CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

2023-05-25-verslag-gemeenteraad-ridderkerk.pdf

Gemeenteraad RK 25 mei 2023, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 0.: Besluitenlijst en verslag26.889 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Woordelijk verslag vergadering gemeenteraad Ridderkerk 25 mei 2023 1.

Opening en vaststellen agenda De voorzitter: Hierbij open ik deze openbare raadsvergadering. En ik heet natuurlijk een iedereen hartelijk welkom, de raadsleden, collegeleden, de ambtelijke ondersteuning, publiek, pers en alle volgers ook via internet bij deze openbare raadsvergadering. Er is een bericht van verhindering ontvangen van twee raadsleden. Mevrouw Van Vliet van de fractie van Echt voor Ridderkerk en mevrouw Ripmeester van de fractie van de PvdA/GroenLinks. Verder zijn er geen afwezigen te melden en dat brengt dat wij met elkaar vanavond vergaderen met 27 aanwezige raadsleden. Daarmee bestaat quorum zodat we daadwerkelijk ook aan de slag kunnen en dat is mooi. Ik heb ernaar uitgekeken, u hopelijk ook. Laten we met elkaar er ook een constructieve vergadering van maken. Dan ga ik met uw welnemen over tot het vaststellen van de agenda. En de vraag die ik dan ook in de midden neerleg is of u zich bij de agenda kunt vinden? Mevrouw Van Nes. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u, voorzitter. Ik ga weer één keer corrigeren. Graag Van Nes-de Man. Een beetje mijn artiestennaam maar die hou ik er graag in. Ik wilde vragen of het agendapunt van de Rekenkamer naar voren gehaald zou kunnen worden? Want in verband met mensen die op de publieke tribune zitten.

Dus dat die dan naar agendapunt 5 of zo zou kunnen? De voorzitter: De vraag die ik dan dus bij u neerleg, of er iemand zich niet in dat voorstel kan vinden? Even negatief geformuleerd maar dat maakt het denk ik ook duidelijk. Iedereen het daarmee eens? Dat betekent dus dat we agendapunt 8, Rekenkamerrapport Ridderkerk Participatie en Omgevingswet behandelen na agendapunt 4, dat is de lijst van ingekomen stukken. Dan doen we dat conform verzoek. Dank u wel.

2.

Vragenuur voor raadsleden (artikel 42 Reglement van Orde) De voorzitter: Dan gaan we over tot het vragenuur voor raadsleden en bij mijn weten zijn daar drie vragen binnengekomen. En ik geef als eerste het woord dacht ik aan mevrouw Ripmeester over fietsveiligheid maar ik verneem graag ook eventjes wie daarvoor in de plaats zat. Mijnheer Rijsdijk, aan u het woord. De heer Rijsdijk: Dank u wel, voorzitter. Onze fractie vraagt aandacht voor twee berichten die te maken hebben met fietsveiligheid van ouderen en schoolkinderen. Het eerste bericht betrof de melding van het CBS dat het aantal verkeersdoden op het hoogste niveau is sinds 2008. Het aantal dodelijke slachtoffers nam het sterkst toe onder fietsers van 75 jaar of ouder. Een kwart van alle fietsdoden verongelukte zonder botsing. Het tweede bericht betrof de verkeerssituatie in de Waldeck Pyrmontstraat, het straatje achter Dillenburgplein waar veel schoolkinderen doorheen fietsen. Een vrachtwagen heeft daar door onhandig gemanoeuvreer twee auto's beschadigd en omwonenden melden dat er vaker zeer risicovolle situaties zijn. Onze vragen. Eén, is het college bekend met deze berichten? Twee, wat zijn de cijfers voor Ridderkerk, kunt u de lokale situatie schetsen? Vraag drie, het college zet zich in om de fietsveiligheid te verbeteren, risicosituaties en locaties zoals de rotonde Vondellaan, Vlietlaan zijn in beeld gebracht.

Hoe staat het met de uitvoering van al eerder gepresenteerde ambities? De vierde vraag, welke locaties hebben prioriteit? En de vijfde en laatste vraag, overweegt het college naar aanleiding van de recentste cijfers en inzichten aanvullende maatregelen en acties en zo ja, op welke locaties? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rijsdijk. Het woord is aan wethouder Meij.

Pagina 1 van 42

De heer Meij: Ja, dank u wel, voorzitter. Het zijn inderdaad zeer actuele vragen. De afgelopen week, weken speelt inderdaad de hele discussie landelijk over verplichte fietshelm. Dat gaat natuurlijk ook over de analyse dat er veel oudere fietsers een ongeluk krijgen en ook soms dodelijk verongelukken. Dus die vragen passen helemaal in dat beeld en in die discussie. Is het college bekend met deze berichten? Het zijn eigenlijk twee berichten. Nou, uiteraard, die cijfers dat het niet goed gaat met het aantal verkeersdoden in het algemeen en dan specifiek nog het aantal verkeersdoden bij fietsers, dat is bekend. Wat niet bekend is, is dat die straat achter Dillenburgplein, de Waldeck Pyrmontstraat, dat dat nu tot problemen leidt. Dat is, dat hebben we helemaal nagevraagd, bij ons niet bekend. Dus dat daar, de vraag was ook of daar wel heel veel schoolkinderen fietsen. Maar goed, dat zouden we nog een keer kunnen monitoren. Wat zijn de cijfers voor Ridderkerk en kunt u de lokale situatie schetsen? In de afgelopen vier jaar zijn er twee dodelijke ongelukken gebeurd met oudere fietsers. Er is een 81-jarige fietser overleden bij een aanrijding met een personenauto op het kruispunt Rotterdamseweg/Rijnsingel A38. Toen was het regenachtig weer en een beetje schittering op het wegdek.

En er is een 88-jarige fietser op een e-bike overleden bij een aanrijding met een personenauto op de Jonkheer Van Karnebeekweg. Dus dat hebben we kunnen achterhalen. Dan vraagt u of het college zich inzet. Nou, eigenlijk gaat u daarvan uit, maar wat heeft het college dan gedaan de afgelopen jaren? We hebben een aantal, een behoorlijk aantal paaltjes weggehaald op fietspaden. Dat zijn er tientallen. Want het zijn juist die eenzijdige ongelukken waar fietsers vaak last van hebben dus eigenlijk door in een ongeluk geraken. Heeft ook weer een andere kant. Vandaag werd ik bijvoorbeeld gemaild, er is een aantal paaltjes ook weggehaald bij de Kerksingel. Maar die paaltjes stonden daar natuurlijk niet helemaal voor niks, dat was natuurlijk om auto's tegen te houden. Nou, die auto’s, vooral bestelbusjes gaan vervolgens dus weer door dat soort doorgangen. En wat we daar nu van plan zijn op al die plekken waar dit gebeurd is om er dan een verkeersbord neer te zetten, een verplicht fietspad van te maken en het gewoon verboden te verklaren voor auto's. Maar dus die paaltjes hebben we bij tientallen weggehaald bij een heleboel wijken. As- en kantmarkeringen, dat betekent eigenlijk dat je op het fietspad duidelijk maakt wat het middenstuk is en wat de berm is. Zodat je niet per ongeluk in die berm terechtkomt, je stuur kwijtraakt en verongelukt. We zijn nu bezig met die top 20.

Die heeft de raad ook vastgesteld met risicoplekken. En we hebben de eerste locaties laten onderzoeken door een bureau dus die worden nu in beeld gebracht en daar gaan we nu straks aan werken. En het vervolgonderzoek voor de andere vijftien, want we doen er vijf per jaar, dat is nu uitgezet. Dus we zijn er echt hard mee bezig. En met name ook voor fietsers brengen we ook onderborden aan waarin we duidelijk maken dat het of een tweerichting fietspad is of dat er van twee kanten fietsers kunnen oversteken. Dus op die manier proberen we ook automobilisten maar ook andere fietsers daar attent op te maken. Welke locaties hebben prioriteit? We willen toch vooral vasthouden aan die top 20 die we hebben vastgesteld want anders wordt het natuurlijk een beetje een ratjetoe. Maar tegelijkertijd gaan we ook steeds kijken waar het dan acuut misgaat. Dus het is niet zo dat we dan eigenlijk onze ogen sluiten. En één voorbeeld daarvan is op grond van een aantal ongevallen, mensen die daar gevallen zijn. En dan praat ik even over dat stuk bij de verbindingsweg Populierenlaan bij het viaduct, waar gaten in het fietsdek zaten. Die zijn toevallig deze week ook weer dichtgemaakt. Dus dat blijft tegelijkertijd het aandachtspunt. En overweegt het college een andere aanpak? Dat is niet het geval want wij zijn juist al heel ambitieus bezig. Dat was het, voorzitter.

