Toekomstbeeld Actualisatie omgevingsvisie Ridderkerk.pdf
Tekst van het document
Toekomstbeeld Actualisatie omgevingsvisie Ridderkerk
Gemeente Ridderkerk 11 december 2024
Project Opdrachtgever
Actualisatie omgevingsvisie Ridderkerk Gemeente Ridderkerk
Referentie
Toekomstbeeld Concept 03 11 december 2024 1592/24-018.360
Projectcode
141592
Document Status Datum
Dit document is geautoriseerd en intern aantoonbaar vrijgegeven conform het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos. Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001.
Adres
Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. | Deventer Daalsesingel 51c Postbus 24087 3502 MB Utrecht +31 (0)30 765 19 00 www.witteveenbos.com KvK 38020751
© Witteveen+Bos Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande schriftelijke toest emming van Witteveen+Bos noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.
INHOUDSOPGAVE
1
INLEIDING TOEKOMSTBEELD
4
2
TOEKOMSTBEELD GEMEENTE RIDDERKERK
5
2.1
Hoofdambitie
5
2.2
Leidende principes
5
2.3
Sterke wijken, goed verbonden
6
2.3.1 2.3.2 2.3.3
7 10 14
2.4
2.5
2.6
Wonen en de fysieke leefomgeving Sociaal domein en gezondheid Mobiliteit
Groenblauwe oase
15
2.4.1 2.4.2 2.4.3
16 16 18
Natuur en recreatie Landschap en cultuurhistorie Water, bodem en klimaat
Kloppend hart
20
2.5.1
20
Werkgelegenheid en vestigingsklimaat
Visiekaart
22
Laatste pagina
23
Bijlage(n) I
Visiekaart omgevingsvisie Ridderkerk
Aantal pagina's 1
1 INLEIDING TOEKOMSTBEELD De gemeente Ridderkerk heeft in 2017 de ‘Omgevingsvisie Ridderkerk 2035’ vastgesteld. In de afgelopen jaren is er veel veranderd. Er is nieuw beleid vastgesteld. En er zijn nieuwe trends en ontwikkelingen waar Ridderkerk mee te maken heeft. Daarom wordt de omgevingsvisie geactualiseerd. In april 2024 is de gemeente begonnen met de actualisatie van de omgevingsvisie. In de afgelopen maanden is er gewerkt aan analyses (zoals de beleidsanalyse) en ontwerpend onderzoek (de twee uiterste scenario’s voor de toekomst van Ridderkerk). Deze tussenstappen zijn voorgelegd aan het college en aan de commissies Samen wonen en Samen leven. Op basis van deze tussenstappen is het toekomstbeeld van de gemeente Ridderkerk gemaakt. De hoofdambitie blijft gelijk aan de omgevingsvisie uit 2017: Ridderkerk is een prettige gemeente is om in te wonen, te recreëren en te werken. In het toekomstbeeld staan de ambities die horen bij de drie Ridderkerkse kernwaarden centraal. Deze drie kernwaarden zijn: - sterke wijken, goed verbonden; - groenblauwe oase; - kloppend hart. Het toekomstbeeld is de voorloper van de (concept)omgevingsvisie van de gemeente. De ambities in het toekomstbeeld zijn bijvoorbeeld nog niet uitgewerkt voor de gebieden van Ridderkerk. Ook is het toekomstbeeld nog niet uitgewerkt in een strategie. Dit zijn de volgende stappen die de gemeente gaat nemen.
In de komende tijd wordt dit toekomstbeeld verder uitgewerkt tot de concept omgevingsvisie. Het toekomstbeeld is hiervoor een belangrijke basis. Leeswijzer Het rapport is als volgt opgebouwd. In hoofdstuk 2 staat het toekomstbeeld per Ridderkerkse kernwaarde beschreven. Het hoofdstuk sluit af met de visiekaart die hoort bij het toekomstbeeld. Op de visiekaart zijn de ambities uit het toekomstbeeld - zover dat mogelijk is - visueel weergeven.
4 | 23
Witteveen+Bos | 141592/24-018.360 | Concept 03
2 TOEKOMSTBEELD GEMEENTE RIDDERKERK In dit hoofdstuk wordt het (voorlopige) toekomstbeeld van de gemeente Ridderkerk gepresenteerd. In paragraaf 2.1 staat de hoofdambitie van het toekomstbeeld beschreven. Paragraaf 2.2 gaat in op de (voorlopige) leidende principes die gaan horen bij de omgevingsvisie. In paragraaf 2.3 tot en met paragraaf 2.5 wordt het toekomstbeeld voor elk van de Ridderkerkse kernwaarden beschreven. In paragraaf 2.6 is de visiekaart van het toekomstbeeld opgenomen.
2.1
Hoofdambitie
De hoofdambitie van het toekomstbeeld van de gemeente Ridderkerk is als volgt: Ridderkerk is en blijft een prettige gemeente om in te wonen, te recreëren en te werken. Deze hoofdambitie wordt bereikt door in te zetten op onze eigen identiteit. Ook de ligging tussen het stedelijk netwerk van de regio Rijnmond en de Drechtsteden en het landschappelijk netwerk van de Krimpenerwaard, Alblasserwaard, Biesbosch en Hoeksche Waard helpt hierbij. Na jaren van ontwikkeling en groei, is het nu het moment om in te zetten op het behouden en het versterken van de kwaliteit van onze leefomgeving.
2.2
Leidende principes
De omgevingsvisie van Ridderkerk richt zich op de gemeentelijke ambities voor de lange termijn (2050). Naast de ambities voor de Ridderkerkse kernwaarden (sterke wijken, goed verbonden, groenblauwe oase en kloppend hart) zijn er ook vijf overkoepelende ambities te onderscheiden. Dit zijn de leidende principes. De leidende principes vormen een kompas om de balans te vinden tussen uiteenlopende belangen. Het zijn vuistregels die richting geven aan het handelen van initiatiefnemers en de gemeentelijke organisatie. De leidende principes kunnen waar mogelijk worden toegepast op de beoordeling van initiatieven en ontwikkelingen. Ze bieden een kader voor het nemen van beslissingen die de leefbaarheid, het welzijn en de toekomstbestendigheid van ontwikkelingen bevorderen. In tabel 2.1 worden de leidende principes verder toegelicht.
5 | 23
Witteveen+Bos | 141592/24-018.360 | Concept 03
Tabel 2.1 Leidende principes gemeente Ridderkerk Ontwikkelingen houden rekening met water en bodem water en bodem zijn de basis voor gebiedsontwikkelingen. Bij ontwikkelingen wordt aandacht besteedt aan de natuurlijke eigenschappen en capaciteiten van het water- en bodemsysteem. Door het water- en bodemsysteem aan de voorkant mee te nemen, bekijken wij wat er waar mogelijk is. Hierdoor worden ontwikkelingen op een duurzame manier gepland en uitgevoerd en worden negatieve effecten en risico’s geminimaliseerd. Rekening houden met water en bodem draagt bij aan een robuuste en klimaatadaptieve leefomgeving Ontwikkelingen hebben oog voor een prettige fysieke leefomgeving bij ontwikkelingen staat de kwaliteit van leven centraal. Dit houdt in dat ontwikkelingen bijdragen aan een gezonde, veilige en leefbare omgeving waar mensen graag wonen, werken en recreëren Ontwikkelingen dragen bij aan brede welvaart bij ontwikkelingen is er in Ridderkerk oog voor brede welvaart. Dit concept omvat niet alleen economische welvaart (groei), maar ook het welzijn van mensen op de lange termijn. Brede welvaart gaat om de kwaliteit van het hier en nu, de mate waarin deze ten koste gaat van toekomstige generaties of die van mensen elders in de wereld.
