CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-03-07-verslag-gemeenteraad-ridderkerk.pdf

Gemeenteraad RK 7 maart 2022, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 0: Besluitenlijst en notulen16.536 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Woordelijk verslag voortgezette raadsvergadering Ridderkerk 7 maart 2022 Opening De voorzitter: Allemaal van harte welkom op deze voortgezette raadsvergadering. Daarom is er ook geen vragenuur of zoiets. Weer zijn wij in ons hart bij al die angstige, vluchtende mensen uit Oekraïne of mensen die juist niet kunnen vluchten, mensen die allemaal doodsbang zijn. Fijn dat we gevolgd worden via internet, maar denkt u er vooral aan even te storten op Giro555 zodat we toch de Oekraïners kunnen helpen, al zou het maar een hart onder de riem zijn. Heel veel meer kunnen we niet doen, maar er zijn ongelofelijk veel acties door het hele land heen om geld te verzamelen; mensen die zich aanbieden om mensen uit Oekraïne op te vangen. Dat is hartverwarmend. Nederland laat zich van zijn goede kant zien en dat is in Ridderkerk even zo. Ik dacht dat het belangrijk was toch op die manier te openen. Ik hoop dat we dat niet heel vaak hoeven te doen. Bericht van verhindering: mevrouw Van Vliet, Echt voor Ridderkerk; mijnheer Van der Linden, Echt voor Ridderkerk; mijnheer Nugteren. Die is ziek, zoals u weet. Leefbaar Ridderkerk; mijnheer Westbroek, Partij 18PLUS; mijnheer Breeman, ook verhinderd door ziekte, van het CDA; en mijnheer Ros komt wat later. Veel berichten van verhindering. De agenda hadden we al vastgesteld, dus we gaan gewoon vrolijk voort daar waar we waren gebleven. 7.

Strategie Klimaatadaptatie Ridderkerk De voorzitter: Dat betekent agendapunt 7: strategie Klimaatadaptatie. Ter debat hier eerste termijn van maximaal drie minuten en in totaal hadden wij gedacht daar driekwartier aan te besteden. Wie van u wenst hierover het woord? Mijnheer Soffree. Mijnheer Rottier. Mijnheer Sla. Mevrouw Van Nes-de Man. Mijnheer Kloos. Mijnheer Kooijman. Mijnheer Mijnders. Ik dacht daar staat er ook een, maar dat is de fotograaf. Ik geloof dat ik het zo heb. Mijnheer Soffree, de eerste drie minuten zijn voor u. Gaat uw gang. De heer Soffree: Dank u wel, voorzitter. Fijn dat er een klimaatadaptatiestrategie is opgesteld. Alles is in beeld gebracht en op een rij gezet. De samenhang is verwoord, maar veel verder dan globaal geformuleerde acties en omgangsvormen komt deze strategie niet. Het lijkt erop dat met veel zaken nog moet worden begonnen en vervolgstappen en prioriteiten zijn nog niet overzichtelijk gemaakt. De tijd dringt. De Partij van de Arbeid wil specifiek aandacht vragen voor het informeren, adviseren en stimuleren en betrekken van inwoners. Wanneer is de gemeente klaar om hier vol mee aan de slag te gaan? Had er niet al meer gedaan kunnen zijn? Kijken we bijvoorbeeld naar de nieuwbouwbuurten, dan zien we ondanks de actie steenbreek in de meeste tuinen heel veel steen en weinig groen. De woning is honderd procent klimaatadaptief.

De omgeving is honderd procent klimaatadaptatief, maar de tuin van de inwoners die zijn twintig procent klimaatadaptief. Als ze het al halen. Juist deze groep inwoners kan direct beginnen met de klimaatadaptieve inrichting van hun tuinen en direct bewust worden gemaakt. Hier ligt naar het idee van de Partij van de Arbeid een urgent actiepunt. De actie steenbreek is nog geen doorslaand succes. Het grote publiek, de inwoners, lijkt nog niet op de hoogte of niet doordrongen te zijn van de ernst van de situatie. Dit blijkt ook uit de risicogesprekken met inwoners. Goed dat die er zijn en dat die worden herhaald. Bied inwoners daarbij concrete handvaten om direct aan de slag te gaan, schakel de wijkoverleggen meer in. Op de website van klimaatadaptatienederland.nl, kijk onder het kopje icoonprojecten, is te zien dat er in de BAR-gemeenten al een mobiele pop-uptuin wordt ingezet om bewoners te laten zien hoe eenvoudig een klimaatadaptieve tuin aangelegd en onderhouden kan worden. Wij komen bijna overal, maar hebben hem nog niet gezien. Zet hem in bij nieuwbouwprojecten en doe er meer mee. Laten we met deze klimaatadaptatiestrategie snel en concreet aan de slag gaan. Ik dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Rottier, SGP.

De heer Rottier: Dank u wel, voorzitter. Klimaatadaptatie is geen luxe, maar noodzaak om onze leefomgeving bestendig te maken tegen klimaatverandering. Het college heeft de nodige inspanning gedaan om een serieuze strategie op te stellen en dat te vertalen in een concreet uitvoeringsprogramma. Dat de SGP-fractie van mening is dat klimaatadaptatie van direct belang is voor onze inwoners blijkt uit de vragen die we in de commissievergadering gesteld hebben over de Oostmolendijk die niet voldoet aan de huidige normen. Fijn dat de wethouder op verzoek van de SGP de toezegging heeft gedaan om collectief de belangen van onze inwoners te behartigen bij het waterschap die eigenaar is. Droge voeten in ons dorp bij hoog water en storm is van wezenlijk belang. Graag zouden we ook de verdere aanpak van de problematiek … Graag zouden we ook over de verdere aanpak van de problematiek van de dijk en de rol en inspanningen van de gemeente op de hoogte gehouden willen worden zodat onze zorgen in de toekomst weggenomen kunnen worden. Onze vraag aan de wethouder is of dat mogelijk is. Een ander belangrijk punt is voorkomen van wateroverlast door regenwater. Inwoners van de Kerkweg kunnen uit ervaring hierover spreken.

Door de klimaattool die gedemonstreerd is aan de raadsleden is inzichtelijk op welke andere locaties overlast kan ontstaan en de SGPfractie neemt aan dat de gebieden waarin wateroverlast kan ontstaan aangepakt zullen worden met maatregelen. De in de strategie opgenomen ambities zijn goed. Voorzitter, onze fractie kan dan ook instemmen met de strategie en heeft met instemming kennisgenomen van de uitvoeringsagenda. Wel met het bewustzijn dat we als gemeente ons best kunnen doen, maar dat we als mensen niet alles naar onze hand kunnen zetten. Dat is een les die te trekken is uit de coronaperiode en ook op klimaatadaptatie van toepassing kan zijn. Er kunnen altijd nieuwe ontwikkelingen optreden die reden geven voor bijsturen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Slaa, Partij 18PLUS. De heer Slaa: Ja. Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, om ons heen zien we voortdurend de invloed van het veranderende klimaat. Het belang en de noodzaak van deze strategie hoeven we u dus niet toe te lichten, maar wil 18PLUS wel graag benadrukken. We zijn daarom blij om te zien dat de wethouder heeft gekozen om op verschillende fronten zelf de regie te nemen of acties te faciliteren. We hopen dan ook dat de wethouder op meer gebieden een regisserende houding zal aannemen. Dat gezegd hebbende zal Partij 18PLUS instemmen met het voorstel. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel.

Mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u, voorzitter. Het is een mooi document om te zien. Mooi vormgegeven, maar zonder inhoud. De samenwerking met Waterschap Hollandse Delta is belangrijk en is ook goed, zo lezen we. Wat wij nou missen is Rijkswaterstaat als partner. Zij beheren en onderhouden heel veel bomen langs onze rijkswegen en ook kappen zij vrij gemakkelijk. Daar zou over gesproken moeten worden. Zowel Rijkswaterstaat als gemeente: ga over op goed onderhoud en koester oudere bomen en laat deze gezond oud worden. Het waterschap heeft hier al een aanvang mee gemaakt. Er wordt veel benoemd, maar oplossingen lezen we niet. Het is ambitieloos en verschilt daarin niets van de eerder gepresenteerde documenten op dit gebied. Vier jaar wethouder Japenga op klimaat en dan is dit het resultaat? Wij vinden het bedroevend. Enige voorbeelden: tot onze grote verbazing lezen we dat we werken aan een waterrobuuste omgeving en dat we daarvoor een systeem gaan opzetten van compartimenten aan primaire-secundaire dijken om ons te beschermen. Ten eerst: de dijken die ons beschermen die zijn er al en die zijn al honderden jaren oud. Hoezo, een systeem opzetten? Dit is werk voor het waterschap. Dit gaan we doen, ook een voorbeeld: we stimuleren beheerders van bedrijventerreinen om ook die oppervlakten anders in te richten.

