CConstaterende datRhenen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Programma Landelijk Gebied

Commissie Ruimte en Economie 9 december 2025, gemeente RhenenBij agendapunt: Programma Landelijk Gebied17.466 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Programma Landelijk Gebied Rhenen Versie 11 november 2025

Inhoud 1.

Inleiding ..................................................................................................................... 3 Leeswijzer, status en achtergrond ............................................................................... 7

2.

Doelen en opgaven landelijk gebied .................................................................... 10 Toekomstbestendige (agrarische) economie............................................................ 11 Vitale en robuuste leefomgeving .............................................................................. 15 Overige ruimtelijke ontwikkelingen ......................................................................... 18

2. Het gebied en haar inwoners in 2035 en verder ...................................................... 19 Van visie naar uitvoering ........................................................................................... 21 3. Uitvoering en realisatiekracht .................................................................................... 22 Maatregelen en activiteiten Rhenen.......................................................................... 22 Realisatiekracht bij andere (gebieds-)partijen ......................................................... 24 Doelbereik: hoe ver komen we hiermee? ................................................................. 25 Programma-organisatie .............................................................................................. 26 Capaciteit en aanvullende expertise ......................................................................... 27 Programmabegroting.................................................................................................. 28 Monitoring en evaluatie ............................................................................................. 28 5. Uitwerking maatregelen ............................................................................................. 30

1. Inleiding Voor u ligt het Programma Landelijk Gebied van de gemeente Rhenen. Dit gaat ons komende jaren helpen zelf regie te voeren op wat er in het landelijke gebied gebeurt. Bovendien helpt het ons in gesprekken met overheden en gebiedspartijen, in een tijd waarin er veel opgaven in ontwikkeling zijn, op alle overheidslagen. Te denken valt aan de doorontwikkeling of transitie van de landbouw, het herstel van onze natuurlijke leefomgeving, het bouwen van nieuwe woningen en het duurzaam opwekken en goed verdelen van energie. Dit vraagt ruimte, slimme oplossingen in dubbel ruimtegebruik en het samen leren denken in wat wel kan en welke middelen daarvoor nodig zijn.

De balans met het natuurlijk systeem is een wettelijke verplichting. Vanuit Europese natuurwetgeving, de Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn, zijn in Nederland 162 Natura 2000-gebieden aangewezen. Voor Rhenen zijn onder andere de Natura 2000gebieden de Hel en de Blauwe Hel (samen ‘de Hellen’ genoemd), De Rijntakken en de Veluwe relevant. Een gedeelte van het Natura 2000-gebied de Rijntakken ligt binnen gemeente Rhenen. De overige relevante Natura 2000-gebieden liggen buiten de gemeentegrenzen van Rhenen. Vanuit bovenstaande natuurwetgeving is gemeente

Rhenen

verplicht

om

inspanningen

te

leveren

om

de

instandhoudingsdoelen voor de habitattypen en/ of vogel- en habitatrichtlijnsoorten te behalen. Op dit moment vindt er een verslechtering plaats in o.a. de Natura 2000-

Er is in Rhenen een sterke agrarische sector die wil blijven boeren maar nu te weinig

gebieden de Hellen. Uit onderzoek blijkt dat naast een overbelasting door stikstof

perspectief heeft om te ontwikkelen. Het natuurlijk systeem van bodem, water en

er vooral een opgave ligt om het hydrologische systeem te herstellen (herstel van

natuur staat door menselijk handelen onder druk. We willen dit herstellen. Het heeft

kwelstromen). De provincie Utrecht is het bevoegd gezag om voor de Natura 2000-

intrinsieke waarde en het levert ons gezonde lucht en drinkwater. Een robuust

gebieden een beheerplan op te stellen en de relevante gemeenten te betrekken bij

natuurlijk systeem vangt extremen als gevolg van klimaatverandering op. Ook juist

aanpassingen van beheerplannen en de uitvoering van het beheer.

de agrarische sector heeft daar baat bij én kan daarbij als agrarisch natuurbeheerder een grote rol in spelen.

Naast dat de economische ontwikkelingen om wettelijke redenen in balans moeten zijn met het natuurlijk systeem gaat gemeente Rhenen bij nieuwe ontwikkelingen

Inwoners van de gemeente en daarbuiten bezoeken het Binnenveld, de Utrechtse

ook uit van het dragend vermogen van een gebied. Dit houdt in dat vanuit het

Heuvelrug en de Rijn met uiterwaarden graag. Gezien de ruimtevragen én

bodemtype, ecologie, stikstof, waterveiligheid e.d. gekeken wordt welke

veranderingen in het klimaat (droogte, natte perioden en hitte), is er nu het moment

ontwikkelingen (en in welke concentratie) passend zijn in een gebied. Om uit te gaan

om standpunten in te nemen welke keuzen we waar maken en hoe dat zorgt voor

van het dragend vermogen van een gebied en dit dragend vermogen te versterken,

duurzaam landgebruik.

gaan we uit van principes en doelen als bodem en water sturend, inzet op

Er is behoefte aan een duidelijk lokaal perspectief. Dit vraagt om regie en visie vanuit de gemeente. Met het opstellen van het programma wordt de Visie op Rhenen voor het landelijk gebied verder uitgewerkt. Waarbij we staan voor een economisch gezonde agrarische gemeente die in balans is met het natuurlijk

basiskwaliteit natuur, inzet op groenblauwe dooradering. Door een verbetering van het bodemsysteem en watersysteem te realiseren en de biodiversiteit te vergroten is er wettelijk gezien draagvlak en vanuit het natuurlijk systeem gezien draagkracht voor nieuwe (economische) ontwikkelingen.

systeem.

