CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-10-16-verslag-commissie-samen-wonen-ridderkerk.pdf

Commissie Samen wonen RK 16 oktober 2024, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 0: Besluitenlijst en verslag22.817 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Woordelijk verslag vergadering commissie Samen wonen 16 oktober 2024 1.

Opening en vaststelling agenda De voorzitter: Goedenavond. Hartelijk welkom bij de commissie Samen Wonen van 16 oktober 2024 en ik open hierbij de vergadering. Ik heet alle commissieleden hartelijk welkom, de mensen op de publieke tribune, de inspreker, vanuit ambtelijke zijde, alle luisteraars thuis, de pers, alle fracties die zijn vertegenwoordigd. De agenda die voorligt, kunt u die goedkeuren? Ik zie ja-geknik, dan is die bij deze vastgesteld. Nou, de avond staat in het teken van de nieuwe Huisvestingsverordening.

2.

Spreekrecht voor hen die zich hebben aangemeld De voorzitter: We beginnen met agendapunt 2, spreekrecht voor hen die zich hebben aangemeld. En aangemeld heeft zich mijnheer Zanting, directeur-bestuurder van Wooncompas. Ik nodig u uit om hier vanaf het spreekgestoelte uw inspreekbijdrage te geven. De vraag is of u zelf de microfoon aan wilt zetten met het knopje? En als er een vraag wordt gesteld, om hen dan even uit te doen. U heeft vijf minuten en ik wens u succes met uw inspreekbijdrage en die staat in het teken van de nieuwe Huisvestingsverordening. Succes. De heer Zanting: Dank u, voorzitter. En dank u voor de gelegenheid om op deze openbare vergadering van uw commissie namens Wooncompas in te spreken. Mensen staan in de wachtrij voor betaalbare woonruimte die schaars is. Dat is het in bijna heel Nederland, zeker in deze hele regio. Dat is er bij ons in Ridderkerk, in Slikkerveer, in ’t Zand, in Drievliet, overal. De door de gemeenteraad vast te stellen verordening woonruimtebemiddeling speelt een hele belangrijke rol in de verdeling van die schaarste. Over de inhoudelijk te maken keuzes van die nieuwe verordening kunnen we helaas vanavond nog niet heel goed het gesprek voeren en dat is jammer.

Bij uw vergaderstukken zit nog geen concept maar vooral stukken over één aspect daarvan, u overweegt via de besluitvorming over deze verordening over te stappen van een regionaal naar een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem. In het coalitieakkoord lees ik dat het doel hiervan is een hogere slagingskans voor de inwoners van Ridderkerk. Op basis van diverse gesprekken met uw gemeente neem ik aan dat u dan zou kiezen voor de volgende uitgangspunten bij de invoering daarvan. Dat lokale systeem is via internet toegankelijk, voor woningzoekenden niet duurder dan Woonnet Rijnmond, biedt behoud van inschrijfduur voor alle mensen die nu ingeschreven staan, wordt waarschijnlijk beheerd door de gemeente zelf, vraagteken, en is gebaseerd op een verordening die inhoudelijk gelijk is of overeenkomsten vertoont met die van de rest van de regio, ook een vraagteken. Misschien kloppen mijn aannames niet, veel is nog onzeker maar ik raad u aan om het antwoord op de vraag, hoe dan, nadrukkelijk bij uw eigen besluitvorming te betrekken. Het is ook nog de vraag hoe Ridderkerk in zo'n situatie verder zou gaan met de regionale samenwerking op het gebied van wonen? De woonruimtebemiddeling is een hoeksteen van die samenwerking. Trek je die eruit, dan heeft dat gevolgen. Ik zag dat uw collega's in buurgemeenten daar ook al over schrijven.

Hoe dan ook heeft zo'n invoering van zo'n lokaal systeem grote gevolgen en ook risico's voor de bedrijfsvoering van Wooncompas. Ik ga daar nu niet verder op in. We zijn uiteindelijk meer gericht op het belang dat we dienen dan op het belang dat we hebben. Het gaat om het belang van mensen die hard of heel hard op zoek zijn naar een passende woning. Eerder spraken wij met elkaar af dat Wooncompas en ook Progressie waar nodig ook een stem geven aan woningzoekenden. Wat is het gevolg van zo'n eigen systeem voor hun kans op een huis in Ridderkerk? Onder de aannames die ik noemde is dat gevolg er vrijwel niet. Het eventueel verlaten van Woonnet Rijnmond is vooral symbolisch, twee, van weinig invloed op slagingskansen voor Ridderkerkers en drie, kostbaar gedoe voor woningzoekenden en uitvoerders. Ik ga, voorzitter, kort in op Pagina 1 van 36

die drie punten. Symboolpolitiek bedoel ik misschien ook minder negatief dan het klinkt. Veel oorzaken van de woningnood liggen buiten uw en mijn invloed, dat is frustrerend. Wachttijden groeien, buurten veranderen te snel en het lijkt alsof niemand iets doet en iedereen naar elkaar wijst. U wilt het verschil maken voor alle burgers van Ridderkerk en ik snap dat goed. Het verlaten van Woonnet Rijnmond zou een stoere en in het land ook unieke stap zijn. Persoonlijk hou ik wel van dat soort stappen en het besluit lijkt haast makkelijker te nemen dan het verlenen van een bouwvergunning. U kunt het zo doen, maar laten we bij die stoere stap van een eigen woonnet dan wel eerlijk zijn, het is vooral symbolisch. Het feitelijke effect op slagingskansen is vrijwel nihil. Dat is mijn tweede punt. Reguliere verhuisbewegingen binnen de sociale huur zijn al sterk lokaal. De mogelijkheden om expliciet lokaal toe te wijzen zijn wettelijk weer wat verder verruimd en worden waarschijnlijk maximaal geboden in een nieuwe regionale verordening. Maar iemand uit Ambacht die graag naar Drievliet wil stond hier al ingeschreven en blijft dat doen. Iemand uit Rotterdam-IJsselmonde die ook best in Bolnes of Slikkerveer wil wonen betaalt dat tientje extra om haar of zijn inschrijfduur te behouden.

Een jongere uit Ridderkerk die straks niet alleen in aanmerking wil komen voor nieuwbouw Blaak maar ook voor Barendrecht Stationstuinen doet datzelfde. Een eigen verordening zou enig effect kunnen hebben op de verdeling van urgent woningzoekenden en het is uw eigen morele afweging of dat nou het effect is dat u beoogt. Nogmaals, reguliere verhuisbewegingen binnen de sociale huur zijn al sterk lokaal. Via koopwoningen is er vaak meer migratie over gemeentegrenzen heen dan in de sociale huur. Kijk bijvoorbeeld naar de instroom in Hof van Ridderkerk. De voorzitter: Nog één minuut. De heer Zanting: Als u slagingskansen echt wil beïnvloeden via het bemiddelingssysteem moeten we veel andere dingen doen, daar kunnen we het vanavond over hebben. Ik zie mogelijkheden binnen die verordening. Dan sla ik een stukje over, voorzitter, en dan ga ik naar mijn derde en laatste punt. Voor veel huurders is een tientje veel geld. Het valt te verwachten dat mensen die heel graag willen verhuizen dat toch zullen betalen. Ze zullen ook het gedoe accepteren van twee systemen, twee wachtwoorden, twee verschillende inschrijfformulieren. Het komt bij het gedoe van de digitale interactie met allerlei instanties waar juist de meest kwetsbare inwoners het meest mee te maken hebben. Een extra administratieve drempel die Ridderkerk neerlegt zullen mensen voor lief nemen, ze moeten wel.