Waaruit bestaat dit stimuleren? Hoeveel groene daken waarop gedeeltelijk zonnepanelen liggen zijn er op de bedrijven, op de dozen op Nieuw Reijerwaard? Hoeveel groene wanden zijn er toegepast op deze zelfde dozen? Het

beeldkwaliteitsplan van 2014 bij Nieuw Reijerwaard is gemaakt voor dit bedrijventerrein spreekt hier ook over, want er gebeurt helemaal niets, want stimuleren werkt niet en deze maatregelen kosten extra geld. Dit past wel uitstekend in het verkiezingsprogramma van Burger op 1: richt de nu nog overgebleven gebieden op Nieuw Reijerwaard in als bos. Ook die passen uitstekend in dit plan. In Ridderkerk worden nog steeds grote, oude bomen gekapt. Vorige week nog in Rijsoord een circa zestig, zeventig jaar oude boom die in de weg stond, maar zeker niet ziek was. Veel oude bomen in beheer van de gemeente worden de laatste jaren gekapt en vervangen voor jonge bomen. Onvergelijkbaar waar het gaat over schaduwwerking, waterberging en verbetering of minder verslechtering van de luchtkwaliteit. Wij zijn wel verheugd dat in dit plan, al is het tot dusver op papier, heel veel waarde wordt gehecht aan groen en bomen. In dat kader houdt Burger op 1 een warm pleidooi om te stoppen met die bouw op Nieuw Reijerwaard en dus die overgebleven kavels om te vormen tot bos. Aansluitend daarop: maak nooit een weg door de boomgaard daar en laat de boomgaard de boomgaard. Immers, zo lezen we in het plan, dat is wat we moeten doen. Groen is belangrijk. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Kloos, Echt voor Ridderkerk. De heer Kloos: Dank u wel, voorzitter.

Echt voor Ridderkerk is geen tegenstander van klimaatadaptie, dus zullen wij dit onderzoek faciliteren. Maar we wijzen er nogmaals op dat de plannen haalbaar, betaalbaar en transparant dienen te zijn. De uitkomst blijft EVR kritisch volgen, want nogmaals, zoals in eerdere raadsbijdragen neergelegd, waar haalt Ridderkerk die 400 miljoen, nu waarschijnlijk 600 miljoen al, vandaan om alle plannen waar te maken? Nog afgezien van de gewenste kostenneutraliteit die we allemaal tegemoet wensen te zien. EVR is daar nog niet gerust over. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Kooijman, ChristenUnie. De heer Kooijman: Voorzitter, het kan je soms duizelen hoeveel er over klimaatzaken wordt geschreven. Gelukkig hebben we een paraplu of een kapstok, net zoals je het noemen wilt. De klimaatvisie: deze door de raad vastgestelde visie geeft het eindbeeld aan van het onderdeel klimaatadaptatie. Ridderkerk is in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust. De strategie klimaatadaptatie is een van de uitwerkingsonderdelen van deze klimaatvisie. Wat gaan we de komende vijf jaar doen om de juiste stappen te zetten richting het doel van 2050? In de commissie gingen een aantal van onze vragen over de genoemde meekoppelkansen. Het is vooral het doel om in bestaande en nieuwe ontwikkelplannen het onderwerp klimaatadaptatie ook goed te borgen en mee te nemen.

Als voorbeeld noemden we onder andere de uitwerking van deelgebieden van het centrum. Laten we deelgebied 1, de herinrichting van het parkeerterrein, nemen. Wordt daar het onderwerp klimaatadaptatie nu goed meegenomen in de uitwerking? Met zo’n groot bestratingsoppervlak zou dit een uitgelezen kans zijn om daar aan de slag te gaan met bijvoorbeeld waterdoorlatende bestrating. Maar ja, dat is wel weer duurder dan de reguliere bestrating. De vraag is dus: hoeveel is het ons waard om droge voeten te houden, ons rioleringsstelsel toereikend te houden en te voorkomen dat we het in Ridderkerk steeds maar weer warmer en warmer krijgen? Voorzitter, ik hoop zo van de wethouder te horen dat we zo’n meekoppelkans als deelgebied 1 van de centrumvisie niet laten lopen en dat we daar al een concrete invulling krijgen te zien van deze strategie klimaatadaptatie. Ten aanzien van de overstromingen is in de commissie al uitgebreid stilgestaan bij de Oostmolendijk. We roepen de wethouder op, net als de SGP, om hier actief ook het waterschap toe te roepen om deze problematiek grondig en snel aan te pakken. Hoe houden we hier goed de vinger aan de pols zodat we niet als een Hansje Brinke de vinger in de dijk moeten stoppen? Veel wordt er overigens ook gevraagd van onze inwoners. Op een positieve manier stimuleren en waar mogelijk subsidiëren is natuurlijk heel goed.

Operatie steenbreek, de regentonactie, subsidie op goede daken, et cetera: ze dragen allemaal bij. Maar toch nog even terug naar die meekoppelkansen. We kunnen namelijk niet verwachten dat

anderen het probleem wel voor ons gaan oplossen. De gemeente zal zelf de grootste bijdrage moeten gaan leveren. Dat betekent dus, en dan kijk ik vooral ook even naar de wethouders Ruimtelijke Ordening, Ruimtelijke Ontwikkeling en Mobiliteit en Buitenruimte, dat klimaatadaptatie binnen hun portefeuilles tot uitdrukking zal moeten gaan komen. Houden zij daar nu al goed rekening mee? De proof of the pudding is in the eating. De voorzitter: Yes. Mijnheer Mijnders, CDA. De heer Mijnders: Dank u wel, voorzitter. Ja, jammer genoeg moet ik de bijdrage doen dat officieel de laatst bijdrage van de heer Breeman geweest na vijf jaar raadslidmaatschap, maar ik ga mijn best doen om het zo goed mogelijk over te brengen zoals de heer Breeman het ook altijd doet. Voorzitter, het klimaat gaat ons allemaal aan het hart. Daarmee hebben we met elkaar een belangrijke opdracht om samen een klimaatbestendige omgeving te creëren. Niet alleen voor onszelf, maar juist ook voor de toekomstige generaties. Kortom: rentmeesterschap. Met de energietransitie en onze klimaatvisie gaan we aan de slag om onze directe omgeving klimaatbestendig te maken, al bestaat deze strategie uit wel heel veel onderzoeken. De eerste kleine stappen zijn gezet met bijvoorbeeld actie steenbreek, de actie rondom geveltuintjes en de subsidie op het vergroenen van tuinen naar aanleiding van een motie van het CDA.

Wanneer je door Ridderkerk loopt, zie je dat er nog steeds genoeg kansen liggen: veel wegen, pleinen, bedrijventerreinen, winkelcentra en tuinen zijn versteend. De veel versteende omgeving met weinig groenvoorziening resulteerde ’s zomers in een verhitte omgeving en bij zware regenval tot overlast die onvoldoende tijdelijk kon worden opgeslagen. Laat staan de huidige situatie van de Oostmolendijk die niet optimaal is, waar de SGP en de ChristenUnie ook al aandacht voor vroegen. Voorzitter, als CDA hebben we de afgelopen over jaar structureel gevraagd om groen een volwaardige factor te betrekken bij bijvoorbeeld woningbouwprojecten. Op sommige locaties zien we dit inderdaad gebeuren, maar dit moet en kan nog veel beter. Geef hierbij ook de ruimte aan groen om te laten groeien. Liever één grote boom dan vijf van die kleine lullige boompjes. Naast de vele inspanningen die gedaan zullen worden om Ridderkerk klimaatbestendig te maken, komen vanzelfsprekend ook de kosten aan de horizon. Op dit punt maakt het CDA zich vooral grote zorgen. In het voorstel staat onder andere: doelgroepen worden verleid om een duurzame levensstijl te omarmen, vaker te kiezen voor duurzame aankopen en/of duurzame investeringen te doen. Voorzitter, dit willen we ook doen rondom de energiestrategie.

