Onderzoek jeugdproblematiek Ridderkerk.pdf
Tekst van het document
Aansluiting met jeugdige/gezin soms gemist door wachtlijsten, overbruggingszorg, personeelswisselingen en het ontbreken van match tussen jeugdige/gezin en hulpverlener
Ouders bereiken is regelmatig een uitdaging
Wat het merendeel van de professionals aangeeft, is dat er sprake is van wachtlijsten en daardoor vaak ook een toename van de ernst van de problematiek. Ze zijn tevreden over de geboden overbruggingszorg, vaak blij dat er überhaupt iets is, maar eigenlijk zou je direct passende hulp willen inzetten om verergering van de problematiek te voorkomen. Negatief gesteld is het nu te vaak pappen en nathouden tot het toch misgaat. Pas als het misgaat is er weer
Er is in Ridderkerk veel aandacht voor preventie, zoals bijvoorbeeld voorlichting over wat er speelt onder jeugdigen, hoe je als ouder kunt zorgen voor een goede media-opvoeding en bij welk gedrag je je zorgen moet maken als ouder en waar je dan terecht kunt. Er wordt echter niet goed gemonitord welke ouders en jeugdigen goed bereikt worden. Professionals vermoeden dat ouders die bereikt worden vaak de betrokken ouders zijn waar relatief minder 26
vaak al problematiek speelt. Ouders van jongeren waar de problematiek speelt worden vaak niet bereikt met meer algemene voorlichtingen of ouderavonden. Professionals geven aan dat hier mogelijk nog meer een brug gemaakt kan worden (zie link vorige paragraaf) “Het is ook een stukje schaamte en een drempel die de ouders over moeten om te gaan naar de voorlichting. Alsof ze geen zicht hebben op hun kind. Maar ze hebben andere prioriteiten. Bij tweeoudergezinnen en werkende ouders is er nog een bepaalde druk die er komt kijken waardoor ze niet naar voorlichtingen gaan. Zolang de politie maar niet langskomt is het wel goed. Hij zit op dinsdag en donderdag bij het jongerenwerk dus ik vind het wel prima zo.” “Bij veel kinderen kon je rond de 12 jaar of jonger al zien, dat er problemen waren. En dan moet je bij de ouders zijn.” Betrekken van professionals, ouders en jeugdigen bij beleidsvorming en inkoop Professionals geven aan graag meer betrokken te worden bij beleidsvorming en bijvoorbeeld de inkoop. Het zou hen helpen als de vraag gesteld wordt: ‘wat hebben jullie als professionals en uitvoerende partijen nodig’. Dat een aanpak als ‘Thuis op Straat’ wegbezuinigd is, was dan wellicht niet gebeurd. We horen van professionals dat ook ouders en jongeren nog niet of nauwelijks betrokken worden bij beleidsvorming en ook dat zou heel waardevol zijn volgens de professionals.
Op instellingsniveau zijn er wel partijen die hiermee bezig zijn. Daarvan zou geleerd kunnen worden en zo kan ook op bijvoorbeeld gemeentelijk niveau een ‘meedenkgroep’ of iets dergelijks gevormd worden van ouders en jeugdigen die te maken hebben (gehad) met hulpverlening in Ridderkerk. Het gaat er dan niet om dat zij het beleid bepalen, maar wel dat ze inspraak hebben en er accenten kunnen worden gelegd door de gemeente aan de hand van de input/ervaringen van ouders en jeugdigen.
4.3.
Wat leren we van professionals
Terugkijkend op dit hoofdstuk kunnen we stellen dat Ridderkerkse professionals die wij hebben gesproken allemaal heel gedreven en betrokken mensen zijn. Ze hebben wel allemaal hun eigen beeld van hoe de Ridderkerkse aanpak van jeugdproblematiek eruit ziet en idealiter zou zien. Ook hebben ze allemaal relevante practice-based kennis over bepaalde aanpakken of interventies, het bereiken van en werken met specifieke doelgroepen en de samenwerking met de gemeente en andere betrokkenen. Middels dit onderzoek brengen we die kennis en ervaring zo goed mogelijk bij elkaar om uiteindelijk in Hoofdstuk 5 de onderzoeksvragen te beantwoorden. Wij hebben slechts een selectie van professionals gesproken. Er is dus nog veel meer kennis die relevant kan zijn voor het optimaliseren van de aansluiting van de aanpak van Ridderkerkse jeugdproblematiek op de aard, ernst en omvang ervan. Belangrijk voor de gemeente Ridderkerk om een manier te vinden om al die kennis en ervaring beter te gaan benutten teneinde meer duidelijkheid te krijgen over de aard, ernst en omvang van de jeugdproblematiek in de hedendaagse Ridderkerkse praktijk. Aan de hand van een scherper beeld kan vervolgens de aanpak van jeugdproblematiek verder worden verbeterd. We doen hiertoe in het volgende hoofdstuk ook een aantal aanbevelingen.
27
5
Conclusie en aanbevelingen
In dit hoofdstuk brengen we de informatie uit de eerdere hoofdstukken samen en geven we antwoord op de onderzoeksvragen zoals geformuleerd in Hoofdstuk 1. Ook beschrijven we in dit hoofdstuk de beperkingen van de studie. We sluiten af met een aantal aanbevelingen.
Conclusies 5.1.
Ridderkerk gemiddelde gemeente qua aard en omvang jeugdproblematiek (deelvraag 1)
Als we kijken naar de cijfers, dan is Ridderkerk over het algemeen qua problematiek een gemiddelde Nederlandse gemeente qua gezinssamenstelling, schoolverzuim, voortijdige schoolverlating, werkloosheid onder jongeren en jeugdcriminaliteit. In vergelijking tot buurtgemeente Rotterdam, scoort Ridderkerk vaak ‘beter’. Desondanks zien we in de afgelopen vijf jaar wel een lichte stijging in Ridderkerk in het aantal gezinnen met een relatief lage sociaal economische status, het aantal huishoudens met problematische schulden, en aantal eenoudergezinnen. Van politiecijfers hebben we geen overzicht over de jaren heen, met uitzondering van het aantal politieregistraties overlast jeugd dat de afgelopen paar jaar sterk fluctueert (vermoedelijk door corona aldus professionals). Sinds 2020 zien we een stijging in gebruik van jeugdhulp. Ook daarbij speelt corona vermoedelijk een belangrijke rol. Relatief hogere concentratie jeugdproblematiek in bepaalde wijken
Ridderkerk qua omvang gemiddelde gemeente; wel verjonging en verharding volgens professionals Samengevat geven de cijfers een vrij positief beeld van Ridderkerk. Uit de gesprekken met professionals blijkt echter dat zij op basis van hun eigen werkpraktijk de aard van de problematiek ernstiger inschatten dan het beeld dat de cijfers geven en dat professionals zich wel degelijk zorgen maken over de Ridderkerkse jeugd. Samen met professionals komen we tot de volgende mogelijke verklaringen voor de ervaren verschillen: 1. 2.
3.
Databronnen lopen altijd achter op de praktijk. Er wordt veel preventief opgepakt in Ridderkerk en zo buiten de cijfers gehouden (bijv. om te voorkomen dat iemand al heel jong geregistreerd staat of een strafblad krijgt). Er wordt niet altijd even goed geregistreerd, waardoor openbare data vaak een onderschatting zijn van de werkelijkheid.
Verder zien we in de cijfers en horen we uit de gesprekken, dat problematiek zich in een aantal wijken meer concentreert (Bolnes, Slikkerveer, Ridderkerk Centrum, Drievliet, Oost) en/of zich concentreert op bepaalde plekken zoals winkelcentra, parken, speeltuinen en schoolpleinen.
