CConstaterende datRhenen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Voorjaarsrapportage 2021

Raadsvergadering 6 juli 2021, gemeente RhenenBij agendapunt: Raadsvoorstel Voorjaarsrapportage 202111.969 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

31 V

p.m.

31 V

b. Gemeentelijk schuldenbeleid

20 V

p.m.

20 V

c. Bijzondere bijstand

7V

p.m.

7V

d. Impuls reintegratie

17 V

p.m.

17 V

e. Cultuurmiddelen

94 V

31 N

63 V

f. Tweede kamerverkiezingen

27 V

25 N

2V

g. Perspectief Jeugd en Jongeren 2021 + 2020

33 V

p.m.

33 V

h. Extra begeleiding kwetsbare groepen

43 V

p.m.

43 V

i. Bestrijden eenzaamheid ouderen

46 V

p.m.

46 V

j. Jongerenwerk Jeugd

11 V

p.m.

11 V

k. Mentale ondersteuning jeugd

10 V

p.m.

10 V

l. Activiteiten en ontmoetingen jeugd

7V

p.m.

7V

m. Afvalverwerking

30 V

53 N

23 N

n. Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK)

42 V

o. Voorschoolse voorziening peuters (DU)

6V

1. Overgeheveld vanuit steunpakketten 2020 a. Tweede kamerverkiezingen 2. Corona steunpakketten 2021

3. Uitgaven waar geen compensatie voor is ontvangen Totaal

448 V

42 V 6N

0N

136 N

136 N

275 N

173 V

Toelichting Ad 1a en 2f: Voor de verkiezingen van 15 en 16 maart 2021 zijn extra kosten gemaakt voor de coronamaatregelen, zoals inhuur deskundige, extra trainingen voor personeel, materialen als handsanitizers en mondkapjes. Daarnaast waren er extra kosten voor drukwerk, de bezorging en retourontvangst i.v.m. het briefstemmen. Ad 2a tm 2d: Hiervoor zijn nog geen extra uitgaven gedaan en passen de uitgaven nog binnen het budget. Wel is het dringende advies om deze budgetten beschikbaar te houden voor eventuele budgetoverschrijdingen in 2021 als gevolg van corona.

H4.3

Ad 2e: Begin 2021 heeft het college de tijdelijke regeling ondersteuning culturele sector Rhenen gevolgen Coronacompensatie Cultuur vastgesteld. De compensatie regeling is bedoeld om culturele verenigingen en stichtingen te compenseren voor gemaakte kosten/gederfde inkomsten die direct corona gerelateerd zijn. Er zijn 9 aanvragen ingediend, waarvan er 1 niet is toegekend omdat het een organisatie betrof die niet cultuur gerelateerd is. Twee van de aanvragers heeft slechts een gedeelte van het aangevraagde bedrag toegekend gekregen. De overige 6 aanvragen zijn volledig toegekend. Het totaal toegezegde bedrag bedraagt € 24.000. Het restant bedrag blijft beschikbaar voor uitgaven omtrent cultuur. Ad 2g tm 2i: Op dit moment wordt geinventariseerd waar extra bijdragen nodig zijn voor: - het welzijn van de jeugd; - de onmoeting en begeleiding van ‘kwetsbare’ groepen; en - het ondersteunen en bevorderen van een gezonde leefstijl. Ad 2m: Vergoeding voor vrijwilligers papierinzameling. Extra kosten in 2022 zijn naar verwachting € 26.500. Ad 2n: Vooralsnog lijken de eerder beschikbaar gestelde middelen voor de TONK voldoende. Ad 2o: Net als in 2020 wordt de eigen bijdrage van de ouders die gebruik maken van de gemeentelijke regelingen vergoedt. Afwikkeling loopt via de kinderopvangorganisaties.