Op de schaal van Ridderkerk is dat tientje, op de schaal van de regio is dat tientje kostendekkend maar dat zal het voor Ridderkerk niet zijn. De gemeente zou bereid zijn het verschil bij te leggen uit de algemene middelen, ik las iets over twee formatieplaatsen. Onderschat alstublieft niet de uitdagingen waar deze twee ambtenaren voor komen te staan. Met een softwarelicenties en een verordening op je bureau ben je er nog lang niet. De voorzitter: Wilt u afronden? De heer Zanting: Mocht u bereid zijn, ik rond af, voorzitter, mocht u bereid zijn om inderdaad jaarlijks meer geld in de volkshuisvesting te steken, dan is dat een goed idee en dan kunnen we denk ik samen betere dingen bedenken. Ik rond het daarmee af en ik wens u veel wijsheid. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Zanting, namens de hele commissie. Dan is er nu gelegenheid om vragen te stellen aan de inspreker. Ik inventariseer wie daar gebruik van wil maken? Ik tel nu vier, vijf handen. Ik begin met mevrouw Kayadoe, Leefbaar Ridderkerk. Mevrouw Kayadoe: Dank u wel, voorzitter. Mijnheer Zanting, u noemde het feit of tenminste een opmerking van gevolgen voor Wooncompas waar u op dit moment, althans, tijdens de inspreekbijdrage niet op in zou kunnen gaan. Ik zou graag een klein tipje van de sluier opgelicht krijgen. Kan dat? Pagina 2 van 36

De voorzitter: Mijnheer Zanting. De heer Zanting: Dat kan. Ja. Nou ja, kijk, het verhuren van deze woningen via Woonnet is ons primair proces. Wij weten wat daarvoor nodig is omdat wij natuurlijk ook partner zijn van Maaskoepel. Als dat in de overgang verkeerd gaat krijgen we heel veel gedoe. Als we woningen niet goed kunnen adverteren kunnen we zelfs leegstand krijgen, als we ze niet goed kunnen adverteren en verhuren. Maar als dat niet goed gaat in het managen van die wachtrij krijg je ook heel veel gedoe met mensen die bezwaar maken dat ze te laag op de lijst stonden. Wij weten, kijk, de meeste mensen deugen maar er is ook sprake van fraude met de inschrijvingen. Maaskoepel is erop gericht om dat soort dingen te kunnen beheersen. Dat kun je niet allemaal zomaar organiseren binnen de gemeente Ridderkerk, daar is veel voor nodig. En als het misgaat hebben wij daar ook last van, in de ultieme situatie zelfs dat we niet kunnen verhuren met een correcte vergunning. De voorzitter: Dank u wel. Tevreden zie ik. Ga ik naar mijnheer Borst, VVD. De heer Borst: Dank, voorzitter. Ja, de heer Zanting gaf aan dat er ook binnen de huidige regionale verordening extra mogelijkheden zouden zijn om meer mensen met lokale binding toe te wijzen. Ik vroeg me af of die kan duiden wat die extra mogelijkheden dan zijn? De voorzitter: Mijnheer Zanting.

De heer Zanting: Nou, sowieso, doordat de wetgeving is veranderd zal die nieuwe verordening dus uitgaan van maximaal 50 procent lokale binding in de toewijzing. Dat is het nieuwe wettelijke kader. Maar je kunt ook in de manier waarop je die lokale toewijzing gebruikt met elkaar nog beter en creatiever kijken. Zet je die voorkeur in op woningen die meestal toch wel lokaal verhuurd worden of zet je die voorkeur in bij woningen die juist vaak aan mensen over de gemeentegrens heen worden verhuurd? Kijk, ook woningen waar je die voorkeur niet inzet worden meestal nog steeds wel aan de Ridderkerkers verhuurd. Je kunt ook creatiever kijken naar op welk schaalniveau zet je die voorkeur nou in? Er wordt meestal gedacht in gemeentegrenzen maar als ik sommige van onze huurders in Rijsoord spreek dan als die willen verhuizen dan is het vaak vooral binnen Rijsoord en niet over de snelweg en deze kant op. Ik bedoel, je kunt ook af en toe eens nog lokaler toewijzen. Als we nog creatiever kijken, je kunt ook eens een keer zeggen, joh, in de Reijerwaard, Ridderkerk zorgt nu voor de bedrijfsruimte en Barendrecht straks voor de woningen, kunnen we niet daar wat woningen met voorrang voor Barendrecht en Ridderkerk bedenken? Ik bedoel, ik bedenk het ter plekke maar dat is meer, binnen die verordening zijn nog zoveel meer dingen mogelijk.

Ook zetten we loting genoeg in om de doorstroming te bevorderen? Dat hebben we weinig gedaan de afgelopen jaren. Vindt u misschien wel wat van, ik zag het ook in de stukken staan. Maar het gebruikmaken van de middelen die al in de verordening zitten, de toewijzingsmodellen, heeft veel meer impact op slagingskansen dan, nou ja, ik noem het maar even die eigen website. De voorzitter: Dank u wel. Is voldoende. Mijnheer Mijnders, CDA. De heer Mijnders: Dank u wel, voorzitter. Ik heb er vijf. Allereerst om in te gaan, mijnheer Zanting, op wat u net aangaf richting de VVD. Waarom zijn die creatieve mogelijkheden de afgelopen periode dan niet toegepast? En als tweede vraag dan specifiek op de loting, waarom is er de afgelopen periode ook door Wooncompas niet ingezet op die loting? De voorzitter: Mijnheer Zanting, hier doen we het even mee.

Pagina 3 van 36

De heer Zanting: Ik bedoel, ik kan persoonlijk niet zo ver terug maar hooguit twee jaar. Ik heb daar geen speciale reden voor. Ik bedoel, het is soms het makkelijkste om gewoon de reguliere wachtlijst te volgen. Dus mensen op inschrijfduur, ik bedoel, dat wordt door veel mensen ook wel als het meest eerlijk ervaren. De inschrijfduur, wie het langst wacht staat het eerst vooraan. Loting doorbreekt dat natuurlijk een beetje. Maar ik bedoel, ja, ik zie verder geen reden om het daar niet ook bijvoorbeeld in prestatieafspraken lokaal wat nadrukkelijker over te hebben. De voorzitter: Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel, voorzitter. Dank richting de heer Zanting voor de beantwoording eerste twee vragen. De volgende twee is, in de brief van de provincie die wij gehad hebben als gemeenteraad en wellicht dat u die ook gelezen hebt, de heer Zanting, wordt ook aangegeven van dat wij qua toewijzingscijfers op 41 procent zitten dit jaar. De provincie geeft ook aan van, ja, op die manier, er is dus meer ruimte voor Ridderkerk om nog meer gebruik te maken van die 50 procent. En ik vroeg me af van, waarom zitten wij op 41 procent en hoe zouden we dus naar die 50 procent kunnen, zoals de provincie ook aangeeft? Als tweede, u geeft aan in uw bijdrage dat het effect heel klein is.

Ik vroeg me af, als we omdraaien, ziet u wel als we zouden gaan voor een lokaal ruimtebemiddelingssysteem, dat het effect wel positief kan zijn? Dus als we daarvoor zouden kiezen we uiteindelijk dan wel meer woningen aan Ridderkerkers zouden kunnen toewijzen. En de laatste vraag, en misschien dat die ook gelijk mee kan, voorzitter, is de heer Zanting gaf ook aan, met meer geld zouden er ook meer mogelijkheden kunnen zijn. Zou de heer Zanting dat kunnen toelichten? Dat waren ze, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Zanting. De heer Zanting: De eerste was die 41 procent. Ja, kijk, we komen natuurlijk van een situatie dat er maximaal 25 procent lokale toewijzing was. Dus we zijn nog niet zo lang onder die wetgeving van 50 procent. Dus ik weet niet precies of de provincie daarop duidt? Ik bedoel, ik heb niet doorgevraagd bij de provincie waar zij nou precies op duiden? Feit is dat in de huidige situatie heel veel lokale toewijzing van Wooncompas ook gaat naar de uitverhuizing van mensen in sloop-nieuwbouwcomplexen. We zitten in een intensief programma om verouderde woningen te vervangen door modernere woningen. Nou, de projecten komen hier natuurlijk regelmatig langs. Dat is op dit moment een belangrijk stuk van de lokale toewijzing. Maar of die 41 procent, ik denk dat die voor een deel nog geraakt werd door het feit dat de beperking tot 25 procent was.

Zou het positief kunnen zijn? Ja, positief bedoelt u in de zin, zou een lokaal systeem wel een beetje kunnen helpen richting toch meer kansen voor eigen, voor mensen die lokaal verhuizen? Ja, ik denk tuurlijk hoe hoger je de administratieve drempel maakt, hoe meer impact. We hebben onderling wel eens gezegd, ja, ik bedoel, als je teruggaat naar adverteren van woningen in De Combinatie in plaats van op internet, dan geloof ik absoluut dat de administratieve drempel hoger wordt en je ook een effect zult gaan zien. Ik spreek ook nog wel eens oudere huurders van ons die terugverlangen naar de tijd dat woningen gewoon in De Combinatie stonden of achter het raam bij onze woonwinkel. Maar ja, mijn inschatting is, als het een gewoon digitaal via internet toegankelijk vindbaar systeem is dan is mijn inschatting, nogmaals, het is nog nooit gebeurd in Nederland dus het is mijn professionele inschatting, als die administratieve drempel ook niet hoger is dan dat tientje wat je in de rest van de regio ook betaalt, dan verwacht ik dat het effect heel klein is. Uw laatste vraag over meer middelen.

