Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030 CONCEPT juni 2025
Tekst van het document
WERKPROGRAMMA STRATEGISCHE AGENDA 2026-2030
CONCEPTVERSIE 13 JUNI 2025
Nijkerk
Barneveld
Renswoude
Zwolle
Amsterdam/Schiphol
Scherpenzeel Ede
Veenendaal
Rhenen
Wageningen
Den Haag
Utrecht Arnhem Rotterdam Nijmegen
REGIO FOODVALLEY: ‘ONDERNEEMT NATUURLIJK!’
INHOUD 1
Introductie van het werkprogramma
5
1.1
Werkprogramma – van kaders naar uitvoering
5
1.2
Rollen regiobureau Regio Foodvalley
9
1.3
Bestuurlijke afstemming en besluitvorming
11
2
Programma toekomstbestendige economie
13
2.1
Food
12
2.2
Innovatief MKB
14
2.3
Human Capital
15
3
Programma Verantwoorde Groei
17
3.1
Regionaal ruimtelijk programmeren – slim benutten van ruimte
18
3.2
Natuur, water en landschap
19
3.3
Toekomstbestendige landbouw
20
3.4
Wonen
21
3.5
Mobiliteit
23
3.6
Energie
24
3.7
Ruimtelijke economie
25
4
Programma Algemeen
27
4.2
Public Affairs & communicatie
27
4.3
Deals, subsidies en fondsen
28
4.4
Ondersteuning Gemeenschappelijke Regeling en Economic Board
29
WERKPROGRAMMA STRATEGISCHE AGENDA 2026-2030
2 | Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030
Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030 | 3
1 Introductie van het werkprogramma 1.1 Werkprogramma – van kaders naar uitvoering De Strategische Agenda 2026-2030 Regio Foodvalley: ‘Onderneemt Natuurlijk!’ bevat onze gezamenlijke ambities en doelen voor de aankomende jaren. Dit werkprogramma vertaalt de Strategische Agenda in thema’s en hoofdactiviteiten en stelt binnen deze thema’s prioriteiten mede in het licht van bestaande afspraken en financiële en personele randvoorwaarden. Hiermee brengen we de Strategische Agenda naar de uitvoering. Het is een dynamisch document voor de komende vijf jaar dat naar gelang van omstandigheden (zoals voorgaande jaren bijvoorbeeld is gebeurd door o.a. corona en de stikstofcrisis) kan worden bijgestuurd. Het werkprogramma beschrijft de inzet vanuit het regiobureau in samenhang met de inzet van gemeenten op de drie programma’s Toekomstbestendige Economie, Verantwoorde Groei en Algemeen. Het werkprogramma wordt vastgesteld door het Algemeen Bestuur. Het werkprogramma betreft de inzet van het regiobureau voor en met de gemeenten en in afstemming met beide provincies.
Figuur 1: Opbouw werkprogramma
TOEKOMSTBESTENDIGE ECONOMIE
VERANTWOORDE GROEI
Food
Toekomstbestendige landbouw*
Landschap, natuur & water
Toekomstbestendige landbouw*
Wonen
Innovatief MKB
Human capital
Energie
Mobiliteit
Ruimte voor economie
ALGEMEEN
PA & communicatie
Deals, subidies en fondsen
Ondersteuning GR en EB
*Toekomstbestendige landbouw valt onder beide inhoudelijke programma’s en wordt in dit werkprogramma beschreven onder Verantwoorde groei.
4 | Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030
Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030 | 5
De Strategische Agenda 2026-2030 Regio Foodvalley: ‘Onderneemt Natuurlijk!’ is vastgesteld door alle raden. De Ontwerpbegroting 2026 - 2029 beschrijft de financiële kant: de kosten voor het regiobureau en de financiële vertaling van de programma’s. Deze ligt op dit moment voor zienswijze op de kosten van het regiobureau voor bij de raden. In september 2025 stelt het Algemeen Bestuur vervolgens de Begroting 2026 vast en eind 2025 volgt de Kaderbrief 2027 2030. Na vaststelling van zowel de Strategische Agenda als de Begroting 2026 vormen deze documenten de inhoudelijke en financiële kaders voor dit werkprogramma. Het voorliggend werkprogramma beschrijft de concrete acties en activiteiten die het regiobureau Regio Foodvalley gaat oppakken, passend bij haar rol en verantwoordelijkheid. Dit doen zij samen met de deelnemende gemeenten en samenwerkingspartners. In onderstaand figuur zijn de verschillende documenten ten opzichte van elkaar gepositioneerd en is aangegeven wie verantwoordelijk is voor de vaststelling.
Figuur 2: Positionering werkprogramma
Strategische Agenda 2026-2030
(ontwerp) Begroting 2026-2029 Kaderbrief 2027-2030
Uitwerking Vaststelling door Algemeen Bestuur, ter informatie raden
Werkprogramma 2026-2030
Jaarplan 2026 Algemeen
Jaarplan 2026 Toekomstbestendige Economie
Kaders (inhoudelijk, financieel) Vaststelling door raden
Jaarplan 2026 Verantwoorde Groei
Detaillering Vaststelling door Algemeen Bestuur
De kaders zijn dus nog niet volledig vastgesteld maar om in 2026 goed van start te kunnen gaan is parallel gewerkt aan het werkprogramma. Dit doen we met de volgende uitgangspunten:
• De Strategische Agenda benoemt dat we voortbouwen op wat ingezet en bereikt is. Dit betekent dat bijvoorbeeld de Verstedelijkingsstrategie, het RPLG of de afspraken die we met het Rijk en andere partners hebben gemaakt, staan en dat we daarop leveren. • Voor zowel de kosten van het regiobureau (programma Algemeen) als de inhoudelijke programma’s (Toekomstbestendige Economie en Verantwoorde Groei) geldt het besluit om voor 2026 de 0-lijn aan te houden. Als uitgangspunt gelden de bedragen die opgenomen zijn in de vastgestelde Begroting 2025. Deze bedragen zijn voor het jaar 2026 met een indexatie van 4% doorgetrokken. • Omdat het werkprogramma ook de periode 2027 - 2030 beslaat houden we vooralsnog ook voor deze periode de 0-lijn aan. Bij de (concept) Kaderbrief 2027 - 2030 kunnen andere keuzes worden voorgelegd. • De kosten voor de programma’s Toekomstbestendige Economie en Verantwoorde Groei zijn gebaseerd op de onderliggende programma’s vanuit de vorige Strategische Agenda. In tabel 1 zijn deze bedragen opgenomen. De ruimte om te schuiven tussen deze programma’s is, zeker in 2026, niet aanwezig als gevolg van bestaande verplichtingen. Verplichtingen kunnen zijn dat programmagelden ingezet zijn als cofinanciering voor subsidies of dat er meerjarige contracten zijn aangegaan. Vanaf 2027 ontstaat langzaam meer ruimte om te schuiven als gevolg van aflopende verplichtingen.
6 | Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030
Dit werkprogramma dat over meerdere jaren gaat wordt vervolgens ieder jaar door het Algemeen Bestuur omgezet naar een concreet jaarplan waarin beschreven wordt welke activiteiten/ projecten er in het betreffende jaar opgepakt kunnen worden aan de hand van de voor dat jaar beschikbare financiële middelen en capaciteit. We kunnen niet alle hoofdactiviteiten tegelijk oppakken en moeten (net als voorgaande jaren) jaarlijks keuzes maken en prioriteren. Vanaf 2026 werken we met drie jaarplannen (voorheen 9): Algemeen, Toekomstbestendige Economie, en Verantwoorde Groei die voor vaststelling aan het Algemeen Bestuur, na consultatie van de portefeuillehouders, worden aangeboden. Om de ambities uit Strategische Agenda dichterbij te halen is samenwerking met de triple helix partners essentieel. Het regiobureau en de samenwerkende gemeenten kunnen dit niet alleen. In het rapport Klaar voor de volgende stap (vastgesteld door colleges in 2023) is een aantal leidende principes voor regionale samenwerking tussen regiobureau, de gemeenten en de provincies vastgesteld. • Regio Foodvalley werkt op basis van een groot onderling vertrouwen; het basisuitgangspunt voor onze samenwerking. • We voelen ons samen verantwoordelijk voor en werken intensief en grensontkennend samen op de grote ruimtelijke opgaven.