Door de stijgende prijzen voor andere wonen, energie en zelfs voedsel tegenwoordig wordt het voor veel lage en middeninkomens steeds moeilijker om rond te komen, laat staan om te investeren in een klimaatbestendigheid. Wij zijn daarom ook van mening dat er meer financiële steun vanuit landelijke, maar ook lokale overheid essentieel is om de klimaatadaptatie succesvol te maken, maar misschien nog wel even belangrijk of nog wel belangrijk het betrekken van de burgers, namelijk de Ridderkerk inwoners bij dit, want zonder draagvlak en enthousiasme wordt het een uitdaging om deze strategie tot een succes te maken. Voorzitter, toch als laatste. Had mijn collega Breeman hier gezeten, had ik waarschijnlijk ook nog wel één of twee opmerkingen gemaakt dat we vooral ook moeten inzetten om de klimaatverandering tegen te gaan en dat we moeten inzetten op meer en meer waterstof. Ik had er graag een paar punten over genoemd, maar ik denk dat de afgelopen vier jaar dat het bij het college wel tussen de oren zit dat ze zich vooral moeten richten op waterstof. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Gaan we naar de wethouder. Wethouder Japenga. De heer Japenga: Ja, voorzitter. Je richten op waterstof, dat ook. Zeker. Het is een van de elementen die we nodig zullen hebben in de toekomst, om de heer Breeman dan maar even te beantwoorden via de heer Mijnders.

De voorzitter: Via de voorzitter. De heer Japenga: Via de voorzitter, uiteraard. Via die U-bocht. Voorzitter, alle partijen geven wel aan het belang van deze strategie dat we zaken moeten aanpakken. Met het vaststellen van deze strategie bieden we ook handelingsperspectieven. Dat is ook nodig, want het is maar steeds weer de vraag: wat moet ik nou doen in mijn situatie als inwoner of als ondernemer of als bedrijventerrein of als gemeente of als organisatie? Dus we hebben dat ook nodig om handvatten te hebben. Dan hebben we het ook over de aanpak van de oorzaak, de heer Mijnders wees er net op, want dat is ook een deel van het verhaal. Zoals we dat noemen in dit verhaal: de mitigatie. Dus het aanpakken van de oorzaak: de CO2-uitstoot. Daar moeten we mee door blijven gaan tot we in 2050 dat vrijwel helemaal hebben teruggedrongen. Dat is dus één kant van ons verhaal: de mitigatie. Andere kant is adaptatie. Dus het aanpassen aan de veranderende omstandigheden. Dat vindt natuurlijk op verschillende niveaus plaats. Er zijn diverse zaken genoemd als operatie steenbreek, de regenton, noem … Diverse zaken, maar ook die bewoners kunnen doen. Of sedumdaken. Voorzitter, dat zijn allemaal zaken die inwoners ook kunnen doen en daar willen we ook bij faciliteren en ondersteunen. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja. Dank u, voorzitter.

Ja, het is fijn dat de wethouder de operatie steenbreek noemt en de regentonnen, maar ik vind dat zulke kruimeltjes, druppeltjes op die gloeiende plaat die al die platte daken in Ridderkerk zijn. Is er enig zicht op als het gaat met name de grote daken bij bedrijven, neem bijvoorbeeld eens een Panattoni wat nog gebouwd moet worden, in hoeverre daar ingezet wordt op groene mosdaken waar je dan gedeeltelijk ook zonnepanelen op kan leggen? De heer Japenga: Voorzitter, we hebben alles nodig. Ook de kruimels. Ze zeggen nog weleens: wie het kleine niet eert, is het grote niet weert. Maar ik kom daar nu op. De dijk, een van de zaken die ons toch uiteindelijk moet beschermen en waar ook zorgen over zijn: de Oostmolendijk. We hebben daar in de commissie ook over gesproken. Het waterschap heeft daar een eerste verantwoordelijkheid, maar, zoals de heer Rottier net ook al aangaf, de gemeente heeft ook een belangenbehartigende rol voor haar inwoners. Maar we moeten wel de rollen zuiver houden. Het waterschap is hier primair verantwoordelijk. Inmiddels hebben wij natuurlijk, zoals we ook op regelmatige basis contact hebben met het waterschap, hebben we ook al afspraken gemaakt om zowel ambtelijk als bestuurlijk nog verder te intensiveren op juist ook de Oostmolendijk. Later deze maand is er een bewonersavond, want de dijk moet ons beschermen.

Nou, hij voldoet nu niet meer aan de normen, dus daar moet wat aan gedaan worden. Verder is het natuurlijk het onderwerp van verkeer en de dijk die wegloopt, danst, scheuren vertoont, noem maar op. Dus daar waar die gewoon de normale verkeerssituatie moet bedienen. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. De heer Japenga: Dat zijn een aantal zaken die bij elkaar horen. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja. Dank u, voorzitter. Ja, ik wil toch even wel een kleine correctie toevoegen aan de dijk. De dijk is aan de wandel, dat klopt, maar het is niet zo dat de dijk niet veilig is. Hij is goedgekeurd volgens de normen die nu gelden en hij is afgekeurd voor de normen die volgens mij voor 2027 opgesteld zijn. Dus laten we niet met elkaar angst aanpraten dat die dijk niet op orde is. Er moet dringend wat aan gebeuren, dat lijdt geen twijfel, maar dit wil ik toch wel even rechtzetten. De voorzitter: Mijnheer Kooijman.

De heer Kooijman: Ja, dan verbaas ik met toch wel dat mevrouw Van Nes-de Man dan wel noemt dat er dringend wat aan moet gebeuren, terwijl er volgens haar geen noodzaak is. Ik snap dat niet. De voorzitter: Wethouder. De heer Japenga: Ja, voorzitter. Uit onderzoek blijkt dat de dijk niet voldoet aan de norm, aan de nieuwe norm uit 2017. Wat we niet moeten doen is inderdaad aangeven dat het onveilig is op dit moment. Het voldoet niet aan de norm. Die norm is aangepast en die is niet voor niks aangepast. Eerdere normen waren gebaseerd op de studies en berekeningen uit de jaren zestig/zeventig. Toen zag Nederland er nog heel anders uit. Die norm houdt ook rekening met het aantal mensen wat er achter dijken woont. We zijn van tien miljoen inwoners naar zeventien miljoen gegaan in al die jaren. Neem ook even de economische waarde, om nog maar even een belang te noemen. Die is nogal toegenomen van vijftien miljard bruto nationaal product naar vierhonderd miljard. Dat is nogal wat. Dus we hebben het ook over andere waarden, vandaar dat die normen zijn aangepast. Dan heb ik het over de veiligheid. Onze inwoners willen weten of ze heir veilig achter de dijk kunnen wonen. We weten dat we niet honderd procent garanties kunnen hebben, maar we kunnen wel zoveel mogelijk trachten dat goed te doen.

1) door de basisveiligheid op orde te hebben voor alle inwoners van Nederland en 2) door daar waar meer mensen nog de normen verder aan te scherpen. Nou, daar gaan we het goede gesprek over hebben met waterschap en daar zullen we ook zeker heel alert op zijn. De heer Rottier vroeg om informatie daarover, dat we de raad ook blijvend informeren. Dat doen we ook. Binnenkort komt er al een RIB naar de raad om over de laatste stand van zaken te rapporteren. Dus grote en kleine dingen zijn van belang, voorzitter. Dan gaat het ook om we zitten dit jaar ook in een, ja, verandering, een overgang. De strategie moet wel worden vastgesteld om uiteindelijk te kunnen handelen op basis van onze strategie. De klimaatvisie, ik wil het toch ook even benoemen in navolging van de heer Kooijman, is in juni vorig jaar vastgesteld. Daar hebben we met elkaar lang aan gewerkt. Mevrouw Van Nes zegt wel dat er weinig is gebeurd, maar wellicht heeft ze dat dan niet meegekregen. Dat zou kunnen. Maar lees dat nog eens wat er allemaal voor werk is verzet om te zorgen dat we een mooie paraplu hebben voor Ridderkerk. Van daaruit werken we al deze onderdelen verder uit. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u. Ik denk ik bewaar het voor mijn tweede termijn, maar ik heb volgens mij niet gezegd dat er geen werk is verzet. Ik vind de resultaten uiterst pover.

