CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

Gebiedsgerichte quickscan flora en fauna Ridderkerk.pdf

Commissie Samen wonen RK 27 mei 2026, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 10: Ter kennisneming: raadsinformatiebrieven19.558 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

6.4. Overige vervolgstappen Voor het opstellen van het SMP zijn, naast de soortgericht onderzoeken, ook andere acties noodzakelijk. Dit betreffen grotendeels ambtelijke acties. Deze benodigde acties en documenten staan beschreven in de Richtlijn soortenmanagementplannen Zuid-Holland van de Omgevingsdienst Haaglanden. Onderstaand een korte opsomming van de te ondernemen acties om tot een uiteindelijke SMP te komen. Voor een uitgebreide toelichting verwijzen wij naar de Richtlijn van de Omgevingsdienst Haaglanden. Onderstaand een korte opsomming van de overige benodigde (vervolg) acties. Vervolgacties voor de gemeente (op hoofdlijnen en in chronologische volgorde): • Definitief maken van keuzes betreffende scope en reikwijdte SMP; • Uitzetten van aanbesteding voor soortgericht onderzoek; • Beschrijving ambitie en lange termijn visie voor de SMP-soorten en het SMP-gebied; • Starten met het opzetten van een administratiesysteem voor de coördinatie van het SMP; • Verzorgen SMP-coördinator voor het SMP; • Communicatie en opzetten van werkafspraken met de gebruikers van het SMP; • Reserveren en organiseren van financiële middelen voor monitoring en uitvoering van het SMP (eventueel gezamenlijk met gebruikers). 42

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

Vervolgacties gemeente na uitvoering van het soortgericht onderzoek en in samenwerking met ecologisch adviesbureau; • Schrijven van het SMP; • Opstellen mitigatie- en compensatieplan; • Opzetten van een monitoringsplan; • Het beschrijven en onderbouwen van de wettelijke belangen voor de vergunningverlening van het SMP.

43

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

7. Bronnen Alle wijken en buurten in de gemeente Ridderkerk. (2025, 11 04). Retrieved from AlleCijfers: https://allecijfers.nl/gemeente-overzicht/ridderkerk/ Baardvleermuis. (2025, 10 23). Retrieved from Zoogdiervereniging: https://www.zoogdiervereniging.nl/zoogdiersoorten/baardvleermuis BAG GeoPackage. (2024, 2 10). Retrieved from Kadaster: https://www.kadaster.nl/zakelijk/producten/adressen-engebouwen/bag-geopackage BIJ12. (2017a). Gewone grootoorvleermuis. BIJ12. (2017b). Rosse vleermuis. BIJ12. (2017c). Watervleermuis. BIJ12. (2023a). Gierzwaluw. BIJ12. BIJ12. (2023b). Huismus. BIJ12. BIJ12. (2024a). Gewone dwergvleermuis. BIJ12. (2024b). Ruige dwergvleermuis. BIJ12. (2024c). Kleine marterachtigen. Huiszwaluw. (2025, 2 19). Retrieved from SOVON: https://stats.sovon.nl/stats/soort/10010 Kleine dwergvleermuis. (2025, 2 11). Retrieved from Zoogdiervereniging: https://www.zoogdiervereniging.nl/zoogdiersoorten/kleine-dwergvleermuis Laatvlieger. (2025, 2 11). Retrieved from Zoogdiervereniging: https://www.zoogdiervereniging.nl/zoogdiersoorten/laatvlieger Meervleermuis. (2025, 2 11). Retrieved from Zoogdiervereniging: https://www.zoogdiervereniging.nl/zoogdiersoorten/meervleermuis Nationale Databank Flora en Fauna Uitvoerportaal. (2025, 10 23). Retrieved from https://ndffecogrid.nl/uitvoerportaal/secure/index.zul Netwerk Groene Bureaus en Zoogdiervereniging. (2024).