5.2.
Bestaand instrumentarium in aanpak jeugdproblematiek (deelvraag 2)
Onvoldoende zicht op of overzicht van het aanbod Dat kennis nog niet bijeengebracht wordt, viel vooral op bij het in beeld krijgen van de interventies en aanpakken die worden ingezet in Ridderkerk. Een overzicht van het complete aanbod blijkt nog niet voorhanden. Hoe meer professionals we spraken, hoe meer we in beeld kregen, maar weinig professionals die we spraken hadden een compleet plaatje. We hebben de preventiematrix 28
gebruikt om een eerste overzicht te creëren van de beschikbare interventies en om deze beschikbare interventies te ordenen (zie bijlage 3). Idealiter is per type problematiek een preventief aanbod, een aanbod voor risicogroepen en een steviger aanbod waarvoor een indicatie nodig is. Daarbij pak je bepaalde zaken groepsgewijs aan (bijv. voorlichting over drugs), andere zaken met individuele jongeren en sommige zaken meer systemisch of via de ouders. Ook wil je kunnen differentiëren tussen online en fysiek aanbod om optimaal te kunnen aansluiten bij ieders behoefte. Dit gaat dan allemaal over aansluiting van de aanpak op de aard en ernst van de problematiek.
Toeleiding naar hulp Soms is het wel lastig om de juiste hulp tijdig op de juiste plek te krijgen. Dit hangt samen met een aantal zaken: z z
z
Beperkt gebruik van bestaande kennis en effectieve interventies We hebben tijdens dit onderzoek veel kundige professionals en beleidsmakers gesproken. Allen hebben veel informatie over de Ridderkerkse praktijk, maar iedereen ziet ook alleen zijn eigen stukje. Er zijn cijfers, er is kennis (wetenschappelijke kennis over effectieve interventies, praktijkkennis van professionals en ervaringskennis van ouders en jeugdigen), maar dit wordt nog niet bijeengebracht en benut. Op instellingsniveau gebeurt dit soms al wel, maar dit zou verbreed kunnen worden naar wijk en/of gemeentelijk niveau.
5.3.
Aansluiting Ridderkerkse aanpak op aard en omvang jeugdproblematiek (deelvraag 3)
z
z
Er zijn wachtlijsten voor bepaalde vormen van hulp of ondersteuning. Zeker bij jeugdcriminaliteit is het van belang af te wegen of je een jeugdige wil laten praten of niet, omdat dit de betreffende jeugdige in een onveilige situatie kan brengen. Dit betekent soms dat je dus nog niet kunt handelen of toeleiden naar hulp, terwijl dat wellicht wel wenselijk zou zijn. Ouders, zeker als het om jeugdcriminaliteit gaat, onderkennen soms de problemen niet, weigeren mee te werken aan hulp en laten professionals soms niet eens binnen. Ook dat kan zorgen voor vertraging bij het bieden van hulp. Wat we veel horen van professionals is dat de wachttijden van met name meer specialistische vormen van hulp en ondersteuning langer zijn dan wenselijk, waardoor problemen onnodig verergeren. Er wordt vaak wel iets van overbruggingszorg geboden, maar dat kan niet altijd voorkomen dat problemen erger worden. Kijken we naar de route van toeleiding, dan zien we dat met name de huisartsenroute en de gemeentelijke toegang veel benut worden. In vergelijking met het Nederlands gemiddelde zien we dat in Ridderkerk de huisartsenroute naar verhouding meer wordt gebruikt dan de gemeentelijke toegang.
Signalering problematiek Er lijkt in Ridderkerk goed zicht op de problematiek. Zowel de externaliserende als internaliserende problematiek wordt goed gesignaleerd en wanneer nodig wordt toe geleid naar hulp. Er bestaat niet de indruk dat groepen worden gemist. Door korte lijntjes en vertrouwen in elkaar durven professionals signalen met elkaar te delen, maar vanuit perspectief van de school en politie wordt de AVG en politie wet-regelgeving soms wel als belemmerend ervaren.
Gaten in aanbod Op basis van de preventiematrix (zie Bijlage 3) voor zover die nu gevuld is, zou je kunnen zeggen dat de aansluiting tussen jeugdproblematiek en aanpak nog niet optimaal is en hierin nog winst te behalen valt. Onze indruk is dat er meer is dan we in dit onderzoek hebben kunnen ophalen, maar dat het lastig is hier goed zicht op te krijgen. Als dat voor ons als onderzoekers geldt, dan 29
zal dat ongetwijfeld ook voor professionals niet makkelijk zijn. De matrix kan helpen om met elkaar de sociale kaart goed in beeld te krijgen; zicht te krijgen op welk aanbod er veel en misschien wel te veel is. Van welk aanbod niet of nauwelijks gebruik wordt gemaakt en welk aanbod nog mist. Zaken die uit de gesprekken al naar voren kwamen bij de vraag wat er nog mist waren: aanbod rond rouwverwerking en aanbod voor kinderen van ouders met psychische of verslavingsproblematiek (KOPP/KOV). Dat is nu iets waar voor wel praatgroepen zijn, maar als jeugdigen hier liever individueel over spreken dan pakt de POH-er dit nu op. De GGD gaf aan ook online aanbod aan te bieden, maar het vraagt echt verder onderzoek om daar meer zicht op te krijgen. z
z
Zoals al eerder aangegeven ontbreekt ook, op het jongerenwerk na, een wijkgerichte aanpak. Deze is juist relevant om de onderliggende oorzaken en de factoren die de problematiek in stand houden of verergeren aan te pakken. Hier vallen de achtergrondkenmerken uit dit onderzoek ook onder. Binnen Ridderkerk werkt alleen het jongerenwerk rond bepaalde activiteiten wijkgericht. Verder is wijkgericht werken in Ridderkerk niet aan de orde. Alle partijen werken stadsbreed en in elke wijk of buurt ongeacht aard en omvang van de problematiek kan gebruik maken van hetzelfde aanbod, dat kan (kosten)efficiënter. We weten vanuit de opdrachtgever dat er wijkregisseurs en leefbaarheidsteams actief zijn in Ridderkerk, maar als we professionals vragen naar een wijkgerichte aanpak, dan komen deze niet naar voren. De vraag is dus of deze regisseurs en teams voldoende bekendheid hebben en gevonden worden. Als ze wel goed gevonden worden bestaat wellicht niet de indruk bij professionals dat zij in verschillende wijken ander aanbod gebruiken en daar dus maatwerk in leveren. Een laatste punt dat helder wordt uit de gesprekken is dat er nog geen eenduidigheid is over wanneer welk aanbod bij welke problematiek nu het best passend is. Het is relevant om daar overeenstemming over te hebben, om uiteindelijk met elkaar tot een optimaal passend aanbod te komen.
Kern van de aanpak is (multidisciplinaire) samenwerking Het belangrijkste element van de Ridderkerkse aanpak van jeugdproblematiek is de (multidisciplinaire) samenwerking. Als het specifiek gaat om de aanpak van jeugdcriminaliteit, dan is de samenwerking tussen gemeente, politie, scholen, leerplicht, jongerenwerk en wijkteam cruciaal. Binnen Ridderkerk zijn de meeste professionals positief over die onderlinge samenwerking. Mensen kennen elkaar, elkaars expertise en weten elkaar goed te vinden. Over het algemeen zijn er korte lijnen. In de informatie-uitwisseling is het volgens het merendeel van de respondenten nog wel zoeken met elkaar. Met name door de AVG is informatiedeling nog wel eens lastig als het gaat om o.a. het delen van signalen. In veel gevallen is er daadwerkelijk sprake van een multidisciplinair team dat samen de gesignaleerde problematiek aanpakt. Maar hierbij zijn niet altijd alle relevante partijen betrokken. Deels is er dus ook nog sprake van ketensamenwerking. De wens van gemeente Ridderkerk is om integraal te werken rond jeugdigen en gezinnen. Dit is nodig om de problematiek en de factoren die de problematiek veroorzaken, in stand houden of verergeren aan te pakken. Hiervoor zijn de bestaande samenwerkingsverbanden een mooie basis. Er is echter nog geen sprake van 1 gezin 1 plan 1 regisseur. Om dat te realiseren kan een convenant helpend zijn.