3

Onze inzet als gemeente Bij de EU, het rijk, provincies en waterschappen is van alles in beweging op dit thema. Dat zal nog een hele tijd zo blijven en hier kunnen we niet op wachten. We leven in een tijd van transitie naar een klimaatneutrale, circulaire economie. Werken aan transities kost tijd en het zal nog decennia duren voor de diverse gestelde doelen bereikt zijn. Tegelijkertijd willen we nu stappen zetten. Dit programma is daarin een volgende stap. Het behalen van de programmadoelen zal ten dele afhankelijk zijn van wat er buiten Rhenen gebeurt. Het is afhankelijk van wat ontwikkeld wordt aan wetgeving, beleid

Managementsamenvatting In dit Programma Landelijk Gebied geeft Rhenen richting aan ontwikkelingen waar zij zelf invloed op heeft. Deze invloed wordt vertaald in beleid, naar lobby of door inzet

andere

programma aan bijdraagt. 1.

De gemeente neemt waar dit kan de regie en wacht niet af tot andere overheden besluiten nemen.

2.

We zetten in op zoveel mogelijk behoud van landbouwgrond voor de agrarische sector.

Daarmee is dit programma belangrijk als inzet voor de onderhandelingen met andere overheden. Rhenen staat hier soms anders in dan omliggende gemeenten of hogere overheden. Om deze gesprekken goed te kunnen voeren is het belangrijk dat Rhenen duidelijk heeft waar we op inzetten. Het programma focust daarom op wat de gemeente Rhenen zelf kan doen; welk handelingsperspectief er wél is, welke samenwerkingen aan maatregelen er lokaal wél mogelijk zijn.

3.

Een (rand)voorwaarde van economische activiteit is het natuurlijk systeem.

4.

We richten ons op de kwaliteit van natuur, niet de kwantiteit.

5.

Elk deelgebied heeft een primaire functie

In de eerste helft van 2025 heeft er participatie plaatsgevonden en die heeft geleid tot de volgende programmaprincipes: 1.

ambtenaren kan iedereen zijn of haar rol op strategisch, tactisch en praktisch vlak pakken. Vanuit die solide basis, kan de gemeente de partners in het landelijk gebied

met

wat de gemeente belangrijk vindt om te behouden en te ontwikkelen, en waar dit

voedsel), en de mogelijkheden van consumenten om daarvoor te betalen.

brengen. Door het regelmatig en doelgericht betrekken van bestuur, raad en

nemen aan processen

Dit programma is ontwikkeld binnen vooraf vastgestelde kaders. Deze geven aan

gedrag van consumenten (bijv. in de vraag naar lokaal, duurzaam geproduceerd

(lokale) overheid. Dat begint met de gemeentelijke organisatie zelf in positie te

om deel te

(overheids)partijen.

en financiering vanuit de Regio, de Provincie, het Rijk en de EU. Maar ook van het

Het programma helpt ook bij het herstellen van vertrouwen tussen boer, burger en

van menskracht

We zijn trots op het Rhenense landschap en de lokale identiteit. Het programma draagt daaraan bij.

2.

De gemeente neemt de regie waar dit kan en wacht niet af tot andere overheden besluiten nemen.

als vertrouwde en betrouwbare partij tegemoet treden. 3.

Grondeigenaren met initiatieven die bijdragen aan de doelstellingen van dit programma, worden zoveel mogelijk gefaciliteerd.

4.

We willen de natuur versterken in de gebieden waar het al is. Het gaat om de kwaliteit van de (bestaande) natuur is, niet de kwantiteit.

4

5. 6. 7.

Om duurzaam en toekomstbestendig te boeren, is grond nodig. We gaan bij alle

beleid in het landelijk gebied houdt rekening met alle maatschappelijke belangen:

initiatieven uit van vrijwilligheid.

zowel de belangen vanuit de landbouw als de natuur en belangen van huidige tot

We werken aan herstel van het natuurlijk systeem door grondgebruik steeds

toekomstige generaties. Dit is in lijn met Europese, Provinciale, en regionale

meer te laten aansluiten bij wat past bij het water- en bodemsysteem.

ontwikkelingen. Ook de waterschappen werken mee aan deze ontwikkelingen.

We gaan duurzaam om met ons water voor toekomstige generaties.

Om toe te werken naar het behalen van de doelen, is een set aan maatregelen

Het landelijk gebied van de gemeente bestrijkt het landschap rondom de kernen:

ontwikkeld:

Utrechtse Heuvelrug, de flanken, de uiterwaarden met de Rijn en het agrarisch landschap in het Binnenveld. Ieder van deze gebieden kent een eigen natuurlijk systeem,

landgebruik

door

de

eeuwen

heen,

recreatieve

waarde

1

en

verdienvermogen. De volgende doelen zijn in het programma opgenomen, onderverdeeld in twee

2

pijlers. Deze pijlers zijn gekozen omdat ze samen uitdrukken wat de belangrijkste opgave is voor het landelijk gebied: een economisch gezonde agrarische gemeente, in balans met het natuurlijk systeem. En uiteraard hangen deze twee nauw samen.

