2024-05-15-verslag-commissie-samen-leven-ridderkerk.pdf
Tekst van het document
Woordelijk verslag vergadering commissie Samen leven 15 mei 2024 1.
Opening De voorzitter: Een hele goedenavond, op deze woensdag 15 mei. Bij dezen wil ik graag de vergadering openen. Iedereen, raadsleden, burgerleden, college, publieke tribune, pers, ambtenaren, heet ik graag bij dezen van harte welkom. En echt, de tribune is lekker vol. Heel veel belangstellenden, dat is mooi. Daarnaast is ook de Commissie Samen Leven even aangeschoven. Oh sorry, Samen Wonen, is even bijgeschoven. Zij vergaderen vanaf kwart over acht in de trouwzaal. Alle fracties zijn vertegenwoordigd. In afwijking van wat voor u ligt, beginnen we met de vaststelling van de agenda. Is dat akkoord, wat u betreft? Dan is dat akkoord.
2.
Beëdiging nieuw burgerleden en vaststelling agenda De voorzitter: Dan ga ik graag over naar agendapunt twee, beëdiging nieuwe burgerleden. We hebben nieuwe burgerleden. Voor Echt voor Ridderkerk, Ger Hoogendijk, Hanneke Emmerich. Voor Leefbaar Ridderkerk, Arjan Ipskamp en voor VVD, Wilbert Velthove. Daartoe wil ik dan ook de burgemeester, die vandaag exact één jaar burgemeester is van de gemeente Ridderkerk, uitnodigen om hier naar voren te komen. Wat hij ondertussen is, aan het doen en de nieuwe burgerleden te gaan beëdigen. Ik wil u daarbij gelijk even meegeven, dat na de beëdiging wij de vergadering korte tijd schorsen, zodat u een ieder kunt feliciteren. Dan is daarna dus ook de vergadering geschorst tot kwart over acht. Burgemeester Oosterwijk, mag ik u het woord geven? De heer Oosterwijk: Ja, dank u wel, voorzitter. Geachte voorzitter, commissieleden, aanwezigen, collegeleden, vooral ook de vanavond te installeren burgerleden, zeer van harte welkom in deze voor nu gecombineerde commissievergadering, die na dit moment inderdaad zoals de voorzitter al zei, weer gesplitst gaat worden voortgezet. We gaan vanavond maar liefst vier nieuwe burgerleden installeren en dat komt niet elke dag voor. En dat het niet elke dag voorkomt, blijkt ook wel uit deze mooi gevulde publieke tribune, waarbij er ook mooie onderlinge belangstelling naar voren komt.
Vanavond gaan we de navolgende nieuwe burgerleden installeren, mevrouw, de heer Hoogendijk, de heer Ipskamp en de heer Velthove. De meesten van u zijn ermee bekend, hoe het installeren van burgerleden eraan toegaat. Voor wie dat niet weet, u gaat het ervaren. Maar voorafgaand aan de installatie zelf, nog het volgende. Nadat benoemde raadsleden, burgerleden door de gemeenteraad zijn toegelaten tot de raadsvergadering, worden ze beëdigd. Wettelijk is voorgeschreven, welke eed of verklaring en beloften zij in handen van de raadsvoorzitter, moeten afleggen. Die eed, verklaring en beloften onderstreept het bijzondere ambt van raadsleden en burgerleden. Zij dienen onafhankelijk, integer te handelen en dienen zich te houden aan de wetten van dit land. En beste mensen, dat zijn geen loze woorden. Ze zijn van wezenlijke betekenis en invulling hieraan te geven, is een verantwoordelijke zaak en taak. En tegelijkertijd, ook net zo mooi als verantwoordelijk. De raad van Ridderkerk heeft de functie van burgerlid ingesteld. Het burgerlid ondersteunt de fractie en kan in een commissievergadering functioneren, op gelijke wijze als een raadslid. Hij of zij kan ook deelnemen aan een besloten commissievergadering en kan ook kennisnemen van vertrouwelijke stukken. En u begrijpt, wat ik zojuist zei over het houden aan afspraken en aan wetten, heeft daar natuurlijk ook betekenis bij.
Het burgerlidmaatschap is daarom ook een belangrijke functie binnen onze lokale democratie. Ik zeg het tegen de burgerleden, uw werk doet er toe. En daarom sowieso respect en waardering voor de keuze, die ook de nieuwe burgerleden hebben gemaakt, om zich op deze manier voor onze Ridderkerkse samenleving beschikbaar te gaan stellen en zich te gaan inzetten straks. Deelnemen aan de lokale politiek vraagt echt iets van u. Het is niet vrijblijvend en tegelijkertijd, enorm interessant, verrijkend en belangrijk. En om het belang en ook het bijzondere karakter van de functie van Pagina 1 van 25
burgerlid te onderstrepen, heeft de raad verplicht gesteld, dat burgerleden een eed of een verklaring en belofte moeten afleggen. Dat doen zij in mijn handen in een commissievergadering, zoals vanavond. Ik ga nu ook graag over tot de beëdiging. Ik wil aan de burgerleden, die hun naam zojuist ook hebben horen langskomen en die van zichzelf weten, dat ze vanavond iets moois gaan meemaken vragen, om in het midden voor mij te gaan plaatsnemen, alle vier. Ik verzoek u allemaal, indien dat voor u mogelijk is, ook daarbij te gaan staan. Velthove, kijk, heel goed. Ik zal eerst voor u voorlezen, wat uiteindelijk datgene is, wat u ook van een eed voorziet, of vanuit een verklaring en belofte bekrachtigt. Ik zal u daarna de naam noemen en dan kunt u datgene doen, waarvan u weet, wat u gaat doen. De eed en verklaring en belofte luidt als volgt. Ik zweer of ik verklaar dat ik, om als burgerlid te kunnen optreden rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gunst of gift heb gegeven of beloofd. Ik zweer, verklaar en beloof, dat ik om iets in deze functie te doen of te laten rechtstreeks noch middellijk, enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer, beloof, dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plicht als burgerlid, naar eer en geweten zal vervullen.
En als u de eed aflegt, dan zegt u, zo waarlijk helpe mij God almachtig, Dat doet u dan, onder het opsteken van uw rechterhand en wijs- en middelvinger tegen elkaar, zoals ik hier nu voordoe. En als u de verklaring en belofte aflegt, zegt u, dat verklaar en beloof ik. Mevrouw Emmerich, van Echt voor Ridderkerk. Mevrouw Emmerich: Zo waarlijk helpe mij God almachtig. De heer Oosterwijk: Dank u wel. De heer Hoogendijk, Echt voor Ridderkerk. De heer Hoogendijk: Dat verklaar en beloof ik. De heer Oosterwijk: De heer Ipskamp, Leefbaar Ridderkerk. De heer Ipskamp: Dat verklaar en beloof ik. De heer Oosterwijk: En de heer Velthove, van de VVD. De heer Velthove: Zo waarlijk helpe mij God almachtig. De heer Oosterwijk: Dank u wel. Ik feliciteer u van harte met uw benoeming. Dat is dan weer even mijn voorrecht, om dat als eerste te mogen doen. En velen gaan er straks volgen. En ook mooi, dat u elkaar zo feliciteert. Ik denk, dat dat ook een mooie opmaat is voor de manier, waarop u met elkaar in Ridderkerk de politiek ook vorm geeft. U gaat bloemen overhandigd krijgen. Mooie bloemen, zelfs. Geniet daarvan, van die bloemen. Geniet ook van het mooi werk, wat u op uw weg gaat vinden. Geniet van elkaar in fractieverband. Geniet van elkaar in commissieverband of als u in de samenleving actief bent, maak er iets moois van. Heel veel succes gewenst.
De voorzitter: Bij deze schors ik de vergadering tot kwart over acht. U kunt de nieuwe burgerleden feliciteren. Wil de, willen de commissieleden hun plaats innemen. Willen de commissieleden hun plaats innemen. De Commissie Samen Wonen begint nu ook, dus ik weet niet wie hier nog aanwezig moet zijn. Bij dezen wil ik graag de vergadering heropenen.
Pagina 2 van 25
3.