• We acteren vanuit onze eigen, gezamenlijke agenda en we houden samen regie op wat we doen en hebben afgesproken. Daarbij hoeft niet elk besluit goed te zijn voor elke gemeente. • We focussen ons op de uitvoering en maken alleen nieuw beleid als de uitvoering daar om vraagt. Mocht nieuw beleid nodig zijn, dan vragen fundamentele keuzes om democratische legitimatie, op het juiste moment. • We investeren in onze samenwerking en accepteren dat niet alles perfect is. • We organiseren rust, reinheid en regelmaat (en een beetje reuring). • Elke activiteit heeft een bestuurlijke en ambtelijke opdrachtgever en een ambtelijke opdrachtnemer. De zogenoemde sturingsdriehoek. • Het regiobureau faciliteert de samenwerking door regie te voeren en te coördineren; de gemeenten leveren voldoende (strategische) capaciteit. • Gemeenten brengen (strategische) capaciteit in voor regionale programma-, kern- en regieteams onder regie cq. coördinatie van het regiobureau. Enkele principes worden op dit moment verder uitgewerkt voor de samenwerking in de periode 2026 – 2030. • De extra inspanning die nodig is voor de grote ruimtelijke opgaven op het regiobureau wordt zo veel mogelijk gefinancierd uit programmagelden. • Op directieniveau van gemeenten en regio wordt de voortgang van de agenda bewaakt en samenwerking gestimuleerd, al dan niet door het zorgen voor voldoende capaciteit.
• De gemeenten zijn aan zet voor de uitvoering van de Verstedelijkingsstrategie, Regionaal Perspectief Landelijk gebied en de RES. Deze principes laten zien dat de inzet van het regiobureau en die van gemeenten nauw met elkaar verweven zijn. Alleen dan kan een relatief klein regiobureau als netwerkorganisatie effectief zijn. Het matchen van capaciteit van regiobureau en gemeenten aan programma’s, thema’s en activiteiten gebeurt in de jaarplannen. Voor dit werkprogramma geldt dat de capaciteitsvraag aan gemeenten in 2026 vergelijkbaar is met 2025. Waar verwacht wordt dat er meer of andere capaciteit nodig is dan waarover afspraken zijn gemaakt, wordt dit aangegeven.
Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030 | 7
Met betrekking tot het programma Algemeen wordt vastgesteld dat in 2026 nog geen invulling kan worden gegeven aan de extra ambitie op subsidieondersteuning- en advisering. Wel wordt dekking gezocht binnen de bestaande en nieuwe subsidieafspraken (bijvoorbeeld Regio Deal) voor de monitor en verantwoording op subsidies. Daarnaast kunnen de activiteiten op de andere thema’s gewoon plaats vinden. Bij de Kaderbrief 2027 wordt aangegeven welke inzet er mogelijk nog extra nodig is op het gebied van subsidies, lobby en profilering.
1.2 Rollen regiobureau Regio Foodvalley Het regiobureau Regio Foodvalley speelt een sleutelrol in het realiseren van de regionale ambities. Het is belangrijk dat de regionale samenwerking meebeweegt met de opgaven, kansen en uitdagingen die zich aandienen en hier bij voorkeur op anticipeert. Dit vereist een flexibel, verbindend en faciliterend regiobureau. Het regiobureau is de regisseur van de regionale samenwerking. Het bureau ondersteunt de samenwerking van de deelnemende gemeenten onderling, met andere overheden en de triple helix samenwerking via de Economic Board en relevante andere gremia rondom specifieke thema’s. Het regiobureau vervult als regisseur van de regionale samenwerking vijf rollen: Hieronder in tabel 1 worden de kosten van het regiobureau en de programmagelden weergeven zoals deze zijn opgenomen in de Ontwerpbegroting 2026. De tabel bestaat uit kosten van het regiobureau (overhead, huisvesting, formatie etc.) en programmagelden voor Toekomstbestendige economie en Verantwoorde groei. De kosten regiobureau bestaan voor circa 1,3 miljoen per jaar aan programmacapaciteit: programmadirecteuren, programmamanagers en programmaondersteuning. Het regiobureau bestaat in totaal uit 22,5 fte. Hiervan zijn in totaal circa 12 fte voor de programma’s: Toekomstbestendige economie (circa 4 fte) en Verantwoorde Groei (circa 8 fte).
Strategisch advies: signaleren van relevante ontwikkelingen in relatie tot inhoud, bestuur en organisatie. • Gevraagd en ongevraagd advies vanuit het regionale perspectief over ontwikkelingen richting het Dagelijks en Algemeen Bestuur en de Economic Board. • Het regiobureau bereidt beleidsvoorstellen en besluitvormingsdocumenten voor en ondersteunt het Algemeen Bestuur bij strategische keuzes. • Het regiobureau ontwikkelt monitoringtools om de voortgang en impact van de Strategische Agenda (triple helix) inzichtelijk te maken. Dit gebeurt met name op themaniveau. Door regelmatige evaluaties te organiseren, helpt het regiobureau de regio om haar strategieën en programma’s continu te verbeteren.
Tabel 1: Financieel overzicht regiobureau
Coördinatie en verbinding: het organiseren en stimuleren van regionale samenwerking. Programma Regiobureau1
20262
20273
20283
20293
4.592.066
4.11.021
4.268.274
4.417.900
Toekomstbestendige economie
561.000
612.000
606.000
629.000
Verantwoorde groei
1.048.00
1.024.00
1.064.000
1.104.000
1) 2) 3)
Inclusief programmamanagement voor alle drie programma’s + inclusief kosten programma Algemeen Op basis van 0-lijn + indexatie (incidentele dekking via o.a. rente-inkomsten) 0-lijn doorgetrokken + indexatie (strucurele dekking wordt nog gezocht onder andere vanwege het wegvallen van diverse baten).
Voor het programma Verantwoorde groei wordt geconstateerd dat de in het werkprogramma geformuleerde hoofdactiviteiten passen binnen dit financieel kader. Daarnaast is het grootste deel van de middelen en capaciteit al verplicht via afspraken verbonden aan subsidies en overeenkomsten. Bij de toets op het programma Toekomstbestendige economie wordt geconstateerd dat ook daar een groot deel van de capaciteit en middelen al verplicht is. Op de thema’s Human Capital en Innovatief MKB is dit voldoende voor het uitvoeren van de hoofdactiviteiten, zoals geformuleerd. Al ligt hier nog wel een opgave voor de verdere scherpstelling van de agenda met de triple helix-partners via de Economic Board en het beter inrichten van deze verbinding. Belangrijkste aandachtspunt in het programma Toekomstbestendige economie is er bij het thema Food. Geconstateerd wordt dat binnen het financieel kader het niet mogelijk is om de geformuleerde hoofdactiviteiten al in 2026 op te pakken. Het is maar beperkt mogelijk om hiertoe capaciteit binnen het regiobureau beschikbaar te maken. Willen we onze ambities op food waar maken dan vraagt dit een stap naar voren.
8 | Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030
• Het zorg dragen voor afstemming en kennisuitwisseling tussen de verschillende stakeholders en thema’s, waarbij het publieke en private belangen op elkaar afstemt.
• Het regiobureau organiseert zowel de gemeentelijke samenwerking (Regiodag, Dagelijks Bestuur, Algemeen Bestuur) als triple helix samenwerking via de Economic Board.
Programma/procesmanagement: realiseren van concrete doelstellingen aan de hand van een programma of proces. • Het regiobureau bewaakt de samenhang tussen de inhoudelijke thema’s en vertaalt strategische doelen naar concrete actieplannen. Het signaleren en agenderen van ontwikkelingen is een belangrijke taak. • De programmadirecteuren en de programmamanagers coördineren de verschillende projecten en activiteiten binnen de inhoudelijke programma’s en de thema’s daarbinnen. Zij zijn aanspreekpunt voor de bestuurlijk opdrachtgevers. • Het regiobureau faciliteert bestuurlijke bijeenkomsten en zorgt voor een heldere besluitvorming op thema- en programmaniveau. • Het regiobureau kan binnen een thema specifieke taken uitvoeren zoals: facilitator platform, beleidsontwikkeling, opdrachtgever, onderzoeker, kassier, communicatie, belangenbehartiging.