Het welzijn van mensen staat centraal en afwenteling in tijd en ruimte wordt zoveel mogelijk voorkomen Ontwikkelingen dragen bij aan de uitvoering van transities bij ontwikkelingen is er aandacht voor de bijdrage aan een toekomstbestendig Ridderkerk en het opvolgen van de Europese en landelijke doelstellingen. Dit betekent dat nieuwe ontwikkelingen oog hebben voor hun bijdrage aan belangrijke transities, zoals de energietransitie en de overgang naar een klimaatneutrale, klimaatbestendige en waterrobuuste leefomgeving, de bevordering van een circulaire economie en het behoud en herstel van de biodiversiteit Ontwikkelingen zijn afgestemd op een inclusieve en toegankelijke mobiliteit mobiliteit is cruciaal voor de haalbaarheid van ruimtelijke ontwikkelingen. De bereikbaarheid, toegankelijkheid, doorstroming en veilige afwikkeling van verkeer per bus, auto, fiets en te voet moet een plek krijgen bij ontwikkelingen Dit zorgt ervoor dat iedereen toegang heeft tot de voorzieningen en mogelijkheden in Ridderkerk
2.3
Sterke wijken, goed verbonden
De gemeente Ridderkerk streeft ernaar dat de wijken en dorpen van Ridderkerk vitaal en goed verbonden zijn. Dit betekent dat iedere inwoner, ongeacht leeftijd of achtergrond, optimaal kan deelnemen aan de samenleving en dat onze infrastructuur en voorzieningen hierop zijn afgestemd. De groene (buiten)gebieden zijn belangrijk voor de gezondheid en leefbaarheid van onze inwoners. Daarom zet Ridderkerk in op een balans tussen bebouwd en onbebouwd gebied. Wij kiezen voor verdichting waar dit kansrijk en haalbaar is. Wij zetten in op een omgeving waarin men naar elkaar omkijkt. De gezondheid van inwoners en de mate waarin onze leefomgeving gezondheid bevordert, is een integraal onderdeel van ons beleid. In ons mobiliteitssysteem hebben wij aandacht voor inclusieve mobiliteit door bijvoorbeeld het behoud van de buurtbus en gratis OV voor ouderen. Wij geven fietsers en voetgangers prioriteit. Ook zet de gemeente in op het behoud en de versterking van OV-verbindingen. Ridderkerk werkt aan sterke wijken die goed verbonden zijn, met oog voor duurzaamheid, leefbaarheid, veiligheid en de gezondheid van haar inwoners. Wij zetten hierop in met onze ambities op de volgende thema’s: - wonen en de fysieke leefomgeving; - sociaal domein en gezondheid; - mobiliteit.
6 | 23
Witteveen+Bos | 141592/24-018.360 | Concept 03
2.3.1
Wonen en de fysieke leefomgeving
Samen met de provincie en de gemeenten in de regio is afgesproken hoeveel woningen in elke gemeente worden gerealiseerd. Wij hebben daarbij oog voor een variatie in woonvormen, die passen bij de huidige én toekomstige woonwensen. Ook is een goede mix tussen verschillende bewoners en een diversiteit in woonvormen van belang. Wij hebben bovendien aandacht voor duurzaamheid en klimaatadaptatie van de (toekomstige) woningvoorraad en de inrichting van onze ruimte. Wij hebben oog voor de inrichting van een leefomgeving die ontmoeting en beweging stimuleert en die voorzieningen in relatieve nabijheid brengt, bijvoorbeeld door het waar mogelijk toepassen van functiemenging. Voor het thema wonen en de fysieke leefomgeving hebben wij de volgende hoofdambities: - inzetten op een gedifferentieerde woningvoorraad; - de bouwhoogte is maatwerk (zie de gemeentelijke visie op bouwhoogte); - de gemeente zet waar mogelijk in op functiemenging op bestaand en te ontwikkelen terrein; - inzetten op een waterrobuuste en klimaatadaptieve leefomgeving; - uitvoeren van de energietransitie: Ridderkerk is aardgasvrij en klimaatneutraal in 2050; - voorzieningenniveau per wijk of buurt is maatwerk; - behouden van een volwaardig onderwijssysteem van kinderopvang tot en met voortgezet onderwijs; - optimalisatie van (maatschappelijk) vastgoed.
Tabel 2.2 Ambities voor het thema wonen en de fysieke leefomgeving Thema
Ambitie
Wonen
Inzetten op een gedifferentieerde woningvoorraad uitbreiding van de woningvoorraad: de dynamiek op de woningmarkt in Ridderkerk en de regio is groot. Er zijn vooral verhuisbewegingen tussen Ridderkerk en de omliggende gemeenten Barendrecht, Hendrik-Ido-Ambacht en Rotterdam. Het inwoneraantal van Ridderkerk groeit door het grote aantal verhuisbewegingen en omdat voormalige inwoners graag terugkeren. Door de vergrijzende bevolking zien we ook dat het geboortesaldo afneemt. Toch neemt het aantal huishoudens de komende jaren nog flink toe. Vooral het aantal kleine huishoudens, als gevolg van de vergrijzing. Maar ook de individualisering in de samenleving speelt een rol: steeds meer jonge mensen blijven langer alleen. Deze ontwikkelingen leggen een druk op de woningmarkt. Er moeten woningen worden bijgebouwd om te zorgen voor een woningvoorraad die de verschillende doelgroepen in Ridderkerk kan bedienen. Daarom zet de gemeente in op de bouw van het overeengekomen regiobod. Het regiobod uit 2022 gaat uit van een netto saldo van 1.910 nieuwe woningen tot 2030. Er worden in dit regiobod 2.710 woningen gebouwd en 800 woningen worden gesloopt. De mogelijke initiatieven die leiden naar het regiobod zijn opgenomen in de Planmonitor van de gemeente. Het regiobod wordt periodiek herzien. Dat kan betekenen dat er een heroverweging wordt gemaakt. Het geldende regiobod is leidend.
De gemeente heeft de volgende mogelijkheden om de woningvoorraad te verbeteren en verder uit te breiden: · woningvoorraad verbeteren door renovatie of sloop-nieuwbouw; · woningvoorraad uitbreiden door transformatie van gebieden (zoals P.C. Hooftstraat en Centrum-Oost) of gebouwen (zoals werklocaties en maatschappelijk vastgoed). Voorwaarde is dat de transformatie goed ingepast moet kunnen worden; · woningvoorraad uitbreiden door verdichting in bestaande buurten. Bijvoorbeeld de gebieden langs de bestaande OV-verbindingen worden als kansrijk geacht voor de toevoeging van woningbouw; · uitbreiding van de woningvoorraad in het buitenstedelijk gebied is niet zomaar mogelijk. De gemeente zet hiervoor in op maatwerk per locatie. De haalbaarheid is afhankelijk van meerdere factoren. Bijvoorbeeld de aanwezige landschappelijke kwaliteiten en structuren, het water- en bodemsysteem en het mobiliteitssysteem. We onderzoeken daarom bijvoorbeeld de mogelijkheden voor en de haalbaarheid van de uitbreiding van de woningvoorraad op de locatie van de Boomgaard, mits kleinschalig van karakter en (groen) ingepast in de dorpse omgeving; · veilig wonen en werken staat voorop. Kenmerkend voor onze regio zijn bijvoorbeeld de vele onbeschermde buitendijkse gebieden. Deze gebieden worden intensief gebruikt als bedrijventerrein en woongebied.
Vaak is de grond opgehoogd waardoor wateroverlast beperkt blijft. Bij ruimtelijke ontwikkelingen in de buitendijkse gebieden is de kwetsbaarheid van de bodem en het risico op overstroming een belangrijk aandachtspunt. Wij willen daarom een onderzoek uitvoeren naar de (on)mogelijkheden van buitendijks bouwen aan de
7 | 23
Witteveen+Bos | 141592/24-018.360 | Concept 03
Thema
Ambitie
-
-
Bouwhoogte
De bouwhoogte is maatwerk
-
-
-
8 | 23
rivieroevers van de Nieuwe Maas. In dit onderzoek kan bijvoorbeeld de hoogte van de waterstand, het rekening houden met water en bodem, de leefbaarheid en het mobiliteitssysteem worden onderzocht. Initiatiefnemers moeten ook onderzoek doen of de locatie voldoet aan het uitgangspunt veilig wonen en werken; differentiatie in de woningvoorraad: met de realisatie van het regiobod voegen wij woningen toe aan onze woningvoorraad. Bij de uitbreiding en de verbetering van onze woningvoorraad streven wij naar meer differentiatie in woningtypes en prijsklassen in het woningaanbod en binnen de verschillende wijken en kernen van Ridderkerk. Zo zorgen we voor een woningvoorraad waarin de verschillende doelgroepen een geschikte woning kunnen vinden: · doelgroepen: wij hebben in het bijzonder aandacht voor starters, ouderen, zorgbehoevenden en internationale medewerkers. Een toenemende differentiatie in de woningvoorraad is belangrijk voor hen. Zo is het voor starters lastig om een woning te vinden, Het tekort aan seniorenwoningen heeft een invloed op de doorstroming. Daarom streeft de gemeente naar de realisatie van meer nultredenwoningen en geclusterde woningen. Uitgangspunt is dat bewoners zo lang en zo goed mogelijk zelfstandig thuis kunnen blijven wonen. Ook is er behoefte aan passende woningen voor zorgbehoevenden en voor internationale medewerkers.
