2023-03-30-verslag-commissie-samen-leven-ridderkerk.pdf
Tekst van het document
En daar zal zeker deze gespreksnotitie die hier voorligt, zullen we daar als leidraad voor meenemen om te kijken of inderdaad het relatief makkelijk is voor mensen om de hulporganisaties te vinden. Dus als, dat wil ik u wel toezeggen. Dat zal overigens niet volgende week gebeurd zijn. Dat zal in de loop van een aantal maanden plaatsvinden, want die hele website wordt natuurlijk gekeken of die voldoet aan de verwachtingen. De voorzitter: Dat is min of meer geen toezegging. Maar het is voldoende, begrijp ik. Mevrouw Ripmeester, PvdA-GroenLinks. Mevrouw Ripmeester: Dank u wel, voorzitter. Ik dacht, u gaat het rijtje van de indieners af, dus ik had nog even de tijd. Maar goed, we gaan zo. Ik wilde nog even reageren over, de kern van het probleem ligt bij de ouders en wat doen we dan met de jongere zeg maar. Wil ik nog even terug aansluiten weer bij de opmerking die mevrouw De Wolff maakte, dat het ook natuurlijk ligt aan de capaciteiten van de ouders hè. Want je kan wel zeggen dat het probleem daar ligt, maar goed, ze moeten ook in staat zijn om daar wat mee te doen. En de omstandigheden van de ouders. Want dat, de meest slimme ouders of goed vaardige ouders, die zijn wel eens in situaties terechtgekomen dat ze ook met de handen in het haar zaten. Dus ook daar zul je naar moeten kijken. U gaf aan, we vinden een integrale aanpak belangrijk en daar zit eigenlijk heel veel in.
En ik vroeg mij af: Wat zit er dan in en welke levensgebieden worden dan meegenomen? Want integraal wordt dat ja, dat is een woord dat zo'n, dat kan alle kanten op dus. Dat kan twee dingen behelsen, het kan alles behelpen. Dus ik zou heel graag willen weten: Wat verstaat u dan onder integrale aanpak, welke levensgebieden zitten daaronder? Welke pijlers zitten daaronder? En ik heb een vraag aan de commissie. Zouden we met elkaar eens kunnen kijken naar wat wij vinden dat gebruikelijke zorg is? Want de wethouder is namelijk niet zo happig om toezeggingen te doen, dus ik wilde eerst aan de wethouder vragen: Zou u nog eens willen kijken naar wat wij verstaan onder gebruikelijke zorg? Maar ik dacht, ik voelde daar de omtrekkende beweging al. Maar willen wij eens een keertje kijken wat wij nu verwachten van jonge kinderen, wat wij vinden dat normaal is om te verwachten van jonge kinderen? Dat heet gebruikelijke zorg. Willen wij daar met elkaar eens een keertje naar kijken? En zouden we dan ook eens willen nadenken over wat 18PLUS voorstelde, dat er meer uren van de wijkteams op scholen nodig is. Zouden we dan eens met elkaar willen onderzoeken of wij dat ook vinden? Want de wethouder gaat geen toezegging doen om dat te onderzoeken, dus ik dacht, misschien moeten wij dan met elkaar maar eens gaan onderzoeken of dat nodig is.
Omdat de wethouder geen toezeggingen doen, wil doen maar dit wel een heel interessant onderwerp vindt, wilde ik aan hem vragen: Wat vindt hij dan zelf? De voorzitter: Via de voorzitter.
Pagina 16 van 27
Mevrouw Ripmeester: Via de voorzitter wil ik dan aan de heer Piena vragen, wat hij vindt dat, wat hij zelf vindt dat er zou moeten gebeuren, moeten verbeteren in Ridderkerk zodat meer Ridderkerkse kinderen een betere start krijgen? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. In ieder geval heeft u een vraag voor de commissie: Wat wordt er, om te gaan onderzoeken wat er verstaan wordt onder gebruikelijke zorg? We hebben het nu wel over een andere gespreksnotitie, dus … Oh, ik begrijp dat wethouder Piena zo meteen ook nog even gaat reageren. Zullen we hem heel even parkeren? Ik parkeer hem ook. Ja? Wethouder Piena, wilt u nu gelijk hierop reageren? De heer Piena: Ja, natuurlijk. En ik wil de geparkeerde auto wel weer even laten rijden. Wat wordt onder gebruikelijke zorg verstaan? Dat staat in principe in onze verordeningen, weliswaar niet specifiek op kind gericht maar wel wat we daaronder verstaan. Dus dan is eigenlijk weer de wedervraag van ja: Wat wilt u dan nog meer zien dan dat er in die verordening staat? Als daar meer in moet komen nou ja, dan zie ik van de raad wel een voorstel hoe de verordening aangepast moet worden. De leefgebieden. Nou, de leefgebieden, ik ben het met u eens, we spreken altijd met heel veel bulkbegrippen. Dat is weliswaar vervelend, want ja, je wil eigenlijk gewoon voorbeelden hebben. Hier kunnen we gewoon heel reëel in zijn.
Er wordt gevraagd of mensen problematiek hebben met hun inkomen, of ze schulden hebben, of er inderdaad scheiding is of nou ja, en werkelijk op elk deelgebied via een bepaald stappenplan – ik kijk even naar rechts - via een bepaald stappenplan worden al die zaken, worden besproken. Uiteraard wel op basis van de casus die voorligt. Zal, niet bij ieder persoon wordt natuurlijk van A tot en met Z alles doorgenomen. Dus ik hoop dat dat enigszins het antwoord is op leefgebieden. Dan kwam er een nou, niet een gewetensvraag maar wel een vraag van wat ik er zelf van vind en wat er moet gebeuren. Ik denk dat deze avond dan te kort is. Want mevrouw Ripmeester heeft zelf al aangegeven dat de problematiek natuurlijk veel breder. De problematiek zit hem niet alleen in die vechtscheiding, die problematiek zit hem ook in de armoede, die problematiek zit hem ook ja, in hoe mensen wonen, dus dat is veel breder. Een aantal van die zaken, die ligt niet op een gemeentelijk bordje, maar ligt in mijn optiek op landelijk niveau. Dus dat is even mijn antwoord. Wat ik het mooi zou vinden dat we geen wachtlijsten hebben, dat mensen snel geholpen kunnen worden en dat er zo spoedig mogelijk kennisgenomen wordt van ellende binnen gezinnen.
