CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

Cultuurhistorisch onderzoek Loods Y6 Smit Slikkerveer.pdf

Commissie Samen leven en Samen wonen RK 9 maart 2023, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 14: Ter kennisneming: raadsinformatiebrieven13.336 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Loods Y6 van Smit Slikkerveer

Cultuurhistorisch onderzoek 11 oktober 2022

Cathelijne van Andel

Inhoud

Ligging van Loods Y6 aan de Ringdijk en de rivier de Noord. De loods is tijdelijk bereikbaar via een grote zandvlakte vanaf de Ringdijk. Dit jaar zal hier een groot distributiecentrum worden gebouwd. [Googlemaps, 2021]

Inleiding

03

A. Ontwikkelingsgeschiedenis

05

B. Loods Y6 van Smit Slikkerveer

17

C. Cultuurhistorische waardering

24

D. Kansen voor de toekomst

26

Noten

30

Bronnen

32

Nieuwe Maas

Ri

ng

De Lek

Fabrieksterrein Smit Slikkerveer aan de Nieuwe Maas (voor 1939)

di

jk

Uitbreiding fabrieksterrein Smit Slikkerveer aan de Noord (na 1939) Loods Y6

Ve

er

we

g

Noord Kinderdijk UNESCO Werelderfgoed

2

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

Inleiding In het noorden van Ridderkerk ligt aan rivier de Noord het voormalige bedrijfsterrein van Smit Slikkerveer en Generatorenfabriek Brush HMA. Het terrein ligt op een steenworp afstand van UNESCO Werelderfgoed de Kinderdijk dat met de veerpont of via de brug over de Noord bij HendrikIdo-Ambacht bereikbaar is. Loods Y6 ligt gelegen op Ringdijk 390B (voorheen Veerweg of Reijerwaarsche dijk), aan de zuidelijke oever van de rivier de Noord. Op het terrein van Smit Slikkerveer werden tussen 1939 en 2001 vrijwel dertig loodsen/ bedrijfsgebouwen gebouwd. Loods Y6 is de énige loods uit de jaren vijftig die nog op het terrein te vinden is. Tussen de weg en de loods zal dit jaar een groot distributiecentrum worden gebouwd door Panattoni Nederland. Het is nog onduidelijk via welke weg de loods bereikbaar zal zijn. Op dit moment is de loods niet publiek toegankelijk of bereikbaar. In 2021 deed Stichting Dorp, Stad en Land in opdracht van Gemeente Ridderkerk onderzoek naar het terrein aan de Ringdijk. In Het oudste electrotechnisch bedrijf van Nederland: Smit Slikkerveer : sloopopname en inspiratiedocument ringdijk 390B (2021). In deze rapportage zoomen we verder in op de enige overgebleven restant uit het naoorlogs ensemble van Smit Slikkerveer en presenteren we, in opdracht van de gemeente Ridderkerk, de cultuurhistorische waarden van Loods Y6.

Aanleiding zijn de plannen voor de uitwerking van de gebiedsvisie Rivieroevers en de vraag in welke vorm Loods Y6 onderdeel kan uitmaken van een recreatief wandelpad aan de rivier.

Leeswijzer Het onderzoek start met een overzicht van de geschiedenis van Smit Slikkerveer en de bouw- en gebruiksgeschiedenis van Loods Y6. Vervolgens is op basis van een ruimtelijke analyse de huidige situatie en belangrijkste karakteristieken van de loods in beeld gebracht. Het rapport sluit af met een overzicht van de waarden en de kansen voor de toekomst als input voor de uitwerking van de gebiedsvisie Rivieroevers. Voor het onderzoek is op 20 juli een locatiebezoek gedaan en zijn o.a. de archieven in het Stadsarchief Rotterdam geraadpleegd. Tijdens het bezoek zijn in de loods zelf niet gearchiveerde stukken gevonden van Smit Slikkerveer. Deze zijn tevens gebruikt voor het opstellen van dit onderzoek. Tenzij anders vermeld, zijn de foto’s in deze verkenning gemaakt door de auteurs tijdens het locatiebezoek. Johanna van Doorn en Cathelijne van Andel oktober 2022

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

3

Familielijn van de Smits

Affiche met de zomerdienstregeling van de watertochtjes van rederij Fop Smit, 1907. [Regionaal Archief Dordrecht] Bouw van N.V. Klinknagelfabriek Joh.’s Smit in Slikkerveer, 1939. [Regionaal Archief Dordrecht]

Jacus Luydersen Smit (ca. 1620-1695)

Woonachtig: Alblasserdam Beroep: smid Trouwde met Martijntge Jans (1620-1645) en Annigjen Snoeck (1628-1662). In zijn tweede huwelijk kreeg hij zeven kinderen, waaronder Jan Smit (1662-1740).

Jan Smit (1662-1740)

Woonachtig: Alblasserdam Beroep: scheepstimmerman Trouwde met Annigjen Boom (1666-1688), Liedewij Mak (1652-1693) en Jannigje (16701740). In zijn tweede huwelijk kreeg hij 3 kinderen en in zijn derde huwelijk negen kinderen, waaronder Fop Smit (1705-1791).

Fop Smit (1705-1791)

Woonachtig: Alblasserdam Beroep: scheepstimmerman Trouwde met Ariaantje de Groot (1713-1789). Samen kregen ze 9 kinderen, waaronder Jan Smit (1742-1807).

Jan Smit (1742-1807)

Woonachtig: Alblasserdam Beroep: scheepstimmerman Trouwde met Marrigje Ceelen (1747-1820). Samen kregen ze 7 kinderen, waaronder Fop Smit (1777-1866).

Fop Smit (1777-1866)

Woonachtig: Alblasserdam, Nieuw-Lekkerland Beroep: scheepsbouwmeester, reder Trouwde met Jannigje Mak (1775-1852). Samen kregen ze 8 kinderen, waaronder Jan Smit (1811-1875).

Jan Smit (1811-1875)

Woonachtig: Nieuw-Lekkerland, Kralingen Beroep: scheepsbouwmeester Trouwde met Johanna Pot (1814-1889). Samen kregen ze 13 kinderen, waaronder Johannes Smit (1839-1921)

Johannes Smit (1839-1921)

Woonachtig: Loosduinen, Ridderkerk Beroep: scheepstimmerman, fabrikant met eigen Breeuwwerkfabriek en klinknagelfabriek. Trouwde met Adriana Gerardina Diepeveen (1838-1912). Samen kregen ze 7 kinderen, waaronder Willem Benjamin Smit (1860-1950).

Willem Benjamin Smit (18601950)

Woonachtig: Slikkerveer, Ridderkerk Beroep: Fabrikant met eigen elektrotechnische fabriek. Trouwde met Kornelia Geertruida Smit (1872-1970). Samen kregen ze 4 kinderen: Adriana Gerardina Smit (1894-1951), Emma Smit (1896-1977), Henriette Smit (1902-1932) en Frank Smit (1906-1973).

4

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

A.Ontwikkelingsgeschiedenis De familie Smit De familielijn van de Smit is terug te leiden naar de smid Jacus Luydersen Smit (ca. 1620-1695) en Annigjen Snoeck (16281662) uit Alblasserdam.1 In verschillende literatuur wordt vermeld dat de familie Smit afkomstig was uit Duitsland.2 Willem Benjamin Smit, oprichter van de elektrotechnische fabriek in Slikkerveer, is tot zover bekend de zevende generatie Smit. Het ging om een grote familie. Elke zoon of dochter kreeg tussen de 5 en 13 kinderen. Zonen werden doorgaans Jan, Fop of Cornelis genoemd en dochters Neeltje, Marrigje, Johanna of Geertje. Verschillende generaties Smit waren woonen werkachtig in Alblasserdam, Nieuw-Lekkerland, Slikkerveer en Ridderkerk. De regio tussen de grote steden Rotterdam en Dordrecht stond van oudsher in het teken van de handel over het water. Rondom de rivieren de Noord, Lek en Nieuwe Maas werd druk gehandeld en verrezen grote industrieën. Vele generaties Smit waren werkzaam als scheeptimmerman of scheepsbouwer. Verschillende scheepswerven, rederijen en fabrieken van de familie zijn vandaag de dag nog op een of andere manier in bedrijf. In het bijzonder zijn de werkzaamheden van Fop Smit (1777-1866), Arie Smit (18451935), Johannes Smit (1839-1921) en Willem Benjamin Smit (1860-1950) bekend geworden door hun invloed op de economie in de regio.