Richtlijn vleermuisonderzoek grote gebieden. Omgevingsdienst Haaglanden. (2023). Richtlijn soortenmangementplannen Zuid-Holland. Omgevingsdienst Haaglanden. Platte daken in Nederland (BAG). (2024, 2 10). Retrieved from Nationaal Georegister: https://nationaalgeoregister.nl/geonetwork/srv/dut/catalog.search#/metadata/e90a8483-77d1-40ab-89fc344842047637 Programma Verduurzaming gebouwde omgeving. (2025, 11 04). Retrieved from Ministierie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening: https://www.volkshuisvestingnederland.nl/onderwerpen/verduurzamen-enverbeteren/programma-verduurzaming-gebouwde-omgeving Ranglijst van de grootste en kleinste wijken in inwoners in de gemeente Ridderkerk. (2025, 11 04). Retrieved from Alle Cijfers: https://allecijfers.nl/ranglijst/grootste-en-kleinste-wijken-in-inwoners-in-de-gemeente-ridderkerk/ Soorten Kansen Kaart - Provincie Zuid-Holland. (2025, 10 23). Retrieved from Omgevingsdienst Haagland: https://sdl.bio.georuimte.nl/?lijst=SoortenKansenKaart-ZH Sovon Vogelonderzoek Nederland en Arcadis. (2023). Gebiedenprotocol Gierzwaluw. Spreeuw. (2024, 07 09). Retrieved from SOVON: https://stats.sovon.nl/stats/soort/15820 Spreeuw. (2025, 2 11). Retrieved from Vogelbescherming: https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennisover-vogels/vogelgids/vogel/spreeuw Statistieken gemeente Ridderkerk. (2024, 2 10).

Retrieved from Allecijfers.nl: https://allecijfers.nl/gemeente/ridderkerk/#inwoners Tweekleurige vleermuis. (2025, 2 11). Retrieved from Zoogdiervereniging: https://www.zoogdiervereniging.nl/zoogdiersoorten/tweekleurige-vleermuis Werkgroep Boommarter Nederland. (2007). Handleiding boommarters inventariseren. Wonen. (2025, 11 04). Retrieved from Gemeente Ridderkerk: https://www.ridderkerk.nl/bestuur-enorganisatie/wonen/#:~:text=Cijfers,Waarvan%20huurwoningen:%209.278.

44

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

Bijlagen Bijlage 1

Wettelijk kader Omgevingswet

Omgevingswet Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet (Ow) van kracht. De Ow brengt regelgeving over ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water samen in een wettelijk stelsel. In het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) is vervolgens bepaald welke flora- en fauna-activiteiten vergunningsplichtig zijn. In het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) is bepaald onder welke voorwaarden een vergunning kan worden verleend. Het beheer, de bescherming, het behoud en het herstel van de van nature in Nederland voorkomende soorten dieren, planten en habitats, waarbij de gunstige staat van instandhouding van flora en fauna bepalend is, wordt geregeld via de Ow (uitgewerkt in het Bal en het Bkl). Daarbij regelt de Ow ook de bescherming van Natura 2000gebieden, het Natuurnetwerk Nederland (NNN), houtopstanden en andere bijzondere natuurgebieden. Flora en fauna-activiteiten7 mogen geen negatieve effecten veroorzaken op (beschermde) flora en fauna en/of beschermde gebieden. De Ow benoemd verschillende schadelijke handelingen, die slechts in een aantal situaties onder bepaalde voorwaarden uitgevoerd mogen worden. Hiervoor is een omgevingsvergunning verplicht. De omgevingsvergunning is een besluit waarbij een uitzondering op een wettelijk verbod wordt gemaakt.

De criteria voor vergunningsverlening zijn onder andere: • In het belang van de volksgezondheid en openbare veiligheid; • In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer; • Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij en wateren; • Ter bescherming van flora en fauna.

Algemene zorgplicht De zorgplicht voor een ieder (Ow, Artikel 1.6) is altijd van toepassing. Dit houdt in dat een ieder voldoende zorg draagt voor de fysieke leefomgeving.