Op- en afschalen binnen wijkteam soepel, maar schotten tussen domeinen Wat heel mooi is aan de Ridderkerkse aanpak en ook positief wordt gewaardeerd door professionals is het kunnen op- en afschalen binnen het wijkteam. Dat werkt prettig en maakt dat een groot deel van de jeugdigen en gezinnen goed geholpen kunnen worden door het wijkteam, ook bij meervoudige problematiek of signalen van onveiligheid. Wel wordt duidelijk uit de gesprekken dat er nog schotten zijn tussen jeugd en participatie, jeugd en werk en inkomen en jeugd en volwassen GGZ bijvoorbeeld. Ook de samenwerking met wijken en buurten en het voorveld (bijvoorbeeld kerken, sportverenigingen e.d.) kan nog 30
verder worden versterkt. Dit kan helpen bij het doen afnemen van de druk op de meer specialistische vormen van hulp. Wellicht wordt er ook veel problematiek opgepakt vanuit jeugdhulp, terwijl dat niet altijd het meest passend is. Dit voorkomt dat er jeugdigen en gezinnen tussen wal en schip vallen, maar zorgt er ook voor dat de werkdruk in de jeugdhulp en de wachtlijsten toenemen. In de aanbevelingen komen we hierop terug. Monitoring ontbreekt Er is geen sprake van een meet-, spreek- en verbetercyclus waarbij er wordt gemonitord of aanbod terecht komt bij de groep waarvoor het bedoeld is; of diegenen er tevreden over zijn en of de beoogde doelen ook daadwerkelijk behaald worden. Het is daardoor onbekend of het aannemelijk is dat de maatschappelijke resultaten zoals beoogd met het beleid (zoals beschreven in hoofdstuk 2) ook behaald worden. Een belangrijk punt dat professionals aanstippen en dat ook als onderdeel van het monitoren kan worden meegenomen is de bejegening van jeugdigen en gezinnen en daarmee het succes qua bereik van een aanpak of interventie. Een aantal respondenten geven aan de indruk te hebben dat ze nog niet altijd de groep bereiken die ze zouden willen, zoals bijvoorbeeld met voorlichting aan ouders op scholen. De gemeente kan aanbieders via de inkoop vragen bepaalde zaken te monitoren en aan de hand daarvan hun aanbod aanpassen / doorontwikkelen.
Aanbieders kunnen dit uiteraard ook doen vanuit hun intrinsieke motivatie. Hiermee kunnen ze een zo groot mogelijke bijdrage leveren aan de maatschappelijke resultaten in Ridderkerk en zichzelf steeds blijven verbeteren.
5.4.
Beperkingen van de studie
De hierboven beschreven conclusies kennen een zekere mate van onzekerheid doordat deze studie ook een aantal beperkingen heeft. Zo konden we alleen gebruik maken van openbare data voor het bepalen van de aard en omvang van de Ridderkerkse problematiek. Door de enquêtes onder professionals hebben we daarop wel een mooie aanvulling kunnen doen. De groepsgesprekken hebben enorm geholpen om met elkaar de cijfers te duiden en door de problematiek te bespreken die de professionals ervaren in de praktijk. We hebben geen harde informatie vanuit het inkoop of uit het aanbod van alle instellingen kunnen verkrijgen. Het was echt sprokkelwerk, veelal via individuele gesprekken met een aantal sleutelpersonen. Dat was zeker informatief en nuttig, maar levert uiteraard niet een goede sociale kaart op. Wellicht kan de preventiematrix in de toekomst verder gevuld worden en kan er zo wel een goede overzichtelijke sociale kaart (kan tegenwoordig ook digitaal) ontstaan. Dat is helpend voor professionals, maar ook handig voor toekomstig onderzoek en voor de gemeente om zicht te houden op welk aanbod er is en waarvan meer of minder nodig is, om goed aan te sluiten bij de aard en omvang van de problematiek. Het oorspronkelijke plan was om ook de ervaringskennis van jongeren en ouders op te halen en te benutten voor dit onderzoek.
Dit is helaas niet gelukt, maar zou wel een mooie vervolgstap kunnen zijn. Jeugdigen en ouders kunnen vaak heel goed vertellen wat hen echt heeft geholpen en wat juist niet. Dat is nuttig, zeker als je zicht wilt krijgen op de aansluiting van de aanpak op de problematiek. We hoorden in de gesprekken met professionals en sleutelfiguren terug dat de ontvlechting van de BAR-organisatie speelde en organisaties hier volop mee bezig waren. In hoeverre dit de antwoorden op onze vragen heeft beïnvloed is lastig te zeggen. De BAR-organisatie bestaat in zijn huidige vorm uit de 31
ambtelijke organisatie die de drie gemeenten Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk ondersteunt. De beleids- en uitvoeringsfuncties van de BAR-organisatie worden weer terug gebracht in de gemeentelijke organisaties. Dat betekent voor sommige functies dat deze vanaf 1 januari 2024 in dienst komen van één van de drie gemeenten. In 2023 is het plaatsingsproces gaande om tot een verdeling over de gemeenten te komen. De bedrijfsvoering blijft centraal georganiseerd. Ten aanzien van de aanpak van jeugdproblematiek zal samenwerking met andere gemeenten nodig blijven. Jeugdigen houden zich nu eenmaal niet aan gemeentegrenzen. De ontvlechting van de BAR-organisatie kan zorgen voor knelpunten, maar biedt zeker ook kansen om te verbeteren.
5.5.
Aanbevelingen (deelvraag 4)
De jeugdproblematiek lijkt goed in beeld bij professionals, zowel de externaliserende problematiek als de internaliserende problematiek wordt gezien, zelfs meer dan we op basis van openbare cijfers hadden verwacht. Duidelijk wordt uit dit onderzoek dat niet alles wat professionals zien in hun praktijk terecht komt in openbare data. Een van de verklaringen hiervoor is dat er mogelijk al preventief gewerkt wordt en dat is mooi. Het is alleen niet hard te maken doordat er niet gemonitord wordt. Voor wat betreft de aanpak kunnen we stellen dat die nog niet optimaal in beeld is, maar voor zover die in beeld is bij de onderzoekers, sluit de aanpak nog niet optimaal aan op de omvang van de jeugdproblematiek en moeten jeugdigen en gezinnen soms lang wachten op passende hulp. Over de aard en de ernst en de aansluiting daarop is uitgebreid ingegaan bij de conclusies hierboven. In deze paragraaf staan de aanbevelingen die voortkomen uit die conclusies.