Het sleep- en bergingsterrein en de stoombootrederij van Fop Smit Vanaf de tweede helft van de achttiende eeuw speelde de familie Smit een prominente rol in de industrie van Slikkerveer en omstreken. Fop Smit (1777-1866) was reder en scheepsbouwer en oprichter van het sleep- en bergingsbedrijf L. Smit & Co. In 1820 kocht hij een groot terrein aan de Reijerwaarsche dijk (tegenwoordig Ringdijk) in Slikkerveer en bouwde hier een scheepswerf.3 Het ging om een terrein aan de Nieuwe Maas (Ringdijk 404/Drierivierenlaan). Aan de overkant van het water,

aan de Kinderdijk, stonden ook scheepswerven van andere leden van de familie Smit. De scheepswerf werd beheerd door zijn zoon Jan Smit (18111877). Het eerste schip dat op de werf werd vervaardigd was de ‘Oost-Indiëvaarder’. Op de scheepswerf van de familie Smit werden destijds de grootste schepen van Nederland gemaakt, waaronder het klipperfregatschap ‘Liberaal’ van 2600 ton in 1872. In 1842 fuseerde het bedrijf met de Internationale Sleepdienst tot ‘Smit Internationale’. De bedrijven van Fop Smit zouden uitgroeien tot Royal IHC en SBM Offshore.

van de Tweede Kamer en van 1905-1912 gemeenteraadslid in Den Haag. Arie Smit werd tot ridder benoemd in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Als bestuurder was hij verantwoordelijk voor verschillende bouwprojecten in Zeeland, waaronder een badplaats en arbeiderswoningen.

Het terrein in Slikkerveer: de Breeuwwerkfabriek en Klinknagel- en schroefboutenfabriek

Fop Smit richtte ook de stoombootrederij Fop Smit & Co op. De rederij was zeer populair bij toeristen die vanuit Rotterdam en Dordrecht bezochten.4 Tegenwoordig wordt Fop Smit herinnerd via het Cornelis Fop Smit Fonds (onderdeel van het Prins Bernhard Cultuurfonds) dat monumenten in Zuid-Holland en Zeeland én varende monumenten restaureert.5

Op het werfterrein in Slikkerveer dat Fop Smit in 1820 kocht aan de Nieuwe Maas, werd in 1869 door Jan Smit (1839-1921) een Breeuwwerkfabriek gebouwd. Breeuwen is de techniek waarbij kieren tussen planken van het bovendek van schepen worden dichtgemaakt met behulp van pek of teer.8 In de fabriek werd machinaal breeuwwerk vervaardigd. Later werd de Breeuwfabriek door Johannes Smit (1839-1921) omgebouwd tot de Klinknagel- en schroefboutenfabriek. Ook deze fabriek stond in het teken van de scheepsbouw. Een klinknagel is een metalen pen die is voorzien van een verdikt uiteinde; de zetkop.

Scheepsbouwmeester Arie Smit in Zeeland

Willem Benjamin Smit (1860-1950)

Aan het einde van de negentiende eeuw werd het gebruik van staal in de scheepsbouw steeds populairder. Ook familie Smit besloot om met staal te gaan bouwen, maar Slikkerveer had niet genoeg ruimte en het water was te ondiep. In het jubileumboek van Smit Slikkerveer werd beschreven hoe Arie Smit (18451935) het familiebedrijf uitbreidde naar Zeeland. Arie Smit, was de kleinzoon van Fop Smit en speelde een belangrijke rol in de economie en politiek van Zeeland. In 1875 richtte hij de scheepswerf en machinefabriek de Koninklijke Maatschappij De Schelde op.6 Aanvankelijk had het bedrijf zeventien medewerkers, maar door de jaren heen groeide het bedrijf uit tot een werf waar de Zeeuwse economie op rustte.7

Op 9 november 1860 werd Willem Benjamin Johzn. Smit geboren in Slikkerveer, zoon van de protestantse Johannes Smit en zijn vrouw Adriana Geerardina Diepeveen (18381912).9 Willem Smit woonde aan de Reijerwaarsche dijk (later Ringdijk) en ging tot zijn dertiende naar de lagere school in het naastgelegen dorp Bolnes.10 Zijn vervolgopleiding deed hij bij de heer Gorter aan de Glashaven in Rotterdam, maar maakte hij niet af. In 1877 verliet Smit de school en werkte hij kort voor de Sloepenbouwer Bothof.11

In Zeeland vervulde Arie Smit ook bestuurlijke functies. Van 1870-1888 was hij de burgemeester van Vlissingen, van 18821888 lid van de Provinciale Staten van Zeeland, 1886-1897 lid

Willem Smit trouwde op 27 april 1893 met Cornelia Geertruida Smit (1872-1970) in Krimpen aan de Lek. Samen kregen ze drie dochters en een zoon: Adriana Gerardina (1894-1951), Emma (1896-1977), Henriëtte (1902-1932) en Frank Smit (19061973). In 1900 werd Smit benoemd tot ridder in de Orde van Oranje Nassau. In 1914 trok Smit zich terug uit de directie Loods Y6 - Smit Slikkerveer

5

Tenzij anders vermeld zijn de beelden op deze pagina zijn afkomstig uit www.willemsmithistorie.nl.

De werkplaats van Willem Smit in de Klinknagelfabriek van zijn vader.

Poster uit 1898 met daarop de eerste fabrieksgebouwen van De Electrisch-Licht-Machinen Fabriek Willem Smit & Co. Rechts is gebouw A.

Willem Smit en Adriaan Pot in de eerste gemeentelijke elektriciteitscentrale in Nijmegen, 1886.[https:// nl.pinterest.com/pin/596023331909276963/]

Het oude fabrieksterrein van Smit Slikkerveer nabij Ringdijk 404, 1950. [Stichting Oud Ridderkerk, foto nr. 1014.100.066] 6

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

Een compressor en booglamp door Smit Slikkerveer, 1886.

van zijn bedrijf omdat zijn gezondheid achteruit ging. Als commissaris en adviseur bleef hij betrokken tot 1947. Adriaan Pot nam de leiding in Slikkerveer over. Willem Smit besteedde zijn tijd aan het schilderen. Vanaf 1914 volgde Smit lessen bij de Rotterdamse schilder George Plesser en sloot hij zich later aan bij de kunstenaarsgroep de ‘Ridderkerkse Kring’. Daarnaast hield Willem Smit zich bezig met muziek en componeerde hij zijn eigen stukken. Ter gelegenheid voor de Edison Lichtweek (1929) schreef Willem Smit ‘De Edisonmarsch’ en voor de viering van het 50-jaar electrisch licht in het Hotel Coomans componeerde hij ‘De Electromarsch’ in 1934.12 Op 20 augustus 1950 overleed Willem Smit in Slikkerveer.13

Op 1 november 1882 werd de ‘Electrisch-Licht-Machinen Fabriek Willem Smit & Co’ (later: N.V. Electrotechnische Industrie) opgericht door Willem Smit en Adriaan Pot. Adriaan Pot (1857-1932) was een goede vriend uit Slikkerveer die naar Greenwich in Engeland was gegaan voor de opleiding tot scheepsbouwkundig ingenieur.17 Adriaan Pot trouwde later met Willems zus Wendelina Smit. Met familiekapitaal werd geïnvesteerd in een fabriek voor de nieuwe onderneming. De grootste lening kreeg Smit van Fop Smit, een bedrag van 30.000 gulden.18 De vennootschap had als doel: ‘het fabriceren van materieel voor electrische verlichting en het exploiteren van electrischlicht toestellen en verwante artikelen’.19

De Electrisch-Licht-Machinen Fabriek Willem Smit & Co

Op het terrein aan de Nieuwe Maas verrees in 1883 een modern fabrieks- en kantoorgebouw (gebouw A) voor de nieuwe fabriek. De fabriek stond tegenover de Klinknagelfabriek van Willems vader en aan een haven die later werd gedempt.20 Op de begane grond was de productieafdeling en op de eerste verdieping een modelmakerij. In het begin van de jaren dertig werd het terrein volgebouwd met fabrieksgebouwen, die elk werden vernoemd naar een letter van het alfabet. Zo werden onder andere een montage-afdeling, schaftlokaal, kopergieterij en een gebouw voor draaistroomturbogeneratoren gebouwd.21

Willem Smit ging in 1878, op achttienjarige leeftijd, aan de slag in de Klinknagelfabriek van zijn vader Johannes. In de fabriek raakte Smit geïnspireerd door de bedrijfsstoommachinist Piet Kooiman, die experimenteerde met elektriciteit. In deze periode bestonden er geen opleidingen in elektrotechniek, dus moest Smit zijn kennis halen uit buitenlandse boeken en tijdschriften.14 In 1879, toen Smit negentien jaar oud was, ontwikkelde hij zijn eerste dynamo waarmee hij een booglamp deed branden.15 De booglamp is een lamp waarin een elektrische stroom een hete boog van licht veroorzaakt. Van zijn vader kreeg hij de opdracht om de Klinknagelfabriek te voorzien van elektrische verlichting.16 Het gebruik van de dynamo en booglamp werd het nieuwe normaal in Nederland. Zeker in fabrieken kon door elektrische verlichting efficiënter worden gewerkt dan met het licht van kaarsen en olielampen. Willems eerste opdrachten waren het leveren van dynamo’s en booglampen voor familiebedrijven zoals de Ketelmakerij van zijn oom in Diepeveen en de scheepswerven van J .& K. Smit en L. Smit & Zoon in Kinderdijk.

