2026-09-10-verslag-commissie-samen-leven-en-samen-wonen-ridderkerk
Tekst van het document
Woordelijk verslag vergadering commissie Samen leven en Samen wonen | Ridderkerk, 10 september 2026 1. | Opening en vaststellen agenda De voorzitter: Go edenavond allemaal, welkom bij de g ezam enlijke com missie van de com missie Sam en leven en Samen wonen. Hartelijk w elkom richting de raads | - en co mmissiel eden, het colleg e, de ambtelijke ondersteuning, de journalisten en de aanwezigen hier op de publieke tribune of de luisteraars thuis. Van harte welko m bij deze vergadering. De e erste we er na het zomerr eces. Ik hoop dat iedereen een | beetje uitgerust is voor vanavond, maar we heb ben een volle agenda voor ons. Allereerst de constatering d at alle partijen vertegen woordigd zijn. Als ee rste is mijn vraag aan u als commissie of u het e ens bent met de agenda en of w e de agenda kunnen vaststellen? | Dat is het geval, dan is de agenda bij deze vastgesteld. 2. | Spreekrecht De voorzitter: Dan gaan we d oor naar agendapunt 2, spreekrecht. Voor het spreekrecht hebben zich vier sprekers geme ld, alle vier gaan over agendapunt 4 | van de Winkeltijdenverordening Ridd erkerk 202 6. A | lle vi er de sprekers hebben straks vijf minuten de tijd om te spreken. Na vier | minuten zal ik een seintje geven dat we nog één minuut hebben. A | ls eerste beginnen w e m et de he er A. Kl | oppenburg namens de Vereniging van de Zondagsrust.
Excuus, er staat hier Kloppenburg, maar het is de heer Vogelaar. Mijnheer V ogelaar, ga uw gang. Inspreker 1: Dank u wel. Go edenavond | allemaal, fijn dat ik hier mag zijn. Al is de reden vo or ons minder fijn, dat zult u begrijpen. Ik spreek namens de Nederlandse Vereniging tot bevordering van de Zondagsrust en Zondagsheiliging. Een hele mondvol. Ik kan voor vanavond refer eren aan een enquête. Di e is u allen wel bekend. Echt voor Ridderkerk, 93 winkeli ers gevraagd en daarvan een grote me erderheid tegen de zondagsopenstelling, maar liefst zo'n 60 van de 93. Dan blijven er nog 33 | over die wel voor zijn, maar toch ook de bezwaren zien. Als het gaa t over de inwoners, dan liggen de percentages ee | n beetje an ders, zal ik er maar bij vertellen, maar dat weet u zelf ook wel. Dan is dat 50/50, m | aar toch ook wel weer dat het vooral de jongere inwoners zijn die dan voor de winkelopenstelling zijn en onder de ouderen over het alge meen g een enkele behoefte aan die open stelling. Maar dat is allemaal niet het belangrijkste natuurlijk voor ons. Het standpunt van de vereniging is helder, dat zal u ook niet verbazen.
In een samenleving wa arin de druk om te presteren heel hoog is en ied ereen ste eds bereikbaar moet zijn, is één dag in de week dat je rust hebt voor jezelf en dat je rust hebt om een ander te ontmoeten e | n dat je tijd voor elkaar hebt natuurlijk heel belangrijk. Er | wordt aan getornd met dit voorstel. Het is voor ons niet het belangrijkste, maar daar | kom ik zo op. Het is wel belangr ijk. We zijn tegen die openstelling op zondag. Het moet niet all emaal gaan o m te consumer en en nog eens consumeren en w er ken alsof het nooit genoeg is. Rupsje Nooitgenoeg is toch niet bepaald een voorbeeldfiguur, zou ik denken. De zondag moet vooral bedoeld blijven voor het dienen van God, w | ant daarvoor is die dag afgezonderd waarvoor rust nodig is. Het is Z | ijn dag. Weet wel dat er o ok nog veel me er andere voordelen aan verbonden zijn. Samenhorigheid kan bevorderd worden, het | samenzijn met elkaar, de sociale functie. Je kunt denken aan de duurzaamheid van de samenleving, ook heel belan grijk. Laat er één dag in de week rust zijn. Ik kan ook de Zondagswet nog even te berde brengen. Di e zegt ook heel duidelijk dat er geen onnodig gerucht moet worden veroorzaakt in de nabijheid van de kerk. Dan wordt er in het voorstel wel gezegd, we hebben geen last, want het begint toch pas om 12.00 uur en het loop | t tot 18.00 uur.
Maar dan wordt toch wel even over het hoofd gezien dat er ook middagdiensten zijn, d us dat er wel degelijk hinder kan zijn voor de kerken. Dat wordt uitdrukkelijk in de Zondagswet artikel 2 lid 1 | verboden. Art ikel 3 zegt ei genlijk Pagina 1 van 28 Pagina 2 van 28 ook hetzelfde, het is verboden om zonder noodzaak een gerucht te veroorzaken dat op meer dan 200 meter afstand hoorbaar is. Dat zal ongetwijfeld gebeuren met laden en lossen. Misschien gebeurt dat vooral 's morgens, maar veel meer autoverkeer. Ik kan allerlei andere voordelen en argumenten noemen , ik heb er zo tussen neus en lippen al een paar genoemd, maar het belangrijkste is natuurlijk wat Gods woord ons zegt . Dan haal ik maar één tekst aan, de Godszaligheid is tot alle dingen nut. Ik zeg het al een beetje gemoderniseerd. Die heeft de belofte van het tegenwoordige en van het toekomende leven. Dat gaat langer mee. De voorzitter: Mijnheer Vogelaar, nog één minuut. Inspreker 1: Dank u. Ik hou me aan die ene minuut. De Here Jezus zegt zelf wat dat betekent, een belofte van Hem, zoek eerst het Koninkrijk van God en zijn gerechtigheid en al deze dingen zullen u worden toegeworpen. Dat zou ook kunnen zijn dat die winkeliers wat meer omzet willen hebben en dat ze rendabel willen draaien, enzovoort. Al die zorgen kan ik wel plaatsen, maar dat zou zomaar toegeworpen kunnen worden.
Ik moet de dringende oproep laten horen, werk niet mee aan de zondagsopenstelling van de winkels. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Vogelaar en keurig binnen de tijd. Namens de commissie hartelijk bedankt voor uw inspreekbijdrage. Zijn er vanuit de commissie nog vragen voor de heer Vogelaar? Dat is niet het geval. Dan wil ik u hartelijk bedanken. Dan is de volgende spreker de heer De Jong. De heer De Jong spreekt in namens verschillende kerken. Inspreker 2: Geachte voorzitter, leden van de raad, collegeleden. Namens meerdere kerken in Ridderkerk, dank u voor de mogelijkheid om in te mogen spreken. Tijdens de coalitievorming hebben wij als kerken een brief gestuurd naar de onderhandelende partijen waarin we onze zorgen hebben geuit over de mogelijke invoering van de koopzondag in ons dorp. We zijn dan ook teleurgesteld dat de opening van de winkels op zondag daadwerkelijk als actiepunt in het coalitieakkoord is opgenomen. Het heeft ons geraakt dat dit onderwerp voor de coalitiepartijen, gezien de snelheid waarmee de initiatiefnota ingediend is, de hoogst e prioriteit lijkt te hebben. Hoewel het getuigt van respect richting de kerk dat de winkels op zondagmorgen dicht blijven en de sluiting blijft bestaan op belangrijke christelijke feestdagen, doet deze stap ons toch pijn.
In de Bijbel in Marcus 2 vers 27 zegt Jezus, de sabbat is gemaakt ter wille van de mens, niet de mens ter wille van de sabbat. Wij zien het als een genadig geschenk dat God een dag in de week apart heeft gezet om op adem te komen. Juist in een tijd waarin de onrust, psychische nood en onzekerheid groo t is, is deze adempauze zo nodig. Wij hebben daarom de overtuiging dat het goed is voor het welzijn van heel de samenleving als deze dag een collectief rustmoment in ons dorp blijft. De opening van de winkels op zondag doet daar afbreuk aan en wij geloven dat dit voor ons dorp niet de goede weg is om in te slaan. Wij roepen u daarom op om deze initiatiefnota in te trekken of niet te steunen. We gunnen onze inwoners en de ondernemers in het winkelcentrum de zege van de rustdag die we zelf elke week mogen ervaren. Tot slot , wij wensen het college en u als raad wijsheid en Gods zegen toe in het werk wat u voor onze samenleving mag doen. Weet dat we regelmatig voor u bidden in onze kerken en dat zullen we blijven doen, o ngeacht de uitkomst van de besluitvorming over de opening van de winkels op zondag. Ik dank u. De voorzitter: Mijnheer De Jong, namens de commissie hartelijk bedankt voor uw inspreekbijdrage. Zijn er vanuit de commissie nog vragen aan de heer De Jong? Dat is opnieuw niet het geval. Dan wil ik u hartelijk bedanken.