Ja, ik bedoel, ik denk dat we samen meer kunnen doen in, hoe gebruiken we nou die bestaande voorraad beter? Wat voor beleidsuitgangspunten zijn daarvoor nodig? Ik bedoel, wat heb je nodig om op een goede manier volkshuisvestelijke woningen te splitsen? Daar heb je investeringen van Wooncompas en aanpalend beleid van de gemeente voor nodig om te zorgen dat de wijken er beter van worden en niet Pagina 4 van 36

slechter. Daar is tijd voor nodig, uw tijd maar ook ambtelijke tijd. In de projectontwikkeling kan de gemeente af en toe echt nog wel wat extra mensen gebruiken om te zorgen dat die ingewikkelde projecten hier in het centrum Koninginneweg maar ook elders, dat die voortgang hebben. Genoeg te doen in de volkshuisvesting. Dat is het antwoord op uw laatste vraag denk ik. Ja. De voorzitter: Dat was een heel rijtje maar we hebben het afgehandeld. Mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk. Mevrouw Van Vliet: Dank u wel, voorzitter. Ik had twee vragen maar die zijn inmiddels al beantwoord. Dank u wel. De voorzitter: Heel mooi. Mijnheer Kooijman, ChristenUnie. De heer Kooijman: Ja, u gaf in uw bijdrage aan dat het mogelijk wel een klein gevolg zou kunnen hebben als we lokaal wat zouden gaan doen voor de urgent woningzoekenden. Moet ik me dan voorstellen dat het vooral in die eerste fase zit dat ze zelf op zoek moeten gaan? En dat daar dan misschien omdat mensen van buiten Ridderkerk opeens een andere woning nodig hebben niet in de gaten hebben van, o, en nou moet ik ook bij Ridderkerk gaan inschrijven. En de tweede vraag. U geeft ook aan die lokale toewijzing, dat de herstructureringsopgave van de afgelopen jaren ook een behoorlijke impact heeft.

Is dat iets waar we nu toevalligerwijs ook tijdelijk in zitten of is het met de opgave die jullie nog hebben de verwachting dat dat de komende jaren met nieuwe projecten, nou, er zijn nog een aantal plannen die gaan komen, blijft dat de komende jaren nog wel ongeveer gelijk? Dat waren mijn twee vragen. De voorzitter: Mijnheer Zanting. De heer Zanting: Ja, huisvesting van urgent woningzoekenden is een vraagstuk an sich met ook weer zijn eigen complexiteit. Overigens, waar ook de regionale verordening wel echt mogelijkheden biedt om daar ook binnen deze verordening goed mee te sturen, je kunt ook woningen expliciet uitsluiten van de huisvesting van de urgenten. Maar ja, het is, je kunt met een eigen verordening waarschijnlijk ook wel wat meer instroom van urgenten weer, want we zien wel een netto instroom van urgente naar Ridderkerk toe, dat zie je wel uit de cijfers. Maar ja, weet je, het is ook de vraag of je dat wil? Ik bedoel, veel urgenten stromen uit maatschappelijke voorzieningen die er gewoon niet zijn in Ridderkerk. Er is geen eigen crisisopvang voor mensen die thuis mishandeld worden, dan moeten mensen vaak de gemeente uit. En mensen die uitstromen uit instellingen zoals Parnassia, Antes, ja, die kunnen niet allemaal in Portugaal en Rhoon terecht. Dus over dat soort situaties hebben we het.

En bovendien, ja, er komt wetgeving aan die zegt, u moet dat regionaal afstemmen. Hoe die wetgeving precies uitpakt weet ik niet. Maar ja, ik denk dat je er ook regionaal niet mee wegkomt door te zeggen, joh, al die, dat zijn natuurlijk moeilijke situaties hè, mensen die begeleiding nodig hebben, et cetera, maar doe dat maar elders maar niet in Ridderkerk, ja, ik denk dat je daar niet mee weg gaat komen. Uw tweede vraag ging, ja, die herstructureringen. Ja, daar zijn Hollandsestraat, Bolnes, ik denk dat in onze planning is zeg maar het stuk Koninginneweg, dat is nog een grote die er echt aankomt, daarna zijn we voorlopig wel even klaar met dat soort grote herstructureringen in onze meerjarenplanning. Dus dat is natuurlijk ook onderdeel van de verduurzaming. Wat we daarna zien is dat het meeste wat verduurzaamd moet worden met de bestaande woningen moet gebeuren en niet meer zo grootschalig verwacht ik met sloop-nieuwbouw. Aanpalende discussies over, krijgen we nog warmtenetten of niet, kunnen die blik een beetje veranderen maar dat is wat ik nu zie. Ja, maar goed, Koninginneweg zijn we nog wel een paar jaar mee bezig. We proberen dat ook zo gefaseerd mogelijk te doen zodat mensen ook, zoals nu ook in Bolnes, maar

Pagina 5 van 36

één keer hoeven verhuizen binnen een project zeg maar. Dat is natuurlijk de ideale situatie, dat lukt nu goed in Bolnes en dat proberen we straks ook aan de Koninginneweg. De voorzitter: Mijnheer Kooijman, ChristenUnie. De heer Kooijman: Ja, nog één aanvullende vraag over die urgent woningzoekenden. U geeft aan, met de nieuwe wetgeving is het waarschijnlijk ook niet meer mogelijk. Maar is het met de huidige wetgeving dan nog wel mogelijk of zijn daar toch ook al nu al verplichtingen om gewoon aan die urgent woningzoekenden ook mee te doen binnen de regio? De voorzitter: Mijnheer Zanting. De heer Zanting: Ja, die verplichtingen zijn er nu ook al in de verordening. Maar hoe dat nu precies in die regelgeving zit daar moet ik u het exacte antwoord even op schuldig blijven. Dat weet ik niet dus dat staat ergens in een heel hoofdstuk in de verordening zelf dus heel precies kan ik het u nu niet vertellen. De voorzitter: Mijnheer Mijnders, CDA. De heer Mijnders: Mag ik één stapelende vraag stellen, voorzitter? Dank u wel. Dit alles gehoord hebbende en ook wat de heer Zanting aangeeft, dat je alle mogelijkheden die er nu al zijn binnen die 5 procent lokaal toewijzen.

Stel dat de raad kiest voor een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem, dan zijn toch alle mogelijkheden die u nu schetst, binnen die 50 procent die we dus zelf kunnen toewijzen, die zouden dus ook er zijn binnen een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem. Klopt dat? Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Zanting. De heer Zanting: In theorie klopt dat maar als we kiezen voor overstappen naar een lokaal bemiddelingssysteem, dan gaat onze tijd en aandacht aan ervoor zorgen dat er dan geen ongelukken gebeuren. Dat we op een zo foutloze manier van systeem A naar systeem B gaan. Dat is een voor uw organisatie en voor mijn organisatie heel ingewikkeld project en dan gaat onze aandacht in ieder geval daarnaartoe. Kijk, met de stabiele basis van wat nu Maaskoepel heeft draaien, het draait gewoon, je weet waar je aan toe bent, mensen kunnen vragen beantwoorden. Op die stabiele basis durf ik wel zeg maar creativiteit in te zetten van, wat kunnen we nog een keer op een slimme manier anders adverteren, et cetera? Maar ja, je bent nu als je kiest voor een eigen website, ben je eerst twee jaar bezig om te zorgen dat die basis weer goed staat. De voorzitter: Mevrouw Horvath, GroenLinks. Mevrouw Horvath: Ja, dank u, voorzitter.

