CConstaterende datRhenen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Voorgestelde Wijzigingen Financiële Verordening 2025 ten opzichte van Financiële Verordening 2023.xlsx

Commissie Bestuur en Financiën 2 december 2024, gemeente RhenenBij agendapunt: Consultatie Vaststellen Financiële Verordening 202513.794 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Financiele Verordening 2025 (voorstel) Paragraaf

Artikel

1 - Algemene bepalingen

1 - Definities

Input vanuit Lid Verordening

Artikel

In deze verordening wordt verstaan onder: - administratie: het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen, functioneren en beheersen van de gemeentelijke organisatie en de verantwoording die daarover moet worden afgelegd. - overheidsbedrijf: onderneming met privaatrechtelijke rechtspersoonlijkheid, niet zijnde een personenvennootschap met rechtspersoonlijkheid, waarin de gemeente, al dan niet tezamen met een of meer andere publiekrechtelijke rechtspersonen, in staat is het beleid te bepalen of een onderneming in de vorm van een personenvennootschap, waarin een publiekrechtelijke rechtspersoon deelneemt. - rechtmatigheidsverantwoording: de rapportage van het college waarbij aangegeven wordt in welke mate de totstandkoming van de financiële beheershandelingen en de vastlegging daarvan overeenstemmen met de relevante wet- en regelgeving. -Voorwaardencriterium: is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur.

-Begrotingscriterium: is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen; -Het misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium: het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op het voorkomen, detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden en gemeentelijke eigendommen bij financiële beheershandelingen.

2- Begroting en verantwoording

2 - Vaststelling programma-indeling en paragrafen

1

De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode op voorstel het college vast: a. een nadere onderverdeling van de programma’s nav de speerpunten van het coalitieakkoord. b. de beleidsindicatoren. Het voorstel van het college bevat in ieder geval de verplichte beleidsindicatoren, bedoeld in artikel 25, tweede lid, onder a, van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. c. het aantal W-vragen waarbij minimaal de verplichte W-vragen opgenomen moeten zijn

2- Begroting en verantwoording

2 - Vaststelling programma-indeling en paragrafen

2

De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode vast over welke onderwerpen hij in extra paragrafen naast de verplichte paragrafen van de begroting en de jaarstukken kaders wil stellen en wil worden geïnformeerd.

Modelverordening VNG

Financiele Verordening Rhenen 2023 Lid Modelverordening VNG

1 - Definities

In deze verordening wordt verstaan onder: - administratie: het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen, functioneren en beheersen van de gemeentelijke organisatie en de verantwoording die daarover moet worden afgelegd. - overheidsbedrijf: onderneming met privaatrechtelijke rechtspersoonlijkheid, niet zijnde een personenvennootschap met rechtspersoonlijkheid, waarin de gemeente, al dan niet tezamen met een of meer andere publiekrechtelijke rechtspersonen, in staat is het beleid te bepalen of een onderneming in de vorm van een personenvennootschap, waarin een publiekrechtelijke rechtspersoon deelneemt. - rechtmatigheidsverantwoording: de rapportage van burgemeester en wethouders waarbij aangegeven wordt in welke mate de totstandkoming van de financiële beheershandelingen en de vastlegging daarvan overeenstemmen met de relevante wet- en regelgeving.

Verordening Rhenen 2023

Artikel

1 Artikel 1. Begripsbepaling In deze verordening wordt verstaan onder: • administratie: het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen, functioneren en beheersen van de gemeentelijke organisatie en de verantwoording die daarover moet worden afgelegd; • deelprogramma: een deelprogramma bestaat uit een samenhangend geheel van producten, activiteiten en geldmiddelen gericht op het bereiken van vooraf bepaalde maatschappelijke effecten, waaraan indicatoren gekoppeld kunnen zijn. • organisatorische eenheid: iedere eenheid binnen de gemeentelijke organisatie met een eigen rechtstreekse verantwoordelijkheid aan de gemeentesecretaris en het college; • overheidsbedrijf: een bedrijf dat in handen is van de overheid, al dan niet tezamen met een of meer andere publiekrechtelijke rechtspersonen. • rechtmatigheidsverantwoording: de rapportage van burgemeester en wethouders waarbij aangegeven wordt in welke mate de totstandkoming van de financiële beheershandelingen en de vastlegging daarvan overeenstemmen met de relevante wet- en regelgeving.

laten vervallen vanuit VNG zit in 2.2

2 - Vaststelling programma-indeling en paragrafen

1

De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode een programma-indeling voor die raadsperiode vast.

2.1 De raad kan de (deel)programma-indeling wijzigen en opnieuw vaststellen.

taakvelden zijn wettelijk verplicht

2 - Vaststelling programma-indeling en paragrafen

2

De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode op voorstel van burgemeester en wethouders per programma vast: a. de taakvelden, en b. de beleidsindicatoren. Het voorstel van burgemeester en wethouders bevat in ieder geval de verplichte beleidsindicatoren, bedoeld in artikel 25, tweede lid, onder a, van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten.

2.2 De raad kan op voorstel van het college per deelprogramma de relevante beleidsindicatoren vaststellen.

laten vervallen vanuit VNG zit in 2.2

2 - Vaststelling programma-indeling en paragrafen

3

[De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode een nadere onderverdeling van de programma’s vast. ]

2.3 Voor zover de (deel)programma-indeling en de beleidsindicatoren per (deel)programma niet specifiek zijn vastgesteld bij aanvang van de raadsperiode worden deze geacht te zijn vastgesteld middels het vaststellen van de eerste programmabegroting in iedere raadsperiode.

VNG

2 - Vaststelling programma-indeling en paragrafen

4

De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode vast over welke onderwerpen hij in extra paragrafen naast de verplichte paragrafen van de begroting en de jaarstukken kaders wil stellen en wil worden geïnformeerd.

2.4 De raad kan vast stellen over welke onderwerpen hij in extra paragrafen naast de verplichte paragrafen van de begroting en de jaarstukken kaders wil stellen en wil worden geïnformeerd.

3.1 2- Begroting en verantwoording

3 - Inrichting begroting en jaarstukken

1 Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de begroting worden: a. de nieuwe investeringen het eerste begrotingsjaar van het benodigde investeringskrediet weergegeven inclusief de verwachte fasering per jaar. Deze kredieten worden aangevuld met de geautoriseerde investeringen waarvan de uitvoering doorloopt in het nieuwe begrotingsjaar. In de ramingen wordt onderscheid gemaakt tussen de uitgaven en de inkomsten. b. de nieuwe investeringen van de meerjarenraming de benodigde investeringskredieten per jaar weergegeven. c. in aanvulling op het bepaalde in de artikelen 20 en artikel 21 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten inzicht gegeven in de ontwikkeling van de schuldpositie als gevolg van de begroting, de meerjarenraming, de investeringen en de grondexploitatie.

