2023-11-30-verslag-commissie-samen-leven-ridderkerk.pdf
Tekst van het document
Woordelijk verslag vergadering commissie Samen leven 30 november 2023 1.
Opening en vaststellen agenda De voorzitter: Een hele goede avond. Het is acht uur en dan is het gebruikelijk dat we de vergadering starten. Toch wel mooi als ik zo begin te praten dat iedereen stil begint te worden, heel fijn. Ik wil heel graag bij deze de vergadering openen. Commissieleden, van harte welkom, collegeleden, publieke tribune, volgers thuis. Ik stel vast dat Partij 18PLUS niet vertegenwoordigd is. De overige fracties zijn wel vertegenwoordigd. Nog even een kleine reminder voor u allen: u spreekt via de voorzitter. Kan ik tot vaststelling van de agenda overgaan? Ik zie geen handjes, dus de agenda is bij deze vastgesteld.
2.
Spreekrecht voor hen die zich hebben aangemeld De voorzitter: Dan wil ik heel graag overgaan naar agendapunt 2, spreekrecht voor hen die zich hebben aangemeld. Zich heeft aangemeld de heer Rondelez, u wil namens het Maatschappelijk Burgerplatform Ridderkerk over agendapunt 6, verordening Burgeradvies sociaal domein praten. Mag ik u uitnodigen om achter het spreekgestoelte plaats te nemen. Ja hoor, u kunt uw gang gaan, u moet wel even het lampje aandoen. Ja, gaat uw gang. De heer Rondelez: Oké, dank u wel. Geachte voorzitter, leden van de raadscommissies, leden van het college, ambtenaren en overige aanwezigen. Met tevredenheid kijkt het Maatschappelijk Burgerplatform terug op het bereikte resultaat, een goede conceptverordening Burgeradviesraad sociaal domein Ridderkerk, de samenwerking tussen de burgers en de gemeente een nieuwe impuls geeft. Er is wel ruim drie jaar aan gewerkt. En het zou een verkeerde voorstelling van zaken zijn dat het hele proces appeltje eitje is geweest, dat was het zeker niet. Er zijn vele gesprekken gevoerd en soms leken we in een impasse terecht te komen. En als leden van de Burgerplatforms hadden we wel eens de indruk dat de gemeente inzet op het beteugelen van de Burgerplatforms, onze indruk. Of dat zo was dat wil even zo laten. In ieder geval, dat gaf wel stress bij ons en we voelden ons soms niet begrepen.
Alsof het ging om gelijk krijgen, maar daar ging het ons niet om. Maar in zo'n situatie kan je elkaar kwijtraken en dat is gelukkig niet gebeurd bij het Maatschappelijk Burgerplatform Ridderkerk. Het lange proces heeft een aantal belangrijke winstpunten opgeleverd. Op de eerste plaats, met een gesprek kom je verder dan met een debat. De essentie van een gesprek is over en weer naar elkaar luisteren en je wederzijds verdiepen in elkaars beweegredenen, doorvragen, teruggeven wat je hebt begrepen. Bij een debat probeert de ene partij te winnen van de andere, maar daar ging het hier niet om. Bovendien levert het altijd een verliezer op. We hebben geleerd dat een goed gesprek de essentie is voor een succesvolle samenwerking en daar waren wij op uit. De Burgeradviesraad, als tweede punt, heeft als kerntaak de werkelijke zorg van de burger helder over te brengen bij het gemeentebestuur. Dat vereist van ons een goed contact met de burgers en ook een kennis van zaken. En het gaat niet alleen om wat de burger vraagt daar gaan wij voor, het gaat er ook over om verdiepen, ook om verbinding maken. Als Burgeradviesraad zijn we daarom kritisch naar onszelf, ook kritisch naar het gemeentelijk beleid en zelfs ook kritisch naar de burgers. Maar contact met de samenleving staat nu, zoals ze daar voor ogen hebben, meer op de voorgrond.
En als derde punt van het lange proces is van om goed te kunnen functioneren moet de Burgeradviesraad beter ondersteund worden dan voorheen. Er komt heel veel bij kijken, een solide organisatie is echt onmisbaar. Dit punt is goed overgekomen en is verwerkt in het voorstel, hiervoor onze dank. Hadden we meer willen bereiken als Maatschappelijk Burgerplatform? We zouden niet oprecht zijn als we deze vraag met een nee zouden beantwoorden. We realiseren ons goed dat we een zware taak op onze schouders nemen en we beseffen ook dat we een spreekbuis zijn van circa zesduizend Ridderkerker die zijn aangewezen op de Pagina 1 van 46
gemeentelijke voorzieningen in het sociale domein. En als we de mantelzorgers en de directe leefomgeving van die mensen daarbij betrekken dan komen we gauw uit op circa 12,500 inwoners. En het gemeentelijk budget dat wordt besteed aan zorg in het sociale domein bedraagt 58 miljoen, ruim een derde van de gemeentebegroting. Gelet op deze impact en de noodzaak om goed contact te leggen met de burgers hadden we inderdaad liever gezien dat het aantal leden van de Burgeradviesraad niet zou worden beperkt tot veertien leden, maar gelukkig is er een mogelijkheid om dit aantal te laten groeien. Dat staat ook in de verordening. Tot slot. Ik benadruk nogmaals dat we met deze verordening een goede start kunnen maken om de afstand tussen de burgers en het gemeentebestuur te verkleinen. We hebben er vertrouwen in dat we hierin ook kunnen groeien en dat de samenwerking goede resultaten kan opleveren. Bestuurders, ambtenaren en ook de landelijke koepel adviesraden sociaal domein, iedereen dank voor de inzet voor dit mooie resultaat. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Rondelez. Zijn er vanuit de commissie vragen? Zou u even uw microfoon uit willen zetten? Mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Hartelijk dank voor deze mooie toelichting en ik heb twee vragen. En de eerste vraag gaat over ervaringsdeskundigen.
Wij hadden aan het college gevraagd: hoe gaan we borgen dat er ook voldoende ervaringsdeskundigheid in het nieuw te vormen platform is en zij geven aan er zijn genoeg tools en er zijn, nou ja, in de verordening staat dat duidelijk beschreven. En ik ben benieuwd: heeft u nu genoeg of heeft de nieuw te vormen adviesraad genoeg in handen om ook echt die ervaringsdeskundigen te vinden en een plaats te laten nemen in de adviesraad? Dat is de eerste vraag. En de tweede is: u staat hier alleen, u geeft een positief advies en het minimaplatform geeft een ander advies. En ik zou u willen vragen, kunt u aangeven hoe de contacten tussen u en dat platform zijn? Nou, eigenlijk is dat de vraag. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Rondelez, kunt u de vragen beantwoorden? De heer Rondelez: Ja, wat betreft de eerste vraag, ervaringsdeskundigen, dat is onze inzet. Ik ben op een bepaald gebied ook ervaringsdeskundige en tegelijkertijd ook wel een beetje deskundige omdat ik zeg maar, ja, ongeveer 36 jaar een ambtelijke ervaring heeft waarvan deels bij de gemeente Ridderkerk en deels bij de gemeente Rotterdam. Het domein ken ik dus behoorlijk goed, het sociale domein. En als ervaringsdeskundige en praktijkgebruiker van de zorg, daar ga ik verder niet op in, maar ook ik ben een gebruiker van zorg. En zo zijn er meerdere van de leden die inderdaad ook gebruikers zijn van zorg.
Het belangrijkste is van, we hadden het over die zesduizend gebruikers en wij zouden eigenlijk veel beter contact kunnen krijgen met die gebruikers. En we hebben ook al zeg maar bij het gemeentebestuur de suggestie gedaan: het zou mooi zijn als het gemeentebestuur bij al die gebruikers van de zorg ons introduceert als zijnde ook voor hun een spreekbuis als het gaat om beleid, niet als het gaat om klachten want daar is een klachtenregeling voor en noem maar op, maar als het gaat om beleid, wat wilt u beter, wat ziet u anders, wordt u goed geholpen, niet als persoon, maar als groep, dat er dus ook door de gemeente zeg maar meer, zeg maar schriftelijk of mondeling of digitaal, of wat dan ook, zeg maar op de hoogte worden gebracht van onze rol. Dat zou een belangrijke stap zijn om op die manier het contact met ervaringsdeskundigen beter te leggen. Dus dat is een belangrijke. En natuurlijk, wij zullen weer in de komende periode zeg maar weer met publicaties en met berichten en noem maar op proberen die contacten beter te leggen zodat in ieder geval meer mensen die gebruik maken van de zorg ook ons kunnen voeden met datgeen wat nodig is. Dus we streven ernaar, maar wat ik al zei: met veertien leden ten opzichte van zesduizend mensen, dat is een hele klus, maar we hopen wel een aantal goede mensen te krijgen.