Het omzien naar elkaar wordt bij deze verschillende type woonvormen gestimuleerd; · prijsklasse: we zetten erop in dat de woningvoorraad naast diversiteit in type ook diverser wordt in de prijsklasse. De gemeente streeft naar een aandeel van maximaal 30 % sociale (huur)woningen bij nieuwbouw, verspreid over de gemeente. Dit staat gelijk aan de landelijke norm; · woonvormen: de vraag naar type woningen verandert over tijd. Hierop kan worden geanticipeerd door bijvoorbeeld flexwonen en doelgroepspecifieke of collectieve woonvormen mogelijk te maken. Daarom onderzoekt de gemeente de mogelijkheden van flexwonen tussen de Sportlaan/Benedenrijweg/Kivietsweg; toewijzing: de beschikbare woningen worden zoveel mogelijk aan Ridderkerkse woningzoekenden toegewezen, mits passend binnen de daarvoor beschikbare wettelijke kaders en middelen; BENG-norm: sinds 1 januari 2021 moeten alle nieuwe gebouwen in Nederland bijna energieneutrale gebouwen (BENG) zijn. Naast dit wettelijke vereiste stimuleert de gemeente ook dat nieuwbouw klimaatadaptief en natuurinclusief wordt uitgevoerd. Voorbeelden zijn de toepassing van groenblauwe daken en/of waterberging en de vergroening van het eigen terrein. De gemeente houdt rekening met de maatlat groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving en het Convenant Klimaatadaptief Bouwen voor het klimaatadaptief bouwen en inrichten van de leefomgeving
de gemeente heeft een gemeentelijke visie op bouwhoogte opgesteld. De visie op bouwhoogte gaat in op de inpassing en bouwhoogte van nieuwe woningen. De belangrijkste voorwaarden zijn hieronder opgenomen. de beschikbare ruimte in Ridderkerk is beperkt. Het verhogen van de dichtheid is daarom nodig. Om de nieuwe woningen ruimtelijk goed in te passen zodat ze geen afbreuk doen aan de omgeving onderscheidt de gemeente vier niveaus van bouwhoogte: · laagbouw (t/m 3 lagen); · middenbouw (4 t/m 6 lagen); · hoogbouw (7 t/m 10 lagen); · landmarks (vanaf 11 lagen); bij de inpassing van nieuwe woningen hanteert de gemeente de volgende randvoorwaarden: · het ‘dorpse karakter’ van Ridderkerk wordt beschermd; · de woonkwaliteit, sfeer en karakter van bestaande buurten worden gerespecteerd; · hogere gebouwen (vanaf middenbouw) kunnen alleen op geschikte locaties: goede bereikbaarheid; nabijheid haltes hoogwaardig openbaar vervoer; nabijheid winkels/voorzieningen; nabijheid van groen; de gemeente heeft een visie op de bouwhoogte van nieuwe woningen en maakt daarbij onderscheid tussen: · de dorpse structuur, bestaande uit de onderdelen: Waal, doorgaande watergangen, weteringen; dijklinten en polderwegen; historische dorpskernen; open landschap tussen kernen; · de hoofstructuur, bestaande uit de onderdelen: Nieuwe Maas (rivieroevers); snelweg (afritten en knooppunten);
Witteveen+Bos | 141592/24-018.360 | Concept 03
Thema
Ambitie
·
·
hoofdontsluitingswegen; HOV-haltes; haltes waterbus; winkelhart, wijkcentra, wijksteunpunten; voor de verschillende bouwhoogte-niveaus geldt: laagbouw (t/m 3 lagen): in ieder geval langs de dorpse structuur, mits passend; middenbouw (4 t/m 6 lagen): overal langs (alle onderdelen van) de hoofdstructuur; hoogbouw (7 t/m 10 lagen): alleen op de bestaande hoogbouwlocaties rond afritten en nabij knooppunten van de snelwegen; langs de rivieroever; rond de kruisingen van hoofdwegen als onderdeel van middenbouw; landmarks (vanaf 11 lagen): alleen langs de rivieroever als onderdeel van hoog- en/of middenbouw; hoger bouwen (vanaf middenbouw) is altijd maatwerk, hiervoor geldt een onderzoeksplicht voor de initiatiefnemer. Ten alle tijde moeten de woningen zo worden ingepast dat ze bijdragen aan de leefbaarheid van de wijk en kwaliteit toevoegen: variatie in bebouwing, bouwhoogten en woningtypen; prettig straatbeeld met een levendige plint; groene (openbare) buitenruimte; gebouwde parkeeroplossing; de inpassing van hogere gebouwen bij kleine ontwikkelingen is meestal niet goed mogelijk gezien de eisen die worden gesteld aan de ruimtelijke inpassing, vanuit het parkeren en een groene inrichting
Functiemenging
De gemeente zet waar mogelijk in op functiemenging op bestaand en te ontwikkelen terrein functiemenging betekent dat verschillende functies, zoals wonen, werken en voorzieningen, vlakbij én naast elkaar worden ontwikkeld. De gemeente vindt functiemenging belangrijk, omdat het bijdraagt aan een vitale, gezonde en veilige leefomgeving. Maar functiemenging kan niet overal. We moeten rekening houden met de milieugebruiksruimte van bijvoorbeeld (bestaande) bedrijvigheid. Concreet betekent dit dat functiemenging of transformatie in Ridderkerk alleen denkbaar is bij Centrum-Oost en op het te herontwikkelen terrein van Trelleborg
Duurzaamheid
Inzetten op een waterrobuuste en klimaatadaptieve leefomgeving maatschappelijk vastgoed: in het Klimaatakkoord is afgesproken dat alle gemeenten het maatschappelijk vastgoed voor 2050 verduurzamen. Daarnaast kan het grondgebied van maatschappelijk vastgoed bijvoorbeeld worden ingezet ten behoeve van waterberging en de vermindering van hittestress. Zo draagt het maatschappelijk vastgoed bij aan een waterrobuuste en klimaatadaptieve omgeving; openbare ruimte: de gemeente is aan zet voor de aanleg, beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Om in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust te zijn, moeten we ook in de openbare ruimte aan de slag. Wij willen ons focussen op een openbare ruimte die bestendig is tegen de gevolgen van wateroverlast, droogte en hittestress. Wij kijken altijd naar (extra) mogelijkheden voor waterberging en zetten ons in voor een groenblauwe dooradering door maatregelen te nemen zoals waterberging via bijvoorbeeld wadi’s, watergangen en de vergroening van de leefomgeving (bijvoorbeeld op daken en gevels, groene speelplekken en via het verstevigen van de hoofdgroenstructuur in de wijken). Het uitgangspunt is dat water ter plekke wordt geborgd en vastgehouden en later wordt afgevoerd. Het is de ambitie om de bebouwing waar dat mogelijk is af te koppelen van het gemengde rioolstelsel.
Dat is ook nodig omdat het bestaande riool niet is ontworpen om de toenemende hoeveelheden van regenwater af te voeren; particuliere ruimte: naast de openbare ruimte is er ook ruimte in het bezit bij particulieren. Particulieren zijn zelf verantwoordelijk voor de afvoer van hemelwater op het eigen terrein. Daarom gaan we inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) organisaties stimuleren om ook klimaatadaptieve maatregelen te nemen. Dat doen we via de communicatie van voorbeelden en informatie over de mogelijkheden die er zijn.