Ontwikkel een gezamenlijke visie vanuit onderwijs, zorg- en veiligheidsdomein rondom bevordering welzijn jeugd en aanpak van jeugdproblematiek Op basis van cijfers, kennis van professionals en ervaringen van ouders en jeugdigen kan de visie op jeugdproblematiek worden (door)ontwikkeld: hoe pak je deze problematiek duurzaam aan, met oog op de toekomst? Het is bekend uit landelijke studies dat perspectieven voor jeugdigen steeds minder rooskleurig worden en dat drukt met name op hun mentale welzijn. Zo hebben steeds meer jeugdigen moeite om een huis te bemachtigen als ze zelfstandig willen gaan wonen, Als jeugdigen zich slecht voelen doordat ze weinig perspectief zien op die volgende stap naar zelfstandigheid en hulp vragen duurt het lang voordat deze beschikbaar komt. Ze zoeken online contact met gelijkgestemden. Ze zijn op die momenten kwetsbaar en lopen daardoor meer risico om betrokken te raken bij criminele activiteiten. Het is snel geld, het maakt wensen en behoeften mogelijk en kan dus heel verleidelijk zijn. Werk daarom aan een toekomstbestendige visie op jeugdproblematiek en hoe die aan te pakken (aanbeveling 1). Zo’n gezamenlijk gedragen visie kan bijdragen aan een afname van de inzet van specialistische hulp. Zo kun je met elkaar kritischer kijken naar wanneer er nu echt geïndiceerde hulp nodig is, of dat je toch nog iets kunt doen middels preventie.
Een mooi voorbeeld is de sociale vaardigheidstraining. Veel jongeren die heel verlegen zijn, sociaal onhandig of juist brutaal worden verwezen naar een dergelijk aanbod. De wens is dat dit aanslaat, waardoor ze weerbaarder worden, minder worden gepest en meer aansluiting vinden op school. Dit leidt er hopelijk toe dat jongeren niet voor de criminaliteit kiezen. Lid worden van bijvoorbeeld de scouting kan eenzelfde effect hebben, maar ouders en professionals kiezen hier zelden voor. De voorkeur wordt gegeven aan een professional in plaats van aan scouting. Dit vraagt om een maatschappelijk debat en uiteindelijk gezamenlijke visie over hoe de schaarse professionals in te zetten daar waar dat het hardst nodig is. Veel professionals zijn ook nog niet zo gewend om met het voorveld en basisvoorzieningen als sportclubs, scouting en kerken samen te werken. Jongeren hier naartoe leiden en er ook zorg voor dragen 32
dat ze aankomen is dus ook voor hen een ontwikkelpunt. Samenwerking met ervaringsdeskundigen, vrijwilligers(organisaties) en burgerinitiatieven kan hierbij ondersteunend werken. Gegeven de maatschappelijke ontwikkelingen op dit moment zul je daarnaast meer moeten doen. Met een visie en kritischer zijn aan de vraagkant alleen kom je er niet. Aan de aanbod kant zul je ook iets moeten doen (aanbeveling 2). Hierbij kan gedacht worden aan het verbreden van aanbod, maar ook het aantrekken van professionals en investeren in hun verdere opleiding on the job. Het vraagt meer verdiepend onderzoek om te bepalen welke hulpvormen of aanbod je dan wilt uitbreiden of doorontwikkelen. Ook waar je dan wellicht op zou kunnen bezuinigen, Maar ook dit doe je vanuit een gezamenlijk ontwikkelde en gedragen visie. Samenwerking kan nog integraler De samenwerking in Ridderkerk wordt door respondenten over het algemeen als goed omschreven. Op momenten wordt er wel eens een actieve regievoerder gemist en hebben mensen last van personele wisselingen. De ene partij is beter te betrekken dan de andere, maar over het geheel genomen zijn professionals tevreden over de samenwerking. Wel zien we dat er bepaalde samenwerkingsverbanden zijn waartussen niet altijd optimaal wordt samengewerkt en waar wellicht ook wettelijke kaders en onvoldoende bekendheid met elkaars werk barrières vormen.
We raden de gemeente Ridderkerk aan om de samenwerking, met name tussen sociaal domein en het veiligheidsdomein verder te versterken en verbreden (ontschotten; aanbeveling 3). Denk hierbij aan het versterken van samenwerking met het voorveld (bijv. kerken, sportvereniging, scouting), maar ook met participatie en werk en inkomen.
Verken wijkgericht werken Professionals werken weliswaar gezinsgericht, maar nog niet wijkgericht. Hierdoor wordt slechts beperkt gewerkt aan de achtergrondkenmerken die jeugdproblematiek doen ontstaan, in stand houden of verergeren. Dat is een gemiste kans. De cijfers laten zien dat er in verschillende wijken in Ridderkerk verschillende zaken spelen. Zo zijn er bijvoorbeeld een aantal wijken waarvan de sociaaleconomische status laag is. In deze wijken wonen veel eenoudergezinnen, veel mensen met een niet-westerse migratieachtergrond en meer kinderen in armoede dan in andere wijken.. Door meer te kijken naar de problematiek per wijk en de behoeften die daar leven, kun je aanbod gerichter en met meer effect inzetten. Er worden nu kansen gemist om iets te doen aan een aantal van de achtergrondkenmerken die bijdragen aan jeugdproblematiek. Uit onderzoek4 blijkt dat het risico om crimineel gedrag te gaan vertonen kleiner is naarmate je in een wijk opgroeit met een hogere sociaaleconomische status, met voldoende groen en activiteiten in de buurt hebt en in een financieel gezonde situatie met twee ouders. Veel van de nadelige achtergrondfactoren komen samen in bepaalde wijken en juist in die wijken zien we dat jeugdigen meer problematiek vertonen.
Met een meer wijkgerichte aanpak, in aanvulling op de aanpak die er al is, zou je juist de kinderen uit die wijken meer perspectief en meer gelijke kansen in het leven kunnen bieden. Hier is echt nog winst te behalen, dus aanbeveling 4 is om het wijkgericht werken met elkaar te gaan verkennen. Dit wijkgericht werken is niet in plaats van het reguliere werken, maar ernaast, om middelen beter te verdelen en te zorgen dat je de schaarse voorzieningen die er over het algemeen zijn in de jeugdhulp daar inzet waar ze het hardst nodig zijn.
4 Kulberg, J., Mouktadibillah, R., & Vries, de., J. (2021). Opgroeien+in+een+kwetsbare+wijk. Over buurteffecten en persoonlijke ervaringen van jongens en jonge mannen. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.
33
Benut reeds bestaande wetenschappelijke en praktijkkennis/ervaring om aanbod te optimaliseren en effectief in te zetten Er is al veel kennis over effectief werken die niet of nauwelijks benut wordt in Ridderkerk. Weinig van de interventies die ingezet worden komen bijvoorbeeld uit een databank effectieve jeugdinterventies. Meer gebruik maken van wetenschappelijke kennis, onderbouwde/effectieve interventies, praktijkkennis van professionals en ervaringskennis van ouders kan helpen de aanpak van jeugdproblematiek verder te verbeteren. Daarbij kan de gemeente zelf zorg dragen voor een regelmatige kennisuitwisseling en deze ook faciliteren. Onze laatste aanbeveling (aanbeveling 5) is om de verschillende kennisbronnen beter te gaan benutten en daar naast professionals ook ouders en jeugdigen bij te betrekken. Het is heel belangrijk om van hen te horen wat wel en niet werkt (onderdeel van monitoring) om het aanbod te kunnen verbeteren. Dit kan bijvoorbeeld door bij inkoop van aanbod al afspraken over te maken over het meten van bereik en effecten van interventies. Hiermee versterkt de gemeente ook haar eigen positie.