Dan vraag ik de derde spreker naar voren, dat is de heer Van Prooien. Inspreker 3: Beste gemeenteraad, allereerst dank dat ik de gelegenheid krijg om te reageren op dit plan van de gemeenteraad om de Winkeltijdenverordening aan te passen. Ik ben Pieter van Prooien. We hebben ruim 30 jaar een slagerij in Ridderkerk met gemiddeld 12 man personeel, een kleine onderneming. Ik ben niet iemand Pagina 3 van 28 die direct op de barricades klimt om te protesteren, maar in deze zaak is het toch van groot belang om onze mening te mogen geven. Het gaat eigenlijk over twee dingen. Ten eerste mijn persoonlijke overtuiging. Volgens de Bijbel mogen wij zes dagen arbeid en al ons dagelijks werk doen en één dag rusten. Hiermee heeft de Here in zijn ondoorgrondelijke wijsheid ervoor willen zorgen dat we op tijd en regelmatig rust nemen en in het bijzonder om de zondag te besteden in Zijn dienst. Dat is mijn persoonlijke mening. Nu mijn tweede punt, dat is meer zakelijk. Volgens de gegevens stelt Ridderkerk, ik heb ze niet nageteld, maar zo'n 150 winkels. Het kunnen er een paar meer zijn, een paar minder. Naast het grootwinkelbedrijf zitten hier veelal kleine ondernemingen bij. Deze kleine ondernemers die ook veelal in Ridderkerk wonen en leven, hebben volgens mij toch wel veel binding met de gemeente Ridderkerk. Meer dan waarschijnlijk, met alle voorzichtigheid gezegd, het grootwinkelbedrijf.
Deze groep is voor u als gemeente toch erg belangrijk, mag ik hopen? Wat gaat er nu gebeuren als op zondag de winkels opengaan? Die kleine ondernemer die doorgaans toch al snel 70, 80 uur in de week werkt of soms nog meer, het is echt geen uitzondering dat we ook wel eens richting de 100 gaan, die gaat ook op zondag aan het werk, omdat hij meestal niet de financiële ruimte heeft om extra personeel in te zetten, terwijl er niet of nauwelijks meer omzet bij komt . Dit werkt in de hand dat de kleine ondernemer steeds minder rust krijgt en het risico op overwerkt raken of een burn-out zich zou kunnen aandienen. Met alle gevolgen van dien, terwijl de medische zorg toch al zo onder druk staat. Dat moeten wij volgens mij niet willen. Deze twee dingen zorgen ervoor dat ik u met klem wil vragen om de huidige Winkeltijdenverordening zo te laten en de zondagsopenstelling van winkels niet te realiseren . Ik dank u. De voorzitter: Mijnheer Van Prooien, hartelijk bedankt namens de commissie voor uw inspreekbijdrage. Zijn er vanuit de commissie nog vragen aan de heer Van Prooien? Dat is niet het geval. Dan wil ik u hartelijk bedanken. Dan vraag ik de laatste spreker naar voren, dat is mijnheer De Heer. Inspreker 4: Bedankt aan de commissie dat we hier in mogen spreken als burgers van de gemeente.
Ik spreek hier namens niemand behalve mezelf en indirect klanten van ons , maar daar zal ik bij komen. In mijn werk als accountant voor het midden- en kleinbedrijf spreek ik dagelijks veel kleine ondernemers. Ondernemers uit de middenstand vooral Ridderkerk, omgeving Barendrecht, et cetera. Ondernemers vol plannen, ideeën, maar ook zorgen. Zorgen die je vaak hoort zijn energiekosten, maar ook personeelstekort en druk, druk, altijd druk, aan moeten staan. De 24/7 economie vraagt veel van ons. Verwachtingen van klanten die stijgen en wat ga je dan doen? Extra werken. Heel begrijpelijk, niks mis mee. Maar laten we die ondernemers hun laatste dag rust ook gunnen. Een dag om bij te komen, tijd te hebben voor gezin, sport, spel, familie, kerk. Voor iedereen zijn er andere prioriteiten, maar een stukje rust en gemeenschapszin zal niemand klein achten. Over niet open mogen zijn op zondag hoor ik ondernemers eigenlijk nooit klagen. Ik heb het ook vanavond niet voorbij horen komen bij de andere insprekers dat mensen zich zorgen maken dat ze niet op zondag open mogen. Wel hoor ik over de lasten van zondagsopenstelling. Vooral voor personeel, maar ook extra kosten waar de vraag is of daar omzet tegenover staat? Wat ik hoor is natuurlijk anekdotisch bewijs, maar gelukkig heeft Echt voor Ridderkerk alle ondernemers in Ridderkerk benaderd.
Het zal denk ik niemand van ons een verrassing zijn dat de meerderheid tegen is. Van de voorstanders lijkt een groot deel te zitten bij grote winkels en supermarktketens. Daar komt mijn volgende punt. Een zondagsopenstelling kan in de praktijk leiden tot de situatie waarin vooral de grote ondernemers opengaan. De grote ketens die makkelijker zitten met personeel, waar niet de eigenaar hoeft te werken. In zowel Nederland als B elgië is Ahold een groot voorstander en duwende kracht achter de zondagsopenstelling, want het levert hun extra geld op. Zeer begrijpelijk, kapitalistische werking. Zij zijn open, niet alle kleine ondernemers kunnen mee en dat betekent voor Ahold extra omzet. Maar de vraag is, moeten we als gemeenteraad ons zorgen maken om de grote bedrijven? Een Albert Heijn en Jumbo zal echt geen last hebben van een dag minder open, maar de lokale ondernemers wel. Ik denk dat we hier als commissie, maar ook als inwoners onze eerste prioriteit moet zijn de lokale ondernemer en in mindere m ate de grote bedrijven die e cht niet om één dag in de we ek i n een kleine gemeente in Nederland failliet zullen gaan. Nog een laatste punt, want zeker een van de indieners verbaas | de mij, het mili eu. Ik zie dat de gem eente Ridderk erk e en prachtige klimaatvisie hee ft m et e en weg van duurzaamheid in | 2050 en circ ulariteit.
Nu is extra openstelling van winkels verre van duurzaam voor het klimaat, maar ook is het niet duurzaam voor lokale ondernemers. Duurzaamheid gaat namelijk veel verder dan energi e en klimaat, het gaat om de mensen die een ondern eming draaien en ook hun energiebalans op peil moeten houden. Daar zijn ondernem ers in eerste instantie zelf verantwoordel ijk voor. Laten we hen steunen met een zondagssluiting waarin niet de druk ontstaat om toch open te doen. E | n nogmaals het beroep, denk in eerste instantie aan | de kleine ondernemer die duidelijk in meerderh eid voor een zondagssluiting is. Dank. De voorzitter: Mijnheer | De He er, hartelijk bedankt voor uw inspreekbijdrage namens de commissie | . Zijn er vanuit de commissie nog vragen aan de heer De He er? D | at is niet het geval. Wil ik ook u hartelijk bedanken. Daarbij is agendapunt 2 | afgehandeld. 3. | Vaststellen besluitenlijsten 25 juni en gedeelde commissie 1 juli De voorzitter: En gaan we door naar agendapunt 3, | het vaststellen van de besluitenlijsten van de vorige drie vergaderingen. Bij agendapunt 3 staan ze alle drie. Allereerst wil ik u vragen als het gaat om de besluitenlijst van de commissie S | am en won en van 25-06- | 2026, zijn daar nog opmerkingen over vanuit de commissie | ? Dat is niet het geval. Er staan een zestal actiepunten waarvan de deadline nog niet is verstreken.
