CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-09-01-verslag-commissie-samen-leven.pdf

Commissie Samen leven RK 1 september 2021, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 0: Besluitenlijst en verslag13.917 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Woordelijk verslag vergadering commissie Samen leven 1 september 2021 1.

Opening en vaststellen agenda De voorzitter: Goedenavond mensen. Welkom bij de, deze commissie Samen leven. Sinds een lange tijd weer een keer fysiek. En dat heeft toch ook wel wat. Ik constateer dat de fracties van de VVD, D66 en GroenLinks niet of nog niet vertegenwoordigd zijn. Mevrouw Verdiesen komt wellicht wat later. GroenLinks is er vanavond niet bij en van D66 is het enigszins onzeker. We mogen ons vanavond ook verheugen in de aanwezigheid van de voorzitters van de kamers van de commissie Bezwaarschriften. De heer Hamoen en de heer Hartwijk als ik het goed heb, heren. Welkom allebei. Nou er is geen publiek vanavond want ja, weliswaar fysiek maar we zijn nog niet helemaal van corona af. Gelukkig zie ik dat de pers wel zijn plekje heeft gevonden, dus het publiek kan meekijken, meeluisteren en anders het ongetwijfeld in de media terugzien. Het is allemaal live te volgen en ook achteraf terug te kijken, dus dat u dat weet. Maar goed dat is inmiddels bekend. Als er geen op- of aanmerkingen zijn bij de agenda, dan wou ik die zo vaststellen.

2.

Spreekrecht voor hen die zich hebben aangemeld De voorzitter: En dan kunnen wij door met agendapunt 2. Dat is spreekrecht waarvoor zich niemand heeft aangemeld.

3.

Vaststellen besluitenlijsten commissie Samen leven van 19 en 25 mei en 9 juni 2021 De voorzitter: Hetgeen ons bij agendapunt 3 brengt. Dat zijn de besluitenlijsten van de commissies Samen leven van 19 mei, 25 mei en 9 juni en we zullen vervolgens de actie- en de aandachtspunten aan de hand van de besluitenlijst van 9 juni, de meest recente, oppakken. Zijn er op- of aanmerkingen bij de besluitenlijst van 19 mei? Dat lijkt niet het geval, dan is die vastgesteld. Op- of aanmerkingen bij die van 25 mei? Ook dat niet, dan stellen we die ook vast. En als laatste 9 juni. Ook daar niet, dan is die besluitenlijst vastgesteld. We hebben een aantal actiepunten. Het doelgroepenvervoer, proces. Nou dat staat vanavond op de agenda dus daarmee is dat actiepunt afgedaan. En agendapunt 2: jeugdhulp, de bijeenkomst voor het stellen van vragen die is inmiddels gepland heb ik begrepen voor 12 oktober. Dus daarmee is dan dit actiepunt ook afgedaan. Het overleg over een laagdrempelige manier te spreken over de impact van corona, daar zou het college samen met onze griffier tot iets komen. Is daar wellicht een update van? Wethouder Van Os. De heer Van Os: Dank u wel voorzitter. Ja, laten we hopen dat we over twee weken te horen krijgen vanuit de Rijksoverheid dat de coronamaatregelen versoepeld worden. Er komen ook geen brandzaken meer naar de gemeenteraad toe.

We komen gewoon met elkaar in overleg mochten er voorstellen zijn, dus het verzoek is aan de commissie om deze van de agenda af te halen. De voorzitter: Kan de commissie zich daarin vinden? Iemand niet? Dan is dat punt ook als afgedaan. Het volgende actiepunt is naar aanleiding van het bezoek in de vorige commissie van de politievakbond. Daarin is door een aantal leden uit de commissie aangegeven dat er wellicht nog eens een keer doorgesproken wilde worden. Daar is overleg geweest met de portefeuillehouder, die heeft aangegeven dat er al regelmatig overleg plaatsvindt met de politie en dat wat betreft de portefeuillehouder de politie zelf gesprekspartner is voor haar en zij voor de raad. En daarmee de vakbonden niet direct. Het voorstel van haar kant is ook om dit punt verder geen vervolg te geven en daarmee dit voor nu hier als afgehandeld te beschouwen. Iemand zich daar niet in kan vinden? Dat is niet het geval, dan is dit punt ook afgehandeld. Volgende actiepunt is de plan ter extra inzet

Pagina 1 van 25

en voorkomen van problematische schulden. Voor wethouder Franzen. Heeft u daar wellicht een streefdatum bij wethouder? De heer Franzen: Die heb ik op dit moment nog niet. Volgende commissie zal ik die geven. De voorzitter: Oké, dan blijft dat punt voor nu staan. En de conceptnota Gezondheidsbeleid, de tekst over het Ontwikkelplein, dat staat voor vandaag op agenda, agendapunt 5. Dus daarmee is dit punt ook afgedaan. Brengt ons vervolgens bij de lijst met toezeggingen. Casco herstelonderzoek voor de huishoudschool. Een streefdatum was het tweede kwartaal. Bij mijn weten is dat inmiddels verstreken. Wethouder Van Os, heeft u misschien een updateje voor ons? De heer Van Os: Jazeker voor… De voorzitter: Welkom aan mevrouw Verdiesen. De heer Van Os: Jazeker voorzitter. Afgelopen maandag heb ik in mijn portefeuillehoudersoverleg het herbestemmingsonderzoek in concept mogen inzien. Wordt de laatste hand qua financiële doorberekening aan gelegd en dat verwachten we in oktober richting commissieraad te kunnen sturen. De voorzitter: Mevrouw Van Nes. Mevrouw Van Nes-de Man: Mag ik daarop, op reageren of iets over vragen? Of is het de bedoeling … Ja, ik weet het niet.

De voorzitter: Ja, ik weet niet wat u wil vragen? Mevrouw Van Nes-de Man: Nou ja, of dat zo lang dit allemaal loopt of dat er toch wel voldoende onderhoud gepleegd wordt aan de huishoudschool want er komen wel klachten binnen over lekkages, schimmel, vocht en weet ik het wat. Doet het gebouw niet goed maar de mensen ook niet die erin zitten. Dus of dat daar toch wel continu aandacht voor blijft, ondanks dat er een herstelplan op tafel ligt. De voorzitter: Wethouder Van Os. De heer Van Os: Dank u voorzitter. Ja de raad heeft krediet beschikbaar gesteld voor het noodzakelijk herstel en dat gebeurt ook gewoon bij de huishoudschool. Op het dak heb ik begrepen is er al het een en het ander gebeurd en qua riolering is er wat gebeurd dus dat heeft continu aandacht. De voorzitter: En we vermelden als streefdatum dan oktober van dit jaar neem ik aan. De heer Van Os: Jazeker. De voorzitter: Dan de verordening voor de klachtenbehandeling, de aandacht voor de positie van de griffier. Heeft u daar wellicht ook nog iets te melden voor ons? De heer Van Os: Jazeker voorzitter. Van de portefeuillehouder heb ik begrepen dat er gelukkig nul klachten over onze griffier zijn binnengekomen, en als het aan de orde is zal het inderdaad meegenomen worden in de evaluatie van de klachtenregeling. Maar ik denk dat dat wel mooi is om hier te melden dat er totaal geen klachten over onze griffier zijn.

Pagina 2 van 25

De voorzitter: Ja dan is het ook lastig evalueren. Is uw commissie van mening dat dit punt daarmee ook als afgehandeld beschouwd kan worden? Ja. Dan doen we dat ook zo. Nummer drie gaat over de nota Gezondheidsbeleid en die staat later deze avond op de agenda en daarmee is die ook afgedaan. Het Integraal Beleid Sociaal Domein nummer 4 is afgedaan want dat is vastgesteld in de raad van 1 juli. De planning IKC De Noord en IKC De Wingerd nogmaals aan de raad te sturen. Wethouder Van Os, voor zover wij weten is dat nog niet gebeurd. De heer Van Os: Dat klopt inderdaad. Stuurgroep IKC De Wingerd heeft plaatsgevonden en deze week heb ik weer de stuurgroep Nieuwbouw De Noord. Daar verwacht ik in die stuurgroep dat er een, weer een nieuwe planning zal zijn die richting raad en commissie kan komen. Maar zoals vorige keer al gezegd is die wel dynamisch, dus die kan een maand later weer anders zijn. Maar die update zal ik sturen waarbij daarna de actie is afgedaan wat het college betreft. De voorzitter: Dus we kunnen in september die planning een keer verwachten? De heer Van Os: Ja. De voorzitter: Nemen we dat als zodanig op en dan kunnen we hopelijk de volgende commissievergadering constateren dat die is afgedaan. En de laatste, de zienswijze begroting MRDH, dat is afgedaan. De antwoorden zijn bij de vergaderstukken van die vergadering geplaatst. 4.

