CConstaterende datRidderkerk
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-06-17-verslag-commissie-samen-wonen.pdf

Commissie Samen wonen RK 17 juni 2021, gemeente RidderkerkBij agendapunt: 0: Besluitenlijst en verslag19.595 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Woordelijk verslag vergadering commissie Samen wonen 17 juni 2021 1.

Opening en vaststelling agenda De voorzitter: Ik heb in ieder geconstateerd dat Raad in beeld het doet, dus ik kan bij dezen ook de vergadering openen. Ik wil graag eenieder een warm welkom heten op deze zonnige dag. Het is inmiddels nog 26 graden in Ridderkerk, dus een uitstekende temperatuur om een goede commissievergadering te doen, lijkt mij zo. Dit is een digitale vergadering die live en achteraf via de gemeentelijke website te volgen is. Niet alle fracties zijn vertegenwoordigd. O, nou gaat ook mijn telefoon ook vertellen dat ik Raad in beeld aan heb staan. D66 is niet vertegenwoordigd voor zover ik nu heb kunnen constateren. Wilt u een interruptie plaatsen, steekt u dan zoals gebruikelijk een digitaal handje op, en dan wil ik graag bij dezen vragen aan u of u akkoord bent met de voorliggende agenda. Dan zie ik geen handjes dus ik ga ervan uit dat de agenda vastgesteld kan worden.

2.

Spreekrecht voor hen die zich hebben aangemeld De voorzitter: Dan kunnen we over naar agendapunt 2, spreekrecht voor hen die zich hebben aangemeld. Er zijn geen aanmeldingen, dus agendapunt 2 kunnen we als afgedaan beschouwen.

3.

Woonvisie Ridderkerk 2021-2026 De voorzitter: Dan wil ik heel graag overgaan naar agendapunt 3, woonvisie Ridderkerk 2021-2026. Het gaat om een informatie-uitwisseling, besluitvorming vindt plaats in de raad. Is de commissie nog steeds van mening dat dit ter debat moet of willen partijen dit ter vaststelling? Ik zie eenieder knikken bij ter debat dus dan houden we hem als zodanig, dat heeft als gevolg dat u zo meteen alleen technisch inhoudelijke vragen kunt stellen. Dan wil ik als eerste graag de portefeuillehouder mijnheer Oosterwijk het woord geven, hij wordt bijgestaan door mevrouw Blankendaal en de heer Reith van Bureau Companen. Mijnheer Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja, dank u wel voorzitter. Ik heb u vooraf beloofd dat ik het relatief kort zou houden, daar ga ik mijn best voor doen. Geachte commissie, de definitieve woonvisie voor Ridderkerk 2021-2030 die vanavond voorligt is wat mij betreft een woonvisie met karakter en nadrukkelijk oog voor Ridderkerk, de Ridderkerkse opgave. En u bent naast politiek ambitieus bent u ook realistisch, en dan denk ik dat u alles gelezen hebbend ook met mij het eens zult zijn dat deze woonvisie echt niet de oplossing voor alles zal zijn, want we leven echt in een heel ingewikkelde tijd.

De woningmarkt staat in brand waardoor de prijzen de pan uit stijgen, er moet gebouwd worden maar slaagkansen nemen af en er is simpelweg woningnood met een hoofdletter. Tegelijk geldt dat bij ruimtelijke procedures vertraging vaak aan de orde is, de bouwprijzen ook de pan uit stijgen, en leveringszekerheid van bouwproducten als u de krant leest ook verre van gegarandeerd is. En toch laten we ons daardoor niet blokkeren, we pakken de handschoen op en dat moet ook. Ik ben trots op de voorliggende woonvisie want het is een helder stuk dat goede koersen bepaald voor de woonopgave voor de komende jaren in Ridderkerk, en het is ook een visie met keuzes. Minimaal 900 woningen tot 2030, 30 procent sociaal voor het surplus op 900, en er worden concreet vraagstukken geadresseerd rondom betaalbaarheid, doorstroming enzovoorts. En u heeft ook kunnen lezen dat we openstaan voor nieuwe bouwconcepten en nieuwe woonconcepten, graag zelfs. Want wonen is niet zomaar iets, en een woonwens is ook een belangrijk gegeven. Waar ik vooral trots op ben en blij mee ben is dat deze woonvisie tot stand is gekomen langs de lijn van stevige participatie en goede gesprekken, met allerlei Ridderkerkse betrokkenen. Jeugd, mantelzorgers, zorgpartijen, wijkoverleggen, Wooncompas, huurdersvereniging, inwoners in algemene zin, u als commissie ook in meerdere stadia, makelaars en ontwikkelaars.

Het gaat niet alleen over stenen Pagina 1 van 29

stapelen, het gaat ook over zorg, het gaat ook over duurzaamheid, gaat ook over leefbaarheid. En ook is het gemeentelijk instrumentarium benoemd om een aantal vraagstukken die enorm weerbarstig zijn toch zo goed als mogelijk het hoofd te bieden. De woonvisie is aangevuld met een uitvoeringsprogramma en een projectenoverzicht, en daar heeft u kennis van kunnen nemen. En voorzitter, daar laat ik het voor nu bij, dank u wel. De voorzitter: U heeft u uitstekend aan uw woord gehouden, dik compliment, dank u wel. Dan is nu het woord aan de commissie, zoals ik al aangegeven heb, het gaat ter debat. Dus voor nu zijn alleen maar technisch inhoudelijke vragen toegestaan. U kunt uw handje opsteken als u vragen heeft, technisch inhoudelijk. Ik zal het handje naar beneden doen als u aan het woord geweest bent. Ik ben nog niet zo digitaal vaardig als de hoofdvoorzitter, mijnheer Stip, die dat op een andere wijze goed kan. Ik zie als eerste het handje van de heer Mijnders, CDA. Kan ik u het woord geven? De heer Mijnders: Wel, voorzitter. Ik heb één technische vraag aan de wethouder. Het gaat om het stuk in het uitvoeringsprogramma en op pagina 3 wordt neergezet, even kijken , we onderzoeken de mogelijkheid voor het invoeren van een registratieplicht voor arbeidsmigranten.

Kan de wethouder toelichten waarom dit onderzocht gaat worden en welke doelen ze daarmee willen bereiken? Dat was het, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja voorzitter, heldere vraag van de heer Mijnders. Kan ik ook denk ik relatief eenvoudig beantwoorden. We hebben met elkaar al eerder een onderzoek uitgevoerd naar zeg maar even de factor arbeidsmigranten in onze regio. En daar blijkt natuurlijk uit dat dat best heel veel arbeidsmigranten met zich meebrengt, en nu is het zo dat op een bepaalde manier de huisvesting onder ons oog plaatsvindt en we tegelijkertijd niet goed weten van waar dan precies en hoe dan precies. En niet alleen uit kwalitatief oogpunt maar ook uit leefbaarheidsoogpunt hebben we er behoefte aan en wens bij om daar gewoon meer zicht op te krijgen, zodat we ook kunnen sturen aan de proactieve kant, zo nodig, of in ieder geval als er zeg maar iets speelt ook beter kunnen bezien van wat is er aan de hand en hoe kunnen we daarop acteren. Dat is een instrument wat bij steeds meer gemeenten op deze manier ook andere voeten wordt gegeven. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Mijnders, is daarmee uw vraag voldoende beantwoord? Mevrouw De Wolff, ik zag ook even heel kort uw handje omhoog, wilde u interrumperen op de beantwoording? Mevrouw De Wolff-ter Beek: Nee, straks. De voorzitter: Oké, prima.