34
Literatuur CBS. (z.d.- a). Huishoudens; samenstelling, grootte, regio, 1 januari [Dataset]. https://opendata.cbs.nl/stat line/#/CBS/nl/dataset/71486NED/table?fromstatweb. CBS. (z.d.- b). Jeugdhulptrajecten [Dataset]. https://www.waarstaatjegemeente.nl/jive/. CBS. (z.d.- c). Jongeren met jeugdhulp [Dataset]. https://www.waarstaatjegemeente.nl/ jive/. CBS. (z.d.- d). Jongeren zonder werk en onderwijs (NEET’s) [Dataset]. https://www.waarstaatjegemeente.nl/jive/. CBS. (z.d.- e). Kinderen in uitkeringsgezin [Dataset]. https://www.waarstaatjegemeente. nl/jive/. CBS. (z.d.- f). Schuldenproblematiek in beeld [Dataset]. https://dashboards.cbs.nl/v3/ SchuldenproblematiekInBeeld/.
Raadsinformatiebrieven-RIB/2020-09-11-RIB-Integraal-Beleid-Sociaal-DomeinRidderkerk-2021-conceptnota.pdf. Gemeente Ridderkerk. (2020b). Integraal veiligheidsbeleid Ridderkerk 2020-2023. Geraadpleegd op 22 augustus 2023, van https://raad.ridderkerk.nl/Documenten/bijlage/Integraal-Veiligheidsbeleid-2020-2023.pdf. Halt. (z.d.). Halt verwijzingen [Dataset]. https://www.halt.nl/over-halt/organisatie/cijfers. Nederlands Jeugdinstituut (2021). Preventiematrix Jeugd. Via: https://www.nji.nl/sites/ default/files/2021-12/Preventiematrix-preventief-jeugdbeleid.pdf. Politie. (z.d.-a). Aard van misdrijven jeugdige verdachten [Dataset]. https://www.waarstaa tjegemeente.nl/jive/. Politie. (z.d.-b). Meldingen overlast jeugd [Dataset]. https://data.politie.nl/#/Politie/nl/ dataset/47024NED/table?ts=1692779413000. Wolsink J., de Boer, H. en A. van Wijk (2021). Jeugdproblematiek in Zwolle: een onderzoek naar de omvang, aard en aanpak. Bureau Beke: Arnhem.
CBS. (2020). Kinderen naar migratieachtergrond [Dataset]. https://www.waarstaatjegemeente.nl/jive/. CBS. (2021). Jeugdige verdachten van misdrijven naar leeftijd [Dataset]. CBS. (2022). Sociaal-economische status; scores per wijk en buurt [Dataset]. https://opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/85163NED/map?ts=1692786724047. DUO. (z.d.-a). Relatief schoolverzuim [Dataset]. https://www.waarstaatjegemeente.nl/ jive/. DUO. (z.d.-b). Voortijdig schoolverlaters VO + MBO [Dataset]. https://www.waarstaatjegemeente.nl/jive/. Gemeente Ridderkerk. (2020a). ‘Met Ridderkerkers, voor Ridderkerkers’: Integraal Beleidsnota Sociaal Domein 2021. Geraadpleegd op 22 augustus 2023, van https://raad.ridderkerk.nl/documenten/.
35
Bijlage 1 – Methodologische verantwoording In het onderzoek is een combinatie van methodieken gebruikt om een zo betrouwbaar mogelijk beeld te geven van de omvang, aard en aanpak van de jeugdproblematiek in Ridderkerk. Overzicht onderzoeksmethoden Verkennende fase Ridderkerkse aanpak • Bestuderen beleidsstukken
Deskresearch Door middel van deskresearch is een eerste beeld geschetst van de aanpak van jeugdproblematiek in Ridderkerk. Hiervoor zijn via de gemeente Ridderkerk relevante beleidsstukken opgevraagd. Kwantitatief dataonderzoek Om iets te zeggen over de aard en omvang van de jeugdproblematiek in de gemeente Ridderkerk is een onderzoek gedaan naar de cijfers en ontwikkelingen daarin over de jaren heen. Hiervoor is gebruik gemaakt van openbare CBS data en enkele politiedata die via het CBS is opgevraagd. Waar mogelijk zijn de cijfers vergeleken met buurtgemeente Rotterdam en het Nederlands gemiddelde. In het onderzoek hebben we naar de volgende data gekeken:
Aard, omvang en aanpak in cijfers • Bestuderen cijfers CBS, politie, GGD e.a. z
Verdieping met Ridderkerkse professionals uit zorg-, onderwijs en veiligheidsdomein: hoe zien zij de aard, omvang en aanpak? • Enquête (n=20 professionals) • Groepsgesprekken (n=11 professionals) en interviews (n= 6 professionals)
z z z z
Duiding resultaten • Duidingssessie met beleidsprofessionals: wat betekent uitkomst voor het Ridderkerkse beleid en praktijk voor de komende jaren?
z z z z
Ontwikkeling van het aantal jongeren in Ridderkerk in verhouding tot de gehele bevolking. Opleidingsniveau jongeren Ridderkerk. Armoede onder jongeren/kinderen Ridderkerk. Jeugdzorggebruik jongeren Ridderkerk. Halt-verwijzingen jongeren Ridderkerk. Jongeren met jeugdreclassering Ridderkerk. Politieregistraties overlast jeugd. Totale aantal geregistreerde jeugdige verdachten en betrokkenen. Aard van misdrijven en gepleegde (strafbare) feiten.
36
De volgende data is niet meegenomen in het onderzoek omdat deze niet voorhanden bleek of het niet lukte om hier via de gemeente toegang toe te krijgen: z z z z
z
Exacte leeftijden en geslacht. Buurt in Ridderkerk waarin de (strafbare) feiten zijn gepleegd. Aantal recidiven. Aantal meldingen van jeugdoverlast/drugsoverlast (meerdere incidentcodes politie). Spreiding van de meldingen over tijd en locatie (zit er een lijn in de pieken en dalen van meldingen; zijn er duidelijke hotspots).
De bedoeling was ook de Gezondheidsmonitor Jeugd 2021 te gebruiken. Deze monitor meet onder andere de algehele ervaren gezondheid, stress, sport en bewegen en middelengebruik onder jongeren in klas 2 en 4 van het voortgezet onderwijs. Doordat de Ridderkerkse scholen niet hebben deelgenomen aan deze monitor, is besloten om deze resultaten niet mee te nemen in het onderzoek. Er zijn wel enkele jongeren die in Ridderkerk wonen en de monitor wel hebben ingevuld, echter dit is een kleine groep en zij gaan buiten Ridderkerk naar school (n=98 jongeren, 11% van het totaal aantal jongeren). Deze selectieve groep is waarschijnlijk niet representatief voor alle jongeren in Ridderkerk.
om een korte enquête in te vullen. Deze enquête is vooraf voorgelegd aan de opdrachtgever en bestond uit de volgende onderdelen: z
z
Deel 1 - Achtergrond: waaronder organisatie, functie, aantal jaar werkervaring in onderwijs/zorg/veiligheidsdomein, aantal jaar werkervaring in gemeente Ridderkerk, wijken waarin werkzaam. Deel 2 – Aard en omvang jeugdproblematiek: Type jeugdproblematiek waarom meeste zorgen (max 3. Problemen) Percentage in eigen werkpraktijk wan welke mate zien professionals verschillende typen van internaliserende problematiek, externaliserende problematiek, grensoverschrijdend gedrag en contextgebonden risicofactoren terug in hun eigen werkpraktijk. Deel 3 - Ervaring met Ridderkerkse aanpak: Tevredenheid over: • de Ridderkerkse aanpak van jeugdproblematiek. • Samenwerking gemeente Ridderkerk. • Samenwerking andere netwerkpartners. • Informatie-uitwisseling in casuïstiek tussen professionals. Positieve, knel- en verbeterpunten ten aan zien van de samenwerking met gemeente Ridderkerk en andere netwerkpartners. Kansen voor verbetering van de aanpak van jeugdproblematiek in Ridderkerk (bijv. interventies, signalering, toeleiding, samenwerking netwerkpartners, informatiedeling).