Waarbij, dat zal u niet verbazen, tuurlijk, de verantwoordelijkheid van de gezinnen zelf is om hun kinderen goed op te voeden, maar dat ik ook begrijp dat zeker in bepaalde omstandigheden mensen gewoon soms tijdelijk niet in staat zijn om de juiste beslissingen te nemen. Nou, dat is even een ja, een heel algemeen antwoord. Ik denk dat we anders wel heel diep op de materie ingaan. Ik hoop dat mevrouw Ripmeester hier enigszins mee uit de voeten kan. De voorzitter: Mevrouw Ripmeester, PvdA-GroenLinks. Mevrouw Ripmeester: Dank u wel voorzitter, ik heb een vraag aan de wethouder c.q. de griffier. Kan dat stappenplan worden toegestuurd aan de leden van de raad en het overzicht van wat wij verstaan onder gebruikelijke zorg? Want dan kan iedereen het eens nalezen. We vragen er namelijk best wel veel van jonge mantelzorgers, dus dan begrijp ik ook wel dat ze in de problemen komen. Dus ik hoop dat dat kan. Dat zal openbare informatie zijn, dus ik neem aan dat dat geen probleem is. En wij vroeger natuurlijk: Wat vindt u zelf dat er moet verbeteren? Toen begon u met ja, alles en iedereen en landelijk en dat is zo, maar goed, wij verwachten verantwoordelijkheid van de gezinnen. Wij verwachten ook een bepaalde verantwoordelijkheid van de wethouder. En ik, goede nou niet een goede VVD’er, maar een VVD’er zegt dan altijd oké, u noemt nu heel veel of u zegt niks.
Noemt u mij nou eens drie dingen hè? Want dat zegt, want als u die niet kan noemen van wat u nu wil verbeteren nou, ik weet niet precies hoe de teksten gaan verder. Maar noemt u dan eens drie punten waar uw aandacht nu naar uitgaan? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Wethouder Piena.
Pagina 17 van 27
De heer Piena: Nou, voorzitter, ik ga er maar één noemen want ja, dat overvalt me ook even. Maar een van die dingen heb ik net al genoemd. Wat ik heel belangrijk vind is, dat de zorg voor kinderen - maar niet alleen voor kinderen, ook voor ouderen - dat die tijdig geleverd kan worden. En dat is op dit moment heel lastig hè. We zien de druk op de zorg, we zien dat er veel vacatures zijn, maar dat zou voor mij wel een wens zijn dat we dat op een hele korte termijn kunnen oplossen. Dat is denk ik gewoon heel belangrijk. En het tweede punt. Laat ik er dan toch twee noemen, dan kom ik dicht bij uw drie gevraagde, is die vroeg signalering. Dat we met zijn allen en dat betekent niet alleen scholen, dat betekent niet alleen het CJG, maar dat we allen in deze samenling om elkaar, naar elkaar omkijken en signaleren als er iets verkeerd gaat. En daar dan ook nou, melding van maken zodat we elkaar kunnen helpen. Zijn er twee van de drie die me zo even te binnenschieten. Dan vroeg u of u de informatie kon krijgen over het stappenplan. Nou is dat natuurlijk wel een leidraad in de uitvoering. Ik denk dat we wel zouden kunnen doen is en die toezegging wil ik wel doen – doe een toezegging, u hoort het allemaal - om informatie te geven over hoe dat dan is. Misschien niet letterlijk het hele stappenplan, maar informatie waar een beetje aan gedacht wordt.
De voorzitter: Mevrouw Ripmeester, zijn uw vragen zo voldoende beantwoord? De heer … Voor zover mogelijk. Ik snap dat u punt drie miste, maar goed, waarschijnlijk moeten we hem dit vergeven voor vanavond. Mijnheer Overheid, CDA, wilt u nog aanvullend iets kwijt of vragen? De heer Overheid: Ja, voorzitter, graag. Dank voor alle antwoorden in ieder geval. Blijkt ook wel hoe complex de materie is. Waar ik zelf wel erg mee zit te stoeien van, hoe kunnen wij nou als raad en ik denk ook de wethouder nu monitoren dat de middelen die ingezet worden op al die diverse gebieden ook echt effectief zijn en waar we dan eventueel een verbeterslag kunnen maken? Nu krijgen we natuurlijk een heleboel gegevens, we krijgen een heleboel informatie maar het, hoe mooi zou het zijn als we ergens een dashboard of een overzicht hebben? We zeggen van ja, weet je, hier worden de stappen gemaakt en misschien moeten we links of rechts nog ergens sleutelen. De voorzitter: U bedoelt een wijk dashboard of zo? De heer Overheid: Bijvoorbeeld. De voorzitter: Wethouder Piena, aan u de schone taak om deze vraag te beantwoorden. De heer Piena: Voorzitter, is zo fijn als je ambtelijke ondersteuning hebt, dus ik schuif de vraag door. Mevrouw Laurs: Goeienavond.
Nou, dat is toevallig een van de ontwikkelingen waar we in de afgelopen weken druk mee bezig zijn geweest rondom het bouwen van dashboards, meer informatie krijgen. Onder andere de ontwikkelingen rondom het gebruik van specialistische jeugdhulp, daar zitten wat pieken en dalen in op dit moment. Dus vanmiddag hebben wij met onze bouwer van het dashboard gezeten en met de twee teamleiders van het wijkteam: Welke ontwikkelingen zien we nou? Dus dat was mooi om mee te krijgen. Dus die stappen gaan we de komende tijd verder voortzetten. We hebben nu de specialistische jeugdhulp beetgepakt, maar daar zullen we ook voor de lokale jeugdhulp mee aan de slag gaan. Dat is weliswaar wat veranderd ten opzichte van voorgaande jaren, omdat we het iets anders hebben ingericht en we hebben ook een aantal hulptaken vanuit jeugdhulp overgedragen gekregen vanuit de regio. Dus ja, we moeten het op een iets andere manier weergeven. Maar ja, ik vond het in ieder geval een inspirerende sessie om het met elkaar te hebben over, wat zien we nu in bijvoorbeeld een afname bij pleegzorg.