Energietransitie
Uitvoeren van de energietransitie: Ridderkerk is aardgasvrij en klimaatneutraal in 2050 haalbaarheid: de energietransitie moet voor iedereen bereikbaar en betaalbaar zijn. De gemeente zet in op (subsidie)regelingen en leningen voor inwoners; besparing: de eerste stap naar een klimaatneutrale gemeente is het inzetten op de besparing van energie. Bijvoorbeeld door het verminderen van de energievraag en het stimuleren van een efficiënter én zuiniger gebruik. Dat kan door energieprestatieverbeteringen en isolatie (bijvoorbeeld via een (pré)soortenmanagementplan); duurzame energie: de gemeente moet in haar energievoorziening overstappen op duurzame energiebronnen. De gemeente gaat de mogelijkheden van alternatieve energiebronnen daarom verder onderzoeken. Bijvoorbeeld all-electric oplossingen en aquathermie (koude en warmte benutten uit oppervlaktewater, afvalwater en drinkwater. In het Warmteprogramma maakt de
9 | 23
Witteveen+Bos | 141592/24-018.360 | Concept 03
Thema
Ambitie
-
gemeente keuzes op wijk- en buurtniveau. Daarnaast stimuleert de gemeente de aanleg van zonnepanelen op daken en op bijvoorbeeld de overkappingen van parkeerterreinen; netcapaciteit: op dit moment wordt er in Nederland meer stroom opgewekt, dan dat er stroom wordt gebruikt. Dit leidt tot een druk op het energienet. Dat heeft vervelende gevolgen, zoals spanningsproblemen bij huidige gebruikers en belemmeringen in de verduurzaming vanwege de netcapaciteit. Het kan zelfs leiden tot een wachttijd op een aansluiting. Momenteel is er sprake van een wachtrij. Om de opgaven op te lossen moet enerzijds de stroomvraag worden verlaagd (besparing), en moet anderzijds de netcapaciteit worden verhoogd. De netbeheerder werkt in de regio aan de plaatsing van extra trafostations en de verzwaring van de energie-infrastructuur. Dat betekent dat er (ook in de bestaande wijken) gezocht moet worden naar ruimte voor ondergrondse infrastructuur en het plaatsen van extra trafostations daarnaast worden bestaande trafostations aangepast. In de toekomst moet er mogelijk ook gekeken worden naar ruimte voor de opslag en conversie van de duurzame energie (bijvoorbeeld in opslagbatterijen)
Voorzieningen: voorzieningenniveau
Voorzieningenniveau per wijk of buurt is maatwerk het voorzieningenniveau is van belang voor de vitaliteit en de leefbaarheid van de buurt. Het uitgangspunt is dat de bestaande wijkcentra en buurtsteunpunten worden behouden. Afhankelijk van de demografische samenstelling van de wijk en de kwetsbaarheid van inwoners kunnen aanvullende voorzieningen nodig zijn. Het heeft de voorkeur om toekomstige (maatschappelijke) voorzieningen te clusteren nabij het wijkcentrum, buurtsteunpunten en plekken waar veel ouderen wonen. De buurtoverstijgende voorzieningen bevinden zich centraal in het centrum van Ridderkerk
Voorzieningen: onderwijssysteem
Behouden van een volwaardig onderwijssysteem van kinderopvang tot en met voortgezet onderwijs onderwijs: alle leerlingen verdienen een plek op een opvang of school die bij hen past. We behouden een volwaardig systeem van kinderopvang tot en met het voortgezet onderwijs; voorkomen van leerachterstanden: wij willen dat kinderen bij de start van het basisonderwijs zo min mogelijk achterstand hebben. Daarom investeren wij in Voor- en vroegschoolse Educatie. Ook ondersteunen wij het basisonderwijs zodat wij gezamenlijk met de scholen onderwijsachterstanden in het onderwijs kunnen bestrijden. Daarnaast stimuleren we de vorming van Integrale Kindcentra: organisaties voor kinderen van nul tot dertien jaar waar onderwijs, opvang en welzijnsactiviteiten onder één dak te vinden zijn. We trekken gezamenlijk op met de partners zoals kinderopvang, onderwijs en de jeugdgezondheidszorg (CJG) en zorgen voor duidelijke afspraken; onderwijsgebouwen: goede onderwijsgebouwen zijn nodig voor goed onderwijs aan de jongste inwoners van Ridderkerk. Het is de verantwoordelijkheid van de gemeente om te zorgen voor voldoende en adequate gebouwen voor (bewegings)onderwijs, met voldoende buitenspeelruimte en fietsparkeervoorzieningen. Ook hebben wij aandacht voor de realisatie van een veilige omgeving rondom scholen, met oog voor vergroening en de afstand tot (auto)wegen
Voorzieningen: maatschappelijk vastgoed
Optimalisatie van (maatschappelijk) vastgoed de doelgroepen van het maatschappelijk vastgoed zijn: bewegingsonderwijs, verenigingen, stichtingen en gemeentelijke instanties. Er wordt ingezet op voldoende en kwalitatief goede accommodaties, een evenwichtige spreiding, goede bezetting en verantwoorde besteding van de middelen
2.3.2
Sociaal domein en gezondheid
In Ridderkerk hebben wij oog voor elkaar. De komende jaren wil de gemeente samen met partners en inwoners verder bouwen aan een krachtige, inclusieve samenleving. Wij willen dat iedereen zich naar vermogen kan ontwikkelen, dat inwoners zich verbonden voelen met elkaar en hun weg weten te vinden. De gemeente vindt het belangrijk om voldoende ruimte te bieden aan (on)georganiseerde ontmoetingen. Het is belangrijk om aan te sluiten bij de verschillende behoeftes. Een deel maakt graag gebruik van het rijke verenigingsleven van Ridderkerk, anderen hebben juist meer behoefte aan informele ontmoetingen in de openbare ruimte. Inwoners krijgen ondersteuning van de gemeente en/of partners op het moment dat zij dat nodig hebben. Deze ondersteuning is toegespitst op de behoefte(n) van de inwoner(s) en de toegang naar de ondersteuning is laagdrempelig. Als samenleving nemen we gezamenlijk de verantwoordelijkheid. Inwoners zijn in staat om hun eigen leven te organiseren en vorm te geven. Inwoners weten elkaar te vinden en pakken samen initiatieven op; voor en door inwoners. Als het tegenzit doen mensen voor hulp een beroep op familie, vrienden, kennissen, buren en zo nodig professionele ondersteuning.
10 | 23
Witteveen+Bos | 141592/24-018.360 | Concept 03
Wij zetten in op een omgeving waarin men naar elkaar omkijkt, met steun voor vrijwilligers. Voor inwoners die (tijdelijk) hulp en ondersteuning nodig hebben zijn er voldoende voorzieningen en is er een laagdrempelig vangnet aanwezig, gericht op preventie en wijkgerichte samenwerking. De gemeente is zich daarbij bewust van de grenzen van deze informele zorg en biedt als het nodig is ook ondersteuning aan degenen die omzien naar hun naaste. Gezondheid is een belangrijk onderwerp onder de Omgevingswet. Het gaat om gezondheidsbescherming en om gezondheidsbevordering. Gezondheidsbescherming draait om het waarborgen van een veilige en gezonde leefomgeving via milieuthema’s zoals geluid en lucht. We houden rekening met de inpassing van gevoelige functies en focussen op sociale kwaliteit en veiligheid op wijkniveau. Daarnaast is er een accentverschuiving te zien naar gezondheidsbevordering. Gezondheidsbevordering gaat om maatregelen die mensen aanzetten tot gezond gedrag. Het gaat dan bijvoorbeeld om de positieve invloed van een groene leefomgeving op de fysieke en mentale gezondheid.
Voor het sociaal domein en gezondheid hebben wij de volgende hoofdambities: - gezondheid als integraal onderdeel van het (ruimtelijk) beleid; - streven naar een beweegvriendelijke, inclusieve fysieke leefomgeving; - omgaan met hittestress; - inzetten op een aanvaardbaar woon- en leefklimaat; - inzetten op een veilige leefomgeving; - in Ridderkerk hebben wij oog voor elkaar en kan iedereen meedoen; - voor inwoners die (tijdelijk) hulp en ondersteuning nodig hebben, is een vangnet aanwezig; - de Ridderkerkse jeugd groeit veilig en gezond op.
Tabel 2.3 Ambities voor het thema sociaal domein en gezondheid Thema
Ambitie
Gezondheid
Gezondheid als integraal onderdeel van het (ruimtelijk) beleid door gezondheid als integraal onderdeel te zien, stimuleren wij de vermindering van gezondheidsachterstanden en bevorderen wij de vitaliteit en gezondheid. De inzet op positieve gezondheid is het uitgangspunt
Gezondheid: beweegvriendelijke, inclusieve fysieke leefomgeving
Streven naar een beweegvriendelijke, inclusieve fysieke leefomgeving beweegvriendelijkheid: de gemeente zet in op een beweegvriendelijke openbare ruimte die iedereen uitnodigt tot beweging, spelen en ontmoeting: · beweging: de versterking van de groene kraag en de aansluiting van de groene kraag op de uit te breiden hoofdgroenstructuur (inprikkers) kan gecombineerd kan worden met fiets- en wandelmogelijkheden. Door fiets- en wandelroutes waar mogelijk van schaduw te voorzien, worden deze routes aantrekkelijker in het gebruik; · spelen: wij willen het aanbod van speelvoorzieningen laten aansluiten bij de opbouw van de wijk, met aandacht voor inclusie, veiligheid, inpasbaarheid, en een evenwichtige spreiding over de gemeente; · ontmoeten: waar nodig en mogelijk wil de gemeente ontmoetingsplekken realiseren; toegankelijkheid: de gemeente Ridderkerk staat ervoor dat iedereen volledig kan deelnemen aan de samenleving. De toegankelijkheid van het openbaar vervoer, openbare gebouwen en sportmogelijkheden moet voor mensen met een beperking verbeteren. Ook hebben wij aandacht voor de begaanbaarheid van winkelcentra. Daarnaast zetten wij ons in voor de aanleg van toegankelijke wandel- en fietspaden die veilig gebruikt kunnen worden met bijvoorbeeld (hulp)middelen als een rollator of kinderwagen.