Specifieke zorgplicht (rode lijst soorten) De specifieke zorgplicht (Bal art. 11.27) is altijd van toepassing bij een flora en fauna-activiteit. Degene die de flora en fauna-activiteit verricht, is verantwoordelijk voor het naleven van de maatregelen die onder de specifieke zorgplicht vallen. De gunstige staat van instandhouding van een soort, op zowel lokaal als nationaal niveau, is daarbij leidend. Voorafgaande aan de flora en fauna-activiteit wordt nagegaan of er aanwijzingen zijn van de aanwezigheid op de locatie of in de directe omgeving van: • van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten, genoemd in bijlage I bij de vogelrichtlijn, en niet in die bijlage genoemde, geregeld in Nederland voorkomende trekvogelsoorten als bedoeld in artikel 4, tweede lid, van die richtlijn; • van nature in Nederland in het wild levende dieren of planten van soorten, genoemd in de bijlagen II, IV en V bij de habitatrichtlijn; • dieren of planten van soorten, genoemd in bijlage IX of in de rode lijsten, bedoeld in artikel 2.19, vijfde lid, onder a, onder 3°, van de wet; en • voor die soorten belangrijke leefgebieden of natuurlijke habitats; Indien gevolgen niet kunnen worden uitgesloten, wordt nagegaan welke gevolgen de activiteit kan hebben voor dieren en hun leefomgeving.

Als er op voorhand aanwijzingen zijn, moet worden vastgesteld op grond van objectieve gegevens of nadelige gevolgen kunnen worden uitgesloten. Degene die de flora en fauna-activiteit verricht, is verplicht alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs kunnen worden gevraagd om beschadiging en/of vernietiging te voorkomen dan wel zo veel als mogelijk te voorkomen.

Geldigheidsduur onderzoek De geldigheidsduur van een vergunning afgegeven door de provincie is over het algemeen tien jaar. Dit onderzoek is uitgevoerd volgens de landelijk geldende richtlijnen. Daarom wordt aangehouden dat deze quickscan, waarbij er wordt uitgegaan dat in het gebied weinig of geen ruimtelijke of kwalitatieve veranderingen optreden, ook tien jaar geldig is. Wanneer wijzigingen in het plangebied dan wel de omgeving plaatsvinden, waardoor de situatie niet meer met de uitgevoerde quickscan flora en fauna overeenkomt, dient de gebiedsgerichte quickscan te worden herzien. 7

Flora- en fauna-activiteit: activiteit met mogelijke gevolgen voor van nature in het wild levende dieren of planten (Wettenbank, 2024).

45

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

Bijlage 2

Methode

Soortenbescherming Het onderzoek naar beschermde soorten bestaat uit drie onderdelen: een literatuuronderzoek, een veldbezoek en de toetsing van de uiteindelijke (mogelijke) effecten. Literatuuronderzoek Tijdens het literatuuronderzoek wordt onderzocht welke in het wild levende beschermde soorten voorkomen in het plangebied en de directe omgeving of waarvan de aanwezigheid niet kan worden uitgesloten. Verspreidingsgegevens van de beschermde flora en fauna in en rondom het plangebied zijn opgehaald uit de Nationale Database Flora en Fauna (NDFF) op 21 november 2024. Hierbij wordt nagegaan of de afgelopen tien jaar beschermde soorten zijn aangetroffen binnen het plangebied, op één kilometer afstand en op vijf kilometer afstand van het plangebied. Naast de NDFF wordt ook gebruik gemaakt van vrij beschikbare bronnen, zoals ANEMOON, Eis-Kenniscentrum, FLORON, RAVON, SOVON, Vlinderstichting, Zoogdiervereniging, vakliteratuur, lokale bronnen zoals werkgroepen en, indien beschikbaar, reeds uitgevoerde ecologische onderzoeken in de directe omgeving van het plangebied die niet ouder zijn dan drie jaar. Deze informatie is (deels) afkomstig uit de NDFF en mag niet zonder toestemming van BIJ12 worden verstrekt aan derden of op enige andere wijze openbaar gemaakt worden.

Potentie en veldbezoek Het doel van de gebiedsgerichte quickscan is om de potentie voor gebouwbewonende soorten te bepalen binnen Ridderkerk. In de voorbereiding op het soortgericht onderzoek kan van de gebiedsgerichte quickscan gebruik gemaakt worden om bijvoorbeeld de clustergrootte en onderzoeksinspanning te bepalen. Omdat deze gebiedsgerichte quickscan op grote schaal wordt uitgevoerd, kan niet elk gebouw worden bekeken in een veldbezoek om de exacte potentie per gebouw te bepalen, zoals dit bij een reguliere quickscan wel gebeurd. De volgende aannames worden gedaan tijdens de potentiebepaling: • •

