2021-09-30-verslag-commissie-samen-wonen.pdf
Tekst van het document
De heer Oosterwijk: Ja voorzitter, het beheer onderhoud, laat ik het zo zeggen, op het moment dat de locatie wordt ingericht, opgeleverd, dan komt dat simpelweg dan uiteindelijk in het areaal van de gemeente terecht qua beheer en onderhoud en dus dat is denk ik ook een helder antwoord. Ja, als het gaat hoe groot het gebied precies is, mevrouw Van Nes-de Man die heeft een mooie tekening aan kunnen treffen bij het stuk waar ook nog eens een keer schaalverdeling bij zit, dus ik neem aan dat u dat ook zelf heel goed kunt nagaan. De voorzitter: Dank u wel, dan wil ik nu graag het woord geven aan de SGP, de heer Kardol. De heer Kardol: Dank u voorzitter. Ik heb een vraag naar aanleiding van het kaartje, het plangebied. Daar zie je dat er aan de Waalkant verschillende stukjes zichtbaar zijn wat volgens mij grondgebied is van Hendrik IdoAmbacht waarvan dan weer een deel water. En als ik de ruimtelijke plannen raadpleeg is het een stukje niemandsland, dat gaat, in ieder geval mijn vraag is: staat die bestemming, zeg maar de uitvoering van het plan in de weg? De voorzitter: Dank u wel. De heer Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Daar is ambtelijk contact over geweest, staat de uitvoering niet in de weg. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik nu graag het woord geven aan de heer Kooijman ChristenUnie. De heer Kooijman: Ja dank u wel.
Ja in één van de zienswijze werd gesproken over de woningen die langs de dijk staan en die al dan niet haaks zouden moeten staan, ik heb ook het antwoord gelezen van het college en ik heb daarna een aantal foto’s gezien, dat hebben we denk ik allemaal kunnen zien. Ik was even benieuwd Pagina 17 van 36
naar de reactie van de wethouder daarop, van hoe hij dat ziet in het licht van de beantwoording van de eerder gestelde opmerkingen? De voorzitter: Dank u wel. De heer Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja voorzitter, helder. Ik heb het ook gelezen, de wisseling van a: wat in de zienswijzenota is opgenomen en b: de reflectie die daarop is gekomen vanuit een van de personen die daarop een zienswijze op heeft geformuleerd. Ja, het is duidelijk dat er natuurlijk, en dat ga ik ook niet ontkennen, als ik kijk naar de fotorapportage die daar bij zit, dat er ook woningen zijn die precies andersom zijn georiënteerd op de Pruimendijk. Dat neemt echter niet weg dat in beginsel en van origine de profiel van woningen langs de Pruimendijk echt zo zijn zoals er vanuit het college ook in de nieuwe situatie beogen. Want in de loop van de tijd is inderdaad op verschillende plekken het karakteristieke beeld van die dijk daarmee ook gewoon aangetast. En we willen op deze manier gewoon weer terugvallen op hetgeen wat die dijk de dijk maakte, ook als het gaat om de aanpalende bebouwing en vandaar dat wij ook hebben aangegeven dat die langszijdige bebouwing op die manier de meest wenselijke variant is.
Overigens, als je woningen nou precies andersom erop gaat zetten betekent dat natuurlijk ook aan de kant van zichtlijnen dat je een diepere bebouwing krijgt dat als zodanig natuurlijk ook niet persé dan tot een verbetering van de situatie hoeft te leiden. De voorzitter: Daarmee is uw vraag voldoende beantwoord? Ik zie hem knikken. Dan ga ik nu graag het woord geven aan de heer Mijnders, CDA, u had twee vragen. De heer Mijnders: Dank u wel. En ik heb ze beide nog. Ik wil toch net nog even stapelen, toch wel even doorgaan op dat waarom er gekozen is voor dit type woningen, Leefbaar refereerde er al eerder aan. In hoeverre heeft het college in de gesprekken met projectontwikkelaar, met eigenaren, ook kijkend naar onze huidige woonvisie geprobeerd om te kijken van: is er een mogelijkheid om ook een segment goedkoper daar te krijgen? Ik begrijp dat het natuurlijk grond om niet, het moet nog wat aangepast worden, er moet asbest weggehaald worden, maar er zou bijvoorbeeld ook misschien een klein stukje wel voor een paar huizen kunnen gebouwd worden voor iets goedkoper dan wat er nu is.
In hoeverre heeft het college daarover gesprekken gevoerd met de projectontwikkelaar, met de eigenaar? De tweede vraag die ik heb, als het gaat om het bestemmingsplan op pagina 41 en in bijlage 3 gaat het over het saneren van de grond, er is een hoeveelheid koper en ander metaal daar gevonden en ik heb het stukje gelezen over het asbest saneren van daken wel, maar ik kom nergens tegen dat het advies wordt gegeven om de grond te saneren, waar nu op dit moment ook de manege staat, maar ik zie nergens dat dat ook daadwerkelijk gaat gebeuren? Het zijn bijna 800 pagina’s dus misschien heb ik een bladzijde gemist, maar kan u aangeven of dat wel of niet gaat gebeuren? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Oosterwijk mag ik u het woord geven? De heer Oosterwijk: Ja dank u wel. Heldere vraag, ik begrijp de vraag ook, we hebben vrij recent nog de woonvisie met elkaar vastgesteld. Ik denk dat het belangrijk is om een paar dingen met elkaar wel even goed te wisselen, ik heb al aangegeven dat dit een plan is wat op het lange zichtbaar in ontwikkeling is en daarmee ook in de achterliggende jaren natuurlijk opgewerkt is naar wat het uiteindelijk is geworden, het betekent ook in het kader van simpelweg dat je nou niet ineens halverwege dat proces weer helemaal terug naar af gaat onder motto: laten we het even overnieuw beginnen.
Twee, ik denk dat we ook wel moeten vaststellen met elkaar dat onze woonvisie natuurlijk niet een woonvisie met één gezicht is, alsof het persé op elke plek in Ridderkerk over betaalbare woningen moet gaan, je zult ook moeten bezien van: over welke plek hebben we het? Wat is, kijkend naar de andere bebouwing op die specifieke plek, inpasbaar? Hoe is de samenhang van Pagina 18 van 36
een programma? Wij hebben niet als college, laat ik daar maar open en duidelijk over zijn, in overweging gegeven bij de projectontwikkelaar om weer op en nieuw aan het tekenen en aan de rekentafel te gaan ten opzichte van wat er op enig moment al lag. Hoeft ook niet, want ook in de woonvisie is duidelijk aangegeven, ook voor de soort, dat daar ook simpelweg behoefte is aan duurdere woningen en dit is dan daarmee een project wat daar vooral op slaat. En de vorige keer hebben we met elkaar, want we weten met elkaar echt wel waar het over gaat, zo ook ik. Ook wel gewisseld dat op andere plekken in Ridderkerk dit college echt er werk van maakt om betaalbare woningen of sociale corporatiewoningen te realiseren of te laten realiseren, juist in het spoor van de recent vastgestelde woonvisie. De voorzitter: Dank u wel. De heer Rijsdijk PvdA Ridderkerk, stapelend. De heer Rijsdijk: Ja inderdaad stapelend voorzitter, het gaat over betaalbaarheid, in de stukken staat dat er woningen in de hoogste prijscategorie vallen vanaf 350.000 euro, dat is natuurlijk best wel ruim. Kan er om het iets scherper te krijgen een wat preciezere indicatie gegeven worden van de prijzen die die woningen gaan doen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Oosterwijk.
De heer Oosterwijk: Ja voorzitter, dat zal ongetwijfeld wel te geven zijn, ik heb dat alleen aan range of aan classificatie op dit moment niet paraat en dat zou misschien zelfs wel kunnen zijn dat de initiatiefnemer die prijs ook zelf nog niet bepaald heeft. Ik wil wel graag de toezegging doen dat ik daar nog even navraag op doe zodat u daar ook in uw bespreking in de raad daar wellicht nog wat aan heeft. De voorzitter: Dank u wel. De heer Mijnders CDA zijn de vragen daarmee voldoende beantwoord? De heer Mijnders: Dank u wel voorzitter, de eerste wel, de tweede alleen nog niet, over het saneren van de grond. De voorzitter: Inderdaad, die heeft de heer Oosterwijk, die gaat die ongetwijfeld nu beantwoorden. De heer Oosterwijk: Nou dat is nog maar de vraag voorzitter. Kijk in algemene zin is het natuurlijk zo, maar dat weten we met elkaar allemaal, dat als ergens een verontreiniging wordt aangetroffen, die saneringsplichtig is, dat die gewoon wordt gesaneerd. Maar dat is een soort abstract, algemeen antwoord. En ik kan me zo wel voorstellen dat de heer Mijnders daar niet genoegen mee neemt. Om op de specifieke vraag een specifiek antwoord te geven, dan moet ik even passen, omdat ik het ook simpelweg op dit moment vanuit die 800 pagina’s niet paraat heb, maar wellicht dat de heer Verhoeven daar iets zinnigs over kan vertellen. Meestal wel.
