BP Ontsluitingsweg tussen Hoogzandweg en Salieweg - bijlagen.pdf
Tekst van het document
status:
Definitief
uitgevoerd door:
Waders Milieu BV
projectleider:
ing. A.G. van Groeningen | groeningen@wadersmilieu.nl
rapporteur:
Agatha van Gent – Blankesteijn MSc.
autorisatie:
ing. Johan van Beek
Waders Milieu BV | Kouwe Hoek 18 | 2741 PX Waddinxveen | 0182-244500 | www.wadersmilieu.nl
INHOUDSOPGAVE
1
INLEIDING ........................................................................................................... 4
2
VOORONDERZOEK ................................................................................................ 5 2.1 Werkwijze .................................................................................................... 5 2.2 Resultaten vooronderzoek .............................................................................. 5 2.2.1 Onderzoekslocatie ................................................................................... 5 2.2.2 Omgeving............................................................................................... 6 2.3 Hypothese en onderzoeksopzet ....................................................................... 7
3
VERKENNEND BODEMONDERZOEK ......................................................................... 9 3.1 Uitvoering veldonderzoek ............................................................................... 9 3.2 Resultaten veldonderzoek ............................................................................... 9 3.3 Laboratoriumonderzoek ................................................................................. 10 3.4 Analyseresultaten ......................................................................................... 11 3.5 Deelconclusie verkennend bodemonderzoek .................................................... 12
4
VERKENNEND WATERBODEMONDERZOEK .............................................................. 13 4.1 Onderzoeksstrategie ..................................................................................... 13 4.2 Veldwerkzaamheden ..................................................................................... 13 4.3 Fysische en chemische analyses ..................................................................... 14 4.4 Kwaliteitsborging .......................................................................................... 14 4.5 Uitvoering veldwerkzaamheden ...................................................................... 14 4.5.1 Kwaliteit ................................................................................................ 15 4.6 Afwijkingen .................................................................................................. 15 4.7 Laboratoriumonderzoek ................................................................................. 15 4.8 Toetsing analyseresultaten ............................................................................ 15 4.9 Conclusie verkennend waterbodemonderzoek .................................................. 17
5
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ................................................ 18 5.1 Resultaten ................................................................................................... 18 5.2 Conclusies ................................................................................................... 18 5.3 Aanbevelingen ............................................................................................. 19
BIJLAGEN 1|
Tekening
2|
Boorprofielen met legenda, verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk en foto’s
3|
Analysecertificaten
4|
Achtergrondinformatie (toetsnormen)
5|
Toetsing analyseresultaten
6|
Documenten vooronderzoek
1
INLEIDING
In opdracht van Het dagelijks bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Nieuw Reijerswaard te Ridderkerk is door Waders Milieu BV in juli 2023 een verkennend bodem- en waterbodemonderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie bevindt zich ter plaatse van de Selderijweg / Hoogzandweg te Ridderkerk. In het voorliggende rapport komen eerst de locatiegegevens en het historisch (voor)onderzoek conform NEN 5717:2017 aan de orde. Vervolgens worden de opzet, uitvoering en resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek beschreven. Tenslotte komen de samenvatting en conclusie van het onderzoek aan bod. Aanleiding Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek is de voorgenomen wijziging van het bestemmingsplan en het voornemen werkzaamheden in de grond uit te voeren. Men is voornemens ter plaatse een verbinding te maken tussen de Selderijweg en de Hoogzandweg middels een dam in de Blaakwetering. Doelstelling Het doel van het verkennend bodemonderzoek is het vaststellen van de actuele milieuhygiënische kwaliteit. Het doel van het verkennend waterbodemonderzoek is inzicht verkrijgen in de chemische kwaliteit van de baggerspecie in de watergang. Dit in verband met het verwerken, nuttig toepassen en/of storten van de bij de (onderhouds)baggerwerkzaamheden vrijkomende baggerspecie. De doelstelling per deelonderzoek is in de volgende hoofdstukken weergegeven.
Indeling rapport In de rapportage worden de resultaten van de deelonderzoeken in achtereenvolgende separate hoofdstukken uitgewerkt. Het rapport sluit af met een samenvatting met conclusies en aanbevelingen. Verantwoording Dit onderzoek is uitgevoerd met de grootst mogelijke nauwkeurigheid en conform de daarvoor opgestelde normen en richtlijnen1. Desondanks dient opgemerkt te worden dat een bodemonderzoek slechts bestaat uit een steekproef, waarbij een relatief gering aantal boringen en analyses uitgevoerd wordt. Het kan niet geheel uitgesloten worden dat op de locatie een verontreiniging aanwezig is, die bij dit onderzoek niet aangetroffen is. Het onderzoek is, voor zover van toepassing, onder certificaat (KWALIBO) uitgevoerd, maar een bodemonderzoek is geen partijkeuring. Door derden kan, ongeacht de resultaten van dit bodemonderzoek, een keuring van een af te voeren partij (grond of verhardingsmaterialen) verlangd worden. Tenslotte wordt opgemerkt dat Waders Milieu BV geen financieel of zakelijk belang heeft bij de kwaliteit van de onderzochte locatie.
1
De gebruikte normen en richtlijnen zijn in de navolgende hoofdstukken weergegeven
23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
4
2
VOORONDERZOEK
Het doel van het vooronderzoek is inzicht krijgen in de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen op de onderzoekslocatie. Het vooronderzoek is uitgevoerd volgens de NEN 57252, aanleiding A3 en volgens de NEN 5717 4. 2.1
Werkwijze
Het vooronderzoek heeft betrekking op de onderzoekslocatie en de omgeving. De volgende bronnen zijn geraadpleegd: ▪ het Kadaster; ▪ de opdrachtgever; ▪ de DCMR (Milieudienst Rijnmond); ▪ het Bodemloket en Topotijdreis.nl; ▪ de Grondwaterkaart van Nederland, de Bodemkaart van Nederland en/of het DINOloket. Voorafgaand aan de uitvoering van het bodemonderzoek zijn de onderzoekslocatie en de omgeving geïnspecteerd. Foto’s van de locatie zijn opgenomen in bijlage 2. 2.2
Resultaten vooronderzoek
2.2.1
Onderzoekslocatie
Topografische en algemene gegevens Enkele (topografische) gegevens van de onderzoekslocaties zijn weergeven in tabel 1. Tabel 1
Topografische en algemene gegevens locatie
Algemeen Adres onderzoekslocatie
Hoogzandweg Ridderkerk
Gemeente
Ridderkerk
Kadastrale aanduiding
Ridderkerk, D, 3719 en 4682
Artikel 55
Ten aanzien van deze percelen zijn geen aantekeningen in het kader van het artikel 55 Wet bodembescherming opgenomen. Dit houdt in dat bij het Kadaster geen bodeminformatie geregistreerd is
Oppervlakte perceel
5.860 + 153.317 m2
Oppervlakte onderzoekslocaties
A (Selderijweg): 360 m2 B (Hoogzandweg): 310 m2 C (Blaakwetering): 340 m2
X-coördinaat
99.282
Y-coördinaat
430.825
Huidig gebruik De onderzoekslocatie is momenteel deels in gebruik als wegberm van de Selderijweg en de Hoogzandweg en deels als hoofdwatergang (Blaakwetering). Het maaiveld van de wegbermen is onverhard (er ligt bijvoorbeeld geen puin of asfalt) en de bodem zelf bevat geen puin.
