2022-01-13-verslag-commissie-samen-wonen.pdf
Tekst van het document
Woordelijk verslag vergadering commissie Samen wonen 13 januari 2022 1.
Opening en vaststellen agenda De voorzitter: Goedenavond allemaal. Ik open de openbare vergadering van de commissie Samen Wonen van donderdag 13 januari 2022. Welkom. Dit is een digitale vergadering. De vergadering is live en achteraf via de gemeentelijke website te volgen. Alle fracties zijn vertegenwoordigd. Kan de commissie zich vinden in de hier voorliggende agenda? Zo niet, graag een digitaal handje.
2.
Spreekrecht voor hen die zich hebben aangemeld De voorzitter: Die zien wij niet, dus we gaan naar agendapunt twee: spreekrecht voor hen die zich hebben aangemeld. Mevrouw Van Noordegraaf spreekt een over agendapunt vier, woningbouwontwikkeling aan Rembrandtweg 257. Mevrouw Van Noordegraaf krijgt vijf minuten voor haar bijdrage, en bij vier minuten geef ik haar een seintje dat ze kan afronden. Vervolgens kan de commissie verduidelijkingsvragen stellen. Mevrouw Van Noordegraaf, u kunt uw microfoon en uw camera aanzetten en uw bijdrage doen. Mevrouw Noordegraaf: Oké, goedenavond allemaal. Ik wilde bij deze een aanvulling geven op de zienswijze die ik al heb ingediend. Ik heb namelijk vernomen dat het notariskantoor aan de Adriaan van Ostadestraat nummer 1 gekocht is door uitvaart Timmers. Ik voorzie hierin nog meer verkeersproblemen dan ik al had aangegeven in mijn zienswijze, dus vandaar dat ik deze toevoeging wilde doen. De voorzitter: Duidelijk. En u wilt verder, blijft u bij uw ingestuurde bijdrage? Mevrouw Noordegraaf: Ja. De voorzitter: Zijn er vragen vanuit de … Dank daarvoor. Zijn er vragen vanuit de commissie naar aanleiding om de bijdrage die gestuurd is, en misschien naar aanleiding van deze toevoeging? De heer Soffree, Partij van de Arbeid? De heer Soffree: Ja, dank je wel voorzitter. Ja, de bewoners van de Ostadestraat die hebben net als u een zienswijze ingediend.
Jullie geven aan: dat parkeerprobleem, we zien een parkeerprobleem ontstaan. Nu komt er dus een voorziening in de straat die nog meer parkeergelegenheid vraagt. Heeft u enig idee om hoeveel parkeerplaatsen dat gaat? De voorzitter: Mevrouw Noordegraaf. Mevrouw Noordegraaf: Nee, dat heb ik niet. Ik weet wel dat het notariskantoor wat er zat niet veel parkeerplek in nam omdat er weinig mensen werkzaam waren, en omdat het ook na kantoortijd niet bezocht werd. Het uitvaartcentrum wordt wel na kantoortijd bezocht. Ik heb geen idee, ik heb dit pas sinds gisteren vernomen dus ik heb daar nog geen onderzoek naar kunnen doen. Ik weet wel dat uitvaart Timmers een grote organisatie is. Ik heb daar vorig jaar ook gebruik van moeten maken, helaas, dus er zijn redelijk wat kamers daar wat natuurlijk wel bezoek gaat opleveren. De voorzitter: Duidelijk. De heer Soffree, Partij van de Arbeid. Wilt u … Is uw vraag zo beantwoord? De heer Soffree: Ja, dank u wel. Had u verder nog opmerkingen over uw zienswijze? Eventuele aanvullingen?
Pagina 1 van 33
De voorzitter: Mevrouw Noordegraaf. Mevrouw Noordegraaf: Nee, ik heb geen aanvullingen verder op mijn zienswijze. De voorzitter: Mevrouw Dirks, GroenLinks. Mevrouw Dirks: Ja, dank u wel. Ja, ik heb uw zienswijze natuurlijk gelezen net zoals de zienswijze van uw buurtgenoten. U geeft aan dat het uitzicht natuurlijk verstoord gaat worden, het vrije uitzicht, en dat u misschien problemen gaat krijgen van lichtinval. Denkt u dat het plaatsen van uiteindelijk hoge bomen of een dergelijk hoge heg zou helpen om deze problemen tegen te gaan? De voorzitter: Mevrouw Noordegraaf. Mevrouw Noordegraaf: Ik denk dat het plaatsen van een heg of hoge bomen het, de inkijk in ieder geval zouden kunnen gaan belemmeren, waar wij ook hinder van gaan hebben dat wij nu nog geen inkijk heb, dus wij zullen onze gordijnen en dergelijke moeten gaan aanpassen. Dat zal het eventueel kunnen belemmeren. Alleen de hoge bomen of de heg zullen volgens het plan zoals het er ligt dichter op ons appartementencomplex komen, waardoor zonlicht ook weer belemmerd wordt. De voorzitter: Mevrouw Dirks, GroenLinks, wilt u daarop reageren? Mevrouw Dirks: Ik wil vriendelijk bedanken. De voorzitter: Zijn er verder nog vragen vanuit de commissie? Dan wil ik mevrouw Noordegraaf nogmaals bedanken voor haar bijdrage. U kunt de vergadering eventueel verlaten en via de Raad in Beeld online verder volgen.
Mevrouw Noordegraaf: Oké, zal ik doen. Dank u wel. De voorzitter: De heer Visser, VVD. De heer Visser: Ik was, ik had nog een handje opgestoken maar dat is niet helemaal doorgekomen blijkbaar. De voorzitter: Oh. De heer Visser: Maar ik had nog even een opmerking voor deze vrouw. Want het is zo dat momenteel er al in het notariskantoor een uitvaartverzorging zit. Dus wat verandert er dan? De voorzitter: Mevrouw Noordegraaf. Mevrouw Noordegraaf: Dat verandert omdat er nu, momenteel zit er inderdaad een uitvaartonderneming. Deze uitvaartonderneming heeft vier kamers die bijna nooit allemaal … De voorzitter: Dank u voor uw bijdrage. u kunt de vergadering eventueel verlaten en via de Raad in Beeld online verder volgen. Mevrouw Noordegraaf: Oké, zal ik …
Pagina 2 van 33
De voorzitter: Er gaat iets niet goed. Mevrouw Noordegraaf: Nee, hè? De voorzitter: Ik denk dat iemand thuis de vergadering live aan hebt staan en zijn microfoon aan had staan, dus let even op dat alle microfoons uit staan. Maar u was uw vraag aan het beantwoorden. Mevrouw Noordegraaf: Ja, ik begin even opnieuw als u het goed vindt? De voorzitter: Ja, is … Mevrouw Noordegraaf: De uitvaartonderneming die er nu zit die heeft momenteel vier kamers die lang niet altijd allemaal bezet zijn, om het zo maar te zeggen. Met de komst van Timmers erbij, ik verwacht dat Timmers net zo groot blijft of een uitbreiding doet omdat het pand daar ruimte toe biedt. Dus dat is een uitbreiding volgens mij van meer kamers, dus dan verwacht ik ook dat daar meer bezoek bij komt. Ik heb ook het vermoeden dat uitvaart Timmers sowieso een onderneming is waar meer mensen gebruik van maken dan de uitvaartonderneming die er nu zit. De voorzitter: Mijnheer Visser, VVD, wilt u daarop reageren? De heer Visser: Ja, dank je wel. Ik had begrepen eigenlijk dat Timmers dus alleen die kamers gaat gebruiken die er nu ook in gebruik zijn er verder geen uitbreiding is, maar dat kan ook anders zijn. Dus vandaar eigenlijk mijn vraag. Mevrouw Noordegraaf: Oké. De voorzitter: Duidelijk. Er zijn geen verdere vragen vanuit de commissie, dus u kunt bij deze de vergadering verlaten. Mevrouw Noordegraaf: Ga ik doen.
De voorzitter: Yes, is goed. Mevrouw Noordegraaf: Dank u wel. De voorzitter: Fijne avond. 3.
Vaststellen besluitenlijst commissie Samen wonen van 2 december 2021 De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 3: vaststellen besluitenlijst commissie Samen wonen van 2 december 2021. Lijst met acties: punt 1 en 2, afvalbeleidsplan, RIB december is geagendeerd en is daarmee afgedaan. Dan hebben we punt 3: gebiedsvisie rivieroevers, vragen zijn beantwoord, is hiermee afgedaan. Dan hebben we de belastingverordeningen, punt 4, en vraag is beantwoord en is ook afgedaan. Lijst met toezeggingen: afvalbeleid, RIB december is geagendeerd, is hiermee afgedaan. Dan hebben we punt 3: aanpak Oosterpark, RIB 24 december jongstleden is afgedaan. Dan heb ik goed begrepen dat er over punt 5 HOV nog iets mee te delen is? Wethouder Oosterwijk.