De voorzitter: Dank u wel meneer Oosterwijk. Meneer Verhoeven, heeft u nog wat zinnigs te vertellen? De heer Verhoeven: Ja meestal wel inderdaad, maar nu niet helaas. 700 pagina’s en ik vervang mijn collega ook dus ik zal het even nagaan. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Rottier, SGP. De heer Rottier: Misschien kan ik helpen. Ik ben nog een periode in mijn leven afdelingshoofd geweest van een aantal bodemadviseurs en een van de dingen die ik uit die tijd onthouden heb is dat een verontreiniging kleiner dan 25 kuub niet hoeft te worden gesaneerd en dat is hier het geval. Pagina 19 van 36
De voorzitter: Dan zou het zomaar kunnen zijn dat het antwoord inmiddels gegeven is, maar wellicht dat de wethouder toch nog even voor de zekerheid kan checken of dat in orde is. Mevrouw Van Nes-de Man u heeft nog een stapelende vraag. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja ik heb een stapelende vraag, de opmerking van de heer Rottier die kan ik totaal niet plaatsen, want ik heb altijd begrepen dat waar vervuild wordt, vervuild is, moet gesaneerd worden en de vervuiler betaald. Het kan toch niet zo zijn dat dat nu zou blijven liggen als je dat constateert? Het kan toch ook niet zo zijn dat de gemeente daar in de toekomst voor opdraait? De voorzitter: Dank u wel. Meneer Oosterwijk, u had net al aangegeven dat u het na gaat kijken, zullen we daarop wachten of wilt u daar nu op dit moment wat over aangeven? De heer Oosterwijk: Nee hoor maar ik ben bekend met de opmerking die de heer Rottier maakt, dat heeft dan waarschijnlijk de classificatie ernstig maar niet urgent als label. Desondanks, ik ga dat even navragen zodat we ook een heel duidelijk consequent antwoord op kunnen formuleren, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik nu graag over gaan naar de vragen van de PvdA Ridderkerk, meneer Rijsdijk mag ik u het woord geven? De heer Rijsdijk: Dank u wel voorzitter.
Er wordt in het voorstel gesproken over een schapenweide, ook als een soort buffer, maar ik vroeg mij af: wie gaat die schapenweide beheren? Daar was ik benieuwd naar, het is in ieder geval een vraag die blijkbaar tot wat hilariteit leidt. Even die andere vragen die nog had, de inspreker die gaf ook aan dat er bij de familie namens wie hij insprak heel veel zorgen leven over de overlast, de wethouder gaf al aan dat er wel wat aan gemoed gekomen is om die overlast te beperken. Maar ziet de wethouder nog andere mogelijkheden om die zorgen weg te nemen? En wat ik mij ook nog afvroeg is, de heer Kooijman stelde die vraag, de wethouder die gaf aan van: we grijpen bij dit plan terug op de oorspronkelijke bebouwing zoals het ooit bedoelt is aan de Pruimendijk, dat is een keuze die nu gemaakt wordt.
Betekent dat ook dat in de toekomst er nooit meer parallel gebouwd wordt? Dat echt zeg maar vanaf nu die keuze gemaakt wordt: oorspronkelijke bebouwing of is dat een keuze voor dit plan? En dan mijn laatste vraag, het viel mij op dat in de zienswijze de argumenten die gewisseld worden toch wel erg juridisch zijn, niet dat dat nooit gebeurt maar ik vond het in dit geval wel heel opvallend, hoe kan het dat de insprekers en de gemeente er zo verschillend instaan? Want meneer Van Keulen die hield net toch best wel een overtuigend verhaal over transformatie, graag daar nog een toelichting op, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja voorzitter, interessante en deels ook wel leuke vragen. Dus laat ik eerst even met de leuke vraag beginnen, en ik probeer maar even een passend antwoord te voorzien. Ja, wie gaat die weide beheren? Ja, waarschijnlijk zullen dat de schapen zijn, maar dan gaat u de vervolgvraag stellen: van wie zijn die schapen dan? Nou in algemene zin zou denk ik mijn reactie dit zijn: de gemeentegrond die daar zeg maar dan te beheren is, grasland, daar zal waarschijnlijk overeenstemming met een partij worden gevonden om daar gewoon begrazing te laten plaatsvinden, dat is wel zo ecologisch verantwoord.
Tweede plaats, uw vraag over overlast, ja ik denk dat het belangrijk is om met elkaar wel even daar een kleine nuance op te laten plaatsvinden, namelijk: eventuele overlast of gevreesde overlast, want dat is natuurlijk wel de karakteristiek van de zienswijze. Het gebied is nu niet in gebruik zoals het straks in gebruik is, dus je zou ook op dit moment echt nog helemaal niets kunnen zeggen over van: wat gaat er dan precies gebeuren? Ik denk dat we met elkaar wel moeten vaststellen en dat is ook in nota van beantwoording op de zienswijze is geformuleerd dat Pagina 20 van 36
dit qua karakteristiek echt wel heel anders is dan op andere plekken langs de Waal een heel stuk verderop het geval is. A: er is sprake van, je zou kunnen zeggen, natuurlijk afscherming van het water en de achterliggende locatie. B: ik heb al aangegeven dat invaart, die eerst oorspronkelijk gepland werd is komen te vervallen. Dus dat zijn als zodanig denk ik al elementen die de vrees misschien iets zouden kunnen doen afnemen. Tegelijkertijd, niets kun je 100% zeker voorspellen, dus op het moment dat er echt kennelijk overlast aan de orde is, dan is het natuurlijk ook zo dat wij als gemeente echt wel instrumentarium hebben om daar vervolgens passend in op te treden. Dat heet dan handhaving. Je kunt niet met elkaar aan de voorkant een hele locatie die bedoelt is om recreatief toegankelijk te zijn, met allerlei borden van u mag hier niet komen, afschermen. Volgens mij is dat juist ook niet de bedoeling zoals die ook in de Waalvisie geformuleerd is waarbij het niet alleen gaat over zichtlijnen maar tegelijkertijd ook over beleefbaarheid en over toegankelijkheid.
De oorspronkelijke bebouwing als factor voor nu en in de toekomst, ja het ging vanavond al wat eerder over tafel, elk plan heeft zo zijn eigen karakteristiek en zijn eigen verschijningsvorm, het college heeft denk ik duidelijk beargumenteerd dat met name voor de bebouwing die aan het dijklichaam is gerelateerd en nadrukkelijk ervoor is gekozen om dat vooral parallel zeg maar aan de dijk willen realiseren. Dat zal in algemene zin denk ik echt wel op andere plekken ook op zal doen maar op het moment dat dat op enig moment toch anders zal zijn, dan zal daar of een hele goede verklaring voor moeten zijn, en als die verklaring er niet zou zijn, dan kan ik me zomaar voorstellen dat u het college daar vervolgens ernstig op vraagt. Laatste vraag, ja de zienswijze is nogal juridisch van aard, ik denk dat het goed is om vast te stellen dat de wijze waarop een vraag aan het college gericht wordt elke vorm kan hebben die die maar kan hebben, of die nou juridisch is of a-juridisch en op het moment dat een vraag juridisch van aard is in zijn stelling dan is het ook wel in de rede dat het antwoord daar ook enigszins juridisch op zal klinken. Laat ik het daarbij laten. De voorzitter: Dank u wel. De heer Rijsdijk PvdA. De heer Rijsdijk: Het is nog niet zo laat voorzitter.