Spreekrecht voor hen die zich hebben aangemeld De voorzitter: Dan ga ik graag verder naar agendapunt drie, Spreekrecht voor hen die zich hebben aangemeld. Voor het spreekrecht hebben zich aangemeld, de heer Van der Staay, namens Wijkoverleg Rijsoord over agendapunt vijf en mevrouw Noot, namens wijkoverleg West, agendapunt vijf. De heer Van der Staay, mag ik u verzoeken naar het spreekgestoelte te komen? Mijnheer Van der Staay, u weet, dat u vijf minuten de tijd heeft, met vier minuten ga ik aangeven, dat er nog één minuut resteert. Als u … U krijgt van mij helemaal niks vanavond. Nee, dat kan ik de commissieleden niet aandoen, dat doen we op een ander moment. U mag het knopje aandoen en dan kunt u beginnen met uw betoog. De heer Van der Staay: Goedenavond, allemaal. Wederom sta ik hier, om uw aandacht te vragen voor het werk en het belang van de wijkoverleggen. In mijn geval, voor het wijkoverleg Rijsoord. Wij wonen in de wijken, het is onze leefomgeving en daar praten we graag actief over mee. Ik heb al vaker ingesproken ten faveure van de wijkoverleggen. En ook vaker aangegeven, dat ons nog altijd niet is verteld, waarom het in 2022 zo fout is gegaan, dat de wijkoverleggen opgeschort zijn. Dit is niet goed voor het onderlinge vertrouwen. Zie dat opgeschort maar als, opheffen.
Want zonder input en terugkoppeling, zoals nu wordt voorgesteld in de proeftuin, is dit nog maar een mager aftreksel. Volgens deze nota Betrokken Samenleving wordt veel meer waarde gehecht, aan klankbordgroepen en online participatie. De klankbordgroep, zoals de stuurgroep Vet Gezond werd al gezien als structurele participatie, maar gelukkig zijn er platforms daaraan toegevoegd, in deze definitieve nota. We bestaan tenslotte al meer dan twintig jaar. Ik hoop echt dat u, college en raad ons naar waarde kunt schatten. Dat u ons wil ondersteunen, om het overleg weer op de oude manier op te pakken, waarbij we weer gesprekspartner kunnen zijn voor de gemeente. Dit past niet in de proeftuin, zoals die nu is voorgesteld. Het proeftuin convenant geeft ons de mogelijkheid, een overleg tussen wijkbewoners en onderling op te zetten om over onderwerpen, die de wijk aangaan te praten. De vergaderstukken die impact hebben op de wijk en wat deels de basis was van onze overleg, moeten we nu zelf uit de krant en de raadsstukken halen. Meepraten in een vroeg stadium, via een startnotitie is niet meer mogelijk. Het lijkt wel of de gemeente bang is, voor de echte participatie. Voor mondige inwoners, die georganiseerd in een wijkoverleg, meepraten en op onderwerpen meebeslissen.
Wij kunnen de veelal externe ingebouwde bureaus, ingehuurde bureaus en ambtenaren vertellen over onze wijken en de historie, die de wijk maakt tot wat hij nu is. En we hebben draagvlak en bekendheid in onze wijken. Wij vertegenwoordigen een belangrijk deel van onze wijken en het is dan ook onzin, dat we maar één tiende procent van alle Ridderkerkers vertegenwoordigen. We hebben ook een grote achterban, net als u als politieke partijen. Ook u, vertegenwoordigt veel mensen, hebben een grote achterban, terwijl er maar negenentwintig mensen in de raad zichtbaar zijn. En burgerleden in de commissies, nog uiteraard. Dan kom ik echt op één tiende procent van de Ridderkerkse bevolking. Kennis, meningen en ervaringen van inwoners komen in het wijkoverleg bij elkaar en met elkaar maken we daar een advies van, wat we delen met de gemeente. Een mooi voorbeeld is het herbouwen in oude stijl van de schoolmeesterswoningen en het maaien van het Krabbenscheer in de Waal. Prachtige voorbeelden die aantonen, dat het werkt. De inrichting van de groene buffer aan de Rijksstraatweg is ook deels opgepakt via het wijkoverleg. En recent in 2021, onze visie op de steigertjes in de Waal, die overgenomen is. Dat zijn de afgelopen maanden, die zijn de afgelopen maanden gerealiseerd. Dit zijn grote projecten, die in overleg met het wijkoverleg op verantwoorde en gedragen wijze zijn uitgevoerd.
Misschien, dat het zo meer duidelijk is, wat wij doen en wat we Ridderkerk uiteindelijk willen dienen met ons werk. De voorzitter: Mijnheer Van der Staay, zou u willen afronden? U heeft nog één minuut.
Pagina 3 van 25
De heer Van der Staay: Dit kon in de oude vorm van de wijkoverleggen. Zo willen we ons inzetten, meepraten en indien mogelijk, meebeslissen. Maar dan, zou de nota aangepast moeten worden en dat is aan de raad. Dit is slechts ons ongevraagd advies. Dank u wel voor uw aandacht. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Staay. Perfect binnen de tijd gebleven, compliment. Mag ook wel, hè? Zijn er commissieleden, die vragen willen stellen naar aanleiding van het gezegde, door de heer Van der Staay? Wilt u wel heel even uw microfoon uitzetten, mijnheer Van der Staay? Ja. Mevrouw Ripmeester, PvdA. Mevrouw Ripmeester: Ja, dank u wel, voorzitter. We hebben vragen gesteld over de wijkoverleggen. Daarin werd gesteld, dat er nog regelmatig overleg is. Kunt u iets zeggen over, hoe frequent er nog overlegd wordt, is, er overleg is tussen de gemeente en de wijkoverleggen? En kunt u iets zeggen, over uw betrokkenheid bij de proeftuin? Hoe dat is verlopen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Van der Staay, even uw microfoon. De heer Van der Staay: Ik zal met de laatste vraag beginnen. Wij hebben, 21 mei hebben we dus onze eerste vergadering met de achterban. Dus dan gaan we spreken over de proeftuin en dan zullen we horen, wat de achterban ervan vindt en dat laten wij aan de betreffende wethouder weten.
En dan uw, hoe was uw eerste vraag? De voorzitter: Of u al frequent overleg heeft gehad over de proeftuinen, wijkoverleggen? De heer Van der Staay: Nee, dus nog niet. Nee. De voorzitter: Of er nog regelmatig overleg plaatsvindt. Zeg ik het goed? De heer Van der Staay: Maar normaal vergaderen wij, of komen wij bij elkaar, vijf keer per jaar. De voorzitter: Mijnheer Van der Staay, wilt u heel even uw microfoon uitdoen? Mevrouw Ripmeester: Nog even verduidelijkend mijn vraag, zeg maar. Is er in de afgelopen periode nog regelmatig over, contact geweest tussen uw wijkoverleg en de gemeente? De voorzitter: Graag even uw microfoon aan. De heer Van der Staay: In de persoon van mij, wel. Ja. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er andere commissieleden? Mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Dank u wel, voorzitter. Mijnheer Van der Staay, u geeft een paar mooie voorbeelden van projecten, die er gedaan zijn door het wijkoverleg. En dan denk ik aan de steigertjes of de schoolmeesterwoning. Als ik nou de parti… het nieuwe beleid pak, dan zie ik daar bijvoorbeeld staan, bijeenkomsten als instrument. Ik zie daar staan enquête, ik zie er staan buurt, tent en straatpraat. En door mijn hoofd gaat dan als u dit zegt, maar dat kan ook bereikt worden wanneer de gemeente, stel dat er iets in Rijsoord moet, een idee is, door die instrumenten in te zetten.
Het wijkoverleg kan, maar deze instrumenten zouden ook kunnen, om deze doelen te bereiken. En ik zou graag, daar uw reactie op willen. De voorzitter: Mijnheer Van der Staay. Pagina 4 van 25
De heer Van der Staay: Tuurlijk kan dat. Je kan dus van alle kanten. Maar het punt is, dat wij werkten op het moment dat wij informatie kregen, dat er bij ons in het dorp wat ging gebeuren. Op welk gebied dan ook. Daar konden we dus met elkaar over discussiëren. Daar konden we de hele achterban van nul komma één procent, konden we daarover raadplegen en dan konden we advies uitbrengen. Dat is weg. Want we krijgen geen informatie meer, we moeten het uit de krant halen en we moeten het uit de raadsstukken halen. Dus dat is ja, voor ons is dat lastig. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw De Wolff, u heeft nog een aanvullende vraag? Mevrouw De Wolff-ter Beek: at is een duidelijk antwoord. En tegelijkertijd denk ik dan, zouden de initiatieven die u nu hebt genoemd, die echt mooi zijn, zouden die niet bereikt zijn met de instrumenten, die hier ook al instaan? De voorzitter: Mijnheer Van der Staay. De heer Van der Staay: Dat is moeilijk te beoordelen natuurlijk. Ja? Het is, misschien wel, maar misschien ook niet. Wij hebben natuurlijk ook contact met elkaar, bij ons met de mensen. We spreken de mensen bij allerlei gelegenheden, soms met een glas bier in onze handen. En dan ja, dan hoor je het nodige. Wim van Wingerden, die is overleden. Die kwam, elke maandagmorgen kwam die bij mij en dan kwam hij vertellen, wat er in Rijsoord allemaal aan de hand was.