Pagina 3 van 33
De heer Oosterwijk: Ja dat klopt voorzitter. Wethouder Meij heeft mij gevraagd om aan te geven dat de datum die nu is aangegeven bij punt 5 zou moeten muteren van januari ‘22 naar april ‘22 omdat het ook te maken heeft met een aanbesteding die moet worden opgestart, et cetera, alvorens er ook daarna informatie te melden is. De voorzitter: Duidelijk, is genoteerd. 4.
Woningbouwontwikkeling aan de Rembrandtweg 257 De voorzitter: dan gaan we naar agendapunt vier, woningbouwontwikkeling aan de Rembrandtweg 257. De inzet is ter debat, kan de commissie zich daarin vinden? Ja. Aanwezig hiervoor zijn wethouder Oosterwijk en de heer Amesz. Dan geef ik het woord aan wethouder Oosterwijk. Oh, mevrouw Kayadoe, Leefbaar Ridderkerk. Mevrouw Kayadoe: Het had van mij de vaststelling gemogen, maar er wil al iemand ter debat dus ja dan houdt het al op. De voorzitter: Dan maar ja, inderdaad, ik zie nog een handje. Mijnheer Piena, u wil ook ter vaststelling? De heer Piena: Het gemak dient de mens, maar inderdaad, iemand wil het ter debat dus wij voegen ons daartoe. De voorzitter: De heer Slaa, Partij 18Plus. De heer Slaa: Ja, ik sluit mij aan bij de collega’s, voorzitter. De voorzitter: Oké, maar die wil het ter debat? Laten we het dan even zo houden. Is er een partij die het ter debat wil? Ik zie de heer Soffree knikken van Partij van de Arbeid. Ja, nou, dan is de insteek ter debat en dan geef ik het woord aan wethouder Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja, dank u wel voorzitter. Ik zal mijn intro kort houden. Vanavond gaat het over een bouwproject van 35 woningen die toe te voegen zijn aan de Ridderkerkse woningvoorraad. Mijn overtuiging is dat het een plan is waaraan zorg en aandacht is besteed.
In uw raad wordt gevraagd om definitieve verklaring van geen bedenkingen af te geven, daar waar u daar eerder ook al een uitspraak heeft gedaan. Maar omdat er ook zienswijzen zijn ingediend komt hij op deze manier weer terug. Juist omdat ik weet hoeveel moeite het gekost heeft om de betaalbaarheid van een aantal woningen in dit project te borgen, ben ik eigenlijk ook wel trots op dat het toch is gelukt. Dat is geen vanzelfsprekendheid gebleken. Maar deze manier zijn we er goed uitgekomen, is mijn overtuiging. Nou, u heeft vanuit de commissie ook kunnen zien dat er ook met een bepaalde voortvarendheid invulling is gegeven aan de motie die nog maar kort geleden is aangenomen over de pilot om Ridderkerkers voorrang te geven en te prioriteren op de toewijzing van woningen die binnenkort gaat plaatsvinden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er vragen vanuit de commissie? Dan graag uw digitale handje, dan noteer ik even de handjes. Geef ik het woord aan de heer Soffree, Partij van de Arbeid, en de rest kan de handjes laten zakken. De heer Soffree: Dank u wel voorzitter. Het is inderdaad een mooi plan, mijn complimenten daarvoor. Maar voor de omwonenden is het dat niet, dat hebben we in de zienswijzen kunnen lezen. Het uitzicht wordt Pagina 4 van 33
behoorlijk aangetast, het genieten van de zon is een stuk minder, en de waarde van hun huis is daarbij ook gedaald. Ik heb in de ruimtelijke onderbouwing zitten lezen en daar komt werkelijk elk aspect aan de orde: van geluidsmetingen tot archeologische aspecten, van luchtkwaliteit tot ecologie, en tot en met parkeerplaatsen, en dit volgens de regels netjes uitgewerkt. Maar er wordt met geen letter gesproken over de gevolgen voor de omwonenden. De vraag die ik aan de wethouder heb: kan de wethouder uitleggen waarom de directe gevolgen voor omwonenden niet in de ruimtelijke onderbouwing worden meegenomen? De andere vraag is: we zien dat gelukkig terug in de zienswijze, maar als er geen zienswijzen waren ingediend hadden die aspecten helemaal niet duidelijk geworden. Dat vind ik vreemd want ja, er worden ook geen zienswijzen ingediend voor archeologische waarde en dat wordt allemaal wel uitgewerkt. Mijn laatste vraag is: op aandringen van de bewoners is er een zonstudie gemaakt, bijgevoegd. Wat schetst mijn verbazing? Juist op het moment dat de bewoners van de Ostadestraat lekker op hun balkonnetje zitten in het late avondzonnetje, en juist dat moment is buiten beschouwing gelaten. We kunnen niet zien wat nou de consequenties na 19:00 uur zijn ‘s avonds.
Dus ik zou willen vragen of de wethouder het voor mekaar kan krijgen om dat alsnog in beeld te brengen, opdat we kunnen zien wat de consequenties zijn. Ik begrijp dat als je een goeie advocaat hebt dat je dan toch een heel eind kan komen om een vergoeding te krijgen voor de schade die je leidt. Ik weet dat bij de aanleunwoningen van de Riederborgh zijn toentertijd ook vergoedingen uitgedeeld aan mensen die daar tegenover wonen. Dus ik zou nog graag willen weten van hoe dat nou zit en ja, hoe we iets kunnen verzinnen om de gedupeerden te kunnen compenseren. Dank u wel. De voorzitter: Wethouder Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja voorzitter, de heer Soffree die snijdt een aantal thema’s aan. Ik zal proberen daar op een verstandige manier ook wat reflectie op te geven. Niet zozeer ook omdat het allemaal vragen betreft maar ook een aantal stellingen zijn die betrokken worden. De complimenten voor het plan als zodanig die neem ik natuurlijk graag in ontvangst want, ik zei al eerder, het is een plan waar ook flink aan gestoeid er aan gewerkt is om het op de meest passende manier toch een goede plek te geven in het Ridderkerkse. U heeft er ook kennis van kunnen nemen dat bijvoorbeeld op basis van contacten met de buurt ervoor gekozen is om een half verdiepte parkeergarage aan te brengen waardoor dat gebouw al zodanig lager is uitgevoerd van is de bedoeling was.
De bovenste etage is inmiddels een setback uitgevoerd. Ook een aantal aspecten die wat meer met groen te maken hebben, is ook aan de gevelkant een aantal wijzigingen in het plan opgenomen die wat mij betreft tot de verbeelding spreken. Daar waar je natuurlijk iets realiseert op enige plek in Ridderkerk en zo ook hier, dan heeft die medaille natuurlijk ook altijd wel een achterkant. Met andere woorden: er is sprake van een bepaald effect richting de omgeving. Dat kan zich vertalen in de sfeer van verkeer of in de hoogte of in het volume van de gebouwen, enzovoorts, enzovoorts. Dat is simpelweg ook niet te voorkomen. Zo nuchter moeten we denk ik ook naar dat vraagstuk kijken. Bij het inbreiden binnen in het dorp is dat bijna altijd de consequentie. Dat vertaalt zich dan ook altijd, en misschien wel naar de toekomst toe meer dan in het verleden nog, in de sfeer van dat omwonenden bijvoorbeeld een zienswijze indienen. Dat is ook helemaal niet erg. Wij staan vooral aan de lat om die effecten niet aan de ene kant ook inzichtelijker maken, maar ook te toetsen of daarmee een belang op een onbehoorlijke manier wordt geschaad, ja dan wel nee. het laatste tot wet- en regelgeving … Heel concreet. Uitzicht, en verwijs ik even naar de nota zienswijzen, is iets wat je niet op een zodanige mate naar de toekomst altijd veilig kunt stellen dat je daar dan recht op hebt.