VNG aangepast

3 - Inrichting begroting en jaarstukken

1

Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de begroting wordt: a. van de nieuwe investeringen per investering het benodigde investeringskrediet weergegeven en wordt van de lopende investeringen het geautoriseerde investeringskrediet en de raming van de uitputting van het investeringskrediet in het lopende boekjaar weergegeven, en b. in aanvulling op het bepaalde in de artikelen 20 en artikel 21 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten inzicht gegeven in de ontwikkeling van de schuldpositie als gevolg van de begroting, de meerjarenraming, de investeringen en de grondexploitatie.

Bij de begroting en de jaarstukken worden onder elk van de (deel)programma’s, het overzicht van algemene dekkingsmiddelen, en het overzicht van de overhead onder andere de baten en lasten, de reserves en voorzieningen en de investeringen weergegeven.

3.2 + 3.3 In de begroting wordt per (deel)programma van de nieuwe investeringen het benodigde investeringskrediet weergegeven. Bij de uiteenzetting van de financiële positie in begroting wordt in aanvulling op het bepaalde in artikel 20 en artikel 21 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten inzicht gegeven in de ontwikkeling van de schuldpositie als gevolg van de begroting, de meerjarenraming, de investeringen en de grondexploitatie.

2- Begroting en verantwoording

3 - Inrichting begroting en jaarstukken

2 In de jaarrekening wordt van de investeringen de uitputting van de investeringskredieten en de actuele raming van de totale uitgaven en inkomsten weergegeven. En inzicht geboden in de investeringen die worden afgerond en investeringen die worden meegenomen naar het volgende jaar.

VNG aangepast; geautoriseerd eruit aangezien alle investeringskredieten worden weergegeven worden

3 - Inrichting begroting en jaarstukken

2

In de jaarrekening wordt van de investeringen de uitputting van de geautoriseerde investeringskredieten en de actuele raming van de totale uitgaven en inkomsten weergegeven.

3.4 In de jaarrekening wordt van de investeringen de uitputting van de geautoriseerde investeringskredieten en de actuele raming van de uitgaven en inkomsten van deze investeringen weergegeven en inzicht geboden in de investeringen die worden afgerond en investeringen die worden meegenomen naar het volgende jaar.

2- Begroting en verantwoording

3 - Inrichting begroting en jaarstukken

3 In het overzicht van de geraamde incidentele baten en lasten per programma worden posten vanaf € 20.000 afzonderlijk gespecificeerd.

VNG

3 - Inrichting begroting en jaarstukken

3

In het overzicht van de geraamde incidentele baten en lasten per programma worden posten vanaf [grensbedrag] afzonderlijk gespecificeerd.

2- Begroting en verantwoording

4 - Kaders begroting en meerjarenraming

1 1.Het college biedt uiterlijk het tweede kwartaal van het jaar een kadernota aan met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de begroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. De raad stelt deze kadernota ook uiterlijk het tweede kwartaal vast.

VNG

4 - Kaders begroting en meerjarenraming

1

Burgemeester en wethouders bieden voor [datum] aan de raad een nota aan met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de begroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. De raad stelt deze nota voor [datum] vast.

2- Begroting en verantwoording

4 - Kaders begroting en meerjarenraming

2 In de begroting wordt een post onvoorzien van € 10.000 incidenteel en € 5.000 structureel opgenomen.

VNG

4 - Kaders begroting en meerjarenraming

2

In de begroting wordt een post onvoorzien van [[bedrag] OF [percentage van de totale lasten]] opgenomen.

2- Begroting en verantwoording

5 - Autorisatie begroting en investeringskredieten

1 De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de baten en de lasten inclusief mutatie reserves per programma.

VNG

5 - Autorisatie begroting en investeringskredieten

1

De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de baten en de lasten per [programma OF programmaonderdeel OF taakveld].

2- Begroting en verantwoording

5 - Autorisatie begroting en investeringskredieten

2 Het college is bevoegd om overschrijdingen van lasten binnen het programma te dekken.

Nieuw

2- Begroting en verantwoording

5 - Autorisatie begroting en investeringskredieten

3 In afwijking van het eerste lid kan de raad een activiteit welke onderdeel is van een deelprogramma , als prioriteit aanwijzen en daarvoor de baten en lasten apart autoriseren.

VNG

5 - Autorisatie begroting en investeringskredieten

2

In afwijking van het eerste lid kan de raad een activiteit welke onderdeel is van een [programma OF programmaonderdeel OF taakveld], als prioriteit aanwijzen en daarvoor de baten en lasten apart autoriseren

2- Begroting en verantwoording

5 - Autorisatie begroting en investeringskredieten

4 Bij de begrotingsbehandeling geeft de raad aan van welke nieuwe investeringen hij op een later tijdstip een apart voorstel voor autorisatie van het investeringskrediet wil ontvangen. De overige nieuwe investeringskredieten worden bij de begrotingsbehandeling met het vaststellen van de financiële positie geautoriseerd.

VNG

5 - Autorisatie begroting en investeringskredieten

3

Bij de begrotingsbehandeling geeft de raad aan van welke nieuwe investeringen hij op een later tijdstip een apart voorstel voor autorisatie van het investeringskrediet wil ontvangen. De overige nieuwe investeringskredieten worden bij de begrotingsbehandeling met het vaststellen van de financiële positie geautoriseerd.

5.2 Bij de begrotingsbehandeling geeft de raad aan van welke nieuwe investeringen hij op een later tijdstip een apart voorstel voor autorisatie van het investeringskrediet wil ontvangen. De overige nieuwe investeringen worden bij het vaststellen van de begroting geautoriseerd.

2- Begroting en verantwoording

5 - Autorisatie begroting en investeringskredieten

5 Het college informeert de raad als zij verwachten, dat a. de lasten van een programma of een prioriteit de geautoriseerde lasten dreigen te overschrijden; b. de investeringsuitgaven van een investeringskrediet het geautoriseerde investeringskrediet dreigen te overschrijden; c. de baten van een programma of een prioriteit de geautoriseerde baten dreigen te onderschrijden;

VNG aangepast

5 - Autorisatie begroting en investeringskredieten

4

Burgemeester en wethouders informeren de raad als zij verwachten, dat de lasten van een [programma OF programmaonderdeel OF taakveld] of een prioriteit de geautoriseerde lasten dreigen te overschrijden, de investeringsuitgaven van een investeringskrediet het geautoriseerde investeringskrediet dreigen te overschrijden, of de baten van een [programma OF programmaonderdeel OF taakveld] of een prioriteit de geautoriseerde baten dreigen te onderschrijden. De raad geeft aan of hij een voorstel wil voor het wijzigen van de geautoriseerde lasten van het [programma OF programmaonderdeel OF taakveld] of de prioriteit, voor het wijzigen van het geautoriseerde investeringskrediet, of voor het bijstellen van het beleid.