2 3
4
NEN 5725, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, Delft 2017 De (verplicht) te onderzoeken aspecten worden in de NEN 5725 afhankelijk gesteld van de aanleiding van het onderzoek. Aanleiding A is als volgt geformuleerd: opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek NEN 5717, Bodem - waterbodem. Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, Delft 2017
23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
5
Tijdens de visuele inspectie van de locatie zijn geen bodembedreigende activiteiten aangetroffen. In bijlage 1 is een situatietekening opgenomen. Historisch gebruik De Blaakwetering is al vanaf midden vorige eeuw aanwezig. De Hoogzandweg is in gerealiseerd en de Selderijweg is in 2016 gerealiseerd. Mogelijk is aan de noordoostzijde van de onderzoekslocatie, nabij de Selderijweg, een gedempte sloot aanwezig. Deze demping dateert vermoedelijk van de aanleg van de Selderijweg in 2016 en is vermoedelijk uitgevoerd met gebiedseigen grond dan wel gecertificeerd (schoon) materiaal. Volgens de DCMR Milieudienst Rijnmond is van de Hoogzandweg een verkennend bodemonderzoek bekend waaruit blijkt dat licht tot matig verhoogde gehalten zijn aangetoond. Dit rapport is echter niet opvraagbaar en details zijn daardoor niet bekend. De omgevingsrapportage van DCMR is opgenomen in bijlage 6. Toekomstig gebruik Men is voornemens om ter plaatse een verbinding te maken tussen de Selderijweg en de Hoogzandweg, door middel van een dam in de Blaakwetering. Asbest Om vast te stellen of de bodem van de locatie op voorhand verdacht is op aanwezigheid van asbest, zijn de volgende acties uitgevoerd: ▪ globale inspectie van de locatie (maaiveld en gebouwen); ▪ bestuderen luchtfoto's; ▪ verzamelen informatie over ophogingen, dempingen en/of stort afval of puin.
De genoemde werkzaamheden hebben niet geleid tot de hypothese ‘asbestverdachte locatie’. 2.2.2
Omgeving
Definiëring omgeving De omgeving wordt gedefinieerd als de onderzoekslocatie en de directe omgeving tot een afstand van maximaal 25 meter. Gebruik De onderzoekslocatie maakt deel uit van een industrieterrein/bedrijfsterrein Nieuw-Reijerwaard. Voor zover bekend blijft dit gebruik ongewijzigd. Bodembedreigende activiteiten Van de directe omgeving zijn geen relevante gegevens bekend met betrekking tot (voormalige) bodembedreigende activiteiten. Van de grotere omgeving (>25 meter) zijn wel bodembedreigende activiteiten bekend. In de omgeving zijn meerdere glastuinbouwkassen aanwezig, waardoor de bodem verdacht is op het voorkomen van bestrijdingsmiddelen (OCB). Verder zijn in de grotere omgeving meerdere onder- en bovengrondse brandstof- en hbo-tanks aanwezig (geweest). Bodeminformatie Van de omgeving zijn enkele bodemonderzoeksrapporten bekend, echter zijn deze op een afstand groter dan 25 meter van de onderzoekslocatie uitgevoerd. Daarom worden de resultaten hiervan niet omschreven maar wordt verwezen naar de omgevingsrapportage in bijlage 6. Bodemopbouw en geohydrologie De locatie is opgenomen in rapport GWK-23 en gelegen op kaartblad 38 west. Regionaal bestaat de bodem tot 10 meter min maaiveld (m-mv) uit klei, met zand- en veenlagen. De regionale grondwaterstroming is noordwestelijk gericht. De locatie bevindt zich niet in een grondwaterbeschermingsgebied.
23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
6
Achtergrondgehalten De gemeente Barendrecht en Ridderkerk beschikt over een (regionale) bodemkwaliteitskaart. De uitkomsten van het onderzoek kunnen met de in deze kaart genoemde achtergrondgehalten worden vergeleken. Over het algemeen vindt dit echter alleen plaats als in de grondmonsters matig of sterk verhoogde gehalten zijn aangetoond. Zowel de bodemfunctieklasse als de ontgravingsklassen voor de boven- en ondergrond zijn volgens de bodemkwaliteitskaar ingedeeld in klasse Natuur/Achtergrondwaarde 2.3
Hypothese en onderzoeksopzet
Op basis van de resultaten van het vooronderzoek wordt verwacht dat op een deel van de locatie sprake zal zijn van aanwezigheid van (water)bodemverontreiniging (verdachte locaties). Het verkennend bodemonderzoek wordt uitgevoerd conform de NEN 57405, het verkennend waterbodemonderzoek wordt uitgevoerd conform de NEN 57206. In onderstaande tabel zijn de te onderscheiden deellocaties beschreven. Tabel 2
Te onderscheiden deellocaties
DL
Omschrijving
V/O
Verwachte stoffen
Oppervlakte (m2)
A
Selderijweg
V
Zware metalen, PAK, minerale 360 olie en vluchtige aromaten
B
Hoogzandweg
V
Zware metalen, PAK, minerale 310 olie en vluchtige aromaten
C
Blaakwetering
V
Zware metalen, PAK, minerale 340 olie en vluchtige aromaten
DL V/O
= =
deellocatie verdachte of onverdachte locatie ten aanzien van (water)bodemverontreiniging
Het algemene doel van verkennend bodemonderzoek is: het vaststellen van de actuele milieuhygiënische kwaliteit. Volgens de NEN 5740 is de doelstelling in deze situatie als volgt: ▪ het bepalen van de aard van een heterogeen verdeelde verontreinigende stof op schaal van monsterneming. Tevens wordt vastgesteld of de concentraties van de vermoede verontreinigende stof in de grond en het freatische grondwater boven respectievelijk de achtergrondwaarde en de streefwaarde wordt aangetroffen (deellocatie A t/m B); In verband met de min-of-meer gelijke (diffuse) bodembelasting uit het verleden en het ontbreken van puntbronlocaties, worden de deellocaties A en B als één onderzoekslocatie beschouwd. Het doel van het verkennend waterbodemonderzoek (deellocatie C) is inzicht verkrijgen in de milieuhygiënische kwaliteit van de baggerspecie ter plaatse van de onderzoekslocatie. Verkennend bodemonderzoek In de onderstaande tabel is de gehanteerde onderzoeksstrategie (NEN 5740) en de daarop gebaseerde veld- en laboratoriumwerkzaamheden per deellocatie schematisch weergegeven.
