CConstaterende datRhenen
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg

Raadsvergadering 10 december 2024, gemeente RhenenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststellen Bestemmingsplan Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg29.716 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Bestemmingsplan Toelichting Verduurzamen En Herbestemmen Landgoed Prattenburg

Opdrachtgever:

Opdrachtnemer: Eelerwoude Onze vestigingen 088-1471100 info@eelerwoude.nl www.eelerwoude.nl

Projectgegevens:

Projectnummer: Datum: Projectleider: Opgesteld: Gecontroleerd: Status: vastgesteld Versie: 1 © 2024 Eelerwoude Dit rapport is enkelzijdig opgemaakt.

Inhoudsopgave Toelichting Hoofdstuk 1

5 Inleiding

6

1.1 Aanleiding voor het bestemmingsplan

6

1.2 Ligging en begrenzing plangebied

8

1.3 Geldend bestemmingsplan

9

1.4 Bij het plan behorende stukken

10

1.5 Leeswijzer

10

Hoofdstuk 2

Beschrijving natuurbegraven en nieuwe functies gebouwen

11

2.1 Natuurbegraven

11

2.2 Criteria voor natuurbegraven

11

2.3 Grafdichtheid, maatvoering, inmeting en onderhoud

12

2.4 Grafrecht

12

2.5 Natuurbeheer

12

2.6 Effecten natuurbegraven op natuur en milieu

13

2.7 Behoefte aan natuurbegraafplaats

13

2.8 Zorgvuldig gekozen plangebied voor natuurbegraven

14

2.9 Nieuwe functies gebouwen

15

2.10

Kapschuur

16

2.11

Erfgoedlogies in voormalige Schapenschuur en in Zondagsschool

17

2.12

Zonnepanelen in de parkaanleg

19

2.13

Natuurcompensatie

24

Nadere planbeschrijving Natuurbegraven

26

Hoofdstuk 3

3.1 Inleiding

26

3.2 Historische ontwikkeling van het plangebied in het bos voor natuurbegraven

27

3.3 Uitgangspunten inrichting plangebied natuurbegraven in het bosgebied

33

3.4 Inrichtings- en beheerplan bosgebied

34

3.5 Natuurbegraven op om te vormen agrarische gronden

39

3.6 Verkeer en parkeren

39

Hoofdstuk 4

Beleidskader

42

4.1 Inleiding

42

4.2 Rijksbeleid

42

4.3 Provinciaal beleid

45

4.4 Regionaal beleid

52

4.5 Gemeentelijk beleid

53

4.6 Conclusie

55

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 3

Hoofdstuk 5

Waardentoets

56

5.1 Inleiding

56

5.2 Natuurwaarden

56

5.3 Archeologische waarden

66

5.4 Cultuurhistorische waarden

71

5.5 Water

72

5.6 Conclusie

74

Hoofdstuk 6

Milieuaspecten

75

6.1 Inleiding

75

6.2 Bodem

75

6.3 Geluid

76

6.4 Luchtkwaliteit

77

6.5 Externe veiligheid

78

6.6 Bedrijven en milieuzonering

80

6.7 Vormvrije m.e.r.-beoordeling

80

6.8 Verkeer en parkeren

81

6.9 Conclusie

81

Hoofdstuk 7

Juridische aspecten en planverantwoording

82

7.1 Inleiding

82

7.2 Opzet van de regels

82

7.3 Verantwoording van de regels

82

Hoofdstuk 8

Uitvoerbaarheid

85

8.1 Inleiding

85

8.2 Ruimtelijke uitvoerbaarheid

85

8.3 Maatschappelijke uitvoerbaarheid

85

8.4 Economische uitvoerbaarheid

86

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 4

Toelichting

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 5

Hoofdstuk 1 Inleiding

1.1 Aanleiding voor het bestemmingsplan Landgoed Prattenburg (Cuneraweg 420 in Rhenen) ligt in de gemeenten Veenendaal en Rhenen en is ruim 450 ha groot. Naast bebouwing (zoals een kasteel en koetshuis) bestaat het merendeel van het landgoed (circa 400 ha) uit bos. Daarnaast bestaat het landgoed uit park (circa 17 ha) en zijn er een aantal kleine heideterreinen. De overige oppervlakte (circa 30 ha) bestaat uit landbouwgrond. Het bos is opengesteld voor het publiek. Het bos grenst aan de westzijde aan Staatsbosbeheer, ten zuiden aan de bebouwde kom van Elst en ten oosten aan het Utrechts Landschap, Landgoed de Dikkenberg en Kwintelooyen. Op het landgoed zijn 19 Rijksmonumenten aanwezig. Het landgoed heeft de volgende visie: 'op weg naar een natuurvolgend, maatschappelijk betrokken en op termijn (financieel) duurzaam Landgoed Prattenburg'.

Hierbij zijn de volgende doelstellingen geformuleerd: Natuur (bos) en biodiversiteit staat voorop, zo ‘natuurvolgend’ mogelijk (nevendoelen zijn meer en beter bos, natuureducatie, natuurrecreatie,natuuronderzoek, nieuwe natuur en landschapselementen toevoegen); Gangbare landbouw omvormen naar een toekomstbestendige vorm; In stand houden van cultureel erfgoed (19 Rijksmonumenten) en archief -> energietransitie; Bijdragen aan een gezonde woon- en leefomgeving voor inwoners van de omliggende gemeentes; Leveren van gezond voedsel voor de gemeenschap; Zelfstandig in staat zijn om op termijn (voor volgende generaties) het beheer van het landgoed conform bovenstaande uitgangspunten mogelijk te maken – middels duurzame, maatschappelijk relevante en natuurinclusieve economische dragers.

Er zijn grote uitdagingen om de visie en doelstellingen te vertalen naar een haalbare exploitatie: Exploitatieresultaat Prattenburg is (al decennia) negatief waardoor er op termijn geen houdbaar model is voor het instandhouden van de (maatschappelijke en ecologische) functie van het Landgoed; Aanvullende economische dragers tot op heden duren lang om tot uitvoering te komen en dekken niet de benodigde tekorten; Ambitie (en maatschappelijke wensen) ten aanzien van natuurvolgende en toekomstbestendige duurzame inrichting en beheer van Prattenburg gaat verder dan momenteel economisch haalbaar; Beschikbare incidentele subsidies (bijvoorbeeld voor omvorming van landbouw naar natuur) helpen, maar dekken niet de benodigde investeringen, beheerskosten en waardedaling; Prattenburg streeft in dialoog met omwonenden, de lokale gemeenschap, overheden (gemeente en provincie) en (lokale) ondernemers naar duurzame, maatschappelijk gewenste en natuurinclusieve projecten ter ondersteuning van het realiseren van haar visie.

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 6

Landgoed Prattenburg heeft nu, passend bij de visie en doelstellingen en in samenwerking met Natuurbegraafplaatsen van Waarde, het plan opgevat om op een deel van hun gronden (circa 25 hectare) een natuurbegraafplaats in bestaand bosgebied te realiseren. Een groot deel van deze natuurbegraafplaats bevindt zich in de gemeente Rhenen. Het overige deel van de natuurbegraafplaats ligt in de gemeente Veenendaal. Het plangebied van het voorliggende bestemmingsplan, betreft het deel van de natuurbegraafplaats die in de gemeente Rhenen ligt (zie figuur 2). Het betreft een oppervlak van netto 13,3 hectare aan natuurbegraafplaats. Ook wordt 4,5 hectare aan agrarische grond, aansluitend aan het bosgebied, omgevormd naar natuur waar ook natuurbegraven mogelijk wordt. Daarnaast zijn er meer plannen voor verduurzaming en herbestemming van Rijksmonumenten op het landgoed. Het koetshuis heeft nu een woonbestemming. Hier komt een bredere maatschappelijke bestemming op, zodat hier ook ceremonies kunnen plaatsvinden (o.a. ten behoeve van de natuurbegraafplaats), evenals kleinschalige conferenties en vergaderingen, en er lichte horeca, recreatie en educatie mogelijk is. De kapschuur en de zonnepanelen (in de parkaanleg voor de verduurzaming van het kasteel en het koetshuis) worden bestemd.

