BDO-Benchmark-Nederlandse-Gemeenten-2026.pdf
Tekst van het document
Klik op de grafieken voor meer categorieën
Overige categorieën
25.000 inwoners
Overige categorieën
100%
50%
80% 40% 60% 30% 40%
20%
’10
’11
25.000
’12
’13
’14
’15
’16
’17
’18
’19
’20
’21
’22
’23
’24
Gemiddeld
Bij gemeenten in deze groottecategorie bedraagt de algemene reserve ongeveer 41% van het eigen vermogen. Verder zien we dat deze gemeenten een gezamenlijk tekort verwachten in 2025 van € 50 miljoen. In 2026 is dit toegenomen tot € 61 miljoen. In 2027 neemt het tekort weer af naar € 35 miljoen, om
20%
’10
’11
25.000
’12
’13
’14
’15
’16
’17
’18
’19
’20
’21
’22
’23
’24
Gemiddeld
vervolgens op te lopen naar € 77 miljoen in 2028 en ten slotte uit te komen op € 46 miljoen in 2029. Nog steeds tekorten dus, terwijl een groot deel van de gemeenten al maatregelen heeft genomen. Voor 38 gemeenten in deze categorie hebben wij dit nader geanalyseerd. Daaruit blijkt dat 27 gemeenten
56 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
FINANCIËLE PERFORMANCE GEMEENTEN < 25.000 INWONERS
‘In 2028 ontstaat er een duidelijke dip doordat incidentele rijksmiddelen wegvallen’
voor 2026 al maatregelen hebben getroffen om het tekort te beperken, zoals ombuigingen, het verhogen van inkomsten of financieel-technische maatregelen. Voor 2027 geldt dat 15 gemeenten deze maatregelen continueren of zelfs intensiveren.
Klik op de grafieken voor meer categorieën
Grafiek rondexploitatie (Grex) Nederlandse gemeenten,
gemiddeld en naar groottecategorie (2010–2024) Grondexploitatie (Grex) Nederlandse gemeenten, gemiddeld en naar groottecategorie 25.000 inwoners
Vooral in 2028 ontstaat een duidelijke dip doordat incidentele rijksmiddelen wegvallen. Tegelijkertijd laten de realisaties zien dat begrotingen structureel te somber zijn: investeringen worden minder snel uitgevoerd dan gepland, projecten schuiven door en uitgaven blijven achter door beperkte uitvoeringscapaciteit. Daardoor vallen de resultaten jaar op jaar hoger uit dan begroot. Deze categorie lijkt daarmee financieel stabieler dan de meerjarenramingen suggereren, maar blijft kwetsbaar zodra investeringsopgaven daadwerkelijk tot uitvoering komen en eerder uitgestelde lasten alsnog moeten worden gedragen. Solvabiliteit De solvabiliteit voor gemeenten tot 25.000 inwoners is licht gestegen van 40,3% in 2023 naar 40,5% in 2024. Uitschieters zijn de gemeenten Zeewolde en Staphorst. Die hebben beide een solvabiliteit van maar liefst 81%. De laagste solvabiliteit vinden we in de gemeente Hattem met 11%. De solvabiliteit is in de afgelopen jaren vooral gestegen als gevolg van overschotten die het eigen vermogen hebben vergroot. Verder valt op dat de solvabiliteit van deze allerkleinste gemeenten flink hoger ligt dan die van de allergrootste: 40,5% versus 36,7%.
S Grafiek tructurele exploitatieruimte Nederlandse gemeenten, gemiddeldexploitatieruimte en naar groottecategorie (2014–2024) Structurele Nederlandse gemeenten, gemiddeld en naar groottecategorie
Overige categorieën
40%
25.000 inwoners
Overige categorieën
6% 5%
30%
4% 3%
20% 2% 1%
10%
0% 0%
’10
’11
25.000
’12
’13
’14
’15
’16
’17
’18
’19
’20
’21
’22
’23
’24
Gemiddeld
Nettoschuldquote De nettoschuldquote daalde met 1,0%: van 27,7% in 2023 naar 26,7% in 2024. Gemeente Renswoude heeft met 142% de hoogste nettoschuldquote, Blaricum met – 87,1% – de laagste. Opvallend is verder dat de kleinste gemeenten een nettoschuldquote van 59,9% begroten voor 2026. Dat is aanzienlijk meer
-1%
’14 25.000
’15
’16
’17
’18
’19
’20
’21
’22
’23
’24
Gemiddeld
dan de 26,7% in 2024. Kennelijk verwachten deze gemeenten in dat jaar meer te investeren dan er eigen middelen zijn. Uit het verleden blijkt dat dit deels kan voortkomen uit planningsoptimisme. Ook voor 2024 werd een aanzienlijk hogere nettoschuldquote verwacht dan de uiteindelijke 26,7%.
57
BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
FINANCIËLE PERFORMANCE GEMEENTEN < 25.000 INWONERS
‘De kleinste gemeenten hebben – net als in voorgaande jaren – de hoogste belastingcapaciteit van alle gemeentecategorieën’ Grondexploitatie (Grex) Bij gemeenten tot 25.000 inwoners bedraagt de grondexploitatieratio 5,1%, dat is nipt onder het gemiddelde van 5,2% en dat is aan de lage kant. Van alle 112 kleinste gemeenten bevinden zich er drie in de categorie ‘meest risicovol’. Dat zijn Nuenen (81,0%), Zeewolde (44,0%) en Urk (65%). Een Grex-ratio van 10% of hoger wordt beschouwd als ‘kwetsbaar’. Voor 2026 verwachten de kleinste gemeenten overigens slechts een beperkt hogere Grex-ratio, namelijk 5,2%. Grote bouwplannen lijken daarmee voorlopig nog uit te blijven. Een lage grondexploitatieratio levert weinig financiële risico’s op, maar het laat ook zien dat deze gemeenten beperkt investeren in grondexploitaties, terwijl Nederland midden in een wooncrisis verkeert. Het lukt gemeenten kennelijk niet om de benodigde capaciteit te organiseren om bouwopgaven te realiseren. Daarnaast vormen ook de wet- en regelgeving op het gebied van stikstof en milieu een obstakel, wat de voortgang verder kan belemmeren. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte van gemeenten daalt in deze categorie het sterkst: van 3,8% in 2023 naar 2,4% in 2024. Dat wil zeggen dat de resultaten van gemeenten in
2024 achterbleven bij die van 2023. Waar deze kleinste gemeenten vorig jaar nog de hoogste structurele exploitatieruimte toonden van alle groottecategorieën, laten ze nu juist de laagste zien. Bijna een kwart – 26 van de 112 gemeenten – kent bovendien een negatieve structurele exploitatieruimte. Dat is een hoger aandeel dan in welke andere categorie dan ook. Deze ontwikkeling lijkt vooral het gevolg van een combinatie van factoren: lagere rijksbijdragen, stijgende lasten en lagere incidentele baten, terwijl de investeringsdruk onverminderd hoog blijft. Overigens is een structurele exploitatieruimte van 2,4% nog altijd aan de hoge kant. Een percentage van rond 1% is doorgaans al voldoende, aangezien gemeenten hun middelen ook willen inzetten ten behoeve van de gemeenschap. Volgens de begroting daalt deze ratio nog verder. Voor 2026 wordt een structurele exploitatieruimte verwacht van 1,1%. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit van gemeenten in deze categorie is in 2024 weer met een procentpunt gestegen: van 101,9% naar 102,9%. Daarmee hebben de kleinste gemeenten – net als in voorgaande jaren – de hoogste belastingcapaciteit van alle gemeentecategorieën. Dat betekent dat zij minder ruimte hebben om belastingen te verhogen of uit te breiden dan grotere gemeenten.
