Bijlage 2 Voorgestelde Wijzigingen Financiële Verordening 2025 ten opzichte van Financiële Verordening 2023.xlsx
Tekst van het document
Laten vervallen zit in artikel 20.1
20 - Financieringsfunctie
2
Bij het verstrekken van leningen, garanties en risicodragend kapitaal bedingen burgemeester en wethouders indien mogelijk zekerheden.
Laten vervallen zit in artikel 20.1
20 - Financieringsfunctie
3
Bij het verstrekken van een garantie wordt een voorziening ten laste van de begroting gevormd ter grootte van het risico dat de gemeente met de garantie loopt. Als in de begroting niet is voorzien in budget voor deze voorziening dan doen burgemeester en wethouders vooraf aan de garantieverlening een voorstel aan de raad voor een begrotingswijziging.] OF 2. Burgemeester en wethouders bieden de raad eens in de [aantal] jaar een nota leningen- en garantiebeleid aan. Deze nota wordt door de raad vastgesteld en behandelt de werkwijze omtrent het verstrekken van leningen, garanties en risicodragend kapitaal.]
4 - Financieel beleid
20 - Financieringsfunctie
1
De gemeente voert, gelet op haar publiekrechtelijke taak om maatschappelijk kapitaal te beheren, een risicomijdend treasurybeleid. Dit betekent dat de gemeente alleen geld aantrekt indien noodzakelijk en terughoudend is met het verstrekken van leningen en garanties.
15.6 In afwijking van de op basis van het vierde en vijfde lid berekende rentepercentage kan over een ander rentepercentage worden besloten bij de nota conform artikel 4 lid 1.
Rhenen
16 Voor de levering van goederen, diensten of werken, het verstrekken van leningen of garanties en het verstrekken van kapitaal door de gemeente aan overheidsbedrijven en derden waarbij de gemeente in concurrentie met marktpartijen treedt, wordt conform de wet Markt & Overheid, ten minste de geraamde integrale kostprijs in rekening gebracht. Bij afwijking vanwege een publiek belang volgt het college de vastgestelde beleidsregels en doet indien nodig vooraf van deze activiteiten afzonderlijk een voorstel voor een raadsbesluit, waarin het publiek belang van de levering van de desbetreffende goederen, diensten of werken wordt gemotiveerd.
De gemeente voert, gelet op haar publiekrechtelijke taak om maatschappelijk kapitaal te beheren, een risicomijdend treasurybeleid. Dit betekent dat de gemeente alleen geld aantrekt indien noodzakelijk en terughoudend is met het verstrekken van leningen en garanties. Dit wordt bereikt door:
Dit wordt bereikt door: 1.Het verzekeren van langdurende toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities met aandacht voor duurzaamheid. 1.Het verzekeren van langdurende toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities met aandacht voor duurzaamheid.
2.Beperken en beheersen van financiële risico’s zoals renterisico’s, kredietrisico’s, liquiditeitsrisico’s en valutarisico’s.
2.Beperken en beheersen van financiële risico’s zoals renterisico’s, kredietrisico’s, liquiditeitsrisico’s en valutarisico’s.