Belangenbehartiging & lobby: continu onder de aandacht brengen van regiobelangen bij belangrijke stakeholders binnen en buiten de regio. • Deelname aan reguliere overleggen bij stakeholders. Niet alleen voorafgaand aan besluitvorming (lobby), maar ook in de opvolging daarvan. Het regiobureau helpt bij het bouwen en onderhouden van relevante netwerken. • Het regiobureau ontwikkelt storytellingcampagnes en bouwt een sterke merkidentiteit op om de regio nationaal en internationaal te positioneren. • Het regiobureau vertegenwoordigt, samen met de triple helixpartners, de regio bij nationale en Europese beleidsmakers om beleidsruimte en financiering te waarborgen. • De rol van het regiobureau is vooral de coördinatie van lobbyinspanningen. Het regiobureau onderhoudt relaties met overheden, bedrijven en internationale netwerken om de regio op de kaart te zetten. Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030 | 9
Subsidie & financieringsondersteuning: bijdragen aan de realisatie van concrete resultaten, passend bij het nieuwe conceptwerkprogramma. • Het regiobureau identificeert kansen voor subsidieaanvragen en investeringsprogramma’s bij provincies, Rijk en Europa. Samen met gemeenten brengt zij in beeld hoe lokale middelen hierbij ingezet worden als cofinanciering en op welke wijze dit kan worden versterkt. Het regiobureau coördineert, doet aanvragen en treedt waar nodig op als kassier. • Het regiobureau ondersteunt gemeenten en partners bij het monitoren van de resultaten en het rapporteren over de impact van subsidies. Het regiobureau brengt de meerwaarde van elke geïnvesteerde euro in de regio nadrukkelijk in beeld en rapporteert over dit multipliereffect. Vanuit bovenstaande rollen ondersteunen wij de regionale samenwerking en werken we samen aan een krachtige regio! Dit binnen de mogelijkheden van de financiële kaders.
1.3 Bestuurlijke afstemming en besluitvorming De onderlegger voor de regionale samenwerking is de Gemeenschappelijke Regeling. Hierin is vastgelegd dat de formele besluitvorming loopt via het Algemeen Bestuur. Daarnaast werken we met een Economic Board, hierin zijn alle triple helix partners vertegenwoordigd. De Economic Board is bezig met het vernieuwen van haar samenwerkingsafspraken. Deze worden vervolgens met instemming van het Algemeen Bestuur vastgesteld. Eind 2025 moet hier duidelijkheid over zijn. Voor de realisatie van het werkprogramma en de jaarplannen is afgesproken dat ieder thema een door het Algemeen Bestuur te noemen bestuurlijk opdrachtgever heeft. In dit werkprogramma is conform de Strategische Agenda, gekozen om de inhoudelijke thema’s te bundelen tot twee programma’s: Toekomstbestendige Economie en Verantwoorde Groei. Aan het Algemeen Bestuur wordt voorgelegd of het wenselijk is om op programmaniveau met twee bestuurlijk opdrachtgevers te werken. De rol van bestuurlijk opdrachtgever voor de periode 2026-2030 zal later dit jaar beschreven en vastgesteld worden door het Algemeen Bestuur. Vanwege de verkiezingen die plaatsvinden in maart 2026 zal voor de eerste periode een tussenoplossing voorgelegd worden aan het Algemeen Bestuur. Net als voorgaande jaren blijft de insteek dat iedere gemeente minimaal één thema trekt.
In onderstaande figuur is de bestuurlijke besluitvorming binnen de regio geschetst, conform de Gemeenschappelijke Regeling. De doorgetrokken lijnen zijn verantwoordings- en besluitvormingslijnen, de stippellijnen zijn advieslijnen. Figuur 3: Bestuurlijke besluitvorming Regio Foodvalley
Gemeenteraden
Bestuurlijke overleggen Regiodag
Colleges B&W
Regio Commissie
Economic Board RFV
Algemeen Bestuur RFV
Dagelijks bestuur
Toekomstbestendige Economie Dit programma kent deels een andere insteek dan de huidige invulling. Dit vraagt om een zorgvuldige inrichting van de bestuurlijke afstemming en besluitvorming en de ambtelijke borging, passend bij de ambities en doelen van dit programma. De bestuurlijke inrichting volgt nadat de Economic Board (na instemming van het Algemeen Bestuur) zijn samenwerkingsafspraken heeft geactualiseerd. Dit zal eind 2025 plaatsvinden.
Verantwoorde Groei Vanwege de integraliteit en complexiteit van de opgave binnen het programma Verantwoorde Groei is er een bestuurlijke cockpit opgericht als hulpstructuur. De cockpit bestaat uit bestuurders met een regionale portefeuille op één van de thema’s binnen Verantwoorde Groei, bestuurders van beide provincies en het waterschap. De bestuurlijke cockpit is bedoeld om de integrale afstemming op ruimtelijke vragen vorm te geven en is niet besluitvormend. De bestuurlijke cockpit is ingesteld om bestuurlijke vraagstukken te identificeren die op basis van monitoring of informatie uit sectorale tafels naar voren komen en om zo nodig een coördinerende rol te vervullen. De cockpit werkt vanuit een formele opdracht van het Algemeen Bestuur en brengt hieraan twee keer per jaar verslag uit. De komende periode wordt bezien of en hoe deze bestuurlijke hulpstructuur past binnen het opdrachtgeverschap rond het gehele werkprogramma.
10 | Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030
Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030 | 11
2 Programma toekomstbestendige economie In 2030 heeft Regio Foodvalley stappen gezet naar een toekomstbestendige economie. Een sterke regionale economie die meegroeit met de groei van de regio. Onze ambitie is toonaangevend zijn in het realiseren van een toekomstbestendig voedselsysteem. Van kennis, ontwikkeling tot productie en verwerking: in Nederland, Europa en internationaal (zie Strategische Agenda pagina’s 4 en 16). We bouwen deze economie op twee pijlers: • We ontwikkelen Regio Foodvalley tot toonaangevend in het realiseren van een toekomstbestendig voedselsysteem. We bouwen door op het sterke fundament van regionale samenwerking met bedrijven, onderwijs- en kennisinstellingen in de regio. Een toekomstbestendige agrarische sector is hier een onmisbaar onderdeel van. • Een krachtig en innovatief MKB, breder dan de foodsector. Sterke sectoren naast de foodsector zijn onder meer metaal, bouwnijverheid en ICT. Toekomstbestendige economie is echt een triple helix onderwerp. We willen als regio een scherp economisch profiel hebben dat binnen en buiten de regio wordt herkend en gewaardeerd. Dit werkprogramma richt zich enkel op de overheidsinzet. Tijdens de looptijd van dit werkprogramma werken we aan het ontwikkelen en uitdragen van een scherp economisch profiel voor de regio in lijn met de richting die is uitgezet in de Strategische Agenda.
In het programma Toekomstbestendige economie focussen we ons op drie thema’s. Voor ieder thema is bepaald welke hoofdactiviteiten centraal staan. Een Toekomstbestendige landbouw is een belangrijk onderdeel van Food. Toekomstbestendige landbouw is als thema uitgewerkt in het programma Verantwoorde Groei, aangezien landbouw ook veel raakvlakken heeft met het thema Natuur, water en landschap dat onderdeel is van dat programma. Figuur 4: thema’s en hoofdactiviteiten Toekomstbestendige Economie
Food • Versterken regionaal ecosysteem • Clusterontwikkeling en financiering • Faciliteren start- en scale-ups • Netwerk, branding en positionering
Innovatief MKB • Netwerken, innovatie en kennisuitwisseling • Circulaire economie
Human Capital • Verbinden leren & werken • Talent boeien en binden • Technologie en sociale innovatie
2.1 Food DOELEN
• Vooroplopen in een toekomstbestendig voedselsysteem. Toekomstbestendig is een voedselsysteem dat economisch, sociaal en ecologisch duurzaam is, met andere woorden duurzaam, gezond en betaalbaar. • Gesprekspartner en inspiratiebron zijn voor beleidsmakers en bedrijven buiten onze regio.
12 | Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030
Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030 | 13
Vanuit de overheid vinden we het belangrijk om deze doelen te realiseren, ook gezien de huidige geopolitieke situatie, om de volgende redenen: • Duurzaam (is o.a. meer plantaardig) en circulair zijn een must om in de toekomst nog te kunnen ondernemen. • Voedselzekerheid staat op de tocht en verdient aandacht, bijvoorbeeld in “regio” Noord-West Europa. • Betaalbaarheid van voedsel is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Dit is wel een belangrijke voorwaarde om gezond te kunnen leven.