Mijn laatste vraag die was eigenlijk anders bedoelt, ik snap dat het aan iemand die een vraag is, bijvoorbeeld een juridische vraag is of niet en afhankelijk daarvan maakt dat voor dit antwoord ook iets uit, maar het viel mij op dat de argumenten ja heel juridisch zijn, de gemeente stelt daar andere argumenten tegenover. Je kan er dus blijkbaar wel heel erg verschillend tegenaan kijken, dat zie je niet zo vaak in zienswijzen, in deze mate, ik vond het in dit geval wel opvallend en wat ik al aangaf, de heer Van Keulen hield best wel een overtuigend verhaal over die transformatie, dus toch graag de reactie hoe de wethouder of eventueel de ambtenaar dat dan zien. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja voorzitter, ik denk dat het op zich niet ongebruikelijk is dat er over hoe je tegen een stuk met de regelgeving aankijkt heel verschillende inzichten kunnen zijn, daar worden rechtbanken dagelijks mee gevuld zou je kunnen zeggen. In dit geval moet je denk ik wel vaststellen dat de interpretatie of de uitleg of de hantering van hoe je tegen de ontwikkeling op die locatie aankijkt nogal divers wordt ervaren en gezien. We hebben vanavond inderdaad gehoord, zoals het ook in de zienswijze naar voren is gebracht dat je er op de ene manier tegenaan kunt kijken en wij als gemeente doen dat nadrukkelijk dan anders.
Het is goed denk ik voorzitter als ik de heer Verhoeven vraag om dat nog eventjes, vanuit zijn professie want dit heeft ook echt heel erg te maken met inhoud, nog eens eventjes kort voor ons kan verwoorden. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Verhoeven mag ik u het woord geven. De heer Verhoeven: Dank u wel voorzitter. Als we kijken naar het gebied, dan staat er eigenlijk al bebouwing en ook een paardenbak. Dat maakt eigenlijk plaats voor nieuwbouw, dus wij zijn van mening dat er geen Pagina 21 van 36
sprake is van transformatie maar van aanpassen, dat hebben we ook met de provincie zo overlegt en vandaar dat de provincie ook geen overlegreactie en ook geen zienswijze heeft ingediend. Dus zijn wij van mening dat wij daaraan voldoen, aan aanpassen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Rijsdijk, zijn uw vragen daarmee voldoende beantwoord? Dan wil ik heel graag over gaan naar de vragen van Mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u. Er is er een afgevallen. Ik wilde even inhaken op het feit dat de wethouder aangaf van: van oudsher staan de woningen in de lengte parallel aan de dijk. De oude woning, onze woning is van 34 staat haaks op de dijk, de woning van onze buren die staat in het document ook ergens gefotografeerd staat haaks op de dijk. Ik denk dat zeker een derde van de woningen niet parallel aan de dijk gebouwd, van de oude woningen. Recent is een splinternieuwe woning is afgeweken van de rooilijn, is afgeweken van de lintbebouwing, dat zijn woningen die staan er nu 3,4 jaar. Woning van 1 jaar oud die is ook een kwartslag gedraaid, dus niet parallel aan de lengte van de dijk en zelfs behoorlijk aan de Waal, daar is niet naar die dingen gekeken dus het is leuk dat u dat aangeeft maar daar kan ik heel veel argumenten voor aangeven van: het is niet eenduidig.
Ik wil u met alle soorten van genoegen mijn Pruimendijk laten zien als dat verhelderend werkt, jullie weten gewoon dat ik daar zelf ook woon. Dat is één. U geeft aan, er is behoefte aan duurdere woningen, die heb ik nog nooit gehoord, in geen een wijkontwikkelingsplan of wat ook, wij zoeken, net als vele Ridderkerkers, naar starterswoningen. Maar goed dat is wat het is en ik snap ook dat je in dit plan geen starterswoningen kan realiseren. Verder is mijn vraag: waarom is er nu gekozen voor een rij woningen langs de dijk en een rij woningen die dan de oeverwoningen worden genoemd? De schuur die afgebroken wordt, wordt terecht opgemerkt, daar zou je de regel bouw-verbouw op los kunnen laten, is misschien ook wel gedaan maar dan zit je met een duizend vierkante meter agrarische schuur die, ik zie een frons dat is jammer, die je dan afbreekt. Zou je één bouwtitel krijgen en nou is deze schuur denk ik groter dan duizend vierkante meter, dit is niet één bouwtitel, dit zijn er acht. Asbestsanering is allemaal dure dingen, kan ik me iets bij voorstellen, maar waarom kom je dan op acht woningen uit? Ik ben bang dat dit een precedentwerking geeft, want er zijn wel meer diepere kavels langs de waal en dan is het simpelweg binnenkort helemaal niet meer groen daar.
Als je het plaatje bekijkt vanaf de dijk, dan zie je omdat de woningen parallel aan de dijk staan, zie je zo ongeveer de Waal helemaal niet meer, dat zijn ook hoge woningen, waarom is er ook voor gekozen voor die hoge woningen? De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man zal ik eerst even de wethouder nu? Mevrouw Van Nes-de Man: Ja dat lijkt me handig ik zit het aan elkaar te breien nu. De voorzitter: Ja daarom dan wordt het zo meteen helemaal onoverzichtelijk welke vragen er beantwoord zijn. Meneer Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja dank u wel voorzitter. De wethouder met een frons op zijn gezicht die gaat graag in op de beantwoording op de vragen die zijn gesteld. Waarbij ik overigens niet zo heel veel vragen heb gehoord maar vooral meningen heb gehoord, maar misschien kan mevrouw Van Nes-de Man mij daar straks nog even op helpen. Ik heb gehoord dat de stelling in ieder geval wordt betrokken dat er ook andere woningen zijn die haaks op de dijk staan, oudere ook, u heeft daar voorbeelden van geëtaleerd, we hebben samen ook wel eens een keer een rondje gefietst door heel resort, dus zonder twijfel ook hierlangs. En anders ben ik er zelf wel heel vaak geweest. En als dat een derde van de woningen betreft dan constateer ik in ieder geval andersom dat in de rekensom twee derde wel degelijk op de lijn is gebouwd zoals ik het betoogd heb.
Daar waar er behoefte wel of niet wordt gevonden aan duurdere woningen zou ik mevrouw Van Nes-de Man graag willen Pagina 22 van 36
verwijzen naar de woonvisie. Daar als het gaat om de vraag waarom we niet op een andere manier en daar begon mijn fronzen omdat ik het gewoon simpelweg even niet helemaal kon volgen en niks anders dan dat. Waarom een schuur niet is behouden en hoe dat zich verhoudt tot een bouwtitel enzovoorts. Ja, ik kan dit niet helemaal volgen en tegelijkertijd wil ik daar ook gewoon maar eenvoudig dit maar zeggen: wij hebben met elkaar dit plan, ruimtelijk een prima plan gevonden, we hebben een aantal woningen langs de dijk en een aantal woningen langs de oever en dat als zodanig hebben we betoogd en beoogd als prima inpasbaar op die plek. Dat is in ieder geval even de stelling die ik dan maar eventjes daarnaast positioneer. En de hoogte van de woningen, ja daar is simpelweg van bezien wat dus ook op die plek passend en hanteerbaar en dan is daar uit gekomen wat er uitgekomen is. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja een verduidelijking over de schuur, de manege moet ik dan misschien zeggen, het is een oude vlasschuur van origine. Die is volgens mij groter dan duizend vierkante meter oppervlak, je hebt ruimte voor glas, vijfduizend vierkante meter glas voor een woontitel, je hebt ruimte voor ruimte: duizend vierkante meter agrarische opstal of hoe je dat precies noemt voor een woontitel.
Dan wordt hier die manege afgebroken, die schuren, die stallen die er later bij gezet zijn, zijn van na 2007, daar gaat die regel niet op. Hoe kom je dan op acht woontitels? In plaats van op één of misschien twee omdat die dan meer dan duizend meter is en asbest saneren dat snapt iedereen, dat is een dure zaak en we willen best graag van het asbest af, dus daar kan je een soort concessie in doen maar hoe komt u dan, en dat bedoelde ik met die schuur net, hoe komt u dan aan die acht woningen op deze plek? In plaats van één of twee? In ieder geval, waarom woningen achter de dijk, waarom die oeverwoningen? Want het is ook nergens aan de Pruimendijk. De voorzitter: Meneer Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja voorzitter, mijn antwoord daarop is denk ik vrij eenduidig: de ruimte voor ruimte regeling zoals we die kennen dat is volgens mij vooral opgesteld naar glassanering, als ik dat fout zie dan hoor ik dat nog wel graag een keertje nader aangeleverd via mevrouw Van Nes-de Man, volgens mij is de ruimte voor ruimte regeling op locatie simpelweg niet van toepassing en is die daarom ook niet op die manier vertaald naar een kleinere programmering. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Nes-de Man wilt u met uw vragen vervolgen.
