CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-03-20-verslag-gemeenteraad-ridderkerk.pdf

Gemeenteraad RK 20 maart 2025, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 0.: Besluitenlijst en verslag24.645 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Woordelijk verslag vergadering gemeenteraad Ridderkerk 20 maart 2025 1.

Opening en vaststellen agenda De voorzitter: Dames en heren, met deze ferme gongslag open ik deze raadsvergadering. En ik heet u allemaal enorm van harte welkom, de raadsleden, de collegeleden, ambtelijke ondersteuning, publiek, pers, volgers via internet bij deze raadsvergadering en wie ik eventueel vergeten zou zijn. We schrijven vandaag 20 maart 2025, wat volgens mij twee zaken inhoudt. Als eerste dat u normaliter voor het laatst, ik herhaal voor het laatst, voor u zou zien bij een reguliere raadsvergadering, onze onvolprezen griffier de heer Van Straalen, ware het niet dat hij verstrekt moet laten gaan, helaas, vanwege ziekte. We wensen hem natuurlijk vanaf deze plaats beterschap toe. De jongeman naast mij is niet onze nieuwe griffier, dat weet u. En voor degenen die dat niet weten, dat is onze plaatsvervangend griffier de heer Slingeland. En die gaat vanavond met mij en u allen deze vergadering in goede banen leiden. Dat als eerste. En op 20 maart 2025 betekent dat ook dat we binnen een jaar vanaf nu met elkaar gemeenteraadsverkiezingen hebben. Dus ik wens u en ons en ons allemaal een heel mooi en onvergetelijk laatste raadsjaar in deze samenstelling toe. En de oplettende kijker die heeft natuurlijk ook gezien, dat is ook het vermelden waard, dat bij deze raadsvergadering voor het eerst in dit verband u een tweetal mooie vlaggen voor in de raadszaal ziet staan.

En ook dat is het benoemen meer dan waard. Waarvan akte. Er is een bericht van verhindering ontvangen van mevrouw Dirks van GroenLinks, zodat we vanavond met een Raad van 28 raadsleden vergaderen. De agenda, kunnen we die zo vaststellen? Of wil er iemand het woord over? Mevrouw Van Vliet. Mevrouw Van Vliet: Excuus. Ik wilde graag een agendapunt toevoegen, een motie vreemd aan de orde van de dag over het Witte Anjer Perk. De voorzitter: Dank u wel. Dan voegen we deze motie Witte Anjer Perk toe als agendapunt 10 bij onze beraadslaging. Dan stel ik zo de agenda vast, met inbegrip daarvan.

2.

Vragenuur voor raadsleden De voorzitter: Dan gaan wij met elkaar over tot het vragenuur van uw Raad. En er zijn zeven vragensets ontvangen en die gaan we successievelijk met enthousiasme afwerken. Als eerste geef ik het woord aan de heer Rijsdijk van de Partij van de Arbeid met een aantal vragen over de wijkoverleggen. Mijnheer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Dank u wel voorzitter. De Partij van de Arbeid Ridderkerk vindt de wijkoverleggen een belangrijke vorm van burgerparticipatie. We hebben veel waardering voor de leden van de wijkoverleggen die zich binnen het concept van de proeftuin nog altijd vol overgave inzetten voor hun wijk en dat tegen de stroom in. Het is inmiddels acht maanden stil vanuit het college rondom de wijkoverleggen. De laatste raadsinformatiebrief dateert van 12 juli 2024 en bevatte de nodige open eindjes. Naar aanleiding hiervan hebben wij de volgende vragen.

Hoeveel wijkoverleggen zijn op dit moment actief en welke zijn dit? Heeft er met alle actieve wijkoverleggen een bestuurlijke evaluatie plaatsgevonden? Zo nee, met welke nog niet en wanneer vindt deze alsnog plaats? Wat zijn per wijkoverleg de belangrijkste conclusies en verbeterpunten, zowel bezien vanuit de wijkoverleggen als het college? Op welke wijze zijn de geconstateerde verbeterpunten opgepakt? De vijfde vraag, wat is de reden dat de wijkoverleggen na afloop van elk wijkoverleg een formulier moeten invullen over hoe het overleg is gegaan en dat zij dit ook moeten doen als zij bijvoorbeeld bankjes geplaatst willen hebben in de wijk? Dit komt erg bureaucratisch over. Is het college bereid dit anders te laten organiseren? Wat gebeurt er met de notulen van de wijkoverleggen? Nemen de relevante afdelingen van de Pagina 1 van 38

gemeente kennis van hetgeen is besproken? De zevende vraag, wat zijn de mogelijkheden om de wijkcontactfunctionarissen en partners, zoals als de politie en Wooncompas, weer bij de wijkoverleggen te laten aansluiten? Is het college bereid hierover afspraken te laten maken? Waarom wel/niet? En de achtste en laatste vraag, wanneer kunnen de proeftuinen naar verwachting worden omgezet in een toekomstbestendige vorm van wijkparticipatie? Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Rijsdijk. Het woord is aan wethouder Stip. Wethouder Stip: Dank u wel voorzitter. Antwoord op vraag één, op dit moment zijn er vijf wijkoverleggen die meedoen met de proeftuin. Dat is West, Oostendam, Rijsoord en Drievliet - ‘t Zand. Oost is bezig met de nieuwe vorm van een zelfstandig wijkoverleg waar wij goed contact over hebben. Bij vraag twee over de bestuurlijke evaluaties en de gesprekken die hebben plaatsgevonden, met alle voorzitters van alle deelnemers van de proeftuin heeft na de zomer een tussentijdse bestuurlijke evaluatie plaatsgevonden. En momenteel lopen de tweede bestuurlijke evaluaties, nog los van de ambtelijke evaluaties tussendoor. Wat zijn de belangrijkste conclusies en verbeterpunten? Neem ik ook gelijk eventjes samen met vraag vier.

De zelfstandige wijkoverleggen zijn tevreden met de notulist, de vergaderlocatie, contact met de gemeente en het budget voor promotiedoeleinden. Daarnaast hebben ze als verbeterpunt ook aangegeven dat relevante en actuele informatie belangrijk is voor een succesvol, zelfstandig wijkoverleg en daarom hebben we ook na de eerste evaluaties het voorbereidingsuurtje geïntroduceerd, waarbij de wijkcontactfunctionaris met de voorzitter bespreek wat er speelt en dit kan meegenomen worden door de voorzitter in het wijkoverleg. Het college ontvangt graag de vragen, signalen en adviezen uit de wijken van de wijkoverleggen en wij vinden het belangrijk dat daar zorgvuldig binnen drie weken een inhoudelijke reactie op komt. Wij waarderen dat deze wijkoverleggen de mogelijkheid hebben opgepakt om samen mee te denken en te doen om zelfstandige wijkoverleggen in Ridderkerk mogelijk te maken en een goede positie te geven. Dan ga ik door naar vraag vijf over het formulier. Dat noemde ik net al even, het wijkoverleg stuurt na de vergadering een formulier met de vragen, adviezen en signalen die zij hebben en die naar voren zijn gekomen tijdens een wijkoverleg. Door het formulier ontstaat eigenlijk een integraal beeld en kan deze goed hier in de organisatie worden uitgezet en vervolgens met alle antwoorden en reacties binnen drie weken worden teruggestuurd.

En daarmee kunnen we ook goed met elkaar blijven monitoren wat er in de wijken speelt, maar houden we ook een integraal beeld met elkaar welke vragen zijn gesteld en dat alle antwoorden op tijd weer teruggekoppeld worden. Vraag zes, wat gebeurt er met de notulen? De notulen worden door de notulist uiteraard opgesteld in overleg met de voorzitter van het wijkoverleg. Het zelfstandige wijkoverleg hoeft deze niet te delen met de gemeente. Vragen of opmerkingen vanuit het wijkoverleg staan op het formulier dat door de wijkcontactfunctionarissen dus worden uitgezet in de organisatie of bij partners. Vraag zeven, met het voorbereidend uurtje is dus met wijkcontactfunctionaris ingelast en voor de rest staat het vrij aan organisaties om aan te sluiten of niet op uitnodiging van een wijkoverleg. Zo sluiten bijvoorbeeld zo nu en dan sociaal makelaars aan. En vraag acht, wanneer de proeftuinen naar verwachting kunnen worden omgezet in een toekomstbestendige vorm van wijkparticipatie. Als alle proeftuinevaluaties hebben plaatsgevonden, gaan we in gesprek met de wijkoverleggen over een nieuw op te stellen convenant. En we vinden het belangrijk om dat zorgvuldig in gezamenlijkheid met de wijkoverleggen te bespreken wat voor beiden goede afspraken zijn om dan in dat nieuwe convenant vast te leggen. En dit convenant zal dan vervolgens aan de Raad voorgelegd worden ter besluitvorming.