3 4 5 6 7 8

Maatregelen Programma Landelijk Gebied Rhenen Ruimte voor 9 Samenwerken aan herstel van toekomstbestendige het natuurlijk systeem bedrijvigheid (functieverandering) Behouden landbouwgrond 10 Regenwaterinfiltratie op de voor extensivering heuvelrug Inzichtelijk maken 11 Ecologisch beheer vergunningen gemeentelijke gronden Duurzaam pachtbeleid 12 Samenwerken aan gemeente basiskwaliteit natuur Wonen en boeren in balans 13 Landschappelijke verbindingen Mobiliteitsmaatregelen 14 Regenwaterinfiltratie in het landelijk gebied bewoond gebied Ondersteuning en compensatie 15 Opwek duurzame energie bij ruimtelijke ontwikkelingen Versterken streekidentiteit en korte ketens

Boeren verdienen een goed inkomen, dragen bij aan het landschap en een gezonde

Deze set aan acties en maatregelen is gefocust op wat de gemeente Rhenen zelf kan

leefomgeving, en er is ruimte voor ondernemerschap en werk op het platteland.

doen, met beperkte capaciteit en middelen. Daarnaast is er landelijk en provinciaal

Menselijke activiteiten zijn in balans met natuur, water en bodem. Het natuurlijk

beleid in ontwikkeling dat bij gaat dragen aan de doelen. De komende jaren zijn ook

systeem biedt bescherming tegen extreem weer, schoon water en lucht, en een

aanvullende (integrale, ruimtelijke) keuzes en acties nodig, die deels nu nog niet te

omgeving waarin mensen kunnen wonen, werken en genieten. Het gemeentelijk

5

voorzien zijn. Het programma focust op beleid en uitvoering, het omvat geen ruimtelijke of planologische uitwerking van het gebied. Zonder samenwerking met gebiedspartijen is het niet mogelijk dit programma te realiseren. De gemeente heeft maar beperkt handelingsperspectief of invloed. De belangrijkste

gebiedspartijen

overheidsorganisaties,

voor

het

terreinbeheerders,

landelijk de

gebied

bestaan

uit

agrarische

sector

en

natuurorganisaties. De ontwikkeling en de coördinatie van het programma ligt bij een vast programmateam

bestaande

uit

de

beleidsadviseur

landelijk

gebied

(verantwoordelijk voor de coördinatie van het programma), de adviseur (strategische) ruimtelijke ontwikkeling en de adviseur grondzaken. De uitvoering van de maatregelen in dit programma landt bij diverse teams in de ambtelijke organisatie.

6

Leeswijzer, status en achtergrond Leeswijzer In dit programma vind je de volgende onderdelen terug:

leefomgeving. Dit zijn de twee inhoudelijke programmapijlers waarop het het Programma Landelijk Gebied is opgebouwd De pijlers komen dan ook regelmatig terug. Het Programma Landelijk Gebied omvat geen ruimtelijke of planologische uitwerking van het gebied. De

-

De opgaves waarom we dit programma maken (H1)

randzonevisie kijkt wel specifiek naar de mogelijke planologische invulling van een

-

Toekomstvisie van het landelijk gebied van Rhenen in 2035, vanuit de

aantal randzones. In de Randzonevisie zoeken we een balans tussen functies

kaders die de gemeenteraad heeft meegegeven. (H2)

onderling. Het gaat dan om de functies: wonen, landbouw, werken (niet-agrarische

-

De uitvoering en realisatiekracht bij gemeenten en andere partijen. (H3)

bedrijfsfuncties),

-

De kosten en inzet die hiervoor nodig is. (H4)

energieopwekking. Ook zijn de doelen als benoemd in dit programma van belang

-

Een beschrijving van de maatregelen onder dit programma. (H5)

in gebiedsverkenning Binnenveld.

Status: werking en reikwijdte Voor dit programma hebben gebiedspartijen de analyse verrijkt die aan de basis ligt van het programma en aangevuld welke maatregelen kansrijk zijn om op te nemen in het programma. Dit programma is vastgesteld door de gemeenteraad in 2025. De uitvoering van de huidige versie van het programma loopt door tot 2030. Het sluit

recreatie

(verblijfs-

en

dagrecreatie),

natuur/ecologie

en

De gebiedsverkenning Binnenveld is een eerste inventarisatie van de ruimtelijke kwaliteiten van het Binnenveld, en de beperkingen en uitdagingen voor verstedelijking. Daarnaast biedt de gebiedsverkenning een vooruitblik naar de ruimtelijke mogelijkheden voor verstedelijking in het Binnenveld. Een drietal scenario’s

voor

verstedelijking

in

het

Binnenveld

zijn

hierin

verkend.

aan bij de jaarlijkse begrotingscyclus en rapportage over de inhoudelijke voortgang gaat mee in de beleidscyclus. In 2030 voorzien we een evaluatie en herijking met nieuwe maatregelen tot 2035.

Focus: Randzonevisie en programmapijlers De Randzonevisie, is een uitwerking van de visie op Rhenen. Randzones zijn overgangsgebieden tussen het landelijk gebied en de bestaande kernen (Achterberg,

Binnenveld/ Nieuwe Meent

Elst en Rhenen), bedrijventerrein Remmerden en natuurgebied de Utrechtse Heuvelrug. Een deel van de randzones gaat ook over delen van het landelijk gebied. Samenhang tussen deze uitwerkingen is dan ook belangrijk. Hiernaast zie je de samenhang tussen het Programma Landelijk Gebied en de randzonevisie. Het

: oekomst bestendige economie

: Vitale en robuuste lee omgeving

Programma Landelijk Gebied gaat over beleid voor het hele grondgebied van de gemeente, aangezien het water- en bodemsysteem in het hele gebied aanwezig is.

Figuur 1: Programma Landelijke Gebied in samenhang met Randzonevisie

Én de basis is voor een toekomstbestendige economie en een vitale en robuuste

7

Figuur 2: Overzichtskaart van de randzones van de gemeente Rhenen

Deelgebieden Aangezien het programma sterk gestuurd worden door het bodem- en watersysteem en de verschillende landschappen, worden vier verschillende gebieden/landschappen vaak genoemd (zie fig. 2).

Figuur 3: Deelgebieden op basis van de verschillende landschappen.

Onderscheid natuur en natuurlijk systeem De natuur en het natuurlijke systeem beschrijven verschillende aspecten van het landelijk gebied. Natuur: verwijst naar gebieden waar de primaire functie "natuur" is, zoals o.a. Natura 2000 en het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Hier ligt de focus op

Belangrijke definities

natuurbehoud en -ontwikkeling binnen (Europese) wettelijke kaders.

