CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

Omgevingseffectrapport 15-04-2025 actualisatie omgevingsvisie Ridderkerk.pdf

Commissie Samen leven en Samen wonen RK 22 mei 2025, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 5: Reactie op de ontwerp Omgevingseffect rapportage (OER)39.970 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

Mitigerende maatregelen - inclusieve werkgelegenheid: Zorg dat de toegevoegde banen aansluiten bij de behoefte en onderwijsniveau van (toekomstige) inwoners in Ridderkerk. Mogelijk kunnen samenwerkingsverbanden worden ontwikkelt met lokale bedrijven om stageplaatsen, leer-werktrajecten en beroepsopleidingen aan te bieden die afgestemd zijn op nieuw gecreëerde werkplekken; - bieden van loopbaanbegeleiding, sollicitatietrainingen en netwerkmogelijkheden voor studenten en werkzoekenden; - houdt rekening met de ontsluiting van wegen en OV-toegankelijkheid bij de keuze van werklocaties. Vestigingsklimaat Beoordeling omgevingseffecten ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Op het aspect vestigingsklimaat scoort het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie positief. Het vestigingsklimaat verbetert ten opzichte van de referentiesituatie. Zo wordt aandacht besteed aan het verbeteren van gemengde functies (wonen/werken), parkeergelegenheid en bereikbaarheid met het OV en fiets. Ook wordt er ingezet op het aantrekkelijk houden van de openbare ruimte en bedrijventerreinen, bijvoorbeeld door te investeren in veiligheid, groen en duurzaamheid. Het bedrijventerrein op Donkersloot wordt bijvoorbeeld geherstructureerd om de veiligheid, openbare ruimte en bereikbaarheid te verbeteren. Ook wordt Dutch Fresh Port door ontwikkelt.

In zowel Donkersloot als de Dutch Fresh Port blijft het type bedrijvigheid hetzelfde. Dit heeft daardoor geen effect op de milieuruimte. Beoordeling doelbereik voorgenomen beleid Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie heeft een hoge potentie om bestaande beleidsdoelen te behalen. Er worden concrete maatregelen getroffen ter bevordering van het vestigingsklimaat. Zo wordt onder andere ingezet op de verlaging van de parkeerdruk, clusterversterking ten behoeve van regionale en korte waardeketens (circulaire economie), herstructurering van Donkersloot, doorontwikkeling van Dutch Fresh Port, en de verduurzaming van bedrijventerreinen waardoor bedrijven hernieuwbare energie kunnen opwekken en gebruiken en zich aanpassen aan consequenties van klimaatverandering. Onzekerheden in het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie - betaalbaarheid voor ondernemers: het is onduidelijk of de verbetering van het vestigingsklimaat de betaalbaarheid verbetert of verslechtert. Hiervoor dient ook uitspraken gedaan te worden over type en omvang van werkgelegenheid.

89 | 133 Witteveen+Bos | 141592/25-006.167 | Definitief 02

Mitigerende maatregelen - bij functiemenging dient de gezondheidsbescherming van inwoners centraal te staan in besluitvorming over het type bedrijven dat wordt gemengd met woningen. houd bijvoorbeeld rekening met de afstand tot bedrijven met grote milieucontouren bij woon-werk functiemenging; - zorg voor een goede multimodale bereikbaarheid. Landbouw Beoordeling omgevingseffecten ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Op het aspect landbouw scoort het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie negatief ten opzichte van de referentiesituatie. In lijn met de nationale trend, is er minder perspectief voor de toekomst van landbouwbedrijven. Het glastuinbouwconcentratiegebied en landbouwgrond blijft behouden. Recreatie is mogelijk op agrarische gronden onder voorwaarden. Echter hebben agrariërs door autonome ontwikkelingen minder bestaansperspectief waardoor er een risico bestaat dat het landbouwareaal afneemt in de referentiesituatie. Beoordeling doelbereik voorgenomen beleid Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie heeft geen potentie om bestaande beleidsdoelen te behalen. Er is namelijk geen potentie om het landbouwareaal te behouden en de kwaliteit van landbouw te borgen. De gemeente heeft wel de ambitie om zoveel mogelijk agrarische gronden te behouden. Zo wordt het provinciaal vastgestelde glastuinbouwconcentratiegebied behouden.

De visie buitengebied lijkt zich te beperken tot rood voor rood, een bijdrage leveren aan ruimtelijke kwaliteit, toevoeging van ruimte voor water en recreatie en het versterken van natuur. Transformatie naar een (gedeeltelijk) andere functie is maatwerk. Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie gaat niet in op de mogelijkheden voor nevenactiviteiten. Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie ambieert een verbeterende balans tussen groen, recreatie en landbouw. Echter, concrete gemeentelijke maatregelen om agrariërs toekomstperspectief te bieden ontbreken. Bovendien zorgen de autonome ontwikkelingen ervoor dat er niet voldoende toekomst perspectief is voor agrariërs waardoor er risico bestaat dat het landbouwareaal verder afneemt. Onzekerheden in het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie - kwaliteit landbouw: het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie doet geen uitspraken over de kwaliteit van landbouw, zoals spreiding type landbouw bedrijf, biologisch, regeneratief, voor de lokale markt.

Mitigerende maatregelen - behoud van enkele kerngebieden voor (lokale, regeneratieve) landbouw in de gemeente Ridderkerk; - waar mogelijk ruimte bieden voor nevenactiviteiten; - stimulatie van landbouw bedrijven die gewassen (bijvoorbeeld voedsel/bio-based bouwmaterialen zoals lisdodden, vlas, bamboe, en hennep/textiel) cultiveren voor de lokale markt ter bevordering van de circulaire economie (korte ketens); - ondersteuning van agrariërs om de transitie te maken naar (ecologisch en financieel) duurzame vormen van landbouw, zoals regeneratieve gemeenschapsboerderijen; - inspanningen om bodemkwaliteit te verbeteren ten behoeve van duurzame lokale voedselproductie.