Met alle roddels, die erbij hoorden. Ik ben mijn bron op dit moment een beetje kwijt, dat snapt u. Ja? Dat is echt een verlies. Maar goed, we gaan het weer oppakken en we gaan er weer tegenaan. Want we willen wel werken voor onze gemeente, voor de hele gemeente en voor ons wijkoverleg. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er anderen nog? Mevrouw Emmerich. Echt voor Ridderkerk. Mevrouw Emmerich: Ja, dank u wel, voorzitter. U vertelde net, dat er enkele gesprekken zijn geweest tussen u en de gemeente. Ik wil graag weten uit welke, in welke hoedanigheid dat dan is geweest. Is dat op persoonlijke titel of uit hoofde van het wijkoverleg? En wie heeft die gesprekken geïnitieerd? De voorzitter: Mijnheer Van der Staay. De heer Van der Staay: Ja. Er zijn inderdaad gesprekken geweest en dat zijn gesprekken geweest, die dus één op één bijvoorbeeld met de wethouder gehouden zijn en met de wijkregisseur. Om te kijken, of we tot een oplossing konden komen. Na december 2022, toen dus uiteindelijk de, er een stap gezet is op de wijkoverleggen. Waar we het uiteraard toen niet mee eens waren. Dat hele proces hebben we doorlopen en we hebben steeds geprobeerd, om contact te krijgen met de betreffende wethouder. Is ook gelukt. En ja, dan hoop je dus wat verder te komen. Maar het gaat nu de kant op, die wij liever dus niet willen. De voorzitter: Dank u wel.
Zijn er anderen nog? Nee? Dan wil ik daar de heer Van der Staay bedanken voor het inspreken. En dan wil ik nu graag mevrouw Noot verzoeken, om naar voren te komen. De heer Van der Staay: Het is graag gedaan, mevrouw. De voorzitter: Mevrouw Noot, ook voor u geldt weer vijf minuten spreektijd en met vier minuten ga ik aangeven, dat het bijna einde tijd is.
Pagina 5 van 25
Mevrouw Noot: Geacht college, geachte raad. Daar zijn we weer, ook ik sta hier voor de zoveelste keer. En weer probeer ik u ervan te overtuigen, dat het goed is voor Ridderkerk, als er goed functionerende wijkoverleggen zijn. Ook bureau Labyrint, wat de enquête voor de nota Betrokken Samenleving heeft gehouden, schrijft hierover op hun website, bij het bekijken van de agenda van deze vergadering kwam ik het convenant Samenwerking Leefbaarheid, voor het Leefbaarheidsteam tegen. Ze hebben als doel, de samenwerking vanuit ieders expertise in gezamenlijkheid in te zetten, om de leefbaarheid in de wijk te verbeteren. Dit, samen met Wooncompas, Facet en de politie. De Leefbaarheidsteams zijn opgezet voor de leefbaarheid, waar het gaat over sociale leefbaarheid, dus mensen en hun gedrag. Een terugkoppeling van wat zij deden, werd altijd in het wijkoverleg besproken door de wijkregisseur. Daarnaast waren de vertegenwoordigers van Wooncompas, Facet, politie meestal aanwezig bij de wijkoverleggen, om over hun activiteiten in de wijk te praten. Zo vulden we elkaar aan en was er meer samenhang in de wijken, goed voor de leefbaarheid. Het Leefbaarheidsteam is actief op sociaal vlak en de wijkoverleggen, meest in de buitenruimte en ruimtelijke ordening. Bijvoorbeeld, nieuwbouw en de routes van bouwverkeer en input, voor de uitwerking voor Nota Groen.
Nu is het wijkoverleg bezig met de aanpassingen van het HOV, Patrick Noot spreekt daarover nu in de andere commissie. Wij pakken het, de HOV-aanpassingen zelf actief op door in overleg te gaan met de ambtenaren, de wethouder, informatiebijeenkomsten van de bewoner, voor de bewoners bij te wonen. Ook in gesprek met de raad te gaan, zoals vanavond. In oude vorm van het wijkoverleg was dit gemakkelijker, vanwege de directe koppeling tussen de ambtenaren en wethouders, via de wijkregisseur. Veelal, in eerste instantie naar aanleiding van het overleg en de notulen. De mensen die al jaren met ons meedenken zijn in ieder geval zeer betrokken. Zij vormen de vaste groep van ons wijkoverleg, met ieder zijn eigen expertise. Daarnaast hebben we werkgroepen, lucht en geluid, groen, zwerfafval, verkeer en mensen, die aanhaken per project. Maar dit weet u inmiddels ook. Wijk West is gestart met de proeftuin, dat was een hele stap. We hebben inmiddels één vergadercyclus gehad. Dan bedoel ik, een vergadering met voorbereidingen en na-evaluaties. Wooncompas en de politie waren niet aanwezig, omdat zij niet uitgenodigd waren. Fase was wel aanwezig, evenals de buurtpreventie, zij hechten veel waarde aan de wijkoverleggen. We hadden een goede, constructieve vergadering. Volgens de papierwinkel, die onderdeel is van de proeftuin, moeten wij hiervoor nu aparte formulieren invullen.
De evaluatie hebben wij mondeling gedaan, zoals afgesproken. Maar de wijk contactfunctionaris heeft toch de formulieren ingevuld, die inmiddels, die wij inmiddels hebben gecorrigeerd. Vullen wij deze formulieren niet in? Dan geen proeftuin. Wij voelen niets voor het extra werk. Dat zouden jullie ook niet moeten willen. We gaan twintig jaar terug in de tijd. Maak ons weer gesprekspartner, ondersteun ons, zodat we samen, de gemeente en het wijkoverleg weer kunnen werken aan een mooie en prettige, leefbare wijk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Noot. Ik zat nog op de tijd te letten, want u heeft nog ruimte. Maar goed, u bent klaar. Zijn er commissieleden, die vragen willen stellen? Dat is aan de orde. De heer Coule, Burger op 1. De heer Coule: Dank u wel, voorzitter. Bedankt voor het inspreken. Wat ik mij afvraag is, waarom vindt u het zelf belangrijk, dat er goede wijkoverleggen zijn? De voorzitter: Mevrouw Noot. Even graag, uw lampje aandoen. Mevrouw Noot: Waarom ik het zelf belangrijk vind? Ja, ik vind het prettig als we geïnformeerd worden over de voorstellen in de raad, betrokken worden met de start, via de startnotities. Zodat, we vooraf kunnen meedenken met en erover discussiëren en dan een advies kunnen geven. De voorzitter: Ja, wilt u dan uw lampje nog heel even uitdoen? Mevrouw Ripmeester, PvdA. Pagina 6 van 25
Mevrouw Ripmeester: Dank u wel, voorzitter. Mevrouw Noot, als ik dat concept convenant lees, dan staan er dingen in, die nu, die u gevraagd heeft. Zoals inderdaad, een notulist zeg maar en de vergaderlocatie, die praktische dingen. Maar en als ik u hoor, zegt u, ja, wat wij jammer vinden is, dat wij nu veel later onze informatie krijgen. En wij willen graag vroegtijdig, dus bij het opstellen van de startnotitie, daarvoor al, betrokken zijn als experts van de wijk. Heb ik twee vragen voor u. Als, dat was in het verleden ook niet zo, want de gemeente was heel laat altijd met toesturen en daar werd u ook niet, veel te laat betrokken. Dus wat dat betreft, zou dat een verbetering zijn. Bent u het daarmee eens? En de tweede vraag is, als dat nou zo wordt, als nou de, dat convenant iets anders wordt, dat u eerder wordt geïnformeerd, zou u dan daar wel mee kunnen instemmen? Dat dat, dus dat u niet tegelijk met de rest van Ridderkerk wordt geïnformeerd, maar dat u in een eerder stadium echt betrokken wordt, zeg maar. De voorzitter: Mevrouw Noot, even … Mevrouw Noot: Dat zou bijzonder prettig zijn, ja. En dat zullen we zeker erg waarderen. De voorzitter: Dank u wel. Wilt u uw lampje even uitdoen? Zijn er andere commissie, mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Dank u wel. Dank u wel voor uw bijdrage. Vanavond staat de Nota Betrokken Samenleving op de agenda.