Overigens, niet iedereen hoeft lid te zijn van het Burgerplatform om zijn ervaring met ons te delen. Dus dat kan ook via de website, men kan ook eenmalig signalen afgeven, onze website zal ook worden ingericht dat mensen signalen kunnen afgeven zonder dat ze lid zijn. Dus dat is in ieder geval de wijze Pagina 2 van 46
waarop we in ieder geval ook naar buiten willen treden. Ja. Ja, de tweede vraag, ja, ik sta hier alleen, tenminste het BMR staat hier niet. Ik heb gezegd: je zou elkaar kunnen kwijtraken onderweg. Ja, we zijn elkaar inderdaad kwijtgeraakt onderweg. Ik kan niet praten voor het BMR, ik kan alleen maar praten voor onszelf. En wat vooral belang is en dat kunt u ook zien als je zeg maar ons adviezen leest, hebben wij tot op het laatste moment gesproken met wat vinden wij belangrijk wat in die verordening komt? Daar hebben we goed de medewerking van gekregen van de ambtenaren en ook van het college, dus het is ons gelukt om goed in gesprek te komen. En als je maar inspanningen verricht en elkaar luistert, dan lukt het wel om in gesprek te komen. We zijn die kant opgegaan, we hebben niet de handdoek in de ring gegooid, maar we zijn doorgegaan en ik denk dat dat de crux was om verder te komen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw De Wolff, zijn uw vragen voldoende beantwoord? Mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk, u heeft ook nog een vraag. Mevrouw Van Vliet: Geeft niks. Dank je wel. Ja, ik heb ook een vraag want die veertien nieuwe leden van de te komen Burgeradviesraad, komen die dan nu allemaal uit het BMR? Begrijp ik nu goed dat het van het andere platform dus helemaal niemand in die Burgeradviesraad komen te zitten? De voorzitter: Mijnheer Rondelez.
De heer Rondelez: De beide Burgerplatforms doen een voordracht aan het college om te benoemen, dat gaat deze maand gebeuren. Wij zijn in die zin wel in gesprek met leden ook als BMR, als MBR, sorry, ook met leden van het BMR om zich aan te melden en er zal zeker sprake van zijn dat ook leden uit het BMR zich zullen aanmelden om over te stappen naar de nieuwe adviesraad. Niet allemaal, maar er zullen wel leden overstappen net zoals leden van het BMR, nee, van het MBR zijn die ook niet zullen overstappen omdat ze de tijd rijp achten om ermee te stoppen of wat dan ook. Dus niet iedereen gaat over, maar er zullen van de beide platforms gaan in ieder geval minimaal mensen over. We zijn niet voldoende op krachten, we moeten echt een inspanning leveren om op kracht te komen, maar we hebben in ieder geval een start om in ieder geval verder te kunnen gaan uit de beide platforms. Of althans, dat is de verwachting. De voorzitter: Dank u wel. Is uw vraag voldoende beantwoord, mevrouw Van Vliet? Ik zag ook de hand van mevrouw Ripmeester, PvdA. Mevrouw Ripmeester: Dank u wel voorzitter. Mijnheer Rondelez, u gaf aan dat u de zorg van de burger helder gaat overbrengen naar het gemeentebestuur. Bedoelt u dan het gemeentebestuur zoals we hier zitten, college en gemeenteraad, of bedoelt u dan alleen college? Dat was mijn eerste vraag.
En mijn tweede vraag is, ik heb er drie in totaal, mijn tweede vraag is: had u meer willen bereiken? Toen zei u, ja, eigenlijk, u zei het iets omfloerster maar u zei ja, maar we zijn gekomen waar we zijn gekomen. Kunt u aangeven welk heikel punt u eigenlijk nog had willen realiseren of misschien op termijn zou willen realiseren? En mijn derde vraag is: u heeft het steeds over we willen meer mensen, meer gebruikers bereiken, dan heeft u het over de zorg, maar nu deze nieuwe raad zou breder zijn. We hebben geen officiële cliëntenraad in Ridderkerk, terwijl we die wel zouden moeten hebben. Ik zag dat u daar die mensen ook wel zou willen bereiken. Dus mijn vraag is dan ook: u wil ervaringsdeskundigen, hoe gaat u die bereiken? En bent u het met mij eens dat we een heleboel, doordat we de ervaringsdeskundigen, de leden van het nieuwe platform mogen op geen enkele manier meer gelieerd zijn aan groeperingen of andere groepen of een andere kennis hebben ofwel professioneel of op welke manier dan ook, ze moeten allemaal op persoonlijke titel erin, of we daarmee wel recht doen aan de moeilijke opdracht die deze nieuwe raad krijgt. Dank u wel, dat waren mijn drie vragen.
Pagina 3 van 46
De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Rondelez, ik heb meegeschreven hoor, dus mocht u er een zijn … Mevrouw Ripmeester, wilt u even uw lampje uitdoen? Wilt u nog even uw lampje aandoen, mijnheer Rondelez? De heer Rondelez: De eerste vraag was? Mevrouw Ripmeester: Adviseert u het college of ook de gemeenteraad? De heer Rondelez: We zijn een adviesorgaan van het college, dus we adviseren het college. En in de verordening staat heel duidelijk onze adviezen worden ook ter kennis gebracht aan de raad. En ja, het is aan de raad om wat het college met onze adviezen doet om daar haar eigen zeg maar, haar eigen sausje overheen te leggen. Maar we zijn een adviesraad van het college. Dat zijn we ons terdege bewust en zo hebben we ook de afspraken gemaakt en zo zijn ook de rollen verdeeld. En daar kunnen we heel goed mee leven. De tweede vraag was? De voorzitter: De tweede vraag was, u gaf aan dat u het een en ander bereikt maar eigenlijk niet alles. Welk heikel punt heeft u niet bereikt? De heer Rondelez: Ja, ik heb al gezegd, wij zijn met veertien leden en als je kijkt naar onze opdracht vinden wij dat wat aan de magere kant maar daar hebben we een deal over gesloten met het college. Dus we gaan nu op dit moment niet onderhandelen over meer leden want die deal hebben we gesloten. We hebben wel met elkaar afgesproken als het nodig is en dat blijkt ook dat dat aantal kan groeien.
En ik zie de wethouder knikken dus daar moeten we het met elkaar over hebben. Maar als ik even kijk naar bijvoorbeeld Barendrecht, die start met twintig leden en wij met veertien. Barendrecht is weliswaar een iets groter gemeente qua inwoneraantal maar qua gebruikers van de zorg is Ridderkerk een grotere gemeente als, is Ridderkerk een grotere gemeente als Barendrecht. Dus we vinden het eigenlijk wel wat krap aan. Maar nogmaals, ik bedoel, op dit moment zijn we sowieso onderbemand dus eerst moeten we zien komen tot die veertien leden en dan kijken van ook de taken en de dingen die we hebben en kijken hoe we verder gaan. En ik denk als we dat stapsgewijs zeg maar opbouwen, dat we in ieder geval in goed gesprek kijken hoe we dat verder moeten gaan doen. Dat was het antwoord op de tweede vraag en de derde vraag was? De voorzitter: De derde vraag was hoe meer gebruikers te bereiken.