De voorzitter: Dank u wel, wethouder Meij. Geeft dit nog aanleiding voor aanvullende vragen? De heer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Dank u wel, voorzitter. Wethouder, bedankt voor de zeer uitgebreide beantwoording. Nog één aanvullende vraag. U zegt, ja, de problemen in de Waldeck Pyrmontstraat die zijn ons niet bekend maar we kunnen dat wel monitoren. Als u dat zou willen doen, heel graag. En wellicht is het ook een idee, ja, als ik de mensen dan met u in contact breng. Dank u wel. Pagina 2 van 42

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rijsdijk. Zijn er nog andere vragen vanuit de raad? Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u, voorzitter. Allereerst, wethouder, er zijn flexpalen en allerlei varianten op die harde paaltjes, middenscheiding. Want ik herken het ook op Rijsoord, dat mensen dan gewoon het fietspad pakken met de auto als je het paaltje weghaalt. Mijn aanvullende vraag is, is het ook misschien een idee om eens na te denken of dat er iets op gedrag gedaan kan worden? En gedrag is niet het goede woord, ik weet niet precies hoe ik het zeggen moet maar jonge schoolkinderen krijgen ook een soort fietsles. Is het een idee als je vanaf 70, 75 nog eens een e-bike koopt, dat je er dan nog aan moet wennen dat er eventjes een soort … Ja, dat je om leert gaan met zo’n fiets want dat is simpelweg waar het vaak op fout gaat. Ze zijn te snel, sneller en als je daar niet mee om kan gaan, dat geeft ongelukken. Dus ik weet niet of dat daar misschien eens over nagedacht kan worden? De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van Nes-de Man. Nog anderen? Nee. Dan is het woord aan wethouder Meij. De heer Meij: Nadenken kan natuurlijk altijd. Er zijn doortrap fietscursussen, dat is met name bedoeld ook voor ouderen. Ik dacht ook dat we als Ridderkerk daaraan meededen maar het is inderdaad een aandachtspunt, ja. De voorzitter: Daarmee sluiten we deze vraag af. Waarvoor dank.

En dan gaan we over naar de volgende en dat is een vraag van de heer Westbroek van de Partij 18PLUS over woningen aan de Blaak. Aan u het woord. De heer Westbroek: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik zou bijna zeggen, de ruïnes aan de Blaak inmiddels. Ik heb een vijftal vragen. Wanneer worden de huidige gebouwen gesloopt? Wordt er bij de sloop rekening gehouden met de aangenomen motie? Zijn er inwoners die ook kenbaar hebben gemaakt dat ze juist willen dat Wooncompas doorpakt met dit project? Hoe heeft Wooncompas als een van de belangrijkste stakeholders van de gemeente gereageerd op het stilleggen van de bouw door hun toedoen? En waarom duurt het zo lang voordat ze weer aan de slag gaan? Dat waren ze, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Het woord is aan de wethouder, de heer Van der Duijn Schouten. De heer Van der Duijn Schouten: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, wanneer worden de huidige gebouwen gesloopt? Ik zou bijna zeggen, ik wou dat ik het wist want dat hangt van een tweetal zaken af op dit moment. Zoals u weet hebben we de sloop stilgelegd omdat niet zorgvuldig werd omgegaan met het groen in het beschermd groengebied aldaar. Wij verwachten van Wooncompas een bomenbeschermingsplan voor alle bomen in dat gebied voordat we die bestuursdwang opheffen. Daar wachten we nu nog op.

Daarnaast is het zo dat uw raad een motie heeft aangenomen, waar u ook naar verwijst, waar iets over groen maar ook nadrukkelijk iets over gezegd dan de huizen aan de Benedenrijweg en aan de Kerksingel. Dus ook Wooncompas zal nog met een sloopveiligheidsplan moeten komen waarin nadrukkelijk is aangegeven hoe de veiligheid van die panden wordt gewaarborgd. Dat zijn twee documenten waar we op dit moment nog op wachten. Wel is het zo dat, en dan, ja, lopen de antwoorden misschien een beetje door elkaar heen, we hebben recent ook gesproken samen met Wooncompas met bewoners aan de Wolbersstraat aan de overkant. Die willen heel erg graag dat het zo snel mogelijk gesloopt wordt. Dat wil op dit moment Wooncompas en de gemeente ook. Dus we zitten in ieder geval wel met elkaar op één lijn dat er nu vaart gemaakt moet worden. Alleen die vaart mag niet ten koste gaan van de zorgvuldigheid. Nou, we hebben richting bewoners de wens uitgesproken dat we hopen dat het toch wel met een, nou ja, richting de zomervakantie als het even kan Pagina 3 van 42

gesloopt zal zijn. Dat is geen toezegging die ik u doe, dat is alleen een weergave van wat we als wens ook richting de bewoners aan de Wolbersstraat hebben uitgesproken en dat is ook de lijn waar Wooncompas en gemeente nu op zitten. Wordt er rekening gehouden met het groen? Ja, ik denk dat ik dat voldoende heb. Juist het groen is de reden dat het nu, een van de redenen dat het nu stilligt. Bewoners die willen doorpakken. Jazeker, de Wolbersstraat maar ook van de, aan de Benedenrijweg. De situatie is nu zodanig dat het blijkbaar bij onze jeugd nogal eens uitlokt om het laatste beetje glas wat er nog in zit er ook maar uit te gooien. Ze gooien helaas wel eens mis en dan komen stenen ergens anders terecht. Dat is natuurlijk onwenselijk. Maar ook de gebouwen zoals ze er nu bijstaan geven reden tot, nou, zo willen we het niet. Uiteindelijk moet er iets moois nieuws komen maar de eerste stap is om in ieder geval te zorgen dat dit plat gaat. Hoe heeft Wooncompas gereageerd? Ja, ze hebben het ter kennisname aangenomen en ze zijn aan de gang gegaan om de gebreken die we geconstateerd hebben te herstellen. Daar wordt aan gewerkt. Er is vanuit Wooncompas geen bezwaar of iets dergelijks gemaakt tegen de stillegging. Nou, en waarom het zo lang duurt is dat een aantal zaken toch even tijd nodig hebben om het goed te doen.

De bestuursdwang moet ook door het college worden opgeheven dus dat is niet zoiets van het rapport is goed, gaan, daar moet ook even een proces voor doorlopen worden. Maar we zijn nu ook als college regelmatig en indringend met Wooncompas in gesprek om hier werk van te maken. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Westbroek, geeft deze beantwoording nog aanleiding voor vervolgvragen? Dat is niet het geval. Anderen? Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Dank u wel, voorzitter. Onlangs heeft het college een gewijzigde vergunning verstrekt voor dit plan naar aanleiding van het advies van de bezwarencommissie. Het college kiest er daarbij voor om de vergunning juridisch kloppend te krijgen. Maar dat is natuurlijk niet de reden dat de omwonenden hun bezwaar hadden ingediend. In hoeverre heeft het college overwogen om na dat advies van de bezwarencommissie de plannen aan te passen om bewoners enigszins tegemoet te komen? De voorzitter: Ik zag ook nog de hand omhooggaan van de heer Rijsdijk. De heer Rijswijk: Dank u wel, voorzitter. Twee aanvullende vragen. De wethouder die sprak over het bomeneffectplan. Daar is in december ook al over gesproken. Heeft de wethouder een idee waarom het zo lang duurt voordat Wooncompas dat voor elkaar krijgt? En mijn andere vraag, hij sprak over het veiligheidsplan voor de bouw- en sloopwerkzaamheden.

In de eerdere motie is ook gevraagd om trillingsmeters en een nulmeting om de scheefstand te bepalen, maakt dat ook onderdeel uit van dat plan? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u, voorzitter. Even doorbordurend op de vraag van mijnheer Kooijman, die kwam deels overeen met mijn aanvullende vraag. Klopt het dan dat het nu stilgelegd is omdat de bewoners in het gelijk gesteld zijn waar het gaat om een bestemmingsplanwijziging die niet correct is uitgevoerd? Gaat het plan dan terug naar de tekentafel en komt het opnieuw ter inzage te liggen met de aanpassing die gevraagd wordt? En wordt dan in dat plan ook uitgebreide participatie met inwoners ook aan de Kerksingel meegenomen? Dat zijn mijn vragen. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder, drie aanvullende vragen. Aan u het woord.