Hoe komt dat nou? Is dat het gevolg van het woonplaatsbeginsel of komt dat omdat kinderen achttien jaar geworden zijn en natuurlijk uitstromen, misschien een eigen huisje krijgen, op zichzelf kunnen staan? Of is dat omdat het aantal pleeggezinnen is afgenomen en ze meer richting opname of verblijf moeten? Nou ja, dat soort gesprekken hebben we met elkaar gevoerd en dat zullen we de komende tijd blijven doen en hopelijk ook meer informatie aan u als raad kunnen geven. Pagina 18 van 27
De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Overheid, is uw worsteling daarmee ten einde? De heer Overheid: Mijn worsteling zeker nog niet, maar ik ben wel blij met deze ontwikkeling ieder geval. En ik kijk er naar uit ieder geval. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Coule, Burger op 1. De heer Coule: Dank u wel voorzitter. Ik zou dolgraag willen weten van de wethouder, we willen snel en tijdig zorg leveren, maar er zijn wachtlijsten, wordt ook gezegd. Hoe staat het met die wachtlijsten, kunt u ons bijpraten over de wachtlijsten of kunt u een toezegging doen dat u ons gaat bijpraten over de wachtlijsten? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Piena. De heer Piena: Dat laatste, voorzitter. De heer Overheid: En wat voor termijn gaan we dat dan hebben? De voorzitter: Wethouder Piena. De heer Piena: Dat kan ik u nog niet aangeven. We zijn daar hard mee bezig, met een plan van aanpak. De voorzitter: Ik denk dat u het daar voor nu, even mee moet doen als ik zo wethouder Piena beluister. Is dat voor u voldoende? Oké. Mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk. Mevrouw Van Vliet: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ik heb drie vragen aan de wethouder. De beantwoording van vraag zeven. Daar gaf u aan dat er eigenlijk weinig tot geen respons is over of hulpverleners goed toegerust zijn om kinderen en ouders te ondersteunen.
Is mijn vraag: Weet u ook waarom zij niet reageren? Zou te maken kunnen hebben met angst, dat ze daarna niet meer goed geholpen kunnen worden. Dus ik zou wel eens willen weten: Waarom reageert men niet? Tweede, het verbaast me dat ik de wethouder hoort zeggen dat hij geen verder onderzoek wil doen. Toch worden de problemen complexer, het betreft meer kinderen, er is een toename van vijftig procent. Waarom wilt u niet weten dat dit, hoe dit percentage naar beneden gebracht kan worden? Dat in het belang van de kinderen, hun toekomst, maar ook in de kosten van de gemeente. En mijn derde vraag. Bij de beantwoording van vraag elf had u het natuurlijk over de driehoek hè, wijkteam, scholen en volgens mij CJG. In hoeverre werken IKC’s mogelijk beter dan reguliere onderwijsinstellingen waar geen geen IKC zit met betrekking tot het signaleren en actief oppakken van signalen, dat het niet goed gaat met kinderen? Dat waren mijn drie vragen. Dank u wel. De voorzitter: Wethouder Piena, mag ik u het woord geven? De heer Piena: Ja, voorzitter. Waarom mensen niet reageren, dat is, dat zijn dan waarschijnlijk aannames. Er wordt ook wel over nagedacht hè als we die vragen uitzetten. Het zijn meestal die uit een, mensen die uit een moeilijke positie komen, die eindelijk sommige zaken op de rit hebben.
Die zitten niet altijd te wachten om weer een enquête in te vullen en een vraag te beantwoorden. Dat zou een van de redenen kunnen zijn, maar eerlijk is eerlijk ja, dat weten we niet. Die mensen reageren dan ook gewoon niet, hebben er gewoon geen behoefte aan. Dus ik ja, ik moet daar het antwoord schuldig blijven. Ik kijk even heel stiekem naar rechts of die een duidelijker antwoord heeft? De voorzitter: Mevrouw Laurs, mag ik, kunt u misschien de wethouder aanvullen? Mevrouw Laurs: Oh, nu zet ik hem weer uit, sorry. Ja, het is best wel, wat je ook merkt is dat hulpverleningstrajecten soms wat langer duren en dan komt de uitvraag daarna. We doen hem wel periodiek, Pagina 19 van 27
maar het kan ook zijn ja, dat dat dan eventjes geleden is en dat mensen het dan toch een beetje laten zitten. We hebben al verschillende pogingen gedaan hè, zelf de vragenlijst afnemen of op erop wijzen aan het begin van, wij doen dit omdat wij de dienstverlening als gemeente willen verbeteren. En ja, het blijft lastig, dus we hebben er aandacht voor. Maar ja, het blijft toch een beetje ingewikkeld. Misschien nog ter aanvulling, in voorgaande jaren was het wijkteam in zijn geheel hè: we boden hulpverlening en we gaven indicaties in één af, in één persoon. Per vorig jaar dus begin 2022, hebben we dat gewijzigd. Ook even nog terugkomend stukje op de wachtlijsten. Die hebben met name te maken op de indicatiestelling, dus de aanvragen volgens de Jeugdwet, dus gecontracteerd aanbod. Wat we hebben gezien door een splitsing te maken in de wijkteams is dat de vragen van preventie en ondersteuning, dat er eigenlijk geen wachtlijsten zijn op dit moment. Dus hulpverlening kan direct geboden worden en bij Zorg en Veilig zie je dat eigenlijk ook.