Mevrouw Ripmeester: Nou, niet helemaal meer gebruikers te gebruiken, maar heeft u het idee dat u voldoende gebruikers kunt bereiken en ook om deel te nemen in uw platform, nu alle potentiële deskundigen, potentiële ervaringsdeskundigen uitgesloten zijn die op wat voor manier dan ook gelieerd zijn aan de organisatie? De heer Rondelez: Nou, in de verordening staat dat zeg maar, even kort samengevat, bestuurders van organisaties, of het nou vrijwilligersorganisaties zijn of professionele organisaties, daar hebben we trouwens wel uitvoerig over gesproken hoor, dat die uitgesloten zijn van deelname. Maar de vrijwilligers die werken voor die organisaties die kunnen uiteraard wel lid worden van het Burgerplatform. Dat gaat met name om mensen die een verantwoordelijkheid dragen en waar je moet uitkijken, daar zijn we het overigens ook wel mee eens, dat er een belangenverstrengeling kan plaatsvinden als een bestuurder zeg maar aan de ene kant zeg maar over zijn eigen subsidieaanvraag gaat adviseren via de Burgeradviesraad. Het is inderdaad helder dat die rollen dus niet worden vermengd. Anderzijds kunnen wij en dat zullen we ook zeker doen, mensen van allerlei organisaties benaderen om met ons in contact te treden of andersom, zij kunnen met ons in contact Pagina 4 van 46
treden om hun verhaal bij ons te komen doen. Dus er is geen verbod op contact, het is wel een verbod op adviseren vanuit die rol. En ik denk als we dat, die rollen met elkaar goed spelen dat dat in ieder geval de zeg maar de kennis en kundigheid die bij organisaties zoals, ik noem maar wat, de Voedselbank of het Schuldhulpmaatje en noem er nog zo maar een aantal op, dat die kennis in ieder geval bij ons te berde kan worden gebracht. En als zij goed verhaal hebben, zullen wij dat zeker overbrengen naar het gemeentebestuur. Ik hoop dat ik hiermee een duidelijk antwoord heb gegeven. De voorzitter: Ik ga het even vragen. Mevrouw Ripmeester, zijn uw vragen zo voldoende beantwoord? Mevrouw Ripmeester: Ja, ik heb de mening van de heer Rondelez goed gehoord. Ik ben alleen een beetje in verwarring gebracht door het feit dat de raad gaat adviseren over subsidieverordeningen, dat ze daarom … U begon over subsidies, ik snap niet die link niet helemaal. Dank u wel.
De heer Rondelez: Wat ik probeer te zeggen is dat wij beslissen niet over subsidieaanvragen maar het risico zit erin en dat is dan het punt van mogelijke belangenverstrengeling, dat iemand zeg maar als lid is van het Burgerplatform, probeert het Burgerplatform te beïnvloeden over zijn advisering over datgene wat moet gebeuren aan beleid op een bepaald gebied en beleid wordt altijd mogelijk gevolgd door een subsidieaanvraag en financiën. Dus in die zin is het belangrijk dat mensen die zeg maar subsidie ontvangen niet proberen hun beleid via ons te beïnvloeden. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Ripmeester. Is uw vraag … U laat hem hierbij. Zijn er verder nog vragen vanuit de commissie? Ik zie geen handjes. Dan wil ik u ontzettend bedanken, mijnheer Rondelez, voor uw bijdrage, het wordt gewaardeerd en dan ongetwijfeld zien we u een andere keer weer. Dank u wel. De heer Rondelez: Graag gedaan. 3.
Vaststellen besluitenlijst commissie Samen leven van 9 november 2023 De voorzitter: Dan wil ik graag nu overgaan naar agendapunt 3, vaststellen besluitenlijst commissie samen leven van 9 november. Zijn er opmerkingen over de besluitenlijst van 9 november? Mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk. Mevrouw Van Vliet: Dank u wel voorzitter. Als ik het juist heb, ik moet even heel snel spieken, ja, is er in die vergadering vastgelegd dat mevrouw De Wolff-ter Beek van de ChristenUnie een gespreksnotitie aan zou, heeft gekondigd. Hoort dat dan niet bij de actiepunten onderaan te staan, is mijn vraag. De voorzitter: Mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Die stond inderdaad ook op mijn lijstje maar ik wilde aankondigen dat ik de gespreksnotitie even on hold zet omdat ik op dit moment artikel 41 vragen heb gesteld en daar het antwoord op wacht. De voorzitter: Dan is dat denk ik helder. Kan ik hem dan verder wel vaststellen bij deze? Dan is hij vastgesteld. Ten aanzien van de actiepunten. Actiepunt vier is afgedaan, het overzicht van de uitgevoerde artikel 213a onderzoek is toegezonden aan de raad. Dan wil ik nu overgaan naar agendapunt 4. De heer Oosterwijk: Misschien even niet gebruikelijk maar er moet volgens mij nog een streefdatum worden ingevuld ten aanzien van actiepunt drie. Althans in mijn overzicht. Klopt dat bij u ook? Pagina 5 van 46
De voorzitter: In mijn overzicht niet, maar dan vroegen we hem nu meteen toe. Heeft een datum voor me? De heer Oosterwijk: Ja. Nou, een datum, een maand wel, januari en wel van het jaar 2024. De voorzitter: Kijk, dat is al heel binnenkort. Hij wordt toegevoegd, dank u wel. 4.
Jaarverslag klachten 2022 in aanwezigheid van de klachtencoördinatoren De voorzitter: Dan wil ik overgaan naar agendapunt 4. Mag ik de klachtencoördinator mevrouw De Ruiter en mevrouw Hezemans, mevrouw Al Mashta, ik hoop dat ik het goed uitspreek en de portefeuillehouders Oosterwijk en wethouder Piena, wethouder Van Os vragen om voor mij plaats te nemen. Daarbij gezien het aantal stoelen wat wij hebben, ga ik vragen aan de heer Oosterwijk of hij op zijn plek wil blijven zitten. Ik denk dat hij dat aankan. Aan de orde zijn de jaarverslagen 2022 over algemene klachten en klachten in het sociaal domein. De raad heeft de jaarverslagen voor het eerst ontvangen en daarom leek het mij goed om deze te bespreken. U heeft de verslagen kunnen lezen en bent gevraagd om technische vragen vooraf te stellen. Laten we daarom deze tijd vooral besteden om van de mensen in de praktijk een kijkje achter de cijfers te krijgen. Daarvoor wil ik graag eerst het woord geven aan de klachtencoördinatoren, dat gaat goed met mij dit, dat komt door de kou denk ik. Zou u iets willen vertellen over uw werkzaamheden en wie mag ik als eerst het woord geven? Mevrouw De Ruiter? Mevrouw Hezemans mag ook. Nee ja, er staat geen plaatje bij, anders had ik het in één keer goed gedaan. Mevrouw Hezemans, mogen wij wat informatie van u horen? Mevrouw Hezemans: Zeker, dank u wel. Zeg maar over het werk an sich.
Nou, ik mag me bemoeien met alle klachten in de algemene klachtenverordening. En dat betekent dat wij in de afgelopen jaren ons bezig hebben mogen houden aan eigenlijk het terugdringen van het aantal klachten en het steeds efficiënter maken van het proces. Hij is hier wel aan. De voorzitter: Ja, iets dichter in de microfoon. Mevrouw Hezemans: Beter zo? Sorry, is de eerste keer, zal er gelijk bij zeggen. Dus nou ja, mijn werk is deels dus me bezighouden met het reduceren van het aantal klachten door intern aandacht te besteden aan het zo snel mogelijk, goed mogelijk afhandelen van de klachten die binnenkomen. En daar hebben we inmiddels wat jaren ervaring mee en we hopen steeds wat we leren door te vertalen in de praktijk. Heb ik daarmee een beeld geschetst? De voorzitter: Ik denk, nou, dat gaan we zo meteen horen van de commissieleden. Ze gaan vanzelf vragen stellen als ze het niet afdoende vinden of tenminste of nog meer zouden willen weten, dat klinkt beter. Mevrouw De Ruiter, mag ik u het woord geven? Mevrouw De Ruiter: Zeker. Sinds twee jaar doe ik de klachten van het sociale domein. Alle klachten komen bij mij binnen. Ik neem ook contact, telefonisch contact op met de klagers en probeer zo goed mogelijk hun klachten allereerst aan te horen, zien waar het op te lossen is en indien nodig uit te zetten in de organisatie. Ja.
De voorzitter: Ja hoor, we gaan vragen of de commissieleden vragen hebben. Zijn er commissieleden die een vraag zouden willen stellen aan beide dames of aan een van de dames? Mevrouw Kramer-Blansjaar, PvdA.