Dan ga ik over naar de heer Ouwens, Leefbaar Ridderkerk. De heer Ouwens: Ja, dank u wel voorzitter. Wij hebben drie vragen, die gaan over de woonvisie zelf, het document, en het gaat over blad 20. Daar staan wat strategische locaties benoemd waaronder Sportpark Bolnes. En er staat hierbij: hier hebben wij een grond positie, hebben we zelf mogelijkheden om een goed programma te realiseren. Onze vraag is: op welke termijn is daar de verwachting van dat ook voetbalvereniging Bolnes op het sportpark kan blijven, gezien de plannen voor woningbouw aldaar? Dat is vraag 1. Vraag 2 gaat over pagina 34, gaat ook weer over de gewenste ontwikkelingen, dit geval in Drievliet en Het Zand. En eigenlijk staat daar dat de wens is bouwen voor senioren grondgebonden, gelijkvloers in Drievliet. En eigenlijk is de vraag, ja, waar denken we dan aan want het is best vol bebouwd, dus wij vroegen ons eigenlijk af van op welke specifieke plek of plekken wordt daar dan aan gedacht, en datzelfde geldt voor

Pagina 2 van 29

pagina 35 voor de ontwikkeling in Oost. Daar wordt ook gevraagd verruiming voor seniorenwoningaanbod, maar ook daar is de vraag van op welke plek wordt daar dan aan gedacht? Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Ouwens. Mijnheer Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja voorzitter, ik dank de heer Ouwens voor zijn vragen en ik begrijp die vragen ook want aan de ene kant weten we dat de woonvisie, ja, soms wat abstracte kaders gaat en uiteindelijk gaat het er natuurlijk om dat je op hele concrete plekken uiteindelijk de gewenste woonontwikkeling realiseert. Ik refereer (niet hoorbaar) als geen ander naar zijn eigen (niet hoorbaar). Ik denk dat we wel met elkaar moeten vaststellen dat dit echt een beleidsstuk is, en het beleidsstuk dat geeft de kaders aan waarbinnen of waarmee we in de komende jaren daadwerkelijk ook die concrete realisatie willen vormgeven, waarvoor ook voor de verschillende delen van Ridderkerk opgaven zijn geïnventariseerd, geanalyseerd en uiteindelijk richting uitspraken zijn gebracht. U heeft de projectenlijst erbij gezien, en het is natuurlijk inderdaad zo dat gegeven de opgaven die er zijn nog echt niet overal een locatie op te plakken is.

Dat zal juist ook in de komende tijd ook handen en voeten gegeven moeten worden langs de lijn van kansen benutten die er ongetwijfeld in zijn recht zullen komen, maar twee, bijvoorbeeld ook op die tafel die we hebben geïdentificeerd van herstructureringen wonen, om te kijken of we met partijen schuifruimte kunnen creëren waardoor er toch ineens grondposities ontstaan, en dat hoeft echt niet per se in gemeentelijke handen te zijn, maar programma’s kan een keer worden vormgegeven. Dat is eigenlijk mijn antwoord op zowel de vraag rondom Drievliet als de vraag rondom Oost. De andere vraag, de eerste vraag gaat over Bolnes. En u heeft terecht opgemerkt dat dat een strategische grondpositie is waar we als gemeente ook vanuit onze eigen portefeuille ook ontwikkelingen mogelijk kunnen maken. En ja, Sportpark Bolnes is natuurlijk best wel een ingewikkelde locatie want er komen best een aantal dingen samen. Daar gaat het niet alleen over een woonprogramma koud realiseren, maar er zit inderdaad ook een belangrijke sportvereniging en die werd in de achterliggende tijd ook vanuit de wethouder sport en maatschappelijk vastgoed echt wel meegenomen om over een aantal discussies, een aantal vraagstukken die daarbij spelen.

Daar hoef ik denk ik ook geen nader betoog op te doen, maar de kunst gaat zijn op die locatie om sport en wonen op de meest verstandige manier te laten samengaan, en op het moment dat er duidelijkheid komt op, ja, ik zal het maar even de toekomstfactor van sportvereniging Bolnes, dan weten we automatisch aan de woonkant wat er minder mogelijk is. Ik kan niet voorspellen op dit moment hoe dat zich gaat ontwikkelen, maar daarom proberen we ook in de aanloop naar uiteindelijke plaatjes in ieder geval tweesporenbeleid gewoon te hanteren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Oosterwijk. Mijnheer Ouwens, zijn uw vragen hiermee voldoende beantwoord? De heer Ouwens: Jazeker, duidelijke antwoorden. Wel één tegenvraag op ook een heel duidelijk antwoord over Sportpark Bolnes, we begrijpen zeker ook dat die mix van sport en wonen wordt onderzocht, heel duidelijk. De vraag alleen is, en dat gaat dan op het gebied van de participatie: is er iets überhaupt verteld tegen de sportvereniging op welke minimale termijn er iets zou kunnen gaan spelen? Kijk, stel het is nu een mix van sport en ze mogen blijven zitten, maar is er überhaupt iets gezegd van joh, komende vijf jaar sowieso gebeurt er niks of kunnen jullie er in ieder geval blijven zitten. Is daar iets over gezegd, daar zijn wij benieuwd naar. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Oosterwijk.

De heer Oosterwijk: Nee, laat ik het zo zeggen, mij is niet bekend dat vanuit de wethouder sport daar op deze manier uitspraken zijn gedaan qua termijn. Wat we wel met elkaar natuurlijk weten, maar dat gaat alle Pagina 3 van 29

participanten aan, dat er uiteindelijk gewoon een participatietraject aan ten grondslag ligt waarbij we als raad al stappen verder zijn ook gewoon echt met de buurt en met de omgeving en met de sportvereniging en de buren enzovoorts, dat type gesprekken wel gaan voeren. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Oosterwijk. Mijnheer Ouwens, ik ga er even van uit dat uw vragen hiermee voldoende zijn beantwoord. Ik zie u knikken, dank u wel. Dan wil ik graag het woord geven aan de heer Piena, VVD Ridderkerk. Gaat uw gang. De heer Piena: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een vraagje over het uitvoeringsprogramma op pagina 19. Daar staat dat er behoefte is aan vrije sectorhuurwoningen, ook boven de grens van de sociale huur. En toch zijn we ook bezig met een zelfbewoningsplicht. Ja, hoe verhoudt zich dat, want er zal dan toch iemand die woningen tot zich moeten nemen om ze te kunnen verhuren? En dat wordt dan wel lastig, dus graag zou ik daar wat helderheid in willen hebben. En nog even een vervolgvraag op die van mijnheer Ouwens, tuurlijk geeft de wethouder aan dat er een mooi participatietraject komt maar ik denk als er over je gesproken wordt, zoals een voetbalvereniging Bolnes, dat het wel aardig zou zijn al op voorhand even met deze mensen in gesprek te gaan en nou ja, gewoon face to face even te vertellen wat er aan de hand is.

Kan de wethouder toezeggen dat dat al voordat er meer duidelijkheid komt, voor het participatietraject om met deze vereniging gesproken gaat worden? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Piena, u redde zich op tijd eruit. De commissie is voor technische inhoudelijke vragen, daar wil ik u nog even kort op wijzen. De heer Oosterwijk, wilt u deze vraag van de heer VVD beantwoorden? Mijnheer Oosterwijk, wilt u ook even uw geluid aandoen, dan kunnen wij allemaal met u meeluisteren wat u te vertellen heeft. De heer Oosterwijk: Ja, nou, dan ga ik eens kijken of ik het op tweede manier te zeggen op dezelfde manier kan vertellen als de eerste keer, maar dat gaat me lukken. Nee, mijn vraag is vooral eens eventjes of de heer Piena zijn tweede vraag zou kunnen herhalen want er viel hier iets op de dataverbinding weg waardoor ik heel horterig en stotig een op zich denk ik heldere vraag doorkreeg. De voorzitter: Dan ga ik hem even voor de heer Piena herhalen en die gaat me ongetwijfeld corrigeren als het niet voldoende is. Op het moment dat er gesproken wordt over een woonvisie op de locatie van de voetbalvereniging, ik zeg het even zwartwit, of er dan op voorhand ook al gesproken gaat worden met de sportverenigingen omdat er dan toch al wat helderheid voor hen mogelijk zou kunnen zijn. Vraagteken. De heer Oosterwijk: Helder.