5 6
NEN 5740+A1, Bodem. Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek, Delft 2016 NEN 5720, Bodem - Waterbodem. Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch onderzoek, Delft 2017
23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
7
Tabel 3
Onderzoeksstrategie en veld- en laboratoriumonderzoek
A – Selderijweg B - Hoogzandweg Verdachte niet-lijnvormige locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging (VED-HE-NL) Veldonderzoek Aantal boringen en peilbuizen
Laboratoriumonderzoek Aantal (meng)monsters
Boring tot 0,5 m in de verdachte laag
én boring tot onderzijde van de verdachte laag met een maximum van 2 m
én boring met peilbuis
5
1
1
Grond (verdachte laag)
Grondwater
3
1
Standaardpakket Bodem#1 2 OCB#3
Standaardpakket Grondwater#2
#1
: Standaardpakket bodem, bestaande uit : droge stof, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, nikkel, lood en zink), minerale olie (GC), PAK (10), PCB (7) en het lutum- en organische stofgehalte
#2
: Standaardpakket grondwater, bestaande uit : Metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, nikkel, lood en zink), aromaten (BTEXN), styreen, VOCL (11), vinylchloride, 1,1 dichlooretheen, chloorpropanen (3), bromoform en minerale olie (GC)
#3
: In verband met de bekend zijnde historie (ligging in een tuinbouwgebied) worden 2 van de (bovengrond)monsters aanvullend onderzoek op OCB (organochloorbestrijdingsmiddelen)
Kwalitatief waterbodemonderzoek In de onderstaand tabel zijn het watertype en de bijbehorende onderzoeksinspanning nader uitgewerkt. Tabel 4
Onderzoeksstrategie en veld- en laboratoriumonderzoek
DL
Omvang (m of m2)
Watertype
Inspanning
Aantal vakken
Aantal steken per vak
Aantal analyses en pakket
C
30 m1
lintvormig
normaal
1
10
C2, PFAS
DL
: deellocatie
C2
: uitgebreid analysepakket (C2) voor waterbodem en baggerspecie uit zoet Rijksoppervlaktewater, blijvend binnen zoet Rijksoppervlaktewater, bestaande uit: droge stof, organische stof, lutum, metalen (As, Cd, Cr, Cu, Hg, Pb, Ni, Zn), PCB (som-7), PAK (som-10), OCB (bestrijdingsmiddelen, som-25), chloorbenzenen, pentachloorfenol en minerale olie (C10-C40)
PFAS : Per- en polyfluoralkylstoffen, bestaande uit tenminste de 28 parameters van de advieslijst RIVM
23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
8
3
VERKENNEND BODEMONDERZOEK
In dit hoofdstuk is het uitgevoerde onderzoek omschreven volgens de opzet en de doelstelling in de vorige paragraaf. 3.1
Uitvoering veldonderzoek
Het veldonderzoek is uitgevoerd door Waders Milieu BV conform de Beoordelingsrichtlijn voor de SIKB-procescertificaten voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek (BRL SIKB 20007) en de protocollen 20018 en 20029 (bijlage 2, verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk). Op 3 juli 2023 is het veldwerk uitgevoerd als omschreven in paragraaf 2.3. De verrichte boringen en de geplaatste peilbuis zijn gecodeerd vanaf nr. 1. Het grondwater is bemonsterd op 12 juli 2023. Gelijktijdig zijn de stand, de zuurgraad (pH), het geleidingsvermogen (ec) en de troebelheid van het grondwater bepaald. De situering van de boorpunten is aangegeven op de tekening (bijlage 1). Een uitgebreide omschrijving van de onderzoeksmethodiek is opgenomen in bijlage 4. 3.2
Resultaten veldonderzoek
Bodemopbouw In bijlage 2 is van elke boring een boorprofiel opgenomen. De globale bodemopbouw van de locatie is in onderstaande tabel omschreven. Tabel 5
Globale bodemopbouw onderzoekslocatie
Traject (m-mv)
Lithologische beschrijving
0,0 – 0,5
Klei, zwak zandig, zwak humeus
0,5 – 1,4
Klei, zwak siltig, zwak humeus, of zand, matig fijn, zwak siltig
1,4 – 2,0
Zand, matig fijn, matig siltig, of veen
2,0 – 2,5
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak grindig
m-mv
=
meter minus maaiveld
Zintuiglijke waarnemingen vaste bodem Bij de uitvoering van het veldwerk zijn bij de boringen 03 en 04 bijmengingen met baksteen aangetroffen in het traject variërend van 0,0 tot 0,6 m-mv. Op het maaiveld en in het omhoog gebrachte materiaal zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Bij de overige boringen zijn geen bijzonderheden (waaronder olie-indicaties en/of bodemvreemde materialen) aangetroffen, die kunnen duiden op aanwezigheid van bodemverontreiniging. Grondwaterstand, zuurgraad, geleidingsvermogen en troebelheid In tabel 6 zijn de resultaten van de veldmetingen aan het grondwater schematisch weergegeven.
