CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-04-04-verslag-commissie-samen-leven-ridderkerk.pdf

Commissie Samen leven RK 4 april 2024, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 0: Besluitenlijst en verslag18.569 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Wanneer verwacht de wethouder met het voorstel naar de raad te komen voor behandeling? En de tweede vraag is, die 10 procent van ingevulde enquête is 10 procent respons op enquête. Vindt u dat nou genoeg om daar conclusies uit te trekken? Dat waren de eerste twee. De voorzitter: Helder. Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel voorzitter. Afhankelijk van de input die vandaag allemaal gegeven wordt, gaan wij het bij elkaar halen. En wij hebben er tijd voor ingerekend om daar snel mee aan de slag te gaan. Dus als dat de overzien is kunnen we vrij snel naar de raad. Maar dat is afhankelijk van alle input en wat er voor nodig is om dat te verwerken. Die 10 procent, zoals het bureau ook geconcludeerd heeft is dat ten opzichte ook van elders in het land een mooie respons voor een enquête. Dus, daar hebben we zeker ook conclusies uitgetrokken en meegenomen en daarnaast hebben we natuurlijk al onze ervaringen en evaluaties ook meegenomen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja dank u. Ja, dat zou mij vervolgvraag op de eerste zijn. Vrij snel is dat dan nog voor de zomer? was misschien een beetje flauw. Dat is de intentie? Oké. Dank u.

Waarom wordt het platform wijkoverleg niet benoemd in de vragen in de enquête en met name over de manier waarop men over de toekomst mee wil denken? En waarom is het wijkoverleg in de nota niet genoemd als behalve alleen in de opsomming aan het eind van de nota? Deze nota is toch een opvolger van het participatienota, wijkoverleggen spelen daar in ieder geval een hele belangrijke rol. Ik mis ze echt hierin. Waarom? De voorzitter: Wethouder Stip. Pagina 18 van 31

Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. In de enquêtes is de term inderdaad platforms gebruikt, zoals we dat ook in de startnotitie hebben gebruikt waar ook niet alleen het wijkoverleg onder valt, maar ook bijvoorbeeld het wijk ideeteam, de buurtpreventie en dergelijke. Dus vandaar dat de term platforms is gebruikt. En het is conform de startnotitie dat wij de platforms wel benoemen, maar dat convenanten en de inhoud ervan geen onderdeel zijn van de nota. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1, wilt u uw volgende twee vragen stellen? Mevrouw Van Nes-de Man: Ik wil nog even wat aanvullend doen. Want, het klopt inderdaad dat er over platforms gesproken wordt, maar het begrip platform is niet toegelicht. Waarvan ik denk van, er zijn mensen genoeg die hebben nog zitten zoeken naar wijkoverleggen die denken, ja het staat er niet op, wat dan? Niet Iedereen weet dat een wijkoverleg onder een platform valt simpelweg omdat een hele andere term is dat vind ik wel echt een gemis in de enquête. De voorzitter: Wellicht zo meteen voor de tweede ronde om dat nog even als suggestie mee te geven. Mevrouw Van Nes-de Man: ja. De tweede begreep ik niet helemaal. Dat ging over het convenant en de proeftuin, uw antwoord. Ik kon niet alles meeschrijven. Kom ik anders wel op terug maar, ben in ieder geval blij dat er, en ik hoop echt zeer binnenkort, een RIB over de proeftuinen komt.

Want, dat scheelt mij in ieder geval nu een aantal vragen. De voorzitter: Mevrouw Kramer-Blansjaar, u wilde net ook nog even stapelen. Mevrouw Kramer-Blansjaar: Voorzitter, ik hoorde de wethouder antwoorden platforms en dat de wijkoverleggen uiteindelijk wel genoemd worden. We merken eigenlijk continu dat er gezocht wordt naar wijkoverleggen, naar die terminologie. Wordt er nog over gedacht om dit dan toch te wijzigen om te voorkomen dat mensen denken dat die wijkoverleggen niet meer bestaan of blijven we strak vasthouden aan het woord platforms? De voorzitter: Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel voorzitter. Nou onze insteek in deze conceptversie is geweest om een overzicht van platforms bij te voegen. Maar als er onduidelijkheden heersen, dan hoor ik dat ook dadelijk graag als input. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Wilt u de volgende twee vragen stellen? Mevrouw Van Nes-de Man: Bij de startnotities in het verleden werden wijkoverleggen alsmede participant genoemd. Hoe gaat het nou in de toekomst als deze nota aangenomen wordt? Blijven wij wijkoverleggen dan in de startnotities toch nog benoemd en benadert om vanaf punt startnotitie al mee te denken? En in tabel, de beroemde tabel, pagina 21 met de participatieladder, zien we dat het vooral wordt meebeslissen en dan vooral meebeslissen voor de enquête en meebeslissen via social media.

Hoe moeten we dat laatste zien, meebeslissen via social media? De voorzitter: Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel voorzitter. Ik begin even met de laatste. Dat is bijvoorbeeld, de gemeenteapp was een voorbeeld met meebeslissen want dan kon je kiezen tussen A en B en dat was een poll via sociale media Pagina 19 van 31

onder andere. En de tweede vraag die gaat alsnog in op de inhoud van convenant van een platform en dat valt buiten deze startnotitie. En daarmee heb ik de twee vragen gehad. De voorzitter: Volgens mij begreep ik die vraag net wat anders van mevrouw Van Nes-de Man. Of de wijkoverleggen vanaf het begin mee mogen participeren hè? Dat was volgens mij de vraag. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja klopt. Zoals voorheen altijd in de startnotitie is benoemd. Recent zijn zij ook nog in de startnotitie benoemd alleen niet benaderd. De voorzitter: Alleen wij als raad stellen de startnotitie vast als het er in mist kunt u ook nog een amendement indienen daarvoor. Wilt u uw volgende twee vragen stellen? Mevrouw Van Nes-de Man: Ik wil nog heel graag een uitgebreider antwoord over het participeren via social media. Vooral omdat daar meebeslis momenten in zitten. Als je kiest uit een app van A of B is dat natuurlijk, heeft dat nauwelijks iets met participeren te maken. Dus hoe ziet u dat participeren en uiteindelijk meebeslissen? Want daar gaat het mij om. Je hangt er een zware trede van de participatie ladder aan. Meebeslissen is de hoogste trede en dat doe je via social media. Hoe moet ik dat dan voor me zien? De voorzitter: Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel voorzitter.

