CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

21-031 e_toelichting bestemmingsplan (excl. bijlagen).pdf

Raadsvergadering 17 juni 2021, gemeente RijswijkBij agendapunt: Raadsvoorstel vaststellen bestemmingsplan De Terp (21-031)28.553 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 72

4.12

Windhinder

4.12.1 Kader Van windhinder is sprake als gedurende een te groot aantal uren per jaar een bepaalde windsnelheid wordt overschreden. Bij de voorgenomen (her)ontwikkeling van De Terp is in het nieuwbouwdeel sprake van één nieuw hoogbouw-accent van circa 71 meter en één van circa 47 meter. Hoogbouw kan invloed hebben op het windklimaat. Aan de hand van CFD-berekeningen is onderzocht in hoeverre er een kans bestaat op het optreden van windhinder in de omgeving van het plangebied in de huidige situatie en in de situatie na de voorgenomen transformatie en nieuwbouw met twee hoogbouw-accenten. Bij de beoordeling van de kans dat de hogere windsnelheden kunnen leiden tot hinder (conform de norm NEN 8100: Windhinder en windgevaar in de gebouwde omgeving) wordt gekeken naar het aantal uur per jaar dat deze snelheden op kunnen treden in combinatie met het gebruik van het te beoordelen gebied. 4.12.2 Beoordeling In het kader van het bestemmingsplan is een windhinderonderzoek uitgevoerd. De conclusies van dit onderzoek luiden als volgt: - De resultaten hebben laten zien dat het windklimaat nabij de nieuwbouw als ‘luw’ is te omschrijven met overwegend windhinderklassen A, B en C. Dit biedt een acceptabel windklimaat in de winkelstraten, nabij gelegen entreegebieden en zelfs een goed windklimaat in de binnentuin.

- Aan de westzijde van de nieuwbouw (kruispunt tussen Generaal Spoorlaan en S106/Prinses Beatrixlaan) heerst een windrijk klimaat met overwegend windhinderklassen C/D. Hierover wordt in het onderzoek echter het volgende geconstateerd: De zone met windhinderklasse C/D op de S106/Prinses Beatrixlaan is gelegen op een verkeersroute, waarmee dit acceptabel is. - Hierbij is er nergens windgevaar aanwezig. - Let hierbij op dat het windklimaat hier is bepaald zonder vegetatie. Indien bomen, hagen en struiken, zoals nu in de omgeving aanwezig zijn, worden meegenomen dan zal het windklimaat naar verwachting verder optimaliseren. Het volledige windhinderonderzoek maakt, samen met het windhinderonderzoek dat in het kader van het Masterplan In de Bogaard is uitgevoerd, als bijlage X onderdeel uit van deze toelichting. 4.12.3 Conclusie Het aspect windhinder vormt geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.

4.13

Bezonning

4.13.1 Kader In het kader van een goede ruimtelijke ordening is de schaduwwerking van de beoogde bebouwing voor de omgeving in de bestaande alsmede in de nieuwe situatie ter plaatse van in de nabije omgeving gelegen woningen inzichtelijk gemaakt. Voor een goede ruimtelijke ordening worden op het gebied van bezonning en beschaduwing geen wettelijke of publiekrechtelijke eisen gesteld. Wel wordt voor woningen vaak gekeken naar de lichte TNO-norm.

Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 73

Lichte TNO-norm Een woning krijgt de waardering voldoende wanneer er sprake is van ten minste twee mogelijke bezonningsuren per dag in de periode van 19 februari tot 21 oktober (acht maanden). Als beoordelingspunt geldt het midden van de vensterbank aan de binnenkant van het raam van de woonkamer. De twee uur zon hoeven niet aansluitend plaats te vinden en de bezonning op de voor- en achtergevel mogen bij elkaar opgeteld worden. 4.13.2 Beoordeling In het kader van het bestemmingsplan is een bezonningsstudie uitgevoerd, deze maakt samen met de bezonningsstudie die in het kader van het Masterplan In de Bogaard is uitgevoerd als bijlage XI onderdeel uit van deze toelichting. De conclusies van deze studie zijn als volgt: - Voor de woningen gelegen aan de overzijde van de Prinses Beatrixlaan en de Generaal Spoorlaan geldt dat de bezonningsduur wordt beïnvloed door het nieuwe bouwplan van de Terp. Deze woningen voldoen echter nog ruimschoots aan de vereiste bezonningsduur. - In de omgeving zijn een aantal kritische plekken qua bezonning. Dit betreffen de volgende woningen: o woningen in het woonblok, hoek Beatrixlaan en Generaal Spoorlaan, die zijn georiënteerd aan de oost- en noordgevel. Deze woningen voldoen aan de oostgevel aan ten minste 2 uur bezonning op basis waarvan wordt voldaan aan de lichte TNO-norm.