Er zal genoeg werk verzet zijn, dat geloof ik graag. De heer Japenga: Ja. Dan verschillen we daarover van mening, voorzitter. Goed. Dan wat ik al aangaf, we zitten in een overgangsjaar. De strategie is vastgesteld. Er is ook een uitvoeringsagenda bijgevoegd waarin we ook vrij concreet hebben gemaakt wat we dit jaar verder ook gaan doen, wat we continu gaan doen, wat we dit jaar hebben gedaan. Daar staan in ook elementen: zorg nou dat je regels voor klimaatadaptief bouwen in je werkproces opneemt. Borg het. Zorg dat iedereen aan de voorkant gaat weten dat we met klimaatadaptatie bezig zijn. Dat begint met de minimale eisen voor klimaatadaptatie zoals we dat ook hebben afgesproken in onze regio met klimaatadaptief bouwen, maar natuurlijk ook dat is een begin. Ook landelijk wordt er gekeken, minister De Jong is daar nu mee bezig: wat is nou precies de maatlat voor klimaatadaptief bouwen? Dus dat is allemaal nog niet helemaal uitgekristalliseerd, dus ook gaandeweg zullen we dat ook verder vorm moeten geven. Maar we kunnen onze ontwerpers en ontwikkelaars al wel meegeven wat we willen en wensen. Dan is het ook zaak om de heer Kooijman die vraagt met betrekking tot bijvoorbeeld plannen als centrumplan: wordt dat dan al meegenomen? Waar dat nog kan in de ontwerpfase wordt het nu meegenomen en vanaf nu dus als

de strategie is vastgesteld dan is er ook een voorwaarde, dus dan wordt dat ook in de komende tijd steeds meer aan onze projecten gekoppeld. De voorzitter: Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Dank u wel, voorzitter. Ja, ik was aan het twijfelen, maar toch maar een vraag. De heer Kooijman haalde het ook al aan. Als je nu door verschillende woonwijken loopt en de Schans, Trivierenlaan is natuurlijk het voorbeeld ervan, dan zie je prachtige woningen, maar heel weinig groen. U heeft het over een voorwaarde en we gaan kijken, maar in hoeverre is het gewoon een harde eis dat dit aan de voorkant wordt meegenomen? Het vergroenen. Dus als je nieuwe woningbouw hebt ook de straten eromheen. Volgens mij de heer Soffree zei het ook al: de huizen zijn helemaal duurzaam, klimaatadaptief en dan kijk je opeens naar buiten en dan zie je alleen maar stenen. Op welke manier zet u dat als harde eis voortaan aan de voorkant? De heer Japenga: Voorzitter, een aantal eisen hebben te maken direct met, en de minimale eisen, klimaatadaptatie. Een deel van het verhaal is ook: wat hebben we in onze groenvisie staan? Wat hebben we in onze omgevingsvisie staan? Al die zaken moeten uiteindelijk maken dat je een mooie en goede en groene omgeving krijgt die door ons allen gewenst is, want uiteindelijk bepalen we hier met elkaar hoe het eruit moet zien.

Als je nou kijkt naar de Schans dan zeggen we allemaal: dit is toch niet de bedoeling. Is een paar jaar geleden ontwikkeld, gemaakt, we zouden nu een andere keuze maken. Nou kan je wel zeggen: nou gaan we het allemaal keihard aan de voorkant opschrijven en zo moet je het ook doen. Maar voorzitter, je moet ook … De plannen moeten ook haalbaar blijven. Dus is altijd een mix van. We hebben het in het verleden ook wel gedaan met duurzaamheid, dat is ook een tijd geweest: ja, moet dat wel? Het is duur. Ja, als je het niet doet is het duur, denk ik dan. Maar we hebben de markt uitgedaagd. Kom maar op met je ideeën. Dit willen we graag. Dit is eigenlijk ons wensbeeld. Kom maar op. Dan krijg je soms meer als dat je vraagt. Dus in dat opzicht is het ook een kwestie van sommige mensen moet je dwingen en heel veel mensen moet je verleiden, om het zo maar te zeggen. Dus voorzitter, dan gaan we ook … Maar dat moeten we ook leren. Ik zeg ook: onze organisatie moet dat ook leren, andere organisaties trouwens ook, om op deze manier te handelen en op deze manier naar onderwerpen en projecten te kijken. Voorzitter, ik kijk nog even verder. De heer Soffree gaf nog aan: ja, er zijn allerlei voorbeelden, icoonprojecten. Ja, laten we die voorbeelden ook vooral gebruiken. Het kan mensen helpen bij het denken over hoe het ook kan. Het is urgent.

Maar we kunnen niet alles van onze inwoners nu vragen en verwachten. Ook dat is gezegd. Want we vragen nogal wat rond de energietransitie, de prijzen die oplopen. Hoe gaat dat dan? Ook met de mensen die minder inkomen hebben. Ook daar moeten we, en we hebben er in de vorige vergadering ook iets over gezegd bij het vragenuur rond betaalbaarheid, moeten we ons met elkaar inspannen om het mogelijk te maken. Mee mogelijk. Soms is dat financieel, en niet altijd, soms is het ook in andere opzichten elkaar helpen of steunen, maar daar moeten we wel mee aan de slag. Voorzitter, de meekoppelkansen zijn genoemd. Ja nou, kijk, ik zou haast zeggen, met een frisse blik weer eens naar je projecten en wat er allemaal moet gebeuren en wat er ook nog in je meerjarenonderhoudsplanningen staat. Wat kun je nou met elkaar mee bundelen? Dat zal zeker vanaf nu ook geïntensiveerd worden, dat kijken daarnaar. Betaalbaarheid is een aantal keren genoemd. Ik heb er net al iets over gezegd. Dat blijft een voortdurende worsteling en ik kan zomaar zeggen dat de huidige dag het er niet mooier op maakt, dus inspanningen zullen waarschijnlijk nog groter zijn dan we een maand of twee of bij de klimaatvisie daarvan, vaststellen van de klimaatvisie dachten. Maar goed, voorzitter, elke dag is er één. De voorzitter: Mijnheer Los. Mijnheer Los.

De heer Los: Voorzitter, de wethouder heeft het over betaalbaarheid. Heel vaak heb ik hem daarover gevraagd. Ook in commissies is vaak gezegd: dat is wettelijk geregeld. Het moet haalbaar blijven. De werkelijkheid is dat het niet lukt. Vind de wethouder dat niet een treurige situatie? De heer Japenga: Voorzitter, het is lastig. Laat ik het zo zeggen. We gaan het ook niet zomaar oplossen, maar ook landelijk zijn er een aantal maatregelen getroffen rond bijvoorbeeld de energienota. Is dat genoeg? Dat weet ik ook niet precies, maar we zullen ook bijvoorbeeld bij die isolatieprogramma’s rekening houden met de mensen met lage inkomens. Dat kunnen we hier in Ridderkerk ook doen. Ook met landelijke middelen. We kunnen niet alle problemen oplossen, maar daar kunnen we wel het nodige in doen. En daar gaan we ook voor, voorzitter. Hier wou ik het maar even bij laten. De voorzitter: Ja. Dan hebben we voor de tweede termijn nog een kwartier. Zijn er leden die behoefte hebben aan die tweede termijn? We gaan gewoon een rondje maken. Mijnheer Soffree nog? De heer Soffree: Nee, dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Rottier. De heer Rottier: Dank u wel, voorzitter. Dan kan de wethouder dat er zowel bestuurlijk als ambtelijk ingezet wordt op de Oostmolendijk. Wij zijn ons bewust dat het waterschap eigenaar is van die dijk, maar het is fijn dat ook de gemeente hier een rol pakt.

We zijn blij dat er een raadsinformatiebrief aankomt en we gaan ervan uit dat ook in de toekomst daar nog zeg maar nieuwe brieven zullen komen over hoe het er dan voorstaat. Dan heb ik nog een vraag aan mevrouw Van Nes-de Man van Burger op 1. Die heeft een pleidooi gevoerd om de resterende percelen van Nieuw Reijerwaard in te richten als bos. Dat zou betekenen dat die percelen aangekocht moeten worden door de gemeente Ridderkerk. Welke financiële dekking is daarvoor nodig? En hoe ziet u dat voor zich? De voorzitter: Die gaat mevrouw Van Nes in haar eigen tweede termijn wel beantwoorden. Mijnheer Slaa. De heer Slaa: Nee. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja. Dank u, voorzitter. Ja, ik wil er wel op reageren. Wij zijn eerst aan het kijken of er draagvlak voor een dergelijk idee te krijgen is. Dan eens kijken wat er over is aan percelen en dan kan je eens een keer verder stappen doen. Maar je moet ergens beginnen, dus wij beginnen met zoeken naar draagvlak in deze. De voorzitter: Mijnheer Rottier. Oh, sorry. De heer Rottier: Ja, voorzitter. Je kan wel zoeken naar draagvlak, maar het moet een keer betaald worden. De vraag is hoe dat dan moet, want dat kost miljoenen. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Die mag dan ook meteen haar tweede termijn doen. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja. Dank u, voorzitter.