De voormalige Schapenschuur en de Zondagsschool worden herbestemd tot erfgoedlogies (zie figuur 1, een goed leesbare overzichtskaart is opgenomen in Bijlage 1 van de toelichting). Tot slot wordt, als compensatie, 5.190 m2 aan agrarische grond omgezet naar natuur (zonder daar natuurbegraven mogelijk te maken) en wordt 14,56 hectare aan bos-/natuur (zie figuur 27,1) verbeterd (opgewaardeerd).

Figuur 1: Overzichtskaart plan

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 7

1.2 Ligging en begrenzing plangebied Landgoed Prattenburg (Cuneraweg 420 in Rhenen) ligt in het bosgebied ten westen van Veenendaal. Het plangebied voor de natuurbegraafplaats ligt aan de noordkant van het landgoed, ten noordwesten van het kasteel. Het plangebied van dit voorliggende bestemmingsplan betreft daarbij het zuidelijke deel van de natuurbegraafplaats, het deel in de gemeente Rhenen. In figuur 2 is de ligging en begrenzing van het plangebied weergegeven, m.b.t. de realisatie van de natuurbegraafplaats. De exacte begrenzing van het plangebied is weergegeven op de verbeelding van dit bestemmingsplan. Ook maken twee houten schuren onderdeel uit van het plangebied, aan de oostzijde van de natuurbegraafplaats, in het bos. Deze schuren gaan dienen als ontvangstruimte, opslagruimte en als kantoor. Daarnaast maken het koetshuis, de voormalige Schapenschuur, de Zondagschool, de plek waar de zonnepanelen worden gerealiseerd en de plek waar de kapschuur wordt gerealiseerd onderdeel uit va het plangebied. Zie hiertoe de figuren 5 en 8. Tot slot vindt natuurcompensatie plaats, direct ten oosten van het plangebied voor natuurbegraven (zie figuur 14). Hier wordt agrarisch gebied omgevormd naar natuur, over een oppervlakte van 5.190 m2 .

Figuur 2: Ligging en begrenzing plangebied te realiseren natuurbegraafplaats, waarbij voor dit voorliggende bestemmingsplan geldt dat het alleen om het plangebied gaat welke ligt in de gemeente Rhenen. Ook liggen het koetshuis, de voormalige Schapenschuur, de Zondagsschool, de kapschuur en de plek waar de zonnepanelen staan binnen het plangebied (zie figuren 5 en 8). De exacte begrenzing van het plangebied is weergegeven op de verbeelding van het bestemmingsplan. Op de verbeelding behorend bij dit bestemmingsplan, is het plangebied exact weergegeven.

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 8

1.3 Geldend bestemmingsplan Voor het plangebied geldt het bestemmingsplan 'Consolidatieplan Buitengebied Rhenen' (10 februari 2015). Ook geldt het 'Paraplubestemmingsplan Parkeren' (vastgesteld op 6 maart 2018). Het bosgebied waar het natuurbegraven plaats gaat vinden heeft de enkelbestemming 'Bos'. De agrarische gronden die worden omgevormd naar natuur en waar grotendeels natuurbegraven gaat plaatsvinden, hebben de bestemming 'Agrarisch'. De twee houten gebouwen, welke dienst gaan doen als ontvangstruimte en kantoor, zijn voorzien van een 'Bouwvlak'. Het koetshuis heeft de enkelbestemming 'Wonen' met de bouwaanduiding 'karakteristiek'. De plek waar de zonnepanelen worden gerealiseerd heeft de bestemming 'Agrarisch' en de gebiedsaanduiding 'wetgevingszone - wijzigingsgebied 1'. Hier zal ook maximaal 2 keer per week geparkeerd (maximaal 40 auto's) worden, voornamelijk ten behoeve van natuurbegraven. De Schapenschuur en de Zondagsschool hebben de bestemming 'Bos'. De plek waar de natuurcompensatie plaatsvindt, heeft de enkelbestemming 'Agrarisch'. Voor het gehele plangebied geldt de dubbelbestemming 'Waarde Landgoed'. Voor bijna het gehele plangebied geldt de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie'. Voor het zuidwestelijke deel (twee agrarische percelen) geldt de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2'.

Voor het noordelijke deel van het plangebied geldt de gebiedsaanduiding 'overige zone - middelhoge verwachtingswaarde', en voor het zuidelijke deel (inclusief o.a. de plek van het koetshuis en daar waar de zonnepanelen worden gerealiseerd) de gebiedsaanduiding 'overige zone - hoge verwachtingswaarde'. In figuur 3 is een uitsnede van de verbeelding van het bestemmingsplan 'Consolidatieplan Buitengebied Rhenen' weergegeven.

Figuur 3: Uitsnede bestemmingsplan 'Consolidatieplan Buitengebied Rhenen', bron: www.ruimtelijkeplannen.nl

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 9

De huidige enkelbestemmingen 'Bos' en 'Agrarisch' staan de aanleg en exploitatie van een natuurbegraafplaats niet toe. Ook passen de functies 'ontvangst en kantoor' niet binnen de bestemming 'Bos'. De functies ceremonies (zoals natuurbegraven en huwelijken), kleinschalige horeca, recreatie en educatie passen niet binnen de enkelbestemming 'Wonen' van het koetshuis. De kapschuur paste al wel binnen de regels van het bestemmingsplan. Hiervoor is reeds een vergunning verleend. Het in gebruik nemen van de Schapenschuur en de Zondagsschool als erfgoedlogies past niet binnen de bestemming 'Bos' en de realisatie van zonnepanelen past niet binnen de geldende bestemming 'Agrarisch'. De realisatie van de zonnepanelen is wel reeds met een omgevingsvergunning mogelijk gemaakt (uitgebreide procedure). Deze vergunning is inmiddels onherroepelijk. De realisatie van nieuwe natuur past niet binnen de bestemming 'Agrarisch'. Het voorliggende bestemmingsplan wijzigt de bestemming 'Bos' naar 'Natuur' in het bosgebied waar de natuurbegraafplaats wordt gerealiseerd, waarbij het plangebied een aanduiding 'Natuurbegraafplaats' krijgt'. Ook wordt het mogelijk dat de twee houten schuren gebruikt kunnen gaan worden als kantoor en ontvangstruimte, behorend bij de natuurbegraafplaats.

Het koetshuis krijgt een bredere maatschappelijke bestemming en er wordt planologisch geregeld dat de Zondagsschool en de Schapenschuur als erfgoedlogies in gebruik genomen kunnen gaan worden. Tot slot wordt de natuurcompensatie planologisch mogelijk gemaakt en wordt op naar natuur om te vormen agrarische gronden, natuurbegraven mogelijk gemaakt.

1.4 Bij het plan behorende stukken Het bestemmingsplan 'Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg' bestaat uit de volgende stukken: a. verbeelding; b. regels met bijlagen. Op de verbeelding zijn de bestemmingen van het plangebied weergegeven. In de regels zijn bepalingen opgenomen om de uitgangspunten van het plan zeker te stellen. Het plan gaat vergezeld van de voorliggende toelichting.

1.5 Leeswijzer De toelichting van dit bestemmingsplan is opgebouwd uit een achttal hoofdstukken. Na dit inleidende hoofdstuk volgt in hoofdstuk 2 een beschrijving van het principe natuurbegraven. In hoofdstuk 3 komt de planbeschrijving aan bod. In dit hoofdstuk 4 wordt een beschrijving gegeven van het van toepassing zijnde rijksbeleid, provinciaal beleid en gemeentelijk beleid. Het plan wordt getoetst aan de randvoorwaarden die uit het beleid volgen. Hoofdstuk 5 bevat een waardentoets. Hieruit blijkt welke waarden er in het plangebied aanwezig zijn en of deze worden aangetast door de ontwikkeling. In hoofdstuk 6 komen de relevante milieuaspecten aan bod. Vervolgens wordt in hoofdstuk 7 een korte toelichting gegeven van de juridische aspecten en planverantwoording. In hoofdstuk 8 wordt tot slot ingegaan op de ruimtelijke, maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid.

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 10

Hoofdstuk 2 Beschrijving natuurbegraven en nieuwe functies gebouwen In dit hoofdstuk wordt het plan toegelicht. Hierin wordt o.a. ingegaan op de betekenis van natuurbegraven en wordt het inrichtings- en beheerplan toegelicht.