Uitschieter is Blaricum met een belastingcapaciteit van maar liefst 215,5%, gevolgd door de gemeente Bloemendaal met 200,0%.
Klik op de grafiek voor meer categorieën
B Grafiek elastingcapaciteit Nederlandse gemeenten, gemiddeld en naarNederlandse groottecategorie (2014–2024) Belastingcapaciteit gemeenten, gemiddeld en naar groottecategorie 25.000 inwoners
Overige categorieën
110%
100%
90% ’14 25.000
’15
’16 Gemiddeld
’17
’18
’19
’20
’21
’22
’23
’24
FINANCIËLE BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN VAN BDO Ranking 1 - 25 | Groottecategorie <25.000
Ratioanalyse jaarrekening 2024
Solvabiliteitsratio
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
Belastingcapaciteit
Solvabiliteitsratio gecorrigeerd voor begrotingssaldi 2025 t/m 2029
Rapportcijfer 2024
Solvabiliteitsratio
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
Belastingcapaciteit
Correctie solvabiliteit op basis van begrotingsanalyse
Staphorst
17.968
Overijssel
81,00%
-45,00%
2,00%
4,00%
87,00%
62
10
40
30
15
10
5
-
2
Noord-Beveland
8.046
Zeeland
69,74%
-21,43%
2,96%
9,63%
77,67%
69
10
40
30
15
10
5
-
3
=
Putten
24.953
Gelderland
69,00%
-16,00%
10,00%
11,00%
72,00%
67
10
40
30
15
10
5
-
4
Elburg
23.903
Gelderland
69,00%
-3,00%
4,27%
5,28%
87,00%
58
10
40
30
15
10
5
-
5
Laarbeek
23.324
Noord-Brabant
65,00%
-9,00%
12,00%
8,00%
86,00%
51
10
40
30
15
10
5
-
6
Eersel
20.389
Noord-Brabant
63,20%
-45,10%
-4,30%
7,30%
78,90%
61
10
40
30
15
10
5
-
7
Borsele
23.125
Zeeland
63,00%
-29,00%
-3,00%
2,00%
91,00%
58
10
40
30
15
10
5
-
8
Someren
20.200
Noord-Brabant
63,00%
16,00%
-5,00%
1,30%
91,00%
52
10
40
30
15
10
5
-
9
Nederweert
17.512
Limburg
51,00%
-65,00%
2,00%
10,00%
86,00%
53
10
40
30
15
10
5
-
10
=
Gennep
17.785
Limburg
50,22%
3,27%
0,08%
3,94%
90,95%
57
10
39
30
15
10
5
1
11
Koggenland
23.821
Noord-Holland
61,50%
2,00%
9,40%
3,80%
92,70%
50
10
40
30
15
10
5
-1
12
De Wolden
24.672
Drenthe
55,00%
11,00%
0,30%
6,90%
93,00%
50
10
40
30
15
10
5
-1
13
Valkenburg aan de Geul
16.464
Limburg
75,69%
-55,39%
0,00%
10,07%
98,01%
74
10
40
30
15
10
3
-
14
Sluis
23.094
Zeeland
53,00%
-10,00%
0,00%
9,00%
98,00%
54
10
40
30
15
10
3
-
15
Woensdrecht
22.194
Noord-Brabant
51,40%
-16,60%
-1,20%
5,00%
97,40%
57
10
40
30
15
10
3
-
16
Goirle
24.468
Noord-Brabant
48,90%
11,20%
2,10%
5,70%
101,30%
54
10
38
30
15
10
3
2
17
Pekela
12.459
Groningen
55,30%
-24,40%
2,40%
5,40%
103,10%
50
10
40
30
15
10
3
-1
18
Blaricum
12.947
Noord-Holland
79,52%
-87,15%
0,00%
5,26%
215,49%
81
10
40
30
15
10
1
-
19
Hillegom
22.786
Zuid-Holland
69,80%
-23,00%
-7,10%
2,80%
112,00%
70
10
40
30
15
10
1
-
20
Doesburg
11.125
Gelderland
64,00%
-20,30%
0,20%
1,10%
106,60%
58
10
40
30
15
10
1
-
21
Opmeer
12.491
Noord-Holland
64,00%
-19,00%
6,00%
4,00%
131,00%
76
10
40
30
15
10
1
-
22
Woudenberg
14.760
Utrecht
56,63%
-19,31%
-4,81%
1,67%
106,04%
67
10
40
30
15
10
1
-
23
Zoeterwoude
10.141
Zuid-Holland
52,20%
40,70%
0,00%
1,70%
113,50%
55
10
40
30
15
10
1
-
24
Reusel-De Mierden
13.653
Noord-Brabant
54,80%
23,20%
33,00%
1,00%
78,60%
54
10
40
30
10
10
5
-
25
Bergeijk
19.263
Noord-Brabant
47,00%
16,00%
-1,00%
3,00%
85,00%
44
9
37
30
15
10
5
-2
Provincie
=
Gestegen/gedaald/ gelijk gebleven*
1
Ranking
Inwonersaantallen
Opbouw cijfer
Gemeente
Begrotingsanalyse
Klik hier voo r uitgebreide begrotingsanalyse
* Om een juiste onderlinge vergelijking mogelijk te maken, zijn de cijfers voor de publicatiejaren 2024 en 2025 herrekend volgens de verfijnde systematiek die vanaf 2026 van kracht is.