7 8 9
Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen Het nemen van grondwatermonsters
23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
9
Tabel 6
Veldmetingen grondwater
Peilbuis
Datum monstername
Grondwaterstand (m-mv)
Zuurgraad (-)
Geleidbaarheid (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
02-1-1
12-07-2023
1,2
6,5
2.100
16,8
De in tabel 6 genoemde waarden aan zuurgraad en geleidbaarheid kunnen als normaal worden beschouwd. De troebelheid is hoger dan 10 NTU. Ondanks goed voorpompen en een laag afpompdebiet is geen helder watermonster verkregen. Dit kan van invloed zijn op het analyseresultaat (van met name organische parameters). Zintuiglijke waarnemingen grondwater In tabel 7 zijn de waarnemingen bij de watermonstername schematisch weergegeven. Tabel 7
Waarnemingen grondwater
Peilbuis
Zintuiglijke waarnemingen
Goed-/slechtlopend
Belucht
02-1-1
Geen
Goedlopend
Niet belucht
3.3
Laboratoriumonderzoek
De monsters zijn aangeboden aan het RvA-geaccrediteerde laboratorium Eurofins Analytico Milieu B.V. te Barneveld. De resultaten van het veldonderzoek geven geen aanleiding meerdere (meng)monsters te onderzoeken of andere analyses uit te voeren dan conform de gehanteerde strategie (zie paragraaf 2.3). In tabel 8 zijn de voor analyses geselecteerde monsters en de stoffen waarop de monsters zijn onderzocht, schematisch weergegeven. Tabel 8
Monsteromschrijvingen en geanalyseerde parameters
Monstercode
Boringen
Traject (m-mv)*
Geanalyseerde parameters
MM-1
01 en 02
0,0 – 0,5
Standaardpakket bodem, lutum en organische stof
MM-2
03 en 04
0,0 – 0,5
Standaardpakket bodem, OCB, lutum en organische stof
MM-3
05 /m 07
0,0 – 0,5
Standaardpakket bodem, OCB, lutum en organische stof
02
1,5 – 2,5
Standaardpakket grondwater
Grond
t
Grondwater 02-1-1 MM *
= =
mengmonster het betreft de minimale en maximale monsternamediepte. Op het analysecertificaat is het monsternametraject per boring weergegeven
23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
10
3.4
Analyseresultaten
De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 3. De analyseresultaten zijn getoetst met behulp van BoToVa aan de achtergrond-/streef10- en interventiewaarden. De analyseresultaten van de grond zijn ook indicatief 11 getoetst volgens het Besluit12 en de Regeling13 bodemkwaliteit. Deze toetsing geeft een indicatie van toepassingsmogelijkheden zodra grond wordt afgevoerd. De toetsing doet geen uitspraak over de (gezondheids)risico’s bij het gebruik van de grond. De toetsingen zijn opgenomen in bijlage 5. Informatie over het toetsingskader is opgenomen in bijlage 4. In onderstaande tabellen is het resultaat van de toetsing 14 opgenomen voor respectievelijk de grond en het grondwater. Tabel 9
Monsteromschrijving grond(meng)monsters en resultaat toetsing
Monstercode (traject m-mv)
Boringen
Grondsoort*
Bijzonderheden** Resultaat toetsing***
Klasse indeling****
MM-1 (0,0 – 0,5)
01 en 02
Zand
-
-
Altijd toepasbaar
MM-2 (0,0 – 0,5)
03 en 04
Zand
-
-
Altijd toepasbaar
MM-3 (0,0 – 0,5)
05 t/m 07
Zand
-
-
Altijd toepasbaar
Bovengrond
MM *
** *** ****
-
= = = = = =
Tabel 10
mengmonster indeling in hoofdnamen: zand, grond (humeus zand), klei, leem of veen voor de mate en voor meer details wordt verwezen naar de boorprofielen in de bijlage 2 mate van verhoging (licht, matig of sterk). Tussen haakjes het gemeten gehalte in mg/kg d.s. betreft indicatieve toetsing aan Besluit en Regeling bodemkwaliteit met het oog op afvoer geen zintuiglijke waarnemingen of geen verhoogde gehalten boven de achtergrondwaarden
Monsteromschrijving grondwater en resultaat toetsing
Monstercode (traject m-mv)
Peilbuis
Resultaat toetsing*
02-1-1 (2,0 - 3,0)
02
Licht: barium (120) en tetrachlooretheen (0,17)
= =
*
-
mate van verhoging (licht, matig of sterk). Tussen haakjes het gemeten gehalte in µg/l geen verhoogde gehalten boven de streefwaarden
Zoals eerder aangegeven duidt de troebelheid van het grondwater op een onvoldoende helder watermonster. Dit heeft de resultaten van het bodemonderzoek echter niet negatief beïnvloed. In het grondwater zijn namelijk geen matig of sterk verhoogde gehalten aangetoond.
10
Het betreffen de door de gemeente vastgestelde locatiespecifieke achtergrondwaarden (zie bodemkwaliteitskaart) en/of de landelijk vastgestelde generieke waarden (AW2000) Mogelijke klassen zijn: ‘Altijd toepasbaar’, ‘Klasse Wonen’, ‘Klasse Industrie’, ‘Niet toepasbaar’ en ‘Nooit toepasbaar’ Besluit van 22 november 2007 Regeling van 13 december 2007, nr. DJZ2007124397. Tevens zijn navolgende wijzigingen van de Regeling van toepassing
11 12 13 14
• • • •
niet verhoogd: het gehalte overschrijft de achtergrond-/streefwaarde niet; er is in principe sprake van een ‘schoon’ monster (NB: ook de als licht verhoogd gerapporteerde ‘parameters * factor 0,7’ kunnen als ‘niet verhoogd’ worden beschouwd, indien alle individuele parameters de detectiegrens AS3000 niet overschrijden) licht verhoogd: het gehalte overschrijdt de achtergrond-/streefwaarde, maar de tussenwaarde (het gemiddelde van de achtergrond-/streef- en interventiewaarde) wordt niet overschreden. De verontreiniging is naar verwachting dermate gering dat veelal geen nadere actie (onderzoek of sanering) noodzakelijk is matig verhoogd: het gehalte overschrijdt de tussenwaarde. Nader onderzoek kan worden aanbevolen om te bepalen of er inderdaad sprake is van relevante bodemverontreiniging sterk verhoogd: het gehalte overschrijdt de interventiewaarde. Nader onderzoek naar de aard, mate, omvang en oorzaken van de verontreiniging is in de meeste gevallen noodzakelijk
23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
11
3.5
Deelconclusie verkennend bodemonderzoek
Geconcludeerd wordt dat de hypothese 'verdachte locatie' ten aanzien van de deellocaties A en B stand houdt. In het grondwater zijn licht verhoogde gehalten barium en tetrachlooretheen aangetoond. De vastgestelde milieuhygiënische bodemkwaliteit vormt geen belemmering voor de voorgenomen wijziging van het bestemmingsplan en het voornemen werkzaamheden in de grond uit te voeren. De onderzoeksresultaten geven geen aanleiding om aanvullend of nader bodemonderzoek te adviseren.
23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
12
4
VERKENNEND WATERBODEMONDERZOEK 4.1 Onderzoeksstrategie
Het kwalitatieve onderzoek wordt opgezet aan de hand van de NEN 5720 “Waterbodem – Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch onderzoek”. De toe te passen onderzoeksstrategie wordt hierin afhankelijk gesteld van het onderzoeksdoel, het watertype en de onderzoeksinspanning. Deze zaken zijn bepaald op basis van de informatie die is verkregen uit het historisch vooronderzoek conform NEN 5717:2017 “Waterbodem – Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek”. • Voor dit onderzoek wordt uitgegaan van het onderzoeksdoel voorgenomen baggerwerkzaamheden; • Voor dit onderzoek wordt uitgegaan van het watertype lintvormig water; • Voor dit onderzoek wordt uitgegaan van een normale onderzoeksinspanning. Op basis van het vooronderzoek wordt gekozen voor de onderzoeksstrategie ten behoeve van baggerwerkzaamheden, met een normale onderzoeksinspanning voor lintvormig water (LN, § 5.1.10). In deze onderzoeksstrategie worden monstervakken aangehouden met een lengte van maximaal 500 meter. • Gezien de lengte en ligging wordt de watergang onderzocht als 1 bemonsteringsvak. 4.2 Veldwerkzaamheden De volgende werkzaamheden worden per monstervak verricht: • Elk monstervak wordt op 6 plaatsen bemonsterd, waarbij de gehele specielaag wordt bemonsterd.