Naar mijn overtuiging is dit pand aan de ene kant natuurlijk al een pand met impact, maar tegelijkertijd ook op fatsoenlijke manier ingepast. Dat is ook vanuit stedenbouwkundig perspectief betoogd. Dus dat het de consequentie heeft: ja. Dat het geen onaanvaardbare consequentie is, is wat mij betreft ook aan de orde. Zo is het ook verwoord in de nota zienswijze. Daar waar de heer Soffree de stelling betrekt dat er sprake is van een waardedaling van de omliggende huizen, ja, die stelling ga ik simpelweg niet voor mijn rekening nemen. Daar Pagina 5 van 33
waar er zeg maar omwonenden zijn of belanghebbenden zijn die die stelling wel zijn toegedaan, dan weet de heer Soffree ook dat er gewoon ook een planschade en methodiek en systematiek is die wij niet zozeer zelf bepalen maar die ook gewoon in het land op een eenduidige manier aan de orde is waar bewoners ook aanspraak op kunnen maken. Dat is echt niet aan de gemeente, en uiteindelijk ook niet aan de gemeente want dat (niet verstaanbaar) echt die initiatiefnemer uiteindelijk om datgene wat eventueel aan planschade wordt toegekend ook uit te keren. Dat is niet aan de gemeente, maar dat is aan de initiatiefnemers. Die methodiek is ook op dit project onverkort van toepassing. Ik ga dus ook helemaal niet vooruitlopen, zeg ik er maar even bij, op wat omwonenden eventueel in de sfeer van bezwaar en beroep aan zouden kunnen wenden, en de mate waarin dat eventueel succesvol zou kunnen zijn. Ik heb de overtuiging vooral dat dit plan een prima plan is en dat er ook goed gekeken en geluisterd is er op het maximaal mogelijke manier ook tegemoet gekomen is aan datgene wat ook naar voren is gebracht. Het is ook aan uw commissie in de raad om daar in de sfeer van bedenkingen en wel of niet iets aan te verbinden. De ruimtelijke onderbouwing zoals die voorligt is volgens mij behept met alle compartimenten en elementen die in een ruimtelijke onderbouwing ook aan de orde moeten komen.
Daar waar de heer Soffree meent dat die ruimtelijke onderbouwing niet adequaat is of niet volledig is of op een andere manier niet zou kloppen, zou ik hem eigenlijk willen uitnodigen om dat maar heel concreet dan ook aan te geven. Naar mijn overtuiging staat deze ruimtelijke onderbouwing in die sfeer gewoon als een huis. De zonstudie die is, maar daar hoor ik dan ook graag de ambtelijke ondersteuning van de heer Amesz even over, is volgens mij ook gewoon volgens de regels van het spel uitgevoerd. Daar zit dan volgens mij ook geen, wat mij betreft geen behoefte aan verbonden om die zonstudie nog eens een keertje over te doen op bepaalde specifieke tijdstippen. Die zonstudie is volgens mij gewoon uitgevoerd zoals het hoort, dus ik doe daar ook geen toezegging op. Maar, voorzitter, de heer Amesz kan daar wellicht nog wat woorden aan wijden. Voor zover mijn reactie. De voorzitter: De heer Amesz. De heer Amesz: Bedankt voorzitter. Ja, ik zal ook even de camera aanzetten. De bezonningsstudie is opgesteld door de ontwikkelaar er gewoon conform de tno-normen opgesteld. Overigens is er geen wettelijke kader, er gelden alleen richtlijnen en die richtlijnen zijn ook toegepast. De voorzitter: Duidelijk. De heer Soffree, Partij van de Arbeid. De heer Soffree: Dank u wel voorzitter. Ja, ik heb twee reacties.
De eerste is: de ruimtelijke onderbouwing, ik heb daar niets over gezegd dat dat kwalitatief niet goed zou zijn. Ik heb juist gezegd dat dat keurig netjes uitgewerkt is. Dus ik vind het geen prettige opmerking van de wethouder dat ik die onvoldoende vind. Ik vroeg mij af, hardop, en ik heb aan u gevraagd hoe dat zit, dat de consequenties, sommige consequenties voor de omwonenden gewoon daar niet in opgenomen zijn, terwijl andere consequenties op ecologiegebied of op archeologisch gebied, noem maar op, alles wordt in kaart gebracht, maar niet wat de consequenties zijn voor omwonenden. Ik vind dat vreemd. Dat het volgens de regeltjes gaat, ja, de regels zijn er om ons te helpen en niet om ons dwars te zitten. Zoals zo’n studie dan van de zonuren of van de schaduwval, als die conform de regeltjes wordt uitgevoerd dan denk ik dat de regeltjes niet kloppen want het gaat toch om maatwerk? Het gaat toch om: wat zijn nou de conse… Wie interesseert het nou hoe de schaduw op de sloot gaat vallen? Dat interesseert echt niemand. Dus dat bedoel ik te zeggen. De heer Piena: Voorzitter?
Pagina 6 van 33
De voorzitter: Het is niet voor de … Het gaat ter debat, het is zelf gevraagd, dus houdt dan even bij de vragen … Ik snap dat er af en toe wat intro bij zit maar dit is wel erg lang, dus ik laat de wethouder nog een keer reageren en dan gaan we naar GroenLinks. De heer Oosterwijk: Ja voorzitter. Laat ik ons eerst maar ook even op deze manier reageren dat er natuurlijk geenszins mijn bedoeling is om een onprettige opmerking dat is eren aan de heer Soffree, zo kennen we elkaar ook niet en zo is het ook nooit bedoeld. Een opmerking was er slechts in gelegen dat ik de heer Soffree zou willen uitnodigen om daar waar hij zou betogen dat de ruimtelijke onderbouwing als zodanig incompleet zou zijn op enige manier dat dat zeg maar dan concreet geadresseerd wordt zodat we er ook op concrete mate op kunnen reageren. Ik heb tot op heden slechts, slechts zeg ik dan ook wel even heel vriendelijk tussen een aantal quotejes, een aantal bemerkingen gehoord in algemene zin. Dan vind ik het ook lastig om daar dan zeg maar even op reageren op een inhoudelijke manier. Afrondend, ik ben echt de overtuiging toegedaan dat deze ruimtelijke onderbouwing niet anders is dan normaliter ook aan de orde is, en dat die daarmee ook gewoon als een fatsoenlijke ruimtelijke onderbouwing kwalificeert. Als laatste nog een korte reactie op de bemerkingen ten aanzien van de zonstudie.
Ja, laat ik het zo zeggen: het gaat niet altijd over regeltjes volgen of regeltjes het meest belangrijke te maken in welk vraagstuk dan ook. Regels zijn inderdaad alleen maar regels, maar je hebt met elkaar ook wel iets na te streven als een instituut als TNO aangeeft dat de richtlijnen om een zonnestudie te doen op een manier X, dan volg ik wel graag manier X omdat je anders ook wel de vraag over jezelf kunt afroepen: waar blijf je op enig moment? Daarvan uit mag ook duidelijk blijken dat wij op deze manier de TNO-richtlijn gewoon hebben gehanteerd en ook als zodanig voldoende vinden. De voorzitter: Duidelijk. Mevrouw Dirks, GroenLinks. Hoeveel vragen heeft u? Mevrouw Dirks: Ja, dank u. De voorzitter: (niet verstaanbaar) tegelijk stellen alstublieft. Mevrouw Dirks: Sorry? Volgens mij viel u weg bij mij. De voorzitter: Hoeveel vragen heeft u, en maximaal drie tegelijk stellen alstublieft. Mevrouw Dirks: Oh, ja, nee, ik heb als het goed is twee vragen, misschien komen er wat A en B’tjes tussendoor, maar ik ga van twee jaar uit. Ja, dank u wel voorzitter. Ik heb de stukken gelezen. Op zich zijn wij natuurlijk als GroenLinks best wel blij dat het om een redelijke hoogbouw gaat zodat er niet zo heel veel groen extra weer verloren gaat in Ridderkerk.