FINANCIËLE BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN VAN BDO Ranking 26 - 50 | Groottecategorie <25.000
Ratioanalyse jaarrekening 2024
Gemeente
Inwonersaantallen
Solvabiliteitsratio
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
Belastingcapaciteit
Solvabiliteitsratio gecorrigeerd voor begrotingssaldi 2025 t/m 2029
Rapportcijfer 2024
Solvabiliteitsratio
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
Belastingcapaciteit
Correctie solvabiliteit op basis van begrotingsanalyse
26
Ommen
19.249
Overijssel
43,00%
6,00%
-0,50%
0,30%
80,00%
44
9
34
30
15
10
5
1
27
Boekel
11.465
Noord-Brabant
49,00%
6,00%
14,00%
9,00%
107,00%
49
9
38
30
15
10
1
-
28
Beesel
13.524
Limburg
52,00%
-13,00%
1,00%
1,00%
84,00%
43
9
40
30
15
10
5
-6
29
Zwartewaterland
23.507
Overijssel
44,20%
44,40%
16,30%
4,60%
86,20%
43
9
35
30
15
10
5
-1
30
Drechterland
20.476
Noord-Holland
53,00%
-6,00%
1,00%
3,00%
104,00%
45
9
40
30
15
10
3
-5
31
Zandvoort
17.374
Noord-Holland
47,00%
28,00%
9,00%
7,00%
96,00%
45
9
37
30
15
10
3
-2
32
Reimerswaal
23.335
Zeeland
60,00%
0,00%
-4,81%
-1,00%
94,00%
58
9
40
30
15
3
5
-
33
Mook en Middelaar
8.102
Limburg
44,00%
-19,00%
0,00%
7,00%
103,00%
44
9
35
30
15
10
3
-
34
Maasgouw
24.502
Limburg
44,20%
45,30%
0,60%
5,50%
90,70%
41
9
35
30
15
10
5
-2
35
Harlingen
16.210
Friesland
43,00%
51,12%
1,28%
6,05%
84,75%
41
9
34
30
15
10
5
-2
36
Bloemendaal
23.592
Noord-Holland
56,69%
13,60%
0,85%
3,50%
200,02%
45
9
40
30
15
10
1
-5
37
Veere
21.945
Zeeland
42,00%
13,00%
4,00%
15,80%
83,00%
39
9
33
30
15
10
5
-2
38
Rucphen
23.995
Noord-Brabant
48,90%
42,80%
7,90%
0,50%
94,90%
38
9
38
30
15
10
5
-9
39
Westerveld
19.983
Drenthe
44,00%
-1,90%
0,10%
6,10%
87,30%
37
9
35
30
15
10
5
-5
40
Asten
17.385
Noord-Brabant
43,00%
7,00%
0,00%
3,70%
90,00%
37
9
34
30
15
10
5
-5
41
Kapelle
13.012
Zeeland
40,00%
55,00%
-1,00%
6,00%
90,00%
37
9
31
30
15
10
5
-2
42
Steenbergen
24.567
Noord-Brabant
37,62%
-2,52%
-7,56%
2,53%
92,78%
37
9
30
30
15
10
5
-1
43
Rozendaal
1.836
Gelderland
75,00%
-66,00%
0,00%
-0,60%
120,00%
56
9
40
30
15
3
1
-
44
Baarle-Nassau
7.205
Noord-Brabant
45,00%
17,00%
-3,00%
3,00%
93,00%
36
9
35
30
15
10
5
-7
45
Oldebroek
24.417
Gelderland
38,00%
32,00%
4,00%
2,00%
90,00%
36
9
30
30
15
10
5
-2
46
Ouder-Amstel
14.532
Noord-Holland
40,20%
-19,10%
0,00%
2,80%
104,00%
38
9
31
30
15
10
3
-2
47
Hardinxveld-Giessendam
19.123
Zuid-Holland
41,00%
23,00%
23,00%
1,00%
109,00%
45
9
32
30
10
10
1
3
48
Stein
24.653
Limburg
34,00%
62,00%
0,00%
5,70%
103,00%
36
9
27
30
15
10
3
2
49
Dantumadiel
19.137
Friesland
27,00%
21,00%
2,00%
4,00%
103,00%
36
9
21
30
15
10
3
7
50
Zeewolde
24.291
Flevoland
81,00%
-40,00%
44,00%
1,00%
123,00%
74
9
40
30
5
10
1
-
Provincie
Gestegen/gedaald/ gelijk gebleven
Opbouw cijfer
Ranking
Begrotingsanalyse
Klik hier voo r uitgebreide begrotingsanalyse
FINANCIËLE BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN VAN BDO Ranking 51 - 75 | Groottecategorie <25.000
Ratioanalyse jaarrekening 2024
Gemeente
Inwonersaantallen
Solvabiliteitsratio
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
Belastingcapaciteit
Solvabiliteitsratio gecorrigeerd voor begrotingssaldi 2025 t/m 2029
Rapportcijfer 2024
Solvabiliteitsratio
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
Belastingcapaciteit
Correctie solvabiliteit op basis van begrotingsanalyse
51
Texel
13.846
Noord-Holland
35,00%
52,00%
2,00%
2,00%
76,00%
33
9
27
30
15
10
5
-2
52
Zundert
22.809
Noord-Brabant
38,00%
26,00%
1,00%
3,00%
119,00%
38
9
30
30
15
10
1
-
53
Lopik
14.800
Utrecht
43,70%
15,81%
0,00%
0,98%
131,00%
37
9
35
30
15
10
1
-5
54
Voerendaal
12.583
Limburg
40,00%
47,00%
0,00%
2,00%
109,00%
36
8
31
30
15
10
1
-3
55
Stede Broec
22.253
Noord-Holland
36,00%
5,00%
0,00%
4,00%
118,00%
34
8
28
30
15
10
1
-2
56
Meerssen
18.460
Limburg
33,70%
-17,50%
0,00%
4,70%
128,40%
34
8
27
30
15
10
1
-
57
Olst-Wijhe
19.003
Overijssel
32,21%
26,86%
1,13%
12,27%
97,29%
31
8
25
30
15
10
3
-1
58
Bunschoten
22.684
Utrecht
34,40%
44,30%
10,70%
-1,40%
89,30%
37
8
27
30
15
3
5
2
59
Loon op Zand
24.151
Noord-Brabant
31,00%
26,00%
-2,00%
-1,00%
92,00%
37
8
24
30
15
3
5
5
60
Terschelling
4.923
Friesland
34,00%
7,00%
0,00%
7,00%
88,00%
28
8
27
30
15
10
5
-5
61
Bergen (L.)