• •

In een gebiedsgerichte quickscan kan geen volledige uitsluiting van soorten worden gedaan, omdat de natuur zich niet laat leiden en niet elk gebouw onderzocht kan worden. Er wordt daarom gekeken naar hoge of lage potentie. Bij gebouwen met dakpannen kunnen nesten van huismussen en gierzwaluwen, evenals verblijfplaatsen van vleermuizen, niet worden uitgesloten zonder een nadere inspectie. Dit komt doordat huismus- en gierzwaluwnesten vaak worden aangetroffen in gebouwen met dakpannen, die tevens kieren bevatten waar vleermuizen zich kunnen verschuilen. Daarom wordt in deze quickscan aangenomen dat gebouwen met dakpannen altijd potentie hebben voor huismus- en gierzwaluwnesten en voor verblijfplaatsen van vleermuizen. Gebouwen met openingen, zoals stootvoegen en boeiborden, bieden geschikte verblijfplaatsen voor vleermuizen en in sommige gevallen (indien de openingen groot genoeg zijn) ook huismussen gier-, huis- en boerenzwaluw. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen grote en kleine openingen voor vleermuizen. Dit is omdat het maken van een dergelijk onderscheid op grote schaal niet realistisch is.

De eerste stap in de potentiebepaling is om de potentie in te schatten op basis van het bouwjaar van de woningen en de aanwezigheid van dakpannen daken. Bebouwing vóór 1920 heeft in principe geen spouwmuur, voor woningen tussen 1920 en 1975 is de kans 90% dat een spouwmuur aanwezig is en bebouwing na 1975 hebben altijd een spouwmuur (BAG GeoPackage, 2024). Deze gebouwen worden aangemerkt als geschikt voor vleermuizen. Op basis van de platte daken in Nederland kaart is bepaald of daken een dakpannen dak hebben (Platte daken in Nederland (BAG), 2024). Gebouwen met een schuin dak hebben over het algemeen een dakpannen dak en gebouwen met een plat dak zijn geclassificeerd als dak zonder dakpannen. De gebouwen met een dakpannen dak worden aangemerkt als geschikt voor huismus, gierzwaluw, spreeuw en vleermuizen. Gebouwen met voldoende ruimte langs de gevel zijn aangemerkt als geschikt voor huiszwaluw. Indien er geen/onvoldoende data beschikbaar is voor locaties, kan de potentie niet met zekerheid worden bepaald. In dat geval is de locatie gemarkeerd als onbekend en wordt deze bezocht en bekeken tijdens het veldbezoek. 46

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

Het bepalen van de potentie middels literatuuronderzoek leidt tot een concept-potentiebepaling. Na het veldbezoek wordt deze potentie, indien noodzakelijk, aangepast en wordt de definitieve potentiebepaling gemaakt. Aansluitend op het literatuuronderzoek heeft een deskundige ecoloog van RSK een oriënterend veldbezoek uitgevoerd. Tijdens het veldonderzoek wordt een controle uitgevoerd van de vooraf bepaalde potenties, de clustergrootte van de wijken en wordt de juistheid van de inschatting van vergelijkbare bebouwingsstructuren in deze wijken gecontroleerd. Er wordt door het gehele plangebied gefietst, ter controle van de doorfietsbaarheid, foto’s gemaakt van de bebouwing en gekeken naar de groen,- en blauwstructuren. Ook worden de locaties met een onbekende potentie bezocht en bepaald wat de potentie is met betrekking tot gebouwbewonende soorten. Indien de potentie onbekend blijft, doordat de locatie onbereikbaar is, wordt het gebouw aangemerkt als geschikt. Werkwijze bepalen deelgebieden De deelgebieden zijn opgesteld op basis van een aantal randvoorwaarden: • Fietsafstand en -snelheid (doorgaans 7,5 km/uur tot 10 km/uur); • Het deelgebied is volledig te onderzoeken in één uur; • In het grootschalige gebieden protocol zijn per onderzoeksperiode verschillende eisen opgenomen.