Het is belangrijk om zo duidelijk mogelijk te zijn over wat in het programma met

Natuurlijk systeem: is de samenhang tussen de bodem, het water, planten en

diverse woorden bedoeld wordt. Onze definitie van de belangrijkste twee

dieren, het klimaat en geologische processen. Het natuurlijk systeem vormt de basis

begrippen staat hieronder genoemd. Andere begrippen en afkortingen staan in

voor een veerkrachtig landelijk gebied waarin we wonen en werken. Zonder het

bijlage 6.

natuurlijk systeem zouden we geen schone lucht, drinkbaar water, voedsel of een leefbaar klimaat hebben.

8

Dubbelgebruik: De inzet voor Rhenen is om in te zetten op slim ruimtegebruik door natuur en landbouwfunctie te combineren. Bijvoorbeeld met extensief agrarisch natuurbeheer en daarbij passende financiële compensatie.

Toekomstbestendige bedrijven Toekomstbestendige landbouwbedrijven zijn economisch rendabel, ecologisch verantwoord en sociaal duurzaam. Ze spelen in op veranderende omstandigheden zoals klimaatverandering en marktontwikkelingen. Belangrijke kenmerken: -

Economische veerkrachtig: activiteiten en inkomstenbronnen passen zich aan een veranderende economie en klimaat aan.

-

Verantwoordelijk voor de leefomgeving: bijdragen aan natuurbehoud en klimaatadaptatie

via

circulaire,

natuurinclusieve

of

klimaatneutrale

maatregelen.

-

Sociale duurzaamheid: Verbinding met de lokale gemeenschap en aandacht voor leefbaarheid en samenwerking tussen boer en buur (en consument).

9

2. Doelen en opgaven landelijk gebied

Diverse doelen zijn nog niet geconcretiseerd voor Rhenen. Voor veel doelen is de gemeente niet eindverantwoordelijk, maar wordt er door het Rijk, de

In dit hoofdstuk is samengevat 1wat de belangrijkste doelen en opgaven zijn voor

waterschappen, de provincie of de terreinbeherende organisaties een beroep gedaan

de komende jaren om te bouwen aan een economisch gezonde agrarische gemeente,

op de gemeente. Daarom staat per doel ook aangegeven wat er door andere partijen

in balans met het natuurlijk systeem. Deze twee begrippen zijn vervlochten met

van Rhenen gevraagd wordt. Dit levert soms spanningen. In het hoofdstuk

elkaar. Ze betekenen:

uitvoering wordt met de gekozen maatregelen aangegeven waar Rhenen op inzet.

Een economisch gezonde agrarische gemeenschap: waar je in het landschap kunt zien dat er voedsel wordt geproduceerd, waar boeren een goed inkomen kunnen verdienen, en waar mensen zich ook echt boer voelen. Er is een levendige gemeenschap met voorzieningen, werkgelegenheid op het platteland, en ruimte voor ondernemers om zich te ontwikkelen op hun eigen manier. Boeren zijn afhankelijk en dragen bij aan een gezonde en fijne leefomgeving. De gemeente houdt bij plannen en beleid rekening met de maatschappelijke belangen in het landelijk gebied. In balans met het natuurlijk systeem: Een gezonde en robuuste natuurlijke leefomgeving voor mensen, met ruimte voor water en natuur. “In balans” betekent bijvoorbeeld dat we beschermd zijn tegen extreem weer, droge of natte periodes, en dat er genoeg schoon water en schone lucht is. Ook voor de generaties na ons. De bodem is vruchtbaar, planten worden bestoven, en we hebben genoeg groen om in te spelen, wandelen of van te genieten. Zo voorkomen we ook extra kosten, zoals schade door water of ziektes. Mensen zijn verbonden met het landschap en de natuur, die ook waardevol is op zichzelf. De doelen en opgaven zijn gesorteerd in twee programmapijlers (figuur 3). Per doel

Figuur 4: Doelen per programmapijler (zoals vastgesteld door het college).

wordt aangegeven wat we zien gebeuren voor de toekomst, wat we zouden willen bereiken en wat dit betekent voor de gemeente Rhenen. Hoofdstuk 3 beschrijft wat nodig is voor uitvoering.

1

Zie bijlage 3, 4 en 5 voor de uitgebreide analyse van beleidsdoelen en opgaven (inclusief bronnen).

10

Toekomstbestendige (agrarische) economie De gemeente Rhenen heeft relatief een grote agrarische sector. Men is trots op de eigen boer. De sociale cohesie in de gemeenschap wordt medegevormd door de

geeft antwoord op de vraag hoeveel benodigde stikstofruimte al gerealiseerd door de autonome ontwikkelingen in de agrarische sector.

agrarische gemeenschap die het landschap al generaties beheert. 34% van het

Economische/agrarische vitaliteit

landoppervlak is agrarisch en 5,2% van de Rhenense banen heeft te maken met de

Wat zien we gebeuren: We zien een jarenlange trend naar steeds minder agrarische

agrarische sector2. De agrarische sector in Rhenen kent, net als in de rest van

bedrijven, die gemiddeld groter worden. Nederland is wereldwijd bekend om haar

Nederland, een trend naar minder bedrijven en een groei van de resterende

ongekend hoge productie en efficiëntie per bedrijf. Veel bedrijven draaien mee in

bedrijven (meer grond en/of meer dieren). Sinds 2018 zien we een verjonging van

een mondiaal systeem van inkoop (bijv. voer en kunstmest) en export van hun

de agrarische bedrijfshoofden in Rhenen. Er staat dus een nieuwe generatie klaar

producten. De afzet van mest is (met name voor de melkveehouderijen) een steeds

om de lokale landbouw en gemeenschap verder te brengen en dat is hoopvol.