Pagina 4 van 42

De heer Van der Duijn Schouten: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik begin even met de vraag van mevrouw Van Nes want dit zijn nou juist de zaken waarom er zo ontzettend veel verwarring over dit plan ontstaat. Mevrouw Van Nes die heeft het over een bestemmingsplanwijziging die niet correct is uitgevoerd. Er is daar geen bestemmingsplanwijziging. De flat die daar gerealiseerd wordt past binnen het bestemmingsplan en daar heeft de gemeente een omgevingsvergunning voor afgegeven. Op die omgevingsvergunning is bezwaar gemaakt, daar heeft de bezwaarschriftencommissie op geadviseerd en het college heeft het advies van de bezwaarschriftencommissie overgenomen. De bezwaarschriftencommissie heeft geadviseerd dat het plan niet ongewijzigd, de vergunning niet ongewijzigd in stand kon blijven op een aantal punten en op de punten waar het niet ongewijzigd kon blijven is het gewijzigd. De heer Rijsdijk, waarom het zo lang heeft geduurd? Ja, dat komt omdat wij al twee keer een plan hebben gehad waar wij niet te spreken waren over de kwaliteit. Dus die hebben we teruggestuurd. En ja, dan moet er weer wat extra's gebeuren. En wat betreft de nulmeting en de trillingsmeting, ja, dat is nadrukkelijk onderdeel van het veiligheidsplan wat opgeleverd moet worden. De voorzitter: Dank u wel. En voordat we naar de laatste vraag gaan vind ik het toch belangrijk om even te … De heer Kooijman.

De heer Kooijman: Ja, ik kan het mis hebben maar volgens mij heb ik nog geen antwoord op mijn vraag gehad of de wethouder heeft het in zijn andere antwoord verstopt gedaan. De voorzitter: Nou, misschien is het nog goed als de wethouder daar nog even kort op reflecteert en dan wil ik het onderwerp afsluiten. De heer Van der Duijn Schouten: Nou, voorzitter, ik heb daar wel degelijk op gereageerd want ik heb aangegeven dat wij conform het advies van de bezwaarschriftencommissie de vergunning hebben gerepareerd waar de bezwaarschriftencommissie aangaf dat die gerepareerd moest worden. Wat ik al zei, de bezwaarschriftencommissie heeft gezegd, de vergunning kan niet ongewijzigd in stand blijven en de wijzigingen die voorgesteld zijn hebben wij allemaal doorgevoerd en daarmee een herstelde vergunning afgegeven. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan wij zo straks door naar de laatste vraag die op het lijstje staat. Maar ik vind het nog even belangrijk om te benoemen dat oorspronkelijk er ook een vraag lag van de heer Ros ten aanzien van wapenvondsten. En vandaag hebben wij even onderling afgestemd dat u die vraag naar uw mening ook intrekt dus daarmee is dat ook op die manier afgerond. Maar is het ook wel goed om dat met elkaar nog even te hebben vastgesteld. Dan als laatste vraag de vraag van de heer Mijnders over de bomenkap door Wooncompas. De heer Mijnders: Dank u wel, voorzitter.

Een tijdje terug liep ik door de Muziekbuurt te Slikkerveer en tot mijn spijt zag ik dat er meerdere beeldbepalende bomen daar waren omgezaagd. Op 13 april verscheen hierover ook een artikel in De Combinatie en dit keer over boze bewoners uit Bolnes dat verschillende bomen waren omgekapt en dat juist tijdens de broedtijd. De verantwoording van het beheer en onderhoud maar ook voor het kappen van deze bomen ligt bij Wooncompas zelf. Hierover hebben we als CDA-fractie de volgende drie vragen. Allereerst hadden deze bomen omgekapt mogen worden? Hierbij ook rekening houden met het broedseizoen. De tweede vraag, heeft het college de inspectierapporten al ontvangen van Wooncompas en zo ja, blijkt hieruit dat de bomen inderdaad omgezaagd mochten worden? En de derde vraag is, welke afspraken zijn er gemaakt met Wooncompas als het gaat om bomenkap over zowel het inlichten van de gemeente als het inlichten van de bewoners? Dank u wel, voorzitter.

Pagina 5 van 42

De voorzitter: Het woord is aan wethouder Van der Duijn Schouten. De heer Van der Duijn Schouten: Dank u wel, voorzitter. Ja, hadden de bomen gekapt mogen worden ook rekening houdend met het broedseizoen? Nou, u stipt daar inderdaad twee zaken aan die in deze relevant zijn. Om de bomen te kappen moet er een inspectierapport komen over de staat van de bomen en dat er een reden is om ze te kappen. Die inspectierapporten die zijn er, die hebben we ook ontvangen, die zijn beoordeeld. Bomen gingen een gevaar vormen voor de omgeving wegens zaken als wortelrot. Dus ja, die inspectierapporten zijn er, die hebben we. In het broedseizoen moet er tevens gekeken worden dat er op het moment van kappen geen vogels nestelen in de bomen. Dat is ook gebeurd door de partij die de bomen heeft gekapt dus er is een onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van nesten in de bomen. Nou, uw tweede vraag over de inspectierapporten, dat heb ik net beantwoord, die zijn er en die hebben we gehad. De afspraken met Wooncompas over de communicatie bewoners. Nou, dat is wel een punt van aandacht, daar moet duidelijk ook verbetering in komen. Daarover voeren wij ook op dit moment het gesprek met Wooncompas, dat het in een volgende situatie niet tot de onrust leidt die we nu net zoals u hebben ervaren. Dat was het, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel.

Mijnheer Mijnders, heeft u nog vervolgvragen? De heer Mijnders: Dank u wel, voorzitter. Ja, nog eentje en daar komen we later op de avond ook nog op terug. Maar goed dat de wethouder ook in gesprek gaat met Wooncompas. Maar is het ook mogelijk dat dit soort afspraken rondom participatie, rondom bomenkap ook allemaal in de prestatieafspraken met Wooncompas komen? Dank u wel. De voorzitter: Zijn er nog andere vragen? Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u, voorzitter. Is er … Heeft Wooncompas geen vergunning nodig voor het kappen van grote oude bomen? De voorzitter: Een korte vraag. Geen andere vragenstellers? Dan is het woord aan de wethouder. De heer Van der Duijn Schouten: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, of hier afspraken over gemaakt kunnen worden met Wooncompas in de prestatieafspraken. Nou ja, die moeten zoals u weet hernieuwd worden. Daar wordt nu het gesprek over gevoerd ook met uw raad dus dat is zeker een suggestie die daarin meegenomen kan worden. Volgens mij gaat u binnenkort ook nog een keer bij Wooncompas langs dus schroomt u vooral niet om het ook daar nog eens een keer te benoemen en de gevoelens die u als raad hierbij heeft. En de suggestie om het mee te nemen, nou, die zal ik ook meenemen in de totstandkoming van die nieuwe woningbouwafspraken.

Ja, voor sommige bomen moet een vergunning en de vergunningaanvraag moet dan gepaard gaan met een rapport, een inspectierapport. Op basis van het inspectierapport wordt dan beoordeeld of de boom inderdaad gesloopt mag worden. En zoals ik in het begin van de eerste vraag al aangaf, hebben wij die inspectierapporten ontvangen en bleken de bomen inderdaad gevaarlijk te worden voor de omgeving of dreigden ze op termijn gevaarlijk te worden en dat is de reden dat ze dan ook gekapt konden worden. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Van der Duijn Schouten. Daarmee hebben we het vragenuur met zoveel woorden afgerond. En maar liefst in twintig minuten tijd dus dat biedt perspectief voor vanavond.

Pagina 6 van 42

3.

Vaststelling besluitenlijsten raadsvergaderingen 23 maart en 13 april 2023 De voorzitter: Dan gaan wij met elkaar door naar het vaststellen van maar liefst twee besluitenlijsten van voorgaande raadsvergaderingen namelijk die van 23 maart en van 13 april 2023. Mijn eerste vraag is of de besluitenlijst van 23 maart kan worden vastgesteld? Ik zie geen handjes omhoog. Bij deze. Dan een vervolgvraag of de besluitenlijst van 13 april 2023 ook kan worden vastgesteld? Ook dat is gebeurd. Waarvoor dank.