Om eerst even met de eerste vraag te beginnen, zelfbewoningsplicht, ja, zelfbewoningsplicht dat geldt op zich natuurlijk vooral voor de koopwoningenkant, niet zozeer voor de huurkant. Dus dat is in ieder geval één deel van het antwoord. En daar waar het zeg maar de huurmarkt aangaat hebben we natuurlijk ook nog in het vooruitzicht gesteld dat we met de doelgroepenverordening aan de slag willen, waardoor zeg maar de beschikbaarheid en de betaalbaarheid van die op zich heel noodzakelijke categorie woningen om de doorstroming te bevorderen ook een aantal dingen goed willen borgen. Dat is het eerste antwoord. Tweede antwoord als het gaat om Bolnes, ja, voorzitter, ik voel me echt wel een beetje belemmerd om hier allerlei uitspraken te gaan over een proces wat gaande is. De heer Piena mag ervan uitgaan dat wij ook in de gesprekken of misschien wel juist in de gesprekken met sportvereniging Bolnes echt zo veel mogelijk duidelijkheid en toekomstperspectief willen bieden als op dat moment ook mogelijk is, en ik weet, als ik zeg maar af en toe even hoor van de collega Van Os dat die gesprekken op zich gewoon prima verlopen en dat partijen elkaar weten te vinden enzovoorts, en ik denk dat het op zich niet verstandig is om daar allerlei dingen aan de voorkant te gaan lopen inpluggen, want je moet uiteindelijk ook kunnen Pagina 4 van 29

waarmaken wat je zegt, en daarvoor kies ik vooral voor de fase van deze fase om stap voor stap die ontwikkeling te laten plaatsvinden en duidelijkheid te verschaffen op het beste moment en niet eerder dan dat. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Oosterwijk. Mijnheer Piena, zijn uw vragen hiermee voldoende beantwoord? De heer Piena: Nee, helaas niet. Ik begrijp dat het voor de koopwoningsector gaat, maar op het moment dat je nieuwe woningen gaat bouwen en dat je daar de zelfbewoningsplicht wil op toelaten, op toepassen, ja, dan komen ze niet voor die huurmarkt vrij. Dus het gaat er mij om, er worden tien woningen gebouwd door een eigenaar en die gaat ze verhuren, maar dat kan niet met de zelfbewoningsplicht. En dan vroeg ik me af, ja, hoe gaat dat nou gemengd worden? Want anders blijft hij in die koopsector zitten, en hij moet naar de huursector. En voor Bolnes was het antwoord redelijk duidelijk, vroeg ook niet voor toezeggingen voor Bolnes maar mijn vraag was of omdat er over de sportvereniging wordt gesproken, dat er op voorhand al even contact met ze wordt opgenomen en besproken wat er gaande is, en geen toezegging uiteraard want dat kan de wethouder in dit stadium niet. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Piena.

Mijnheer Oosterwijk, kunt u nog even kort op de aanvullende vragen van de heer Piena antwoorden? De heer Oosterwijk: Nou, wellicht, en als dat bij een tweede poging nog niet lukt dan ga ik vragen of mevrouw Blankendaal dat nog duidelijker kan vertellen dan dat ik het probeer te doen. Ja, zelfbewoningsplicht is echt iets wat zeg maar te maken heeft met verkoop van woningen die gerealiseerd worden. Daar is het denk ik een heel passend instrument voor om te voorkomen dat speculanten op een oneigenlijke manier die woning op zouden kopen en vervolgens op een alternatieve manier in de markt willen gaan zetten wat als zodanig juist niet de bedoeling zou zijn bij zo’n project. En ja, ik kan niet helemaal scherp krijgen uit de vraag van de heer Piena hoe hij dan zeg maar ervaart dat die zelfbewoningsplicht, ja, ik zeg maar eventjes de beschikbaarheid van huurwoningen in de weg zou zitten. Volgens mij is dat verband er op die manier gewoon niet. En ik zie nog een wat vragende blik, dus misschien moet mevrouw Blankendaal nog eventjes een toevoeging erop geven. Tweede aspect, helder verhaal van de heer Piena, duidelijk, ik veronderstel dat wij op een goede manier in gesprek zijn met sportvereniging Bolnes en zouden daar op dit specifieke vlak specifieke vragen zijn, dan is sportvereniging Bolnes natuurlijk zeer van harte welkom om daar nog met elkaar even het gesprek nader over te voeren.

De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Oosterwijk, wilt u mevrouw Blankendaal nog het een en ander toe laten lichten met betrekking tot … De heer Oosterwijk: Als we dat zouden mogen afwachten van het knikken of schudden van de heer Piena dan vind ik dat prima. De voorzitter: Hij schudt, ja. Dan graag mevrouw Blankendaal. Mevrouw Blankendaal: Ja, dank u wel voorzitter. Waar je eigenlijk mee begint bij een woningbouwontwikkeling is te kijken naar de programmering en daarvan hebben we gezegd: in de basis houden we de programmering aan zoals die is voorgesteld op pagina 20 van de woonvisie. Dus daarin maak je al een verdeling tussen huur- en koopwoningen. Bij de koopwoningen kun je een zelfbewoningsplicht inzetten die eigenlijk voorkomen dat de eerste eigenaar, de eerste koper, de woning meteen doorverkoopt en je op die Pagina 5 van 29

manier de prijs kunt opdrijven. Voor de huurwoningen is die niet in te zetten, dus dat onderscheid is er. Voor huurwoningen kunnen we wel een doelgroepenverordening inzetten waarvan we ook hebben aangegeven in het uitvoeringsprogramma, daar willen we op korte termijn al mee aan de slag. En in die doelgroepenverordening kun je vastleggen welk percentage bijvoorbeeld de huurverhoging mag hebben, en dat is weer om te voorkomen dat als je bijvoorbeeld woningen in het middeldure huursegment bouwt, dat die niet ook heel snel huurprijsverhogingen krijgen waardoor ze dus niet meer beschikbaar zijn voor de middeninkomens of eigenlijk niet meer bereikbaar zijn voor de middeninkomens omdat die huren te hoog zijn. Ik hoop dat dit voldoende antwoord geeft op uw vraag. De voorzitter: Mijnheer Piena, VVD. Was dit voldoende antwoord op uw vraag? De heer Piena: Nee voorzitter, maar ik ga de vergadering niet langer ophouden, ik ga mijnheer Oosterwijk gewoon een keer binnenkort zelf lastigvallen en dan komt het vast goed. Dank u wel. De voorzitter: Dat lijkt mij een uitstekend idee, dank u wel. Mijnheer Coule, Burger op 1, mag ik u het woord geven? De heer Coule: Dat mag u zeker, dank u wel voorzitter. Ik heb een tweetal vragen, redelijk gericht dan wel globaal ook. Duidelijk document.

Er is alleen, ik ben blij dat ik op pagina 25 tegenkwam dat we naar de spoedzoekers dat we daar aandacht aan gaan besteden. Vind ik heel mooi dat we daar naar streven. De vraag is daaromtrent dan vooral: hoe ziet u dat voor zich, bij gebrek aan woningruimte wordt het toch lastig. Urgentie gaat voor, dan komen de spoedzoekers en dan de rest, maar dan blijft de wachtrij wel steeds langer worden. Dus hoe had u dat gedacht, heeft u daar überhaupt al ideeën over? En ten tweede, de tweede vraag die ik wilde stellen was voorrang voor Ridderkerkers die in Ridderkerk wonen, hoe gaan we daar dadelijk mee om, en welk percentage, van hoeveel percentage er, ja, vooraan komen als Ridderkerker zijnde dan. Dat zijn mijn twee vragen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Coule. Dan wil ik heel graag het woord geven aan de heer Oosterwijk. De heer Oosterwijk: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, het is goed dat de heer … Even zijn naam kwijt. De heer Coule: Doe maar mijnheer Coule, daar doe ik het wel voor. De heer Oosterwijk: Dat was het, ja, ik zie het hier bovenin staan.

De heer Coule het ook was opgevallen dat we er willen zijn voor de spoedzoekers, inderdaad een categorie die, en dat lezen we natuurlijk ook in de media van links naar rechts, echt enorm tussen wal en schip kan komen te vallen omdat ze aan de ene kant het niet voor elkaar krijgen om een woning te verwerven en aan de andere kant ook niet in aanmerking komen vaak voor urgentieregelingen. En daarmee, ja, op een wachtlijst terechtkomen, en als de nood hoog is en de wachtlijst lang dan snappen we allemaal het probleem. Soms is daar een tussenoplossing mogelijk, doordat bijvoorbeeld gebruik gemaakt wordt van Vinex, (niet hoorbaar) stelde daar ook al een vraag over in aanloop naar deze commissie. Maar we hebben ook wel geconstateerd dat het goed zal zijn als er ook in Ridderkerk juist als een soort tussenoplossing of een tijdelijke oplossing naar beter en naar permanent dan ook een spoedzoekerslocatie beschikbaar zou komen. Dat is een vraagstuk waar ik ook echt actief mee aan de slag wil om partijen uit te dagen en uit te nodigen om in Ridderkerk daar, misschien al was het alleen van een transformatie van een pand, mogelijkheden voor te gaan bieden.