7.3.2

Sterke wijken - goed verbonden

De doelen van de kernwaarde ‘sterke wijken - goed verbonden’ staan in bijlage III (tabel III.2). Beoordeling ambitie voor het thema wonen en fysieke leefomgeving In tabel 7.3 is de beoordeling van de ambitie voor het thema wonen en de fysieke leefomgeving weergegeven.

90 | 133 Witteveen+Bos | 141592/25-006.167 | Definitief 02

Tabel 7.3 Beoordeling ontwerp vernieuwde omgevingsvisie voor de kernwaarde ‘Sterke wijken - goed verbonden’ op het thema wonen en fysieke leefomgeving Aspect

Beoordeling referentiesituatie (op basis van bestaande landelijke, provinciale en gemeentelijke beleidsdoelen)

Beoordeling omgevingseffecten ontwerp vernieuwde omgevingsvisie (ten opzichte van de referentiesituatie)

Woningaanbod

slecht

+

Voorzieningenaanbod (onderwijs en maatschappelijk vastgoed)

redelijk

0

Openbare ruimte (recreatie en groen)

goed

+

Beoordeling doelbereik ontwerp vernieuwde omgevingsvisie (ten opzichte van het bestaand beleid)

In de volgende paragrafen wordt per aspect de beoordeling toegelicht. Woningaanbod Beoordeling omgevingseffecten ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Op het aspect woningaanbod scoort het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie neutraal ten opzichte van de referentiesituatie. Het regiobod bevat een netto toevoeging van 1.910 woningen in Ridderkerk. Van de 1.910 woningen zijn er harde plannen1 die 357 woningen mogelijk maken (referentiesituatie). Hiermee wordt de woningvoorraad voldoende uitgebreid (toevoeging van netto 1.553 woningen ten opzichte van de referentiesituatie) om bij te dragen aan de regionale woningtekort. In het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie staat dat er wordt ingezet op verdichting, verhoging, transformatie, en uitbreiding, mits dat past bij het dorpse karakter en het goed kan worden ingepast. Hoger bouwen (vanaf middenbouw) is altijd maatwerk, hiervoor geldt een onderzoeksplicht voor de initiatiefnemer om de effecten van bouwhoogte te onderzoeken. De gemeente zet waar mogelijk in op functiemenging in Centrum-Oost. Bij ruimtelijke ontwikkelingen in het buitendijkse gebied is de kwetsbaarheid van het gebied voor overstromingen een belangrijk aandachtspunt. Ontwikkelaars moeten onderzoek doen naar de (on)mogelijkheden van buitendijks bouwen aan de rivieroevers van de Nieuwe Maas. Er blijft overstromingsrisico bestaan voor bestaande woningen in het buitendijkse gebied.

Verder wordt er ingezet op de differentiatie in woningtypes en prijsklassen (maximaal 30 % sociale woningbouw bij nieuwbouw volgens de landelijke norm) in het woningaanbod en binnen de verschillende wijken en kernen van Ridderkerk, zodat de diverse doelgroepen een geschikte woning kunnen vinden. Daarbij is in het bijzonder aandacht voor starters, ouderen, zorgbehoevenden en internationale medewerkers. Ook onderzoekt de gemeente de mogelijkheden van nieuwe type woonvormen zoals flexwonen. Er is nog geen onderzoek naar doelgroepspecifieke of collectieve woonvormen. Beschikbare woningen worden zoveel mogelijk aan Ridderkerkse woningzoekenden toegewezen. Beoordeling doelbereik ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie heeft een hoge potentie om bestaande beleidsdoelen te behalen. Zoals is toegelicht in de paragraaf hierboven zet het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie zich in voor een woningaanbod door middel van uitbreiding en differentiatie die toekomstbestendig is en voldoet aan de behoefte van verschillende doelgroepen en worden zoveel mogelijk toegewezen aan Ridderkerkse woningzoekenden.

1

De woningen die onderdeel zijn van de harde plannen (peildatum augustus 2024) worden zeker gerealiseerd. De harde plannen hebben de ruimtelijke procedures doorlopen (bestemmingsplan en/of uitgebreide omgevingsvergunning) en zijn vastgesteld.

91 | 133 Witteveen+Bos | 141592/25-006.167 | Definitief 02

Onzekerheden in het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie - betaalbaarheid is onzeker vanwege de balans tussen vraag en aanbod in de toekomst en de woningmarktontwikkelingen en inflatie; - bereidheid particulieren om eigen oppervlakten klimaatadaptief in te richten; - bereidheid projectontwikkelaars om nieuwbouw klimaatadaptief en natuurinclusief uit te voeren; - resultaat onderzoek per ontwikkeling naar de (on)mogelijkheden van buitendijks bouwen aan de rivieroevers van de Nieuwe Maas; - overstromingsrisico blijft bestaan voor bestaande woningen in het buitendijkse gebied; - resultaat onderzoek naar mogelijkheden van nieuwe type woonvormen zoals flexwonen. Mitigerende maatregelen - onderzoek naar collectieve woonvormen en doelgroep specifieke woningen kan interessant zijn om vereenzaming tegen te gaan en te voorzien in specifieke woonbehoeften van inwoners in Ridderkerk; - bereid bewoners van bestaande en nieuwbouw woningen in het buitendijkse gebied voor op noodsituaties bij overstromingen; - compensatiemaatregelen voor schade aan woningen door bijvoorbeeld bodemdaling of andere consequenties van klimaatverandering zoals schade door hevige regenval of storm; - er gelden minder eisen voor flexwoningen zolang ze tot 15 jaar op een locatie geplaatst worden. Hierdoor kan op bouwkosten worden bespaard.