Ad 3: Op diverse onderdelen in het programma Bedrijfsvoering worden extra kosten gemaakt voor tijdelijke ondersteuning vanwege werkzaamheden door corona. Voorbeelden hiervan zijn: 1. Ondersteuning advies/personeelszaken vanwege extra werkzaamheden ten aanzien van de gemeentelijke gebouwen en de verkieziengen 2. Ondersteuning team advies/communicatie 3. Projectleider om de effecten van corona in kaart te brengen. Hieronder valt ook het opstellen van de coronarapportages 4. Coco overleggen, aanspreekpunt voor samenleving en organisatie. Verder zijn op het gebied van veiligheid extra kosten gemaakt voor handhaving. Enerzijds betreft het meer inzet van verkeersregelaars door afsluiting van parkeerterreinen bij natuurgebieden. Anderzijds door inzet op de handhaving ten aanzien van de coronamaatregelen. In het programma dienstverlening zijn de opbrengsten van de leges voor huwelijken naar beneden bijgesteld omdat veel huwelijken zijn geannuleerd. 30

financiën algemeen

H4.3

OVERIGE ONTWIKKELINGEN Meerjarig onderhoud gebouwen (MJOP) In het vierde kwartaal 2020 zijn voor het gemeentelijk vastgoed nieuwe meerjarige onderhoudsplannen opgesteld door drie externe partijen (monumentaal vastgoed, bergingen bij het woonwagenpark en overig vastgoed). De nieuwe MJOP’s zijn inhoudelijk getoetst door de beheerder gemeentelijke gebouwen en waar nodig aangepast. De MJOP’s zijn vanuit het oogpunt van beheer definitief, met uitzondering van het onderhoudsplan voor de stadsmuren. De kosten voor onderhoud aan de stadsmuren vallen in het nieuwe MJOP zodanig hoog uit dat een second opinion is uitgezet; hiervan is de uitkomst eind april nog niet bekend. De nieuwe MJOP’s zijn nog niet vastgesteld, maar de uitkomsten zijn wel verwerkt in de voorjaarsrapportage 2021 en het addendum bij de perspectiefnota 2022-2025. De stand van de onderhoudsvoorziening per 1 januari 2021 gecombineerd met de nieuwe MJOP’s leidt in totaal tot een lagere jaarlijkse dotatie aan de onderhoudsvoorziening. Bij het besluit tot vaststelling van de nieuwe MJOP’s zal een voorstel gedaan worden om het verschil tussen het bedrag aan dotaties tot en met 2020 en het bedrag aan dotaties vanaf 2021 – ter grootte van € 47.900 - te zetten voor de kosten van verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed.

Afval- en grondstoffenbeleid Het uitvoeringsprogramma fase 1 van het afval- en grondstoffenbeleid is eind 2020 gestart. Financieel bestaat het uitvoeringsprogramma uit een combinatie van éénmalige kosten in 2021 (ondersteuning uitvoering en communicatie), structureel hogere kosten en structureel hogere opbrengsten. De structurele kosten en opbrengsten zijn opgenomen in het meerjarenperspectief 2022-2025. De effecten van het uitvoeringsprogramma worden gemonitord. Uittreden gemeente Utrechtse Heuvelrug afvalbrengstation Remmerden Het feit dat de gemeente Utrechtse Heuvelrug geen gebruik meer maakt van het afvalbrengstation op Remmerden leidt tot een structureel tekort in de exploitatie van het afvalbrengstation. Om dit tekort op te vangen zijn een aantal maatregelen voorgesteld. In de raadsvergadering van februari 2021 is ingestemd de voorgestelde maatregelen, met uitzondering van maatregel 7. Maatregel 7 betreft de vergoeding voor de kringloopwinkel. De maatregelen betreffen enerzijds een verlaging van de kosten (openstelstellinguren, beperkt aantal keren gratis aanbieden) en anderzijds het kostendekkend maken van een aantal afvalstromen. De maatregelen zijn per 1 mei 2021 – de datum uittreden – ingegaan. Er is derhalve nog geen effect van de maatregelen te rapporteren. 31

financiën algemeen

BENCHMARK FINANCIËLE POSITIE RHENEN Financiële positie gemeenten verder uitgehold Begin dit jaar is de BDO benchmark verschenen over de ontwikkeling van de financiële positie van gemeenten in Nederland. Het rapport heet “Financiële situatie onhoudbaar”. Tekorten groeien verder, uitvoering openbaar bestuur verschraalt. Het onderzoek trekt deze conclusie op basis van de ontwikkeling van de voorgeschreven kengetallen uit de paragraaf weerstandsvermogen en de weging die eraan wordt meegegeven. Bij de gebruikte kengetallen gaat het onder andere over de netto schuldpositie gecorrigeerd*, solvabiliteit** en structurele exploitatieruimte***. Bij het bepalen van de financiële gezondheid van een gemeente zijn de solvabiliteitsratio en de netto schuldquote gecorrigeerd zwaar meegewogen. Uit het onderzoek komt duidelijk naar voren dat in 2019 de financiële positie van gemeenten in vergelijking tot 2018 verder is uitgehold. Het aantal gemeenten dat bij de jaarrekening kampt met een tekort in de exploitatie is toegenomen van 58% in 2018 naar 65% in 2019. Het beeld van de tekorten wordt ook bevestigd door de analyse van de begrotingen 2021. Hieruit blijkt dat 79% van de gemeenten over 2021 een verlies verwacht. Met name het sociaal domein blijkt financieel gezien voor veel gemeenten een blok aan het been: dit is en blijft de grootste kostenpost.

