figuur 25: Overzicht infrastructuur voor deelmobiliteit
39
53
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
6.5 (PRIVÉ-)AUTO In 2040 zijn auto’s elektrisch en rijden veelal automatisch. Wegen en kruisingen zijn veiliger, zodat er minder ongelukken gebeuren. Wat hieraan heeft bijgedragen, is handhaving op en educatie over te hard en door rood rijden. Bij de weinige ongevallen die er nog wel zijn, raken mensen minder snel en minder ernstig gewond dan in 2021. De meeste inwoners gebruiken (deel)auto’s vooral voor ritten buiten Rijswijk. Het Rijk heeft zijn beleid voor maximumsnelheden in de bebouwde kom aangepast. Op de brede wegen naar en van de snelwegen kan je 50 kilometer per uur rijden. Op de wegen tussen en in wijken is de snelheid 30 of 15 kilometer per uur, omdat daar verkeers veiligheid en leefbaarheid de hoge prioriteit hebben. De slimme instelling van de verkeers lichten zorgt voor goede doorstroming en optimale bereikbaarheid. Aan de rand van de stad kunnen automobilisten bij park-and- ridevoorzieningen overstappen op openbaar vervoer, deelfietsen of deelauto’s. Netwerk Het netwerk voor auto’s heeft vier niveaus. Allereerst is er een basisnetwerk in de woon wijken waar de maximumsnelheid 15 of 30 kilometer per uur is. Er zijn woonwijken die al vele jaren een inrichting voor deze snelheden hebben. Nieuwe woonwijken zijn daaraan toegevoegd. Woonstraten zijn ingericht als woonerven waar niet harder dan 15 kilometer per uur gereden wordt.
40
53
Netwerk
Waar
Functie
Kenmerken
Basisnetwerk
Woonwijken
Verplaatsten in verblijfsgebied
15 km/uur
Stedelijk: Gebieds ontsluitingswegen
In en tussen woonwijken
Ontsluiting woonwijken
30 km/uur
Hoofd: Metropolitaan netwerk
Prinses Beatrixlaan
Ontsluiting richting A4
MRDH, goede door stroming
Hoofdnetwerk
Stadsniveau
30 en 50 km/uur
Figuur 26: Overzicht infrastructuur voor de auto
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
Ten tweede zijn er de gebiedsontsluitingwegen waar maximaal 30 kilometer per uur wordt gereden. Dit zijn wegen die de wijk in- en uitgaan. Voetgangers, fietsers en het openbaar vervoer hebben voorrang bij kruisingen. Van wege slimme verkeerslichten is er een goede doorstroming op deze wegen. Het derde niveau bestaat uit het metropolitane netwerk en is de Prinses Beatrixlaan tussen de A4 en Den Haag. Over het metropolitane netwerk zijn afspraken gemaakt met de Metro poolregio Rotterdam Den Haag. Doorstroming is hier essentieel en daarom is een tunnel aangelegd. De regionale eis is dat een rit in de spitstijd maximaal anderhalf keer zo lang mag zijn als buiten de spits. Tot slot is er het hoofdnetwerk. Alleen op wegen die vrijliggende fietspaden en veilige oversteekplaatsen hebben, mag 50 kilometer per uur worden gereden. Dit zijn de wegen die een aansluiting zijn op de A4 bij RijswijkBuiten, op de A13 bij Vrijenban en op knooppunt Ypenburg. Het doorgaande autoverkeer is hier gebundeld. Voor het hoofdnetwerk geldt dat de spitsrit maximaal twee keer zo lang mag duren dan buiten de spits. Op het hoofdnet werk zijn groene golven ingesteld waardoor het niet zinvol is de maximumsnelheid te overtreden. Parkeren Een aangenaam verblijfsklimaat betekent dat er in een gebied een goede balans is tussen
41
53
In geen van de Rijswijkse wijken is nog een hoge parkeerdruk. Daar waar sprake was van hoge parkeerdruk is dit aangepakt door niet meer vergunningen uit te geven dan dat er parkeerplaatsen beschikbaar zijn en door parkeergarages beter in te zetten. In diverse wijken hebben, op verzoek van bewoners, succesvolle initiatieven als buurt- en leefstraten een permanente status gekregen, waardoor de straten er heel anders dan in 2021 zijn ingericht. Meer groen en ruimte voor spel en recreatie.
wonen, recreëren, winkelen en werken. In het centrum is dat anders dan in woonwijken. De beschikbare openbare ruimte om auto's te laten parkeren is beperkt. Daarom is in Rijswijk al sinds begin jaren negentig parkeerregulering ingevoerd. Inwoners hebben andere belangen dan bezoe kers en werkverkeer. Iedere doelgroep heeft zijn eigen parkeergedrag. Door hierop in te spelen is een efficiënt gebruik van beschikbare parkeergelegenheid ontstaan en een verbetering van het verblijfsklimaat bereikt. Een gastvrij verblijfsklimaat maakt het voor zowel bewoners als bezoekers prettiger in Rijswijk.