Jaarverslag 2019 en 2020 commissie bezwaarschriften in aanwezigheid van de voorzitter De voorzitter: Brengt ons dat bij agendapunt 4, het jaarverslag 2019 en 2020 van de commissie bezwaarschriften. U heeft van de griffier nog een memo gehad. Of niet van de griffier denk ik maar ja wel, ja. De heer Hamoen en de heer Hartwijk zijn aanwezig en ook de heer Vervorst de secretaris van de bezwaarschriftencommissie. En dan wou ik nu het woord aan de voorzitters een van beide geven voor hun toelichting. Ik weet niet wie van u als eerste van wal wil steken. De heer Hamoen begrijp ik. Mijnheer Hamoen, gaat uw gang. De heer Hamoen: Ja, goedenavond allemaal. Mijn naam is John Hamoen, ik ben al sinds enige jaren algemeen voorzitter van de commissie Bezwaarschriften voor de gemeente Ridderkerk. Voor u ziet u het jaarverslag voor een tweetal jaren, 2019, 2020. Kan wel zeggen dat het een bijzonder jaarverslag is omdat het natuurlijk onder bijzondere omstandigheden tot stand is gekomen, met name natuurlijk in coronatijd. Gelukkig met de nodige ondersteuning vanuit de organisatie ook door een uitstekend team juristen binnen deze gemeente is het mogelijk gebleken om in ieder geval toch bezwaarprocedures zo goed mogelijk door te laten gaan, dan wel volgens een speciale regeling waarbij dus zeg maar de, een secretaris een soort ambtelijke hoorzitting hield, dan wel fysiek.

Ik kan wel zeggen ook uit eigen ervaring dat dit binnen deze gemeente het goed was om te zien dat alles in het werk is gesteld om toch zo snel mogelijk weer tot fysieke hoorzittingen over te gaan binnen de nodige coronaregels, wat meestal voor de mensen ook wel, voor de burger als er prettig werd ervaren. U heeft ongetwijfeld kennis kunnen nemen van het stuk wat voor u ligt, hoe het werkt. De commissie cijfermatig en welke aanbevelingen voort zijn gekomen uit de achterliggende periode. Als ik het goed begrepen heb is gevraagd om eventueel, mochten er vragen zijn, dat die van tevoren ingediend worden maar er waren, ik kijk even naar de secretaris, er waren verder ook geen vragen geloof ik vanuit de commissie gekomen. Maar wij zijn natuurlijk altijd gaarne bereid om het een en het ander toe te lichten.

Pagina 3 van 25

De voorzitter: Dank u wel. Zijn er vanuit de commissie nog vragen aan de voorzitters van de commissies? Ik zie mevrouw Ripmeester, hoeveel vragen heeft u? Mevrouw Ripmeester: Zeker wel zes of zeven. De voorzitter: Mevrouw Van Nes. Mevrouw Van Nes-de Man: Twee. De voorzitter: Mevrouw De Wolff. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Ik heb eigenlijk vragen aan de portefeuillehouder, maar dat is mevrouw … De voorzitter: We hebben … Nee, we hebben nu een mogelijkheid om de voorzitters van de … Mevrouw De Wolff-ter Beek: Ja. De voorzitter: … commissies. Vervolgens in een tweede instantie zijn er gelegenheid om vragen te stellen aan het college. Mevrouw Attema is afwezig dus de heer Franzen zal dat waarnemen. Maar ik begrijp dat mevrouw Ripmeester en mevrouw Van Nes vragen aan de voorzitters van de bezwaarschriftencommissie hebben. En ik begrijp dat u geen verzoek heeft gedaan van het nadrukkelijke herhaalde verzoek om die vragen vooraf schriftelijk in te dienen. Mevrouw Van Nes-de Man: Nee voorzitter. De voorzitter: Nou ja goed, dat zal de commissie … Goed. Mevrouw Van Nes-de Man, ga uw gang. Mevrouw Van Nes-de Man: Dank u voorzitter. Om te beginnen zijn de vragen niet zo schrif… niet zo ingewikkeld. En het is niet onze stijl om dat vooraf te doen en daar hebben we al eens meer over gesproken. Als ze ingewikkeld zijn wel en anders is het mijn probleem dat ik achteraf een antwoord moet krijgen.

Ik heb één vraag die voelt een beetje lullig, dat … De voorzitter: Nou achteraf doen we met het college, maar de voorzitters van de bezwaarschriftencommissie gaan niet achteraf nog uw vragen beantwoorden. Mevrouw Van Nes-de Man: Nou, het lukt hem zo ook wel denk ik. De voorzitter: Nou, dat denk ik niet. Ik bedoel, dat was de reden en dat, deze heren hebben nadrukkelijk het verzoek gedaan. Ik bedoel, dit is niet het college wat nu voorzit, die daar geacht worden mee om te kunnen gaan. Deze heren hebben nadrukkelijk het verzoek gedaan om de vragen vooraf in te dienen. Dat verzoek is herhaaldelijk gedaan, dus als u daarvoor kiest om dat niet te doen is dat prima maar dan is de consequentie wel dat als het vanavond niet uitpakt zoals u wenst, dat dan jammer is. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja dat weet ik, maar wacht gewoon eerst mijn vragen af zou ik zeggen. Een vraag begon ik al, die voelt een beetje lullig, maar ik weet het gewoon niet. Jullie zijn een bestuursorgaan ingesteld vanuit een artikel uit de Algemene wet bestuursrecht door de gemeente en de raad. Betaalt de gemeente en de raad jullie ook? En dat, vandaar ik zeg dat voelt een beetje lullig, maar ik weet het gewoon niet dus dat is vraag een. Mijn tweede vraag is: in coronatijd is natuurlijk anders omgegaan met de hoorcommissies. Als ik Pagina 4 van 25

het zo lees is dat dezelfde manier waarop het ambtelijk horen gaat. Maar dat is, het staat apart in de stukken vermeld. Zie ik dat goed of zie, is het anders als het ambtelijk horen? Dat zijn mijn vragen. De voorzitter: Mijnheer Hamoen, gaat u het doen? De heer Hartwijk? Ik begrijp dat mijnheer Hamoen vraag een voor zijn rekening neemt en de heer Hartwijk vraag twee? Mijnheer Hamoen dan. De heer Hamoen: Er is wel een soort, als uw vraag, uw eerste vraag begreep ik van worden wij betaald door … Er is wel een vergoeding vastgesteld, want ja het is in wezen natuurlijk, wij hebben allemaal elders een functie. Wij zijn op zich formeel niet in dienst van de gemeente. Er is, er moest natuurlijk wel fiscaal natuurlijk wel wat geregeld worden om zodat het allemaal ook voor de Belastingdienst voor alle partijen klopt. Maar wij krijgen wel een soort vergoeding voor de tijd die we erin steken, want dat is ja, het is allemaal buiten onze eigen betaalde baan zeg maar. Maar goed, dat zijn geen bedragen waar je je hypotheek van kan opbrengen dus het is vooral toch een beetje een, zelf met een juridische achtergrond, misschien een stukje beroepsdeformatie dat ik het ook gewoon leuk vind om het te doen. Mijn kennis en expertise die ik vanuit mijn werk meebreng ook ter dienste te stellen aan de burger van in dit geval Ridderkerk. De voorzitter: Mijnheer Hartwijk.

De heer Hartwijk: Over de tweede vraag. Ambtelijk horen daar is de commissie natuurlijk niet bij betrokken. Normaal gesproken dat doen de ambtenaren van de gemeente zelf. En bij die bijzondere commissie die was ingesteld tijdens coronatijd was een secretaris voorzitter en waren er twee leden op de achtergrond betrokken om vooraf vragen in te dienen, in verband met de stukken, en werd achteraf het verslag voorgelegd en ook eventueel gecorrigeerd en dan vastgesteld. Dus de werkwijze was iets anders maar er waren wel meerdere leden van de commissie direct bij betrokken. Mevrouw Van Nes-de Man: Mag ik daar nog op reageren? De voorzitter: Ja als u nog aanvullende vragen heeft. Mevrouw Van Nes-de Man: Ja? Nou ja, het enige wat ik aan wil geven aan mijnheer Hamoen: het siert u dat u het doet en dat u het al zo veel jaren doet en dat was absoluut geen achterliggende gedachte achter mijn wat bijzondere vraag. De heer Hamoen: Geen enkel probleem hoor. De voorzitter: Dan gaan wij door met de vragen van de PvdA, mevrouw Ripmeester. Ik stel voor dat u begint met de eerste drie mevrouw Ripmeester. Mevrouw Ripmeester: Dank u wel voorzitter. En inderdaad, leuk om mensen te treffen die inderdaad naast hun gewone werk dit ook erbij doen net zoals wij allemaal. De vragen die ik heb die zijn denk ik niet erg ingewikkeld ook. Er zijn wat dingen die ik graag verduidelijkt zou willen hebben.