5.3 Het college informeert de raad als ze verwacht, dat de lasten van een programma de geautoriseerde lasten dreigen te over- of onderschrijden, de investeringsuitgaven het geautoriseerde investeringskrediet dreigen te over- of onderschrijden, of de baten de geautoriseerde baten dreigen te over- of onderschrijden. Deze afwijkingen dienen substantieel en politiek relevant te zijn.

3.5 In de begroting en de jaarrekening worden incidentele baten en lasten afzonderlijk gespecificeerd in het overzicht van incidentele baten en lasten als deze hoger zijn dan € 10.000. 4.1 + 4.2 Het college biedt voor het zomerreces de raad een nota aan met een voorstel over de beleidsvoornemens en de financiële kaders en uitgangspunten voor volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. De raad stelt de uitgangspunten opgenomen in de nota’s zoals genoemd in lid 1 vast.

Het college informeert binnen een maand nadat de constatering gedaan is. Dit doet het college indien de afwijking of de claim: - meer dan € 100.000 op het niveau van constateringen of - meer dan € 200.000 voor een openeinderegeling.

5.1 De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de baten en de lasten per programma

De raad geeft aan of hij een voorstel wil voor het wijzigen van de geautoriseerde lasten van het programma of de prioriteit, voor het wijzigen van het geautoriseerde investeringskrediet, of voor het bijstellen van het beleid.

2- Begroting en verantwoording

5 - Autorisatie begroting en investeringskredieten

6 Bij de behandeling van de tussentijdse rapportages in de raad bedoeld in artikel 6, eerste lid, het college voorstellen voor het wijzigen van de geautoriseerde baten en lasten inclusief mutatie reserves, het wijzigen van de geautoriseerde investeringskredieten en het bijstellen van het beleid. In geval van investeringen met een meerjarig karakter doet het college indien nodig ook bij iedere begroting op grond van geactualiseerde ramingen voorstellen voor het wijzigen van de geautoriseerde investeringskredieten.

VNG

5 - Autorisatie begroting en investeringskredieten

5

Bij de behandeling van de tussentijdse rapportages in de raad bedoeld in artikel 6, eerste lid, doen burgemeester en wethouders voorstellen voor het wijzigen van de geautoriseerde baten en lasten, het wijzigen van de geautoriseerde investeringskredieten en het bijstellen van het beleid. In geval van investeringen met een meerjarig karakter doen burgemeester en wethouders indien nodig ook bij iedere begroting op grond van geactualiseerde ramingen voorstellen voor het wijzigen van de geautoriseerde investeringskredieten.

5.4 Bij de behandeling van de tussentijdse rapportages in de raad, bedoeld in artikel 6, lid 1, doet het college voorstellen voor het wijzigen van de geautoriseerde baten en lasten en de investeringskredieten en informeert het college over de voortgang van het beleid.

2- Begroting en verantwoording

5 - Autorisatie begroting en investeringskredieten

7 Voor een investering waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is geautoriseerd, legt het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel met een voorstel voor het vaststellen van een investeringskrediet aan de raad voor. Bij investeringen groter dan € 500.000 informeert het college de raad in het voorstel over het effect van de investering op de schuldpositie van de gemeente en de gevolgen voor de solvabiliteit. Ook dient dan het geldende btw-regime vermeld te worden.

VNG

5 - Autorisatie begroting en investeringskredieten

6

Voor een investering waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is geautoriseerd, leggen burgemeester en wethouders voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel met een voorstel voor het vaststellen van een investeringskrediet aan de raad voor. Bij investeringen groter dan [bedrag] informeren burgemeester en wethouders de raad in het voorstel over het effect van de investering op de schuldpositie van de gemeente.

5.5 Voor een investeringen waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is geautoriseerd, legt het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel aan de raad voor. Bij omvangrijke investeringen informeert het college de raad in het voorstel over het effect van de investering op de schuldpositie van de gemeente.

2- Begroting en verantwoording

5 - Autorisatie begroting en investeringskredieten

8 Bij investeringen met een meerjarig karakter stelt het college aan de raad voor op welke wijze de jaarschijven binnen het investeringsbudget worden opgebouwd. Goedkeuring voor verschuivingen tussen de jaarschijven van meer dan € 500.000 aan lasten van een investeringsbudget worden aan de raad integraal voorgelegd bij de jaarrekening.

VNG

5 - Autorisatie begroting en investeringskredieten

7

Bij investeringen met een meerjarig karakter stellen burgemeester en wethouders aan de raad voor op welke wijze de jaarschijven binnen het investeringsbudget worden opgebouwd. Goedkeuring voor verschuivingen tussen de jaarschijven van meer dan [bedrag] aan lasten van een investeringsbudget worden aan de raad integraal voorgelegd bij de jaarrekening

Financiele Verordening 2025 (voorstel)

Input vanuit

Modelverordening VNG

Financiele Verordening Rhenen 2023

Paragraaf

Artikel

Lid Verordening

Artikel

Lid Modelverordening VNG

2- Begroting en verantwoording

6 - Tussentijdse rapportages

1

Het college informeert de raad door middel van tussentijdse rapportages. Dit gebeurd met de voorjaarsnota en de najaarsnota. Dit gebeurd uiterlijk gelijktijdig met de kadernota en de (meerjaren)begroting en gaat over de realisatie van de begroting van het lopende boekjaar. De inrichting van de tussentijdse rapportages sluit zoveel mogelijk aan bij de indeling van de begroting met uitzondering van de paragrafen.

VNG

6 - Tussentijdse rapportages

1

Burgemeester en wethouders informeren de raad door middel van tussentijdse rapportages over de realisatie van de begroting van de gemeente over de eerste [aantal (bijvoorbeeld vier)] maanden en de eerste [aantal (bijvoorbeeld negen)] maanden van het lopende boekjaar.

2- Begroting en verantwoording

6 - Tussentijdse rapportages

2

De tussentijdse beleidsverantwoording gaat in op de voortgang en afwijkingen van de plannen vanuit de begroting en het bestuursprogramma.Het beleidsonderdeel van de tussentijdse rapportages bevatten verder: - opvolging van eventuele aanbevelingen vanuit de rekenkamer - de opvolging van de bevindingen van het accountantsverslag - inhoudelijke/financiële trends en ontwikkelingen.

VNG aangepast

6 - Tussentijdse rapportages

2

De tussentijdse rapportages bevatten in ieder geval een uiteenzetting over de uitvoering en het bijstellen van het beleid en een overzicht met de bijgestelde raming van: a. de baten en de lasten per programma uitgesplitst naar [taakvelden] OF [programmaonderdelen]; b. het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen uitgesplitst naar [taakvelden] OF [programmaonderdelen]; c. het overzicht van de overhead en de geraamde vennootschapsbelasting; d. het totale saldo van de baten en lasten, volgend uit de onderdelen a, b en c; e. de beoogde toevoegingen en onttrekkingen aan reserves per programma; f. het resultaat, volgend uit de onderdelen d en e; g. de realisatie en raming van de uitputting van de investeringskredieten, en h. […]

Dit met minimaal de bijgestelde ramingen van: a. baten en lasten per programma b. de beoogde toevoegingen en onttrekkingen aan reserves per programma c. het resultaat volgende uit onderdelen a en b.