Pagina 6 van 46
Mevrouw Kramer-Blansjaar: Nou, ik heb wat hulptroepen hier, sorry. Ik zag in het verslag een conclusie staan, daarin zie ik niets over preventie. En ik ben ook benieuwd: is het misschien bij jullie gebruikelijk of is daarover nagedacht of er een training komt voor de-escalerende communicatie voor de baliemedewerkers. Want wij begrijpen dat er klachten zijn over hoe er door de klanten, zal ik ze maar noemen, wordt gesproken tegen jullie. Dus ik ben benieuwd of dat mogelijk is. De voorzitter: Ik ga even vragen, mevrouw Hezemans of mevrouw De Ruiter. Wie zou het durven te beantwoorden? Mevrouw Hezemans. Mevrouw Hezemans: Dank u wel. Als antwoord op de vraag of er een training of iets dergelijks voor dat specifiek onderdeel gegeven is, er is niet een kant en klaar trainingspakket of iets dergelijks wat we nu aanbieden, maar we hebben wel, wat we zien in de praktijk, we brengen dit uiteraard herhaaldelijk onder de aandacht. En ieder jaar, ja, we noemen dat, we hebben een klantreis gedaan, we hebben met elkaar afgesproken dat we een leerloop introduceren, dus alles wat we leren door de jaren heen brengen we intern zeker onder de aandacht en een middel zou kunnen zijn dat we inderdaad dan misschien een dergelijke training in gaan zetten, maar die is er nu niet. Er is nu geen specifieke training voor. De voorzitter: Dank u wel.
Ik zie dat wethouder Van Os zou willen aanvullen maar zo meteen gaan we aan de wethouders vragen stellen, dus u mag het nog heel even bewaren. Ik zag ook nog een hand van mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk. Mevrouw Van Vliet: Ja, dank u …. Sorry. De voorzitter: Oh, u wil nog aanvullend. Mevrouw Kramer-Blansjaar, PvdA. Mevrouw Kramer-Blansjaar: Ik had een vraag gesteld over de-escalerende communicatie en cursus, maar ook, is er ook gedacht aan preventie, dat was mijn eerste vraag. De voorzitter: Mevrouw Hezemans. Mevrouw Hezemans: Excuses. Is er gedacht aan preventie? Dat zit hem denk ik met name in interne processen, dus hoe we dat onder de aandacht brengen. Uiteraard is daarbij het uiteindelijke doel preventie op klachten of het verminderen van. Maar ik durf niet met zekerheid te zeggen dat we daar een kant en klaar iets voor hebben. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie de wethouder driftig meeschrijven maar die gaat het u zo meteen ongetwijfeld vertellen. Mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk, u had ook een vraag. Mevrouw Van Vliet: Jazeker. Voorzitter, ik weet alleen niet of ik dat nu moet doen aan mevrouw aan mevrouw Hezemans, dus ik stel de vraag, als het niet het juiste moment is, dan corrigeert u mij maar. Ik had een schriftelijke vraag gesteld over het werkproces om de leerloop van klachten af te maken in het jaar 2023.
En nou, want dat staat in het document en nou kreeg ik als antwoord dat dat binnen de verantwoordelijkheid ligt van de BAR-organisatie, de klachtencoördinator van de BAR-organisatie, maar dat het vanaf 1 januari naar de gemeente Ridderkerk gaat. Maar er staat in dat het word ingericht al in 2023 en we gaan 1 januari, dat is voor mij 2024 een nieuw jaar, dus mijn vraag is: is er dan helemaal niets gebeurd aan dat proces? Gaat de nieuwe klachtencoördinator voor Ridderkerk dat dan opnieuw doen? Of kunnen we zeggen: nou, we zitten aan het eind van dat proces? Pagina 7 van 46
De voorzitter: Mevrouw Hezemans. Mevrouw Hezemans: Dank voor deze vraag. De verduidelijking zit hem denk ik in, er is absoluut het nodige gedaan maar gelet op de ontwikkeling en dus de laten we zeggen start vanaf 1 januari van de klachtencoördinatoren binnen de gemeente wordt het daadwerkelijk inrichten in 2024 gedaan. De voorzitter: Is daarmee uw vraag voldoende beantwoord, mevrouw Van Vliet? Ja. Mevrouw De Wolff, ChristenUnie, u heeft ook een vraag? Mevrouw De Wolff-ter Beek: Eigenlijk misschien wel meer een opmerking. Dit is de eerste keer dat we dit verslag ontvangen en, nou, ik vind het een fijn leesbaar verslag en ook de plaatjes die erbij zitten geven inzicht dus daar wil ik u hartelijk voor bedanken. En er staan een aantal ideeën in om te verbeteren en u gaf het net ook al mooi aan: elke keer een beetje beter. Als nou alles kan en alles mag, wat zijn dan de dromen voor u om dat beetje beter te bereiken? De voorzitter: Dan is het toch, gaat het toch iets verder dan een opmerking, want u doet eigenlijk wel een oproep om wat wensen te uiten. Wie van de dames mag ik het woord geven? Wie durft? Nu kan het. Mevrouw De Ruiter. Mevrouw De Ruiter: Ja, het mooiste in een ideale wereld zijn er geen klagers, zijn de inwoners allemaal tevreden, is onze dienstverlening goed. Dus ja, dat zal het mooiste plaatje zijn van het verhaal.
Anderzijds, als er klachten binnenkomen en je kan komen tot een goed gesprek of uitleg geven en de inwoner is alsnog tevreden, dat is net zo mooi. Dus er mogen best klachten zijn, maar ja, het mooiste is als ze er niet zijn. De voorzitter: Mevrouw De Wolff, is daarmee uw vraag voldoende beantwoord? Zijn er verder commissieleden die nog een vraag zouden willen stellen? Dat is niet het geval. Dan … Oh, mevrouw Ripmeester PvdA-GroenLinks. Sorry, PvdA. Mevrouw Ripmeester: Ga uw mond spoelen. Mag ik een vraag stellen, verduidelijkende vraag? De voorzitter: Van mij mag het, ik hoor net eigenlijk dat het officieel volgens de regelementen van orde … Mevrouw Ripmeester: Dat mag niet, maar u maakte net een vergissing dus nu heb ik compensatie. De voorzitter: Ja, ik heb wat goed te maken, dus gaat uw gang. Mevrouw Ripmeester: Dat was een invulling van de vraag van mijn collega. Zij vroeg naar preventie en die vraag was voortgekomen onder andere uit pagina acht dat top vijf van de klachten is geen antwoord op vragen, geen informatie, slechte bereikbaarheid, wordt niet teruggebeld. Dat lijkt me nou net een stukje waar je gewoon op kunt doorpakken zeg maar. En dat was dan ook de vraag: wat doen we aan preventie, heel concreet, wat doen we aan deze top twee, zeg maar. De voorzitter: Mevrouw Hezemans, wilt u daar antwoord op geven? U mag hem ook doorpassen naar de wethouder, hoor.
Mevrouw Hezemans. Mevrouw Hezemans: Met wat hulp van de wethouder. In het coalitieakkoord staat dat we binnen twee werkdagen in een antwoord voorzien en dat zou dus de preventie kunnen zijn. Een van de middelen. Is daarmee, heb ik daarmee een antwoord gegeven op uw vraag? Pagina 8 van 46
De voorzitter: Ik zie mevrouw Ripmeester kijken dat ze nog een opmerking zou willen plaatsen. Anderzijds zou ik u ook misschien kunnen helpen met dat het volgende punt is dat u aan het college, de wethouders vragen kunt stellen. Dus misschien is dat wat gemakkelijker. Verder geen andere commissieleden? Nee, nou dan hebben we nu de gelegenheid om vragen te stellen aan de portefeuillehouders. Wie heeft er een vraag voor de portefeuillehouder? Mevrouw Kramer-Blansjaar, PvdA. Mevrouw Kramer-Blansjaar: Mijn vraag aan de wethouder is hoe hij denkt te kunnen gaan waarmaken dat die twee dagen dan gehaald gaan worden, zodat deze nummer twee uit de top vijf klachten gaat verdwijnen. De voorzitter: Wie mag ik het woord geven? Wethouder Van Os. De heer Van Os: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, goede vraag en dat geeft mij gelijk de gelegenheid om toch stiekem nog even ook antwoord te geven op de eerder gestelde vraag. Want het credo in dit huis is gewoon behandel een ander zoals je zelf behandeld wil worden. En ik hoorde mevrouw Kramer-Blansjaar inderdaad zeggen over bejegening richting de klant, maar vergeet ook niet dat er bejegening richting medewerkers plaatsvinden. En dat gaat soms heel ver van letterlijk medewerkers over een balie heen trekken.