En zodra dit proces doorlopen, is, kunnen de zelfstandige wijkoverleggen in die toekomstige bestendige vorm aan de slag verder gaan. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel wethouder. Mijnheer Rijsdijk, heeft u nog vervolgvragen?

Pagina 2 van 38

De heer Rijsdijk: Dank u wel voorzitter. Dank aan de wethouder voor de uitgebreide beantwoording van de vragen. Het roept bij mij nog wel vervolgvragen op. Er werd aangegeven dat er op dit moment twee evaluaties lopen. Kan de wethouder aangeven welke wijkoverleggen dat betreft? Mijn andere vraag is, er vindt nu met de wijkcontactfunctionaris een voorbereidingsuurtje op het wijkoverleg plaats. Wat zou er voor nodig zijn om de wijkcontactfunctionaris gewoon weer bij het overleg te laten aansluiten? Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Rijsdijk. Ik stel voor dat de wethouder eerst uw vragen even beantwoordt en daarna ik even rondkijk of er nog andere fracties zijn die ook vragen willen stellen. Wethouder. Wethouder Stip: Dank u wel voorzitter. Om even de eerste vraag die ik beantwoord heb te verduidelijken, of tenminste, die over de bestuurlijke evaluatie ging. Het gaat om de tweede ronde van evaluaties. We hebben de eerste ronde gehad met alle deelnemers en we zijn nu bezig met de tweede ronde met alle deelnemers. In het start concept-convenant van de proeftuin is aangegeven dat de wijkcontactfunctionaris niet aansluit bij het wijkoverleg en zo zullen wij ook verder de proeftuinen ingaan. We nemen alle evaluaties mee en dan zal er uiteindelijk een concept aan uw Raad worden voorgelegd. En dan heeft uw Raad ook de instrumenten om daar naar te kijken.

De voorzitter: Dank u wel. Nog anderen? Mevrouw Van Nes-de Man en daarna mijnheer Mijnders. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u voorzitter. Houdt dit nu eigenlijk in, het verhaal horende, dat de wijkoverleggen die overgebleven zijn zo ongeveer weer op dezelfde manier functioneren als voor het conflict? De voorzitter: Dat is één vraag. Mijnheer Mijnders De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. De wijken Bolnes en Slikkerveer hebben op dit moment jammer genoeg geen wijkoverleg. Mijn vraag richting de wethouder is, probeert de gemeente op dit moment nog om samen met de partners deze twee wijkoverleggen nieuw leven in te blazen? Of ziet een gemeente dat meer dat het aan de samenleving is als er de wens is om deze wijkoverleggen weer op te starten, dat ze zich kunnen melden? Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder. Wethouder Stip: Dank u wel voorzitter. Of het dezelfde manier is als voorheen, dat niet. Het is veranderd naar eigenlijk een zelfstandig wijkoverleg met een nieuwe vorm. Ook de werkwijze met bijvoorbeeld het evaluatieformulier met signalen, adviezen, daar korter op de bal te zitten om dat sneller te beantwoorden. Ook echt wel het zelfstandige karakter wat er meer in is gebracht. Het wijkbudget, het promotiebudget wat nooit beschikbaar eerder was. Dus er zijn zeker nieuwe aspecten in deze proeftuin. En dan eventjes de vraag over Bolnes en Slikkerveer.

Daar zijn inderdaad momenteel geen actieve wijkoverleggen. Wij hebben wel ook voorheen in de gesprekken bijvoorbeeld een oud-voorzitter van Bolnes wel betrokken bij de gesprekken en daar ook continu bij aangegeven: zijn er inwoners die geïnteresseerd zijn, kom vooral weer op de lijn. Dus er zijn uiteraard, ook met de wijkcontactfunctionaris, sowieso contacten met inwoners en ook met ouddeelnemers van wijkoverleggen. Maar momenteel is er geen verdere interesse van inwoners, maar weten ze wel ook goed wijkcontactfunctionaris te vinden mocht dat wel zo zijn. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de volgende vragen toe. Die zijn van mevrouw Ripmeester van de Partij van de Arbeid, mede namens mevrouw Van Vliet van Echt voor Ridderkerk en mevrouw Van Nieuwenhuizen van Fractie Van Nieuwenhuizen, over de aanrijtijden ambulances. Pagina 3 van 38

Mevrouw Ripmeester: Dank u wel voorzitter. Vorige week stond in het Algemeen Dagblad het bericht dat in 2023 1 op de 10 ambulances die met spoed ergens in Ridderkerk moest zijn er langer dan een kwartier over deed. Dat is onder de landelijke norm van 95 procent. Ook ten opzichte van vergelijkbare gemeenten waren de aanrijtijden slechter. 1 op de 14 ambulances deed het daar langer dan een kwartier over. De gemiddelde wachttijd op een ambulance is tussen 2019 en 2023 toegenomen van 9 minuten en 7 seconden naar 11 minuten en 43 seconden en dat vonden wij zorgwekkend. Naar aanleiding hiervan hebben de genoemde partijen de volgende vragen: was het college voor publicatie al bekend met deze cijfers? Zijn er al cijfers van 2024 bekend? En zo ja, laten deze dan een verbetering zien? Daar hopen we natuurlijk op. En wat is de reden dat de aanrijtijden in Ridderkerk zo vaak niet worden gehaald en dat de aanrijtijden ook slechter zijn dan in vergelijkbare gemeenten? En in hoeverre worden deze ondermaatse aanrijtijden veroorzaakt door de inrichting van de verbindingsweg en het verkeer op de A15 en A16? En misschien heeft het college maatregelen genomen om de aanrijtijden te verbeteren. Of niet zozeer het college, zijn er maatregelen in het algemeen genomen? Zo ja, welke zijn dat dan? En wat kan er nog meer worden gedaan, bij voorkeur op korte termijn al? Dank u wel voorzitter.

De burgemeester: Dank u wel mevrouw Ripmeester. Ik zal zelf de beantwoording van deze belangrijke vraag ook beantwoorden. Het college heeft kennisgenomen van de cijfers als het gaat om de aanrijtijden van ambulances via de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond. Ik wijs er ook op en dat is interessant denk ik, dat deze jaarverslagen gewoon ook publiek zijn. Op de website van de ambulancedienst Rotterdam-Rijnmond staan alle jaarverslagen waar dan ook deze aanrijdtijden kunnen worden afgeleid, al geruime tijd ook over 2023 op de website. En het is goed dat daar ook kennis van genomen wordt. En ik zal ervoor zorgen dat de link daarnaartoe ook even aan uw Raad wordt toegezonden, zodat het ook helemaal duidelijk is. Het is wel belangrijk wat mij betreft om enige nuancering op het bericht van het Algemeen Dagblad aan te brengen. Want als het gaat over 2023 is het exacte getal van binnen 15 minuten ter plaatse zijn bij spoedritten 92,86 procent en in 2022 was dat 95,5 procent. Ook dat valt uit de jaarverslagen gewoon op die manier af te leiden. Dat neemt niet weg dat het gewoon een belangwekkend onderwerp is. Het is ook belangrijk om daarbij nog wel even hierop te wijzen, dat de cijfers voor Ridderkerk per definitie mankeren. En wat bedoel ik daarmee? Heel veel ambulanceritten voor Ridderkerk komen namelijk niet uit Rotterdam-Rijnmond, maar worden aangereden vanuit Zuid-Holland Zuid.