Daardoor teren gemeenten verder in op de reserves en ziet de toekomst er voor veel gemeenten somber uit. De verslechterde financiële positie van gemeenten zien we ook terug in de ontwikkeling van het solvabiliteitspercentage en in de ontwikkeling van de netto schuldpositie (gecorrigeerd). De gemiddelde solvabiliteit daalt en de schuldpositie neemt toe. De benchmark laat over de hele linie zien dat de financiële positie van gemeenten verslechterd. Echter, gemeenten tot 25.000 inwoners doen het beter dan de gemeenten met meer dan 25.000 inwoners.

H4.3

betekent dat structurele lasten zijn afgedekt met incidentele middelen. Naar de toekomst toe kan het lastiger worden om een structureel en reëel sluitende begroting te realiseren. Vanuit de provincie is dit een belangrijke voorwaarde om voor het gewenste repressieve toezicht in aanmerking te komen. Bij de ratio’s over de solvabiliteit en de gecorrigeerde netto schuld valt op dat de solvabiliteitpercentage van 39% in 2019 gelijk is aan het landelijk gemiddelde en het gemiddelde van gemeenten tot 25.000 inwoners. De netto schuldratio gecorrigeerd daarentegen ligt in 2019 met 61% aanzienlijk hoger dan gemeenten tot 25.000 inwoners (37%) en het gemiddelde van Nederland (49%). Ondanks de hogere schuldratio van onze gemeente ligt deze nog wel onder de landelijke signaalwaarden. Daarmee valt de schuldratio nog steeds in de categorie minst risicovol. Concreet betekent dit dat de schuldenlast ten opzichte van de baten lager is dan 90%. Bij de huidige lage rentestanden kan het aantrekkelijk zijn om middelen aan te trekken voor investeringen waar burgers nog jaren van kunnen profiteren. Schulden maken voor risicovolle investeringen moet echter weloverwogen gebeuren. Geld lenen om tekorten in de structurele begroting te dekken is niet wenselijk. Tenslotte is een zorgvuldige afweging nodig over de wijze waarop toekomstige investeringen worden gefinancierd.

Zeker als de rente gaat stijgen en de druk van de rentelasten op de exploitatie toeneemt. De goede financiële positie van onze gemeente wordt naar aanleiding van de jaarrekeningcontrole 2020 ook bevestigd door onze accountant: “De gemeente Rhenen beschikt over een gezonde financiële positie en is derhalve goed in staat om toekomstige tegenvallers op te vangen zonder daarmee direct concessies te hoeven doen aan het huidige en nagestreefde niveau van dienstverlening”.

* Goede financiële positie Rhenen ondanks negatieve structurele exploitatieruimte Als we de uitkomsten uit de benchmark projecteren op de financiële positie van de gemeente Rhenen dan vallen met name de positieve jaarrekeningresultaten en de hogere netto schuldratio gecorrigeerd op. Met het positieve jaarrekeningresultaat 2019 behoort onze gemeente tot de 35% van de gemeenten die het jaar 2019 in de plus hebben afgesloten. Ook het voordelig jaarrekeningresultaat 2020 is gelet op het bijzondere jaar in verband met corona als positief aan te merken. Achter de positieve resultaten bij de jaarrekening schuilt wel een aandachtspunt. Het structurele exploitatieresultaat is namelijk zowel in 2019 als 2020 negatief. Dit

Solvabiliteit: is de verhouding tussen het eigen vermogen en de totale bezittingen: hoe hoger de solvabiliteit des te groter de buffer die gemeenten hebben om tegenvallers op te vangen. Solvabiliteit is een belangrijke graadmeter voor de financiële gezondheid van gemeenten ** De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de gemeentelijke schuldenlast ten opzichte van de totale baten. Het geeft een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is veelal gunstig. *** De structurele exploitatieruimte geeft aan voor de begroting structureel en reëel in evenwicht is.