De monstername gebeurt met een zuigerboor en, indien noodzakelijk, in verschillende lagen15; • De steekmonsters worden volgens een gelijkmatig verdeeld patroon over het monstervak gezet; • Bij bemonstering worden per meetpunt (=monsternamepunt) de volgende gegevens opgenomen: o de bovenzijde van de specielaag [cm –wp]; o textuur baggerspecie, en eventueel afwijkende zintuiglijke waarnemingen; o de bovenzijde van de vaste bodem [cm –wp]; o textuur vaste bodem; • Extra aandacht wordt besteed aan de eventuele aanwezigheid van asbestverdachte materialen in of direct nabij de watergang, onder andere beschoeiingen, overhangende asbestverdachte dakplaten (afwateringspunt) en/of puinoevers; • De peilingen worden uitgevoerd met een aluminium peilstok met een geperforeerde bodemplaat van 225 cm2 (aanpeiling specielaag) en een aluminium peilstok met een voet van 5 cm2 (aanpeiling vaste bodem); • Het waterpeil wordt plaatselijk vastgelegd aan aanwezige kunstwerken of met behulp van 06GPS; • Van elk monsternamepunt wordt in het veld een boorbeschrijving gemaakt; • De individuele steekmonsters worden in het veld niet gemengd tot een samengevoegd speciemonster. Uit het monstervak worden tenminste 10 deelmonsters genomen, afhankelijk van de aan te treffen specielaagdikte. Bij het aantreffen van specielaagdiktes > 1,0 m of bij afwijkende lagen is het nemen van extra deelmonsters noodzakelijk.
Ook kan het noodzakelijk zijn om aanvullende mengmonsters te laten analyseren. 15
In § 4.4.2.1 van de NEN 5720:2017 staat aangegeven dat sliblagen tot 1,0 m dikte als één laag mogen worden bemonsterd. Dit is toegestaan omdat bij niet-geconsolideerde slappe sliblagen opmenging tijdens baggerwerkzaamheden niet te voorkomen is. Voor sliblagen dieper dan 1,0 m, gezien vanaf bovenzijde sliblaag, en voor andere grondsoorten bedraagt de maximaal te bemonsteren laagdikte 0,5 m.
23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
13
4.3 Fysische en chemische analyses Van de in het veld genomen deelmonsters worden samengevoegd tot 1 mengmonster (bij homogene samenstelling specielaag). Het speciemengmonster wordt geanalyseerd op PFAS 16 en op het uitgebreide (C2-)waterbodempakket. Dit pakket bestaat uit analyse op: • droge stof, organische stof, de fractie <2μm (lutum), de (zware) metalen As, Ba, Cd, Cr, Co, Cu, Hg, Mo, Ni, Pb en Zn, polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK 10-VROM), penta- en hexachloorbenzenen, organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB), pentachloorfenol, polychloorbifenylen (PCB) en minerale olie (GC-gefractioneerd, C10-C40). De analyses worden uitgevoerd conform AS3000. 4.4
Kwaliteitsborging
Waders Milieu B.V. heeft, als onafhankelijk adviesbureau, geen andere relatie met opdrachtgever dan opdrachtgever/opdrachtnemer. Waders Milieu B.V. “keurt geen eigen grond” waarmee de onafhankelijkheid van het onderzoek is gewaarborgd. Het kwaliteitssysteem van Waders Milieu B.V. voldoet aan de eisen van de NEN-EN ISO 9001:2015 (certificaatnr.: KSC-K81652/04). De veldwerkzaamheden worden uitgevoerd naar de richtlijnen van de BRL SIKB 2000 conform de daarbij behorende protocollen. Waders Milieu B.V. is gecertificeerd voor de protocollen 2001, 2002, 2003 en 2018 (certificaatnr.: K107635/01). Onderhavig onderzoek wordt uitgevoerd conform het protocol 2003, dat betrekking heeft op het uitvoeren van veldwerkzaamheden ten behoeve van waterbodemonderzoek. Bij afwijking van de kritieke proceseisen van de BRL en/of de protocollen wordt het onderzoek niet gerapporteerd onder certificaat. In de rapportage wordt dan melding gemaakt van de kritieke afwijkingen. De fysische en chemische analyses worden uitgevoerd door de door de Raad van Accreditatie conform criteria voor testlaboratoria geaccrediteerde milieulaboratoria Eurofins Analytico B.V. te Barneveld (nr. RvA L 010) en Eurofins Omegam B.V. te Amsterdam-Duivendrecht (nr. RvA L 086). Bij ieder waterbodemonderzoek wordt gestreefd naar een optimale representativiteit.
Toch is een dergelijk onderzoek gebaseerd op een beperkt aantal monsternamepunten en/of analyses. Hierdoor blijft het mogelijk dat lokale afwijkingen in de samenstelling van de waterbodem aanwezig kunnen zijn, die tijdens het onderzoek niet naar voren zijn gekomen. Verder is een (milieukundig) onderzoek een momentopname. Beïnvloeding van de milieuhygiënische kwaliteit van de waterbodem zal ook plaats kunnen vinden na de uitvoering van het onderzoek. Waders Milieu B.V. acht zich niet aansprakelijk voor eventuele schade of gevolgen voortvloeiend uit het waterbodemonderzoek. 4.5 Uitvoering veldwerkzaamheden Het veldwerk is uitgevoerd door M.G. Boer van Waders Milieu B.V., onafhankelijk van de opdrachtgever, conform de eisen aan de externe functiescheiding in de BRL SIKB 2000. De verklaring van onafhankelijkheid is opgenomen in bijlage 2.
16
Deze onderzochte componenten omvatten in ieder geval de 28 te meten PFAS van de advieslijst d.d. 12 juli 2019. Expliciet wordt vermeld dat GenX (vooralsnog) geen onderdeel uitmaakt van dit onderzoek.