Het kan ook gaan om het plaatsen van bankjes, publieke toiletten en het inrichten van ontmoetingsplekken. Kortom, bij ontwikkelingen hebben wij aandacht voor de fysieke toegankelijkheid
Gezondheid: hittestress
Omgaan met hittestress de verwachting is dat het aantal zomerse en tropische dagen sterk toeneemt. De bebouwde omgeving is daar extra gevoelig voor: op versteende plekken zonder groen loopt de temperatuur op. We willen beter ingericht zijn voor en voorbereid zijn op langdurige perioden van hitte. Want we willen de negatieve effecten van hitte op de gezondheid, arbeidsproductiviteit en sterfte minimaliseren. Ridderkerk heeft een lokaal hitteplan. Wij trekken gezamenlijk op met de vertegenwoordigers van onder andere de GGD, verzorgingshuizen, scholen, lokale
11 | 23
Witteveen+Bos | 141592/24-018.360 | Concept 03
Thema
Ambitie gezondheidsnetwerken, zorgteams en welzijnsorganisaties. Het hitteplan gaat concreter in op de beheersing van de gezondheidsrisico’s die samengaan met hittestress
Gezondheid: aanvaardbaar woon- en leefklimaat
12 | 23
Inzetten op een aanvaardbaar woon- en leefklimaat in Ridderkerk willen wij aandacht besteden aan het bereiken van een evenwicht in de omgevingskwaliteit, zodat de gemeente een gezonde en veilige plek is om te wonen en te leven. Daarvoor houden we ons aan wettelijke regels voor geluid, luchtkwaliteit, geur en omgevingsveiligheid. Dit zijn belangrijke thema’s bij de evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Binnen deze kaders stellen wij waar nodig gebiedsgericht beleid op. Dat is nodig, want Ridderkerk is omringd door snelwegen en bedrijventerreinen. Alhoewel een deel van de uitstoot buiten de invloedssfeer van de gemeente ligt, heeft dit effect op de luchtkwaliteit, geluid en de aanwezigheid van fijnstof; geluid: · de gemeente zet zich in om het aantal inwoners dat ernstige hinder of slaapverstoring ondervindt door verkeers- of industrielawaai te laten afnemen. Verschillende ontwikkelingen, bijvoorbeeld de overgang naar elektrische auto’s, dragen hieraan bij. Waar nodig wordt de geluidsoverlast door verkeerslawaai teruggebracht door gebruik te maken van maatregelen zoals geluidsschermen, stil asfalt en het verstrekken van een subsidie voor het isoleren van woningen. Het lawaai van bedrijfsmatige activiteiten verminderen we door het hanteren van voldoende afstand tussen bedrijven en geluidgevoelige gebouwen en regels voor bedrijven.
Op deze manier werkt de gemeente toe naar de plandrempels en ambitiewaarden uit het Programma Geluid & Lucht en de vermindering van het aantal geluidgehinderden door bij ontwikkelingen oog te houden voor locatiekeuze, verkaveling en te treffen maatregelen. De gemeente heeft hiervoor haar Programma Geluid en Lucht 2025 - 2029 vastgesteld; · in het programma Geluid en Lucht zijn plandrempels en ambitiewaarden opgenomen, deze zijn uitgewerkt in beleidsregels voor het bouwen van geluidgevoelige gebouwen bij een weg en voor het aanpassen van een weg bij een geluidgevoelig gebouw. Beleidsregels voor industrielawaai en bedrijfsmatige activiteiten worden in de toekomst ook opgesteld; · de Omgevingswet geeft gemeenten ruimte voor een eigen, lokale afwegingsruimte op gebied van geluid. Binnen onze gemeente zullen we op bepaalde plekken meer ruimte willen bieden aan bedrijvigheid, terwijl op andere locaties de kwaliteit van de leefomgeving zwaarder weegt. In ons omgevingsplan zal het maximaal toegestane geluidniveau gebiedsgericht worden gekoppeld aan het beoogde woonmilieu; luchtkwaliteit: · wij werken aan permanente verbetering van de luchtkwaliteit voor gezondheidswinst voor iedereen in Ridderkerk. De luchtkwaliteit in Ridderkerk voldoet aan de wettelijke normen. Wij willen verder gaan dan alleen voldoen aan de omgevingswaarden en werken daarom toe naar de nieuwe WHO-advieswaarden.
We hebben daarom een vrijwillig programma luchtkwaliteit opgesteld (Programma Geluid en Lucht 2025-2029), waarin de maatregelen uit het Schone Lucht Akkoord ook zijn opgenomen. In het Programma Geluid en Lucht staan maatregelen om de luchtkwaliteit te verbeteren. Deze maatregelen richten zich vooral op verkeer; · op hoogbelaste locaties zijn we bij nieuwe ontwikkelingen terughoudend met het realiseren van gevoelige functies, zoals een kinderdagverblijf of dagopvang voor ouderen, of voor mensen die extra kwetsbaar zijn voor luchtverontreiniging vanwege hun leeftijd (kinderen, ouderen) of aandoening (mensen met een luchtweg- of hart- en vaatziekte). Zo is het bijvoorbeeld ongewenst dat gevoelige functies (zoals scholen en kinderdagverblijven) zich vestigen binnen 150 meter van een snelweg en 25 meter van een drukke weg binnen de bebouwde kom. Het is een drukke weg als er per etmaal meer dan 10.000 voertuigen gebruikmaken van de weg. Dat gaat bijvoorbeeld om de Rijksstraatweg, Geerlaan, Vondellaan, Vlietlaan, Donkerslootweg, Benedenrijweg, Rijnsingel De Burg, Populierenlaan, de Koninginneweg en de Burgemeester de Zeeuwstraat; geur: · onze opgave is dat ernstige geurhinder in 2030 niet meer in onze gemeente voorkomt.