Mevrouw Van Nes-de Man: De woningen die gepland zijn, daar is van gedachte woningen langs de dijk acht en een halve meter, misschien dat dat ook de hoogte is van de woningen die blijven staan, die gerenoveerd worden, de woningen verder richting de Waal die moeten dan 9 meter hoog worden, het verschil tussen de dijk en het maaiveld, dat is dan anderhalve meter maar het is daar laag en drassig, als dat behoorlijk opgehoogd zou moeten worden vanwege die redenen, dan komen die woningen omhoog, is daar kans op dat dat land opgehoogd wordt dat die woningen dus nog hoger komen, dus nog meer in het zicht vanaf die Pruimendijk? Vervolgens is er nu steeds op dit plaatje is de rietkraag behouden en een klein steigertje per woning, per kavel getekend. Wat wij inmiddels zien aan de Pruimendijk is als er nieuwe woningen gebouwd worden, zeker in deze prijsklasse dat het eerste wat men doet is de rietkraag eruit trekken en beschoeiing zetten en een vlonder en een steiger en dingen plaatsen, in hoeverre is nu, wordt nu de rietkraag beschermd? Er wordt gesproken over hoogwaardige groen aan alle kanten dus ik denk dat dat best belangrijk is dat dat dan ook opgenomen wordt en dat het niet anders uitpakt dan nu in de plaatjes zo keurig geschetst wordt en waarmee wij wellicht daardoor met het plan mee zouden kunnen gaan.
Beeldkwaliteitsplan, wat er ook bij zit dat moet nog ter inzage komen en alles. Ik heb ervaring met de beeldkwaliteit plan van een groot Pagina 23 van 36
bedrijventerrein wat nu in ontwikkeling is in resort en daar wordt gewoon zo ongeveer, die wordt ongeveer als toiletpapier gebruikt, dus wat heb je aan een beeldkwaliteitsplan? Dat is leuk om te zien maar daar wordt niks mee gedaan. Ook de verbeelding in andere bestemmingsplannen van woningen, de woningen worden gewoon anders gebouwd dan verbeeld wordt, in hoeverre is daar dus op te handhaven? Op de plaatjes zoals wij ze voorgeschoteld… De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man zal ik eerst nu de wethouder de gelegenheid geven om deze vragen te beantwoorden? Meneer Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja voorzitter. Ik constateer in ieder geval dat de karakteristiek van de vragen prima past bij de commissie van vanavond want het gaat over technische vragen en daar zijn we vanavond ook voor bij elkaar. Ik ben wel bang dat een paar van die technische vragen van die technische aard zijn dat wij ze misschien niet helemaal gevoeglijk kunnen beantwoorden. Dan heb ik het vooral ook over de eerste vraag waarbij mevrouw Van Nes-de Man de vraag stelt van: als je nou terreinen noodzakelijkerwijs zou moeten verhogen, betekent dat dan ook dat daarmee samenhangend de woning ook hoger komt waardoor die beter zichtbaar wordt? Wellicht kan de heer Verhoeven daar iets over zeggen, zo niet dan moeten we die eventjes meenemen denk ik.
De vragen ten aanzien van de rietkraagbehoud en het steigertje, ik denk dat dat vooral een inrichtingsvraagstukken betreft die volgens mij redelijk bepalend zijn geformuleerd in het kavelpaspoort, zo niet dan hoor ik daar graag van de heer Verhoeven nog eventjes een nadere toelichting op. Ik blijf even af van de ervaringen van mevrouw Van Nes ten aanzien van andere plannen in deze mooie gemeente en hoe daar vervolgens mee omgegaan wordt, daar heeft iedereen misschien zijn eigen beeld en zijn beleving bij. En de handhaafbaarheid van het beeldkwaliteitsplan die vraag zou ik graag ook even doorspelen naar de heer Verhoeven. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Verhoeven mag ik u het woord geven. De heer Verhoeven: Dank u wel voorzitter. De eerste vraag over de hoogte, als we kijken aan de dijk is maximaal 8,5 meter hoogte toegestaan, in de oever 9 meter, wil niet zeggen dat er ook zo hoog gebouwd wordt. Dus het moet uiteindelijk ook blijken hoe hoog daadwerkelijk wordt gebouwd dus dat kan je pas achteraf zeggen. De tweede vraag over de rietkraag als ik het goed heb inderdaad, er is een beeldkwaliteitsplan natuurlijk ligt ook ter vaststelling aan de raad die gaat dan deel uitmaken van de welstandsnota en de welstandscommissie toetst daaraan. Ik ken de anterieure overeenkomst niet uit mijn hoofd maar ik kan me voorstellen dat daar ook iets over geregeld is.
De nut en noodzaak van het beeldkwaliteitsplan, ja wat ik net zeg, hij gaat deel uitmaken van de welstandsnota, dus de welstandscommissie toetst daaraan, doen zij ook altijd. En de plaatjes die zijn toegevoegd, ja zijn vaak ook richtlijnen dus wil ook niet zeggen dat dat echt persé dat soort gebouwen moeten komen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Nes-de Man hoeveel vragen heeft u nog? Helemaal mooi dan heeft u bij dezen het woord. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank voor de beantwoording meneer Verhoeven. Waar het mij om gaat is: bij de ene staat het peil van bouwen staat op de dijk en de ander staat op maaiveld en maaiveld is natuurlijk heel rekbaar, als je het land simpelweg ophoogt dan komt het maaiveld omhoog en kan je nog vanaf, ook al zou het helemaal op dijkniveau komen bouwen en dat is mijn vraag, wordt het nog hoger, ja negen meter hoog is de max, ja dat weet ik niet en ja het bevestigd eigenlijk een beetje, maar goed dat ga ik niet zeggen tegen u dat is geen vraag. Over het beeldkwaliteitsplan en het kavelpaspoort, het is een richtlijn.
Pagina 24 van 36
De voorzitter: En uw laatste vraag is? Nee geen vraag meer. Al uw vragen zijn verder voldoende beantwoord? Mevrouw Van Nes-de Man: Nou ik had nog even de vraag teruggelegd van maaiveld en dijkhoogte als het over het peil van bouwen gaat. De voorzitter: Mag ik de heer Oosterwijk het woord geven. De heer Oosterwijk: Ja voorzitter ik denk dat die vraag gewoon inderdaad op de goede manier blijft staan, ik vermoed dat dat te maken heeft met het huidige maaiveld, maar we gaan het voor de zekerheid nog even na zodat dat ook even schriftelijk beantwoord wordt. De voorzitter: De heer Verhoeven. De heer Verhoeven: Bestemmingsplan, bestemmingsplanregels is ook de wijze van meten opgenomen en daarin staat van of het maaiveld leidend is inderdaad of de dijk en dat zal bij dezen het geval zijn dus uiteindelijk voor de oeverwoning bepaal je hoeveel je ophoogt hoe hoog je mag gaan bouwen, dus dat is het antwoord op de vraag denk ik. De voorzitter: Ja helemaal fijn, dank u wel meneer Verhoeven. Alle vragen zijn gesteld door alle commissieleden? Dan blijft de commissie van mening dat het ter debat gaat? De heer Ros GroenLinks wilt een uitgebreide stemverklaring, hoeveel tijd denkt u daarvoor nodig te hebben? De heer Ros: Twee minuten voorzitter.