32

H5

VERDIEPEND THEMA 33

verdiepend thema

HET JEUGDTEAM VAN RHENEN Transformatie: normaliseren De kracht van het jeugdteam van Rhenen zit in het feit dat we op een laagdrempelige wijze contact kunnen maken met de ouders/het gezin/de jongeren en vanuit die positie ook naast hen kunnen staan om vanuit daar te kijken wat er echt nodig is. Bij alle jeugdhulpvragen werken we waar mogelijk aan normaliseren/ demedicaliseren. Normaliseren wil zeggen dat bepaald gedrag van het kind er mag zijn. Niet elk gedrag dat door ouders of anderen als afwijkend wordt ervaren is fout. Een kind mag ook gewoon kind zijn en elk kind ontwikkelt zich anders. Een kind dat druk gedrag vertoont op school, heeft niet meteen ADHD. En een kind met autistisme, vraagt iets specifieks van zijn/haar omgeving en dat is de reden dat we de casuïstiek systemisch aanpakken en naast het kind onder meer de ouders en de school betrekken, maar ook iemand die belangrijk voor het gezin of het kind zelf is. Veelal komen er aanmeldingen binnen van ouders over het gedrag van hun kinderen, waarbij direct gevraagd wordt om een diagnose. Terwijl de diagnose niet altijd de oplossing is. De oplossing zit hem veel meer in hoe verhoud ik mij tot mijn kind en wat heeft mijn kind nodig. Hulpvragen zijn dan bijvoorbeeld mijn kind is driftig of mijn kind is somber.

Vanuit het jeugdteam zetten we in op normaliseren en demedicaliseren (indien mogelijk) door te starten met een aantal gesprekken met ouders, zodat zij inzicht krijgen in eigen handelen en het gedrag van hun kinderen. Er wordt naar het gehele gezinssysteem gekeken, want wellicht zijn er andere omstandigheden, bijvoorbeeld schulden die voor spanning zorgen, waar het kind op reageert. Door normaliseren worden ouders en kinderen weer in hun kracht gezet en er wordt bezien wat passend is voor dit gezin. Veelal krijgen we van ouders na enkele maanden goede reacties terug. Ze hebben nieuwe energie en vertrouwen gekregen in hun opvoeding. Het gaat goed / beter, er is weer rust bij ouders en kinderen. Vervolggesprekken en duurdere 2elijnszorg zijn niet in alle situaties nodig. Dit is ook een duurzame oplossing omdat ouders ook volgende hobbels in de opvoeding beter kunnen hanteren en daarom minder snel weer een beroep op jeugdhulp doen. Alleen jeugdhulpvragen die complex en specialistisch zijn zetten we door naar de 2elijnszorg, zoals trauma, autisme, eetstoornissen, misbruik, langdurige behandelingen en diagnoseonderzoek. Indien er meer aanvragen, crisissen of Veiligthuis meldingen zijn, dan het jeugdteam kwantitatief aan kan, worden de jeugdhulpaanvragen sneller doorgezet naar de 2elijnszorg.

Daarnaast wordt 2elijnszorg rechtstreeks ingezet bij pleegzorg, (deeltijd)verblijf, jeugdreclassering en jeugdbescherming. Samenwerking met jeugdhulpaanbieders en huisartsen Het jeugdteam blijft altijd betrokken ook al is de jeugdhulp uitbesteed aan de 2elijnszorg. Wij houden regie, maken samen een plan van aanpak en evalueren tussentijds de resultaten. Ook

H4

hebben we contact met de jeugdhulpaanbieders over de innovatie, de tarieven en de kwaliteit van geleverde jeugdhulp. Met huisartsen wordt eveneens goed samengewerkt. Meer dan voorheen wordt er afstemming gezocht over jongerenproblematiek. Nu door corona somberheid en suïcidale gedachten bij jongeren toeneemt, nemen huisartsen vaker contact met ons op. Door de wachtlijsten is het moeilijk om deze jongeren te plaatsen. Via onze contacten met de GGZ-jeugdhulpaanbieders bekijken we wie er plaats heeft en het beste aansluit bij de betreffende problematiek. Tot nu toe is het gelukt om de jongeren te plaatsen dan wel zelf overbruggingszorg te leveren. Ouders zijn enorm dankbaar voor de snelheid die we hebben in het oppakken van dergelijke aanvragen. “Dank je wel voor je hulp, inzet en vriendelijkheid. We voelen ons zeer serieus genomen en daarmee draag je enorm bij aan het terugdringen van ons gevoel van onmacht en initiële paniek. Ik weet je zeker te vinden als er iets is en dat voelt fijn. Nogmaals mijn dank.”