Mijn vraag aan het colleg e is, is er nog een update over een van deze actiepunten? Het blijft erg stil aan die kant, ik verwacht he | t niet. Dan gaan we door naar de besluitenlijst van de c | ommissie Samen l even van 25-06- | 20 26. Zijn er vanuit de commissie nog opm erkingen hierover, aanmerkingen ? Dat is niet het geval. Er staan twee actiepunten op de actielijst waar bij beide de deadline niet is verstreken. Zijn er nog opmerkingen vanuit het | college over dez e twee acti epunten? Dat is niet het geval, dan is deze ook vastgesteld. Dan gaan we door naar de besluitenlijst van de c | ommissie Sam en leve n en de commissie S | a men wonen van 01- | 07- | 2 026. Zijn er opmerkingen vanuit de commissie hie rover? Dat is opnieuw het geval en hierbij stonden geen actiepunten genoemd. 4. | Winkeltijdenverordening Ridderkerk 2026 (initiatiefvoorstel) De voorzitter: Dan gaan we d oor naar agendapunt 4, d e W | inkeltijdenverordening Ridder kerk 2026. Even vooraf, het is een bijzonder voorstel. We zijn als commissie en als raad natuurlijk gewend om voorstellen vanuit het college te ontvangen. Dit voorstel komt vanuit de raad namens de raadsleden Stip van P | artij 18PLUS, | nam ens de heer R | ing lever | van de VVD | en namens mevrouw Horvath van GroenLinks. De heer Ringlever he eft zich bij mij af g em eld en hij wordt vanavond vervangen door de heer Bakker van de VVD.
De behandelwijze is als volgt, allereerst vraag ik straks de drie indieners hier naar voren te komen. Dan krijgen ze elk een kort mo ment om toel i chting te geven. Als twe ede bi ed ik de comm issie de moge lij kheid om vragen te stellen aan de initiatiefne mer s. Als dat i | s geweest, krijgen we als derde de optie, e | n dan vraag ik wethouder Van Os naar voren. Vanuit de commissie kunnen er nog vragen gesteld word en aan wethouder Van Os. Allere erst wil ik vragen of de r aadsleden Stip, Bakker en Horvath | voor mij willen gaan zitten? Met de initiatiefne mers is afgesproke n dat we het iets anders doen dan normaal. We doen één vraag per keer aan de initiatiefne mers om ook de ini tiatiefne mers de mo gelijkheid te geven om e en zo goed mo gelijk antwoord te geven richting de commissie. Dan wil ik als eerste het woor d geven aan mijn | heer Stip van Partij 18PLUS. Ga u w gang. De heer St ip: Dank u wel, voorzitter. Ik zal als enige nu de intro doen, zodat daarna gelijk de vragen gesteld kunnen worden. Voorzitter, sinds de oprichting van P | artij 18PLUS in 2013 hebben we al h et standpunt dat Pagina 4 van 28 Pagina 5 van 28 winkels in Ridderkerk op zondag open mogen zijn. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2026 hebben we er zelfs een speerpunt van gemaakt.
Vandaag bespreken we een initiatiefvoorstel wat we samen met de VVD Ridderkerk en GroenLinks Ridderkerk hebben opgesteld. Dit voorstel geeft ruimte aan winkeleigena ren om zelf te kiezen of de winkel op zondag open of dicht is. We hebben bewust voor een openingstijd vanaf 12.00 uur gekozen, zodat de zondagsrust in de ochtend gehandhaafd kan blijven. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Stip. Zijn er vanuit de commissie vragen aan de initiatiefnemers? Dat is het geval. CDA, hoeveel vragen? Drie. SGP? Twaalf. Partij van de Arbeid? Eén. ChristenUnie, twee. Echt voor Ridderkerk ook twee. Dat waren ze. Dan is als allereerste het woord aan mijnheer Ruinard van de Partij van de Arbeid. Ga uw gang. De heer Ruinard: Dank u wel, voorzitter. De vraag van de PvdA-fractie aan de initiatiefnemers is, hoe zij kijken naar het eventuele laden en lossen op zondag? Wij horen als partij nu al van inwoners op het Dillenburgplein dat ze veel overlast ervaren van het laden en lossen 's ochtends vroeg . Hoe zien zij, hoe kijken zij daarnaar dat dat eventueel ook op zondag gaat gebeuren? Neem je dan niet van die inwoners de laatste rustdag af? Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Stip, ga uw gang. De heer Stip: Ik denk als we nog een dag extra opengaan, dat we misschien wat tactischer met de ladingen om kunnen gaan, dat die overlast eerder verspreid zal zijn. Dat is aan de ondernemer zelf.
Als er daadwerkelijk overlast ervaren wordt, dan is dat aan de bewoners om dat aan te geven en aan de ondernemer om daar rekening mee te houden. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Stip. Mijnheer Ruinard, is uw vraag daarmee voldoende beantwoord? Dat is het geval. Mijnheer Hulhoven, CDA, heeft een stapelende vraag. Ga uw gang. De heer Hulhoven: Dat klopt, voorzitter. Stapelend. Als antwoord gegeven op vraag 4b van de ChristenUnie aan het college staat alleen dat het juridisch mogelijk is om laden en lossen te beperken indien op zondagen overlast ontstaat. Mijn vraag aan de initiatiefnemers is, als er nu overlast van laden en lossen op zondag is, willen de initiatiefnemers dan ook daadwerkelijk overgaan tot het nemen van maatregelen ter verbied ing daarvan? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Hulhoven. Mijnheer Stip. De heer Stip: Nog één keer, waar heeft u die vraag gezien? De voorzitter: Mijnheer Hulhoven, CDA. De heer Hulhoven: De vraag was van de ChristenUnie aan het college en dat was vraag 4b. H et antwoord daar van het college is dat het juridisch mogelijk is om laden en lossen te beperken. Mijn vraag aan de initiatiefnemers is, willen zij ook daadwerkelijk overgaan tot actie indien er overlast gemeld wordt? De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Stip. De heer Stip: Indien er overlast gemeld wordt, dan zal dat op dat moment behandeld worden.
Voor nu zie ik, heb ik het gevoel dat er geen overlast zal zijn. Als dat er wel zou zijn, dan moeten we kijken hoe we daarna gaan handelen. Pagina 6 van 28 De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Stip. Mijnheer Hulhoven, is uw vraag daarmee voldoende beantwoord? De heer Hulhoven: Voorzitter, ik zou graag ook van de overige initiatiefnemers … Dat gaat niet. Sorry, dan blijft het hierbij. De voorzitter: Even voor de duidelijkheid, de heer Stip beantwoordt namens de drie initiatiefnemers. Als de heer Bakker of mevrouw Horvath behoefte hebben om te reageren, krijgen ze daar alle ruimte voor. Dank u wel, mijnheer Hulhoven. Stapelende vraag, mijnheer Kardol van de SGP. De heer Kardol: Dank, voorzitter. Ik zal proberen het aantal vragen van mij te beperken door te stapelen. Maar als het gaat om de omwonenden van winkelcentra, dan is gewoon hun vraag, waarom wordt er straks ons gewoon geen dag meer gegund waarop er gewoon rust overblijft en er geen verkeer, winkelend publiek en bevoorrading plaatsvindt? De voorzitter: Mijnheer Stip. De heer Stip: Nogmaals, wij vinden dat de ondernemer moet bepalen of hij zijn zaak open of dicht doet. Kijk , de reden waarom, dan gaan we een beetje naar meningsvorming. Maar dat zal vandaag misschien wat vaker gebeuren, maar daarin verschillen we letterlijk van mening. Wij vinden dat die ondernemer dat zelf moet bepalen.
Sommige mensen geeft het juist rust om op meer momenten hun boodschappen te kunnen doen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Stip. Ik begrijp wat u zegt, maar als voorzitter wil ik proberen om vanavond zo min mogelijk meningsvorming te hebben en graag de commissie vragen om het bij feitelijke en technische vragen te houden aan de initiatiefnemers. Mijnheer Kardol, is uw vraag daarmee voldoende beantwoord? Ik zie u knikken. Dan gaan we door naar Echt voor Ridderkerk, twee vragen. Mevrouw Den Boef, ga uw gang. Mevrouw Den Boef-Broere: Voorzitter, ik heb twee vragen over het voorstel Winkeltijdenverordening. Beide vragen betreffen de tekst op pagina 3 van 5. Vraag één betreft de laatste zin onderaan de kanttekeningen waar het gaat over uniformering. Kan de initiatiefnemer een voorbeeld geven van zo'n situatie dat de nieuwe regeling in een individueel geval beperkter uitpakt? De voorzitter: Kan u nog één keer toelichten, mevrouw Den Boef, welk document u specifiek bedoelt? Mevrouw Den Boef-Broere: 3 van 5. Voorstel. De voorzitter: Dank u wel voor de eerste vraag. Mijnheer Stip, ga uw gang. De heer Stip: Er is geen concreet voorbeeld. Je kan het een beetje zien als de videotheek die vroeger o p zondag bijvoorbeeld 10.00 uur ’s ochtends open mocht. Stel dat die er nog was geweest, dan had dit voor zo'n winkel nadelig uitgepakt, want die hadden dan pas vanaf 12.00 uur open gemogen.