Dat is een beetje kip-ei verhaal. Waar begin je? Ik hoorde de wethouder net zeggen: we gaan er naar kijken. Dat is het hele probleem in dit verhaal. We gaan er naar kijken; we gaan het stimuleren.

De voorzitter: Wacht even, want ik zag al een heleboel handen. Mijnheer Slaa. De heer Slaa: Ja, voorzitter. Ik kan het nu toch niet laten, sorry. Maar ik hoor mevrouw Van Nes-de Man tegen de wethouder zeggen dat er niet heel veel daadkracht in zit. Die komt vervolgens met allerlei goede ideeën en zegt dan: nou, we gaan eens even kijken hoe we dan financieren en hoe we dat dan doen. Dat vind ik ook niet echt daadkracht. Dat vind ik meer loze beloftes. De voorzitter: Mijnheer Piena. De heer Piena: Ja. Dank u wel, voorzitter. Ik heb toch ook wel dezelfde vraag. Kip en het ei is niet zo moeilijk. Het is te berekenen hoeveel het kost om daar groen van te maken, dus daar hoeven we toch niet een breed draagvlak voor af te wachten? Dus ik zou aan mevrouw Van Nes-de Man willen vragen om toch, ja, meer openheid van zaken te geven hoe zij dit gaan bekostigen. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u, voorzitter. Hangt er vanaf hoeveel percelen er over zijn. Er zijn veel meer zaken voor nodig om dat op een rijtje te zetten. Ik blijf erbij: we gooien eerst het balletje op, kijken of er draagvlak is en dan kan je alsnog kijken hoe je dat financiert en of je het dan omzet in een voorstel en doorzet. De voorzitter: Mijnheer Piena. De heer Piena: Voorzitter, het is openbaar. We weten precies hoeveel percelen er over zijn.

Dus als mevrouw Van Nes-de Man dit echt wil, dan had ze al met een voorstel kunnen komen. Dus ik betwijfel of mevrouw Van Nes-de Man dit echt wil of dat dit gewoon een verkiezingsstunt is. De voorzitter: Mijnheer Rottier. De heer Rottier: Ja, voorzitter. Mevrouw Van Nes blijft eromheen draaien. Ik zie het inderdaad als een worst die voorgehouden wordt. Het is een loze zaak. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, wij zien dat anders. Ik hoor de wethouder net zeggen: we kijken ernaar. We moeten mensen stimuleren om dingen te doen. Daar is nou net het hele knelpunt. Groene daken, mosdaken zijn bij uitstek geschikt om waterhoosbuien vast te houden en langzaam af te geven aan de aarde. Bij de behandeling van het beeldkwaliteitsplan Nieuw Reijerwaard 2014 is hier ook een hoop over gezegd, evenals zonnepanelen op alle daken en groene wanden, en dan niet in verf, maar met planten, om juist alle problemen waar ook nu over gesproken wordt, ja, enigszins in de hand te houden. Toen is er in het debat hierover gezegd: ja, dat plan is prachtig, maar dat gaat niet lukken, want we kunnen niks afdwingen. We kunnen stimuleren, maar dat kost extra geld. Zo gaat het nu steeds. Ik snap wel dat dingen lastig zijn, aar zo zit het hele plan in elkaar. Uit de gesprekken die wij met Panattoni hebben gehad, blijkt dat er over deze ambitie niet eens gesproken is.

Er is niet eens aan Panattoni gevraagd: maak van dat enorme platte dak een groendak of leg er zonnepanelen op. Ja, Panattoni doet dit uit zichzelf dus blijkbaar ook niet. Als je hier naar kijkt, vinden wij het echt een ambitieloos plan en verschilt er niet zo heel veel in in de gepresenteerde documenten in eerdere jaren op dit gebied. Het spijt me, wethouder Japenga … De voorzitter: Via de voorzitter.

Mevrouw Van Nes-de Man: Voor de wethouder vier jaar op klimaat vinden wij dit een bedroevend resultaat. Dank u. De voorzitter: Mijnheer Kloos. De heer Kloos: Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Kooijman. De heer Kooijman: Ja, voorzitter. Eén reactie nog richting de wethouder. Ik snap dat hij voorzichtig is met de uitspraken, maar toch wil ik hem nog een keertje vragen of hij nog wil herhalen als het gaat om deelgebied 1 u zegt: daar waar het gaat om waar we nog dingen mee kunnen nemen in de uitvoering gaan we dat zeker proberen. Nou, ik zou hem toch wel willen vragen iets stelliger, want volgens mij hoeft er aan het ontwerp niks te veranderen, maar gaat het puur om: kunnen we daar nog waterdoorlatende tegels meenemen? Volgens mij kan dat heel veel schelen en kan dat ook een mooi ambitieproject worden voor de rest van onze klimaatstrategie. Dus ik hoop dat de wethouder daar nog iets over wil zeggen. Dan nog even richting de Partij van de Arbeid. Die had graag meer verwacht en die maakt zich ook zorgen over de tuinen van de nieuwbouw. Ik denk dat het ook een terechte constatering is. Tegelijkertijd denk ik ook dat we moeten beseffen dat wij als gemeente ook niet kunnen bepalen hoe mensen hun tuin inrichten. We kunnen alleen adviseren, et cetera.

Ik snap dat de Partij van de Arbeid zegt dat ze wat teleurgesteld zijn, maar als je dan vervolgens komt met een idee: ja, dan zouden we een pop-uptuintje moeten presenteren om zo de inwoners dan te presenteren: zo zou het moeten, denk ik: nou, als dat dan het verschil gaat maken, nou dan moeten we dat gelijk gaan doen. Maar ik geloof daar ook niet zo in. Het zijn de kruimels, zoals mevrouw Van Nes dat ook noemt, maar die zijn wel ontzettend nodig om dat allemaal nodig te maken. De voorzitter: Mijnheer Soffree. De heer Soffree: Ja. Dank u wel, voorzitter. Ja, de heer Kooijman die zit mij iets in mijn schoenen te schuiven. Dat heb ik niet gezegd, mijnheer Kooijman. Ik heb gezegd dat het voorbeeld van de pop-uptuin dat dat al aanwezig is in de BAR-gemeenten. Dus ga nou niet zeggen dat het mijn voorstel is. Daar ben ik niet van gediend. Bovendien ik vind het een prima strategie, maar ik verwacht meer daadkracht en actie en we zien te weinig concrete voorbeelden van wat we gaan doen. De voorzitter: Nou, dat is een nieuw betoog. U heeft uw tweede termijn gehad. De heer Soffree: Dat is wat ik beweerd heb. Voor de rest niets. De voorzitter: Ja. We gaan naar mijnheer Kooijman.

De heer Kooijman: Ja, het ging me niet om wiens voorstel het was, maar het ging erom dat mijnheer Soffree van de Partij van de Arbeid had aangegeven dat dat nou juist een verschil zou kunnen maken, dat je dat zou moeten inzetten om bewoners en met name de nieuwbouwmensen te verleiden om hun tuintjes wat groener in te richten. Ja, dan nog één opmerking richting Burger op 1 die het over kruimels had: ja, ik denk als er één partij is die grossiert in kruimelmoties die al over allerlei details gaan, dan is het Burger op 1 wel. Ik denk dat als ze daarnaar kijkt dat ze ook beseft dat het ontzettend belangrijk is om al die kruimels mee te laten werken om uiteindelijk met elkaar hier in Ridderkerk een klimaatadaptieve omgeving te krijgen.