Zoals het voorbeeld van de gemeenteapp, de inwoner kiest dadelijk gewoon of de uitstraling versie A wordt of versie B, dus de inwoner beslist. De voorzitter: De meerderheid dan, neem ik aan van stemmen. Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, ik heb dit voorbeeld van die app nu al drie keer gehoord. Ik snap het gewoon echt niet. Dat kleine dingetje begrijp ik maar je hangt er het etiket meebeslissen aan. Dat vind ik een hele zware en dan krijg ik alleen maar elke keer van, ja we hebben een app A en B. Hoe kan je op een andere manier via social media participeren, zodat je uiteindelijk op een eerlijke manier kan meebeslissen? Ik snap dat gewoon niet. De voorzitter: Wethouder Stip. Dank u wel voorzitter. Mevrouw Stip: Dat zijn hedendaagse nieuwe manieren van polls bijvoorbeeld uitzetten via social media. Een poll is stemmen, dus dat kan via sociale media in deze zin. En als daar bepaalde onduidelijkheden heerst, het ligt vandaag ter consultatie, dus dan kan dat ook meegegeven worden. De voorzitter: Wellicht zou u ook nog in de tweede ronde mee kunnen nemen dat u dat breder ziet of anders. Wilt u de volgende twee vragen stellen? Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u.

Waarom wordt gekozen voor participatie als individu en anoniem in de vorm van meebeslissen? Dat is natuurlijk met name, waar dat dan gaat om die social media en om die enquête want dat is én anoniem én het is individueel. Waarom krijgen die het etiket meebeslissen? De voorzitter: En uw volgende vraag?

Pagina 20 van 31

Mevrouw Van Nes-de Man: Die heeft daar betrekking op want, hoe wordt dan teruggekoppeld wat er echt met die input is gedaan als behalve een staatje zoals we die nu hebben? Mensen die op die manier denken mee te kunnen beslissen willen toch wel echt graag weten wat dan met hun input gedaan wordt. De voorzitter: Helder. Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel voorzitter. Terugkoppelen van het voorbeeld van de gemeente app is uiteraard, is het A of B geworden. Bij Driehoek ’t Zand bijvoorbeeld, met de buitensport locatie is het sfeerbeeld A of B geworden, dat koppelen we terug via onder andere sociale media bijvoorbeeld of de website. Maar zoals het CDA net ook al aangaf en ik ook aangaf dat bijvoorbeeld over het Moluks monument ook meebeslist is. Dus dat dat sowieso ook nog even terugnemen of het niet breder gaat dan alleen sociale media en de enquête De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man, mevrouw Kramer-Blansjaar heeft nog een stapelende vraag? gaat uw gang. Mevrouw Kramer-Blansjaar: Ja. Voorzitter, ik hoor de wethouder nu een paar maal noemen, bijvoorbeeld die gemeenteapp, Ik begrijp intussen wat zij daarmee bedoelt met A en B, ik hoorde ook stenen. Ik heb vier dochters. Toen zij klein waren, liet ik ze ook meebeslissen met hun kleding. Maar dan deed ik wil je dit of dit aan, en dan is het niet echt participeren of meedenken.

Dat is een gestuurde keuze dus, gaat de participatie dan echt dat er voor iedereen ruimte is, of gaat er vanuit het college, wordt er eerst een voor keuze gemaakt en bestaat de participatie dan alleen uit links of rechts of, A of B of wit of zwart? Want dan is dat is in mijn beleving niet echt participatie. De voorzitter: De vraag is helder, wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel voorzitter. Dan zal ik toch eventjes naar een ander voorbeeld gaan. Bijvoorbeeld de speeltuin. Daar hebben wij eerst een stap dat we raadplegen, dus binnen een traject kunnen natuurlijk ook verschillende treden ingezet worden. Want eerst raadplegen we van, wat zijn jullie wensen? Wat zien jullie graag? Daar gaan wij mee aan de slag. Maken we twee ontwerpen en dan wordt het meebeslissen. Dus, in die zin betekent het niet altijd dat als een participatietraject de ladder meebeslist heeft gehad dat er daarvoor niet eerst geraadpleegd is of zelfs geïnformeerd. Dat gaat eigenlijk vaak samen. De voorzitter: Mevrouw Kramer Blansjaar. Mevrouw Kramer-Blansjaar: Dank u wel voor deze toelichtingen. Voorzitter mag ik dan nog vragen, hoe weet u dat u iedereen bereikt met die vragen, dat u alle bewoners te spreken krijgt? De voorzitter: Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Voorzitter, daar moeten we ook realistisch in zijn. We zullen nooit 100 procent van de doelgroepen bereiken.

Het zou geweldig zijn en wellicht, zeg nooit nooit, maar wij hopen een grote doelgroep te bereiken en we zien ook dat gewoon een deel van de inwoners niet wil participeren of niet wil meedenken en het soms ook wel goed vindt. Maar wij willen wel die inwoner bereiken om te informeren dat er een participatietraject loopt. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Nes-de Man, ik ga graag weer naar u terug.

Pagina 21 van 31

Mevrouw Van Nes-de Man: Ik ook, dank u wel. Even nog doorgaand op het antwoord op mevrouw Blansjaar. U zegt van de speeltuin, dan gaan we raadplegen wat ze willen, daarvan maken we twee voorstellen. Als dat raadplegen gewoon gaat met briefjes in de bus en je spreekt mensen fysiek, is dat natuurlijk zoals het altijd gegaan is. En, dat heeft dan verder niks met social media of enquêtes te maken waarvan ik de angst heb van dat doe je individueel en anoniem. Hoe kan je daar in vredesnaam, mag ik niet zeggen, hoe kan je daar ooit draagvlak mee creëren in een wijk? Want Jantje weet niet wat Pietje zegt. Er wordt over gesproken als de enquête ingevuld. Dan is de pap gemorst zeggen ze wel eens. Het doel van participatie is dat je draagvlak krijgt, dat het grote van de mensen tevreden zijn en bij draagvlak voor het één kan je ook soms uitleggen waarom het niet het ander is geworden. Hoe creëer je dat met een enquête en social media? De voorzitter: Dus eigenlijk kort gezegd, hoe creëer je draagvlak met een enquête en social media en dan is de vraag helder. Maar u heeft nog een vraag? Mevrouw Van Nes-de Man: De rest is afgevallen inmiddels. De voorzitter: Zou dit de laatste zijn? Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel voorzitter. Zoals we ook in een nota hebben genoemd, willen we ook juist het stille midden bereiken.