Daarnaast vind ik het ook fijn om te horen dat er ook geluisterd is naar omwonenden met uitzichtbelemmering, dat er dus een halve etage al is gezakt. Maar er zijn inderdaad nog steeds opmerkingen van omwonenden dat zij dus last gaan krijgen van lichtinval, van uitzichtbelemmering. Daar zit inderdaad geen regels, geen wet op, maar ja, zoals mevrouw die net inspraak had al vertelde: misschien is het inderdaad handig om daar iets voor te zetten, dus voor het gebouw. Wat niet hoger wordt dan het gebouw weliswaar zodat er niet nog meer zon wordt ingenomen. Daarop mijn vraag: wordt het groen wat nu op de plek staat, wordt dat nog ergens gecompenseerd? En zo ja, misschien een suggestie om dat inderdaad dus daarmee op te lossen. Mijn tweede vraag is dat in het stuk, in het ontwikkelingsplan, gaat het over onder andere wet geluidshinder. Het titel van het stukje luidt: aan de wet geluidshinder wordt voldaan. Vervolgens worden allemaal acties genoemd waar we geluidshinder kunnen voorkomen, en eigenlijk kunnen geen van die acties genomen worden. Dus klopt nu mijn conclusie dat het eigenlijk helemaal geen goeie locatie is voor het pand omdat we niet aan de geluidshinder kunnen voldoen aan de grens, tenzij we een beetje gaan sjoemelen met de geluidshindernorm? Dat is mijn vraag, waren mijn vragen. Dank u wel. Pagina 7 van 33
De voorzitter: Wethouder Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja voorzitter, de laatste opmerking die pak ik als eerste maar even beet. Dit is geen sjoemelproject, ook geen boemelproject, het is een project waar flink tempo zit. Maar de methodiek als zodanig, en ik denk dat u hem ook zo zou kunnen of zou moeten willen lezen, is dat in beginsel de norm geldt. Dat vervolgens zeg maar bezien wordt of je daar waar er een overschrijding van die norm is, weer terug naar die norm kunt komen. U heeft in het stuk ook kunnen lezen dat er bijvoorbeeld een positieve invloed uitgaat van het type asfalt wat aan de orde is, en dat vervolgens een aantal parameters zijn benoemd van, en ook bezien van: kun je de snelheid omlaag brengen, kun je dit doen, kun je dat doen, enzovoort, enzovoort. Als dat lijstje afgewerkt wordt en daar staat in plaats van een groen vinkje een rood kruisje, dan heb je dus daarmee een positie om een besluit hogere grenswaarden te passen. Dat is de methodiek die er achter zit. Want op het moment dat je zeg maar een aantal zaken wel zou kunnen doen, ja, dan zou je die ook moeten doen als die redelijkerwijs zouden kunnen worden gevraagd. Dat kan op een aantal parameters niet en daardoor komt het uiteindelijk ook uit dat je daar dan een besluit hogere grenswaarden op zou kunnen nemen of moeten nemen per sé. Tweede opmerking is groen.
Ik denk dat ik het niet voor het eerst hoor dat de GroenLinks-fractie pleit voor wat meer hoogbouw zodat inderdaad er ook aan de footprint-kant een aantal zaken ook bespaard kunnen blijven, dus daarmee kan ik de opmerking ook plaatsen dat dit project op die manier tot de verbeelding spreekt. U heeft in het plan ook kunnen lezen dat er aan de ene kant wat groen verdwijnt in de private tuin van het huidige project, en dat we tegelijkertijd ook, u zou dat compenseren kunnen noemen, ook weer groen terugkomt. Er wordt verwezen naar een te beplanten groenstrook aan de kant van de Burgemeester de Zeeuwstraat, er is verwezen naar de binnentuin waar ook klimaatadaptief een aantal maatregelen doorgevoerd worden. Er is ook opgenomen dat er aan de kant van de gevel hedera aan de orde gaat zijn. Of er wellicht ook nog aan de kant van de Adriaan van Ostadestraat, want daar doelt u dan volgens mij op, ook nog groen van een relevante hoogte geplaatst zou kunnen worden, ja, dan wil ik graag even verwijzen naar de heer Amesz. Ik weet ook niet of daar de ruimte exact zeg maar dan ook wel aanwezig is, want als je iets neerzet is mijn waarneming vaak dat een boom, want daar heb je het dan over, ook wel een bepaalde omvang heeft en of het daarmee misschien weer niet juist te dicht op een pand komt. Of het überhaupt kan, dat kan ik niet helemaal overzien.
Wellicht kan de heer Amesz daarop een nadere duiding van geven, voorzitter. De voorzitter: De heer Amesz. De heer Amesz: Ja voorzitter. Ik heb begrepen van de ontwikkelende partij dat ze mogelijk overwegen, de suggestie ook hebben gedaan om eventueel ook bomen te planten aan de Adriaan van Ostadestraat, maar zoals de wethouder ook aangaf: dat is allemaal afhankelijk van de afstanden maar ook de wortelgroei en de hoogte van de bomen en of het ook niet te dicht op de huidige en toekomstige bebouwing komt te staan. Dus het is een serieuze overweging waard, het moet bezien worden of het ook daadwerkelijk uitvoerbaar is. Tot zover. De voorzitter: Mevrouw Dirks, GroenLinks. Hebt u nog vragen? Mevrouw Dirks: Ja, om op dat laatste nog heel kort terug te komen: er zijn natuurlijk ook heel veel verschillende bomen die breed en smal kunnen worden, dus ik denk dat daar best wel een oplossing te vinden is. Aan de hand van de wet geluidshinder schoot mij net nog een vraag te binnen, maar daar kan ik nu even niet meer op komen.
Pagina 8 van 33
De voorzitter: Nou, u kunt het later eventueel nog bij dit agendapunt de vraag stellen. Wij hebben nog twee andere vragenstellers, dus mocht hij nog omhoog komen dan kunt u daar later nog even op terugkomen. Mevrouw Dirks: Ja, dank u wel. De voorzitter: Dan gaan we naar de vragen van het CDA, mijnheer Mijnders, hoeveel vragen heeft u? En maximaal drie stellen, alstublieft. De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter. Ik heb er dit keer maar één. Dat scheelt ook weer voor de wethouder. Het gaat over het zelfbewoningsplicht en de antispeculatiebeding. Ik zit een beetje na te denken: ik zie in verschillende gemeentes dat ze zo’n, bij zo’n zelfbewoningsplicht noemen ze drie jaar bijvoorbeeld, of twee jaar of vier jaar. Ik zie hier geen jaartallen bij genoemd. Kan de wethouder eens aangeven: hoe zit het in dit geval? Als je dan zo’n woning koopt en je hebt een zelfbewoningsplicht, een antispeculatiebeding. In het meest slechte geval, dus als iemand echt zou willen doorverkopen: hoe snel zou dat dan kunnen? Die vraag is puur uit interesse. Dank u wel. De voorzitter: Wethouder Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja, ik ga proberen het juiste antwoord te geven maar ik ben ook niet helemaal zeker dat ik het juiste antwoord geef, maar dat ga ik dan wel eventjes horen via de heer Amesz.
Zelfbewoningsplicht die is volgens mij inderdaad niet gekoppeld aan een aantal jaren maar geldt gewoon als zodanig. Die is volgens mij niet begrensd in het aantal jaren. Maar de reden dat het niet in het aantal jaren is begrensd daar ben ik eventjes overvraagd, en daar wil ik toch graag de heer Amesz even over horen. Het antispeculatiebeding, ik denk dat het partijen op zich vrij staat om weer snel een huis te verkopen, ik bedoel, door wat voor omstandigheden dan ook, alleen de methodiek van het antispeculatiebeding is dat de eerste jaren de meerwaarde die je bij verkoop realiseert niet gewoon gecasht kan worden door degene die feitelijk verkoopt. Dus dat is niet zozeer aan de termijn van verkoop gekoppeld aan de winst die je zeg maar maakt bij de verkoop. Zeker daar waar het zeg maar die voor goedkope woningen, goedkopere woningen betreft, want het blijft nog steeds een respectabele som geld, is dat natuurlijk te meer aan de orde. Omdat die, als je kijkt naar wat mensen ervoor gaan betalen versus van wat die feitelijk in de markt waard zou zijn, wel een hele goeie deal sluiten maar daar doen we het dan ook voor met elkaar, om mensen die goede start ook te kunnen geven. Voor zover, voorzitter. De voorzitter: Ja. De heer Amesz nog ter aanvulling, wethouder Oosterwijk? De heer Amesz: Ja, ik heb een aanvulling.
In de tussentijd heb ik snel even opgezocht: voor het zelfbewoningsplicht geldt een termijn van vijf jaar, de zogenaamde staffelmethodiek. Dus als iemand na één jaar toch overweegt om de woning te verkopen, nou heb ik net de mail weggedrukt, is het 100 procent van de winst voor de ontwikkelaar en dat loopt af. Na vijf jaar kan iemand zijn eigen woning verkopen en dan is 100 procent winst, maar het kan ook verlies zijn, voor rekening van de eigenaar. Dus dan loopt het af van 100, 80, 60, 40 en 20, dus dat is gekoppeld zelfbewoningsplicht met een duur van vijf jaar. De heer Oosterwijk: Ik denk dat daar de antispeculatie bedoeld wordt, maar … De heer Amesz: Sorry, even kijken, ja … Antispeculatiebeding is dat, correct. Over zelfbewoningsplicht zie ik, is er waarschijnlijk niks over opgenomen. Nee, betreft antispeculatiebeding.
