CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

21-024 Gemeentelijk Riolerings- en waterplan Rijswijk.pdf

Raadsvergadering 15 juni 2021, gemeente RijswijkBij agendapunt: Raadsvoorstel Gemeentelijk riolerings- en waterplan Rijswijk (21-024)22.233 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

RAPPORT

Klant:

Referentie: BH5408WATRP2103231141WM :

Definitief/P01.01

Projectgerelateerd

HASKONINGDHV NEDERLAND B.V.

3068 AX ROTTERDAM Trade register number: 56515154

F info@rhdhv.com E royalhaskoningdhv.com W

Ondertitel: Referentie: BH5408WATRP2103231141WM Status: P01.01/Definitief Datum: 23 maart 2021 Projectnaam: Projectnummer: BH5408

Opgesteld door:

Liese Sanders, Ivar Roefs, Marco de Kraker en André van de Waart

Datum: 23 maart 2021

Datum: 23 maart 2021

Classificatie

Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of voor dit document,

2021

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

i

Inhoud 1

-

1

1.1

Aanleiding

1

1.2

Status en geldigheidsduur

3

1.3

3

2

Water in onze gemeente (huidige situatie)

5

2.1

Inventarisatie voorzieningen

5

2.3

Functioneren van de systemen

9

2.4

Klimaatadaptatie

10

3

Hoe is het de afgelopen jaren gegaan (evaluatie)

12

3.1

Resultaten evaluatie planperiode 2016-2020

12

3.2

Terugblik op personele en financiële aspecten

13

4

Aan welke opgaven werken we (visie)

14

4.2

Kwetsbaarheid: vermindering van de kwetsbaarheid

15

4.3

Kosten: minder-meerkosten

16

5

Hoe gaan we er komen (strategie)

17

5.1

Hemelwater

17

5.2

Grondwater

21

5.3

Afvalwater

25

5.4

Oppervlaktewater

30

5.5

Bewust van water

35

5.6

Duurzaamheid & circulariteit

36

6

Wat gaan we doen (maatregelen)

38

6.2

Beheeractiviteiten

38

6.3

Uitvoeringsprogramma Wateragenda

39

7

Financiën en organisatie

44

7.1

Lasten rioleringszorg

44

7.2

Kostendekking rioleringszorg

48

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

ii

7.3

Oppervlaktewaterbeheer

50

7.4

Personele middelen

50

1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

Watersysteem regio Delfland Wettelijk en beleidskader Overzicht van voorzieningen Werken volgens de DoFeMaMe-werkwijze Bijlage: Toetsing per functionele eis (huidige situatie) Evaluaties GRP en Wateragenda Uitvoeringsprogramma Waterplan

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

iii

1

Waarom een riolerings- en waterplan (inleiding)

1.1

Aanleiding

Gemeente Rijswijk wil een schone, veilige en biodiverse leefomgeving voor inwoners. Het versterken en beschermen van groenzones is daarom belangrijk. We willen een openbare ruimte die iedereen uitnodigt zorgen voor voldoende waterberging in de gemeente. Vanuit de gemeentelijke watertaken kunnen we een bijdrage leveren aan deze ambities. Dit gemeentelijk riolerings- en waterplan beschrijft hoe we de aankomende jaren (2021-2025) invulling geven aan onze watertaken en hoe dit bijdraagt aan het en grondwater, maar ook over oppervlaktewater in onze stad. Het plan geeft tevens een onderbouwing van de rioolheffing.

gemeentelijk rioleringplan (GRP) opgesteld. Voorliggend plan is daarop gebaseerd, waarbij de gemeente Rijswijk het Waterplan heeft toegevoegd. Het Hoogheemraadschap van Delfland (hierna Delfland) heeft vanaf de start deelgenomen aan het proces om te komen tot de huidige invulling van dit plan.

1.1.1

De gemeentelijke watertaken

Zorgplichten in de waterketen Elke gemeente in Nederland heeft drie watertaken als het gaat om de (afval)waterketen in de gemeente, de grondwaterzorgplicht. Deze zorgplichten vormen de basis van het gemeentelijk beleid rondom hemel-, afval- en grondwater. De waterschappen hebben vervolgens de zorgplicht voor het zuiveren van stedelijk afvalwater. Gemeente en waterschap zijn volgens de Waterwet verplicht tot samenwerking om te komen van inname, inzameling en zuivering van afvalwater. Hemelwaterzorgplicht sneeuw en hagel) dat op openbaar terrein terecht komt2. Er zijn verschillende manieren waarop gemeentes dat doen. Hemelwater kan gezamenlijk met het afvalwater via een gemengd rioolstelsel afgevoerd worden. Een meer duurzame en klimaatbestendigere manier om hemelwater te verwerken is verwerkt. Afvalwaterzorgplicht doet de gemeente dit door het aanleggen en onderhouden van een rioleringsstelsel. Dat stelsel vervoert afvalwater van huishoudens en bedrijfspanden naar de waterzuivering. De laatste jaren is er ook aandacht voor decentrale waterzuivering, waarbij afvalwater lokaal gezuiverd en hergebruikt of geloosd wordt.

1

Onder het verwerken van hemelwater kunnen in ieder geval de volgende maatregelen worden begrepen: de berging, het transport, de nuttige toepassing, het, al dan niet na zuivering, terugbrengen op of in de bodem of in het oppervlaktewater van ingezameld hemelwater, en het afvoeren naar een zuivering technisch werk. In sommige gevallen heeft de gemeente ook de verantwoordelijkheid voor het hemelwater van particulier terrein. Dat is alleen het geval wanneer er redelijkerwijs niet van de particulier verwacht kan worden dat hij zelf die verantwoordelijkheid draagt, zie hoofdstuk 5: Hemelwaterzorgplicht DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

1

Grondwaterzorgplicht De verantwoordelijkheden van de gemeente op het gebied van grondwater zijn genuanceerder dan de

grondwaterstand. Wel is de gemeente in sommige gevallen verantwoordelijk voor het zo veel mogelijk beperken van structurele nadelige gevolgen van grondwateroverlast (te hoge) of -onderlast (te lage grondwaterstand)3. Daarnaast kan de gemeente aansprakelijk worden gesteld voor het niet nakomen van

Het GRP geeft invulling aan de zorgplichten Voldoen aan de zorgplichten is een wettelijke vereiste voor gemeentes. Hóe we voldoen aan de hoe wij invulling geven aan de zorgplichten. We hebben een visie, met bijbehorende ambities voor ons waterbeleid: een gezonde, aantrekkelijke gemeente met een hoge ruimtelijke kwaliteit zijn. Die visie en ambities vormen de basis voor de strategie en de maatregelen die per zorgplicht terug te vinden zijn in dit . Het GRP valt tot het in werking treden van de Omgevingswet onder planverplichting voor de gemeentelijke rioleringszorg zoals vastgelegd in de Wet Milieubeheer art. 4.22. De hierin beschreven

Verantwoordelijkheden in het waterbeheer De gemeente Rijswijk en Hoogheemraadschap van Delfland werken daarnaast ook al jaren nauw samen uitvoeringsprogramma willen zij een duurzaam, schoon, gezond en veilig watersysteem en een vitale aantrekkelijke leefomgeving realiseren.

In de dagelijkse praktijk is het Hoogheemraadschap van Delfland verantwoordelijk voor het peilbeheer (het afvoeren van water en het op niveau houden van het waterpeil in de sloten) en voor beheer en onderhoud van waterkeringen en sloten. Daarbij bewaakt Delfland ook de (zwem)waterkwaliteit en riolering, het inzamelen en afvoeren van hemelwater en onderhoudt de walkanten en oevers. Het Waterplan is de basis voor samenwerking daarin het uitvoeringsprogramma 2019-2020, vormen de basis voor de samenwerking tussen de gemeente en het waterschap. Dit nieuwe plan vervangt het oude waterplan en bevat de actuele afspraken om de verschillende wateropgaven integraal aan te pakken.