En als ik dan uw verhalen hoor en de nota zie, dan ben ik benieuwd, waar in de nota had u dan het wijkoverleg een plek gegund, zodat u zich gezien en gehoord voelt? De voorzitter: Mevrouw Noot, ook graag even uw lampje aan, ja. Mevrouw Noot: Nou, sowieso als platform en dat we ook advies kunnen geven. De voorzitter: Dank u wel. Wilt u even uw lampje weer uitdoen? Mevrouw De Wolff. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Ik heb zelf het idee, dat we daar verleden keer om gevraagd hebben. En dat het college daar ook, dat stuk heeft toegevoegd, dat het zich, dat het dus zo is, wat u daar vraagt. Dus ik ben wel benieuwd, hoe u dat ziet. Als ik dan kijk op bladzijde tien, is bijvoorbeeld expres dat stukje van platforms toegevoegd, waar de wijkoverleggen ook echt benoemd zijn in de bijlage. De voorzitter: Mevrouw Noot. Graag ook even, uw lampje weer aan. Mevrouw Noot: Dat heb ik even niet paraat, daar kom ik later op terug. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er andere commissieleden? Mevrouw Roelofs, Leefbaar Ridderkerk. Mevrouw Roelofs: Ja, ik hoorde u zeggen over de extra administratieve lasten, die er nu waren bij de proeftuinen. Mijn vraag is, is dat niet omdat het nu een pilot is? Of is er al aangegeven, dat dat blijvend is, die extra administratieve last? De voorzitter: Mevrouw Noot. Mevrouw Noot: Dat weet ik niet.
We hebben een gesprek met de wethouder gehad en die vertelde, wat trouwens een heel prettig gesprek was, dat het, dat ze aan het aftasten waren en dat ze gingen kijken, wat goed zou functioneren. Maar toen enige weken later, toen kregen wij opeens een pakketje toegestuurd met Pagina 7 van 25
richtlijnen, dat we dat in moesten vullen. Nou ja, wij hebben altijd goed gefunctioneerd. Ik zie dat niet zitten om te zeggen van, dan ben je hier tevreden over en daar tevreden en gewoon, ik vind dat flauwekul. Dat laatste formulier kan ik me dan wel in vinden, dat je daar de adviezen van de wijk op zet. Maar voor die formulieren, dat, nee, dat dus niet. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er andere commissieleden? Mevrouw Emmerich, Echt voor Ridderkerk. Mevrouw Emmerich: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik hoorde u net zeggen, even ter verduidelijking. Ik hoorde u net zeggen, dat u graag wilde adviseren aan de gemeenteraad. Maar bedoelt u daar misschien niet mee, mee beslissen? Want adviseren stond namelijk al in de nota bij de klank, bij de platforms. De voorzitter: Mevrouw Noot. Mevrouw Noot: Ja, misschien wel. Waarschijnlijk wel, ja. Tenminste, de deelnemers van de wijkoverleggen, die willen inderdaad gelijk, graag meedenken, discussiëren, advies geven en beslissen. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er andere commissieleden, die nog een vraag willen stellen? Dat is niet het geval. Dus dan wil ik u graag hartelijk bedanken voor uw inspreken. 4.
Vaststellen besluitenlijst commissie Samen leven van 4 april 2024 De voorzitter: Dan ga ik nu over naar agendapunt vier, het Vaststellen van de besluitenlijst commissie Samen Leven van 4 april 2024. Zijn er opmerkingen over de besluitenlijst van 4 april? Nee. Dan is deze vastgesteld. Ten aanzien van de actiepunten. Over actiepunt twee kan ik u mededelen, dat de jaarverslagen over klachten in de volgende vergadering wordt geagendeerd. En de overige actiepunten hebben op dit moment geen actualisatie nodig.
5.
Nota Betrokken Samenleving De voorzitter: Dan kan ik nu overgaan naar agendapunt vijf. Ik wil graag vragen, of wethouder Stip en mevrouw Van Kruisberge en de heer De Recht voor mij plaats willen nemen. Het voorstel gaat over de definitieve Nota Betrokken Samenleving. In de vorige commissievergadering hebben we al over het concept gesproken. Het college heeft een en ander verwerkt en nu ligt er een versie voor, die de raad de volgende week zou vast kunnen stellen. Met het vaststellen van deze nota beschikt de gemeente dan weer over actuele kaders en richtlijnen voor participatie. Wethouder Stip, heeft u nog iets toe te voegen? Mevrouw Stip: Ja, voorzitter. Dank u wel. Met veel plezier kijk ik terug op de bespreking van de Conceptnota Betrokken Samenleving in de commissievergadering van 4 april, iets meer dan een maand geleden. Tijdens die vergadering heb ik positieve inbreng over het concept mogen ontvangen en goede suggesties gehoord. Een groot gedeelte van de suggesties is verwerkt in de voorliggende nota, een mooie vorm van participatie. Mochten er naar aanleiding van de definitieve nota nog vragen zijn, dan verneem ik deze graag, voorzitter. De voorzitter: Nou, dan heeft u geluk. Ik ga zo vragen, of er nog vragen zijn vanuit de commissie. Als eerste wil ik een vraag aan de commissie. De inzet is ter debat. Kunt u daarmee instemmen? Dan gaat deze ter debat.
Dat betekent, dat u alleen maar nu technisch inhoudelijke vragen kunt stellen. Welke fracties willen vragen stellen en zo ja hoeveel? VVD, hoeveel vragen heeft u? Ik zie drie vingers. Echt voor Ridderkerk, heeft ook drie. Burger op 1, zes, zeven. ChristenUnie, vier. Leefbaar, één. GroenLinks, geen. PvdA. Hoeveel vragen heeft u, Pagina 8 van 25
PvdA? Acht. Ik kan u anders even vragen, om als eerste te beginnen. Ja, ik dacht, ik ga eens een keer een andere, andere volgorde doen. Dus mevrouw Ripmeester, PvdA, u heeft acht vragen, wilt u ze stellen. Mevrouw Ripmeester: Voorzitter, we hebben afspraken gemaakt hierover. We zouden bij het laagste aantal beginnen. De voorzitter: Volgens mij, heeft een voorzitter ook enige vrijheid hierin, maar vooruit. Leefbaar Ridderkerk, u heeft één vraag. Mevrouw Roelofs: Dankjewel. In het raadsvoorstel wordt de motie Digi… van 2022 nummer 17, digitale participatie per wijk, als afgedaan beschouwd. Nou, daar zijn we het niet mee eens. Het is een zeer beperkt, de, er wordt genoemd, een aantal onderdelen, die op Like je wijk aanwezig zijn, die zijn verwerkt in de Uitagenda. Dan wordt er daarna vernoemd, naar een aantal Facebook-groepen. Maar die hebben geen relatie tot de gemeente, hebben wij het, het is gewoon individuele Ridderkerkers, die een pagina hebben geïnitieerd en die niet altijd open zijn. En wij nou, ja, missen gewoon echt participatie. Ook de terugkoppeling, positieve ideeën die er in Like je wijk wel mogelijk zijn, om per wijk te benoemen. De Uitagenda, daar kan je op wijk wel wat selecteren, maar dan krijg je eigenlijk alleen maar activiteiten te zien. En er is geen ja, actieve mogelijkheid om dingen te delen vanuit te rijk. Dus we zien hem, als niet afgedaan.
De voorzitter: Dank u wel. Ik zit eventjes, nog even met mijn assistent te converseren. Mijnheer Slingerland, kunt u even toelichten, wat u net mij zei? De heer Slingerland: Ja, er was even wat onduidelijkheid over het proces. Als er een, als het college een raadsinformatiebrief stuurt, waarin ze berichten over de uitvoering van een motie en daarin aangegeven, dat ze de motie als afgedaan beschouwen, dan komt hij eerst in de commissie. En is er dan niemand tegen die afdoening, dan is de motie daarmee afgedaan. En anders, wordt hij besproken in de raad. In dit geval is het zo, dat het college een voorstel doet aan de raad, om de motie af te doen. Dat betekent, dat hij eigenlijk direct naar de raad gaat. En op moment, dat dus dat besluit niet wil nemen, dan zal een amendement moeten worden ingediend in de raadsvergadering volgende week. De voorzitter: Dank u wel. Nou, zelfs een voorzitter leert zo weer eens wat. Dus ik denk, dat Leefbaar Ridderkerk dit mee gaat nemen, verwacht ik zomaar. Ja, je moet toch wat. Dan wil ik nu graag … VVD, had u geen, u had drie vragen. Wilt u die gaan stellen nu, op dit moment. Kan alle drie tegelijkertijd denk ik, tenzij het hele uitgebreide vragen zijn. Twee en één, oké, ook prima. De heer Ringlever: Ja, dank u wel, voorzitter. In de vorige commissievergadering toen we deze nota bespraken, hebben we het gehad over tijdslijnen.