De gemeente bouwt dat niet zelf, dat mag duidelijk zijn, maar ik wil er wel echt eer in leggen om juist ook voor deze categorie in de komende nabije periode zo mogelijk al een locatie te vinden en daar ook een partij op uit te dagen om daarin te willen Pagina 6 van 29

stappen. En zo kunnen we er toch zijn voor die mensen die dat nodig hebben. Ik kan allerlei voorbeelden verzinnen waar het dan op van toepassing is en op wie dat van toepassing is. Juist ook vaak Ridderkerkers die hier in de knel komen. Tweede vraag, als het gaat om, ik heb het maar even vertaald, de beschikbaarheid van woningen voor Ridderkerkers. Ja, twee korte antwoorden daarop: aan de ene kant weet u dat als het gaat om de sociale corporatiemarkt er in de Huisvestingswet een maximering is geformuleerd ten aanzien van lokale binding, die is gesteld op 25 procent. Regionale binding daar opgeteld mag je opplussen tot 50 procent, en ook op basis van eerdere bespreking bij de Woonruimtebemiddelingsverordening is uitgesproken dat we daar echt wel iets van vinden in het Ridderkerkse. En het college heeft daar ook richting het ministerie ook een brief verstuurd samen met gemeente Maassluis en Alblasserwaard en Barendrecht om daar ook, ja, aandacht voor te vragen om die 25 procent op te hogen. En we hebben daar een reactie op gekregen in de zin van dat het ministerie daar op zich voor open zou willen staan om erover na te denken en over in gesprek te gaan met de VNG, dus dat is al pure winst.

En op de vraag vanuit het ministerie, ben er maar gewoon open en transparant in, over van wat voor percentage zouden we het dan hebben, hebben wij aangegeven dat het geschot tussen lokale binding en regionale binding wat ons betreft wat wegvallen zodat je ook het hebt over 50 procent. En dan gaat u misschien vragen: waarom maar 50 procent? Nou, het ministerie heeft aangegeven dat aan die bovengrens van 50 procent in ieder geval niet te tornen valt, dat is één. Het tweede antwoord is als het gaat om koop, ja, we mogen gewoon simpelweg niet, en partijen mogen dat ook niet, Ridderkerkers voortrekken op mensen uit de regio of verder uit het land. Wat je vaak wel ziet is dat Ridderkerkers ook gewoon bovengemiddeld in aanmerking komen of bovengemiddeld interesse tonen, zo moet ik het eigenlijk zeggen, in woningen die toewijzing op die manier ook veelal bij Ridderkerkers valt. Maar niet alleen bij Ridderkerkers, dat is wel het heldere antwoord wat erbij hoort. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Coule, zijn uw vragen hiermee voldoende beantwoord? De heer Coule: Ja, ik wou alleen even zeggen dat 50 procent sowieso een verdubbeling is van wat het is, dus dat is op zich al een vooruitgang. De voorzitter: Ja, de mening mag u alleen verder ventileren in de raad. Ik ga vanavond streng zijn, dat u het even weet. De heer Coule: Ik mag het helaas niet in de raad, vrees ik.

Dus … De voorzitter: Nee, die snapte ik ook. Mijnheer Westbroek, Partij 18PLUS. Kan ik u het woord geven? De heer Westbroek: Ja, dank u wel voorzitter. Nog even terugkomend op een van de vragen die de heer Piena stelde over dat verhuren. Ik heb van de week geloof ik een stukje gelezen over dat er een stuk wetgeving zou vervallen waarbij woningcorporaties die woningen willen bouwen voor de vrije sector verhuur eerst bij de gemeente een soort check moeten laten uitvoeren of dat er geen marktpartijen zijn die dat zouden willen uitvoeren voordat zij dat mogen. Ik weet niet of dit bekend klinkt, maar misschien dat de wethouder daar nog iets over kan vertellen en of dat misschien Wooncompas voornemens is om een stukje van het gat van de vrije sectorhuur te gaan opvullen. De voorzitter: Mijnheer Oosterwijk, klinkt het een en ander uw bekend in de oren? Zo ja, zou u daar dan kort op willen reageren? De heer Oosterwijk: Ja, het klopt dat die discussie of die markttoets, het woord wat erbij hoort, gaat komen te vervallen. We hebben daar inderdaad … Maar tegelijkertijd hebben we er nog niet met Wooncompas over Pagina 7 van 29

gesproken. Daar waar het zeg maar in het belang is van de Ridderkerkse huurder om zeg maar dingen te laten vervallen ter bevordering van de slaagkans, enzovoorts, enzovoorts, of juist een promotie van de bouw van die woningen die zeg maar voor de (niet hoorbaar) het meest belangrijk zijn, het wordt niet nalaten daar ook op in te zetten. En dat is eigenlijk voor dit moment wat ik erover zou kunnen zeggen. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Westbroek, is uw vraag daarmee voldoende beantwoord? De heer Westbroek: Ja, dat was even voldoende voor nu, voorzitter. De voorzitter: Oké, dank u wel. Mijnheer Soffree, PvdA Ridderkerk, mag ik u het woord geven? De heer Soffree: Dank u wel, voorzitter. Wethouder, ik heb één vraag aan de wethouder en dat is het Economisch Instituut voor de Bouw heeft een dringend advies afgegeven om dringend 80.000 extra woningen te bouwen tussen Brielle en Ridderkerk voor 1930. Dat is nogal een forse hap, we hebben al eerder in de raad aangegeven dat we bijna allemaal wel in Ridderkerk vinden dat de druk op bouwen bij ons al zeer hoog is. Wat zou dat voor consequenties kunnen hebben op de woonvisie in Ridderkerk? De voorzitter: Dank u wel, u stelt een heldere vraag. Mijnheer Oosterwijk, kan ik van u een antwoord verwachten? De heer Oosterwijk: Jazeker.

Ik denk dat ik als eerste dit zou willen zeggen: de woonvisie zoals die nu voorligt, die is zodanig opgebouwd dat we kunnen dealen, zou je kunnen zeggen, met extra opgaven die op ons afkomen. Want we hebben een minimumaantal woningen benoemd in onze woonvisie en niet zozeer een maximumaantal woningen, dus dat helpt. En twee, hebt u ook gelezen hè, dat wij zeg maar voor het surplus aan woningen ons ook committeren aan een wat mij betreft fors percentage sociale corporatiehuur, en dat vooral om daar zeg maar ook de balans in de Ridderkerkse woonsamenstelling ook te kunnen behouden. En dat is echt een inzet om, daar heeft wellicht ook de heer Soffree ook in de regio ook nog wel navraag op gedaan, die fors is, en denk ik ook een stuk forser wordt opgepakt op voorhand vanuit dit college dan in heel veel regiogemeenten om ons heen. Dat is één. Twee, wat het Economisch Instituut van de Bouw aangeeft past natuurlijk wel in het plaatje van grote woningnood, waar ik vanavond ook mijn inleiding mee begon. Maar dat neemt niet weg dat wij denk ik ons vooral moeten focussen op datgene wat we met de provincie te bespreken hebben, en de provincie is de partij die de provinciale behoefteraming vooral ook afgeeft, u heeft ook in het stuk kunnen lezen dat daar ook een nieuwe behoefteraming op ons af gaat komen deze nabije periode.

En de signalen die ik er zeg maar zoal een klein beetje van gehoord heb geven aan dat dat echt binnen een aantal weken het geval zal zijn. En het getal van 26.000, 25.000, zo een beetje in die koers, zal voor het gebied van het Samenwerkingsverband Wonen Rotterdam-Rijnmond aan de orde gaan zijn. En we hebben ook bij de actualisatie van het regioakkoord waar we momenteel allemaal analyses en doorrekeningen van maken ook wel geconstateerd dat de gemeentelijke planmonitoren redelijk ruim in hun jasje zitten zodat aan de kwantitatieve kant daarmee ook niet klem zal lopen, we hebben simpelweg genoeg plannen boven op de afspraken van het regioakkoord uit 2019 aan de orde, zodat we daarmee ook gewoon kunnen invullen. Alleen de kunst is om die soms wat zachte plannen hard te maken en ook daadwerkelijk tot bouwen te laten komen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Oosterwijk. Mijnheer Soffree, zijn uw vragen hiermee voldoende beantwoord? De heer Soffree: Ja, vooralsnog kan hiermee worden volstaan, voorzitter. Dank u wel.