Ook hierop stapelend, stel dat er wordt overgegaan naar zo'n lokaal systeem, kunt u dan uw visie geven op het eigenaarschap van dat systeem? Dus zou dat bij Wooncompas moeten liggen of bij de gemeente? De voorzitter: Mijnheer Zanting. De heer Zanting: Ja, u vraagt naar mijn visie. Dat is wel een goede vraag. Kijk, alles wat ik ken in Nederland is in uitvoering bij corporaties en ik denk dat dat niet voor niks is. Maar eerlijk gezegd, ik zit er niet op te wachten om zo'n systeem te gaan draaien. Ik ga er wel vanuit dat, ja, weet je, dat als we zover komen, en ik hoop dat we niet zover komen maar dat als we zover komen, dat we dat in goed overleg doen. Ik bedoel, dit soort Pagina 6 van 36

dingen komen tussen Wooncompas en de gemeente in overleg tot stand. Dat blijft mijn uitgangspunt, wij werken op basis van afspraken met elkaar en op basis van goed overleg. Maar het zal ook van de voorwaarden afhangen en van financiële compensatie en dat soort zaken. Maar ja, ik bedoel, ja, wat voor soort organisatie is er beter toe uitgerust om het te doen, een gemeente of een woningcorporatie? Ik denk in zijn algemeenheid een woningcorporatie maar het zal afhangen van ook wat u wil. De voorzitter: Mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk en dan moeten we maar langzamerhand gaan afronden. Mevrouw Van Vliet: Ja, het was eigenlijk naar aanleiding van het antwoord van zojuist. Ik hoorde het woord financiële compensatie. Ik neem aan van de gemeente richting Wooncompas. Kunt u aangeven waar dat dan precies voor is en misschien ook een richtlijn qua kosten? De voorzitter: Mijnheer Zanting. De heer Zanting: Nou ja, waar het voor is, is voor het meerwerk van het draaien van een apart systeem en het accepteren van de inefficiëntie van het lokaal trekken van dat verdeelsysteem. Ik heb daar nog niet aan gerekend want mij wordt vanavond voor het eerst die vraag gesteld en ik heb er nog niet aan gerekend. Maar ik zag dat de gemeente zelf, dus in de notitie die bij uw stukken zit zaten wat sommetjes van de gemeente zelf.

Ik heb dat nog niet geverifieerd of nagerekend wat dat aan onze kant zou kosten. De voorzitter: Mijnheer Westbroek en dat is dan echt de aller-allerlaatste vraag. Mijnheer Westbroek, Partij 18PLUS. De heer Westbroek: Dank u wel, voorzitter. U geeft aan een apart systeem. Kunt u eens aangeven hoeveel woningbezit u heeft in de diverse gemeenten? Volgens mij is Ridderkerk voor u de gemeente met het absolute aantal eenheden. De voorzitter: Mijnheer Zanting. De heer Zanting: Van onze 11.000 verhuureenheden, als ik ook even de niet-woningen meetel, staan er ongeveer 8000 in Ridderkerk en de andere in Barenrecht, Albrandswaard en Rotterdam. De heer Westbroek: En een laatste kleine vraag, voorzitter. De heer Zanting: Ja, dat mag dan maar dat is hem dan. Mijnheer Westbroek. De heer Westbroek: Dat zou bij mij toch de conclusie trekken dat juist de meerkosten voor de gemeenten zitten met minder eenheden aan verhuur voor u in plaats van de gemeenten waar u de meeste heeft. De voorzitter: Mijnheer Zanting, als u de vraag heeft gesnapt. De heer Zanting: Ja, ik denk het. Nou ja, kijk, ik ga er voorlopig vanuit dat die andere rond even af 3000 woningen mee blijven doen in Woonnet Rijnmond en die profiteren van het schaalniveau en de efficiëntie van Woonnet Rijnmond. Dus dat zijn voor ons dan de goedkopere woningen in de woonruimtebemiddeling.

Maar ik weet niet of ik daarmee uw vraag beantwoordt.

Pagina 7 van 36

De voorzitter: Dat is wat u bedoelt, was het laatste, zeg ik even voor de notulen. Dank u wel voor de vragen beantwoording. Er kwamen een heleboel vragen maar u heeft de commissie goed van informatie voorzien. Dan dank ik u, mag u naar de publieke tribune. U zult het wel interessant vinden om te blijven verwacht ik maar dat is in uw vrijheid. Dan nodig ik de wethouder uit om plaats te nemen en ik denk ook mijnheer Steenman. Dat is het geval. 3.

Inleiding door wethouder C. van der Duijn Schouten over een nieuwe Huisvestingsverordening De voorzitter: Agendapunt 3, inleiding door wethouder Van der Duijn Schouten over een nieuwe Huisvestingsverordening. Aan u is het woord, wethouder Van der Duijn Schouten. De heer Van der Duijn Schouten: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, voorzitter, ik ga het kort houden want u heeft een uitgebreide RIB hierbij gekregen en ik denk dat er niemand op zit te wachten dat ik die nog een keer voor ga lezen. We moeten richting een nieuwe Huisvestingsverordening en daarin kunnen een aantal aspecten wat u ook in de RIB heeft kunnen lezen aan de voorkant bedacht worden. Het leek ons goed om, nou, u heeft in ieder geval gezien dat in ons coalitieakkoord staat dat we willen werken aan een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem om in ieder geval de effecten daarvan voor u aan de voorkant dus uit te diepen. Daar heeft u een ik denk redelijk uitgebreide mag ik wel zeggen memo over gekregen wat daar de consequenties van zijn.

Het leek ons goed om nou te voorkomen dat we straks met een verordening uw kant op komen die aan alle kanten geamendeerd moet worden, om aan de voorkant maar eens met uw commissie als vertegenwoordiging van de raad het gesprek te voeren over, wat zou u nou graag in die verordening straks terugzien? Daar ligt vanavond het zwaartepunt uiteraard bij het al dan niet lokaal woonruimtebemiddelingssysteem. Maar er is uiteraard ook voldoende ruimte om ook andere aspecten waarvan u denkt, dat zou goed zijn als dat in onze verordeningen, want de regio maakt een format maar uiteindelijk stelt iedere raad binnen de regio zijn eigen verordening vast. Dus we wilden vanavond graag bij u eens ophalen wat u nou graag in onze verordening straks terug zou willen zien. Nou, dat hebben we in ieder geval gefaciliteerd op de memo die bijligt. Maar als er andere aspecten zijn of als er naar aanleiding van die memo wellicht nog vragen zijn, dan hoor ik het graag. Ik hoop ook graag vanavond van alle fracties een beetje richting te krijgen wat er in de nieuwe verordening dan zou moeten landen. Dat was een beetje het idee voor vanavond, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. En voor de luisteraars thuis, de afkorting RIB staat voor raadsinformatiebrief.

4.

Raadsinformatiebrief Huisvestingsverordening en woonruimtebemiddeling, d.d. 4 oktober 2024 De voorzitter: Dat is ook het volgende agendapunt, raadsinformatiebrief Huisvestingsverordening en woonruimtebemiddeling van 4 oktober 2024. Die is bedoeld voor informatie-uitwisseling en voor meningsvorming. Deze raadsinformatiebrief gaan we in twee stappen behandelen. Eerst krijgt u gelegenheid om vragen te stellen en daarna maken we een ronde langs de fracties en kunt u uw mening geven en daarbij mag ook op elkaar reageren. Ik begin met het eerste rondje, vragen stellen. Wie wil daar gebruik van maken? U kan vragen stellen over de brief en alle bijbehorende bijlagen. Ik ga even kijken naar het aantal vragen. Ik begin met mevrouw Horvath, GroenLinks, twee vragen. Leefbaar Ridderkerk. ChristenUnie. CDA, vijf stuks. VVD, twee. Burger op 1, negen. Nou, we doen het op volgorde van aantal en ik begin met mevrouw Horvath van GroenLinks voor twee vragen die u tegelijk mag stellen.

Pagina 8 van 36

Mevrouw Horvath: Dank u wel, voorzitter. De eerste vraag is eigenlijk dezelfde, min of meer, als die ik net aan mijnheer Zanting stelde. Wethouder, kunt u … Voorzitter, kan de wethouder misschien ook enkele voor- en nadelen opnoemen van eigenaarschap van het systeem bij de gemeente ten opzichte van bij Wooncompas? En mijn tweede vraag is, we hebben de brieven van de provincie en het Samenwerkingsverband Wonen regio Rotterdam uiteraard gelezen die beiden een lokaal systeem toch afraden. Kunt u misschien uw reactie op die brieven geven, op de inhoud van die brieven uiteraard en op het afraden? Dank u wel. De voorzitter: Wethouder Van der Duijn Schouten. De heer Van der Duijn Schouten: Dank u wel, voorzitter. Ja, waar het eventueel lokale systeem moet landen, ik denk daar waar het het beste op zijn plek is. Maar daarbij komt, dan ben je ook wel afhankelijk van de bereidheid van Wooncompas om het te gaan doen. Ik bedoel, de gemeente maakt een keus om uit Maaskoepel te stappen dus ik denk dat vervolgens de gemeente ook wel de consequenties van die keuze in eerste instantie zelf dan onder ogen moet zien. En dat betekent een systeem en, ja, wat we ook in de memo hebben gezegd, behoorlijk wat kosten. En waar dat dan in de uitvoering? Nou ja, goed, we hebben de heer Zanting net zei, het is hun dagelijkse business.