Dit bereiken we door het treffen van bronmaatregelen, maar ook door woningbouw en bedrijfsactiviteiten op voldoende afstand van elkaar te houden of te plannen; Bij woningbouw houden we rekening met bestaande bedrijvigheid. Bedrijven behouden de ruimte om uit te breiden binnen hun huidige milieuruimte op eigen terrein zonder dat er overlastsituaties ontstaan. We beschermen gebouwen met geurgevoelige bestemmingen tegen onaanvaardbare geurhinder, denk hierbij aan woningen, kantoren, zorg- en onderwijslocaties; omgevingsveiligheid: · de ambitie voor omgevingsveiligheid is gericht op het scheppen van een veilige(r) woon- en werkklimaat door de risico’s te beperken die burgers in Ridderkerk lopen als gevolg van activiteiten met gevaarlijke stoffen. De gemeente streeft naar de beperking van het
Witteveen+Bos | 141592/24-018.360 | Concept 03
Thema
Ambitie
·
·
·
plaatsgebonden risico voor (zeer) kwetsbare gebouwen en locaties (zoals scholen, zorginstellingen en woongebieden) tot de wettelijke grenswaarde. Het gaat dan om de kans op een incident van 1 op 1.000.000 per jaar. Voor ons omgevingsveiligheidsbeleid volgen we de uitgangspunten van het beleid op dit thema van de Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond en voldoen we aan de grenswaarden van het Bkl; in bestaande situatie willen we: het zoveel mogelijk (pro)actief terugdringen van bestaande geaccepteerde risicosituaties in (of nabij) de woonomgeving; heet (pro)actief opheffen van niet-acceptabele risicosituaties (saneringssituaties); bij nieuwe situaties: het uitsluiten van nieuwe risicobronnen binnen centrum, woongebieden en kantoorlocaties; nieuwe risicobronnen zijn slechts mogelijk binnen de daartoe specifiek aangewezen gebieden (clustering) of onder nader te stellen voorwaarden; het voeren van een gebiedsgericht locatiebeleid voor nieuwe en bestaande risicovolle activiteiten, waarbij de beschikbare risicoruimte afhankelijk is van de kwetsbaarheid van de omgeving; op bedrijventerreinen met risico’s voor externe veiligheid is geen ruimte voor kwetsbare functies; in de gemeente Ridderkerk worden geen Seveso-bedrijven toegestaan, dat zijn bedrijven waar een relatief grote hoeveelheid gevaarlijke stoffen aanwezig is; deze uitgangspunten betekenen onder meer dat nieuwe risicovolle
inrichtingen en Sevesoinrichtingen niet zijn toegestaan in woongebieden en kantorenlocaties. De risicovolle inrichtingen (uitgezonderd de Seveso-inrichtingen) kunnen zich vestigen op bedrijventerreinen. In lijn met de Omgevingsvisie van provincie Zuid-Holland willen wij clustering van risico veroorzakende milieubelastende activiteiten daar waar mogelijk bevorderen, en daarmee voorkomen dat uiteenlopende risicoveroorzakende milieubelastende activiteiten versnipperd plaatsvinden
Veilige leefomgeving
Inzetten op een veilige leefomgeving ons uitgangspunt voor de leefomgeving is: schoon, heel en veilig het Ridderkerkse veiligheidsbeleid gaat in haar aanpak uit van een prioritering van ondermijning, sociale kwaliteit, zorg en veiligheid en high impact crimes. Ruimtelijke ontwikkeling kan hierbij een positieve rol spelen, bijvoorbeeld door de inzet op levendige plinten en/of gebieden; de uitgangspunten voor de aanpak van de veiligheidsopgaven zijn: · wijkgericht werken; · effectief samenwerken met onze partners; · combinatie van perspectief bieden, preventie en repressie; · duidelijke en handhaafbare regels; de gemeente voert het veiligheidsbeleid uit in samenwerking met haar partners en aangrenzende thema’s, zoals de inwoners, ondernemers, de politie, het Openbaar Ministerie, onderwijs, de Veiligheidsregio en de GGD
Sociaal domein
In Ridderkerk hebben wij oog voor elkaar en kan iedereen meedoen Ridderkerk wil een inclusieve gemeente zijn, waar iedereen volwaardig kan deelnemen aan de samenleving. Wij gaan uit van de eigen veerkracht en regie; sociaal netwerk: sociaal isolement en eenzaamheid worden voorkomen door een omgeving te creëren waarin men naar elkaar omkijkt, met goede (sociale) netwerken en nabuurschap. Daarbij bieden wij steun aan vrijwilligers (inclusief pleegouders en mantelzorgers). Ook ondersteunen wij het verenigingsleven, bevorderen wij de zichtbaarheid van verenigingen en stimuleren wij evenementen en buurtactiviteiten. Een grote groep ondernemers is bereid om meer bij te dragen aan het verenigingsleven en/of andere maatschappelijke initiatieven. De gemeente wil dit potentieel beter benutten en gaat hierin meer als verbinden en aanjager functioneren; wij zetten in op het verbeteren en vergroten van de kwaliteit en diversiteit van (on)georganiseerde ontmoetingsplekken voor jong en oud
Sociaal domein
Voor inwoners die (tijdelijk) hulp en ondersteuning nodig hebben, is een vangnet aanwezig Een beroep op de professionele zorg wordt zoveel mogelijk voorkomen (preventie). Maar als een beroep nodig is, zorgen wij ervoor dat onze inwoners de weg naar zorg gemakkelijk kunnen vinden. Wij bieden dan ondersteuning en maken eventuele re-integratie mogelijk. De ondersteuning is toegespitst op de behoefte en is laagdrempelig. Ook willen wij de wijkgerichte samenwerking intensiveren
Sociaal domein
De Ridderkerkse jeugd groeit veilig en gezond op Samen met maatschappelijke partners op scholen en daarbuiten organiseren wij activiteiten om de jongste inwoners te informeren over het gevaar van drugs- en alcoholgebruik, het belang van
13 | 23
Witteveen+Bos | 141592/24-018.360 | Concept 03
Thema
Ambitie gezonde voeding, mentale en lichamelijke gezondheid en het verantwoord omgaan met financiële middelen. Ook zetten wij ons in voor een rookvrije generatie
2.3.3
Mobiliteit
Mobiliteit is een belangrijk onderdeel van een veerkrachtige, bereikbare gemeente. In deze omgevingsvisie streven wij ernaar dat de openbare ruimte beter in balans komt en er meer ruimte wordt gegeven aan de voetganger, fietser en het openbaar vervoer. Het is daarvoor belangrijk om eventuele belemmeringen weg te nemen, de paden goed te onderhouden en over voldoende stallingsmogelijkheden te beschikken. Ook kan worden ingezet op de belevingswaarde van deze modaliteiten. Voor mobiliteit hebben wij de volgende hoofdambities: - streven naar inclusieve mobiliteit; - streven naar duurzame mobiliteit; - stimuleren van wandelen en fietsen; - ruimte voor de auto; - de gemeente zet in op het behoud en de versterking van haar OV-verbindingen; - inzetten voor een goede verkeersveiligheid.
Tabel 2.4 Ambities voor het thema mobiliteit Thema
Ambitie
Inclusieve mobiliteit
Streven naar inclusieve mobiliteit De gemeente zet zich in voor inclusieve mobiliteit, waardoor iedereen in staat is om deel te nemen aan de samenleving. Dit doet de gemeente door het behoud van de buurtbussen en door het inventariseren van de huidige vraag naar het concept ‘Vervoer op Maat’. Daarnaast kunnen AOW-gerechtigden uit Ridderkerk op dit moment gratis reizen met het openbaar vervoer van RET
Duurzame mobiliteit
Streven naar duurzame mobiliteit hubs: de gemeente wil een onderzoek uitvoeren naar de potentie van mobiliteitshubs en logistieke hubs. Bijvoorbeeld voor de bevoorrading van het centrum; laadinfrastructuur: wij willen de laadinfrastructuur uitbreiden zodat deze nog beter geschikt wordt voor de toepassing van duurzame mobiliteit
Vervoerswijzen
Stimuleren van wandelen en fietsen de voetganger en fietser komen in beleid en inrichting op de eerste plaats; onderhoud: wij zetten ons ervoor in dat fiets- en wandelpaden goed worden onderhouden; fietsparkeerplaatsen: de fietsparkeerplaatsen worden geclusterd en er worden extra plaatsen gerealiseerd waar nodig. Waar er geen fysieke ruimte is voor het aanleggen van fietsparkeerplaatsen wordt er gekeken of er een fietsvlonder geplaatst kan worden op een autoparkeerplaats om zo toch het aantal fietsparkeerplaatsen uit te breiden; de ontbrekende schakels in het fietsnetwerk die zijn opgenomen in het mobiliteitsplan worden sinds 2024 gerealiseerd. De volgende routes zijn in ieder geval voorzien: · realisatie van de metropolitane fietsroute Dordrecht-Rotterdam per 2028; · Kievitsweg tussen de Rijnsingel en de Randweg (dit wegvak is onderdeel van het voorkeurstracé metropolitane Fietsroute Dordrecht - Rotterdam); · verbinding Drievliet en snelfietsroute via Oostmolendijk (dit wegvak is onderdeel van het voorkeurstracé metropolitane Fietsroute Dordrecht - Rotterdam); · Oosterparkweg (wordt gecombineerd met de herinrichting van het Oosterpark);
· Vervoerswijzen
14 | 23
Populierenlaan en Donkerslootweg;
wij gaan ook de mogelijke ontbrekende schakels in de wandelroutes nader bekijken
Ruimte voor de auto de auto blijft een belangrijk vervoersmiddel in de wijken die niet optimaal zijn ontsloten met het openbaar vervoer. Daarmee streeft de gemeente naar een toegankelijk Ridderkerk voor bewoners, bezoekers en ondernemers;
Witteveen+Bos | 141592/24-018.360 | Concept 03
Thema
Ambitie
-
parkeren: het doel is dat het aanbod aansluit op de behoefte. De gemeente gaat uit van de vastgelegde afspraken in de gemeentelijke ‘Nota Parkeernormen 2024’. In beginsel wordt de parkeereis gefaciliteerd op het eigen terrein bij ontwikkelingen. De Nota Parkeernormen ondersteunt om de schaarse openbare ruimte zo efficiënt mogelijk te benutten via de bestaande (auto)infrastructuur en de stimulering van duurzame vormen van vervoer (lopen, fietsen, openbaar vervoer)
Openbaar vervoer
De gemeente zet in op het behoud en de versterking van haar OV-verbindingen de gemeente blijft zich inzetten voor (hoogwaardig) openbaar vervoer van en naar Ridderkerk. De vervoerdersmaatschappij gaat primair over de inrichting van het OV-systeem. Ondanks dat dit buiten de directe invloed van de gemeente ligt, is het belangrijk om hier blijvend aandacht aan te besteden, omdat het OV een belangrijke rol speelt in de vitaliteit en de leefbaarheid van Ridderkerk. De gemeente zet zich daarom in voor de realisatie van haar ambities, door samenwerking met MRDH en het voeren van de dialoog met de MRDH en de vervoerdersmaatschappij: · realisatie van de R-net busverbinding tussen Rotterdam - Ridderkerk - Drechtsteden. De infrastructuur wordt hiervoor waar nodig geschikt gemaakt op basis van uitgevoerd onderzoek; · de gemeente zet in voor de realisatie van een Rnet busverbinding tussen Ridderkerk en het station van Barendrecht; · de gemeente onderzoekt de mogelijkheden voor versterking van de waterbus. Mogelijkheden hiervoor zijn een extra halte bij Bolnes en een frequenter vaarschema
Verkeersveiligheid
Inzetten voor een goede verkeersveiligheid wij streven naar nul dodelijke verkeerslachtoffers; verkeersstructuur: de wegen worden op een consequente manier ingericht waardoor de verkeersstructuur beter leesbaar is. De bewegwijzering en leesbaarheid van de fietsroutes kan verbeterd worden. Om de verkeersveiligheid voor fietsers op de 'grijze wegen' te verbeteren, wordt waar mogelijk de wegcategorie aangepast naar gebiedsontsluitingsweg 30 km per uur; veiligheidsknelpunten: aanpakken van veiligheidsknelpunten door veiligheidsrisico’s waar mogelijk weg te nemen; doorstroming: aandacht voor maatregelen om de doorstroming te verbeteren
2.4
Groenblauwe oase
De kernwaarde 'groenblauwe oase' vormt een belangrijk onderdeel van de ambitie van gemeente Ridderkerk. Een speerpunt is het behoud en de versterking van onze 'groene kraag'. Door de groene zones zoals de gronden rondom het Huys ten Donck, de A38, het Oosterpark en de Crezéepolder met elkaar te verbinden, wordt een robuust netwerk gecreëerd met ruimte voor ontspanning, recreatie en biodiversiteit. Ook het buitengebied is een belangrijke pijler van de groenblauwe oase. We zetten ook in op het behoud en de versterking van onze landschappelijke en cultuurhistorische waarden. Duurzaamheid is eveneens een prioriteit. In lijn met de nationale doelen streeft Ridderkerk naar een waterrobuuste, klimaatbestendige en aardgasvrije gemeente in 2050. Voor de energietransitie wordt ingezet op energiebesparing en de stimulering van duurzame energieoplossingen. Ridderkerk werkt aan haar groenblauwe oase door haar ambities op de volgende thema’s: - natuur en recreatie; - landschap en cultuurhistorie; - water, bodem en klimaat(adaptatie); - duurzaamheid.