Logistiek In 2040 kan elektrisch vrachtverkeer Rijswijk goed bereiken. Deze auto’s zijn nodig voor onder meer bevoorrading van winkels en bedrijven, voor pakketbezorging en bouw projecten en essentieel voor de economie van Rijswijk. Vervoerders maken gebruik van alternatieven voor het vervoer van goederen in de stad door middel van andere en kleinere voertuigen. Er zijn zero-emissie zones inge steld. Er zijn experimenten uitgevoerd met regionale hubs voor bouwlogistiek.
Het doel van parkeerregulering is de schaarse ruimte eerlijk te verdelen. Bij gebiedsontwikke lingen vanaf 2022 is gewerkt met mobiliteits normen. Voor nieuwe Rijswijkers is het van belang dat de locatie en de woonomgeving goed bereikbaar zijn. Samen met ontwikkelaars is de mogelijkheid tot gebruik van deelvoertuigen gecreëerd, door het toepassen van een mobili teitsnorm. Dit heeft geresulteerd in de aanwezig heid van voorzieningen als deelauto’s, deelfietsen en goed openbaar vervoer binnen handbereik. In deze nieuwe gebieden is duidelijk te zien dat inwoners anders omgaan met mobiliteit. Om de straten niet te veel te belasten is het uitganspunt dat voor auto's, die op eigen terrein geparkeerd kunnen worden, geen parkeerver gunningen worden verstrekt en dat er aan de rand van de wijk of buurt parkeermogelijkheden worden gesitueerd.
Opladen elektrische voertuigen Vanwege het toegenomen deelgebruik van voertuigen zijn er op alle deellocaties oplaad mogelijkheden. Inwoners met privévoertuigen laden op eigen terrein. In de parkeervoorzie ningen aan de randen van de wijken en stad zijn laadmogelijkheden en er zijn verschillende snellaadstations in de buurt van de snelweg.
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
HOOFDSTUK 7 NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
42
53
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
HOOFDSTUK 7 NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN We willen meer in een straat dan past. De voetganger, fiets, auto en het openbaar vervoer hebben elk hun eigen netwerk. Op veel plaatsen vallen deze samen. Soms komen weggebruikers met elkaar in conflict. Dit gebeurt als weggebrui kers elkaar kruisen, maar ook bij het toedelen van de beperkte ruimte voor de verschillende weggebruikers. Daarom moeten we keuzes maken. Dat doen we door keuzes tussen lopen, fietsen, auto, groen en ontmoeten. Ook moeten we bepalen wie voorrang heeft op kruisingen. 7.1 PRIORITERING NETWERKEN EN VERVOERSWIJZEN We onderscheiden drie soorten netwerken: • basisnet • stedelijk net • hoofdnet We onderscheiden vier vervoerswijzen: • De voetganger • De fiets, brommer, scooter • Het openbaar • De auto
43
53
Netwerken van een hogere categorie gaan voor op netwerken van een lagere categorie. Op hoofdlijnen gelden er voor de netwerken drie niveaus. Er is een basisnet, dat bestaat uit alle wegen, paden en pleinen. Daarboven is er een hoofd net, met daarin alle belangrijke, rechtstreekse routes. Daarnaast een stedelijk kwaliteitsnet. In dit netwerk zitten de belangrijkste schakels van het netwerk met extra kwaliteiten, bijvoor beeld in de vorm van betere doorstroming en prioriteit bij kruisingen.
7.2 UITWERKING PER VERVOERSSOORT 7.2.1 Stappen Voor het basisnet in de stad is aandacht nodig om de voetganger meer ruimte te geven. De voetganger is niet leidend geweest bij de inrich ting van de openbare ruimte. Bij herinrichtingen van straten moet de ruimte als eerste voor de voetganger worden bepaald. Het voetpad wordt namelijk gebruikt door de kwetsbaarste deelnemers. Kinderen gebruiken stoepen om te spelen of speelplekken te bereiken. Voor ouderen is lopen de laatste vervoersvorm die zij nog zelfstandig kunnen uitvoeren.