Wij zullen er een hele afdeling voor op moeten gaan zetten want we hebben dat nu niet. We hebben één beleidsmedewerker wonen, die zit hier naast mij. Ja, zo'n systeem gaat een aantal fte vragen dus daar zullen we dan mee aan de bak moeten. De voorzitter: Er is iemand die wil, er zijn een paar mensen die willen stapelen. Ik stel voor dat we dit eerst maar gaan afpellen. Dan mag mevrouw Horvath eventueel reageren en een vervolgvraag stellen. En dan ga ik naar mevrouw Van Nes-de Man van Burger op 1 en dan naar mijnheer Mijnders van het CDA. Mevrouw Horvath. Mevrouw Horvath: Tot zover even, bedankt voor de beantwoording. De voorzitter: Dan gaan we naar mevrouw Van Nes-De Man, Burger op 1. Mevrouw Van Nes-De Man: Ja, dank u, voorzitter. Van dat systeem, als we over zouden stappen naar lokaal dan ligt er een keus voor, gaat Wooncompas dat pakken of gaat de gemeente dat pakken? Daar reageerde u net op naar mevrouw Horvath. In hoeverre is dat een keuze en wie bepaalt dan welke kant het opgaat? De voorzitter: Mijnheer Mijnders, CDA. De heer Mijnders: Dank u wel, voorzitter. Mijn vraag gaat over het aantal fte’s. In de memo wordt gezegd twee. Mijn fractie vroeg zich af, is het wel voldoende? Want als er, bedoelt het college ermee echt ook twee personen of zou het bij wijze van spreken vier personen kunnen zijn die het werk oppakken? Want twee fte's hoeven niet per twee personen te zijn.

Maar is de fractie of is de wethouder, hoe zeg je dat, als ze met tweeën zijn, twee personen en er is er eentje ziek en er is eentje met zwangerschapsverlof, dan zit er bij wijze van spreken niemand meer. Dus is twee fte's voldoende om dit te kunnen waarborgen? De voorzitter: We gaan eerst dit beantwoorden. En er is nog één stapelaar bijgekomen en dat is mijnheer Westbroek van 18PLUS. Eerst krijgt de wethouder Van der Duijn Schouten het woord. De heer Van der Duijn Schouten: Mevrouw Van Nes, ja, dat doen we in goed overleg met Wooncompas, tenzij dat uw raad vanavond in meerderheid zegt dat we het absoluut zelf moeten doen. Ik bedoel, dan hoor ik dat ook vanavond graag. Of misschien zegt uw raad wel van, nou, als we het doen, leg het vooral bij Wooncompas Pagina 9 van 36

neer. En anders is dat iets waar wij met hen het gesprek, zoals we over heel veel dingen het goede gesprek voeren met Wooncompas, ook dat dan mee zullen nemen en met elkaar die consequentie onder ogen zien. Ja, voorlopig hebben we hem ingezet op twee fte. Ik denk alles overziend dat als je dat in vier heads kan doen die allemaal een half fte’tje zijn dat je wat flexibeler bent. Want terecht wat u schetst, het kan natuurlijk straks niet zo zijn dat er eentje op vakantie is en de ander ziek wordt en dat we dan opeens tegen de woningzoekenden moeten zeggen, sorry, het systeem is vandaag niet thuis. Dus we zullen dat op zo'n manier in moeten richten dat die continuïteit geborgd is. De inschatting is nu dat dat met twee fte kan. Het is nu duidelijk als fte geformuleerd en dan kom je ook weer bij de vraag, nou, die net ook al gesteld is, waar is dat nu het meest stabiel en op de beste manier te borgen? Ja, dan komt ook weer de vraag, doe je dat dan als gemeente of past dat misschien dan wel beter bij Wooncompas? Of ik roep maar iets geks, gaat Maaskoepel nog een tweede systeem ernaast beheren voor ons? Nou, er zijn dingen denkbaar. De voorzitter: Mijnheer Westbroek, 18PLUS. Of wilde u nog iets zeggen, wethouder? De heer Van der Duijn Schouten: Nee, ik wou aan de tweede vraag beginnen maar toen realiseerde ik me dat er nog een stapelaar achteraankwam.

De voorzitter: Ja, mijnheer Westbroek, 18PLUS. De heer Westbroek: Ja, dank u wel, voorzitter. De vraag over specifiek Maaskoepel, ik heb hem wel vaker gesteld wat betreft de governancestructuur van Maaskoepel. Kunt u aangeven welk toezicht, welke controle er nou is vanuit ons als gemeente, welke invloed hebben we, wat hebben wij in de melk te brokkelen bij Maaskoepel? Want dat is natuurlijk de organisatie die het hele systeem beheert, de toewijzingen, de mensen die het moeten toewijzen, enzovoorts, enzovoorts. En ja, eigenlijk geen enkele informatie verstrekt als wij erom vragen. De voorzitter: Wethouder Van der Duijn Schouten. De heer Van der Duijn Schouten: Ja, Maaskoepel voert dit uit op basis van de verordening zoals u hem heeft vastgesteld dus die invloed heeft u aan die voorkant door in die verordening op te nemen hoe zij het moeten doen. En vervolgens staat Maaskoepel natuurlijk met de woningcorporaties gewoon onder toezicht van het ministerie die erop toezien dat de dingen gebeuren zoals ze moeten gebeuren. Dus ik denk dat dat ook wel prima geborgd is. De voorzitter: Mijnheer Westbroek. De heer Westbroek: Ja, dat antwoord dat kregen wij eerder ook in onze vragen en toen heb ik toch eens contact opgenomen met de Autoriteit woningcorporaties.

Om te vragen van, joh, houden jullie toezicht, doen jullie controles uitvoeren bij Maaskoepel? Die gaven eigenlijk aan van, ja, is niet bij ons bekend, het is geen woningcorporatie. We houden alleen toezicht op de woningcorporaties zelf, niet op een organisatie als Maaskoepel. De voorzitter: Ik hoor er geen vraag in maar de wethouder zal vast willen reageren. Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Maaskoepel doet dit natuurlijk namens de onderliggende woningcorporaties die daarin vertegenwoordigd zijn en voert namens die corporaties het werk uit. Ik denk dat we er ook voor moeten waken dat straks dertien gemeentes bij Maaskoepel even gaan controleren of het allemaal wel loopt Pagina 10 van 36

zoals het loopt. Ik bedoel, op een gegeven moment moet je ook denk ik vertrouwen hebben in de organisaties die daarop toezien dat het ook gewoon goed gebeurt. En als dat niet zo is wordt u ongetwijfeld wel geïnformeerd. Dan wat betreft de twee brieven, of ik daarop wil reflecteren. Ja, de ene brief gericht aan het college, de andere brief gericht aan de raad. Die brieven komen vanuit de provincie en vanuit de regio die op dit dossier heel sterk inzetten op samenwerking. En die zien een teneur dat Ridderkerk juist in deze niet kiest voor samenwerking en die uiten daar hun denk ik vanuit hun perspectief begrijpelijke zorg over. Dus en die zorg zult u op een later moment waarschijnlijk ook weer terugzien want de provincie zal ook een keer moeten gaan adviseren over onze verordening. En als daar een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem in staat dan denk ik dat u met deze brief op zak wil weten hoe dat advies er straks uit gaat zien. De voorzitter: Mevrouw Horvath. Mevrouw Horvath: Kunt u dan duidelijk maken waarom u het wel een goed idee vindt? De voorzitter: Mijnheer Kooijman wil nog stapelen, ChristenUnie. De heer Kooijman: Ja, naar aanleiding van het antwoord van de wethouder zojuist kunnen we wel raden wat het advies ‘…’. De voorzitter: Ja, dan stel ik voor om eerst maar de vraag van mevrouw Horvath af te handelen en dan komt u met uw stapeling. Wethouder.

De heer Van der Duijn Schouten: Omdat wij daar in het coalitieakkoord afspraken over hebben gemaakt en omdat wij toch denken dat er in ieder geval voor de korte termijn wel degelijk winst is te halen voor de lokaal woningzoekenden. De voorzitter: Mijnheer Kooijman, ChristenUnie. De heer Kooijman: Ja, u geeft aan, u denkt als wij dus met een lokaal systeem als voorstel komen dan is het al duidelijk hoe de provincie daarop zal reageren, adviseren. Een negatief advies vanuit de provincie, dat kunnen we dan gewoon naast ons neerleggen en van, nou, bedankt maar we gaan door of betekent een negatief advies nog iets dwingenders? De voorzitter: Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Een advies mag de gemeente gemotiveerd, en wij doen natuurlijk alles goed gemotiveerd, maar dan mag u daar gemotiveerd van afwijken. En uiteraard zal er ooit over die motivatie dan wel weer een verschil van mening kunnen ontstaan maar dat is even hoe met een advies omgegaan moet worden. De voorzitter: Mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk, wil ook stapelen. Mevrouw Van Vliet: Ja, in eerste instantie had ik dezelfde vraag met betrekking tot dat advies. Maar de wethouder zei aan het eind ook nog, op korte termijn is er winst te halen.