Bij het aantrekken van financieringsmiddelen geldt:
Bij het aantrekken van financieringsmiddelen geldt:
a. er wordt er geen gebruik gemaakt van financiële derivaten als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet financiering decentrale overheden. b. bij het aantrekken van langlopende financieringen zijn onderhandse leningen toegestane instrumenten. c. bij het aantrekken van kortlopende financieringsmiddelen (korter dan 1 jaar) zijn daggeld, kasgeldlening en een kredietlimiet op rekening courant toegestane instrumenten. Bij het verstrekken van leningen, het verstrekken van garanties en het verstrekken van risicodragend kapitaal geldt d. verstrekking van een garantie is alleen mogelijk indien die noodzakelijk is om een geldlening af te sluiten voor de uitvoering van de publieke taak. e. leningen worden alleen verstrekt als een instelling die ook met gemeentegarantie geen lening kan afsluiten op de kapitaalmarkt f. bedingt zoveel mogelijk zekerheden
a. er wordt er geen gebruik gemaakt van financiële derivaten als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet financiering decentrale overheden. b. bij het aantrekken van langlopende financieringen zijn onderhandse leningen toegestane instrumenten. c. bij het aantrekken van kortlopende financieringsmiddelen (korter dan 1 jaar) zijn daggeld, kasgeldlening en een kredietlimiet op rekening courant toegestane instrumenten. Bij het verstrekken van leningen, het verstrekken van garanties en het verstrekken van risicodragend kapitaal geldt: d. verstrekking van een garantie is alleen mogelijk indien die noodzakelijk is om een geldlening af te sluiten voor de uitvoering van de publieke taak. e. leningen worden alleen verstrekt als een instelling die ook met gemeentegarantie geen lening kan afsluiten op de kapitaalmarkt f. bedingt zoveel mogelijk zekerheden
3. Optimaliseren resultaat van de treasury-activiteiten door kosten ervan te minimaliseren en renteopbrengsten te maximaliseren maar altijd ter ondersteuning aan het te voeren beleid a.Het aantrekken van leningen met een looptijd langer dan één jaar worden ten minste twee prijsopgaven bij verschillende financiële instellingen gevraagd b.Het uitgangspunt is dat financiering plaatsvind op basis van totaalfinanciering. Afwijking kan uitsluitend na goedkeuring van gemeenteraad.
3. Optimaliseren resultaat van de treasury-activiteiten door kosten ervan te minimaliseren en renteopbrengsten te maximaliseren maar altijd ter ondersteuning aan het te voeren beleid a. Het aantrekken van leningen met een looptijd langer dan één jaar worden ten minste twee prijsopgaven bij verschillende financiële instellingen gevraagd b. Het uitgangspunt is dat financiering plaatsvind op basis van totaalfinanciering. Afwijking kan uitsluitend na goedkeuring van gemeenteraad.
5 - Begroting en de jaarstukken
Artikel 21 - Lokale heffingen
1
Het college neemt in de paragraaf lokale heffingen bij de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 10 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. de kostentoerekening van de geraamde (overhead)kosten aan de rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht; b. een vergelijk van de lokale lastendruk op basis van de Atlas van lokale lasten (van COELO).
Artikel 1 - Lokale heffingen
Laten vervallen is info
Artikel 22 - Weerstandsvermogen en risicobeheersing
N.v.t. Burgemeester en wethouders nemen in de paragraaf lokale heffingen bij de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 10 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. de kostentoerekening van de geraamde rentekosten en de geraamde overheadkosten aan de rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht; b. de berekening van het rentepercentage voor de omslagrente voor het bepalen van de kostprijzen, bedoeld in artikel 17, zesde lid; [c. de berekening van het rentepercentage voor de rentevergoeding over de reserves en de voorzieningen voor het bepalen van de kostprijzen, bedoeld in artikel 17, zesde lid;] d. onder het onderdeel beleid bedoeld in artikel 10, Aanhef en onder b, van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten een overzicht van de te onderscheiden lokale heffingen, de maatstaf en de doelstelling die wordt beoogd met het opleggen van de heffing; e. […]. 1
In dit artikel wordt verstaan onder: - netto schuld per inwoner: bruto schuld minus de omvang van de geldelijke bezittingen gedeeld door het aantal inwoners op 31 december van het begrotingsjaar. Onder bruto schuld wordt verstaan het totaal van langlopende leningen, kortlopende schulden, crediteuren, vorderingen en overlopende passiva. Onder geldelijke bezittingen wordt verstaan: het totaal van leningen aan deelnemingen, leningen aan overige verbonden partijen, leningen aan derden, langlopende uitzettingen, kortlopende uitzettingen, debiteurenvorderingen, liquide middelen en overlopende activa; - onbenutte belastingcapaciteit onroerendezaakbelasting: positieve uitkomst van het verschil tussen de opbrengst onroerendezaakbelasting bij de tarieven die minimaal nodig zijn voor toegang tot de procedure van artikel 12 van de Financiële-verhoudingswet en de (geraamde) opbrengst onroerendezaakbelasting.