grotere uitdaging. Om mee te kunnen in de wereldeconomie en stijgende

Rhenen heeft relatief veel veehouderijen en niet-grondgebonden bedrijven.

grondprijzen, is verdere schaalvergroting vaak nodig. Agrarische bedrijven hebben

Perspectief voor deze jongere bedrijfshoofden ontstaat als er ruimte is voor (jonge)

vaak hoge schuldenlasten om te kunnen blijven innoveren. Er staan jonge agrariërs

boeren om een (door)start te maken. Dit is zowel fysieke ruimte (grond), als ruimte

in Rhenen klaar om bedrijfshoofd te worden en er is veel behoefte aan

om te innoveren en te verbreden.

ontwikkelruimte en vrijheid van ondernemen. Die vrijheid lijkt steeds verder te worden ingeperkt door (milieu)wetgeving en juridische uitspraken. De grondmarkt

Rhenense agrarische economie in cijfers: -

Verdeling oppervlakte: 34% landbouwgrond, 34% natuur, 10% bebouwd en 22% overig (water en overig groen).

-

Er zijn 69 agrarische bedrijven, >85% veehouderijen.

-

Het agrocomplex biedt 5,2% van de banen (ca. 350 arbeidsplaatsen)

-

Ca. 75% van de 22 melkveehouderijen is “grondgebonden”: minder dan 2,5 grootvee-eenheden per ha.

-

Tussen 2018 en 2023 is er een toename in jongere agrarische bedrijfshoofden.

is een van de grootste knelpunten in Rhenen. Als overheden niet actief gaan sturen gaan vrijkomende gronden naar de hoogste bieder in plaats van naar de (jonge) lokale agrariër. Wat willen we bereiken: We willen een gemeente met een agrarisch karakter zijn en blijven.

Focus

ligt

op

bedrijfscontinuïteit,

innovatie,

een

goed

lokaal

verdienvermogen en tegelijk aanpassing aan strengere milieunormen. In 2035 is de inkomenspositie van agrarisch ondernemers versterkt via een verruiming van de mogelijkheden voor het ontwikkelen van passende nevenactiviteiten in lijn met de beleidskaders voor het landelijk gebied.

Eén van de maatregelen in het programma is om deze de actieve agrariërs in beeld te brengen en te koppelen aan de stikstofreductiedoelstellingen. Deze maatregel

2

Bron: CBS Statline 2023, meer gedetailleerde informatie in de bijlage. Merk op dat de gegevens in

CBS niet altijd de werkelijkheid reflecteren.

11

Er ligt een opgave voor het gehele agrocomplex (én consumenten) om voedsel te Wat vragen andere overheden: EU: in de “boer-tot-bord” strategie zet de EU zich in voor 1) voedselsystemen met positieve impact op milieu, klimaat en biodiversiteit en klimaatadaptief 2) genoeg, gezond en betaalbaar voedsel en 3) goed concurrentievermogen van de landbouwsector en eerlijke handel. Rijk: het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) richt zich op het aanmoedigen van innovatie en verduurzaming, goede marktwerking en modernisering en verjonging van de landbouwsector. Nederland zet zich in voor eenvoudiger Europees beleid en minder regeldruk voor boeren. Er wordt gewerkt aan een GLBNationaal strategisch plan. Provincie Utrecht: stelt als doel “een goede toekomst voor onze boeren”. Speerpunten voor Rhenen: - Landbouwgrond behouden met actief grondbeleid vanuit de gemeente. - Actieve inzet om lokale (familie) bedrijven te behouden. - Flexibiliteit in vergunningverlening en functieveranderingsbeleid. - Per gebied heldere afweging maken tussen wonen, agrarisch en versterken van (bestaande) natuur. - Zorgen dat jonge boeren ondersteuning krijgen in deze onzekere tijden.

produceren in balans met het natuurlijk systeem en het klimaat. Concreet betekent dat een reductie van diverse emissies (ammoniak, methaan, lachgas, stikstof, fijnstof en geur) en om beheer van het landschap waarbij bodem, water en flora en fauna weer gaan floreren. We zien dat consumenten kritischer worden op gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en de Rijksoverheid steekt veel moeite in het aanjagen van de biologische markt. Klimaatneutrale, circulaire en natuurinclusieve landbouw3 zijn sleutelwoorden die we terugzien in beleidsdoelstellingen voor 2050. De doelstelling klimaatneutraal gaat van (grote) invloed zijn op de agrarische sector en met name de veehouderij (methaandoelstellingen). Circulair is zowel relevant voor de niet grondgebonden sector (stalsystemen en innovaties), als inzetten van reststromen en kringlooplandbouw voor grondgebonden bedrijven. Diverse bedrijven in Rhenen werken met natuurinclusieve maatregelen zoals weidevogel- of landschapsbeheer. Er zijn twee biologische boeren (< 3%). Er liggen veel kansen om dergelijke maatregelen verder uit te breiden. Wat willen we bereiken: Boeren zijn als enige sector dag in dag uit bezig met het weer en klimaat. We willen dat de sector de mogelijkheden heeft en houdt om zich aan te passen aan het veranderende klimaat.

Per bedrijf kan een andere mix aan circulaire, klimaatneutrale en/of natuurinclusieve maatregelen toegepast worden.

Kaarten in bijlage: Agrarisch landgebruik (bestemming en feitelijk gebruik), Economische analyse, Gemeentelijke gronden.