Een gezonde leefomgeving is belangrijk, ook bij tijdelijke (flex)woningen die er maar 'kort' staan. Er komen vaak mensen uit kwetsbare groepen te wonen. Een maatregel hiervoor is bijvoorbeeld het bouwen van gemeenschappelijke ruimtes of tuinen Voorzieningenaanbod Beoordeling omgevingseffecten ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Op het aspect voorzieningenaanbod scoort het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie neutraal ten opzichte van de referentiesituatie. Voorzieningenniveau en maatschappelijke voorzieningen Het uitgangspunt in het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie is dat de bestaande wijkcentra en buurtsteunpunten worden behouden. Afhankelijk van de demografische samenstelling van de wijk en de kwetsbaarheid van inwoners kunnen aanvullende voorzieningen nodig zijn. De gemeente geeft er in haar ontwerp vernieuwde omgevingsvisie de voorkeur aan om toekomstige (maatschappelijke) voorzieningen te clusteren nabij de wijkcentra en buurtsteunpunten. Dit draagt bij aan de bereikbaarheid. Het beleid lijkt weinig aandacht te geven aan de omvang van het voorzieningenniveau ten opzichte van de uitbreiding van de woningvoorraad, en tegelijkertijd de mogelijke invloed van de vergrijzing en digitalisering en de impact hiervan op het draagvlak voor en de bemensing van de voorzieningen. Dit kan leiden tot een verschil in het aanbod in de vraag, of tot leegstand van de voorzieningen.

Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie gaat er vanuit dat buurtoverstijgende voorzieningen zich centraal in het centrum van Ridderkerk (blijven) bevinden. Er worden geen ingrepen voorgesteld om het aantal of het type buurtoverstijgende voorzieningen te vergroten. Gezien de ligging van Ridderkerk in de regio is daar ook weinig aanleiding toe. Wat betreft maatschappelijke voorzieningen gaat het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie uit van een inzet op voldoende en kwalitatief goede accommodaties, een evenwichtige spreiding, goede bezetting en verantwoorde besteding van de middelen. Daarbij is er aandacht voor gebedshuizen. Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie maakt niet duidelijk waar deze spreiding wordt voorzien. Wel zou hier in de gebiedsgerichte uitwerking van de omgevingsvisie in bijvoorbeeld programma’s nog aandacht aan besteedt kunnen worden. Onderwijsaanbod Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie gaat uit van het behoud van een volwaardig onderwijssysteem, van de kinderopvang tot en met het voortgezet onderwijs. Ook wordt ingezet op het voorkomen van leerachterstanden door investeringen in voor- en vroegschoolse educatie en de vorming van Integrale Kindcentra. Daarnaast heeft de gemeente blijvend aandacht voor de capaciteit en de kwaliteit van de onderwijsgebouwen.

De uitwerking komt niet terug in het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie en zou moeten landen in bijvoorbeeld een programma zoals bedoeld onder de Omgevingswet.

92 | 133 Witteveen+Bos | 141592/25-006.167 | Definitief 02

Beoordeling doelbereik ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie heeft een beperkte potentie om doelen te behalen. Er is aandacht voor de spreiding van het voorzieningenniveau over de gemeente. Wel is het zo dat er nog verdere uitwerking behoeft op de thema’s maatschappelijke voorzieningen en het onderwijsaanbod om met zekerheid de doelen te halen. De benoeming waar deze uitwerking plaats gaat vinden in de beleidscyclus kan hieraan bijdragen. Onzekerheden in het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie - tevredenheid met voorzieningen: er zijn geen concrete maatregelen over monitoring tevredenheid van voorzieningen; - invloed van de vergrijzing en digitalisering en de impact hiervan op het draagvlak voor en de bemensing van de voorzieningen; - de omvang van het voorzieningenniveau ten opzichte van de uitbreiding van de woningvoorraad. Mitigerende maatregelen - aandacht besteden aan de omvang van voorzieningenniveau en verdere uitwerking van de evenwichtige spreiding van maatschappelijke voorzieningen en onderwijsinstellingen in de gebiedsgerichte uitwerking en/of de verdere doorwerking in de beleidscyclus. Openbare ruimte Beoordeling omgevingseffecten ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Op het aspect openbare ruimte scoort het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie positief ten opzichte van de referentiesituatie, mede omdat dit concreter is uitgewerkt.

Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie zet in op een beweegvriendelijke openbare ruimte die iedereen uitnodigt tot beweging, spelen en ontmoeting. De belangrijkste ingreep die hiermee samenhangt is de inzet op de uitbreiding van de groene kraag. Daartoe wordt ingezet op een betere samenhang tussen de grotere groengebieden, concreet om het versterken van de verbinding tussen de Gorzen/ de Crezéepolder, het Oosterpark, Reijerpark, gebieden ten oosten van de A38, de Donckse Velden en Bolnes-Zuid. Op de visiekaart is de versterking visueel aangeduid. Het versterken van de samenhang tussen de groengebieden zorgt voor een beweegvriendelijke omgeving. Naast de uitbreiding wordt de groene kraag ook aangesloten op de hoofdgroenstructuur. Zo ontstaan ‘inprikkers’ vanuit de groene kraag richting de kern van Ridderkerk. Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie zet erop in om de fiets- en wandelmogelijkheden rondom de hoofdgroenstructuur uit te breiden waar dat mogelijk is. Ook worden deze routes waar mogelijk van schaduw voorzien. Er worden ook vergelijkbare ingrepen voorgesteld op de bedrijventerreinen. De ingrepen staan ook benoemd in de gebiedsgerichte uitwerking, inclusief de sturingsstijl. De ingrepen behoeven verdere uitwerking in de beleidscyclus om deze tot realisatie te laten komen.

Daarbij moet aandacht zijn voor de samenwerking met partners (het grondeigendom is gefragmenteerd) en de financiële middelen die daarvoor benodigd zijn, zowel voor de aanleg als voor het langdurig onderhoud. Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie zet waar nodig en mogelijk in op de realisatie van ontmoetingsplekken. Wat betreft speelvoorzieningen laat het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie dit aansluiten bij de opbouw van de wijk, met aandacht voor veiligheid, inpasbaarheid, en een evenwichtige spreiding over de gemeente. Bij ingrepen in de openbare ruimte heeft de gemeente aandacht voor de toegankelijkheid voor iedereen. Het kan gaan om de aanleg van toegankelijke wandel- en fietspaden die veilig gebruikt kunnen worden met (hulp)middelen. Het kan ook gaan om het plaatsen van bankjes om te rusten of publieke toiletten. De gemeente is aan zet voor de aanleg, het beheer en het onderhoud van de openbare ruimte. De gemeente sluit aan bij de nationale doelstelling om in 2050 geheel klimaatbestendig en waterrobuust te zijn. De gemeente wil zich daarom richten op een openbare ruimte die bestendig is tegen de gevolgen van wateroverlast, droogte en hitte. Bij ontwikkelingen wordt er daarom altijd gekeken naar de (extra) mogelijkheden voor de realisatie van ruimte voor water. Daarnaast is er aandacht voor de vergroening van de leefomgeving.