Dus wij zijn ook voor de veiligheid en bescherming van onze eigen medewerkers aangewezen om daar zorg voor te dragen en andersom ook voor onze inwoners die een klacht komen doen. Dus daar zien wij op toe als bestuur. Met betrekking tot het punt binnen twee werkdagen antwoord op vragen, klachten, et cetera, gaan we werkprocessen inrichten. Straks doen we dat voor onze eigen gemeentelijke organisatie per januari zodat als je een klacht via de geëigende wegen indient, formulier, e-mail, app misschien wel, dan krijg je ook gewoon een eerste reactie met daar ook bij zicht op een tweede of een derde of een uiteindelijke reactie. En dat proces, dat zijn we nu aan het inrichten en daar hopen we ook gewoon heel snel mee te kunnen starten. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Kramer-Blansjaar, PvdA. Mevrouw Kramer-Blansjaar: Om misverstanden te voorkomen bij de wethouder, ik bedoelde de-escalerende communicatie bij de medewerkers om zo snel mogelijk iemand te kunnen de-escaleren. En voorbeelden daarvan zijn politie, NS, luchtvaartmaatschappijen die allemaal proberen te voorkomen dat het tot lichamelijk contact komt. Het valt niet goed te praten wanneer iemand de medewerkers over de balie trekt maar zo nu en dan is het wel begrijpelijk met zaken zoals bijvoorbeeld het toeslagenschandaal dat sommige mensen emotioneel niet helemaal correct handelen.
Nogmaals, het geeft geen pas om medewerkers aan te raken of over de balie te trekken of met andere bewoordingen ze aan te spreken maar daarom mijn vraag: krijgen de medewerkers misschien ook een cursus in de-escalerende communicatie om dit zoveel mogelijk te voorkomen? De voorzitter: Wethouder Van Os, wilt u hier nog kort op reageren? De heer Van Os: Ja, kort inderdaad voorzitter. Ja, medewerkers moeten inderdaad veel incasseren. Daar worden ze ook op gewezen, dat is net ook al aangegeven, niet speciaal een cursus, maar wel op gewezen dat zaken kunnen escaleren, ook aan de balie en de ruimtes en dat ze ook ten alle tijden voor de eigen veiligheid moeten staan en dat ze ook niet moeten de-escaleren, dus dat wordt zeker meegegeven. Er komt een hoop emotie kijken bij een hoop dossiers, inderdaad toeslagenaffaire als voorbeeld bijvoorbeeld. Dat begrijpen we ook heel veel van de mensen dat daar emoties bij komen kijken maar niets kan fysiek geweld goedpraten van beide zijden uiteraard, dus laat dat helder zijn. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er verder vanuit de commissie nog vragen? Mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Pagina 9 van 46
Mevrouw De Wolff-ter Beek: Dank u wel. Ik heb een doorvraag en ik denk dat die voor mijnheer wethouder Piena is. We hadden de vraag gesteld over de klachten die in het zaaksysteem terechtkomen en we vroegen bijvoorbeeld van de klachten van partners in mobiliteit, PiM, of die dan wel of niet in het zaaksysteem terechtkomen. Nou, die komen daar niet in. Ik lees dat er regelmatig overleg is en tegelijkertijd denk ik: wat zou het handig zijn als er in dit overzicht, in zo'n jaaroverzicht echt alle klachten die te maken hebben met dit domein overzichtelijk zouden zijn. En ik zou willen vragen wat de reden is dat u daar niet voor wil kiezen. Of misschien wilt u daar wel voor verkiezen maar is het gewoon nog niet zo. De voorzitter: Wethouder Piena, mag ik u het woord geven? De heer Piena: Voorzitter, ja, daar hebben we niet voor gekozen op dit moment. PiM is een onafhankelijk klachteninstituut, laat ik het maar even zo noemen en daar vindt wel mondeling overleg plaats uiteraard als de klachten er zijn en als wij als gemeentebestuur daar ook wat mee kunnen. Nee, we hebben nog niet overwogen om het in ons eigen zakensysteem te zetten. Wat we wel doen is alle klachten die wel hier gemeld worden, die komen wel in het zaaksysteem.
Op dit moment zie ik ook nog niet de meerwaarde om die klachten, want we weten natuurlijk wel, we kunnen dat bij PiM gewoon opvragen hoeveel klachten er binnengekomen zijn, dat weten we ook, we kennen de percentages, dat vinden wij op dit moment voldoende. De voorzitter: Mevrouw De Wolff, ChristenUnie, wilt u hier nog een reactie op geven? Mevrouw De Wolff-ter Beek: Ja, ik zit te twijfelen, ik kan wel een reactie geven maar dan ontstaat er haast een debat en dat wil ik niet. Ik pleit toch voor een overzicht ook voor ons als raad om in een beeld weer te geven wat de klachten zijn rondom sociaal domein. En wat je, waar je dat dan nu van alle kanten en ik heb nu PiM genoemd, maar wellicht zijn er nog wel meer plekken. En het zou ons helpen maar om dat gewoon in een duidelijk overzicht te hebben, net zo mooi als dat hierin is gedaan. Dat was de opmerking. De voorzitter: Waarvan akte, wordt genoteerd. Zijn er verder... Ik wou zeggen zijn er verder nog vragen maar ik zie gelijk een hand omhooggaan van de heer Kardol, SGP. De heer Kardol: Ja, dank u voorzitter. Is het reëel te verwachten dat met de nieuwe Ridderkerkse organisatie het aantal klachten zal gaan verminderen? De voorzitter: Wie van de beide portefeuillehouders mag ik hier het woord over geven? De … Of of, ja, ja nee. Het hoofd? Het hoofd wil niet, dan het andere hoofd. Ja ja ja ja, u krijgt het woord.
De heer Van Os, mag ik u het woord geven. De heer Van Os: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, uiteraard is dat onze inzet om de dienstverlening aan onze inwoners ondernemers vanaf januari nog beter te maken dan dat die nu al is met onze eigen organisatie en daardoor het aantal klachten te laten verminderen, zowel de algemene klachten als de klachten op het sociaal domein. En voor de helderheid, de burgemeester gaat ook over de klachten over het college in het algemeen, dan wel over de wethouders en die klachten hopen we uiteraard ook tot nul te krijgen, als die al niet tot nul zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wil de burgemeester hier ook op reageren? De heer Oosterwijk: Nee, dank u wel voorzitter, wethouder Van Os heeft dat volgens mij prima verwoord.
Pagina 10 van 46
De voorzitter: Helder. Mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk. Mevrouw Van Vliet: Dank u wel. Ja, het schiet mij te binnen, als we straks overgaan naar een eigen organisatie, de historie van de klachten, blijven die dan binnen de BAR of komt dat allemaal als een bestand geselecteerd of, ja, eruit getrokken als het ware naar Ridderkerk, hoe zit dat eigenlijk? De voorzitter: Wethouder Van Os. De heer Van Os: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, dat geldt eigenlijk voor alle data. Alle data die op Ridderkerk gericht is ook volgens de archiefwet moet voor de gemeente Ridderkerk beschikbaar komen, dus dat zal gebeuren. Ja, dat is allemaal import en export in ICT-systemen dus pin me er niet op vast in welk systeem het dadelijk terecht gaat komen maar het zal in ieder geval richting Ridderkerk komen waar het om Ridderkerkse klachten gaat. Die van onze andere deelnemende gemeenten die zijn niet aan ons besteed. De voorzitter: Dank u wel. Is de vraag voldoende beantwoord? Dat is aan de orde. Mevrouw Roelofs, Leefbaar Ridderkerk. Mevrouw Roelofs: Ja, dank je wel. Nou ja, wij vonden sowieso dat er relatief weinig klachten waren als we het overzicht bekijken. Is de veronderstelling dat de cliënten die klachten hebben, dat die ook voldoende weten waar ze hun klachten neer kunnen leggen? De voorzitter: Wethouder Piena zie ik naar de microfoon gaan, dus.