2.1 Natuurbegraven Natuurbegraven gaat uit van verbondenheid van de mens met natuur en milieu. Natuurbegraven is de oudste en meest natuurlijke manier om een overledene te begraven. Natuurbegraven houdt in dat het lichaam op een organische manier wordt teruggegeven aan de aarde, in een daarvoor bestemd stuk natuur. Respect voor de overledene gaat hand in hand met respect voor natuur en milieu. Een natuurgraf wordt niet geruimd. Daarom betekent natuurbegraven eeuwigdurende rust in de schoonheid van de natuur. Alleen duurzame materialen die zonder problemen weer opgenomen worden door de natuur, vergezellen het lichaam. Dan zijn er geen zorgen meer over onderhoud en verdere verplichtingen. Want de natuur verzorgt het graf en de natuurbegraafplaats beheert de natuur. Een natuurgraf kan worden gemarkeerd door een schijf of sculptuur van onbewerkt hout van geringe afmetingen dat van nature in onze omgeving groeit. Ook een boom kan dienen als grafmarkering. Het natuurgraf is integraal onderdeel van de natuur. Natuurbegraven is een fenomeen dat sinds 2010 in Nederland is ingetreden. In Engeland bestaat Natuurbegraven al 30 jaar, en daar heeft het nu een marktaandeel van 5% van het totaal aantal uitvaarten. Mensen die nu op het spoor zitten van cremeren, kiezen steeds vaker voor Natuurbegraven.

Mensen die gericht zijn op de traditionele begraafplaats bij de kerk, kiezen minder snel voor het natuurbegraven, o.a. omdat er geen traditionele grafmonumenten mogen. Natuurbegraven vormt een aanvulling op het traditionele begraven. In Nederland heeft Natuurbegraven een marktaandeel van 1,6% op het totaal aantal uitvaarten.

2.2 Criteria voor natuurbegraven De branchevereniging natuurbegraafplaatsen (BRANA) bewaakt de kwaliteit, continuïteit en profilering van natuurbegraven. Elke natuurbegraafplaats dient aan 7 criteria te voldoen om lid te kunnen worden van de branchevereniging. Deze 7 criteria zijn: De natuurbegraafplaats heeft een planologische dubbelbestemming of aanduiding; Zij heeft een vergunning van de gemeente om een begraafplaats te mogen exploiteren; Het is een particuliere onderneming die duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen herkenbaar in beleid en praktijk praktiseert; In het beleid staat de verbinding van de mens met de maatschappij, de natuur en de cultuur centraal. De ‘eeuwige grafrust’ maakt daar deel van uit; De organisatie werkt met een vastgesteld en toetsbaar natuurbeleidsplan; De organisatie is gecertificeerd als natuurbeheerder; De natuurbegraafplaats is aangesloten bij de LOB (Landelijke Organisatie van

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 11

Begraafplaatsen). Bovenstaande criteria zijn nader uitgewerkt in een Brana gedragscode.

2.3 Grafdichtheid, maatvoering, inmeting en onderhoud Met het plan worden binnen het bestaande bosgebied maximaal 150 graven per hectare gerealiseerd en op de nu nog agrarische gronden (die worden omgevormd naar natuur) maximaal 500 graven per hectare. In voorliggend plan gaat het om een netto plangebied van 13,3 hectare in bestaand bosgebied waarbinnen begraven kan worden en 4,5 hectare op om te vormen agrarische gronden. Het aantal begrafenissen is in dit plan gemaximeerd op 90 per jaar. Deze uitgangspunten zijn geborgd in de regels en op de verbeelding van dit bestemmingsplan. Een graf zelf heeft een oppervlakte van 2 m2 . De inmeting van graven vindt plaats met behulp van geavanceerde GPS-apparatuur en een speciaal voor Natuurbegraafplaatsen van Waarde (de exploitant) ontwikkelde app. Deze app kan tevens worden gebruikt door bezoekers bij de oriëntatie op een nieuw uit te zoeken graf of bij het bezoeken van een bestaand graf. Het centrum van een graf vormt het meetpunt. Richting (hoofd-voeten) wordt aangegeven met de windrichting (bijvoorbeeld 900 ). Nadat de plek met een cliënt is uitgezocht wordt het graf nogmaals nagemeten. De grafakte wordt vervolgens voorzien van de coördinaten. In artikel 5 van het Besluit op de lijkbezorging staat dat boven de bovenste kist een laag aarde van minstens 65 centimeter moet zitten en tussen elke kist een laag aarde van 30 centimeter.

Bij een hoge kist moet het gat dus wat dieper zijn. Een kist is tussen de 40 en 50 cm hoog, waardoor geldt dat voor een enkel graf een diepte van 105 - 115 cm nodig is. Graven op een natuurbegraafplaats kennen geen onderhoud. Het graf wordt weer opgenomen door de natuur. Natuurbegraafplaatsen van Waarde verzorgd het bos- en natuurbeheer. Zo worden nabestaanden niet geconfronteerd met het onderhoud van graven en eventuele onderhoudskosten.

2.4 Grafrecht Uitgangspunt is dat een eeuwig grafrecht wordt gegarandeerd. Er wordt hiertoe een 'kwalitatieve verplichting' vastgelegd in een notariële akte die staat ingeschreven in het kadaster. Deze akte bepaalt dat initiatiefnemer verplicht is om de natuurbegraafplaats en alle grafrechten in stand te houden en dat de rechtsopvolgers deze verplichting ook hebben.

2.5 Natuurbeheer Ten behoeve van het plan voor realisatie van een natuurbegraafplaats in het bosgebied is een inrichtings- en beheerplan opgesteld (zie Bijlage 1 van de regels van dit bestemmingsplan). Ditzelfde geldt voor het naturbegraven op de om te vormen agrarische gronden (zie van Bijlage 5 de regels van dit bestemmingsplan). Initiatiefnemer wordt gecertificeerd als natuurbeheerder bij stichting certificeren en Part-Ner. Het opgestelde inrichtings- en beheerplan kan hiermee uitgevoerd worden door de organisatie zelf. De ecologisch adviseur van Natuurbegraafplaatsen Van Waarde houdt hier toezicht op. Om de kwaliteit te borgen wordt Natuurbegraafplaats Landgoed Prattenburg lid van de Branchevereniging Natuurbegraafplaatsen Nederland (Brana). Brana heeft een gedragscode vastgesteld voor echte natuurbegraafplaatsen (zie ook paragraaf 2.2). Toetreding als Brana-lid is mogelijk na het met goed gevolg doorstaan van een certificeringstoets, uitgevoerd door het Instituut Nederlandse Kwaliteit (INK). Brana beoogt de kwaliteit en continuïteit en daarmee de

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 12

betrouwbaarheid en het duurzaam-maatschappelijk verantwoord ondernemen van natuurbegraafplaatsen te bevorderen. Het is een signaal naar cliënt, samenleving en overheid van zorgvuldige bedrijfsvoering.

2.6 Effecten natuurbegraven op natuur en milieu In de provincie Gelderland heeft onderzoek plaatsgevonden naar de effecten van natuurbegraven op natuur en milieu. De onderzoekers (van bureau B-WARE) concluderen dat natuurbegraven beperkte effecten op natuur en milieu heeft. Er zijn geen risico's op verontreiniging met medicijnresten. Om risico's op negatieve effecten te verkleinen adviseren zij op grond van het onderzoek o.a. om: Natuurbegraven niet toe te staan in ongestoorde bodems; Een lage dichtheid van graven per ha te hanteren om te voorkomen dat er een hoge nitraatuitspoeling naar het grondwater optreedt; Er voor te zorgen dat de toplaag van de bodem wordt teruggebracht op het graf. Daarnaast heeft Wageningen Environmental Research (voorheen Alterra) onderzoek gedaan naar de effecten van natuurbegraven op de natuur bij Natuurbegraafplaats Heidepol bij Arnhem. Conclusie van dit onderzoek is, dat natuurbegraven op het onderzochte terrein (Heidepol) geen significante effecten heeft op de vegetatie en de bodemchemie. Omdat de indruk ontstond dat B-WARE iets voorzichtiger conclusies trok dan Wageningen Environmental Research, is een gesprek met beide organisaties gevoerd. Tijdens dat gesprek zijn o.a.

volgende conclusies getrokken: De grafdichtheid kan worden verhoogd van 50 naar 500 graven per ha (in het voorliggende plan geldt een maximale grafdichtheid van 150 graven per hectare voor het bestaande bosgebied), als tegelijkertijd die gebieden voor natuurbegraven worden uitgesloten waarvan het grondwater voeding geeft aan voedselarme natuurgebieden. Als oude bosbodems (1850) worden uitgesloten van natuurbegraven, zijn daarmee de ongestoorde bodems afdoende beschermd. Bij het bestemmingsplan moet een beheerplan van de natuurbegraafplaats worden overlegd waarin is aangegeven hoe met voorkomende beschermde soorten wordt omgegaan, zodat geen rode lijstsoorten of Natura-2000 soorten worden verstoord. Hiermee kan worden geconcludeerd dat uit eerdere onderzoeken en deskundigenoordelen, geen directe beperkingen komen m.b.t. het voorliggende plan. Wel dient ecologisch onderzoek plaatst te vinden en dient aangegeven te worden hoe met voorkomende beschermde soorten wordt omgegaan. Dit is weergegeven in paragraaf 5.2 van de voorliggende toelichting.