2- Begroting en verantwoording

6 - Tussentijdse rapportages

3

In de tussentijdse rapportages worden afwijkingen op de oorspronkelijke ramingen van de baten en lasten (inclusief mutaties reserves) op programmaniveau, prioriteiten en investeringskredieten in de begroting groter dan € 50.000 of voor zover politiek relevant toegelicht.

VNG

6 - Tussentijdse rapportages

3

In de tussentijdse rapportages worden afwijkingen op de oorspronkelijke ramingen van de baten en lasten van taakvelden, prioriteiten en investeringskredieten in de begroting groter dan [[bedrag] OF [percentage]] toegelicht.

2- Begroting en verantwoording

7 - Jaarstukken

1

Gelijktijdig met het aanbieden van de jaarstukken biedt het college de raad het voorstel aan over de bestemming van het jaarrekeningresultaat.

VNG

7 - Jaarstukken

1

Gelijktijdig met het aanbieden van de jaarstukken bieden burgemeester en wethouders de raad het voorstel aan over de bestemming van het jaarrekeningresultaat.

2- Begroting en verantwoording

7 - Jaarstukken

2

Vooruitlopend op het bestemmingsvoorstel over het jaarrekeningresultaat kan het college de raad voorstellen om restantmiddelen op onderdelen van het rekeningresultaat over te hevelen naar het volgende begrotingsjaar. De raad wordt geïnformeerd door het college uiterlijk maart volgend op het verslaggevingsjaar waarbij de budgetoverheveling in het lopend boekjaar wordt verwerkt als toevoeging aan de reserve budgetoverheveling. Hierbij zijn de volgende criteria van toepassing: - niet beïnvloedbare omstandigheid waardoor de voorgenomen plannen niet zijn uitgevoerd in het jaar waar ze gepland stonden - het over te hevelen bedrag moet groter zijn dan € 10.000 - overgehevelde bedragen kan maximaal 2 jaar worden aangewend - de werkzaamheden die betrekking hebben op de overheveling mogen niet lijden tot een conflict met voorgenomen werkzaamheden in het volgend jaar.

VNG aangepast

7 - Jaarstukken

2

Vooruitlopend op het bestemmingsvoorstel over het jaarrekeningresultaat kunnen burgemeester en wethouders de raad voorstellen om restantmiddelen op onderdelen van het rekeningresultaat over te hevelen naar het volgende begrotingsjaar. [Burgemeester en wethouders bieden dit voorstel uiterlijk in december van het betreffende jaar aan aan de raad.]

2- Begroting en verantwoording

8 - Wensen en bedenkingen over grote onderwerpen

1

Het college informeert de raad in ieder geval vooraf en neemt pas een besluit nadat de raad in de gelegenheid is gesteld haar zijn wensen en bedenkingen kenbaar te maken aan het college wanneer er sprake is van: a. de individuele aan- en verkoop van goederen, werken en diensten groter dan € 500.000. b. het verstrekken van leningen, waarborgen en garanties groter dan € 250.000, of c. het verstrekken van kapitaal aan instellingen en ondernemingen.

VNG aangepast

8 - Wensen en bedenkingen over grote onderwerpen

1

In het kader van de actieve informatieplicht beslissen burgemeester en wethouders niet over: a. de aan- en verkoop van goederen, werken en diensten groter dan [bedrag]; b. het verstrekken van leningen, waarborgen en garanties groter dan [bedrag], en c. het verstrekken van kapitaal aan instellingen en ondernemingen, dan nadat de raad is geïnformeerd over het voornemen en hiertoe in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van burgemeester en wethouders te brengen.

Overbodig als 1 geldt

8 - Wensen en bedenkingen over grote onderwerpen

2

Bij het aangaan van een verplichting groter dan [bedrag] initiëren burgemeester en wethouders een zienswijzeprocedure door de raad

Artikel

Verordening Rhenen 2023 6.1 Het college informeert de raad door middel van tenminste één tussentijdse rapportages per jaar over de realisatie van de begroting van de gemeente. + De inrichting van de tussentijdse rapportages sluit aan bij de (deel)programma-indeling van de begroting. 6.2

6.3 In de tussenrapportage wordt het saldo van afwijkingen op de baten en lasten van de exploitatiebudgetten op deelprogramma niveau ten opzichte van de gewijzigde begroting en de afwijkingen van de investeringskredieten op individueel niveau toegelicht voor zover politiek relevant of met een substantieel bedrag.

5.6 Restant budgetten als gevolg van onderbesteding kunnen aan een bestemmingsreserve budgetoverheveling worden toegevoegd. Deze mutaties worden aan de raad voorgelegd uiterlijk ultimo februari volgend op het verslaggevingsjaar. Het uitgangspunt is dat de overgehevelde budgetten worden aangewend in het eerste jaar na overheveling.

7 Het college besluit niet over: a. het verstrekken van leningen, waarborgen en garanties en; b. het verstrekken van kapitaal aan instellingen en ondernemingen, die substantieel en politiek relevant zijn voordat de raad is geïnformeerd over het voornemen en hiertoe in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen.

2- Begroting en verantwoording

9 - EMU saldo

1

Als het Rijk de gemeente bericht dat alle gemeenten samen het collectieve aandeel van gemeenten in het EMU-tekort, bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Wet houdbare overheidsfinanciën, hebben overschreden, informeert het college de raad of een aanpassing van de begroting nodig is. Als het college een aanpassing nodig acht, doet het college een voorstel voor het wijzigen van de begroting.

VNG

9 - EMU saldo

1

Als het Rijk de gemeente bericht dat alle gemeenten samen het collectieve aandeel van gemeenten in het EMU-tekort, bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Wet houdbare overheidsfinanciën, hebben overschreden, informeren burgemeester en wethouders de raad of een aanpassing van de begroting nodig is. Als burgemeester en wethouders een aanpassing nodig achten, doen burgemeester en wethouders een voorstel voor het wijzigen van de begroting.

3 - Rechtmatigheidsverantwoording

10 - Verantwoordings- en rapportagegrens rechtmatigheidsverantwoording

1

De raad stelt vast op welke wijze hij door middel van de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en de jaarstukken, naast de verplichte onderdelen van deze paragraaf, wil worden geïnformeerd over rechtmatigheid.

VNG

10 - Verantwoordings- en rapportagegrens rechtmatigheidsverantwoording

1

De raad stelt vast op welke wijze hij door middel van de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en de jaarstukken, naast de verplichte onderdelen van deze paragraaf, wil worden geïnformeerd over rechtmatigheid.

9.1 De raad stelt vast op welke wijze hij door middel van de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en de jaarstukken, naast de verplichte onderdelen van deze paragraaf, wil worden geïnformeerd over rechtmatigheid.