Heren, zou u de discussie via de voorzitter willen laten verlopen? Wethouder Piena, mag ik u het woord geven? De heer Piena: Voorzitter, die discussie gaan we met u maar niet even aan. Volgens mij, het staat ook in het verslag, doordat de klachtencoördinator beter zichtbaar is op de website, rechtstreeks benaderbaar, verwachten wij inderdaad dat de bereikbaarheid voor mensen om een klacht in te dienen absoluut vergroot is. Of het dat voor iedereen zo is, ja, dat wordt lastig. Maar ik denk dat we er wel heel veel aan gedaan hebben om de drempel zo laag mogelijk te houden. De voorzitter: Mevrouw Roelofs, is daarmee uw vraag afdoende beantwoord? Mevrouw Roelofs: Ja, ik heb toch nog een stapelende vraag dan. Is dat ook zo voor de mensen die, ja, talig gewoon minder sterk zijn. Op welke wijze wordt het dan bij deze mensen duidelijk gemaakt? De voorzitter: Wethouder Piena. De heer Piena: Zoals voor alles, ook voor aanvragen met regelingen en dergelijke blijft altijd onze aandacht erop gericht om ook de mensen die minder taalvaardig zijn, minder computervaardig zijn, om ze zo goed mogelijk te helpen. Zijn natuurlijk ook kunnen ze terecht gewoon bij ons op het gemeentehuis als er klachten zijn en dan worden ze geholpen. Maar het blijft natuurlijk een uitdaging voor mensen die niet taalvaardig zijn, absoluut, maar de aandacht ligt er wel. De voorzitter: Dank u wel.
Uw vraag is daarmee afdoende beantwoord. Zijn er verder vanuit de commissie vragen? Mijnheer Coule, Burger op 1.
Pagina 11 van 46
De heer Coule: Nou zat ik net zo te denken, maar bij het spreekuur op dinsdagmiddag worden ook wel eens klachten ingeleverd in de vorm van een vraag, van een gesprek, van een noem maar op. In de verslagen heb ik daar eigenlijk niks over teruggevonden. Wordt dat wel meegenomen erin? De voorzitter: Nu ga ik me echt af zitten vragen wie ik het woord ga geven. Maar ik zie wethouder Van Os zijn hand opsteken, zegt u het maar. De heer Van Os: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ik denk dat de heer Coule dan doelt op het spreekuur van burgemeester en wethouders. Ja, daar komen vragen binnen, klachten inderdaad, die worden geregistreerd in een eigen systeem en die worden ook afgehandeld, die hebben ook een andere afhandeltermijn dan de klachtenverordening. Binnen drie weken krijgen ze al antwoord vanuit het college dus wat dat betreft zou je haast iedereen oproepen dinsdagmiddag een klacht in te komen dienen, zachtjes gezegd. Maar nee, dus dat kent een hele andere werkwijze dan de klachtenverordening algemeen, zoals je op de website een klacht in kan dienen. De voorzitter: Dank u wel. Is daarmee uw vraag voldoende beantwoord? Zijn er andere commissieleden die nog een vraag willen stellen? Dat is niet aan de orde. Is de commissie van mening dat dit onderwerp voor vandaag voldoende beantwoord is? Ik zie geen handjes, dus dan is dat aan de orde.
Dan heb ik een vraag aan de commissie: wilt u deze jaarverslagen volgend jaar weer standaard agenderen of wilt u dat laten afhangen van het verslag en wie zou ik eventueel het woord daarover mogen geven? Ik zie dat er drie mensen wat willen … Ik ga eerst de heer Kardol SGP het woord geven. De heer Kardol: Dank u voorzitter. Wat mij betreft, wat de SGP betreft hoeft het niet per se geagendeerd te worden. De voorzitter: Mijnheer Coule, Burger op 1. De heer Coule: Burger op 1 zou het fijn vinden om het wel geagendeerd te zien. De voorzitter: Mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Zoals ik net al aangaf, ik denk dat het heel waardevol is om zo'n mooi overzicht te hebben en denk ik dat elke klacht, nou ja, en de behandeling daarvan het waard is om hier even aandacht aan te besteden. De voorzitter: Dat betekent dat u ervan uitgaat dat het en dat u het liefste zou willen dat het volgend jaar weer geagendeerd is. Dan ga ik eventjes de gehele commissie langs om te kijken waar de meerderheid ligt. Leefbaar Ridderkerk, u wil dat ook, PvdA, Echt voor Ridderkerk. Mevrouw Van Vliet: Wij willen dat ook, zeker omdat we nou een eigen organisatie krijgen is het ook wel ... De voorzitter: Dat is helder. Mevrouw Klaver, VVD. Mevrouw Klaver: VVD Ridderkerk vindt het niet zo zeer belangrijk om de klachten te zien als wel de oplossingen daarvan, dus in principe niet.
Als er geen oplossingen bij zitten. De voorzitter: De heer Overheid, CDA Ridderkerk.
Pagina 12 van 46
De heer Overheid: Hoeft van het CDA niet jaarlijks terug te komen. De voorzitter: Mevrouw Horvath, GroenLinks. Mevrouw Horvath: Graag wel. De voorzitter: Dan ga ik eventjes naar mijn rechterhand kijken. Zes voor, drie tegen, dus we gaan het agenderen voor volgend jaar. Dan wil ik de coördinator hartelijk bedanken voor uw aanwezigheid en de toelichting voor zover die gevraagd is. Hartstikke goed gedaan, dank jullie wel. Ja en tot volgend jaar. 5.
Jaarverslag bezwaarschriften 2022 in aanwezigheid van de voorzitter en secretaris De voorzitter: Dan wil ik nu graag overgaan naar agendapunt 5. Dan wil ik graag de burgemeester uitnodigen om voor mij te komen zitten en de heren Van den Berg, voorzitter van de commissie bezwaarschriften en de heer Verburgh, secretaris van de commissie bezwaarschriften. Elk jaar stuurt de commissie bezwaarschriften het verslag met een overzicht van hun werkzaamheden en vandaag is aanwezig de voorzitter van de commissie bezwaarschriften om een en ander toe te lichten en uw vragen te antwoorden. Hij wordt bijgestaan door de secretaris van de bezwaarschriftencommissie, de heer Verburgh. Mijnheer Van den Berg, mag ik u als eerste het woord geven? De heer Van den Berg: Dank u wel voorzitter. Bedankt voor de uitnodiging. Het is aan u om een vraag te stellen over het verslag, denk ik. De voorzitter: Dan ga ik even aan de commissieleden vragen of zij een vraag hebben. Zijn er commi… Ja, mevrouw Kramer-Blansjaar, hoeveel vragen heeft u? Eentje, dan kunt u die achter elkaar stellen. Mevrouw Kramer-Blansjaar: Voorzitter, kunt u mij uitleggen hoe ik dat dan moet doen met een vraag? De voorzitter: Achter elkaar de vragen stellen. Mevrouw Kramer-Blansjaar: Ik mag gewoon doorpraten, begrijp ik. Ja. Niet alle adviezen zijn opgevolgd. Kunt u ons vertellen waarom niet? De voorzitter: Mijnheer Van den Berg.
De heer Van den Berg: Die vraag die moet ik aan het college doorspelen, want wij adviseren het college en dan is het aan het college om dat over te nemen of daarvan af te wijken met extra motivering. De voorzitter: Dus u mag deze vraag even parkeren voor zo meteen. Zijn er andere commissie ... Mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Dank u wel. Wij hadden een vraag gesteld over ingediende bezwaarschriften en of die dan leiden tot concrete aanpassingen in het beleid en ik zal daar zo nog een vraag aan de burgemeester aan stellen. Maar voor nu de vraag: stel dat dat zo zou zijn, hoe werkt dat dan? Er komt een bezwaarschrift en u merkt van, nou, daar zou mogelijk iets kunnen verbeteren aan het beleid. Gaat het op die manier en geeft u dat dan door of gaat het op een andere manier? De voorzitter: Mijnheer Van den Berg. Pagina 13 van 46
De heer Van den Berg: Dank u. Wij moeten in de eerste plaats adviseren over een concreet geval, een besluit van het college en daar heeft een burger bezwaar tegen gemaakt. En in ons advies moeten wij dat op juridische merites beoordelen en een van de onderdelen van het advies kan dan zijn het beleid rammelt, of is niet zo handig. En ja, dat kun je benoemen en meestal komt dat in een overweging ten overvloede, zoals we dat noemen, terecht. Dat zou bijvoorbeeld kunnen zijn, ik weet niet eens hoe het in deze gemeente precies geregeld is, maar soms, dat is wel een duidelijk voorbeeld, dan is er, dan worden er laadpalen neergezet. En elke keer als daar de behoefte aan is dan komt er kriskras door de gemeente ergens een laadpaal. Dat is een voorbeeld van een andere gemeente, hoor. En dan kunnen wij adviseren als commissie: misschien is het handig om volgend jaar gewoon eens een raster over de gemeente te leggen en dan beleid op te stellen om de zoveel honderd meter komt een laadpaal en dan heb je minder onrust in het dorp. Maar het heeft ook nadelen omdat je dan een groot verkeersbesluit neemt waar mensen een keer tegen moeten opkomen. En als je elke keer een bijzondere laadpaal neerzet met een apart besluit dan hebben elke keer mensen een rechtsingang.