2.7 Behoefte aan natuurbegraafplaats Natuurbegraafplaatsen bestaan in Nederland sinds halverwege de vorige eeuw, maar in de afgelopen jaren heeft het begraven in de natuur een vlucht genomen. Op het moment zijn er steeds meer initiatieven voor nieuwe natuurlijke begraafplaatsen. Er zijn zeer diverse plannen, variërend van een natuurbegraafplaats op het terrein van een verlaten steenfabriek tot natuurbegraven in de duinen. Er is een groeiende groep mensen geïnteresseerd in natuurbegraven, maar veruit de meeste mensen kiezen voor cremeren. Ongeveer 65% van de mensen kiest voor crematie en begraven heeft een marktaandeel van 33% (in Rhenen ligt dit percentage hoger). Anderhalf procent kiest nu voor een begrafenis in de natuur. Er is voldoende behoefte voor een nieuwe natuurbegraafplaats in dit gebied. Dit vanwege het concept, zoals geen onderhoud, eeuwigdurend grafrecht, unieke ligging en alleen eenmalige

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 13

kosten. Daarnaast neemt het aandeel 65-plussers in de regio en landelijk flink toe. In 2035 is meer dan 30% van de bevolking 65 of ouder. Door deze ontwikkeling zal naar rato ook het aantal begravingen (en crematies) gaan toenemen. Zowel de Landelijke Organisatie Begraafplaatsen (LOB) als de branchevereniging hebben onderzoek gedaan naar de toekomst van natuurbegraven. De Brana schat de potentie op 5%, terwijl de LOB heeft becijferd dat tien procent van de mensen interesse heeft. In Engeland, waar natuurbegraven al tientallen jaren bestaat, kiest ongeveer drie procent van de mensen voor deze vorm van begraven. De term 'natuurbegraafplaats' is niet beschermd. In theorie kan iedere begraafplaats zich zo noemen. Met oog hierop en op het stijgende aantal natuurbegraafplaatsen en initiatiefnemers, zien wij het als een goede ontwikkeling dat er een branchevereniging is opgericht. De Brana bewaakt de kwaliteit, continuïteit en profilering van deze heel specifieke maatschappelijke voorziening. Natuurbegraafplaats Landgoed Prattenburg zal een beperkte doch sterke groep aantrekken van mensen die bewuster met de natuur en dood bezig zijn.

2.8 Zorgvuldig gekozen plangebied voor natuurbegraven Het plangebied voor de natuurbegraafplaats op het landgoed is zorgvuldig gekozen, op basis van de volgende aspecten: Ecologisch impuls -> De beoogde percelen kunnen een impuls gebruiken. Op het hele landgoed is er een omvorming in gang gezet van naaldhout naar een grotere variëteit aan loofbomen. Dit gedeelte is nog achtergebleven bij de rest van het landgoed. Andere delen van het bos zijn ecologisch waardevoller en ecologisch kwetsbaarder. Goede bereikbaarheid -> Het plangebied is goed bereikbaar via de Cuneraweg, en parkeren is hier goed op te lossen. Verder afgelegen gebieden zijn moeilijker bereikbaar en parkeren is niet of nauwelijks op te lossen. Nabijheid en gebruik van bestaande bebouwing -> Benodigde faciliteiten liggen in de directe nabijheid (op loopafstand) van het plangebied. Daardoor hoeft er niets te worden (bij)gebouwd aan kantoor/ontvangstruimte, maar wordt gebruik gemaakt van de huidige gebouwen. Hiermee krijgen deze (deels waardevolle monumentale gebouwen) een passende vervolgfunctie. Hetzelfde geldt voor parkeren, waarvoor deels de huidige parkeergelegenheden gebruikt kunnen worden. Daarnaast is er bij deze locatie op het terrein een schuur waar materieel zoals golfkarren en baarwagen gestald kunnen worden.

Behoud bestaande structuur -> Het plangebied voor de natuurbegraafplaats heeft al een wat parkachtige structuur (niet de rechte lanen en paden van een productiebos) waardoor er minder ingrepen in de natuur nodig zijn om het stuk om te vormen. Dit houdt in dat bij de inrichting, en bij het gebruik als natuurbegraafplaats, gebruik kan worden gemaakt van de bestaande padenstructuur en er geen nieuw paden hoeven te komen. Invulling behoefte in twee gemeenten -> Het plangebied ligt op de grens van Veenendaal en Rhenen waardoor aan de grote behoefte van beide gemeenten voldaan kan worden voor een natuurbegraafplaats. Dit houdt in dat bij het plan de gemeente Veenendaal aansluitende grond gebruikt kan worden. Beleving van begraafplaats -> Op het landgoed is al een bestaande familiebegraafplaats. De natuurbegraafplaats komt naast de bestaande begraafplaats waardoor er voor bezoekers geen onderscheidt in beleving

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 14

plaatsvindt. Geen gebruik van meer agrarische percelen van het landgoed -> Op de agrarische gronden zitten subsidiepakketten en er is geïnvesteerd in biologische landouw. Deze percelen zijn niet op korte termijn beschikbaar en geschikt voor de natuurbegraafplaats.

2.9 Nieuwe functies gebouwen Het koetshuis, behorend bij het hoofdhuis, heeft momenteel de bestemming 'Wonen' in het geldende bestemmingsplan. Dit koetshuis krijgt in het voorliggende plan een bredere maatschappelijke bestemming, zodat hier ook ceremonies kunnen plaatsvinden. Dit betreffen ceremonies voor natuurbegraven, maar bijvoorbeeld ook huwelijksceremonies. Ook kunnen er kleinschalige conferenties en vergaderingen plaatsvinden en is er ruimte voor lichte horeca, recreatie en educatie. Het monumentale gebouw hoeft hiertoe niet aangepast te worden, en krijgt hiermee passende vervolgfuncties.

Figuur 4: Foto van het koetshuis Ook twee houten schuren maken onderdeel uit van het plangebied, aan de oostzijde van de natuurbegraafplaats, in het bos. Deze schuren gaan dienen als ontvangstruimte, opslagruimte en als kantoor bij de natuurbegraafplaats.

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 15

Figuur 5: Kaart met situering gebouwen

2.10

Kapschuur

Er ligt reeds een plan voor de verduurzaming van het landgoed. Onderdeel is onder andere de bouw van de kapschuur met zonnepanelen voor het landgoedbedrijf, in de voormalige boomkwekerij van het landgoed. Deze zonnepanelen dragen tevens bij aan de verduurzaming van de rijksmonumenten Cuneraweg 426 (tuinmanswoning) en de oude werkschuur (monumentnummers 506995 en 507004). De schuur is reeds vergund en gebouwd. Dit plan regelt de compensatie. De huidige werkschuur, eveneens een rijksmonument, wordt nu gebruikt voor het bosbouwbedrijf en voor het parkbeheer. De tegenwoordige machines van het bosbouwbedrijf zijn echter te groot voor de oorspronkelijke werkschuur. Daarom was deze nieuwe kapschuur noodzakelijk, waarbij de wens was om deze te realiseren op het deel van het landgoed waar oorspronkelijk de bomenkwekerij van het landgoed zich bevond. De kapschuur is zorgvuldig, landschappelijk ingepast in aansluiting op de bestaande heggen en zichtlijnen. Het is eveneens een functie die past bij de historie van deze plek. De schuur (15x10 meter) is vervaardigd van duurzaam hout van eigen landgoed. De kapschuur heeft ook belangrijke effecten op de verduurzaming van het park en de bedrijfsvoering van het bosbouwbedrijf (meer elektrische machines) door het uitvoeren van het dak met zonnepanelen.