Pagina 8 van 29

De voorzitter: Dank u wel. Er zijn voor de rest geen vragen? Mevrouw De Wolff, u had net even dat u wellicht, ik zie u nee schudden dus dan krijgt u van mij ook niet het woord. Dan ga ik aan de commissie vragen: hoeveel tijd denkt u nodig te hebben voor de eerste termijn in het debat? Ik zie al één handje met 3 minuten. Wat vinden de overige partijen? Mijnheer Soffree. De heer Soffree: Wij denken 5 minuten nodig te hebben, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Coule. De heer Coule: Wij hebben 3 minuten nodig, mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Los. Wordt 5? De heer Los: 3 minuten, voorzitter. De voorzitter: 3 minuten. Oké. Mijnheer Westbroek. De heer Westbroek: 4, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ga ik heel even snel overleggen met de griffier, een momentje alstublieft. Er is door een partij een eerste termijn gevraagd van 5 minuten dus we gaan ervan uit dat de eerste termijn een uur duurt met totaal twee termijnen, de totale behandeltijd 90 minuten. Is de commissie, kan die hiermee instemmen? Ik zie al wat geknik, dan stellen we bij dezen vast dat dit onderwerp 90 minuten dat daarvoor ingeruimd gaat worden. 4.

Opzet Gebiedsvisie Rivieroevers en plan MER De voorzitter: Dan ga ik heel graag over naar agendapunt 4, opzet gebiedsvisie Rivieroevers en plan MER. Dit ligt voor ons voor vanavond als informatie-uitwisseling, meningsvorming. Vanuit de ambtelijke zijde is mevrouw Van Mil aanwezig en van Bureau, nou hoop ik dat ik het goed zeg, RHDHV, zijn de heren Porton en de heer Römhild aanwezig. Ik wil graag als eerste de heer Oosterwijk het woord geven. De heer Oosterwijk: Ja, dank u wel voorzitter. En net als bij de woonvisie heb ik best wel uitgekeken naar vanavond, gaat om de gebiedsvisie Rivierovers, om met de commissie van gedachten te wisselen, informatie uit te wisselen en natuurlijk ook dingen terug te krijgen. Aantal dingen is toegezonden, waaronder de presentatie en de commissie heeft ook kunnen zien dat daar een paar vragen in zijn geformuleerd zodat ook aan de voorkant duidelijk is waar het vanavond over gaat. En ik hoef in deze inleiding eigenlijk niet zo heel veel op de inhoud te vertellen want dat gaat allemaal vanavond gevoeglijk aan bod komen vanuit mevrouw Van Mil en de opstellers van de gebiedsvisie, RHDHV. Maar wat ik wel, en daar geniet ik gewoon van, met zo veel woorden, graag nog eens even wil neerleggen is de manier waarop deze gebiedsvisie tot stand komt, dat is niet standaard.

We maken daar gebruik van een iReport-omgeving waar bewoners prikkers kunnen plaatsen, en, en dat heeft u in de RIB kunnen lezen, al meer dan 160 reacties opgeleverd. Maar we werken ook met binnenlabs en buitenlabs en op allerlei manieren zijn mensen bezig om hier met ons iets moois te bouwen. En nou, dat vind ik geweldig mooi, dat inspireert, dat enthousiasmeert en dat motiveert ook. En we hebben nog een heel mooi half jaar te gaan hierna om uiteindelijk voor bij de definitieve kant uit te komen, dus dat biedt veel moois en goeds. En ik kwam natuurlijk ook op deze plek, en dat doe ik ook met heel veel graagte, iedereen die daar zijn of haar steentje of steen aan bijgedragen heeft, om die eeuwenoude gebiedsvisie of dat

Pagina 9 van 29

eeuwenoude gebied van Rivieroevers uiteindelijk weer, ja, nieuwe klasse te gaan geven passend bij het moment van nu en het moment van straks. Voorzitter, daar laat ik het even bij. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Oosterwijk. Dan denk ik dat ik nu het woord kan geven aan de heer Porton of de heer Römhild met betrekking tot de presentatie. Mijnheer Oosterwijk, is dat zoals het nu gaat plaatsvinden, wordt de presentatie dan nu gestart? De heer Oosterwijk: Daar wordt al hard aan gewerkt, voorzitter, op dit moment. Dus denk dat het echt met 20 seconden zover is. De voorzitter: Dan zal ik nog eventjes aanvullend aangeven dat er wordt zo meteen, de presentatie wordt nu voorbereid, er zijn diverse momenten waarop vragen gesteld kunnen worden en het is de bedoeling dat ik dit stukje als voorzitter voor mijn rekening ga nemen, dus dan de vragen en de opmerkingen gaan via mij in de tussentijdse periodes die er komen met deze presentatie. De heer Porton: Namens Royal HaskoningDHV ook nog een keer welkom, dank u voorzitter. Ik had even wat problemen met inloggen en aansluiten omdat jullie ook mooi voorlopen op de agenda uiteraard. Voor vanavond staat de gebiedsvisie en de planMER voor de Rivieroevers Ridderkerk, het advies wat wij aan het college en de raad willen meegeven. Ik wil meteen even doorpakken naar wat nou eigenlijk het doel van vandaag is.

We willen jullie met name informeren over het proces, vervolgens ook informeren over de stand van zaken, maar een belangrijk deel van vanavond zal met name gaan over jullie input voor de conceptgebiedsvisie. En dat doen we op de manier dat we eerst zenden, dus zoals de voorzitter al aangaf, wij gaan in een aantal blokken gaan wij informatie delen en dan vervolgens is er ruimte voor vragen en opmerkingen, die wij vervolgens weer in het proces kunnen meenemen. Wie zijn wij dan, zult u vragen? Wij hebben van de gemeente Ridderkerk als Royal HaskoningDHV opdracht gekregen om deze gebiedsvisie en planMER op te stellen en voor te bereiden, en zoals de wethouder net al aangaf ook op een bijzondere manier waarop wij vrij veel participatie hebben. Vanavond zijn Friedemann Römhild, die u boven links zit, en mijzelf, Wouter Porton, rechts aanwezig. Maar we willen ook even de andere mensen van het team toch heel even aan u voorstellen want dat is Véronique Maronier die met name verantwoordelijk is geweest voor het MERtraject, Pauline van Heugten die mogelijk een aantal van jullie al bekend is omdat zij met name het participatieve deel voor haar rekening heeft genomen en ook een hele hoop avonden heeft voorgezeten. En Youri Boom is de stille kracht achter ons iReport, het interactieve netwerk waar mensen hun opmerkingen kwijt kunnen en ook wij informatie delen over voortgang en status.

Wat willen we vanavond met u bespreken? Eerst even van wat is eigenlijk de aanleiding voor deze visie, die kent u natuurlijk maar we gaan hem toch even herhalen. Welk proces hebben wij vervolgens gevolgd om tot de conceptvisie zoals die er nu ligt te komen, welke doelen streven we na met de visie, welke ambitie hebben we ook voor het gebied? Vervolgens ook een groen raamwerk, dat is een onderdeel van het plan. Alternatieven en MER-beoordeling, wat betekent dat en wat levert dat op, en uiteindelijk willen we jullie een advies gebiedsvisie geven, waarin we over een aantal elementen binnen de gebiedsvisie een advies geven en graag met jullie van gedachten willen wisselen om vervolgens tot afsluiting van in ieder geval ons onderwerp te komen. Even terugpakkend, wat was de … Ik ga heel even kijken want ik mis volgens mij een slide, wat heel vervelend zou zijn. Ik ga jullie namelijk eerst even vertellen wat wij na vanavond gaan doen, want we kunnen natuurlijk vanavond wel over alles hebben maar in het proces is het veel belangrijker wat wij hierna ook gaan doen, wat u kunt verwachten. Dus wat wij vanavond … We hebben al een heel proces gehad, dat zal ik zo direct schetsen, wat wij na vanavond gaan doen is uw informatie meenemen, wegen en kijken hoe we dat in de gebiedsvisie kunnen verwerken.