15 | 23
Witteveen+Bos | 141592/24-018.360 | Concept 03
2.4.1
Natuur en recreatie
Een robuuste en vitale groenstructuur is van groot belang voor de aantrekkelijkheid van Ridderkerk als woon- en werkgemeente. De groenstructuur van Ridderkerk bestaat uit een ‘groene kraag’ rondom het stedelijke gebied van Ridderkerk. In de praktijk zijn er onderbrekingen en missen er schakels in deze omlijsting. Ook binnen de wijken kunnen de groenblauwe structuren beter op elkaar worden aangesloten. Hierdoor kan een fijnmazig netwerk binnen de wijken ontstaan die aansluit op de grotere groengebieden rondom Ridderkerk. Zo wordt een buffer tegen de verstedelijkingsdruk gevormd, worden de biodiversiteit en de recreatiemogelijkheden versterkt en wordt de kwaliteit van de leefomgeving verhoogd. Voor natuur en recreatie hebben wij de volgende hoofdambities: - de gemeente beschermt en verstevigt de hoofdgroenstructuur; - de gemeente zet in op het behoud en de versterking van de groene kraag; - vergroten van de biodiversiteit; - beleefbaar maken van de Waal, de Noord en de Nieuwe Maas.
Tabel 2.5 Ambities voor het thema natuur en recreatie Thema
Ambitie
Hoofdgroenstructuur
De gemeente beschermt en verstevigt de hoofdgroenstructuur alle bestaande groengebieden worden gehandhaafd. Er wordt ingezet op de instandhouding en verbetering van het natuurnetwerk. Wij breiden de hoofdgroenstructuur uit en maken deze robuuster door (waar mogelijk) groene verbindingen (‘inprikkers’) te realiseren tussen de groene kraag en de (hoofd)groenstructuur in de wijken. Wij hechten waarde aan onze hoofdgroenstructuur. Bij de ontwikkeling en beoordeling van initiatieven liggen er kansen om de hoofdgroenstructuur te versterken als de ontwikkeling zich in of nabij de hoofdgroenstructuur bevindt
Groene Kraag
De gemeente zet in op het behoud en de versterking van de ‘groene kraag’ wij zetten in op het verbeteren van de samenhang tussen de grotere groengebieden. Nu is de samenhang tussen de Gorzen/de Crezéepolder nog onvoldoende en zijn de groene verbindingen richting het Oosterpark en het westelijk gelegen Reijerpark vaak onderbroken. De nadruk ligt ook op de verbinding tussen het Reijerpark, Bolnes-Zuid en de Donckse Velden. Bij de ontwikkeling en beoordeling van initiatieven is er oog voor de bijdrage aan de groenstructuur
Biodiversiteit
Vergroten van de biodiversiteit de natuur en biodiversiteit staan onder druk. Onze groene recreatiegebieden en parken bieden kansen voor versterking van natuur en biodiversiteit en zijn tegelijkertijd koele verblijfsgebieden. Wij willen de biodiversiteit in stand houden en verbeteren, zodat er grotere robuustheid ontstaat van meer ecologisch waardevolle gebieden. Daarom is er aandacht voor het aanbrengen van meer variatie in de inrichting zodat er een diversifiëring in de natuur ontstaat. Wij stimuleren de investeringen in groen gebied, in de openbare ruimte en in de woonomgeving
Recreatie
Beleefbaar maken van de Waal, de Noord en de Nieuwe Maas oevers beleefbaar maken door deze waar mogelijk in te richten voor toegankelijk, recreatief gebruik voor wandelaars en fietsers, met oog voor de bestaande natuurwaarden. Bijvoorbeeld het beschermen van doorzichten en open plaatsen langs het water. Zo maken wij de oevers van de rivieren beter beleefbaar
2.4.2
Landschap en cultuurhistorie
Door onderlinge verbanden te leggen en te verbeteren en de ruimtelijke relaties tussen de verschillende gebieden te versterken, wordt bijgedragen aan de beleving van het landschap en het uitdragen van de cultuurhistorie.
16 | 23
Witteveen+Bos | 141592/24-018.360 | Concept 03
Voor landschap en cultuurhistorie hebben wij de volgende hoofdambities: - behouden en versterken van de landschappelijk waarden van Ridderkerk; - beleefbare en toegankelijk cultuurhistorie; - verhaal van Ridderkerk beleefbaar maken en doorgeven; - transformatie van de agrarische gronden is maatwerk; - herbestemmen of transformatie van vrijkomende agrarische bebouwing.