Dat is een lijn richting wat we vroeger drang hulpverlening noemden - term mogen we eigenlijk niet gebruiken, maar beetje voor jullie een beeld bij krijgen - zien we dat doordat de wijkteam medewerkers Zorg en Veilig eerder worden ingeschakeld of benaderd door de collega's van preventie en ondersteuning, dat eerder geholpen kan worden en dat het aantal aanmeldingen op het Jeugdbeschermingsplein ook afnemen. Dus door die splitsing in thema's, in kennis en kunde te maken hebben we voor een deel de wachtlijsten wel kunnen verminderen. Alleen op de toegang blijft het wel een uitdaging, zoals de wethouder net aangaf. De voorzitter: Wethouder Piena, wilt u de andere vragen beantwoorden? De heer Piena: Nou ja, en even ter aanvulling hè, want daar bestaat nog wel eens een misverstand over. We hebben natuurlijk wachtlijsten, nou ja, eigenlijk geen wachtlijst, maar minimale wachtlijsten op de jeugdzorg. Maar we hebben natuurlijk ook nog met de WMO te maken hè. Dat wordt nog weleens door elkaar gehaald en dat wil ik wel even expliciet scheiden hierin. De andere vraag was ja, waarom wil de wethouder geen nader onderzoek doen? Nou, volgens mij ben ik redelijk uitgebreid in mijn antwoord geweest, dat ik denk dat we al heel veel hebben. Ik hoorde de VVD ook zeggen, er zijn landelijk heel veel onderzoeken gedaan waarbij men ook niet met harde cijfers komt hè.
Als we kijken naar het aantal vechtscheidingen, daar zit daar een ja, toch wel een bandbreedte in. En tuurlijk willen wij de kosten naar beneden brengen. Dat is, maar dat is niet een doel op zich. Het eerste doel is dat we zorgen dat de mensen goede zorg krijgen. En juist door de aanpak die we doen en door de signalering en de vroeg signalering doen we al heel veel, zijn de professionals met elkaar in gesprek om dat allemaal steeds weer beter te doen. Dus ja, waarom zouden we daar nog een nader onderzoek naar doen? Ik denk dat dat zonde van tijd en het geld is. En dan moet ik, vraag elf. Die ben ik kwijt, maar ik kijk naar rechts. Heb jij hem wel? Oh, IKC. Dan mag jij hem. Wij spelen hem door naar rechts. De voorzitter: Mevrouw Laurs, mag ik u het woord geven? Mevrouw Laurs: U stelt nog de vraag over of de samenwerking beter was binnen een IKC? Ja, je hebt natuurlijk en de kinderopvang en basisonderwijs naschoolse opvang dichter bij elkaar zitten. Dus logischerwijs werken daar de professionals eerder met elkaar samen, omdat je in één gebouw zit. De term school contactpersoon is al eerder langsgekomen. Zitten niet alleen op het primair onderwijs, maar ook op het voortgezet onderwijs. Maar daarnaast is er ook een aantal uur beschikbaar gesteld voor de kinderopvang.
En natuurlijk is het in een IKC makkelijker omdat de lijnen korter zijn, maar is het niet in de IKC, dan nog zijn er wel contacten op de kinderopvang om die signalen op te pakken. Dat is minder uur, omdat voor de erg jonge kinderen ook nog andere zorgstructuren zijn, zoals een vroegschoolse, SAT en waar het CJG ook best een belangrijke positie inneemt. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk. Mevrouw Van Vliet: Dank u wel, voorzitter. Ja. Ik wil toch nog even reageren op die uitspraak van de wethouder. U zegt van ja, er liggen al heel veel onderzoeken. Maar uit dit onderzoek blijkt, dat rapport waar we het over hebben, dat de deskundige hulp, de vraag daarnaar met vijftig procent is gestegen. Als wij dan al Pagina 20 van 27
die onderzoeken al tot ons hebben genomen en het blijft alleen maar toenemen en de complexiteit wordt groter, dan doen we toch iets niet goed. En mijn vraag aan u is, pak dit nou op en zorg dat dat wel beter wordt. En ga dan eens kijken: Wat moet er dan gedaan worden? Want blijkbaar hebben we al die onderzoeken liggen en wordt er dus heel veel gedaan, maar ergens gaat het toch nog niet helemaal goed. Want anders hadden we deze toename toch niet gezien. De voorzitter: Wethouder Piena, mag ik u het woord geven om te reageren op mevrouw Van Vliet van Echt voor Ridderkerk? De heer Piena: Ja, natuurlijk, voorzitter. Kijk, wij volgen ook alle landelijke trends en de ontwikkelingen. Ook daar worden nog steeds onderzoeken gedaan en blijft men steeds bezig om dingen te verbeteren. En dan heel specifiek dit op Ridderkerk te richten, heeft in mijn optiek heel weinig extra toegevoegde waarde. Nogmaals, zorgen, daar houdt niet op bij de grenzen. Als we met scheidingen te maken, ik noem maar een voorbeeld, en mama woont in Ridderkerk en papa woont in Barendrecht. Ik bedoel ja, wat gaan we dan doen? Dus nogmaals, ik denk niet dat er een toegevoegde waarde is en dat we onze inspanningen beter op andere zaken kunnen richten. Landelijke trends, Ridderkerk verschilt daar heel vaak niet zoveel van, dus daar krijgen we voldoende informatie van terug. De voorzitter: Dank u wel.
De heer Borst, VVD Ridderkerk, u niet? Mevrouw De Vormer, 18PLUS? Mevrouw De Vormer: Ja, ik had eigenlijk nog wel een vraag. We hebben natuurlijk al wat antwoorden gehoord over school contactpersoon. Heeft u terugkoppeling teruggekregen van de wijkteams dat ze eigenlijk uren tekortkomen? Want, we hebben het natuurlijk over toenemende percentages, maar dat komt natuurlijk ook door toenemende scheidingen. Dat is echt een landelijk zeg maar, wereldprobleem in de westerse landen denk ik wel een beetje. Mag ik dat zo zeggen? Ja, geven zij aan dat ze uren tekortkomen? En kunnen, is het college dan van plan om dan hier extra op in te zetten? En ook even nog wilde ik vragen om een antwoord op mijn vraag. De voorzitter gaf natuurlijk al een beetje aan, bij de hockeyclub is er geen aandachts functionaris aanwezig. Zijn er bij de andere sportverenigingen of verenigingen die wel aanwezig? En zo niet, zou dit overwogen kunnen worden om dit een beetje aan te sturen bij de verenigingen vanuit de gemeente? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Piena of mevrouw Laurs? Mevrouw Laurs, mag ik u het woord geven? Mevrouw Laurs: Ja, dank u wel. Rondom de school contactpersonen. Nou, de wethouder gaf het net al aan, in 2018 is een verzoek uit de raad gekomen om de samenwerking tussen scholen en de wijkteams te verbeteren.