En die ontwerp-gebiedsvisie en bijbehorend planMER wordt voorgelegd aan het college, die die vervolgens zal

Pagina 10 van 29

vrijgeven voor inspraak. Vervolgens na die inspraak, op het einde van die inspraak gaan wij met de bewoners van de gemeente nogmaals in gesprek om te kijken van welke informatie uit die zienswijze zijn opgehaald en hoe we daarmee verder kunnen, en uiteindelijk vertalen we die in een definitief concept gebiedsvisie en planMER die u medio december als raad voorgelegd gaat krijgen. Ik krijg nog een tip. Hij komt rechts nog een keer langs dus u hoeft niet mee te schrijven, ik ga het denk ik even behandelen, hij stond alleen op een andere plek dan ik had verwacht. Wat is de aanleiding? U heeft natuurlijk onlangs de omgevingsvisie Ridderkerk alweer vastgesteld waarin de Rivieroevers ook geduid worden als parels aan de rivier met ontwikkelmogelijkheden en kansen voor een hele hoop elementen. Verder is er een afgenomen relatie tussen Ridderkerk en de rivier. Ridderkerk is natuurlijk ook rond de rivier ontstaan omdat het langs de rivier ligt, dat is in de loop der jaren minder geworden. En vervolgens zijn er ook vrij veel initiatieven in het gebied die noodzaak geven om er ook een kader voor te geven, zodat ook al die initiatieven gewogen en beoordeeld kunnen worden op hun waarde, en dan met name de waarde in het grote geheel. Het proces, de rode pijl is duidelijk, hier staan wij nu.

U ziet aan de bovenkant ziet u in het groen de ontwikkeling van de gebiedsvisie en in het blauw de ontwikkeling van de planMER. Wij zijn natuurlijk begonnen met een inventarisatie en kijken hoe zit het gebied in elkaar, parallel daaraan is een verkenning plaatsgevonden met name op stedenbouwkundig gebied. Mijn collega die ook aanwezig is, Friedemann Römhild, zal hier direct wat meer over vertellen. En verder, in het MER-traject is gekeken goh, wat is nu eigenlijk de huidige status van het gebied, dat heet ook wel de foto van de leefomgeving. Hoe willen wij straks de visie beoordelen, welke elementen moeten we daarin meenemen en welke parameters hebben we daarvoor nodig? Dat alles is bij elkaar samengebracht in de zogenaamde notitie reikwijdte en detailniveau, NRD, die ook ter inzage heeft gelegen, waar wij een aantal reacties op hebben gehad en die reacties worden verder in de planMER verwerkt. Vervolgens wordt er dan gekeken naar een aantal scenario’s, met name te wegen: wat levert welke keuze in het gebied eigenlijk op? En dat is vervolgens uitgewerkt in een voorkeursvariant zoals dat in de planMERtermen heet, en met name doorgewerkt naar visualisaties en verdere doorwerking in het plan voor de gebiedsvisie. Daar staan we nu een beetje aan de afronding om dat te laten landen, te delen en tot een definitief product, concept-product te komen. Nou wil hij niet meer werken, ja.

Zoals de wethouder ook al aangaf, dat is een proces wat we met name ook met stakeholders hebben gedaan. Zoals ik net al even bij de introductie aangaf, we hebben een communicatieplatform, iReport Rivieroevers, mogelijk dat een aantal van u daar al heeft gekeken, waarop informatie wordt gedeeld maar we ook hebben gebruikt voor interactie met de bevolking. En we hebben dat eigenlijk, die participatie in drie delen opgedeeld. Dat zijn buitenlabs zoals we die hebben genoemd, dat is met de directe betrokkenen binnen het gebied, zoals mensen met initiatieven maar ook bedrijven, eigenaren et cetera. Vervolgens hebben wij ook binnenlabs gehouden, dat is met name gemeente-intern om integraal alle informatie op te halen en te delen. En wij hebben open labs gehouden met iedereen die betrokken is of zich betrokken voelt. Dan vraagt u zich af van goh, met wie hebben jullie dan allemaal gesproken? Ik ga niet die hele lijst opnoemen, dit is eigenlijk een eerste impressie van met wie wij hebben gesproken. We hebben eigenlijk een vrij brede vertegenwoordiging van de bevolking, omliggende gemeenten en organisaties binnen de gemeente en daaromheen gesproken.

En dit is de sheet waar ik net naar op zoek was, want wat gebeurd er nu na vanavond? Zoals ik al zei: we gaan uw opmerkingen verwerken en de concepten afronden, dan komt er een besluit van het college om gebiedsvisie en de planMER het concept vrij te geven, die wordt gepubliceerd samen met de planMER op het iReport, dat doen wij al in juli terwijl dan formeel de inspraak nog niet begint. Dat heeft ermee te maken dat de inspraak gekoppeld is aan de formele termijnen die aan een planMER hangen en dan mag je het gewoon niet langer dan zes weken neerleggen, dat is een wettelijke minimum en tegelijk maximumtermijn, dus die schuiven we wat op naar het einde richting de vakantie maar we zorgen wel dat iedereen al van tevoren kennis heeft kunnen nemen van alle stukken, zodat iedereen ook voorbereid is voor de inspraakprocedure die dan formeel loopt van augustus tot medio september. Die sluiten wij af met een binnenlab waar we gewoon iedereen die mee wil praten daar nog een Pagina 11 van 29

keer alle informatie ophalen, alle meningen delen en kijken waar dat aanleiding toe geeft om aanpassingen. En we doen tegelijkertijd ook nog een verdiepingsslag. Vervolgens bieden wij de gebiedsvisie en de planMER aan het college aan, die hem dan waarschijnlijk zal doorgeleiden naar de raad ter vaststelling in december. De doelen van de visie is eigenlijk het zoeken van de juiste balans, zoals ook in de tekst al staat, Rivieroevers zijn natuurlijk voor de gemeente van grote waarde, er is bedrijvigheid en er wordt gewoond, er wordt gerecreëerd, et cetera et cetera. En we willen dan eigenlijk kijken of we tot een optimale balans kunnen komen tussen groen en al dan niet watergebonden werken en wonen. En we willen ook zorgen dat de oevers toegankelijk zijn voor wandelaars, recreanten, fietsers, et cetera. En rechts staat eigenlijk de context van alle elementen en onderwerpen, beleidsthema’s die daarin terugkomen. Waarom doen we dat dan? Omdat zoals ik al zei, er zijn wel een hele hoop initiatieven en ideeën voor het gebied en we hebben een afwegingskader nodig voor die keuzes die gemaakt moeten worden. Dat is deels een verantwoording, dus we moeten een planologische afweging maken, hoe gaan we om met onze watergebonden bedrijvigheid, ook richting andere overheden omdat daar een gemeenteoverstijgend belang is? Maar er zullen ook belangen zijn die met elkaar confronteren uiteraard.

En uiteindelijk als we eenmaal een visie en een kader hebben, betekent dat ook dat we tegen bepaalde ontwikkelingen ook gewoon nee moeten verkopen, en dat moet gewoon goed onderbouwd zijn. En dat leidt uiteindelijk tot transitieregels, met andere woorden: wat kan waar en hoe ziet het er dan in de tijd uit en onder welke randvoorwaarden? En dan wil ik heel graag het woord overgeven aan mijn collega-stedenbouwkundige van het project, verantwoordelijk voor de gebiedsvisie. Ik hoor mezelf twee keer, Friedemann Römhild. De heer Römhild: Dan wil ik eerst ook even de techniek proberen te testen. Ben ik te horen? Oké, fantastisch. Nou, goedenavond, bedankt voor de gelegenheid om hier over mijn werk binnen dit proces aan de gebiedsvisie te mogen vertellen. Best een heel bijzonder proces, ook een heel bijzondere plek en ik wil dit verhaal graag opknippen in drie onderdelen, waar dan ook telkens weer reacties en vragen daartussen zijn geschoven. Dat eerste is dit hoofdstuk over wat vinden wij, hoe hebben wij de context geïnterpreteerd en hoe zien wij daarin ook de opgave nader gespecificeerd dan zeg maar, mijn collega Wouter heeft het natuurlijk in algemene termen uitgedrukt, maar wat zien we dan op die plek per locatie en wat denken wij daarmee te kunnen.