1.1.2

Voorbereid op de omgevingswet

Naar verwachting wordt in 2022 de Omgevingswet van kracht. Onder deze Omgevingswet vervalt de planverplichting een GRP op te stellen. Gemeenten blijven wél verplicht hun zorgplichten te vervullen en Omgevingsplan of -programma. Bijlage 1 gaat uitgebreider in op het wettelijk kader rondom het GRP en de samenhang met de Omgevingswet. 3

De volledige wettekst luidt als volgt: de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders dragen zorg voor het in het openbaar gemeentelijke gebied treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, voor zover het treffen van die maatregelen doelmatig is en niet tot de zorg van het hoogheemraadschap of de provincie behoort. (Artikel 3.6 Waterwet) DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

2

Om voor te sorteren op de implementatie van de Omgevingswet, hebben we dit Riolerings- en Waterplan alvast ingericht om als input voor de instrumenten van de Omgevingswet te kunnen dienen. Daarom heeft dit plan een andere vorm dan in voorgaande planperiodes. De in dit plan gedefinieerde opgaven dienen Omgevingswet: Omgevingsvisie, -plan en Daarbij hebben we ons ook gebaseerd op Watervisie die Delfland heeft opgesteld ter voorbereiding op de Omgevingswet.

Dit gemeentelijk riolerings- en waterplan vervangt het oude vGRP 2016-2020 van de gemeente Rijswijk en het oude Waterplan uit 2009, met de laatste Wateragenda tot 2021 en het Uitvoeringsprogramma 2019-202 niet of slechts deels zijn uitgevoerd en/of nog steeds nodig zijn (zoals bijvoorbeeld de KRW-maatregelen), zijn overgenomen in dit nieuwe plan. Nieuwe maatregelen die mogelijk volgen uit de watersysteemanalyses die nu nog lopen, worden de komende periode verder uitgewerkt en krijgen een plek in de nieuwe uitvoeringsagenda voor het waterplan. Voor dit nieuwe plan kiezen wij voor een looptijd van vijf jaar: van 2021 tot en met 2025. Tussentijds nemen we regelmatig de stand van zaken op en stellen we waar nodig het plan bij. Daarin nemen we ook de uitkomsten mee van de watersysteemanalyses. Halverwege de looptijd vindt er een evaluatie plaats. Het uitvoeringsprogramma bij het Waterplan stellen we ook op voor 5 jaar. De tabel en de van dit plan evalueren we elk jaar en breiden we eventueel uit. Als uit de watersysteemanalyse nieuwe (investerings)maatregelen komen, moeten daarvoor budgetten worden aangevraagd bij de besturen van waterschap en gemeente. We stemmen dit plan en de uitkomsten van tussentijdse evaluaties af met de implementatie van de Omgevingswet. Nieuwe inzichten kunnen worden meegenomen in de Omgevingsvisie, - plan of

1.3

Leeswijzer

Dit gemeentelijke water- en rioleringsplan is gebaseerd op de blauwdruk voor het GRP van het Netwerk Afvalwaterketen Delfland. Deze blauwdruk bevat de wette uitgebreid in op de invulling van de gemeentelijke zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater. Het bevat een beschrijving van de huidige situatie, het beleid en de maatregelen voor de komende planperiode. Daarmee vormt het ook de onderbouwing van de gemeentelijke rioolheffing. De gemeente Rijswijk heeft ervoor gekozen om het plan voor het stedelijk waterbeheer (het Waterplan) toe te voegen aan de blauwdruk. Daarom gaan de hoofdstukken die volgen ook in op de opgaven met betrekking tot het oppervlaktewater in de gemeente en de samenwerking met het waterschap aan maatregelen daarvoor. Achtereenvolgens komen aan de orde: Water in onze gemeente (hoofdstuk 2), waarin we beschrijven wat de huidige situatie is met betrekking voorzieningen die aanwezig zijn, de toestand ervan en het functioneren, maar ook over het proces van klimaatadaptatie en de verantwoordelijkheden in het waterbeheer. Hoe is het de afgelopen jaren gegaan (hoofdstuk 3), met een evaluatie van zowel de vorige

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

3

De opgaven waar we de komende planperiode aan werken (hoofdstuk 4), zoals verbeteren van de kwaliteit (een duurzaam watersysteem, waterkwaliteit, klimaatadaptatie), verminderen van kwetsbaarheid en beheersbaar houden van kosten. Hoe gaan we er komen (hoofdstuk 5) beschrijft uitgebreid de strategie die we volgen met betrekking tot het hemelwater, grondwater, afvalwater en oppervlaktewater binnen onze gemeente. Dit hoofdstuk bevat het gemeentelijk beleid en geeft richting aan de activiteiten die we de komende planperiode gaan uitvoeren om onze doelen te halen. Wat gaan we doen (hoofdstuk 6). Het betreft investeringen, beheermaatregelen, de wateragenda en beleidsmatige activiteiten. Financiën en organisatie (hoofdstuk 7) bevat het kostendekkingsplan en geeft naast de benodigde

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

4

2

Water in onze gemeente (huidige situatie)

Dit hoofdstuk geeft een overzicht van de aanwezige gemeentelijke voorzieningen voor riolering en water en proces van klimaatadaptatie. Het hoofdstuk eindigt met de toetsing van de huidige situatie aan de doelen van de gemeentelijke watertaken.

2.1.1

Zuiveringskring Harnaschpolder

rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI). De aanwezige voorzieningen voor inzameling, transport en zuivering van het stedelijke afvalwater en hemelwater in de zuiveringskring kunnen worden beschouwd als één systeem.

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

5

Binnen het beheersgebied van Delfland zijn vier zuiveringskringen te onderscheiden: Harnaschpolder, De Groote Lucht, Nieuwe Waterweg en Houtrust.

eigendom van Delfland. Delfluent Services BV draagt zorg voor het beheer en onderhoud van de zuivering Harnaschpolder inclusief het bijbehorende transportsysteem.

transportleidingen van Delfland.

De gemeente Rijswijk ligt grotendeels in de Noordpolder, Plaspoel en Schaapweipolder, Hoekpolder en Hoge Broekpolder en een stuk boezemland in het noordoostelijke deel van Rijswijk (oude centrum). Het watersysteem van de gemeente Rijswijk functioneert redelijk onafhankelijk van de buurgemeenten. De gemeentegrens valt grotendeels samen met de poldergrenzen waarbij Rijswijk wordt omringd door boezemwater. Grootste uitzondering daarop is de Noordpolder, waarvan ongeveer een kwart op Rijswijks grondgebied is gelegen (de zogenaamde Landgoederenzone tot aan de Van Vredenburchweg). De rest ligt op het grondgebied van de gemeente Den Haag.

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

6

Door Rijswijk loopt De Delftsche Vliet. De Delftsche Vliet maakt deel uit van het boezemsysteem tussen Den Haag en Rotterdam. Via het boezemstelsel wordt neerslag uit het agrarische achterland en het stedelijke gebied afgevoerd. Bijlage A1 bevat gedetailleerder informatie over de waterhuishouding van de gemeente Rijswijk en haar plaats binnen het regionale watersysteem.

Onderstaande tabel geeft een beknopt overzicht van de objecten waaruit het (afval)watersysteem in gemeente Rijswijk is opgebouwd. In bijlage A3 zijn tabellen en een tekening opgenomen die de beschrijving van de aanwezige voorzieningen (nader) duiden. Tabel 2.1 Overzicht aanwezige voorzieningen Omschrijving

Hoeveelheid

Eenheid

Vrijvervalstelstel Hoofdriool gemengd (vrijverval) Hoofdriool gescheiden & verbeterd gescheiden regenwater (vrijverval)*

93,48 72,482

km km

Hoofdriool gescheiden & verbeterd gescheiden vuilwater (vrijverval)*

47,038

km

Kolken Rioolgemalen Overstorten (gemengd stelsel, inclusief randvoorzieningen) Regenwater uitlaten gescheiden stelsel Randvoorzieningen hemelwater (bv helofytenfilter, wadi of lamellenfilter)

18800 51 93 33 5 (6025 m2)

stuks stuks stuks stuks stuks

67 18,784

stuks km

2 121

stuks Stuks

Grondwaterstandmeters Neerslagmeters Drainageleidingen

59 0 17,302

stuks stuks km

Lengte watergangen Lengte oevers - waarvan beschoeiingen - waarvan kademuren

63,5 Onbekend 135 6,5

Mechanische riolering Minigemalen (drukrioolstelsel) Persleidingen en drukriolering Particuliere voorzieningen Septic tanks Warmte-

**

km km km km 2

*Het betreft zowel gescheiden als verbeterd gescheiden riool. Er is in het beheersysteem geen onderscheid gemaakt en daarmee geen zicht op de onderlinge verhouding. ** Bron: www.wkotool.nl

rapportage de kenmerken van overstorten en uitlaten opgenomen, zodat deze zonder vergunning mogen lozen op het watersysteem.