Pagina 9 van 33
De voorzitter: Mijnders, CDA, wilt u daarop reageren? Dan gaan we naar de vraag van de ChristenUnie, de heer Kooijman. De heer Kooijman: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ik had één vraag maar naar aanleiding van de inspreekbijdrage toch nog een klein extraatje erbij. Mijn oorspronkelijke vraag die ging over het parkeerterrein dat er nu naast ligt. Daar hebben we in de commissie volgens mij al een keertje eerder ook vragen over gesteld, dat maakt geen onderdeel uit van het plan van de projectontwikkelaar. Dat is gewoon bestaande grond vanuit de gemeente, zeg maar. We waren benieuwd of daar, ook vanuit de gemeente als er dan toch gewerkt wordt, ook gelijk nagedacht wordt over dat daar bijvoorbeeld meer klimaatadaptief in te richten met waterdoorlatende bestrating, bijvoorbeeld. Dus die vraag zou ik nog een keertje hier willen neerleggen. Naar aanleiding van de inspreekbijdrage van mevrouw … Over dat notariskantoor wat dan verkocht zou zijn. Stel dat daar een andere ondernemer komt en die koop dat, maar die heeft een andere parkeerbehoefte. Ik weet dat dat met allerlei normen te maken heeft natuurlijk.
Maar hoe moet zo iemand dat dan vergelijken met de bestaande situatie, terwijl we tegelijkertijd ook bezig zijn met een nieuw plan, een toekomstig plan zeg maar? Dus ik maak mij even zorgen dat … Zou het kunnen zijn dat er twee plannen tegelijkertijd los van mekaar wordt bekeken en beoordeeld, terwijl ze uiteindelijk in de praktijk gezamenlijk tot een extra parkeerbehoefte leiden die niet meegenomen is in de berekening? Ik hoop dat de wethouder mijn vraag een beetje snapt. De voorzitter: Wethouder Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja, ik denk dat ik de vraag heel goed begrijp. Nou het antwoord nog, hè? Het nieuws dat de locatie vervreemd zou zijn aan de partij zoals die ook door de inspreekster is genoemd is voor mij ook nieuw. Is ook hele verse informatie naar ik vernomen heb dus daar heb ik geen weet van gehad. Volgens mij is de methodiek redelijk eenvoudig: op het moment dat het toekomstig gebruik van de locatie past binnen het bestemmingsplan is er ook geen positie van de gemeente om daar iets van te vinden aanvullend of niet, dus dat is één. Daarbij heb ik overigens wel ook de aanname dat het ook gewoon past binnen het bestemmingsplan met zoveel woorden, temeer ook omdat ik begreep dat er ook al een overeenkomstgebruik op deze, op de huidige manier aan de orde is.
Dit plan wat nu voorligt dat is het plan wat natuurlijk op z’n eigen merites beoordeeld wordt en daarbij ook de noodzaak heeft gebracht om een beperkt aantal parkeerplaatsen in die openbare ruimte ook extra toe te voegen om het rekensommetje qua parkeren ook rond te maken. Ik denk dat dat nu niet aan de orde is om daar zeg maar nu ineens een hele stap terug op te gaan maken omdat er kennelijk gebruikers van het naastgelegen pand met wellicht een andere consequentie. Ik zou mij wel kunnen voorstellen dat op het moment dat dat feitelijk gebruik daar ter plaatse voor een oneigenlijke parkeerdruk in de omgeving zorgt, dat we dan met elkaar eens even die koe op dat moment bij de horens vatten om te bezien of er in de openbare ruimte wellicht alsnog meer parkeerruimte gevonden moet gaan worden. Maar daar zou ik ook tegelijkertijd niet op vooruit willen lopen omdat ik de consequenties ook nog helemaal niet scherp heb. Die zullen ook in de praktijk denk ik wel moeten blijken. De andere opmerking was of het naastgelegen parkeerterrein in de openbare ruimte gelijk, ik noem het maar eventjes middels werk met werk maken, meegenomen zou kunnen worden en klimaatadaptiever zou kunnen worden ingericht. Mij is geen informatie bekend dat die plekken in de openbare ruimte nu op dit moment beetgepakt gaan worden en daarmee op een andere manier worden vormgegeven.
Ik weet wel dat dit plan wat nu voorligt ook weer aansluit op een toekomstige aanpak van de Rembrandtweg fase 2 waar ook in de toekomst, nabije toekomst toe denk ik, de nodige dingen gaan gebeuren. Ik zou me kunnen voorstellen, maar dat is dus echt een soort aanname die ik gewoon echt niet hard kan maken op dit moment, dat na die aanpak daar het hele gebied wel eens eventjes beetgepakt wordt omdat er ongetwijfeld ook de nodige degeneratie dan plaats zal vinden als gevolg van sloop en bouw enzovoorts. Dus mijn voorstel zou vooral zijn dat u daar ook even de komende tijd Pagina 10 van 33
lekker scherp op blijft om te kijken of daar dan de aanleiding toe is, en op dat moment denk ik dan ook even de vinger omhoog steekt om daarbij de desbetreffende portefeuillehouder nog eens eventjes de aandacht voor te vragen. De voorzitter: Mijnheer Kooijman, ChristenUnie, wilt u daar nog op reageren? De heer Kooijman: Ja, ik kan natuurlijk niet op de muziek vooruit lopen. De wethouder weet wel waar hij over een jaar, of dat hij in ieder geval niet meer bij de gemeente hier waarschijnlijk aanwezig is, en ik weet het nog niet. Maar goed, we zullen het zien en we zullen als fractie het in ieder geval in de gaten blijven houden. Dank u. De voorzitter: Zijn er verder nog vragen vanuit de commissie? Mevrouw Dirks, weet u de vraag weer? Mevrouw Dirks: Ja, ik weet hem weer, voorzitter. Ja, ik had nog een vraag naar aanleiding van de vraag wet geluidshinder. Dat ging erover dat er dus nu gekeken is naar acties die kunnen genomen worden om geluidshinder te beperken, waaronder asfalt was wel een oplossing maar dat, ja, leverde maar een oplossing van 2dB op. Ja, nee, elke dB is (niet verstaanbaar). Ik zie de voorzitter, of de wethouder een beetje knikken. Maar nu is mijn vraag: waar dient eigenlijk een geluidsnorm nou voor? Stel dat aan geen van de acties kan worden voldaan dan wordt de geluidsnorm verhoogd.
Wat was dan de functie van überhaupt de geluidsnorm? De voorzitter: Wethouder Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja, nou wordt het wel een beetje ingewikkeld voor deze wethouder die dit ook niet in zijn portefeuille heeft. Ik heb wel zoveel van de materie begrepen zoals ik hem nu zojuist ook geschetst heb. Volgens mij is deze methodiek, want dat kan ik denk ik wel gewoon zo aangeven, ook gewoon verankerd in ons actieplan geluid en alles wat daarmee samenhangt. Daarmee is het ook gewoon een kaderstellend element waar we op die manier in het Ridderkerkse gewoon gebruik van maken als zijnde de beleidslijn. Dat het tegelijkertijd ook niet vrijblijvende ambitie in zit in de sfeer van dat wij een aantal elementen en parameters langs moeten lopen om uiteindelijk dan tot het last-resort te kunnen komen, namelijk in besluit hogere grenswaarden toe te passen, dat is volgens mij duidelijk. Mooier dan dat kan ik het ook niet maken. We weten met elkaar ook dat in een, ik noem het maar even druk dorp waarbij bouwen en verkeer en dergelijken relatief op elkaar, dicht op elkaar zitten, dat dat een klein beetje wel de werkelijkheid is waar we mee te dealen hebben. De voorzitter: Duidelijk. Mevrouw Dirks, GroenLinks, wilt u daarop reageren? Mevrouw Dirks: Ja, nee, duidelijk. Het wordt dus meer gezien als een leidraad denk ik, dat ik dat meer zo kan begrijpen. Dank u wel.
De voorzitter: Zijn er verder nog vragen vanuit de commissie? Inzet is ter debat. Kan de commissie zich daar nog in vinden? Daarmee kijk ik ook naar de heer Soffree. Ja. Dan vraag ik gelijk aan de heer Soffree wat hij ongeveer als eerste termijn denkt nodig te hebben, en misschien ook het onderwerp van debat aangezien niet iedereen hem ter debat wil. De heer Soffree: Nee, zal een stemverklaring worden. Twee, hooguit drie minuten. De voorzitter: Oké. Mevrouw van Nes-De Man? U …
Pagina 11 van 33
Mevrouw van Nes-De Man: Het mag ter vaststelling. De voorzitter: Ja. Maar hij gaat ter debat aangezien de heer Soffree dat heeft aangegeven. Volgens mij is de heer Soffree de enige die ik tot nu toe van het eerste termijn gebruik wil maken. Ik zie verder geen handjes. Dus eerste termijn drie minuten, totale behandeltijd … Totale behandeltijd vijf minuten. Kan de commissie zich daarin vinden? Ik zie ja geknikt, top, dan gaat hij voor vijf minuten ter debat naar de raad. 5.