Deze zonnepanelen zullen worden aangesloten op de naastliggende tuinmanswoning (Cuneraweg 426) hetgeen eveneens een rijksmonument is. Daarnaast betreft de werkschuur een ruimte voor de toenemende groep tuinen bosvrijwilligers. Hierdoor hebben ook zij een passende plek op het landgoed. Er hoefde op deze plek geen bos/natuur te wijken en de inrichting van het omliggende gebied hoefde ook niet gewijzigd te worden.

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 16

Figuur 6: Foto van plek waar de kapschuur inmiddels is gerealiseerd

Figuur 7: Concepttekening van de gerealiseerde kapschuur van hout

2.11 Erfgoedlogies in voormalige Schapenschuur en in Zondagsschool De voormalige Schapenschuur (zie figuren 8 en 10) en de Zondagsschool (zie figuren 8 en 9) op Landgoed Prattenburg betreffen twee Rijksmonumenten. Tegenwoordig worden er geen schapen meer gehouden op het landgoed en er wordt ook al lang geen bijbelonderwijs meer gegeven in de Zondagsschool (zie figuur 9). Om deze bijzondere gebouwen in stand te houden en meer beleefbaar te maken, worden deze geschikt gemaakt om in gebruik te nemen als erfgoedlogies. Dit betreft onderscheidende locaties waarbij overnacht of vergaderd kan worden in cultureel erfgoed.

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 17

Figuur 8: Weergave locaties van de diverse genoemde gebouwen en plekken

Figuur 9: De Zondagsschool, gebouwd in 1907 door mevrouw Van Asch van Wijck-Kneppelhout voor het geven van bijbelonderwijs van de (boeren)kinderen uit de buurt.

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 18

Figuur 10: De Schapenschuur De ambitie is om deze kleine gebouwen zo min mogelijk aan te sluiten op het elektriciteitsnetwerk of riool, maar zoveel mogelijk off-grid/zelfvoorzienend te laten zijn en daarbij goed rekening te houden met de cultuurhistorische waarden. Het doel van de herbestemming is enerzijds een grotere bijdrage te leveren aan de beleving van het landgoed en het toeristische aanbod in de gemeente en anderzijds het genereren van extra inkomsten voor de duurzame instandhouding van dit bijzondere erfgoed.

2.12

Zonnepanelen in de parkaanleg

Waarom zonnepanelen in parkaanleg en op welke locatie In het Klimaatakkoord zijn afspraken gemaakt om de CO2-uitstoot in Nederland drastisch terug te dringen. Net als veel partijen, staat ook Landgoed Prattenburg voor deze opgave. Met een landgoed van ca. 450 hectare waarvan 400 hectare bos en 17 hectare monumentaal park levert het landgoed al een aanzienlijke positieve bijdrage aan de maatschappij in de vorm van CO2-opslag in bomen en bosgrond. Eveneens heeft het landgoed zich gecommiteerd aan klimaatbestendig bosbeheer. Niet voor niets is het bos dus FSC-gecertificeerd. Aan de verschillende Klimaattafels zijn echter ook harde afspraken gemaakt. Vanuit de Klimaattafel Gebouwde Omgeving is de monumentensector aangehaakt. Ook de monumentensector wil dat monumenten zoveel mogelijk bijdragen door te verduurzamen, met als uitgangspunt het behoud van de cultuurhistorische waarden. Dit vraagt om maatwerkoplossingen. Niet alles is altijd mogelijk. Het doel is om een CO2-reductie van 40% in 2030 en 60% in 2040 te realiseren als gemiddelde over de gehele monumentenvoorraad in Nederland. De weg naar dat doel hebben de verschillende partijen vastgelegd in de 'Routekaart Verduurzaming Monumenten'.

Naast het feit dat Landgoed Prattenburg al een grote bijdrage levert aan de CO2-opslag, staat het landgoed ook voor een grote opgave met betrekking tot het terugdringen van het energiegebruik en de energiekosten van onze monumentale gebouwen. Om dit terug te dringen en hierop te besparen zijn al verschillende stappen gezet. In 2019 heeft het landgoed een energiescan laten uitvoeren gefinancierd door het Restauratiefonds en uitgevoerd door Huis & Erfgoed Collectief. Uit deze scan blijkt onder andere dat gezien het monumentale karakter van het kasteel en koetshuis, verdere energiebesparende maatregelen als isolatie geen

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 19

optie zijn zonder aantasting van de monumentale waarden. Er is inmiddels wel een luchtwarmtepomp geplaatst. Verder heeft het landgoed de afgelopen jaren onderzoek gedaan naar de mogelijkheden van een pelletkachel en een biomassa-installatie. Hieruit is helaas gebleken dat de voordelen hiervan (energiebesparing) niet opwegen tegen de nadelen (uitstoot, storingsgevoeligheid, terugverdientijd). Het plaatsen van zonnepanelen op de monumentale gebouwen is veelal niet mogelijk zonder aantasting van het monumentale karakter. Aardwarmte is alleen effectief als de monumenten sterk geïsoleerd zijn, hetgeen maar beperkt mogelijk is op basis van de monumentale waarden. Na het doorlopen van deze stappen is het landgoed daarmee uitgekomen bij het plaatsen van zonnepanelen op de grond, binnen de parkaanleg. Dit gezien de afstand tot de gebouwen. Het veld waar de zonnepanelen worden geplaatst (zie figuur 8) ligt buiten de oorspronkelijke historische tuin. Het is een ruime kamer aan drie zijden omsloten door gemengd bos dat tot nu toe geclassificeerd is als ‘bouwland’. Deze voormalige akker, die sinds 1956 doorkruist is door de Cuneraweg, is één van de lange akkers op het landgoed. In de huidige situatie is het een extensief gemaaid kruidenrijk gazon. Qua ligging, ten zuidwesten van het koetshuis, is het in de beleving en gebruik een duidelijk op zichzelf staande landschapskamer.

Aan de noordoostzijde ligt één fysieke entree en een doorkijk vanaf het kasteel. De zuidwestzijde, tevens grens met de openbare weg en publiek toegankelijk Prattenburgs bos, is omsloten door een twee meter hoge, wintergroene haag. Zicht vanaf deze openbare weg (langzaam verkeer en bestemmingsverkeer) is enkel mogelijk, met enige moeite, vanaf de west hoek. Op dit veld staan drie speciale aangeplante bomen met de namen van kleinkinderen erbij. Deze bomen blijven uiteraard staan en zijn in het ontwerp mede richtinggevend. In de beleving en het gebruik, is het een omsloten kamer met een beperkte notie van het van oorsprong doorlopen van de kamer aan de andere kant van de Cuneraweg. Vanaf het pad bij het Koetshuis, passeer je deze plek richting kasteel en vervolg je je route. Er loopt geen pad door dit veld. Vanaf de begane grond in het kasteel, is er geen zicht op dit veld. Vanaf de eerste verdieping deels wel. Dit is tevens leefruimte van de bewoners.

Figuur 11: Veld waar zonnepanelen worden ingepast in de parkaanleg

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 20

Inrichtingsplan Ten behoeve van het plan voor zonnepanelen binnen de parkaanleg, is een inrichtingsplan opgesteld. Dit uitgebreide plan (inclusief onderbouwing) is separaat bijgevoegd, als Bijlage 2 bij de regels van het bestemmingsplan. Hierna volgt een beknopte beschrijving van dit inrichtingsplan. Landschappelijke inpassing De inpassing van zonnepanelen in een cultuurhistorisch waardevolle tuinomgeving is een zorgvuldige opgave. Een nu nog locatievreemde en industrieel ogende installatie, gaat op het eerste oog en zoals we deze parken tot nu toe ervaren en waarderen, niet goed samen. En toch, juist dit contrast én de realiteit van de energietransitie, is de opdracht voor een locatie-unieke inpassing, die recht doet aan de omgeving. In de uitwerking is speciale aandacht voor het ondersteunen van de biodiversiteit. De essentie van de ontwerpopgave is vormgeven van de relatie tussen de organische en natuurlijke parkvormgeving en de industriële vormgeving van de panelen tot een fraaie eenheid die logisch oogt én bijdraagt aan de verduurzaming van deze plek. Onderbouwing van de locatiekeuze De opgewekte energie is primair bestemd voor het koetshuis en het kasteel. De nabijheid van de panelen ten opzichte van de twee gebouwen is gewenst. De locatie is geschikt voor een goede opstelling ten opzichte van de zon. En er hoeft geen waardevol groen gekapt te worden.