Transitie landbouw

Dat kan door extensiveren, door nieuwe, hoogtechnologische innovaties toe te passen of om te schakelen naar volledig nieuwe teelten (transitie). Rhenen ziet de meeste kansen voor circulaire landbouw. Het is dan belangrijk dat boeren zelf hun voer kunnen verbouwen, hun eigen mest weer lokaal de kringloop in kunnen brengen en dat de gronden dicht bij de bedrijven liggen, waardoor de koeien in de

Wat zien we gebeuren: We zien steeds meer de impact van menselijke activiteiten

zomer buiten kunnen lopen. Daarbij is het belangrijk naar de toekomst toe, dat de

op het klimaat en onze leefomgeving. Landbouwactiviteiten dragen in significante

omvang van productie en mest gaat passen bij wat het natuurlijk systeem aan kan.

mate bij aan vervuiling van bodem, water en lucht en aan klimaatverandering door

Door meer lokaal/circulair te werken moeten kosten in aan- en afvoer afnemen.

gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en emissie van ammoniak en methaan. 3

In de bijlage staan uitgebreide toelichting op deze definities.

12

Bedrijven voldoen aan de criteria van de Maatlat Duurzame Veehouderij (MDV). Rhenen wil inzetten op maatregelen die de gezondheid nabij veehouderijen wat betreft geur, fijnstof en zoönosen bevorderen. Een belangrijke voorwaarde is financiële ondersteuning vanuit het Rijk en Provincie.

Speerpunten voor Rhenen: - Inzet op dubbel ruimtegebruik van natuur en landbouw en natuur inclusieve maatregelen. Agrarisch natuurbeheer onderdeel van het verdienmodel met langjarige/structurele vergoedingen. - Inzet op circulaire landbouw; sluiten van kringlopen en extensivering.

Wat vragen andere overheden:

-

Specifieke aandacht voor toekomstbestendigheid van bedrijven nabij N2000.

Rijk: Mede uitvoeren van nationale klimaatakkoord, schone luchtakkoord en nationaal actieplan versterken zoönosenbeleid. Op 3 juli 2025 is tevens een advies door de Gezondheidsraad uitgebracht over gezondheidseffecten van wonen in de buurt van een geitenhouderij In dit advies wordt geconcludeerd dat volgens aanvaarde wetenschappelijke inzichten sprake van voldoende epidemiologisch bewijs voor een verhoogd risico op longontsteking onder direct omwonenden van geitenhouderijen. Er volgt nog een tweede advies van de gezondheidsraad waarbij nader onderzocht wordt wat de aard en de ernst van het risico is. Om gezondheidsrisico's van veehouderijen te beperken adviseert de GGD een minimumafstand aan te houden van 250 meter tussen de veehouderij en woningen. Voor nieuwbouw rondom geitenhouderijen adviseert de GGD een afstand van 2 km aan te houden. Binnen deze afstand is, zoals ook uit het advies van de Gezondheidsraad blijkt, sprake van een verhoogd risico op longontsteking NPLGdoelen blijven staan. 15% biologische landbouw in 2030.

-

Methaan en lachgas reductie, meenemen in bedrijfsplannen, met name bij de melk-, kalver- en varkenshouderij.

-

Fijnstof en geurreductie bij doorgaande wegen en woonkernen. Heldere keuzes in waar wonen of agrarische activiteit prioriteit heeft.

-

CO2-reductie door minder energieverbruik in met name de gebouwde omgeving en verkeer en vervoer.

Kaarten in bijlage: Agrarisch natuurbeheer, fijnstof (NO2, PM10), CO2-emissies, NH3 en NOx, geurbelasting.

Sociale samenhang Wat zien we gebeuren: De sociale samenhang in het landelijke gebied van Rhenen is over het algemeen sterk. Bewoners van het landelijk gebied voelen zich vaker

Provincie: Utrechts Programma Landelijk gebied (UPLG): ontwikkeling naar een circulaire, natuurinclusieve en klimaatneutrale landbouw die economisch rendabel is en door de maatschappij gewaardeerd. Met specifieke doelen voor uitstoot broeikasgassen uit veenbodems en koolstofvastlegging.

verbonden met hun omgeving dan bewoners van woonkernen. Door de vergrijzing, het vertrek van jongeren en de dalende trend in aantal agrarische bedrijven komt het sociale netwerk onder druk te staan. Tegelijkertijd zijn er veel initiatieven van inwoners en organisaties die de leefbaarheid versterken, zoals dorpsactiviteiten, vrijwilligerswerk en buurthuizen. Wat willen we bereiken: In de Visie Sociaal Rhenen 2030 wordt het belang van sterke buurten, gezondheid en participatie benadrukt. Het is daarom van belang om deze bestaande kracht van het landelijk gebied te blijven ondersteunen. En samen met de agrarische gemeenschap een landelijk gebied te behouden waar het fijn en gezond wonen, werken en recreëren is.

13

Wat vragen andere overheden:

Essentieel hierbij is dat de verstedelijkingsopgaven inclusief de energieopwek in

EU: diverse Sustainable Development Goals (SDG’s) sluiten hierbij aan.

balans worden gebracht met de opgaven rondom landbouw.

Rijk streeft ernaar de brede welvaart te vergroten via zeven prioriteiten: bestaanszekerheid en kansengelijkheid, democratische rechtsorde, veiligheid en

Wat willen we bereiken: Een klimaatneutraal energiesysteem in 2050. Rhenense

sterke samenleving, de internationale context, duurzaamheid, gezondheid en de

ondernemers hebben toegang tot (duurzame) energie voor hun bedrijfsvoering en

economie. Deze doelen zijn nog niet heel concreet.

worden niet gehinderd tot netcongestie. Hiertoe willen we slimme lokale energiesystemen ontwikkelen waarin lokaal vraag- en aanbod bij elkaar komt. We

Speerpunten voor Rhenen: -

-

willen werken aan energiemixen: zon, wind, biomassa, vergisting en batterijen. Zon realiseren we zoveel mogelijk op daken, en slechts onder bijzondere voorwaarden