Over de bouwplannen en de architect van de fabrieksgebouwen is weinig bekend. De enige vermelding van een architect komt uit 26 april 1898 toen in Rotterdamsch Nieuwsblad een aanbesteding werd beschreven door ingenieur-architect J.S.C. van de Wall (1844 – 1924) voor ‘het maken van een machinegebouw en ketelhuis met schoorsteen op de gereed zijnde houten fundeering tot uitbreiding van der fabriek te Slikkerveer’.22 Het is onbekend of architect Van de Wall ook de ontwerpen voor de andere gebouwen heeft gemaakt. Van de Wall ontwierp in Rotterdam drie andere gebouwen in eclectische stijl: het Poortgebouw (1879), het pakhuis De Vijf Werelddelen (1872) en een administratiekantoor/douanekantoor aan de Stieltjesstraat (1879).

De architectuur van de eerste fabrieksgebouwen was kenmerkend voor de eind negentiende-eeuwse utilitaire bouw.23 De gebouwen waren veelal opgetrokken in baksteen met getoogde vensters. De gebouwen werden opgetrokken in een staalconstructie bestaande uit stalen spanten en vakwerkliggers. Het dak werd gedragen en uitgevoerd met een extra zware vloer om het gewicht van de machines te kunnen dragen. De gevels waren van metselwerk. De combinatie van een staalskelet en metselwerk zorgde ervoor dat er grote overspanning mogelijk was zonder tussenmuren. Op enige hoogte werden grote ijzeren strookvensters toegepast en ook in het dak zaten lichtstraten. Verder waren grote deuren nodig om de machines naar binnen en buiten te transporteren. De eerste loodsen waren van metselwerk met kleine ramen, waar elektrische verlichting hard nodig was om te werken. De latere loodsen hadden door grote ramen meer lichtinval.

Een pionier in de Nederlandse electrotechniek Tot aan 1900 was De Electrisch-Licht-Machinen Fabriek Willem Smit & Co één van de slechts vier Nederlandse bedrijven die elektrische installaties en verlichting leverde. Willem Smit runde de fabriek zonder samenwerkingen of buitenlandse hulp en kan daarmee worden gezien als een echte pionier op elektrotechnisch gebied in Nederland.24 De fabriek van Willem Smit zette Slikkerveer op de kaart als industrieplaats in Nederland.25 Elektrische verlichting was nieuw en werd met veel bewondering ontvangen. De booglampen die de fabriek produceerde gingen als warme broodjes over de toonbank. Op 12 april 1882 introduceerde Smit elektrisch licht in het dorp Ridderkerk tijdens een feest van de sociëteit Sint Joris.26 Een booglamp van 2000 kaarsen verlichtte de zaal. De stroom kwam van Bakker & Co, die op hun beurt weer gebruik maakte van Smits dynamo. Toen de Edison gloeilamp in Nederland werd geïntroduceerd, nam de vraag naar elektrische verlichting nog meer toe. Loods Y6 - Smit Slikkerveer

7

Tenzij anders vermeld zijn de beelden op deze pagina zijn afkomstig uit www.willemsmithistorie.nl.

In 1885 werd een patent verleent voor een dynamo.

De stand van Smit Slikkerveer op de wereldtentoonstelling in Parijs in 1900 met dynamo’s maar ook de eerste (in Nederland) ontworpen transformator.

8

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

Het eerste gebouw Willem Smit & Co’s Electromotorenfabriek Dordt in Dordrecht, 1911.

Het vijftigjarige jubileum van de fabriek. Links staan Willem Smit en zijn vrouw, 1932.

Elektrische centrale in Kinderdijk.

Bezoek van Koningin Juliana op 2 oktober 1970 aan Smit Slikkerveer. [Stichting Oud Ridderkerk, foto nr. 1014.100.029]

Smit maakte reclame door zijn fabriek door op verschillende tentoonstellingen het bedrijf te presenteren. De tentoonstellingsruimte werd dan elektrisch verlicht en het bedrijf stelde moderne apparatuur tentoon aan de bezoekers. In 1880 verlichtte het bedrijf de landbouwtentoonstellingen in Veendam en Bergen op Zoom. In 1883 ontwikkelde Willem Smit een speciale transportabele elektrische installatie die door het land trok.27 In 1890 stond het bedrijf op de wereldtentoonstelling van Parijs. Op deze tentoonstelling stond een speciaal ‘Elektriciteitsgebouw’ dat door stroom werd voorzien door een grote generator van Smit Slikkerveer.28 De fabriek was verantwoordelijk voor de verlichting van grote publieke werken, zoals schouwburgen, gevangenissen en kerken.29 Zo verlichtte de fabriek de R.K. Kerk Boschjes in Rotterdam (1883), installaties voor de cellulaire gevangenissen in Arnhem, Breda en Scheveningen (1885) en het Centraal Station in Amsterdam (1889).30 Bijzonder was de verlichting die de fabriek in 1886 leverde aan de stad Nijmegen. Nijmegen was de eerste Nederlandse stad die elektrische straatverlichting liet aanleggen. Smit leverde een gelijkstroomgenerator, 10 straatlantaarns, booglampen en lantarenpalen. In het ketelhuis van de Gemeentelijke Waterleidingsgebouw kreeg deze installatie een plek. De fabriek leverde ook verlichting aan particulieren en bedrijven.

Met name grote hotels en schepen waren geïnteresseerd in elektrische verlichting. Smit voorzag in 1882 het eerste passagiersschip op Europese rivieren, stoomboot ‘Merwede 1’ van de Stoombootrederij Fop Smit van verlichting.31 In 1886 verlichtte hij ook de ‘SS Rotterdam’ van de Holland-Amerika lijn met 200 Edison gloeilampen van 16-25 kaarsen en een dynamo. Als bedankje voor de verlichting mocht Smit mee op de eerste reis naar Amerika.32 In 1884 verlichtte Smit het Grand Hotel Coomans in Rotterdam. Op 22 september 1885 verkregen Willem Benjamin Smit en Adriaan Pot een

Amerikaans patent op een door hen ontwikkelde “dynamo electric machine”. Op 19 april 1886 werd de N.V. Elektrische Verlichting Kinderdijk geopend met Smit als medeoprichter. Het was de eerste particuliere elektriciteitscentrale van Nederland.33 Willem leverde onder andere de dynamo’s voor de fabriek. De fabriek voorzag plaatselijke fabrieken, maar ook particuliere woonhuizen van elektrische verlichting.34 In de jaren tachtig waren de installaties van Smit Slikkerveer wereldwijd in elektriciteitscentrales te vinden. In 1893 kreeg Smit opdracht van het Ministerie van Koloniën voor de modernisering van de elektrische verlichting van Tandjong Priok in Nederlands Indië. Smit leverde 186 booglampen, 60 gloeilampen en andere elektrische machines. Het was de grootste overzeese opdracht tot dan toe. De haven werd een van de meest moderne havens ter wereld. De machines werden steeds energiebesparender, wat uiteindelijk zorgde voor een afname in de vraag naar generatoren.35 Ook in Nederland was het bedrijf invloedrijk. Smit werkte aan het spoorwegennetwerk van Nederland door dieselelektrische locomotieven en treinstellen te ontwikkelen.36 Daarnaast werden er duizend luchtalarmsirenes voor de gemeente, het rijk en particulieren geproduceerd.37

Een ingenieur zonder opleiding De groeiende technische kennis van het bedrijf ging niet onopgemerkt in het binnen- en buitenland. In 1893 werd Smit benoemd tot erelid van het Koninklijk Instituut voor Ingenieurs.38 Bijzonder was dat Smit het enige lid was van het Koninklijk Instituut voor Ingenieurs die geen ingenieur was en alleen de lagere school had afgerond. Toch was hij een pionier op elektrotechnisch gebied met groot aanzien. Hij bezocht het dynamolokaal van de Technische Universiteit in Delft en schonk demonstratiedynamo’s aan de universiteit. In 1905 werd de

opleiding tot elektrotechnische ingenieur opgericht. In 1903 en 1911 bezochten leden van het Koninklijk Instituut van Ingenieurs de fabriek (KIVI).39 In 1906 werd Smit uitgenodigd om met een afgevaardigde van het KIVI de oprichting van het International Electrotechnical Commission (I.E.C.) in Londen bij te wonen. De I.E.C. was een toonaangevende commissie die ontwikkelde en publiceerde over de algemene internationale normen voor elektrische componenten en apparatuur. Enkele jaren later in 1911, was Smit ook betrokken bij de oprichting van de Nederlandse variant van het I.E.C. het Nederlands Elektrotechnisch Comité (N.E.C).40