23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
14
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd conform de richtlijnen in de BRL SIKB 2000 en het daarbij behorende protocol 2003 (veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek). De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 4 juli 2023. De ligging van het monstervak en de plaats van de steekmonsters zijn op de situatietekeningen in bijlage 1 aangegeven. De boorprofielbeschrijvingen en zintuiglijke waarnemingen zijn opgenomen in bijlage 2. In bijlage 2 zijn ook de foto’s van de locatie opgenomen. 4.5.1
Kwaliteit
Het veldwerk is verricht conform de onderzoeksstrategie in hoofdstuk 2. De steekmonsters zijn, met behulp van een zuigerboor, volgens een gelijkmatig verdeeld patroon over het monstervak gezet. Het waterpeil is vastgelegd met behulp van 06GPS op NAP -2,27 m. De baggerspecie is bemonsterd met behulp van een zuigerboor. De gehele baggerspecielaag is hierbij als 1 laag bemonsterd, omdat de dikte van de specielaag minder dan 1,0 m bedraagt. Zintuiglijk zijn geen afwijkende lagen geconstateerd. Verder is op een aantal plaatsen de ondergrond bemonsterd en beschreven. Voor de boorbeschrijving, de trajecten van monstername en de waterdiepte per steekmonster wordt verwezen naar de boorprofielen in bijlage 2. Bij de bemonstering zijn geen asbestverdachte beschoeiingen, puinoevers of andere asbestverdachte materialen (of objecten) in of direct nabij de watergang aangetroffen. 4.6
Afwijkingen
De veldwerkzaamheden zijn, zoals eerder vermeld, uitgevoerd conform de richtlijnen in de BRL SIKB 2000 en het daarbij behorende protocol 2003. Er zijn geen afwijkingen vastgesteld ten opzichte van het protocol. 4.7
Laboratoriumonderzoek
De fysische en chemische analyses zijn uitgevoerd door de door de Raad van Accreditatie conform criteria voor testlaboratoria geaccrediteerde milieulaboratoria Eurofins Analytico B.V. te Barneveld (nr. RvA L 010) en Eurofins Omegam B.V. te Amsterdam-Duivendrecht (nr. RvA L 086). Van de in het veld genomen deelmonsters zijn op het milieulaboratorium speciemengmonsters samengesteld (1 speciemengmonster per monstervak bij homogene samenstelling specielaag). De speciemengmonsters zijn geanalyseerd op PFAS en op het eerder genoemde uitgebreide (C2-)waterbodempakket. In bijlage 3 zijn de analyseresultaten en de gehanteerde analysemethoden vermeld. De analyses zijn uitgevoerd conform AS3000. 4.8
Toetsing analyseresultaten
Toetsing conform Besluit bodemkwaliteit De analyseresultaten zijn opgenomen in bijlage 3. In bijlage 5 is de toetsing van de analyseresultaten, met klasse-indeling conform Bbk en de msPAF-toets, van het speciemengmonster opgenomen. In onderstaande tabel is een beknopt overzicht opgenomen 23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
15
van de resultaten van het onderzoek, waarbij alleen het eindoordeel per toetsing en de bepalende parameters worden weergegeven. Tabel 1.
Klasse-indeling en verspreidingsmogelijkheden
Monstervak
Toepassen in oppervlaktewater
Verspreiden over aangrenzende percelen
Toepassen op of in de landbodem
B
Verspreidbaar
AW#1
MV 1 Blaakwetering
Aldrin
Toepassen in oppervlaktewater AW
:
Geen overschrijding van de Achtergrondwaarde
A
:
Overschrijding van de Achtergrondwaarde, echter onder de Maximale Waarde A, voor toepassen in oppervlaktewater
B
:
Overschrijding van de Maximale Waarde A, echter onder de Maximale Waarde B, voor toepassen in oppervlaktewater
NT / IW
:
Overschrijding van de Maximale Waarde B voor toepassen in oppervlaktewater en overschrijding van Interventiewaarde Waterbodem Verspreiden over aangrenzende percelen
vrij verspreidbaar
:
Voldoet aan msPAF en aan individuele toetsingscriteria en is vrij verspreidbaar
Verspreidbaar
:
Voldoet aan msPAF en aan individuele toetsingscriteria voor verspreiden over aangrenzende percelen
niet verspreidbaar
:
Voldoet niet aan de msPAF of aan de individuele toetsingscriteria voor verspreiden over aangrenzende percelen
AW
:
Geen overschrijding van de Achtergrondwaarde
Wonen
:
Overschrijding van de Achtergrondwaarde, echter onder de Maximale Waarde Wonen, voor toepassen in of op de landbodem
Industrie
:
Overschrijding van de Maximale Waarde Wonen, echter onder de Maximale Waarde Industrie, voor toepassen in of op de landbodem
NT
:
Overschrijding van de Maximale Waarde Industrie, niet toepasbaar in of op de landbodem
IW
:
Overschrijding van de Interventiewaarde Landbodem
Toepassen op of in de landbodem
#1
bij monstervak MV 1 worden licht verhoogde gehalten (nikkel, zink) aangetroffen. Echter conform BBK mogen een aantal parameters 17de achtergrondwaarde overschrijden (maximaal 2 x AW).
De kwaliteitsklassen, zoals vermeld in bovenstaande tabel, zijn in bijlage 1 in de tekening opgenomen. Toetsing PFAS De analyseresultaten PFAS zijn opgenomen in bijlage 3. In onderstaande tabel zijn de resultaten van de PFAS-analyse weergegeven. Tabel 2.
Overzicht van gemeten gehalten PFAS (in µg/kg ds)
Monstervak MV 1 Blaakwetering
Organische stof [% vd ds]
PFOA (som)
PFOS (som)
12,7
0,2
0,5
Overige# < d.g.
#
:
In totaal zijn 28 verschillende PFAS-componenten onderzocht. De belangrijkste, PFOA en PFOS, staan in bovenstaande tabel vermeld. De overige componenten worden alleen vermeld indien deze boven de detectiegrens uitkomen.
< d.g.
:
Gehalten kleiner dan detectiegrens Gestandaardiseerd gehalte overschrijdt de toepassingswaarde (categorie 4.1) voor landbouw/natuur Gestandaardiseerd gehalte overschrijdt de toepassingswaarde (categorie 4.1) voor wonen/industrie
17
Vanwege statistische keuzes bij het afleiden van de Achtergrondwaarden is er bij onbelaste (water)bodems per stof 5% kans dat de Achtergrondwaarden toch worden overschreden. Om te voorkomen dat onbelaste (water)bodems ten onrechte worden gekarakteriseerd als (water)bodem die niet voldoet aan de Achtergrondwaarden, wordt bij toetsing van de gehalten aan de Achtergrondwaarden een extra toetsingsregel toegepast. Afhankelijk van het aantal onderzochte parameters mogen een aantal stoffen verhoogd zijn ten opzichte van de Achtergrondwaarde, tot maximaal 2 x de Achtergrondwaarde.
23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
16
Categorie 4.1 (Toepassen op de landbodem) De gestandaardiseerde gehalten18 voor PFAS voldoen aan de toepassingswaarden (categorie 4.1) voor klasse Landbouw/Natuur (zie Handelingskader voor hergebruik van PFAShoudende grond en baggerspecie). Alle gestandaardiseerde gehalten zijn lager dan 1,9 µg/kg ds (voor PFOA) of lager dan 1,4 µg/kg ds (voor PFOS en de overige PFAS). Met het bevoegd gezag van de toepassingslocatie, of de acceptant van de baggerspecie, dienen de toepassingsmogelijkheden van de baggerspecie ten aanzien van PFAS te worden afgestemd. Categorie 4.9.1 (Toepassen in niet-vrijliggende diepe plas) De gestandaardiseerde gehalten voor PFOS én voor de overige PFAS voldoen aan de toepassingswaarden (categorie 4.9.1) van respectievelijk 3,7 µg/kg ds en 0,8 µg/kg ds. Daarmee zou de baggerspecie ten aanzien van PFAS in niet-vrijliggende diepe plassen mogen worden toegepast. Indicatieve veiligheidsklassen conform CROW 400 De gestandaardiseerde gehalten zijn indicatief getoetst aan de Serious Risk Concentration (SRCarbo). Voor geen enkele parameter wordt de ondergrens van 75%-SRCarbo overschreden, waardoor van alle monstervakken geen (indicatieve) veiligheidsklasse van toepassing is. Men dient rekening te houden met de regels met betrekking tot Basishygiëne. 4.9
Conclusie verkennend waterbodemonderzoek
De baggerspecie van het monstervak is conform msPAF geschikt voor ‘verspreiden over aangrenzend perceel’. De baggerspecie is toepasbaar op landbodem met kwaliteit ‘Achtergrondwaarde’. Voor toepassing in diepe plassen wordt de maximale A waarde voor aldrin overschreden, echter blijft deze onder de maximale B waarde. De baggerspecie is wat betreft PFAS toepasbaar op landbodem en in niet-vrijliggende diepe plassen.