Versterken van de streekidentiteit: Bijdragen aan de verbinding tussen boer en

op (landbouw)grond. Bijvoorbeeld een agrariër die naast zon op dak nog een deel

burger met helder beleid op lokaal voedsel en de korte keten.

zon op eigen land nodig heeft om een sluitende businesscase te krijgen. Duurzame

Inwonersparticipatie bij de ontwikkeling van het landelijk gebied, zodat plannen aansluiten bij wat er lokaal leeft en gemeenschapskracht wordt benut, bijvoorbeeld voor basiskwaliteit natuur. Inzet op de sociale samenhang met dorpshuizen, maatschappelijke organisaties

energie waaronder mestvergisting zien we als onderdeel van het (agrarisch)

en kerken, kleine horeca, natuurorganisaties en multifunctionele voorzieningen,

Daarnaast zorgt het model voor economische diversificatie van het boerenbedrijf,

als motor voor verbinding tussen inwoners (geen onderdeel van dit programma).

waardoor landbouw toekomstbestendiger wordt in een veranderend klimaat en

Duurzame energie

businessmodel. Door deze slimme inzet van hernieuwbare bronnen kan een boerderij

energieneutraal

of

zelfs

energiepositief

worden:

niet

alleen

zelfvoorzienend, maar ook leverancier van groene stroom aan de omgeving.

energiebeleid.

Wat zien we gebeuren: De transitie naar een fossielvrij energiesysteem is in volle

Wat vragen andere overheden:

gang. Opwek van energie vanuit groene en hernieuwbare bronnen zoals zonne-

Regio: Rhenen werkt samen met de gemeenten in de Foodvalley aan de regionale

energie, windenergie of biogassen.

energiestrategie. De RES 1.0 wordt doorontwikkeld tot energieperspectief. Hierin wordt niet alleen gekeken naar opwek op willekeurige locaties, maar wordt gebruik

Energieopwek

en opwek van energie aan elkaar gekoppeld.

Er is grote drukte op het stroomnet: “netcongestie”. Dit belemmert de toegang voor

Provincie: De provincie vraagt om een combinatie van zon- en wind-opwek om het

bedrijven tot het stroomnet en heeft een impact op de realisatie van nieuwbouw. In

aanbod van energie beter te balanceren. Vanwege een tekort aan wind willen ze

de Randzonevisie voor randzone Remmerden zetten we in op een ontwikkeling die

samen met de gemeente Wageningen verder werken aan onderzoek naar

zelfvoorzienend is in de energiebehoefte van de nieuwe functies en onderzoeken we

windenergie in het Binnenveld.

ook in algemene zin naar mogelijkheden voor energieopwekking. Energieopwek is ook relevant voor eventuele grootschalige woningbouw in het Binnenveld.

14

Vitale en robuuste leefomgeving

toegang tot schoon drinkwater. De maatschappelijke kosten om het watersysteem

Rhenen heeft een grote diversiteit aan mooie landschappen en natuur. Van heuvel

in stand te houden en te herstellen nemen almaar toe.

tot uiterwaarden, open landschap tot oude bossen en diverse rivieren en wateren.

Wat willen we bereiken: Goede waterkwaliteit is van levensbelang. We willen het

34% van het landoppervlak is natuur en 4% van het oppervlak is water. Ook heeft

grondwater schoonhouden voor ons eigen drinkwatervoorziening en die van onze

de gemeente in haar omgeving Natura 2000 gebieden.

(klein) kinderen. We willen dat water ook beschikbaar blijft voor landbouw, natuur

De gemeente Rhenen staat voor de uitdaging om zich aan te passen aan een veranderend klimaat en de kwaliteit en veiligheid van de leefomgeving te behouden en versterken. Er spelen allerlei drukfactoren op het natuurlijk systeem zoals verdroging, verontreiniging, versnippering van natuurgebieden, verzuring & vermesting, en verstoring door menselijke activiteiten of recreatie.

en recreatie en dat we in tijden van droogte hier slim mee omgaan. Daarvoor is meer (regen)water en voldoende grondwater nodig voor tijden van droogte, en betere afvoer of berging van water in natte periodes. Wat vragen andere overheden en partijen: EU/Rijk: Doelstellingen Kaderrichtlijn Water (KRW) behaald in 2027.

Herstel van het natuurlijk systeem vraagt om systeem-maatregelen die soms invloed hebben op het hele gebied – denk aan meer ruimte voor water. Het bodem-, wateren ecosysteem wordt meer medebepalend in ruimtelijke keuzes voor wat waar kan.

Rijk:

Het

Deltaprogramma

Ruimtelijke

Adaptatie

vraagt

“Nederland

klimaatbestendig en waterrobuust in 2050”. NPLG-doelen blijven staan.

Het doel daarbij is een klimaatrobuuste inrichting van het landelijk gebied van

Provincie: Utrecht: vraagt diverse concrete maatregelen op het gebied van

Rhenen, waar het veilig wonen, werken en recreëren is en waarbij het natuurlijk

vermindering van gewasbeschermingsmiddelen bij grondwaterwingebieden en -

systeem van bodem, water, planten en dieren floreert. Mensen die in verbinding

beschermingszones; voorkomen van uitspoeling van nutriënten naar grond en

staan met hun leefomgeving en die het landschap beheren.

oppervlaktewater, specifiek bij natte (natuur)gronden. Verwacht wordt dat kleine

Watersysteem

onttrekkingen nabij gevoelige N2000 gebieden beperkt gaan worden. De omgevingsverordening stuurt gemeenten in het borgen van KRW-vereisten

Wat zien we gebeuren: Steeds vaker is er te veel of juist te weinig water. Hierdoor ontstaat

overlast

en

schade

aan

de

gebouwde

omgeving,

natuur

(lozingen, riool, RO).

en

landbouwgewassen. Huizen in de uiterwaarden (buitendijks) lopen meer risico op

Waterschap: Omgaan met extremer weer door meer acceptatie en inrichting van het

overstroming. De grondwaterstanden in het gebied zakken door o.a. meer

landgebruik. Bodembeheer op orde, uitspoeling verminderen, sponswerking

verdamping en grondwateronttrekkingen, waardoor er minder grondwater is voor

bodem vergroten. Woningbouw klimaatadaptief bouwen, minder verharding.

drinkwater en kwel gevoede natuur. De kwaliteit van het water is niet overal goed.