Ook stimuleert de gemeente in het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie de investeringen in de openbare ruimte die de biodiversiteit vergroten. De uitwerking van deze ingrepen dragen naast een klimaatadaptieve openbare ruimte ook bij aan de aantrekkelijkheid daarvan.

93 | 133 Witteveen+Bos | 141592/25-006.167 | Definitief 02

Een aandachtspunt bij de uitwerking van het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie in de openbare ruimte is dat er overlappende ruimteclaims op de schaarse ruimte in de gemeente afkomen. Bijvoorbeeld benodigde ruimte voor woningbouw, infrastructuur, ruimte voor water en de energietransitie. Dit kan negatieve gevolgen hebben voor de ruimte die uiteindelijk overblijft ter publieke besteding. Wat betreft recreatie zet de gemeente zich in om de oevers langs de Waal, de Noord en de Nieuwe Maas beleefbaar te maken en waar mogelijk in te richten voor een toegankelijk, recreatief gebruik van wandelaars en fietsers. Bijvoorbeeld door het beschermen van doorzichten langs het water. Het beleefbaar maken van de rivieroevers staat ook benoemd als strategische keuze onder de gebiedsgerichte uitwerking. Hoe de uitwerking verder tot uiting gaat komen, is nog onbekend. Beoordeling doelbereik ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie heeft een hoge potentie om beleidsdoelen van de gemeente te behalen. Er is aandacht voor de creatie van een kwalitatieve en beweegvriendelijke openbare ruimte, met oog voor de toegankelijkheid en inclusiviteit. Ook worden er ingrepen voorgesteld om de openbare ruimte waterrobuust en klimaatbestendig te maken. Daarnaast wordt er ingegaan op het beter beleefbaar maken van de rivieroevers.

Onzekerheden in het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie - uitwerking beleefbaarheid van de rivieroevers; - uitwerking overlappende ruimteclaims op schaarse ruimte in de gemeente; - uitwerking fiets- en wandelpaden inclusief schaduwplekken rondom hoofdgroenstructuur en op bedrijventerreinen. Mitigerende maatregelen - in beleidsregels waarborgen van de nadere uitwerking van de versterking van de groene kraag; - in beleidsregels het beter beleefbaar maken van de rivieroevers verder uitwerken borging door bijvoorbeeld na te denken over de vragen: gaat het over toegang tot het water en waterrecreatie of alleen wandelpaden door gebieden? Wordt het intensief of extensief? In welke mate wordt de natuur verstoord door de recreatiedruk? Wordt rekening gehouden met structuren/voorzieningen in de uiterwaarden voor waterveiligheid/rivierkunde? - het wordt uit het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie niet duidelijk waar de eventuele extra ontmoetingsplekken en/of speelvoorzieningen worden voorzien. Dat zou ook afwijken van het detailniveau van de omgevingsvisie. Wel is het belangrijk om hier aandacht voor te houden in de verdere uitwerking van de beleidscyclus.

Denk bij het bepalen van locaties bijvoorbeeld aan principes als: nabij buurtcentra, nabij scholen/opvang (kinderen); - blijf er oog voor hebben dat alle inwoners toegang hebben tot hoogwaardige groene ruimtes, zoals voor minder-validen of mensen met dementie. Beoordeling ambitie voor het thema gezondheid en sociaal domein In tabel 7.4 is de beoordeling van de ambitie voor het thema gezondheid en sociaal domein weergegeven.

Tabel 7.4 Beoordeling ontwerp vernieuwde omgevingsvisie voor de kernwaarde ‘Sterke wijken - goed verbonden’ op het thema gezondheid en sociaal domein Aspect

Beoordeling referentiesituatie (op basis van bestaande landelijke, provinciale en gemeentelijke beleidsdoelen)

Gezonde leefstijl

redelijk

+

Sociaaleconomische positie

goed

0

94 | 133 Witteveen+Bos | 141592/25-006.167 | Definitief 02

Beoordeling omgevingseffecten ontwerp vernieuwde omgevingsvisie (ten opzichte van de referentiesituatie)

Beoordeling doelbereik ontwerp vernieuwde omgevingsvisie (ten opzichte van het bestaand beleid)

Aspect

Beoordeling referentiesituatie (op basis van bestaande landelijke, provinciale en gemeentelijke beleidsdoelen)

Beoordeling omgevingseffecten ontwerp vernieuwde omgevingsvisie (ten opzichte van de referentiesituatie)

Sociale cohesie

redelijk

0

Gezondheidsbescherming (totaal score van lucht, geluid en overige aspecten)

slecht

- (laagste score bepaalt eindscore)

- luchtkwaliteit en geluidshinder

slecht

-

- overige aspecten (trillingen, licht en geur)

slecht

0

Omgevingsveiligheid

slecht

0 (laagste score bepaalt eindscore)

- externe veiligheid

slecht

0

- sociale veiligheid

slecht

+

Beoordeling doelbereik ontwerp vernieuwde omgevingsvisie (ten opzichte van het bestaand beleid)

Gezonde leefstijl Beoordeling omgevingseffecten ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Op het aspect gezonde leefstijl scoort het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie positief. De gemeente ziet gezondheid als integraal onderdeel van haar beleidsvorming. Ook is de inzet op positieve gezondheid het uitgangspunt. De versterking van de groene kraag, de aansluiting daarvan op de hoofdgroenstructuur en het zoeken van koppelkansen met fiets- en wandelmogelijkheden verbeteren de beweegvriendelijkheid binnen de gemeente zijn hier onderdeel van. Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie richt zich net als de in het huidige beleid op het informeren van jongeren over de gevolgen van drugs- en alcoholgebruik, het belang van gezonde voeding en mentale en lichamelijke gezondheid. Daarnaast zet de gemeente in op een rookvrije generatie. Beoordeling doelbereik ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie heeft een beperkte potentie om beleidsdoelen te behalen. De potentie komt vooral door het voornemen om de beweegvriendelijkheid mede via ingrepen als de uitbreiding van de groene kraag te bewerkstelligen. Op de andere onderwerpen is het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie min of meer gelijk aan het al vigerende beleid.