Nota richtlijnen grondprijzen gemeente Ridderkerk 2022 De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt vijf, nota richtlijnen grondprijzen gemeente Ridderkerk 2022. Aangeschoven hiervoor zijn wethouder … Aanwezig hiervoor zijn wethouder Oosterwijk en de heer Eeninkwinkel. De inzet is ter vaststelling, kan de commissie zich daarin vinden? Ik zie ja geknikt. Dan geef ik het woord aan wethouder Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja, voorzitter, daar ben ik. De nota richtlijnen grondprijzen 2022 heeft in ieder geval als wijziging dat 2022 is gewijzigd ten opzichte van 2021, maar daar blijft het dan zo ongeveer wel mee. Los van het feit dat er een paar ontwikkelingen in de markt wat nader zijn geduid is de methodiek onveranderd en zijn de grondprijzen ongewijzigd en is in die zin het stuk voor een heel groot gedeelte herkenbaar, als u het stuk ook vorig jaar al gelezen heeft en behandeld heeft. Tegelijkertijd is het wel ook gewoon weer een belangrijk document omdat het daarmee de kaderstelling is om uiteindelijk grondtransacties te kunnen aangaan en dat is in deze periode natuurlijk wel enorm van belang. Maar daar kan ik het dan ook bij laten, bij de intro, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er vragen vanuit de commissie? Graag uw digitale handje. Ik zie alleen een vraag van de heer Soffree, Partij van de Arbeid. U kunt uw vragen stellen. De heer Soffree: Dank u wel voorzitter.
Ik dacht dat er toch wel een verandering in zat, of niet? Even kijken hoor. Want er is nu bepaald dat bij de verkoop van sociale huurwoningen dat een overwinst gedeeld zal worden met de gemeente. Wat ik me afvroeg is: is die nieuwe regel afgesproken, besproken met Wooncompas en andere sociale verhuurders? De heer Piena: Voorzitter, zit mijnheer Soffree niet bij een verkeerd punt? De voorzitter: We zijn, mijnheer Soffree, we zitten nu bij de nota richtlijnen grondprijzen gemeente Ridderkerk. Heeft u daar informatie uit die stukken? De heer Soffree: Ja, goed, sorry hoor. Het kan zijn dat het bij het volgende punt hoort maar dan is dat met een onbedoelde beweging op een andere plek gekomen. De voorzitter: Duidelijk. Maar dan (niet verstaanbaar). De heer Soffree: Maar dan komen we er straks op. Ik heb nog wel een vraag en dat is: de nieuwe bedragen voor de grondprijzen, hoe verhouden zich die tot de prijzen bij omliggende gemeentes? De voorzitter: Wethouder Oosterwijk.
Pagina 12 van 33
De heer Oosterwijk: Ja, voorzitter, daar heb ik niet zomaar een overzicht van in mijn hoofd zitten, maar kan me wel voorstellen dat de heer Eeninkwinkel senior in alle opzichten op dit terrein en daar wel een bepaald beeld bij heeft, wat wellicht ook voor de heer Soffree voldoende zou kunnen zijn om dit te krijgen. De voorzitter: De heer Eeninkwinkel. De heer Eeninkwinkel: Ja, dank u wel voorzitter. De prijzen voor sociale woningbouw dat is een ondergrens dus dat is geen echte prijs maar dat is een prijs die we als ondergrens hanteren. Die zijn gebaseerd op prijzen in de omgeving en dat is een beetje een gemiddelde. Dat wil zeggen dat wij op de lijn ongeveer zitten van Schiedam, maar Capelle aan den IJssel die rekent bijvoorbeeld voor allebei de categorieën 25.000 euro per woning, dus zowel appartementen als grondgebonden woningen. Dat is vrij hoog. Schiedam zit wat lager en wij zitten daar een beetje tussenin. De voorzitter: De heer Soffree, is uw vraag zo duidelijk … De heer Soffree: Ja, dank u wel. Ja, kan de wet… Nou, even kijken hoor. Ja, het komt straks. Dank u wel. De voorzitter: Zijn er verder nog vragen vanuit de commissie? De insteek was ter vaststelling naar de raad. Kan u zich daar nog steeds in vinden? Ja. Dan gaat deze ter vaststelling naar de raad. 6.
Verordening sociale huur en middeldure huur gemeente Ridderkerk 2022 De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt zes: verordening sociale huur en gemiddelde huur gemeente Ridderkerk 2022. Aanwezig hiervoor zijn wethouder Oosterwijk en mevrouw De Jonge. De inzet is ter vaststelling naar de raad. Ik zie mevrouw van Nes-de Man met haar handje omhoog. Is dat voor een vraag of wilt u het ter debat? Mevrouw van Nes-De Man: Nee, dat is voor een vraag. Ik denk dat die wel ter vaststelling kan. De voorzitter: Ja. Is dit een … Dus mijn vraag: de inzet is ter vaststelling naar de raad kan de commissie zich daarin vinden? Ja, ik heb het gevoel dat er … Oh, de heer Soffree. De heer Soffree: Ja, ik wil daar toch een stemverklaring bij leveren, voorzitter. De voorzitter: Dan behandelen we het nu even als ter vaststelling, en dan kunnen we als eind nog ter debat doen, dan kan iedereen … Dan hebben we gewoon meningsvorming en dan is dat net wat makkelijker. Bent u daarmee akkoord, mijnheer Soffree? De heer Soffree: Ik versta u niet goed, voorzitter. De voorzitter: Dan gaan we hem, doen we even voor nu ter vaststelling en we zetten hem aan het eind ter debat. Dan kunnen gewoon alle vragen gesteld worden en dan kunt u gewoon een korte bijdrage doen in de raad. De heer Soffree: Oké. De voorzitter: Dan bij deze de vraag: zijn er vragen vanuit de … Oh, sorry.
Eerst het woord aan wethouder Oosterwijk. Pagina 13 van 33
De heer Oosterwijk: Ja voorzitter, om kort te gaan. Deze verordening die vloeit voort, want die is ook al aangekondigd uit de woonvisie vanuit de uitvoeringsagenda. Die is bedoeld om, je zou kunnen zeggen, de bereikbaarheid van de namen de middenhuur categorie en om de betaalbaarheid ervan ook te borgen door te zeggen: nou, moet je eens luisteren, als je die woningen uiteindelijk wilt toewijzen en mensen dan heeft het ook te maken met het inkomen wat die mensen verdienen waardoor daar ook op die manier, ik zeg maar eventjes de juiste mensen in de juiste woningen terechtkomen. Het gaat er ook om dat deze woningen, want we hebben het over een nieuwbouwproject of vernieuwbouwprojecten ook behouden blijven voor een bepaalde periode voor deze, voor dit segment. Dat is ook een relevantie. Er is ook het nodige opgenomen ten opzichte van de mate waarin de huren die dan voor deze categorie gelden per jaar zouden mogen stijgen. Dat heeft ook te maken met natuurlijk die blijvende bereikbaarheid van die woningen. In de regio zijn woningcorporaties er ook al wat langer mee bezig, ook in het kader van het samenwerkingsverband wonen Rotterdam Rijnmond waar we met elkaar daar ook het goede gesprek over hebben gevoerd. Dit gaat alleen ook niet alleen over middeldure huurwoningen die bij corporaties zitten, die niet tot de DAEB-voorraad behorend maar ook voor de commerciële huurmarkt.
Er zijn nu al reeds aanwijzingen, ook in de Rotterdamse regio, dat het op deze manier beetpakken van deze categorie woningen ook leidt, voorzichtig maar toch, tot een bepaalde doorstroming vanuit de sociale corporatiesector naar deze middenhuur omdat er gewoon simpelweg beter gekeken wordt naar: wie moet in deze categorisering van woningen landen? Ik ben blij dat mevrouw De Jonge in ons midden is want mevrouw Blankendaal, beleidsmedewerker wonen, die heeft met grote spijt maar zo gaat dat wel soms, afscheid van onze organisatie genomen. Die heeft een mooie andere baan gevonden. Ik ben blij dat mevrouw De Jonge, die normaliter de wethouder van Barendrecht bedient, in ons midden is om alle ingewikkelde vragen toch van een goed antwoord te kunnen voorzien. De voorzitter: Dank u wel. Ik heb zo’n gevoel dat er vragen zijn. Zijn er vragen vanuit de commissie? Dan graag uw digitale handje. Dan noem ik even de vraagstellers en daarna kunt u uw handje laten zakken. Een moment. Mevrouw van Nes-De Man, Burger op 1, de heer Soffree, Partij van de Arbeid, en de heer Kooijman van de ChristenUnie. Dan starten we met de vraag van mevrouw van Nes-De Man van Burger op 1. Mevrouw van Nes-De Man: Dank u voorzitter. De verordening sociale huur middenhuur, oh, sorry, dat had ik boven de vraag geschreven.