Maar ik heb geen concreet voorbeeld voor een situatie in Ridderkerk. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Stip. Mevrouw Den Boef, eventuele reactie op het eerste antwoord en uw tweede vraag. Pagina 7 van 28 Mevrouw Den Boef-Broere: Duidelijk toch. Vraag twee betreft de laatste alinea onder de uitvoering vervolgstappen. Kan de initiatiefnemer aangeven hoe het proces qua tijd verloopt ? Wanneer vindt het plaats en hoelang ziet het traject eruit? De voorzitter: Mijnheer Stip. De heer Stip: Volgens mij als we met de raadsvergadering beslissen dat dit voorstel erdoorheen gaat , dan zal niet de zondag daarna maar die zondag daarop volgens mij de mogelijkheid er moeten zijn. Zolang die Winkelverordening aanblijft, zal dat gelden. Mevrouw Den Boef-Broere: Dat zijn mijn vragen. De voorzitter: Is uw vraag daarmee voldoende beantwoord? Mevrouw Den Boef-Broere: Duidelijk. De voorzitter: Dat is het geval. Dank u wel. Dan gaan we door naar de ChristenUnie met twee vragen. Mijnheer Knape, graag de eerste. Ga uw gang. De heer Knape: Voorzitter, dank. Ook dank aan de initiatiefnemers voor de beantwoording van onze vragen . Tegelijkertijd blijven er voor ons enkele feitelijke vragen over, over de lokale onderbouwing van het voorstel. De eerste is, de initiatiefnemers hebben met … Nu moet ik even kijken hoor.
Naast hetgeen al schriftelijk is toegelicht, beschikken de initiatiefnemers bij het opstellen van het voorstel over concrete lokale informatie over de mogelijke gevolgen voor de winkeliers die gesloten willen blijven en voor omwonenden van winkelcentra en winkelstrips? Zo ja, welke informatie beschikken de initiatiefnemers dan over? De voorzitter: Mijnheer Stip. De heer Stip: Dan vraag ik u heel even waar u dat heeft zien staan? De voorzitter: Mijnheer Knape, zo aan u het woord. Ik wil de rest van de commissie bij de volgende vragen ook vragen of u vooraf wil aangeven waar u eventuele opmerkingen of stukken gelezen hebt bij de initiatiefnemers. Dat maakt het voor iedereen, ook voor mij als voorzitter vanavond , een stuk makkelijker. Mijnheer Knape, of u aan wil geven waar u die informatie vandaan heeft gehaald en of u die vraag nog één keer kort wil stellen? De heer Knape: Voorzitter, excuus voor de verwarring, ik formuleer dit niet goed. Ik heb aangegeven dat naast hetgeen al schriftelijk is toegelicht in de vragen, is de vraag vooral of de initiatiefnemers bij het opstellen van het voorstel al over concrete informatie beschikken over eventuele gevolgen van het voorstel wat nu voorligt voor omwonenden van het winkelcentrum en de winkelstrips? De voorzitter: Mijnheer Stip, Partij 18PLUS. De heer Stip: Nee, dat hebben we niet. De voorzitter: Dank u wel.
Mijnheer Knape, eventuele reactie op het eerste antwoord en uw tweede vraag alstublieft? Pagina 8 van 28 De heer Knape: Voorzitter, het is een luid en duidelijk antwoord. Vervolgvraag daarop, welke mogelijke nadelige effecten van structurele zondagsopenstelling hebben de initiatiefnemers bij hun afweging nu concreet betrokken? In de beantwoording van de vragen lezen we een aantal positieve effecten of in het voorstel ook. Dat begrijp ik. In een aantal van de vragen wordt eigenlijk ons vermoeden van dat er mogelijk nadelige effecten zijn, genuanceerd. Ik snap ook dat dat gebeurt. Maar in hoeverre hebben jullie nu aan de voorkant die nadelige effecten ook meegewogen bij het opstellen van dit voorstel? De voorzitter: Mijnheer Stip, Partij 18PLUS. De heer Stip: Het voorstel is ontstaan, omdat wij vinden dat een ondernemer die beslissing zelf moet hebben. Ook met omliggende gemeenten, dat zij een eerlijke kans hebben om zelf te kunnen bepalen of het een meerwaarde voor die ondernemer is om open te blijven. Die keuze is er. Als dat nadelige gevolgen heeft voor die ondernemer, dan is daar een keuze van, anticipeer ik daarop, ga ik dicht, blijf ik open, meer personeel, et cetera. Maar dat laten we aan de ondernemer zelf. De voorzitter: Mijnheer Knape, ChristenUnie, heeft u nog een vervolgvraag? De heer Knape: Voorzitter, ik heb een vervolgvraag, maar die gaat over een ander onderwerp.
Ik zie dat ik eigenlijk drie vragen had. Ik weet niet of ik die derde ook mag stellen of dat ik moet wachten tot de rest geweest is? De voorzitter: Doe maar een keer. Ga uw gang. De heer Knape: Dank u wel, voorzitter. In de beantwoording van onze vragen verwijzen de initiatiefnemers , volgens mij is dat bij onze laatste vraag, naar de landelijke evaluatie van de Winkeltijdenwet. Mijn vraag daarbij is, welke effecten van de Ridderkerkse regeling die nu voorligt, verwachten zij op basis van die landelijke evaluatie te kunnen beoordelen en voor welke effecten blijft volgens hen lokaal inzicht nog nodig? De voorzitter: Mijnheer Stip, Partij 18PLUS. De heer Stip: Er is een landelijke evaluatie natuurlijk aangekondigd. Wat ik daarin ook aangeef, is dat dat misschien een reden kan zijn om de nieuwe verordening te evalueren. Dat is het antwoord wat ik daar nu op heb. De voorzitter: Mijnheer Knape, ChristenUnie, zijn uw vragen daarmee beantwoord? De heer Knape: Voorzitter, daarbij zou ik dan wel willen opmerken of willen vragen of de initiatiefnemers hebben gekeken naar waar die evaluatie dan daadwerkelijk over gaat, of dat dat voor hen helder is? De voorzitter: Mijnheer Stip, Partij 18PLUS. De heer Stip: Dat is helder, maar dat heb ik niet scherp nu. De voorzitter: Dan zijn daarmee de vragen van de ChristenUnie denk ik beantwoord. En gaan we door naar het CDA.
Mijnheer Hulhoven, u had nog drie vragen. Uw eerste vraag, alstublieft. De heer Hulhoven: Voorzitter, het zijn er nog twee. De eerste vraag. De VVD heeft een vraag gesteld aan het college over hoe om te gaan met de gevolgen van de verruimde winkeltijden voor parkeervergunninghouders Pagina 9 van 28 in het centrum? De vraag, wat vinden initiatiefnemers van 18PLUS en GroenLinks van deze vraag, delen zij die zorg? De voorzitter: Wil je je lampje uitdoen? Mijnheer Hulhoven, wilt u uw lampje uitdoen? De heer Hulhoven: Excuus. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Stip, 18PLUS. De heer Stip: Nee hoor, die zorg delen wij niet. De voorzitter: Mijnheer Hulhoven, eventuele reactie en uw tweede en laatste vraag , alstublieft. De heer Hulhoven: De tweede vraag betreft mijn vaardigheid van lezen. Op 4 mei is de sluitingstijd 19.00 uur, klopt de aanname dat indien 4 mei op zondag valt, de sluitingstijd dan gewoon 18.00 uur is? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Hulhoven. Wilt u opnieuw … Dank u wel. Mijnheer Stip, Partij 18PLUS. De heer Stip: Ik denk dat ik volmondig ja kan zeggen. Ja. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Hulhoven, zijn uw vragen daarmee voldoende beantwoord? De heer Hulhoven: Ja hoor, voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Dan gaan we door naar de SGP. Mijnheer Kardol, u had twaalf vragen , u heeft één stapelende vraag gesteld.