De fabrieken in Nijmegen en Dordrecht Vanaf 1908 werden in Slikkerveer transformatoren geproduceerd voor fabrieken en stroomvoorzieningen. Zo leverde de fabriek draaistroomgeneratoren voor de Nederlandse Gist- en Spirutusfabriek in Delft, het WiltonRotterdam, de Calvé fabriek in Delft en voor het Gemeentelijke Energie Bedrijf (GEB) in Gouda, Tilburg en Dordrecht.41 Het fabrieksterrein in Slikkerveer werd al snel te klein voor de grote vraag naar de transformatoren. Op 9 november 1913 werd met een startkapitaal van 500.000 gulden Smit & Co’s Transformatorenfabriek opgericht in Nijmegen.42 Uit diverse afdelingen binnen dit bedrijf ontstonden later nog een aantal zelfstandige ondernemingen waaronder Smit Draad, Smit Ovens, Smit Weld, Smit Gasgeneratoren e.a.43 Smit had ook interesse in het maken van seriematige motoren. Tijdens de wereldtentoonstelling in Parijs in 1900 had hij het technische bureau Hofstede Crul ontmoet waarmee hij in gesprek ging om een bedrijf op te richten. Toen de samenwerking geen succes bleek te zijn, besloot Smit om zelfstandig een fabriek voor motoren op te richten. Op 3 april 1911 werd koninklijke goedkeuring verleend voor de N.V. Loods Y6 - Smit Slikkerveer

9

oorspronkelijke locatie van Smit Slikkerveer aan de Nieuwe Maas met gebouwen A t/m U

Het fabrieksterrein van Smit Slikkerveer lag oorspronkelijk aan de Nieuwe Maas. Na de Tweede Wereldoorlog werd het uitgebreid met loodsen Y aan de Noord. In de jaren zeventig werd het oude fabrieksterrein gesloten en verhuisde het bedrijf naar de nieuwe locatie. [Topotijdreis]

uitbreidingslocatie van Smit Slikkerveer aan de Noord, met ensemble van loodsen Y

1881

1936

1958

1989

2020

Overzicht van het oorspronkelijke en nieuwe terrein van Smit Slikkerveer, toen de loodsen nog niet gesloopt waren in 2021. [Googlemaps]

10

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

Willem Smit & CO Elektromotorenfabriek in Dordrecht (later de Elektromotorenfabriek Dordt, EMF Dordt). Het bedrijf werd met steun van de Rotterdamse bankiersfirma Chabot opgericht als firma en werd later een naamloze vennootschap.44 De eerste twee jaar zette Smit het bedrijf op als directeur, waarna zijn neef Boogaerdt Smit de leiding overnam.45 Op 2 oktober 1918 kwamen de fabrieken in Dordrecht en Slikkerveer los van elkaar te staan.

Invloed op Slikkerveer In 1911 werkten er ongeveer 300 mensen in de fabriek. In deze periode ontstond er een woningtekort. De fabriek schonk geld aan een Coöperatieve bouwvereniging voor de bouw van nieuwe woningen voor het personeel.46 Als grote werkgever verzorgde de fabriek niet alleen banen en huisvesting, ook werden er regelmatig onderwijsavonden georganiseerd voor geïnteresseerden en studenten.47 Het personeel werd gestimuleerd meer te leren over het productieproces. Zo bezocht een delegatie van het personeel in 1930 de wereldtentoonstelling in Antwerpen.48

De wereldoorlogen en het interbellum Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden veel werknemers van de fabrieken opgeroepen als arbeidskracht en ontstond er een personeelstekort. Opdrachten liepen terug en materialen en grondstoffen waren schaars.49 In het Interbellum bloeide het bedrijf weer op en waren er een paar bijzondere projecten voor overheidsinstanties. Er werden zestig draaistroomturbogeneratoren geproduceerd, waarvan de grootste ging naar de GEB in Amsterdam Noord. Ook gingen een aantal generatoren naar Nederlands-Indië.50

vraag naar elektrische machines voor de wederopbouw van het land. Het aantal werknemers steeg van 675 in 1940 naar 1100 in 1955.51

De laatste jaren van zelfstandigheid voor Smit Slikkerveer In 1962 kwam een einde aan de zelfstandigheid van de N.V. Electrotechnische Industrie toen het fuseerde met het elektrotechnische bedrijf Heemaf. Daarna werd in 1963 een samenwerking aangegaan met de elektrische apparatenfabriek Hazemeyer. In hetzelfde jaar werd ook de houdstermaatschappij Holec opgericht, waar verschillende sterkstroombedrijven aan werden verbonden. Met de aansluiting bij deze houdstermaatschappij verdween de naam Smit Slikkerveer en werd het bedrijf ‘Holec Machines and Apparaten’ (HMA) hernoemd. De elektromotorenfabriek uit Nijmegen, sinds 1918 EMF Dordt, trad in 1969 ook toe tot de Holec Groep, maar werd in 1977 definitief gesloten. Het Holec-concern werd in 1989 overgenomen door de Nederlandse investeringsmaatschappij Royal Begemann Group. In 1998 wordt HMA gesplitst in twee bedrijven: HMA Power Systems en Traxis BV (Alstom Transport BV). HMA Power Systems veranderde in 2000 de naam in BRUSH HMA, nadat het werd overgenomen door de het Britse ingenieursbedrijf FKI. De oorspronkelijke Smit Slikkerveer fabriek werd opgenomen in de afdeling voor Turbogeneratoren van BRUSH. In 2008 werd FKI overgenomen door het Britse Melrose Industries plc.

Tien jaar later besloot Brush HMA de werkzaamheden van de generatorenfabriek te verplaatsen naar Tsjechië.52 In 2020 werd de fabriek in Slikkerveer definitief gesloten.

De Tweede Wereldoorlog viel opnieuw zwaar voor de fabriek. Het fabrieksterrein werd volkomen leeggeroofd en het personeel kon niet worden uitbetaald tijdens de hongerwinter. Toch wist de fabriek na de oorlog snel te herstellen door de toenemende Loods Y6 - Smit Slikkerveer

11

Linksboven: het oude fabrieksterrein nabij Ringdijk 404, 1950. [Stichting Oud Ridderkerk, foto nr. 1014.100.233] Linksonder: scheepsbouwwerf dat tussen het oude en nieuwe terrein van Smit Slikkerveer lag. Aan de linkerkant is een lege vlakte te zien waar de uitbreidingen van loodsen Y werden gebouwd. [Stichting Oud Ridderkerk,foto nr. 1014.100.026]

Rechts: Loodsen Y1 en Y3, ca. 1950. De rest van het terrein is nog onbebouwde landbouwgrond. Rechts op de foto is een schaftlokaal te zien aan het water. Later werd op deze locatie loods Y4 gebouwd. [Stichting Oud Ridderkerk, foto nr. 1014.100.027]

dijk

Ring

s

od

lo

2

Y

Y 1/

s

od

lo

Y3

steiger

Noord

schafthuisje (later locatie loods Y4)

12

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

Het fabrieksterrein aan de Ringdijk In het begin van de twintigste eeuw raakte het terrein aan de Nieuwe Maas vol door alle uitbreidingen. De N.V. Electrotechnische Industrie ging opzoek naar nieuwe ruimte in Slikkerveer. In 1939 werd besloten om een stuk grond aan de Veerweg (tegenwoordig Ringdijk 390B) te kopen, slechts een paar honderd meter ten oosten van de fabriek. Het terrein kwam met een strook van 50 meter breed langs de rivier de Noord en werd in erfpacht verkregen.53 De Veerweg was een gunstige locatie omdat het vlakbij de fabriek was en aan het water gelegen lag. Kleine machines werden over de weg vervoerd, maar voor transport van grote machines was het gunstig om dit via het water te doen. Van oudsher was Ridderkerk als belangrijk vlasgebied een gebied waarin het meeste verkeer via het water ging.54 De plannen voor de uitbreiding waren snel gereed, maar door de Tweede Wereldoorlog werd de bouw uitgesteld. Tussen 1945 en 1955 steeg het beschikbare fabrieksoppervlakte van 1700 m2 tot 2100 m2.55 Aangezien de letters van het alfabet bijna allemaal waren toegewezen aan gebouwen op het oude fabrieksterrein, werd voor de uitbreidingen gekozen om elke gebouw Y te noemen met een cijfer. In totaal is er tot Y36 genummerd, maar er lijken sommige cijfers te ontbreken.