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

7

2.2

Toestand van de riolering

Op basis van de uitgevoerde inspecties verkrijgt de gemeente inzicht in de toestand van de

Figuur 2.3 Lengte geïnspecteerde riolering per jaar

-norm geeft een eenduidig beoordelingskader van zaken die tijdens de inspectie geconstateerd worden. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in het type schade en de omvang ervan. De resultaten van de inspecties zijn hieronder weergegeven en geven een indicatie van de staat van het stelsel: . inspectie beschikbaar. 20% is niet geïnspecteerd, maar het overgrote deel daarvan betreft nog op te leveren nieuwbouw. Kortom: vrijwel alles in eigendom van de gemeente is geïnspecteerd en de inspectiegegevens zijn bijna allemaal niet ouder dan 10 jaar. de ingrijpmaatstaf. In 60% van die gevallen heeft het schadebeeld betrekking op de stabiliteit van de buis of de omgeving (BAA, BAB, BAC, BAF). Volgens de laatste inspectiegegevens is in ca. 20% van de geïnspecteerde strengen infiltratie aangetroffen (klasse 3-5). In 9% gaat het om situaties waarbij er een continue stroom water het riool binnenkomt (klasse 4-5). In 10% van de gevallen waarbij er sprake is van een schadebeeld groter of gelijk aan de Meerjarenprogramma Rioolstelsel. In 90% van de gevallen waarbij er sprake is van een schadebeeld groter of gelijk aan de ingrijpmaatstaf, moeten nog maatregelen worden bepaald en worden vastgelegd in het betreffende object en de relatie met systeem en omgeving). In paragraaf 5.3 staat uitgelegd hoe we komende planperiode gaan programmeren.

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

8

2.3

Functioneren van de systemen

2.3.1

Het fun

Het theoretisch functioneren van het gemeentelijke systeem wordt periodiek getoetst. In dit kader worden opgesteld en worden optimalisatiestudies afvalwatersystemen (OAS) verricht. Deze studies geven inzicht in het huidige functioneren van de systemen, en geven aan welke toenemende mate worden de modelberekeningen (theorie) aangevuld met de analyse van metingen aan het praktijk functioneren.

In samenwerking met de gemeenten Den Haag, Leidschendam-Voorburg en Westland heeft de gemeente Rijswijk in 2015 het stelsel hydraulisch opnieuw doorgerekend. De eerste resultaten laten zien dat het stelsel hydraulisch goed functioneert. Hierbij is ook een eerste inzicht verkregen in de effecten van

Van enkele plekken is bekend dat zich bij hevige regenval problemen kunnen voordoen. De riolering in de Delftweg is afgelopen planperiode tijdens onderhoudswerkzaamheden verbeterd en zijn nu geen problemen meer. Voor de situatie bij de Hoornbrug komt aankomende planperiode een reconstructie waarbij o.a. de pomp in het gemaal zal worden vervangen. Praktijk functioneren Om inzicht te krijgen in het praktijk functioneren van de gemeentelijke voorzieningen en om niet systeem. Op basis van deze metingen is onderstaande tabel ingevuld. De onderstaande tabel geeft de relevante meetpunten van gemeente en hoogheemraadschap weer. Tabel 2.2 Overzicht meetvoorzieningen Overstorten

Frequentie en duur

Beheerder I-real

Aantal 13

Gemalen

Niveaumeting

Xylem

50

Minigemalen

Frequentie en looptijd

Xylem

28

Peilbuizen

Niveaumeting

Van Essen

59

Eindgemalen

Niveau en debiet

Xylem

2

De verzamelde meetgegevens van de afvalwaterketen zijn beschikbaar voor analyse en vergelijking met het theoretische functioneren van de riolering. Gegevens worden nu nog niet structureel ingezet voor het optimaliseren van het functioneren van voorzieningen, maar straks wel gecombineerd met het model. Daarnaast biedt het klachten- en meldingenregistratiesysteem informatie over het werkelijk functioneren.

aansluitingen en starten met het opsporen hiervan. Doormiddel van sensoren is de wijk De Strijp onderzocht op foutaansluitingen. Er zijn een aantal rioolstrengen waar foutaansluitingen geconstateerd zijn. In een vervolgonderzoek worden de exacte locaties bepaald. Effect van vuilemissie op de ontvangende wateren Volgens het Waterplan Rijswijk en het Basis Rioleringsplan (BRP) zijn de effecten van de emissie van de gemeentelijke riolering acceptabel voor de ontvangende watergangen. Er zijn geen knelpunten in het voorzieningen voor de riolering. DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

9

2.3.2

Waterkwaliteit

Gemeente Rijswijk en Delfland werken samen aan het verbeteren van de waterkwaliteit in het gebied. In Kaderrichtlijn Water (KRW). In het kader van het nieuwe stroomgebiedsbeheerplan 2022-2027 (SGBP3) onderzoekt Delfland de huidige stand van de waterkwaliteit. Daarbij is niet alleen gekeken naar de doelen voor de KRW-waterlichamen, maar ook naar doelen voor de lokale wateren. Deze zijn door Delfland en de de waterbeheerpraktijk, inrichting (ecologisch netwerk, met natuurvriendelijke oevers en waterplantzones) en anticiperen op de toekomst. Deze maatregelen krijgen een plek in het voorliggend plan. -2021 en 2022samen met de gebiedspartners de planperiode 2022-2027 voor. De meest recente informatie over waterkwaliteit, plannen en maatregelen zijn te vinden op de website van Delfland.

2.3.3

Waterkwantiteit

Voor alle polders zijn watersysteemanalyses uitgevoerd om de stand van zaken ten opzichte van de normen uit de provinciale milieuverordening in beeld te hebben. Uit de resultaten van de watersysteemanalyse voor de Noordpolder (2021) is gebleken dat deze voldoet aan de normen van de waterverordening van de Provincie Zuid-Holland. De effecten van wateroverlast zijn zo gering dat maatregelen niet noodzakelijk zijn. Uit de effectstudie Plaspoel- en Schaapweipolder en Hoekpolder (2012) bleken wel enkele knelpunten, deze polder wordt momenteel een nieuwe watersysteemanalyse uitgevoerd, rekening houdend met de ontwikkelingen. Deze analyse wordt eind 2021 of begin 2022 afgerond. Uit de analyse voor de Hoge Broekpolder (2013) is geconcludeerd dat het watersysteem goed geen maatregelen nodig. Een nieuwe analyse wordt uitgevoerd en in 2021 of 2022 afgerond.

2.4

Klimaatadaptatie

Het proces van het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA, zie bijlage A2) omvat een aantal stappen die gemeenten doorlopen om te komen tot een waterrobuuste en klimaatbestendige inrichting van Nederland. In het kader van het DPRA-proces heeft de gemeente Rijswijk in samenwerking met Den Haag, Leidschendam-Voorburg en Westland klimaatstresstesten uitgevoerd op de hittestress. De provincie Zuid-

2.5

Toetsing huidige situatie

We werken volgens de DoFeMaMe-methode. Die gaat uit van Doelen, Functionele eisen, Maatstaven en Meetmethodes. De methode houdt onder andere in dat we de huidige situatie toetsen aan de functionele eisen die de gemeente voor de drie watertaken (afval-, hemel- en grondwater) heeft geformuleerd. Aan de maken de functionele eisen toetsbaar. De maatstaven die nog niet voldoen aan de gestelde ambities verdienen de komende planperiode extra aandacht om deze alsnog naar het gewenste niveau te brengen. Deze paragraaf bevat de conclusies van die toetsing. De volledige methode van toetsing is te vinden in

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

10

Geconcludeerd wordt dat in de huidige situatie al aan de meeste maatstaven wordt voldaan. Voor die aspecten is het dus zaak ervoor te zorgen dat we daaraan blijven voldoen (consolideren). Voor de andere maatstaven (zie Tabel 2.3) geldt dat er eerst nog activiteiten moeten worden ontplooid om het gewenste waar op dit moment nog helemaal niet aan wordt voldaan. Tabel 2.3 Maatstaven waar gedeeltelijk aan wordt voldaan

Code 2d

Maatstaven (grond)Wateroverlast en/of gevolgschade zijn beperkt.