Daar hebben we een formatieplaatje op gemaakt, alle scholen worden daarin bediend voor drie uur in de week. Vorig jaar hebben we extra middelen vanuit het rijk gekregen, de zogenaamde MPO-middelen en daarvan hebben we een uitvraag gedaan bij de scholen waar behoefte aan is. Uiteindelijk hebben we daarvoor één formatieplaats extra vrijgemaakt. Daar zit een verdeling in: een aantal uren op het VO, aantal uren op het PO. Dus op basis van de vraag wordt die formatieplaats ingevuld. Wat ik van mijn collega teamleider heb begrepen is, dat daar niet een vraag bovenop is om extra formatie nog in te zetten. Wat er wel naar voren is gekomen, het is een, pas een korte evaluatie geweest, dat het aantal vragen wel toeneemt. Niet zozeer in de basisschoolleeftijd, maar met name op het VO. En corona is daar wel een boosdoener van, als ik hem zo mag labelen. Sociaal-emotioneel, dus wel psychische vragen die daaraan ten grondslag liggen. En daarin wordt ook wel echt samengewerkt met de combinatie functionarissen of de jongerenwerkers vanuit FACET. Ook deels wel met de jeugdarts, jeugdverpleegkundigen om ja, daarin het samenspel te maken. Dus nee, niet direct een vraag voor extra formatie maar we hebben hem wel opgeplust. En ja, het kan wel zijn dat die formatie wel nodig is als we nu kijken naar de vragen die er zijn.
En de vervolgvraag rondom aandachts functionarissen bij de sportverenigingen, daar kan ik niet direct antwoord op geven. Wat we wel doen is wat ik net vertelde, we hebben een splitsing gemaakt in de wijkteams met expertises. De wijkteam medewerkers preventie en Pagina 21 van 27
ondersteuning. Nou, het woord zegt toch al, preventie. We willen daar meer op gaan investeren. Wat we nu beetje bij beetje aan het doen zijn, is bijeenkomsten organiseren met onze netwerkpartners. De focus heeft eerst gelegen met name rondom het CJG. Ook daar is door corona de samenwerking een beetje minder geworden, omdat je toch op afstand zat. Dus dat blazen we nu nieuw leven in. En het signaal rondom sportverenigingen kunnen we denk ik meenemen richting onze collega's van de wijkteams. Om ook daar de connectie te maken en te kijken of we daar een keertje langs kunnen gaan om aan te geven wat wij als wijkteams kunnen doen, kunnen bieden en dat ze ons ook als vraagbaak kunnen zien. Want we hebben wel gewoon een adviesfunctie vanuit de wijkteams, ze kunnen ons altijd wel bellen. Maar wellicht kunnen we daar wat extra aandacht aan geven om nou, aan te geven, u kunt bij ons terecht. De voorzitter: Mevrouw De Vormer, zijn daarmee uw vragen voldoende beantwoord? Mevrouw De Vormer: Ja, vriendelijk bedankt. De voorzitter: Mevrouw Roelofs, Leefbaar Ridderkerk. Mevrouw Roelofs: Ik heb nog één vraag eigenlijk. Dat gaat over de beantwoording op de vraag over de jongeren met een ouder die langdurig ziek of gehandicapt is. In de Wet Maatschappelijke Ondersteuning is ook het VN verdrag voor gehandicapte personen integraal opgenomen.
Daarin staat expliciet benoemd dat deze ouders recht hebben op ondersteuning bij de zorg voor hun kind. Wanneer er een WMO-aanvraag wordt gedaan, wordt er dan ook altijd gecheckt of er kinderen in beeld zijn? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Piena, ik ga u het woord geven. De heer Piena: Dat is mooi, ik speel hem door. Ik denk dat het antwoord ja is, maar de rechterhand weet daar inhoudelijk nog meer van. De voorzitter: Mevrouw Laurs, mag ik u het woord geven? Mevrouw Laurs: Ja, dat is wel de bedoeling, de integrale werkwijze. In ieder geval vanuit wijkteam perspectief wordt het altijd gedaan hè, dat gaven we net al aan. En we zoeken steeds meer ook de samenwerking op met onze collega’s van WMO, dus ook die werkwijze wordt steeds meer toegepast om ook te kijken wat, of er kinderen in het gezin zijn en of daar inzet op gepleegd moet worden. Dus ja, die samenwerking wordt steeds steviger. De voorzitter: Vooruit, wethouder Piena. De heer Piena: Ja, ik wil er nog wel wat even aan toevoegen. Dat merk je wel heel gauw en je hoort dat er heel veel samenwerkingsverbanden zijn en dat er heel veel overleg is. En dat, het moge wel duidelijk zijn dat in de zorg hè, in de ondersteuning dat er heel veel goed gaat, maar dat er natuurlijk ook wel eens wat verkeerd gaat.
Ik wil hier wel benadrukken voor al die medewerkers die hier namens de gemeente maar ook van de professionele organisaties werken, dat die dat naar beste eer en geweten doen. We ontkomen er niet aan dat daar fouten gemaakt worden, we ontkomen er niet aan dat het wel eens een keer misgaat. Ik hoop dat iedereen dat ook wel beseft. We proberen hier zeker vanuit de gemeente maar ook weer vanuit die professionele organisaties, om dat zoveel mogelijk te voorkomen en van fouten te leren. Dat wil ik graag nog wel even meegeven aan deze commissie, maar ook aan iedereen die luistert. Iedereen doet echt zijn best en er is nooit iemand die zijn bed uitkomt en denkt van kom, laat ik eens even een verkeerd besluit nemen voor iemand.