13.062
Limburg
25,00%
81,00%
0,00%
2,00%
78,00%
27
8
20
30
15
10
5
2
62
Simpelveld
10.270
Limburg
33,00%
31,00%
0,00%
4,00%
99,00%
29
8
26
30
15
10
3
-3
63
Heiloo
24.341
Noord-Holland
31,10%
32,40%
5,00%
2,50%
102,90%
29
8
24
30
15
10
3
-2
64
Roerdalen
20.836
Limburg
41,80%
16,10%
0,20%
-0,90%
92,80%
35
8
33
30
15
3
5
-5
65
Tubbergen
21.507
Overijssel
42,40%
13,20%
-0,50%
0,70%
89,60%
26
8
33
30
15
10
5
-13
66
Cranendonck
21.665
Noord-Brabant
35,78%
43,39%
-6,47%
5,19%
93,28%
26
8
28
30
15
10
5
-8
67
Haaksbergen
24.225
Overijssel
31,00%
21,00%
0,00%
2,00%
111,00%
31
8
24
30
15
10
1
-
68
Oirschot
19.536
Noord-Brabant
39,99%
40,13%
2,60%
-2,70%
92,69%
34
8
31
30
15
3
5
-5
69
Son en Breugel
18.131
Noord-Brabant
39,00%
61,00%
-9,00%
-2,00%
85,00%
34
8
31
30
15
3
5
-4
70
Duiven
24.942
Gelderland
40,30%
12,90%
7,90%
-4,10%
93,20%
33
8
31
30
15
3
5
-5
71
Druten
19.748
Gelderland
30,70%
44,20%
2,07%
0,97%
83,00%
24
8
24
30
15
10
5
-5
72
Bunnik
16.279
Utrecht
45,86%
28,00%
11,58%
-0,26%
138,73%
38
8
36
30
15
3
1
-6
73
Alphen-Chaam
10.539
Noord-Brabant
27,00%
41,00%
1,00%
1,00%
111,00%
29
8
21
30
15
10
1
2
74
Nuenen
24.290
Noord-Brabant
41,00%
52,00%
81,00%
2,00%
105,00%
39
8
32
30
5
10
3
-2
75
Wormerland
16.421
Noord-Holland
37,00%
14,00%
0,00%
2,00%
108,00%
28
8
29
30
15
10
1
-7
Provincie
Gestegen/gedaald/ gelijk gebleven
Opbouw cijfer
Ranking
Begrotingsanalyse
Klik hier voo r uitgebreide begrotingsanalyse
FINANCIËLE BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN VAN BDO Ranking 76 - 100 | Groottecategorie <25.000
Ratioanalyse jaarrekening 2024
Solvabiliteitsratio
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
Belastingcapaciteit
Solvabiliteitsratio gecorrigeerd voor begrotingssaldi 2025 t/m 2029
Rapportcijfer 2024
Solvabiliteitsratio
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
Belastingcapaciteit
Correctie solvabiliteit op basis van begrotingsanalyse
West Maas en Waal
20.594
Gelderland
29,00%
25,00%
0,00%
1,00%
98,00%
25
8
23
30
15
10
3
-3
77
Enkhuizen
18.847
Noord-Holland
22,00%
35,00%
6,00%
1,00%
100,00%
25
8
17
30
15
10
3
2
78
Heerde
19.305
Gelderland
28,00%
49,00%
-2,00%
0,20%
116,00%
26
8
22
30
15
10
1
-2
79
Borne
24.741
Overijssel
33,00%
64,00%
31,00%
2,00%
106,00%
32
8
26
30
10
10
1
-1
80
Beek
16.251
Limburg
39,80%
13,60%
0,30%
0,70%
96,00%
23
8
31
30
15
10
3
-13
81
Waalre
17.898
Noord-Brabant
19,60%
47,30%
9,70%
3,05%
102,90%
23
8
16
30
15
10
3
2
82
Oudewater
10.355
Utrecht
22,00%
72,00%
12,00%
5,20%
121,00%
23
7
17
30
15
10
1
1
83
Alblasserdam
20.242
Zuid-Holland
30,00%
59,00%
-1,00%
-0,20%
104,10%
29
7
24
30
15
3
3
-1
84
Waterland
17.556
Noord-Holland
32,97%
39,50%
17,91%
-0,95%
97,86%
29
7
26
30
15
3
3
-3
85
Heumen
16.861
Gelderland
25,00%
53,00%
29,00%
2,54%
97,00%
25
7
20
30
10
10
3
-
86
Brummen
21.394
Gelderland
26,40%
52,10%
6,50%
0,00%
106,90%
26
7
20
30
15
6
1
-
87
Rhenen
20.392
Utrecht
30,00%
70,00%
0,00%
-3,20%
100,00%
27
7
24
30
15
3
3
-2
88
Bladel
21.006
Noord-Brabant
29,00%
96,00%
9,00%
-3,00%
77,00%
29
7
23
26
15
3
5
-
89
Scherpenzeel
10.539
Gelderland
30,90%
37,30%
33,90%
-6,80%
99,20%
32
7
24
30
10
3
3
1
90
Uitgeest
13.427
Noord-Holland
24,00%
59,00%
-1,00%
2,70%
115,00%
19
7
19
30
15
10
1
-4
91
Geertruidenberg
21.944
Noord-Brabant
29,47%
59,89%
4,07%
-0,38%
96,00%
25
7
23
30
15
3
3
-3
92
Hilvarenbeek
16.149
Noord-Brabant
25,00%
37,00%
7,00%
-1,00%
87,00%
21
7
20
30
15
3
5
-3
93
Vaals
10.007
Limburg
21,50%
22,10%
8,80%
-8,20%
105,70%
26
7
17
30
15
3
1
3
94
Wijdemeren
24.670
Noord-Holland
20,00%
44,00%
1,00%
0,00%
167,00%
21
7
16
30
15
6
1
1
95
Laren
11.474
Noord-Holland
25,40%
35,00%
-0,50%
-6,60%
179,20%
24
7
20
30
15
3
1
-1
96
Oostzaan
9.733
Noord-Holland
19,59%
68,75%
0,00%
2,00%
126,64%
15
7
16
30
15
10
1
-4
97
Schiermonnikoog
971
Friesland
40,00%
43,00%
5,10%
0,00%
98,00%
17
7
31
30
15
6
3
-18
98
Heeze-Leende
17.075
Noord-Brabant
26,00%
27,00%
1,00%
1,00%
110,00%
14
7
20
30
15
10
1
-9
99
Gulpen-Wittem
14.017
Limburg
14,00%
88,00%
1,00%
3,00%
116,00%
14
7
11
30
15
10
1
-
100
Losser
23.469
Overijssel
30,90%
48,80%
1,50%
-2,60%
105,30%
22
7
24
30
15
3
1
-7
Provincie