Deze eisen dienen te worden nageleefd; • De deelgebieden staan nog open voor verandering door het wegvallen en/of toevoegen van onderdelen (bv bedrijventerreinen en agrarische gebieden). Disclaimer Dit rapport maakt gebruik van verspreidingsgegevens uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) als een hulpmiddel voor de beoordeling van mogelijke aanwezigheid van flora en fauna binnen het plangebied. Het is belangrijk op te merken dat deze gegevens als aanvullend instrument worden gebruikt en niet als de enige bepalende factor bij de inschatting van het voorkomen van beschermde soorten. De beoordeling is primair gebaseerd op onderzoek naar biotopen en habitats, waarbij wordt gekeken naar geschikte leefomstandigheden voor beschermde soorten. Verspreidingsgegevens dienen ter ondersteuning en context, maar de uiteindelijke conclusies zijn gebaseerd op een bredere evaluatie van het ecosysteem binnen het plangebied.

47

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

Bijlage 3

Lijst beschermde flora- en fauna omgeving plangebied

De resultaten uit de NDFF, opgehaald op 21 november 2024 voor gemeente Ridderkerk, provincie Zuid-Holland. Soortnaam

Groep

Beschermingsregime

Afstand

Alpenwatersalamander

Amfibieën

AS

1 - 5 km

Heikikker

Amfibieën

HRL-IV

1 - 5 km

Kamsalamander

Amfibieën

HRL-II, HRL-IV

Binnen gemeentegrenzen

Rugstreeppad

Amfibieën

HRL-IV

1 - 5 km

Vroedmeesterpad

Amfibieën

HRL-IV

1 - 5 km

Vuursalamander

Amfibieën

AS

1 - 5 km

Grote vos

Insecten

AS

Binnen gemeentegrenzen

Grote weerschijnvlinder

Insecten

AS

Binnen gemeentegrenzen

Iepenpage

Insecten

AS

1 - 5 km

Beekrombout

Insecten

AS

1 - 5 km

Gevlekte witsnuitlibel

Insecten

HRL-II, HRL-IV

Binnen gemeentegrenzen

Groene glazenmaker

Insecten

HRL-IV

1 - 5 km

Rivierrombout

Insecten

HRL-IV

Binnen gemeentegrenzen

Sierlijke witsnuitlibel

Insecten

HRL-IV

Binnen gemeentegrenzen

Teunisbloempijlstaart

Insecten

HRL-IV

1 - 5 km

Muurhagedis

Reptielen

HRL-IV

1 - 5 km

Ringslang

Reptielen

AS

1 - 5 km

Blaasvaren

Vaatplanten

AS

1 - 5 km

Dreps

Vaatplanten

AS

1 - 5 km

Glad biggenkruid

Vaatplanten

AS

1 - 5 km

Kartuizer anjer

Vaatplanten

AS

1 - 5 km

Kleine wolfsmelk

Vaatplanten

AS

1 - 5 km

Kluwenklokje

Vaatplanten

AS

1 - 5 km

Knolspirea

Vaatplanten

AS

Binnen gemeentegrenzen

Kruiptijm

Vaatplanten

AS

1 - 5 km

Muurbloem

Vaatplanten

AS

1 - 5 km

Schubvaren

Vaatplanten

AS

1 - 5 km

Stijve wolfsmelk

Vaatplanten

AS

1 - 5 km

Tengere veldmuur

Vaatplanten

AS

1 - 5 km

Wilde ridderspoor

Vaatplanten

AS

1 - 5 km

Wolfskers

Vaatplanten

AS

1 - 5 km

Grote modderkruiper

Vissen

HRL-II, AS

Binnen gemeentegrenzen

Steenuil

Vogels

VRL-1

Binnen gemeentegrenzen

Gierzwaluw

Vogels

VRL-2

Binnen gemeentegrenzen

Huismus

Vogels

VRL-2

Binnen gemeentegrenzen

Roek

Vogels

VRL-2

Binnen gemeentegrenzen

Grote gele kwikstaart

Vogels

VRL-3

Binnen gemeentegrenzen

Kerkuil

Vogels

VRL-3

Binnen gemeentegrenzen

Ooievaar

Vogels

VRL-3

Binnen gemeentegrenzen

Slechtvalk

Vogels

VRL-3

Binnen gemeentegrenzen

Boomvalk

Vogels

VRL-4

Binnen gemeentegrenzen

Buizerd

Vogels

VRL-4

Binnen gemeentegrenzen

Havik

Vogels

VRL-4

Binnen gemeentegrenzen

Ransuil

Vogels

VRL-4

Binnen gemeentegrenzen

Sperwer

Vogels

VRL-4

Binnen gemeentegrenzen

Wespendief

Vogels

VRL-4

Binnen gemeentegrenzen

Zwarte wouw

Vogels

VRL-4

Binnen gemeentegrenzen

Blauwe reiger

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Boerenzwaluw

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Bonte vliegenvanger

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

48

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

Soortnaam

Groep

Beschermingsregime

Afstand

Boomklever

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Boomkruiper

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Bosuil

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Brilduiker