3 - Rechtmatigheidsverantwoording

10 - Verantwoordings- en rapportagegrens rechtmatigheidsverantwoording

2

In de rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening rapporteert het college aan de raad over afwijkingen met een verantwoordingsgrens van 3% van de omvangbasis zoals in de BADO aangegeven.

VNG aangepast. Keuze gebaseerd vooruitlopend op eventuele aangepaste wetgeving

10 - Verantwoordings- en rapportagegrens rechtmatigheidsverantwoording

2

In de rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening rapporteren burgemeester en wethouders aan de raad over afwijkingen met een verantwoordingsgrens van [percentage tussen 0 en 3%] van de totale lasten van de gemeente, inclusief de dotaties aan de reserves.

9.2 In de rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening rapporteren burgemeester en wethouders aan de raad over afwijkingen met een verantwoordingsgrens van 1% van de totale lasten van de gemeente, inclusief de dotaties aan de reserves.

3 - Rechtmatigheidsverantwoording

10 - Verantwoordings- en rapportagegrens rechtmatigheidsverantwoording

3

In de paragraaf bedrijfsvoering worden de geconstateerde individuele afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) groter dan € 75.000 nader toegelicht.

Rhenen 2023

10 - Verantwoordings- en rapportagegrens rechtmatigheidsverantwoording

3

In de paragraaf bedrijfsvoering worden de geconstateerde afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) groter dan [bedrag] nader toegelicht.

9.3 In de paragraaf bedrijfsvoering worden de geconstateerde afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) groter dan €75.000 nader toegelicht.

Laten vervallen is info

11 - Voorwaardencriterium

1

Het voorwaardencriterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur.

9.1 (2de keer) Het voorwaardencriterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur.

VNG

11 - Voorwaardencriterium

2

Burgemeester en wethouders bieden de raad jaarlijks uiterlijk op [datum] ter vaststelling een normenkader rechtmatigheid aan. Dit kader bestaat uit alle relevante (interne) wet- en regelgeving waaruit financiële beheershandelingen kunnen voortvloeien. [Burgemeester en wethouders operationaliseren dit normenkader in een toetsingskader ten behoeve van de interne beheersing.]

9.2 (2de keer) Burgemeester en wethouders bieden de raad jaarlijks ter vaststelling een normenkader rechtmatigheid aan. Dit kader bestaat uit alle relevante (interne) wet- en regelgeving waaruit financiële beheershandelingen kunnen voortvloeien.

Laten vervallen is info

12 - Begrotingscriterium

1

Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen;

10.1 Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen;

3 - Rechtmatigheidsverantwoording

11 - Voorwaardencriterium

1

Het college biedt de raad jaarlijks ter vaststelling een normenkader rechtmatigheid aan. Dit kader bestaat uit alle relevante (interne) wet- en regelgeving waaruit financiële beheershandelingen kunnen voortvloeien.

8 Wanneer het Rijk de gemeente bericht dat alle gemeenten samen het collectieve aandeel van gemeenten in het EMU-tekort, bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Wet houdbare overheidsfinanciën, hebben overschreden, informeert het college de raad of een aanpassing van de begroting nodig is. Als het college een aanpassing nodig acht, doet het college een voorstel voor het wijzigen van de begroting.

3 - Rechtmatigheidsverantwoording

12 - Begrotingscriterium

1

De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 5 lid 1.

VNG

12 - Begrotingscriterium

2

De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 5.

10.2 De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 5.

3 - Rechtmatigheidsverantwoording

12 - Begrotingscriterium

2

Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd.

VNG

12 - Begrotingscriterium

3

Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd.

10.3 Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd.

3 - Rechtmatigheidsverantwoording

12 - Begrotingscriterium

3

Overschrijdingen van lasten/ investeringen dat iedere afwijking boven van de begroting na wijziging als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties: a. Er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren. b. Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling. c. Er sprake is van calamiteiten/rampen d. Nagekomen investeringsuitgaven na afsluiting van kredieten zijn alleen onrechtmatig voor het deel waar deze uitgaven hoger zijn dan het restantkrediet in het jaar van afsluiten. e. onvermijdbaar, onverzien én onuitstelbaar f. tijdig gemeld g. dekking van de uitgaven vanuit andere programma's

VNG aangepast. VNG C is sowieso rechtmatig

12 - Begrotingscriterium

4

Uitgangspunt is dat iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties: a. Er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren. b. Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling. c. De overschrijding is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage .

10.4 Uitgangspunt is dat iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties: a. Er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren. b. Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling. c. De overschrijding is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage of een ander raadsbesluit.

3 - Rechtmatigheidsverantwoording

12 - Begrotingscriterium

4

Over- en onderschrijdingen van baten en onderschrijdingen van lasten en/of investeringskredieten (ten opzichte van de begroting na wijziging) zijn rechtmatig wanneer deze tijdig worden gerapporteerd aan de raad. Dergelijke begrotingsafwijkingen worden gemeld en toegelicht in een P&C document. Afwijkingen aan het einde van het begrotingsjaar, die niet meer opgenomen kunnen worden in een eerder P&C document, zijn rechtmatig wanneer deze worden toegelicht in de jaarstukken.

nieuw

3 - Rechtmatigheidsverantwoording

12 - Begrotingscriterium

5

Begrotingsonrechtmatigheden die acceptabel zijn aangemerkt in artikel 12.3 en 12.4 worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.

VNG

12 - Begrotingscriterium

5

Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van de raad, worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.

10.5 Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van de raad, worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.

Laten vervallen is info

13 - Misbruik en oneigenlijk gebruikcriterium

1

Het misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op het voorkomen, detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden en gemeentelijke eigendommen bij financiële beheershandelingen.

11.1 Het misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op het voorkomen, detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden en gemeentelijke eigendommen bij financiële beheershandelingen.

VNG

13 - Misbruik en oneigenlijk gebruikcriterium

2

Burgemeester en wethouders zorgen voor en leggen vast de regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen.

11.2 Burgemeester en wethouders zorgen voor en leggen vast de regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen.

3 - Rechtmatigheidsverantwoording

13 - Misbruik en oneigenlijk gebruik- 1 criterium

Het college zorgt voor en leggen vast de regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen.

Financiele Verordening 2025 (voorstel)

Input vanuit

Modelverordening VNG Artikel

Lid Modelverordening VNG

14 - Waardering en afschrijving vaste activa

1

Immateriële en materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de methodiek en de termijnen zoals vermeld in de Bijlage afschrijvingsbeleid bij deze verordening. OF 1. Burgemeester en wethouders bieden de raad eens in de [aantal] jaar een nota investeringen aan. Deze nota wordt door de raad vastgesteld en behandelt in ieder geval: a. de wijze waarop voorstellen voor investeringen worden aangeboden en geautoriseerd door de raad, in aanvulling op wat in deze verordening is vastgelegd; b. de afschrijvingsmethode en afschrijvingstermijn per categorie; c. het moment van starten met afschrijven; d. de gebruiksduur per categorie kapitaalgoederen ofwel de afschrijvingstermijn; e. de componentenbenadering; f. restwaarde; g. […].]