2e

Het effect van foutaansluitingen en rioolvreemd water op

De reconstructie van de Hoornbrug gaat de situatie verbeteren. Aanpak foutaansluitingen loopt en wordt verder

3c 4a

Voldoen aan, en handhaving op, wet- en regelgeving

Gemeente Rijswijk gebruikt komende stellen. Een belangrijk onderdeel na de

4h

Adequaat klantcontact: - meldingensysteem is toegankelijk (melder - beheerder) - afhandeling meldingen binnen gestelde termijn - informatie uit melding wordt gebruikt voor verbeteringen

7c

Doelstellingen zijn gericht op anticiperen op klimaatverandering en bodemdaling.

7e

Er is voldoende aandacht voor bewonersparticipatie, zodat de klimaatadaptatie opgave gezamenlijk met bewoners en bedrijven wordt opgepakt.

Er is een nieuw meldingssysteem. Verdere ontwikkeling is nodig zodat meldingen beter te gebruiken zijn voor beleidsmatige doeleinden.

Voor klimaatadaptatie (het DPRA-proces en klimaat adaptief Bouwen) was er te weinig personeel en geen coördinator. Komende planperiode wordt hier meer aandacht aan gegeven. De klimaatadaptatie campagne wordt aankomende planperiode doorgezet en Steenbreek verder om samen met Delfland en bewoners te zorgen voor meer groen in

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

11

3

Hoe is het de afgelopen jaren gegaan (evaluatie)

Bij het opstellen van een nieuw plan is het belangrijk om het beleid uit het vigerende plannen te evalueren. en belangrijk om te weten wat de ervaringen zijn na vijf jaar werken met het beleid. Wat ging goed en waar liepen we tegen aan? Door de aandachtspunten in te bedden in het nieuwe beleid en in nieuwe maatregelen, realiseren we elke planperiode een verbeterslag.

3.1

Resultaten evaluatie planperiode 2016-2020

Uit de evaluatie van het vGRP 2016-2020 en het Waterplan (Wateragenda tot 2021) blijkt dat een groot deel van de doelen uit het vGRP 2016 - 2020 is niet uitgevoerd of uitgesteld. Er zijn onder andere maatregelen voor het voorkomen van wateroverlast genomen, er is een onderzoek gedaan naar foutieve aansluitingen, er heeft groot onderhoud plaatsgevonden op diverse locaties in de gemeente en er zijn maatregelen uit de Bestuursovereenkomst schoon en gezond water Delfland uitgevoerd. Voor de volledige lijst met uitgevoerde maatregelen en projecten wordt verwezen naar bijlage A6. Er spelen momenteel een aantal ontwikkelingen die in 2016 nog niet (genoeg) in beeld waren, zoals de energietransitie (invloed van warmtenet in de grond, bodemenergiesystemen, etc.) en klimaatverandering doelen van de afgelopen planperiode. Ze hebben wel invloed op het beleidsveld en er is in de afgelopen termijn ook aan maatregelen op deze gebieden gewerkt. Bijvoorbeeld de quick scan die in het kader van het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie is uitgevoerd en daaropvolgend de uitvoeringsagenda die in planperiode aandacht krijgen en in dit Riolerings- en Waterplan opgenomen worden. Gebaseerd op de beide evaluaties hebben we een aantal aandachtspunten benoemd (zie tabel 3.1). Bij aandachtspunten meegenomen. Tabel 3.1 Aandachtspunten planperiode 2021-2025 Huidige ontwikkelingen

Klimaatverandering (klimaatadaptatie, invloed van droogte en hevige neerslag)

Vervolgonderzoek op gebied van klimaatbestendigheid,

Verkennen van mogelijkheden voor afdwingen van maatregelen, met een Meer doelmatig afkoppelen en meer groen en biodiversiteit in de gemeente Onderzoek naar infiltratie Meer personele capaciteit voor klimaatadaptatie. Hemelwater

Afvalwater

Ac DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

12

Beheerstrategie doorontwikkelen, door inspecties gestructureerder, integraler en visueler te maken prioritering van rioolvervanging en verbetering mogelijk te maken.

Communicatie

Kansen op gebied van groen-blauwe schoolpleinen en Operatie Steenbreek inventariseren Waterkwaliteit

2027. Hiervoor wordt geen nieuwe bestuursovereenkomst afgesloten, maar is de afspraak dat gemeente en waterschap de resterende opgaven verder uitwerken en maatregelen definiëren. Besluitvorming over de uitkomsten van de uitwerking vindt plaats in bilateraal overleg. Daarin wordt de borging van de afspraken

Samenwerking RijswijkDelfland

Afstemmen van taken en vastleggen van verantwoordelijkheden op gebied van beheer en onderhoud van vaarwegen vanuit het Waterplan

3.2

Terugblik op personele en financiële aspecten

Er was over het algemeen voldoende fte, kennis en kunde beschikbaar binnen de gemeente, waar nodig is dit aangevuld met externe adviseurs of met kennis vanuit het Netwerk Afvalwaterketen Delfland. De pakken. Het is wenselijk om de aankomende planperiode een coördinator voor klimaatadaptatie aan te stellen.

bleek in de praktijk voldoende om de werkzaamheden zoals deze in het vGRP 2016-2020 waren onderbouwd en vastgelegd naar behoren uit te voeren. De investeringsbudgetten zijn taakstellend ingezet: het beschikbare budget is geïnvesteerd op de locaties waar dat het meeste nodig was.

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

13

4

Aan welke opgaven werken we (visie)

Dit hoofdstuk beschrijft de visie op het gebied van de waterketen in onze gemeente. Deze visie is tot samenwerking in het Netwerk Afvalwaterketen Delfland is gericht op verbeteren van de kwaliteit, verminderen van kwetsbaarheid en beheersbaarheid van kosten.

Als NAD-gemeenten en Delfland individueel op de korte- en lange termijn kunnen samenwerken en waarbij onze inspanningen elkaar 5 worden uitgewerkt. Onder het thema kwaliteit wij ons water en onze watersystemen in het middelpunt. Samenwerken aan water. Speerpunten daarin zijn: Zeespiegelstijging Waterveiligheid is een randvoorwaarde bij alle ruimtelijke ontwikkeling en planvorming: We zoeken naar robuuste (ruimtelijke) oplossingen voor de waterkeringen in cultuurhistorische binnensteden. We beperken schade door overstromingen door waterrobuust te bouwen met oog op meerlaagse veiligheid op lange termijn. Zoetwatervoorziening in relatie tot droogte en ecologische functies te waarborgen. In de ruimtelijke planvorming dragen ontwikkelingen positief bij aan de hoeveelheid zoet water in het gebied. Droogte wordt bestreden door het vasthouden van gebiedseigen water: (ondergronds) te bergen en her te gebruiken. We houden zoet water zo lang mogelijk vast, door het in het gebied te circuleren. We laten de vraag naar zoet water beter aansluiten bij het aanbod van zoetwater, door

Extreme neerslag neerslag gesignaleerd en geadresseerd. Bij ruimtelijke ontwikkelingen en planvorming blijven wateroverlastnemen bij voorkeur af. We richten het stedelijke gebied en de openbare ruimte zodanig in dat dit leidt tot meer ruimte We vergroten de sponswerking van het bestaande bebouwde gebied door het vergroenen van daken, tuinen en openbare ruimte. De capaciteit van het boezemstelsel is uitgebreid voor een betere berging en afvoer van overtollig We anticiperen op wateroverlast door ruimte te geven voor wateropvang en waterrobuust te bouwen. We verlagen de druk op het boezemstelsel tijdens extreme neerslag, door water in het We benutten door slim sturen de bestaande overcapaciteit in de rioolstelsels. DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

14

Waterkwaliteit Bij alle ruimtelijke ontwikkelingen en planvorming wordt rekening gehouden met de waterkwaliteit, zodat deze minimaal gelijk blijft en bij voorkeur kan verbeteren. Gestreefd wordt naar een goede, gebiedseigen We zetten in op emissiereductie, door het zo ver mogelijk terugdringen van lozingen op het oppervlaktewater vanuit de riolering en door verminderen van uitspoeling van honden- en ganzenpoep en voeren van eendjes. op een ecologische manier. We anticiperen op de toekomst, door effecten van klimaatverandering en andere ontwikkelingen op de waterkwaliteit in beeld te brengen en waar nodig maatregelen te nemen. Schoon en gezond water Vanuit de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) zijn ecologische en chemische doelen gesteld voor

gemeenten en andere gebiedspartners aan de waterkwaliteit. Hitte We vergroenen de openbare ruimte en gebouwen om het hitte-eiland effect te beperken. We zetten in op meer oppervlaktewater.