Niet elke inwoner participeert graag in een groep, geeft niet altijd in een groep aan wat zij of hij graag wilt. Dus daarvoor willen we ook graag die mogelijkheid geven om die individueel in te vullen. Maar Jantje kan natuurlijk ook bij Pietje op bezoek van, heb jij de enquête ook ontvangen? Wat vul jij in? Dus daar kan een inwoner natuurlijk ook elkaar in opzoeken. Maar we willen ook juist dat stille midden bereiken. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u. Daar wil ik wel graag op stapelen want het stille midden bereiken. Waar het mij om gaat is je legt meebeslissen als hoogste trede van die participatieladder, die de platforms, de wijkoverleggen niet eens krijgen. Terwijl die een heel democratisch geheel zijn. De voorzitter: Maar als u een suggestie heeft om de concept zoals nu voorligt te verbeteren. Mevrouw Van Nes-de Man: Nee, dat komt straks wel. Dat stille midden waar het mij om gaat is, hoe krijg je draagvlak als je puur op individuele mensen die enquête invullen met gestuurde vragen? Want het is ja, nee, goed, beter, slecht, dat type. Zo zit een enquête nou eenmaal in elkaar. En social media, hoe krijg je draagvlak als je die twee treden van de participatieladder inzet, hoe kan je dan draagvlak krijgen? Want niemand weet van de hoed en de rand. De voorzitter: Wethouder Stip. Mevrouw Stip: Dank u wel voorzitter.

Ik denk dat het deels inderdaad goed is om het ook mee te geven. Maar bijvoorbeeld het project van De Fakkel heeft meer dan drieduizend ingevulde enquêtes gekregen. Nou ik denk dat dat een heel mooi bereik is om dat zo te ontvangen. En het is natuurlijk ook aan een inwoner. Als inwoners met elkaar over een enquête willen spreken voordat ze die invullen, kan de inwoner elkaar daarin ook opzoeken. De voorzitter: Is daarmee uw vraag voldoende beantwoord mevrouw Van Nes-de Man? Alle vragen zijn gesteld. Dan ga ik nu over naar ronde twee van dit agendapunt. Dus waarin nog even een suggestie mee kan Pagina 22 van 31

geven. Staat u in de startblokken klaar om het te noteren? Dan ga ik even alle partijen af. VVD, heeft u nog een suggestie of opmerking, aanvulling? De heer Ringlever: Ik wil nog benoemen dat inderdaad het concreet wordt aangegeven wat de stappen zijn. Dat werd al toegezegd dat ze daar al mee bezig gaan. Daarin duidelijk welke specifieke doelgroepen worden gekozen welke instrumenten worden ingezet en in welke fase van het proces. Om zo duidelijkheid te geven wanneer vroegtijdig ook daadwerkelijk op het juiste moment is. Kortom, het participatieproces moet meer zijn dan alleen een opsomming van spelregels, in een prachtige ideaalwereld. Maar ik verwacht er nog veel van. De voorzitter: Dank u wel. Echt voor Ridderkerk, mevrouw Emmerich. Mevrouw Emmerich: Dank u wel voorzitter. Wij willen nog maar even meegeven aan de wethouder dat er wellicht meer instrumenten kunnen worden ingezet bij het kopje meebeslissen. De voorzitter: GroenLinks. Mevrouw Horváth: Dank u wel voorzitter, ik heb een wat langere bijdragen. Kan dat? De voorzitter: Ja, het kan. Als het daarna nog wel duidelijk is wat er meegegeven moet worden. Mevrouw Horváth: Dat is duidelijk. De voorzitter: Kijk, helemaal goed. Gaat uw gang. Mevrouw Horváth: GroenLinks vindt brede participatie zeer belangrijk. Het moet niet iets zijn dat nou eenmaal verplicht is, maar er echt toe doen.

Oprecht willen weten wat diverse partijen ergens over denken en vinden. Dat kan draagvlak inderdaad vergroten, zoals u ook zegt. We spreken daarom onze waardering uit voor de manier waarop de raad, de commissie bij de totstandkoming van deze nota wordt betrokken. Over participatie gesproken, we vinden het heel goed dat de mate van invloed helder wordt omschreven. We vinden het belangrijk om dit, dat geef ik mee, om dit steeds weer in allerlei participatieprocessen van tevoren te herhalen. Mensen die willen participeren, die vinden hun mening belangrijk, misschien wel het belangrijkst. Maar hoe belangrijk is die mening nu echt? Wat is je invloed eigenlijk? Als je dat aan het begin goed weet, ben je aan het eind misschien minder teleurgesteld als blijkt dat je invloed helemaal niet zo groot was. Of juist dat je invloed groter was dan je dacht en dat je die beter had kunnen aanwenden. We zien ook dat er spelregels zijn omschreven bij de verschillende participatielijnen, dat vinden we goed. Ook hier weer heldere verwachtingen. We vragen wel aandacht voor het waarborgen van deze spelregels. Bij participatielijn twee heeft de gemeenteraad een controlerende rol. We worden dus graag regelmatig geïnformeerd over hoe deze lijn wordt ingezet.

Een verzoek van GroenLinks is om de verschillende manieren waarop terugkoppeling gegeven zou worden aan participanten, die transparantie, te omschrijven in de nota. En we zijn het eens met Echt voor Ridderkerk net noemt, dat er meer instrumenten beschreven kunnen worden die bij de mate van invloed meebeslissen passen. Tot slot willen we meegeven dat we met elkaar zuinig moeten zijn op de inwoners die zich zeer betrokken voelen bij de Ridderkerkse samenleving zoals bijvoorbeeld de insprekers van vanavond. We zouden graag zien dat ook deze mensen weer voelen dat ze mee kunnen participeren en passende invloed kunnen uitoefenen op een structurele manier. Dank u wel De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik graag SGP het woord geven. Heeft u nog een aanvulling, opmerking?

Pagina 23 van 31

De heer Kardol: Ja, dank u voorzitter. Ik ben blij dat de titel van de nota op dit moment nog gewoon intact is. nota Betrokken samenleving, want bij de startnotitie was dat nog ter discussie gesteld of dat geen goede titel was, maar dat is een goeie titel. We hebben vorig jaar een bijdrage gedaan naar aanleiding van de behandeling van het rekenkamerrapport. Daar hebben we toen van gezegd, iedere vier jaar. Er is een terugkeer in de verkiezing van de raad door de kiezers in ons dorp. Het feest van de democratie. Kiezer geeft ons als gemeenteraad een mandaat om beslissingen te nemen. We zijn dus de eerste representant van de inwoners. En, voor ons ,als raad, ligt er dus een fundamentele taak om de wensen van onze achterbannen, ongeacht politieke kleur, representatief te verwerken. En dat is wel aardig dat in zeg maar de conceptnota terugkwam dat de burger 69 procent, maar liefst, tevreden is over het instrument gekozen volksvertegenwoordiging. Ik denk, dat is een opsteker. Maar goed, in diezelfde bijdrage vorig jaar hebben we natuurlijk gezegd van, de volksvertegenwoordiging moet een beslist dienend karakter hebben.