Het verschil tussen hoofdnetten en stedelijk net zit in de extra kwaliteiten van het hoofdnet op het gebied van een goede doorstroming, met zo min mogelijk hinder van overige verkeers deelnemers. Als een hoofdnet een stedelijk net kruist, dan krijgt de hoofdnet voorrang in de verkeersregelinstallatie. En als een stedelijk net een basisnet kruist, heeft het stedelijk net voorrang.
• Er is in Rijswijk nog geen voetganger snetwerk. Dat gaan we uitwerken. Daarbij brengen we belangrijke routes en missing links in kaart. Openbare ruimte & stedenbouw • Bij nieuwe ontwikkelingen of herinrichtingen passen we het principe van ‘omgekeerd ontwerpen’ toe. We ontwer pen vanuit het perspectief van de voetganger, of eigenlijk: vanuit de mens en de mense lijke maat. • In gebiedsontwikkelingen worden voorzieningen zoals winkels, zorg en sport zoveel mogelijk op loopafstand van woningen geplaatst.
Als netwerken van dezelfde categorie elkaar kruisen, wordt er geprioriteerd volgens het STOMP-principe. Daarbij gaat voetganger voor fiets, fiets voor openbaar vervoer en openbaar vervoer voor auto. Bijvoorbeeld: als een hoofdnet fiets een hoofdnet auto kruist, heeft het hoofdnet fiets voorrang. Dit sluit aan bij de wensen van de Rijswijkers, zoals opgehaald in de peiling en de werksessies.
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
• Voetgangers en fietsers krijgen prioriteit in geval van wegwerkzaamheden. Dat bete kent dat zij veilig en met een minimale omweg hun weg kunnen vervolgen. • In voetgangersgebieden en op stedelijke kwaliteitsroutes krijgt de openbare ruimte extra kwaliteit. Bijvoorbeeld met groen, speelvoorzieningen en rustpunten zoals bankjes. • Het voetgangersgebied in Oud-Rijswijk wordt uitgebreid. Er wordt onderzocht hoe er ruimte voor de voetganger gemaakt kan worden. • In het gebied rondom station Rijswijk wordt ruimte gemaakt voor de voetganger en voor verblijven. 7.2.2 Trappen De afgelopen jaren is ingezet op een fijnmazig fietsnetwerk, met geasfalteerde fietspaden. We verbeteren het fietsnetwerk van Rijswijk verder. Fietspaden van mindere kwaliteit en missende schakels worden aangepakt. Onveilige routes en locaties worden opgeknapt.
Openbare ruimte & stedenbouw • We zorgen voor meer fietsparkeergelegen heid. In het bijzonder bij woningen die geen eigen fietsparkeergelegenheid hebben en bij bestemmingen zoals station, OV-haltes en winkelcentra. • Veilig fietsparkeren, met een minimale kans op fietsdiefstal. Fietsers (en voetgangers) krijgen prioriteit in geval van wegwerkzaamheden. Dat betekent dat zij veilig en met minimaal omrijden hun weg kunnen vervolgen. Door voldoende (slimme) verlichting langs fietsrou tes en bij fietsparkeervoorzieningen zorgen we dat fietsers zich veiliger voelen. • De kwaliteit van de openbare ruimte wordt verbeterd. Hierdoor wordt fietsen aantrek kelijk.
onderzoeken we hoe we de kwaliteit kunnen verbeteren voor voetgangers en voor verblijven. • RijswijkBuiten– korte termijn. De huidige bus 51 die twee keer per uur stopt, is te weinig voor de huidige wijk. We verbeteren de kwaliteit van de bestaande haltes en plaatsen er fietsenstallingen. Ook verhogen we de busfrequentie tot een nieuwe buslijn gaat rijden over de Laan van het Haantje en de Lange Kleiweg. Daarnaast zal de bus tot later op de avond RijswijkBuiten aandoen • RijswijkBuiten – lange termijn. We gaan in RijswijkBuiten een station bouwen. Rand voorwaarden daarvoor zijn viersporigheid op de Oude Lijn en een S-Bahnconcept. • Nieuwe OV-verbindingen. Behalve de ontwikkelingen in RijswijkBuiten zijn er plannen om de Binckhorst in Den Haag beter te ontsluiten. Rijswijk werkt eraan om de OV-kwaliteit van het vooroorlogse deel van Rijswijk te verbeteren. • Aanpak bus- en tramhaltes. Bij haltes worden fietsenstallingen en vormen van deelmobiliteit geplaatst.