4.

Lijst van ingekomen stukken De voorzitter: Gaan wij door naar de lijst van ingekomen stukken. Kan de lijst van ingekomen stukken worden vastgesteld? Ook dat is het geval. Kijk, dat gaat mooi.

8. Rekenkamerrapport Ridderkerk Participatie en Omgevingswet De voorzitter: Dan gaan we nu conform besluitvorming van zo even geleden bij de vaststelling van de agenda over tot behandeling van het Rekenkamerrapport Ridderkerk Participatie en Omgevingswet, op de oorspronkelijke agenda aangeduid als agendapunt 8. En u heeft in voorgaand stadium besloten dat dat ter debat gaat. Een eerste termijn van maximaal vier minuten geldt en een totale behandeltermijn van zestig minuten. De eerste inventarisatie die ik mag doen als voorzitter is even langs te gaan wie daar het woord over willen voeren? Mevrouw Van Nes-de Man, de heer Rijsdijk. Moet ik even goed even kijken. De heer Verweij, mijnheer Borst, de heer Kloos, de heer Westbroek, mevrouw Kayadoe, de heer Mijnders en mevrouw De Wolff. Ben ik niemand vergeten? Mooi. Dan wil ik graag het woord geven aan mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u, voorzitter. Allereerst even dit. Namens Burger op 1, burgemeester Oosterwijk, ook vanaf hier nog eens van harte gefeliciteerd met uw benoeming. Wij, Burger op 1, ik ben blij met u als burgemeester en ben ook zeker blij met u als nieuwe voorzitter van onze raad en kijk uit naar een constructieve samenwerking. Ik leg de lat meteen hoog maar dan weet u het vast. Dan ga ik nu beginnen. De Rekenkamer. Rekenkamer, de complimenten, u heeft de vinger op de goede zere plek gelegd.

En dat is nog eens bevestigd door zeven insprekers in de commissievergadering die hieraan voorafging. Uw conclusie, de huidige invulling van participatie in Ridderkerk is zorgwekkend te noemen. De ambities zijn helder maar de vertaling bevat duidelijk omissies en blijft significant achter bij de ambitie, is stevig en bevestigt voor ons hoezeer dit maar ook hoe vorige colleges worstelen met burgerparticipatie en vooral het loslaten. Burgerparticipatie moet je doen en niet in lijvige notities vatten die in de kast blijven liggen. Ik hou me hier al jarenlang mee bezig en was al betrokken bij de aanjaaggroep destijds. Ook ben ik al jarenlang deelnemer van het wijkoverleg Rijsoord en bezoeken wij ook andere wijkoverleggen omdat Burger op 1 ervan overtuigd is dat je met input ophalen en betrekken van inwoners tot beter en breed gedragen beleid kan komen. Dit passen wij voor onszelf toe op de beleidsstukken die in de raad worden voorgelegd. We heten niet voor niets Burger op 1 en gelukkig wordt dit belang ook onderkend in de Omgevingswet. Dit Rekenkameronderzoek was al afgerond voordat de gemeente het convenant van de wijkoverleggen eenzijdig heeft opgezegd. En toen al is de beperkte invulling van participatie geconstateerd, de participatie is hierdoor juist nog verder uitgehold.

Dit terwijl voorzitters vandaag en over alle wijken graag door willen en er een goed convenant aan ten grondslag lag. Als dit dan ook wordt nageleefd ligt er een prachtbasis voor burgerparticipatie in elke wijk. Elk wijkoverleg wordt bemenst door enthousiaste deelnemers die volledig belangeloos hun tijd geven aan het beter inrichten, want meestal betreft het hier ruimtelijke ordening, van hun wijk. Zij weten doorgaans als geen ander de historie en de gevoeligheden van bepaalde zaken, hetgeen bijzonder goed kan bijdragen voor besluitvorming. De wijkoverleggen oude stijl aanvullen met activiteiten als buurttent en e-participatie, waarover gesproken Pagina 7 van 42

wordt, is uiteraard prima. Mensen worden mondiger, kennis is volop te googelen en dat gebeurt ook. Geef mensen een rol in hun ruimte en verantwoording in het ordenen en doe iets met hun inzichten. Maak de wijkoverleggen weer tot serieuze gesprekspartners. Bespreek de evaluaties zoals ze voorliggen en evalueer het convenant. Waardeer de gedrevenheid van al die vrijwilligers door met hen in gesprek te blijven en te kijken hoe nu verder zonder vooraf genomen standpunten in te nemen van beide zijden. De speerpunten van alle partijen in onze raad bekijkend trek ik de conclusie dat iedereen aangeeft dat inwoners actief betrokken moeten worden bij het maken van beleid en dat burgers ervan op aan moeten kunnen dat politici doen wat ze zeggen. Kortom, de intenties zijn er zeker. Burger op 1 heeft grote zorgen over de rol die de participatie toebedeeld wordt in de Omgevingswet straks. Hoe verplicht is participatie dan nog? In theorie wel maar als je als inwoner het bestuur of projectontwikkelaar daarop wil aanspreken dat het niet naar behoren verlopen is, moet je al snel naar de rechter. De participatie valt of staat dus met tijdig informeren en heldere besluitvorming en hoe en wie moet worden geïnformeerd door de initiatiefnemers. Allemaal zaken die maken dat wij wel behoefte hebben aan een werkatelier.

Misschien ook wel met inwoners, om met elkaar goed te weten wat we van elkaar kunnen verwachten na inwerkingtreding van die Omgevingswet. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Keurig binnen de tijd. Dan geef ik het woord aan de heer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Dank u wel, voorzitter. De Rekenkamer heeft met het rapport Participatie en Omgevingswet een kritisch rapport opgeleverd. De algehele conclusie is dat Ridderkerk op het bied van participatie niet klaar is voor invoering van de Omgevingswet. Dat baart ons zorgen. We hadden veel liever gezien en ook gelezen dat de conclusie van de Rekenkamer was geweest dat we in Ridderkerk de basis goed op orde hebben en hoe we van een 7 een 8 kunnen maken. Helaas is de werkelijkheid op dit moment anders. In de bestuurlijke reactie van het college vallen ons twee dingen op, de scherpe toon en het ontbreken van de spreekwoordelijke hand in eigen boezem. In plaats daarvan wordt er gemopperd over de reikwijdte van het onderzoek en de geselecteerde casussen. De Rekenkamer is op vraag in de commissie duidelijk geweest, dit is binnen de financiële beperkingen waar nu eenmaal elk onderzoek mee te maken heeft, een representatief onderzoek. Bovendien is dit onderzoek in deze vorm ook in andere gemeenten uitgevoerd. Dat roept bij ons een aantal vragen op aan het college.

Is het nu echt zo erg om te erkennen dat er zaken beter moeten en dat er tot aan de invoering van de Omgevingswet op het gebied van participatie nog stappen moeten worden gezet? Daar zou Ridderkerk toch niet de enige gemeente in zijn? En misschien nog wel belangrijker, zou de opzet van het onderzoek ook bekritiseerd zijn als de uitkomsten wel positief waren geweest of zou het rapport dan met een grote glimlach zijn ontvangen? De gemeente werkt achter de schermen al langere tijd aan een nieuw participatiebeleid. Onze gewaardeerde oud-fractiegenoot Jilles Soffree is ruim twee jaar geleden net als velen anderen al geïnterviewd op het gebied op wat er beter kan op het gebied van participatie in Ridderkerk. Hij is voor de liefde inmiddels bijna verhuisd naar een andere gemeente maar het nieuwe participatiebeleid laat nog op zich wachten. Een startnotitie is aangekondigd voor later dit jaar. Wat ons betreft zijn de conclusies van de Rekenkamer voldoende aanleiding om wat extra peper in dit proces te stoppen. Voor ons is het daarbij belangrijk dat de aanbevelingen van de Rekenkamer stevig worden verankerd in het nieuwe participatiebeleid en dat ook inwoners nauw worden betrokken bij het vormgeven van dit beleid. Dus geen top-down maar een bottom-up benadering. En ja, daarbij zien wij nog steeds een belangrijke rol weggelegd voor de wijkoverleggen.