HOOFDACTIVITEITEN WERKPROGRAMMA Netwerken innovatie en kennisuitwisseling We zetten in op het aanjagen van innovatie op de onderwerpen die van belang zijn voor de toekomst. We bouwen aan kennisnetwerken en ontwikkelen communities of practice rondom relevante innovatiethema’s met draagvlak in de regio. We doen dit in lijn met de aanpak binnen Living Lab Circulair en bouwen de samenwerking uit met sterke clusters zoals de ICT-campus. Hierbij ligt de focus op eigenaarschap bij de partners, van en voor, een aanpak waarbij alle partijen uit de triple helix zich mee investeren en meesturen. Start ligt bij kennisdelen en inspireren met als doel om ook innovatieprojecten te gaan initiëren en uitvoeren.
HOOFDACTIVITEITEN WERKPROGRAMMA De opgave is om de verbinding tussen kennis, ontwikkeling en productie te versterken zodat dit tot toekomstbestendige werkgelegenheid leidt. Hiervoor is het nodig om inzicht te krijgen in het regionaal ecosysteem, inclusief de agrarische sector. Hiervoor wordt een systeem- en actoren analyse gedaan, die in 2025 zal starten. Inzicht is gewenst in netwerken, clusters, belangrijke spelers, financieringsbehoeften, huisvestings- en ontwikkelbehoeften etc. Dit onderzoek is gericht op het concreet kunnen bepalen welke acties het beste bijdragen aan het realiseren van onze doelen. Vanaf 2026 gaan we met de triple helix partners concreet aan de slag met activiteiten die bijdragen aan het realiseren van onze doelen voor een toekomstbestendig voedselsysteem. Pas dan kunnen we binnen het thema Food focus aanbrengen en de koers bepalen. Zo wordt duidelijk welke clusters we willen versterken of nog ontbreken of welke crossovers met food aandacht vragen omdat daar kansen liggen. We zien in onze regio interessante crossovers van food met ICT, bouw en infrastructuur, techniek en metaal en met zorg en welzijn. Belangrijk hierin is het realiseren van constructieve allianties met verschillende al aanwezige spelers zoals WUR, Startlife, FoodvalleyNL en OostNL. We willen de krachten en geldstromen bundelen.
Dit vraagt intensivering van de gesprekken en versterken van de samenwerking met de al aanwezige partners. Als de komende 5 jaar de eerste stappen richting gezamenlijk doelen en activiteiten die daarvoor gedaan moeten worden gezet zijn, dan is er een goede basis gelegd. Iedere partner zal dan de rol gaan pakken die hem past. Bovendien helpt dit om dezelfde boodschap uit te dragen. Zonder food is er immers alleen een valley.
Monitoren en uitdragen innovatie Het monitoren van het innovatievermogen binnen Regio Foodvalley met als doel inzicht te krijgen in het innovatie-ecosysteem en partijen te inspireren en ondersteunen met innovatie. Een vorm van een innovatieprijs is een goed middel om inspirerende voorbeelden op het gebied van innovatie in de regio te laten zien. Doel is om bedrijven te inspireren, samenwerking tussen bedrijven te bevorderen, kennis te delen en knelpunten of kansen inzichtelijk te maken. Circulaire economie We bouwen voort op behaalde successen en initiatieven waarop energie zit in de regio zoals het Living Lab Regio Foodvalley Circulair. Het Living Lab Regio Foodvalley bestaat sinds 2019 en heeft inmiddels meer dan 60 partners uit bedrijfsleven, onderzoek, onderwijs en overheid. De aanpak richt zich op vier hoofdzaken: agenda stellend zijn, projecten uitvoeren, netwerk versterken en aanjagen en circulair het nieuwe normaal maken. Het Living Lab is een succesvol voorbeeld van een triple helix samenwerking.
2.3 Human Capital DOELEN
Daarnaast richten we ons vanuit de overheid in ieder geval op: • Ruimtelijke vraagstukken. We willen ruimte bieden aan food- en foodgerelateerde bedrijven. Speciaal aandacht is er voor het bieden van ruimte aan startups en scale-ups. Ook gaat het om het behouden/acquireren van foodbedrijven. • Verbinden en uitdragen. We jagen vernieuwing aan op belangrijke onderwerpen voor toekomstbestendige voedselontwikkeling en -productie via kennis, inspiratie en pilots. Bijvoorbeeld door het organiseren van congressen. • (Inter)nationaal samenwerken. We leggen verbindingen tussen de koplopers onderling en tussen koplopers en navolgers (in de hele keten). We investeren in de alliantie FoodNL. Deze alliantie van vier Nederlandse voedselregio’s (naast ons AgriFood Capital, Greenport Venlo en Fruitdelta Rivierenland) bundelt krachten om beter op te komen voor hun regionale en economische belangen in Europa. • Versterken van de profilering van Regio Foodvalley als toonaangevende regio in food- en landbouwinnovaties en actieve lobby bij nationale en Europese beleidsmakers op basis van een regionale lobby-agenda in lijn met onze programma-ambities (zie ook paragraaf 4.1).
2.2 Innovatief MKB DOELEN Een innovatief en toekomstbestendig MKB vormt de basis voor onze economie. Om ook in de toekomst succesvol te blijven, moeten bedrijven aan de slag met thema’s die bepalend zijn voor de toekomst zoals digitalisering, dataficering en AI, circulariteit et cetera.
Het thema Human Capital wordt gericht op de dragers van de toekomstbestendige economie in Regio Foodvalley, het foodcluster, de cross-overs met food en het MKB en is hiermee nauw verbonden met deze twee thema’s. We staan voor de uitdaging in een zeer krappe arbeidsmarkt om voldoende en duurzaam inzetbaarheid van mensen te garanderen. Creatieve oplossingen zijn noodzakelijk. Met de Human Capital Agenda dragen we voor deze prioriteitssectoren bij aan de volgende doelen: • Het creëren van slimme verbindingen tussen leren en werken. • Talent binden en boeien. • Benutten van technologie en (sociale) innovatie.
HOOFDACTIVITEITEN WERKPROGRAMMA Fundament wordt gelegd in 2025 In het jaarplan voor 2025 staan diverse onderzoeken opgenomen die de basis vormen voor Human Capital aanpak in de jaren daarna. Specifiek is aandacht nodig voor het richten van de agenda op het brede foodcluster en het innovatieve MKB. Belangrijk is om duidelijke afspraken te maken welke rollen de verschillende triple helix partners vervullen. Verbinden van initiatieven Er wordt gewerkt aan het verbinden en versterken van verschillende lokale en regionale initiatieven. Voorbeelden hiervan zijn Barneveldse Techniek Opleiding (BTO), Platform E en Innovatiewerkplaats Goed Werkgeverschap. De verschillende triple helix partners spelen een belangrijke rol in deze initiatieven.
• Stimuleren en faciliteren van netwerken, innovatie en kennisuitwisseling. • Ondersteunend regionaal ruimtelijk economisch beleid (zie thema Ruimte voor economie als onderdeel van het programma Verantwoorde Groei).
• Circulair denken en doen ontwikkelen tot de norm.
14 | Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030
Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030 | 15
3 Programma Verantwoorde Groei We dragen ambitieus bij aan de grote opgaven in Nederland door verantwoord te groeien waarbij het realiseren van een schaalsprong en de opgaven van natuur, milieu en water hand in hand gaan. Onze ambitie is een groei te realiseren waarbij de unieke kenmerken van onze regio behouden blijven en we een regio blijven waar het nu en in de toekomst goed en gezond wonen, recreëren en werken is. Kortom, een regio waar leefbaarheid en brede welvaart centraal staan. De ruimte in onze regio is schaars en onze opgaven zijn groot: woningbouw, natuur en recreatie, landbouw, mobiliteit, werken, energie, voorzieningen en defensie, het vraagt allemaal ruimte. Binnen het programma Verantwoorde Groei brengen we deze zaken zo goed mogelijk in balans. Gemeenten, provincies en ook het Rijk zijn dan beter in staat afgewogen en afgestemde keuzes te maken over de inrichting van hun gebied. In de NOVEX-samenwerking met provincies, waterschap en het Rijk hebben we al duidelijke afspraken gemaakt over de afwegingsprincipes bij het maken van ruimtelijke keuzes. We streven naar het optimaal benutten van de beschikbare ruimte en kijken altijd naar kansen om functies te combineren. Bij het maken van ruimtelijke keuzes is water en bodem sturend, waarbij we voorkomen dat we problemen afwentelen naar andere gebieden of toekomstige generaties.