7.2.3 Openbaar vervoer Openbaar vervoer rijdt nu niet in iedere straat. We zorgen voor een goede openbaar vervoer bereikbaarheid. Daarom zetten we een systeem voor maatwerkvervoer op, in samenwerking met de Metropoolregio Rotterdam Den Haag. Op een aantal knopen en lijnen verbeteren we het openbaar vervoer. • Station Rijswijk. Station Rijswijk scoort niet goed op de belevingswaarde. Rover waar deerde het in 2016 als minst gastvrije station van Nederland. Hier moet verandering in komen. Er komt een stedenbouwkundig en vervoerkundig onderzoek naar de ingangen en het Generaal Eisenhowerplein. Daarmee
44
53
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
7.2.4 MaaS/deelmobiliteit • We stimuleren de aanwezigheid van deelmobiliteit bij gebiedsontwikkelingen. Niet langer zijn parkeernormen leidend. De mogelijkheid tot verplaatsen staat centraal. Als de ontwikkelaar aantoont dat de deel mobiliteit gegarandeerd voor langere tijd beschikbaar is, wordt voldaan aan de mobiliteitsnorm. • We reguleren het aanbod van deelmobiliteit. Zo zorgen we ervoor dat er geen hinder ontstaat door deelmobiliteit zoals fout geparkeerde deelscooters. • Toegang tot deelmobiliteit wordt in heel Rijswijk mogelijk gemaakt. • Bij hoge parkeerdruk in woonwijken wordt bij herinrichting van de openbare ruimte extra ruimte voor parkeren alleen gebruikt voor deelmobiliteit.
45
53
7.2.5 (Privé-)auto Het doel van het autonetwerk is om snel op het verbindende netwerk van de snelwegen A4 en A13 te komen. Belangrijke werklocaties en wijken worden snel ontsloten via de metro politane verbindingswegen. • We zetten de lobby voort en gaan een verkeers-, leefbaarheids- en haalbaarheids onderzoek en een maatschappelijke kostenbatenanalyse uitvoeren naar ondertunneling van de Prinses Beatrixlaan. De ondertunneling dient opgenomen te worden in het MIRT.
Snelheidsverlagingen Met de snelheidsverlagingen willen we de verkeersveiligheid vergroten en de verkeers functie in relatie tot de kwaliteit van de leef omgeving opnieuw in balans brengen. Ook verbetert hiermee de snelheid van de fiets en het openbaar vervoer, vanwege betere door stroming en minder verkeerslichten.
Parkeergarages benutten Wij gaan actiever sturen op het beter benutten van openbaar toegankelijke parkeergarages. Zowel de parkeergarages in het Bogaardgebied als de parkeergarages in de Plaspoelpolder en Hoornwijck. Daarbij gelden de volgende uitgangspunten: • De parkeergarages zijn bedoeld voor het parkeren door bezoekers. • De beschikbare restcapaciteit in de parkeer garages kan maximaal worden gebruikt voor het parkeren door bewoners. Het gaat daar bij om bewoners met meer dan twee auto's en bewoners van nieuwe appartementen in gebiedsontwikkelingen. • De transformatie van het Havenkwartier en het Kesslerpark maakt het nodig om te onderzoeken of parkeerregulering in de Plaspoelpolder nodig is om de bereikbaar heid van bedrijven op pijl te houden.
• We maken afspraken met werkgevers in Rijswijk over spreiding, gebruik auto en mobiliteitsbudgetten, de zogenaamde ‘werkgeversaanpak’. • We onderzoeken samen of we het thuis werken, dat tijdens de coronacrisis de norm was, kunnen blijven stimuleren. De gemeente heeft hierin als grote werkgever een voor trekkersrol en zal hier zelf rolmodel als werkgever zijn. • We ontwikkelen een campagne om bewoners bewust te maken dat de fiets in Rijswijk het snelste en efficiëntste vervoermiddel is. • We zetten in op educatie over veilig auto rijden. • We breiden de milieuzone Haagweg uit.