De kloof tussen de burger en de politiek wordt steeds groter, dan moeten we betrokken inwoners juist koesteren en niet van ons afduwen. Voorzitter, ik ga afronden. Kritiek is nooit leuk maar laten we dat als raad en college zien als een kans om met de aanbevelingen van de Rekenkamer in de hand serieus werk te maken van participatie in Ridderkerk, samen met onze inwoners en op basis van duidelijke kaders. Dus geen participatietraject inmiddels bij het Oosterpark, de Erasmuslaan en de Blaak. Het is het waard want in de toelichting bij de Omgevingswet staat niet voor niets dat participatie, mits op de juiste wijze uitgevoerd, Pagina 8 van 42

bijdraagt aan het vergroten van het vertrouwen tussen overheid en burger, of in ons geval de gemeente en de inwoner. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rijsdijk. Dan is het woord aan de heer Verweij van de SGP. De heer Verweij: Dank u wel, voorzitter. Het is met de burgerparticipatie in ons dorp zorgwekkend gesteld. Althans, als we de Rekenkamer mogen geloven. In de achterliggende week hebben we kennis kunnen nemen van het Rekenkamerrapport waarin de burgerparticipatie in Ridderkerk over de afgelopen jaren wordt geëvalueerd en beoordeeld. Hoe hebben we dit onderzoek te duiden? De SGP-fractie heeft moeite met de kwaliteit van het onderzoek. Het wetenschappelijk niveau is op een aantal punten bedenkelijk. Niet alleen is de steekproefgrootte van het onderzoek beperkt, de vraag is ook in hoeverre dit rapport representatief is met slechts twee bouwprojecten als onderwerp van onderzoek? Dat neemt niet weg dat de conclusies van het rapport een kern van waarheid kunnen bevatten. De SGP-fractie neemt de aanbevelingen van de Rekenkamer daarom wel degelijk serieus. Wat ons betreft ligt aan dit dossier echter een meer fundamentele vraag ten grondslag. Voordat ik op deze vraag inga nog wel het volgende, wat de SGP betreft is het goed dat de raad reflecteert op het functioneren van de Rekenkamer. Wij als raad hebben hierin een verantwoordelijkheid.

Spelen wij voldoende budget vrij voor de Rekenkamer, vragen wij niet te veel onderzoek, zijn onze onderzoeksvragen voldoende duidelijk omschreven? 21 maart jongstleden is in een gezamenlijke bijeenkomst met de Rekenkamer een begin gemaakt om naar dit soort vragen te kijken, maar een vervolg op deze bijeenkomst mag wat ons betreft niet uitblijven. Terug naar de fundamentele vraag die ik al aankondigde. De iedere vier jaar terugkerende verkiezing van de raad door de kiezer is in ons dorp het feest van de democratie. De kiezer geeft ons als gemeenteraad een mandaat om beslissingen te nemen. Wij zijn dus de eerste representant van de inwoners. Wat de SGP-fractie betreft ligt er daarom voor de raad een fundamentele taak om de wensen van onze achterbannen, ongeacht politieke kleur, representatief te verwerken in concreet beleid. Hoewel de volksvertegenwoordiging beslist een dienend karakter moet hebben is het in die context wel de vraag in hoeverre het wenselijk is dat de burger voor iedere beslissing van het gemeentebestuur geconsulteerd wordt. En betekent dit dan ook dat participatie niet geslaagd is als de burger uiteindelijk zijn zin niet krijgt? Een bijkomende complexiteit is het feit dat het doorgaans simpelweg niet mogelijk is om iedereen tevreden te stellen. Wensen van betrokkenen staan nog wel eens diametraal tegenover elkaar.

Is het juist dan geen fraaie gedachten dat juist in zulke dilemma's de raad bevoegdheid heeft het pleit te beslechten en richting geeft? Kortom, u merkt het, voorzitter, de SGP-fractie vraagt zich hardop af hoe wij in de nieuwe situatie, als de Omgevingswet is ingevoerd, de burgerparticipatie vorm moeten geven? Ook de Rekenkamer … De voorzitter: Ik zie een interruptie van mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, ik deed het voorzichtig. Nee, het mag ook wel aan het eind van het betoog. Ja, maar dat is, straks dan is het van, ik ben klaar en dan gaat die naar de volgende. Dan stel ik hem toch. Hoe staat de SGP tegenover de positie van de weekoverleggen? De voorzitter: De heer Verweij. De heer Verweij: Dat voelde u al goed aankomen, voorzitter. Dat komt nog. Dus ik maak mijn verhaal af en dan hopelijk is uw vraag beantwoord. Ik ga verder waar ik gebleven was. Ik zei, de SGP-fractie vraagt zich hardop af hoe wij in de nieuwe situatie, als de Omgevingswet is ingevoerd, burgerparticipatie vorm moeten geven. Ook de Rekenkamer geeft aan dit niet helemaal te weten en nodigt ons als raad uit om te debatteren over deze vraag. Wat ons betreft een goed idee. Ons uitgangspunt is dat participatie in het licht van het hiervoor geschetste nooit meer kan zijn dan het inventariseren van wensen. Wat de SGP betreft zijn een aantal Pagina 9 van 42

voorwaarden voor burgerparticipatie glashelder. Ik geef ze u graag mee. Punt één, om te komen tot een geslaagde vorm van burgerparticipatie is een duidelijk verwachtingsmanagement richting de inwoners essentieel. Ten tweede mag burgerparticipatie niet leiden tot een vervaging van raadsbevoegdheden en een vertraging van processen. Ten derde is een vlotte afhandeling van aanvragen van inwoners een must en staan wij voor een slanke, wendbare en efficiënte overheid. Tot slot, een open, toegankelijk, betrokken en servicegerichte overheid is wat ons betreft het doel van de gemeente Ridderkerk. Graag gaan wij in de tweede termijn met u als raad in debat om te bezien hoe naar het rapport van de Rekenkamer wordt gekeken. Wij vragen het college de input mee te nemen in het proces wat reeds in gang is gezet en daarbij in het bijzonder aandacht te geven aan een nieuwe vorm van wijkparticipatie. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Verweij. Dan zie ik nog een hand omhoog van mevrouw Van Nes-de Man, gaat uw gang. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, ik dacht nu, ik wacht maar even tot het eind. Ik ben even benieuwd van hoe de SGP, ik hoor u zeggen, wij gaan niet verder dan meedenken, dan inventariseren, sorry. Dus de trap op de participatieladder die meebesluiten heet, is die voor de SGP ook eventueel aan de orde? De voorzitter: Het woord is aan de heer Verweij.

De heer Verweij: Dank u wel, voorzitter. Ja, ik zei in mijn bijdrage al dat wij een zekere frictie zien tussen de raadsbevoegdheid en wat een burger kan vinden. Dus meebesluiten zou onder voorwaarden wellicht mogelijk moeten zijn maar wij vinden het wel belangrijk dat de raadsbevoegdheid zoals die er is, niet geschonden wordt. Dus zoals ik ook in mijn bijdrage schetste, daar waar twee meningen zijn, zal altijd een compromis gevonden moeten worden. En wij denken dat juist die functie van de raad belangrijk is en intact moet blijven. Dus in die zin zijn wij niet tegen meebesluiten maar denken wij dat het wel verdere doordenking vraagt hoe we hier als raad mee om moeten gaan. De voorzitter: Dat is het einde van een lange zin. Mevrouw De Wolff-ter Beek heeft haar hand omhooggestoken. Aan u het woord. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Dank u wel. Ik wil even nog wat vragen over het vervagen van de raadsbevoegdheid. Ik moet eerlijk zeggen dat ik het een beetje een spannende zin vind. Want tegelijkertijd denk ik, als wij nu aan participatie, actief gaan bezig zijn met participatie gaan er dingen veranderen. In hoeverre zou dat voor u een probleem zijn als wij daardoor wellicht ooit minder raadsbevoegdheden zouden krijgen? Het is belangrijk toch om de inwoner aan het woord te laten? De voorzitter: De heer Verweij. De heer Verweij: Zeker. Dank u wel, voorzitter.