14 - Waardering en afschrijving vaste activa

2

Burgemeester en wethouders bieden de raad jaarlijks een meerjareninvesteringsplan aan als bijlage bij de begroting, waarbij inzicht wordt verschaft in de geplande investeringen en de daarmee gepaard gaande kapitaallasten voor de komende meerjarenperiode.

VNG aangepast

15 - Voorziening voor oninbare vorderingen

1

Voor de vorderingen op verbonden partijen en derden wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een individuele beoordeling op inbaarheid van de openstaande vorderingen.

Laten vervallen; is benoemd bij artikel 15.1

15 - Voorziening voor oninbare vorderingen

2

Voor openstaande vorderingen betreffende: a. onroerendezaakbelasting; b. precariobelasting; c. hondenbelasting; d. parkeerbelasting; e. rioolheffing; f. afvalstoffenheffing, en g. bijstandsverstrekking, h. […] wordt, met uitzondering van individuele vorderingen groter dan [bedrag], een voorziening wegens oninbaarheid gevormd ter grootte van het historische percentage van oninbaarheid.]

Paragraaf

Artikel

4 - Financieel beleid

14 - Waardering en afschrijving vaste 1 activa

Lid Verordening Immateriële en materiële vaste activa met een verkrijgingsprijs van minder dan € 10.000 worden niet geactiveerd, uitgezonderd gronden en terreinen.

VNG

4 - Financieel beleid

14 - Waardering en afschrijving vaste 2 activa

Immateriële en materiële vaste activa worden afgeschreven volgens termijnen zoals vermeld in de bijlage afschrijvingsbeleid bij deze verordening.

nieuw

4 - Financieel beleid

14 - Waardering en afschrijving vaste 3 activa

Voor activering kan gebruik gemaakt worden van de componentenbenadering.

nieuw

4 - Financieel beleid

14 - Waardering en afschrijving vaste 4 activa

De afschrijving start in het jaar volgend op het jaar van ingebruikname.

nieuw

4 - Financieel beleid

14 - Waardering en afschrijving vaste 5 activa

Op de (im)materiële vaste activa wordt jaarlijks lineair afgeschreven volgens onderstaande termijnen tot restwaarde. Wanneer er restwaarde verwacht wordt moet deze meegenomen worden in de berekening van de investering.

nieuw

4 - Financieel beleid

14 - Waardering en afschrijving vaste 6 activa

Er kan gemotiveerd afgeweken worden van de lineaire afschrijving en/of van de afschrijvingstermijn.

nieuw nvt Laten vervallen; staat bij artikel 3.1

4 - Financieel beleid

15 - Voorziening voor oninbare vorderingen

1

Voor de vorderingen op derden wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd. Hierbij geldt dat er een voorziening opgenomen wordt voor: a. vorderingen ouder dan een jaar per ultimo jaar. Uitzondering hierop zijn individuele vorderingen groter dan € 10.000. Hier wordt individueel bekeken of er een voorziening voor gevormd moet worden. b. bij uitbestede diensten worden de richtlijnen van de samenwerkende partij gevolgd.

Financiele Verordening Rhenen 2023 Artikel

Verordening Rhenen 2023 12.1 Immateriële en materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de methodiek en de termijnen zoals vermeld in de bijlage afschrijvingsbeleid bij deze verordening.

12.2 Kosten voor het afsluiten van geldleningen en het saldo voor agio of disagio worden direct ten laste van de exploitatie gebracht.

4 - Financieel beleid

16 - Reserves en voorzieningen

1

In de beleidsbegroting, de financiële begroting, het jaarverslag en de jaarrekening vindt geen toerekening van rente over de reserves en voorzieningen aan de taakvelden plaats.

VNG

16 - Reserves en voorzieningen

1

In de beleidsbegroting, de financiële begroting, het jaarverslag en de jaarrekening vindt [geen] toerekening van rente over de reserves en voorzieningen aan de taakvelden plaats.

4 - Financieel beleid

16 - Reserves en voorzieningen

2

Het college biedt de raad eens in de 4 jaar een nota reserves en voorzieningen aan. Deze nota wordt door de raad vastgesteld en behandelt in ieder geval: a. de vorming en besteding van reserves; b. de vorming en besteding van voorzieningen

VNG

16 - Reserves en voorzieningen

2

Burgemeester en wethouders bieden de raad eens in de [aantal] jaar een nota reserves en voorzieningen aan. Deze nota wordt door de raad vastgesteld en behandelt in ieder geval: a. de vorming en besteding van reserves; b. de vorming en besteding van voorzieningen, en c. bij welke specifiek benoemde taakvelden het verschil tussen het geraamde saldo van baten en lasten en het gerealiseerde saldo van baten en lasten mogen worden verrekend met een daartoe in het leven geroepen reserve.

13 Voor de vorderingen wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een beoordeling op oninbaarheid van de openstaande vorderingen.

14.1 + 14.2 Het college toetst ten minste eens in de vier jaar of wijziging van de nota reserves en voorzieningen nodig is. Het college stelt de raad in kennis van die toets en legt de raad een nieuwe nota reserves en voorzieningen voor indien dat nodig wordt geacht. De raad kan het college verzoeken om met een voorstel tot wijziging te komen. Deze nota wordt door de raad vastgesteld en behandelt: a. de vorming en besteding van reserves; b. de vorming en besteding van voorzieningen.

4 - Financieel beleid

16 - Reserves en voorzieningen

3

Bij een voorstel voor de instelling van een bestemmingsreserve voor een investeringsvoornemen wordt in ieder geval aangegeven: a. het specifieke doel van de reserve; b. het bestedingsplan van de reserve; c. de voeding van de reserve; d. de maximale hoogte van de reserve, en e. de maximale looptijd.

VNG

16 - Reserves en voorzieningen

3

Bij een voorstel voor de instelling van een bestemmingsreserve voor een investeringsvoornemen wordt in ieder geval aangegeven: a. het specifieke doel van de reserve; b. het bestedingsplan van de reserve c. de voeding van de reserve; d. de maximale hoogte van de reserve, en e. de maximale looptijd.

14.3 Bij een voorstel voor de instelling van een reserve wordt minimaal aandacht besteed aan:

14.4 Als een reserve binnen de aangegeven maximale looptijd niet heeft geleid tot een besteding, wordt het doel, de hoogte en de looptijd van de reserve opnieuw getoetst en wijzingen vastgesteld door de raad.

a. het specifieke doel van de reserve; b. de voeding van de reserve; c. de minimale en/of maximale hoogte van de reserve; en d. de maximale looptijd.

4 - Financieel beleid

16 - Reserves en voorzieningen

4

Als een bestemmingsreserve voor een investeringsvoornemen binnen de aangegeven maximale looptijd niet heeft geleid tot een investering, valt de bestemmingsreserve vrij en wordt deze via een apart beslispunt bij het jaarrekeningresultaat aan de algemene reserve toegevoegd.