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Draaihals

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Eidereend

Vogels

VRL-5

1 - 5 km

Ekster

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Gekraagde roodstaart

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Glanskop

Vogels

VRL-5

1 - 5 km

Grauwe vliegenvanger

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Groene specht

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Grote bonte specht

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Hop

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Huiszwaluw

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

IJsvogel

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Kleine bonte specht

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Koolmees

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Oeverzwaluw

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Pimpelmees

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Raaf

Vogels

VRL-5

1 - 5 km

Spreeuw

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Tapuit

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Torenvalk

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Zeearend

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Zwarte kraai

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Zwarte mees

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Zwarte roodstaart

Vogels

VRL-5

Binnen gemeentegrenzen

Platte schijfhoren

Weekdieren

HRL-II, HRL-IV

Binnen gemeentegrenzen

Bever

Zoogdieren

HRL-II, HRL-IV

Binnen gemeentegrenzen

Boommarter

Zoogdieren

HRL-II, HRL-V, AS

Binnen gemeentegrenzen

Damhert

Zoogdieren

AS

1 - 5 km

Eekhoorn

Zoogdieren

AS

1 - 5 km

Noordse woelmuis

Zoogdieren

HRL-II, HRL-IV

1 - 5 km

Otter

Zoogdieren

HRL-II, HRL-IV

1 - 5 km

Steenmarter

Zoogdieren

AS

Binnen gemeentegrenzen

Waterspitsmuis

Zoogdieren

AS

1 - 5 km

Gewone dwergvleermuis

Vleermuizen

HRL-IV

Binnen gemeentegrenzen

Gewone grootoorvleermuis

Vleermuizen

HRL-IV

1 - 5 km

Gewone/Grijze grootoorvleermuis

Vleermuizen

HRL-IV

1 - 5 km

Gewone/Kleine dwergvleermuis

Vleermuizen

HRL-IV

1 - 5 km

Gewone/Kleine/Ruige dwergvleermuis

Vleermuizen

HRL-IV

Binnen gemeentegrenzen

Gewone/Ruige dwergvleermuis

Vleermuizen

HRL-IV

1 - 5 km

Laatvlieger

Vleermuizen

HRL-IV

Binnen gemeentegrenzen

Meervleermuis

Vleermuizen

HRL-II, HRL-IV

Binnen gemeentegrenzen

Rosse vleermuis

Vleermuizen

HRL-IV

Binnen gemeentegrenzen

Ruige dwergvleermuis

Vleermuizen

HRL-IV

Binnen gemeentegrenzen

Tweekleurige vleermuis

Vleermuizen

HRL-IV

1 - 5 km

Watervleermuis

Vleermuizen

HRL-IV

1 - 5 km

Gewone zeehond

Zeezoogdieren

HRL-II, HRL-V, AS

Binnen gemeentegrenzen

Grijze zeehond

Zeezoogdieren

HRL-II, HRL-V, AS

Binnen gemeentegrenzen

Afkortingen: HRL = Habitatrichtlijn, VRL = Vogelrichtlijn; cat. 1-5 = categorie bescherming, en AS = andere soorten

49

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

Bijlage 4

Provinciaal beleid Zuid-Holland

Provinciale vrijstelling overige soorten De vrijstelling geldt voor de hieronder genoemde soorten, op voorwaarde dat het gaat om handelingen die worden verricht in het kader van: 1. De uitvoering van werkzaamheden in het kader van ruimtelijke ontwikkeling en inrichting; 2. De uitvoering van werkzaamheden in het kader van bestendig beheer of onderhoud aan vaarwegen, watergangen, waterkeringen, waterstaatswerken, oevers, vliegvelden, wegen, spoorwegen of bermen, of in het kader van natuurbeheer; 3. De uitvoering van werkzaamheden in het kader van bestendig beheer of onderhoud in de landbouw of bosbouw; 4. Bestendig gebruik. Soortnaam Aardmuis Bastaardkikkerk Bosmuis Bruine kikker Bunzing Dwergmuis Dwergspitsmuis Egel Gewone bosspitsmuis Gewone pad Haas Hermelijn Huisspitsmuis Kleine watersalamander Konijn Meerkikker Ondergrondse woelmuis Ree Rosse woelmuis Veldmuis Vos Wezel Woelrat