18
Voorafgaand aan de toetsing dient op de analyseresultaten een bodemtypecorrectie plaats te vinden overeenkomstig de systematiek voor PAK. In de tabel worden de gemeten waarden vermeld. Aanvullend staat het organisch stof gehalte vermeld, waarmee de bodemtypecorrectie wordt berekend.
23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
17
5
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
In juli 2023 is een verkennend bodem- en waterbodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de Selderijweg / Hoogzandweg te Ridderkerk. Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek is de voorgenomen wijziging van het bestemmingsplan en het voornemen werkzaamheden in de grond uit te voeren. Men is voornemens om ter plaatse een verbinding te maken tussen de Seldrijweg en de Hoogzandweg middels een dam in de Blaakwetering. 5.1
Resultaten
In onderstaande tabel zijn de resultaten van het onderzoek weergegeven. Tabel 11
Resultaten
Vooronderzoek Werkwijze vooronderzoek
NEN 5725, aanleiding A
Oppervlakte onderzoekslocatie
A/B: 360 + 310 m2
Gebruik locatie
Watergang met talud aan twee zijden
Bijzonderheden
Geen
Bodemonderzoek Strategie bodemonderzoek
NEN 5740, verdachte locatie
Bodemopbouw tot 2,5 m-mv
Klei op zand, plaatselijk veen
Grondwaterstand
1,2 m-mv
Bijmengingen of bijzonderheden
Plaatselijk baksteen
Analyseresultaten
Bovengrond
Geen verhoogde gehalten aangetoond
Grondwater
Licht: barium (120) en tetrachlooretheen (0,17)
Waterbodemonderzoek Oppervlakte / lengte onderzoekslocatie
C: 340 m2 / 30 m1
Strategie asbest in grondonderzoek
Lijnvormige watergang, normale onderzoeksinspanning
Gebruik locatie
Wetering
analyseresultaten
5.2
Kwaliteit waterbodem
B
msPAF
Verspreidbaar
Landbodem
AW
CROW400
Basishygiëne
PFAS
Landbouw/Natuur
Conclusies
Bodemonderzoek Geconcludeerd wordt dat de hypothese 'verdachte locatie' ten aanzien van de deellocaties A en B stand houdt. In het grondwater zijn licht verhoogde gehalten barium en tetrachlooretheen aangetoond. De vastgestelde milieuhygiënische bodemkwaliteit vormt geen belemmering voor de voorgenomen wijziging van het bestemmingsplan en het voornemen werkzaamheden in de grond uit te voeren .
23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
18
Waterbodemonderzoek De baggerspecie van het monstervak is conform msPAF geschikt voor ‘verspreiden over aangrenzend perceel’. De baggerspecie is toepasbaar op landbodem met kwaliteit ‘Achtergrondwaarde’. Voor toepassing in diepe plassen wordt de maximale A waarde voor aldrin overschreden, echter blijft deze onder de maximale B waarde. De baggerspecie is wat betreft PFAS toepasbaar op landbodem en in niet-vrijliggende diepe plassen. 5.3
Aanbevelingen
Bodemonderzoek De onderzoeksresultaten geven geen aanleiding om aanvullend of nader bodemonderzoek te adviseren. Waterbodemonderzoek De onderzoeksresultaten geven waterbodemonderzoek te adviseren.
geen
aanleiding
om
aanvullend
of
nader
Het onderzoek is, voor zover van toepassing, onder certificaat (KWALIBO) uitgevoerd, maar een bodemonderzoek is geen partijkeuring. Door derden kan, ongeacht de resultaten van dit bodemonderzoek, een keuring van een af te voeren partij (grond of verhardingsmaterialen) verlangd worden. Bij afvoer van grond of verhardingsmaterialen van de locatie kan er sprake zijn van verwerkingskosten.
23412601A | Selderijweg / Hoogzandweg Ridderkerk
19
Bijlage | 1 Tekening
Se ld er
G
ed
ijw
em
eg
pt
e
F06
04
sl
oo t
1.03
1.07
03 F02 02
1.04
01
1.06
1.05
1.09
05 07
1.08
Sa
lie
we
g
1.01
1.10
1.02
F01
3719
F05
06 F04
Ho
og
za
nd
we
g
F03
18 3833
12
Aan de maten kunnen geen rechten worden ontleend.