Tabel 2.6 Ambities voor het thema landschap en cultuurhistorie Thema
Ambitie
Landschap
Behouden en versterken van de landschappelijk waarden van Ridderkerk behouden van de landschappelijke kenmerken van Ridderkerk, zoals de dijklinten en de waterstructuren; het behoud van het open landschap en het wegnemen van ruimtelijke barrières worden verder uitgewerkt op regionaal niveau. Er wordt aangesloten bij de actualisatie van de gebiedsvisie IJsselmonde. Dit is een initiatief van de Landschapstafel IJsselmonde en bestaat uit een bestuurlijke samenwerking tussen de gemeenten op IJsselmonde, Waterschap Hollandse Delta, Stichting het Zuid-Hollands Landschap, Staatsbosbeheer en de gebiedscoöperatie Buijtenland van Rhoon. Het doel van de landschapstafel is om een stimulans te geven aan het verhogen van de biodiversiteit en het recreatief aantrekkelijker, toegankelijker en bruikbaarder maken van het groene landschap en daarmee aan het versterken van het economisch vestigingsklimaat
Cultuurhistorie
Beleefbare en toegankelijk cultuurhistorie structuren: in stand houden van de cultuurhistorisch waardevolle en stedenbouwkundige structuren. Ook willen we de mogelijkheden voor het herstel en de versterking van de belevingswaarde van de historische structuren onderzoeken
Kunst, cultuur en erfgoed
Verhaal van Ridderkerk beleefbaar maken en doorgeven ontwikkelingen houden rekening met de bestaande rijks- en gemeentemonumenten. Ook de directe omgeving heeft onder de Omgevingswet een belangrijke rol gekregen: aantasting hiervan dient voorkomen te worden; als een pand zijn oorspronkelijke functie verliest, is functiewijziging onder voorwaarden mogelijk om de kwaliteiten van de panden te behouden en door te geven. Het kan gaan om monumentale panden of cultuurhistorische waardevolle panden; industrieel, cultureel en agrarisch erfgoed beter beleefbaar maken; toekomstbestendig maken van het gebouwde erfgoed
Agrarische gronden
Transformatie van de agrarische gronden is maatwerk de transformatie van agrarische gronden naar (gedeeltelijk) andere functies is maatwerk en is in sommige gebieden mogelijk. De gemeente staat grootschalige woningbouw in het buitengebied niet toe, maar biedt wel ruimte voor kleinschalige woningbouw nabij de bebouwde kom volgens het 'straatje erbij'-principe; er wordt een waterbergingsgebied gecreëerd in Bolnes-Zuid; Kruisweg en het Reijerpark: mogelijkheden voor recreatieve invulling met groen; Oude Molen: kleinschalige woningbouw mogelijk mits dit aansluit bij de versterking van de groene kraag en leidt tot een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit; woningbouw in de Boomgaard is alleen onder voorwaarden mogelijk; de lijn voor bouwen op het eigen erf blijft onveranderd: het is in beginsel enkel mogelijk via de Ruimte voor Ruimte regeling of bij duidelijke ruimtelijke kwaliteitswinst; het provinciaal vastgestelde glastuinbouwconcentratiegebied blijft behouden
Vrijkomende agrarische bebouwing
Herbestemmen of transformatie van vrijkomende agrarische bebouwing De gemeente staat positief tegenover de herbestemming of transformatie van vrijkomende agrarische bebouwing als er sprake is van een maatschappelijke-, recreatieve- of woonfunctie. Grootschalige initiatieven worden niet aangemoedigd. In het glastuinbouwgebied is dit ongewenst. Ook moet de ruimtelijke kwaliteit minimaal gelijk blijven
Energietransitie
Ruimte voor de energietransitie de gemeente is via de Regionale Energiestrategie [RES] in dialoog over de mogelijke zoekgebieden. Voor Ridderkerk betreft dit een zoekgebied voor zonne-energie rondom het knooppunt van Ridderkerk; wij willen ruimte reserveren voor de benodigde energievoorzieningen: we gaan de benodigde ruimte voor infrastructuur, opslag en conversie van energie (zoals opslagbatterijen) onderzoeken, met aandacht voor de aanbevolen veilige afstanden.
17 | 23
Witteveen+Bos | 141592/24-018.360 | Concept 03
Thema
Ambitie -
2.4.3
gelet op landelijke ontwikkelingen betekent dit voor Ridderkerk een mogelijke ruimtereservering voor een 380 kV-verbinding en een nieuw hoogspanningsstation
Water, bodem en klimaat
De gemeente volgt het landelijk beleid om in 2050 waterrobuust en klimaatbestendig te zijn. Daarvoor zijn maatregelen nodig zoals waterberging, vergroening van de woonomgeving en het verbeteren van de bodemkwaliteit. Ook wordt er ingezet op de omgang met hittestress en het verbeteren van de waterkwaliteit. Voor water, bodem en klimaat(adaptatie) hebben wij de volgende hoofdambities: - inzetten op waterbestendigheid; - bodemkwaliteit verbeteren; - waterkwaliteit verbeteren; - ruimte voor de energietransitie.
Tabel 2.7 Ambities voor het thema water, bodem en klimaat(adaptatie) Thema
Ambitie
Waterbestendigheid
Inzetten op waterbestendigheid watergangen: onze watergangen zijn belangrijk voor een robuust watersysteem, biodiversiteit, recreatie en aantrekkelijkheid van het landschap. Water in de omgeving wordt daarom hoog gewaardeerd. De watergangen zijn ook voor een goede doorstroming van groot belang. Door de veranderende omstandigheden is beheersbaarheid een voorwaarde: de transportcapaciteit en beperkte sturingsmogelijkheden in het watersysteem zorgen voor knelpunten van de normering voor wateroverlast. Onze huidige waterkringloop kenmerkt zich door verstening van het omliggende oppervlak. Hierdoor functioneert de waterkringloop minder goed als afvoersysteem van het (regen)water. Daarom zetten wij ons in om waar mogelijk de verstoorde kringloop te herstellen, zodat de afvoer wordt verbeterd en wij de wateroverlast van extreme buien beter aankunnen. Dat doen wij samen met het waterschap Hollandse Delta; waterberging: niet alle gebieden in de gemeente voldoen aan de gestelde omgevingswaarde voor waterberging in de Provinciale Omgevingsverordening. Om extreme peilstijgingen te voorkomen, is extra waterberging nodig. In het buitengebied zijn daarom verschillende locaties op het oog waar mogelijk de functie van waterberging kan landen, eventueel in combinatie met een andere functie.
Het gaat om negen gebieden, onder andere bij Bolnes-Zuid, de Donckse Velden, het Waalbos, ten noorden van Rijsoord en bij de Boomgaard. De zoekgebieden zijn opgenomen op de visiekaart (zie paragraaf 4.6). Het waterschap Hollandse Delta is verantwoordelijk voor het regionale en stedelijk watersysteem. De gemeente is onderhoudsplichtig voor het stedelijk watersysteem en sommige watergangen in de regio; groenblauwe dooradering: wij zetten ons in op de realisatie van groenblauwe dooradering, bijvoorbeeld door te kijken naar (extra) waterbergingslocaties in de wijken en door maatregelen zoals waterberging met bijvoorbeeld wadi’s, watergangen en de vergroening van de leefomgeving te nemen. Het behoud en de versterking van de groene kraag en de hoofdgroenstructuur draagt bij aan dit doel; waterschap Hollandse Delta stelt een watergebiedsplan op voor IJsselmonde Noord-Oost. Dit is een bemalingsgebied op het grondgebied van onder andere gemeente Ridderkerk. De lengte van het poldergebied is groot. Dat heeft gevolgen voor het waterstandsverschil bij reguliere afvoer. Ook zijn de hoofdwatergangen vaak (te) krap ten opzichte van de bestaande richtlijnen. Daarnaast schiet de aanvoercapaciteit tekort, hiervoor is meer transportcapaciteit nodig. Het waterschap verkent de mogelijkheden voor de aanleg van een extra bemalingslocatie.
Een ruimer watersysteem draagt ook bij aan een betere waterkwaliteit. Het doel van het watergebiedsplan is om een set goed onderbouwde doelmatige maatregelen te formuleren voor het functioneren van het watersysteem; waterveiligheid: Ridderkerk is gelegen op één van de dichtstbevolkte eilanden van Nederland: IJsselmonde. Grote delen van het eiland IJsselmonde liggen onder de zeespiegel. Dit maakt ons kwetsbaar voor overstromingen vanuit de Noordzee en vanuit de rivieren die IJsselmonde omringen. In de toekomst krijgen we te maken met een zeespiegelstijging en met (incidentele)
18 | 23
Witteveen+Bos | 141592/24-018.360 | Concept 03
Thema
Ambitie extreme rivierafvoeren. Hierdoor kunnen afvoerproblemen ontstaan. We willen de risico’s op overstromingen verkleinen en gaan voldoen aan de landelijke normen. Ook zetten we een systeem van compartimenten aan primaire en secundaire dijken op om ons te beschermen. Ook zetten we in op bewustwording om meer zelfredzaam te creëren bij wateroverlast. De inzet op meerlaagseveiligheid helpt hierbij. Meerlaagseveiligheid betekent dat het risico op overstromingen wordt teruggedrongen via: · voorkomen: voldoen aan de landelijke normen voor de waterveiligheid van de dijken. Er kan ook worden gedacht aan het bieden van ruimte aan de rivier. De verantwoordelijkheid voor het beperken van de overstromingskans door het aanleggen van goede waterkeringen ligt bij de Rijksoverheid en het waterschap Hollandse Delta; · aanpassen: een waterrobuuste, ruimtelijke inrichting betekent dat er bij de inrichting van de openbare ruimte rekening wordt gehouden met de gevolgen van een overstroming. Wij zorgen dat de ruimtelijke inrichting waterrobuust is; · beheersen: extreme weersomstandigheden kunnen ervoor zorgen dat de vitale infrastructuur onvoldoende beschikbaar is. Hulpdiensten kunnen niet overal naartoe en elektriciteit kan uitvallen. Daarom willen wij vitale infrastructuur aanwijzen, zodat hiervoor beheersmaatregelen en crisismanagement opgesteld kan worden.