Aanleg van het terrein in 1950-1970 De uitbreiding op het nieuwe terrein begon met bouw van loodsen Y1/Y2, Y3, Y6 en Y7 in 1950-1953. Op de luchtfoto uit 1950 (afgebeeld op de pagina 12) is te zien hoe enkele moderne loodsen boven de uitgestrekte landbouwkavels uit torenden.56 Kenmerkend voor deze periode was het gebruik van staal en bakstenen. Afhankelijk van het gebruik van het gebouw, werden lichtstraten in daken en gevels aangebracht. De loodsen stonden haaks op de Ringdijk en de rivier de Noord. Vanaf de Ringdijk liep ten oosten van het terrein een weg richting de rivier, ter hoogte van waar later loods Y5/Y9 werd gebouwd. De loodsen

waren zowel via het land als via het water bereikbaar. Via de toegangsweg Ringdijk kon gemotoriseerd vervoer de loodsen bereiken. Schepen konden bij het terrein aanmeren bij een steiger die over het water uitstak. Naast de steiger stond een grote kraan waarmee de goederen op of uit schepen geladen konden worden. Vanaf de steiger liep een weg met een flauwe bocht rechtstreeks loods Y1/Y2 in. Aan het water aan de weg stond een schafthuisje, waar later loods Y4 werd gebouwd. Loods Y1 werd gebruikt als ijzerwerkerij, lasserij en branderij. Loods Y2 werd gebruikt als grote draaierij/plaatwerkeij en machinale bewerking/afkortafdeling en grote banken (1951).57 Beide loodsen zaten in een langwerpig gebouw van ca. 51 meter breed, 150 meter lang en 18 meter hoog. De loods was opgetrokken uit staal en bakstenen en had aan de lange gevels twee lagen met vensterreeksen. Om het gebouw van genoeg daglicht te voorzien werden in het zaagtanddak vier lichtstraten aangebracht. Op de west- en noordgevel stonden grote logo’s van het bedrijf. In de noordgevel zat een grote deur waar het pad vanaf de rivier naar toeliep. Naast het gebouw stond een grote schoorsteen van rood baksteen. Op een later moment werd de fabriek uitgebreid met loodsen Y5/Y9. In Y5 zat de afdeling voor mechanische ponserij en de technische dienst. In Y9 zat de reparatieafdeling, stapelerij en isolatieafdeling.

Naast Loods Y1/Y2 stond loods Y3. Loods Y3 was in gebruik voor de apparatenbouw en had een draaierij en magazijn.58 Het was een gebouw van ca. 31 meter breed, 83 meter lang en 10 meter hoog. Het gebouw was opgetrokken uit staal en bakstenen en had twee centrale lichtstraten in het dak. In de lange zijgevels zaten kleine losse ramen. In de kopse gevel zaten grote deuren, waar goederen door naar binnen en buiten konden worden getransporteerd. Loods Y7 werd gebruikt voor de assemblage van grote machines, overwegend generatoren. Door verschil in de dakhoogte te zien is het waarschijnlijk dat de loods door verloop van tijd was uitgebreid. Het gebouw was in 2022 ca. 27 meter breed, 124 meter lang en 26 meter hoog.

In 1960 werd het terrein voorzien van een kantine, gebouw Y14. Het was een gebouw van één bouwlaag, van ca. 25 meter lang, 25 meter breed en 5 meter hoog. Aan de oostgevel zat een klein bijgebouwtje. Het kantinegebouw was eenvoudig en opgetrokken uit baksteen.

Uitbreiding in de periode 1970-1990 In de jaren zeventig werd het oude fabrieksterrein aan de Nieuwe Maas verlaten en verhuisde het bedrijf alle functies naar het nieuwe terrein aan de Noord.59 Op het terrein werden enkele gebouwen gesloopt om plaats te maken voor nieuwe gebouwen. Kenmerkend voor het terrein was de orthogonale opzet. De fabrieksgebouwen waren langgerekte hoekige gebouwen die meestal haaks op de rivier. Loods Y6 was de enige loods die niet haaks stond op de rivier. Vanaf de drukbevaren rivier, was loods Y6 het best zichtbaar. Nieuwe gebouwen waren Y24 (1970) voor de traktie en printafdeling, de kantoorgebouwen Y11 (1975) en Y22 (1975) en Y12 (1980) het centraal magazijn. De loodsen Y12 en Y24 waren opgetrokken uit staal en bedekt met gevelplaten. Beide gebouwen bestonden uit twee aaneengeschakelde volumes met verschillende hoogten. De daken hadden een lichtstraat of losse dakramen. De twee kantoorgebouwen aan de Ringdijk functioneerden als het ‘gezicht’ van het terrein, waarachter alle verschillende fabrieken stonden. Kantoorgebouwen Y11 en Y22 waren opgetrokken uit beton en werden gekenmerkt door de horizontale vensterreeksen op elke verdieping. De kantoren werden met elkaar verbonden met een tussengang. De gebouwen waren te bereiken via Y11 aan de Ringdijk, of via een achteringang aan de parkeerplaats en de fietsenstalling.

De ingangen hadden een kenmerkende luifel. Loods Y24 bestaat nog steeds en is in gebruik als hoofdkantoor door transportbedrijf ALSTOM.

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

13

Boven: gezicht vanaf de Noord op Smit Slikkerveer, 1964. Op de voorgrond paralel aan het water is Loods Y6. [Knap, 1958] Onder: plattegrond van het terrein met de Y-loodsen, 1982. [Niet gearchiveerde bron van het bedrijfsarchief van Smit Slikkerveer aangetroffen in loods Y6 op 20-07-2022]

Boven: terrein Smit Slikkerveer met de Y-gebouwen vóór de sloop in 2021. [foto Google Maps] Met een rode punt zijn loods Y6 en de steiger aangegeven, die beide onderdeel uitmaakten van het naoorlogs ensemble van Smit Slikkerveer. Onder: huidige zicht op loods Y6 richting het oosten. Zoals te zien is de rest van het fabriekscomplex gesloopt.

Loods Y6 36 15 33

8

No

Parkeren

26/38

21/25 34

13 Vijver

37

11

3

22

2

6 5,9

1 16,Z

g

we

er

Ve

Huis

27, 35 4

d

7

or

20

steiger

23

10, 17, 18, 19

14

Terrein Smit Slikkerveer met ensemble Y-gebouwen

28 12

Overgebleven restanten naoorlogs ensemble Onderdelen gesloopt vóór 2021 24 Onderdelen gesloopt in 2021 Onderdelen gebouwd na 1990

N

14

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

N

Projectie van de loods Panattoni (in geel gestreept) op het inmiddels gesloopte ensemble van Smit Slikkerveer (in lichtgrijs). Alleen loods Y6 is hiervan overgebleven. [Kaart gemeente Ridderkerk]

Door de uitbreidingen verdween het pad tussen Loods Y2 en de steiger. Een nieuwe laad- en losplek werd in de noordelijke hoek aan het water aangelegd. De oude steiger die in 1950 al op het terrein ligt, bestaat nog steeds.

Uitbreidingen na 1990 Naast loods 7 werd loods Y23 (1992) gebouwd, waar ‘systemen’ werden ondergebracht. Loods Y8 (1992) was de wikkelafdeling, schilderwerkplaats, spuiterij en elektronica-afdeling. Loods Y8 en Y23 (1992) werden opgetrokken uit beton, gevelplaten en baksteen. Beide gebouwen hadden dakramen. In 2001 verrees het verzamelgebouw voor Y10, Y17, Y18 en Y19. Het is een loods van ca. 25 meter breed, 120 meter lang en 18 meter hoog. In Y10 zat een opslagloods, Y17 een brandweer en auto-afdeling, Y18 een spuitkabine van de reparatieafdeling en in Y19 een trafostation magazijn. Tegenwoordig wordt dit verzamelgebouw gebruikt door het logistiek bedrijf MSX B.V.