Ik snap uw vraag maar de opmerking die u van mij citeert, die was in de context van wat een raad moet doen en wat een burger kan zeggen. En ik denk dat onmiskenbaar is dat de nieuwe Omgevingswet meer ruimte biedt aan de burger om inspraak te hebben in besluitvormingsprocessen. Maar tegelijkertijd denk ik dat we ervoor moeten waken dat processen niet vertraagd en gefrustreerd worden. En dat er ook een zekere bevoegdheid bij ons is die in stand moet kunnen blijven om gewoon als raad ons werk te doen omdat wij wel degelijk het mandaat van de kiezer hebben om hem of haar te vertegenwoordigen in het bestuur. En dat is de notie die ik wilde maken met de opmerking die u citeerde.

Pagina 10 van 42

De voorzitter: Dank u wel. Ik heb een interruptie nog gezien van de heer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Dank u wel, voorzitter. In mijn eigen woorden proef ik bij de SGP toch wel enige terughoudendheid op het gebied van participatie. Tegelijkertijd heeft het college in de bestuurlijke reactie het voorbeeld aangehaald van het woningbouwproject aan de windmolen. Waar inwoners eigenlijk het plan voor de woningen hebben ontworpen, dus echt een hele hoge mate van inspraak daarin hadden. Hoe ziet de SGP dat en ziet de SGP meer ruimte voor zulk soort projecten in Ridderkerk? Dank u wel. De voorzitter: Het woord is aan de heer Verweij. De heer Verweij: Ja, dank u, voorzitter. Ik begin even met de eerste vraag van de heer Rijsdijk hoe wij er nu precies tegen aankijken? Ik denk dat onze grondhouding niet per definitie kritisch is, dan doet u geen recht aan wat wij van participatie vinden. Maar ik denk dat wij ons vooral zorgen maken over de daadwerkelijke implementatie en dat wij om meer doordenking vragen van hoe we dit nu daadwerkelijk met elkaar gaan vormgeven. En ik haalde dat in mijn bijdrage al aan, verwachtingsmanagement naar de burgers is wat ons betreft een heel belangrijk punt want we moeten de burgers ook geen zaken beloven die we uiteindelijk als gemeentebestuur niet waar kunnen maken.

Dus met name de verdere doordenking van hoe we dit met elkaar vorm gaan geven, is wat ons betreft nu aan de orde. Temeer daar het college nu ook nieuw beleid aan het uitwerken is op dit punt. De voorzitter: Dank u wel. Ik zag de hand omhooggaan van de heer Westbroek van Partij 18PLUS. Aan u het woord. De heer Westbroek: Ja, dank u wel, voorzitter. Bedoelt de heer Verweij ook dat wij ook rekening moeten houden wanneer het gaat om onze bevoegdheid als raad met de groep inwoners die misschien helemaal niet mee wil participeren en van ons verwacht dat wij ook voor die belangen opkomen? De voorzitter: De heer Verweij, SGP. De heer Verweij: Voorzitter, dank u wel. Ja, dat is inderdaad de spijker op zijn kop. Wij hebben een vertegenwoordigende functie en we moeten ons ook terdege bewust zijn dat lang niet iedere inwoner een hoge mate van participatie wenst en ons juist ook de bevoegdheid geeft om voor hem of haar beslissingen te nemen. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man van Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u, voorzitter. We hebben, we hadden een opkomst van bijna 49 procent in Ridderkerk met die verkiezingen dus het democratisch gehalte ligt een beetje op de helft. Wordt daar dan ook op gedoeld met de groep die niet mee wil participeren? De voorzitter: De heer Verweij, SGP.

De heer Verweij: Tja, dat is een beetje een theoretische vraag van mevrouw Van Nes, een soort what if vraag. Blijkbaar willen die mensen niet participeren want anders hadden ze wel gestemd denk ik dan. De voorzitter: Dan gaan wij volgens mij als ik het zo allemaal overzie en aanhoor naar de volgende spreker. Die is op het lijstje de heer Borst van de VVD. Pagina 11 van 42

De heer Borst: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, er wordt eigenlijk al jaren geëxperimenteerd met participatie, al sinds de late jaren 80, begin jaren 90. Vooruitstrevende bestuurders en ambtenaren proberen om werk te maken van het betrekken van inwoners bij het maken van beleid. Naast steun ondervonden we daarbij ook steeds weerstand en obstakels. En diezelfde weerstand en obstakels, ja, die zijn er vandaag de dag eigenlijk nog steeds. Ambtenaren die vooral hun expertise willen inzetten of bestuurders die het ingewikkeld vinden om zeggenschap echt uit handen te geven. Of gewoon andere actoren die vooral hun eigen agenda willen doorvoeren. Echt luisteren lijkt er dan soms niet meer bij te zitten, eigen meningen en gelijk krijgen des te meer. Het Rekenkamerrapport constateert dat ondanks de heldere visie en doelen op papier, er in de praktijk nog steeds veel elementaire fouten worden gemaakt. Zoals het wekken van verkeerde verwachtingen, het beperkt informeren van inwoners voorafgaand aan een activiteit en een slechte terugkoppeling na afloop. Dit alles zeg ik nu maar om aan te geven dat goede participatie echt ingewikkeld is en de werkelijkheid steeds weer weerbarstig. En toch zal geen enkele wethouder, raadslid, burgemeester in deze zaal beweren dat de rol van inwoners bij ons bestuur en beleid stopt bij het eens in de vier jaar inkleuren van een rood vakje, van een vakje.

Daarvoor zijn we het gelukkig allemaal met elkaar eens. Maar veel bestuurders, politici, waaronder ik ook zelf, komen vaak toch nog uit bij een gecontroleerde burgerparticipatie. En dat betekent dat inwoners vrijblijvend adviseren zonder dat de grote lijn van het door de gemeente bedachte beleid daadwerkelijk, nou ja, in gevaar komt. En het zijn die inwoners die ontevreden zijn, afhaken vanwege te weinig invloed op dat beleid. En het kost daarom steeds meer moeite om inwoners te vinden die mee willen doen aan ons participatieproces, en dat terwijl de diversiteit doorgaans al niet al te groot is. En zo gaat het in een land van voldongen feiten, het is participatie hoe we dat niet moeten willen, voorzitter. Koffie, een roze koek en dan de illusie van inspraak. Maar wie dan nu denkt dat mijn betoog een louter negatief beeld wil schetsen, die heeft het mis want we hebben de afgelopen jaren ook een aantal goede voorbeelden gezien van waar het wel goed is gegaan. Bij de inrichting van het Jorisplein konden inwoners en andere betrokkenen hun input geven, waarna het plan ook echt is gewijzigd. En bij de aanleg van wijkspeeltuintjes vragen we omwonenden wat voor speelvoorzieningen zij graag zouden willen zien op zo'n plein en zodoende zijn er pingpongtafels en minitrampolines verrezen.

Of neem de ontwikkelingen rondom het Botterhof waar de buurt zo goed betrokken was bij de voorbereiding dat tegen de omgevingsvergunning geen enkel bezwaarschrift is ingediend. Voorzitter, het zijn dit soort projecten die de VVD Ridderkerk doen inzien dat het er niet om gaat dat iedereen zijn zin krijgt maar dat alle inwoners zijn gehoord en er iets wezenlijks kan veranderen aan een plan dat voorligt. En dat betekent wel dat we, als we verder willen komen met burgerparticipatie, we met elkaar de vraag moeten beantwoorden wanneer wij vinden dat die participatie geslaagd is? En dat is een hoogst politieke vraag, de SGP refereerde daar ook al even aan, waar we misschien wel heel verschillend over denken in deze zaal. Maar hij is wel essentieel om daarover een gezamenlijk beeld te vormen. En vanavond neem ik graag alvast een voorschot op die discussie. En in de tweede termijn wil ik daarom ook een aantal punten noemen die wat de VVD betreft echt onmisbaar zijn voor een goede en betekenisvolle participatie. En dat is een cliffhanger, dat mag u best een beetje spannend vinden. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel voor uw betoog, inclusief de cliffhanger. Dan geef ik het woord, althans nadat mevrouw Van Nes-de Man haar vraag heeft gesteld aan de volgende maar u eerst. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u.