Dus het zijn allemaal, ja, achterliggende gedachtes die je dan als commissie, ja, wel kunt influisteren maar als commissie die adviseert over een bezwaarschrift ga je daar niet over. Dus je kan proberen wel het denken een beetje op gang te brengen maar het beleid maken, dat is echt iets van het college. De voorzitter: Dank u wel. Is daarmee uw vraag voldoende beantwoord? Zijn er andere commissieleden die een vraag willen stellen? Nou, dat is niet het geval. Dan ga ik even vragen of er nog vragen te stellen zijn aan de portefeuillehouder. Mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Dank u wel. Ja, eigenlijk weer over hetzelfde onderwerp. We hadden gevraagd: hebben de bezwaarschriften geleid tot aanpassingen. En dan wordt er geantwoord: nee, niet tot aanpassingen op de werkinstructie van de commissie bezwaarschriften. Dat begrijp ik, maar ik bedoelde op andere, op de dingen waarover bezwaar is aangetekend. De voorzitter: Burgemeester Oosterwijk, mag ik u het woord geven? De heer Oosterwijk: Ik denk dat ik begrijp waarom u het antwoord enigszins bevreemdend vindt. Het is misschien net even een kwestie van beeld hebben bij de vraag en daarmee op die manier ook een antwoord erop formuleren. Mij is niet bekend op welke manier zeg maar beleid daadwerkelijk is aangepast op basis van bezwaren die op enig moment voor een bepaald dossier daadwerkelijk zijn ingediend.
Ik denk dat het wel heel aanbevelenswaardig is om misschien naar de toekomst toe eens te kijken of dat misschien ook een verrijking kan zijn ten aanzien van de verslaglegging, dan wel dat er zeg maar separaat op het verslag, wat natuurlijk niet per se aan het college is, een stukje extra duiding gegeven kan worden op dat vlak. Dus als ik het zou mogen oppakken als een soort aanbeveling om naar de toekomst eens even te kijken of daar ook daadwerkelijk als gevolg van bezwaren aanpassing van beleid heeft plaatsgevonden, dan neem ik die aanbeveling graag even mee om te bezien of dat bij een volgende situatie ook daadwerkelijk kan worden opgenomen of bijgevoegd. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw De Wolff, is daarmee uw vraag voldoende beantwoord? Mevrouw De Wolff-ter Beek: Meer dan, bedankt. De voorzitter: Kijk, dan weet ik ook nog dat mevrouw Kramer-Blansjaar, PvdA, die wilde nog een vraag stellen, die had ze net geparkeerd. Gaat uw gang.
Pagina 14 van 46
Mevrouw Kramer-Blansjaar: Ja, voorzitter, ik wil graag weten, er staat in het verslag dat het college in een zaak is afgeweken van het advies van de commissie. Het ging om een last onder dwangsom. Het college deelde het oordeel niet en ik wil weten: wat zou een burger dan nog kunnen doen wanneer het advies niet opgevolgd wordt? De voorzitter: Dank u wel. Burgmeester Oosterwijk, mag ik u het woord geven? De heer Oosterwijk: Ja, ik denk dat de vraag zich richt op die situatie, zoals het op pagina veertien ook van het bezwaar van het document is opgenomen. En laat ik vooropstellen dat de situatie dat het college contrair gaat op een advies vanuit de bezwaarschriftencommissie gelukkig een enkele situatie betreft en dat, daar klinkt dan natuurlijk tegelijkertijd in door dat het college natuurlijk veel waarde hecht aan de manier waarop de commissie uiteindelijk haar adviezen formuleert en dat die ook veelal worden overgenomen. Ik ken de inhoud van het specifieke geval niet of onvoldoende goed, maar ik wilde dit wel even op voorhand gesteld hebben. En natuurlijk is het niet zo dat daarmee, want het is natuurlijk best wel een keuze die gemaakt wordt als het college daarvan afwijkt, dat daarmee de mogelijkheden voor een inwoner of een ondernemer uitgeput zijn. In zekere zin kun je gewoon erachteraan concluderen dat er gewoon een rechtsgang mogelijk is voor de inwoner of de ondernemer.
Maar het college zal zich natuurlijk terdege daar ook rekenschap van geven om te voorkomen dat er al te lichtvaardig zeg maar iets contrair zou kunnen worden gegaan. Want wij realiseren ons natuurlijk ook goed dat het, je zou kunnen zeggen opdringen of op een andere manier sturen op een rechtsgang natuurlijk niet de bedoeling van het college an sich is. De voorzitter: Is daarmee uw vraag voldoende beantwoord? Dank u wel. Zijn er verder vanuit de commissie nog vragen? Dat is niet het geval, dan is dit agendapunt afgehandeld. En dan zou ik de heer Van den Berg en Verburgh willen bedanken voor hun aanwezigheid. 6.
Verordening Burgeradviesraad Sociaal Domein Ridderkerk 2023 De voorzitter: Dan ga ik over naar agendapunt 6. Wethouder Piena en de heer Rambharos, zou u voor mij plaats willen nemen? Onderwerp is de verordening Burgeradviesraad sociaal domein Ridderkerk 2023. De verordening geeft het kader voor een nieuwe adviesraad voor het sociaal domein. Het college stelt voor om op deze wijze invulling te geven aan de eisen die in de wet zijn vastgelegd. Om tot deze verordening te komen, is overleg gevoerd met de bestaande advies platforms het Maatschappelijk Burgerplatform en het Burgerplatform Minima Ridderkerk. Zij hebben ook advies gegeven op het conceptverordening. De inzet is ter debat. Kunt u daarmee instemmen? Ik zie geknik dus dat is aan de orde, dat betekent dat u alleen nu technisch inhoudelijke vragen kunt stellen. Wethouder Piena, heeft u nog wat toe te voegen aan datgene wat ik net al heb vermeld? De heer Piena: Nou voorzitter, we hebben een inspreker gehad die volgens mij heel veel zaken heel duidelijk heeft gemaakt. Inderdaad is het een heel proces geweest over twee collegeperiodes heen zelfs. Op dit moment zijn inderdaad nog niet alle leden van diverse platfora overtuigd van de nieuwe platform, het nieuwe adviesorgaan, ik moet het goed zeggen. En toch willen we graag in gesprek blijven met hen.
Ik ga ze ook nog een keer uitnodigen, want ik denk dat het van belang is om zeker bij de opstart van dat nieuwe adviesorgaan om even alle kennis en ervaring binnenboord te houden. Dat is tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er commissieleden die vragen willen stellen aan de portefeuillehouder? Zo ja, dan wil ik heel graag weten hoeveel. Burger op 1 heeft drie vragen, GroenLinks een, PvdA, hoeveel vragen
Pagina 15 van 46
heeft u? Dat zijn drie. Dat wordt iene miene mutte. Ja, die heeft er drie. Dus ik heb de … Nou, in ieder geval mevrouw Horvath, GroenLinks, u heeft een vraag, die mag u als eerste stellen. Mevrouw Horvath: Dank u wel voorzitter. Ik hoorde de heer Rondelez namens MBR daarnet vertellen dat hij de suggestie aan het college heeft gedaan om hen op een bepaalde manier te introduceren bij alle mensen die mogelijk gebruik van hen zouden kunnen maken of hen nodig zouden kunnen hebben. Ik ben benieuwd, zijn daar ook al acties aan verbonden of hoe bent u met die suggestie omgegaan? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Piena, mag ik u het woord geven? De heer Piena: Dank u wel voorzitter. Nee, daar hebben we nog geen actie op ondernomen, want uw raad moet nog eerst akkoord gaan met het feit dat er een nieuw adviesorgaan opgericht wordt en dan lijkt het me niet meer dan logisch dat we daar even op wachten. Hebben we daar denkbeelden over? Jazeker, die hebben we ook al wel besproken en zeker met de gebruikers op dit moment van de diverse voorzieningen. Die heeft de inspreker net ook genoemd, willen we kijken of we daar mensen kunnen enthousiasmeren om deel uit te maken van dat nieuwe adviesorgaan, oftewel dat ze goed benaderbaar zijn om het adviesorgaan van informatie te voorzien. De voorzitter: Dank u wel. Is daarmee uw vraag voldoende beantwoord? Dat is aan de orde.