Nieuwe context: distributiecentrum en gebiedsvisie Rivieroevers In 2000 werd Gebouw U op het terrein aan de Nieuwe Maas aangewezen als rijksmonument en herbestemd tot appartementen. Alle naoorlogse gebouwen Y zijn – op Loods Y6 na – gesloopt voor de bouw van een distributiecentrum. Het nieuwere verzamelgebouw Y10/Y17/Y18/Y19 uit 2001 en loods Y24 uit 1970 zijn gespaard gebleven en zijn door een ander bedrijf in gebruik.

wordt 14 meter hoog. Het wordt de grootste overslagterminal van de BCTN-groep, waar containers die tussen Rotterdam en Amsterdam worden getransporteerd worden opgeslagen. Het wordt gebouwd door Panattoni Nederland, onderdeel van Panattoni Europe, de marktleider van industrieel vastgoed in Europa. Het bedrijf ontwikkelde 10 miljoen m2 in Europa en is sinds 15 jaar de meest actieve marktonwikkelaar in dit marktsegment.61 In 2017 publiceerde de Gemeente Ridderkerk de Omgevingsvisie Ridderkerk 2035, waarvan de gebiedsvisie Rivieroevers onderdeel uitmaakt.62 In deze gebiedsvisie wordt de rivieroever weer haar oude functie als centrale levensader en ruggengraat teruggegeven. In het verleden was de rivier een economische levensader. In de toekomst worden de rivieroevers één groot landschapspark met een prettig leef-, woon- en werkklimaat. Cultuurhistorie speelt een belangrijke rol in het project, als inspiratiebron en drager van de identiteit. Advies- en ingenieursbureau Royal Haskoning DHV stelde voor om in de haven naast het voormalige fabrieksterrein het waterbus knooppunt te versterken als OV-hub. Daarnaast moet de groene oeverzone langs de Noord worden doorgetrokken en verbonden met de Schans. Deze groene oeverzone wordt een wandelpad dat direct langs loods Y6 zal lopen. Dit betekent dat het een deel van het afgesloten bedrijventerrein openbaar moet worden voor het publiek.

N

Nieuwe loods Panattoni Park Rotterdam City

Loods

Y6

Direct naast Loods Y6 gelegen wordt dit jaar een groot distributiecentrum gebouwd op Ringdijk 392a, 392b en 394a, 394b. De sporen van het bedrijventerrein van Smit Slikkerveer zijn vrijwel volledig uitgewist en op dit moment ligt er alleen een uitgestrekte zandvlakte. In 2022 wordt hier het Panattoni Park Rotterdam City ontwikkeld, met een totaaloppervlakte van ca. 40.000m², inclusief 393 parkeerplaatsen.60 Het gebouw Loods Y6 - Smit Slikkerveer

15

Bouwtekening loods Y6, 1953. Onderin is een weergave van de staalconstructie met de vensters en met metselwerkinvullingen bestaande uit roodbruine bakstenen in halfsteensverband. De constructie was zowel van buiten als van binnen zichtbaar. In de gevels werden op 3,5 meter hoogte stalen vensters geprojecteerd. In doorsnede A-B kwam een loopkraan te staan die 5 ton aan gewicht kon tillen. Het dak was oorspronkelijk met golfplaten afgedekt. [Stadsarchief Rotterdam]

16

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

B. Loods Y6 van Smit Slikkerveer Loods Y6 in 1953 Loods Y6 is het enige gebouw uit de jaren vijftig dat nog overeind staat op Ringdijk 390B. Het werd gebruikt als schilderswerkplaats, hout en isolatiestoffenbewerking en bedrijfsschool.63 Op 2 januari 1953 werd een bouwplan gemaakt voor Loods Y6 door de directie van de Electrotechnische Industrie.64 Het is aannemelijk dat de loods vlak daarna is gebouwd. De architect van de loods in onbekend. De loods heeft een rechthoekige plattegrond, waarvan de lange zijde evenwijdig loopt met de rivier. De loods is 80,1 meter lang, 15,2 meter breed en ca. 11 meter hoog. De langgerekte vorm van een industrieel gebouw is vaak te verklaren door het gebruik, bijvoorbeeld door met drijfriemen machines aan te drijven. In het geval van Loods Y6 zijn er geen aanwijzingen dat het gebruik van de loods verklarend is voor de plattegrond. Uit de plattegronden is af te lezen dat loods Y6 geen bijzondere relatie had met het water en het gebouw besloten van karakter was door de inrichting met verschillende installaties binnenin. De loods is gefundeerd met zwaar beton om het gewicht van zware machines te kunnen dragen. Het gebouw bestaat uit een skelet van staal dat zowel vanaf het exterieur als interieur zichtbaar is. De staalconstructie bestaat uit kolommen die elk ongeveer 5 meter van elkaar zijn gepositioneerd.

Tussen de kolommen zijn stalen tussenstukken gemaakt ter versterking van de constructie. Tussen de stalen kolommen zijn de gevels opgevuld met metselwerk van roodbruine bakstenen in een halfsteensverband. De combinatie van staal en baksteen maakt het mogelijk om een grote open ruimte te maken zonder tussenmuren. Er wordt een ruimte van ongeveer 15 meter overspannen. Daarnaast is de structuur stevig genoeg voor industrieel gebruik. In de bouwtekening van 1953 is een loopkraan ingetekend die 5 ton kon tillen.65 Het zadeldak is gemaakt van stalen spanten en vakwerkliggers die zijn afgedekt met zwartgrijze golfplaten.

In alle gevels behalve de oostelijke gevel had de loods op 3,5 meter hoogte een horizontale vensterstrook. Via de ramen kwam voldoende daglicht de loods in, maar was er geen uitzicht naar het water. De vensters zijn gemaakt van staal. Het type glas dat werd gebruikt is niet bekend. Op de bouwtekening zijn twee deuren in de zuidelijke gevel zichtbaar. Het zijn waarschijnlijk grote deuren geweest waardoor grote machines naar binnen en buiten werden getransporteerd. De tekening geeft geen andere informatie over de andere deuren en de indeling van het interieur. Ontwikkeling van de loods Door de jaren heen is het gebruik van de loods een aantal keer veranderd. Op basis van bouwdossiers uit het Stadsarchief Rotterdam en stukken die in de loods zijn aangetroffen kan een beeld worden geschetst van de functie van de loods. Er zijn in het onderzoek drie plattegronden van het terrein gevonden die in een overzicht de functie van de gebouwen op het terrein geven. De functie van Loods Y6 werd beschreven als bedrijfsschool en speciale projecten (1982), hout en isolatiestoffenbewerking en onderhoud (1983) en schilders- en bedrijfsschool (1995).66 Van de verschillende tijdslagen zijn nog sporen te herkennen in het bestaande gebouw.

Loods Y6 in 1983 Een plattegrond van Holec Machines & Apparaten B.V uit 1983 geeft een gedetailleerd overzicht van het interieur van de loods.67 De loods is door een tussenwand opgedeeld in twee gedeelten. In latere stukken worden de ruimtes gedeelte Y6.0 (west) en gedeelte Y6.0A (oost) genoemd. De loods had drie ingangen. De hoofdentree zat aan de westelijke gevel, in de hoek met de noordelijke gevel. Verder zaten er twee deuren in de zuidelijke gevel. Aan de oostelijke gevel zat een kleine uitbouw. De langgerekte ruimte van gedeelte Y6.0 was ingedeeld als bedrijfsschool, ingedeeld in vier verschillende zones. De zones waren op de zuidelijke gevel georiënteerd. Tegen de noordelijke gevel aan zat het looppad. Van west naar oost waren aparte zones voor onderhoud van gebouwen, productontwikkeling, onderhoud werktuigen en een kistenmakerij. Er hebben veel werkbanken, bureaus, rekken en kasten gestaan. Ook was er lasmateriaal aanwezig en was er bij ‘onderhoud gebouwen’ een aparte lasplaats. De zone voor de kistenmakerij werd afgescheiden met een muur. De andere zones werden van elkaar gescheiden door losstaand meubilair zoals kasten. In de bedrijfsschool waren veel verschillende vaardigheden te leren. Gedeelte Y6.0A was bestemd als houtafdeling en isolatieverwerking. Het isoleren is een proces waarin bepaalde bedrading wordt voorzien van een beschermde laag.

Electrische stroom wordt op deze manier op een bepaalde plek gehouden, zodat er veilig gebruik van gemaakt kan worden. Zowel verlichting als onderdelen van generatoren en motoren konden geïsoleerd worden. In dit gedeelte van de loods stonden vier werkbanken midden in de ruimte. Tegen de muren stonden verschillende kasten en rekken. Ook waren er verschillende tafels, een zaagmachine en stofzuiger. Aan de oostgevel van de loods lijkt een uitbouw te staan, waarschijnlijk voor een bepaalde machine of installatie.

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

17

Plattegrond van het terrein, 1979. In de tekening wordt aangegeven dat Y6.0A wordt bestemd als ‘Isolatie’.

N

[Tekeningen afkomstig uit het niet gearchiveerde bron van het bedrijfsarchief van Smit Slikkerveer aangetroffen in loods Y6 op 20-07-2022]

18

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

Plattegronden van loods Y6 door de tijd heen Boven: begane grond met de gebruiksfuncties, 1983. Ook is te zien dat de ruimte in twee delen is opgedeeld. Midden: plattegrond met de installaties en leidingen, 1981. De loods was met de leidingen verbonden met Y4 en Y9. Onder: indeling met de installaties tussen 1994 en 1998.