En een van die dingen is dat er een, bij een bezwaarprocedure wordt gekeken, getoetst of het bezwaar wel goed is, doelmatig en beleidsmatig, twee termen hebben jullie daarvoor. Maar bij een Wmo wordt er ook altijd een gespreksverslag bij gelegd en daar doet een klant een addendum bij. Wat wordt dan meegenomen in de beoordeling? Kijken jullie dan alleen naar het gespreksverslag van de ambtenaar, of ook naar het stuk dat erbij ligt van degene die bezwaar maakt? Dat was mijn eerste vraag. U gaf ook aan in uw verslag van er wordt heel vaak een bezwaar ingetrokken omdat er al een nieuw besluit is genomen. Is dat, bedoelt u dat met dat ambtelijke traject? Of is Pagina 5 van 25

dat daarnaast weer? Dus eerst, u heeft het ambtelijke traject en u heeft de mogelijk… of dat er een nieuw besluit wordt genomen en dat gaat ook de procedure in die voor… En komt dat laatste dan vaak voor of is dat soms? Dat was een vraag. Wordt bij een klacht of bezwaarprocedure de voorziening gestopt? Ik weet niet of dat bij u hoort of bij de wethouder, dat weet ik niet die vraag. Dat waren mijn eerste drie. De voorzitter: Mijnheer Hamoen of mijnheer Hartwijk, is … Of mijnheer Vervorst. U heeft de taakverdeling rond heren? Kijk. Wie … U begint mijnheer Hartwijk? De heer Hartwijk: De eerste vraag en de derde vraag zal ik beantwoorden en de heer Hamoen zal de tweede vraag doen. Bij een bezwaarprocedure worden in principe alle stukken die op de zaak betrekking hebben zowel naar de commissie als naar de bezwaarmaker gestuurd. Dus rapporten en dergelijke en andere zaken die van belang kunnen zijn. Dus het is niet enkel het verslag maar ook hoe men tot een bepaald besluit is gekomen. Is daarmee uw vraag afdoende beantwoord? De voorzitter: Mevrouw Ripmeester. De heer Hamoen: Als ik het even goed kan … ga ik even in … De voorzitter: Mijnheer Hamoen als u daar nog … De heer Hamoen: Als ik het goed begrepen heb dan wilt u weten van welke stukken wij commissie in onze overwegingen meenemen om tot een advies te komen. In principe zijn dat alle stukken die in het dossier zitten.

Dat zijn de stukken die vanuit de bezwaarmaker worden ingeleverd, die vanuit het college worden ingeleverd, alle gespreksverslagen en dingen. Dus het, we proberen ons een totaalplaatje te vormen van wat is hier aan de hand, onder welke context is het besluit tot stand gekomen? En af, en daarnaast, wat natuurlijk heel belangrijk is, dat is de hoorzitting, dat biedt nog de mogelijkheid om eventueel extra informatie te verkrijgen. Bezwaar maken, dingen toelichten maar ook de vertegenwoordiger van het college en als we dan het totaalbeeld hebben dan vormen ons een ja, dan stellen we ons advies op aan het college. Nogmaals, wij stellen natuurlijk alleen maar een advies op over het bezwaarschrift, maar het college is uiteindelijk degene die daarover beslist. De heer Hartwijk: Ja. Ik heb nog een kleine aanvulling daarop, want u vroeg iets over rechtmatigheid en doelmatigheid, want dat zijn de termen die u zocht. De commissie doet beide want een bezwaarprocedure is feitelijk een heroverweging van het bestreden besluit, dus vanaf het begin wordt een besluit weer helemaal doorgeakkerd inderdaad om te kijken of het een juist besluit is geweest op de juiste gronden. De commissie houdt zich natuurlijk daar niet mee bezig maar bij een rechtelijke procedure wordt hier feitelijk naar de rechtmatigheid gekeken en niet zozeer naar de doelmatigheid, dat is het verschil.

Daarom is het bestuurlijke gedeelte altijd veel uitgebreider normaal gesproken. Zo lang, ja en u had het over schorsende werking. In beginsel kan een besluit alleen worden geschorst als er een voorlopige voorziening wordt ingediend bij de rechtbank. Die kan een besluit schorsen of juist laten, weer laten herleven. Het is natuurlijk, het hangt een beetje van het soort besluit af. Stel dat iemand een bijstand aanvraagt en die wordt afgewezen, en dan heb je dus niks, dan kan de rechter alsnog zeggen, hangende de bezwaarprocedure wordt alsnog tijdelijk wel bijstand toegekend. Dus het hangt een beetje van de zaak af in hoeverre de schorsende werking is. Als een, want zo lang men niks doet tegen een bezwaar indienen heeft namelijk geen opschortende werking van het besluit. Dan moet je dus een voorlopige voorziening aanvragen. Dat is in het algemeen. De voorzitter: Mijnheer Hamoen, u vraag twee nog. Pagina 6 van 25

De heer Hamoen: Ja. Als ik het goed begrepen heb dan wilde u even wat meer weten hoe het zit hoe het met betrekking tot het intrekken van een bezwaarprocedure, als er bijvoorbeeld een nieuw besluit is genomen. De voorzitter: Mevrouw Ripmeester. Mevrouw Ripmeester: Voorzitter. Nee, het wordt soms ingetrokken omdat er al een nieuw besluit is genomen zeg maar. Hoe vaak gebeurt het dat tijdens een lopend bezwaarprocedure een nieuw besluit wordt genomen waardoor de bezwaarprocedure overbodig is? De heer Hamoen: Dan kijk ik even naar de secretaris, want als er namelijk zeg maar in de vroege fase al nieuw besluit wordt genomen omdat zeg maar, ik kan voorstellen er wordt kennis genomen, dossier wordt bestudeerd, er worden bijvoorbeeld onregelmatigheden of dingen die niet helemaal lekker zijn gelopen en bij een besluit vanuit de vakafdeling al een nieuw besluit te nemen waarbij zeg maar het oude besluit wordt ingetrokken, dan komt het meestal al niet meer bij ons want dan is het eigenlijk al opgelost. Maar als het over gaat hoeveel dat voorkomt dan moet ik even, secretaris? De voorzitter: Mijnheer Vervorst, heeft u daar zicht op? De heer Vervorst: Nee, ik heb dat niet paraat. Als het voorkomt is het vooral in het sociaal domein. Ik, een grove schatting ongeveer een derde van het aantal intrekkingen wat is genoemd dat dat gebaseerd is op herziene besluiten.

Als het gebeurt is het meestal in het sociaal domein. De voorzitter: Mevrouw Ripmeester, zou u dan uw volgende serie vragen willen stellen? Mevrouw Ripmeester: Ja graag. Een vraag, o nee, deze niet. Er is … Er staat geen bezwaar open tegen een aanvraag, dat op zich klinkt dat logisch. Tegelijkertijd zoals in het voorbeeld later wordt gegeven als er een boom gekapt wordt dan is de boom al gekapt als de bezwaarprocedure begint. Dat vind ik een beetje spanning geven. En u geeft ook later in uw jaar… in het verslag dat de commissie Bezwaarschriften meldt soms overwegingen ter overvloede ter verbetering van het beleid of knelpunten, of dingen. En hoe komt deze kennis naar de raad, is dat, nou ja, komt die kennis ook naar de raad? Wordt dat gebundeld of worden wij op de een of andere manier daarover geïnformeerd? Mijn andere vraag is dat er een dalende lijn is in het aantal adviezen, en tegelijkertijd is er een stijging van het aantal rechtszaken. En is daar een verband tussen of is dat, of kunt u dat duiden? Snapt u dat? Dat is een vraag. En u geeft aan dat een ambtenaar, dat een aanbeveling is dat een ambtenaar meegaat naar de hoorcommissie. En mijn vraag is: mag de cliënt dan ook nog iemand meenemen? En mijn allerlaatste vraag is: wordt uw advies altijd overgenomen? Dank u wel voorzitter.