Die werden toen online gepubliceerd, daar had de wethouder het over. Maar ik zie ze niet specifiek in de nota terugkomen. In de nota op bladzijde negen wordt er gesproken over een projectenpagina, ik ga misschien uit, dat dat het is, wordt deze actueel en transparant bijgehouden en online gezet door de gemeente, natuurlijk. Moeten we dan denken aan een tijdlijn, waar stap voor stap er wordt bijgehouden waar de gemeente nu is? En vraagt twee. Op bladzijde elf, van inwoner naar gemeente zegt het, dat, de gemeente biedt initiatiefnemers in deze fase, voorbeelden, tips, tools, ter inspiratie. Zou u voor mij specifiek kunnen maken, wat voor tips en tools er gebruikt, waar gebruik gemaakt kunnen worden en hoe deze eruitzien? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Stip.
Pagina 9 van 25
Mevrouw Stip: Ja, dank u wel, voorzitter. Inderdaad bedoelen wij daar de projectpagina mee. Die bevat naast inhoud, ook de tijdlijn. Nou, neem als voorbeeld bijvoorbeeld, de bouw van een school. Wanneer nou ja, de aanbesteding start bijvoorbeeld, wanneer de start bouw is, wanneer ze uit de tijdelijke huisvesting gaan. Nou, dat wordt allemaal up to date gehouden. Samen met ook de communicatie, die we naar buiten brengen. Dus zo zit dat inderdaad in de projectpagina's en zo hebben we hem in de rode tekst opgenomen. Op bladzijde elf, wat voor tools en tips wij aan inwoners geven voor participatie. Nou, daar is ook het tabel op ongeveer de een na laatste pagina, een voorbeeld van, wat gebruikt kan worden. Maar er zijn ook voorbeelden van, dat we nou ja, samen iets bijvoorbeeld met de inwoner opzetten. Zo hadden we als initiatief de buurtmoestuin. Nou, daar hebben een buurttent omheen georganiseerd. Dus op die manier kijken van, wat is passend, waar kunnen we eventueel mee helpen? En inwoners kunnen natuurlijk ook creatieve ideeën hebben. De voorzitter: Dank u wel. De heer Ringlever, VVD. De heer Ringlever: Ja. Er wordt natuurlijk in de nota ook gesproken over een coördinator. Is dat ook daar de taak van, om daar een gesprek met de inwoner die tips en tools te bespreken en kijken of er dat in de praktijk, maar ja, dat is misschien wat ze kan doen. De voorzitter: Wethouder Stip.
Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. De wijk contactfunctionarissen, die zijn echt spin in het web in de wijk, die gaan de wijk in. De coördinator Participatie, die zal vooral inderdaad in de gaten houden van, het beleid verder brengen en van, welke tools zijn er beschikbaar? Dus dat zal een wisselwerking zijn. De voorzitter: Dank u wel. De heer Ringlever, zijn daarmee al uw vragen beantwoord? Ja, ik dacht al, waarom stelt u hem niet gelijk? Maar goed, ga uw gang. De heer Ringlever: Ja, ik mag niet meer zeggen, dat ik nieuw ben, dus ik ga dat ook niet doen. Ja, eventjes over de right to challenge. In de, in het raadsvoorstel wordt dit genoemd en dat is, bij de Eerste Kamer ligt. Zoals u vandaag heeft gemerkt, is, komt er waarschijnlijk een nieuw kabinet aan en er zijn natuurlijk veranderende politieke verhoudingen. Dus ik vroeg, kon eigenlijk aan de wethouder vragen, of zij kan toezeggen als het niet er doorheen komt, dit alsnog hier in te voeren? De voorzitter: Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. Ja, wij zullen eerst sowieso de wetgeving afwachten. Maar we hebben ook in het raadsvoorstel twee verordeningen genoemd, die gedateerd zijn. Dus die zullen sowieso een update nodig hebben, waarvoor we dus eerst wachten, wat de ontwikkelingen van de wetgeving doen. De voorzitter: Zijn daarmee uw vragen voldoende beantwoord, VVD? Dat is aan de orde.
Dan ga ik nu naar Echt voor Ridderkerk. Mevrouw Emmerich, u had drie vragen. Kunnen ze alle drie tegelijkertijd gesteld worden, of wilt u twee om één? Mevrouw Emmerich: Van mij mag het alle drie tegelijkertijd. Dank u wel, voorzitter. In de zogenoemde gereedschapskist van de instrumenten is opgenomen, dat een klankbordgroep mag meebeslissen en dat online bijeenkomsten mogen mee coproduceren en ook meebeslissen. Maar bij de platforms houdt de participatie op bij, adviseren. In deze platforms zit over het algemeen veel kennis en veel kunde en veel betrokken inwoners. Waarom is ervoor gekozen, om die platforms niet op te nemen in de laatste kolommen, Pagina 10 van 25
het meebeslissen en de coproductie? Welke importantie kent u dan toe aan deze platforms? De tweede vraag, het meebeslissen via een online bijeenkomst. Hoe ziet u dat voor u, hoe wordt dat vormgegeven? En als derde. We hebben zojuist gehoord van mevrouw, mijnheer Van der Staay en mevrouw Noot, dat de informatie niet meer worden toegezonden aan de wijkoverleggen. Ik vraag me af, op welke basis die informatievoorziening is opgeschort en of dat eventueel weer kan worden opgestart?. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. U bent zich er wel van bewust, dat het convenant geen onderdeel van deze nota is hè? Dus het is aan wethouder Stip, of zij de laatste vraag wil beantwoorden, ja of nee. Wethouder Stip, mag ik u het woord geven. Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. Inderdaad staat er bij de klankbordgroep, meebeslissen. Daarin kan in de breedte elke woon, inwoner uiteindelijk bijvoorbeeld een rol spelen. Of zij ook in een ander platform actief zijn, dat maakt in die zin niet uit. Dus op die manier zou een inwoner, die aan het wijkoverleg deelneemt, ook aan een klankbordgroep deel kunnen nemen. En die is dan bijvoorbeeld specifiek voor een project. De bijeenkomst met meebeslissen, online. Ja, hoe dat … Wij hebben daar nog niet heel veel voorbeelden van in de ervaring. Dat zijn vooral fysiek bijeenkomsten geweest.
Maar ja, we hebben in de coronatijd ook gezien, dat online bij elkaar komen ook werkt. Hoe meebeslissen in die vorm nou, passend is, dat zullen we ervaren als we projecten aangaan waarvan we zeggen, kijk, nu is meebeslissen, bijvoorbeeld ook met een speeltuin wordt het A of B, maar dan is het vaak toch digitaal. Maar het zou ook kunnen, dat daar een stemming is via een online bijeenkomst. Dat je daar bijvoorbeeld een stemming neerzet. Maar ik heb geen exact voorbeeld vanuit het verleden, dus dat is echt iets voor in de toekomst. En dan de laatste. Ja, voorzitter, dus dan gaat het inderdaad inhoudelijk over het convenant. En zoals ik ook de vorige commissie heb aangegeven, komt er een raadsinformatiebrief over de proeftuin. Met ook als bijlage onder andere, het convenant. De voorzitter: Dank u wel. Zijn, mevrouw Ripmeester, PvdA. Mevrouw Ripmeester: Mag ik reageren op de laatste opmerking van de wethouder? De voorzitter: Als het een stapelende vraag is. Het gaat er debat, dus het is alleen maar technisch inhoudelijk. Mevrouw Ripmeester: Verduidelijkende vraag. De raadsinformatiebrief komt voor de zomer. Sinds ik hoorde van mijnheer Van der Staay, dat het, in 2022 zijn de wijkoverleggen stopgezet, waarom kan deze, kon deze brief niet eerder? Want dit is nu wel, loopt wel heel lang uit. De voorzitter: Zoals ik net al aangegeven heb, dat convenant is geen onderdeel van deze nota.