Dat zijn ritten over de regiogrens heen, maar die juist daarvandaan worden aangestuurd om gewoon zo kort en zo snel mogelijk ter plaatse te zijn. De cijfers voor Ridderkerk als buiten-regioritten worden niet op die manier geregistreerd en bijgehouden en ik hecht eraan en ik ben daar ook over in gesprek om die cijfers ook duidelijker te krijgen, zodat we met elkaar ook een compleet beeld krijgen. De cijfers van 2024 zijn nog niet bekend. Maar zodra die bekend zijn, zal ik er ook actief voor zorgen dat die bij uw Raad worden aangeleverd. En ik weet ook al, dat gesprek heb ik gevoerd met de ambulancedienst, dat zij graag bereid zijn om de duiding op die rapportage ook bij u te bespreken. Dus als daar behoefte aan bestaat, dan hoor ik dat graag. En wat is de reden dat die niet zo goed wordt gehaald? Overigens, Ridderkerk is niet per se de gemeente die in de regio het slechtste scoort, verre van dat zelfs. Dus dat behoeft ook enige nuance. Maar er kunnen verschillende oorzaken voor zijn waarbij die aanrijtijden niet gehaald worden. Schaarste aan zorgpersoneel, in zijn algemeenheid, maar ook binnen de ambulancesector. Piekmomenten, onvoorziene verkeersomstandigheden, slechte weersomstandigheden. Kortom, er kan nogal wat spelen. En dat maakt het nog steeds niet prettig.

Dat maakt het nog steeds belangwekkend om daar de vinger bij te blijven leggen, maar er zit enige vorm van verklaarbaarheid in. En in hoeverre die ondermaatse aanrijtijden worden veroorzaakt door de inrichting van de verbindingsweg en het verkeer op de A15-A16, dat is met zoveel woorden niet onderzocht. Maar in algemene zin, zoals ik al zei, kunnen de verkeersomstandigheden natuurlijk wel in negatieve zin bijdragen. En zijn er al maatregelen genomen om de aanrijtijden te verbeteren? Ik zou zeggen ja, er zijn een aantal zaken te benoemen. Maar het is ook goed om Pagina 4 van 38

die misschien wat nader toegelicht te krijgen als u er belang aan hecht dat het feit dat de ambulancedienst ook langskomt. Er is een breder kwaliteitskader ontwikkeld dan alleen het scoren op de aanrijtijden als zodanig. Er is ook belang, want uiteindelijk gaat het erom dat iemand niet alleen snel bereikbaar is vanuit een ambulance, maar dat er ook gewoon de echte goede zorg geboden kan worden. En dat is veelomvattend. Er is ook een nieuwe urgentie indeling aan de orde een A0-rit. Misschien nog niet van gehoord, maar dat betekent eigenlijk een specifieke urgentie waarbij de karakterisering daarvan is een directe inzet met de grootst mogelijke spoed, daarbij A1 een directe inzet met grote spoed is. Ook daarbij kan je dus zien dat er straks wat meer differentiatie plaatsvindt en dat helpt misschien ook om het een en ander wat in perspectief te plaatsen. En de bedoeling van alles is natuurlijk wel om de gezondheidsschade of anderszins daar waar mogelijk zo veel mogelijk te beperken en de kwaliteit van de ambulancezorg zo groot mogelijk te maken. Dat even als reactie. Mevrouw Ripmeester, nog andere vragen? Mevrouw Ripmeester: Dank u wel voor de positieve woorden en voor de inzet op meer duidelijke cijfers. En de Partij van de Arbeid is zeker geïnteresseerd in het bezoek van de ambulancedienst in een commissie. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel.

Nog andere vragen? De heer Kardol SGP? De heer Kardol: Dank, voorzitter. Een vraag nog aan de portefeuillehouder. Bent u van plan om in het gesprek met de ambulance het ook specifiek te hebben over de weginrichting? Want in het kader ook van de aanrijtijden van de brandweer hebben wij daar laatst nogal eens onze zorgen over geuit. De voorzitter: Dank u wel. Ik kom daar zo op terug. Mevrouw Van Vliet heeft ook nog een vraag. Mevrouw Van Vliet: Dank u wel voorzitter. Die aanrijtijden die vastgesteld zijn op 95 procent daar is eigenlijk al rekening mee gehouden met de verschillende oorzaken die u noemt. Die 95 procent die houdt al rekening met personeel, slecht weer, piekmomenten en dergelijke en we zitten daar dus nu nog steeds onder. Dus ik vind dat niet echt een goed argument als een oorzaak waarom wij op 92 procent zitten. De burgemeester: Om daar misschien gelijk even op in te gaan, misschien niet een argument, maar wel een oorzaak. Simpeler dan dat is het ook niet. En als het gaat om de vraag van de SGP, ja, de spanning die er kan zitten op de vorm van de weginrichting enerzijds en de snelheid voor hulpdiensten anderzijds, die is bekend. We spreken daar ook over. Ook met de brandweer. Daar wordt ook het goede gesprek gevoerd bij de weginrichting zelf met de veiligheidsregio om daar het goede gewogen gemiddelde in te vinden.

En daarbij kan het niet altijd zo zijn dat alleen maar de aanrijtijd altijd prevaleert. Dat is altijd wikken en wegen en ook van geval tot geval bekijken waar de beste winst behaald kan worden. Mijnheer Kooijman heeft ook nog een vraag. Ik had u over het hoofd gezien, excuus. Gaat uw gang. De heer Kooijman: Ik snap ook dat gelijk snel antwoorden wilt geven. Uit uw eerste beantwoording gaf u aan dat er veel aan wordt gereden vanuit de regio Zuid-Holland Zuid. Wij zijn bestuurlijk aangehaakt bij de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond. Maakt dat het maken van afspraken nog lastiger, omdat we daar geen bestuurlijke aanhaking hebben? Of maakt dat verder niet uit? De voorzitter: Nee hoor. Ik denk dat wat dat betreft, als het gaat om de aard van de gesprekken, bijvoorbeeld rondom aanrijtijden, het gesprek in onze regio niet anders gevoerd zal worden als in een andere regio en dat de vraagstelling zo ongeveer wel hetzelfde zal zijn vanuit de verschillende gemeenten. Het is wel heel prettig dat er vanuit Zuid-Holland Zuid natuurlijk aangereden wordt en ook aangestuurd wordt vanuit de meldkamer Pagina 5 van 38

op de dichtst nabij zijnde ambulances. En dat helpt zeker als het gaat om bijvoorbeeld Oostendam en misschien andere delen van Slikkerveer aan deze kant ook echt enorm. Dus ik heb zelf ook wel een klein beetje het idee dat de aanrijtijden qua score nog wat beter scoren dan nu onderwerp van gesprek is. Maar ik hecht er ook wel aan, voor zover dat gaat, om daar wat beter zicht op te krijgen. Dank u wel. Dan gaan wij door naar de volgende vragen. Die zijn van de SGP, de heer Kardol, over het behoud van het politiebureau en die wel dan te Ridderkerk. Mijnheer Kardol. De heer Kardol: Dank u wel voorzitter. Woensdag 12 maart 2025 is er op de website barendrecht.nu een nieuwsbericht verschenen met de kop: toch geen politiebureau aan de Dierensteinweg. De politie zou namelijk het plan hebben laten varen om op een stuk grond langs de Dierensteinweg vanaf 2030 een politiebureau te realiseren. Ook zou de gemeente Barendrecht op korte termijn willen overgaan tot ontwikkeling van het beoogde gebied en dit als bedrijventerrein willen uitgeven. Omdat het behoud van het politiebureau Ridderkerk aan de Kievietsweg van groot belang is, heeft de SGP-fractie in dit kader de volgende vragen.

Klopt het dat er helemaal geen nieuw politiebureau meer aan de Dierensteinweg in Barendrecht komt? En zo ja, betekent dit voor Ridderkerk dat het in 2016 gerenoveerde politiebureau aan de Kievietsweg ook na 2030 behouden blijft? En de laatste vraag is, zijn er behalve de in het artikel genoemde motivering nog andere reden redenen te noemen die ten grondslag liggen aan deze besluiten? De burgemeester: Dank u wel. Ook hierbij zal ik de beantwoording voor mijn rekening nemen. Op uw eerste vraag vooral even deze opmerking, dat u volgende week een RIB ontvangt waarbij wat nadere duiding wordt gegeven, plus een brief die vanuit het college wordt verzonden aan de korpsleiding ten aanzien van, ik noem dat maar even de Ridderkerkse inzet. Maar het klopt inderdaad dat er geen nieuwbouw aan de Dierensteinweg in Barendrecht van een politiebureau als greenfield-ontwikkeling zal gaan plaatsvinden. Dat is ook door het college van Barendrecht met zoveel woorden zelf bevestigd. Dus dat zijn niet zozeer mijn woorden, maar hun woorden. Of dat nou betekent dat het politiebureau in Ridderkerk ook na 2030 te Ridderkerk behouden blijft, dat is natuurlijk nog een beetje onzeker. Maar u zult wel begrijpen dat wij in deze nieuwe situatie daar ook wel goede, verstandige woorden aan zullen wijden vanuit het Ridderkerkse.