En mijn vraag is nog even aan mijnheer Borst maar ik wacht nu de eerste termijnen maar gewoon af. Is de VVD, hoe staat de VVD tegenover meebeslissen als hoogste trede op de participatieladder? En ik ben heel benieuwd hoe de VVD nou aankijkt tegen de situatie met de wijkoverleggen zoals die nu ontstaan is en misschien een toekomstbeeld? De voorzitter: De heer Borst, VVD. Pagina 12 van 42

De heer Borst: Ja, volgens mij blijkt uit mijn betoog al dat meebeslissen, dat dat gewoon moet kunnen in bepaalde situaties en dat het ook goed is. En dat we ons als bestuurders kwetsbaar op moeten stellen en ontvankelijk moeten zijn voor de punten en argumenten die inwoners aandragen. Dus daar sta ik hartstikke positief tegenover. En wat de wijkoverleggen betreft, ik ben hartstikke voorstander van die wijkoverleggen, die zijn hartstikke goed. Maar wat de rol daarvan moet zijn binnen ons participatieproces, daarvoor wacht ik toch liever het beleid af waar dit college mee komt en dan gaan we daarover een discussie met elkaar aan. De voorzitter: Dank u wel. Dan kan ik nu wel het woord geven aan de heer Kloos van Echt voor Ridderkerk. De heer Kloos: Dank u wel, voorzitter. Als de fractie van Echt voor Ridderkerk kijkt naar ons verkiezingsprogramma dan staat daarin dat wij participatie van bewoners serieus meenemen en altijd terugkoppelen op hun bijdrage. Het rapport van de Rekenkamer geeft aan dat op dit terrein veel winst te boeken valt. Want juist in dat participatiebeleid herkennen burgers zich niet altijd.

Als aan hen een voorstel van vier alternatieven worden voorgelegd en de meerderheid van de deelnemers aan dat beraad gaan voor voorstel 3, terwijl het college een voorkeur heeft voor voorstel 2, dan krijgen de bekende aanwezigen later nooit meer te horen waarom het standpunt van de meerderheid toch niet de voorkeur heeft. De burger noemt dat dan terecht, gemiste transparantie. Zie ook bepaalde uitspraken over wijkoverleggen over dit terrein. Bij de Omgevingswet en de daarin plaatsvindende participatie komt het dan zeker weer aan bod. Wij hopen dat de heer De Lange, lid van de Rekenkamer, duidelijkheid mag tegemoetzien over de besluitvorming in de participatieprojecten. En hoe er dan daarna een goed participatieverslag komt, zonder vrees voor welke vorm van censuur ook. Verwijzende naar de vraag van de Partij van de Arbeid welke stappen het college gaat nemen in het proces verwijst wethouder naar de startnotitie. De fractie van Echt voor Ridderkerk hoopt dat het college ook ingaat op de mogelijkheid van een referendum, zoals het Sociaal en Cultureel Planbureau onlangs meegaf als suggestie om de afstand tussen bestuur en burger te verkleinen te onderzoeken. Zeker, je moet er bestuurlijke en politieke lef voor hebben om zo’n referendum te willen gebruiken en het is niet geschikt voor alle onderwerpen, erkent ook Echt voor Ridderkerk fractie.

We kijken nu al verlangend uit naar de startnotitie. Dank u wel. De voorzitter: Ik zie twee handen ter linkerzijde omhooggaan en ik dacht dat mevrouw Dirks van PvdAGroenLinks daar net één fractie eerder was. Of zag ik dat verkeerd? Ah, uw buurman? Ja, dat kan zomaar iets met mijn brilsterkte te maken hebben. Vandaar ook uw verbaasde blik, en terecht. De heer Verweij van de SGP. De heer Verweij: Dank u wel, voorzitter. Een vraag aan de heer Kloos van EvR. U zegt dat niet alle onderwerpen even geschikt zijn voor participatie. Kunt u dat misschien een beetje toespitsen, welke onderwerpen zijn naar uw mening wel en welke onderwerpen zijn naar uw mening niet geschikt voor participatie? Dank u wel. De voorzitter: Het woord is aan de heer Kloos van Echt voor Ridderkerk. De heer Kloos: Dank u wel. Een goede vraag en ook een boeiende vraag waar ik op dit moment nog het antwoord niet weet. Want nogmaals, welke onderwerpen zouden geschikt kunnen zijn voor een referendum? Dat zullen we in het democratische politieke debat nog eens een keer moeten uitvinden. De voorzitter: Dank u wel. Dan een vraag van mevrouw Van Nes-de Man van Burger op 1.

Pagina 13 van 42

Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u, voorzitter. Het wordt in ieder geval een beetje herhaling van zetten met mijn vragen, toch ga ik ze elke keer stellen. Ik hoor EvR zeggen, de mening van de burger nemen we mee. En dat staat inderdaad in jullie verkiezingsprogramma, ik heb dat even ook nagezocht voor mezelf. Hoe staat u dan tegenover meebesluiten als hoogste trede op de participatieladder? De voorzitter: Het woord is aan de heer Kloos van Echt voor Ridderkerk. De heer Kloos: Misschien dat mevrouw Van Nes-de Man even wil zeggen hoe zij dan die participatieladder ziet waarop ik zou kunnen reageren? De voorzitter: Dat is geen antwoord maar een tegenvraag. En die vraag die ligt dan even bij mevrouw Van Nesde Man van Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, die participatieladder staat in de stukken genoemd. En je hebt de onderste treden is meedenken, er zit een aantal treden tussen, die kan ik niet uit mijn hoofd benoemen en de hoogste trede is gewoon meebeslissen. En mijn vraag is, hoe staan jullie tegenover meebeslissen? De voorzitter: Het woord is aan de heer Kloos van Echt voor Ridderkerk. De heer Kloos: Als wij aan participatie denken dan geven we de burgers de gelegenheid een visie te geven. We hopen dat uit die visie de mogelijkheid komt dat hun wens, de manier waarop zij door wensen te gaan, mee kan worden genomen in het beslismoment van de raad.

Maar ik kan mij ook voorstellen dat op bepaalde momenten de raad een andere visie heeft dan wat de meerderheid wenst te beslissen, dat blijft altijd een afweging. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan wij door naar de volgende spreker en dat is de heer Westbroek van Partij 18PLUS. De heer Westbroek: Ja, voorzitter. Voorzitter, het is dat ik duurzaam ben ingesteld en dit onderzoeksrapport niet heb uitgeprint, anders had het bij mij al in de blauwe kliko gelegen. De Rekenkamer gaf zelf al aan dat het niet te valideren of extrapoleren valt op heel Ridderkerk. Dat is ook wel logisch met drie projecten waarbij er eentje al direct afviel. Gelukkig zijn er wel een hele vijf participanten geïnterviewd. De Rekenkamer gaf in de commissiebehandeling aan dat dit onderzoek vooral een gevoel is, maar dat ze wel denken dat het gevoel klopt. Ja, voorzitter, zoals sommige hier ook weten beoordeel ik ook wel een scripties. En als ik met diezelfde kritische blik zou moeten kijken, dan zou hier wat mij betreft een rode streep doorheen gaan en dan zou de student opnieuw kunnen beginnen. Ik verwacht van de Rekenkamer ook wel iets meer. De Rekenkamer noemt de huidige invulling van participatie in Ridderkerk zorgwekkend. Ik zou de kwaliteit van dit onderzoek zorgwekkend willen noemen en ik heb het gevoel dat dit ook klopt. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel.

Ik zie een aantal handen omhooggaan. Ik geef het woord aan de heer Mijnders van het CDA. De heer Mijnders: Dank u wel, voorzitter. De heer Westbroek wil een dikke rode streep door dit rapport heen halen. Toch zijn uit dit rapport dertien aanbevelingen gekomen, naar mening van het CDA goede. Als het rapport zo slecht is, welke van de aanbevelingen vindt u nou echt slecht hieruit gekomen? De voorzitter: Het woord is aan de heer Westbroek van Partij 18PLUS. Pagina 14 van 42

De heer Westbroek: Ik zou helemaal geen waardeoordeel willen hangen aan de aanbevelingen of conclusies uit dit rapport. Puur omdat de fundering gewoon zo gammel is dat ik me er, ja, ik zou me er eigenlijk helemaal niet aan wagen. De voorzitter: Een vervolgvraag even, geef ik ruimte voor aan de heer Mijnders. De heer Mijnders: Ja, voorzitter, toch nog even doorvragen. Bijvoorbeeld twee aanbevelingen zijn om gewoon, hoe zeg je dat, het plan voor het hulpmiddel bij ambtenaren, hoe die moeten participeren, een beetje haken erbij, die komt uit 2014. Dat is bijvoorbeeld een advies, ga die nou eens vernieuwen. De tweede is bijvoorbeeld voor ons als raad kaderstellend, bijvoorbeeld startnotities. Nou, we zeggen wel met wie we moeten participeren maar op welke manier en welke middelen, dat geven we niet aan. Dat zijn bijvoorbeeld twee tips. Ja, dat zijn toch gewoon goede tips die ook 18PLUS zou mee willen nemen? De voorzitter: De heer Westbroek, Partij 18PLUS. De heer Westbroek: Ja, voorzitter, dat zou zomaar kunnen maar dat heeft helemaal niks te maken met het onderzoeksrapport of de kwaliteit daarvan. En dat zijn punten die eerder bij de startnotitie participatiebeleid terugkomen dan hier over de kwaliteit van dit onderzoek. De voorzitter: Voorzitter of herstel. Ik heb als volgende vraagsteller genoteerd, de heer Bos van de VVD. De heer Bos: Ja, voorzitter, dank u wel.