En in die context is het dan de vraag van, in hoeverre is het wenselijk dat de burger voor iedere beslissing van het gemeentebestuur geconstateerd wordt? Betekent dit dan ook dat participatie niet geslaagd is als de burger uiteindelijk zijn zin niet krijgt? Je kan ook iedereen niet tevreden stellen. Dat zijn vragen die we toen hebben gesteld. En ook van bepaalde dilemma's is het gewoon goed dat de raad uiteindelijk de knoop doorhakt. Met die vraag in het achterhoofd en dan lezend, de nota zien wij gewoon wel dat met deze conceptnota die afweging gemaakt kan worden van, wat is goed in de verschillende casussen die voorbijkomen. Eén zin sprak me in die zin ook wel aan, “Participatie heeft niet als eerste doel om absoluut draagvlak te bereiken.”. En maar goed, nu kom ik bij een punt wat ik wil meegeven. We hebben in het verleden een aanjaaggroep gehad. Sommigen hier uit de raad weten dat misschien nog wel. Nou dat is in een grijs, grijs verleden. Maar, in dat verband heb ik de opmerking toen gemaakt van, het is bij participatie ontzettend belangrijk dat welke lijn je ook volgt, er zijn nu drie lijnen benoemd, welke vragen worden er gesteld? Welke aspecten komen er voorbij? Want vergeet je in dat participatietraject bepaalde aspecten te bespreken, dan zorgt dat ervoor dat uiteindelijk een inwoner teleurgesteld is.

Bijvoorbeeld, ik noem ze toch maar eventjes, omdat er bijvoorbeeld een juridische belemmering is of dat blijkt dat er qua ruimte een beperking is of dat op een gegeven moment blijkt dat er helemaal niet is nagedacht over dat er in het verleden iets vergelijkbaars is bijvoorbeeld geprobeerd. Maar dat het om redenen is mislukt. Dus de historie is ook goed om naar te kijken. Nou zo kan ik zestien aspecten noemen. Ik ga dat nu niet allemaal doen maar, ik wil dat op dit moment toch graag meegeven van, let daarop. En daarom was mijn vraag in de eerste ronde ook bij die lijn twee bij hoofdstuk 4 van, er worden eigenlijk geen regels uitgewerkt terwijl mijn inziens dat dan wel van belang is. Verder sluit ik aan bij de opmerking van sommigen als het gaat om meebeslissen. Is dan een enquête en sociale media, zijn dat dan de enige instrumenten? Ik denk dat het belangrijk is of wij denken dat het belangrijk is, dat je heel bewust moet zijn als je een inwoner wil laten meebeslissen. Op welke manier ga je dat kenbaar maken en kom je dan ook met instrumenten waarin uiteindelijk iedereen zijn weg kan vinden? Dat is denk ik waar het om gaat. Dit was het voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik nu graag over tot de PVDA, heeft u nog een aanvullende opmerking toevoeging? Mevrouw Kramer-Blansjaar. Mevrouw Kramer-Blansjaar: Dank u wel voorzitter.

Allereerst wil ik aangeven dat wij het helemaal eens zijn met verklaring, zal ik het bijna noemen van mevrouw Horvát van GroenLinks. Daarbij willen we aangeven, ik hoor net de heer Kardol zeggen dat wij volksvertegenwoordiging zijn en dat wij op die manier alle bewoners vertegenwoordigen. Dat is in beginsel zo. Alleen zoals iedereen weet worden er over zaken gestemd en dan is het toch echt de meerderheid. En dan zou ik best als PvdA en de achterban van de PvdA, het onderspit kunnen delven. Dus ja, hebben ze dan geparticipeerd? Wordt naar ze geluisterd, dan kan er toch nog wel enige teleurstelling zijn. Wij vinden het als partij van de arbeid participatie heel erg belangrijk. En eigenlijk vinden wij Pagina 24 van 31

ook dat wat ons betreft de wijkoverleggen juist met hun kennis vanuit het verleden, vanuit het heden, gesprekken die zij met bewoners voeren, vinden wij het heel belangrijk dat ze serieus worden genomen en dat zij door kunnen gaan in een vorm die zij prettig vinden, al dan niet klein beetje aangepast in overleg met de gemeente. En dat vinden wij heel erg belangrijk. Dat willen wij hier nog benadrukken. Tevens wil ik wéér de zorg uitspreken dat er heel veel mensen zijn die niet taalvaardig zijn, niet taalvaardig genoeg en daardoor niet reageren op een enquête of social media. En ik vraag me nog steeds af hoe deze bereikt worden en hoe we weten wat hun mening is. Dus daar wil ik nogmaals de aandacht op vestigen. We hebben heel veel mensen, ook gewoon Nederlandse Ridderkerkse mensen die niet taalvaardig genoeg zijn. Dus, alsjeblieft daar aandacht voor. De voorzitter: Het wordt druk meegeschreven. Mijnheer Overheid, CDA. Wilt u nog wat aanvullen, toevoegen? De heer Overheid: ja, dank u voorzitter. Er is al een heleboel gezegd. Ik heb eigenlijk twee punten. Eerste is wat ik ook wel in mijn eerste bijdrage, ten minste, de eerste vragenronde heb gesteld. Minpunt van de definitie, om toch mee te geven om, ja hoe noemde ik het ook alweer zo mooi, proactief zijn mee te kunnen nemen. Reactief is toch maar beperkt, zeg ik altijd maar. Dus, ik hoop dat dat nog de aandacht gaat krijgen.

En de tweede, maar die was ook al ter sprake van mevrouw Kramer-Blansjaar, die gaf dat ook al het voorwoord. Zeker bij de mate van invloed en de instrumenten die worden ingezet, dat we alsjeblieft zorgen dat alle inwoners daar hun weg in kunnen vinden en daarin kunnen meedoen. Dat is wel heel belangrijk, denk ik. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u voorzitter. Wij onderschrijven allereerst ook van harte de bijdrage van GroenLinks, is me uit het hart gegrepen. Verdere geven wij als input graag mee, neem de wijkoverleggen op. En dat is gelukkig al meer gezegd. Kijk naar die regels voor die proeftuin. Eventuele evaluaties, maak er geen papieren tijger van. Een nieuw convenant geeft ze een gelijkwaardige rol die ze ooit hadden. In de wijkoverleggen zit een hoop historisch besef. Hou dat in stand en gelukkig zoekt de SGP daar ook naar, dus daar moet toch iets van terug te kunnen vinden zijn. Laten de enquête vooral niet meebeslissen in de participatieladder. Een enquête is mooi om te raadplegen, niet om mee te beslissen, laat social media niet verder op de participatieladder staan dan raadplegen. Die is niet geschikt om mee te beslissen. In beide gevallen wordt individueel en anoniem een mening gegeven die kan in een boze bui gegeven worden waardoor je een vertekend beeld krijgt omdat het anoniem gaat.