Inwonersaantallen
76
Gemeente
Gestegen/gedaald/ gelijk gebleven
Opbouw cijfer
Ranking
Begrotingsanalyse
Klik hier voo r uitgebreide begrotingsanalyse
FINANCIËLE BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN VAN BDO Ranking 101 - 112 | Groottecategorie <25.000
Ratioanalyse jaarrekening 2024
Gemeente
Inwonersaantallen
Solvabiliteitsratio
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
Belastingcapaciteit
Solvabiliteitsratio gecorrigeerd voor begrotingssaldi 2025 t/m 2029
Rapportcijfer 2024
Solvabiliteitsratio
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
Belastingcapaciteit
Correctie solvabiliteit op basis van begrotingsanalyse
101
Landsmeer
11.745
Noord-Holland
15,00%
64,00%
3,00%
0,10%
145,00%
13
7
12
30
15
10
1
-2
102
Wijk bij Duurstede
23.831
Utrecht
16,10%
61,00%
-0,10%
-2,40%
100,20%
19
7
13
30
15
3
3
2
103
Westervoort
15.205
Gelderland
16,00%
22,00%
0,00%
-0,49%
103,00%
19
7
13
30
15
3
3
2
104
Lisse
23.582
Zuid-Holland
24,80%
64,50%
0,00%
-0,70%
120,00%
20
6
20
30
15
3
1
-4
105
Hattem
12.745
Gelderland
11,00%
75,00%
2,00%
0,00%
111,00%
15
6
9
30
15
6
1
3
106
Montfoort
13.772
Utrecht
23,20%
67,80%
0,00%
-0,50%
121,50%
17
6
18
30
15
3
1
-5
107
Ameland
3.800
Friesland
28,50%
99,40%
1,00%
12,60%
65,90%
11
6
23
23
15
10
5
-14
108
Vlieland
1.217
Friesland
18,00%
117,00%
0,00%
10,00%
89,00%
18
5
14
10
15
10
5
-
109
Midden-Delfland
19.423
Zuid-Holland
34,00%
134,00%
9,00%
3,00%
108,00%
34
5
27
1
15
10
1
-
110
Eemnes
9.927
Utrecht
17,48%
107,60%
14,71%
-4,55%
119,52%
13
5
13
17
15
3
1
-3
111
Renswoude
5.782
Utrecht
32,00%
142,00%
18,00%
-2,50%
93,00%
28
5
25
1
15
3
5
-3
112
Urk
22.173
Flevoland
25,00%
114,00%
65,00%
-7,40%
99,00%
20
4
20
13
5
3
3
-4
Provincie
Gestegen/gedaald/ gelijk gebleven
Opbouw cijfer
Ranking
Begrotingsanalyse
Klik hier voo r uitgebreide begrotingsanalyse
63 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
Peter Heijkoop burgemeester Leiden
‘We sparen niet, we investeren’ Leiden blijkt financieel veerkrachtig, zelfs in roerige jaren. Maar de schuldquote is het hoogst van alle gemeenten. In dit vraaggesprek vertelt burgemeester Peter Heijkoop hoe de stad bewust veel investeert en tegelijkertijd bescheiden raamt.
INTERVIEW PETER HEIJKOOP
64 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
INTERVIEW PETER HEIJKOOP
LEIDEN Leiden rapporteerde eind 2024 de hoogste nettoschuldquote van alle gemeenten: 108%. Hoe komt dat? ‘Dat heeft vooral te maken met actieve investeringsjaren. Al jaren geleden heeft deze stad ervoor gekozen om honderden miljoenen te lenen zodat we kunnen investeren in de openbare ruimte en infra-
‘De kosten van jeugdzorg namen af mede dankzij preventie en vroegsignalering’ structuur. We willen gewoon een fijne stad zijn voor onze inwoners. Leiden groeit fors en dat vraagt nu eenmaal om stevige investeringen in woningbouw, mobiliteit, klimaatadaptatie en culturele voorzieningen. We willen die groei dus bewust faciliteren, ook al zet dat onze schuldpositie onder druk. We vinden een hoge schuldquote op zich overigens niet problematisch zolang we daarmee Leiden sterker maken. Liever een hogere schuld – Leiden staat al jaren rood – en meer voorzieningen voor onze bewoners, dan andersom. We sparen niet, maar investeren.’ In hoeverre heeft Leiden last gehad van het ravijnjaar en het risico op structurele tekorten? ‘We hebben relatief weinig hinder ondervonden van het ravijnjaar. De impact bleef beperkt, omdat onze financiële basis op orde is en we tijdig kunnen bijsturen. We hebben een gezonde exploitatie en ramen al jaren behoedzaam, ook ten aanzien van incidentele meevallers. Daarom hebben we nooit het gevoel gehad dat we in een
acuut financieel gat zouden vallen, al hebben we door terugvallende inkomsten in het verleden wel degelijk keuzes moeten maken.’
130.638
26,4% 31,0%
31/32
tot geen kanten op. We puzzelen met schaarste en moeten iedere keer elke vierkante meter omdraaien. Leggen we hier sportvelden aan, parkeerplaatsen, of wordt het toch meer groen? Onze stad barst uit z’n jasje. Dat vind ik het meest complex maar ook het meest interessant.’