Voor alle woningen geldt (zie figuur 2) dat ze ten minste één gevel van de woonkamer is georiënteerd op de oost-, zuid-, of westgevel. Hierdoor wordt voor elke woning voldaan aan de lichte TNO-norm. o woningen in het gebouw De Generaal die ten oosten van het nieuwbouwplan liggen. Op de onderste lagen aan de westgevel wordt niet volledig voldaan aan de vereiste bezonningsduur van minimaal 2 uur. Het betreffen hier zes woningen van de in totaal circa 20 woningen aan de westgevel. Op 21 maart voldoen deze woningen wel aan de bezonningsduur van minimaal 2 uur. Het niet voldoen is dus alleen van toepassing op de eerste en laatste maand van de beoordelingsperiode (19 februari tot 21 oktober). Op een beperkt aantal woningen na, wordt bij omliggende woningen voldaan aan de bezonningsvereiste van 2 uur zon in de woonkamer. Bij 6 woningen wordt niet voldaan aan de bezonningsvereiste van 2 uur zon in de woonkamer. Dit betreft echter een korte periode tussen februari - maart en tussen september - oktober (begin en eind van de beoordelingsperiode). In vergelijking met het door de gemeenteraad vastgestelde Masterplan In de Bogaard (zie ook paragraaf 2.3.1 en 3.4.4) en de bezonningsstudie die in dit kader is uitgevoerd heeft er geen nadelige wijziging plaatsgevonden in het aantal woningen dat niet voldoet aan het bezonningsvereiste.

Bij de woningen in het bouwvolume/hoogteaccent aan de kruising Prinses Beatrixlaan en Generaal Spoorlaan (die geen onderdeel uitmaken van de voorgenomen (her)ontwikkeling) heeft zelfs een verbetering plaatsgevonden. Het bouwplan voor De Terp is ten opzichte van het Masterplan dusdanig aangepast dat bij alle bestaande woningen in dit bouwblok nu voldaan wordt aan de vereiste bezonningsduur. Voor de woningen in het gebouw De Generaal werd als gevolg van het Masterplan bij 8 appartementen niet voldaan aan de bezonningsnorm. Het aantal woningen dat nu niet voldoet is met twee woningen verminderd (al is dit niet het gevolg van aanpassingen in het bouwplan voor de Terp). Al met al is daarmee voor de betreffende 6 appartementen sprake van een belangenafweging tussen enerzijds niet volledig voldoen aan de

Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 74

vereiste bezonningsduur en anderzijds de ambities van het Masterplan waaraan met het bouwplan voor De Terp invulling wordt gegeven. Hierover wordt het volgende opgemerkt: - Zowel het woningaantal waarbij als de periode waarin niet kan worden voldaan aan de lichte TNO-norm is met onderscheidenlijk 6 appartementen en 2 maanden per jaar relatief beperkt. Gesteld kan worden dat de omvang en duur van de verminderde bezonning in beginsel niet onaanvaardbaar is, mede omdat de lichte TNO-norm een ambitieniveau betreft (en geen wettelijke eis). - Het bouwplan voor De Terp betreft een binnenstedelijke ontwikkeling waarmee een groot maatschappelijk belang gediend is. Gelet op het grote maatschappelijke belang wordt de relatief beperkte mate waarin voor enkele woningen niet aan de lichte TNO-norm kan worden voldaan, aanvaardbaar geacht. 4.13.3 Conclusie Het aspect bezonning vormt geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.