We zullen de Ridderkerkse positie, om dat met zoveel woorden te zeggen, gewoon maximaal bepleiten. En dat zal volgende week ook tot u komen. En zijn er als het gaat om de redenen nog andere redenen te noemen dan in de genoemde motivering? Laat ik het maar zo even heel simpel formuleren: er zijn eigenlijk drie hoofdredenen om dit besluit te omschrijven. De politie heeft een hele grote portefeuille als het gaat om huisvestingsvraagstukken, vernieuwingsvraagstukken, et cetera en dan vooral vanuit de nationale portefeuille. Twee, de middelen rondom financiën, maar ook de capaciteit, die zijn gewoon heel schaars. De politie moet het simpelweg met minder middelen doen. En de derde opmerking is vooral de concludering: dat leidt tot deze noodzakelijke prioritering vanuit de nationale politie. Anderen? Mijnheer Kardol, heeft u nog een vervolgvraag? De heer Kardol: Geen vervolgvraag, maar bedankt voor de beantwoording zover en we zien uiteraard de RIB tegemoet. We zijn al blij te horen dat Ridderkerk onverminderd de Ridderkerkse locatie blijft aanprijzen als definitieve vestigingslocatie, want dat wilden we graag horen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Nog anderen hierover vragen? Dat is niet het geval. Dan gaan wij door met de vragen van mevrouw Van Nes-de Man van Burger op 1, mede namens de heer Rijsdijk van de Partij van de Arbeid over het omgevingsbeleid van de provincie.

Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u, voorzitter. Tot 24 maart aanstaande kan iedereen reageren op het nieuwe omgevingsbeleid van de provincie Zuid-Holland. We hebben hierover de volgende vragen. Heeft het college Pagina 6 van 38

gereageerd op het voorgestelde omgevingsbeleid van de provincie. En indien gereageerd is, op welke punten is dan gereageerd en wanneer komt die reactie naar de Raad? Dan vraag drie, worden hierin ook woningbouwlocaties benoemd? En indien ja, welke zijn dit dan? En punt vier, omdat iedereen kan reageren, onderneemt de gemeente dan ook actie om dit onder inwoners bekend te maken? Dank u. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Van Nes-de Man. Wethouder Van der Duijn Schouten. Wethouder Van der Duijn Schouten: Dank u wel voorzitter. Voorzitter, op ruimtelijk beleid loopt er momenteel nogal het een en ander bij de provincie. Onder andere dus het provinciaal omgevingsbeleid, waar nu dus de internetconsultatie voor loopt waar u in deze vraag naar verwijst. Daarnaast zijn er diverse gesprekken op provinciaal niveau over het NOVEX-gebied, onder andere de haven en de zuidelijke Randstad. En daarnaast is er nog eens een keer het gesprek vanuit de provincie met het Rijk over het ruimtelijk arrangement wat de provincie met het Rijk sluit. En op al die dossiers, alle drie, vinden er ook gesprekken plaats vanuit de gemeente met de provincie. Dus daar zijn we op aangesloten en daar praten we over mee en daar leveren wij input op. Soms weleens de vraag ook hoe die dingen zich nu allemaal tot elkaar verhouden, maar dat lijkt ook voor de provincie weleens lastig te zijn.

Wij hebben dus niet gereageerd op de internetconsultatie, omdat wij op tal van tafels wel het bestuurlijke en het ambtelijke gesprek en we sluiten niet uit dat na de internetconsultatie komt er een ruimtelijk beleid en dan kunnen er ook zienswijzen ingediend worden. En dat is wat ons betreft het moment, als het nodig is, om bestuurlijk wel te acteren. Maar omdat wij dus niet op de internetconsultatie reageren is vraag twee, indien er is gereageerd, nou, het andere, er is niet gereageerd. Worden er woningbouwlocaties genoemd? We reageren niet, dus we noemen niks. En dan is dit nadrukkelijk een stuk wat uit de provincie georganiseerd wordt en loopt, dus wij zien als gemeente geen rol voor ons weggelegd om daarin nu als gemeente apart de publiciteit voor te gaan zoeken. Dat ligt echt bij de provincie. Dat was het wat mij betreft, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel wethouder. Mevrouw Van Nes-de Man, heeft u nog andere vragen? Dat is niet het geval. Anderen? Ook niet het geval. Dan kunnen wij door. En dan gaan we naar de vragen van mevrouw Ripmeester van de Partij van de Arbeid over overlast in de bibliotheek. Mevrouw Ripmeester. Mevrouw Ripmeester: Dank u wel voorzitter. Deze vraag die kwam dus recent naar voren, omdat er afgelopen maandag weer zoveel overlast was van jongeren in de bibliotheek.

Een grote groep, ze gooiden boeken op de grond, er zijn gebruikte condooms gevonden, er is overgegeven. Ze waren ronduit onbeleefd tegenover de medewerkers van de bibliotheek en de beveiliging. Jongeren klagen dat ze niet meer kunnen studeren en bezoekers geven aan weg te blijven omdat ze zich niet meer veilig voelen. En ik neem aan dat we dat allemaal heel naar vinden. De politie is gebeld en is ook gekomen. Die hebben gedaan wat ze konden. Is het college op de hoogte van de overlast? Ik zag u knikken, dus dat is zo. Maar wat kan worden gedaan om de sfeer en veiligheid in de bibliotheek en het gemeentehuis te verbeteren? En wat gaat het college doen? Dank u wel voorzitter. De burgemeester: Dank u wel mevrouw Ripmeester. Ik zal de beantwoording voor mijn rekening nemen. Ja, inderdaad. Het kan je ook bijna niet ontgaan. De overlast die ook afgelopen maandag, maar ook op een aantal andere dagen plaatsvond. En u noemt het nog heel vriendelijk: dat is meer dan naar. Ik zou er eigenlijk iets anders op willen zeggen: dat is onacceptabel. Want de bibliotheek en het gemeentehuis is een plek waar je op een fijne manier moet kunnen zijn en verblijven. Waar je een boek moet kunnen pakken, waar je moet kunnen studeren. En waar vooral ook geldt: fatsoen moet je doen. En het fatsoen moet je doen verhaal is er voor een aantal jongeren gewoon simpelweg niet bij geweest.

En dat is onacceptabel. En dat is in die zin ook de wereld op zijn kop. En het staat overigens wel weer in schril contrast met inderdaad ook jongeren, vanavond heb ik Pagina 7 van 38

even staan luisteren, die op een hele fijne manier weer de piano bespelen. Dus het kan inderdaad ook anders. En dan geldt maar weer dat de meeste jeugd deugt, maar dat dit nog eens een keer bijzonder vervelend is. Wat kan gedaan worden om de sfeer en de veiligheid in het gemeentehuis en de bibliotheek te verbeteren? We hebben natuurlijk al een aantal acties ondernomen. U heeft er ook al eerder vragen over gesteld. En die acties die laten zich kort samenvatten als dat we met elkaar het overleg voeren, de huisregels zijn aangescherpt, ook zichtbaar zijn opgehangen. Cameratoezicht is aangepast, ook op die plekken waarbij het cameratoezicht er nog niet was. Dat we jongeren die niet luisteren of alternatief gedrag vertonen ook aanspreken en als daar niet op geluisterd wordt, verwijderen en zo nodig de politie ook inschakelen. Ook van afgelopen maandag geldt dat jongeren ook met name toenaam zijn genoteerd, dat daar ook vandaag alweer een brief is uitgegaan gegaan vanuit mij, richting zowel de jongeren als de ouders en verzorgers. Kortom, heel wat. En toch is en lijkt het nog niet voldoende. En ik hecht er ook aan om daarom ook in de komende tijd te bezien of we met elkaar wat extra stappen weer kunnen maken. En je zou er bijna een beetje moe en moedeloos van worden, maar het is nodig.