We maken ruimtelijke keuzes zo veel mogelijk integraal met oog voor de belangen binnen en de kenmerken van het gebied. De bestaande kaders, zoals de Verstedelijkingsstrategie en het NOVEX-ontwikkelperspectief en het RPLG, zijn daarbij leidend. Omdat vrijwel alle opgaven uiteindelijk landen in het ruimtelijk domein, kan vrijwel alles relatie hebben met dit programma. Om effectief te blijven is het noodzakelijk dat we focus aanbrengen, prioriteiten stellen én handvatten hebben om dit te kunnen blijven doen. Er zullen zich immers telkens nieuwe onderwerpen aandienen die ruimtelijke impact hebben en waarbij het zinvol is om regionaal samen te werken. Een deel van de focus zit in de keuze voor de zes thema’s die we hierna uitwerken en onze overkoepelende aanpak voor regionaal ruimtelijk programmeren. Bij deze zes thema’s bouwen we verder op bestaande samenwerkingen, afspraken en financiering. Daarnaast brengen we, ook binnen deze thema’s, focus aan door (vooralsnog) de volgende criteria te hanteren voor zaken die we wel of niet gezamenlijk oppakken:
• We werken aan het realiseren van de vastgelegde NOVEX-doelstellingen zoals beschreven in het eerder vastgestelde Novex Ontwikkelperspectief: o Schaalsprong in verstedelijking o Natuurherstel en robuust watersysteem o Doorontwikkeling in de landbouw De bijdrage aan het realiseren van NOVEX-doelstellingen is richtinggevend voor de inzet op de onderliggende thema’s. • We werken op systeemniveau en op regionale schaal (regiobrede dragende systemen rond energie, mobiliteit, bodem, water en ecologie) of in de aangewezen negen gebieden binnen regionaal ruimtelijk programmeren. Het betreft Binnenveld, KennisAs, De Nieuwe Meent, De Klomp, Ede-Barneveld, Renkums Beekdal, Groene Valleilint, GEUS en Regiopoort Nijkerk. • We werken aan de ruimtelijke randvoorwaarden die nodig zijn om onze doelen te realiseren, zoals o.a. netcongestie, stikstof en mobiliteit. • Op thema’s die voor specifieke gemeenten urgenter zijn (zoals defensie, luchtvaart, recreatie of voorzieningen) werken gemeenten met kopgroepen. Een kopgroep bestaat uit één of meer gemeenten. De kopgroep is inhoudelijk in the lead en kan de regiostructuur (overlegtafels) benutten voor afstemming. Het regiobureau coördineert hier dus niet. In het programma Verantwoorde Groei gaan we dus aan de slag met onderstaande thema’s. Voor ieder van deze thema’s hebben we de belangrijkste hoofdactiviteiten gedefinieerd.
16 | Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030
Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030 | 17
Figuur 5: Thema’s en hoofdactiviteiten Verantwoorde Groei
Regionaal ruimtelijk programmeren - slim benutten van ruimte Gebiedsaanpak, monitoring, Lobby, Onderzoeks- en investeringsagenda
Natuur, water en landschap • Vitaal landschap • Natuur- en biodiversiteitsherstel • Robuust watersysteem
Mobiliteit • Bereikbaarheid van de regio • Bereikbaarheid in de regio (hoofdstructuur) • Slim en duurzaam
Toekomstbestendige landbouw
Wonen
• Toekomstig verdienvermogen • Circulaire en natuurinclusieve landbouw • Doelsturing natuur- en milieudoelen
• Woningbouwafspraken tot 2035 • Plancapaciteit langere termijn • Huisvesten aandachtsgroepen • Publiek private samenwerking: Stichting Vastgoedmonitor
Energie
Ruimtelijke economie
• Energiesysteem (o.a. netcongestie) • Duurzame opwek (RES) • Warmte • Regionaal energieteam bedrijven
• Visie op toekomstbestendige economie • Regionaal programma werklocaties
3.1 Regionaal ruimtelijk programmeren – slim benutten van ruimte Regionaal ruimtelijk programmeren is onze aanpak om tot ruimtelijke structurerende keuzes voor de lange termijn te komen. De aanpak kent verschillende onderdelen, waaronder een onderzoeks- en investeringsagenda en een gebiedsaanpak. Deze aanpak legt de koppeling tussen de (ruimtelijke) programma’s binnen de Strategische Agenda. Het helpt om te duiden welke zaken lokaal, welke regionaal en welke bovenregionaal opgepakt worden. Gebiedsaanpak Op dit moment wordt in negen verschillende gebieden grensoverstijgend samengewerkt. We doen dit om de gezamenlijke opgaven te realiseren. De gebieden die we geïdentificeerd hebben voldoen aan de volgende criteria: • Gebieden zijn gemeentegrens overstijgend; • Gebieden geven invulling aan multifunctionele, integrale ruimtelijke ontwikkeling; • Gebieden leveren een belangrijke bijdrage aan de realisatie van een regionale opgave zoals beschreven in het NOVEX Ontwikkelperspectief en het RPLG. Het is aan de betrokken overheden (Rijk, Provincies en Waterschap) om in samenwerking met de markt invulling te geven aan de gebiedsuitwerkingen en tijdige integrale realisatie van de gebiedsprogramma’s. De regio heeft hierover afspraken gemaakt en monitort de voortgang.
Hierbij wordt in beeld gebracht in hoeverre de regionale doelen gerealiseerd worden, wat de onderlinge samenhang is en wat de consequenties voor andere overheden zijn (Regionaal Ruimtelijk Programmeren). Het tot uitvoering brengen van de gebiedsaanpak is urgent en vraagt prioriteit van betrokken gemeenten omdat daarmee invulling gegeven wordt aan een gezamenlijke verantwoordelijkheid, namelijk de NOVEX- en Woondealafspraken. De bestuurlijke cockpit, inclusief provincies Utrecht en Gelderland, ziet actief toe op voortgang en doelrealisatie.
18 | Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030
Monitoring Voor de verschillende thema’s zijn monitoringsinstrumenten en aanpakken ontwikkeld die worden doorgezet. Daarbij ontwikkelen we een regionaal dashboard dat inzicht geeft waar we staan met de NOVEX-opgaven. Lobby en agendering Vanuit het programma Verantwoorde Groei wordt inhoudelijk richting gegeven aan de inzet van Regio Foodvalley richting beleidsontwikkeling en instrumentering van andere overheden, o.a. de Nota Ruimte van het Rijk, de ruimtelijke arrangementen en omgevingsvisies van Gelderland en Utrecht, en binnen de samenwerking in NOVEX Arnhem Nijmegen Foodvalley. Hier ligt een nadrukkelijke verbinding met de public affairs activiteiten en de lobbyagenda binnen programma Algemeen. Onderzoeks- en investeringsagenda We hebben als gemeenten en regio al veel kennis en inzicht. Voldoende om nu belangrijke stappen te zetten. Tegelijk weten we dat we op onderdelen nog kennisachterstanden hebben. Met name als het gaat om effecten van keuzes op systeemniveau, zoals het natuurlijk systeem (ecologie, bodem en water), maar ook als het gaat om de effecten van netcongestie is meer inzicht nodig. Dit maakt het nodig om de werking van regionale systemen (energiesysteem, economisch systeem, landbouwsysteem, mobiliteitssysteem, natuurlijk systeem, bodem- en watersysteem, etc. etc.) goed in beeld te hebben.
Enerzijds is dit belangrijke inbreng voor de uitwerking in specifieke gebieden, anderzijds maakt dit het mogelijk om de uitwerking van gebieden te kunnen relateren aan het grotere geheel en de consequenties voor andere overheden in beeld te krijgen. Tenslotte hebben we scherpe en concrete onderbouwing nodig van de zaken die we van anderen nodig hebben en dat wat we zelf inbrengen.