Financiele Verordening 2025 (voorstel)
Input vanuit
Modelverordening VNG Artikel
Lid Modelverordening VNG
Artikel 22 - Weerstandsvermogen en risicobeheersing
2
Paragraaf
Artikel
5 - Begroting en de jaarstukken
Artikel 22 - Weerstandsvermogen en 1 risicobeheersing
Lid Verordening Het college neemt in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing van de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 11 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. het kengetal over de ontwikkeling van de netto schuld per inwoner (bruto schuld minus de omvang van de geldelijke bezittingen gedeeld door het aantal inwoners op 31 december van het begrotingsjaar)
VNG
5 - Begroting en de jaarstukken
Artikel 22 - Weerstandsvermogen en 2 risicobeheersing
Het college toetst ten minste eens in de vier jaar of wijziging van de nota Weerstandsvermogen en risicomanagement nodig is. Het college stelt de raad in kennis van die toets en legt de raad een. nieuwe nota weerstandsvermogen en risicomanagement voor indien dat nodig wordt geacht. De raad kan het college verzoeken om meteen voorstel tot wijziging te komen. De nota wordt door de raad vastgesteld.
Rhenen
Financiele Verordening Rhenen 2023 Artikel
Verordening Rhenen 2023
Burgemeester en wethouders nemen in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing van de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 11 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. de ontwikkeling van de netto schuld per inwoner; b. het saldo van de baten en lasten voor dotaties en onttrekkingen van reserves als percentage van de inkomsten; c. de onbenutte belastingcapaciteit onroerendezaakbelasting als percentage van de inkomsten; d. de wijze waarop met conjuncturele risico’s en de omvang van het weerstandsvermogen wordt omgegaan; e. de wijze waarop met projectspecifieke risico’s wordt omgegaan bij het bepalen van de tussentijdse winstneming en de omvang van het weerstandsvermogen, en f. […].
20 Het college toetst ten minste eens in de vier jaar of wijziging van de nota Weerstandsvermogen en risicomanagement nodig is. Het college stelt de raad in kennis van die toets en legt de raad een. nieuwe nota weerstandsvermogen en risicomanagement voor indien dat nodig wordt geacht. De raad kan het college verzoeken om meteen voorstel tot wijziging te komen. De nota wordt door de raad vastgesteld.
nvt
Artikel 23 - Onderhoud kapitaalgoederen
1
Burgemeester en wethouders nemen in de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen van de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 12 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. […].]
5 - Begroting en de jaarstukken
Artikel 23 - Onderhoud kapitaalgoederen
1
Het college toetst ten minste eens in de vier jaar of wijziging van het (beeld)kwaliteitsplan nodig is. Het college stelt de raad in kennis van die toets en legt de raad een nieuw onderhoudsplan openbare ruimte voor indien dat nodig wordt geacht. Het plan geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud en de kosten van het onderhoud voor het openbaar groen, water, wegen, kunstwerken en straatmeubilair. De raad stelt het plan vast.
Rhenen
Artikel 23 - Onderhoud kapitaalgoederen
2
Burgemeester en wethouders bieden de raad ten minste eens in de [aantal] jaar een onderhoudsplan openbare ruimte aan. Het onderhoudsplan openbare ruimte geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud en de kosten van het onderhoud voor het openbaar groen, water, wegen, kunstwerken en straatmeubilair. De raad stelt het onderhoudsplan openbare ruimte vast.
21.1 Het college toetst ten minste eens in de vier jaar of wijziging van het (beeld)kwaliteitsplan nodig is. Het college stelt de raad in kennis van die toets en legt de raad een nieuw onderhoudsplan openbare ruimte voor indien dat nodig wordt geacht. Het plan geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud en de kosten van het onderhoud voor het openbaar groen, water, wegen, kunstwerken en straatmeubilair. De raad stelt het plan vast.