VNG

16 - Reserves en voorzieningen

4

Als een bestemmingsreserve voor een investeringsvoornemen binnen de aangegeven maximale looptijd niet heeft geleid tot een investering, valt de bestemmingsreserve vrij en wordt deze aan de algemene reserve toegevoegd.

4 - Financieel beleid

16 - Reserves en voorzieningen

5

De reserves worden jaarlijks bij de jaarrekening getoetst en de onderliggende bestedingsplannen wordt hierbij geactualiseerd waar nodig.

VNG aangepast; bij begroting eruit

16 - Reserves en voorzieningen

5

De reserves worden jaarlijks bij zowel de begroting als de jaarrekening getoetst en de onderliggende bestedingsplannen wordt hierbij geactualiseerd.

4 - Financieel beleid

17 - Kostprijsberekening

1

Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken en diensten die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt een extracomptabel stelsel van kostentoerekening gehanteerd. Bij deze kostentoerekening worden naast de directe kosten, de overheadkosten en de rente van de inzet van vreemd vermogen, reserves en voorzieningen voor de financiering van de in gebruik zijnde activa betrokken.

VNG

17 - Kostprijsberekening

1

Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken en diensten die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt een extracomptabel stelsel van kostentoerekening gehanteerd. Bij deze kostentoerekening worden naast de directe kosten, de overheadkosten en de rente van de inzet van vreemd vermogen, reserves en voorzieningen voor de financiering van de in gebruik zijnde activa betrokken.

15.1 Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken en diensten die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt een extracomptabel stelsel van kostentoerekening gehanteerd. Bij deze kostentoerekening worden naast de directe kosten, de overheadkosten en de rente van de inzet van vreemd vermogen of de omslagrente voor de financiering van de in gebruik zijnde activa betrokken.

4 - Financieel beleid

17 - Kostprijsberekening

2

Voor de leges, rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, worden daarbij ook de compensabele belasting over de toegevoegde waarde (BTW), de gederfde inkomsten van het kwijtscheldingsbeleid, de bijdragen aan- en onttrekkingen van reserves en voorzieningen en andere redelijkerwijs toe te rekenen directe kosten betrokken.

VNG

17 - Kostprijsberekening

2

Voor de rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, worden daarbij ook de compensabele belasting over de toegevoegde waarde (BTW), de gederfde inkomsten van het kwijtscheldingsbeleid en de kosten voor straatreiniging betrokken.

15.2 Bij de directe kosten worden betrokken de bijdragen aan- en onttrekkingen van reserves en voorzieningen. Voor de leges, rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, worden daarbij ook de compensabele belasting over de toegevoegde waarde (BTW), de gederfde inkomsten van het kwijtscheldingsbeleid en andere redelijkerwijs toe te rekenen directe kosten betrokken.

4 - Financieel beleid

17 - Kostprijsberekening

3

Voor de toerekening van de overheadkosten worden de overheadkosten die kunnen worden toegerekend aan activiteiten welke geheel of deels worden bekostigd met een specifieke uitkering of subsidie, binnen het taakveld overhead apart geadministreerd en in de desbetreffende verantwoordingen over de besteding toegerekend aan die activiteiten.

VNG

17 - Kostprijsberekening

3

Voor de toerekening van de overheadkosten worden de overheadkosten die kunnen worden toegerekend aan activiteiten welke geheel of deels worden bekostigd met een specifieke uitkering of subsidie, binnen het taakveld overhead apart geadministreerd en in de desbetreffende verantwoordingen over de besteding toegerekend aan die activiteiten.

nvt

17 - Kostprijsberekening

4

Voor de toerekening van de overheadkosten worden de overheadkosten die kunnen worden betrokken in de aangifte vennootschapsbelasting, binnen het taakveld overhead apart geadministreerd en voor de belastingaangifte aan de kostprijs van de vennootschapsbelastingplichtige activiteiten toegerekend.

VNG aangepast

17 - Kostprijsberekening

5

Voor de toerekening van de overheadkosten aan de kostprijs van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken en diensten die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, voor zover dat niet activiteiten als bedoeld in het derde en vierde lid betreffen, wordt uitgegaan van [een aandeel in de totale overheadkosten ter grootte van de geraamde directe kosten van de economische categorieën 1.1 Salarissen en sociale lasten en 3.5.1 Ingeleend personeel die worden besteed aan de desbetreffende goederen, werken, diensten, rechten en heffingen, gedeeld door de totale geraamde directe kosten van de economische categorieën 1.1 Salarissen en sociale lasten en 3.5.1 Ingeleend personeel. OF het aandeel in de totale geraamde overheadkosten ter grootte van de geraamde directe kosten die met de betreffende heffing maximaal in rekening kunnen worden gebracht, gedeeld door de totale geraamde directe kosten van de taakvelden.

4 - Financieel beleid

17 - Kostprijsberekening

4

Voor de toerekening van de overheadkosten aan de kostprijs van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken en diensten die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden wordt uitgegaan van het aandeel in de totale geraamde overheadkosten ter grootte van de geraamde directe kosten die met de betreffende heffing maximaal in rekening kunnen worden gebracht, gedeeld door de totale geraamde directe kosten van de taakvelden.

nvt

17 - Kostprijsberekening

6

Het rentepercentage voor de rentevergoeding over de reserves en voorzieningen in de omslagrente voor de kostprijsberekening als bedoeld in artikel 16 eerste lid, wordt jaarlijks met de begroting vastgesteld.

4 - Financieel beleid

17 - Kostprijsberekening

5

Het percentage van de omslagrente voor de toerekening van rente voor de financiering van de in gebruik zijnde activa, bedoeld in het eerste lid, wordt jaarlijks bepaald op basis van het renteschema in conform artikel 4 lid 1.

Rhenen

17 - Kostprijsberekening

7

In afwijking van artikel 16 eerste lid wordt bij een verstrekte lening voor de bepaling van de rentekosten van de inzet van vreemd vermogen in de kostprijs uitgegaan van de rente van de lening die voor de financiering van de verstrekte lening is aangetrokken. Deze rente wordt verhoogd met een opslag voor het debiteurenrisico.

4 - Financieel beleid

17 - Kostprijsberekening

6

In afwijking van het vierde lid worden bij vennootschapsbelastingplichtige activiteiten en grondexploitaties alleen de rentekosten voor de inzet van vreemd vermogen aan de kostprijs toegerekend.

Rhenen

15.3 Voor de toerekening van de overheadkosten aan de kostprijs van leges, rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken, diensten die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt de toedelingssystematiek jaarlijks bij de nota conform artikel 4 lid 1 vastgesteld.

15.4 Het percentage van de omslagrente voor de toerekening van rente voor de financiering van de in gebruik zijnde activa, bedoeld in het eerste lid, wordt jaarlijks bepaald op basis van het renteschema in de nota conform artikel 4 lid 1.