Dat horen we vaker op social media, dat kan je niet gebruiken om mee te beslissen. Met deze instrumenten kan je niks terugkoppelen. Je kan geen draagvlak creëren voor een plan en mensen die teleurgesteld zijn die kan je dan ook heel moeilijk uitleggen waarom ze niet hun zin hebben gekregen, waardoor ze misschien de volgende keer zeggen toedeledokie, ik doe niet meer mee. Een klankbordgroep die ook benoemd is en die ook zelfs mag coproduceren, krijgt ook meer credits. Zo noem ik het maar even. Als, zelfs een wijkoverleg is leuk voor feedback op de procedure, maar een klankbordgroep moet je niet op de participatieladder gebruiken, zeker niet bij coproduceren. Jaarlijks een fysiek bezoek van wethouders aan de wijk, in een eveneens grijs verleden is dat aan de orde geweest. Dat was gewoon jaarlijks feestje vanuit het wijkoverleg. Je zet burgerparticipatie op om breed draagvlak te creëren voor je voorstellen. Gedragen voorstel geeft onderuit, geeft blije mensen. Daar kan je heel veel aan vast hangen, wat ook de hele sfeer en de atmosfeer in Ridderkerk kan verbeteren. Bij goed draagvlak en goeie participatie kan je ook uit gaan leggen waarom je een nee moet zeggen tegen bepaalde dingen. En ik blijf erbij nee is als je het goed opzet, gewoon altijd uit te leggen. Daar houd ik het even bij, dank u. De voorzitter: Dank u wel.

ChristenUnie, heeft u nog wat toe te voegen, aan te vullen? Pagina 25 van 31

Mevrouw Wolff-ter Beek: Zeker. In een tijd van individualisering, in een tijd waarin eenzaamheid groot is en een tijd waarin polarisatie stevig is, is het volgens ons aan de gemeente om tegenwicht te bieden. En, om op zoek te gaan naar samen, om participatie zo vorm te geven dat Ridderkerkers graag willen meedenken en doen. Daarom hebben we drie punten om mee te geven. Punt één, bij de genoemde deelnemers zouden wij heel graag willen zien dat de platforms worden toegevoegd omdat wij hen echt zien als aparte deelnemers. En ik zat een beetje na te denken over een vergelijking die daarbij past. Ik weet niet of hij hem helemaal dekt maar ga hem toch noemen. Als je kijkt in de medische wereld, heb je de nulde lijn en de eerste lijn en ik zou graag de nulde lijn dan als de inwoners van Ridderkerk kunnen zien, en de eerste lijn als alle platforms. En beide werken heel preventief en daarmee dus naar de dingen die ik net noemde, eenzaamheid, polarisatie en individualisme tegen te gaan. Dus graag de platforms opnemen als deelnemer. Hartelijk dank voor de goede beantwoording van al onze vragen. We hadden veel vragen en ze zijn allemaal beantwoord, dus daar dank voor. Fijn dat u in die beantwoording aangaf dat u schema's gaat maken per lijn met de instrumenten, of in ieder geval dat u dat weer gaat proberen omdat dat ingewikkeld was.

En ons verzoek was dan ook om ook echt instrumenten te ontwikkelen die gericht zijn op co-creatie en meebeslissen, meerdere instrumenten, het is vaker gezegd. Nou ook fijn dat u aangaf dat er een RIB komt over de doorontwikkeling van het wijkoverleg en, wij wachten dat in spanning af. En, ik weet niet of de wethouder nog gaat reageren. Maar fijn als we daar een termijn voor kunnen horen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik zal aan het eind vragen of ze misschien nog een korte reactie wil geven. Maar, ik ga geen garanties geven dat ze daar ook op antwoord. Leefbaar Ridderkerk. Wilt u nog wat toevoegen, aanvullen? De heer Swarttouw: Dank u wel, zou ik maar even zeggen. Het is al veel gezegd uiteraard. Ik denk dat we ons daar ook in het algemeenheid wel bij aansluiten. Niet bij alles, maar wel over het algemeen denk ik dat de conceptnota een solide basis is om participatie in de breedste zin van het woord steeds weer te verbeteren. Daarbij willen we ons vertrouwen uitspreken over de interne processen en de expertise die eraan ten grondslag liggen. Dat zie je ook aan de beantwoording van de vragen en ook naar de beantwoording van vanavond, de vragen. Soms zie je dat niet altijd als je die nota leest maar, daar zit natuurlijk heel wat achter. Dus, dat is echt onze waardering, wil ik daarvoor uitspreken.

Ik denk ook dat die nota inzicht geeft in doelstellingen en hoe die dienen te worden gemonitord, uitgevoerd en geëvalueerd. Wat ook weer bijdraagt aan een beter draagvlak voor de verschillende partijen. Wat we graag willen meegeven zijn eigenlijk drie dingen. Eén is inderdaad die RIB zien we graag tegemoet. Want de wijkoverleggen zijn er niet meer. Maar ik denk wel dat de mensen die zich daarvoor in willen blijven zetten dat ook, in ieder geval, daar ook de gelegenheid voor moeten krijgen. Niet in alle wijken dat nee oké. De voorzitter: Wilt u spreken via de voorzitter? De heer Swarttouw: Laten we dat dan een ander plekje geven, laat ik het dan zo noemen. Hou vooral social media erin bij meebeslissen. Het is juist heel makkelijk om aan te geven van, is dat A of B? En, voor de rest is het een keuze en klaar. Het hoeft niet altijd zo zwaar te wegen, dus in die zin zou ik dat ook graag mee willen geven. En vul dat aan met andere instrumenten, eventueel. En als laatste, en dan sluit ik eigenlijk aan bij mijnheer Ringlever van de VVD. Het is denk ik heel belangrijk als we, we hebben aan de voorkant het verwachtingsmanagement uitgesproken.