De voorzitter: Zijn er nog meer partijen die twee minuten? 1,2, u wilt er veel meer, mevrouw Van Nes-de Man aan hoeveel tijd denkt u? Vijf minuten? Mevrouw Van Nes-de Man: Ja het liefst vijf, misschien als ik de enige ben vier maar niet minder. De voorzitter: Prima, meneer Rijsdijk wat is uw suggestie? De heer Rijsdijk: Twee minuten is voor mij echt voldoende. De voorzitter: Dan ga ik heel even in kort overleg met de griffier. Wat is uw voorstel? Dan is de commissie ermee akkoord dat we hem voor 20 minuten totaal, 30 minuten? Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja ik werd de vorige keer toen het over een bestemmingsplan ging elke keer enorm ingekort en afgebroken omdat er in de raad of in de commissie was gezegd: 30 minuten, als dat straks weer het geval is. Ja, de voorzitter wil terecht als je 30 minuten afspreekt met elkaar in de commissie moet je je daaraan proberen te houden, maar ik denk vorige keer heb ik het gevoel dat ik ernstig beperkt werd in mijn debat doordat toch steeds gezegd werd van ja u heeft nu genoeg geïnterrumpeerd en u bent genoeg aan het woord geweest. Dat voel ik als een beperking dus dan denk ik van ja maak er dan 40 minuten van dan kan het meevallen. De voorzitter: Mevrouw Van Nes-de Man ik kijk even hulpbehoevend naar de griffier en we stellen hem op 40 minuten totaal. Meneer Piena VVD.
Pagina 25 van 36
De heer Piena: Ja voorzitter we kunnen alles wel oprekken natuurlijk maar laten we ook even reële tijden afspreken, ik heb één twee drie sprekers gehoord, vijf minuten, twee minuten, drie minuten, de wethouder nog tien minuten, dan zit ik op nog geen twintig er rest misschien nog een minuutje, laten we het gewoon lekker op de 30 minuten houden en ik mag aannemen dat er voorzitter zo flexibel zal zijn als het echt uit de hand loopt dat ze enig respijt toont, maar om op voorhand al er vanuit te gaan vind ik een beetje zonde, dus een reële inschatting zou wat mij betreft 30 minuten zijn. De voorzitter: Meneer Piena ik kan van alles en nog wat zeggen hoe de houding zou zijn van de voorzitter, maar daar ga ik niet over, ik ben alleen maar voorzitter van deze commissie. U heeft een punt, ik zag twee á drie handen voor twee minuten, mevrouw Van Nes-de Man vijf minuten, meneer de griffier ik ga toch eventjes ingrijpen en ik ga hem zetten op 30 minuten. Is het iedereen daar verder mee eens? Met vijf minuten van mevrouw de Man dus de rest dient zich te beperken. Ik moet echt streng doch rechtvaardig zijn. Wat zegt u mevrouw Van Nes-de Man? Dan is dit het einde van agendapunt 4, is er behoefte aan een korte schorsing? Nee, dan gaan wij door naar agendapunt 6: inrichting uitbreiding begraafplaats Vredehof. Mag ik de heer Verhoeven bedanken voor de inzet vanavond, dank u wel. Wel thuis. 6.
Inrichting uitbreiding begraafplaats Vredehof De voorzitter: Dan wil ik graag als eerste bepalen wat de inzet gaat worden voor in de raad, ik zie meneer Westbroek als eerste de hand opsteken. Meneer Westbroek. Partij 18PLUS. De heer Westbroek: Dank u wel voorzitter, wat ons betreft ter vaststelling. De voorzitter: De heer Rottier, SGP. De heer Rottier: Dezelfde opmerking mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Breeman CDA. De heer Breeman: Mevrouw de voorzitter, kunnen we ons volledig bij aansluiten. De voorzitter: De heer Piena VVD. De heer Piena: Voorzitter, ik ben graag spelbreker maar afhankelijk van de antwoorden wil ik hem voorlopig nog ter debat. De voorzitter: Dan gaat die vooralsnog ter debat. Ik zie meneer Ouwens van Leefbaar Ridderkerk ook instemmend knikken. De heer Ouwens: Ja. De voorzitter: Ja. Dan gaat hij ter debat. Dus dat betekent dat u vanavond alleen technisch inhoudelijke vragen kunt stellen. Mag ik als eerste de heer Meij, portefeuillehouder het woord geven, hij wordt bijgestaan door de heer Schut. De heer Meij: Ja dank u wel voorzitter. Persoonlijk vind ik dat er een heel mooi plan voorligt voor de inrichting van de uitbreiding van onze begraafplaats, wij vragen inderdaad aan uw raad dat we het ontwerp nader willen uitwerken maar inderdaad ook een investeringsbudget van 1,8 miljoen voor die inrichting. U heeft kunnen Pagina 26 van 36
lezen, die grond is natuurlijk al in 2008 aangekocht, maar nu is toch het moment daar dat er echt een capaciteitsnoodzaak is, die is ook berekend voor de komende bijna vijftig jaar. En dan zijn er zo een 900 grafplaatsen noodzakelijk. Het mooie ervan is, dat naast die uitbreiding, je ook tegelijkertijd de bestaande begraafplaats Vredehof dat daar extra mogelijkheden komen en één van de punten die misschien wel actueel is, waar we het ook in de raad wel eens over gehad hebben, waar ook vragen over gesteld zijn is dat er dan ook meer ruimte komt voor graven met historische bestemming. We hebben het weleens over KNIL-militairen gehad. Beoogd effect van de uitbreiding is voldoende capaciteit wat ik al zei, maar ook ruimte voor diversiteit, een parkachtige uitstraling en ook ruimte voor gedenktekens. Er is natuurlijk ook een financiële paragraaf, zit in het voorstel en mogelijk dat de heer Piena daar vragen over stelt, dat weet ik niet. U heeft ook kunnen lezen, op dit moment is de kostendekkingsgraad zo een 85%, daar kun je natuurlijk een bepaalde mening over hebben. In 2022 wordt er een nieuwe exploitatieberekening gemaakt, heeft u kunnen lezen en dan gaan we aan de raad ook voorstellen doen en moet het richting 100 of moet er een andere percentage gehouden worden. Op dit moment zitten we op die 85%. Dat even ter inleiding voorzitter. De voorzitter: Dank u wel.
Dan is nu het woord aan de commissie. Zijn er commissieleden die een vraag willen stellen aan de portefeuillehouder? Dat is een ja. Hoeveel vragen heeft het CDA? Drie. ChristenUnie? VVD? Vijf. PvdA? Drie. Burger op 1? Leefbaar Ridderkerk zie ik drie, SGP geen vragen nee. Dan ga ik dit keer beginnen bij de VVD Ridderkerk, de heer Piena mag ik u het woord geven. De heer Piena: Voorzitter u bent aardig. Eens even kijken, de eerste vraag aan de wethouder voorzitter is; ja, hoe wij de bijgevoegde grafiek moeten lezen? We hebben een plaatje gekregen en ik pak hem er ook even bij, met de grafruimte op Vredehof. En daar kunnen we zien dat nou in de eerste vier jaar dat het ongeveer 7800 plaatsen is en daarna gaan we naar; ja, ik moet het een beetje schatten: 8100. Hoe staat dat in verhouding met die 900 plekken waar we het steeds over hebben? Dat is mijn eerste vraag. Vanaf wanneer wordt er rekening gehouden met die 900 plekken? Afhankelijk van het antwoord uiteraard op de eerste vraag. Zoals ik het nu zie zou dat in 2025 moeten zijn, maar klopt dat dan? Kloppen de verhoudingen zoals de grafiek laat zien? Stel nu dat hier nog 900 plekken bovenop moeten komen in die grafiek, waarom is dan nu al nodig om een investeringsbudget te vragen? Omdat deze grafiek laat zien dat we nog geen ruimte extra nodig hebben. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel.