LEGENDA Boring tot 1,0 m-mv Boring tot 2,0 m-mv
Perceelsgrens (Kadaster) 1234
Perceelsnummer Gedempte
Steekmonster baggerspecie Fotonummer
25
Huisnummer
Straatnaam
Straatnaam
Mis File sin Sh : g eet .\R or : 1 idd inv erk alid erk ref .pd ere f nce
sloot
Peilbuis
Wegen
Projectnaam: Hoogzandweg en Selderijweg te Ridderkerk Type: Verkennend bodemonderzoek Verkennend kwalitatief waterbodemonderzoek Omschrijving: Situatietekening Projectnr: Bestandsnaam: 23412601A Formaat: Tekeningnr: Datum: Versie: Getekend: A3 1 AGvGr juli 2023 definitief Schaal: 5m 25m 0m 1:500
Water
Waders Milieu BV
Bebouwing
Adres:
Kunstwerk Bruggen
schaal omgevingskaart 1:20.000
Telefoon: E-mail: Internet:
Kouwe Hoek 18 2741 PX Waddinxveen 0182-244500 info@wadersmilieu.nl www.wadersmilieu.nl
Bijlage | 2 Boorprofielen met legenda Verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk Foto’s
Boring:
01
Boring:
02
Datum: Boormeester
3-7-2023 Martin Boer
Datum: Boormeester
3-7-2023 Martin Boer
0
0
gazon
0
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, lichtbruin
gazon Klei, zwak zandig, zwak humeus, lichtbruin
1
1 40
Klei, zwak siltig, zwak humeus, lichtbruin
50
50
50
Zand matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin
2 2
80
Klei, zwak zandig, neutraalbruin
3 100
100
100 110
Zand matig fijn, matig siltig, donkergrijs 3
150
4 190 200
200
Zand matig fijn, kleiïg, matig humeus, donker bruingrijs Zand matig fijn, matig siltig, zwak grindig, matig schelphoudend, donkergrijs
250
250
Boring:
03
Boring:
04
Datum: Boormeester
3-7-2023 Martin Boer
Datum: Boormeester
3-7-2023 Martin Boer
0
0
gazon
0
0
Klei, zwak zandig, zwak humeus, sporen baksteen, lichtbruin
Klei, zwak zandig, zwak humeus, sporen baksteen, matig grindhoudend, lichtbruin
1
1
50
50
50
Zand matig fijn, zwak siltig, neutraal grijsbruin
60
Zand matig fijn, zwak siltig, donker grijsbeige
2
2 100
100
Project:
23412601A
Locatie:
Hoogzandweg Ridderkerk
Getekend volgens NEN 5104
gazon
100
100
Boring:
05
Boring:
06
Datum: Boormeester
3-7-2023 Martin Boer
Datum: Boormeester
3-7-2023 Martin Boer
0
0
berm
0
0
Klei, zwak siltig, zwak humeus, lichtbruin
Klei, zwak siltig, zwak humeus, lichtbruin
1
1
50
50
50
Klei, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin
60
Klei, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin
2
2
90
Klei, matig siltig, donker bruingrijs
100 3
140
Veen, zwak kleiïg, donkerbruin
150
4
200
200
Boring:
07
Datum: Boormeester
3-7-2023 Martin Boer 0
0
berm Klei, zwak siltig, zwak humeus, lichtbruin
1
50 60
Klei, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin 2 100
100
Project:
23412601A
Locatie:
Hoogzandweg Ridderkerk
Getekend volgens NEN 5104
berm
100
100
Legenda (conform NEN 5104)
grind
klei
geur
Grind, siltig
Klei, zwak siltig
Grind, zwak zandig
Klei, matig siltig
geen geur zwakke geur matige geur sterke geur
Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
matige olie-water reactie sterke olie-water reactie
Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10
Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000 Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
Zand, uiterst siltig
>10000
monsters
geroerd monster
overige toevoegingen
ongeroerd monster
zwak humeus volumering
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
peilbuis
blinde buis
casing
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting
grind afdichting filter
Project:
23412601A
Locatie:
Hoogzandweg Ridderkerk
Getekend volgens NEN 5104
Boring:
1.01
Boring:
1.02
Boring:
1.03
Boring:
1.04
Boring:
1.05
Datum: Boormeester Waterpeil:
4-7-2023 Martin Boer -2.27 m tov NAP
Datum: Boormeester Waterpeil:
4-7-2023 Martin Boer -2.27 m tov NAP
Datum: Boormeester Waterpeil:
4-7-2023 Martin Boer -2.27 m tov NAP
Datum: Boormeester Waterpeil:
4-7-2023 Martin Boer -2.27 m tov NAP
Datum: Boormeester Waterpeil:
4-7-2023 Martin Boer -2.27 m tov NAP
0
0
waterspiegel
0
0
Water
50
waterspiegel
0
0
Water
50
waterspiegel
0
0
Water
50
waterspiegel
0
0
Water
50
waterspiegel Water
50
65
1
70
Slib, matig stevig, matig humeus, zwak kleiïg, donkergrijs
2
100
1
Slib, matig stevig, matig humeus, zwak kleiïg, donkergrijs
2
100 110
78
100
1
Slib, matig stevig, matig humeus, matig kleiïg, donkergrijs
2
87
114
Klei, lichtgrijs
1
120
Klei, donkerbruin
89
Slib, matig stevig, matig humeus, matig kleiïg, donkergrijs
100 2
Slib, matig stevig, matig humeus, matig kleiïg, donkergrijs
100 1
2
Veen, donkerbruin
130 134 140
141
142
Veen, donkerbruin
150
Veen, donkerbruin
150
160
162
Boring:
1.06
Boring:
1.07
Boring:
1.08
Boring:
1.09
Boring:
1.10
Datum: Boormeester Waterpeil:
4-7-2023 Martin Boer -2.27 m tov NAP
Datum: Boormeester Waterpeil:
4-7-2023 Martin Boer -2.27 m tov NAP
Datum: Boormeester Waterpeil:
4-7-2023 Martin Boer -2.27 m tov NAP
Datum: Boormeester Waterpeil:
4-7-2023 Martin Boer -2.27 m tov NAP
Datum: Boormeester Waterpeil:
4-7-2023 Martin Boer -2.27 m tov NAP
0
0
waterspiegel
0
0
Water
50
waterspiegel
0
0
Water
50
49
50 2
73
90
1
90
Slib, matig stevig, matig humeus, matig kleiïg, donkergrijs
2
1
93
Slib, matig stevig, matig humeus, matig kleiïg, donkergrijs
100 2
138 145
150
Veen, donkerbruin Veen, donkerbruin
150 158
165
Project:
23412601A
Locatie:
Hoogzandweg Ridderkerk
0
0
Water
1
100
waterspiegel
Slib, matig stevig, sterk humeus, zwak kleiïg, donkergrijs Klei, neutraalbruin
waterspiegel
0
0
Water
50
50 1
Water
50
70
Slib, matig stevig, sterk humeus, zwak kleiïg, donkergrijs
90
Klei, neutraalbruin
2
waterspiegel
53
1
72
Slib, matig stevig, sterk humeus, zwak kleiïg, donkergrijs
92
Veen, donkerbruin
2
Legenda (conform NEN 5104)
grind
klei Grind, siltig
geur Klei, zwak siltig
geen geur zwakke geur
Grind, zwak zandig
matige geur
Klei, matig siltig
sterke geur Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
matige olie-water reactie sterke olie-water reactie
Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10
Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000 Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
Zand, uiterst siltig
>10000
monsters
geroerd monster
overige toevoegingen
ongeroerd monster
zwak humeus volumering
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
VERKLARING ONAFHANKELIJKHEID UITVOERING VELDWERK
Projectcode: Locatie: Projectleider:
23412601A Hoogzandweg Ridderkerk Antoine van Groeningen
BRL SIKB:
1000 2000 2100 6000
Monsterneming voor partijkeuringen Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek Mechanisch boren Milieukundige begeleiding van (water)bodemsaneringen en nazorg
Protocollen:
1001 1002
2001
2002 2003 2018 2101 6001
6002
Monsterneming voor partijkeuringen grond en baggerspecie Monsterneming voor partijkeuringen niet-vormgegeven bouwstoffen Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen Het nemen van grondwatermonsters Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek Locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem Mechanisch boren Milieukundige begeleiding landbodemsanering met conventionele methoden Milieukundige begeleiding van landbodemsanering met in-situ methoden
Ik verklaar dat het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd conform de eisen van de BRL SIKB 2000 en de daarbij behorende protocollen. Naam: M.C. van Kooten
M.G. Boer
Handtekening:
23412601A – Verbindingsweg Ridderkerk juli 2023
F01
F02
F03
F04
F05
F06