Dat houdt in dat het op lange termijn misschien niet zo is? Klopt mijn aanname? En als dat het geval is, hoe ziet u dan die toekomst voor de langere termijn? De voorzitter: De wethouder. Pagina 11 van 36

De heer Van der Duijn Schouten: Nou, dan kom je op het punt dat zo'n stap met allerlei aannames is omgeven. Er worden een hele hoop aannames gedaan en die kunnen achteraf op hun juistheid getoetst worden. De aanname is dat er natuurlijk minder mensen van buiten Ridderkerk zich dan inschrijven. En tegelijkertijd zou je dan natuurlijk ook wel kunnen verwachten als op een gegeven moment binnen de regio het zo wordt dat er zoveel minder inschrijvers zijn dat de inschrijf hier naar een half jaar gaat, dat dat vervolgens weer een aanzuigende werking binnen de regio heeft als men hoort van, nou, in Ridderkerk is een soort woonwalhalla geworden, daar ben je gelijk aan de beurt. Dus op een gegeven moment kan je natuurlijk ook je eigen concurrent worden doordat je het zo goed doet dat iedereen daar weer op aanhaakt en daarmee het succes misschien ook weer teniet gedaan wordt. Maar nogmaals, dit hangt af van allemaal aannames. Eén, dat men het niet doet. En wat het dan straks is, dat zal uiteindelijk moeten blijken. De voorzitter: Mevrouw Kramer-Blansjaar, Partij van de Arbeid, wil ook stapelen en daarna mijnheer Westbroek, 18PLUS. Mevrouw Kramer-Blansjaar: Ja, voorzitter, mogen niet-Ridderkerkers zich nou ook gaan inschrijven dan bij dit nieuwe systeem? Komt dat echt zwart op wit? De voorzitter: De wethouder.

De heer Van der Duijn Schouten: Nou, dat gaan we nergens zwart op wit zetten maar wij kunnen iemand natuurlijk niet weigeren. We hebben in Nederland vrijheid van vesting dus als iemand zich in wil schrijven in dit systeem kunnen we dat op geen enkele wijze, even los van de vraag of we het zouden willen, weigeren. De voorzitter: Mijnheer Westbroek, Partij 18PLUS. De heer Westbroek: Toen wij nog een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem hadden voor, wat is het, 2015, toen kregen wij toch nooit ieder jaar een brief van de provincie van, joh, je moet naar een regionaal systeem toe want dit willen we niet. En dat hebben andere gemeenten toen toch ook niet gehad jarenlang? De voorzitter: De wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Ja, ik heb geen idee wat voor brieven er in 2014 zijn gestuurd. Tegelijkertijd hoop ik dat de heer Westbroek ook wel even helder heeft dat de woonmarkt van 2014 een totaal andere woonmarkt was als die nu is. Dus dat de situatie waarin je opereert absoluut niet vergeleken kan worden met 2014 met het aantal tekort aan woningen en het aantal woningzoekenden. De voorzitter: Dit allemaal naar aanleiding van de twee vragen van mevrouw Horvath van GroenLinks. Dan gaan we nu naar twee vragen van mijnheer Borst, VVD, en kijken of dat net zoveel stapeling gaat opleveren. De heer Borst: Ik ben benieuwd, voorzitter, wie biedt.

Ja, in de brief van SvWrR van 30 september daarin stellen ze dat er mogelijkheden zijn om de slaagkans van woningzoekenden verder te vergroten binnen de regionale samenwerking, bijvoorbeeld door meer woningen toe te wijzen aan mensen met een lokale binding. De heer Zanting van Woonkompas begon daar net ook al even in zijn bijdrage over. Als we nu zouden kiezen voor een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem, kunnen we dan de slagingskans voor Ridderkerkers net zoveel vergroten als binnen het regionale systeem of misschien zelfs nog wel meer? Kan de wethouder daar iets van duiding over geven? En stel nou dat we op den duur weer uit zo'n lokaal systeem zouden willen stappen terug de regio in, kan dat dan zomaar en wat voor gevolgen heeft dat dan? Pagina 12 van 36

De voorzitter: De wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Ja, die eerste vraag. Kijk, wettelijk gezien mogen we in onze verordening niet opnemen dat we meer dan 50 procent met lokale binding toewijzen. Maar dat suggereert natuurlijk wel dat er meer vraag is. Als er even heel plat gezegd niemand van buiten Ridderkerk zich inschrijft, ja, we gaan geen woningen leeg laten staan omdat we toevallig 50 procent lokaal hebben toegewezen en er voor de rest geen vraag is. Dus dan gaat er automatisch meer lokaal landen maar nogmaals, dat is weer helemaal uitgaan van de aanname dat er dan niemand anders meer komt. Als men zich enthousiast vanaf 1 januari, vanaf welk jaar we dan ook overstappen, dat zal trouwens 1 januari ‘26 worden, als we het al doen, mensen zich massaal willen inschrijven ook van buiten deze regio, ja, dan ben je nog steeds gebonden aan die 50 procent die je lokaal maximaal. En gaat vervolgens de verdeling zoals we die met elkaar afspreken, nou, op inschrijfduur of wat dan ook, gewoon weer gelden. Overigens is het zo dat wij in ‘23 mochten we 25 procent maximaal wettelijk lokaal toewijzen en in ‘23 hebben wij 44 procent lokaal toegewezen. Dus ook, nou, de provincie geeft nu 41 dus wij zitten al redelijk, er is nog wat ruimte. Nou, daar is net ook al even op ingegaan maar ook daarvoor zitten we al dicht richting die 50 procent. En terug.

Ja, dan gaan we met hangende pootjes naar Maaskoepel of we alsjeblieft weer mee mogen doen. Ik denk dat hun systeem dan nog wel in de lucht is. En ik denk dat dan Wooncompas weer een hoop werk heeft om alle woningen weer daarin te zetten en het uit het andere systeem te halen. En dat we een aantal medewerkers in een herplaatsingstraject krijgen omdat die dan geen werk meer hebben. Maar nogmaals, ja, de stap naar een lokaal systeem is, zoals net geschetst, een vrij ingrijpende. Terug zal ook ongetwijfeld een lastige zijn, is wat ik net schetste. En ik hoop niet dat we het ieder jaar gaan wisselen in ieder geval want dan is het eind wel zoek. De voorzitter: Mijnheer Borst, zijn we zo compleet? Dan is mijnheer Mijnders aan de beurt, CDA. Vijf vragen, ik zal maar zeggen te beginnen met twee of drie. De heer Mijnders: Het zijn er vier, voorzitter. De heer Borst had het daarnet ook al even over, over die toewijzing. De wethouder gaf net ook aan van, ja, op korte termijn zou het best wel positief kunnen zijn, op langere termijn weten we dat eigenlijk niet. Mijn vraag gaat vooral, eerste vraag gaat vooral over die 50 procent die we niet lokaal kunnen toewijzen op dit moment. Dus 50 procent mogen we wel, daar hebben we dus nu 41 van maar dan die andere 50 procent.

Is er bekend hoeveel procent van die 50 procent op dit moment uiteindelijk bij Ridderkerkers terechtkomt? En de tweede vraag is dan, u had het er net over of de wethouder had het er net over dat het op korte termijn positief zou kunnen zijn een lokaal woonruimtebemiddelingssysteem. Zit het dan voornamelijk in die, ja, ik noem het dan even die tweede 50 procent? Dus niet het lokaal toewijzen maar die tweede 50 procent, dat dat dan bij wijze van spreken meer naar Ridderkerkers zou kunnen gaan in de eerste periode? Dat waren de eerste twee, voorzitter. De voorzitter: De wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Ja, het antwoord op de eerste vraag weet ik niet dus daar zouden we dan op terug moeten komen. Maar wat er van die andere 50 procent nog, volgens mij hebben er ergens in de rapporten wel eens een tabel gezeten met van waar maar ik heb dat op dit moment niet scherp. Ik geloof dat mijn buurman het wel scherp heeft. De voorzitter: Mijnheer Steeman, aan u het woord.