Dus ik geef nu even mevrouw Stip de vrijheid, of ze daar wel of niet op wil of kan antwoorden. Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. Zoals ook de inspreker aangaf, volgt er nog waardevolle informatie. En daar wachten wij op, om dat mee te nemen, zodat we ook in de breedte over de deelname van de proeftuin kunnen spreken. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Emmerich, zijn daarmee uw vragen voldoende beantwoord? Dat is niet het geval. Mevrouw Emmerich: Ik wil nog even, dank u wel, voorzitter. Nog even ter verduidelijking. U zei net, dat meebeslissen via een online … Het staat tussen haakjes, dus het kan ook een fysieke bijeenkomst zijn. Daar hebben we nog geen ervaring mee. Maar het kan dus zo zijn, dat het een keuze wordt, of meestemmen tussen Pagina 11 van 25
A en B. Is dat dan iets, wat dus in een later stadium pas wordt toegepast? Want als je moet kiezen tussen A en B, ligt er waarschijnlijk al een voorstel. De voorzitter: Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. Dan kom ik weer een beetje met mijn klassieke voorbeeld van, bijvoorbeeld de speeltuinen. Waarbij eerst een andere trede van de participatieladder wordt gevraagd, om nou ja, van, wat zou je in deze speeltuin willen zien? Dat wordt meegenomen, dan wordt er een ontwerp gemaakt. En dan worden er twee ontwerpen gemaakt en dan is het meebeslissen. Dus dan heeft er eigenlijk al wel, een traject ervoor plaatsgevonden. De voorzitter: Zijn uw vragen voldoende beantwoord? Dank u wel. De heer Coule, u heeft een stapelende vraag? De heer Coule: De online bijeenkomsten, die kunnen dan beslissen. Maar waarom zouden dat de wijkoverleggen, dan niet kunnen? De voorzitter: Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Voorzitter, hier is gekozen, om de platforms tot adviseren te hebben. En zoals ik aangaf, kan een inwoner die ook bij een platform deelneemt, ook aan die online bijeenkomst, bijeenkomst of bijvoorbeeld klankbordgroep deelnemen. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nu over naar de ChristenUnie, u heeft vier vragen. Mevrouw De Wolff, zou u ze twee om twee willen stellen? Mevrouw De Wolff-ter Beek: Ja. Dat ga ik doen, voorzitter.
Als eerste dank, dat wij ook echt feedback, die we hebben gegeven terugzien in de bijstelling. Dat is mooi. Er bleef bij mij wel een vraag nog hangen. Wij vroegen natuurlijk, of die platforms een zicht, meer zichtbare plek konden krijgen. Nou, dat is gedaan door die paar zinnetjes. Ik vertel even een casus, waar ik het, zelf geen antwoord op weet. Stel nu, we hebben een heel mooi park in Ridderkerk en we besluiten, daar wat aan te gaan veranderen. En er zijn tien inwoners en die vinden dat geen goed idee. Dan is er vervolgens een platform, wat dat dan ook is en die vindt het een keigoed idee. En college vindt het uiteraard ook een goed idee. Maar hoe ga je dat nou met elkaar wegen? Tien inwoners, één platform. Hoe verhoudt zich dat tot elkaar? Dus die weging van input, dat is één. Het tweede is. We hadden gevraagd of die gereedschapskist hè, al die participatie instrumenten, of die apart per lijn konden worden weergegeven. U gaf toen al aan van, nou, dat hebben we geprobeerd, maar heel ingewikkeld. Wat is daar nou zo ingewikkeld aan? Want het lijkt ons zelf heel handig, dus nou, tot, hoe bent u tot die keuze gekomen? De voorzitter: Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. Ik begin gelijk met de laatste, want die heb ik niet opgeschreven. Dat was inderdaad, dan werd het een nou, ontzettend grote tabel.
En je geeft dan eigenlijk niet de plek, dan kan het ook lijken, alsof je de inwoner beperkt tot deze instrumenten. Maar de inwoner kan natuurlijk veel meer instrumenten dan deze, inzetten. Dus vandaar hebben we gekozen, om tekstueel aan te geven, nou ja, dat als zij van gemeentelijke kanalen die hiertussen staan, want dat is weer het verschil, een inwoner kan niet altijd onze gemeentelijke kanaal gebruiken. En dat ligt er weer aan, welk participatietraject het is. Vandaar hebben Pagina 12 van 25
we tekstueel erin verwerkt, zodat je niet te veel uitzonderingen op een heel groot tabel moet geven. En de eerste vraag, ja, hoe weeg je het af, of het inderdaad een platform is of inwoners? Het kan natuurlijk inderdaad zijn, dat bijvoorbeeld tien inwoners stevig tegen zijn en nou, negentig vinden het een geweldig idee. Dat zal toch echt onderwerp afhankelijk zijn. Want als die overlast voor die tien bijvoorbeeld dusdanig groot is, kan het nog steeds een afweging zijn van nou, dit heeft een te grote impact op deze inwoners, dus we zullen deze kant niet op moeten gaan. Dat zal echt per onderwerp bekeken moeten worden. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw De Wolff, u had nog twee vragen. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Ja, ik heb eerst, ook hier nog een doorvraag over. Die snap ik, dat van inwoners, want die zijn dan van gelijke orde. Maar ik bedoel meer een platform, die dan ook vaak een groep mensen achter zich heeft. Weegt dat nou anders, het besluit wat een platform neemt, dan nou ja, tien inwoners of honderd inwoners of, hoe ga je dat nou bepalen als college? En dan de twee andere vragen. Als je kijkt bij de trede meebeslissen en als je dan een rondje maakt door de verschillende gemeentes in Nederland, dan zie ik daar ook steeds vaker het burgerberaad bij komen. Nou, als ik nu het goed interpreteer, is klankbord een begin van burgerberaad.
Behalve, dat we daar dan nog niet de mensen zelf voor kiezen. Maar ik zou toch wel graag willen horen, hoe kijkt u aan tegen het burgerberaad? En dan als laatste, even kijken hoor. Oh ja. We hebben echt een aantal prachtige voorbeelden van participatie op allerlei, op alle drie de lijnen. En ik zou zo graag willen, dat we met dit beleid nou ja, veel ambitie tonen en dat ik, over drie jaar dat we dan nog meer van dat soort voorbeelden hebben. Dus dat we niet blijven hangen bij de Botterhof, bij de Knarrenhof, bij nou ja, de speeltuinen, die inderdaad gewoon prachtig zijn. Hoe ziet u dat dan met dit beleid, dat dat dan tot uiting komt? Want dat vind ik zelf nog een beetje moeilijk om te zien. De voorzitter: Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. Ja, en die vergelijking met de platforms, het is echt een lastige. Daar is niet echt één weg in nou ja, vast te leggen. Kijk, heb je een ondernemersplatform en gaat het over de economische visie, dan is natuurlijk heel waardevol, wat de ondernemers daarvan vinden. En toch, zal dat dan weer constant afwegen zijn, wat is het vraagstuk en welke belangen spelen hierin mee? Dus daar kan ik niet één richtlijn in geven en dat zal gewoon een zoektocht zijn. Klankbordgroep versus burgerberaad.