Aan de achterkant doe je de evaluatie, maar wat ertussenin gebeurt, hoe ver ben je nou in het proces? Ik denk als we dat aan inwoners duidelijk kunnen maken, op één of andere manier, dat dat een van grote waarde kan zijn en dat geeft denk ik ook een positieve beleving aan de uitvoering van een project. Dat was het, dank u wel. Pagina 26 van 31

De voorzitter: Dank u wel. partij 18PLUS. Wilt u nog wat aangeven? Mevrouw Griep: Ja, er is inderdaad al een hele hoop gezegd dus ik heb niet heel veel meer. Maar, wij willen, dat we het enorm waarderen ook dat we als commissie en raad nu dan hier zo bij elkaar zijn gekomen om dit stuk te bespreken. En, dat we ook goed beseffen dat we inderdaad gekozen volksvertegenwoordigers zijn. En, dat we ook goed in ons achterhoofd houden, dat dit echt niet in ieder land vanzelfsprekend is, dat er op deze manier met stuk wordt omgegaan en dat we wel van geluk mogen spreken dat we hier in een land wonen waar dat wel kan. En dat was het. De voorzitter: Dankjewel. Dan hebben we alle partijen gehad. Daarom heb ik ook bewust even een lijstje gemaakt om het ook netjes af te vinken. Is de commissie van mening dat deze conceptnota zo voldoende behandeld is? Dat is het geval. Dan sluit, ik zou de wethouder nog even vragen. Zal ik het doen of niet? Ja? Oké. Ik moet de wethouder vragen of zij nog een korte reactie wil geven. Mevrouw Stop: Dank u wel voorzitter. Nou, ik ben heel blij hoe alle partijen over na hebben gedacht om hier een punt in mee te geven. Dus wij gaan hard aan de slag. En er werd ook nog eventjes een schatting gevraagd voor de raadsinformatiebrief. Wij zijn nog even afhankelijk van ook keuzes die nu eventjes bij wijkoverleggen liggen, wat daar de uitkomst in is.

En naar aanleiding van die uitkomsten willen we de raadsinformatiebrief verder vormgeven, dus ik kan daar nu nog geen inschatting opgeven. De voorzitter: Ook niet zelfs een kwartaal of iets? Ik doe een kleine poging voor commissie. Mevrouw Stip: Dat zal zeker voor de zomer zijn. Als we dan toch in die termen gaan spreken. De voorzitter: Nou kijk eens aan, heeft u toch nog een kleine richtlijn. Het is geen toezegging, dat we dat even duidelijk hebben. Nee, nee, nee. Mag ik als voorzitter even beslissen dat dit geen toezegging is, en als een wethouder wat wil zeggen dan doet u dat ook via de voorzitter. Lijkt me duidelijk. Nee, u krijgt ook niet het woord. Ik wil heel graag overgaan naar agendapunt 5. Mag ik mevrouw Stip en de beide ambtenaren van harte bedanken. Mijnheer De Regt, mevrouw Van Kruijssen, voor het meehelpen. 5.

Vervulling vacature Algemeen Bestuur Gemeenschappelijke Regeling Nieuw Reijerwaard De voorzitter: Agendapunt 5, onderwerp is de vervulling vacature algemeen bestuur gemeenschappelijke regeling Nieuw Reijerwaard. Nu het raadslidmaatschap van mevrouw Ellen Klaver is beëindigd, is er een vacature in het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Nieuw Reijerwaard. De raad wordt voorgesteld hiervoor het raadslid B. Ros aan te wijzen. De inzet is ter vaststelling in de gemeenteraad. Kunt u hiermee instemmen? Er wordt heel zuinig geknikt, maar ik zie nog geen, één uitbundige, je luistert allemaal alleen maar mee natuurlijk voor de volgens. Maar, er zit één iemand van GroenLinks, zit uitbundig te knikken. Dus u kunt, hij mag ter vaststelling. Dan is dat bij deze vastgesteld, dat hij inderdaad ter vaststelling aangeboden gaat worden.

6.

Mededelingen Gemeenschappelijke Regelingen De voorzitter: Agendapunt 6, Mededelingen gemeenschappelijke regeling. Wethouder Piena heeft aangegeven iets te willen zeggen over de brief van de GRJR over de bezuinigingsmaatregelen. Voordat u het woord krijgt hierover kunnen vragen gesteld worden over de brief zelf? In principe niet. Het kan wel eventueel geagendeerd worden. Nou, mijnheer Piena. Nu mag u. Pagina 27 van 31

De heer Piena: Ik ben helemaal gelukkig voorzitter, dank u wel. Op 11 maart heeft de raad en de commissieleden, hebben een brief mogen ontvangen via de griffie van gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rijnmond. Dat ging om kostenbeheersingsmaatregelen en die kostenbeheersingsmaatregelen die zijn aangekondigd. En, proberen we ook uiteraard uit te voeren. Omdat de kostenstijging in de jeugdzorg echt de pan uitrijzen, mogen we wel zeggen. Daarbij is een bijlage gedaan met vijftig maatregelen en ik heb begrepen, vanuit enige mailwisseling via de griffie, dat er wat vragen zijn over die maatregelen, wat ze allemaal inhouden. Ik wilde erbij aangeven dat het vijftig maatregelen zijn die niet allemaal tegelijk uitgevoerd gaan worden en waarvan sommigen ook nog uitgewerkt moeten worden. Er is een klein maatregelenpakket van ongeveer vijftien maatregelen die op dit moment uitgevoerd gaan worden. En om elke maatregel apart te behandelen hier, wat die inhoudt, denk ik gaat iets te ver. Het gaat namelijk niet alleen om maatregelen die de gemeente moet uitvoeren. Maar het zijn ook maatregelen die de zorgaanbieders moeten uitvoeren, soms in combinatie met de zorgaanbieders, verwijzingen, trainingen. Dus het is een heel mêlee aan maatregelen. Uiteraard ben ik altijd bereid, als er écht een maatregel is waarvan u zegt van, ja maar daar wil ik meer van weten, om daar uitleg over te geven.