Dan wil ik graag de heer Coule, Burger op 1, u had drie vragen. Wilt u ze alle drie tegelijk stellen? De heer Coule: Dank u wel voorzitter, ik ga mijn best doen. Mijn eerste vraag is: hoe onafhankelijk is die commissie als het college alle mensen, alle leden van die commissie aanneemt, schorst, dan wel ontslaat? En betaalt uiteraard ook. Vraag nummer twee is: het BMR was met een aantal punten behoorlijk tegen van wat nu opgenomen is door het MBR en wat dus ook in het advies allemaal staat. Hoe staat u daar tegenover, tegenover wat het BMR had gezegd, dat is de vraag. En dan mijn laatste vraag is: wat zijn nou precies de kosten die ik zie bij ondersteuning, dus 30.000 die bij ondersteuning staat en ik ben erg nieuwsgierig waar dat precies uit bestaat. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Piena, kunt u de vragen beantwoorden? De heer Piena: Ja, wel degelijk voorzitter. Hoe onafhankelijk is het op het moment dat het college op voordracht van het adviesorgaan mensen, ja, aanneemt, laat ik het zo even zeggen of dat we ze ontslaan. In principe volgen wij datgene wat door het adviesorgaan wordt voorgedragen, alleen bij zwaarwegende reden of bij overtreding van datgene wat we afgesproken hebben zal het college daarin zelfstandig besluiten.
Dus ik denk dat er een grote onafhankelijkheid is voor het adviesorgaan om zijn eigen leden te benoemen en eventueel afscheid van te nemen als het niet past. De tweede vraag, hoe sta ik er tegenover tegen de argumenten van het BMR, waar ze sommige zaken niet mee eens zijn. Er is al aangegeven, het is een heel lang proces geweest, het was ook geen makkelijk proces. Nogmaals, er moesten toch wel wat dingen overwonnen worden. Over hoe ga je met elkaar om, wat doe je? Nou, altijd een heel vervelend woord om te gebruiken maar het zit ook een beetje in het vertrouwen in elkaar hebben. Een groot aantal leden van de diverse platfora hebben aangegeven: we zetten ons eroverheen, we gaan kijken naar de toekomst, we gaan een mooi nieuw adviesorgaan oprichten en met elkaar gaan we kijken hoe we het zo goed mogelijk voor onze inwoners kunnen doen. Helaas heeft de BMR als eenheid zeg maar gezegd: nou ja, wij zijn het daar niet mee eens, wij zien nog te veel hobbels op de weg. Ja, dat vinden wij jammer. Nogmaals, ik wil daar graag en ik blijf er ook graag mee in gesprek met die leden maar we moeten ook verder en we moeten naar een mooi nieuw adviesorgaan. Dat is de tweede. En dan de derde vraag, die heb ik even … Pagina 16 van 46
De voorzitter: De kosten van de 30.000, hoe die samengesteld is. De heer Piena: Ik ga hem even doorspelen naar links. Ik weet het antwoord, maar hij heeft het denk ik voor zich. De voorzitter: Dank u wel. Mag ik u dan het woord geven, de heer Rambharos. De heer Rambharos: Yes. De 30.000 in de begroting doelt dat op de kosten voor de algemeen ondersteuner die eigenlijk heel veel taken verricht binnen de adviesraad zelf, de nieuwe adviesraad die er moet komen. En ja, dan hebben we, we kijken, we zijn nog aan het kijken op welke manier en in welke structuur deze persoon dan die ondersteuningsrol aan zal nemen. Maar de verwachting is aan de hand van de uren en de werkzaamheden dat dat 30.000 ongeveer zal kosten. De voorzitter: Dank u wel. De heer Coule, zijn daarmee uw vragen voldoende beantwoord? Dat is aan de orde. Dan ga ik nu graag het woord geven aan mevrouw Ripmeester, PvdA. Mevrouw Ripmeester: Dank u wel voorzitter. Dan begin ik even met een verduidelijkende vraag naar aanleiding van het antwoord dat gegeven werd aan de heer Coule. Daarop, hij vroeg van hoe zit het nu met de benoeming en hoe onafhankelijk is dat? En de wethouder antwoordde daarop: ja, in principe volgen wij gewoon het advies van de adviesraad en dat mits er geen bezwaren zijn.
Maar als dat de route wordt, waarom staat dat dan niet in de verordeningen? Waarom staat het er dan zoals het er staat, dat is dan de eerste vraag. Mijn tweede vraag is, ik heb er nu dus vier, mijn tweede vraag is: gaan de ongevraagde adviezen standaard naar de raad en gaan ze ook direct na ontvangst naar de raad of moeten we dan wachten tot het college het een geschikt moment vindt om dat toe te sturen of kan de raad dat zelf bepalen dat ze hun adviezen doorsturen? Mijn ... De voorzitter: Zullen we eerst dan omdat u inmiddels nu vier vragen had, eerst deze twee vragen beantwoorden? Wethouder Piena, mag ik van u antwoorden op de eerste twee vragen van mevrouw Ripmeester. De heer Piena: Nou, ik vind het altijd leuk om te delen dus ik zal de eerste vraag voor mijn rekening nemen. De route van benoeming staat eigenlijk ook in de verordening, een voordracht vanuit het adviesorgaan van de leden vanuit het adviesorgaan en dat honoreren wij. En als, alleen als er zwaarwegende redenen zijn zoals dat het adviesorgaan over het hoofd heeft gezien bijvoorbeeld dat iemand niet aan de voorwaarden voldoet, ja, dan zeggen we nee. Maar uiteraard gaan we dan wel even eerst in gesprek met het adviesorgaan. Maar dat is de routing en de routing staat dus ook in de verordening. De voorzitter: En u wilt de tweede vraag doorpassen. Mijnheer Rambharos.
De heer Rambharos: De tweede vraag ging over of de, of alle adviezen standaard naar de raad zullen gaan. Ter kennisgeving is eigenlijk het eerste punt dat, het zal altijd ter kennisgeving gedaan worden indien het gedaan wordt, maar vaak wel alleen als het echt ook ter besluitvorming ligt aan de raad. En als het alleen door het college besloten dient te worden, dan hoeft dat niet in elk geval zo te zijn. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Ripmeester, u heeft denk ik nog een reactie op vraag, op de beantwoording van vraag twee. En zou daarna gelijk vraag drie en vier willen stellen.
Pagina 17 van 46
Mevrouw Ripmeester: Dank u wel voorzitter. Ja, mijn reactie op vraag twee is: begrijp ik het goed dat ongevraagde adviezen dus niet naar de raad komen? En dan is mijn, ga ik weer door met de volgende vragen. De gemeente is verplicht om een cliëntenraad in te stellen, die hebben wij niet. U kiest er nu voor om, omdat in het coalitieakkoord staat dat er een raad moet komen wordt deze route ingezet. Een mooi nieuw adviesorgaan, noemt de wethouder het. Kunt u het verschil aangeven tussen een sociaal burgeradviesraad en een cliëntenraad? De verschil in statuur zeg maar, kunt u dat aangeven? En mijn volgende vraag is: kunt u misschien reflecteren op de opmerkingen van de ombudsman? Die ziet een toename van het aantal adviesraden sociaal domein die gemeente gevraagd en ongevraagd advies geven en die ziet ook dat dat vaak een cliëntenraad dan wordt samengevoegd met die adviesraad, maar hij noemt zo'n inspraakorgaan dan een surrogaat omdat je dan inspraak doet hem denken aan zo’n vinkje: we hebben met ze gesproken en een cliëntenraad is echt iets anders, is een ander kaliber. Kunt u daar misschien op reflecteren? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mag ik als eerste de heer Rambharos het woord geven om nog eventjes aanvullend op vraag twee van mevrouw Ripmeester te reageren, of de ongevraagde adviezen dus niet naar de raad komen? Mevrouw Ripmeester.