3.2 Natuur, water en landschap DOELEN Het beperken van de impact op de natuur, lucht, water en bodem is een belangrijk uitgangspunt bij het realiseren van de schaalsprong. Als ook het realiseren van een vitaal landschap.
• Realiseren van een vitaal landschap • Herstel van natuur en biodiversiteit • Realiseren van een robuust watersysteem Hieronder beschrijven we de hoofdactiviteiten in die zin dat dit de meer omvangrijke en cruciale activiteiten zijn. Het thema Natuur, water en landschap omvat vanuit de zes thema’s van het RPLG ook kleinere projecten en bijdragen die in gezamenlijkheid van wezenlijk belang zijn voor de realisatie van de doelen.
Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030 | 19
HOOFDACTIVITEITEN WERKPROGRAMMA Basis kwaliteit natuur en 10% groen-blauwe dooradering We streven er naar dat in 2040 de natuur in stedelijk en agrarisch gebied op zijn minst voldoet aan een set van basiscondities die ‘algemene’ soorten nodig hebben om te kunnen leven in de stedelijke en agrarische landschappen in de regio waar zij van origine thuishoren. Daarbij houden we rekening met het feit dat ieder type landschap karakteristieke eigenschappen heeft waarin niet dezelfde soorten algemeen zijn. Dit heet de “Basiskwaliteit Natuur” (BKN). Om te zien wat ervoor nodig is om deze basiscondities te bereiken is een ‘nulmeting’ een eerste stap. De volgende stap is op basis van de uitkomsten van de nulmeting beleid te formuleren en maatregelen te ontwikkelen. Deze maatregelen zijn medegericht op het realiseren van 10% groen-blauwe dooradering en het realiseren van een robuust watersysteem door het versterken van beekdalen en het vasthouden van water. Waterkwaliteit speelt hierbij een belangrijk rol. Het in kaart brengen van de bronnen van vervuiling en deze aanpakken zal tot de maatregelen behoren. 2000 ha uitloopgebieden realiseren We hebben in kader van NOVEX afgesproken 2.000 hectare uitloopgebied te realiseren. Wat uitloopgebieden precies zijn is nog niet concreet uitgewerkt.
Belangrijke functies van deze gebieden zijn recreatieruimte voor de groeiende bevolking, verbetering watersysteem, versterken landschap, biodiversiteit en bijdragen aan de landbouwtransitie. We gaan het concept uitloopgebieden zowel inhoudelijk als qua financieringsmogelijkheden uitwerken en de realisatie van deze gebieden programmeren. Afstemming met stakeholders voor het realiseren van een robuust watersysteem en verbetering waterkwaliteit In dit domein zijn veel stakeholders en initiatieven actief. Zo is rondom natuurherstel van de Veluwe de provincie Gelderland bevoegd gezag en opdrachtgever van Staatsbosbeheer. Ook de Veluwe Alliantie/VeluweOp1 speelt daarin een rol. Het waterschap is leidend in projecten op gebied van waterkwaliteit en onder meer het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer. Wij zorgen voor een goede afstemming met dergelijke partijen en kijken steeds kritisch of betrokkenheid vanuit het regiobureau nuttig en nodig is. Nieuwe initiatieven formuleren op basis van afwegingskader De looptijd van het werkprogramma is vier jaar. Tijdens deze looptijd is het nodig om in te kunnen spelen op kansen, ontwikkelingen en resultaten. We beslissen hierover aan de hand van een afwegingskader. In dit afwegingskader wordt getoetst op bijdrage aan doelen, haalbaarheid, belang van regionale aanpak, rol van regiobureau en prioriteit ten opzichte van andere initiatieven.
3.3 Toekomstbestendige landbouw DOELEN We staan nu op het punt om met elkaar de schouders er onder te zetten om een toekomstige agrarische sector te behouden en te ontwikkelen. En sector die duurzaam, divers en robuust is. Dit thema hangt nauw samen met het thema Food.
• Perspectief bieden op toekomstbestendig verdienvermogen agrarische ondernemers • Stimuleren van circulaire en natuurinclusieve landbouw • Realiseren van doelsturing op natuur- en milieudoelen Hieronder beschrijven we de hoofdactiviteiten in die zin dat dit de meer omvangrijke en cruciale activiteiten zijn. Het thema Toekomstbestendige landbouw omvat vanuit de zes thema’s van het RPLG ook kleinere projecten en bijdragen die in gezamenlijkheid van wezenlijk belang zijn voor de realisatie van de doelen.
HOOFDACTIVITEITEN WERKPROGRAMMA Meetnetwerken Voortzetten en uitbouwen bewezen succesvolle aanpak rondom meetnetwerken: bedrijvenmeetnetwerk, omgevingsmeetnetwerk en depositiemeetnetwerk. Uitbreiding van het bedrijvenmeetnetwerk naar meer sectoren en meer bedrijven per diersector is belangrijk voor
20 | Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030
benchmarking door agrariërs en (mede daarmee) hun handelingsperspectief. In eerste helft 2025 wordt besloten of financiering wordt toegekend en voor welke periode. Experimenteerlocatie Foodvalley Waardeert en UPLG Fieldlab Foodvalley Voortzetten en uitbouwen van bewezen succesvolle aanpak. De Experimenteerlocatie (voorheen: Het fieldlab) wordt opgezet vanuit de visie dat complexe agrarische problemen het beste opgelost kunnen worden op de werkvloer in regio, waarbij vakmensen uit verschillende disciplines samenwerken. Het is een samenwerkingsverband van boeren, kennisinstellingen, overheden en belanghebbenden gericht op het ontwikkelen en implementeren van toekomstbestendige landbouw praktijken. De missie is om innovatieve oplossingen voor stikstofemissie, fijnstof, geur, bodem en water, biodiversiteit en klimaat effectief te laten landen in de praktijk. Ook thema’s als dierenwelzijn, diergezondheid en volksgezondheid zijn belangrijk. In de Experimenteerlocatie draait het om experimenteren en leren in de praktijk rondom concrete doelen. Ontwikkelen, meten impact, doorontwikkelen en bepalen benodigde beloning en randvoorwaarden. Het meetnetwerk bestaat uit vier elementen: een praktijkomgeving, meten en monitoren, organisatie ecosysteem, kennisdeling tussen wetenschap, beleid en praktijk. In eerste helft 2025 wordt besloten of financiering voor vier jaar wordt toegekend.
Landbouwnetwerk Foodvalley – Boer aan het roer Doorzetten en verder uitbouwen van het brede kennisnetwerk en samenwerkingsverband rondom toekomstbestendig agrarisch ondernemen. Boeren, kennisinstellingen, private partners en lokale overheden hebben zich verenigd met als doel bij te dragen aan een goede toekomst van landbouw in Regio Foodvalley. Dit sluit direct aan op de doelen voor een toekomstbestendige economie met een sterk foodprofiel. Vestigingsbeleid agrarische sector Regionaal ontwikkelen van een goed vestigingsbeleid voor de agrarische sector. Een gezamenlijk visie ontwikkelen op welke activiteiten wel en niet in het landelijk gebied passen en welke randvoorwaarden hieraan worden gesteld. Belangrijk onderdeel hiervan is duidelijkheid over ruimte voor ondernemerschap op het erf en op landbouwgronden. Inventariseren welke gemeentelijke RO instrumenten beschikbaar zijn om in te zetten om dit beleid te realiseren. Regionaal ruimtelijk programmeren en ontwikkelen grondinstrumenten Door gezamenlijke keuzes te maken op ruimtelijke ingrepen met een bovenlokale impact, afspraken te maken over maatregelen en programmeren van de uitvoering met alle betrokken partijen waaronder de provincies, het waterschap en het Rijk. In het verlengde hiervan bepalen welke grondinstrumenten nodig en effectief zijn (bijvoorbeeld een grondfonds) en deze instrumenten ontwikkelen.
Luchtkwaliteit / Schone Lucht Akkoord De regiogemeenten hebben het Schone Lucht Akkoord ondertekend om samen met alle partners te streven naar 50% gezondheidswinst in 2030. Daarvoor worden diverse pilots, onderzoeken en projecten uitgevoerd. Een deel van de onderzoeken is vervolgens de basis voor mogelijk nieuw beleid. Het accent ligt op landbouwemissies, maar vanuit het Schone Lucht Akkoord is een deel van de inzet ook gericht op het beperken van de overlast door houtstook en het verminderen van emissie uit de industrie.