Soms is een samenwerking vereist van meerdere partijen. Zoals bij een jongere die vanwege complexe problematiek, waarvoor behandeling noodzakelijk was, al drie jaar niet meer naar school is gegaan. Dankzij een samenwerking met het jeugdteam, veiligheidsorganisatie, de leerplichtambtenaar en onderwijsconsulenten, worden weer kleine stappen gezet om terug naar school te gaan. Onderwijs en Vroegsignalering Jongeren zijn het meest zichtbaar op school. Bepaald gedrag wordt al vroegtijdig waargenomen, zoals faalangst, zich niet kunnen uiten, onvoldoende zelfvertrouwen, onzekerheid en trauma door gezinsproblematiek (o.a. echtscheiding en bij overlijden). Door eerder dit gedrag met de ouders, kinderen en hun leraren te bespreken en te verhelpen, wordt verwijzing naar de duurdere J-GGZ voorkomen. Op de WT-school wordt hiervoor al intensief samengewerkt. Na versoepeling van de coronaregels wordt de samenwerking op vroegsignalering uitgebreid met twee bassischolen. Bij het voortgezet onderwijs, De Pantarijn, wordt een jeugdteammedewerker ingezet in de school. De medewerker is een ervaren kinder- en jongerencoach en voert gesprekken met jongeren en ouders bij puber- of andere problematiek. Dit is in principe kortdurende hulpverlening in de school. Als er meer / langdurige hulpverleningsinzet nodig is verwijst de jeugdteammedewerker via een warme overdracht door naar de 2elijns zorg. 34

verdiepend thema

H4

Voorkomen dure maatwerk voorzieningen In Rhenen kiezen we voor jeugdhulp op maat, dichtbij huis, in de eigen omgeving. Kwalitatief goed en doelgericht. Daarbij letten we ook op de kosten van jeugdhulp, want er zijn meerdere kinderen die hulp nodig hebben. Zo kiezen we, indien dit mogelijk is, voor groepsbehandelingen in plaats individuele behandelingen. We zetten buurtgezinnen, informele pleegzorg of ambulante gezinshulp in plaats van verblijf. Vanuit het jeugdteam hebben we met enige regelmaat ook te maken met tienerzwangerschappen. Veelal is er dan ook sprake van problematiek in de thuissituatie. Deze meisjes van veelal 16 jaar, willen niet altijd 2elijns jeugdhulp. Vaak heeft de jeugdteammedewerker wel toegang tot deze jongeren. Ze leren de meisjes te zorgen voor hun baby, hun opleiding af te ronden en te groeien naar zelfstandigheid. Wat vooral geholpen heeft volgens de jongere is: “Dat je er altijd was, luisterde en de hele weg hebt meegelopen.” Het is een voorbeeld van hoe wij soms wat extra doen, van werken vanuit de bedoeling, kwaliteit leveren, voorkomen van duurdere jeugdhulp en het in het vrijwillig kader houden, waardoor ondertoezichtstelling van de baby wordt voorkomen. Overigens wordt altijd vanuit een professioneel kader een veiligheidsweging gemaakt. Jeugdhulp in Rhenen wordt op een professionele wijze uitgevoerd.

Kwalitatief, goed georganiseerd, in samenwerking met onder andere huisartsen, onderwijs en jeugdhulpaanbieders.

35

BIJLAGEN FINANCIËLE OVERZICHTEN Een klik op de tekst verwijst u naar betreffende financiële overzichten

Exploitatie a

Verloopoverzicht van de exploitatiebudgetten op programmaniveau >>

b

Verloopoverzicht van de exploitatiebudgetten op het niveau van de deelprogramma’s en de producten >>

c

Totaaloverzicht van de toelichtingen op de overige wijzigingen >>

Reserves en voorzieningen a

Overzicht reserves en voorzieningen >>

Investeringen a

Overzicht van de lopende en de voorgenomen investeringen in 2021 >>

36

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10247881/1