5 - Begroting en de jaarstukken
Artikel 23 - Onderhoud kapitaalgoederen
2
Het college toetst ten minste eens in de vier jaar of wijziging van het gemeentelijk rioleringsplan nodig is. Het college stelt de raad in kennis van die toets en legt de raad een nieuw rioleringsplan voor indien dat nodig wordt geacht. Het plan geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud, de uitbreiding van de riolering en de kosten van het onderhoud en de eventuele uitbreidingen. De raad stelt het plan vast.
Rhenen
Artikel 23 - Onderhoud kapitaalgoederen
3
Burgemeester en wethouders bieden de raad ten minste eens in de [aantal] jaar een rioleringsplan aan. Het rioleringsplan geeft het kader weer voor het beheer van het watersysteem, waaronder het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud, de uitbreiding van de riolering en de kosten van het onderhoud. De raad stelt het rioleringsplan vast.
21.2 Het college toetst ten minste eens in de vier jaar of wijziging van het gemeentelijk rioleringsplan nodig is. Het college stelt de raad in kennis van die toets en legt de raad een nieuw rioleringsplan voor indien dat nodig wordt geacht. Het plan geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud, de uitbreiding van de riolering en de kosten van het onderhoud en de eventuele uitbreidingen. De raad stelt het plan vast.
5 - Begroting en de jaarstukken
Artikel 23 - Onderhoud kapitaalgoederen
3
Het college toetst ten minste eens in de vier jaar of wijziging van het onderhoudsplan gebouwen nodig is. Het college stelt de raad in kennis van die toets en legt de raad een nieuw onderhoudsplan gebouwen voor indien dat nodig wordt geacht. Het plan bevat voorstellen voor het te plegen onderhoud en de bijbehorende kosten aan de gemeentelijke gebouwen. De raad stelt het plan vast.
Rhenen
Artikel 23 - Onderhoud kapitaalgoederen
4
Burgemeester en wethouders bieden de raad ten minste eens in de [aantal] jaar een onderhoudsplan gebouwen aan. Het onderhoudsplan gebouwen bevat voorstellen voor het te plegen onderhoud en de bijbehorende kosten aan de gemeentelijke gebouwen. De raad stelt het onderhoudsplan gebouwen vast.
21.3 Het college toetst ten minste eens in de vier jaar of wijziging van het onderhoudsplan gebouwen nodig is. Het college stelt de raad in kennis van die toets en legt de raad een nieuw onderhoudsplan gebouwen voor indien dat nodig wordt geacht. Het plan bevat voorstellen voor het te plegen onderhoud en de bijbehorende kosten aan de gemeentelijke gebouwen. De raad stelt het plan vast.
5 - Begroting en de jaarstukken
Artikel 24 - Financiering
1
Het college neemt in de paragraaf financiering van de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 13 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. een rentevisie over de te verwachten rente voor de begrotingsperiode danwel het lopende begrotingsjaar.
VNG
Artikel 24 - Financiering
1
Burgemeester en wethouders nemen in de paragraaf financiering van de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 13 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. […].]