N

Loods Y6 in 1995-1998 Een plattegrond uit 1995 laat zien dat de loods een extra ingang had gekregen in de oostgevel. Het was een grote garagedeur waardoor goederen makkelijk de loods in- en uit getransporteerd konden worden.68 De kleine uitbouw aan de oostelijke zone was verdwenen. De aanwezigheid van de nieuwe indeling en de garagedeur suggereert dat het gebruik van de loods was veranderd. In het metselwerk zijn ramen toegevoegd voor de kantoren. Het interieur kreeg een nieuwe indeling. De tussenwand in de loods bleef staan, maar de gang tussen de twee gedeelten verplaatste van de noordgevel naar de zuidgevel. Tegen de tussenwand aan werd een volume geplaatst van twee bouwlagen. Het volume staat los van de loods en komt tot aan het begin van het plafond. Het volume is gemaakt van hout, beton en kunststof. De verdieping is te bereiken via een simpele trap aan de noordgevel of een ladder aan de zuidgevel. Op de begane grond zitten drie kamers en op de verdieping twee kamers. Op de begane grond zaten een kantoor, kleedruimte met sanitaire voorzieningen en een opslagruimte. Op de verdieping zat een kantoor en bedrijfsarchief. Om de twee kantoren te voorzien van natuurlijk daglicht werden twee ramen gemaakt in de noordgevel. In gedeelte Y.06A werd aan de zuidgevel ook een geel en blauw gekleurd volume geplaatst met drie kamers.

Met een trap is het dak van deze kamers bereikbaar, waarschijnlijk voor extra opslagruimte. De kamers werden ingericht voor opslag, toiletten en een schilderswerkplaats. Aan het kleurgebruik te zien is het waarschijnlijk dat het kantoor ook in deze periode is geplaatst. Het kantoor staat tegen de noordgevel en is niet aangegeven op kaartmateriaal.

Het gebruik van de loods wordt weergeven in de kaart ‘banknummers’ uit dezelfde periode (1994-1998).69 Met banknummers worden werktuigmachines bedoeld, zoals de draaibank waarmee een stuk metaal kan worden bewerkt. In gedeelte Y6.0 waren de verschillende zones van de bedrijfsschool inmiddels verdwenen. Er was een grote loopkraan geïnstalleerd om zware materialen mee te tillen. Links van de loopkraan stonden een afzuigingsinstallatie, snijbrander, plasmasnijder, verschillende lastrafo’s en MIG-lasmachines. Aan de andere zijde van de loopkraan waren verschillende type boormachines, lasmachines, zetbanken, knibbelbanken en slijpmachines te vinden. Ook heeft er een takelmachine gestaan in 1994, maar in 1998 was die verwijderd. In de kamer aan de noordelijke zijde stond een overheadprojector. Het is onduidelijk waar de andere kamers voor zijn gebruikt. Hoewel de werktuigen die in de loods staan een stuk geavanceerder zijn dan in 1983, wordt in kaarten de loods nog steeds de functie bedrijfsschool toegewezen.70 Dit kan te verklaren zijn door de grote uitbreidingen die door het bedrijf zijn gedaan. Bepaalde functies van de leerschool kunnen zijn verspreid over nieuwe gebouwen. Gedeelte Y6.0A is in 1994 niet meer in gebruik voor isolatie, maar als schilderswerkplaats.

In de ruimte staan twee grote bovenloopkranen en aan het plafond was speciale unit geïnstalleerd voor de toevoer van warme lucht. Tegen de noordelijke gevel aan stonden drie spuitcabines, een meng- en roerapparaat en een oven. Daarnaast stond er in het midden van de ruimte een takelmachine die 1000 kilo kon tillen.

Loods Y6 in de eenentwintigste eeuw In 2017/2018 werden de werkzaamheden op het terrein stilgelegd en kwam Loods Y6 leeg te staan. Het volledige terrein van Smit Slikkerveer – op loods Y6 na – is gesloopt. De loods oogt enigszins verloren in de uitgestrekte zandvlakte waar dit jaar zal worden gebouwd. Afgesloten door verschillende hekken is de loods niet publiek toegankelijk. De natuur rondom de loods is overwoekerd en zo nu en dan moet er over bouwafval heen worden gestapt. In grote lijnen verkeert het gebouw in een goede staat, op een enkel gat in het dak na. Vogels hebben de warmte en rust van de loods opgezocht en nestjes gemaakt op de stalen kolommen en liggers. Tijdens het vertrek van Brush is de belangrijkste apparatuur meegenomen. De twee loopkranen die op de plattegrond van 1998 waren getekend zijn verwijderd.71 Waarschijnlijk gebeurde dit in de eenentwintigste eeuw en is daarna een verlaagd plafond geïnstalleerd. De industriële hanglampen aan het plafond lijken origineel te zijn. De kantoren en het bedrijfsarchief lijken verder onaangeraakt, zelfs het papierwerk is nog aanwezig. De staat van de loods en de sporen die hier te vinden zijn geven de laatste ontbrekende informatie over de gebruiksfunctie. Aan de noordgevel staan twee kleine aanbouwen, die niet vermeld staan in het gevonden kaartmateriaal.

Het gaat om een kleine witte aanbouw met aan beide zijden blauwe stalen deuren. De aanbouwen ogen niet-permanent, maar eerder als schuur voor extra opslag. Er is een simpele staalconstructie tegen de buitengevel aangezet met een dak met golfplaten. Het bijgebouw is gebruikt als opslagplaats. De andere aanbouw bestaat uit vijf stalen kasten met een golfplaat als dak. Het is niet met zekerheid te zeggen dat gedeelte Y6.0 in de eenentwintigste eeuw nog steeds werd gebruikt als

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

19

Loods Y6 aan de rivier de Noord (2020). Op de achtergrond zijn de loodsen Y1,Y2, Y5, Y9 en Y7 te zien die in 2021 werden gesloopt. [foto Google Maps] gespannen staalconstructie tussen loods Y6 en loods Y5/Y9

loods Y5/Y9 Y11 Y22

loods Y1/Y2

loods Y6 loods Y8

Y14 loods Y23 loods Y3

N loods Y7

loods Y12/Y28

loods Y5/Y9

voormalige locatie loods Y4, die een relatie had met loods Y6

loods Y1/Y2

steiger loods Y10, Y17-19

vm. locatie loods Y4 loods Y6

N

gesloopte loodsen Smit Slikkerveer Loods Y6 en de steiger als restanten van Smit Slikkerveer

20

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

bedrijfsschool. De meeste apparatuur is weggehaald uit de loods. Aan de noordgevel staan nog vier werkbanken. Aan de westgevel is een grote afzuiginstallatie aan de muur bevestigd. In de kaart ‘banknummers’ uit 1995 werd al een dergelijke installatie genoemd. Ook zijn de vensterreeksen in de westgevel verwijderd en dichtgemaakt met platen.

Op de luchtfoto’s hiernaaast is te zien hoe tussen Loods Y6 en Loods Y5/Y9 een staalconstructie was gespannen. Waarschijnlijk heeft hier een overdekte opslagplaats gestaan. Loods Y5/Y9 werden gebruikt als ponserij, reparatieafdeling, isolatieafdeling en bedrijfsopslag.

Gedeelte Y6.0A werd in de eenentwintigste eeuw nog steeds in gebruik als schildersafdeling. De bovenloopkranen en takelmachine zijn verdwenen, maar het prominente ventilatiesysteem hangt nog steeds aan het plafond. Het geelblauwe volume en kantoor staan nog steeds in de ruimte. In het kantoor hangt het laatste werkrooster, dat afkomstig is uit 2017.

Verbindingen tussen loods Y6 en het verdwenen ensemble Ten westen van Loods Y6 stond Loods Y4 (zie luchtfoto’s op pagina 20). Het bouwjaar van Loods Y4 is onbekend, maar waarschijnlijk werd dit in dezelfde periode gebouwd als Y6. Loods Y4 had altijd de functie van galvanistische afdeling (afgekort Galvano) en werd al vóór 2020 gesloopt.72 Loods Y4 was een klein gebouw van 20,05 meter bij 10,1 meter op een rechthoekige plattegrond.73 Het gebouw had drie ingangen: één aan de westgevel en twee aan de oostgevel. De ingang aan de oostgevel stond bijna tegenover de ingang van Loods Y6, dus het is waarschijnlijk dat de gebruikers van de gebouwen elkaar vaak tegenkwamen. Op een kaart van 1983 blijkt dat Loods Y6 en Loods Y4 een korte tijd verbonden zijn geweest, waarschijnlijk door middel van een overdekking. Tussen de gebouwen liep een loodkraan.74 Uit de kaart van 1994-1998 blijkt dat Loods Y4 was gevuld met machines die passen bij het galvanische gebruik.75 In de afdek die loods Y4 en Y6 verbond, stonden takelmachines en ventilatoren. Loods Y6 - Smit Slikkerveer

21

Huidige situatie Loods Y6

1. Zuidgevel: de openingen en installatie zijn later aangebracht.

3. Schoorstenen van het ventilatiesysteem via de stalen vensters. Deze zijn niet oorspronkelijk, maar later aangebracht.

2. Oostgevel met kleine aanbouw van stalenplaatmateriaal (later aangebracht).

5. Noordgevel: de vensters zijn hier met witte stalen platen dichtgezet. De oorspronkelijke toegangsdeuren zijn vervangen door een garagedeur.