Heeft Wooncompas alle drie deze categorieën in de verhuur? Mijn volgende vraag is dan: kan na renovatie of nieuwbouw van woningen, zoals het ook gebeurd is in het centrum van Ridderkerk, opeens als er categorie één-woningen stonden blijkt dat na renovatie of nieuwbouw die woningen categorie twee of zelfs categorie drie worden? Welke andere corporaties of wat ook verhuren eventueel woningen categorie twee en drie, als die niet bij Wooncompas zitten? De voorzitter: Wethouder Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja voorzitter. Als ik het even goed begrepen heb, en anders hoor ik het wel of ik het verkeerd begreep, dan even de volgende reactie. De vraag van mevrouw Nes-De Man ging er volgens mij over dat als er op enig moment een bepaalde woningvoorraad is in de specifieke straat en daar wordt uiteindelijk gesloopt en nieuw gebouwd, of vernieuwbouwd, kan dat dan betekenen dat daar binnen de segmenten van de DAEB-voorraad zeg maar duurder geprijsde woningen in terugkomen? Die nog steeds wel als sociale corporatievoorraad worden aangemerkt. Het antwoord daarop is simpelweg ja, dat kan. Dat kan te maken hebben met de oppervlakte die groter wordt of op een bepaalde manier de voorzieningen die eraan verbonden zijn, enzovoort, enzovoort.
Het swap portefeuillebeleid van Wooncompas in dit geval om natuurlijk de goede verdeling te hebben en te houden of te krijgen van, ik zeg maar even, de goedkoopste deel van de sociale corporatievoorraad versus die andere twee elementen daarvan. Dat is portefeuillestrategie als
Pagina 14 van 33
zodanig, en daarbij kijkt men natuurlijk ook van: waar zit de vraag, waar zit de behoefte? Als het gaat om welke andere corporaties in Ridderkerk hebben dan bepaalde delen van die sociale corporatievoorraad in zich? Ja, we hebben eigenlijk nog drie andere cate… Nog drie andere corporaties in Ridderkerk actief. Dat is woningbouwvereniging Bolnes, we hebben woningbouwvereniging Slikkeveer, samenwerking, en er is ook nog een klein bezit van Vestia in onze gemeente aan de orde. Ik heb er echt geen beeld bij hoe die opbouw bij die corporaties is qua huurprijs in relatie tot de drie segmenten van de sociale corporatievoorraad. Ik kan mij voorstellen dat dat in een jaarverslag van de verschillende corporaties is opgenomen. Ik ben best bereid om daar eventjes navraag op te doen, in ieder geval richting de drie traditionele Ridderkerkse corporaties, om daar even wat beeld bij te krijgen. Dus die toezegging wil ik wel doen om daar eventjes achteraan te gaan. Vestia ben ik net zo bereid om die vraag daar te stellen, alleen het ene bastion is wat makkelijker te nemen om je informatie te verkrijgen dan een ander, zeg ik maar even simpel. Dus met uw permissie concentreer ik me dan eventjes op de drie Ridderkerkse corporaties. Als het gaat om: heeft Wooncompas ook nog middeldure huurwoningen in haar portefeuille zitten? Daar is het antwoord op: ja, dat klopt. Dat is de niet-DAEB voorraad.
Op zich zou een idee zijn bij Wooncompas om daar waar zich daar mogelijkheden voor voordoen, die nietDAEB voorraad ook te vervreemden middels koop, of verkoop moet ik dat dan noemen. Maar daar is geen vaste agenda voor van: in de komende jaren gaat dat zoveel woningen betreffen. Dat moeten we met elkaar ook een beetje meemaken en zien. We zijn er natuurlijk met elkaar ook op gericht, en dat is ook de portefeuillestrategie van Wooncompas om daar geen grote ontwikkelingen in enig jaar te laten plaatsvinden. Want dat gaat er ook om dat je mensen natuurlijk niet zomaar uit een woning kan zetten en moet willen zetten en dat gaat ook niet gebeuren daar waar ze ook gewoon nog de komende jaren fijn huren bij Wooncompas voor die woningen. Zo heb ik volgens mij de vraag beetgepakt, voorzitter. Mevrouw van Nes-De Man: Ja … De voorzitter: Mevrouw van Nes . Wilt u daarop reageren? Mevrouw van Nes-De Man: Dank, dank voor de antwoorden. Het is zelfs met de toezegging dat u even naar kijkt wat er bij andere woningbouwcorporaties zit, meer dan ik afhankelijk in mijn vraag weggelegd had. Maar als het een kleine moeite is, is dat bijzonder prettig. Dank daarvoor.
Heeft Wooncompas ook het hoge segment huurwoningen in zijn pakket? En blijft het lage segment, dus ja, wat ook wel categorie één genoemd wordt, blijft dat nou in stand in Ridderkerk? Of verandert dat naarmate men door nieuwbouwrenovatie, wat u net al aangaf, extra voorzieningen toch in een wat duurder segment vervalt? Dus blijft het wel een aantal sociale huurwoningen in categorie één, blijft dat op niveau? De voorzitter: Wethouder Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Voorzitter, daar kan ik nu zo even niet een passend antwoord op geven. Dat heeft ook met het meerjarige strategie van Wooncompas te maken. Er zijn de nodige variabelen die daar een rol bij spelen. Gaat er ook om: wat is de vraag in een specifiek segment? Ja, dan wel nee. Ik weet niet of u die vraag ook wel eens eerder gesteld werd bij de jaarlijkse sessie die u als gemeenteraad ook heeft bij Wooncompas. Ik weet niet of u er de laatste keer ook was, maar dit zijn wel typisch vragen die daar helemaal op zijn plek zijn om daar eens het goede gesprek over te voeren. Want dan kan het verdergaan dan alleen het verkrijgen van een antwoord, maar dan kunt u ook eens even doorvragen richting Wooncompas: waarom dan? En hoe dan? En wanneer dan? Enzovoorts. Dus ik zou eigenlijk de vraag zo willen beantwoorden: ik ben net even wat ruimhartig geweest om een aantal dingen op te zoeken.
En als u deze vraag nu zelf even op uw schouder neemt om met Woonkompas te bespreken, op het juiste moment, dan hebben we volgens mij een goede balans gevonden in deze beantwoording. Pagina 15 van 33
De voorzitter: Duidelijk. Mevrouw Van Nes, dit zijn de vragen? Mevrouw Van Nes-de Man: Of ik het nou echt goed vind, maar ik vind hem wel creatief. Ik ga het proberen. Kom ik er niet uit, kom ik bij u terug. De voorzitter: Ongetwijfeld. Dan gaan we naar de vraag van de Partij van de Arbeid. De heer Soffree, de vraag die u net al stelde. De heer Soffree: Ja, dank u wel, voorzitter. Hoe heet het. Goed, er staat dus in de verordening dat sociale huurwoningen die door corporaties worden verkocht, dat de overwinst daarvan dat die gedeeld wordt met de gemeente. Is hier vooraf overleg met Woonkompas over geweest? En met andere sociale verhuurders? En wat was hun reactie daarop? En wat vinden ze daarvan? Heeft dat consequenties voor de relatie met de sociale verhuurders? Even kijken, hoor. Kan de wethouder ook toelichten waarom het groot prijzenbeleid … Even kijken, hoor, ik zit verkeerd. Er is in de verordening niet aangegeven dat er een relatie is met de Nota grondprijzen. Kan de wethouder uitleggen hoe dat precies zit? Grondprijzen kunnen toch ook immers een sturingsmogelijkheid zijn. En ja, goed, u heeft er al wat van gezegd. Ik begrijp dat, wat kunnen we voor effecten van deze verordening verwachten? Ik begrijp daaruit van dat de eerste geluiden goed zijn. Als we om ons heen kijken naar de situaties waarin dit al wordt toegepast. We wachten het af en we gaan zien wat dat wordt.