In de paragraaf financiering wordt in de begroting aanvullend op de verplichte onderdelen uit de BBV een rentevisie opgenomen
19 Het college toetst ten minste eens in de vier jaar of wijziging van het treasurybeleid nodig is. Het college stelt de raad in kennis van die toets en legt de raad een nieuw treasurybeleid voor indien dat nodig wordt geacht. De raad kan het college verzoeken om met een voorstel tot wijziging te komen. Het treasurybeleid wordt door de raad vastgesteld. 5 - Begroting en de jaarstukken
Artikel 25 - Bedrijfsvoering
1
het college neemt in de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 14 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. de omvang, opbouw en ontwikkeling van het personeelsbestand en de loonkosten; b. de kosten van inhuur derden; c. stand van zaken opvolging accountantsverslag op bestuurlijk relevante onderwerpen; d. opvolging eventuele opmerkingen rekenkamer; e. een toelichting op alle afwijkingen in rechtmatigheid, die in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen [, voor zover deze de rapportagegrens, zoals bedoeld in artikel 10 overschrijden of voldoen aan [kwalitatieve criteria rapportagegrens]] en eventueel welke maatregelen worden genomen om deze afwijkingen in de toekomst te voorkomen; f. een overzicht van en toelichting op niet-financiële onrechtmatigheden in verband met het niet naleven van bepalingen in de Wet financiering decentrale overheden en de bijbehorende ministeriële regelingen, als deze voorkomen; g. geconstateerde fraude door eigen medewerkers, als dit voorkomt
VNG waarbij veel dingen geregeld zijn in artikel 14 BBV en kadernota rechtmatigheid
Artikel 25 - Bedrijfsvoering
N.v.t. Burgemeester en wethouders nemen in de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 14 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. de omvang, opbouw en ontwikkeling van het personeelsbestand en de loonkosten; b. de kosten van inhuur derden; c. de huisvestingskosten; d. de automatiseringskosten; e. de budgetten voor de raad, de griffie, de rekenkamer en de accountant; f. een toelichting op alle afwijkingen in rechtmatigheid, die in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen [, voor zover deze de rapportagegrens, zoals bedoeld in artikel 10 overschrijden of voldoen aan [kwalitatieve criteria rapportagegrens]] en eventueel welke maatregelen worden genomen om deze afwijkingen in de toekomst te voorkomen; g. een overzicht van en toelichting op niet-financiële onrechtmatigheden in verband met het niet naleven van bepalingen in de Wet financiering decentrale overheden en de bijbehorende ministeriële regelingen, als deze voorkomen; h. rapportage van het veelvuldig niet naleven van normen uit de gids proportionaliteit en/of slechte documentatie of naleving hiervan, als deze voorkomen; i. geconstateerde fraude door eigen medewerkers, als dit voorkomt, en i. j. […].
5 - Begroting en de jaarstukken
Artikel 26 - Verbonden partijen
1
Het college neemt in de paragraaf verbonden partijen van de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 15 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. de financiële bijdrage vanuit de gemeente voor het huidig en voorgaande jaar per verbonden partij
VNG
Artikel 26 - Verbonden partijen
N.v.t. Burgemeester en wethouders nemen in de paragraaf verbonden partijen van de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 15 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. […].]
5 - Begroting en de jaarstukken
Artikel 27 - Grondbeleid
1
Het college neemt in de paragraaf grondbeleid van de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel van 16 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. de actuele faciliterende gronden
VNG
Artikel 27 - Grondbeleid
1
Burgemeester en wethouders nemen in de paragraaf grondbeleid van de begroting en de jaarstukken naast de verplichte onderdelen op grond van artikel van 16 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder geval op: a. […].]
5 - Begroting en de jaarstukken
Artikel 27 - Grondbeleid
2
Het college toetst ten minste eens in de vier jaar of wijziging van de nota Grondbeleid nodig is. Het college stelt de raad in kennis van die toets en legt de raad een nieuwe nota Grondbeleid voor indien dat nodig wordt geacht. De raad kan het college verzoeken om met een voorstel tot wijziging te komen. De nota wordt door de raad vastgesteld.
Rhenen
Artikel 27 - Grondbeleid
2
Burgemeester en wethouders bieden de raad ten minste eens in de [aantal] jaar een nota grondbeleid aan. De raad stelt de nota grondbeleid vast. De nota grondbeleid bevat in ieder geval: a. de strategische visie van het toekomstig grondbeleid van de gemeente; b. te ontwikkelen en in ontwikkeling genomen projecten; c. het verloop van de grondvoorraad; d. de uitgangspunten voor de verkoopprijzen van gronden; e. de wijze waarop met de toerekening van bovenwijkse voorzieningen wordt omgegaan, en f. […].
nvt
Artikel 27 - Grondbeleid
3
Burgemeester en wethouders bieden de raad jaarlijks een grondprijzenbrief aan met een vastgestelde uitgifteprijs voor zowel maatschappelijke grond als intern door te leveren grond. De raad stelt de grondprijzenbrief vast.