te voorkomen: We streven naar een stabiel oppervlaktewaterpeil in historische kernen om verzakking en We streven naar gebiedgerichte grondwaterpeilen om grondwateronderlast en zettingen (en overlast) zoveel mogelijk te voorkomen. Bij stedelijke vernieuwingen herstructureren we wijken die gevoelig zijn voor bodemdaling om

zettingen/bodemdaling remmen. We voorkomen zoveel mogelijk de bouw van nieuwe wijken op plaatsen met een slappe bodem,

4.2

Kwetsbaarheid: vermindering van de kwetsbaarheid

organisaties dienstbaar op ten aanzien van water, de burger en naar elkaar. Speerpunten daarin zijn: We zorgen voor draagvlak binnen de organisaties, voldoende kennis, personele capaciteit en competenties om dit aan te pakken. Partijen geven ruimte om te komen tot de maatschappelijk meest gewenste oplossingen; organisatiegrenzen staan die oplossingen niet in de weg. We zorgen via gestandaardiseerd gegevensbeheer, uniforme uitwisseling van data, en metingen aan onze systemen voor een betrouwbare dataset op basis waarvan data gestuurde beslissingen mogelijk zijn.

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

15

4.3

Kosten: minder-meerkosten We erkennen dat waterwinst niet altijd in geld is uit te drukken en dat de gerealiseerde winst niet altijd terugvloeit naar onze eigen organisaties. Een tevreden burger en een aantrekkelijke stad is ook winst. kosten, zodat die gemakkelijker met elkaar te vergelijken zijn en zodat we van elkaar kunnen leren.

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

16

5

Hoe gaan we er komen (strategie)

In de vorige hoofdstukken zijn de huidige en gewenste situatie beschreven en is de afgelopen planperiode . uitdagingen hebben voor de toekomst. Dit hoofdstuk beschrijft de strategie waarop de gemeente de uit te voeren activiteiten baseert, die moeten leiden tot het behalen van onze doelstellingen. Het bevat het beleid voor omgaan met hemelwater, grondwater, afvalwater en oppervlaktewater.

5.1

Hemelwater

De gemeente draagt als eigenaar en beheerder van het rioleringssysteem zorg voor de inzameling en particulier het hemelwater niet op eigen terrein kan verwerken. Deze paragraaf beschrijft hoe de gemeente binnen deze zorgplicht invulling geeft aan een duurzame

5.1.1

Duurzame omgang met hemelwater

In navolging op het landelijke beleid vastgesteld in de Wet Milieubeheer (art.10. 29a), het Nationaal volgende tritsen voor de omgang met hemelwater: Waterkwantiteit Bergen Afvoeren

Waterkwaliteit Scheiden Schoonmaken

Waterverordening regels opgesteld voor verwerking van hemel- en grondwater op openbaar en particulier terrein. In de uitwerking kan onderscheid gemaakt worden naar bestaand en nieuw te ontwikkelen gebied.

Nieuwbouw Hoewel niet alle situaties conform de wet- en regelgeving watersleutelplichtig zijn hanteerde gemeente en hoogheemraadschap het uitgangspunt dat zij nieuwbouwsituaties onderling afstemmen. Met de lijn met de voorkeursvolgorde voor verwerking van hemelwater streeft de gemeente bij nieuwbouw naar een volledig gescheiden inzameling en verwerking van afval- en hemelwater, zolang de lokale situatie dit toelaat: 1. . 2. Overtollig hemelwater gescheiden aanleveren van het vuilwater (afkoppelen). 3. Hemelwater waar mogelijk terugbrengen in de bodem, in het watersysteem óf in de riolering. DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

17

Voor inbreidingsprojecten en nieuwe bedrijventerreinen geldt in beginsel de voorkeur voor een volledig gescheiden stelsel gelijk aan andere nieuwbouwlocaties, tenzij het type bedrijven en transport over het terrein aanleiding geven tot andere keuzes. Het ontwerp van nieuwe stelsels moet hydraulisch voldoen aan een belasting met Bui08 (T=2 jaar) vanuit de Kennisbank Riolering zonder dat er water-op-straat situaties ontstaan. Hierbij dient er een minimale waking van 20 cm aanwezig te zijn. Daarnaast toetst de gemeente op eventuele knelpunten aan de hand Bui09 mag er niet langer dan 30 minuten water op straat staan. Bij aanleg dient de ontwikkelaar te anticiperen op eventuele effecten van bodemdaling zodat het systeem ook op lange termijn conform de gestelde eisen blijft functioneren. Het hemelwaterbeleid van Delfland gaat uit van het stand-still beginsel voor ruimtelijke ontwikkelingen. Dit betekent dat de kans op wateroverlast niet mag toenemen als gevolg van een ingreep in het watersysteem of een handeling die invloed heeft op het functioneren van het watersysteem. afstroming van hemelwater naar het oppervlaktewater. Dit kan leiden tot wateroverlast en moet worden gecompenseerd door extra waterberging aan te leggen. Daarnaast vindt Delfland het belangrijk dat bij ruimtelijke ontwikkelingen rekening wordt gehouden met hevigere neerslag door klimaatverandering.

Om compenseren kan gebruik worden gemaakt van de watersleutel. Deze rekentool houdt eveneens rekening met hevigere neerslag in de toekomst. Zie voor meer informatie Watersleutel (hhdelfland.nl). Bestaande openbare ruimte In bestaande situaties zal steeds een afweging gemaakt worden of het actief scheiden van waterstromen de meest doelmatige en duurzame wijze van hemelwaterverwerking is. Met name investeringsmomenten zoals vervangings- en renovatiewerkzaamheden zijn een logisch moment om deze afweging op basis van om mee te liften met andere werkzaamheden in de openbare ruimte kunnen hier aanleiding toe geven. Afkoppelen wordt daarbij gezien als een middel om knelpunten te reduceren en/of ambities te behalen bijvoorbeeld vanuit afspraken voor de Kaderrichtlijn Water. Het verkrijgen en behouden van een actueel essentieel. Afkoppelen is niet altijd wenselijk, daarom is het belangrijk om af te wegen of het ontvangend oppervlaktewater het afgekoppeld hemelwater zowel kwalitatief als kwantiteit kan verwerken. Zo zijn gebieden (polder of peilvak) met een bergingstekort of met belangrijke natuurwaarde in principe niet

Voor het maken van een goede afweging kan de gemeente gebruikmaken van het afwegingskader voor hemelwater van de gemeente Westland en Delfland of van het Programma van Eisen bij het Convenant 4 . In geval van het afkoppelen van het hemelwater ontvangen de particulieren in deze gebieden actief voorlichting over mogelijkheden en de werking van stelsels voor afkoppelen. Daarbij wordt gekeken of

4

https://www.zuid-holland.nl/publish/pages/21795/convenantklimaatadaptiefbouwen.pdf DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

18

5.1.2

Hemelwateroverlast

Voorkomen wateroverlast onvermijdelijk is. Bij zware regenbuien kan dit leiden tot wateroverlast en vuilemissie via gemengde riooloverstorten. Het is de verwachting dat dergelijke zware buien in de toekomst vaker zullen voorkomen.

Bewoners accepteren een incidentele waterschijf op straat wanneer het extreem regent of geregend heeft, maar de acceptatie is aan grenzen gebonden. - of afvalwateroverlast indien: Vuilwater wat op straat komt te staan of vanuit de openbare ruimte gebouwen instroomt (gezondheidsrisico). Er als gevolg van water vanuit het rioolsysteem materiële schade aan gebouwen of objecten in de . Water-op-straat het verkeer op belangrijke wegen langdurig belemmert. Toetsingsnorm voor wateroverlast Veel rioolstelsels binnen de gemeente zijn ooit ontworpen op basis van een theoretische neerslag belasting (Bui07 of Bui08 vanuit de Leidraad Riolering). De hierbij gehanteerde uitgangspunten kunnen in de loopt der jaren echter zijn gewijzigd, bijvoorbeeld ten gevolge van bodemdaling of de toename van verharding op particulier terrein. Ook de introductie van nieuwe berekeningsbuien/ hydrogrammen waarin het huidige en transformerende klimaat zijn verwerkt zorgen voor een aanleiding om uitgevoerde toetsen periodiek te herhalen. Periodiek brengt de gemeente het hydraulische en milieutechnische functioneren van de stelsels in beeld. Gecombineerd met praktijkervaringen, uitkomsten uit stresstesten en risicodialogen, meetgeven en een gemeente. Daarbij bepaalt de gemeent gewenst zijn.