Nou, ik denk dat het mooi is, waar wij in ieder geval naar willen kijken is, met zo’n klankbordgroep, dat het niet ook altijd per se dezelfde hoeft te zijn. Omdat je juist een brede groep aan inwoners wil bereiken, kan het ook zo zijn, dat je voor een bepaald onderwerp nou ja, een klankbordgroep vraagt en dan voor een ander onderwerp, weer een klankbordgroep. Maar niet altijd per se steeds dezelfde inwoner vraagt, zodat ook degene die alleen in een bepaald onderwerp geïnteresseerd is, wellicht wel die laagdrempeligheid voelt om mee te denken. Dus ik denk dat het juist mooi is, om daar een beetje die dynamiek in te hebben. Dan de voorbeelden van, we, nou, hebben hier een aantal voorbeelden in genoemd. We proberen ook steeds meer voorbeelden naar buiten te brengen. En in het raadsvoorstel, we hebben ook aangeven, dat we jaarlijks een raadsinformatiebrief willen sturen. Zodat we ook een wat breder beeld kunnen geven van, waar we nou allemaal in participeren en welke tredes daar worden gekozen en dergelijke. De voorzitter: Mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Allerlaatste kleine doorvraag. Een burgerberaad is bij mijn weten, echt een groep mensen, die eigenlijk gewoon getrokken wordt door loting, waarmee dat dus ook elke keer een andere groep is. En nou ja, misschien hoeft de wethouder er ook niet eens antwoord op te geven. Maar volgens mij, is dat
Pagina 13 van 25
wel echt nog een stap verder als een klankbord. En nou ja, ik zou het ambitieus vinden als we daar toch onderzoek naar zouden gaan doen, om daar naartoe te groeien. De voorzitter: Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. Ja, dat idee is natuurlijk ook wel eens met verschillende onderzoeken gebeurd. Dat is eigenlijk het steekproef idee. Net zoals, waar staat je gemeente? Dus ik, we hebben dat wel op verschillende manieren gedaan en dat is ook weer afhankelijk van het onderwerp en soms ook een onderzoeksbureau, waarmee je werkt. Dat je zegt van, nou, voor dit onderwerp is een steekproef bijvoorbeeld handig van, zulke leeftijden. Dan wordt dat ook wel eens ingezet. De voorzitter: Dank u wel. Zijn uw vragen voldoende beantwoord? Dat is aan de orde. Dan ga ik nu het woord geven aan de heer Coule. U had zeven vragen. Zijn dat er nog steeds zeven? De heer Coule: Dank u wel, voorzitter. Nee, ik denk, dat er wel een stuk minder al zijn geworden. Ik moet er even doorheen lopen, om te kijken hoever we uitkomen, maar het zijn er in ieder geval minder. Ik denk, dat ik ongeveer op vijf uit ga komen, tot … De voorzitter: Zou u ze in ieder geval wel, twee om twee om mee te starten? De heer Coule: Ik ga ze in hapklare brokken geven. De eerste vraag is, de insprekers van 4 april, de voorzitters van de wijkoverleggen hebben gevraagd, om de wijkoverleg oude stijl.
Waarmee bedoeld wordt, de, echt gesprekpartners van de gemeente te zijn. Hier is voor de rest helemaal niks mee gedaan, dat is alleen nu, een structurele participatie. Waarom is het op die manier behandeld? Waarom is de mate van invloed van de platforms niet aangepast naar meebeslissen, maar die van de klankbordgroep en online bijeenkomsten juist wel aangepast naar meebeslissen? Wat is daar de beweegreden voor? Dat zijn de eerste twee, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. De raad heeft de startnotitie vastgesteld voor dat, voor de Nota Betrokken Samenleving, waar we in ook hebben genoemd, dat de convenanten buiten deze nota vallen. Dus vandaar, is het ook niet meegenomen. De platforms niet meebeslissen. Zoals ik aangaf, wij zien de klankbordgroep en de online bijeenkomsten als mogelijkheden voor iedere inwoner. Dus of je lid bent van een platform, ook dan kan je meebeslissen via bijvoorbeeld een klankbordgroep of een bijeenkomst. De voorzitter: Dank u wel. Wilt u de volgende twee vragen stellen? Mijnheer Coule, Burger op 1. De heer Coule: Dank u wel, voorzitter. Dat wil ik zeker. In die commissie is ook een aantal keer aangegeven, dat ons niet duidelijk is waarom een enquête en sociale media wel mogen meebeslissen.
Waarom is dat niet aangepast naar bijvoorbeeld raadplegen? En mijn volgende vraag is, hoeveel wijkfunctionarissen, wijk contactfunctionarissen hebben we nu en hoeveel fte is dit? En dat is het op dit moment heel even, de volgende twee. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. Enquête en sociale media. Die hebben we op meebeslissen staan, ook omdat nou, in deze tijd juist deze kanalen ook heel goed werken. En dat ervaren we ook met verschillende participatietrajecten, waar we nu meebeslissen. Bijvoorbeeld, onlangs was de gemeenteapp, de keuze voor de Pagina 14 van 25
stijl van de nieuwe gemeenteapp A of B. Nou, de meeste stemmen gelden. Dus uit mijn hoofd was het volgens mij, B. Maar dat weet ik, vijftig procent kans, dat ik het goed heb. Maar die is ook gekozen om uiteindelijk de nieuwe gemeenteapp vorm te geven. Dus daar hebben we goede ervaringen mee en hebben we die ook, naar verzoek van andere partijen ook erin gehouden. De wijk contactfunctionarissen. Exacte aantal uren heb ik niet paraat, maar we hebben twee wijk contactfunctionarissen, die beiden meerdere dagen werken. De voorzitter: Dank u wel. De heer Coule, u heeft dan nu nog één vraag over, of was dit het? De heer Coule: Dank u wel, voorzitter. Nee, ik heb nog één vraag, die ik wel … Even kijken hoor, moet heel even zeker weten, dat het inderdaad nog maar eentje is. Ja, het meebeslissen via sociale media. Die zou ik toch erg graag nog een keer uitgelegd willen krijgen, in verband met het participeren. Het is in, het gaat tenslotte om het betrekken van burgers bij overheidsbeleid. De voorzitter: Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Ja, voorzitter. Daar was mijn vorige voorbeeld aan gekoppeld. Dat was via Instagram, had je bijvoorbeeld een poll, dat je A of B kon kiezen. En ook via Facebook. Dus dan kon je op A of B stemmen en op die manier, besliste je mee met het ontwerp. De voorzitter: De heer Coule, Burger op 1.
De heer Coule: Maar sociale media staat er nou niet echt bepaald bekend om, om zeer betrouwbaar te zijn. Juist, sociale media. De voorzitter: Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Nou, op sociale media wordt ook gekeken, op welke manier er gestemd wordt, ook onder de volgers. Dus daaruit nou, kunnen wij een, goed een idee halen, hoeveel op A of B stemmen. En vinden wij dat een mooi medium, om zo de inwoner ook te horen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Kramer-Blansjaar. Ik begrijp, dat mevrouw Ripmeester de vraag overneemt. Mevrouw Ripmeester: Ja, anders worden we op de vingers getikt door de voorzitter. Die zegt dan, dat klopt, dat klopt. Mevrouw Ripmeester: Woordvoerder zijn per agendapunt. De voorzitter: U balanceerde op het, op een koordtouwtje. Mevrouw Ripmeester: Ik hoop, dat ik nog een keer de vraag … Mevrouw Ripmeester: Hoe weet de wethouder, wie ze allemaal bereikt? Want ik denk, dat niet alle leeftijden via social media bereikt worden. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Stip.
Pagina 15 van 25
Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. Nee, daarom wordt sociale media vaak als een onderdeel van, uitgezet en worden er ook meerdere instrumenten gekozen vanuit de lijst. Om juist in de breedte, de doelgroepen te bereiken. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Coule, Burger op 1, zijn daarmee uw vragen voldoende beantwoord? Dat is het geval. Dan ga ik nu graag over naar PvdA. U gaf aan, acht vragen te hebben. Zijn dat er nog steeds acht? Mevrouw Ripmeester: Nee, het zijn er inmiddels minder. De voorzitter: Zou u ze twee om twee willen stellen? Mevrouw Ripmeester: Is goed. De eerste vraag is, worden alle platforms op hetzelfde moment geïnformeerd c.q. betrokken bij het beleid? Dat was een punt van de insprekers. Dus krijgen de leefbaarheidsteams op hetzelfde moment de informatie als de wijkoverleggen? Dat is mijn eerste vraag. Mijn tweede vraag is, de leefbaarheidsteams sloten altijd aan bij de wijkoverleggen. Maar die we gaan nu, worden nu gekoppeld aan de buurttenten. Kan de koppeling met het wijkoverleg worden hersteld? Mijn, twee, hè? Dank u wel. De voorzitter: Ja, zeker. Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. Op welke manier platforms geïnformeerd worden, dat is verschillend per convenant of samenwerking van alle platforms, die in het overzicht staan. En de tweede, ja, het convenant valt hier in die zin buiten.