Ten tweede, de ambitie voor de plek en een onderdeel over wat wij noemen het groene oeverpark, een kaderstellend deel waar wij denken: dat is ons streefbeeld in onze visie, los van locatiekeuzes. Daarna geef ik het woord ook even weer terug aan mijn collega Wouter Porton voor hoe zit de scenariovorming en de milieueffectrapportage in dit traject, en daarna wil ik nog als laatste ingaan op de locatiekeuzes die ook hier ter debat staan in deze gebiedsvisie. Nu eerst even over de context die wij zien, zoals mijn collega al heeft gezegd, Ridderkerk van oudsher een plek aan de rivier. Ook aan een van oudsher woeste rivier, voor een deel. Dan ziet u in het plaatje links het centrum van Ridderkerk, oorspronkelijk aan een omstreden gebied dat nog niet ingepolderd was, waar later Donkersloot op is ontstaan. En eigenlijk een ontwikkeling die zich langs de Ringdijk, voornamelijk langs de oever heeft ontwikkeld, en dan een aantal eeuwen later waar een aantal scheepswerven zijn ontstaan en eigenlijk in Bolnes en in Slikkerveer vestigden, hebben zich binnendijks arbeiderswoonwijkjes gevestigd, eigenlijk tegen die scheepswerven aan. En in het midden van die ontwikkeling natuurlijk ook het hele bijzondere landgoed Huys ten Donck. Maar eigenlijk een ontwikkeling die als een parelsnoer aan de rivier is begonnen, wat op dit moment eigenlijk wat minder zichtbaar is.

Nu moet ik ook nog zien of ik naar de volgende slide kom, op deze manier lukt het mij wel. En dat zijn natuurlijk best unieke cultuurhistorische waarden en wij hebben in Nederland, maar ook in Ridderkerk, in het recente verleden zijn we daar nogal onzorgvuldig soms mee omgesprongen, en daar is al zeg maar voordat wij zijn begonnen is door het college die trend heel duidelijk omgekeerd, bijvoorbeeld door het neerzetten, het opschuiven van de cultuurhistorische waardenkaart waar zeg maar formeel cultuurhistorische waarden goed zijn in kaart gebracht. Dat hebben wij ook door in het gebied te gaan en met mensen te praten hebben wij ook Pagina 12 van 29

los van het bestuderen van de kaart en de formele waarderingen hebben we ook nog gekeken: wat vinden wij daar zelf aan waarde? Hebben we ook nog aanvullende objecten in beeld gebracht, we kijken natuurlijk ook over de grenzen heen naar het UNESCO Werelderfgoed Kinderdijk, en ook we zijn natuurlijk heel nadrukkelijk ook met Huys ten Donck in gesprek gegaan over hun visie hoe ze zichzelf zien, over wat het Huys in het gebied in het verleden heeft gedaan, en wat zijn mogelijke potentie voor de toekomst is. Dat is niet alles waar wij naar hebben gekeken. We zien ook grote karakteristieke groengebieden, hier een deel over de tekst heen geschreven, in allerlei verschijningsvormen. Zo zien wij op de foto links een enigszins verscholen oever aan het buitendijkse gedeelte van Huys ten Donck. Nou ja, en rechts een kaart waar natuurlijk de overkoepelende groenstructuur van Ridderkerk telkens weer verankerd is aan de oevers met de Donckse Velden, Donckse Grienden, de Crezéepolder en De Gorzen. Maar daarnaast zijn de oevers natuurlijk nog steeds voor een deel wat minder dan in het recente verleden is het een gebied van hele belangrijke vitale werklocaties die voor een deel aaneengesloten zijn zoals in het gebied Donkersloot, waar de buitendijkse gebieden ook een belangrijke motor voor hele grote economisch gebied zijn door de multimodale logistieke koppeling, door het transferium.

Een aantal bedrijven op De Schans, Schiepo, waar ook een foto van is te zien met best monumentale verticale werkkranen en offshore-elementen die daar aangedokt zijn. En als we naar links gaan in het plaatje een enigszins geïsoleerde locatie in Bolnes met een buitendijks gedeelte en een binnendijks gedeelte, en vervolgens het bedrijfsterrein Boelewerf wat zeg maar over de gemeentegrens richting Rotterdam kijkend, wat zich op deze kaart eigenlijk oogt als een geïsoleerd bedrijfsterrein maar onderdeel van een aaneengesloten bedrijvenstrook richting de gemeente Rotterdam eigenlijk is. Dus hele belangrijke werklocaties. We hebben gekeken naar hoe wordt het gebied ook door de mensen die daar wonen en werken ervaren, soort van (niet hoorbaar). Heel veel reacties, zowel formeel op de kaart als ook in een aantal gesprekken. En nu ga ik eigenlijk naar de interpretatie die uit deze beelden naar voren is gekomen, hoe ervaart zich dat gebied dan? Een van de bevindingen die we steeds weer hebben gehoord zijn eigenlijk sleutelgaatjes naar de rivier.

En dan vind ik die twee beelden hier op de slide bijzonder illustratief, de een is een situatie in Bolnes links, waar je best wat een prominente singel kom je tegen met dijk aan, je klimt als voetganger de dijk op en wat zie je dan, een doorgaande fietsroute, een doorgaande weg en aan de overzijde een heel smal stoepje, een hekwerk en geen doorgetrokken zichtlijn naar de over. Je snapt het eigenlijk niet helemaal en je ziet vooral auto’s staan. En aan de rechterkant een plaatje waar je ook ziet wat men ermee doet en ook wederom een best onherbergzaam ogende omgeving tegen de werf Schiepo waar op deze kille zondagochtend waar de foto is genomen juist drie los van elkaar zijn groepen van recreanten, rechts in beeld twee mensen die hardlopen, in het midden een aantal mensen die fitnessen tegen de gevel met apparaten, een groepje fietsers. Dus hier zien we ondanks het feit dat de weg naar de overs niet bepaald uitnodigend is vormgegeven op plekken, heeft de rivier toch een enorme aantrekkingskracht. Mensen trekken erop uit en zoeken het op. Dus daarin zien wij ook de grote kracht, de grote intrinsieke kracht van de rivieroevers.

Deze foto geeft het nog bijna als een karikatuur weer, bij de Donckse Velden is de rivier die zich ook, de dijk die zich ook eigenlijk voordoet als een groene muur, op zich natuurlijk een mooi landschapselement maar ook een barrière naar de rivier toe, en waar je eigenlijk met konijnenpaadjes je weg naar boven baant. Wat vinden wij ook, een situatie waar best veel obstakels op die zichtlijnen eigenlijk achteloos zijn geplaatst en waar we op een aantal recente ontwikkelingen zoals op De Schans zien dat groen ontbreekt, dat de routes langs de oevers er wel zijn maar je loopt misschien tussen hekken en barrières en je weet niet altijd even helder waar je je bevindt, en je hebt als recreant niet het idee dat de rode loper voor je uitligt. Daarnaast kijken we ook naar de bereikbaarheid van het gebied, en daar zien we eigenlijk een bepaalde contradictie, namelijk dat rechts in beeld de auto-ontsluiting voor het gebied eigenlijk uitstekend aanwezig is, en ook over het overgrote deel veelal via een aantal routes haaks op de weg het autoverkeer via de Rotterdamseweg prima op het nationale hoofdwegennet afgevoerd kan worden zonder te overlastgeven op zijn omgeving te zijn, maar aan de andere kant dat het openbaar vervoersnetwerk een behoorlijke achterstand heeft ten opzichte van de automobilist Pagina 13 van 29

voor reistijden met name in de regio. Dat is best een uitdaging als we in dit gebied eigenlijk ook praten over van als we willen hem intensiever gaan benutten, maar dat willen we ook doen door middel van duurzame mobiliteit. We zien kansen voor de fietsen, maar we willen ook openbaar vervoer meer stimuleren, maar veelal is het gewoon voor de automobilist, ja, is de auto de snelste optie. Wat doen wij daarmee? Wij zien ook een opgave, we hebben de opgave voor klimaatadaptie ook nadrukkelijk in beeld gebracht. Daar ligt al heel veel data. Verbazingwekkend genoeg zijn wij ook in buitendijkse gebieden zoals in Donkersloot waar je veel verharde omgeving hebt, zoals rechts in beeld, en weinig groen, zien wij best kans op wateroverlast bij extreme neerslag. We zien dat het hele gebied buitendijks ligt maar dan heb je dan een situatie die door veel mensen zomaar als eng wordt ervaren, maar we liggen ook hoog, zoals in de derde kaart van links te zien is. Dus het hele gebied ligt eigenlijk op een veilige hoogte. Hittestress is een issue wat gelukkig aan de rivieroevers niet zoveel naar voren komt gezien de rivier zelf koelt. We hebben net gesproken over ontwikkeldruk, er zijn best veel initiatieven. Er is ook een ambitie vanuit de woonvisie, die net is besproken, neergelegd om dit gebied te benutten als een kans.