Pagina 13 van 36

De heer Steeman: Als je bijvoorbeeld naar 2023 kijkt hadden we 440 huisvestingen, dus huishoudens die hier een woning kregen. Daar kwam de minderheid van uit Ridderkerk dus die 50 procent die halen we niet eens. Dus het is ook niet zo dat van die andere 50 procent er dan ineens wel heel veel uit Ridderkerk komen. De voorzitter: Wethouder, doet u het vervolg beantwoorden? De heer Van der Duijn Schouten: Deze weer aanzetten. Ja, terecht, dat komt dan uit die andere 50 procent. Maar nogmaals, dat hangt dus helemaal af, wat ik net ook al tegen de VVD zei, als niemand anders dan Ridderkerkers zich inschrijven, ja, dan is de inschrijfduur de eerstvolgende op de lijst is dan een Ridderkerker. Als Maaskoepel bij wijze van spreken in november als ze de brieven eruit sturen in ‘25 van, beste inschrijver, u moet uw inschrijving verlengen en let op, als u in Ridderkerk voor een woning in aanmerking wil komen moet u ook daar apart inschrijven, dus dat breed onder de aandacht brengen, dan is de kans natuurlijk dat het aantal inschrijvingen ook op dat punt weer stevig zal zijn en dat de inschrijf … Kijk, mensen nemen dan hun inschrijfduur mee. Nou, dan kan de eerste met de langste inschrijfduur kan dan ook weer heel goed iemand van buiten Ridderkerk zijn.

Maar nogmaals, dat hangt er helemaal van af, ik noem maar even wat de markt, de mensen die een woning zoeken op dat moment gaan doen als Ridderkerk besluit om, nou ja, lokaal verder te gaan. En ja, dat blijft voor mij denk ik toch een beetje koffiedik kijken op dit moment. De voorzitter: Mijnheer Mijnders, de andere twee vragen. De heer Mijnders: Dank u wel, voorzitter. Excuus, het waren er toch nog drie. De derde vraag die ik had gaat over dat overschrijven. We hebben dat als fractie ook in de memo gelezen en dat lijkt ons best wel lastig om daar een goede keuze in te geven. Misschien dat de wethouder erop kan reageren want volgens mij hebben we dan wel de verplichting dat iedereen die zich nu ingeschreven heeft binnen Maaskoepel, binnen Woonnet Rijnmond ook de verplichting of de mogelijkheid te geven om ik denk kosteloos of niet kosteloos te mogen overschrijven. En dan de keuze inderdaad van, ja, hoelang moet die periode gelden? Want bij wijze van spreken, je kan niet zeggen als iemand nu is ingeschreven dat die bij wijze van spreken over twaalf jaar nog steeds dat recht heeft van, o, wacht ik kan toch nog even naar, bij wijze van spreken, lokale woonruimtebemiddelingssysteem. Kan de wethouder daar iets over aangeven welke verplichtingen we daarin hebben? De laatste twee vragen die kunnen denk ik bij elkaar.

Het gaat over de mogelijkheden die … De voorzitter: Anders gaan we eerst naar dit antwoord en dan komen die twee tegelijk. Wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Ja, kijk, in die zin geldt dat, het gaat niet kosteloos zijn want iedereen die zich straks in ons systeem inschrijft zal ook zijn inschrijffee moeten betalen. Dus mensen hebben straks de keuze om zich in één of twee, ja, of drie als je nog in de Hoeksche Waard of vier ook nog in Ambacht ergens iets wil. Maar binnen regio Rijnmond, iedereen die daar ingeschreven staat en die straks in twaalf gemeenten plus Ridderkerk ingeschreven wil staan zou zich dan in twee systemen in moeten schrijven en ook twee keer de inschrijffee moeten betalen. Dat betekent vervolgens ook dat mensen die vanaf 1 januari, ik noem maar even, ‘26 zich twee keer inschrijven, ja, dat voor iedereen, of je nou van buiten Ridderkerk of van binnen Ridderkerk je met je inschrijfduur die je hebt opgebouwd ook weer verdergaat. En ja, hoelang je dat moet honoreren? Ja, u zegt twaalf jaar, dat denk ik niet. Maar twee weken is misschien weer wat kort dus daar ergens zal het tussen zitten. Er komt natuurlijk ook een punt dat als iemand zich weer meldt die wel weer opnieuw begint.

Maar ja, daar zullen we ook eens een keer met elkaar het gesprek over moeten voeren en wellicht ook een juridische toets op moeten doen wat die termijn dan zou moeten zijn? Daar heb ik op dit moment geen helder antwoord op.

Pagina 14 van 36

De voorzitter: Uw laatste twee vragen, mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel, voorzitter. Het gaat over de mogelijkheden in de nieuwe Huisvestingswet over dat we ook, hoe zeg je dat, nieuwbouwwoningen die op de markt komen voor, ja, hoe zeg je dat, lage kosten, dat we die eventueel ook zouden kunnen inzetten of kunnen gebruiken binnen een woonruimtebemiddelingssysteem. En ik vroeg me af, wat zouden daar eventueel de voordelen van zijn als we dus ook nieuwbouwwoningen zouden betrekken? En die tweede is meer ook een vraag waar wij als fractie ook een beetje zoekende zijn van, er is een mogelijkheid om bepaalde beroepsgroepen voorrang te geven. Als je het ook hoort, vaak wordt dan gezegd leraren, zorgmedewerkers, politieagenten. Maar misschien hebben we als Ridderkerk wel ontzettend veel tekort aan loodgieters en verloskundigen. Dus we vinden het als fractie heel lastig om dat instrument te gaan gebruiken, of we daar iets mee moeten doen. Zijn er voorbeelden in het land van hoe dat nou op een goede manier opgepakt zou kunnen worden? Dat bij wijze van spreken als we daar als Ridderkerk mee aan de slag willen gaan, hoe we nou echt goed in beeld zouden kunnen brengen welke beroepen nou echt essentieel zouden zijn om toe te voegen of om voorrang te verlenen? Dat waren ze, voorzitter, dank u wel. De voorzitter: De wethouder.

De heer Van der Duijn Schouten: Ja, dat toewijzen van die beroepsgroepen, ik begrijp het. Op een gegeven moment hebben we alles en iedereen nodig. Dus ja, dan moet je keuzes, volgens mij, maar ik weet het niet zeker, heeft Rotterdam nog eens iets gedaan richting leraren? Die kregen toen bonussen en een woning en alles. Ja, ik denk dat er op een gegeven moment komt waar de nood het hoogst is, ga je bewegen. Ja, politieagenten, dan zou het alleen over de wijkagent gaan denk ik want de politieagent die vervolgens in Rotterdam aan het werk gaat, ja, dat is dan ook weer … Maar nogmaals, dat is ook een afweging die je moet maken waar wij nu nog geen keuze hebben gemaakt en ook nog niet hebben over nagedacht. Het komt in ieder geval wel de optie om het in de verordening op te nemen. En ik denk dat het op dat punt wel goed is om het te doen, dat je in ieder geval de flexibiliteit hebt om het toe te passen als je het wenselijk vindt. En mocht het niet zo zijn, nou, dan is de verordening er wel maar maak je er geen gebruik van maar dan zit die ook niet in de weg. Dus ik denk dat het aan die kant ook wel verstandig is om zoveel mogelijk flexibiliteit aan de voorkant in te bouwen. En dan uw andere vraag, dat ben ik … Nieuwbouwwoningen. Nou ja, dan krijg je dus op een gegeven moment ook grip op het toewijzen van de woningen.