De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja. Dank u, voorzitter. Ja, ik noemde het inderdaad kruimels. Ik ben het wel met de wethouder eens dat elke kruimel meetelt. De voorzitter: Mijnheer Mijnders, CDA. Oh, mijnheer Los, u was. De heer Los: Nou ja, voorzitter. Ze zeggen weleens: kruimels is ook brood. Ik krijg heel vaak een kruimeltaart. Is ook erg lekker. Dus er is wel iets voor te zeggen, hoor. De voorzitter: Zo’n kruimelvlaai. Mijnheer Mijnders. De heer Mijnders: Ik was vorige week in Maastricht. Erg lekker die vlaai. Nee, voorzitter. Ik had nog twee punten om op te reageren, maar het meeste is al gezegd. Ik wil toch ook wel de heer Kooijman net ook vroeg aan de heer Soffree: ik had wel hetzelfde bij zijn verhaal. Die pop-uptuin die heeft er twee jaar geleden ook gestaan hier op het centrum, maar voor de rest hoor ik geen oplossingen. Dus daarom ben ik wel heel erg benieuwd naar de Partij van de Arbeid: het is niet goed, maar wat stelt u dan wel voor? Nou ja, richting mevrouw Van Nes is het meeste wel gezegd. Dank u wel. Mevrouw Van Nes-de Man: We gaan nog heel kort naar de wethouder, want de tijd is eigenlijk rond. Dus ik vraag de wethouder om zich tot het allernoodzakelijkste te beperken. De heer Japenga: Dat is goed, voorzitter. Deelgebied 1 was heel concreet de vraag of daar het nodige in kan worden gedaan nog.

Nou, het is een project wat onder een college valt, maar ik zal zeker dit onderwerp daar nog op die manier met die intentie ook onder de aandacht brengen om wat mogelijk is daar nog in te brengen. Weet dat de strategie vanaf heden op die manier ook gaat functioneren. Daar zullen we ook u over informeren in onze rapportages, de monitor. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dat brengt ons tot besluitvorming. Zijn er stemverklaringen? Mag ik zien de handen tegen deze strategie? Die zie ik niet. Dan is het voorstel vastgesteld. 8.

Tweede wijziging Algemene Plaatselijke Verordening Ridderkerk 2020 De voorzitter: Agendapunt 8: de tweede wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening Ridderkerk 2020. Er is een amendement ingediend door de SGP. Die krijgt als eerste het woord. We hebben afgesproken een eerste termijn van maximaal drie minuten en we denken hier een uur aan te besteden. Dus mijnheer Kardol is dat. Zijn er nog meer mensen die hierover het woord willen voeren? Ik kijk nu eerst naar die kant van de zaal. Mijnheer Overheid. Mevrouw De Wolff. Mijnheer Borst. Mijnheer Kloos. Mevrouw Stip. En mijnheer Soffree. Drie minuten en totaal een uur. Mijnheer Kardol, SGP. Gaat uw gang. De heer Kardol: Dank u wel, voorzitter. SGP heeft naar vandaag uitgekeken, want in hoeverre gaan zaken als milieu en klimaat ons echt aan het hart. Het is nu inmiddels iets meer dan twee jaar geleden dat de raad motie 2020-56 met negentien stemmen voor heeft aangenomen.

Het verzoek aan het college was eenvoudig: de raad tijdig een voorstel te doen, een verbod in te stellen en de consequenties daarvan te schetsen zodat vanaf de jaarwisseling 2020-’21 een verbod op het afsteken van consumentenvuurwerk zou gelden, ten tweede aan te geven op welke wijze het verbod gehandhaafd kan worden en ten derde de raad dan tevens te informeren op welke plekken centraal georganiseerde activiteiten mogelijk zijn zoals bijvoorbeeld een vuurwerk- of

lasershow. In een raadsinformatiebrief van 12 juli 2020 was het college echter van mening dat de inwilliging van het verzoek vooralsnog niet aan de orde was en beschouwde de motie gemakshalve maar als afgedaan. De meerderheid van de raad dacht daar terecht anders over. Toen lag daar opeens de raadsinformatiebrief van 4 september 2021. In onze APV zou een afsteekverbod voor consumentenvuurwerk worden opgenomen en ook op de andere twee verzoeken werd ingegaan. Goed nieuws zou je zeggen, maar in de commissievergadering van 10 november vorig jaar is de wijziging dan nog wel besproken, daarna gebeurde er echter iets opmerkelijks: in de week van de raadsvergadering trok het college het gehele voorstel over de tweede wijziging APV in. Een lokaal verbod was gezien de landelijke ontwikkelingen niet meer aan de orde. De SGP vond dat een vreemde gang van zaken en heeft daar ook vragen over gesteld. Ik ga er op dit moment niet vanuit, maar nog vreemder zou ik het vinden als dezelfde meerderheid die indertijd de motie heeft gesteund vanavond niet instemt met het voorliggende amendement. Een amendement waarin alsnog een verbod op consumentenvuurwerk wordt geregeld. Zo ingewikkeld was het verzoek niet en het waarom erachter behoeft wat de SGP betreft anno nu toch geen discussie meer. Tot zover mijn eerste termijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Overheid, CDA.

De heer Overheid: Dank u wel, voorzitter. De voorgestelde aanpassing van de APV kunnen wij als CDA steunen. Het amendement van de SGP daarentegen is een ander verhaal. De gedachte achter het amendement kunnen we als CDA zien, alleen zijn wij van mening dat het invoeren van een vuurwerkverbod niet het gewenste resultaat zal gaan opleveren. Het CDA is van mening dat door het invoeren van een vuurwerkverbod er schijnveiligheid wordt gecreëerd, want zolang we zo’n verbod niet kunnen handhaven, zal er tijdens de jaarwisseling gewoon vuurwerk worden afgestoken. Een goed voorbeeld is de afgelopen jaarwisseling toen een algeheel vuurwerkverbod gold en er toch overal vuurwerk werd afgestoken. Het CDA vindt het afsteken van vuurwerk een van de tradities van ons land. Veel mensen doen dit in de nabije omgeving van hun huis en zien het als een afsluiting van het jaar. Heel vaak gaat het afsteken van vuurwerk zonder problemen. We zien wel dat er overlast en schade ontstaat, maar dit wordt vooral veroorzaakt door illegaal, verboden vuurwerk of vuurwerk dat buiten de toegestane afsteektijd wordt afgestoken. Het CDA denkt dat het invoeren van een extra lokale vuurwerkregel niet de oplossing is. Het vuurwerkverbod is niet te handhaven. Met het invoeren van een vuurwerkverbod worden niet de overlastveroorzakers, maar juist de meerderheid gehoorzame vuurwerkliefhebbers gestraft. Dank u.

De voorzitter: Mijnheer Kardol. De heer Kardol: Ja. Dank u, voorzitter. Er zijn een hele hoop partijen die in de verkiezingsprogramma’s hebben gepleit voor meer boa’s onder andere en wijkagenten, maar een vraag aan het CDA: waarom heeft het CDA überhaupt twee jaar geleden de motie gesteund? De voorzitter: De heer Overheid. De heer Overheid: Ja, toen zagen we er toch iets anders tegenaan, omdat we toen de handhaving wat minder scherp hadden, denk ik. Maar gebleken is dat dat gewoon nu nog niet te doen is. Vandaar dat we nu zeggen: nou, je kan wel wat invoeren, maar die handhaving gaat gewoon niet realistisch. De voorzitter: Mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Dank u wel, voorzitter. De cijfers zijn hard. Het raakt me steeds weer. Jaarlijks overlijden in Nederland ongeveer 20.000 mensen door roken. Daarom heeft de ChristenUnie jaar in jaar uit

erop aangedrongen om roken te ontmoedigen. Nu zijn we weer een stap verder. Er komt een verbod op roken bij een speeltuin, een kinderboerderij en een sportcomplex. Stap voor stap komen we dichterbij het doel: een generatie die rookvrij kan opgroeien. Daar zijn we dankbaar voor. Nu over het amendement van de SGP. We zijn er als partij altijd heel duidelijk over geweest: vuurwerk veroorzaakt zowel bij mensen als dieren en onze aarde meer schade dan goed is. Er zijn echter redenen waarom we het amendement op dit moment geen goed idee vinden. Dit heeft alles te maken met het maatschappelijk debat wat op dit moment in Nederland wordt gevoerd en de situatie waar we nu, na twee onrustige jaren, in zitten. Die andere situatie heeft wat ons betreft voor nieuwe inzichten gezorgd. Wij denken dat je op dit moment te veel vraagt van onze politiemensen, van de welzijnswerkers, van de jongerenwerkers en van de boa’s met betrekking tot handhaven. Je vraagt ook te veel van onze inwoners wanneer het vuurwerk afsteken straks hier niet mag, een dorp dichterbij wel. We kiezen daarom nu voor de lijn en het advies van het landelijk veiligheidsberaad. Er moet een landelijke meerjarenstrategie komen voor vuurwerk en de jaarwisseling. Een plaatselijk verbod is in deze situatie onzes inziens geen veilige oplossing. Voorzitter, we hebben deze keuze niet makkelijk gemaakt.