Een mooi detail is de recent aangeplante bomen met de namen van drie kleinkinderen. Het oog op de toekomst is op subtiele manier al gemarkeerd. Deze locatie, binnen de hekken, is bovendien al beschermd en beveiligd. Extra maatregelen zijn daarom niet nodig. Omvang en opstelling van de energie opwek Uit de berekeningen is gebleken, dat ca 180 panelen voldoende is voor de energievraag. Dit gaat over ca 4500 kWh opwek per jaar. Naar verwachting staan deze installaties er ca 25 jaar, voordat ze vervangen worden door mogelijk meer efficiënte panelen of andere oplossingen. De opstelling is zoveel mogelijk zuid georiënteerd. Een buiging richting zuidoost en zuidwest is wenselijk, omdat de opwek dan beter verdeeld over de dag wordt opgewekt. Het veld zelf is richting het westen georiënteerd. De hellingshoek is met deze oriëntatie idealiter ca 30 graden. Kijkend naar de combinatie licht, infiltratie en hoogte/zichtbaarheid van de panelen, is gekozen voor een hellingshoek van 25 graden en een hoogte boven maaiveld op het laagste punt van een halve meter. Parkeren Rond de zonnepanelen zal maximaal twee keer per week worden geparkeerd (maximaal 40 auto's), met name ten behoeve van natuurbegraven. Deze plek is relatief dichtbij gelegen, wat noodzakelijk is. Er hoeft op deze plek geen bos/natuur te wijken en de inrichting van het perceel hoeft voor het parkeren niet gewijzigd te worden.

Ook betreft het een parkeerfaciliteit die relatief weinig wordt gebruikt. Het is een uitwijkmogelijkheid bij beperkte beschikbaarheid van parkeerterrein 'Groene Entree Prattenburg'. Daarbij dient deze parkeergelegenheid voor mindervaliden om nabij het koetshuis te kunnen parkeren. Parkeren vindt slechts plaats op het gazon, hiervoor zullen geen verhardingen gerealiseerd worden. Visie en landschappelijke Inpassing De visie voor deze opgave is, aanvullende op de ruimtelijke uitgangspunten, het zoeken naar het logisch samengaan van een natuurlijke parkomgeving met organische overgangen en de

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 21

industriële uitstraling van de zonnepanelen. Het ontwerp is een ensemble van twee keer drie banen met zonnepanelen en een rond lopende, gemengde haag als achterwand van de panelen. Deze ronde vorm is een architectonische toevoeging in de landschapskamer, die verder in tact blijft. Dit sluit goed aan bij de visie van Vicky van Asch van Wijck, die het park sinds 1984 met kunst- en architectonische elementen heeft verrijkt. Naar buiten toe, loopt de haag iets af om een meer geleidelijke overgang met de omgeving te creëren. Aan de zichtkant van de haag, vanaf het Koetshuis gezien, komt een 7 tal lagere sierbeplanting, om de grote lengte van de haag visueel te breken. De zichtlijn vanaf het kasteel op het achter lichtende bos blijft zo veel mogelijk in takt. De zonnepanelen worden in twee keer drie banen uitgevoerd (zie figuur 12). Eén baan heeft 30 (2x15) panelen. Hierdoor blijven ze relatief laag (zie figuur 13) en kan er ruimte gemaakt worden tussen de banen. Dit zorgt voor enig licht en water op de grond. Bovendien voorkomt dit een te groot oppervlakte aan aaneengesloten glas. De twee delen worden iets van elkaar gedraaid. Dit vanwege het draaien van de zon en daarmee meer efficiënt opwekken van de energie in relatie tot de hellingshoek. Bovendien zorgt dit voor een meer logische eenheid met de rond lopende haag.

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 22

Figuur 12: Inrichtingsplan zonnepanelen in parkaanleg

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 23

Figuur 13: Doorsnede inrichtingsplan zonnepanelen in parkaanleg Omgevingsvergunning Voor de realisatie van het zonneveld is reeds een omgevingsvergunning verleend (uitgebreide procedure). Deze vergunning is inmiddels onherroepelijk.

2.13

Natuurcompensatie

Direct ten oosten van het plangebied voor natuurbegraven, vindt natuurcompensatie plaats. Hier wordt een agrarisch gebied van 5.190 m2 omgevormd naar nieuwe natuur. Deze compensatie vindt plaats ter hoogte van het oranje gearceerde gebied, zoals weergegeven in figuur 13. De natuurcompensatie vindt plaats omdat het natuurbegraven, de realisatie van de kapschuur en de realisatie van de panelen en het mogelijk maken van parkeren rond de panelen in gebied plaastvindt welke is aangewezen als 'Natuurnetwerk Nederland (NNN)'. De natuurcompensatie vindt plaats in aansluiting aan bestaand NNN-gebied. Het natuurcompensatieplan is opgenomen in Bijlage 4 van de regels van dit bestemmingsplan. Ook wordt nog eens extra 14,56 hectare aan bestaand bosgebied/natuurgebied verbeterd/opgewaardeerd. Dit betreft een gebied aan de zuidoostkant van het landgoed. Dit betreft een gebied met overwegend naaldhout welke wordt gediversificeerd. Dit plan is nader toegelicht in Bijlage 5 van de regels van dit bestemmingsplan.

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 24

Figuur 14: Binnen het oranje gearceerde gebied, vindt natuurcompensatie plaats

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 25

Hoofdstuk 3 Nadere planbeschrijving Natuurbegraven 3.1 Inleiding Het plangebied van Natuurbegraafplaats Prattenburg ligt aan de noordkant van het landgoed, ten noordwesten van het kasteel. Het plangebied van de natuurbegraafplaats heeft landschappelijk gezien unieke eigenschappen ten opzichte van andere bestaande natuurbegraafplaatsen, zoals bijzondere hoogteverschillen en de historische rijkdom in de omgeving. Het plangebied op het landgoed ligt op de overgang van de stuwwal (Grebbeberg) met bossen naar het meer open en lager gelegen veengebied rond Veenendaal. De volgende paragrafen gaan met name in op de historie, de landschappelijke, natuurlijke en archeologische eigenschappen van het bosgebied, waar de natuurbegraafplaats wordt gerealiseerd. Dit omdat hier de fysieke maatregelen plaatsvinden. Hierbij wordt met name ingegaan op het natuurbegraven in het bestaande bosgebied. Met het voorliggende plan wordt ook natuurbegraven mogelijk gemaakt op om te vormen agrarische percelen. Hier wordt in paragraaf 3.5 nader op ingegaan.

Figuur 15: Historische kaart 1922: reliëf goed herkenbaar op deels nog woeste gronden

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 26

Figuur 16: Historische kaart van 1950: grootschalige bosaanplant na WOII

Figuur 17: Historische kaart van 1980: stedelijke ontwikkelingen Veenendaal en aanplant van meer bos

3.2 Historische ontwikkeling van het plangebied in het bos voor natuurbegraven Het landgoed wordt voor het eerst in 1474 genoemd als een boerderij met landerijen, wanneer het onder de naam 'Grootveld' wordt verkocht. Wanneer de boerderij precies werd vervangen door een buitenplaats met de naam 'Prattenburg' is onbekend. Rond het kasteel De buitenplaats Prattenburg dateert in zijn huidige opzet grotendeels uit de 19e eeuw. In de aanleg zijn laanstructuren aangebracht. De historische tuin- en parkaanleg -in landschapsstijl-

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 27

kwam aan het einde van de 19e en het begin van de 20e eeuw tot stand. Het park rondom het kasteel werd in 1896 door Otto Schulz ontworpen en aangelegd. Leonard Springer heeft in 1922 de omgeving van het huis verfraaid door de aanplant van veel bloeiende heesters. Omstreeks 1901 werden twee natuurlijke vennetjes vergraven tot één grote, diep gelegen slingervijver die omgeven wordt door rododendrons en waarvan Hendrik Copijn de ontwerper geweest moet zijn. Bos, heide en vennetjes Net buiten de kern van het historische ensemble ligt het plangebied voor natuurbegraven. In het begin van de vorige eeuw bestond het terrein uit zandkopjes en heidebegroeiing. In de eerste helft van de vorige eeuw bleef het terrein voornamelijk begroeid met heide en ruigte, maar geleidelijk aan werden stroken beplant met bos. Deze liggen voornamelijk in het noorden en aan de oostrand van het plangebied. Een deel van deze aanplant werd ook weer gerooid rond de oorlog en jaren ’50 (tijd van de wederopbouw en grote houtbehoefte). De bosstrook aan de oostgrens van het plangebied bleef bos. Geleidelijk aan verboste het hele plangebied. Uitgezonderd een laagte aan de westkant van het plangebied en een laagte in het centrum van het plangebied. Vermoedelijk oude vennetjes.