De voorzitter: Heren, wilt u even overleggen voor de taakverdeling, of? Ik begrijp dat mijnheer Vervorst begint, als dat mag? De heer Hamoen: Uiteraard. De heer Vervorst: Over die kapvergunning want daar is namelijk inderdaad een procedure om bijzonderheid. Meestal heeft bezwaar geen opschortende werking, maar bij kapvergunningen is dat iets anders. Kapvergunning, er mag pas gekapt worden na het verstrijken van de bezwaartermijn, dus dat is al, zit al een rem op. Daarna mag het in principe wel maar ik heb nog nooit meegemaakt dat de gemeente dan toch zo’n kap doorzet. In de praktijk wordt dat altijd, wordt de bezwaarprocedure afgewacht. Als een burger dat echt af wil dwingen dan komt het figuur van voorlopige voorziening weer in beeld. Pagina 7 van 25

De voorzitter: Mevrouw Ripmeester, u heeft daar nog … Mevrouw Ripmeester: Ja omdat in het stuk staat: er kan geen bezwaar worden gemaakt tegen een aanvraag. Kan het nu wel of kan het nu niet? Of kan er pas bezwaar worden gemaakt als de kapvergunning is afgegeven? De heer Vervorst: Ja. Mevrouw Ripmeester: Dat is het, dank u wel. Nee, dan begrijp ik het, dank u wel. De voorzitter: Heren, wie mag ik als eerste het woord geven? Mijnheer Hartwijk, gaat uw gang. De heer Hartwijk: Op uw tweede vraag van wat die over die af… overweging ten overvloede. Wij geven ze, maar wat ermee gebeurt, dat gaat buiten de commissie om. Dus dat. Daar kan wel de secretaris wat over zeggen. De voorzitter: Mijnheer Vervorst. De heer Vervorst: Hoe het naar de raad komt, want daar sloot u mee af, nou dat is voor waar we vanavond voor zitten. Dat bundelt uiteindelijk in de aanbeveling in het jaarverslag, opvallende zaken. Wat kleinere zaken, dat zijn bijvoorbeeld dingen als formuleer het besluit wat helderder, en dat zijn meer aanwijzingen voor de afdeling die het besluit heeft opgesteld. Dus het zijn meer de opvallende overwegingen ten overvloede die dan gebundeld worden in het jaarverslag en die komen naar de raad. De andere overwegingen ten overvloede niet. De voorzitter: Mevrouw Ripmeester. Mevrouw Ripmeester: Dank u wel.

Want ik werd getriggerd door het feit dat er in 2019 en 2020 vijf zaken gegrond zijn verklaard, en daar waren vier schrijnende zaken bij en één boeiboord over de erfgrens heen. En ik ben heel benieuwd of daar dus opmerkingen ten overvloede bij zitten ter verbetering van beleid. Want een klacht is altijd ook een ongevraagd advies, zo zie ik het altijd maar. Dus ik ben altijd heel benieuwd wat daar uitkomt. De heer Vervorst: Ik heb daar geen reactie op paraat. De … Ik heb wel de adviezen bij het opstellen van het jaarverslag nog even nagekeken. Ik kan me niet herinneren dat daar beleidskwesties aan de orde waren maar meer gewoon een onjuiste weging van de feiten. En dat levert meestal geen overwegingen ten overvloede op. De voorzitter: Vervolgens mijnheer Hamoen had ik begrepen, u … De heer Hamoen: Nou in die zin u wilde, vroeg eigenlijk of er nog een zeg maar verband was tussen de cijfers, de dalende lijn in het aantal bezwaarschriften begrijp ik, en de hoeveelheid. De voorzitter: Mevrouw Ripmeester. Mevrouw Ripmeester: U schrijft een dalende lijn bij de adviezen. Het is een sterk dalende lijn en tegelijkertijd zie je een stijging van het aantal rechtszaken. De voorzitter: Mijnheer Hamoen.

Pagina 8 van 25

De heer Hamoen: Ik vrees dat ik daar u het antwoord op schuldig moet blijven wat daar de oorzaak van is. Excuus. De voorzitter: En ik vermoed dat hetzelfde geldt voor de heer Hartwijk dan op die vraag. De heer Hartwijk: Nou ja, het enige wat ik zou kunnen zeggen is dat je merkt wel een toenemende juridisering en dat mensen sneller na een besluit om een bezwaar wat, ja wat waarin ze geen gelijk krijgen alsnog hun gelijk proberen te halen via de rechterlijke macht en middels beroep en hoger beroep. Maar of dat naar aanleiding is van de adviezen dat kan ik u niet zeggen, ik kan alleen maar, hè we, er wordt een besluit genomen op een bezwaar. Ja, daar kan men natuurlijk in, meestal tegen in beroep gaan. Maar goed dat hebben wij verder geen zicht op. We kunnen alleen zien, achteraf zien we natuurlijk of er een aantal beroepszaken zijn geweest maar, en we krijgen ook wel eens uitslagen natuurlijk van als het echt bepaalde zaken zijn die al speelden, dan krijgen we die ook wel eens van te horen de uitslag daarvan maar het is niet waar wij bij betrokken zijn. U had ook een vraag over het ambtenaar meenemen naar de hoorzitting. Dat heeft ermee te maken soms, de gemeente wordt vaak vertegenwoordigd door een jurist om het standpunt van de gemeente te verdedigen.

Maar soms zijn er een aantal, spelen er wel eens technische kwesties bijvoorbeeld over bomenkap waar ja, want bewoners zeggen vaak van ja waarom worden de bomen gekapt, het zijn mooie bomen. En dan kan een deskundige natuurlijk veel beter uitleggen dat er een bepaalde gevaarzetting is van plotseling afbrekende takken of zo, dat daarom die boom die er misschien op het zicht wel mooi uitziet toch gevaar oplevert. En dat kan dan zo’n deskundige dan veel beter toelichten dan eventueel de gemeente die dan dit, of dan degene die de gemeente vertegenwoordigt. En zo zijn er natuurlijk wel meer zaken die, Wmo is ook zoiets, daar ku… Soms spelen er wel eens heel specialistische vragen. Of bij bouwvergunningen, dan is het wel eens prettig om even dat beide partijen worden voorgelicht van ja wat is nou de achtergrond geweest om tot een bepaald besluit te komen. En daarom wordt er wel eens een, of soms op verzoek van de commissie en soms ook door de vertegenwoordigde gemeente iemand meegenomen. En aansluitend, uiteraard mag een bezwaarmaker zich altijd laten vergezellen door familie of door een gemachtigde in algemene zin zoals een advocaat. Voor zover natuurlijk plaats is, het is niet de bedoeling dat hele families meekomen, maar uiteraard mag men altijd iemand voor ondersteuning en raad en daad meenemen. Het is in feite natuurlijk een laagdrempelige manier hè, zo’n bezwarencommissie.

Het is natuurlijk nog in een wat normalere setting en ja, als de mensen wat meer op gemak zijn als ze iemand bij zich hebben is dat geen enkel probleem. De voorzitter: nog mijnheer Vervorst? Volgens mij komt er nog één, staat er nog één vraag open. De heer Hamoen: Ja, ik, als ik het goed begrepen heb dan was uw vraag van of er, of het college eigenlijk altijd de adviezen van de commissie volgt. Daar kan ik volmondig eigenlijk ja op zeggen. Slechts in uitzonderlijke gevallen zou men ervan af kunnen wijken, maar moet dat wel gemotiveerd doen. Cijfermatig moet ik u heel even in het midden laten om hoeveel precies het is, ik heb dat niet helemaal op mijn netvlies. Maar het gebeurt niet vaak dat het college afwijkt van het advies van de commissie. En nogmaals, als dat het geval is dan moet dat wel, ja, is dat ingebed in een zogenaamde contrairprocedure, en ja dan gaat wel wat nodig papier over heen en weer voordat het aan de orde is. Ja ik, krijg de cijfers, nog nul keer is men afgeweken. Staat ook in het jaarverslag, dus … De heer Hartwijk: Als u kijkt in het jaarverslag op pagina 14, onder, dan ziet u een staatje. Pagina 14, ziet u een staatje en als er staat bob contrair dan is het college omgegaan, die is dus niet akkoord geweest met het advies van de commissie. En dat, en ik zie dat in 2020 dat niet is voorgekomen.