4.14

Reflectie

4.14.1 Kader Binnen enkele dakvlakken van de voorgenomen nieuwbouw in het plangebied worden zonnepanelen geplaatst. De plaatsing van zonnepanelen op daken is zonder (omgevings)vergunning mogelijk (met uitzondering van de beoogde panelen bovenop P4) en betreft een bouwactiviteit die in stedelijk gebied veelvuldig voorkomt. In het kader van goede ruimtelijke ordening is echter kort in algemene zin beoordeeld hoe waarschijnlijk (hinderlijke) reflecties van de beoogde zonnepanelen zijn. 4.14.2 Beoordeling Of de te plaatsen zonnepanelen in algemene zin tot (hinderlijke) reflecties kunnen leiden is kort beoordeeld in een notitie, waarvan de conclusie als volgt luidt: Op basis van de voorgaande notitie kan in algemene zin worden geconcludeerd dat hinder vanwege eventuele reflecties van de nieuw te plaatsen zonnepanelen in dakvlakken binnen De Terp naar gebouwen/woningen in de omgeving niet is te verwachten. Daar komt nog bij dat de frequentie van eventuele reflecties qua omvang relatief beperkt is. In algemene zin wordt tot slot nog opgemerkt dat eventuele reflecties van zonnepanelen ook nog geminimaliseerd kunnen worden door de toepassing van coatings, wijzigingen in hellingshoeken en positionering ten opzichte van de zon, uiteraard binnen de bandbreedte voor de gewenste energieopbrengst van de zonnepanelen.

De volledige notitie inzake reflectie maakt als bijlage XIII onderdeel uit van deze toelichting. 4.14.3 Conclusie Het aspect reflectie vormt geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.

Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 75

5

Juridische planbeschrijving

5.1

Planvorm

5.1.1 Algemeen Doel van dit bestemmingsplan is het opstellen van een adequate en actuele juridischplanologische regeling voor de ontwikkeling van een woning. Een bestemmingsplan is een planologische regeling die zowel de burger als de overheid rechtstreeks bindt. De regels en verbeelding dienen als één geheel te worden beschouwd en kunnen niet los van elkaar worden gezien. De toelichting op de regels en verbeelding is niet juridisch bindend, maar biedt wel inzicht in de belangenafweging die tot de aanwijzing van bestemmingen heeft geleid. In dit hoofdstuk wordt aangegeven op welke wijze de voorkomende functies in het bestemmingsplan worden geregeld. In de planopzet is aansluiting gezocht bij de uitgave Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen, kortweg SVBP. 5.1.2 De verbeelding De verbeelding heeft een belangrijke rol bij het bepalen van de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden op de planlocatie. Daartoe zijn op de verbeelding onder meer bestemmingsvlakken, functieaanduidingen en bouwvlakken opgenomen. 5.1.3 De planregels De planregels geven inhoud aan de op de verbeelding gegeven bestemmingen. Ze geven aan waarvoor de gronden en opstallen al dan niet mogen worden gebruikt en wat en hoe er gebouwd mag worden. Bij de opzet van de planregels is het aantal regels zo beperkt mogelijk gehouden. Alleen datgene is geregeld, wat werkelijk noodzakelijk is.

Toch kan het in een concrete situatie voorkomen dat een afwijking van de planregels gewenst is. Daarom zijn er in het bestemmingsplan afwijkingsmogelijkheden opgenomen. De bevoegdheid om door een omgevingsvergunning een afwijking van bepaalde regels te verlenen, is gebaseerd op artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro). De uitvoering berust bij burgemeester en wethouders. Deze bevoegdheid maakt kleine afwijkingen mogelijk binnen de aan de grond toegekende bestemming. De opbouw van de regels is gelijk aan Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012. De bij dit plan behorende planregels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken, te weten: 1. Inleidende regels 2. Bestemmingsregels 3. Algemene regels 4. Overgangs- en slotregels In hoofdstuk 1 worden de in de planregels gehanteerde begrippen nader verklaard, zodat interpretatieproblemen zoveel mogelijk worden voorkomen. Daarnaast wordt aangegeven op welke wijze gemeten moet worden. In hoofdstuk 2 zijn specifieke regels opgenomen voor de op de verbeelding gegeven bestemmingen. De artikelen bestaan uit een bestemmingsomschrijving en bouwregels, en zo nodig uit afwijkingsregels en specifieke gebruiksregels. De bestemmingsomschrijving is bepalend voor het gebruik van de grond. De hoofdstukken 3 en 4 bevatten regels die van toepassing zijn op meerdere bestemmingen.

Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 76

5.2

Artikelsgewijze toelichting

5.2.1

Inleidende regels

Artikel 1: Begrippen In het eerste artikel zijn omschrijvingen opgenomen van de belangrijkste begrippen die in de planregels voorkomen. Door het opnemen van begrippen wordt de interpretatievrijheid ten aanzien van de planregels verkleind, waardoor de rechtszekerheid wordt vergroot. Artikel 2: Wijze van meten Dit artikel geeft aan hoe de in het plan voorgeschreven maten dienen te worden gemeten of berekend. Door het opnemen van aanwijzingen voor het meten wordt de interpretatievrijheid ten aanzien van de planregels verkleind, waardoor de rechtszekerheid wordt vergroot. 5.2.2

Bestemmingsregels

Artikel 3: Verkeer - 3 Deze bestemming is opgenomen voor de leefstraat en is overgenomen uit het gemeentelijk handboek. De bestemming 'Verkeer - 3' is bedoeld voor erftoegangswegen en verblijfsgebieden. Artikel 4: Wonen - 2 Deze bestemming is opgenomen voor de rest van het plangebied, omdat primair een woonfunctie wordt gerealiseerd. De bestemming 'Wonen - 2' is grotendeels overgenomen uit het gemeentelijk handboek en is bedoeld voor gestapelde woningen. Daarbij zijn in totaal 387 woningen toegestaan, dit betreft de 345 woningen binnen het plan en de 42 reeds bestaande woningen. Voor de overige functies op met name de begane grond is gewerkt met aanduidingen, waarbij een brede begripsomschrijving voor commerciële voorzieningen is opgesteld/toegevoegd. Daarnaast is hierbij een afwijkingsmogelijkheid voor een supermarkt opgenomen, met onder andere de voorwaarde dat het moet gaan om verplaatsing van een bestaande supermarkt uit Rijswijk. De aanduidingen van P4 en P5 zijn overgenomen uit het geldende bestemmingsplan. Tot slot is ter plaatse van twee zijden van het nieuwbouwdeel een gevellijn opgenomen, om het mogelijk te maken dat de vier bouwlagen boven de begane grond 2 meter uitkragen. Daarnaast is een specifieke aanduiding toegekend aan de groene binnentuin c.q. open binnenruimte.

Deze aanduiding heeft primair tot doel om te voorkomen dat in dit gebied (al dan niet vergunningsvrij) allerlei bouwwerken kunnen worden gerealiseerd, die afbreuk doen aan de groene openheid als kernkwaliteit van dit gebied. Behoudens kunstobjecten, lichtmasten, speel- en ontmoetingsvoorzieningen zijn in dit gebied alleen bouwwerken, geen gebouw zijnde tot maximaal 1 meter hoog toegestaan. De enige uitzondering hierop is dat nog specifiek de bouw van een kleine kas in de binnentuin mogelijk is. Artikel 5: Waarde - Archeologie 1 Op basis van het archeologische beleid is aan het plangebied een dubbelbestemming toegekend. Met deze dubbelbestemming wordt geregeld dat er uitsluitend werken en werkzaamheden uitgevoerd mogen worden, nadat is aangetoond dat de archeologische waarden niet worden aangetast. Deze dubbelbestemming is integraal overgenomen uit het gemeentelijk handboek.

Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 77

5.2.3

Algemene regels

Artikel 6: Anti-dubbeltelregel In dit plan zijn sommige bouwregels gerelateerd aan de oppervlakte van gronden, bijvoorbeeld aan de oppervlakte van een bouwperceel. Indien dezelfde gronden meerdere keren in aanmerking worden genomen bij het verlenen van (verschillende) omgevingsvergunningen, kunnen de bebouwingsmogelijkheden daardoor onbedoeld verruimd worden. De anti-dubbeltelregel voorkomt dit. Artikel 7: Algemene bouwregels Dit artikel geeft regels ten aanzien van overschrijding van bouwgrenzen van met name ondergeschikte bouwdelen en ondergronds bouwen. Artikel 8: Algemene gebruiksregels Dit artikel geeft voor dit plan een beperking met betrekking tot het toegestane gebruik van gronden. Het gaat hierbij om ongewenst gebruik of gebruik dat enige vorm van hinder kan veroorzaken waardoor het woon- en leefklimaat onevenredig wordt aangetast. Artikel 9: Algemene afwijkingsregels Dit artikel is een aanvulling op de afwijkingsregels uit de bestemmingen. In het artikel is een aantal algemene afwijkingen opgenomen, die door een omgevingsvergunning kunnen worden verleend. Het betreft een standaardregeling uit het handboek die het mogelijk maakt om onder voorwaarden bij de uitvoering van bouwplannen beperkte afwijkingen van het plan bij een omgevingsvergunning mogelijk te maken. Het gaat bijvoorbeeld om een geringe overschrijding van de toegestane bouwhoogte.