Soortgroep Zoogdieren Amfibieën Zoogdieren Amfibieën Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Amfibieën Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Amfibieën Zoogdieren Amfibieën Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren

Periode Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond Jaarrond

Jaarrond beschermde vogelnesten Op de volgende categorieën geldt onder de Omgevingswet een verbod op schadelijke handelingen gedurende het gehele jaar in de provincie Zuid-Holland: 1. Nesten die, behalve gedurende het broedseizoen als nest, buiten het broedseizoen in gebruik zijn als vaste rust- en verblijfplaats (voorbeeld: steenuil). 2. Nesten van koloniebroeders die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing of biotoop. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar (voorbeeld: roek, gierzwaluw en huismus). 3. Nesten van vogels, zijnde geen koloniebroeders, die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar (voorbeeld: ooievaar, kerkuil en slechtvalk). 4. Vogels die jaar in jaar uit gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn een nest te bouwen (voorbeeld: boomvalk, buizerd en ransuil). 5. Nesten van vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen.

Deze zijn buiten het broedseizoen niet beschermd. Categorie 5-soorten zijn wel jaarrond beschermd als zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden dat rechtvaardigen.

50

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

Vogelsoort

Bescherming

Vogelsoort

Bescherming

Steenuil

Categorie 1

Ekster

Categorie 5

Gierzwaluw

Categorie 2

Gekraagde roodstaart

Categorie 5

Huismus

Categorie 2

Glanskop

Categorie 5

Roek

Categorie 2

Grauwe vliegenvanger

Categorie 5

Grote gele kwikstaart

Categorie 3

Groene specht

Categorie 5

Kerkuil

Categorie 3

Grote bonte specht

Categorie 5

Oehoe

Categorie 3

Hop

Categorie 5

Ooievaar

Categorie 3

Huiszwaluw

Categorie 5

Slechtvalk

Categorie 3

IJsvogel

Categorie 5

Boomvalk

Categorie 4

Kleine bonte specht

Categorie 5

Buizerd

Categorie 4

Kleine vliegenvanger

Categorie 5

Havik

Categorie 4

Koolmees

Categorie 5

Ransuil

Categorie 4

Kortsnavelboomkruiper

Categorie 5

Sperwer

Categorie 4

Oeverzwaluw

Categorie 5

Wespendief

Categorie 4

Pimpelmees

Categorie 5

Zwarte wouw

Categorie 4

Raaf

Categorie 5

Blauwe reiger

Categorie 5

Ruigpootuil

Categorie 5

Boerenzwaluw

Categorie 5

Spreeuw

Categorie 5

Bonte vliegenvanger

Categorie 5

Tapuit

Categorie 5

Boomklever

Categorie 5

Torenvalk

Categorie 5

Boomkruiper

Categorie 5

Zeearend

Categorie 5

Bosuil

Categorie 5

Zwarte kraai

Categorie 5

Brilduiker

Categorie 5

Zwarte mees

Categorie 5

Draaihals

Categorie 5

Zwarte roodstaart

Categorie 5

Eidereend

Categorie 5

Zwarte specht

Categorie 5

51

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

Bijlage 5

Potentie binnen het SMP-gebied

Bijlage-figuur 1 – Potentie jaarrond beschermde broedvogels (GZ = gierzwaluw; HM = huismus; SP = spreeuw; BZ = boerenzwaluw; HZ = huiszwaluw).

Bijlage-figuur 2 – Potentie vleermuizen (speciale functies bebouwing MW = massawinterverblijfplaats; TK = paarverblijfplaats tweekleurige vleermuis).

52

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

Bijlage-figuur 3 – Potentie marterachtigen (boommarter en steenmarter).

53

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

Bijlage 6

Energielabels binnen de gemeente Ridderkerk

54

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

55

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

56

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

57

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

58

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

59

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

60

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

61

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

62

Rapportnummer: 4510653.001(00) Projectlocatie: Gemeente Ridderkerk

63

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/1289/documents/43017