Pagina 9 van 25

De voorzitter: Daarmee zijn volgens mij de vragen aan de heren van de bezwaarschriftencommissie gesteld en beantwoord. Heren daarvoor hartelijk dank. Het is door anderen al gememoreerd, dat is natuurlijk het sluitstuk van een hele hoop ander werk wat is verzet, waarvoor ook onze waardering. En ik neem aan dat u dat ook overbrengt naar de andere leden. Dank u wel. Dan is er nu voor de leden van de commissie nog gelegenheid om vragen over dit agendapunt te stellen aan college, in dit geval wethouder Franzen die waarneemt voor mevrouw Attema. Zijn er vanuit de commissie vragen? Mijnheer Kardol, hoeveel vragen heeft u? Eentje. Kunt u zomaar als eerste aan de beurt zijn. Mevrouw De Wolff twee. Mevrouw Ripmeester? Mevrouw Ripmeester: Ik zeg drie want dan ben ik de laatste. De voorzitter: Anderen nog? Nee? Mijnheer Kardol, ga uw gang. De heer Kardol: Ja dank voorzitter. Een vraag, SGP heeft kennisgenomen van de aanbevelingen die in het verslag zijn verwoordt. En de vraag aan het college is: wat gaat u met de aanbevelingen doen? De voorzitter: Wethouder Franzen. De heer Franzen: Ja de aanbevelingen nemen we over, daar kan ik kort over zijn. De voorzitter: Dan gaan we door met mevrouw De Wolff. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Ik heb een vraag over het proces na afronding van de bezwaarschriften die gegrond zijn verklaard, en dan met name in het sociaal domein.

Ik vraag me af hoe dat proces verloopt. Op het moment dat iets gegrond is verklaard, ga je dan de individuele cliënt daarin, nou ja, in het gelijk stellen en dat allemaal netjes afronden? Of ga, en ga je dan daarna ook nog het beleid herijken? Dat is eigenlijk de eerste vraag. En de tweede: bezwaren mogen alleen via post en of via de website en niet via de e-mail, en ik ben eigenlijk heel nieuwsgierig waarom dat is. Het lijkt een beetje op een drempel die wordt opgeworpen die misschien niet nodig is, maar misschien zijn daar andere ideeën bij. Dank u wel. De voorzitter: Wethouder Franzen. De heer Franzen: Ja, om maar met daar eerste te beginnen: als er een advies komt en wij nemen dat advies over dan nemen we een nieuw besluit en dat besluit komt in de plaats van het eerdere besluit. Dus daarmee wordt dan tegemoetgekomen aan de wens van de inwoner. In het sociaal domein proberen we dat zo snel mogelijk te doen. Proberen we ook persoonlijk te doen doordat iemand van de vakafdeling dat gesprek voert, en we proberen altijd breder te kijken dan wat er op tafel ligt. Ook naar de problemen die bijvoorbeeld niet benoemd zijn om, dus een contactmoment en dat is ook het moment dat je de kans hebt om meer te doen voor die inwoner om hem helemaal op de rails te krijgen. Dus zo gaan we met die beschikkingen om.

Indien er aanleiding is dat beleid zou moeten worden herzien dan doen we dat uiteraard. Ik heb alleen nu voor 2019 en 2020 niet paraat welke zaken van de gegronde ook echt aanleiding gaven om een heel beleidsstuk te herzien. Uit mijn hoofd gezegd is dat niet het geval geweest in die periode. Wat betreft de manier van bezwaarschriften indienen. Ja we, er is, de wet zegt het moet, er moeten een paar dingen op staan, onder andere een handtekening. Ja en dan is toch de post de meest aangewezen manier. En zou je bezwaarschriften ook via de e-mail mogelijk willen maken dan moet je de elektronische weg openstellen en die is hier in Ridderkerk niet opengesteld. De voorzitter: Mevrouw Ripmeester. Pagina 10 van 25

Mevrouw Ripmeester: Dank u wel voorzitter. Kunt u aangeven waarom die elektronische weg hier in Ridderkerk niet is opengesteld? En mijn tweede vraag is: als je kijkt naar het aantal gegronde zaken zeg maar, daar zijn vier best schrijnende van en één boeiboord. De voorzitter van de commissie gaf net aan, er was een onjuiste weging van de feiten, of in ieder geval een andere weging van de feiten mogelijk. Wordt, op welke manier vindt dat oordeel, die weging van die feiten, in op welke manier wordt dat doorvertaald naar de werkwijze in de afdeling? De voorzitter: Wethouder Franzen. De heer Franzen: Ja dan ga ik, even kijken, bij het begin beginnen. Waarom is de elektronische weg niet opengesteld? Nou ja, we zijn van mening dat de huidige werkwijze voldoende is. Dus daarmee is die vraag beantwoord. Dan wat betreft die schrijnende gevallen minus dat boeiboord. Als er een aanwijzing wordt gegeven om iets anders te formuleren dan wordt dat overgenomen, dat is ook een instructie voor de vakafdeling. De vakafdeling kijkt ernaar. Dat kan twee dingen betekenen: of het werkproces is niet goed of er is gewoon een fout gemaakt. Als dat laatste aan de orde is, ja dan wordt die fout rechtgezet , tweede als het een aanpassing in het werkproces met zich meebreng, ja dan wordt ook het werkproces aangepast. Volgens mij is dat laatste niet aan de orde.

Het is gewoon een, ja, een fout geweest en die is rechtgezet. Dus dat is de achterliggende gedachte achter de, dat is het verhaal achter de punten die op papier staan. De voorzitter: Mevrouw Ripmeester. Mevrouw Ripmeester: U geeft aan: wij hebben die elektronische weg niet opengezet want wij zijn van mening dat dat voldoende is. Heeft u dat getoetst bij de inwoners of zij dat ook voldoende vinden of dat zij het ervaren hebben als een drempel, gaf mevrouw De Wolff aan. En u gaf aan van een fout kan gemaakt worden, dat is natuurlijk ook zo. Maar het kan ook in de cultuur zitten dat er op een bepaalde manier gewogen wordt, en we weten allemaal onder één klacht zitten tien verborgen klachten, dus ik zie het ook altijd maar als een signaal of een kanarie in de kolenmijn. Vandaar mijn vraag: op welke manier gaat u daarmee om in de afdeling, of daar een soort bewustwording uitkomt of dat het gezegd wordt nee, het is een unieke casus, één foutje, sorry en klaar. De voorzitter: Wethouder Franzen. De heer Franzen: Ja om de achterliggende motivatie over die elektronische weg, ja als dat, dat is bij mij niet bekend. Komen we schriftelijk op terug. Dan wat betreft, ja is het een eenmalige fout of is iets in de werkwijze, ja meestal is het gewoon een eenmalige fout en dan moet het rechtgezet worden.

Maar u kunt van mij aannemen dat daar gewoon zorgvuldig naar wordt gekeken en ook de collega’s leren daarvan. En ook die, ja, zullen er juist doordat het benoemd is in een bezwaarprocedure adequater op letten. Dus het beeld dat er een, iets fout zit in de cultuur dat herkennen we niet. Maar het is goed dat er bepaalde zaken boven water komen. Als er niks boven water zou komen dan weet je zeker dat er niet, dat er iets niet goed is. En hier komt wat boven water en daar wordt lering van getrokken in de organisatie. De voorzitter: Mijnheer Vervorst, ik begrijp dat u nog iets over de e-mail. De heer Vervorst: Ik kan nog toelichting geven op die elektronische indiening als dat mag. De voorzitter: Nou wellicht dat dat een schriftelijke nabrander voorkomt dus gaat uw gang.

Pagina 11 van 25

De heer Vervorst: Ja. De elektronische weg wordt niet volledig opengesteld omdat je moet vast kunnen stellen wie de indiener van het bezwaarschrift is. Dus om die reden is elektronisch indienen, de elektronische weg wel opengesteld, maar alleen maar via het kanaal via de website, omdat mensen dan met DigiD in moeten loggen en dat is hun digitale handtekening. Dus dat is zeg maar de digitale equivalent van de natte handtekening op een brief. Dat is de belangrijkste reden. En daarnaast willen we voorkomen als alle e-mailadressen van de gemeente open zijn gesteld voor bezwaar, dan is de kans zo groot dat je er eentje mist en dan zit je, ja dan verdwijnt zo’n bezwaarschrift misschien en dat zou zonde zijn. De voorzitter: Nou, dat is dan mooi, dan hoeft u dat ook niet meer schriftelijk te doen denk ik. Daarmee de vragen gesteld en wethouder en mijnheer Vervorst dank voor de antwoorden. Ja, mijnheer Hamoen en mijnheer Hartwijk, u bent natuurlijk hartelijk welkom om deze commissie volledig mee te maken, maar ik kan me ook zo voorstellen dat u … De heer Hamoen: Het was een lange dag. De voorzitter: Precies. Dus dat u een andere keuze maakt. En het feit dat u via de nooduitgang moet is alleen maar vanwege corona hoor. Nee, zeker niet, nee. 5.