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
HOOFDSTUK 8 MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
46
53
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
HOOFDSTUK 8 MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING MOBILITEIT EN GEZONDHEID De manier waarop we ons verplaatsen, heeft invloed op onze gezondheid. Daarom geven we prioriteit aan actieve vormen van verplaatsen, zoals lopen en fietsen. Om beweging te stimu leren, gaan we ook meer ruimte voor groen, verblijven en bewegen inrichten. Dit nodigt uit om buiten te sporten en (recreatief) te wandelen en fietsen. Een goede leefomgeving met vol doende groen biedt ruimte voor ontspanning en ruimte om elkaar te ontmoeten. Dit heeft een positief effect op het welzijn. Bij nieuwe gebiedsontwikkelingen en bij herinrichtingen gaan we hier mee aan de slag. Bij het ontwerpen richten we ons eerst op de voetgangersruimte, dan pas op de ruimte voor fietsers, openbaar vervoer en auto’s. MOBILITEIT EN ECONOMIE De komende jaren worden maatregelen geno men om de mobiliteitstransitie in gang te zetten. Hierdoor blijven de wegen beschikbaar voor de gebruikers die hiervan afhankelijk zijn. Voor de logistieke bevoorrading blijft het autosysteem van groot belang.
47
53
De doorstroming op ontsluitingswegen voor bedrijventerreinen en detailhandel houden we hoog voor het autoverkeer, zodat de auto bereikbaarheid van de economische hotspots optimaal blijft.
MOBILITEIT EN HANDHAVING Belangrijk is dat we bij de inrichting van Rijswijk de ontwerpen zo uitvoeren dat weggebruikers automatisch weten hoe zij moeten handelen. Dat het hanteren van de maximumsnelheid voordelen met zich meebrengt, zodat we handhaving kunnen minimaliseren en efficiënt kunnen inzetten.
MOBILITEIT EN GEDRAGSVERANDERING In dit mobiliteitsprogramma staan maatregelen die bijdragen aan de mobiliteitstransitie. Het betreft het aanbieden van alternatieve vervoerwijzen en het verbeteren van de infrastructuur met een kleinere impact op de leefomgeving.
In gevallen dat niet naleven van de regels leidt tot een beperking van de effectiviteit van de maatregel of tot overlast van medebewoners/ weggebruikers zetten we handhaving in om de gewenste effecten te bereiken.
Bij de mobiliteitstransitie gaat het ook om bewustwording van de eigen keuzes en de impact daarvan op individuen, zoals op de gezondheid, het mobiliteitssysteem zelf en de omgeving zoals luchtkwaliteit, geluidhinder en de opwarming van de aarde. Het gebruik van alternatieve vervoerswijzen kunnen we als gemeente ook stimuleren door mensen te wijzen op deze alternatieven en op de voor delen hiervan. Campagnes met een goede strategie en duidelijke boodschap leveren daaraan een bijdrage, vooral op het moment van wijzigingen in het leven, bijvoorbeeld bij een verhuizing.
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
HOOFDSTUK 9 VERVOLG
48
53
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
NA HET PROGRAMMA In de voorafgaande paragrafen staan de hoofd lijnen van de toekomstige mobiliteit in Rijswijk beschreven. We hebben als het ware de toe komst van de Rijswijkers geschetst. Dat wat is opgetekend is inzet voor de gesprekken met onze (regionale) samenwerkingspartners. Dit programma is de basis voor nadere uitwer king in een mobiliteitsstrategie. Hierin werken we uit hoe we de doelstellingen en ambities gaan behalen en vertalen we dit naar wat dit precies betekent voor Rijswijk, als het gaat om: - structuren (voet, fiets, OV en auto), - dossiers (verbreding A4, HOV CID Binckhorst, Beatrixlaantunnel, et cetera), - gebiedsontwikkelingen (In de Bogaard (Bogaard Stadcentrum), Kesslerpark, Havenkwartier, et cetera), - beleid (parkeren, verkeersveiligheid, kader 50/30, et cetera), - herinrichting woonwijken. De strategie wordt opgesteld via onderzoek van scenario’s op stads- en wijkniveau. Bij deze uitwerking worden bewoners, ondernemers en vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties en partners, zoals buurgemeenten, vervoerders, ontwikkelaars, betrokken. We nodigen iedereen uit om met initiatieven te komen.