Pagina 22 van 27
De voorzitter: Mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Voor u als laatste de eer om nog wat vragen of opmerkingen te vragen of te stellen. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Wat een eer. Ja, paar opmerkingen nog. Ik heb even lopen klikken en dat heb ik al eerder gedaan om te zoeken wat er nou makkelijk te vinden is rondom scheiding. De eerste link die ik krijg is afvalscheiding. Ik heb hem toch nog echt op een paar andere manieren geprobeerd, maar daar kwam toch elke keer naar boven. Dus dat lijkt mij een nou, misschien wel een quick win. Ik weet niet zeker hoe dat, of dat zo is, maar daar zou ik ieder geval naar gaan kijken. Als ik dan goed zoek zie ik één link naar een website naar een algemene overheidswebsite waarop staat, wat moet je doen als je gaat scheiden. En ik zie een hele formele link waarbij je kan aangeven dat je wil scheiden en dat je de naam, dat je je naam kan veranderen. Nou, wat daaraan toegevoegd zou moeten worden wat ChristenUnie betreft en de CDA gaf het net ook al aan, breng nou zichtbaarder in kaart welke soorten hulp er mogelijk is. Ik snap dat de sociale kaart maken, dat is bijna niet te doen met alles wat er snel verandert. Dat snap ik heel goed. Maar er zijn wel een soort algemeenheden te delen. En daarbij ook, ik zie bij het fysieke domein echt meer en meer prachtige tekeningen ontstaan of visuele weergaves.
Alsjeblieft, ik zou ook zo graag willen hebben dat dat in het sociaal domein ook, daarin een stap gezet zou kunnen worden. Nou, dan nog even in op het onderzoek, er is al veel over gezegd. Ik ben het trouwens helemaal eens met Partij 18PLUS en VVD dat er niet meer onderzoek moet komen. Ik denk alleen wel, er zijn ook andere soorten onderzoek. Desktop onderzoek laat zien wat er allemaal is, waarbij je kijkt, wat is er voor jouw gemeente geschikt? Ga die kant op, onderzoek wat professionals, ga in gesprek met professionals: Wat vinden jullie, wat doen we al? En ja, breng dat in kaart. Praktijkonderzoek, ik hoorde net eigenlijk al een heel mooi voorbeeld van een steeds meer contact zoeken en een werksessie organiseren. Nou, vooral mee doorgaan, volgens mij is dat ook een vorm van onderzoek. En kijk dan ook eens in zo'n onderzoek of de cirkel van hulpverlening nou echt rond is. Want als je al die professionals bij elkaar hebt, dan kan je gewoon heel lean in kaart brengen: Wat mist er nu nog en waar gaan we dat dan, waar gaan we nog dingen versterken? Dus daar zou ik toch de wethouder ook al heeft hij geen zin in een onderzoek, maar in een praktijk onderzoek misschien nog wel bij, voor willen oproepen. En verder wou ik het hierbij laten. Bedankt.
De voorzitter: Mijnheer Van de Waerdt, ik heb uw hand gezien, maar ik wil graag eerst even de heer, wethouder Piena nu laten reageren? Of is het aansluitend stapele… Oké, dan bent u daarna aan de beurt. Wethouder Piena. De heer Piena: Ja, voorzitter. Zoals we toch min of meer toegezegd hebben hè gaan we kijken naar die website, we nemen uw opmerkingen zeker mee. Lijkt me waardevol. Dus ja, nemen we mee als u het goed vindt. En ook als de voorzitter het goed vindt, anders krijg ik daarvan natuurlijk op mijn kop. Is de circel rond met professionals? We hebben ook heel veel gemeenschappelijke regelingen en ook daar wordt heel veel met elkaar gesproken. Wat je inderdaad ziet is, dat is lastig, iedereen zit in zijn eigen nou ja, laat ik zeggen professionele koker ondanks alle goede bedoelingen. Ik zie wel en ik merk wel dat al die organisaties zeer bereidwillig zijn om over hun eigen grenzen nu te stappen en om te kijken hoe die samenwerking beter is. Maar dat is ook iets van een lange adem, dat regel je niet van vandaag of morgen. Dus ik ben het helemaal met mevrouw De Wolff eens, dat het goed is om ernaar te kijken of die cirkel rond is en of die mooi rond is, want dat is misschien ook nog wel belangrijk. Daar wordt hard aan gewerkt, zowel op regionaal niveau. Maar u heeft ook gehoord, voorzitter en mevrouw De Wolff dat we hier intern daarmee bezig zijn.
Dus ik hoop dat dat toch wel een beetje voldoende vertrouwen geeft dat er ieder geval aandacht voor is en dat we ons best daarin doen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw De Wolff, heeft u voldoende antwoord gehad? Ik zie u knikken. Mijnheer Van de Waerdt, u graag nog even het woord. De heer Van de Waerdt: Ja, bedankt, voorzitter. Ik had namelijk een vraag gehad van mevrouw Ripmeester, wil ik toch nog even beantwoorden. Dat gaat over dat onderzoek doen. En wat is nou beschikbaar in Ridderkerk? Pagina 23 van 27
Richt ik mij even tot de griffier en ook, kijk ook hoe de raad er tegenover staat, de commissie tegenover staat, sorry. Hoe kijken de andere partijen er tegenaan om een bijeenkomst te organiseren met FACET, waarin zij goed kunnen uitleggen wat er allemaal beschikbaar is in Ridderkerk, zodat we met FACET in gesprek kunnen? Dat is mijn voorstel. De voorzitter: Dank u wel. Dan is nu de vraag aan de commissie: Heeft de commissie behoefte aan een werkbezoek aan FACET of met FACET? Mevrouw Roelofs, Leefbaar Ridderkerk. Mevrouw Roelofs: Nou ja, ik denk dat als we alleen FACET daarin meenemen, dat dat onvoldoende is. Want ik denk dat er veel meer instanties binnen Ridderkerk in het belang van deze doelgroep werken en ik denk dat het stukje FACET echt alleen te weinig is. Dus dan zou je inderdaad meerdere organisaties die betrokken zijn in deze casuïstiek daarbij moeten betrekken, denk ik. De voorzitter: Mijnheer Van de Waerdt, SGP. De heer Van de Waerdt: Ja, ik zit even hardop na te denken. We hebben enige tijd geleden al overleg gehad inderdaad met de wijkteams. Dus dat dat hebben we al gehad. Wat ik het risico vind, ja, ik werk zelf ook in de zorg, als je allerlei organisaties erbij gaat halen, dan alle tijd die zij hier zitten kunnen ze weer niet besteden echt aan het bed zou ik bijna in de zorg willen zeggen. Maar dat geldt hier niet, in dit geval niet.