Hoe bepaalt uw gemeente welke plannen en 105,3% ambities voorrang krijgen en welke kunnen wachten? 1,4% Welke financiële randvoorwaarden moeten in ‘Dat doen we aan de hand van thema’s die belang5,4% 2030 zijn gerealiseerd zodat Leiden duurzaam rijk voor ons zijn. Netcongestie is zo’n thema. Maar 140,3% ook woningbouw is een topprioriteit. De huizenprijen toekomstbestendig bestuurd wordt? ‘De voorspelbaarheid van het gemeentefonds is en zen zijn hoog en er is weinig tot geen ruimte om bij Klik voor Legenda blijft een belangrijke. Stabiliteit en betrouwbaarheid te bouwen. Daarnaast staan vergroeningsprojecten van de financiering is eenvoudigweg nodig om goed hoog op ons lijstje. Tegelijkertijd moeten we vooraf te kunnen blijven opereren. Maar we hebben vooral scherper prioriteren. Er lopen zoveel projecten tevoldoende ruimte en autonomie nodig om onze taken goed te kungelijk dat de voortgang en het draagvlak in de wijken soms onder druk kunnen komen te staan.’ nen uitvoeren. Den Haag heeft nogal eens de neiging om te willen ingrijpen en bijsturen. Dat werkt niet. Tot slot is politieke stabiliteit Is jeugdzorg op dit moment de grootste financiële zorg een belangrijke voorwaarde. Of het stadsbestuur nu links of rechts voor Leiden? georiënteerd is, we denken in lange lijnen en geven projecten de tijd.’ ‘Ja. Daar hebben we net als andere gemeenten zorgen over.
Maar we hebben die kosten redelijk onder controle. We varen vooral op Tot slot. Welk advies zou u willen meegeven aan het nieuwe onze eigen ramingen en weten goed hoe deze zorg zich ontwikkelt. kabinet? Daarnaast investeren we in preventie en vroegsignalering en heb‘Kort gezegd: omarm het recente gezaghebbende rapport van Peter Wennink. Het nieuwe kabinet moet zorgen voor een gezonde econoben we een taskforce die zich hierop focust. Mede daardoor namen de kosten van de jeugdzorg bij ons in de afgelopen periode niet mische agenda. Kijk scherp waar de economische kracht zit. Neem toe, maar juist af.’ alleen al ons Bio Science Park. Dat is qua omvang vergelijkbaar met Brainport Eindhoven. Dus maak werk van innovatie en stimuleer de U bent nu ruim een jaar burgemeester. Welk inhoudelijk nationale topsectoren en de kenniseconomie. Dat is mijn advies. En ik heb goede hoop dat het nieuwe kabinet hier beter in slaagt dan thema ervaart u als het meest complex? het vorige.’ ‘Het gebrek aan ruimte in en rond onze stad. We kunnen weinig
AANLEIDING, AANPAK EN VERANTWOORDING VAN HET ONDERZOEK
66 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
AANLEIDING, AANPAK EN VERANTWOORDING VAN HET ONDERZOEK
Berekeningssystematiek houdt rekening met meerjarenbegroting Hoe houden gemeenten zich ondanks grote maatschappelijke uitdagingen financieel staande? Wij zochten het uit en hebben ook dit jaar gemeenten langs de financiële meetlat gelegd. Niet alleen de financiële prestaties uit het verleden tellen mee, maar ook de begrotingen wegen mee in de rapportcijfers. Financiële kengetallen De immense uitdagingen waar gemeenten voor staan, waren en zijn voor BDO reden om de financiële gezondheid van gemeenten in kaart te brengen en de belangrijkste bevindingen, conclusies en aanbevelingen op een rij te zetten. Zeven jaar op rij hebben we rapportcijfers toegekend op basis van de openbare financiële kengetallen waar gemeenten over rapporteren: S olvabiliteit N etto-/gecorrigeerde schuldquote G rondexploitatie S tructurele exploitatieruimte B elastingcapaciteit
Kengetallen toegelicht
Begrotingen tellen ook mee De vijf financiële kengetallen op basis van de jaarcijfers 2024 vormen de basis voor de analyses. Maar ze zijn een momentopname op basis van de laatst vastgestelde jaarcijfers en weerspiegelen daarmee – in een roerige tijd als de huidige –
onvoldoende het toekomstperspectief. Daarom kijken we ook naar de financiële toekomst van gemeenten in de vorm van de saldi van de primitieve begrotingen 2025 tot en met 2029. De rapportcijfers geven daarmee een gecombineerd beeld van de financiële uitgangssituatie van gemeenten nú, en het financieel meerjarenperspectief dat op hen afkomt. Bij de totstandkoming van deze score en ranking is zoveel mogelijk gebruikgemaakt van de signaleringswaarden (ondergrenzen) die de provincies als toezichthouders hanteren bij het financieel toezicht op gemeenten. Ranking Deze ranking, ofwel de Financiële benchmark Nederlandse gemeenten van BDO, hebben we ingedeeld naar omvang van gemeenten. Daarbij willen we benadrukken dat de ranking weergeeft hoe het staat met de financiële positie van gemeenten. Het zegt echter niets over hoe gemeenten functioneren richting hun burgers. De ene gemeente vindt al snel een bestemming voor alle verworven middelen, terwijl de andere gemeente geld overhoudt, omdat er bijvoorbeeld onvoldoende capaciteit is om de middelen daadwerkelijk te besteden. Elke gemeente heeft daarbij een eigen verhaal. Strategie, beleid en uitvoering van gemeenten beoordelen wij in deze ranking dan ook niet. We beoordelen slechts de financiële gezondheid op basis van de vastgestelde jaarrekening 2024 en de primitieve begrotingen 2025-2029. Wij passen geen correcties toe op de
vastgestelde documenten en corrigeren niet voor het al dan niet doorgevoerd hebben van taakstellingen of ombuigingen. Reflectie uit het veld Cijfers vertellen zoals gezegd nooit het hele verhaal. Wij plaatsen de cijfers in dit rapport dan ook in de context van de ontwikkelingen die wij waarnemen in de sector. Daarnaast
‘We kijken ook naar de financiële toekomst van gemeenten in de vorm van de saldi van de begrotingen 2025 tot en met 2029’ hebben wij vertegenwoordigers van gemeenten, het Rijk en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) uitgenodigd om hun visie te delen tijdens een rondetafeldiscussie. We vroegen hen hoe en waarom zij hun financiële beleid vormen en wat hun ervaringen en adviezen zijn die zij met andere gemeenten willen delen. De inzichten uit de rondetafeldiscussie, die in november plaatsvond, bieden een waardevolle aanvulling op de cijfers door een directe blik vanuit de sector zelf.