15.5 In afwijking van het vierde lid worden bij vennootschapsbelastingplichtige activiteiten en grondexploitaties alleen de rentekosten voor de inzet van vreemd vermogen aan de kostprijs toegerekend.

Financiele Verordening 2025 (voorstel)

Input vanuit

Paragraaf

Artikel

Lid Verordening

4 - Financieel beleid

17 - Kostprijsberekening

7

4 - Financieel beleid

Modelverordening VNG Artikel

Financiele Verordening Rhenen 2023 Lid Modelverordening VNG

Artikel

Verordening Rhenen 2023

In afwijking van de op basis van het vijfde en zesde lid berekende rentepercentage kan over een ander rentepercentage worden besloten bij de nota conform artikel 4 lid 1.

Rhenen

18 - Prijzen economische activiteiten 1

Voor de levering van goederen, diensten en werken door de gemeente aan overheidsbedrijven en derden waarbij de gemeente in concurrentie met marktpartijen treedt, wordt ten minste de geraamde integrale kostprijs in rekening gebracht.

VNG

18 - Prijzen economische activiteiten

1

Voor de levering van goederen, diensten en werken door de gemeente aan overheidsbedrijven en derden waarbij de gemeente in concurrentie met marktpartijen treedt, wordt ten minste de geraamde integrale kostprijs in rekening gebracht.

4 - Financieel beleid

18 - Prijzen economische activiteiten 2

Bij het verstrekken van leningen of garanties door de gemeente aan overheidsbedrijven en derden worden ten minste de geraamde integrale kosten in rekening gebracht.

VNG

18 - Prijzen economische activiteiten

2

Bij het verstrekken van leningen of garanties door de gemeente aan overheidsbedrijven en derden worden ten minste de geraamde integrale kosten in rekening gebracht.

4 - Financieel beleid

18 - Prijzen economische activiteiten 3

Bij het verstrekken van kapitaal door de gemeente aan overheidsbedrijven en derden gaat het college uit van een vergoeding van ten minste de geraamde integrale kosten van de verstrekte middelen.

VNG

18 - Prijzen economische activiteiten

3

Bij het verstrekken van kapitaal door de gemeente aan overheidsbedrijven en derden gaan burgemeester en wethouders uit van een vergoeding van ten minste de geraamde integrale kosten van de verstrekte middelen.

4 - Financieel beleid

18 - Prijzen economische activiteiten 4

Bij afwijking van het eerste, tweede of derde lid vanwege een publiek belang doet het college vooraf voor elk van deze activiteiten afzonderlijk een voorstel voor een raadsbesluit, waarin het publiek belang van de activiteiten wordt gemotiveerd.

VNG

18 - Prijzen economische activiteiten

4

Bij afwijking van het eerste, tweede of derde lid vanwege een publiek belang doen burgemeester en wethouders vooraf voor elk van deze activiteiten afzonderlijk een voorstel voor een raadsbesluit, waarin het publiek belang van de activiteiten wordt gemotiveerd.

4 - Financieel beleid

18 - Prijzen economische activiteiten 5

Raadsbesluiten met de motivering van het publiek belang als bedoeld in het vorige lid zijn niet nodig als minder dan de integrale kostprijs in rekening wordt gebracht én er sprake is van een van de uitzonderingen zoals genoemd in artikel 25h van de Mededingingswet.

VNG

18 - Prijzen economische activiteiten

5

Raadsbesluiten met de motivering van het publiek belang als bedoeld in het vorige lid zijn niet nodig als minder dan de integrale kostprijs in rekening wordt gebracht en er sprake is van een van de uitzonderingen zoals genoemd in artikel 25h van de Mededingingswet.

4 - Financieel beleid

19 - Vaststelling hoogte belastingen, 1 rechten, heffingen en prijzen

Het college doet de raad jaarlijks een voorstel voor de hoogte van de gemeentelijke tarieven voor de belastingen, leges, rechten en heffingen.

Rhenen

19 - Vaststelling hoogte belastingen, rechten, heffingen en prijzen

1

Burgemeester en wethouders doen de raad jaarlijks een voorstel voor de hoogte van de gemeentelijke tarieven voor de belastingen, de rioolheffingen, de afvalstoffenheffing, [… (verdere opsomming van rechten en leges waarvan het wenselijk wordt geacht de tarieven jaarlijks vast te stellen)].

17.1 Het college doet de raad jaarlijks een voorstel voor de hoogte van de gemeentelijke tarieven voor de belastingen, leges, rechten en heffingen.

4 - Financieel beleid

19 - Vaststelling hoogte belastingen, 2 rechten, heffingen en prijzen

Het college biedt de raad eens in de vier jaar een nota aan met de kaders voor de prijzen voor de levering van gemeentelijke goederen, werken en diensten aan overheidsbedrijven en derden en voor de huren en de tarieven voor erfpachten. Deze nota wordt door de raad vastgesteld.

VNG

19 - Vaststelling hoogte belastingen, rechten, heffingen en prijzen

2

Burgemeester en wethouders bieden de raad eens in de [aantal] jaar een nota aan met de kaders voor de prijzen voor de levering van gemeentelijke goederen, werken en diensten aan overheidsbedrijven en derden en voor de huren en de tarieven voor erfpachten. Deze nota wordt door de raad vastgesteld.

17.2 Het college toetst ten minste eens in de vier jaar of wijziging van de nota met de kaders voor de prijzen voor de levering van gemeentelijke goederen, werken en diensten aan overheidsbedrijven en derden en voor de huren en erfpachten nodig is. Het college stelt de raad in kennis van die toets en legt de raad een nieuwe nota voor indien dat nodig wordt geacht.

4 - Financieel beleid

19 - Vaststelling hoogte belastingen, 3 rechten, heffingen en prijzen

Het college legt bij een tussentijdse wijziging van prijzen, huren en tarieven voor erfpachten, die afwijkt van de kaders uit de nota vooraf een besluit voor aan de raad.

VNG

19 - Vaststelling hoogte belastingen, rechten, heffingen en prijzen

3

Burgemeester en wethouders leggen bij een tussentijdse wijziging van prijzen, huren en tarieven voor erfpachten, die afwijkt van de kaders uit de nota vooraf een besluit voor aan de raad.

17.3 Het college legt bij een tussentijdse wijziging van prijzen, huren en erfpachten ten opzichte van de kaders uit de nota vooraf een besluit voor aan de raad.

Laten vervallen zit in artikel 20.1

20 - Financieringsfunctie

1

Burgemeester en wethouders nemen bij het uitzetten en het aantrekken van middelen de volgende kaders in acht: a. voor het aantrekken van financieringen met een looptijd langer dan één jaar worden ten minste twee prijsopgaven bij verschillende financiële instellingen gevraagd; en b. er wordt geen gebruik gemaakt van financiële derivaten als bedoeld in artikel 1, aanhef en onder c, van de Wet financiering decentrale overheden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14810318/2