Dan kunnen we het hele systeem met de notaris en loten misschien ook overboord zetten. Tegelijkertijd, zeker in het begin, dat wordt natuurlijk ook een enorme belasting voor een systeem om dat ook allemaal daarin op te gaan nemen en je op die koopmarkt te gaan begeven. Dus ik denk als wij al de overstap maken naar een lokaal systeem, dat het zeker in het begin verstandig is om dat te beperken tot de huurwoningen zodat we zeker weten dat dat goed gaat en we daar grip op hebben. En dan, nou, misschien na een aantal jaar eens verder te kijken of we daar meer in willen maar dat zeker niet aan het begin te doen. De voorzitter: Mijnheer Mijnders, wilt u daar nog op reageren? Dan gaat mijnheer Kooijman van de ChristenUnie stapelen en daarna mijnheer Kardol van de SGP. De heer Kooijman: Ja, over dat aanbieden van die koopwoningen. Morgen praten we even over de locatie Kievitsweg, even als voorbeeld. Dat zou dan mogelijk zouden we kunnen zeggen van, nou, dat zou misschien ook interessant zijn om die woningen dan via het lokale woonnet aan te bieden. Maar die woningen zijn niet van ons, dat is een projectontwikkelaar. Net zomin als dat we een woningcorporatie kunnen verplichten om de woningen via het lokale systeem aan te bieden kunnen we denk ik ook een projectontwikkelaar niet verplichten om de woningen aan te bieden via ons lokale systeem als we dat hebben toch? Pagina 15 van 36

De voorzitter: Eerst maar even dit antwoord. Mijnheer Steeman gaat dat geven. De heer Steeman: Het idee bij de betaalbare koopwoningen, dus de woningen, nieuwbouw koopwoningen tot 390.000 euro is niet dat die dan via dat woonruimtebemiddelingssysteem gaan maar wel via het systeem van de huisvestingsvergunning. Dus dat betekent dat iemand die daarvoor in aanmerking komt uiteindelijk ook een huisvestingsvergunning moet krijgen. Het idee is dat je die, dat gaat op basis van lokale voorrang maar dan zit je dus ook weer met de 50 procent uit de Huisvestingswet dus dat is goed om je dat ook te realiseren. De voorzitter: Mijnheer Kardol, SGP. De heer Kardol: Ja, dank, voorzitter. Ik had nog een stapelende vraag over de overgangstermijn. Is het nou zo dat met een nieuw systeem het ook mogelijk is om Ridderkerkers automatisch over te laten gaan naar het systeem? De voorzitter: De wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Sorry, ik zat even niet op te letten. De voorzitter: De vraag is of als je naar een nieuw systeem gaat, naar een lokaal systeem, of de mensen dan automatisch over kunnen gaan die in Ridderkerk zelf wonen? De heer Van der Duijn Schouten: Dat denk ik niet want mensen moeten ook, ik bedoel, AVG hebben we en ik denk niet dat dat vanuit het systeem van Maaskoepel zomaar bij ons kan landen. Mensen moeten het ook willen want die moeten er een tientje voor betalen.

We willen dan dat ze hun inschrijfduur aantonen. Dus ik denk dat automatisch alles overhevelen, dat dat niet tot de mogelijkheden behoort. Net zoals dat iedereen die nu bij Maaskoepel ook gewoon ieder jaar zijn inschrijving moet verlengen. Dat gebeurt ook niet automatisch, dat moet je zelf ook weer doen. De voorzitter: Dan is Leefbaar Ridderkerk aan de beurt. Mevrouw Kayadoe, u had zes vragen. Mevrouw Kayadoe: En inmiddels zijn ze alle zes beantwoord. De voorzitter: Nou, dan heeft u geweldige service gekregen en dat ongevraagd, is toch heel bijzonder. Dat betekent dat mijnheer Kooijman van de ChristenUnie aan de beurt is. Die had zeven vragen, hoeveel zijn het er intussen nog? De heer Kooijman: Ik heb ze nog, ja, ik heb er acht inderdaad. Maar ik heb ze, ik ga het maximaal zeven houden, voorzitter, maar ik probeer nog tijdens mijn vragen het wat in te korten als het mag. De voorzitter: Ja, als u het per twee of drie een beetje logisch bij elkaar. De heer Kooijman: Ja, dan begin ik bovenaan, dan ga ik zo naar beneden. Dat is ook logisch. Vooraf even, het was een, sorry, het was een duidelijke notitie dus daar hadden we veel aan. Ik heb er veel van geleerd. Waar het mee begint, het doel is natuurlijk om een bepaald effect te realiseren, het effect dat we meer woningen toewijzen aan Ridderkerkers. Maar of we dat effect ook halen, daarover is die notitie nog niet echt smart.

Er zitten veel onzekerheden in, kanttekeningen, risico's die worden benoemd en wat dat betreft is het denk ik wel heel evenwichtig. Ik hoor de wethouder zeggen van, nou, wij zien op de korte termijn wel echt voordeel maar waar zit nou het voordeel concreet in? Kan de wethouder daar iets over nabij of beter over toelichten? Pagina 16 van 36

Het ging ook over die 41 naar 50 procent. We wijzen nu 41 procent toe en we kunnen nog naar 50 volgens ook de provincie. Is de wethouder het ermee eens dat wij dus nog binnen de huidige afspraken nog meer kunnen doen om echt het maximale eruit te halen? En een derde vraag en dan stop ik wel eventjes, we hebben kunnen lezen en ook kunnen meekrijgen dat Barenrecht die heeft ook eenzelfde exercitie gedaan. Nou, we kennen Barendrecht denk ik ook wel als een gemeente die graag dingen zelf organiseert. Maar ook Barendrecht heeft inmiddels besloten, wij stoppen hiermee, wij gaan niet door. Wat neemt het college daarvan mee, van die discussie die daar is geweest, en in hoeverre beïnvloedt dat uw meningsvorming reeds? De voorzitter: De wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Het voordeel wat we wellicht, wat ik zei, op korte termijn zie is dat ik vermoed dat een heel deel uit de regio zich straks niet in ons lokale systeem in zal schrijven. Dat gaan alleen nog mensen doen die echt heel bewust dat willen. Maar zeker aan de randen, Maassluis, Vlaardingen, Spijkenisse, die gebieden, ik denk dat daar het aantal inschrijvingen in ons systeem gewoon veel lager zal zijn dan wat nu in de totale regio zit.

Dat heb ik net ook bij de VVD gezegd, als op een gegeven moment blijkt dat hier de wachttijd van zeven jaar naar een half jaar gaat, ja, dan gaat dat natuurlijk wel weer een aanzuigende werking hebben. Maar ik denk op korte termijn dat het aantal inschrijvingen van buiten Ridderkerk substantieel lager zal zijn. Ja, richting die 50 procent is nog ruimte te behalen. Even voor de duidelijkheid, we komen van 25, pas vanaf ik geloof 31 januari dit jaar is de nieuwe wet er en mag er naar 50. Als we nu op 41 zitten dan is daar nog 9 procent winst te behalen. Maar in absolute zin, op vierhonderd verhuringen zijn dat natuurlijk maar een paar woningen. Het is niet zo dat er opeens vele tientallen extra binnen die 50 procent te regelen zijn. Dan Barendrecht. Ja, ik laat de discussie aan Barendrecht graag aan hen. Zij hebben inderdaad een notitie geschreven, onze notitie komt daarna. Die notitie is niet om een keus, die notitie is feitelijk bedoeld om juist zonder kleuring technisch te beschrijven wat de consequenties zijn. Dus in de notitie wordt ook nadrukkelijk geen keus gemaakt. Ik heb van mijn collega in Barenrecht ooit wel eens begrepen dat bij hun ook met name het kostenaspect wel zwaar heeft meegewogen in dat moment de beslissing om het niet te doen. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Ja, een klein stukje dan terug nog naar de eerste beantwoording.

Ik kan me inderdaad voorstellen dat er mensen in Maassluis zijn die dan niet misschien direct zeggen, nou, ik ga me inschrijven voor het lokale systeem in Ridderkerk. Tegelijkertijd zijn dat misschien ook niet mensen die nu wel in de regio staan ingeschreven en die interesse hebben überhaupt in een woning in Ridderkerk dus die misschien ook helemaal niet gaan bieden op een woning in Ridderkerk. Dus het gaat er niet alleen om van hoeveel minder inschrijvingen hebben we maar ook van die minder inschrijvingen, hoeveel mensen waren dat die normaal gesproken wel ingeschreven zijn, wel hadden geboden en nu niet meer bieden? En ja, voor mij nog heel onzeker of dat nu echt een grote groep is die we dan ineens kwijt zijn waardoor er meerdere Ridderkerkers een kans krijgen. Vraag of de wethouder daar nog even op kan reageren. Ik hoorde net de wethouder ook een beetje haast zuchtend zeggen, we moeten er een hele afdeling voor opzetten. Dat klinkt nog niet heel enthousiast. En daarmee lijkt de notitie die heel feitelijk is toch ook wel een beetje een gevoel te hebben van, het is echt wel een enorme opgave. En dat snap ik en ook financieel, dat hebben we ook al kunnen lezen. En als we dan de afweging moeten maken van, zoveel kosten met misschien gevoelsmatig een winst op korte termijn, hoe kunnen wij nou die keuze of uw advies om het wel of niet mee te nemen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/1161/documents/39452