3.4 Wonen DOELEN Als regio staan we voor een urgente en grote woningbouwopgave. Er zijn onvoldoende woningen en de vraag naar woningen stijgt. Zoals is afgesproken in de geactualiseerde Woondeal zetten gemeenten zich, in samenwerking met corporaties en marktpartijen, in voor het terugdringen van het woningtekort. Uitgangspunt is de huishoudensprognose Primos 2023, met bijbehorende woningbehoeftegegevens en het inlopen woningtekort van 6% naar 2% als basisscenario voor de woningbouwprogrammering 2025-2034. Het inlopen van het woningtekort geldt mede als basis voor het regionaal ruimtelijk programmeren van Regio Foodvalley. Concreet betekent dit dat we ons, in de jaren
Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030 | 21
2025 tot en met 2030, inspannen om in Regio Foodvalley 19.580 woningen te realiseren, waarvan minimaal 66% betaalbaar, inclusief minimaal 30% sociale huurwoningen. Van 2031 tot en met 2034 spannen we ons in om in de woonregio Foodvalley circa 8.200 woningen te realiseren, waarvan tenminste tweederde betaalbaar, inclusief minimaal 30% sociale huurwoningen. De Woondeal kent een aantal belangrijke randvoorwaarden die van grote invloed zijn op de gestelde woningambities. Onze doelen zijn: • Realiseren van de woningbouwafspraken tot 2035, conform Woondeal. • Realiseren van voldoende plancapaciteit voor de bouwopgave tot 2040 en verder. • Regionale afspraken en beleid voor het huisvesten van aandachtsgroepen. • Via Stichting Vastgoedmonitor en de bouwberaden faciliteren van een stevige samenwerking tussen publieke en private partijen in de woningbouw en zorgen voor goede sturingsinformatie voor alle betrokken partijen.
HOOFDACTIVITEITEN WERKPROGRAMMA Het voortbouwen op de constructieve samenwerking in Regio Foodvalley. In een regio is een sterk netwerk op gebied van wonen waarbij partijen elkaar goed vinden en versterken. Ook de samenwerking binnen NOVEX ANF is op gebied van wonen goed georganiseerd. Woondeals Organiseren van processen rondom de woondeal en beleidsvorming gerelateerd aan de woondeal. In de uitvoeringsagenda wonen is door het programmateam wonen invulling gegeven aan de onderwerpen en projecten. Via dit programmateam wordt gestuurd op de invulling van de uitvoeringsagenda. De regionale versnellingstafel woningbouw is een belangrijke pijler in deze uitvoeringsagenda. Deze tafel heeft tot doel om door interventies woningbouwprojecten weer op gang te brengen en overkoepelende problematiek te agenderen op landelijke en regionale tafels. In het proces van de actualisatie van de Woondeal vormen het coördineren van overleggen met provincies en VRO over aantallen en randvoorwaarden (zoals onrendabele toppen, bereikbaarheid, stikstofruimte, netcongestie) en adviseren richting regiodag belangrijke taken van het regiobureau. Plancapaciteit lange termijn Realiseren van voldoende plancapaciteit voor de lange termijn middels regionaal ruimtelijk programmeren en waarbij de ontwerpprincipes uit de Verstedelijkingsstrategie centraal staan.
Onderdeel hiervan is het omzetten van zachte plancapaciteit naar harde plancapaciteit. Huisvesten aandachtsgroepen Het huisvesten van de aandachtsgroepen van beleid zoals benoemd in het Rijksprogramma ‘Een thuis voor iedereen’ en de (nieuwe) Wet versterken regie volkshuisvesting betreft een belangrijk thema binnen de regio dat veel afstemming vergt tussen gemeenten en met onze stakeholders. De omvang van de doelgroepen neemt sterk toe en (maatschappelijke) kosten meer dan evenredig. In de regio is gekozen voor het principe van (fair share) verdelingsafspraken. Dit betreft een buitengewoon belangrijk, maar tevens bovenal gevoelig, maatschappelijk (sociaal) onderwerp. Met het oog op de financiële afspraken die met partijen gemaakt moeten worden is het belangrijk onze stakeholders in deze processen in een vroeg stadium te betrekken. De voorbereidingen hiervoor zijn gestart. Stichting Vastgoedmonitor Regio Foodvalley kent een langjarige traditie van publiek private samenwerking in de vorm van de Stichting Vastgoedmonitor. Dankzij dit netwerk weten ontwikkelende en bouwende partijen, corporaties en overheden elkaar beter te vinden, hetgeen essentieel is in de samenwerking, onderling begrip en vertrouwen. Een belangrijk doel van de stichting is het bieden van sturingsinformatie voor bestuurders en voor de versnellingstafel.
Periodiek is doorontwikkeling van de monitor nodig om aan te blijven sluiten bij landelijke afspraken en voorwaarden voor subsidies. Bouwberaden Het Bouwberaad brengt publieke en private partijen samen om geplande bouwprojecten in onze regio te bespreken. We willen daarmee de bouwproductie versnellen, problemen herkennen en samen oplossingen bedenken om deze problemen sneller aan te pakken.
22 | Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030
3.5 Mobiliteit DOELEN Mobiliteit is een van de bouwstenen en randvoorwaardelijk voor de schaalsprong. • Het mogelijk maken van woningbouw en economische ontwikkelingen; • Het waarborgen van bereikbaarheid van voorzieningen, zowel in verstedelijkte als landelijke gebieden; • Verder versterken van de verbinding van onze regio met de landelijke netwerken.
HOOFDACTIVITEITEN WERKPROGRAMMA Bereikbaarheid van en in de regio We ontwikkelen een gezamenlijke visie op het mobiliteitsysteem van de toekomst voor de bereikbaarheid van en in de regio. Deze visie vormt een belangrijke basis voor het prioriteren in de bereikbaarheidsagenda en doelgericht te kunnen lobbyen. Een belangrijke basis voor het ontwikkelen van deze visie is de netwerkanalyse 2030-2040 NOVEX-ANF. Bereikbaarheidsagenda doorontwikkelen – regionale prioritering Doorontwikkelen van de bereikbaarheidsagenda tot een sterke regionale agenda met duidelijke prioriteiten. De opgaven, wensen en afhankelijkheden van andere partijen zoals het Rijk, zijn groot. We zullen slim moeten prioriteren en inzetten op maatregelen die veel impact hebben om maximaal resultaat te boeken. Het koppelen van het mobiliteitsfonds aan deze regionale bereikbaarheidsagenda. Een regionaal verkeersmodel, de visie op het mobiliteitssysteem van de toekomst inclusief netwerkanalyse vormen hiervoor belangrijke onderleggers. Realiseren van prioriteiten Vanuit deze gezamenlijk visie op het mobiliteitssysteem van de toekomst en de op basis daarvan opgestelde geprioriteerde bereikbaarheidsagenda gaan we gezamenlijk vaststellen welke maatregelen we willen nemen.
Dit zal een mix zijn van investeringen in (boven)regionale en lokale infrastructuur, hoogwaardig openbaar vervoer en stimuleren van fietsen, lopen en deelvervoer. De focus zal deels verschuiven van realiseren van extra capaciteit naar slimmer benutten van de bestaande capaciteit. Deze prioriteiten zetten we om in een gezamenlijke uitvoerings- en investeringsagenda. We doen dit samen met het Rijk, provincies en de aangrenzende regio’s. Bijvoorbeeld aan de noordkant van onze regio werken we samen met Regio Amersfoort. Doorontwikkelen aanpak slim en duurzaam De aanpak voor stimuleren slim en duurzaam moet verder vorm krijgen. Vanuit de provincies en het Rijk worden vaak subsidies beschikbaar gesteld om de aanpak voor slim en duurzaam in de regio te stimuleren. Deze aanpak bestaat voor een groot deel uit uitvoeringstaken, daarom is een belangrijke vraag in de doorontwikkeling waar deze taken het beste ondergebracht kunnen worden. Ook is het belangrijk om deze aanpak van overheids gestuurd naar triple helix gestuurd te brengen.
Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030 | 23
3.6 Energie DOELEN Een belangrijk thema is hoe we omgaan met energietransitie en een vol stroomnetwerk (netcongestie). Dit thema kan sterk beperkend zijn voor de gewenste groei in wonen en werken. • Visievorming op het energiesysteem van de toekomst met als doel het realiseren van een veerkrachtig, betrouwbaar en duurzaam energiesysteem. • Doorontwikkeling van de Regionale Energie Strategie.
HOOFDACTIVITEITEN WERKPROGRAMMA Herijking en verbreding RES 1.0 Wij werken aan de doorontwikkeling RES 1.0 (herijking). Deze krijgt een bredere scope dan de huidige RES die zich richt op grootschalige opwek wind- en zonenergie en energiebesparing (jaarlijks 1,5%). De verbreding heeft betrekking op de vraagkant van energie en de benodigde infrastructuur. In het energiesysteem komen energie aanbod, -vraag en infrastructuur bij elkaar. Dit vraagt ook een ruimtelijke vertaling. Uitgangspunt is dat energie een mede-sturend principe is voor gebiedsontwikkeling. In de RES wordt ook gekeken naar de impact die ruimtelijke/ economische ontwikkelingen hebben op het samenhangend energiesysteem, zoals nieuwe en bestaande gebouwde omgeving, nieuwe en bestaande bedrijven(terreinen) en mobiliteit. Een belangrijk aandachtspunt bij de doorontwikkeling van de RES is dat naast een centraal georganiseerde infrastructuur ook een regionaal georiënteerd, decentraal energiesysteem nodig zal zijn. Dit vraagt om keuzes met betrekking tot wie daarin gaat investeren en eigenaarschap. De mogelijkheden van publiek private samenwerking worden onderzocht. Ontwikkelen regionaal energieperspectief (horizon 2040) De energieopgaven (verduurzaming, netcongestie) vragen om een visie op langere termijn.
Daarom wordt naast de energiestrategie (horizon 2030-2035) een regionaal energieperspectief (horizon 2040) ontwikkeld. In dit perspectief wordt (1) de ontwikkeling van de vraag naar energie in de gebouwde omgeving, bij/op bedrijven(terreinen) en ten behoeve van de mobiliteit in ogenschouw genomen. Ingezet op (2) beschikbaarheid van voldoende betaalbare duurzame energie op het gewenste moment en (3) dat de regio kijkt naar welke energie-infrastructuur nodig is om energie in de nabijheid te produceren, te bufferen of te transporteren naar de plaats waar de behoefte ligt. Via deze route wordt het onderwerp netcongestie structureel opgepakt. Bovenlokale afstemming en kennisdelen warmte Warmte speelt een belangrijke rol in de energietransitie en heeft veelal een lokaal karakter. De regio ondersteunt de gemeenten in de warmtetransitie daar waar sprake is van bovenlokale warmtebronnen (RSW), waar kennisdeling gewenst is en gezamenlijk optrekken kan bijdragen aan het versnellen van de warmtetransitie. We kijken hierbij ook waar het nodig en mogelijk is om regels te versoepelen om onze doelen te realiseren. In gebieden met veel huurwoningen vervullen de woningcorporaties een trekkende functie in het versnellen van de warmtetransitie. Woningcorporaties werken samen met gemeenten die in de warmtetransitie een regierol hebben.
Gemeenten en woningcorporaties hebben samen een regionaal warmtecoördinator aangesteld. De warmtecoördinator ondersteunt gemeenten en andere maatschappelijke partijen in de samenwerking om (collectieve) duurzame warmte te realiseren. Netwerk van bedrijven en overheden Kennisdelen rondom opwek en verduurzaming en faciliteren van ontwikkeling van samenwerkingsprojecten op deze thema’s op bedrijventerreinen en bij agrariërs. Oplossingen voor netcongestie zijn hierbij een belangrijk thema. Hierbij wordt gekeken naar onorthodoxe oplossingen die binnen en buiten de regio worden ontwikkeld en publiek, private samenwerking. Andere thema’s zijn: zon op dak, smart energy hubs en energiebesparing bij bedrijven. Ook CO2-reductie is een belangrijk thema in de samenwerking. De primaire verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij de bedrijven, vanuit de regio wordt ingezet op kennisdelen en waar nodig faciliteren van pilots. Stimuleren van energiegemeenschappen Traditioneel wordt energie geproduceerd door grote, centrale energiecentrales. Energiegemeenschappen verschuiven deze aanpak naar decentrale productie door middel van zonne- en windenergie-installaties op lokaal niveau. Dit vermindert de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen en verlaagt de uitstoot van broeikasgassen. Het lokaal verbinden van vraag en aanbod is een belangrijke bouwsteen in het energiesysteem van de toekomst.
Het programmateam stelt een 24 | Werkprogramma Strategische Agenda 2026-2030
regionaal samenwerkingsprogramma op om lokaal eigenaarschap te vergroten door o.a. instellen revolverend fonds, kennisdelen en door te verkennen hoe de energietransitie bij kan dragen aan de regionale werkgelegenheid.
3.7 Ruimtelijke economie Ruimte is schaars en onze ambities zijn groot. We streven naar het optimaal benutten van de beschikbare ruimte, ook voor werken. In ons ruimtelijk economisch beleid bieden we met voorrang ruimte aan food- en foodgerelateerde bedrijven (zie pag. 16 strategische agenda). Dit thema hangt derhalve samen met het thema Food. • Regionale visie ontwikkelen op een toekomstbestendige economie als basis voor regionaal beleid. • Actualiseren en realiseren Regionaal Programma Werklocaties.
HOOFDACTIVITEITEN WERKPROGRAMMA Visie op ruimte voor toekomstbestendige economie Regio Foodvalley ontwikkelt een Visie op de ruimte voor toekomstbestendige economie om een strategische koers uit te zetten voor de ruimtelijke inrichting van de regio, gericht op een duurzame en competitieve economische toekomst. Hiermee wil de regio haar economische positie in de foodsector en haar krachtige MKB verder versterken. Het ruimtelijke beleid moet de geambieerde ontwikkeling naar een circulaire economie faciliteren. We laten ons inspireren door het rapport Next Economy Regio Foodvalley 2023. We combineren economische groei met innovatieve en duurzame ontwikkelingen en spelen in op trends zoals digitalisering en automatisering, energietransitie en klimaatverandering. Met de groeiende druk op de beschikbare ruimte in de regio is het essentieel om keuzes te maken. Daarbij is aandacht voor economie, groene infrastructuur en duurzame mobiliteit. De visie speelt in op het aantrekken en behouden van talent door werklocaties en stedelijke gebieden aantrekkelijk te maken voor professionals. Dit sluit aan bij de ambitie om een sterke regionale arbeidsmarkt te ontwikkelen. De visie bevordert samenwerking tussen gemeenten, bedrijven, onderwijsinstellingen en andere partners binnen de regio. Het biedt een gemeenschappelijk raamwerk voor gezamenlijke besluitvorming en prioritering.
Het helpt de regio om haar unieke profiel als foodregio te versterken en aantrekkelijk te zijn voor investeringen en samenwerkingen. Regionaal Programma Werklocaties 2026-2030 Regio Foodvalley werkt aan een Regionaal Programma Werklocaties (RPW) in 2026 om strategisch om te gaan met de planning, inrichting en ontwikkeling van werklocaties in de regio. Het RPW zorgt voor samenwerking en afstemming over waar en hoe werklocaties (zowel bedrijventerreinen, kantoorlocaties en perifere detailhandel) worden ontwikkeld. De vraag naar ruimte is groot, en er is beperkte beschikbaarheid. Met het RPW kan de regio slim en duurzaam omgaan met de beschikbare ruimte. Het programma ondersteunt de economische groei en versterkt sectoren die belangrijk zijn voor de regio. Door werklocaties strategisch te positioneren, worden bedrijven aangetrokken en behouden die aansluiting bij het profiel van de regio. Het RPW biedt een kader om werklocaties duurzaam in te richten. Denk aan energiezuinige gebouwen, circulaire economie (behoefte aan hoge milieucategorie bedrijventerreinen) en aansluiting op duurzame energiebronnen, passend bij de ambities van Regio Foodvalley. We anticiperen op trends zoals technologische ontwikkelingen, demografische veranderingen en nieuwe economische behoeften. Dit helpt om de regio aantrekkelijk te houden voor ondernemers, werknemers en inwoners.