Maar ik zou zeggen, voor momenteel is FACET voor mij voldoende. Maar we kunnen allicht met elkaar nog in gesprek gaan daarover om andere toe te voegen, dus geen harde nee van mijn kant hoor. De voorzitter: Mevrouw Ripmeester, PvdA-GroenLinks. Mevrouw Ripmeester: Dank u wel, voorzitter. Ik zou graag met, FACET hier uitnodigen en inderdaad meer willen weten over hoe het gaat met de jeugd in Ridderkerk. Ook gecombineerd met de jeugdcriminaliteit, daar hebben we het ook wel eens over gehad. Daar zitten ook allemaal kinderen in de knel, dus daar kunnen ze wat over zeggen. Het is inderdaad zo dat er meer organisaties mee bezig zijn, maar ik zie dit ook niet als een eindpunt maar als althans, ik weet niet wat het idee is van de heer Van de Waerdt, maar als een start naar iets zeg maar. Dus ik kan me daar helemaal in vinden. De voorzitter: Een vertrekpunt, bedoelt u. Mevrouw Ripmeester: Een vertrekpunt, ja. Dank u wel. De voorzitter: Ja, ik help u graag. Met betrekking tot de jeugdcriminaliteit, daar staat al een datum voor in de agenda. Die heeft u als het goed is, die stond, afgelopen vrijdag stond hij in ieder geval op de activiteitenkalender. Dus ik heb, zo uit mijn hoofd weet ik niet wanneer het exact is, maar het is op korte termijn. U hoeft niet lang te wachten daarvoor. Mijnheer Borst, VVD.
De heer Borst: Voorzitter, natuurlijk ga ik en mijn fractie met alle liefde met allerlei organisaties in Ridderkerk in gesprek. Maar het begint me nu wel een beetje te duizelen, eerlijk gezegd. Ik heb nu zoveel voorstellen en ideeën en suggesties zeg maar de revue passeren en ook de discussie tussen de indieners onderling, die brengen mij toch een beetje in verwarring hè. Dus wat is nu precies het doel? Laten we het, over het onderzoek maar niet meer beginnen denk ik. Maar ik wil in ieder geval aan de SGP vragen, wat dan precies het doel zou moeten zijn van de bijeenkomst met FACET. Dus wat is er klaar als het af is? De voorzitter: Dank u wel. Ja, u gaat van mij het woord krijgen, maar ik ga even nog mevrouw Ripmeester, PvdA-GroenLinks verblijden. Die bijeenkomst waar ik het net over had, is 20 april. Dat heb ik even voor u gecheckt. De heer Van De Waerdt, SGP, wilt u de vraag van de heer Borst beantwoorden?
Pagina 24 van 27
De heer Van de Waerdt: Ik denk dat het eerst goed is om kennis te maken met FACET, dat zij dan kunnen vertellen waar ze eigenlijk allemaal mee bezig zijn. Want daarmee wordt ons eigenlijk al duidelijkheid gegeven en dan heb je niet een heel diepgaand onderzoek nodig. De voorzitter: De heer Borst, VVD, is dit antwoord voldoende? De heer Borst: Is voldoende antwoord. Ik denk zelfs te bespeuren dat de heer Van de Waerdt het zelfs met mij eens is, dat er niet meer onderzoek nodig is. Dus dat nou, dat onderschrijf ik alleen maar. De voorzitter: U legt nu de heer Van de Waerdt wellicht woorden in de mond. Mijnheer Van de Waerdt, u mag, u mag eenmalig hierop reageren. Lijkt me overigens uitermate verstandig. Zijn er andere commissieleden die vinden dat er een specifieke avond met FACET georganiseerd moet worden? Ik kijk eventjes ook rond Mevrouw De Vormer, Partij 18PLUS. Mevrouw De Vormer: Nou ja, ik ben natuurlijk nog wel een beetje een groentje in de raad, dus alle nieuwe informatie vind ik allemaal heel fijn. Maar ja, ik weet niet wat gebruikelijk is. Gaan jullie als raadsleden ook wel eens gewoon zelf naar FACET? De voorzitter: Is ook nog een optie. Is ook nog een optie. Mevrouw De Vormer: Maar dan hoor je het gelijk centraal. Ik ben er niet per se op tegen. De voorzitter: U bent er niet per se op tegen, maar u bent ook niet per definitie voor, begrijp ik.