Op basis van de verkregen resultaten maakt de gemeente een afweging waar welke maatregelen gewenst en doelmatig zijn (in de riolering, openbare ruimte, watersysteem). Anticiperen op klimaatverandering Om meer inzicht te verkrijgen in de gevolgen van klimaatverandering brengt de gemeente de komende planperiode ook de effecten van toekomstig zwaardere buien in beeld. Bij de studie OAS Harnaschpolder Voor beide buien is gerekend met 70 mm in 1 uur (T=100 volgens het WH2050 scenario van het KNMI). vanuit de Kennisbank Riolering. Klimaatverandering verloopt geleidelijk, waardoor het mogelijk is om wijkrenovaties aan te grijpen om het stedelijk gebied hier op lange termijn op aan te passen.

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

19

Het coalitieakkoord en Stadsvisie 2030 geven samen met het DPRA-proces (klimaatstresstesten en risicodialo kunt wonen in een groene omgeving. Dit gebeurt door op een creatieve manier groen en water in het stedelijk gebied te integreren om wateroverlast en hittestress tegen te gaan. We pakken kansen wanneer dat mogelijk is. Zo wordt bij elk project gekeken naar mogelijkheden om af te koppelen en om de berging te vergroten. Bijvoorbeeld bij het nieuwbouwproject RijswijkBuiten waar hemelwater wordt afgekoppeld en afstroming over de weg naar groenzones wordt gerealiseerd. Water kent geen (bestuurlijke) grenzen. Daarom wordt de komende planperiode in NAD-verband een aanvraag gedaan in het kader van de impulsregeling. Via deze regeling draagt het Rijk bij aan de realisatie van klimaatadaptatiemaatregelen. Daarnaast zal ook worden verkend of een samenwerkingsagenda op het gebied van klimaat kan bijdragen aan het behalen van de (gezamenlijke) doelstellingen.

bijlage A7) ook rekening gehouden met een apart investeringsbudget voor aanleg van nieuwe hemelwaterriolering ten behoeve van het verder ontvlechten van de gemeentelijke (afval)waterstromen en het anticiperen op de klimaatverandering. Daarnaast is rekening gehouden een investeringsbudget voor zoals aanpassingen aan het maaiveld t.b.v. het kunnen afvoeren van hemelwater naar locaties waar het niet leidt tot overlast. Ook is er in de exploitatie rekening gehouden met de financiering van kleinschalige grondwater gerelateerde maatregelen in algemeen belang op gemeentegrond.

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

20

Communicatie over klimaatadaptatie De gemeente heeft de burgers en bedrijven nodig om Rijswijk klimaatbestendig te krijgen in 2050. Belangrijk hierbij is het zorgen voor bewustwording en het helpen bij het nemen van het juiste soort voorlichting en communicatie over riolering, afkoppelen, vergroening en waterberging van belang. Zie paragraaf 5.5 voor meer informatie over communicatie en participatie.

Op basis van de Waterwet heeft de gemeente de zorgplicht voor het in de openbare ruimte van bebouwd gebied treffen van maatregelen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de maatregelen doelmatig is en niet tot de zorg van het hoogheemraadschap of de provincie behoort. De grondwaterstand is, zeker in bebouwd gebied, niet volledig te sturen. Daarom heeft de gemeentelijke grondwaterzorgplicht het karakter van een inspanningsverplichting en niet van een resultaatsverplichting. aansprakelijk is. De particulier (perceeleigenaar) is zelf verantwoordelijk voor het treffen van maatregelen op eigen terrein. Mede om precedentwerking te voorkomen is het aan te raden dat de scheiding van verantwoordelijkheden goed nageleefd wordt.

De gemeente kan op op drie manieren iets betekenen voor bewoners met grondwateroverlast: Door op te treden als aanspreekpunt en adviseur. te Door de grondwaterstand op openbaar terrein te gaan beheersen.

5.2.1

.

Drooglegging bij nieuwbouw

Vanzelfsprekend is het beter om grondwater-problemen te voorkómen dan om de ontstane overlast of onderlast te moeten beperken. De gemeente streeft bij nieuwbouwplannen naar de ontwateringsdieptes zoals opgenomen in tabel Tabel 5.1.

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

21

Tabel 5.1 Ontwateringseisen nieuwbouw

Bestemming

Ontwateringsdiepte*

Woningen zonder kruipruimte Groenvoorzieningen Wegen Bedrijventerreinen

0,8 m 0,5 m 0,7 m 0,8 m

In overleg met de gemeente en het hoogheemraadschap zal aanvullend op de bovenstaande eisen getoetst worden in hoeverre de voor individuele nieuwbouwlocaties geanticipeerd moet worden op: . Effecten van klimaatverandering op grondwaterstanden. Hiervoor verwijzen we naar het Convenant Klimaatadaptief bouwen.

van de ontwikkeling voorafgaand aan de ontwikkeling de benodigde bodem- en grondwatermetingen aan te leveren. Deze metingen beslaan ten minste één volledig hydrologisch jaar. Bij aanleg van ondergrondse objecten dient de initiatiefnemer de effecten op de omgeving te onderzoeken. Om te voldoen aan de ontwateringseisen zijn verschillende oplossingen denkbaar. Niet alle oplossingen zijn echter even gewenst. De initiatiefnemer dient bij het ontwerp en uitvoering de onderstaande voorkeursvolgorde aan te houden: . 2. Integraal ophogen van het gebied. 3. Grondverbetering. 4. Aanpassing bouwwijze of gebruik.

De initiatiefnemer onderbouwt als de voorkeursmethode niet mogelijk geacht wordt.

5.2.2 De gemeente voorziet in een loketfunctie voor vragen, meldingen en/of klachten over grondwater. Vervolgens handelt de gemeente de melding of klacht zorgvuldig af volgens de onderstaande stappen. . 2. Beoordelen of er sprake is van structurele grondwateroverlast (zie hinder of structurele overlast); Indien, ja: 3. Nader (laten) onderzoeken van de situatie. de mogelijkheden om overlast te verminderen). 5. Gebiedsgerichte aanpak voor treffen van eventuele maatregelen.

verantwoordelijk is voor het oplossen van alle meldingen. Ook zal de particulier zijn eigen verantwoordelijkheid behouden in het onderzoeken van de situatie (bijvoorbeeld het inventariseren van overlast bij de buren).

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

22

Hinder of structurele overlast Er is sprake van structurele grondwateroverlast indien: de gewenste voor het specifieke gebied geldende ontwateringsdiepte met inachtneming van de ten gevolge hiervan er overlast optreedt in relatie tot een bestemming van particulier of openbare terrein, én de overlast structureel van aard is: meerdere aaneengesloten weken (bijv. twee of meer) er geen andere (bouwkundige) oorzaken zijn voor de ondervonden overlast.

Als beheerder van de openbare ruimte streeft de gemeente naar de ontwateringsdieptes zoals opgenomen in onderstaande tabel. Het zijn gewenste ontwateringsdieptes, omdat het gezien de historische groei van veel situaties niet altijd mogelijk is deze ontwateringsdieptes daadwerkelijk te behalen. Daarnaast zijn de grondwaterstanden en daarmee de haalbare ontwateringsdiepten gebiedsafhankelijk. Tabel 5.2 Gewenste ontwateringsdieptes openbare ruimte

Bestemming

Ontwateringsdiepte*

Secundaire wegen en woonstraten Primaire wegen

0,7 m 0,7 m

* Ontwateringsdiepte = maaiveldhoogte

gemiddeld hoogste grondwaterstand

Maatregelen bij structurele grondwateroverlast Zoals hiervoor beschreven beoordeelt de gemeente eerst of er sprake is van structurele overlast veroorzaakt door afwijkende grondwaterstanden in openbaar gebied. problemen kunnen liggen. Daarbij neemt de gemeente de volgende aspecten mee: DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

23

er geen andere partij (particulier, hoogheemraadschap, provincie) verantwoordelijk is voor het probleem; de mogelijke maatregel doelmatig is en niet leidt tot nieuwe knelpunten. Bij structurele problemen op zowel particulier als openbaar terrein streeft de gemeente naar een gezamenlijke en doelmatige oplossing.