Klopt mijn berekening dat u nog elf vragen heeft? Dat is het geval. Ik wil u vragen de vragen een voor een te stellen. De eerste vraag, alstublieft. De heer Kardol: Dank, voorzitter. De VVD en GroenLinks hebben als mede-indieners van het initiatiefvoorstel voorafgaand aan deze commissie twee vragen gesteld. Die raken aan enerzijds parkeren en anderzijds het ondernemerschap. Vraag aan de partijen is, waarom brengt u deze aspecten nu pas naar voren? Wat zegt dit over de vraag hoe zorgvuldig u vooraf heeft nagedacht over andere aspecten die kleven aan de wijziging die u voorstelt? De voorzitter: Mijnheer Bakker, VVD. De heer Bakker: Dank u wel. De vraag die wij gesteld hebben over het parkeren is geen onderdeel van dit voorstel. Daarmee betekent het ook dat als wij denken van, misschien heeft dat wel impact op de omgeving, dat het ons natuurlijk vrijstaat om buiten onderdelen die in het voorstel geregeld zijn om daar vragen over te stellen. Het kwam net ook al even naar voren. Wij zien ook geen reden, en ik ga zo meteen van mevrouw van GroenLinks horen hoe zij daarover denkt, dat wij niet gewoon op dezelfde manier aan het debat en aan de behandeling hier in de commissie kunnen meedoen als elke andere partij , omdat we het initiatiefvoorstel mede hebben ingediend. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bakker. Mevrouw Horvath, GroenLinks. Mevrouw Horvath: Dank u wel, voorzitter.
Wij waren gewoon benieuwd wat de laatste stand van zaken was en daar hebben we antwoord op gekregen. Dat was een vraag van ons en dat is ons nu duidelijk geworden. Pagina 10 van 28 Het heeft niet te maken met hoe goed wij ons wel of niet hadden verdiept in hoeveel ondernemers eraan mee zouden willen doen of niet. Wij vonden het belangrijk om ook voor iedereen duidelijk te hebben wat de laatste stand van zaken was. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Horvath. Mijnheer Kardol, eventuele reactie op de eerste vraag en uw tweede vraag, alstublieft. De heer Kardol: Dank, voorzitter. Het zal denk ik voor veel antwoorden gelden dat we hebben kunnen zeggen van, we hebben gehoord wat er is gezegd en over twee weken is het debat. Anders dan kan je namelijk snel een debat krijgen nu. Ik ga mijn volgende vraag stellen. Een volgende vraag, een vraag naar aanleiding van een gesprek met een seculiere ouder. Welke gezinstijd levert u in als zondag een werkdag wordt voor onze Ridderkerkse kinderen? De voorzitter: Mijnheer Stip, Partij 18PLUS. De heer Stip: Sorry, kan je die vraag nog één keer herhalen? De voorzitter: Mijnheer Kardol, SGP. De heer Kardol: Welke gezinstijd levert u in als zondag een werkdag wordt voor onze Ridderkerkse kinderen? De heer Stip: Ligt eraan hoe je je week indeelt. Dat hoeft in theorie geen tijd … Hoef je in theorie geen tijd voor in te leveren.
Dat heeft wel met planning te maken natuurlijk. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Stip, Partij 18PLUS. Ik zie dat mevrouw Horvath, GroenLinks, wil reageren. Ga uw gang. Mevrouw Horvath: Ik denk dat dat juist precies ook onze bedoeling is. Want de heer Stip zei daarnet al van, het is aan iedere ondernemer zelf. Het is ook aan iedere inwoner van Ridderkerk zelf en aan ieder gezin zelf hoe die de week in wil delen en hoe die persoon de zondag in zal willen delen. Dat zal voor ons alle drie ook verschillend zijn. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Horvath, GroenLinks. Mijnheer Kardol, uw derde vraag, alstublieft. De heer Kardol: Die lag in het verlengde. Namelijk van, welke gezamenlijke momenten verdwijnen er als zondag geen gezamenlijke vrijdag meer is? Maar dan wordt zo meteen hetzelfde gezegd, die sla ik over. Maar minstens zo belangrijk, een filiaalhouder, een echtpaar zonder personeel geeft aan dat zij gedwongen kunnen worden om ook op zondag open te gaan. Ze kunnen nu de zondag samen vrij hebben. Daarom de vraag , kun je zondag nog vrij zijn als je winkel open moet? De voorzitter: Mijnheer Stip, Partij 18PLUS. De heer Stip: We praten vaak over concurrentiedruk, maar kijk, ondernemers mogen in principe ook in de avonden open. Vaak ondanks die concurrentiedruk doen ze dat ook niet, het blijft echt bij een ondernemer zelf.
De voorzitter: Mijnheer Kardol, eventuele reactie, vervolgvraag en uw vijfde vraag, alstublieft. Pagina 11 van 28 De heer Kardol: Ik ga naar mijn volgende vraag. De heer Van Prooien en de heer De Heer refereerden ook al aan een dergelijke casus. Maar een drogist die er principieel voor kiest om op zondag niet open te gaan en die stelt de volgende vraag, waarom vindt u het aanvaardbaar dat ik mijn klanten verlies is aan wat je zou kunnen noemen de grote jongens, alleen omdat ik ervoor kies om mijn zondagsrust te behouden? De voorzitter: En uw concrete vraag? De heer Kardol: Wat is het antwoord richting die ondernemer? De voorzitter: Mijnheer Stip, Partij 18PLUS. De heer Stip: De ondernemer die willen wij juist meer vrijheid geven. Vanuit … Daar kunnen de meningen in verschillen dat een ondernemer dat anders voelt. Ook de inwoners hebben natuurlijk gesproken tijdens de verkiezingen. Wat ik al aangaf, we hebben dit al bijna vier verkiezingen in ons programma staan en nu ook als speerpunt. De inwoners hebben ook een bepaalde behoefte, maar ook zeker de ondernemer. Ik denk als bepaalde ondernemers op zondag niet opengaan met hun klantenbestand, dat dat in theorie geen nadeel hoeft te hebben. Dan is het ook aan de ondernemer om te kijken van, hoe zou ik zoiets kunnen herstellen? Als die daar überhaupt nadeel van zou hebben. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Stip, Partij 18PLUS.
Mijnheer Kardol, SGP, eventuele vervolgvraag en uw zesde vraag. De heer Kardol: Dank u. Bekend is dat een grote supermarktketen jongeren herhaaldelijk heeft benaderd met de vraag om op zondag te komen werken. Als dat zou gaan spelen, is zondagsopenstelling dan werkelijk een vrije keuze of creëer je hiermee toch ongewenste druk richting jongeren om te gaan werken? De voorzitter: Mijnheer Stip, Partij 18PLUS. De heer Stip: Op zondag werken is een vrije keuze. Ik kan de link noemen, die staat op de Rijksoverheid, dat blijft een keuze. Ik zie het ook als mogelijkheden. Ik zelf speelde altijd voetbal op zaterdag , het had voor mij ideaal geweest om een bijbaantje op de zondag te hebben. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Stip. Mijnheer Kardol, eventuele vervolgvraag en uw … Mijnheer Bakker, VVD, ga uw gang. De heer Bakker: Ik dacht, hier wil ik toch ook nog wel iets over zeggen. Want in brede zin geldt natuurlijk dat als mensen werk doen, op welke manier dan ook, op welk moment ze dat dan ook doen of wat voor werk ze dan ook doen, als zij op een bepaalde manier onder druk worden gezet om een bepaalde dienst te draaien, of dat het nu nachtdiensten zijn of dagdiensten of zondagsdiensten of wanneer dan ook, dan is dat een serieuze zaak.
Op het moment dat zij zich echt voelen aangevallen of bedreigd voelen in hun positie of wat dan ook, dan zou ik zeggen, ga dat absoluut aankaarten, want dat kan niet de bedoeling zijn. Dat is misbruik maken van een macht of van een recht die je hebt als werkgever en dat kan niet de bedoeling zijn. O p het moment dat dat gebeurt nu al in de huidige situatie, in welke situatie dan ook, of zo meteen als dat zou zijn om de zondagsrust dan zou ik zeggen, neem contact op met de bevoegde instanties daarvoor, want dat kan absoluut niet de bedoeling zijn. Pagina 12 van 28 De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bakker, van de VVD. Mijnheer Kardol van de SGP, eventuele vervolgvraag en uw zevende vraag. De heer Kardol: Ridderkerk kent een grote groep kerkgangers. Ook is er ingesproken namens de kerk, hebben we gehoord, en ook namens de stichting die voor de zondagsrust opkomt. Als dan de vraag wordt gesteld aan u, wat betekent het voor u als de zondag zijn bijzondere plaats in de samenleving steeds meer verliest? Wat betekent dat voor u? De voorzitter: Mijnheer Stip, Partij 18PLUS. De heer Stip: Wat het voor mij betekent, is dat mijn rustdag op een ander moment zal zijn. Dat is dan niet de zondag. Maar dat zal voor iedereen wat anders betekenen. Daar heb ik … Dan verschillen we ... Dat wordt toch weer een stukje meningsvorming.