Verder heeft de gemeente de uitvoering van de doelstellingen (gedeeltelijk) neergelegd bij de GGD Regio Rijnmond waardoor doelbereik sterk afhankelijk is van de werkzaamheden van de GGD. Mitigerende maatregelen - blijf aandacht houden voor de uitwerking van de gezonde leefstijl in het vervolg van de beleidscyclus (bijvoorbeeld in thematische of gebiedsgerichte programma’s); - neem concrete beleidsmaatregelen op over vermindering van overgewicht zoals voedsel en sportprogramma’s; - neem concrete beleidsmaatregelen op over het monitoren van ervaren gezondheid; - neem concrete beleidsmaatregelen op over het omgaan met de broze gezondheid onder ouderen; zoals reduceren hittestress en verbeteren van de toegang tot zorgvoorzieningen.

95 | 133 Witteveen+Bos | 141592/25-006.167 | Definitief 02

Sociaal economische positie (gemiddeld besteedbaar inkomen) Beoordeling omgevingseffecten ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Op het aspect sociaal economische positie scoort het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie neutraal ten opzichte van de referentiesituatie. Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie gaat net als de referentiesituatie uit van een verbreding van de economie naar meer zakelijke dienstverlenging. Ook wordt de woningvoorraad uitgebreid en verbeterd. Daarnaast blijft het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie zich inzetten voor investeringen in kansengelijkheid, inclusieve mobiliteit en het voorkomen van schulden en armoede onder haar bewoners. Naar verwachting neemt het gemiddeld besteedbaar inkomen binnen de gemeente niet substantieel toe door deze ingrepen, omdat de economische structuur niet dusdanig wordt aangepast dat bijvoorbeeld het opleidingsniveau verandert. Beoordeling doelbereik ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie heeft een hoge potentie om beleidsdoelen te behalen. Het vigerende beleid blijft gehandhaafd in het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie. De ingrepen sluiten aan bij de gemeentelijke doelen die focussen op het werken aan een vitale samenleving waarin iedereen mee kan doen en gelijke kansen heeft, het inzetten op lifelong learning en het bieden van een maatwerkgericht aanbod.

Mitigerende maatregelen - oog blijven houden voor kwetsbare groepen: zij moeten volwaardig kunnen deelnemen aan de samenleving, bijvoorbeeld de toegang tot werk en voorzieningen. Ook moeten zij financieel in staat zijn of worden gesteld om te participeren in de energietransitie. Sociale cohesie (mate van eenzaamheid) Beoordeling omgevingseffecten ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Op het aspect sociale cohesie scoort het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie neutraal omdat er geen extra maatregelen worden voorgesteld in het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie ten opzichte van het huidige beleid. Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie blijft zich inzetten op het realiseren van ontmoetingsplekken waar dat nodig en mogelijk is. Daarnaast wordt blijvend ingezet op de toegankelijkheid van de openbare ruimte. Door de aandacht voor de inclusiviteit en toegankelijkheid is de openbare ruimte een plek voor iedereen, en worden de mogelijkheden voor sociale interactie blijvend gestimuleerd. Ook blijft de gemeente met haar ontwerp vernieuwde omgevingsvisie het verenigingsleven en buurtevenementen ondersteunen. Deze ingrepen dragen bij aan de sociale cohesie. Daarnaast wordt er in elke kern een ‘hart van de buurt’ gecreëerd of behouden. De buurten waar sociale cohesie al sterk is wordt hiermee behouden in het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie. Ook op deze locaties wordt ontmoeting zo gestimuleerd.

Ook biedt de gemeente steun aan vrijwilligers (inclusief pleegouders en mantelzorgers) wat belangrijk is voor de betrokkenheid van anderen/buren/mantelzorgers en ten goede komt aan de sociale cohesie. Verder laat de gemeente in het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie de mogelijkheid open om collectieve woonvormen, mantelzorgwoningen en/of flexwonen te stimuleren. Vooral de inzet op collectieve woonvormen kan in positieve zin bijdragen aan de sociale cohesie. Beoordeling doelbereik ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie heeft een beperkte potentie om beleidsdoelen te behalen. Het vigerende beleid blijft gehandhaafd, er worden in het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie geen extra ingrepen voorgesteld die een invloed hebben op de sociale cohesie. Mitigerende maatregelen - blijf aandacht houden voor de uitwerking van de sociale cohesie, bijvoorbeeld door te concretiseren waar ontmoetingsplekken toegevoegd moeten worden die passen bij de samenstelling van de wijk; - onderzoek de mogelijkheden naar collectieve woonvormen.

96 | 133 Witteveen+Bos | 141592/25-006.167 | Definitief 02

Gezondheidsbescherming Beoordeling omgevingseffecten ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Op het aspect gezondheidsbescherming heeft het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie een negatief effect op de luchtkwaliteit en geluidshinder en neutraal effect op trillingen, licht en geur ten opzichte van de referentiesituatie. Door de toevoeging van woningen en nabijgelegen snelwegen en bedrijventerreinen is de beoordeling negatief. Geluidsbelasting De hoofdbron van geluidshinder in Ridderkerk zijn de Rijkswegen, binnenwegen, bedrijvigheid, industrie en scheepsvaart. De geluidsoverlast is lokaal van aard, met name de overlast veroorzaak door bedrijvigheid en industrie. De toevoeging van 1.553 woningen (grofweg 6 % toename van populatie tot 2035 en tussen 2035 en 2050 een toename van 4 % (CBS 2023b), want 1900*2.2 personen per huishouden = 4.180 inwoners op een huidige populatie van 48.000), zal samengaan met verhoogde verkeersdruk en geluidshinder, zeker nabij de S105/Rotterdamseweg als hoofdontsluiting van heel Ridderkerk. Zowel uitbreiding en inbreiding in bestaande woonwijken die nabij wegen of afslagen liggen leiden tot een toename van het aantal gehinderde door geluid ten opzichte van de referentiesituatie. Zie afbeelding 5.7 tot 5.9, in bijlage I.