MONITOREN Het volgen van de implementatie van het mobiliteitsbeleid is een belangrijk onderdeel van het programma. Door te bekijken of de plannen de gewenste effecten behalen, bepalen we of we tussentijds moeten bijsturen. Daarom stellen we een monitor op, waarmee we de veranderingen in de stad meten.
verkeerssystemen vragen (lopen, fietsen, open baar vervoer, deelmobiliteit, auto) en het totaal oordeel. In de monitor komt ook aandacht voor het gebruik van de modaliteiten. Het streven is om de keuzes van vervoerwijzen tegen elkaar af te zetten in tijd. Verder nemen we het aantal verkeersongevallen mee in de monitor, evenals autobezit, parkeren op straat, in (bedrijfs)garages en P&R-locaties, (fout) gestalde fietsen en deelscooters in de stad. Ook monitoren we het gebruik van deel mobiliteit, de effecten daarvan en het gebruik van hubs en het openbaar vervoer.
Hierbij houden we niet alleen rekening met de harde meetbare cijfers, maar hebben we ook oog voor hoe de mobiliteitstransitie wordt ervaren. Ervaring en meetbare cijfers kunnen uit elkaar liggen. Daarom gaan we de komende jaren de ervaringscijfers over de verschillende
Met de vastgestelde strategie als basis kan een uitvoeringsagenda worden opgesteld, waarin concrete voorstellen met een planning en een financieel kader worden opgenomen.
49
53
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
VERKEERSBEWEGINGEN OP TERMIJN Om de verwachte verkeersontwikkeling in de toekomst te kunnen volgen, maken we gebruik van een verkeersmodel. Dit kan aan de hand van scenario’s een beeld geven van wat ons te wachten staat voor de verschillende vervoers soorten, zoals fiets, openbaar vervoer en (vracht)auto. Hierdoor kunnen we vroegtijdig inspelen op ontwikkelingen. RELATIE MET OMGEVINGSWET Naar verwachting treedt in 2022 de Omge vingswet in werking. Met de komst van deze wet gaat veel veranderen. De wet bundelt 26 bestaande wetten voor onder meer bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en mobili teit. De Omgevingswet is bedoeld om de regels voor ruimtelijke ontwikkelingen te vereenvoudigen en moet meer snelheid, flexibiliteit en samenhang brengen.
50
53
De Omgevingswet kent een aantal instrumenten om dit voor elkaar te krijgen. De Omgevings visie, de Omgevingsprogramma’s en het Omgevingsplan zijn daarvan de belangrijkste. De Omgevingsvisie bundelt de verschillende bestaande visiedocumenten tot één consistente visie voor de stad. Het Omgevingsplan bundelt verschillende (bestemmings)plannen en veror deningen, zodat alle regelgeving voor activiteiten met gevolgen voor de fysieke leefomgeving in één document komt te staan. Tussen de Omgevingsvisie en het Omgevingsplan staan de programma’s. Dit zijn thematische of gebiedsgerichte uitwerkingen van de Omgevingsvisie. Het Mobiliteitsprogramma 2040 is een bouw steen van de Omgevingsvisie voor het thema mobiliteit. Het past daarmee in het bouwwerk van instrumenten, zoals vastgelegd in de Omgevingswet.