Maar ik zie het als meer vrijheid dat we op zondag juist open kunnen. Een ander ziet dat misschien als een beperking van de vrijheid. Maar nogmaals, vandaar dat we het ook vanaf 12.00 uur doen tot 18.00, dat is ook door de insprekers benoemd. Niet dat daardoor met open armen het voorstel wordt omarmd, maar ik denk dat het wel een positief signaal ook van ons is om toch die normen die we al hadden toch een beetje te waarborgen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Stip, Partij 18PLUS. Mevrouw Horvath, GroenLinks. Mevrouw Horvath: Ik wil vanaf deze plek wel mijn waardering uitspreken voor de insprekers dat ze zo duidelijk hun idealen en mening naar voren hebben gebracht. Wat we ook hadden verwacht en wat ik alleen maar ontzettend kan waarderen dat je daarvoor opkomt. Tegelijkertijd delen wij die mening niet. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Horvath, GroenLinks. Mijnheer Kardol, eventuele vervolgvraag en uw achtste vraag. De heer Kardol: Tijdens de bespreking van het coalitieakkoord heb ik verwezen naar het rapport , Op de rem!- voorbij de hypernerveuze samenleving. Volgens de raad die dat rapport ook heeft opgesteld, is een cultuurverandering nodig waarin collectieve rustmomenten meer betekenis moeten krijgen.
Wat heeft u met dit rapport gedaan? Heeft u dit rapport überhaupt gewogen? De voorzitter: En met u bedoelt u de voorzitter, maar ik neem aan dat u de initiatiefnemers bedoelt. Mijnheer Stip, Partij 18PLUS, ga uw gang. De heer Stip: Nogmaals, wij zien ook wat er in de samenleving gebeurt, de 24-uurseconomie. Natuurlijk moeten mensen soms op de rem trappen, maar dat hoeft wat ons betreft niet alleen op de zondag. En nogmaals, het gaat er ons om, we kunnen het best wel breed trekken, dat gewoon die keuzevrijheid bij de ondernemer moet liggen. Dat is mijn antwoord, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Stip. Mijnheer Kardol, hetzelfde riedeltje, eventuele vervolgvraag en uw negende vraag. De heer Kardol: Dan via u, de voorzitter, de vraag aan de initiatiefnemers van, waarom geeft u juist nu gas? Ligt dit voorstel nu al op tafel, terwijl er toch veel belangrijkere vragen zouden zijn waar een college mee aan de slag zou moeten? Welk signaal wordt er afgegeven richting de samenleving, ook als er zoveel tegenop komt? Pagina 13 van 28 De voorzitter: Mijnheer Stip, Partij 18PLUS. De heer Stip: Richting de samenleving, we hebben dit jaar verkiezingen gehad. De samenleving daarin ook een keuze gemaakt en ook de samenleving in Ridderkerk. Wij voeren de speerpunten uit, vandaar dat dit initiatiefvoorstel voorligt.
Wij vinden dat die ondernemer daarin zelf dat moet bepalen en nogmaals, wij denken ook dat het juist rust kan creëren. Maar nogmaals, daarin verschillen we van mening. De voorzitter: Mijnheer Bakker, VVD. De heer Bakker: Dank u wel. Ik denk dat het ook een kwestie is dat dit voor alle drie onze partijen gewoon een belangrijk onderdeel van het verkiezingstraject was. Dat wij zeiden, dit was voor ons gewoon een belangrijk punt. Als je dan ziet dat je op zo'n punt ook tijdens de onderhandelingen elkaar vindt , dan is het ook het moment dat als je zegt van, jongens, het is gelukt, we gaan met elkaar samen verder, dat je er ook gewoon gelijk werk van maakt. We hebben gezegd, dat gaan we gelijk doen, want we vinden het belangrijk om hier invulling aan te geven. Wij gaan hier de zomer voor gebruiken en dan gaan wij direct na de zomer met een initiatiefvoorstel komen om daar ook invulling aan te geven, aan een punt wat voor ons alle drie denk ik een heel belangrijk onderdeel was van de verkiezingen. Maar ook van onze overtuiging van de vrijheid die wij willen dat mensen hebben om hun eigen dagen, hun eigen leven in te vullen op de manier zoals dat zij dat graag willen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bakker van de VVD. Mijnheer Kardol, eventuele vervolgvraag en uw tiende vraag. De heer Kardol: Voorzitter, dat is dan mijn laatste vraag.
Dat is ook meer een vraag die uiteindelijk dan overblijft van, voor wie is deze verordening eigenlijk winst en wie betaalt hiervoor de prijs ? De voorzitter: Mijnheer Stip, Partij 18PLUS. De heer Stip: De winst zit hem voor een deel van de ondernemers of de inwoners ook die kunnen kiezen op welk moment zij boodschappen doen. En de winst zit hem in de ondernemer, dat die zelf kan bepalen wanneer die opengaat op zondag, maar wel natuurlijk tussen 12.00 uur en 18.00 uur. De voorzitter: Mevrouw Horvath, GroenLinks. Mevrouw Horvath: Ik zou kunnen zeggen, daar sluit ik me bij aan. Maar voor ons is het ook heel belangrijk de keuzevrijheid voor de ondernemer en voor de inwoners van Ridder kerk. De voorzitter: Mijnheer Bakker, VVD. De heer Bakker: Dank u wel. Ik denk dat de grote winst erin zit dat mensen zo meteen, zoals net ook al genoemd is, de keuzevrijheid gaan krijgen om hun zondag in te vullen zoals zij dat zelf willen en dat ondernemers die kans ook krijgen. Dat is iets wat wij samen met andere partijen al een hele t ijd willen en wij vinden het belangrijk dat mensen die keuzes kunnen maken. Niet dat een ondernemer hoeft niet open, je hoeft niet naar de supermarkt. Maar wij vinden het wel belangrijk dat als je dat wil, omdat dat de manier is hoe jij jouw zondag wil invullen, dat die ruimte er is en dat ze die ook kunnen benutten.
Ik denk dat als je kijkt zo van, waar zit nu vooral de winst? Dat is dat de mensen die de zondag willen gebruiken als zondagsrust en willen gebruiken om naar de kerk te gaan, dat die ruimte er is. Dat als er mensen zijn die zeggen, ik wil gaan Pagina 14 van 28 sporten, dat die ruimte er is. En ook dat als er mensen zijn die zeggen, ik wil boodschappen halen of ik wil vanavond iets op tafel zetten, dat zij zelf kunnen bepalen wat zij die avond gaan eten en dat zij ook zelf kunnen bepalen of dat zij dat op zaterdag of zondag kopen. Ik denk dat dat een belangrijk onderdeel is van de winst die we met dit voorstel gaan behalen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bakker. Vervolgvraag, mijnheer Kardol, SGP. De heer Kardol: Mijn vraag bestond natuurlijk uit twee aspecten. Enerzijds, wat is nu eigenlijk winst en wie betaalt de prijs? Ik kan hem ook anders stellen van, ziet u dan geen enkel verlies? De voorzitter: Mijnheer Stip, Partij 18PLUS. De heer Stip: Ik denk dat in de meeste keuzes die we maken voor- en nadelen aan zitten. Het zou bijna onmogelijk zijn dat er nergens een nadeel zou zitten. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Stip, Partij 18PLUS. Mijnheer Kardol, zijn daarmee uw vragen beantwoord? Zijn er nog spijtoptanten, vervolgvragen vanuit de commissie? Eentje. Mevrouw Den Boef, Echt voor Ridderkerk, ga uw gang.
Mevrouw Den Boef-Broere: Wat ik zo jammer vind, we hebben allerlei onderzoeken gedaan. Er staat net ook nog zag ik op Facebook van het Rotterdams Dagblad dat er maar een klein percentage aan winkels opengaan. Dan denk ik, het is zoveel werk voor die paar winkels. De voorzitter: Dit begint langzaam richting meningsvorming te gaan. Ik geef mijnheer Stip de gelegenheid te reageren, het hoeft niet. De heer Stip: Kijk, het gaat er niet om in het voorstel of er een meerderheid opengaat , het gaat erom dat die keuze er moet zijn. Als er vier supermarkten in de praktijk opengaan, dan zijn het die vier supermarkten en hebben we het daarvoor gedaan. Het gaat er niet om in de onderzoeken die zijn gedaan dat een bepaald percentage open moet, het gaat erom dat die keuze er gewoon is bij die ondernemer, hoe laag dat percentage ook is. De voorzitter: Mevrouw Den Boef, heeft u een vervolgvraag? Mevrouw Den Boef-Broere: Nee. De voorzitter: Dat is niet het geval. Dan wil ik de initiatiefnemers hartelijk bedanken en mogen jullie op jullie zitplaatsen gaan zitten. Dan vraag ik naar voren, wethouder Van Os. Nogmaals voor de duidelijkheid, het is een voorstel namens drie raadsleden, namens drie initiatiefnemers. Het is niet een collegevoorstel. U kan feitelijke en technische vragen stellen aan de wethouder, maar nogmaals, het is geen collegevoorstel. Van harte welkom, wethouder Van Os.