6. Westgevel: in wit gekeimd (niet oorspronkelijk) is een gedeelte van Y6.0A.

2

7

4. Ruimte tussen loods en rivieroever.

7. Oorspronkelijke staalconstructie met metselwerk invulling en vensters met stalen kozijnen. Op sommige plekken is de gevel aan de binnenzijde versterkt met stalen tussenstukken. 3

8. Later aangebrachte ramen in de oostgevel, voor de kantoren op de begane grond.

8 4

1 5 Plattegrond loods Y6, 1994. De nummers op de kaart corresponderen met de nummers bij de foto’s.

6 Y6.0 22

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

Y6.0A

N

9. Interieur van Y6.0 met op de achtergrond de binnenzijde van de noordgevel.

10. Interieur van Y6.0 met op de achtergrond de binnenzijde van de noordgevel.

13. De verdieping is bereikbaar via een trap aan de oostgevel en een ladder aan de westgevel (niet op de plattegrond aangewezen).

14. Kantoor op de verdieping. Hier werd een nieuw raam gemaakt voor meer daglicht.

11. Interieur richting de zuidgevel. Tegen de muur in de loods werd in de jaren negentig een twee-laagse volume geplaatst.

15. Gang tussen de twee gedeelten van de loods.

12. Staalconstructie en metselwerk zichtbaar door de gaten in het plafond.

16. Gedeelte Y.06A, Het geel en blauw volume is de voormalige schilderwerkplaats met toilet en opslagruimte. Het kantoor rechts in blauw werd waarschijnlijk in de jaren negentig gebouwd.

10 9

12

Y6.0

16

11

Plattegrond loods Y6, 1994. De nummers op de kaart corresponderen met de nummers bij de foto’s.

15

N

Y6.0A Loods Y6 - Smit Slikkerveer

23

waardevolle restanten naoorlogs ensemble Smit Slikkerveer

waardevolle zicht relatie

verdwenen naoorlogs ensemble Smit Slikkerveer

waardevolle groene kade

uitkijkpunt

toekomstige loods Panattoni bestaande gebouwen

toekomstige loods

haven

erfgrens

s

od

lo

Y8

ds

o lo

3

Y2

Noord

s od

steiger

Y7

lo

ds

o lo Y11

Y3

s od lo

ds

o lo

2

/Y

Y1

lo

ds

o

lo Y14

24

Loods Y6 - Smit Slikkerveer

Y6

r uu ct ru st jk di

s od

Y22

Y4

9

/Y

Y5

loods Y6

groene kade

Noord

C. Waardering Cultuurhistorische waarde Loods Y6 is de enige overgebleven loods uit het naoorlogs ensemble van Smit Slikkerveer en daarmee een belangrijke uitdrukking van de elektrotechnische ontwikkeling in Nederland. Het maakte onderdeel uit van de N.V. Electrotechnische Industrie die van onschatbare waarde is geweest voor de elektrotechniek in Nederland. De oprichter van de loods was een ware pionier in zijn veld en speelde een belangrijke rol in de introductie en verspreiding van elektrische verlichting, generatoren en motoren. De loods is het laatste restant van de naoorlogse ontwikkeling van Smit Slikkerveer en heeft cultuurhistorische waarde door de rol die het in de bedrijfsvoering van de fabriek vervulde en de sociale geschiedenis van het personeel en onderwijs. De loods heeft gediend als schilderswerkplaats, hout- en isolatiestoffenbewerking en bedrijfsschool. Het schilderen, isoleren en houtbewerking waren belangrijke onderdelen van de bedrijfsvoering van de fabriek. Daarnaast diende de loods in de jaren tachtig en negentig als bedrijfsschool waar personeel werd opgeleid. Ook studenten en geïnteresseerden uit de regio konden hier kennis maken met de elektrotechniek.

Architectuurwaarde Als de enige overgebleven loods uit naoorlogs ensemble van Smit Slikkerveer is de loods van architectonische waarde door de architectuur en constructie van de loods die kenmerkend industrieel is. De loods heeft een open plattegrond en hoog plafond. Door de combinatie van de betonnen fundering, staalconstructie en de gemetselde gevels kan een relatief grote ruimte worden overspannen zonder tussenmuren. De stevige constructie met stalen vakwerkliggers werd gebruikt om grote loopkranen aan te bevestigen. De betonnen fundering was sterk genoeg om het gewicht van grote machines te dragen. De vensterreeksen zitten op relatief grote hoogte om de loods

van genoeg daglicht te voorzien, maar te voorkomend dat het personeel werd afgeleid door wat er buiten gebeurde. De vormgeving van de loods is minimalistisch, doelmatig en niet gedecoreerd. Verschillende elementen van de constructie en de voorzieningen zijn blootgesteld waardoor de functie van het gebouw en verschillende ruimtes makkelijk af te lezen is. Zo is de staalconstructie in de gevels zowel in het exterieur en interieur goed zichtbaar, waardoor er samenhang tussen binnen en buiten is. De architectuur van de loods geeft een indruk van het waardevol voormalig ensemble. Vergeleken met de inmiddels gesloopte loodsen op het terrein, is loods Y6 minder grootschalig en minder statig vormgegeven. Zo werden de daken andere loodsen voorzien van betonplaten, terwijl Loods Y6 golfplaten op het dak kreeg. De loods had een ondersteunende functie op het fabrieksterrein en dit vertaalde zich in de architectuur. De constructie, metselwerkinvullingen en vensters zijn vergelijkbare elementen die ook terug te vinden waren in de andere loodsen uit de jaren vijftig op het fabrieksterrein, en daarom van waarde als representant van dit verdwenen ensemble.

Situationele en ensemblewaarde Loods Y6 maakte onderdeel uit van een ensemble van fabrieksen bedrijfsgebouwen, dat inmiddels is verdwenen. De loods lag naast loods Y5/Y9 (mechanische ponserij, technische dienst, reparatieafdeling, stapelerij en isolatieafdeling) en Y4 (de galvanistische afdeling). Tussen de loods en Y5/Y9 was een staalconstructie gemaakt voor extra opslag. Tussen de loods en Y4 zat ook een constructie waar een loopkraan heeft gestaan.

zichtbaar vanaf de andere toegang tot het terrein: namelijk via het water. Loods Y6 was de enige loods die niet haaks op de rivier stond en vormde een ‘afsluitende’ wand van de fabriek naar het water toe. Vanaf de grote schepen die vanaf de jaren vijftig over de Noord voeren was loods Y6 het eerste gebouw dat in het oog sprong. Vanaf het water gezien was de loods een verbindende schakel tussen de rivieroever en de grootschalige en hoge loodsen van Y2,Y5 en Y9. Ook aan het einde van dit jaar, wanneer het nieuwe distributiecentrum is gebouwd, zal loods Y6 een opvallend element zijn die de rivieroever gezicht geeft.

Gaafheid en herkenbaarheid De materiële, technische en constructieve gaafheid van de loods is redelijk. Het exterieur van de loods verkeert in overwegende oorspronkelijke staat. Het interieur is daarentegen wel een aantal keer aangepast, door onder andere de toevoeging van de tussenwand, kantoren, garagedeuren en het verlaagde plafond. De aanpassingen in het interieur ten behoeve van de wisselende gebruiksfuncties, hebben geen permanente aanpassingen betekend in de constructie en zijn gemakkelijk te verwijderen. Ook als bij een mogelijke herbestemming de losse technische installaties zoals de luchtinstallatie en verfspuitcabine worden verwijderd, blijft de schil van het gebouw herkenbaar voor de industrie uit de jaren vijftig.

Zeldzaamheid De loods is heel zeldzaam als een van de laatste restanten van de N.V. Electrotechnische Industrie. Van het oude fabrieksterrein aan de Maas is slechts één gebouw (Gebouw U) overgebleven. Op het ‘nieuwere’ fabrieksterrein aan de Ringdijk is slechts loods Y6 overeind gebleven. Loods Y6 vormt daarmee de laatste dat in de jaren vijftig is gebouwd op het terrein. Alle andere sporen van het terrein zijn uitgewist.

De loods lag aan de achterzijde van het fabrieksterrein. Vanaf de Ringdijk was de loods niet zichtbaar door kantoorgebouwen uit de jaren zeventig en de grote loodsen. De loods was wel Loods Y6 - Smit Slikkerveer

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/1017/documents/34147