4
De voorziening voor verliesgevende grondexploitaties wordt gewaardeerd tegen [contante OF nominale] waarde.
5 - Begroting en de jaarstukken
Artikel 27 - Grondbeleid
3
De voorziening voor verliesgevende grondexploitaties wordt gewaardeerd tegen nominale waarde.
VNG
Artikel 27 - Grondbeleid
6 - Financiële organisatie en financieel beheer
Artikel 28 - Administratie
1
De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder geval dienstbaar is voor: a. het sturen en het beheersen van activiteiten en processen in de gemeente als geheel en in de afdelingen; b. het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang van de vaste activa, voorraden, vorderingen, schulden, contracten; c. het verschaffen van informatie over uitputting van de toegekende budgetten en investeringskredieten en voor het maken van kostencalculaties; d. het verschaffen van informatie over indicatoren met betrekking tot de gemeentelijke productie van goederen en diensten en de maatschappelijke effecten van het gemeentelijke beleid; e. het afleggen van verantwoording door het college aan de raad over de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante wet- en regelgeving, en f. de controle van de registratie van gegevens als zodanig en van de daaraan ontleende informatie, alsmede voor de controle op de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante wet- en regelgeving.
VNG
Artikel 28 - Administratie
N.v.t. De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder geval dienstbaar is voor: a. het sturen en het beheersen van activiteiten en processen in de gemeente als geheel en in de afdelingen; b. het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang van de vaste activa, voorraden, vorderingen, schulden, contracten; c. het verschaffen van informatie over uitputting van de toegekende budgetten en investeringskredieten en voor het maken van kostencalculaties; d. het verschaffen van informatie over indicatoren met betrekking tot de gemeentelijke productie van goederen en diensten en de maatschappelijke effecten van het gemeentelijke beleid; e. het afleggen van verantwoording door burgemeester en wethouders aan de raad over de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante wet- en regelgeving, en f. de controle van de registratie van gegevens als zodanig en van de daaraan ontleende informatie, alsmede voor de controle op de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante wet- en regelgeving.
22 Het college toetst ten minste eens in de vier jaar of wijziging van de nota Grondbeleid nodig is. Het college stelt de raad in kennis van die toets en legt de raad een nieuwe nota Grondbeleid voor indien dat nodig wordt geacht. De raad kan het college verzoeken om met een voorstel tot wijziging te komen. De nota wordt door de raad vastgesteld.
23 De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder geval dienstbaar is voor: a. het sturen en het beheersen van activiteiten en processen in de gemeente; b. het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang van de vaste activa, voorraden, vorderingen, schulden, contracten; het verschaffen van informatie over uitputting van de toegekende budgetten en investeringskredieten en voor het maken van kostencalculaties; c. het verschaffen van informatie over indicatoren met betrekking tot de gemeentelijke productie van goederen en d. diensten en de maatschappelijke effecten van het gemeentelijke beleid; e. het afleggen van verantwoording over de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante wet- en regelgeving; en f. de controle van de registratie van gegevens en van de daaraan ontleende informatie, alsmede voor de controle op de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante wet- en regelgeving.
Financiele Verordening 2025 (voorstel)
Input vanuit
Modelverordening VNG Artikel
Lid Modelverordening VNG
Het college draagt in ieder geval zorg voor: a. een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een eenduidig toewijzing van de gemeentelijke taken aan de afdelingen; b. een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden en verantwoordelijkheden; c. de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en investeringskredieten; d. de interne regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening van de financieringsfunctie; e. de te maken afspraken met de afdelingen over de te leveren prestaties, de daarvoor beschikbare middelen en de wijze en frequentie van rapportage over de voortgang van de activiteiten en uitputting van middelen; f. het beleid en de interne regels voor de inkoop en de aanbesteding van goederen, werken en diensten; g. het beleid en de interne regels voor de steunverlening en de toekenning van subsidies aan ondernemingen en instellingen, en h. het beleid en de interne regels voor het voorkomen van fraude van gemeentelijke regelingen en eigendommen, opdat aan de eisen van rechtmatigheid, controle en verantwoording wordt voldaan. i.