67 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
AANLEIDING, AANPAK EN VERANTWOORDING VAN HET ONDERZOEK
Zo is de ranking samengesteld BDO heeft de financiële situatie van Nederlandse gemeenten in beeld gebracht, met elkaar vergeleken en een financiële ranking gemaakt op basis van de jaarcijfers over 2024 en de primitieve begrotingen 2025 en 2025-2029. In dit hoofdstuk leggen we uit hoe en met welke rekenmethode deze lijst tot stand is gekomen.
Signaleringswaarden In het GTK 2020 zijn de signaleringswaarden ‘minst risicovol’, ‘neutraal’ en ‘meest risicovol’ toegekend aan de vijf kengetallen: solvabiliteit, netto-/gecorrigeerde schuldquote, grondexploitatie, structurele exploitatieruimte en belastingcapaciteit. Deze signaleringswaarden vormen de grondslag voor de rapportcijfers.
We hebben voor het samenstellen van de ranking gebruikgemaakt van de vaste financiële kengetallen uit de jaarstukken van gemeenten. Gemeenten zijn verplicht om in hun jaarstukken en begroting met dezelfde kengetallen te werken: de nettoschuldquote, de nettoschuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen, de solvabiliteitsratio, de grondexploitatie, de structurele exploitatieruimte en de belastingcapaciteit. Daarbij zijn de solvabiliteitsratio, de nettoschuldquote en het financieel meerjarenperspectief het meest bepalend voor de financiële gezondheid van gemeenten. Deze uniforme rapportage heeft als doel om de gemeentelijke financiële positie inzichtelijker te maken en de vergelijkbaarheid tussen gemeenten te vergroten. Bovendien hanteren ook provincies bij het financieel toezicht op gemeenten een meer uniforme signaleringsmethode: het in 2018 opgestelde Gemeenschappelijk Financieel Toezichtkader 2020 (GTK 2020). Dit raamwerk wijst aan elk kengetal een signaleringswaarde toe: ‘minst risicovol’, ‘neutraal’ en ‘meest risicovol’.
Glijdende schaal solvabiliteit en nettoschuldquote BDO beoordeelt de financiële positie van gemeenten in de basis op dezelfde wijze als in voorgaande jaren. Gemeenten worden nog steeds beoordeeld op signaleringswaarden van het GTK, waaraan een puntensysteem is gekoppeld. Op basis van reacties en feedback uit het werkveld is de methode voor de benchmark 2026 verfijnd, zodat deze nog beter aansluit bij de praktijk en een scherper beeld geeft van de financiële positie van gemeenten ten opzichte van elkaar. Deze aanscherping is doorgevoerd op de twee kengetallen die het zwaarst meewegen in het totaalcijfer: de solvabiliteitsratio en de nettoschuldquote. Waar eerdere vaste punten per risicocategorie werden toegekend (bijvoorbeeld 40, 27 of 1 punt voor respectievelijk ‘minst risicovol’, ‘neutraal’ of ‘meest risicovol’ bij de solvabiliteitsratio), is nu een glijdende schaal toegepast. Hierdoor ontstaat een nauwkeuriger afspiegeling van de werkelijke ratio’s. Per saldo heeft deze verfijning geen effect op het gemiddelde rapportcijfer van alle gemeenten.
68 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
AANLEIDING, AANPAK EN VERANTWOORDING VAN HET ONDERZOEK
‘Vanaf dit jaar verwerken we het effect van de meerjarige begroting in de solvabiliteitsratio’ Effect meerjarige begroting verwerkt in aangepaste solvabiliteitsratio Daarnaast verwerken we vanaf dit jaar het effect van de meerjarige begroting in de solvabiliteitsratio in plaats van dit als volledige aftrekpost van het eindcijfer te laten gelden. Dit houdt in dat we het eigen vermogen dat blijkt uit de jaarrekening 2024 met het meerjarig begrote resultaat (voor mutaties reserves) corrigeren en de solvabiliteitsratio opnieuw berekenen. Gemeenten die over de periode 2025-2029 opgeteld een tekort ramen (vóór bestemming), zullen namelijk naar verwachting een beroep moeten doen op hun eigen vermogen. Zo blijven we rekening houden met het toekomstperspectief, maar is de impact op de financiële positie zorgvuldiger berekend en gerelateerd aan de ratio’s waarop het cijfer is gebaseerd. Dit doet meer recht aan de situatie van gemeenten, zeker wanneer bijvoorbeeld bewust via reserves is gespaard voor projecten. Deze precisering verklaart de helft van het verschil in het rapportcijfer: van 6,8* vorig jaar naar 8,4 dit jaar. Voor de overige kengetallen blijven de systematiek en de berekeningswijze ongewijzigd.
Puntenwaardering Om op basis van de scores op al deze verschillende punten één totaalrating per gemeente te kunnen berekenen, heeft BDO de signaleringswaarden van Nederlandse gemeenten beoordeeld, gewogen en daaraan vervolgens punten aan toegekend. Daarbij wordt één keer rekening gehouden met de nettoschuldquote: de * In het onderzoek van vorig jaar vermeldden wij een gemiddeld rapportcijfer van 6,8. Door een verfijning van de rekensystematiek komt dit cijfer herrekend uit op een 7,6.
nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen. Ook met deze wegingsmethode kan een gemeente de maximale 100 punten (rapportcijfer 10) behalen wanneer zij op alle kengetallen scoort in de categorie ‘minst risicovol’. Gemeenten die op alle kengetallen in de categorie ‘meest risicovol’ scoren, krijgen – rekening houdend met de glijdende schaal voor solvabiliteit en nettoschuldquote – een score tussen de 10 en 25 punten (rapportcijfer 1 tot 2,5). Nuanceringen De kengetallen die aan de basis liggen van ons benchmarkonderzoek verdienen wel enige nuancering. Zo kan het voorkomen dat een gemeente gronden exploiteert via een andere entiteit, waardoor deze buiten de jaarrekening blijven en dus ook geen impact hebben op de Grex- (grondexploitatie)-ratio. Ook speelt een rol dat gemeenten op basis van de verslaggevingsregels tot 2017 niet verplicht waren om investeringen in activa met maatschappelijk nut te activeren. Daardoor kunnen we gemeenten niet in alle gevallen volledig vergelijken. Verder zijn gemeenten volgens de verslaggevingsregels niet verplicht om alle voorzieningen in de jaarrekening op te nemen. Zo staan voorzieningen voor personele verplichtingen vaak slechts beperkt op de balans en onderhoudsvoorzieningen soms helemaal niet. Voorzieningen buiten de jaarrekening worden niet meegewogen.