Nota Gezondheidsbeleid Ridderkerk 2021-2025 De voorzitter: Dan kunnen wij verder met agendapunt 5: Nota Gezondheidsbeleid Ridderkerk 2021-2025. Inzet is ter vaststelling, kunt u zich daarin vinden? Mevrouw Den Haan. Mevrouw Den Haan: Sowieso hebben wij nog de nodige vragen, maar wij willen graag dat dit ter debat gaat en dan met drie minuten spreekrecht. De voorzitter: Goed, spreektijd doen we na afloop, maar in ieder geval is dan de inzet ter debat. Dat betekent dat we voor nu beperken tot technische vragen. Wethouder Franzen, wilt u nog iets toelichten op het voorliggende voorstel? De heer Franzen: Ja graag, voorzitter. Er ligt een nieuwe nota voor gezondheid voor. Het is een nota die toekomstgericht is, is iets voor de komende vier jaar. We hebben, in de nota is opgeschreven wat het, hoe we omgaan met de wettelijke taken, hoe we daar invulling aan geven, met name CJG en GGD. Daarnaast hebben we drie thema’s benoemd en daar hebben wij ons beperkt tot het verkleinen van de gezondheidsachterstanden, vitaal gezond en gezondheid in de fysieke leefomgeving. Die thema’s zijn ook echt gekozen omdat die op andere niveaus, bijvoorbeeld nationaal of regionaal, niet goed zijn uitgewerkt. En door juist deze thema’s te nemen zorgen we er ook voor dat er compleet beeld komt voor alle thema’s die er zijn.

Het concept van deze nota hebben we reeds eerder met elkaar besproken in commissieverband. Daar zijn goede opmerkingen en suggesties uit naar voren gekomen. Die zijn verwerkt. Er zijn ook toezeggingen gedaan. In het raadsvoorstel is beschreven hoe aan die toezeggingen tegemoet is gekomen. Dus ik ben benieuwd naar de technische vragen. De voorzitter: Zijn er vanuit de commissie vragen? In ieder geval begrijp ik dan de PvdA een aantal vragen heeft. Hoeveel heeft u er? Sorry? Negen. De heer Coule. Twee, drie. Ik noteer u voor tweeënhalf mijnheer Coule. Mijnheer Kardol, een. Mevrouw De Wolff, ook een. De heer Overheid. Ook een. Heb ik niemand gemist? Nou dan heb ik er drie keer een, dan gooien we het alfabet er maar een keer op. Mijnheer Overheid, ga uw gang. Pagina 12 van 25

De heer Overheid: Zo, met de o en dan het eerste, niet te geloven. Dank u. Ja, ik heb de nota gelezen. Op zich een prima stuk. Alleen wat we eigenlijk missen als CDA is een stuk daadkracht in het stuk zelf. En mijn vraag aan de wethouder is dan ook: de stukken die hierin genoemd worden, wordt dat nog opgevolgd door een soort werkplan, of moeten we het hiermee doen? En ik wil dat eigenlijk staven met twee voorbeelden. Er staat een stuk over laaggeletterdheid in. Dat was ooit eens 11 procent, dat is nog steeds 11 procent. Ja, wat voor acties gaan daar dan op plaatsvinden? En ik las ook nog wel een leuk stuk in het stuk zelf van in verband met de gezondheid van de jeugd, dat we eigenlijk willen het goedkoper maken van groente en fruit en het beperken van snackbars. Nou hartstikke mooi idee, maar hoe gaan we dat dan concreet gestalte geven binnen Ridderkerk? Dus we zoeken nog een beetje naar de concrete actiepunten. Dank u. De voorzitter: Wethouder Franzen. De heer Franzen: Ja voorzitter, dank voor de waardering over het stuk. Dit heeft echt het karakter van een actieplan, dus we gaan ook daadkrachtig en daadwerkelijk met dit actieplan aan de slag. Hierin hebben we beschreven wat we willen gaan doen, en dat zal dan uiteindelijk gevolgd worden door een actie. Bijvoorbeeld laaggeletterdheid, daarop willen we fors op inzetten. Dat hebben we hierin weergegeven.

Vervolgens gaan we in gesprek met bijvoorbeeld de bibliotheek en Taalpunt om ook echt iets te doen met dat onderwerp en dat thema. Dat is nog niet tot in de puntkomma beschreven in dit actieplan, omdat we ook voor de komende vier jaar de vrijheid willen hebben om dat in de vier jaar te blijven verbeteren en optimaliseren. Als je dat nu te gedetailleerd vastlegt in dit actieplan, dan is dat een manier voor de vier, komende vier jaar en de tijd kan nog wel eens veranderingen vragen. Het punt is laaggeletterdheid, daar moet op worden ingezet, dat is belangrijk, dat is beschreven, en in de uitvoering gaan we ermee aan de slag. En zo geldt dat ook voor de, voor het andere voorbeeld wat u noemt. De voorzitter: Mevrouw De Wolff, ChristenUnie. Mevrouw De Wolff-ter Beek: Meer een opmerking denk ik als een vraag. Fijn dat we teruglazen dat er aandacht was voor die 3 procentnorm, die is wel vooral opgenomen rondom spelen. En wij hadden, ik had vorige keer aangegeven van het gaat me niet eens zozeer alleen om dat spelen maar het gaat me om beweegen ontmoetingsruimte voor iedereen, vitaal gezond. En ik wou u vragen om, nou ja ook de komende tijd bij dat actieplan aandacht te blijven houden voor die 3 procentnorm, welke mogelijkheden en kansen zijn daar om te voorkomen dat we straks helemaal dichtbouwen en we een prachtig plan hebben maar niet bewegen. De voorzitter: Wethouder Franzen.

De heer Franzen: Ja hij staat hier benoemd, maar de 3 procentnorm raakt natuurlijk meer beleidsterreinen, zowel bij ruimtelijke ontwikkeling van nieuwe dingen als herstructurering van bestaande wijken of wijken waar helemaal niks gebeurt maar waar je wel iets wil toevoegen. Ja dat, die norm wordt gewoon echt integraal meegenomen bij alle beleidsdocumenten en vakafdelingen die hiermee te maken hebben. Dus dat is wat ik er in algemeenheid op kan zeggen. De voorzitter: Mijnheer Kardol, SGP. De heer Kardol: Ja bedankt voorzitter. SGP had een vraag over van wat voor beeld moeten we vormen zeg maar bij de uitvoering van de nota. Nou heeft de heer Overheid al een min of meer vergelijkbare vraag gesteld, en ik heb het antwoord gehoord dus dat nemen we mee.

Pagina 13 van 25

De voorzitter: Mooi. Dan gaan we door met de tweeënhalve vraag van de heer Coule. De heer Coule: Ja dank u wel voorzitter. Bij de participatiekaders staat als een van de maatschappelijke partners vermeld de Voedselbank Ridderkerk bijvoorbeeld. Ik vraag me eigenlijk af of de FoodCompany benaderd is geweest en of die nee hebben gezegd met participatie, of zij er wel in betrokken kunnen worden en of deze partijen ook in de toekomst hier verder in betrokken gaan worden. Zeker in het kader van de minima om daar ook op gelet gaat worden. En de andere vraag is: wordt er ook op gelet dat we niet teveel gaan betuttelen, maar dat er ook nog wel een bepaalde verantwoording bij de inwoner blijft? Dat we daar ook wel op blijven letten. Dat waren mijn vragen voorzitter. De voorzitter: Wethouder Franzen. De heer Franzen: Ja om met de eerste vraag over de Voedselbank Ridderkerk en de FoodCompany te beginnen, beide zijn benaderd. Stichting Beter voor Elkaar, FoodCompany is ook genoemd in het stuk, maar onder een andere vlag. En ja, het zijn beide belangrijke partners, willen juist mensen met een lage economische status bereiken en hun bewustmaken van de kansen die ze hebben. En die mensen die, die inwoners van ons die komen echt bij zowel de Voedselbank Ridderkerk als de FoodCompany langs. Dus vandaar dat het zeker gesprekspartners zijn geweest en ook zullen blijven in de toekomst.

Wat betreft de betutteling. We hebben hier bepaalde dingen opgeschreven niet om te betuttelen maar juist om het te benoemen, en vervolgens gaan we daar ook mee aan de slag. Ieder volgens zijn eigen verantwoordelijkheid, inwoners vanuit hun verantwoordelijkheid en wij als gemeente vanuit de verantwoordelijkheid van de gemeente. En ik ben ervan overtuigd dat we samen Ridderkerk een stukje gezonder kunnen maken. De voorzitter: De halve komt niet meer mijnheer Coule? De heer Coule: Dat zat in die FoodCompany, de twee, daar zaten er twee in een beetje verstopt. Sorry voorzitter. De voorzitter: Dan gaan we … Nee, dat u niet achteraf spijt krijgt dus. Gaan we verder met de vragen van de PvdA. Mevrouw Den Haan, u gaf aan dat u er negen had dus ik stel voor dat u ze in drie blokjes van drie stelt. Mevrouw Den Haan: Ja, is goed. De eerste vraag. In het voorstel staat op pagina 3 van de 6 dat de kosten per kind aangegeven wordt bij het schoolontbijt dat de prijzen variëren tussen de 1,50 en de 4,50 per maaltijd, per lunch dan, en er zijn 4122 basisschoolkinderen, 39 schoolweken per jaar. Goedkoopste variant, één dag per week voor alle kinderen, is 6200 euro per week, dat is 241.137 per jaar, 965.000 voor de voorgestelde pilotperiode.