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG
Gemeente Rijswijk
BIJLAGE 1
Het$vaakst$ zestigers$en$ dertigers$$ Het$vaakst$ inwoners$uit$ Cromvliet$&$ Leeuwendaal
Het$vaakst$ twintigers
Kortere wachttijd bij verkeerslichten
Betere kwaliteit fietspaden
Betere kwaliteit stoepen
Kortere wachttijd bij verkeerslichten
Meer/betere oversteekplaatsen Meer fietsparkeerplaatsen
Veiliger gevoel op straat Meer voorzieningen op loopafstand
Meer fietspaden
Meer stoepen/looproutes
Veiliger gevoel op straat
Meer groen langs looproutes
Geen mening
Bredere stoepen Meer voorzieningen op fietsafstand
Meer bankjes
Meer laadvoorzieningen voor elektrische fietsen
Geen mening
0%
10%
20%
30%
40%
51
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
DOELSTELLINGEN EN HOE STAAT RIJSWIJK H4 op trein UITGANGSPUNTEN ER NU VOOR? Betere overstap van bus en tram
20%
30%
40%
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
Betere fietspaden
Geen mening
53
10%
Beter OV
Meer directe busverbindingen met gebieden buiten Rijswijk
VOORWOORD
0%
H6
MOGELIJK Geen mening TOEKOMSTBEELD
50%
H9
VERVOLG
Veiliger gevoel op straat
BIJLAGE 1
Meer voorzieningen op loopafstand
Meer fietspaden
Meer stoepen/looproutes
Veiliger gevoel op straat
Meer groen langs looproutes
Geen mening
Bredere stoepen Meer voorzieningen op fietsafstand
Meer bankjes
Meer laadvoorzieningen voor elektrische fietsen
Geen mening
0%
10%
20%
30%
40%
0%
10%
20%
Geen mening
Betere fietspaden
Betere overstap van bus en tram op trein
Geen mening
Prettigere stations en haltes
Andere thuis-/werksituatie
Betere/meer fietsparkeerplaatsen bij haltes/stations
Veiliger verkeer
Meer haltes
Meer voorzieningen in de buurt
Snellere bus- en tramlijnen door haltes op te heffen
Stijgende autokosten
Betere/meer autoparkeerplaatsen bij haltes/stations
Meer deelmobiliteit in de buurt
Betere/meer looproutes naar haltes/stations
Betere voetpaden
10%
20%
31% Autoparkeer plaatsen (zonder laadpaal)
31% Ruimte om te lopen/ wandelen
0%
10%
57%
geen interesse
20%
20% deel auto
30%
18%
deel scooter
Deelmobili teit in de straat
10%
13%
Ruimte om elkaar te ontmoeten
Mannen$hebben$ vaker$interesse$in$ deelvervoer$dan$ vrouwen
Iets anders
2
4
52
53
SAMENVATTING
INHOUDSOPGAVE BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H1 H2
6
INLEIDING Belangrijkst in de straat? Groen Vaker lopen? Betere kwaliteit stoepen Vaker fietsen?
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
Belangrijkst in de straat? Verkeersveiligheid Vaker lopen? Kortere wachttijd verkeerslichten Vaker fietsen? Betere kwaliteit fietspaden Vaker OV pakken? Prettigere stations en haltes Minder de auto? Beter OV
H3 H4
9% deel fiets
8%
geen mening
5%
12% Fietsparkeer plaatsen op straat
Twintigers$ hebben$het$ vaakst$interesse$ (en$dan$vooral$in$ deelscooters)$
“Minder geluidsoverlast”
VOORWOORD
40%
Snel door kunnen rijden met de auto
Snel door kunnen rijden met de fiets
Groen
50%
6%
12%
44%
40%
Autoparkeer plaatsen (met laadpaal)
Ruimte om te spelen
Verkeers veiligheid
30%
10%
20%
45%
40%
Beter OV
Meer directe busverbindingen met gebieden buiten Rijswijk
0%
30%
Belangrijkst in de straat? Groen Vaker lopen? Betere kwaliteit stoepen Vaker fietsen? Betere kwaliteit fietspaden Vaker OV pakken? Meer directe busverbindingen Minder de auto? Beter OV
ONTWIKKELINGEN
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H5 H6
Inwoners$uit Cromvliet$&$Leeuwendaal hebben$het$vaakst$ interesse$(en$dan$vooral$ in$deelauto’s)
1
KANSEN MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
Belangrijkst in de straat? Groen Vaker lopen? Kortere wachttijd verkeerslichten Vaker fietsen? Kortere wachttijd verkeerslichten Vaker OV pakken? Betere/meer fietsparkeerplaatsen Minder de auto? Betere fietspaden
H7 H8
5
NADERE UITWERKING Belangrijkst in de straat? H9 Verkeersveiligheid OP HOOFDLIJNEN Vaker lopen? Veiliger gevoel op straat Vaker fietsen? Betere kwaliteit fietspaden Vaker OV pakken?