z
Enquête en groepsinterviews met professionals Met professionals zijn een tweetal groepsgesprekken gevoerd om nadere lokale kennis op te halen over de aard en omvang en aanpak van jeugdproblematiek in Ridderkerk. Ook bespraken we met hen in hoeverre het beleid en de aanpak volgens hen aansluiten op de omvang en aard. Een brede groep aan professionals is hiervoor uitgenodigd via onze contactpersoon bij de gemeente. Dit betreft professionals vanuit onderwijs, leerplicht, jongerenwerk, wijkteam, jeugdhulp, Stichting Halt, Veilig Thuis, politie, Pak je kans, jeugdreclassering, justitie en gemeente. Bij de uitnodiging is aan professionals ook gevraagd
De door hen ingevulde enquête is vervolgens geanalyseerd en de resultaten uit de enquete zijn samen met de resultaten uit het kwantitatieve onderzoek (hoofdstuk 2) gepresenteerd tijdens de groepssessies. Deze presentatie vormde het startpunt voor het verdere gesprek. Er is gekozen voor groepsinterviews omdat de onderlinge discussie helpt bij duiding van de cijfers.
37
De enquête is in totaal door 20 professionals ingevuld, afkomstig uit de volgende organisaties: Facet Ridderkerk (n=6), BAR (n=3), Enver (n=3), Gemeente Ridderkerk (n=2), wijkteam (n=1), De Jonge Krijger (n=1), Halt (n=1), politie (n=1), JBRR (N=1), VO-school (n=1). Aan de groepsgesprekken namen de volgende partijen deel: VO-scholen (n=2), wijkregisseur/wijkteam Ridderkerk (n=3), politie (n=2), leerplicht (n=1), Enver (n=1), Jongerenwerk Facet (n=2). Daarnaast zijn ook Stichting Halt, Veilig Thuis, jeugdbescherming en jeugdreclassering uitgenodigd. Wegens omstandigheden of andere redenen waren zij echter niet aanwezig. Interviews met jeugdigen en ouders/verzorgers Het oorspronkelijke doel was om ook met jeugdigen en ouders/verzorgers zelf in gesprek te gaan om te horen: Wat zien, horen, weten en ervaren zij? Welke rol speelt volgens hen de fysieke en digitale wereld (onder andere social media)? Wat vinden ze van de aanpakken en interventies? Wie worden wel en niet bereikt en welke ervaringen hebben jeugdigen en ouders met de hulp die ze hebben ontvangen? Wat kan er volgens hen beter? En wat maakt dat jeugdigen afglijden richting criminaliteit, maar ook wat helpt hen om er weer uit te raken en wat kan in de aanpak daarvan beter?
Vervolgens is in overleg met de procesregisseur Jeugd & Veiligheid besloten om in plaats daarvan extra individuele interviews met professionals te voeren. Dit had hun voorkeur boven het inzetten van alternatieve wervingsstrategieën om alsnog jongeren en ouders/verzorgers te spreken. Aanvullende individuele interviews met professionals In plaats van de gesprekken met jongeren en ouders zijn nog een aantal aanvullende interviews gehouden met professionals om de data uit de groepsessies te verrijken, namelijk met de procesregisseur BAR, projectcoördinator Lokaal Zorgnetwerk, teamleider CJG, beleidsmedewerker Armoede, een teamleider van een Wijkteam. Duidingssessie (gepland) Het laatste onderdeel van dit onderzoek is een expertmeeting met beleidsmakers van de gemeente Ridderkerk die ‘jeugd’ in hun portefeuille hebben zitten, aangevuld met andere relevante professionals vanuit de gemeente. Met hen worden de bevindingen uit dit rapport gedeeld in de vorm van een PowerPoint en wordt ingegaan op de vraag wat de bevindingen betekenen voor de huidige aanpak van de jeugdproblematiek.
Helaas is het niet gelukt om deze gesprekken van de grond te krijgen.Professionals is gevraagd of zij jongeren en ouders/verzorgers wilden vragen of het Verwey-Jonker Instituut hen mocht benaderen voor een interviewgesprek. Professionals gaven aan geen relevante jongeren te kennen, vanwege drukte dit niet te kunnen oppakken of dit niet als hun taak te zien. Eén professional heeft wel een aantal jongeren benaderd, echter zij wilden niet deelnemen aan het interview. Met een aantal andere professionals is meermalen bel- en mailcontact geweest, echter dit heeft ook niet tot concrete interviews geleid.
38
Bijlage 2 – Factsheet Jeugdproblematiek Ridderkerk
Factsheet
Jeugdproblematiek Ridderkerk Frouke Sondeijker - Mathilde Compagner
Jeugdproblematiek Ridderkerk Factsheet
Frouke Sondeijker Mathilde Compagner
Utrecht, maart 2023
ACHTERGROND JONGEREN
Eenouderhuishoudens (%)
Sociaal-economische status totaal score (CBS, 2019)*
12
Huishoudens met problematische schulden
10 8 6 4 2 0 Ridderkerk
Rotterdam
Nederland
Kinderen in uitkeringsgezin
< -0,095
0,095 < 0,190
-0,095 < 0,000
>= 0,195
0,000 < 0,095
Geen waarde bekend
<30
6,0 < 7,5
Geen waarde
opleidingsniveau en recent arbeidsverleden van huishoudens.
3,0 < 4,5
>= 7,5
Niet van toepassing
Kinderen naar migratieachtergrond (2020)
Nederlandse achtergrond
* Deze totaalscore is berekend op basis van welvaart,
20%
Eenheid %
4,5 < 6,0
15%
Westerse migratieachtergrond
10% Nederlandse achtergrond Westerse migratieachtergrond
5%
Niet-westerse migratieachtergrond
Niet-westerse migratieachtergrond
0%
2017
2018 Ridderkerk
2019 Rotterdam
2020
2021
Nederland
Wat valt op voor Ridderkerk? • Ongeveer driekwart van de kinderen heeft een Nederlandse achtergrond, een kwart heeft een migratie-achtergrond (overwegend niet-westers). • Over de periode 2017 – 2022 is er een lichte toename van circa één procent in het aantal éénouderhuishoudens. • Ongeveer 12% van de jeugdigen groeit op in een gezin met weinig geld. 7% leeft onder de armoedegrens (110% van sociaal minimum). Ook hier zien we een lichte toename door de tijd, samenhangend met het aantal éénoudergezinnen. 41
AARD PROBLEMATIEK
Relatief schoolverzuim per 1.000 leerlingen
Voortijdig schoolverlaters VO + MBO
80
4%
60
3%
40
2%
20
1%
0 2017
2018 Ridderkerk
2019 Rotterdam
2020
2021
2015
Nederland
Jongeren zonder werk en onderwijs (NEET's) per 10.000 inwoners van 15 - 27 jaar
2016 Ridderkerk
2017 Rotterdam
2018
2019
Nederland
Verwijzingen Halt per 1.000 jongeren
2000
20
1500
15
1000
10 5
500
0
0 2016
2017 Ridderkerk
2018 Rotterdam
2019 Nederland
Prognose 2020
2017
2018 Ridderkerk
2019 Rotterdam
2020
2021
Nederland
Wat valt op? • Relatief schoolverzuim ligt in Ridderkerk over de jaren heen gemiddeld rond de 27 per 1.000 leerlingen, in Nederland ligt dit gemiddeld iets lager rond de 23 per 1.000 leerlingen. • Het aantal voortijdig schoolverlaters op het VO en MBO lag in 2015 – 2017 bijna op 0%, in 2018 op 2% en in 2019 op 1,3%. In Nederland ligt dit gemiddeld iets hoger en zien we in 2018 een vergelijkbare piek. • Het aantal jongeren in Ridderkerk zonder werk en inkomen per 10.000 inwoners van 15 – 27 jaar is in de jaren 2016 – 2019 enigszins afgenomen (in 2016 : 836 jongeren, in 2019: 720 jongeren), ook in de rest van Nederland zien we een vergelijkbare daling (in 2016 : 1014 jongeren, in 2019: 862 jongeren) • Het aantal jongeren dat naar Halt wordt verwezen fluctueert door de jaren heen. Als we kijken naar de afgelopen vijf jaar, lag dit in 2018 het hoogst met 10 jongeren en in 2020 het laagst met 5 jongeren.