Maar, wat ik in ieder geval kan aangeven is, dat in dat convenant wat u heeft kunnen lezen of de beantwoording van de vragen, daar staat ook in aangegeven, dat het wijkoverleg vrijstaat elke organisatie uit te nodigen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Ripmeester, PvdA, wilt u uw volgende twee vragen stellen? Mevrouw Ripmeester: Ja, voorzitter, dat wil ik. Ik begrijp dus, dat de platforms op verschillende manieren of op verschillende tijden en op verschillende manieren, worden geïnformeerd. Want het, inderdaad, het convenant bespreken we niet, maar wel de positie van de verschillende platforms. Mijn volgende vraag is, die bewaar ik nog even. Als u verschillende participatie instrumenten in gaat zetten, dan bereikt u verschillende groepen per instrument. Gaat u dan bij de startnotitie ook aangeven, welke mix van instrumenten u gaat inzetten? Zodat we op dat moment al inzicht hebben, over de richting waar uw gedachten naar uitgaan? En mijn vierde vraag is buurttenten lijken nu vrij spontaan te ontstaan. Dat is waarschijnlijk niet zo. Maar worden buurttenten ook opgenomen in een jaarplanning? Zodat ik, we nu al weten, dat in oktober de buurttent in nou, noem een wijk, komt te staan. Twee? De voorzitter: Dat klopt. Hoeveel vragen heeft u nog? Stelt u die dan ook maar gelijk. Mevrouw Ripmeester: Dank u wel, voorzitter.
Ik ben heel benieuwd, hoe u nu bepaalt hoe participatie vormgegeven wordt? Dat is naar aanleiding van de R-netbijeenkomst, waar heel veel inwoners actief hebben geparticipeerd. Dat, daar waren ook alle mogelijkheden toe en daar was heel veel informatie en de wethouder was er, mensen konden vragen in die, indienen. Maar niet alle mensen hebben antwoord gekregen op hun vragen, niet alle mensen hebben een mail teruggekregen van, waar ze hun antwoorden kunnen vinden. Toen dacht ik, ja, we hebben het vanavond over participatie. Dit is recent gebeurd. Hoe gaan we dat dan, sowieso beter doen. Maar waar is die weging gemaakt, wie wel of niet en in welke manier, mate geïnformeerd wordt? Dank u wel, voorzitter. Pagina 16 van 25
De voorzitter: Wethouder Stip, mag ik u vragen, deze laatste drie vragen te beantwoorden? Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. Ik begin eventjes bij de laatste. Als dit beleid uiteindelijk wordt vastgesteld door de raad, gaan we natuurlijk hier hard mee aan de slag. Waaronder, ook met de coördinator participatie, die ook voorgesteld wordt in het raadsvoorstel. Om zo nog meer te kunnen borgen in de breedte, dit beleid door te gaan voeren. Ook onder alle afdelingen en dergelijke. En dan zullen we niet binnen één dag een perfecte wereld hebben gecreëerd, maar willen we die stappen zetten, om daar steeds beter in te worden. Waarbij terugkoppeling dus een ontzet, belangrijk factor, zoals genoemd in het beleid. De startnotitie, of daar al een mix van instrumenten wordt voorgesteld? Nou ja, dat is afhankelijk van welke, over welk onderwerpen de startnotitie gaat. Daar staat natuurlijk altijd opgenomen van, hoe zijn we van plan met participatie verder te gaan. Soms wordt er bijvoorbeeld ook een bureau voor ingehuurd. Maar het staat natuurlijk altijd vrij, om als raad zijnde bij een startnotitie, daar verdere input op te geven. Als dat niet voldoende wordt er, als voldoende wordt ervaren. Dan de buurttenten. Nou, er wordt inderdaad veel voor uitgedacht met de buurttent en tegelijkertijd, proberen we dat ook een stukje dynamisch te houden.
Om te kijken van, wat speelt er in de wijk en aan welke bestaande evenementen kunnen we mooi een buurttent koppelen? Zodat we ook die inwoner bereiken, die normaal wellicht niet gelijk op stap zou gaan voor een participatie bijeenkomst, maar wel bij die activiteit aanwezig is. Dus er wordt inderdaad een deelte vooruit gewerkt, maar ook een stukje flexibiliteit, om zo op de ontwikkelingen in te kunnen spelen. De voorzitter: Mevrouw Ripmeester, zijn uw vragen voldoende beantwoord? Ik zag uw vinger. Dus ik neem aan, dat u nog even het woord wil. Mevrouw Ripmeester: Dank u wel, voorzitter. Ja, over die, dat vooruit plannen van de buurttent. Waar kunnen mensen die informatie ophalen, bij de UITagenda of bij een … Waar haal je de informatie op, wanneer is de buurttent in mijn wijk? De voorzitter: Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. De eerste buurttent staat al vermeld op de UITagenda. Dus daar kunnen inderdaad, de buurttenten teruggevonden worden. De voorzitter: Dank u wel. Zijn daarmee uw vragen voldoende beantwoord? Dat is het geval. Dan is de vraag aan de commissie, is de commissie nog steeds van mening, dat dit agendapunt ter debat moet? Dat is het geval. En hoeveel tijd denkt u nodig te hebben? Eén minuut is wel heel weinig, hoor. Ja, dat, ik zag twee, drie, drie, twee, twee. We zien de meeste drie, dus we gaan voor drie minuten. Totaal zestig minuten.
Kunt u daarmee uit de voeten? Eerste termijn, reactie college, tweede termijn, totaal zestig minuten? Dan zetten wij hem op zestig minuten. Dan wil ik mevrouw Van Kruissen en de heer De Regt bedanken, dat zij de wethouder hebben geassisteerd. Of, ondersteund. 6.
Benoeming Raad van Toezicht-lid OZHW De voorzitter: Dan wil ik graag overgaan naar agendapunt zes. Wethouder Stip, u blijft gelukkig nog even zitten. Onderwerp is, de benoeming van een lid van de Raad van Toezicht van de Stichting OZHW voor primair onderwijs en voortgezet onderwijs. De inzet is ter vaststelling. Kunt u daarmee instemmen? Dat is het geval. Wethouder Stip, heeft u nog iets toe te voegen? Dat is niet het geval. Zijn er vragen vanuit de commissie? Dat is niet het geval. Blijft de commissie van mening, dat het ter vaststelling kan? Ik moet het formeel vragen. Dus ik snap, dat u in deze snelheid het misschien een overbodige vraag vindt, maar hij gaat ter vaststelling. Pagina 17 van 25
7.
Wijziging gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond De voorzitter: Agendapunt zeven. Wethouder Stip, dank u wel. Dan wil ik vragen, om burgemeester Oosterwijk, of hij voor mij plaats wil nemen. Onderwerp is, de Wijziging gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond. Meer concreet, het verlenen van toestemming aan het college, voor het wijzigen van de gemeenschappelijke regeling. In een notitie van de commissiegriffier heeft u kunnen lezen, dat de burgemeester als bestuursorgaan niet deelneemt aan de gemeenschappelijke regeling en deze dus ook niet, hoeft vast te stellen. Ik hoor graag straks van u, of u kunt instemmen met de tekst van het commissieadvies aan de raad. De inzet is ter vaststelling, kan de commissie hiermee instemmen? Dat is het geval. Burgemeester Oosterwijk, heeft u hier nog wat aan toe te voegen? De heer Oosterwijk: Nou, niet heel veel, voorzitter. Het is bekend, dat eind december de zienswijze vanuit de gemeenteraad is verstuurd. U heeft kunnen lezen, dat hij op zijn inhoud volgens mij, grotendeels is overgenomen. Voor het ene deel, waar het niet overgenomen is, reeds geborgd is via de WGR. Daarmee is voor mij weer helder, dat een zienswijze indienen ertoe doet. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er vragen vanuit de commissie? Mevrouw Ripmeester, PvdA. Mevrouw Ripmeester: Dank u wel, voorzitter.
Ja, één vraag, misschien ten overvloede. Maar er werd gesteld, dat de stukken niet naar de raad gestuurd worden, maar actief gepubliceerd worden en dan, dat de colleges actief geïnformeerd worden. En gaat het college dan op zijn beurt, actief de raad informeren? De voorzitter: Ik ga vragen aan burgemeester Oosterwijk, of hij hier actief op kan antwoorden. De heer Oosterwijk: Nou, het is volgens mij vrij simpel, voorzitter. Actieve informatieplicht is denk ik, een groot goed. En daar waar het college stukken zou ontvangen, die ook voor de raad relevant zijn, sturen we die natuurlijk op die manier graag toe. Klip en klaar. De voorzitter: Ik zie, dat het antwoord helder is. Dan kan ik … Er zijn geen spijtoptanten, dat er nog een vraag gesteld moet worden? Dat is niet het geval. Is de commissie nog steeds van mening, dat deze, dit voorstel ter vaststelling kan? Dat is het geval. En kunt u ook instemmen met de tekst van het commissieadvies aan de raad? Dat is ook het geval. Nou, dank u wel, burgemeester Oosterwijk. U mag uw stoel weer verlaten.