het verzamelen en vastleggen van gegevens over de geleverde prestaties en de maatschappelijke effecten zodat de doelmatigheid en doeltreffendheid van het beleid, zoals vastgesteld door de raad, kunnen worden getoetst.
VNG
Artikel 29 - Financiële organisatie
N.v.t. Burgemeester en wethouders dragen in ieder geval zorg voor: a. een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een eenduidig toewijzing van de gemeentelijke taken aan de afdelingen; b. een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden en verantwoordelijkheden; c. de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en investeringskredieten; d. de interne regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening van de financieringsfunctie; e. de te maken afspraken met de afdelingen over de te leveren prestaties, de daarvoor beschikbare middelen en de wijze en frequentie van rapportage over de voortgang van de activiteiten en uitputting van middelen; f. het beleid en de interne regels voor de inkoop en de aanbesteding van goederen, werken en diensten; g. het beleid en de interne regels voor de steunverlening en de toekenning van subsidies aan ondernemingen en instellingen, en h. het beleid en de interne regels voor het voorkomen van fraude van gemeentelijke regelingen en eigendommen, opdat aan de eisen van rechtmatigheid, controle en verantwoording wordt voldaan. i.
het verzamelen en vastleggen van gegevens over de geleverde prestaties en de maatschappelijke effecten zodat de doelmatigheid en doeltreffendheid van het beleid, zoals vastgesteld door de raad, kunnen worden getoetst.
Paragraaf
Artikel
Lid Verordening
6 - Financiële organisatie en financieel beheer
Artikel 29 - Financiële organisatie
1
Financiele Verordening Rhenen 2023 Artikel
Verordening Rhenen 2023 24 Het college draagt zorgt voor: a. een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een eenduidig toewijzing van de gemeentelijke taken aan de organisatorische eenheden; b. een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden, verantwoordelijkheden; c. de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en investeringskredieten; d. de interne regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening van de financieringsfunctie; e. de te maken afspraken met de organisatorische eenheden over de te leveren prestaties, de daarvoor beschikbare middelen en de wijze en frequentie van rapportage over de voortgang van de activiteiten en uitputting van middelen; f. de kostenverdeelsleutels voor het eenduidig toewijzen van baten en lasten aan de deelprogramma’s en onderliggende producten; g. het beleid en de interne regels voor de inkoop en de aanbesteding van goederen, werken en diensten; h. het beleid en de interne regels voor de steunverlening en de toekenning van subsidies aan ondernemingen en instellingen; en i. het beleid en de interne regels voor het voorkomen van fraude, misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen,opdat aan de eisen van rechtmatigheid, controle en verantwoording wordt voldaan.
6 - Financiële organisatie en financieel beheer
Artikel 30 - Interne controle
1
Het college draagt zorg voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen rapporteert het college daarover in de rechtmatigheidsverantwoording, zoals beschreven in artikel 25 onder e. Daarnaast informeert het college de raad over genomen maatregelen tot herstel van de tekortkomingen.
VNG
Artikel 30 - Interne controle
1
Burgemeester en wethouders dragen zorg voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen rapporteren burgemeester en wethouders daarover in de rechtmatigheidsverantwoording, zoals beschreven in artikel 25 onder f. Daarnaast informeren burgemeester en wethouders de raad over genomen maatregelen tot herstel van de tekortkomingen.
25.1 Het college zorgt ten behoeve van het getrouwe beeld van de jaarrekening, bedoeld in artikel 213, derde lid, onder a, van de Gemeentewet, en de rechtmatigheid van de baten en lasten en de balansmutaties, bedoeld in artikel 213, derde lid, onder b, van de Gemeentewet, voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen neemt het college maatregelen tot herstel.