De gemeente Ridderkerk heeft bestaande beleid (programma Geluid en Luchtkwaliteit) om de overlast bij nieuwbouw te beperken door gericht maatregelen te nemen zoals stil asfalt of afscherming. Door het programma Geluid en Luchtkwaliteit worden de toekomstige inwoners van nieuwbouw beter beschermd tegen geluidbelasting. Het programma is daarmee een positieve stap om hinder van geluidbelasting te beperken. Echter, heeft het programma minder invloed op bestaande woningen. Ook dient er scherpere keuzes gemaakt worden om autogebruik te beperken als belangrijke bron van geluid. Dat is de reden dat de beoordeling ook negatief is. Ook de toevoeging van bedrijven en industrie, zoals in de sectoren agrofood en bouwnijverheid zorgt voor een toename in geluidsbelasting door (zware) bedrijvigheid, industriële activiteiten en zwaar verkeer. Bovendien leidt de 24/7 bedrijfsvoering van industriële activiteiten tot geluidshinder, wat de leefkwaliteit en nachtrust in nabijgelegen woongebieden kan verstoren. Luchtverontreiniging De hoofdbron van luchtverontreiniging zijn de Rijkswegen rondom Ridderkerk en in mindere mate de binnenwegen. Alhoewel een deel van de uitstoot buiten de invloedssfeer van de gemeente ligt zorgt dit voor een ongunstig vertrekpunt voor luchtkwaliteit door de aanwezige concentraties luchtverontreinigde stoffen zoals NOx, PM10 en PM2.5.

De grootste verontreiniging is tegenwoordig van slijtage van banden, niet meer wat uit de uitlaat komt. Daaropvolgend veroorzaken bedrijven en industrie luchtverontreiniging door emissies en transportactiviteiten. Dit gaat zowel om lokale industrie als om de industrie in het Rotterdamse havengebied en voorbij varende schepen. De omschakeling naar hernieuwbare energiebronnen en duurzame mobiliteit kan een deel van de vervuiling verhelpen in de toekomst. De toevoeging van netto 1.553 woningen ten opzichte van de referentiesituatie heeft een negatief effect op de luchtkwaliteit. Zowel inbreiding als uitbreiding kunnen leiden tot een toename in luchtverontreinigende stoffen door intensiever gebruik van autoverkeer. Uitbreiding en inbreiding in bestaande woonwijken die nabij wegen of afslagen liggen leiden tot een toename van het aantal gehinderde door luchtkwaliteit ten opzichte van de referentiesituatie. De toename van geluidgehinderden vindt met name plaats bij nieuw toegevoegde woningen. Afhankelijk van de locatie, kan er sprake zijn van toename van geluidsbelasting op bestaande woningen langs drukke (ontsluitings-)wegen. Bijvoorbeeld de noordzijde van het centrum nabij de Rotterdamseweg en bedrijven. Zie afbeelding 5.10 tot 5.12, in bijlage I. Overige aspecten Trillingen worden hoofdzakelijk veroorzaakt door treinverkeer en trams.

In Ridderkerk komt geen railverkeer voor en worden trillingen veroorzaakt door vrachtverkeer in combinatie met oude dijken en niet onderheide woningen. In het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie wordt echter geen railverkeer mogelijk gemaakt wat gunstig is voor trillingen. Geur is voornamelijk afkomstig van industrie en bedrijvigheid. Hierbij is het van belang welk type bedrijven zich vestigen. Echter gelden er ten alle tijden wettelijke normen voor geur.

97 | 133 Witteveen+Bos | 141592/25-006.167 | Definitief 02

Er is lichthinder aanwezig in Ridderkerk door onder andere scheepsvaart, bedrijventerreinen en (Rijks)wegen. Lichthinder is vooral verstorend voor natuur en beschermde/niet-beschermde soorten. Vooral industrie en bedrijvigheid veroorzaken lichthinder. Lichtvervuiling kan toenemen langs de rivieroever van de Nieuwe Maas en Noord door uitbreidingslocaties. Beoordeling doelbereik ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie heeft beperkte potentie voor behalen doel om beleidsdoelen te behalen. Ondanks de beleidsinzet op het gebied van geluid en luchtkwaliteit blijft er een opgave om de beleidsdoelen te halen voor geluid en luchtkwaliteit. Met de toevoeging van 1.553 woningen en bedrijvigheid, waarmee een verhoging van de verkeersdruk gepaard gaat, is het onwaarschijnlijk dat het doel om het aantal geluidgehinderden te verminderen wordt behaald en de luchtkwaliteit verbeterd. Om dit wel te bepalen zijn scherpere keuzes nodig op het gebied van de meest bepalende factor: mobiliteit. Doelen voor trillingen, licht en geur worden naar verwachting wel behaald. Geluidbelasting De gemeente wil het aantal geluidgehinderden door verkeers- of industrielawaai doen afnemen door waar nodig gebruik te maken van maatregelen zoals geluidsschermen, stil asfalt en het verstrekken van een subsidie voor het isoleren van woningen.