Rijswijk beschikt over een uitgebreid grondwatermeetnet van 59 peilbuizen waarmee de gemeente de grondwaterhuishouding monitort. Deze metingen worden o.a. gebruikt voor analyse en te bekijken op de website van de gemeente.

Bij werken in de openbare ruimte zoals het vervangen van oude riolering is de gemeente alert op ongewenste stijging van de grondwaterstand als gevolg van het wegvallen van de drainerende werking van oude lekkende riolen. Indien nodig legt de gemeente drainage mee met de nieuwe riolering of wordt wanneer dit doelmatiger is dan drainage de nieuwe RWA-riolering uitgevoerd als (opgeboeid) DT/DIT riool.

5.2.4

Grondwateronttrekkingen

Grootschalige grondwaterwinning DSM Een aandachtspunt binnen de regio Delfland vormt het stopzetten van de grondwaterwinning van 1.200 m3/uur op het terrein van DSM. Het water werd gebruikt voor de industrie. Na 2009 was dat niet meer onderzoek van Deltares blijkt dat het stoppen van de winning mogelijk grote gevolgen voor de regio kan hebben, met stijgende grondwaterstanden en schade aan woningen tot gevolg.

de bodem en kost het oppompen elk jaar veel geld. Daarom wordt er naar gestreefd het oppompen van het grondwater te verminderen. En in de toekomst helemaal te stoppen. Als het oppompen plotseling stopt, kan het grondwater in de omgeving snel stijgen. En kan de ondergrond onregelmatig zwellen. Hierdoor kan schade ontstaan. Om de schade te voorkomen is het onttrekken van grondwater langzaam en zorgvuldig afgebouwd: 2017: van 1.200 naar 1.080 m3 per uur 2018: van 1.080 naar 960 m3 per uur 2019: van 960 naar 840 m3 per uur Hierbij zijn geen problemen ontstaan. In 2020 gaat gemeente Delft het oppompen van grondwater dan ook verder verminderen naar 720 m3 per uur. Met toestemming van provincie Zuid-Holland. Gemeente Rijswijk ondersteunt het afbouwen van de onttrekking met een jaarlijkse financiële bijdrage. Dit is nodig tijd zien of er problemen ontstaan. Komende planperiode blijven we bijdrage aan het monitoren van de grondwaterstand en onderzoeken we de mogelijke gevolgen van droogvallende fundering en de effecten daarvan.

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

24

Bronneringswater Het hoogheemraadschap is bevoegd gezag voor de grondwateronttrekkingen, o.a. tijdens bouwwerkzaamheden. Bij het verlenen van de vergunning houdt het hoogheemraadschap rekening met bebouwing, wegen en de groenvoorziening. Ook wordt nagegaan of bodemverontreinigingen niet verplaatsen. Lozing van bronneringswater vindt bij voorkeur, in overleg met Delfland, plaats op het oppervlaktewater. Warmte- en koudeopslag (WKO) Het grondwater dat vrijkomt bij de ontwikkeling van de WKO-bronnen mag in overleg met Delfland op de riolering geloosd worden. Het grondwater dat vrijkomt bij het tweejaarlijks onderhoud dient geretourneerd om te gaan met indirecte lozingen waaronder de WKOwerking zuiverings taat ook beschreven hoe met WKO-lozingen omgegaan dient te worden.

5.3

Afvalwater

Volksgezondheid is de belangrijkste reden voor het aanleggen van de riolering. Door het inzamelen en transporteren van (stedelijk) afvalwater, wordt contact met rioolwater zo veel mogelijk voorkomen. Dit draagt in grote mate bij aan een gezonde, veilige en comfortabele leefomgeving. Ook het hoogheemraadschap draagt bij aan deze doelen door het ontvangen, transporteren en zuiveren van het afvalwater. De verantwoordelijkheid voor de zorgplicht voor inzameling van het (stedelijk) afvalwater ligt volledig bij de gemeente. De gemeente heeft een resultaatsverplichting om het geproduceerde afvalwater in te zamelen en af te voeren naar een overnamepunt (hoofdrioolgemaal). De ontvangst en zuivering van het door de Hoogheemraadschap van Delfland.

5.3.1

Wijze van inzameling

Alle percelen en woonschepen binnen het gemeentelijk grondgebied waar afvalwater vrijkomt, moeten zijn voorzien van een voorziening. In het stedelijk gebied zijn panden aangesloten op het vrijvervalstelsel. In het buitengebied wordt het huishoudelijk afvalwater hoofdzakelijk ingezameld met drukriolering. Waar dit met een lokaal behandelingssysteem. Bij nieuwe aanleg wordt het huishoudelijke en bedrijfsmatige afvalwater zoveel mogelijk afzonderlijk van hemel- en grondwater ingezameld en afgevoerd naar een zuivering. Rijswijk streeft er naar schoon hemelwater zoveel mogelijk lokaal vast te houden en terug te brengen in het milieu (zijnde de bodem of het oppervlaktewater).

2012, hebben de gemeente Rijswijk en Delfland nader afspraken gemaakt over de overdracht van het ingezamelde stedelijke afvalwater vanuit de riolering aan het hoogheemraadschap.

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

25

Voor de gemeente Rijswijk zijn de ontvangstkelders van de volgende gemalen aangewezen als overnamepunt: Riooleindgemaal Laakwijk, Neherkade 102, postcode 2521 VC te Den Haag.

Aangezien de overnamepunten binnen de gemeente Den Haag zijn gelegen, wordt het afvalwater van Rijswijk via het vrijvervalstelsel van Den Haag afgevoerd naar bovengenoemde gemalen. Deze doorvoer wezenlijk belang is dat deze doorvoer goed geregeld is, maakt het afvalwaterakkoord tussen Den Haag en Delfland deel uit van de overeenkomst. Daarnaast is afgesproken dat de nieuwbouwlocatie RijswijkBuiten op twee locaties inprikt op 2e Delftleiding en Sion op de

5.3.2

Lozingen vanuit gemeentelijke stelsels

In het kader van het Besluit Lozingen Buiten Inrichtingen zijn lozingen op het watersysteem vanuit de gemeentelijke stelsels in principe toegestaan, mits alle lozingspunten zijn vastgelegd. De gemeente behoudt daarbij wel een eigen verantwoordelijkheid voor het voorkomen van nadelige gevolgen van de lozingen. Een volledig overzicht van de lozingspunten van de gemeentelijke stelsels is opgenomen in de tabellen van bijlage A3.

5.3.3

Beheer, renovatie en vervanging

Risicoafweging bij beheer, renovatie en vervanging afweging tussen b ten aanzien van de onderstaande niveaus: Het object: de technische staat van bijvoorbeeld de rioolbuis. De omgeving: de maatschappelijke kosten en baten van de maatregel. Kenmerkend voor Rijswijk is dat een groot deel van de riolering in het verleden onderheid is. Daardoor is Rijswijk uitermate geschikt voor relinen. De huidige situatie wordt op de bovenstaande niveaus beoordeeld op kans van falen en de ernst van de zaak voor een eventueel falen (bijv. het gebruik van andere materialen bij aansluitpunten van persleidingen op de vrijvervalriolering). Op termijn wil de gemeente toewerken naar een meer risicogestuurde benadering op basis van de bovengenoemde criteria voor zowel investeringen als beheer. Zo wordt momenteel al per gebied bekeken of hemelwaterriool wel of niet gereinigd en geïnspecteerd moet worden. Binnen het NAD is de ambitie op het gebied van risicomanagement in de rioleringszorg de afgelopen planperiode nader uitgewerkt. Het blijkt lastig om met éénzelfde risicogestuurde benadering voor de gehele NAD te werken. Daarom wordt