42
AARD PROBLEMATIEK
Jeugdige verdachten van misdrijven naar leeftijd (CBS, 2021)*
Politieregistraties overlast jeugd per 10.000 inwoners
Ridderkerk Ridderkerk Rotterdam Rotterdam Nederland Nederland 11 jaar of jonger
.
32
12 jaar
.
.
48
0,70%
576
0,30%
13 jaar
.
.
65
1,00%
1.403
0,70%
14 jaar
6
1,20%
138
2,20%
2.410
1,30%
15 jaar
6
1,30%
163
2,60%
3.083
1,60%
16 jaar
10
2,10%
173
2,70%
3.442
1,80%
17 jaar
.
.
207
3,20%
3.859
1,90%
18 jaar
12
2,50%
247
3,20%
4.381
2,00%
19 jaar
10
1,90%
294
3,40%
4.929
2,20%
20 jaar
8
1,60%
327
3,50%
5.022
2,20%
21 jaar
10
2,00%
323
3,20%
4.848
2,10%
22 jaar
11
2,30%
316
3,00%
4.399
1,90%
23 jaar
7
1,40%
278
2,50%
4.152
1,90%
Totaal 12 t/m 23 jaar
85
1,50%
2.579
2,70%
42.504
1,70%
Bron: CBS 1) Leeftijd op peildatum . = het cijfer is onbekend, onvoldoende betrouwbaar of geheim
*) Voorlopige cijfers
20
398 15 10 5 0 3e kwartaal 2021
4e kwartaal 2021
1e kwartaal 2022
Ridderkerk
2e kwartaal 2022 Rotterdam
3e kwartaal 2022
4e kwartaal 2022
Nederland
Aard van misdrijven door verdachte jeugdigen (CBS, 2021) 60
19
28
16
8
7
Ridderkerk 1751
609
655
612
396
323 35 200
10.138
4.192 3.106
Rotterdam 20.515
11.570
10.635
778
3.288
Nederland 0%
10%
20%
30%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
100%
Vermogensmisdrijven (bijv. diefstal) Vernielingen en misdrijven openbare orde
Verkeersmisdrijven (bijv. rijden onder invloed of zonder rijbewijs) Geweldsmisdrijven
Drugsmisdrijven
Wapenmisdrijven
Seksuele misdrijven
Overige misdrijven
Wat valt op? • De gemiddelde leeftijd van jeugdige verdachten (t/m 23 jaar) uit Ridderkerk en totaal Nederland was in 2021 18,5 jaar. In Rotterdam was de gemiddelde leeftijd 18,7 jaar. • De politie registreerde in 2021 2.579 Rotterdamse jeugdigen als verdachten van 4.581 misdrijven en 85 Ridderkerkse jeugdigen van 150 misdrijven. • Het merendeel betreft vermogensmisdrijven. Verkeersmisdrijven en vernieling staan in Ridderkerk respectievelijk op plek 2 en 3. • Het aantal politieregistraties overlast jeugd per 10.000 inwoners is afgenomen door de tijd heen, wel was er het tweede kwartaal van 2022 een scherpe piek.
43
HULP
Jongeren met jeugdhulp in natura (totaal) (% van alle jongeren tot 23 jaar)
Jongeren met jeugdhulp in natura zonder verblijf (% van alle jongeren tot 23 jaar)
9 8 7 6 5 4 3 2 1 0
9 8 7 6 5 4 3 2 1 0
1e halfjaar 2015
1e halfjaar 2016
1e halfjaar 2017
Ridderkerk
1e halfjaar 2018
1e halfjaar 2019
1e halfjaar 2020
1e halfjaar 2021
Rotterdam-Rijnmond
1e halfjaar 2022
Nederland
445
15 30 55
8785
RotterdamRijnmond 141310
170490
340
1615 1445
85
Nederland
20
880
Huisarts
Jeugdarts
Gecertificeerde instelling
Medisch specialist
Rechter, Officier van Justitie, ...
Geen verwijzer
Verwijzer onbekend
1e halfjaar 2022
Nederland
65
10
440
125
1770
145
10
390
RotterdamRijnmond Nederland
Gemeentelijke toegang
Rotterdam-Rijnmond
1e halfjaar 2021
Ridderkerk
5490
25855 1585 14130 21155 68495
1e halfjaar 2020
1e halfjaar 2019
Aantal hulptrajecten met verblijf naar verwijzer, 1e halfjaar 2022 (% van alle hulptrajecten)
65
Ridderkerk 6855
1e halfjaar 2018
1e halfjaar 2017
1e halfjaar 2016
Ridderkerk
Aantal hulptrajecten naar verwijzer, 1e helft 2022 (% van alle hulptrajecten) 320
1e halfjaar 2015
18810
1225
130
16920
925
195 1980
Gemeentelijke toegang
Huisarts
Jeugdarts
Gecertificeerde instelling
Medisch specialist
Rechter, Officier van Justitie, ...
Verwijzer onbekend
Wat valt op? • Het aantal jongeren met jeugdhulp in natura, zowel met als zonder verblijf, lag in Ridderkerk lange tijd lager dan in de rest van Nederland. Bijvoorbeeld in 2018 lag het percentage jongeren met jeugdhulp in natura zonder verblijf in Ridderkerk op 4,7% en in Nederland op 7,3%. Inmiddels is het percentage jeugdigen dat gebruik maakt van jeugdhulp zonder verblijf in • Ridderkerk meer vergelijkbaar met de rest van Nederland: in 2022 was dit 6,6% in Ridderkerk en 7,9% in de rest van Nederland. • De huisarts, gevolgd door de gemeentelijke toegang vormen een belangrijk bron van verwijzers. Ten opzichte van de rest van Nederland, verwijst de huisarts relatief iets vaker in • Ridderkerk naar jeugdhulp t.o.v. andere verwijzers. • Als we inzoomen op verwijzingen naar verblijf, dan zijn de gecertificeerde instellingen de grootste verwijzer (70% van alle trajecten), gevolgd door de gemeentelijke toegang (20% van alle trajecten). Het aantal jeugdigen dat via de gemeentelijk toegang wordt verwezen ligt in Ridderkerk enigszins lager dan in de rest van Nederland.
44
HULP
Jongeren met jeugdbescherming (% van alle jongeren tot 18 jaar)
Jongeren met jeugdreclassering (% van alle jongeren van 12 tot 23 jaar)
1,6
0,8
1,4
0,7
1,2
0,6
1,0
0,5
0,8
0,4
0,6
0,3
0,4
0,2
0,2
0,1 0
0 1e halfjaar 1e halfjaar 1e halfjaar 1e halfjaar 1e halfjaar 1e halfjaar 1e halfjaar 1e halfjaar 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 Ridderkerk
Rotterdam-Rijnmond
Nederland
1e halfjaar 1e halfjaar 1e halfjaar 1e halfjaar 1e halfjaar 1e halfjaar 1e halfjaar 1e halfjaar 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 Ridderkerk
Rotterdam-Rijnmond
Nederland
Wat valt op? • Het aantal jeugdigen in Ridderkerk met een jeugdbeschermingsmaatregel is de laatste jaren licht afgenomen (2018-2020 1,1%, 2022 0,8%). In Nederland algemeen is dit sinds 2019 stabiel rond de 1,1%. • Het aantal jongeren met een jeugdreclasseringsmaatregel ligt in Nederland sinds 2019 stabiel rond de 0,3%; in de regio Rijnmond zien we een voorzichtige daling en in Ridderkerk fluctueert dit enigszins: in 2020 was dit 0,6% en in 2022 0,5%.