Het valt ons echt zwaar om tegen dit amendement te zwemmen … Te zwemmen. Te stemmen, omdat we net als de SGP denken dat het afschaffen van consumentenvuurwerk goed is voor mens, dier en milieu. Maar nogmaals, we geloven dat het beter is om dit landelijk te regelen in de meerjarenstrategie. Dat kost tijd, maar zorgt uiteindelijk voor meer draagvlak en veiligheid in alle opzichten en voor iedereen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Borst, VVD. Mijnheer Kardol, sorry. De heer Kardol: Dat geeft niet, voorzitter. Ja, wat betreft het betoog van de ChristenUnie: in 2000… Of twee jaar geleden toen de motie werd gesteund kan ik de woorden van de heer Kooijman nog herinneren dat hij zei: ja, we hebben direct onze achterban geraadpleegd en het antwoord was: hier moeten we in meegaan. Dan zou ik eigenlijk de conclusie willen trekken: u heeft een gedeelte van uw achterban dan blijkbaar in de afgelopen tijd verloren. Of bent u kwijtgeraakt. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Ik denk zeer zeker dat we die achterban niet kwijt zijn geraakt. Ik heb u uitgelegd dat er twee jaar geleden, u haalde het zelf al aan, tot nu ontzettend veel gebeurd is. We hebben twee jaarwisselingen meegemaakt waarbij duidelijk was dat vuurwerk ondanks verbod toch werd afgestoken en dat daar dus nu echt een andere situatie is ontstaan.

Dat vraagt volgens mij ook politieke moed om te kijken dat de situatie veranderd is in opzicht van twee jaar geleden en om dan de keuze te maken. Dat is politiek tussen twee zware besluiten. Dank u wel. De voorzitter: Nou, u heeft uw kans al gehad, mijnheer Kardol, dus ik wou graag naar mijnheer Borst van de VVD gaan. Mijnheer Borst. De heer Borst: Dank u wel, voorzitter. Afgelopen jaarwisseling konden we met elkaar genieten van het vele siervuurwerk. Eén inwoner vond de afgelopen jaarwisseling zelfs net zo gezellig als voor de coronacrisis. Je zou bijna vergeten dat de afgelopen twee jaar vanwege de coronamaatregelen zo’n verbod op het afsteken van vuurwerk al van kracht was. Ik heb nog niet eerder meegemaakt dat een voorstel of in dit geval het amendement van de SGP getest kon worden in de echte wereld. Dat kon dit keer dus wel. We hebben allemaal kunnen zien dat een afsteekverbod niet heeft geleid tot het daadwerkelijk terugdringen van overlast of het vergroten van de veiligheid. Het instellen van een lokaal verbod op het afsteken van consumentenvuurwerk lijkt misschien een logische stap om onveilige situaties te voorkomen en overlast te verminderen, maar een verbod op het afsteken van vuurwerk heeft geen zin als de verkoop en het bezit van vuurwerk niet aan banden wordt gelegd.

Met dit amendement ontnemen we dus Ridderkerkers de vrijheid om vuurwerk af te steken, juist ook die Ridderkerkers die zich keurig aan de regels houden, maar onze

samenleving wordt niet aantoonbaar veiliger. De overlast wordt niet minder en onze leefomgeving niet schoner. De VVD Ridderkerk heeft daarom de indruk dat dit verbod slechts voor de bühne is. Voorzitter, het amendement van de SGP om het afsteken van consumentenvuurwerk te verbieden gaat dus niet leiden tot het gewenste effect. De afgelopen twee jaarwisselingen waarin een landelijk verbod dus al van kracht was dient daarbij als voorbeeld. De VVD Ridderkerk zal het amendement voor het instellen van een verbod op het afsteken van consumentenvuurwerk dan ook niet steunen. De voorzitter: Mijnheer Kardol. De heer Kardol: Ja. Dank u, voorzitter. Ik begrijp de opmerking van de heer Borst echt niet als het gaat om dat het voor de bühne is. We zijn hier al langere tijd mee bezig. Dan herinner ik hem ook aan de woorden van de VVD dat twee jaar geleden de veiligheid van hulpverleners nog van doorslaggevend belang was om de motie te steunen. Dat is dan nu blijkbaar niet meer het geval. Als het gaat om die handhaving: een algeheel verbod maakt het handhaven juist overzichtelijk en zelfs ook de VVD heeft in het verkiezingsprogramma staan: meer boa’s, meer inzet van politie. Dat is wat ons betreft ook van toepassing op oudjaarsavond. De voorzitter: Ik wil u erop wijzen, mijnheer Kardol, dat een interruptie een interruptie moet zijn. Een korte vraag om tot een bekentenis te dwingen of zoiets.

Zo moet een interruptie eruit zien en niet iedere keer een betoog. Mijnheer Borst. De heer Borst: Ja, voorzitter. Ik wil daar toch nog even kort op reageren. Want hoewel het natuurlijk druk was met afsteken van vuurwerk hebben boa’s, ja, niemand op heterdaad kunnen betrappen afgelopen jaarwisseling. Dus meer boa’s dat is natuurlijk harstikke leuk, maar dan moet het wel te handhaven zijn en dat is met dit verbod gewoon niet het geval. Daarnaast wil ik er ook nog wel even op wijzen: wij hebben natuurlijk dat onderzoek gesteund. Dat klopt. Maar ja, als je dan nu met dit verbod aan komt zetten, voorzitter, en we zien dat de afgelopen jaarwisseling het bedrag aan schade gewoon tweeënhalf keer hoger is dan de jaarwisseling zeg maar van voor de coronacrisis toen dat afsteekverbod er nog niet was, dan kan ik gewoon niet voor stemmen, voorzitter. Dus dan, ja dan houden we de inwoners een worst voor dat we nu ineens het ei van Columbus hebben, dat we dit probleem op gaan lossen, maar in de praktijk zien we dat effect gewoon helemaal niet terug, dus vandaar dat wij tegen zijn. De voorzitter: Mijnheer Kloos, Echt voor Ridderkerk. De heer Kloos: Dank u wel, voorzitter. In principe zijn wij, mevrouw Van Vliet en ik, akkoord met de voorgestelde wijzigingen, maar we kunnen ons ook vinden in het amendement van de SGP inzake consumentenvuurwerk.

Daarom wachten we graag hiertoe een reactie van het college af. Dank u wel. De voorzitter: Nou heb ik een probleem. Er staat hier Stip, Partij 18PLUS. Het is mevrouw Stip. Gaat uw gang. Mevrouw Stip: Dank u wel, voorzitter. Partij 18PLUS is trots op Nederlandse tradities. Het afsteken van consumentenvuurwerk op 31 december vanaf zes uur tot 1 januari twee uur ’s nachts is een traditie die door de Rijksoverheid al gereguleerd is. Buiten deze tijden is het afsteken van vuurwerk illegaal. Laten we daarop handhaven. Een lokaal afsteekverbod van consumentenvuurwerk kan niet op steun van Partij 18PLUS rekenen. Wij stemmen daarom tegen het amendement. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Soffree, Partij van de Arbeid.

De heer Soffree: Dank u wel, voorzitter. Graag vragen wij nogmaals aandacht voor betere regulering van het parkeren van deelscooters. We zien al wel enige verbetering, maar vragen de burgemeester daar toch nog eens een keer extra aandacht aan te besteden. Dan kom ik bij het amendement vuurwerk. De Partij van de Arbeid vindt deze scherp gesteld. Bovendien is het moeilijk te handhaven en landelijke regelgeving lijkt ons wenselijk om een optimaal resultaat te verkrijgen in het terugdringen van de vuurwerkellende, want dat is het wel degelijk. Daarom vinden we de motie … Ja, in de basis vinden we die sympathiek, maar wij achten die moeilijk uitvoerbaar. Even kijken, hoor. Oh ja. Goed, het CDA gaf het al aan, de meeste overlast komt van illegaal vuurwerk. Ja, dat is ook iets wat wij in Ridderkerk niet in de hand hebben. Dat moet echt landelijk geregeld worden naar ons inzicht. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ja, we hebben het hier al een aantal keer over gehad. Oh, mijnheer Ros. Had ik u daarnet niet gezien? De heer Ros: Nou, dat komt misschien omdat ik er nog niet was. De voorzitter: Oh. Ja, u bent er nu wel. Ik zie het nu ook. De heer Ros: Ik kwam net binnen na het rondje. Had u net beurtjes even uitgedeeld, dus zou ik erachteraan mogen? De voorzitter: Nou, mijnheer Ros. Mijnheer Ros, GroenLinks, gaat uw gang. U bent precies op tijd, hè. De heer Ros: Perfecte timing.