De heer Meij mag ik u het woord geven? De heer Meij: Ja voorzitter, dat zijn vrij technische vragen inderdaad, dus die wil ik graag even doorgeven aan de heer Schut als u dat goed vindt voorzitter. De voorzitter: Natuurlijk vind ik dat goed, meneer Schut. De heer Schut: Dank u wel voorzitter. De grafiek geeft aan het verloop zoals we dat aan de hand van wat uitgangspunten hebben opgesteld, het klopt dat we rond de 7100 grafplekken nu zijn, de ruimte die er nu is is een aantal honderden en inderdaad rond 2024-2025 zoals ook in het raadsvoorstel staat, gaan we uit dat die 900 grafplekken nieuw aanwezig zijn dat die ruimte beschikbaar is. En als u dan de groene balk ziet, dan zullen we ongeveer vanaf 7100 naar 8000 gaan, dat zijn die 900 plekken. Op dit moment is er inderdaad, zo kunnen we het zeggen, grafruimte beschikbaar, moeten wel rekening houden dat er natuurlijk verschillende grafmogelijkheden zijn, algemene begraafplaats, we hebben ook algemene graven en we hebben particuliere graven en we hebben graven onbepaalde tijd. Onbepaalde tijd graven verwachten wij dat een aantal en steeds meer eigenlijk graf voor bepaalde tijd gaan omzetten bij verlenging naar onbepaalde tijd graven. Dat is al enige tijd aan de hand, dat betekent dat we die graven niet snel in een bepaalde periode kunnen ruimen. Dat doen Pagina 27 van 36
wij dan ook niet. Er is nu overcapaciteit, zo kan je het ook zeggen. Maar we willen wel voldoende ruimte hebben in de toekomst dat ieder geval graven kan blijven, worden. De voorzitter: Meneer Piena, VVD. De heer Piena: Ja voorzitter het spijt me maar ik ben niet de intelligentste maar ik kijk nog een keer naar die grafiek en in 2020 zie ik de staafkolom zie ik tot ongeveer 7800 en dan in 2026 pak ‘m beet, 2025 dan staat die net boven de 8000, dus 8100. Ik zie dus niet waar dat verschil van die 900 extra plaatsen vandaan moet komen? Moet die nu nog bovenop die staafdiagram komen? Of zit die hier nu al in verwerkt? Maar hoe zit het dan met die verhouding van 2024 naar 2025, dat is maar een klein verschilletje van 2 of 300. De voorzitter: Meneer Schut. De heer Schut: Ik zal hem even verder voor u moeten uitzoeken van in hoeverre hier in deze tabel een fout gemaakt is of niet. Dat moet ik even nader uitzoeken. De voorzitter: Die wordt na de commissie dan toegezonden neem ik aan. Meneer Piena VVD u had nog meer vragen? De heer Piena: Ja voorzitter, want dit is wel een heel belangrijk iets, want stel dat hier nog 900 plekken bovenop moeten komen, dan is er zoveel ruimte dat ik helemaal niet zie dat we nu al een investeringsbudget vrij moeten maken van 1,8 miljoen.
Dan kunnen we nog beter even de ontwikkelingen afwachten en over 2,3,4,5 jaar kijken wat we nodig hebben want het inrichten van dit gebied, heb ik mij laten vertellen door experts, hoogstens, hoogstens 2 jaar. De voorzitter: Meneer Piena mag ik u even eraan herinneren dat het ter debat gaat? De heer Piena: Maar ik wil even de uitleg geven voorzitter waarom het hier belangrijk is, die 900 plekken want het gaat straks ook, gaat u mij vragen, hoe lang wilt u debatteren? Ja als ik dit niet weet, dan wordt het wel een lastig verhaal denk ik. Maar goed, op welk moment kunnen wij deze gegevens krijgen? Dat we misschien later ook nog naar de debattijd kunnen kijken. De voorzitter: Ik wil u inderdaad wel vragen om te beperken tot technisch inhoudelijke vragen, waarom een investeringsbudget dat is geen technisch inhoudelijke vraag voor mijn gevoel. De heer Schut, u mag meneer Piena. De heer Piena: Voorzitter sorry, een financiële vraag is ook een technische vraag en deze financiële technische vraag die houdt verband met het aantal plekken wat er wel of niet is, dus ik ben het geheel met u oneens, het was een technische vraag zowel vanuit financieel oogpunt als vanuit ruimtelijk oogpunt.
De voorzitter: Dan neem ik mijn woorden terug meneer Piena, meneer Rottier SGP u wilt een stapelende vraag stellen? De heer Rottier: Ja misschien wel een stapelende opmerking, met dan de vraag of ik het goed heb. Ik heb deze figuur als volgt gelezen: als je begint met de tekst bovenaan, dan staat er dat er 7768 grafvakken zijn, en er zijn 15000 zoveel grafplekken, als we dan in de figuur kijken, dan herken je die 7768 grafvakken, er komen 900 grafplekken bij, ik schat in dat dat ongeveer 450 grafvakken zijn, delen door twee, die 450 die herken je
Pagina 28 van 36
ongeveer terug. Dus zo heb ik deze figuur gelezen en dan vind ik er niks vreemds aan. Is dat een correcte interpretatie? De voorzitter: Meneer Schut mag ik u het woord geven. De heer Schut: Dat is ook de onduidelijkheid die nu opgetreden is dus dat wil ik graag heel snel uitzoeken voor u. Het uitgangspunt 24-25 dat datgene wat uitgebreid is hier in de grafiek moet staan. De voorzitter: Dank u wel meneer Schut, dan de heer Kooijman ChristenUnie heeft een stapelende vraag. De heer Kooijman: Ja dank u wel. Ja, ik zit ook naar die grafiek te kijken en dan denk ik ook van: goh ik denk dat meneer Rottier zal best gelijk kunnen hebben maar dat wordt allemaal uitgezocht. Maar als ik nu kijk naar het totaal gebruikte graven, dan moet ik dus alles bij elkaar optellen behalve dan het groene, wat ik dan zie is dat de totale behoefte eigenlijk de komende jaren afneemt en in 2054 ongeveer weer gelijk is aan de stand van nu en daarna gaat oplopen. Dus dan zou ik zeggen van ja als het nu voldoende is en de noodzaak is wat minder dan kunnen we misschien wachten tot 2054 als ik de grafiek goed lees. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Schut wilt u daarop reageren.
De heer Schut: Ja daar wil ik zeker op reageren, dat hoort wel even bij het onderzoek wat ik heel snel ga doen in hoeverre deze grafiek kloppend is met datgene wat de uitgangspunten zijn om de uitbreiding nu te gaan inrichten want anders blijft deze discussie staan en dat vind ik niet correct. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Piena wilt u uw vragen vervolgen? De heer Piena: Nou voorzitter alle vervolgvragen waren geënt eigenlijk op die 900 plekken dus ik wacht even rustig het onderzoek af. De voorzitter: Dank u wel. Dan heeft u in ieder geval niet meer in de commissie de gelegenheid om de vragen te stellen, dan moet u het schriftelijk doen. Dan ga ik graag over naar PvdA Ridderkerk, de heer Rijsdijk. De heer Rijsdijk: Ja dank u wel voorzitter. Ik zal het dan verder niet meer over de cijfers en de tabellen hebben maar ik ben wel eigenlijk nog terug naar de basis wel benieuwd waarom de wethouder nu met dit voorstel komt want wij zien ook niet directe noodzaak. En daarop aansluitend; er moeten herstelwerkzaamheden dan aan die grond gaan plaatsvinden om verzakkingen en zo te voorkomen, is dat een recent probleem? Is dat al langer bekend? En hoelang gaan die herstelwerkzaamheden dan duren? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Meij. De heer Meij: Dank u wel voorzitter.
Die herstelwerkzaamheden duren volgens mij anderhalf jaar, 2022 wordt vooral gebruikt om de groenaanplant en de verhogingen plaats te laten vinden, volgens mij in 24 is de bedoeling dat de eerste graven daar dan, de eerste mensen begraven kunnen worden. Dus ik denk dat het zo een anderhalf jaar gaat duren, over die discussie of het nodig is, dat gaan we denk ik de komende dagen goed uitzoeken om dat goed te onderbouwen, ik dacht dat ik daarmee uw vraag heb beantwoord. Waarom nu? Omdat het gewoon noodzaak is van extra capaciteit maar dat moeten we dus qua grafieken beter onderbouwen.
Pagina 29 van 36
De voorzitter: Dank u wel. De heer Rijsdijk uw vragen zijn voldoende beantwoord? Leefbaar Ridderkerk, de heer Ouwens. Mag ik u het woord geven? De heer Ouwens: Ja dank u. Ik heb er inmiddels geen drie meer. Wij worstelen ook met de aantallen, daar is denk ik al een hoop over gezegd maar even wens en noodzaak, dus noodzaak dat wordt nu onderzocht die 900 hoe dat zit en welk jaartal, maar de wens om ook het huidige terrein te verbeteren, daar waar wortels zitten geen graven meer terug te plaatsen, wat is nou daar de invloed weer op die 900 extra plaatsen? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Meij mag ik u het woord geven? De heer Meij: We kunnen natuurlijk straks mensen gaan begraven op de uitbreidingsplek zeg maar. We zijn tegelijkertijd natuurlijk, zo een fase hebben we net achter de rug, ook het ruimen van graven, dan kun je natuurlijk op die plekken die nu gewoon heel lastig zijn ook qua grondwater heeft u kunnen lezen, of qua worteldruk, dan hoeven we daar niet opnieuw grafplaatsen uit te geven, dus op die manier kun je in de loop van de jaren zeg maar daar die verbeteringen aanbrengen of misschien weer ruimte creëren voor ook gedenkbomen bijvoorbeeld omdat je de extra uitbreiding kunt gebruiken voor de begrafenissen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Ouwens, Leefbaar Ridderkerk.