45
COLOFON Opdrachtgever Auteurs Foto omslag Uitgave
Gemeente Ridderkerk F.E.P.L. Sondeijker M. Compagner Mylene Siegers Verwey-Jonker Instituut Kromme Nieuwegracht 6 [*] 3512 HG Utrecht [*] T (030) 230 07 99 E secr@verwey-jonker.nl I www.verwey-jonker.nl
De publicatie kan gedownload worden via onze website: http://www.verwey-jonker.nl ISBN 978-94-6409-212-7 © Verwey-Jonker Instituut, Utrecht, maart 2023. Het auteursrecht van deze publicatie berust bij het Verwey-Jonker Instituut. Gedeeltelijke overname van teksten is toegestaan, mits daarbij de bron wordt vermeld. The copyright of this publication rests with the Verwey-Jonker Institute. Partial reproduction of the text is allowed, on condition that the source is mentioned. [*Verwey-Jonker Instituut is per mei 2023 verhuisd naar Giessenplein 59C]
Bijlage 3 – Preventiematrix Zoals in de inleiding reeds aangegeven wil de gemeente Ridderkerk graag preventief werken als het gaat om het aanpakken van jeugdproblematiek. In dit onderzoek hebben we geprobeerd zicht te krijgen op de interventies die worden ingezet. We hebben om die interventies te ordenen en daarmee ook inzichtelijk te maken wat er mogelijk nog mist in het aanbod de preventie-matrix gebruikt. Voor uitleg van de preventie-matrix zie https://www.nji.nl/nieuws/hulp-bij-gebruik-preventiematrix Preventie is in de matrix verdeeld naar: z
z
z
Universele preventie; bedoeld voor alle jeugdigen of alle ouders zoals bijvoorbeeld voorlichting/psycheducatie over alcohol en drugsgebruik op jonge leeftijd of pesten. Selectieve preventie; gericht op groepen jeugdigen of ouders waarvan verwacht wordt dat zij vanwege bepaalde kenmerken een verhoogd risico lopen op het ontstaan van bepaalde problematiek. Hierbij kun je denken aan opvoedingsondersteuning bij kwetsbare gezinnen. Geïndiceerde preventie; daarbij gaat het om interventies waarvoor je een verwijzing of indicatie nodig hebt.
De matrix voor Ridderkerk staat op de volgende pagina. Hierbij dient opgemerkt te worden dat aanbod nog verre van compleet is. We hadden graag gebruik gemaakt van inkoopgegevens, bijvoorbeeld om de informatie meer te objectveren, maar dat was niet mogelijk. De informatie is nu verkregen door gesprekken met professionals die werken op snijvlakken van domeinen, al lang in de gemeente Ridderkerk werken en vanuit hun functie bepaald aanbod uitvoeren dan wel ernaar verwijzen. Vanuit verschillende organisaties is nog ander aanbod genoemd, maar omdat we niet exact weten wat dat aanbod inhoudt, konden we dit niet in de matrix plaatsen. Idealiter hadden we van elk aanbod nog aangegeven of het gericht is op het kind, de ouder, het gezin of de bredere context en of het gaat om online aanbod, groepsaanbod of individueel aanbod. Dat is een slag die de Ridderkerkse professionals het best samen kunnen maken op het moment dat ze de matrix gaan aanvullen, door bijvoorbeeld kleuren aan het aanbod te geven (vb. groen voor groepsaanbod, geel voor individueel aanbod en blauw voor online aanbod).
47
Figuur 5.1 Preventiematrix Ridderkerk (niet limitatief)
Gewenste situatie Drie preventieniveaus
Veilige thuissituatie (o.a. ouderschap en hechting)
Universeel
Selectief
Geïndiceerd
Mensen zonder bekende risicofactor(en) / problemen
Mensen met risicofactor(en)
Mensen met een probleem
Homestart
Social worker in gezin CJG Vivens thuisbegeleiding IHT KIES-training
Wijkteammedewerker met specialisme HG Huiselijk geweld / kindermishandeling Piep zei de muis MST MDFT MST (V)echtscheidingen MDFT KIES-training Pameijer voor jongeren met beperking Pesten / uitsluiting Specifiek LVB Stichting Overburen voor 18+ (amb. Beg.) TACt Jeugdcriminaliteit Groepsaanpak Next Step
Gezondheid
Veiligheid
Veilige thuissituatie (o.a. ouderschap en hechting) Veilige sociale omgeving / prosociaal gedrag
Voorlichting op school/pestprotocol/ Taakspel?
Veilige sociale omgeving / prosociaal gedrag
Facet/Confro: Voorlichting op school Jongerenwerk Buurthuizen (‘soos’)
Veilige sociale omgeving / prosociaal gedrag
Facet/Confro: Voorlichting op school Jongerenwerk
Gezond gewicht
Thuis Op Straat Voorlichting op school?
Mentaal gezond
Thuis Op Straat Vertrouwenspersoon op school Buurthuizen (soos gestopt met alcohol schenken) Voorlichting op school?
Gezonde leefstijl t.a.v. middelengebruik
Positief opvoedklimaat in alle Buurthuizen leefomgevingen van het kind Thuis Op Straat Stichting Confro
Participatie
Probleem
Halt Pak je kans Huisbezoek (door politie of wijkteams?) FACT Halt Pak je kans Huisbezoek (door politie of wijkteams?) FACT
TACt Groepsaanpak
Radicalisering
Onder/overgewicht / obesitas HOERA Vriendenprogramma
HOERA Vriendenprogramma
Angst / depressie Verslaving
Huisbezoek Pak Je Kans Next Step IHT
TACt
Tekortschietend opvoedklimaat in leefomgeving van het kind
Leerplicht(?)
Leerplicht(?)
Schoolverzuim / schooluitval/ thuiszitters
Opgroeien met voldoende materiële middelen Optimale school loopbanen
Leerplicht Jongerenwerkers Vertrouwenspersonen op school Sociale cohesie / participatie Facet/Confro: voorlichtingen en / kwetsbare doelgroepen trainingen Thuis Op Straat Buurthuizen
Sociale uitsluiting / beperkte zelfredzaamheid / kwetsbare doelgroepen
48
COLOFON Opdrachtgever Auteurs Foto omslag Uitgave
Gemeente Ridderkerk F.E.P.L. Sondeijker M. Compagner Mylene Siegers Verwey-Jonker Instituut Giessenplein 59 C 3522 KE Utrecht T (030) 230 07 99 E secr@verwey-jonker.nl I www.verwey-jonker.nl
De publicatie kan gedownload worden via onze website: http://www.verwey-jonker.nl ISBN 978-94-6409-269-1 © Verwey-Jonker Instituut, Utrecht, november 2023. Het auteursrecht van deze publicatie berust bij het Verwey-Jonker Instituut. Gedeeltelijke overname van teksten is toegestaan, mits daarbij de bron wordt vermeld. The copyright of this publication rests with the Verwey-Jonker Institute. Partial reproduction of the text is allowed, on condition that the source is mentioned.