Artikel 10: Overige regels In dit artikel is toetsing aan de geldende parkeernorm geborgd/vastgelegd. 5.2.4

Overgangs- en slotregels

Artikel 11: Overgangsrecht In het overgangsrecht is een regeling opgenomen voor bebouwing en gebruik dat al bestond bij het opstellen van het plan, maar dat strijdig is met de opgenomen regeling. Onder bepaalde voorwaarden mag deze strijdige bebouwing en/of strijdig gebruik worden voortgezet of gewijzigd. Artikel 12: Slotregel In de slotregels is de officiële naam van het plan bepaald. Onder deze naam kan het bestemmingsplan worden aangehaald.

Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 78

6

Uitvoerbaarheid en handhaving

6.1

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

In het proces van totstandkoming van de transformatie van In de Bogaard (en omgeving) is reeds nadrukkelijk ingezet op participatie en inspraak van ondernemers uit en bewoners van In de Bogaard en omgeving. De Gebiedsvisie (uit 2017) en het Masterplan (uit 2019) zijn opgesteld met inzet en inbreng van vele partners, waaronder de vele vastgoedeigenaren in het gebied. Er hebben gemeenschappelijke en afzonderlijke sessies met de eigenaren van het vastgoed plaatsgevonden, werksessies tussen experts en participatiemomenten met inwoners en ondernemers. Omdat er in het kader van het Masterplan al verschillende participatiemomenten zijn geweest, er een formele inspraakprocedure is doorlopen en de ontwikkeling van De Terp in het Masterplan past, is afgezien van een formele inspraakprocedure op basis van een voorontwerpbestemmingsplan. Met de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan zijn er mogelijkheden om een zienswijze in te dienen. Aanvullend hierop wordt tijdens de inzageperiode van het ontwerpbestemmingsplan een informatiebijeenkomst georganiseerd voor omwonenden en andere geïnteresseerden.

6.2

Economische uitvoerbaarheid

Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan dient op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) in de toelichting van een bestemmingsplan minimaal inzicht te worden gegeven in de economische uitvoerbaarheid van het plan. Tevens is met de inwerkingtreding van de Wet ruimtelijke ordening de verplichting ontstaan om, indien sprake is van ontwikkelingen waarvoor de gemeente redelijkerwijs kosten moet maken, bijvoorbeeld voor de aanleg van voorzieningen van openbaar nut, en de plankosten, deze moeten kunnen worden verhaald op de initiatiefnemer c.q. ontwikkelaar. Een en ander dient te worden vastgelegd in privaatrechtelijke overeenkomsten met iedere grondeigenaar. Als er met een grondeigenaar geen overeenkomst is gesloten en het kostenverhaal niet anderszins is verzekerd, dient een exploitatieplan te worden opgesteld die tegelijkertijd met het bestemmingsplan moet worden vastgesteld. In het kader van de voorgenomen ontwikkeling wordt een privaatrechtelijke overeenkomst (anterieure overeenkomst) gesloten tussen de gemeente en de initiatiefnemer, waarin onder andere het kostenverhaal is verzekerd. Daarmee wordt het voorliggende initiatief financieel uitvoerbaar geacht.

6.3

Handhaving

De gemeente Rijswijk heeft besloten om de handhaving te verbeteren en heeft daarom een integrale handhavingsnota opgesteld. De nota ‘Handhaving Uitvoeringsprogramma 2019’ is in september 2018 vastgesteld. De nota heeft betrekking op bouwen, ruimtelijke ordening, milieu, APV, openbare orde, de Drank- en Horecawet en de Brandweer. Het doel van de integrale handhavingsnota is enerzijds om meer eenheid en uniformiteit te bewerkstelligen.

Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 79

Anderzijds wil de gemeente transparanter beleid, waarbij programmatische handhaving door een jaarprogramma voor de uitvoering een belangrijk onderdeel is. De integrale handhavingsnota geeft het ambitieniveau weer van de gemeente en beschrijft hoe dit gerealiseerd kan worden. De ambitie van de gemeente is dat zij zo effectief en efficiënt mogelijk handhaaft op de wet- en regelgeving waarvoor zij bevoegd gezag is. Men richt zich op het voorkomen van overtredingen. Daarnaast worden burgers en bedrijven geïnformeerd over het gewenst naleefgedrag en over de consequenties van ongewenst naleefgedrag. Voor het handhaven van regels heeft de gemeente de beschikking over een drietal instrumenten, de zogenoemde bestuurlijke, strafrechtelijke en privaatrechtelijke instrumenten. Het bestuursrechtelijke instrumentarium kan de gemeente zelfstandig toepassen. Het bestaat uit bestuursdwang en een bestuurlijke dwangsom. Bij strafrechtelijke handhaving heeft de gemeente de medewerking van politie en openbaar ministerie nodig. Strafrechtelijke sancties kunnen de bestuursrechtelijke aanpak van overtredingen zeer effectief ondersteunen. Als derde middel kan de gemeente privaatrechtelijk handhaven. De gemeente treedt dan op, op basis van haar eigendomsrecht. Efficiënte handhaving is gebaat bij heldere en overzichtelijke regels.

Bij het opstellen van dit bestemmingsplan is dan ook nadrukkelijk rekening gehouden met het voorkomen van ongewenste situaties in de toekomst. Er worden in het bestemmingsplan daarom heldere regels opgenomen over onder andere het gebruik van de gronden en de positie van de bouwwerken op de kavels. Door de eenduidige opzet van het bestemmingsplan kan er efficiënt worden gehandhaafd. Tevens kunnen ongewenste situaties worden voorkomen, omdat bouwinitiatieven makkelijker kunnen worden getoetst aan het bestemmingsplan.

Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 80

7

Procedure

7.1

Voorbereidingsfase

Voortraject Het is van groot belang dat burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties worden betrokken bij de totstandkoming van een bestemmingsplan. In het kader van het Masterplan, waarin de voorgenomen ontwikkeling op hoofdlijnen is opgenomen, heeft al een uitgebreid participatietraject plaatsgevonden (zie ook paragraaf 6.1). Overleg ex artikel 3.1.1 Bro Op grond van artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening dient bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg plaats te vinden met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in geding zijn. Een conceptversie van het ontwerpbestemmingsplan is aan de relevante overlegpartners gezonden, te weten de provincie, het hoogheemraadschap en de veiligheidsregio. De provincie heeft niet gereageerd (omdat geen provinciale belangen in het geding zijn), de reacties van het hoogheemraadschap en de veiligheidsregio zijn verwerkt in respectievelijk de paragrafen 4.8 (Water) en 4.6 (Externe veiligheid).

7.2

Ontwerpfase

Op de voorbereiding van een bestemmingsplan is artikel 3.8 Wro (gelezen in samenhang met afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht) van toepassing. De kennisgeving van het ontwerpbesluit tot vaststelling van het bestemmingsplan moet in de Staatscourant worden geplaatst en dient ook via de elektronische weg te geschieden. Deze kennisgeving heeft op donderdag 4 maart 2021 plaatsgevonden. Tevens is de kennisgeving toegezonden aan die diensten van Rijk en provincie die belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn, aan het waterschap en aan belanghebbende gemeenten. Ook heeft op maandag 22 maart 2021 een digitale informatiebijeenkomst over het ontwerpbestemmingsplan plaatsgevonden. Het ontwerpbestemmingsplan is gedurende zes weken ter inzage gelegd, van vrijdag 5 maart 2021 tot en met donderdag 15 april 2021. Binnen deze termijn is een ieder in de gelegenheid gesteld een zienswijze op het plan in te dienen. Van deze mogelijkheid is gebruik gemaakt. De ontvangen zienswijzen zijn samengevat en beantwoord in de Nota van Zienswijzen, die als bijlage XIV onderdeel uitmaakt van dit bestemmingsplan. In deze nota is tevens een overzicht opgenomen van de wijzigingen die ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan zijn doorgevoerd (en de redenen hiervoor).

7.3

Vaststellingsfase

Binnen twaalf weken na de termijn van terinzagelegging moet de gemeenteraad beslissen omtrent de vaststelling van het bestemmingsplan.

Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 81

Tegen het besluit tot vaststelling staat, voor belanghebbenden, direct beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Indien geen verzoek om voorlopige voorziening is ingediend, treedt het plan direct na de beroepstermijn in werking.

Bestemmingsplan “De Terp” Toelichting Vastgesteld 15 juni 2021 82

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=a880ba69-8a0c-4245-881a-9a52f29ea31e