We gaan kijken of het mogelijk is en wat de consequenties daarvan zijn om de positionering van, ik zeg maar even beveiliging, bewaking, toezicht en dergelijke, wat anders in te richten. Of dat zomaar gaat, dat weet ik niet, maar we gaan het nog wel even serieus bezien zodat je ook wat meer regie kunt voeren wellicht. En we gaan ook even kijken en dat is makkelijker om te doen, extra personele inzet doen, zodat de beveiliger die natuurlijk meer taken heeft dan alleen deze jongeren te corrigeren, want die heeft ook nog een toezichthoudende rol en een faciliterende rol, dat die geassisteerd zou kunnen worden. En dat zijn de twee dingen die we voor de korte termijn ook aan de haak gaan slaan. U heeft een vervolgvraag of vervolgvragen. Gaat uw gang. Mevrouw Ripmeester: Dank u wel voorzitter voor het duidelijke antwoord. Het is inderdaad onacceptabel ik ben blij met de voorgenomen acties. Ik wil ook vragen of u wilt kijken of u Facet en de jongerenwerken wat meer naar voren kunt brengen, omdat de jongeren die hier zijn, die zijn ook op andere plaatsen net zo aanwezig. En ik zou u willen vragen of u ook aandacht wil hebben voor de medewerkers van de bibliotheek en de vrijwilligers van de bibliotheek die toch wel onder gebukt gaan en misschien afhaken. Dat kunnen we niet gebruiken. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Nog andere vragen? Mijnheer Westbroek, Partij 18PLUS.

De heer Westbroek: Dank u wel voorzitter. Ik trek het iets breder. Bent u bereid om aan alle ouders van Ridderkerkse jongeren in de leeftijdscategorie 12 tot 18 jaar een brief te sturen als burgemeester waarin u uw zorgen uit en ouders oproept om met hun kinderen in gesprek te gaan? En ik vraag dit ook mede omdat wij recentelijk hier in het gemeentehuis groepen 7 en 8 op bezoek hebben gehad in deze raadszaal. Onder begeleiding van ProDemos hebben zij een spel gespeeld waarin ze de gemeente besturen. Daar zijn een aantal raadsleden bij geweest. En bij één van mijn collega's die daarbij was kwam naar boven dat veiligheid echt een topic is onder onze jongeren. En één van de jongeren uit groep 8 die zei: je moet tegenwoordig echt uitkijken als je ruzie hebt met iemand dat je niet wordt neergestoken. Dus er leeft echt wat onder onze Ridderkerkse jongeren. De burgemeester: Dank u wel. Om daar maar even direct op in te haken, ik ben blij dat het op deze manier leeft. Aan de ene kant is het iets wat je misschien wel een klein beetje verdrietig kan maken, om er op die leeftijd op die manier over te moeten nadenken. Maar het is tegelijkertijd ook misschien wel hoopvol dat er vanuit juist die categorie ook alweer dit opmerkingen wordt gemaakt. Dat belooft misschien wel juist het goede.

Om even daarop in te gaan, een brief sturen aan alle kinderen in Ridderkerk is best wel even een klusje. Maar dat klusje had ik toch al een klein beetje op mijn schouders genomen, om te bezien of we in het Pagina 8 van 38

kader van fatbikes iets richting de ouders zouden kunnen sturen. En ik maak misschien nu wel een ambtenaar een beetje … Zo, maar ik ga eens even bezien of daar wellicht een tweesporige brief van gemaakt kan worden. En als dat niet kan, dan vind ik wel een andere manier om dit nog maar eens even duidelijk naar Ridderkerk te communiceren. Dat we dit niet willen en dat er op die manier ook een verantwoordelijkheid ligt bij ouders. Dan de vragen van mevrouw Ripmeester. Ja, met Facet is al gesproken, wordt daarover gesproken. Want inderdaad, het jongerenwerk heeft gewoon een hele belangrijke en mooie positie en ook vaak een effectieve positie ten aanzien van jongeren. En dat kan ik u in ieder geval op dat punt aangeven. En vanmiddag heeft ook weer een overleg plaatsgevonden waarbij ook de bibliotheek betrokken was. Dus op die manier geven we daar ook invulling aan. Dat was het, denk ik zo, qua dit onderwerp. Dan gaan wij naar het volgende, dat gaat over de Bachstraat. En de vraagsteller is de heer Swarttouw van Leefbaar Ridderkerk. Mijnheer Swarttouw. De heer Swarttouw: Dank u wel voorzitter. Op het voormalige terrein van de Pameijer woongroep aan de Bachstraat in Slikkerveer is sinds een aantal weken begonnen met het slopen van het gebouw en het bouwrijp maken van het terrein eromheen.

Hiervoor is het terrein inclusief trottoir afgezet met een hek vanaf de moskee tot aan de Bizetstraat in Slikkerveer. Omdat voetgangers geen gebruik meer kunnen maken van het voetpad lopen ze massaal over de rijbaan, wat leidt tot gevaarlijke situaties voor het overige verkeer. We hebben daarom de volgende vraag aan het college. Is het college zich bewust van deze gevaarlijke situatie en deelt zij de mening van Leefbaar Ridderkerk dat hier op heel korte termijn een oplossing voor gevonden moet worden? Tweede vraag, momenteel is er een omleiding ingesteld voor voetgangers, maar zou het niet veel beter zijn om het hek ongeveer twee meter naar achter te plaatsen, zodat er weer gebruikgemaakt kan worden van het bestaande trottoir, voetpad? De derde vraag, is het college bereid om zo snel mogelijk in overleg met bouw- en woningtoezicht een passende oplossing te zoeken voor dit probleem? En de laatste vraag, kan het college de Raad hierover zo snel mogelijk op de hoogte brengen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Swarttouw. Wethouder Van der Duijn Schouten. Wethouder Van der Duijn Schouten: Dank u wel voorzitter. In de inleiding wordt aangegeven dat het tot gevaarlijke situaties voor het overige verkeer leidt, maar ik kan u vertellen dat die voetgangers ook zichzelf aardig in gevaar brengen.

En we hebben hiervoor net een vraag gehad over iets en daar kwam het begrip fatsoen moet je doen naar voren. Dat zou je in dit geval ook wel op het hele geval kunnen plakken. Voordat met de sloop, maar straks ook de bouw begonnen wordt van een dergelijke locatie die grenst aan het openbaar gebied vindt er altijd overleg plaats tussen diverse gemeentelijke afdelingen en de aannemer, om te kijken: wat is nodig voor een veilig bouwterrein? Uit het overleg zijn maatregelen gekomen. Die maatregelen zijn allemaal uitgevoerd en die heeft u ook kunnen waarnemen, constateer ik uit uw tweede vraag. Want het is niet alleen afgezet, er is ook een omleidingsroute ingesteld. Alleen vervolgens zie je dat voetgangers daar massaal maling aan hebben en gewoon over de weg lopen, ook als ze daarop worden aangesproken. Het is gevaarlijk wat u doet, brengt uzelf in gevaar, u brengt anderen in gevaar. Men blijft gewoon over de weg lopen. Afgelopen dinsdag heeft de aannemer zich al hier in dit huis gemeld. Hij zegt: dit gaat niet goed. Want die constateerde het zelf ook. Het blijft wel wat het is. Er is aan de voorkant goed gekeken. Er zijn maatregelen getroffen. En het is uiteindelijk ook aan mensen die daar lopen om zich daar aan die regels te conformeren en de situatie zoals die daar nu is. Het hek een stukje terugzetten daar is aan de voorkant al naar gekeken.

Want we nemen het hele gebied in schouw. En dat kan niet, want die ruimte is echt nodig. Als u er nu langsloopt is het helemaal braak en dan denk je: kan best een stukje terug. Maar straks als er ook weer aan een gebouw gewerkt wordt, zijn er bepaalde veiligheidsmarges nodig ten opzichte van het gebouw en dan is dat stukje van de stoep nodig. En om het nu even een metertje terug en straks weer de andere kant op, dat werkt ook niet. De situatie is nu goed ingebracht, de omleidingsroutes zijn duidelijk en dit blijft even zoals het is, totdat het Pagina 9 van 38

klaar is. Of in overleg met bouw- en woningtoezicht … Net gezegd, de aannemer heeft zich hier al gemeld. Die is continu in overleg met onze afdeling om te kijken hoe hiermee om te gaan en de risico's zo veel mogelijk te beperken. En ik denk dat ik uw Raad hier dan ook gelijk op dit moment op de hoogte heb gebracht van wat er allemaal gebeurt. Dus dat was het, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Swarttouw. De heer Swarttouw: Dank u wel voorzitter. Bedankt voor de beantwoording. Het is natuurlijk helder en dat is enigszins te begrijpen. Ik kan me ook voorstellen dat je, als zo’n hekwerk daar staat, dat je daar ook niet vlak langs mag lopen vanwege veiligheid en dat soort dingen. Maar is dit dan echt het veiligste wat we kunnen bieden voor de mensen die daar dan niet naar luisteren, om gewoon te voorkomen dat daar ongelukken gebeuren met mensen die daar lopen of met een auto of met fietsers of wat dan ook? Dat is nog even de laatste vraag. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Nog andere vragen? Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Ik vond eigenlijk wel goed dat dat Leefbaar hier vragen over stelde. Het was mij ook opgevallen. En het is niet de eerste keer dat u dat er vragen worden gesteld vanuit de Raad over voetgangers, omleidingen of situaties waarbij hekwerken bij bouwwerkzaamheden op het trottoir worden gezet.