Voorzitter, net als de vorige keren is GroenLinks voorstander van een landelijk vuurwerkverbod. Dat hebben we vorige keer ook bepleit. Dat is zeker de beste oplossing. Zolang deze er niet is, zullen we dit lokaal moeten regelen, al is het alleen al om de druk samen met meerdere gemeenten volop op te zetten bij de regering. Dat is vorige keer ook gelukt. Maar deze werkt alleen als er overal in het land, dus ook in Ridderkerk, een centrale vuurwerk- of lasershow wordt georganiseerd. Dat kan zelfs op wijkniveau. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Nou, kijk ik voor de zekerheid nog een keer rond. Mevrouw Van … Ja, het is bijna uitlokken, hè. Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, anders had het bij misschien wat te lange stemverklaring geworden, maar ik kan beter gelijk duidelijkheid geven. Wij zijn tegen een lokaal vuurwerkverbod. Heel veel is er al van gezegd waar we ons in kunnen vinden. Onder andere in verband met het handhaven, maar je zadelt zo ook de buurgemeenten op met meer vuurwerk, omdat onze Ridderkerkers het toch af willen steken. Wij wachten ook graag het landelijk vuurwerkverbod af. De voorzitter: Dank u wel. De deelscooters hebben onze aandacht, in antwoord op mijnheer Soffree. Ik moest echt even schakelen. Deelscooters. Oh ja, dit is de hele APV. Die is iets breder dan vuurwerk.

Heeft van mevrouw De Wolff gelukkig ook aandacht gekregen dat het iets breder is. U vraagt nu aandacht voor de deelscooters. Nou, dat heeft onze aandacht en daarover zijn we meermaals in gesprek. Dat hebben we ook al met elkaar wel gedeeld. Ja, dat vuurwerk is hier ook meermalen ter sprake geweest. Ik wijs u er wel op dat landelijk al verboden is de vuurpijlen en het knalvuurwerk, en daar zit hem ook altijd wel de meeste schade in. Dus het enige wat eigenlijk nog mag, is dat wat je … Nou ja, dat noemen we kindervuurwerk: sterretjes en knalerwtjes en trektouwtjes en noemen we dat grondbloemetjes? Nou ja, ik heb dat ook allemaal … Klappertjes en dat soort dingen die je gewoon volgens mij in de supermarkt mag kopen. Die mogen. En wat

siervuurwerk. Dus wij, burgemeesters, zeg ik maar even snel, vragen er eigenlijk bij voortduring aandacht voor om alles wat mogelijk is te zetten op dat illegale vuurwerk, want dat illegale vuurwerk dat is het grootste gevaar. Dat levert ook het grootste gevaar, maar ook de grootste overlast op. Nou, ik vind het volkomen logisch dat de SGP met dit amendement komt. Het wisselt wat ook hier in de raad hoe we ertegenaan moeten kijken. Ik was heel erg blij met het landelijke verbod. De druk op Den Haag is inmiddels wel veel groter geworden. Het grote probleem, en dat hebben we zelf hier in Ridderkerk ook gezien, is de handhaafbaarheid. Duidelijk is wel dat Nederland hecht aan die traditie, dat Ridderkerk ook hecht aan die traditie en dat oud en nieuw redelijk goed verlopen zijn. Ook in Ridderkerk, maar ook landelijk was het wel heel duidelijk aanwijsbaar dat er sprake was van een vuurwerkverbod, ook al was er nog steeds heel veel vuurwerk en ook het prachtigste siervuurwerk hebben we hier in Ridderkerk kunnen zien. Dus het is niet een probleem wat we zomaar even met elkaar kunnen oplossen. Ook al zet je bij elke boom een boa, dan nog krijg je dit niet in één klap opgelost. Ik vind het wel belangrijk dat we in ieder geval regionaal met elkaar optrekken. Het heeft heel weinig zin om gemeentes tegen elkaar op te zetten. Daarmee los je het probleem ook niet op, denk ik.

Dat proberen we dus ook te doen, zoveel mogelijk regionaal op te trekken zodat je ook geen grensconflicten krijgt. Maar het allerbeste zou zijn dat er voor iedereen duidelijk beleid landelijk komt. Over het amendement, dat heeft u denk ik al wel begrepen, laat ik met een gerust hart over aan de mening van de raad, en ik denk dat die zich wel een beetje aftekent ondertussen. Behoefte aan een tweede termijn voor de APV? Mijnheer Kardol. De heer Kardol: Ja. Dank u wel, voorzitter. Even nog wat reacties op wat ik gehoord heb van andere partij. Het CDA is blijkbaar van koers gewijzigd op dit punt. Dat constateer ik maar. De ChristenUnie zegt: ja, de situatie is veranderd. Maar de situatie als het gaat om risico op letselschade is nog exact hetzelfde. Als het gaat om de wijze waarop de luchtkwaliteit wordt aangepast dat is nog precies hetzelfde. Het hoge risico op brand en risico is nog steeds hetzelfde. Overlast die het geeft voor mens en dier is nog steeds hetzelfde. De voorzitter: Mevrouw De Wolff. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Dank u wel. Als de SGP aangeeft dat al de overlast nog precies hetzelfde is, dan klopt dat. Ik denk dat we ook hebben aangegeven dat we dat moeilijk vinden om daar nu een andere keuze in te maken.

Maar ik wil een andere vraag aan u stellen: hoe gaat u ervoor zorgen dat het amendement wat u heeft wel werkzaam wordt? De burgemeester gaf net aan … De voorzitter gaf het net aan: achter elke boom een boa werkt niet. Wat is uw oplossing? De voorzitter: Via de voorzitter. De heer Kardol: In de tweede termijn van de SGP. Nee, wat de SGP betreft staan we gewoon voor lik op stukbeleid. De SGP vraagt niet voor niets om minimaal één wijkboa en twaalf wijkagenten. De voorzitter: Mevrouw Kayadoe’s hand zag ik het eerst. Mevrouw Kayadoe: Zeker, voorzitter. Dan ben ik heel erg benieuwd hoe de SGP kan garanderen met in elke wijk een extra boa hoe de heterdaad eerder gezien gaat worden, want dat is het grootste probleem met vuurwerk. De voorzitter: En toen zag ik mevrouw De Wolff.

Mevrouw De Wolff-ter Beek: Ja. Ik ben nieuwsgierig. Lik op stukbeleid, daar is twee jaar lang al de kans voor geweest. Als we in elke wijk een boa hebben, lukt het dan opeens wel om lik op stukbeleid, wat ik ook van die term vind, om dat dan wel te regelen? De heer Kardol: Ja, wat de SGP betreft moet er gewoon een flinke tand bij. Het gaat er uiteindelijk om: ik hoef niet te handhaven, dat is de boa die dat moet doen of de agent. De SGP staat er in elk geval voor. Om even nog het betoog af te maken. Ik ben wel benieuwd als GroenLinks, gehoord hebbend wat de heer Ros zei, als het amendement niet wordt aangenomen. De voorzitter: Mevrouw De Wolff wil nog erop reageren. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Voorzitter, mijnheer Kardol geeft aan: ik ga daar niet over. Een boa moet dat kunnen regelen. We doen dat lik op stuk. De SGP staat altijd voor veiligheid en in dit opzicht denk ik dat je ook de politieagenten, boa’s, de welzijnsmedewerkers en de jongerenwerkers gewoon in de steek laat om op deze manier hen te dwingen, als dat al lukt, op lik en stukbeleid. De heer Kardol: Ik zie het verband niet helemaal. Volgens mij is het een kwestie van prioriteiten stellen en dan zijn er verschillende dingen die van belang zijn. Maar goed, richting even nog de heer … De voorzitter: Ja, mijnheer Kardol, u lokt reacties uit. Mijnheer Borst. De heer Borst: Ja, voorzitter.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/885/documents/35346