Aan u het woord voor een eventuele korte toelichting. De heer Van Os: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat u het prima heeft verwoord. Het is het initiatiefvoorstel vanuit raadsleden. Het college heeft conform het Reglement van Orde daar de mogelijkheid tot wensen en bedenkingen te geven en daar hebben we de raad over geïnformeerd middels een raadsinformatiebrief. Er zijn wat vragen aan het college gesteld, in ieder geval vanuit de ChristenUnie. Die zijn ook schriftelijk beantwoord. Mochten er nog meer vragen vanuit de commissie leven, dan hoor ik die graag. Pagina 15 van 28 De voorzitter: Dank u wel, wethouder Van Os. Zijn er vragen vanuit de commissie aan de wethouder? De SGP, hoeveel? Eén. De VVD, hoeveel? Eén. De ChristenUnie, hoeveel? Twee. Zijn er nog meer vragen? Dat is niet het geval. Mijnheer Kardol, uw enige vraag. Ga uw gang. De heer Kardol: Dank, voorzitter. Het is hiervoor al gezegd, het feit dat dit voorligt de uitkomst is van coalitieonderhandelingen waarbij het gaat om denk ik een van de smalst denkbare meerderheid. De vraag die ik aan de wethouder eigenlijk wil stellen is, als het gaat ook om de impact van een en ander van, kan de wethouder reflecteren op wat zojuist is behandeld aan vragen en antwoorden? De voorzitter: Mijnheer Kardol, ik vind het niet een technische of feitelijke vraag. Ik geef mijnheer Van Os gelegenheid om te reageren, maar het hoeft niet.
De heer Van Os: Als ik dan toch de gelegenheid krijg, voorzitter. Uiteraard hebben wij kennisgenomen van de vragen en antwoorden die zojuist hier voorbij zijn gekomen. Er ligt een initiatiefvoorstel voor waar de raad over twee weken het debat hoogstwaarschijnlijk over gaat voeren en er een besluit over gaat nemen. Dan is dat het debat tussen raadsleden om vervolgens een keuze te maken of dit initiatiefvoorstel wel of niet een meerderheid behaalt. En daardoor ook, als die meerderheid behaald wordt, een lokale wet wordt voor de gemeente Ridderkerk. Als het een lokale wet is in de gemeente Ridderkerk, namelijk een verordening, dan hebben we daar als college naar te handelen. Dan kunnen ondernemers daar rechten en plichten aan verbinden en zo werkt dat met iedere verordening die wordt opgesteld en aan wordt genomen door de raad. Laten we vooral dat moment afwachten, voorzitter, over twee weken het inhoudelijke debat. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Van Os. Mijnheer Kardol, zijn uw vragen daarmee voldoende beantwoord? Ik zie u knikken. De heer Bakker, VVD, ga uw gang. De heer Bakker: Dank u wel. Eén vraag inderdaad. We hadden eerder ook één schriftelijke vraag gesteld over hoe het zit met de parkeervergunninghouders in en om het centrum? De reactie daarop was dat als dat inderdaad tot problemen zou leiden, dat we dan zouden gaan kijken naar de blauwe zone.
Alleen deze parkeervergunninghouders liggen helemaal niet in de blauwe zone. Mijn vraag is, wat hebben die twee met elkaar te maken? De voorzitter: Wethouder Van Os. De heer Van Os: Dank u wel, voorzitter. Er is momenteel een pilot gaande met een blauwe zone in het centrum op de Ridderhof Jan Steenstraat. Een gedeelte waar de weekmarkt nu op vrijdag staat, dat is gewoon nog gratis parkeren, daar mag iedereen staan zonder daar de beperking van de blauwe zone op te hebben. Mocht op de zondag, als de verordening wordt aangenomen, blijken dat het aantal parkeerplaatsen niet voldoende is in de blauwe zone die we nu hebben, dan kunnen we desgewenst ook kijken of die uitgebreid kunnen worden naar het vrije gedeelte op zondag, om daar ook een blauwe zone op die dag van te maken, mocht dat zo'n toeloop nemen. Het is niet de verwachting van het college dat de straten waar nu een parkeervergunning geldt, dat is onder andere de Kerkweg naar mijn weten en wellicht een stukje Lagendijk, dat daar dan heel veel bezoekers van het winkelcentrum gaan parkeren om naar het centrum te gaan . De blauwe zone betekent ook gratis parkeren in het tijdvak van twee uur meen ik. Die parkeerplaatsen moeten ook op een zondag afdoende zijn om het winkelpubliek te bedienen. En uiteraard kunnen ze ook lopend en met de fiets komen, om dat ook nog maar even te promoten.
Pagina 16 van 28 De voorzitter: Dat is toch die portefeuille duurzaamheid van de vorige periode. Dank u wel, wethouder Van Os. Mijnheer Bakker, heeft u nog een vervolgvraag? Dat is niet het geval. Dan gaan we door naar mijnheer Knape, ChristenUnie. U had twee vragen en u kan ze beide stellen. De heer Knape: Voorzitter, dank. Er wordt in de beantwoording van onze schriftelijke vraag een aantal verwachtingen geschetst door het college, die gebaseerd zijn op de ervaringen van andere gemeenten en op de enquête die door de BIZ is gehouden. Kan het college aangeven welke Ridderkerk specifieke gegevens naast die BIZ-enquête beschikbaar zijn waarop de verwachtingen over onder andere leefbaarheid en parkeren en bevoorrading gebaseerd zijn? De tweede vraag. Het college geeft aan in onze laatste vraag dat er bereidheid is om een evaluatie aan de raad voor te leggen en laat dit verder aan de raad over. Op welke termijn zou het naar de mening van het college zinvol zijn om een goed onderbouwde vergelijking te maken tussen de verwachtingen die nu geschetst worden en de daadwerkelijke effecten van de verordening ? De voorzitter: Wethouder Van Os. De heer Van Os: De wekker gaat, voorzitter. Dank u wel. We hebben uiteraard conform de vraag van de ChristenUnie in de omgeving gekeken wat de impact is van het openstellen van winkels op zondag. Daar hebben we netjes antwoord op gegeven.
We weten niet wat de ervaringen in Ridderkerk zijn, want hier moeten winkels gesloten zijn volgens de Winkeltijdenwet. We gaan dat met elkaar ervaren als de gemeenteraad instemt met die verordening. Wij hebben vanuit de gemeente, vanuit deze portefeuillehouder regelmatig gesprekken met onder andere BIZ Winkelhart Centrum, met BIZ Vlietplein, met BIZ Dillenburgplein. Daar zullen wij dan ook vanuit die ondernemers horen wat de ervaringen zijn, m ocht de verordening worden aangenomen met het openstellen van winkels in hun winkelgebieden. D an horen we ook hoogstwaarschijnlijk voor- en nadelen. Als daar iets uit te destilleren valt waar de raad over geïnformeerd moet worden, dan zullen we dat niet nalaten als college om dat te zijner tijd ook te doen. Maar dat kunnen we nu nog niet inschatten, want we kunnen allerlei uitdagingen en problemen aan de voorkant verzinnen, maar voor hetzelfde geld doen die zich niet voor en loopt het allemaal soepel. Mochten ze zich wel voordoen, dan is het college natuurlijk ten alle tijden de eerste die de raad informeert. De voorzitter: Mijnheer Knape, ChristenUnie, heeft u nog vervolgvragen? De heer Knape: Ik denk dat mijn antwoord op mijn tweede vraag nog niet helemaal gegeven is . De voorzitter: Over de evaluatie, wanneer die het beste plaats kan vinden. Wethouder Van Os.