De heer Ouwens: Ja dus dat betekent eigenlijk, we horen nog hoe dat werkelijk zit met die aantallen maar als je het hebt dus over wens en noodzaak, dus de noodzaak zou minder zijn als je toch een aantal jaar toch de graven nog laat staan bij de bomen en bij de hoge waterstand, dus dat begrijp ik? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Meij. De heer Meij: Dank u voorzitter. Ik ken niet inderdaad precies de aantallen, ik weet alleen de reden waarom we dan in de loop van de jaren de huidige begraafplaats wat beter kunnen situeren. Dus de gebreken zeg maar kunnen opheffen waar het net iets te hoog is, de noodzaak is er en in combinatie ermee dan als je toch die ruimte hebt, dat betekent tegelijkertijd dat je wat extra ruimte hebt op de bestaande begraafplaatsen om zeg maar die verbeteringen aan te brengen, dat is de volgorde: eerst die noodzaak. We hebben natuurlijk dat al in 2008 aangekocht, we hebben al best lang gewacht omdat het aantal begrafenissen natuurlijk is afgenomen en dat het aantal mensen dat gecremeerd wordt toeneemt, maar nu is de noodzaak er wel, maar nogmaals dan kunnen we meteen die andere wensen ook realiseren. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Ouwens zijn daarmee uw vragen voldoende beantwoord? Dank u wel. Dan wil ik heel graag overgaan naar het CDA, de heer Breeman. De heer Breeman: Ja dank u wel voorzitter.
Even wat vragen ten aanzien van de indeling, we hebben natuurlijk hier ook veel oudere mensen en die moeten naar een begraafplaats die nu steeds verder weg komt te liggen dus dat is een behoorlijke wandeling, de vraag is, die afsluitbare entree is dat een service entree of is dat ook een entree voor mensen die niet ver kunnen lopen dat ze vanaf dat entree zeg maar naar de nieuwe begraafplaats kunnen? Dat is één vraag. En even kijken hoor, is er ook ruimte, omdat het ver weg is, naar het oude entree, zogenaamde rustruimte waar mensen even kunnen zitten of ook mogelijk kunnen schuilen als het ineens slecht weer wordt? Dus dat zijn eigenlijk even onze vragen ten aanzien van de nieuwe inzet van het graf. De voorzitter: Dat zijn uw vragen de heer Breeman, dank u wel. Wethouder Meij mag ik u het woord geven? Pagina 30 van 36
De heer Meij: Ja dank u wel voorzitter. Ja, over de afstand, ja wat ik zie ook op andere begraafplaatsen is dat er soms ook wagentjes staan waar mensen geduwd kunnen worden, dan moet er natuurlijk wel weer iemand zijn die ze kunnen duwen. Dat zou dan een oplossing kunnen zijn, er wordt ook ruimte gemaakt voor bankjes, want we willen ook die parkachtige uitstraling hebben, dus mensen kunnen ook rusten, maar er zat even inderdaad over de afstand en het feit dat je dus ook even een pauze kunt nemen. En uw vraag over die afsluitbare entree, dat geef ik even graag het woord als u dat goed vindt aan de heer Schut. De voorzitter: De heer Schut. De heer Schut: Ja dank u wel. Afsluitbare entree, sowieso dat het niet voor iedereen zomaar toegankelijk is tot. Een openstelling is natuurlijk van zonsopgang tot zonsondergang, uiteraard gaan we wel juist vanwege de logistiek, hoe gaan we er vanuit dat het rouwcentrum ook naar deze locatie, ook in overleg met de uitvaartorganisatie kijken; wat is voor hun gewenst? Wat voor routing moeten we doen? En welke mogelijkheden kunnen wij doen via de Hogeweg om daar te komen? Is dat puur dan in het begin voor de begrafenisplechtigheid, want dan heb je nog wel de afstand tussen het rouwcentrum en.
Dus er komt sowieso een voorziening dat juist ook voor de oudere mensen en moeilijk beweegbaar, zo kan je het ook zeggen, vanuit die hoek de mogelijkheid is om de begraafplaats op te komen. Niet alleen natuurlijk voor en tijdens de begrafenis maar ook daarna voor het bezoek van. Alleen dat moeten we nog even uitzoeken wat voor systemen, er zijn er heel veel, wij kunnen hanteren om daar een goede toegankelijkheid te creëren. De voorzitter: Meneer Breeman CDA zijn uw vragen… De heer Breeman: Dan zijn mijn vragen beantwoord, goed om te horen want zeker dan is er straks ook veel aandacht straks voor de ouderen, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Kooijman, ChristenUnie, u heeft een stapelende vraag en u heeft daarna zelf ook nog één vraag wellicht kunt u die tegelijk stellen. De heer Kooijman: Dat klopt helemaal. De stapelende vraag die gaat over die entree, ik zie dat er ook parkeerplaatsen worden gesitueerd maar die zitten achter de afsluitbare entree, ik kan mij voorstellen dat het voor ouderen prettig is om daar, als zij met de auto komen of worden gebracht, dat iemand daar parkeert, nou dat kan volgens mij niet op de Hogeweg, lijkt me ook niet erg prettig.
Dus mijn vraag was: kunnen mensen daar, bezoekers van de begraafplaats, daar ook parkeren straks? En mijn eigenlijke vraag, of een andere vraag, die ging erover, we hebben het net ook al even gehad over de huidige begraafplaats dat daar misschien ook vakken vrij kunnen komen als daar bijvoorbeeld bomen staan met veel wortels et cetera. Maar er komt straks op het nieuwe terrein komt ook een prakachtige inrichting met ook bomen et cetera, gaan we daar ook extra maatregelen nemen om te voorkomen dat we straks ook daar graven krijgen die last hebben van wortels et cetera? Dus wordt daar beter over nagedacht? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Meij. De heer Meij: Dank u voorzitter. Over het parkeren wil ik ook weer even graag de technische vraag laten beantwoorden door de heer Schut. Of in de toekomst diezelfde bomen, het gaat daar natuurlijk op den duur mogelijk natuurlijk wortelvorming doen, kijk deze begraafplaats staat er nu denk ik zo een 50 jaar, dan ga je dat natuurlijk gewoon krijgen, met de kennis van nu kun je daar misschien beter rekening mee houden dat je daar niet vlakbij in de buurt begraaft, dat zou nog een oplossing kunnen zijn. Maar op den duur geven bomen natuurlijk ook altijd dit soort gevolgen. Pagina 31 van 36
De voorzitter: Dank u wel. De heer Schut kunt u de eerste vraag nog beantwoorden? De heer Schut: Ja het is een inrichtingsschets uiteraard, de afsluitbare entree, achter dat hek inderdaad zijn nu de parkeerplaatsen geprojecteerd waarbij er nu, zoals je het kunt zien en interpreteren, gekeken wordt: ja als er een begrafenis is en het hek open overdag dan is die alleen toegankelijk, we kijken ook nog even of dit een totale afsluiting moet worden voor dit gebied en dat misschien op een andere plek dan een scheiding maken tussen datgene wat dan tussen de eerste en tweede parkeerplaats hier voor continu bezoek, dat zou ook nog kunnen, of juist niet. Dus dat wordt allemaal uitgezocht, dit is wel een inrichtingsschets zeg maar met een afsluitbaar hek, maar de locaties en mogelijkheden om in ieder geval een voorziening te treffen ook voor bezoekers, dat moet natuurlijk goed ingericht worden. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Kooijman zijn daarmee uw vragen voldoende beantwoord? Dan ga ik nu graag over naar mevrouw Van Nes-de Man, Burger op 1. Meneer Schut kunt u uw microfoon uitdoen? Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u voorzitter. Er is een vraag bijgekomen, ik dacht laat ik maar niet stapelen, ik stel hem wel apart.