En voor bouwveiligheid is dat heel begrijpelijk, alleen voor voetgangers heel vervelend. En ik hoor de wethouder net zeggen: nu kan het hek misschien een stukje terug, maar straks gaan we bouwen en dan niet. Maar de voetgangers die nu rondlopen, die zien een heel leeg bouwterrein en een hek op een trottoir staan die niks staat te doen. Het mag niet, maar ik kan me wel enigszins voorstellen dat mensen dan denken: waarom zou ik dan hiervoor gaan omlopen? Dus ik zou toch aan de wethouder willen vragen, is die bereid om nog eens een keertje in het huis na te denken of we ten aanzien van voetgangers en langzaam verkeer nog iets beter kunnen kijken of we ook wat meer comfort kunnen bieden voor deze verkeersdeelnemers? En niet te makkelijk te zeggen: nou, we zetten aan het begin een bordje, u moet even omlopen want we zijn hier aan het werk. De voorzitter: Wethouder. Wethouder Van der Duijn Schouten: Eerste vraag van de heer Swarttouw. Nee, dit is echt het veiligste wat we nu kunnen doen. Er is duidelijk een omleidingsroute. Het is straks niet alleen de veiligheidsmarge met een gebouw. Er komen straks ook palen op, die hebben manoeuvreerruimte nodig op het terrein. Die ruimte is echt nodig. En dat voetgangers dan denken: er staat een hek niks te doen, dus ik mag er wel langslopen. De stoep is afgezet. Er is duidelijk een omleidingsroute aangegeven.

Dat geldt overigens niet voor fietsers. Ik ben vanmiddag zelf nog even langs gefietst, op de fiets kan je gewoon gebruikmaken van de weg, want alleen de stoep is afgezet. Ik was vanmiddag toevallig even toen er grote palen werden gelost en dan is ook één rijbaan tijdelijk afgezet, maar dan worden er ook verkeersregelaars ingezet. En de suggestie dat we nu nog even kunnen kijken omdat het allemaal … Hier is aan de voorkant uitgebreid naar gekeken. Hier is continu aandacht voor. Veiligheid is het belangrijkste. En als mensen denken dat een hek er voor niks dat en ze er zomaar even langs kunnen lopen, dan … Ik bedoel, we doen dit niet omdat we het leuk vinden, maar omdat we een veilige situatie voor iedereen willen creëren. Er zijn ook situaties dat we meldingen inderdaad krijgen dat er iets gebeurt, kunt u ernaar kijken? En dan zien we wel mogelijkheden om een stoep een stukje vrij te maken en dan doen we dat ook. Die ruimte is er hier op dit moment gewoon niet. De voorzitter: Dank u wel wethouder. Dan gaan wij naar de laatste vragenset. Dat is de vragenset die ingediend is door de heer Ros van GroenLinks mede namens mevrouw Kayadoe van Leefbaar Ridderkerk. En Pagina 10 van 38

het onderwerp en ik weet niet of dat eerder een keertje hier in de Raad aan de orde is geweest, de beverburcht in de Crezéepolder. Mijnheer Ros. De heer Ros: Om uw vraag te beantwoorden, ik weet het niet zeker of dat ik het hierover heb gehad. Ik weet het in ieder geval niet. Kan ik me niet herinneren. Bij GroenLinks en Leefbaar Ridderkerk zijn signalen ontvangen over de sloop van een beverburcht in de Crezéepolder. En dat is dinsdag twee dagen geleden gebeurd. Deze burcht is al maakt al jaren uit van dit prachtige zoetwater getijdengebied en trok veel natuurliefhebbers. Op social media is er sprake van onbegrip en verontwaardiging. En hoewel bevers soms schade kunnen veroorzaken aan dijken, bevond deze specifieke burcht zich ongeveer een metertje of 30 vanaf de dijk. Maar het lastige is, de Crezéepolder wordt beheerd door het Zuid-Hollands landschap en de gemeentegrens loopt dwars door deze polder. De gemeente Ridderkerk wordt aangesproken op het verwijderen van de burcht en de bevers. En het zal u niet verbazen, voorzitter, maar bevers houden zich niet aan gemeentegrenzen en weten niet het verschil tussen de gemeente Ridderkerk en het Zuid-Hollands landschap. Bovendien is de bever een beschermde diersoort en het verplaatsen of verwijderen van de verblijfplaats mag niet zomaar. En daarom hebben GroenLinks Ridderkerk en Leefbaar Ridderkerk de volgende vragen aan het college.

De eerste twee gaan over of de gemeente of de stadsecoloog op de hoogte was van de sloop van de burcht of misschien wel de ecoloog van het Zuid-Hollands landschap? En wat was zijn of haar advies? De derde, is bij de gemeente bekend of er een vergunning is aangevraagd voor het verwijderen van deze burcht? Zijn er verzachtende of compensatiemaatregelen genomen, bijvoorbeeld een nieuwe locatie voor de burcht? Wat is het belang geweest? Waarom is hij eigenlijk verwijderd? Heeft dat met de dijk te maken? En heeft de gemeente Ridderkerk contact gehad met het Zuid-Hollands landschap of kunnen ze dat doen? En is er voor aanvang van de werkzaamheden gekeken of alle bevers, alle zes, de burcht hebben verlaten? En kan de gemeente bijdragen aan de communicatie richting inwoners en de reden en achtergrond van de sloop van de burcht toelichten, zodat er meer duidelijkheid komt over deze kwestie? Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Ros. Dan is het woord aan wethouder Overheid. Wethouder Overheid: Dank u, voorzitter. Voordat ik inga op de inhoud van de vragen, even vooraf de situatie over beheer van het gebied. De gemeente heeft hier geen formele rol. De Crezéepolder wordt beheerd door het Zuid-Hollands landschap en de werkzaamheden zijn in opdracht van het waterschap Hollandse Delta uitgevoerd. Het bevoegd gezag daarvoor is de provincie. Nog even voor de duiding.

Dan met betrekking tot uw vragen. De eerste vraag over op de hoogte zijn gesteld. De gemeente heeft op maandag 17 maart, dus afgelopen maandag, een mail ontvangen waarin de werkzaamheden van dinsdag 18 maart zijn aangekondigd. En in de mail stond: bevergaas plaatsen langs de Oostmolendijk. Het waterschap heeft bewoners van de Oostmolendijk hier op dezelfde dag ook per mail over geïnformeerd. Naar aanleiding van uw vraag hebben we ook wel navraag gedaan bij het waterschap en uit de verkregen informatie blijkt het volgende. De beverburcht en de zijtakken zijn zodanig groot dat de veiligheid van de naastgelegen weg in het geding komt en ook een belemmering kan vormen voor de achterliggende drinkwatervoorziening. De beverburcht dient derhalve uitgegraven te worden, waarna preventief gaas wordt aangebracht. Er is vanuit Faunabeheereenheid ZuidHolland ontheffing verleend om vervolgens het beverhandelingsprotocol 2023 te handelen. Conform het beverprotocol is gehandeld en zijn voorafgaand aan de werkzaamheden meerdere vooropnames gedaan, respectievelijk op 20 februari, 17 maart en 18 maart. De uitvoeringsmethode is aangepast op de aanwezigheid van bevers. Bij aanvang van de werkzaamheden is waargenomen dat alle zes de bevers uit de burcht zijn gekomen. We hebben tevens contact opgenomen met de boswachter van Stichting Zuid-Hollands Landschap.