Mevrouw De Wolff, ChristenUnie, ik zag uw hand. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Volgens mij heeft FACET nou, elke keer in één periode wel, een bijeenkomst organiseert die. Daarmee doen ze eigenlijk alle resultaten die ze behaald hebben of alle doelen die ze hebben nagestreefd. Hebben ze verleden keer tenminste prachtig uitgelegd wat ze daar allemaal mee bezighouden, dus ik wacht de uitnodiging af die waarschijnlijk toch al gaat komen. De voorzitter: Nou, dan is, ik zie opeens een duim van iemand van wie ik het niet verwacht. Maar goed, desalniettemin, dat betekent dat er niet specifiek een afspraak gemaakt hoeft te worden met FACET, maar dat we gewoon de reguliere afspraak afwachten die normaal gesproken elk jaar zou moeten komen. Dan zijn we nu als het goed is aan het einde van deze gespreksnotitie. Zijn de indieners van mening dat de inhoud voldoende behandeld is? Mijnheer Van de Waerdt, u als, ik benoem u nu even als woordvoerder van alle indieners. De heer Van de Waerdt: Zeker, voorzitter. De voorzitter: Dan zijn wij aan het einde gekomen van deze gespreksnotitie. Er is net geconstateerd dat deze voor dit moment voldoende behandeld is. Als u vindt als raadsleden dat er toch nog wat vervolgacties zouden moeten komen, dan heeft u ook nog middelen tot uw beschikking om iets eventueel de raad in te brengen. Dank u wel, de heer Piena en mevrouw Laurs voor de aanvulling.
Mijnheer Piena, blijft u even gewoon zitten, want … Dat maakt me niet uit, want er zijn ook, u vertegenwoordigt ook nog het college. Anders wordt het heel onrustig voor mijn neus.
Pagina 25 van 27
7.
Mededelingen Gemeenschappelijke Regelingen De voorzitter: Agendapunt 7, mededelingen Gemeenschappelijke Regelingen. Zijn er collegeleden, is er een collegelid dat een mededeling wil doen over Gemeenschappelijke Regeling? Mijnheer Piena, u bent, u heeft, wilt u een mededeling doen? De heer Piena: Zelf niet, maar ook het college niet. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er raadsleden die een mededeling willen doen over Gemeenschappelijke Regeling? Ook niet over de Vervoersautoriteit? Nee. Ja, er was wel ook een Adviescommissie Economisch Vestigingsklimaat waar ik bij zit, maar wij werken momenteel nog even thematisch omdat wij wachten op de strategische agenda. Dus, en ik denk dat dat voor de Vervoersautoriteit eigenlijk het hetzelfde laken een pak is geweest. Vandaar dat de heer Borst geen mededeling doet.
8.
Mededelingen college De voorzitter: Zijn er mededelingen te doen namens het college, wethouder Piena? De heer Piena: Voorzitter, ik kan u mededelen dat wij geen mededelingen hebben. De voorzitter: Dank u wel.
9.
Rondvraag leden De voorzitter: Dan ga ik over naar agendapunt 9, rondvraag leden. Zijn er vragen onderling? Nee, dan zijn er geen vragen.
10. Ter kennisneming: raadsinformatiebrieven De voorzitter: Agendapunt 10, ter kennisneming: raadsinformatiebrieven. Is er een commissielid wat een raadsinformatiebrief wil agenderen voor een volgende vergadering? Ik zie geen handjes, dan is dat niet aan de orde. 11. Ter kennisneming: overige stukken De voorzitter: Agendapunt 11, ter kennisneming: overige stukken. Wil er een commissielid een overig stuk agenderen voor een commissievergadering? Ik zie geen handjes, dus dan is dat ook niet aan de orde. 12. Ter afdoening: motie De voorzitter: Dan hebben we agendapunt 12, ter afdoening: motie. Het college heeft aangegeven dat motie 119 over WMO-voorzieningen naar de mening van het college is afgedaan. Zijn er vragen, zijn de fracties van mee… of is er een fractie van mening dat deze motie niet is afgedaan? Mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Voorzitter, als wij technisch kijken is de motie afgedaan. Tegelijkertijd heb ik, heeft de ChristenUnie ook nog wel wat vragen en zorgen over de wachtlijsten. En zou ik heel graag willen vragen of de wethouder daar nu iets over kan zeggen en anders gaan we daar op een andere manier aandacht aan geven. Pagina 26 van 27
De voorzitter: Dus eigenlijk na beantwoording, even zodat ik het ook snap, als de wethouder nu voldoende antwoord kan geven, dan gaat u daarna even bepalen of de motie wat u betreft wel of niet is afgedaan? Wethouder Piena. De heer Piena: Ja, voorzitter. Ik had het net al over een plan van aanpak voor de wachtlijsten. Die had eigenlijk, was die voornamelijk gestoeld op ik denk, op die WMO-wachtlijsten. Daar zijn we nu druk mee bezig om niet alleen voor de korte termijn, maar ook voor de langere termijn zorg te dragen dat alles binnen de wettelijke termijn en liefst nog sneller kan. Een beetje achtergrondinformatie, we hebben of volgens mij heeft de raad ongeveer een jaar geleden extra gelden beschikbaar gesteld om de wachtlijsten weg te werken. Dat is toen best gelukt. Echter, door de omstandigheden zien we ze langzaam weer oplopen. We hebben intern gezegd van nou, het heeft geen nut om weer eenmalig heel snel alles op te lossen en dan weer terug te vallen. Dus op, antwoord op uw vraag: We zijn bezig met een plan zowel voor korte termijn als lange termijn om de wachtlijsten binnen die wettelijke termijn te hebben. Dus ik mag aannemen dat dan ook de motie is afgedaan. De voorzitter: Dat is ter beoordeling van mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Daar gaat u niet over, wethouder. Ik ga het aan haar vragen, ik denk dat dat mijn taak is.
Mevrouw De Wolff, ChristenUnie, vindt u de motie na de beantwoording van uw vraag wel of niet afgedaan? Mevrouw De Wolff-ter Beek: Klinkt nou bijna alsof er tromgeroffel moet komen. Maar ik ben heel blij met het antwoord van wethouder Piena. Ik denk dat het heel goed is dat we de motie eigenlijk een soort vervolg geven en met een plan van aanpak komen. Dus meer dan afgedaan nu, dank u wel. De voorzitter: Nou, dank u wel, dan is de motie afgedaan. Dan zijn we aan het einde gekomen van deze vergadering. Ik sluit bij deze de vergadering. Ik wil u allemaal hartelijk bedanken voor uw inbreng. En voor de luisteraars, bedankt voor het luisteren. En voor de commissieleden, college en ambtelijke ondersteuning, wel thuis, doe voorzichtig.
Pagina 27 van 27