Dat was het. De voorzitter: Wethouder Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Voorzitter, ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat de heer Soffree een aantal opmerkingen maakt die juist bij het vorige onderwerp aan de orde zouden hebben moeten kunnen komen. Ja, ik ga daar niet over, maar dit heeft weinig te maken met grondprijzen, deze verordening. Dat zat vooral bij het vorige onderwerp. En daar waar de heer Soffree -goed, laat ik er dan maar zo even op reageren- nog even behoefte heeft om die vragen die hij heeft toch even beantwoord te krijgen, weet u even welkom. Stuur even een mailtje, dan doen we het op die manier. Want dan hoeven we ook niet weer terug te grijpen op het vorige. Dan even als het gaat om de werking van deze verordening. Ja, wij moeten het nog gaan meemaken, natuurlijk. Want de verordening moet hier nog worden vastgesteld. Tegelijkertijd worden verankerd in de bestemmingsplannen, de omgevingsplannen, enzovoort. Om er uiteindelijk ook mee aan de slag te kunnen gaan. Maar je ziet in de regio een aantal gemeenten die natuurlijk ook al zo’n verordening hebben. Barendrecht, Albrandswaard, Maassluis volgens mij, Schiedam. Dat daar je zou kunnen zeggen het borgen van de prijsstelling en de prijsstijging die zou kunnen zijn -en die anders ongebreideld door zou kunnen gaan- als zodanig al een goed effect heeft.
Want u kunt zich voorstellen, als je vanuit een sociale corporatiewoning bijvoorbeeld zou willen doorstromen naar een middeldure huurwoning, die ook wel bereikbaar moet blijven. Het is al een ingewikkelde stap. En zeker als die, een categorie onder je ogen zeg maar steeds verder van je weg dobbert. Dus dat element dat zien we in ieder geval in beperkte mate al zich voordoen. En het feit dat er ook bij de toewijzing van die woningen goed gekeken wordt: wat is nou het inkomen van iemand? Dat betekent, als je hem gewoon even afpelt, natuurlijk ook dat er minder mensen in aanmerking komen voor zo’n woning. Wat als zodanig de slaagkans voor degenen die er op basis van hun inkomen recht op zouden moeten hebben, natuurlijk ook weer groter wordt. Dus dat principe en die elementen zitten in deze verordening opgesloten. En daarmee geven we wat sturing aan de woningmarkt als zodanig. En ik denk dat dat zeker nu een element is wat op zijn plaats is. Voorzitter, volgens mij heb ik zo vrij ruimhartig beantwoording gegeven. De voorzitter: De heer Soffree, Partij van de Arbeid?
Pagina 16 van 33
De heer Soffree: We laten het hierbij, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dan gaan we naar de vraag van de heer Kooijman, ChristenUnie. De heer Kooijman: Ja, dank u wel. Ja, bedankt voor de beantwoording van de vragen die ik al schriftelijk heb ingediend. Daar heb ik nog wel een vervolgvraag over. Want of ik begrijp het antwoord niet helemaal goed, of ik heb de vraag niet goed gesteld. Bij beide houd ik in ieder geval de eer bij mezelf. En dan ga ik het proberen om nu recht te zetten. Mijn vraag ging er namelijk over dat in de inleiding van het raadsvoorstel wordt duidelijk aangegeven dat de Wet ruimtelijke ordening gemeenten mogelijkheid biedt om iets te doen met percentages van categorieën woningen. Je kan categorisering aanbrengen. En daar staat dat dat kan voor de categorieën sociale huur, middeldure huur, sociale koop én particulier opdrachtgeverschap. En de voorwaarde is dat dit in een verordening wordt vastgelegd. En dat snap ik. Nou zie ik hier dat vervolgens de gemeente er nu voor kiest om de categorie sociale huur en middeldure huur in deze verordening vast te leggen.
En ik was eigenlijk even benieuwd van: als we het hebben over dat particulier opdrachtgeverschap -dat is iets anders als wat er nu voorligt- maar als we daar ook gebruik van zouden willen maken, zou dat dan ook in een verordening moeten worden vastgelegd? En zo ja, is dat dan ook in deze verordening? Dus we hebben nu gekozen om iets niet mee te nemen, en had dat dan misschien wel erin thuisgehoord? Of zeg je: nou, daar hoeven we helemaal geen verordening voor, want dat kunnen we altijd nog doen. En dat was mij niet helemaal helder. En na het lezen van het antwoord ook nog steeds niet helemaal helder. De voorzitter: Wethouder Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Nou, voorzitter, laat ik nog even proberen maar aan te geven waarom het antwoord het antwoord is. En dan moet de heer Kooijman maar even concluderen of ik zijn vraag verkeerd begrepen heb. De vraag kwam op ons zo over dat het in eerste instantie ging over particulier opdrachtgeverschap, al of niet collectief. Moet je dat op deze manier per se regelen als zodanig? Nou, voor het toepassen van collectief particulier opdrachtgeverschap hebben we op zich deze verordening niet nodig. Dat kunnen we namelijk ook gewoon doen als er een kavel is, of kavels zijn waarbinnen dat zeg maar op een goeie manier kan worden ingepast. Dan is dat zeg maar als zodanig ook gewoon mogelijk.
De locatie moet er zijn, de omstandigheden moeten er zijn, enzovoorts, enzovoorts. In de Woonvisie staat het in zoveel woorden ook van: ja, je kunt daar bijvoorbeeld ook echt wel in een verordening als dit een plekje aan geven. We hebben daar niet voor gekozen. We hebben er ook niet voor gekozen, omdat we waarnemen dat a. de kans dat zo’n project als zodanig in Ridderkerk zich gaat voordoen op dit moment niet heel erg groot lijkt. En als het zich dan al voordoet, dat het helemaal niet snel gaat over de noodzakelijkheid om daar zeg maar een betaalbaar element aan te verbinden. Want degenen die dat willen, kunnen het zich ook in ruime mate vaak permitteren om te doen. Dus als zodanig is dat voor ons een afweging geweest om dat op deze manier niet hier in deze verordening op te nemen. Dat is even het korte antwoord. De voorzitter: De heer Kooijman, ChristenUnie, is het antwoord zo duidelijk? De heer Kooijman: Een stuk duidelijker, in ieder geval al. Dus dank daarvoor. Ik laat het er voor nu even bij. Ik duik er zelf nog wel dieper in. Maar voor nu bedankt. De voorzitter: Zijn er verder nog vragen vanuit de commissie? Even ter vaststelling, maar de heer Soffree wilde nog graag ter debat voor een korte bijdrage. De heer Soffree, Partij van de Arbeid, hoeveel tijd wilt u voor de eerste termijn?
Pagina 17 van 33
De heer Soffree: Even kijken, hoor. Minimaal twee minuten. De voorzitter: Zijn er nog andere partijen die hier gebruik van willen maken? Dan is de eerste termijn twee minuten, totale behandeltijd vijf minuten, net als het vorige agendapunt. Kan de commissie zich daarin vinden? En gaat hij voor vijf minuten ter debat naar de raad. 7.
Verwijderen hoogspanningsleiding Hendrik-Ido-Ambacht naar Slikkerveer De voorzitter: Dan gaan we naar het volgende agendapunt. Agendapunt 7, Verwijderen hoogspanningsleidingen Hendrik-Ido-Ambacht naar Slikkerveer. Hiervoor aanwezig zijn wethouder Japenga en de heer Van der Linde. De inzet is ter vaststelling naar de raad. Kan de commissie zich daarin vinden? Ja? Dan geef ik het woord aan wethouder Japenga. Mevrouw Van Nes-de Man, ik zag uw hand. Mevrouw Van Nes-de Man: Sorry, ik was al heel snel voor de vraag. De voorzitter: U was heel snel, inderdaad. Wethouder Japenga. De heer Japenga: Ja, dank u wel, voorzitter. In de afgelopen jaren hebben we met het oog op de gezondheid van onze inwoners stappen gezet met betrekking tot de hoogspanningsleidingen. En al in 2015 heeft de raad financiën beschikbaar gesteld om de leiding over Oostendam ondergronds te brengen. Vertraging rond de Wet stroom, onder andere in behandeling in de Eerste Kamer die staakte, heeft ervoor gezorgd dat we inmiddels een paar jaar verder zijn. Voordeel is nu wel dat Stedin heeft besloten de hele leiding te verwijderen. Dat is nog beter. Nog een mooi punt is het financiële voordeel, voorzitter. Dat was het even. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er vragen vanuit de commissie? Ik zie geen handjes. Maar mevrouw Van Nesde Man, u had een vraag, toch? Dan kunt u deze stellen. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja, dank u.