Maar ik hoop dat u begrijpt dat ik hier geen vijftig maatregelen ga doorlopen, zeker ook nog omdat heel veel maatregelen niet op het bordje van de gemeente liggen. Dat is eigenlijk even kort wat ik wil meegeven en naar aanleiding hiervan, deze mededeling, misschien ook wat aantal vragen kan beantwoorden vanuit deze commissie. De voorzitter: We gaan eens even kijken of er een vraag is vanuit de commissie. Ik wil graag als eerste de heer De Waerdt, SGP, in de gelegenheid stellen om een vraag te stellen. De heer Van de Waerdt: Voorzitter, bedankt voor het woord. En ook, ik wil de wethouder bedanken. De toelichtingen, terecht dat de wethouder zich zorgen maakt over de kosten van jeugdzorg. De kosten stijgen daar de pan uit. Alleen laten we er wel voor zorgen dat doordat het rijk, de gemeente en de werkgevers de kosten niet op orde hebben, niet uiteindelijk de kinderen daar de dupe van worden. Uiteindelijk zijn die de kwetsbaren dus, laten we dat voor ogen houden. En ook, laat niet alleen kijken naar de financiële effecten van de kostenbesparingsmaatregelen, maar ook echt de praktische, wat de gevolgen daarvan zijn. En mevrouw, kan de wethouder ook eens. Ik begrijp niet al die punten van die 50 maatregelen ik hoor ook zojuist dat ze allemaal niet uitgevoerd gaan worden.

Zitten daar ook preventieve maatregelen tussen want dat is wel van belang dat die juist niet uitgevoerd gaan worden want die gaan op de termijn als een boemerang terugkomen. Dat was voor nu effe mijn vraag. De voorzitter: Wethouder Piena, mag ik u het woord geven? De heer Piena: Ja, dank u wel, voorzitter. U heeft mij niet horen zeggen dat die vijftig maatregelen niet uitgevoerd gaan worden. Ik heb gezegd dat het er in eerste instantie er vijftien zijn. Want, vijftig tegelijk uitvoeren, daar ontberen zowel de zorgaanbieders als de gemeentes en alle andere partijen het gewoon aan menskracht op dit moment. En dat is ook niet reëel. Wat die vijftien maatregelen behelst is voornamelijk waar we eens snelle winst kunnen behalen om de stijging van de zorgkosten af te vlakken. Dus ik zeg niet dat we naar beneden gaan, maar af te vlakken, een afvlakking van de stijging van deze kosten. Zitten er in deze maatregelen zaken voor preventie, zowel indirect als direct, zou ik haast zeggen, ja. Eén van de maatregelen is bijvoorbeeld naar de doorverwijzers, dat ze niet zo makkelijk naar de specialistische zorg doorverwijzen. Dat is een dure vorm van zorg. Maar dat we proberen het eerst naar de wijkteams te halen om een lichtere zorg te kunnen aanbieden. Dat is ook preventie, want je zorgt ervoor dat die zwaardere zorg niet nodig is.

Daarbij komt ook kijken, als het bij de wijkteams terechtkomt dat je ook gelijk breder kan kijken. Niet alleen maar naar de ene zorgvraag, maar ook even naar de gezinssituatie en dergelijke. Dus daar zit een stukje preventie in. De Pagina 28 van 31

maatregelen die nu genomen worden, dat zijn maatregelen die, dat moet u goed zien, gewoon om de juiste afspraken na te komen. Die contractueel zijn vastgelegd met de zorgaanbieders om kostenbewustzijn bij de doorverwijzers bij te brengen, onder andere door trainingen. Uw vraag, gaat het niet ten koste van de kinderen op dit moment? Nee, dat gaat op dit moment niet ten koste van de kinderen. Maar er wordt wel degelijk op termijn, en daar ga ik niet over liegen, en dat is niet vanuit de gemeente Ridderkerk, maar gewoon regionaal en ook landelijk, Best gekeken naar een kadering van, wat komt nu wel of niet voor die zorg in aanmerking? Overigens is daar ook mee bezig met de wetgeving. Daar moeten we ook een beetje op wachten. Maar we kunnen niet zo lang wachten tot die wetgeving er is. Dus uiteindelijk zal er in de loop van de tijd misschien best voorstellen zijn waarbij wij kijken, wat voor soort zorg er nog wel of niet via die specialistische zorg geboden kan worden. Want nogmaals, en u zult het straks ook weer in de jaarrekening van Ridderkerk te zien, maar u krijgt ook nog eens een keer de jaarrekening van de GRJR onder ogen, zult u zien dat die stijging echt gigantisch is. En, willen we zorgdragen voor al onze kwetsbare jongeren, dan moeten we ons geld echt goed inzetten om die mensen, die kinderen ook goed te kunnen helpen.

De voorzitter: Is daarmee uw vraag voldoende beantwoord? Het voelt bijna spannend om zo te vragen, want er kwam zo'n heel uitgebreid antwoord. De heer Van de Waerdt: Zeker ik wil de wethouder ook bedanken voor zijn toelichting. De voorzitter: Ik had ook nog de hand gezien van mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk. U had ook nog een vraag aan de wethouder? Mevrouw Van Vliet: Zeker, dank u wel voorzitter. In een stuk staat dat er een structurele besparing is van ten minste 32 miljoen vanaf 2028. Dat betreft die vijftig maatregelen. Mijn vragen zijn in hoeverre is dat nou echt realistisch? En ik hoorde de wethouder net zeggen dat we starten met ongeveer vijftien maatregelingen. Hoe verhoudt zich dat dan naar die 32 miljoen vanaf 2028? Want die zullen dan niet gerealiseerd worden met slechts vijftien maatregelen. En, wanneer verwacht u dan wel niet van netto 1 miljoen te kunnen realiseren? De voorzitter: Dank u wel. Ik weet niet in hoeverre de wethouder dit kan beantwoorden maar, ik ga hem het woord geven. De heer Piena: Voorzitter, ik ga een poging wagen. Is die 32 miljoen besparing hard? Nee. Nogmaals, het is heel moeilijk te kwantificeren wat bepaalde maatregelen opnemen. Via de gemeenschappelijke regelingen zijn zo goed mogelijk een inschatting gemaakt van deze bezuiniging.

Ik ga u gelijk meegeven dat, toen dit vastgesteld werd en wij dachten dat dit ging gebeuren, we ook wel weer met meer tegenvallen zijn geconfronteerd en dat de stijging van die lijn doorgegaan is. Dus die 32 miljoen besparing is bijna een druppel op een gloeiende plaat maar die potentieel van die besparing, daar is echt goed over nagedacht. Dus, we gaan wel uit van die 32 miljoen, dat die op termijn, is absoluut niet voldoende. Dus dat maatregelenpakket van vijftig maatregelen zal niet leiden tot een besparing of een voldoende afdemping van die stijging van die zorgkosten. Dus, er moet na deze vijftig maatregelen nog meer gebeuren. Dat is één. U geeft aan van, die 32 miljoen op korte termijn, nee. De maatregelen die nu genomen worden ga ik nu ook al meegeven. We zullen in 2024 maar een heel beperkt effect hebben. Een inschatting is en, dat is op een hele grote begroting van vijf miljoen euro en dat is eigenlijk helemaal niks. Want, het zijn ook maatregelen die natuurlijk geïmplementeerd moeten worden, moet uitgevoerd worden en zorg is altijd een lange termijn iets. Iemand krijgt een beschikking en heel vaak is met al zes maanden tot een jaar onderweg en die beschikkingen zijn nu al afgegeven dus, die zorg moet ook gewoon doorgezet worden.