Wij zien daarnaast ook de kans dat in het gebied veel complementaire aan de huidige voorraad woningen gecreëerd kunnen worden zoals kleine levensloopbestendige woningen in het goedkope en middel dure segment. Dus wij zien behoorlijke kansen hiervoor. Nog één woord, samenvattend, wat distilleren wij hieruit voor een ambitie voor de gebiedsvisie? Natuurlijk heeft mijn collega al gezegd, de balans tussen wonen en werken en groen. Wij zien vooral de kans om, in mijn stedenbouwkundige woorden te zeggen, om Ridderkerk weer terug te brengen aan de rivier en dan niet zomaar als een werkomgeving, zoals dat 60, 70 jaar geleden is geweest, maar als een plek en een gezonde werk- en leefomgeving waar je kunt recreëren, wonen en werken. Dus de identiteit van Ridderkerk nadrukkelijk op een positieve wijze weer terug te brengen aan de rivier. Dan geef ik even een kans op daarop in te haken. Kunt u zich hierin herkennen, vraag ik via de voorzitter. De voorzitter: Ja, ik ga het even van u overnemen, want zoals afgesproken zou ik de vragen formuleren. Het is voor mij heel makkelijk want ik kan ze gewoon oplezen, iedereen kan ze ook lezen, en daarna zie ik heel graag handjes van commissieleden die wat willen opmerken, toevoegen of vragen.

Zoals u leest, herkent u deze schets van context en ambitie en wat zou je willen toevoegen of nuanceren? Mag ik handjes van commissieleden die hier wat aan mee zouden willen geven? Mevrouw De Wolff, mag ik u als eerste (niet hoorbaar) Neem even over. Nou, ik weet niet wat er misgaat, de stroom. (niet hoorbaar) Nou hebben wij hier een hele logistieke storing, mijn laptop is opeens opgehouden. Mevrouw De Wolff, ik had u het woord gegeven, kunt u uw vragen stellen? Mevrouw De Wolff-ter Beek: Ja. Dank u wel, voorzitter. Als eerste, ik word hier echt heel erg enthousiast van. Als wij langs de rivier lopen, daar waar dat kan, dan verlang ook echt dat dat doorgetrokken wordt en zo mooi wordt als u nu schetst. Dus allereerst daar de complimenten voor. Ik had wel een vraag, en die wilde ik eigenlijk misschien ook al een beetje bij de vorige stellen. U spreekt erover van dat het belangrijk is om ook veel fietsruimte te creëren en als daar gewoond gaat worden, om daar te kijken naar OV om daar snel te kunnen vervoeren en E-hubs, lees ik erin. Dat is allemaal heel mooi maar ik denk dan altijd, die mensen moeten ook een keer de dijk af en die gaan op een gegeven moment de wijken in waar de drukte ontstaat.

Dus ik zie nou een heel mooi plan komen bij de gebiedsoevers, op allerlei manieren, maar houden we ook rekening met wat er gebeurt als we bij die gebiedsoevers vandaan gaan? Dus daar zou ik graag een reactie op willen. En misschien zit het er wel in maar heb ik het niet goed gelezen, maar wat zou het mooi zijn als we langs de directe lijn van het water ruimte overhouden om echt te blijven recreëren, wandelen, fietsen voor alle Ridderkerkers en dat niet daar de woningen zo worden gebouwd dat daar dingen stoppen. Ik was eigenlijk benieuwd hoe u daar tegenaan kijkt en of u daar rekening mee heeft gehouden. Dank u wel.

Pagina 14 van 29

De voorzitter: Dank u wel, mevrouw De Wolff. Wie mag ik van de beide heren het woord geven? De heer Römhild: Dank u wel. Ik wil hier wel even op ingaan, bedankt voor het voorlopige compliment. Kijk, wij zien, wat betreft de fietsstructuur, hebben wij ook gekeken naar overkoepelende visies over fietsroutes enzovoorts. Wij zien met name dat de Ringdijk en verderop ook over de gemeentegrens heen kijkend voor het hele eiland IJsselmonde eigenlijk een ontbrekende schakel voor heel veel fietsverbindingen. Dus wij denken eigenlijk, het zijn communicerende vaten maar wij denken dat de nieuwe fietsroute zelfs eigenlijk ook de druk die nu in de wijken zit, ook wel kan verlagen. Aan de andere kant is het natuurlijk ook wel zo, u heeft natuurlijk gelijk dat er ook wel, je moet ook heel erg goed kijken naar de aansluiting op het hoofdfietsroutenet door de wijken heen. Maar dat is ook een positieve ontwikkeling, denken wij dan. De tweede vraag, ja, ik onderschrijf het commentaar en de opmerking van harte dat de woningen zo moeten worden ingericht dat de oeverzone te allen tijde een prettige plek is voor de bewoners, maar met name ook een prettige plek voor alle recreanten uit de regio en de omgeving, of wie er dan ook mogen komen.

Dus dat het, in het verleden is er nogal af en toe een oeverzone, als het ware geclaimd voor de directe bewoners, maar dat vinden wij eigenlijk geen goede zaak en ik denk dat de gebiedsvisie zo ook is, dat wij de gebiedsvisie ook in die richting willen uitwerken. De voorzitter: Prima, dank u wel. Dan ga ik graag over nu naar de heer Breeman. Ik dacht, mevrouw De Wolff, dat de opmerking volledig binnen was gekomen. U mag mij corrigeren als dat niet zo is. Mijnheer Breeman, mag ik u het woord geven? De heer Breeman: Dank u wel. Ik geloof dat het inmiddels 1-0 is voor Nederland, dat doen we heel goed. De voorzitter: U kunt te ver gaan, mijnheer Breeman. De heer Breeman: Ik wil ook aangeven dat wij ook heel enthousiast zijn. Wij houden ook van die prachtige groene linten langs de rivieren.

Maar, even de vraag, dat recreëren, vinden wij ook heel belangrijk maar recreëren doe je natuurlijk niet alleen in één gemeente, dat doe je natuurlijk in een aantal gemeentes en waar wij eigenlijk een beetje voor staan, en eigenlijk interessant zouden vinden, dat een fietser die recreëert en op zijn fiets stapt in Zwijndrecht, een prachtige mooie groene route krijgt door Ridderkerk maar dan misschien toch eindigen, iedere keer weer langs de rivier in Rotterdam en daartussen ook heel veel opportunities heeft om gezellig te recreëren en ergens een biertje te pakken op een leuk terrasje langs het water. Daarbij vinden we het ook belangrijk, en ik weet niet welke uitgangspunten we hebben, laten we nou weer niet bouwen, zeg maar, veertien, zestien verdiepingen hoog, maar laten we huizen bouwen vier, vijf verdiepingen, hooguit, die integraal ook in dat groen kunnen staan. Maar ik weet niet wat uw gedachten daarbij zijn, ik wil dat graag van u horen. Dank u. De voorzitter: Mijnheer Breeman, ik denk dat u heel duidelijk bent. Ik ga vragen of hierop geantwoord kan worden. De heer Römhild: Ja, de heer Breeman spreekt mij eigenlijk wederom uit het hart, dus ik ben het daar helemaal mee eens. Waar de heer Breeman, denk ik, ook op hint is het feit dat de fietsroute langs de Ringdijk eigenlijk helemaal stopt bij de gemeente Rotterdam en dan niet wordt gecontinueerd.

Zoals wij het zien is deze gebiedsvisie ook een opmaat voor de discussie met de omliggende gemeentes zo van, wij hebben deze ambitie maar dan willen wij daarmee, dan willen wij de buren ook uitdagen om die handschoen op te pakken. Het lijkt mij heel duidelijk dat dat niet zomaar kan stoppen. Maar verder ben ik het heel erg eens met de opmerkingen van de heer Breeman.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.ridderkerk.nl/api/v1/meetings/802/documents/29538