Daarnaast wijken de begrote kengetallen in de praktijk soms sterk af van de realisatie.
Beperkingen We baseren ons op begrotingssaldi en daaraan zijn beperkingen verbonden: begrotingen hebben een onzeker karakter en kunnen afwijken van de realiteit. Tegelijkertijd steken gemeenten veel tijd en expertise in hun begroting, houden provincies hier toezicht op en is de begroting richtinggevend voor college en raad. Voor gemeenten is de begroting dan ook het belangrijkste sturingsinstrument. Het is belangrijk om de Financiële benchmark Nederlandse gemeenten met deze nuanceringen in gedachten te lezen. Desondanks biedt de ranking een goed beeld van hoe gemeenten er financieel voor staan – zowel individueel als in vergelijking met elkaar – en geeft de ontwikkeling van de rapportcijfers een waardevolle indicatie van wat er financieel speelt binnen de sector.
69 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
AANLEIDING, AANPAK EN VERANTWOORDING VAN HET ONDERZOEK
Kengetallen en waarderingscijfers zoals in het GTK 2020 Waarderingscijfer
Minst risicovol (%) Neutraal (%)
Meest risicovol (%)
Nettoschuldquote
<90
90-130
>130
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
<90
90-130
>130
Solvabiliteitsratio
>50
20-50
<20
Grondexploitatie
<20
20-35
>35
Structurele exploitatieruimte (begroting)
>0
0
<0
Belastingcapaciteit
<95
95-105
>105
De BDO-rekenmethode: signaleringswaarden en puntenverdeling Waarderingscijfer
Minst risicovol
Neutraal
Meest risicovol
Nettoschuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen*
30
1 - 29
1
Solvabiliteitsratio*
40
16 - 39
0 - 15
Grondexploitatie
15
10
5
Structurele exploitatieruimte (begroting)
10
6
3
Belastingcapaciteit
5
3
1
100
37 - 87
10 - 25
* Bij deze ratio wordt een glijdende schaal gehanteerd.
‘Waar bij de solvabiliteit en nettoschuldquote eerder vaste punten per risicocategorie werden toegekend, wordt nu een glijdende schaal toegepast’
70 BDO-BENCHMARK NEDERLANDSE GEMEENTEN 2026
BRANCHEGROEP OVERHEID
BRANCHEGROEP OVERHEID
DE ONDERZOEKERS/CONTACTPERSONEN
MT BRANCHEGROEP OVERHEID
De adviseurs van BDO willen een bijdrage leveren aan een goed functionerende overheid en zien gemeenten als de regionale regisseur van de toekomst. Met de taken uit het sociaal domein, de energietransitie, de woningmarkt van het Rijk naar gemeenten, de energietransitie, de woningmarkt en uiteraard de financiële uitdagingen die dit alles met zich meebrengt, zijn een doel matige en doeltreffende bedrijfsvoering bij gemeenten belangrijker dan ooit. Daar kunnen we u bij helpen.
C.M. (Marc) Steehouwer RA MSc Partner BDO Audit & Assurance voorzitter branchegroep Overheid T 06 – 46 10 55 43 E marc.steehouwer@bdo.nl
C.M. (Marc) Steehouwer RA MSc Partner BDO Audit & Assurance voorzitter branchegroep Overheid T 06 – 46 10 55 43 E marc.steehouwer@bdo.nl
E.R. (Esther) Kuik-van Wijk RA MSc Partner BDO Audit & Assurance T 06 – 13 55 81 69 E esther.kuik@bdo.nl
Mr. E.H.C. (Erik) Bakx Partner BDO Tax & Legal T 06 – 30 40 46 60 E erik.bakx@bdo.nl
Meer informatie Voor meer informatie naar aanleiding van dit onderzoeksrapport of over de Branchegroep Overheid van BDO, kunt u contact opnemen met een van onze specialisten.
M.E. (Marco) Pot Partner BDO Advisory T 06 – 11 00 31 51 E marco.pot@bdo.nl
M.E. (Marco) Pot Partner BDO Advisory T 06 – 11 00 31 51 E marco.pot@bdo.nl
Telefoon: 088 - 236 48 06 E-mail: overheid@bdo.nl Internet: bdo.nl/overheid
B. (Beryl) Dekker RA MSc Manager BDO Audit & Assurance T 06 – 23 07 55 37 E beryl.dekker@bdo.nl
Drs. D.O. (Dennis) Meeuwissen RA Partner BDO Audit & Assurance T 06 - 52 61 50 67 E dennis.meeuwissen@bdo.nl
COLOFON Tekst Irene Schoemakers Concept & realisatie Monte Media Vormgeving Ivo van IJzendoorn
B. (Ben) Maes MSc Manager BDO Advisory T: 06 21 35 51 84 E: ben.maes@bdo.nl
D.D. (Daniëlle) Valk RE MSc Senior Manager Technology Risk Assurance T 06 – 53 22 64 26 E danielle.valk@bdo.nl
Infographic Ivo van IJzendoorn, Dimitry de Bruin Fotografie ANP Photo, Friso Keuris Met dank aan de gemeente Amsterdam voor de fotografie. NB. De coverfoto dient uitsluitend ter illustratie en heeft geen relatie met de inhoud van dit rapport.
BDO is een op naam van Stichting BDO te Amsterdam geregistreerd merk.
Een
kijk op waarde
In deze publicatie wordt BDO gebruikt ter aanduiding van de organisatie die onder de merknaam ‘BDO’ actief is op het gebied van de professionele dienstverlening (accountancy, belastingadvies en advisory). BDO Accountants & Adviseurs is een op naam van BDO Holding B.V. te Eindhoven geregistreerde handelsnaam en wordt gebruikt ter aanduiding van een aantal met elkaar in een groep verbonden rechtspersonen, die ieder afzonderlijk onder de merknaam ‘BDO’ actief zijn op een bepaald terrein van de professionele dienstverlening (accountancy, belastingadvies en advisory). BDO Holding B.V. is lid van BDO International Ltd, een rechtspersoon naar Engels recht met beperkte aansprakelijkheid, en maakt deel uit van het wereldwijde netwerk van juridisch zelfstandige organisaties die onder de naam ‘BDO’ optreden.
01/2026 – PS2601
BDO is de merknaam die wordt gebruikt ter aanduiding van het BDO-netwerk en van elk van de BDO Member Firms.