De ontwikkeling van het landschap in het plangebied voor natuurbegravenstaat dus enigszins los van de ontwikkelingen in het gebied rond het huis. Esthetiek was rond het huis een leidend thema. Het plangebied voor natuurbegraven was ook van functioneel belang. Huidig landschapsbeeld Het huidig landschapsbeeld bestaat voornamelijk uit bos, gelegen in Natuurnetwerk Nederland (NNN). De twee lagere delen in het plangebied voor natuurbegraven (westgrens en in het centrum) zijn de twee meer open delen in dit bosgebied. In het bos zijn de volgende bossferen te onderscheiden: Bosbeeld van grove den, eik en berk met natuurlijke verjonging. Bosbeeld van grove den en berk met nauwelijks ondergroei. Bosbeeld van Amerikaanse eik en grove den. Bosbeeld van jonge klimaatbestendige aanplant. Afwisselend bosbeeld van loof-en naaldhout en heide (westrand gebied). Rabatten in noordzijde van het plangebied. Deze bosbeelden worden doorkruist door onverharde paden. Aan de kant van de Cuneraweg bestaat nog een kort (historisch waardevol) beukenlaantje. Het hele plangebied kent interessante hoogteverschillen die door de natuur en de mens zijn gevormd. Vanwege de bodemtypes Veldpolzolgrond en Duinvaaggrond is het plangebied een geschikte groeiplaats voor een Vochtig Berken- en Zomereikenbos. In het midden van het plangebied zijn nog enkele rabatten aanwezig.

Dit zijn zijn ondergewaardeerde, essentiële ecologische doorgangen. Ook maken rabatten het landschap leesbaar, ze zijn namelijk alleen te vinden op natte bodems. 'Rabatten zijn bomenrijen op een verhoogde, lange wal waarlangs greppels lopen voor de ontwatering. Een rabattenbos is een authentiek Nederlands landschapselement, aangelegd ter ontsluiting van (te) natte 'goor' gebieden'. Vanaf de negentiende eeuw tot in de jaren dertig van de vorige eeuw zijn talloze productiebossen zo aangelegd.

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 28

Figuur 18: Ligging plangebied voor natuurbegraven in bestaande natuur (NNN-gebied) met beheertype 'vochtig heide en productiebos'

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 29

Archeologie, WOII en Grebbelinie In opdracht van KSP Archeologie heeft het onderzoeks- en adviesbureau BAAC bv een archeologisch bureauonderzoek (2020) uitgevoerd voor het plangebied natuurbegraven landgoed Prattenburg (zie paragraaf 5.3 van de toelichting van dit bestemmingsplan). Tijdens een verkennend booronderzoek is door KSP-archeologie vastgesteld dat er binnen het plangebied diverse opvallende structuren aanwezig waren die in verband kunnen worden gebracht met militaire activiteiten uit de Tweede Wereldoorlog (zie paragraaf 5.3 van de toelichting van dit bestemmingsplan). Door het aantreffen van deze resten is er besloten een aanvullend bureauonderzoek uit te laten voeren naar enkel de archeologische resten uit de oorlogsjaren. Binnen en rondom het plangebied bevinden zich verdedigingswerken van een artilleriesteunpunt van één van de meest bekende en belangrijkste Nederlandse verdedigingslinie uit de oorlog, de Grebbelinie, of Valleistelling, zoals de linie in 1939-1940 werd aangeduid en de resten van een Duitse Flakstellung (luchtafweerstelling). Het artilleriesteunpunt omvatte drie batterijen (1e, 2e en 3e) van de eerste afdeling van het 4e Regiment Artillerie (I-4RA) en bestond uit simpele veldversterkingen, al voor het uitbreken van de oorlog volledig gevechtsklaar gemaakt.

De kanonnen stonden in de vuurposities, de loopgraven waren versterkt en de munitie stond uitgepakt paraat voor direct gebruik bij een mogelijke aanval. Vanuit deze vuurstellingen is tijdens de meidagen vuur afgegeven op het front nabij Veenendaal in het noorden en later vlak voor het terugtrekken ook op de Grebbeberg in het zuiden. Binnen het plangebied ligt verder een Duitse zware Flakstellung (luchtafweerstelling), die waarschijnlijk eind 1944 is aangelegd. Het gaat om een stelling voor zwaar luchtafweergeschut met een kaliber van 8,8 cm. In totaal bouwde de bezetter drie beddingen waarin een dergelijk kanon kwam te staan en een kleinere bedding voor lichter luchtdoelgeschut om de stelling tegen laagvliegende of aanvallende vijandelijke jagers te beschermen. De bouw van de stellingen en het gebruik hiervan hebben tijdens de mobilisatie en de oorlogsjaren een aanzienlijke hoeveelheid sporen achtergelaten in het bodemarchief en in het landschap. Nagenoeg alle sporen zijn vandaag de dag nog met het blote oog aan het maaiveld zichtbaar. Het gaat vooral om resten van de hier aangelegde verdedigingswerken. Beide complexen (Nederlandse artilleriesteunpunt en een luchtafweerstelling uit de bezettingsperiode) kennen specifieke structuren die grotendeels volgens militaire voorschriften in het landschap zijn ingepast en aangelegd.

Voor het Nederlandse artilleriesteunpunt geldt dat er resten van vuurstellingen, loopgraven (met daaraan munitienissen, wapenopstellingen, observatieposten en schuttersnissen), (munitie)opslagplaatsen, versperringen en afvalkuilen aanwezig kunnen zijn. Binnen het plangebied geldt voor de Duitse Flakstellung dat er mogelijke resten van de open beddingen (Feuerstelle), Deckungslöcher (eenmansgaten), munitieopslagen, MG-Feuerstelle (mitrailleursnesten), hulzenputten, afvalkuilen en versperringen aanwezig kunnen zijn. Voor beide complexen geldt dat het verwachte vondstmateriaal uit constructiemateriaal (hout, plaggen, metaal etc.), militaire uitrustingsstukken, voorwerpen, wapenonderdelen en persoonlijke voorwerpen van de militairen of civiele gebruiksvoorwerpen kan bestaan. Daarnaast is het mogelijk dat in de verwachte structuren achtergebleven of gedumpt militair/civiel materiaal aanwezig is dat hier bij het verlaten en ontmantelen van de posities is ingegooid. Op basis van het bureauonderzoek kan worden geconcludeerd dat er binnen het plangebied sprake is van goed bewaard gebleven archeologische vindplaatsen uit de Tweede Wereldoorlog. Het gaat daarnaast om bijzondere complexen die als geheel intact en visueel in het landschap aanwezig zijn.

Zeker artilleriesteunpunten die tijdens de meidagen van 1940 een rol hebben vertolkt zijn elders langs de Valleistelling na de gevechten verwijderd of grotendeels verstoord.

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 30

Er is geadviseerd om de bekende structuren (vindplaatsen) daarom intact te laten en deze in situ te bewaren, met uitzondering van de zone die als bouwlocatie is aangeduid. Wanneer het niet mogelijk is de vindplaatsen in situ te bewaren, wordt bij bodemverstorende activiteiten aanbevolen om vervolgonderzoek uit te laten voeren in de vorm van een proefsleuvenonderzoek (protocol IVO-P) met een mogelijke doorstart naar een opgraving. Op basis van dit onderzoek is het mogelijk inzicht te krijgen in de aanwezigheid van archeologische resten en de aard, ruimtelijke spreiding, diepteligging, conservering en gaafheid hiervan. Er is tevens geadviseerd (zie ook paragraaf 5.3 van de toelichting van dit bestemmingsplan) om het artilleriesteunpunt en de aan het maaiveld zichtbare resten van de Flakstellung te beschermen en beter zichtbaar en beleefbaar te maken door lage begroeiing bij te houden en waar dit mogelijk is te verwijderen. Dit dient dit zonder zware bosbouwmachines te gebeuren vanwege het risico op aantasting. Ook het rooien van bomen is onwenselijk vanwege de grote verstoringen die hierbij optreden. Zie figuur 19 voor een weergave op kaart.