Mijn eerste vraag was: er worden daar specifieke locaties voor bepaalde geloofsovertuigingen gezocht, er wordt met name gesproken over beschermde graven van de KRIL-militairen, wordt er aan een islamitisch deel gedacht? En is een katholiek deel nog van toepassing in deze tijd? Die laatste weet ik niet zo. Die eerste daar komt steeds meer vraag naar weet ik inmiddels. Ja, de opmerking van meneer Breeman om te kijken of je ergens kan schuilen, misschien dat je ook een soort, ik noem het maar even een kappelletje, maar daar heb je allemaal je beelden bij, maar dat je ook een soort gebouwtje neer kan zetten waar je echt letterlijk droog kan zitten en een kaarsje kan branden, want de begraafplaats wordt wel heel groot op deze manier. Als je dan ergens een graf achteraan hebt dan is dat een eind. Mijn tweede vraag is over de gedenkbomen waar het net ging, wat moet ik mij nou voorstellen bij een gedenkboom? Houdt dat in dat iedereen die dat wilt kan zeggen: ik wil een gedenkboom op de begraafplaats? Ik koop een boom via de gemeente of kom zelf met een boom aan, mag je die vrij neerzetten of hoe moet ik dat zien? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Meij mag ik u het woord geven. Mevrouw Van Nes-de Man wilt u even uw lampje uitdoen? De heer Meij: Ja dank u voorzitter.
Er zijn inderdaad gesprekken met de islamitische deel van de Molukse mensen in Ridderkerk en er staan gesprekken op stapel met ook het christelijke deel om daarover te praten. De vraag komt dacht ik als eerste wel bij de islamitisch Molukse mensen vandaan maar we willen het natuurlijk in één keer goed doen. We hebben natuurlijk nu al een bepaalde gedenkplek, geloof ik een paar maanden geleden, ingericht waar men heel blij mee is dus we willen eigenlijk op die manier dat begraven ook een herdenkingsplek maken. En uw vraag over de herdenkingsboom, volgens mij iedereen en dat heb je natuurlijk soms met mensen die in een knekelgraf terechtkomen en die zeggen dan: nou dan wil ik wel een plaatje, ook mensen die gecremeerd zijn kunnen een plaatje aanvragen, volgens mij is dat de achtergrond, dat je altijd een plek hebt, een plaatje, een naam hebt van de overledene die je wilt gedenken. Ik dacht dat dat een vrije keuze was van de mensen zelf. Maar misschien kan de heer Schut daar nog iets meer over. De voorzitter: Dank u wel. De heer Schut. De heer Schut: Ja ik wilde even aanvullen op de opmerking over het rooms-katholieke gedeelte, op de huidige begraafplaats is, op Vredehof, is er een ruimte voor de rooms-katholieken aanwezig en de laatste jaren merken wij dat daar nog voldoende ruimte is.
Dus we gaan wel in gesprek of daar weer op deze begraafplaats wederom een rooms-katholiek deel nodig is of gewenst is. Over schuilen daar gaan we zo ook naar kijken voor Pagina 32 van 36
de locatie waar dat kan. Gedenkbomen, er zijn toch wel vragen die we nu al krijgen omdat we in andere begraafplaats daar ook zo mee omgegaan wordt, om toch een boom te mogen plaatsen in een gedeelte waarbij ze daar voor familie een herdenking hebben en die mogelijkheid willen we graag bieden. In welke vorm, welke regeling, hoe en wat, dat moeten we wel beheersen. En zodanig dat we ook niet een boom geprojecteerd krijgen waardoor we later geen graf meer kunnen plaatsen al daar, dus daar moeten we goed in overleg mee gaan wat wenselijk is en wat kan. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Nes-de Man. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja dank u. Dat is dus een ander soort boom denk ik als waar de wethouder het net over heeft, want dat gaat misschien over die stalen boom die er staat waar je die blaadjes aanhangt he? En meneer Schut heeft het gewoon over de fysieke boom. Ja oké. De voorzitter: Zijn daarmee uw vragen voldoende beantwoord? Dank u wel. Blijft de commissie van mening dat het ter debat gaat? Meneer Ros GroenLinks. De heer Ros: Voorzitter, ik heb even gewacht, ik wilde graag nog twee deels stapelende vragen stellen die eigenlijk naar de antwoorden, als dat mag voorzitter. De voorzitter: Dat mag. De heer Ros: Dank u wel.
De wethouder gaf aan, en daar werd ik door getriggerd, mensen worden meer gecremeerd, dat is natuurlijk een trend die al heel lang zichtbaar is, heeft de wethouder wel eens overwogen om te kijken of er eigenlijk een crematorium mogelijk is binnen Ridderkerk zodat we deze faciliteit kunnen bieden? Want dat hebben we niet. En even voor mijn beeldvorming, ik werd ook getriggerd door het staartje wat opliep dat meer graven voor onbepaalde tijd worden uitgegeven, ja een hele zakelijke: is dat enigszins financieel dekkend? Want ik weet dat dat uit verleden, zijn natuurlijk bepaalde afspraken gemaakt waardoor we best wel veel kosten hebben bij sommige graven van onbepaalde tijd? Omdat we toen een vast bedrag hadden afgesproken, ik neem aan dat dat nu anders geregeld wordt, maar daar wilde ik wat inzicht in. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Meij mag ik u het woord geven? De heer Meij: Dank u voorzitter. Het bouwen van een crematorium is inderdaad niet aan de orde geweest, die vraag is er ook helemaal niet tot ons gekomen, mensen gaan inderdaad denk ik naar Rotterdam en dat gaat ook, dat betekent een nog veel grotere investering maar die vraag is niet aan de orde geweest in de raad bij de afweging.
En die tweede vraag over graven voor onbepaalde tijd, vroeger was het zo dacht ik dat je dat in één keer afkocht en als het al heel lang bleef liggen ja dan maakt inderdaad de gemeente constant die kosten voor het onderhoud en nu wordt dat dus gewoon financieel vertaald, maar ook daar kan de heer Schut misschien wat uitgebreider antwoord op geven. De voorzitter: Dank u wel, meneer Schut. De heer Schut: Ja de onbepaalde tijd graven voor ’78 zo noemen wij ze dan want die zijn aanwezig, daarvan ontvangt de gemeente geen inkomsten meer in het kader van onderhoud voor de begraafplaats. Sinds 2011 uit mijn beleving is wederom de mogelijkheid voor onbepaalde tijd graven waarbij dus op basis van een aantal jaren, vergelijkbaar met een beperkte tijd graf, zo kun je het zeggen, met een aantal keer verlengen, eigenlijk dat bedrag in één keer afgekocht wordt, want onderhoud is daarmee ook meteen geregeld. Dus er zijn twee Pagina 33 van 36
tarieven die geheven worden waarbij we daarbij niet zoals voor 1978 problemen hebben dat er geen inkomsten zijn voor het onderhoud van de begraafplaats. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Ros, GroenLinks. De heer Ros: Dus als ik het zo begrijp is onbepaalde tijd eigenlijk niet echt onbepaalde tijd, want als je het voor 30,40 jaar hebt afgekocht als familie, of langer, 50 jaar, dan op een gegeven moment eindigt dat en dan is het dus aan de nabestaanden of ze dat nog willen doen. En als het niet zo is, dan of wij gaan geld verliezen of het graf zal geruimd moeten worden. De voorzitter: Wethouder Meij. De heer Meij: Graag de heer Schut voorzitter. De voorzitter: De heer Schut. De heer Schut: Ja dank u wel. Onbepaalde tijd betekent dat het sowieso het graf blijft liggen zolang een rechthebbende bekend is. Dat kan dus in de volksmond eeuwigdurend zijn, dat is het niet. Onbepaalde tijd is wel in het kader van de tariefstelling, ik weet ze niet allemaal uit mijn hoofd, dat moet ik even nagaan als je dat wilt weten, afgebakend op een bepaalde afkoopsom waarbij we heel veel jaren, tientallen jaren dat eigenlijk vooruit krijgen, dat is het grafrecht. Voor het onderhoud moet ik even nagaan of dat inderdaad in één keer afgekocht wordt voor hoeveel jaren, dat is aan de hand van de voorgaande tabel in 2011 wel nog terug te vinden dus dat ga ik voor u even nazoeken.