6 - Financiële organisatie en financieel beheer
Artikel 30 - Interne controle
2
Het college zorgt voor de systematische controle van de administratie en de ontwikkeling van de bezittingen en het financieel vermogen van de gemeente met dien verstande dat de waardepapieren, de voorraden, de uitstaande leningen, de debiteurenvorderingen, de liquiditeiten, de opgenomen leningen, de kortlopende schulden en de vorderingen van crediteuren jaarlijks worden gecontroleerd en registergoederen en bedrijfsmiddelen ten minste eenmaal in de 5 jaar. Bij afwijkingen in de administratie neemt het college maatregelen tot herstel van de tekortkomingen.
VNG
Artikel 30 - Interne controle
2
Burgemeester en wethouders zorgen voor de systematische controle van de administratie en de ontwikkeling van de bezittingen en het financieel vermogen van de gemeente met dien verstande dat de waardepapieren, de voorraden, de uitstaande leningen, de debiteurenvorderingen, de liquiditeiten, de opgenomen leningen, de kortlopende schulden en de vorderingen van crediteuren jaarlijks worden gecontroleerd en registergoederen en bedrijfsmiddelen ten minste eenmaal in de [aantal (bijvoorbeeld 4 of 5)] jaar. Bij afwijkingen in de administratie nemen burgemeester en wethouders maatregelen tot herstel van de tekortkomingen.
25.2 Het college zorgt voor de systematische controle van de registratie en de ontwikkeling van de bezittingen en het financieel vermogen van de gemeente met dien verstande dat de waardepapieren, de voorraden, de uitstaande leningen, de debiteurenvorderingen, de liquiditeiten, de opgenomen leningen, de kortlopende schulden en de vorderingen van crediteuren jaarlijks worden gecontroleerd en registergoederen en bedrijfsmiddelen ten minste eenmaal in de 5 jaar op hoofdlijnen getoetst. Bij afwijkingen in de registratie neemt het college maatregelen voor herstel van de tekortkomingen.
7 - Slotbepalingen
Artikel 31 - Intrekking oude regeling
1
De Financiële verordening gemeente Rhenen 2023 wordt ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de jaarrekening en het jaarverslag en bijbehorende stukken van het begrotingsjaar 2024 en bijbehorende stukken van het begrotingsjaar voorafgaand aan het jaar waarin deze verordening in werking treedt.
VNG
Artikel 31 - Intrekking oude regeling
7 - Slotbepalingen
Artikel 32 - Inwerkingtreding en citeertitel
1
Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2025.
VNG
Artikel 32 - Inwerkingtreding en citeertitel
1
Deze verordening treedt in werking op [datum op of na datum inwerkingtreding Wet versterking decentrale rekenkamers].
27.1 Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2023.
7 - Slotbepalingen
Artikel 32 - Inwerkingtreding en citeertitel
2
Deze verordening wordt aangehaald als: Financiële verordening gemeente Rhenen 2025.
VNG
Artikel 32 - Inwerkingtreding en citeertitel
2
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening financieel beleid, beheer en organisatie [naam gemeente en eventueel jaartal].
27.2 Deze verordening wordt aangehaald als: Financiële verordening gemeente Rhenen 2023.
N.v.t. De [citeertitel oude verordening] wordt ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de jaarrekening en het jaarverslag en bijbehorende stukken van het begrotingsjaar voorafgaand aan het jaar waarin deze verordening in werking treedt en op de begroting, jaarrekening en jaarverslag en bijbehorende stukken van het begrotingsjaar dat samenvalt met het jaar waarin deze verordening in werking treedt.
26 De Financiële Verordening gemeente Rhenen 2020 wordt samen met het Treasurystatuut 2015, ingetrokken. Beide nota’s blijven van toepassing op de jaarstukken 2022, en bijbehorende stukken van het begrotingsjaar voorafgaand aan het jaar waarin deze verordening in werking treedt.