Figuur 19: Archeologische verwachtingskaart met relicten WOII en onderzoeksgebied Ecologie Voor het grootste deel bestaat het plangebied voor natuurbegraven uit het beheertype N16.01 'Droog bos met productie'. Daarnaast is ook het beheertype N06.04 'Vochtige heide' aanwezig (zie figuur 16). Bekend is dat er dassenburchten aanwezig zijn binnen het plangebied. Ook zijn er waarnemingen bekend van de sikkelsprinkhaan, wat een zeldzame soort in Nederland is. Er is een ecologisch onderzoek uitgevoerd door Econsultancy (zie paragraaf 5.2 van de toelichting van dit bestemmingsplan). De belangrijkste conclusies zijn: Met de voorgenomen activiteiten dient voorkomen te worden dat dassenburchten worden vergraven, en dient voorkomen te worden dat verstoring van dassen plaatsvindt ter plaatse van de burchten. Door binnen een zone van 25 meter

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 31

rondom de burchten geen natuurbegraven te laten plaatsvinden, wordt het vergraven van dassenburchten voorkomen. Machinaal graven met een minigraver zorgt voor een relatief grotere verstoring dan enkel menselijke activiteit. Machinaal graven, met uitzondering van volledig elektrische machines, dienen daarom niet plaats te vinden binnen 50 meter van dassenburchten. In de zone tussen 25 meter en 50 meter van dassenburchten kan wel begraven worden, maar dient het graf handmatig of met volledig elektrisch graafmateriaal gegraven te worden.

Figuur 20: Bestaande dassenburchten inclusief zone (25 en 50 meter) eromheen (bron: Econsultancy) Er vindt gedurende meerdere jaren vaak verschuiving plaats van de ligging van de dassenburchten. Het is daarom van belang om minimaal eens in de 3 jaar de ligging van de dassenburchten opnieuw te inventariseren door een deskundige op het gebied van dassen. Zo wordt voorkomen dat op de lange termijn alsnog een burcht vergraven of verstoord wordt. Als uit de inventarisatie naar voren komt dat een burcht niet meer functioneel is, hoeft de voorgestelde bufferafstand bij de betreffende burcht niet meer gehanteerd te worden. Jaarrond beschermde nesten van roofvogels zijn op de onderzoekslocatie tijdens geen van de veldbezoeken aangetroffen. Indien er op de lange termijn (her)vestiging van een jaarrond beschermde soort plaatsvindt wordt verstoring van een broedgeval door de tijdelijke ingreep (graafwerkzaamheden) en activiteiten (ceremonie) niet verwacht. Ten aanzien van algemene soorten dient in het broedseizoen voorkomen te worden dat nesten van algemene soorten worden verstoord of beschadigd. Ten aanzien van mogelijk aanwezige reptielen en rugstreeppad dient de strooisellaag op de graaflocaties altijd handmatig verwijderd te worden.

Indien mogelijk wordt geadviseerd om de graven, die in de winterperiode worden gegraven, in het actieve seizoen van hazelworm vrij te maken van de strooisellaag. Verder dient in het kader van de algemene zorgplicht zorgvuldig gehandeld te worden om negatieve gevolgen voor algemene amfibieën en reptielen te voorkomen.

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 32

Ten aanzien van de ligging van het plangebied in Natuurnetwerk Nederland is een Natuurvisie opgesteld. De Natuurvisie landgoed Prattenburg (zie Bijlage 12) heeft als doel om uit te werken op welke wijze de voorgenomen plannen gerealiseerd kunnen worden binnen de huidige wetgeving voor het Natuurnetwerk Nederland binnen de provincie Utrecht. Hierin is opgenomen op welke wijze de wezenlijke kenmerken en waarden van het gebied kunnen worden versterkt en wat de functie van het compensatiegebied binnen deze plannen is. Hierin zijn de effecten op het Natuurnetwerk Nederland beschreven en is aangegeven dat compensatiegebied (realisatie van nieuwe natuur) dient te worden gerealiseerd. Daarnaast heeft Econsultancy specifieke adviezen gegeven met betrekking tot inrichting en beheer met ecologische meerwaarde (in de bestaande natuur) van het plangebied. Een manier om het Natuurnetwerk binnen het plangebied te verbeteren is door inrichtings- en beheersmaatregelen te treffen voor de desbetreffende doelsoorten van het gebied. Voor dit advies van Econsultancy wordt verwezen naar paragraaf 2.4 van het inrichtings- en beheerplan, zoals opgenomen in Bijlage 1 van de toelichting van dit bestemmingsplan. Dit advies heeft daarmee mede ten grondslag gelegen aan het opgestelde inrichtings- en beheerplan.

Recreatie en ontsluiting In het plangebied liggen momenteel meerder (onverharde) wandelpaden waarover recreanten het landgoed en de omliggende natuur bezoeken. Het is de bedoeling om deze paden grotendeels te gebruiken om het gebied beleefbaar te houden en de natuurbegraafplaats te ontsluiten. Het betreft bospaden die aantakken op het gedeelte van het landgoed om het kasteel en op de omliggende (bos)percelen. De paden liggen deels in een stiltegebied (Bestemmingsplan Buitengebied Veenendaal) welke functie voor de toekomst behouden dient te blijven. In de kern van het plangebied worden enkele openbare paden wel afgesloten (zie afbeelding 39 uit het inrichtings- en beheerplan, zoals opgenomen in Bijlage 1 van de regels van dit bestemmingsplan). Deze paden blijven alleen toegankelijk voor bezoekers van de begraafplaats. Dit om rust te creeëren, ook voor de das.

3.3 Uitgangspunten inrichting plangebied natuurbegraven in het bosgebied Uit de landschapsanalyse, veldbezoek, ecologisch- en archeologisch onderzoek zijn uitgangspunten naar voren gekomen voor de toekomstige inrichting, het gebruik en het beheer van het plangebied voor natuurbegraven. Daarnaast zijn er vanuit het Landgoed Prattenburg en vanuit Natuurbegraven van Waarde enkele uitgangspunten naar voren gebracht. De belangrijkste uitgangspunten zijn hierna weergegeven: Als uitgangspunt worden er maximaal 150 graven per hectare gerealiseerd, verspreid over enkele tientallen jaren. Het aantal begrafenissen per jaar is gemaximeerd op 90. Het gemiddelde aantal begrafenissen per jaar ligt aanmerkelijk lager. De graven zijn ongeveer 1,30 meter diep en hebben een oppervlakte van maximaal 1 bij 2 meter. De graafwerkzaamheden hebben betrekking op maximaal 5% van het plangebied. Er worden geen blijvende gedenkelementen geplaatst op de graven. Er worden geen bomen gekapt of nieuwe paden aangelegd voor de natuurbegraafplaats. Er wordt geen nieuwe bebouwing geplaatst in natuurgebied, de bestaande bebouwing wordt gebruikt voor bijvoorbeeld diensten.

Verduurzamen en herbestemmen Landgoed Prattenburg | Eelerwoude | 33

Locaties met resten en structuren uit de WOII-periode behouden in situ en niet natuurbegraven. Artilleriesteunpunt en de aan het maaiveld zichtbare resten van de Flakstellung beschermen en beter zichtbaar en beleefbaar maken door lage begroeiing bij te houden en waar mogelijk te verwijderen. Betreffende ecologie de dassenburchten beschermen en qua inrichting en beheer aansluiting zoeken bij de doelsoorten. Ter hoogte van de aanwezige vennen en heiderelicten wordt niet begraven. Er wordt bij het begraven alleen gebruikt gemaakt van vergankelijke onbehandelde en/of onbewerkte natuurlijke materialen. Grafmonumenten zoals grafstenen, zerken of grafbeplanting zijn niet toegestaan, enkel een gedenkteken van vergankelijk natuurlijk materiaal. Ook zijn geen verharde paden toegestaan. Binnen de genoemde kwetsbare gebieden mag er niet begraven worden, wat is geborgd in het inrichtings- en beheerplan en in de regels en op de verbeelding van dit bestemmingsplan. Er blijft een gebied van netto 13.3 hectare over binnen het bosgebied waarbinnen begraven kan worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14818052/1