Wanneer dan wel? Als ik me goed herinner in de brief, maar u moet me er niet aan ophangen, aan het jaartal staat de 2028, meen ik uit mijn hoofd, dat die Pagina 29 van 31

32 miljoen gerealiseerd moet zijn. Dus dat is eigenlijk al het antwoord op uw vraag. Heb ik daarmee voldoende uw vragen beantwoord? De voorzitter: Nou, meestal is dat de opmerking in de voorzitter maakt. De heer Piena: Zeker, maar ik denk laat ik u een keer voor zijn. De voorzitter: Mevrouw Van Vliet is daarmee vraag voldoende antwoord? Mevrouw Van Vliet: Het eerste wel maar, het tweede. U zegt, dat zei ik zelf ook. Vanaf 2028 structureel ten minste 32 miljoen. Maar we beginnen maar met vijftien maatregelen dus, u verwacht dan dat we nog steeds 2028 tenminste die 32 miljoen realiseren? De voorzitter: Wethouder Piena, ik zie een stemmend geknik. Aangezien nu net toch mijn woorden. Ik geloof dat hij het ermee eens is. De heer Piena: Sterker nog voorzitter bent er zeker mee eens. Wat ik net ook al in het begin aangaf bij de vraag van de SGP. Die vijftien maatregelen zijn de maatregelen waarbij, snel is nog misschien het verkeerde woord, maar waar je wel op kortere termijn grote winsten kan behalen. Die andere maatregelen die hebben wel effect, maar zullen financieel een stuk minder groot effect hebben. Dus in het begin zullen we best wel wat meer kunnen realiseren, maar op de lange termijn moet die, al die kleinere maatregel die ook nog uitgevoerd moeten worden en sommigen ook uitgewerkt moeten worden, zullen inderdaad leiden tot. De voorzitter: Dank u wel.

Ik neem aan dat het nu wel voldoende beantwoord is. Ik zie ook een duim. Dat is helemaal mooi. Ik meende net ook de hand te zien van mevrouw Van Nes-de Man. Maar u heeft geen vraag, u slikt hem in. Mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Mevrouw De Wolff - ter Beek: Ja, nog één vraag. Ik zie dat er een aantal keer wordt genoemd dat de kosten worden verhaald op een andere wet en bij mij ontstaat dan het gevoel van, daar wordt natuurlijk de meeste winst behaald. Maar, is het dan ook niet tegelijkertijd een waterbedeffect? Want daar klotst dat geld nou ook niet echt over de plinten en ik ben ook wel nieuwsgierig wat de wethouder daar voor reactie op heeft. De voorzitter: Wethouder Piena. De heer Piena: Ik ga mezelf wat uitgebreider beantwoorden dan alleen die wet. we moeten niet vergeten dat we in die maatregelen, zitten natuurlijk zaken dat we bijvoorbeeld minder doorverwijzing hebben naar de specialistische hulp. Maar dat betekent niet dat die hulp niet geleverd moet worden, maar op een andere manier. En dat betekent dat die op lokaal niveau terugkomt en daar gaan ook kosten mee gepaard. Dus het is niet zo van, het gaat niet meer daarheen. Dan zijn alle kosten weg. Dus, laat dat even duidelijk zijn. Naar de andere wet voor de gemeenschap voor Nederland maakt het natuurlijk niets uit. Maar voor ons als gemeente wel.

Als je namelijk vanuit de WOZ een bekostiging krijgt of een beschikking, dan wordt hij door het rijk betaald. Ligt die bij ons, dan betalen wij het als gemeente en daarom loopt het bij ons uit de pas, komen wij tekort op onze begroting. En de WOZ is er niet voor niks, wet langdurige gezorgd, sorry dat ik een afkorting gebruikte, en dan is het wel waar een verschuiving van kosten, dat ben ik het helemaal met de ChristenUnie eens. Echter, voor onze eigen begroting maakt het wel heel veel uit. En het is natuurlijk ook raar als er wetgeving is of als er kosten, laat ik zo zeggen, dat er ergens anders de zorg gedragen moet worden, dat wij hem gaan dragen en dat voor onze rekening nemen, terwijl we daar eigenlijk geen vergoeding voor krijgen. Pagina 30 van 31

De voorzitter: Is de vraag daarmee voldoende beantwoord? Mevrouw De Wolff- ter Beek: Meer dan, bedankt. De voorzitter: Dat terzijde. Zijn er verder naar de commissie, nog vragen hierover? Dat is niet het geval. Zijn er nog andere mededeling vanuit gemeenschappelijke regelingen? Ik zie dat het een nee is. 7.

Mededelingen college De voorzitter: Dan ga ik over een agendapunt zeven Mededeling college. Zijn er mededelingen vanuit het college? Mevrouw Van Vliet. Mevrouw Van Vliet: U kijkt de andere kant op maar er staan nog twee stukken in mededelingen gemeenschappelijke regelingen, namelijk de VRR met kadernota. Daar heb ik ook nog een vraag over. De voorzitter: Een moment. Er mogen geen vraag over stukken gesteld worden maar u kunt wel agenderen voor gespreksnotitie. Mevrouw Van Vliet: Oké, nee dan laat ik het zo. De voorzitter: Helder. Er waren geen mededelingen vanuit het college? Ik kijk met een schuin oog de college aan. Nee?

8.

Rondvraag leden De voorzitter: Dan agendapunt 8, Rondvraag leden. Zijn er vragen onderling? dat is niet het geval.

9.

Ter kennisneming: raadsinformatiebrieven De voorzitter: Agendapunt 9, Ter kennisneming raadsinformatiebrieven. Is een commissie leed voornemens om een gesprek notitie te maken over een raadsinformatiebrief? Dat is niet het geval.

10. Ter kennisneming: overige stukken De voorzitter: Dan agendapunt 10, Ter kennisneming overige stukken. Is er een commissielid voornemens om een overig stuk te agenderen? Dat is niet het geval. En dan heeft mijn assistent helemaal niet gezegd dat dat dan dus het einde van de vergadering, staat er niet. Dan gaan we gewoon door. Nee hoor, dan betekent dat alle agendapunten zijn behandeld. Ik sluit bij deze de vergadering. Dank u wel.

Pagina 31 van 31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/1081/documents/37467