VERVOLG
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
vaker$interesse$in$ deelvervoer$dan$ vrouwen
elkaar te ontmoeten
te lopen/ wandelen
deelscooters)$
“Minder geluidsoverlast”
hebben$het$vaakst$ interesse$(en$dan$vooral$ in$deelauto’s)
BIJLAGE 1 2
4
Belangrijkst in de straat? Verkeersveiligheid Vaker lopen? Kortere wachttijd verkeerslichten Vaker fietsen? Betere kwaliteit fietspaden Vaker OV pakken? Prettigere stations en haltes Minder de auto? Beter OV
6 Belangrijkst in de straat? Groen Vaker lopen? Betere kwaliteit stoepen Vaker fietsen? Betere kwaliteit fietspaden Vaker OV pakken? Meer directe busverbindingen Minder de auto? Beter OV
7
1
Belangrijkst in de straat? Groen Vaker lopen? Betere kwaliteit stoepen Vaker fietsen? Betere kwaliteit fietspaden Vaker OV pakken? Meer directe busverbindingen Minder de auto? Beter OV
Belangrijkst in de straat? Groen Vaker lopen? Kortere wachttijd verkeerslichten Vaker fietsen? Kortere wachttijd verkeerslichten Vaker OV pakken? Betere/meer fietsparkeerplaatsen Minder de auto? Betere fietspaden
3
Belangrijkst in de straat? Groen & ruimte voor ontmoeten Vaker lopen? Meer stoepen Vaker fietsen? Meer & betere fietspaden Vaker OV pakken? Meer directe busverbindingen Minder de auto? Veiliger verkeer
8
Belangrijkst in de straat? Verkeersveiligheid Vaker lopen? Kortere wachttijd verkeerslichten Vaker fietsen? Betere kwaliteit fietspaden Vaker OV pakken? Meer directe busverbindingen Minder de auto? Beter OV
Belangrijkst in de straat? Ruimte om te lopen Vaker lopen? Kortere wachttijd verkeerslichten Vaker fietsen? Kortere wachttijd verkeerslichten Vaker OV pakken? Geen mening Minder de auto? Geen mening
5
Belangrijkst in de straat? Verkeersveiligheid Vaker lopen? Veiliger gevoel op straat Vaker fietsen? Betere kwaliteit fietspaden Vaker OV pakken? Prettigere stations en haltes & meer directe busverbindingen Minder de auto? Beter OV
11
9
10 Belangrijkst in de straat? Verkeersveiligheid Vaker lopen? Meer voorzieningen op loopafstand Vaker fietsen? Betere kwaliteit fietspaden Vaker OV pakken? Meer directe busverbindingen Minder de auto? Beter OV
Belangrijkst in de straat? Ruimte om te lopen Vaker lopen? Betere kwaliteit stoepen Vaker fietsen? Betere kwaliteit fietspaden Vaker OV pakken? Betere overstap van bus en tram op trein Minder de auto? Beter OV
Belangrijkst in de straat? Verkeersveiligheid Vaker lopen? Kortere wachttijd verkeerslichten Vaker fietsen? Betere kwaliteit fietspaden Vaker OV pakken? Meer directe busverbindingen Minder de auto? Beter OV
Dit geeft een kwalitatief beeld per wijk vanwege de verschillende aantallen per wijk
Oud-Rijswijk, Bomenbuurt, Welgelegen, Rembrandtkwartier & Havenkwartier
Cromvliet & Leeuwendaal Muziekbuurt & Wilhelminapark
Stervoorde, Eikelenburg & Hoekpolder
Overvoorde, Strijp, Presidentenbuurt & Ministerbuurt
70 jaar en ouder 60-69 jaar
Julianapark, Huis te Lande & Te Werve
Hoornwijck & Broekpolder
Plaspoelpolder
Sion, Elsenburg, Pasgeld, Haantje & Rijswijk Buiten
Spoorzicht, Kleurenbuurt, Artiestenbuurt & Stationskwartier Kraayenburg & Vrijenban
19-29 jaar 30-39 jaar
29%
50-59 jaar
samenwonend met inwonende kinderen
gebruikt gebruikt een auto geen auto
40-49 jaar
18%
alleenstaand
alleenstaand met inwonende kinderen
43%
samenwonend
De onderzoeksgroep is gewogen naar gender, leeftijdscategorie en wijk. Hierdoor zijn de resultaten ten aanzien van deze kenmerken representatief voor de inwoners van Rijswijk.
53
53
VOORWOORD
INHOUDSOPGAVE
H1
INLEIDING
H3
ONTWIKKELINGEN
H5
KANSEN
H7
NADERE UITWERKING OP HOOFDLIJNEN
SAMENVATTING
BIJLAGE: RESULTATEN VAN DE PEILING
H2
HOE STAAT RIJSWIJK ER NU VOOR?
H4
DOELSTELLINGEN EN UITGANGSPUNTEN
H6
MOGELIJK TOEKOMSTBEELD
H8
MOBILITEIT IN RELATIE TOT GEZONDHEID, ECONOMIE, CAMPAGNES EN HANDHAVING
H9
VERVOLG