Hij gaf aan dat als een beverpopulatie verjaagd wordt, ze ergens in de directe omgeving weer starten met de Pagina 11 van 38

herbouw van een nieuwe burcht. Dat is op de huidige locatie mogelijk en zal door het aanbrengen van bevergaas in de toekomst geen veiligheidsrisico op kunnen leveren. Dat even het uitgebreide antwoord op uw eerste vraag. Een heleboel van de volgende vragen zijn waarschijnlijk al beantwoord. Wat is het advies van de ecoloog? Dat is al beantwoord, dus niet. Is de gemeente bekend of er een vergunning is aangevraagd? Die is aangevraagd. Waterschap Hollandse Delta heeft een ontheffing van de Faunabeheereenheid Zuid-Holland omgevingsdienst ontvangen. Of tenminste, die heeft ze gewoon standaard. Zijn er in de omgeving mitigatieen compensatiemaatregelen? De verjaagde bevers die zoeken dus een nieuwe locatie. Dat kan op de huidige locatie, maar het is ook denkbaar dat de bevers naar het gebied De Gorzen gaan. En onze gemeentelijke stadsecoloog gaat dat monitoren in De Gorzen in ieder geval. Het belang van het verwijderen van de burcht, dat is al beantwoord in vraag één. Heeft Ridderkerk contact gehad met Zuid-Holland over het verdwijnen van … Ja, er is contact geweest met de boswachter, die dus aangaf dat als de populatie verjaagd wordt, ze ergens anders weer een nieuwe burcht gaan zoeken. Hebben voor de aanvang deze zes bevers verlaten, ook al beantwoord. Die zijn geconstateerd, gelukkig maar. En kan de gemeente bijdrage aan de communicatie? Als laatste vraag.

Het waterschap heeft afgelopen woensdag zelf over de werkzaamheden gecommuniceerd, inclusief beeldmateriaal van het project, met daarbij uitleg over de noodzaak en de risico's. We hebben hier geen formele rol in en laten de communicatie dan ook graag bij het waterschap. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel wethouder. Mijnheer Ros heeft u nog andere vragen? U steekt de vinger omhoog. Gaat uw gang. De heer Ros: Eentje, voorzitter. Dank aan de wethouder voor het uitgebreide antwoord en het navragen. Het is heel erg helder. Ik was eigenlijk helemaal tevreden tot het allerlaatste zinnetje, dat u zegt: we laten de communicatie aan het waterschap over. De gemeente zou daar ook een rol in kunnen spelen door bijvoorbeeld het … Want niet iedereen volgt het waterschap op de voet misschien, door bijvoorbeeld bepaalde berichten te forwarden hierover of uitleg te geven, zodat het verhaal wat de wethouder zo heel duidelijk schetst en wat een heel logisch verhaal is, gewoon nog eens een keer onder de aandacht gebracht kunnen worden. Zou de wethouder dat kunnen doen op een of andere manier? Misschien het forwarden? De voorzitter: Dank u wel. Nog andere vragen? Nee? Wethouder. Wethouder Overheid: Dank u, voorzitter. Dan kan ik de heer Ros tevredenstellen.

Toevallig hebben wij vanmiddag, want uiteraard heb ik dit ook met afdeling communicatie besproken, het bericht van waterschap Hollands Delta vanuit de gemeente gelijk in ieder geval geforward. Dus dat ook de mensen die aangehaakt zijn op de site van gemeente, dit bericht in ieder geval kunnen achterhalen. Dank u, voorzitter. 3.

Vaststelling besluitenlijsten raadsvergaderingen 23 en 30 januari 2025 De voorzitter: Kijk eens aan, goed. Dan was dan het vragenuur vanuit uw Raad en dan gaan wij de agenda vervolgen, want er staat nog het nodige te doen. En wij gaan door naar de vaststelling van de besluitenlijsten, meervoud, van twee raadsvergaderingen, ook weer meervoud, op 23 en 30 januari 2025. En de vraag die voorligt, of u de besluitenlijst van 23 januari 2025 overeenkomstig zou willen vaststellen. Iemand daarop tegen? Niemand? Dan geef ik er een klap op. En de volgende vraag luidt zo ongeveer hetzelfde, maar dan met een andere datum. Kan de besluitenlijst van 30 januari 2025 ook zo worden vastgesteld? Iemand op tegen? Niemand? Ook daarbij vastgesteld.

Pagina 12 van 38

4.

Lijst van ingekomen stukken De voorzitter: De lijst van ingekomen stukken. Kan de lijst van ingekomen stukken zo worden vastgesteld? Het antwoord is impliciet ja. Dan doen we dat zo, hamerslag.

5.

Startnotitie Nota Onderwijs 2025 De voorzitter: En dan gaan wij door naar het eerste verdere inhoudelijke agendapunt wat voorligt, de Startnotitie Nota Onderwijs 2025. Ter debat geagendeerd met een eerste termijn van maximaal 2 minuten en een totaal voorziene behandeltijd van een half uurtje. We gaan kijken hoe dat gaat en ik ga even rondkijken wie daarover het woord wil. Mevrouw Van Nes-de Man van Burger op 1. Verder ook nog? Ik zag het, Leefbaar Ridderkerk, mijnheer Swarttouw. Mijnheer Alkema van de ChristenUnie ziet daarvan af, dat mag. En dan ook nog de heer Rijsdijk van de Partij van de Arbeid. Ik blijf gewoon even heen en weer kijken. Is het dit zo? Dan hebben wij drie sprekers bij dit onderwerp en als eerste mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Gaat uw gang. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u, voorzitter. Een startnotitie is bedoeld als aftrap van een project. Er is een probleem, er is een idee en een doel. Het probleem en het doel zal hier wel zijn dat zaken niet inzichtelijk zijn, maar over een project wat er aan gekoppeld wordt heb ik niet kunnen ontdekken. Dat is in dit geval en ook bij de startnotitie Sport niet aan de orde. Wat ons dan ook verbaast, is dat hiervoor het instrument startnotitie wordt gebruikt en dat er dus blijkbaar geen overzicht is wie wat doet in het Ridderkerkse onderwijsveld.

Hoe kan je dan beleid maken? Nog minder is ons duidelijk waarom hier 50 duizend euro voor is opgenomen in het coalitieakkoord. Het gaat over inventariseren wat er aan afspraken en beleidsstukken is en dat in één Nota overzichtelijk opschrijven. In het lijstje wat gaan we hiervoor doen, staat onder andere desk research, net als bij de startnotitie Sport. Dat kan toch niet zoveel werk zijn? In de commissie gaf de wethouder al aan dat ze regelmatig met iedereen aan tafel zit en dus korte lijntjes heeft. En waarom is voor deze startnotitie 20 duizend euro meer uitgetrokken dan voor de startnotitie Sport? Daaraan is nog beleid te koppelen of een project van te maken, als het amendement tenminste wordt aangenomen. Tot zover even. Dank u. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Van Nes-de Man. Ik pak even het lijstje qua volgorde zoals zojuist vastgesteld. Mijnheer Swarttouw, Leefbaar Ridderkerk. De heer Swarttouw: Dank u wel voorzitter. De voorliggende startnotitie Nota Onderwijs 2025 biedt een belangrijke aanzet voor de versterking van het onderwijsbeleid in Ridderkerk. Dit document onderstreept het belang van een doorgaande ontwikkelingslijn van 0 tot 18 jaar en de rol van de gemeente in samenwerking met scholen en maatschappelijke organisaties. Hierover is in de commissie Samen Leven een uitgebreide toelichting gegeven.