De gemeente werkt toe naar de plandrempels en ambitiewaarden uit het Programma Geluid en Lucht 2025-2029. Naast dit programma zijn beleidsregels vastgesteld voor het bouwen van geluidgevoelige gebouwen bij een weg en voor het aanpassen van een weg bij een geluidgevoelig gebouw. Beleidsregels voor industrielawaai en bedrijfsmatige activiteiten worden in de toekomst ook opgesteld. Ridderkerk zal op bepaalde plekken meer ruimte willen bieden aan bedrijvigheid, terwijl op andere locaties de kwaliteit van de leefomgeving zwaarder weegt. In haar omgevingsplan zal Ridderkerk het maximaal toegestane geluidniveau gebiedsgericht koppelen aan het beoogde woonmilieu. Luchtverontreiniging Ridderkerk heeft de ambitie om verder te gaan dan alleen voldoen aan de omgevingswaarden voor luchtkwaliteit en werkt daarom toe naar de nieuwe WHO-advieswaarden. De gemeente heeft een vrijwillig programma luchtkwaliteit opgesteld (Programma Geluid en Lucht 2025-2029), waarin de maatregelen uit het Schone Lucht Akkoord ook zijn opgenomen. Deze maatregelen richten zich vooral op verkeer.

Op hoogbelaste locaties is de gemeente bij nieuwe ontwikkelingen terughoudend met het realiseren van gevoelige functies, zoals een kinderdagverblijf of dagopvang voor ouderen, of voor mensen die extra kwetsbaar zijn voor luchtverontreiniging vanwege hun leeftijd (kinderen, ouderen) of aandoening (mensen met een luchtweg- of hart- en vaatziekte). Zo is het bijvoorbeeld ongewenst dat gevoelige functies (zoals scholen en kinderdagverblijven) zich vestigen binnen 150 meter van een snelweg en 25 meter van een drukke weg binnen de bebouwde kom. Het is een drukke weg als er per etmaal meer dan 10.000 voertuigen gebruikmaken van de weg. Dat gaat bijvoorbeeld om de Rijksstraatweg, Geerlaan, Vondellaan, Vlietlaan, Donkerslootweg, Benedenrijweg, Rijnsingel, Populierenlaan, de Koninginneweg en de Burgemeester de Zeeuwstraat. Geur Ridderkerk heeft de opgave om ernstige geurhinder te voorkomen in de gemeente. Zo treft de gemeente bronmaatregelen en zorgt dat woningbouw en bedrijfsactiviteiten op voldoende afstand van elkaar blijven. Bij woningbouw houden zij rekening met bestaande bedrijvigheid. Bedrijven behouden de ruimte om uit te breiden binnen hun huidige milieuruimte op eigen terrein zonder dat er overlastsituaties ontstaan.

Mitigerende maatregelen - zorg dat het maximaal toegestane geluidniveau gebiedsgericht gekoppeld wordt aan het beoogde woonmilieu in het omgevingsplan van Ridderkerk; - houdt rekening met gezondheidsbescherming bij functiemenging; - monitoring: monitor de lucht- en geluidskwaliteit om de effecten van industriële activiteiten en stedelijke inbreiding te minimaliseren; - bufferzones: overweeg het instellen van bufferzones (bijvoorbeeld ICM-afschermingen, geluidswallen et cetera) tussen woon- en industriële gebieden om de impact op omwonenden te minimaliseren; - duurzame mobiliteit: bevorder duurzame transportopties om de impact van toegenomen verkeer op luchtvervuiling en geluidsbelasting te verminderen;

98 | 133 Witteveen+Bos | 141592/25-006.167 | Definitief 02

-

-

houtrook: houtrook is een belangrijke veroorzaker van luchtverontreiniging en geurhinder. Dit komt doordat het fijnstof en schadelijke stoffen uitstoot die de luchtkwaliteit verslechteren en gezondheidsproblemen kan veroorzaken. Actief beleid op houtrook kan de hinder ervan verminderen. Daarbij geldt dat houtrookvrije wijken of een algeheel stookverbod effectiever is dan alleen een ‘stookwijzer’; wegen zijn een belangrijke bron voor geluidshinder (en uitstoot van schadelijke stoffen). Verminder de maximum snelheid op wegen. En/of houd voldoende afstand hiertoe, pas stil asfalt toe, concentreer verkeer op bepaalde verkeersaders (indien niet al van toepassing), oriëntatie van gebouwen/geluidluwe gevels, afschermende werking achterliggende woningen.

Omgevingsveiligheid Beoordeling omgevingseffecten ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Op het aspect omgevingsveiligheid scoort het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie neutraal op externe veiligheid en positief op sociale veiligheid ten opzichte van de referentiesituatie. Externe veiligheid In het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie is aandacht voor het thema veiligheid bij de toedeling van (kwetsbare) functies aan locaties zoals scholen. Ook streeft de gemeente naar de beperking van het plaatsgebonden risico voor (zeer) kwetsbare gebouwen en locaties (zoals scholen, zorginstellingen en woongebieden) tot de wettelijke grenswaarde. Echter blijft een toename in externe veiligheidsrisico’s bestaan. Onder andere door de toename in personendichtheid. In de dichtbevolkte gebieden kunnen veiligheidsrisico's verhoogd zijn, wat vraagt om zorgvuldige planning en strikte veiligheidsmaatregelen. De gemeente heeft al de Visie Externe Veiligheid en past specifieke wet- en regelgeving toe om de risico’s te beperken. Voor elke activiteit zal worden beoordeeld of de activiteit kan plaatsvinden en welke maatregelen getroffen moeten worden. Daarmee is de beoordeling neutraal ten opzichte van de referentiesituatie. Sociale veiligheid De gemeente zet in op een schone, hele, en veilige leefomgeving. Er is aandacht voor ondermijning, sociale kwaliteit, zorg en veiligheid en high impact crimes.