De duurste variant gecombineerd met alle dagen ontbijt voor alle basisschoolkinderen kost 92.745 per week, 3,6 miljoen per jaar en 14,5 miljoen voor de voorgestelde pilotperiode. U stelt voor om de pilot vier jaar in plaats van de gebruikelijke een, twee jaar de laten duren. Kunt u aangeven waarom er is gekozen voor deze lange termijn? Kunt u aangeven vanuit welke gelden deze pilot wordt bekostigd? Besluit de raad over de vorm, duur en het doorgaan van de pilot? Zo ja, wanneer komt er een raadsvoorstel? Even kijken hoor. Op pagina 6 wordt gesproken over themasessie met partners. Er is een selecte groep. Wat die, o die mag vallen, excuus. Even kijken hoor. Een grote verbeteraar van de volksgezondheid is het hebben van voldoende en stabiel inkomen en het hebben van voldoende kennis en vaardigheden om te beginnen bij de ouders, zodat kinderen een meer kansrijke start hebben. In de nota wordt een link gemaakt met schulden en stress. Op pagina 9 wordt inzet vermeld op afname van het gevoel van stress. Op welke wijze wordt dit streven doorgetrokken en afgestemd met de afdeling participatie en schulddienstverlening? Op welke manier is het hebben van voldoende en stabiel inkomen onderdeel van een kansrijke start? En dan vraag drie. Voldoende Pagina 14 van 25

basisvaardigheden zijn nodig in de complexer wordende maatschappij. Daartoe behoren ook voldoende sociale en sociaal-emotionele vaardigheden zoals onder meer onderkend op pagina 23 bij alcohol en drugspreventie. Kunt u aangeven waarom deze vaardigheden niet is opgenomen in het rijtje basisvaardigheden? De voorzitter: Wethouder Franzen. De heer Franzen: Om met de eerste vraag over de kosten voor gezond eten te beginnen op scholen. Er is in de vorige commissie een vraag gesteld naar de kosten en dit is het antwoord op die vraag. Nou ja, uit uw rekensom volgt ook al dat er een behoorlijk hoog kostenplaatje aan vasthangt, en daarom geven we alleen maar antwoord op de vraag en leggen we de bal, ja, hier in het midden. Wij als college komen niet met nu met een raadsvoorstel deze periode om dat mogelijk te maken. We onderschrijven wel het belang van gezonde voeding, dus daar zullen we zeker via voorlichting of campagne op inzetten, maar we gaan niet voor alle 4100 kinderen nu schoolontbijt alle dagen in de week in gang zetten. Dan wat betreft voldoende stabiel inkomen. Er is een relatie tussen die paragraaf in deze nota en het integraal beleid sociaal domein wat we eerder hebben vastgesteld. Maar ook bijvoorbeeld met minimabeleid, plan schuldhulpverlening, en ook het plan ter voorkoming van problematische schulden. Dus zo is dat onderwerp breder.

Dat is de beleidsmatige kant dat we daarop willen inzetten. Aan de andere kant hebben we ook de praktijk. We hebben bijvoorbeeld het project Kansrijke Start, waarin echt de eerste hulpverleners van een gezin zoals de kraamverzorging echt langsgaan bij mensen thuis, vooraf de bevalling, na de bevalling, en zij signaleren meer doordat ze in Kansrijke Start samenwerken met andere partners, bijvoorbeeld het wijkteam. Dus als iemand daar voor het eerst komt en ze signaleren iets wat bijvoorbeeld wat armoede raakt, een laag inkomen, schulden, dan geven ze dat door. Vervolgens wordt er gekeken van hoe kunnen we die aanstaande moeder of die moeder het beste helpen, zodat je ook doordat je die moeder helpt, help je uiteindelijk ook het kind sneller vooruit en geef je alle kansen die een kind heeft, elk talent, geef je een gelijkwaardige kans in de samenleving. Dat waren de eerste twee vragen. De derde vraag over die sociale vaardigheden. Sociale vaardigheden, daarbij moet je onder andere denken aan de trainingen die aangeboden worden bij de, via de wijkteams, maar ook de trainingen die worden gegeven in de, op de scholen. Daar zit verschil tussen en beide zijn even belangrijk.

De trainingen bij het wijkteam hebben meer het karakter van algemeen opvoedkundig en de trainingen op de scholen voor de, voor onze opgroeiende jeugd, die hebben meer het karakter van informeren wat is drugs, wat is alcohol, wat doet het met je, hoe kan je nee zeggen. En als je er toch mee in aanraking bent, mee bent gekomen, hoe kan je ervan af komen. Dus dat is het verschil tussen die twee soorten trainingen. De voorzitter: Mevrouw Den Haan, uw volgende drie vragen. Mevrouw Den Haan: Even kijken hoor. In uw reactie op het advies van MBR geeft u aan dat de doelstellingen in de nota SMART zijn geformuleerd. Even kijken. Kunt u aangeven wat u daaronder verstaat? Kunt u een overzicht verstrekken van tien SMART geformuleerd doelstellingen in deze nota? Want als voorbeeld: die 11 procent laaggeletterdheid dat is eigenlijk niet meetbaar. De voorzitter: Stel voor dat u even nog twee vragen stelt en dan … Mevrouw Den Haan: Het effect van het inzetten is niet meetbaar. Zo, ja, excuus. Even kijken hoor. Door de tweedeklassers middelbare school van Ridderkerk wordt relatief veel energydrink gedronken. Wordt er vooral ingezet op de voorlichting of worden ook bijvoorbeeld concrete afspraken gemaakt met verkooppunten? Uit de Gezondheidsmonitor 2019 blijkt dat onder tweedeklassers lachgas vaker gebruikt wordt en dat het aantal kinderen dat seks heeft gehad hoger is dan in de regio.

Scholen zijn vrij om zelf invulling te geven aan het Pagina 15 van 25

onderwijs over seksualiteit. Er zijn wel richtlijnen en er is een wettelijke basis. Wordt gemonitord of scholen wel of niet bijdragen aan uw beleid en zo ja, hoe? Kunt u aangeven waar de theoretisch in de zin van wetenschappelijke onderbouwing staat van de nota? Ook het MBR heeft hier vragen over gesteld. U verwijst in het antwoord op het MBR naar hoofdstuk 2. In hoofdstuk 2 staat een verwijzing naar een rapport van de WRR, dus ongetwijfeld meer informatie. De voorzitter: Wethouder Franzen. De heer Franzen: Wat betreft het advies van het MBR: wij zijn van mening dat het voldoende SMART geformuleerd is. Deze nota gaat vier jaar lang mee, dus die moet ook de komende vier jaar toekomstbestendig zijn. Dus we hebben een balans gezocht tussen enerzijds voldoende duidelijk en de andere kant voldoende flexibel, want de onderwerpen die gaan meebewegen op wat er in Ridderkerk gaat gebeuren. En door het juist op deze manier te doen hebben we een toekomstbestendige nota waarbij we goed hebben aangegeven welke thema’s we gaan aanpakken. Dan wat betreft het theoretisch hoofdstuk: we hebben naar dat rapport van de WRR verwezen omdat dat een goede samenvatting is van het theoretisch kader.

Er is meer, zijn meer stukken in de wereld waar wat in staat, maar we kunnen niet alles herhalen en we hebben juist deze gekozen omdat dit gewoon een goede algemene beschrijving geeft, en die ook gewoon voldoende basis en theoretisch kader met in zich heeft. Voor de vraag over energydrink, blikjes en pakjes, ik kijk even naar de ambtelijke ondersteuning en die zou ik ook willen vragen om de derde vraag te beantwoorden. De voorzitter: Mijnheer Hasanzadeh, zou u de microfoon aan willen zetten? Dan gaat het beter. De heer Hasanzadeh: Wil graag beginnen eerst met de vraag over of de cijfers beschikbaar zijn over gebruik van lachgas en ook cijfers over seksueel gedrag. Voor zover ik weet hebben wij deze cijfers niet, beschikken wij niet over deze cijfers. De voorzitter: En ik begreep dat u ook vraag drie of … De heer Hasanzadeh: Was een andere vraag? Dat heb ik niet goed verstond. Kunt u deze vraag nogmaals herhalen? De voorzitter: Kunt u de vraag over het, de verkooppunten van de energydrink nog een keer herhalen? Mevrouw Den Haan: Door de tweedeklassers middelbare school van Ridderkerk wordt er relatief veel energydrink gedronken.