Ja, kijk, dat er opmerkingen te maken waren over de validiteit en betrouwbaarheid en de generaliseerbaarheid van dit onderzoek, daar hebben we in de commissie al over gesproken. En volgens mij was ik degene die daar nog de meest kritische vragen over heeft gesteld. Maar volgens mij heeft de Rekenkamer ook hand in eigen boezem gestoken, we hebben daar een serieus gesprek met elkaar over gevoerd. De Rekenkamer heeft toegezegd dat ze komen nog met een notitie om die validiteit nog extra te onderbouwen. Daarmee moet volgens mij ook de kous af zijn. En dan stelt de Rekenkamer uiteindelijk een belangrijke vraag, wanneer vinden wij dat participatie dan geslaagd is? En dan zou ik toch nog even van Partij 18PLUS willen horen wanneer zij vinden dat participatie geslaagd is? De voorzitter: De heer Westbroek, Partij 18PLUS. De heer Westbroek: Ja, voorzitter, dat vind ik toch ook weer echt een punt wat thuishoort bij de startnotitie participatiebeleid. En ik begrijp de insteek van de heer Borst wel daarvoor. Maar ik heb ook de vraag aan de Rekenkamer in de commissiebehandeling gesteld, stel je voor dat jullie meer budget zouden hebben, zou je het dan anders doen, zou je het overnieuw doen, zou je het breder aanpakken? En het antwoord wat daarop kwam was ook gewoon, nee. Nou, dat vond ik toch ook wel erg zorgwekkend.

De voorzitter: Ik geef de gelegenheid voor een vervolgvraag aan de heer Borst van de VVD. De heer Borst: Dank, voorzitter. Ja, ik begrijp die opmerking wel maar uiteindelijk gaan wij als raad over de Rekenkamer. De Rekenkamer is voor ons een verlengstuk om ons werk goed uit te kunnen voeren. En als we twijfels hebben, bedenkingen hebben bij het functioneren van de Rekenkamer, dan moeten we daarover met elkaar het gesprek aangaan en het gesprek aangaan met de Rekenkamer. En dan heeft volgens mij de heer Verweij eerder in dit debat ook al aangegrepen daar met elkaar over van gedachten te wisselen, dan moeten we dat maar doen. Maar dat laat onverlet dat we nu toch met elkaar kunnen reflecteren op wanneer wij als

Pagina 15 van 42

gemeenteraad vinden dat participatie geslaagd is? En hoe wij vinden dat de vlag er nu op dit moment bijhangt als het gaat om participatie? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Het woord is aan de heer Westbroek van Partij 18PLUS. De heer Westbroek: Ik hoorde geen vraag, voorzitter. De voorzitter: Dat is uw constatering. Ik ga het eventjes zo afronden op dit moment en wellicht kunt u daar op een later moment nog op terugkomen. Ik geef het woord aan mevrouw Van Nes-de Man van Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u, voorzitter. Dan ben ik wel benieuwd, wat vindt de Partij 18PLUS dan zelf nu van participatie? En dan ga ik … Dan stel ik wel het verhaal van mijnheer Borst als een vraag. De voorzitter: Waarvan akte. Het woord is aan de heer Westbroek van Partij 18PLUS. De heer Westbroek: Nou, voorzitter, Partij 18PLUS kijkt erg uit naar de startnotitie participatiebeleid omdat wij ook in het coalitieakkoord en het collegeprogramma vervolgens zijn er ook punten uitgewerkt en daar wordt nu aan gewerkt en daar wordt ook in geparticipeerd. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u. Ga ik nog een poging wagen. Dat is geen antwoord op mijn vraag. Wat vindt 18PLUS nu van hoe de participatie gaat? U heeft heel veel commentaar op het Rekenkamerrapport, dat mag, dat is uw mening.

Maar dan heeft u ook een mening hoe het in de participatie dan wel gaat, onderschrijft u dit wel, onderschrijft u dit niet? Zeven insprekers in de commissie onderschreven het in ieder geval duidelijk wel. De voorzitter: Het woord is aan de heer Westbroek van 18PLUS. De heer Westbroek: Nou, voorzitter, ik waag me niet aan het onderschrijven van iets uit dit onderzoek. Wat betreft participatie, of wij willen dat het anders kan of beter kan. Ja, anders staat het niet in het partijprogramma, staat het niet in een coalitieakkoord. Vandaar dat het college nu aan de slag is daarmee. De voorzitter: Voor zover even deze gedachtewisseling. Ik geef het woord nog even aan mevrouw De Wolf-ter Beek als ik het goed gezien heb. Klopt dat? Van de ChristenUnie. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Nee, ik wil me aansluiten bij wat er werd gezegd door de VVD. De voorzitter: Duidelijk. Dan geef ik het woord nu aan mevrouw Kayadoe Leefbaar Ridderkerk. Mevrouw Kayadoe: Dank u wel, voorzitter. Het Rekenkamerrapport met betrekking tot participatie ligt voor ter kennisneming. Leefbaar Ridderkerk heeft er kennis van genomen. Wat ons betreft zou dit het kunnen zijn. Aangezien er vier minuten voor de eerste termijn is vastgesteld zullen we er toch iets meer over zeggen. Het is niet het sterkste rapport van de Rekenkamer. Aan de andere kant is het onderwerp en de inhoud ook een dusdanige die je aan het denken zet.

Wat wel duidelijk naar voren komt is dat niet iedereen of in ieder geval zoveel mogelijk mensen bereikt wordt, dan wel geënthousiasmeerd worden om mee te denken, inbreng te geven, verwachtingen, criteria regels bekend zijn, et cetera, et cetera. Dat is jammer. We herkennen de opmerking dat er uit de evaluatie van de gemeente is gebleken dat de huidige platforms onvoldoende bekend Pagina 16 van 42

zijn bij zowel onze inwoners als gemeentelijke organisatie. Dat moet en kan anders. Dus het komt goed uit dat over niet al te lange tijd een voorstel vanuit het college komt over hoe een nieuw participatiebeleid eruit zou kunnen komen te zien. Aanbevelingen uit het voorliggend rapport meegenomen worden. Hopelijk gaan er op termijn meer mensen meedoen in participatietrajecten. We hebben niet voor niks de motie Like je Wijk ingediend bij de begrotingsraad. Een mooi voorbeeld hoe er meer mensen geënthousiasmeerd kunnen worden. Leefbaar Ridderkerk is dan ook erg benieuwd hoe dat voorstel eruit gaat zien. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik zat al een klein beetje te wachten op de hand die omhoogging. Mevrouw Van Nes-de Man van Burger op 1, aan u het woord. Mevrouw Van Nes-de Man: Is niet helemaal gebruikelijk dat ik er zo in zit maar vandaag wel. De vraag aan Leefbaar die ik ook aan 18PLUS stelde is, hoe ziet Leefbaar Ridderkerk de participatie nu dan en hoe kijkt Leefbaar tegen de wijkoverleggen aan? Als behalve dat, ondanks dat al zo lang meedraait, aangeeft dat er te weinig bekendheid is aan de wijkoverleggen onder inwoners. De voorzitter: Mevrouw Kayadoe, Leefbaar Ridderkerk. Mevrouw Kayadoe: Dank u wel, voorzitter. Ik heb geen enkel idee waarom het uitmaakt dat ik hier al zo lang meedraai over dat het feit dat de wijkoverleggen bij de inwoners zo slecht bekend zijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/923/documents/35159