De uitgangspunten voor de aanpak van de veiligheidsopgaven zijn: wijkgericht werken, effectief samenwerken met partners, combinatie van perspectief bieden, preventie en repressie; en duidelijke en handhaafbare regels. Dit zijn positieve uitgangspunten. In het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie worden echter geen concrete maatregelen benoemd over veiligheidsrisico’s omtrent drugs- gebruik, overlast en criminaliteit waardoor de beoordeling van omgevingseffecten neutraal is. Wel is er aandacht voor verbetering van openbare ruimte en bedrijventerreinen wat de sociale veiligheid ten goede komt. Ook wordt ingezet op samenwerking met maatschappelijke partners om activiteiten te organiseren om de jongste inwoners te informeren over het gevaar van drugs- en alcoholgebruik, het belang van gezonde voeding, mentale en lichamelijke gezondheid en het verantwoord omgaan met financiële middelen. Ook wordt ingezet op een rookvrije generatie. Daarnaast zet de gemeente zich in voor de bescherming van kwetsbare groepen waarin zij de samenwerking met politie opzoekt. Ridderkerk investeert in kansengelijkheid, inclusieve mobiliteit en voorkomen van schulden en armoede onder bewoners. De socio-economische posities van bewoners verbetert en daarmee ook de kwetsbaarheid.

Zoals in het huidige beleid is er in het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie aandacht voor isolement en eenzaamheid door het investeren in goede (sociale) netwerken en nabuurschap. Zo wordt ondersteuning gegeven aan vrijwilligers, het verenigingsleven, evenementen en buurtactiviteiten. Een grote groep ondernemers draagt bij aan het verenigingsleven en/of maatschappelijke initiatieven. De gemeente wilt dit potentieel nog beter benutten door een stimulerende en verbindende rol aan te nemen. Daarnaast zet de gemeente zich in op het verbeteren en vergroten van de kwaliteit en diversiteit van (on)georganiseerde ontmoetingsplekken voor jong en oud. Ook zorgt de gemeente dat er (tijdelijk) hulp en ondersteuning is voor inwoners. Zo is er bijvoorbeeld re-integratie mogelijk. Ook wilt de gemeente de wijkgerichte samenwerking intensiveren. Verder zet de gemeente zich in voor het versterken van de sociale cohesie door middel van het realiseren van meer speel- en ontmoetingsplekken.

99 | 133 Witteveen+Bos | 141592/25-006.167 | Definitief 02

Beoordeling doelbereik ontwerp vernieuwde omgevingsvisie Het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie heeft beperkte potentie om beleidsdoelen voor externe veiligheid en sociale veiligheid te halen. Externe veiligheid Zoals hierboven is beschreven blijft er een toename in externe veiligheidsrisico’s bestaan door de energietransitie, waardoor het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie beperkte potentie heeft om doelen te behalen. De gemeente behaalt met het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie wel het doel om plaatsgebonden risico’s op externe veiligheid te beperken tot wettelijke grenswaarde van 10^-6/jaar voor (zeer) kwetsbare gebouwen en locaties. Ook worden nieuwe risicobronnen voor externe veiligheid geweerd uit de gemeente, uitgezonderd op bedrijventerreinen, mits aan concrete voorwaarden wordt voldaan. Sociale veiligheid Het doelbereik van het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie heeft een beperkte potentie om doelen te behalen. Zoals hierboven is beschreven zet de gemeente zich op allerlei manieren in om de sociale veiligheid te borgen en verbeteren. Zo wordt veel aandacht gegeven aan ondermijning, maar er worden nog geen concrete maatregelen benoemd om drugsoverlast tegen te gaan, overlast gevende jeugdgroepen aan te pakken, alert te zijn op verdachte situaties met betrekking tot woning- en voertuiginbraken, en aanpak alcohol- en drugsgebruik.

Onzekerheden in het ontwerp vernieuwde omgevingsvisie - omvang externe veiligheidsrisico’s door de energietransitie; - ontwikkeling van sociale veiligheidsrisico’s zoals drugsoverlast en ondermijning. Mitigerende maatregelen Externe veiligheid De gemeente moet voldoen aan de wetgeving maar heeft onder de Omgevingswet beleidsruimte om invulling te geven aan de mogelijkheden in bijvoorbeeld aandachtsgebieden. De Omgevingswet biedt de gemeente afwegingsruimte bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen binnen een aandachtsgebied. Voor het inpassen van een (beperkt) kwetsbaar gebouw of locatie of zeer kwetsbaar gebouw binnen een aandachtsgebied is het aan de gemeente om te onderbouwen dat zij voldoende rekening heeft gehouden met externe veiligheidsrisico’s. Hierbij moet het plaatsgebonden risico altijd in ogenschouw worden genomen.

De volgende mitigerende maatregelen worden aanbevolen voor de nadere uitwerking van externe veiligheid: - strenge veiligheidsnormen door het Rijk en DCMR en Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond: implementeer strikte landelijke veiligheidsprotocollen voor alle nieuwe (energie)infrastructuren; - regelmatige inspecties: zorg voor frequente inspecties en onderhoud om potentiële risico's vroegtijdig te identificeren en te mitigeren; - lokale communicatie: informeer en betrek de gemeenschap bij de veiligheidsmaatregelen om bewustzijn en vertrouwen te vergroten; - Verdichting van woningen: om verdichting op een veilige manier toe te passen is het van belang dat aandacht wordt besteed aan de (brand)veiligheidsaspecten. De inrichting van de fysieke leefomgeving moet weloverwogen zijn en bijdragen aan een snelle en effectieve hulpverlening. Besteed ook aandacht aan het beheersen van gezondheidsrisico’s als gevolg van verdichting en klimaatverandering (hitte) zoals sociale en psychische veiligheid; - Klimaatadaptatie: let op de gevolgen van hitte, droogte, wateroverlast en overstromingen voor de veiligheid binnen de fysieke leefomgeving; - Energietransitie: denk na hoe energietransitie veilig wordt doorgevoerd. Houd rekening met de veiligheidsrisico's van nieuwe energiebronnen die de energietransitie met zich meebrengt en nog grotendeels onbekend zijn.

Tevens bestaat er nog nauwelijks wet- en regelgeving op dit gebied. Als gevolg hiervan worden de risico’s niet gereguleerd en beperkt door bestaande wet- en regelgeving. Vanuit gezondheidsperspectief is het van belang om de nadelige effecten bij incidenten met nieuwe energiebronnen goed in beeld te hebben omdat de capaciteit van de zorgketen daar op afgestemd dient te worden.

100 | 133

Witteveen+Bos | 141592/25-006.167 | Definitief 02

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/1216/documents/40778