Hoewel de gemeente geen directe invloed heeft op de inhoud van het onderwijs, kan ze wel een doorslaggevende rol spelen in het creëren van randvoorwaarden en bevorderen van samenwerking. Leefbaar Ridderkerk ondersteunt de ambitie om een integrale Onderwijsnota te ontwikkelen zodat beleidsstukken niet los van elkaar staan, maar elkaar juist versterken. Het is daarom van belang dat deze Nota de samenhang tussen het onderwijsbeleid en andere sociale domeinen zal beschrijven. Leefbaar Ridderkerk wil om die reden nog het volgende benadrukken. Er is een aanzienlijk budget beschikbaar gesteld voor het opstellen van deze Nota. We zijn dan ook van mening dat dit budget zo effectief mogelijk moet worden ingezet. Maak daarom de gemeentelijke rol concreet in de Nota en stel vast wat het vertrekpunt is, wat er bereikt dient te worden met welke partijen en hoe deze resultaten worden gemonitord, bijgestuurd en geëvalueerd. Met deze aandachtspunten wordt de Nota Onderwijs 2025 niet slechts een beleidsstuk, maar een document dat daadwerkelijk kan bijdragen aan beter onderwijs in Ridderkerk. Hier bestaat een treffende Pagina 13 van 38

Engelse term voor: scaffolding, oftewel het ondersteunen en waar mogelijk verbeteren van het onderwijsbeleid in Ridderkerk op verschillende niveaus. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Swarttouw. Dan gaan we naar mijnheer Rijsdijk van de Partij van de Arbeid. De heer Rijsdijk: Dank u wel voorzitter. Goed onderwijs geeft kinderen een basis voor de rest van hun leven. Het draagt bij aan kansen, kennis en zelfvertrouwen. In de voorliggende startnotitie stelt het college voor om een parapluvisie op te stellen waarin de wettelijke kaders en het bestaande beleid rondom onderwijs worden beschreven. Maar ook na de startnotitie meerdere keren gelezen te hebben en onze vragen in de commissie gesteld te hebben, vragen we ons nog steeds af: voor welk probleem is deze Onderwijsnota straks een oplossing? Op het beleidsproces dat hier wordt gevolgd om tot een onderwijs nota te komen, valt wat ons betreft ook het nodige af te dingen. Normaal gesproken stel je eerst een Visie op met alle betrokkenen en relevante partners en ga je vervolgens op basis van die Visie uitvoeringsbeleid opstellen en kijken welke initiatieven daarbij passen. Nu zijn het uitvoeringsbeleid en de initiatieven er al en wordt op basis daarvan een Visie opgesteld. Niet als kapstok om beleid aan op te hangen, maar om vast te leggen wat al wordt gedaan. De omgekeerde volgorde.

Ondanks de geplaatste kanttekeningen zullen we wel instemmen met deze startnotitie. Doorslaggevend hierbij zijn voor ons dat we aan het begin van een traject staan dat de Onderwijsnota mede op verzoek van het onderwijs wordt opgesteld en dat door een beschrijving van het bestaande beleid mogelijk een integraal beeld ontstaat dat laat zien waar de zwarte gaten zitten, zodat daarop kan worden bijgestuurd. Voor het vervolgtraject willen de wethouder nog het volgende meegeven. Mocht gedurende het participatietraject blijken dat er op onderdelen behoefte is aan nieuw of aanvullend beleid, neem dit dan gelijk mee bij het opstellen van deze Onderwijsnota en wacht daar niet mee tot een later moment. En betrek ook leraren, ouders en bovenal de leerlingen bij het opstellen van de Onderwijsnota. Zij zijn tenslotte de ervaringsdeskundigen bij uitstek. En tot slot, zet in deze Onderwijsnota stevig in op het tegengaan van kansengelijkheid in het belang van alle kinderen. Graag de reactie van de wethouders op deze punten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Rijsdijk. Dan is nu inderdaad het woord aan de wethouder. Wethouder Stip. Wethouder Stip: Dank u wel voorzitter.

De startnotitie Onderwijs ligt inderdaad voor en dat komt ook vanuit een behoefte vanuit het onderwijsveld en ook voor natuurlijk een bredere doelgroep om uiteindelijk een paraplu te hebben voor alles wat er op het onderwijs gebeurt. En dat is ontzettend veel. Daarmee vonden wij het belangrijk om als middel startnotitie in te zetten, om daar de Raad ook in te laten participeren. Vandaar dat ook de keuze is om de startnotitie hier te agenderen. Ik hoorde ook het belang van de doorgaande ontwikkelingslijn. Die onderstrepen wij ontzettend en dat zal ook een rode draad in de Nota worden. En ook het monitoren en dergelijke, dat dat belangrijk is. En dan ook een stukje over inderdaad, wat de Partij van de Arbeid ook meegaf, kansenongelijkheid ook een heel belangrijk onderwerp. Ook in de commissie al aangegeven dat dat zeker onderdeel is. Het gaat om ieder kind wat goed onderwijs moet kunnen genieten. Daarnaast geeft de Partij van de Arbeid tegelijkertijd aan, voor welk probleem is de oplossing? We hebben eerst uitvoering, de uitvoering en initiatieven zijn er al en nu schrijven we beleid. En tegelijkertijd wordt meegegeven, neem vooral gelijk als er iets op tafel komt het mee in het beleid om het uit te voeren. Juist op het onderwijsveld gebeurt ontzettend veel en hebben we ook wettelijke plichten.

Dus vandaar gebeurt er ook al heel veel, want we hebben ook die wettelijke plichten te voldoen. Zoals op onderwijsachterstandenbeleid, waar ruim 2 miljoen euro voor beschikbaar is. Hier willen we eigenlijk vooral een integraal beeld geven van, Pagina 14 van 38

wat zijn we ook allemaal verplicht? Wat doen we daarvoor? En wat is het ook nodig om dat vast te houden met elkaar? Dus daar zullen wij de partners nauw in betrekken. En dat doen wij nu al in het onderwijsveld, dus daarin kijken wij ook uit naar het verdere proces, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik eventjes ook in de volgordelijkheid of er nog behoefte is aan een tweede termijn. Mevrouw Van Nes-de Man niet. Mijnheer Swarttouw niet. Mijnheer Rijsdijk wel. De heer Rijsdijk: Dank u wel voorzitter. Heel kort. Ik ben blij dat in de Nota ook wordt ingezet op het tegengaan van kansenongelijkheid. En de opmerking van de wethouder aangaande het beleid interpreteer ik dan maar dat als gedurende het participatietraject er behoefte blijkt aan nieuw of aanvullend beleid, dat dat wordt meegenomen in de Visie. Dat lijkt ons dan ook wel de logische volgorde. En dan heb ik tot slot nog een vraag, voorzitter. Kan de wethouder nog reageren in hoeverre leraren, ouders, bijvoorbeeld in de vorm van een ouderraad, en leerlingen worden betrokken in het participatietraject? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er ook nog andere fracties die het woord willen? ChristenUnie, mijnheer Alkema. Gaat uw gang. De heer Alkema: Dank u wel voorzitter. Een korte bijdrage van onze kant bij dit voorstel.

We vragen ons af en dat sluit wel een beetje aan op voorgaande sprekers, we zijn vooral benieuwd naar wat de Nota aan nieuwe verbeteringen in het onderwijs zal gaan opleveren voor de kinderen van 0 tot 18 jaar naast wat we nu al doen. En we willen nog meegeven dat het goed vinden dat de wethouder de thuiszittersaanpak wil betrekken bij de op te stellen Nota. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Alkema. Dan is het woord van de wethouder. Gaat uw gang. Wethouder Stip: Dank u wel voorzitter. Zoals in de commissie ook aangegeven is het wat betreft ons wel aan de scholen om de ouders te vertegenwoordigen. De scholen die vertegenwoordigen daarin hun doelgroep en daarin verwachten we ook dat zij in de participatie dat meenemen. Wat het voor 0 tot 18 jaar nieuw oplevert, dat zal ook moeten blijken uit als er bijvoorbeeld nieuwe onderwerpen uit het participatieproces komen. En dat zal uiteindelijk ook in de uitwerking zitten. Als je overkoepelende doelen hebt, dan kan het altijd net iets anders worden uitgewerkt. Dus dat zal in het verdere proces ook blijken. De voorzitter: Dank u wel wethouder. Dan hebben we daarmee de beraadslaging in uw Raad ook te pakken.

En dan gaan we traditiegetrouw elkaar even aankijken met de vraag op tafel, is er iemand die hier een stemverklaring wenst af te geven, alvorens wij met elkaar tot besluitvorming komen? Mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Gaat uw gang. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u, voorzitter. Het is niet gebruikelijk om tegen de startnotitie te stemmen. Maar in dit geval vinden wij dit instrument, zeker met het bijbehorende budget, onterecht wordt ingezet. Wij gaan dan ook niet met deze startnotitie in stemmen. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Geen andere stemverklaringen? Dan gaan wij over tot besluitvorming. En ook een klein beetje inschattend vraag ik of er fracties zijn die tegen het vaststellen van deze startnotitie zijn. Ik herhaal tegen. Mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Jazeker. Ik help u even. Nog andere tegenstanders? Niet het geval. Dan stellen wij die vast met een voorquotum van 27 en 1 tegen. Aldus besloten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/1151/documents/40445