De heer Van Os: Dat had ik dan net getracht te beantwoorden, omdat aan de voorkant een evaluatie met elkaar afspreken, denk ik niet heel zinvol is als je niet weet wat de impact van het instellen van deze verordening voor Ridderkerk gaat betekenen. Dat moeten we gaan ervaren. Het is nieuw. We zijn decennialang gewend sinds de Winkelsluitingstijdenwet en de Winkeltijdenwet dat winkels in Ridderkerk op zondag gesloten zijn voor de meeste winkeliers. Overigens telt de Winkeltijdenwet nu al ontheffingen voor bepaalde segmenten en bepaalde geloofsgemeenschappen, maar dat gebeurt niet in Ridderkerk. We gaan ervaren wat het doet in Ridderkerk als de winkels open mogen, als u inderdaad ermee instemt. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Van Os. Mijnheer Knape, ChristenUnie, heeft een vervolgvraag. Ga uw gang. Pagina 17 van 28 De heer Knape: Voorzitter, dank. Dank voor de beantwoording ook. De wethouder geeft aan dat de effecten nu nog niet te voorzien zijn, maar we gaan toch de verordening instellen. Tenminste, waarschijnlijk. Gebeurt dit vaker op deze manier of zijn er ook voorbeelden bekend dat we een verordening instellen en dat we wel nadenken met elkaar over welke eventuele negatieve effecten er kunnen zijn van de verordening die we gaan instellen? De voorzitter: Wethouder Van Os.
De heer Van Os: Voorzitter, laat duidelijk zijn dat met wat de heer Knape aangeeft met we, dat niet het college deze verordening gaat aannemen, maar dat doet de gemeenteraad over twee weken wel of niet. Dat ten eerste. Ten tweede heeft de voorzitter aangegeven dat het gebruikelijk is in dit huis dat het college voorstellen voorbereidt, ook verordeningen. Dan kijken we echt wel naar de omgeving en wat er in het verleden is gebeurd. Dit komt dan vanuit initiatiefnemers, ik denk dat die vraag niet aan het college gesteld moet worden, maar aan de initiatiefnemers. Want wij hebben een bepaalde procedure wanneer wij verordeningen naar de raad brengen van, wat is het verleden, wat gebeurt er in omliggende gemeenten, wat zegt de VNG over zaken? Zo werken wij en dan brengen wij het in uw raad en dan stemt u daarover. Dit komt vanuit de raad zelf een initiatiefvoorstel, die vraag had wellicht beter daar op zijn plaats geweest. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Knape, laatste keer. Ga uw gang. De heer Knape: Voorzitter, dank. Eigenlijk is het meer een opmerking. Ik zou dan toch wel willen opmerken dat er eigenlijk in alle voorstellen ook gesproken wordt over st akeholders die belangrijk zijn voor dit voorstel. De voorzitter: Mijnheer Knape, dat gaat langzaam richting meningsvormend debat. U heeft daar over twee weken voldoende gelegenheid voor.
Heeft u nog een technische of feitelijke vervolgvraag aan wethouder Van Os? De heer Knape: Ik wacht op het debat, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er nog andere vragen aan de commissie? Dat is het geval. Mijnheer Kardol, SGP, ga uw gang. De heer Kardol: Dank, voorzitter. Horende wat de wethouder zegt, had de wethouder het dan anders aangepakt? De voorzitter: Wethouder Van Os. De heer Van Os: Ik ken het Reglement van Orde van de raad enigszins uit mijn hoofd en volgens mij staat daar niet het instrument dat het college met een initiatiefvoorstel kan komen. Volgens mij komt het college met voorstellen ter voorbereiding van de raadsvergadering en zijn het ten alle tijde voorstellen van de raad wat hier komt. Alleen dit keer heeft de raad wat extra werk gedaan in een voorstel en niet het college. Dat gebeurt niet vaak. In de periode dat ik hier zit, heb ik het één keer meegemaakt dat het daadwerkelijk tot behandeling is gekomen heel lang geleden en nu ligt er weer één voor. Dat is een instrument van de gemeenteraad en daar is gebruik van gemaakt en wij kennen een andere procedure als college. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Mijnheer Kardol, is uw vraag daarmee voldoende beantwoord? Mijnheer Verweij, er mag één commissielid per partij het woord voeren. U kan uw vraag nog doorfluisteren naar de heer | Kardol, maar over twe e w eken hebben | w e een raadsvergadering.
Zijn er nog andere vragen vanuit de commissie? Dat is niet het geval. Dan wil ik wetho uder Van Os hartelijk bedanken | , maar wethouder Van Os blijft zitten tot | het volgende onderw erp. Dan heb ik nog twee vragen aan de com missie. Aller eerst, zijn er vanuit de commissie nu al ideeën om eventueel een moti e of amend em ent in te diene n bij dit agendapunt over twee wek en? Mijnheer Knape, ChristenUnie. De heer Knape : Voorzitter, wij overweg en om e en motie in t e dienen die aanstuurt op een evaluatie binnen afzienbare tijd. De tijdspanne moeten we nog over nadenke n, maar dat zal de strekking van de motie worden. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Knape, ChristenUnie. N | og andere fracties ? Dat is niet het geval. Wie denkt de meeste tijd nodig te hebben? Excuus. De allere erste vraag is, is de commissie het er nog steeds mee eens dat het ter debat gaat? | Dat denk ik wel. Welke partij denkt het me este tijd nodig te hebben? De h eer Stip, 18PLUS, vijf minuten? Dri e mi nuten. SGP, vijf. Groen | Links, vier. VVD, | drie. Partij van de Arbeid, drie | . Vijf, twe e. Ik ga even met de gri ffi er | over legg en. We stellen voor een e erste termijn van vijf minuten , totale behandeltermijn van honderd | minuten. Is de commissie het daarmee e ens? Dan is dat bij deze vastgesteld. 5.
| Algemene subsidieverordening Ridderkerk 2027 De voorzitter: Dan gaan we d oor naar agendapunt 5, | de Algemene subsidieverordening Ridderkerk 202 7. Portefeuil lehouder Van Os schuift aan en er zal geen ambt elijke ondersteuning zijn. Het voorstel van de heer Stip is om even vijf | minuten te schorsen en dat lijkt me een goed idee. We ver | volg en de vergadering om 21.10 uur verder. SCHOR SING De voorzitter: Het is 21. | 10 uur , ik wil ieder een vragen om w eer te gaan zitten? Zoals net a angegeven, gaan we door naar agendapunt 5, d | e Algemene subsidieverordening Ridderkerk 202 7. | Portefeuillehouder is wethouder Van Os. Er is geen ambtelijke ondersteuning aanwezig. De k orte samenvatting van het voorstel | . De verstrekking van subsidies van de geme ente is gebaseerd o p de A | lgemene subsidieverordening. De huidige verordening komt uit 2018 e | n sluit niet meer aan bij de huidige tijd en bij de uitvoering in Ridderk | erk. Met de nieuwe Al ge mene subsidiever ordening heeft Ridder | kerk een actueel en uniform juridisch kader voor het verstrekken van subsidies om die vast te stellen. Er zijn vooraf vragen gesteld. Dank u wel daarvoor. Dat was ook nog bij het vorige agendapunt, dank daarvoor. Allereerst geef ik het woord aan weth ouder Van Os.
De heer Van Os: Voorzitt er, ik kan het eigenlijk niet beter ve rwoorden dan dat we het ook met deze verordening voor de subsidieontvanger tot bepaalde bedragen ook wel wat makkelijker hebben gemaakt in de verantwoording. Een accountant die komt niet voor niets een controle doen. Daar moet je wat voor betalen en dan zag je dat dat soms wel eens met betr ekking tot het subsidiebedrag tot 20, 25 procent van het subsidiebedrag ging worden, | terwijl dat niet de bedoeling is. Dat gemeenschapsgeld bedoeld is om juist de goede maatschappelijke dingen te doen en niet om accoun tantskantoren te betalen. Ik denk dat dit voor de ontvanger ook een welkom e vernieuwing is van de A | lge men e subsidieverordening van Ridderkerk. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Van Os. | Het staat nu ter vaststelling voor de raadsvergadering, | is de commissie het daarm ee eens? Mijnheer Kardol, S GP. De heer Kardol : Het ligt niet alleen aan de | beantwoording nog van een vraag die ik heb, maar ge woon even het weg en van de antwoorden die ook zijn gekomen op de schriftelijk gesteld e vragen. Vooralsnog ter debat. Pagina 18 | van 28 Pagina 19 van 28 De voorzitter: Duidelijk. Dan mogen er alleen technische en feitelijke vragen gesteld worden. Zijn er vanuit de commissie vragen aan wethouder Van Os? Mijnheer Kardol, ho eveel? Eén vraag. Mijnheer Latupeirissa, hoeveel? Eén.