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

26

Strategie voor vrijvervalriolering Afgelopen planperiode is jaarlijks de planning van grootschalig onderhoud in de wijken toegespitst naar het Meerjarenprogramma Rioolherstel. De gemeente Rijswijk hanteerde bij het groot onderhoud zoveel Het beperken van de overlast voor bewoners in de wijk. Voordelen van gebiedsgerichte aanleg van riolen vanuit het beheer (uniforme voorzieningen en gelijktijdige veroudering). verkeersmaatregelen. Een aanzienlijk deel van de geïnspecteerde strengen bevat een of meerdere schadebeelden groter of Het betreft de wijken Te Werve en Oud Rijswijk (deze investeringen staan in paragraaf 7.1). Aankomende planperiode gebruiken we voor het verder uitwerken van de programmering. De de wijken met de meeste urgente schadebeelden prioriteit krijgen. Voor de wijkgerichte aanpak zal de gemeente ook de minder urgente strengen in de werkzaamheden meenemen.

worden aangepakt door het treffen van individuele levensverlengende maatregelen. De betreffende schades zitten in strengen die zijn gelegen in relatief jonge wijken, welke niet op korte termijn toe zijn aan groot onderhoud. De maatregelen bestaan veelal uit gerichte deelreparaties waarmee Rijswijk op een

Nieuwe (sleufloze) vervangingstechnieken (zoals relinen) maken het mogelijk om een groot deel van de oude riolen te vernieuwen zonder de weg op te hoeven breken. In deze gevallen kan vernieuwing in principe los van geplande wijkrenovaties plaatsvinden. Echter, om overlast voor bewoners te minimaliseren en in verband met het vervangen van de aanwezige huisaansluitingen is het wel gewenst om een goede afstemming met werkzaamheden in de openbare ruimte na te streven, zoals wegen en groen.

Eventuele acute schades worden daarbij direct op strengniveau aangepakt. Op basis van nieuwe inspecties wordt de meerjarenplanning zo nodig tussentijds bijgesteld.

Inspectie Rijswijk streeft naar een actueel beeld van de staat van de gemeentelijke voorzieningen. Inspecties zijn hierin een belangrijk onderdeel. Jaarlijks wordt ca. 10% van het rioolstelsel geïnspecteerd. De komende planperiode richten de inspecties zich op het kleine deel van de strengen die nog niet in beeld gebracht DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

27

zijn en wordt er gestart met de tweede ronde inspecteren. Op basis van de inspectieresultaten geeft de gemeente verdere invulling aan de opgestelde vervangingsstrategie voor de riolering.

geldende eisen zijn vastgelegd in het Programma van Eisen Openbare Ruimte. Op basis van de inspectieresultaten besluit de gemeente of zij de nieuwe voorziening in beheer neemt.

Rijswijk reinigt de riolering om het functioneren van de stelsels te waarborgen en vuiluitworp naar het oppervlaktewater te beperken. Gemiddeld wordt de riolering eens in de tien jaar gereinigd. De gemeente streeft er naar de reinigingsfrequenties verder te differentiëren naar type streng. Dit zal de komende

Voor een goede werking van nieuw aangelegde drainagebuizen worden deze voorafgaand aan de definitieve oplevering nog een keer doorgespoten zodat de buis goed schoon is. Tevens kan zo worden

De gehanteerde reinigingsfrequenties zijn weergegeven in de onderstaande tabel:

Activiteit Schoonspuiten gemalen Kolken zuigen

Reinigingsfrequentie 1 maal per jaar 1-2 maal per jaar

Reiniging infiltratieriolen Hogedruk reiniging riolen dwa Hogedruk reiniging riolen hwa

1 maal per 10 jaar 1 maal per 10 jaar 1 maal per 10 jaar

op het juiste moment bladeren te ruimen. Vuil van de straat komt tenslotte met afstromend regenwater terecht in de kolken en bij een volle zandvang heeft straatvuil de kans om in de rioolbuis te geraken. Bladeren van de bomen vergroten de kans op verstoppingen van kolken en rioolbuizen. Vanuit de GRP-

5.3.5

Meten & monitoren

aanpak voor meten en monitoren. Deze aanpak bestaat op hoofdlijnen uit twee sporen: een technisch spoor en een procesmatig spoor. Technisch spoor De technische monitoring is gericht op de verzameling, verwerking en analyse van systeemgegevens. Dit bestaat o.a. uit: Monitoren van de toestand van het systeem; Monitoren van het functioneren van het rioolsysteem.

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

28

Procesmatig spoor Een ander deel van de monitoring richt zich op de voortgang van de gestelde samenwerkingsdoelen voor kwaliteit, kwetsbaarheid en kosten. tegen de prognose van de riool- en zuiveringsheffing. Hiermee worden de effecten van de samenwerking voor de burger/belastingbetaler direct zichtbaar gemaakt. Daarnaast monitort het NAD de ontwikkeling van de kwetsbaarheid aan de hand van een

Hoe gaan we te werk? In het kader van het (gezamenlijk) meten en monitoren bepalen we eerst het doel van de meting, de metingen willen halen. Aan de hand daarvan stellen we gebied dekkende of locatie specifieke meetplannen op, realiseren en onderhouden die.

Foutaansluitingen kunnen leiden tot zowel waterkwaliteitsknelpunten in het watersysteem (lozing van vuilwater op hemelwaterriool) als hydraulische knelpunten in de riolering of op de afvalwaterzuivering (lozing van hemelwater op vuilwaterriool). Gemeente Rijswijk heeft daarom de ambitie om de aanwezige opgespoord d.m.v. sensoren of monsternames. Als in een streng een foutaansluiting wordt aangetroffen kan er aanvullend onderzoek worden gedaan. Hier is het verkennende onderzoek gedaan en volgt op termijn de verfijning. Komende planperiode gaan we verder met het opsporen van foutieve aansluitingen.

5.3.6

Gegevensbeheer

De gemeente wil de komende jaren toegroeien naar een meer risicogestuurd beheer. Hierbij is het ontsluiten van de actuele staat en het functioneren van de rioleringsobjecten essentieel. Ten behoeve van 1. Op welke situaties en ontwikkelingen de gemeente wil sturen. 2. Welke gegevens vereist zijn om de gemeente in staat te stellen om tijdig te sturen op deze situaties en ontwikkelingen. gegevensbeheer dient vast te leggen. In het kader van gestandaardiseerd gegevensbeheer en uniforme gegevensuitwisseling werkt Rijswijk gezamenlijk gegevensbeheer,

5.3.7

Controle & handhaving

hoogte te zijn van nieuwe ontwikkelingen, prognoses daarop af te stemmen en met de systemen tijdig op deze prognoses te kunnen anticiperen. Anderzijds betreft dit het toezien en handhaven op de geplande bouw (zijn de ontwikkelingen conform de prognoses) als het handhaven op de lozingen gedurende de

Nieuwe aansluitingen Particuliere huishoudens en bedrijven zijn verplicht bij het afvoeren van afvalwater gebruik te maken van,

DEFINITIEF ONTWERP

BH5408WATRP2103231141WM

29

voor de aanleg, vervanging en de verwijdering van rioolaansluitingen, alsmede voor het beheer en onderhoud van bestaande rioolaansluitingen.

De afdeling Milieu van de gemeente is bevoegd gezag voor (handhaving op) lozingen op de riolering en op de bodem. De taken vanuit de Waterwet ten aanzien van het toezicht op de indirecte lozingen zijn in 2013 door gemeente en provincie overgedragen aan de Omgevingsdienst Haaglanden. Naleving waterverordening Gemeente Rijswijk gebruikt komende planperiode om een waterverordening op te stellen. Met deze verordening worden regels opgesteld over de wijze waarop een aansluiting van een particulier riool op het openbaar en particulier terrein. Een belangrijk onderdeel na de inwerkingtreding van de verordeningen is controle op naleving. Hiervoor zijn verschillende opties, zoals het verplicht delen van beeldmateriaal van het uitgevoerde of het inzetten van handhaving. Komende planperiode wordt bekeken welke manier van

5.3.8

Klachten & meldingen

Klachten en meldingen zijn de thermometer voor ons om te toetsen of wij ons werk goed uitvoeren. wanneer die een structureel karakter krijgen. De gemeente is voor de inwoners en bedrijven het eerste aanspreekpunt voor alle waterzaken. De gerelateerde vragen en klachten. Klachten en meldingen die binnen komen worden geregistreerd in het meldingssysteem en volgens afgesproken regels afgehandeld door deskundige medewerkers. Op de gemeentelijke website plaatst de gemeente praktische informatie en voorlichting naar burgers over

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=889eaf16-3d38-4c6d-b1cf-14377c005f06