Wordt er vooral ingezet op voorlichting of worden ook bijvoorbeeld concrete afspraken gemaakt met verkooppunten? En uit de Gezondheidsmonitor van 2019 blijkt dat onder tweedeklasser ook lachgas een vaak, vaker gebruikt wordt en dat het aantal kinderen dat seks heeft gehad hoger is dan in de regio. Scholen zijn vrij om zelf invulling te geven aan het onderwijs over seksualiteit en er zijn wel richtlijnen en er is een wettelijke basis. Wordt er gemonitord of scholen wel of niet bijdragen aan uw beleid en zo ja, hoe? De voorzitter: Mijnheer Hasanzadeh. De heer Hasanzadeh: Antwoord op de eerste vraag is: onze aanpak is meer inzetten op voorlichtingen. En antwoord op de tweede vraag is: voor zover ik weet beschikken wij niet over de cijfers wat u bedoelt. De voorzitter: Mevrouw Den Haan ik begreep dat u nog een aantal vragen heeft.

Pagina 16 van 25

Mevrouw Den Haan: Dan hebben we … U geeft aan in te zetten op koele speelplekken. Gras en groen brengen verkoeling, bestrating en asfalt verwarmen. Betrekt u het uitgangspunt ook bij de mogelijke uitwerking van een pumptrackbaan? En dan hebben we, even kijken hoor. Nota op pagina 18 wordt er gesproken over seksuele gezondheid. Is er in dit onderzoek ook, is hier ook onderzoek geweest naar de LHBTIQ+gemeenschap? En is er ook onderzoek geweest over hun gevoel qua veiligheid? En dan over bijlage 3: er wordt op meerdere punten wordt er data gebruikt van voor 2018. Hoe actueel is dit en zijn er ook recentere data beschikbaar? De voorzitter: Wethouder Franzen. De heer Franzen: Om met die eerste vraag te beginnen, koele speelplekken. Daar houden we rekening mee. Zoals ik net ook heb uitgelegd op een andere vraag, we, de verschillende vakafdelingen die te maken hebben met deze materie nemen dit integraal mee. Dus ook daar zullen ze kijken van ja, hoe gaan we om met die kenmerken die je nodig hebt in een fysieke leefomgeving. Dus als er concreet een pumptrackbaan voorligt, dan zal ook dat aspect een van de aspecten zijn waarbij, waarop getoetst wordt. Dan wat betreft de data, we hebben de meest actuele data gebruikt, tenzij anders is aangegeven in de nota, en dat is bij één nota, bij één monitor het geval.

Die komt binnenkort uit, die wordt ook nagezonden, maar met die partner hebben we ook overleg gehad in algemene zin dus wij gaan ervan uit dat als er iets raars in die nota had gestaan wat in strijd was met de monitor, dat zij dat hebben aangegeven. De andere kant was niet mogelijk omdat de inhoud van die monitor onder embargo was. Dan de middelste vraag over seksuele gezondheid en het veiligheidsgevoel, kijk ik even naar mijn linkerzijde, mijnheer Hasanzadeh. De heer Hasanzadeh: Mijn antwoord is dat met het ontwikkelen van nota gezondheidsbeleid hebben wij geen specifiek onderzoek gedaan naar seksuele gezondheid onder de gemeenschap LHBTI. De voorzitter: Mijnheer Coule. De heer Hasanzadeh: Zal ik nogmaals antwoord op de vraag want … ja De heer Coule: (niet hoorbaar) De heer Hasanzadeh: Ja. Antwoord op de tweede vraag was dat bij ontwikkelen van de nota gezondheidsbeleid hebben wij geen apart onderzoek gedaan naar seksuele gezondheid tussen doelgroep LHBTI. Antwoord op eh, wat was de vraag nogmaals? Dit geldt ook voor veiligheidsgevoel. De voorzitter: Mevrouw Den Haan. Mevrouw Den Haan: Gaat dit nog wel eventueel gebeuren? Want het lijkt me wel relevante informatie. De voorzitter: Wethouder Franzen. De heer Franzen: De vragenlijsten worden voor de, opgesteld door de GGD, die gebruiken wij, wij zorgen dat die ook door de kinderen op de scholen worden ingevuld.

Althans, we sturen de schoolbesturen erop aan dat ook echt te doen. Die vragenlijsten maken geen onderscheid tussen bepaalde doelgroepen. Dus iedereen wordt benaderd, alle doelgroepen worden benaderd, maar de antwoorden, de respons is een overall respons waarbij je die bepaalde elementen onder bepaalde doelgroepen er dus niet meer uit kan halen. En in de hele

Pagina 17 van 25

regio werken we met uniforme vragenlijsten om juist goed te kunnen vergelijken. Dus op korte termijn zal er geen ander onderscheid worden gemaakt. De voorzitter: Dat waren uw vragen mevrouw Den Haan? Geen nabranders meer? Dan is de inzet van dit stuk ter debat. Ik heb begrepen dat de PvdA daar drie minuten over wil doen. De heer Westbroek wil daar twee minuten aan besteden. De heer Kardol ook twee. De heer Coule ook twee. Andere fracties? Mevrouw De Wolff twee, het CDA twee. Nou, dan denk ik dat we uiteindelijk daar nog wel een totale behandeltijd van drie kwartier aan kunnen koppelen. Drie fracties, twee fracties zijn er niet maar die zullen wellicht ook nog hun zegje willen doen. Ja, gaat het op met een eerste termijn van drie minuten, waarbij we ervan uitgaan dat de meeste fracties maar twee minuten zullen gebruiken en dat we het dus in een totale behandeltijd van drie kwartier af kunnen wikkelen. Mijnheer Los, u wil nog … De heer Los: (niet hoorbaar) stemverklaring (niet hoorbaar). De voorzitter: Ja, ja. Nou, dat is mooi, dan zijn we misschien iets eerder dan drie kwartier klaar. 6.

Overleg over Doelgroepenvervoer De voorzitter: Brengt ons bij agendapunt 6: overleg over het doelgroepenvervoer. U heeft een raadsinformatiebrief van het college gekregen met daarin een voorstel voor een vervolg. U heeft van de griffie nog een keer een memo gehad waarin een en ander ter verduidelijking uiteen is gezet. Ja, allereerst wethouder Franzen, wilt u nog iets delen met ons op dit punt? De heer Franzen: Ja heel kort. Ik denk dat de griffie een en ander goed heeft verwoord in de memo. En daarnaast de raadsinformatiebrief die geagendeerd is, daarin is ons voorstel echt om nu een samen een beleidskader te gaan opstellen voor het doelgroepenvervoer zodat we goed met elkaar in overleg gaan wat zijn de kaders. Eventueel kan de raad dan aangeven ja dit is, moet ook niet alleen over de kaders gaan maar bepaalde accenten moeten gelegd worden. En die zijn voor ons even belangrijk als een kader. Als dat vervolgens aan het college wordt meegenomen wordt ook de verordening dan vastgesteld t.z.t. door de raad en dan heb je een breder kader voor een eventuele aanbesteding. Die aanbesteding is een bevoegdheid van het college.

Wij denken dat het een hele goede zet is, want tijdens dat proces om tot die, ja, dat nieuwe doelgroepenbeleid te komen kunnen we ook een marktanalyse uitvoeren en een bepaald aantal scenario’s nader bekijken en kunnen de voor- en nadelen aan de raad daarvan schetsen, zodat het beleid wat vervolgens die komende tijd dan bedacht wordt met elkaar ook haalbaar is in de dynamische markt van het taxivervoer. Dat is het kort, voorzitter. De voorzitter: En alle scenario’s houden ook in een verlening van de regiecentrale met een jaar hè? Dat, ja. De heer Franzen: Ja voorzitter, juist doordat je nu de regiecentrale met een jaar verlengt lopen alle contracten gelijk af en heb je tevens tijd gekocht om dit proces goed met elkaar aan te gaan en ook op verschillende momenten goed met elkaar van gedachten kan wisselen. De voorzitter: Dan zijn er vanuit de commissie vragen over de voorliggende stukken of zijn er vanuit de commissie opmerkingen met het door de wethouder geschetste voorstel om in 2023 tot een nieuw contract te komen? Mevrouw Verdiesen, hoeveel vragen had u en hoeveel opmerkingen heeft u? Ongeveer vier opmerkingen en geen vragen. De heer Los.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/775/documents/29791