Afkoppelen van hemelwaterafvoer.

Er

en

Vitens: De doelen voor beschermde gebieden, waaronder de drinkwaterwinningen

gewasbeschermingsmiddelen vanuit de land-, tuinbouw, fruit- en sierteelt. Dit is

halen. Inzetten op waterbesparing, beperkingen in grondwaterbeschermingszone.

zitten

schadelijke

stoffen

in

vanuit

o.a.

medicijnen

schadelijk voor planten en dieren en uiteindelijk voor onze eigen gezondheid en

15

Terreinbeherende organisaties (TBO’s): Voldoende en schoon water voor planten:

Bodemkwaliteit

minder uitspoeling van nutriënten naar het grondwater, versterken kwel gevoede

Wat zien we gebeuren: Minder bodemleven verstoort het ecosysteem. Door

natuur. Oftewel: minder vermesting en verzuring, minder verdroging, minder

intensieve bewerking van de bodem ontstaat verdichting, verzuring en vermindert

versnippering, minder verontreiniging, minder verstoring.

de biodiversiteit. Dit zorgt ervoor dat bodems minder vruchtbaar zijn voor

Kaarten in bijlage: Oppervlaktewater, Geschiktheidskaart wonen en werken,

voedselproductie. Ook houdt de bodem minder water en andere stoffen vast. Dit

grondwaterbeschermingsgebied,

waterbergingsgebieden,

zorgt voor (onnodige) uitspoeling van nutriënten en levert extra schade aan

waterkwaliteit KRW, regenwateroverlast, kwelwater, ecologische waterkwaliteit,

vegetatie bij droogte. Er zijn veel verschillende bodemsoorten in Rhenen. Niet overal

KRW-factsheets.

wordt de kwaliteit van een grondsoort benut voor de functie die het heeft. Hiervoor

infiltratiegebieden,

zijn vaak maatregelen nodig om de grond dan toch geschikt te maken - denk aan Speerpunten voor Rhenen: - Water afkoppelen en vasthouden: Regenwater infiltreren op de Utrechtse Heuvelrug (incl. Grebbeberg) en randzone Elst, zodat bij piekbuien minder regen afstroomt. Rioolwateroverstorten voorkomen door zoveel mogelijk af te koppelen en regenwater lokaal te infiltreren in de bodem. -

Waterveiligheid vergroten: Rekening houden met buitendijkse gebieden bij nieuwbouw. Bestaande huizen klimaatadaptief maken.

-

-

-

gebruik van kunstmest. Deze maatregelen kunnen de nabije omgeving en het ecosysteem uit balans brengen. Wat willen we bereiken: Duurzaam bodembeheer waarbij de bodem goed doorlatend en organisch rijk is. Zodat deze optimaal kan worden ingezet voor voedselproductie en het natuurlijk systeem in balans blijft. Bodemtype meenemen in de keuzes over welke functies je waar wilt.

Water kwantiteit vergroten: Grondwater in beschermingszone aanvullen.

Wat vragen andere overheden:

Voldoende grondwaterstromen en kwelstromen herstellen, ook voor kwel-

EU: gezonde bodems in 2050.

gevoede natuur onderaan de heuvelrug en bij de Grift (N2000).

Rijk: duurzaam beheer van alle landbouwgronden in uiterlijk 2030, invulling geven

Waterkwaliteit verbeteren: KRW-doelen van de Grift halen, met name wat

aan “water en bodem sturend”, NPLG-doelen blijven staan.

betreft

Provincie Utrecht: verbeteren van bodemkwaliteit, aanpak van

‘specifiek

verontreinigde

stoffen’.

Grondwater

in

de

grondwaterbeschermingszone schoonhouden. In het hele gebied minder uit-

bodemverontreiniging, tegengaan bodemdaling.

en afspoeling van fosfaat en stikstof naar oppervlaktewater en nitraat naar

Omgevingsdienst: voert de wet bodembescherming uit.

grondwater, met extra aandacht voor gronden nabij uiterwaarden en N2000

Waterschap: verbeteren van de sponswerking van de bodem en gebruiksfuncties

gebieden.

aanpassen aan het bodemtype.’

Omgaan met weersextremen. Meer acceptatie dat niet altijd alles kan. Bijvoorbeeld in natte jaren “later het land op” en in droge jaren minder

Kaarten in bijlage: bodemkaart, doorsnede met grondsoorten.

kwelstroom naar de natuur.

16

Speerpunten voor Rhenen: - Bodembeheer verbeteren: Meer water vasthouden en CO2 vastleggen, verbeteren sponswerking en bodemleven door aanpassen grondbewerking, minder uitputting van nutriënten, minder uitspoeling van nutriënten (specifiek bij natte gronden). -

Functies (wonen, agrarisch, natuur, recreatie) meer aansluiten bij bodemtype (arme en droge zandgronden, rijke klei- en esgronden, natte veengronden).

-

Passende vegetatie: Inzet op natuurlijke vegetatie en teelten kiezen die passen bij het bodemtype.

Wat willen we bereiken: We willen een vitale leefomgeving voor mens, plant en dier voor de lange termijn. We willen ecosystemen die tegen een veranderend klimaat kunnen. We herstellen de biodiversiteit. Dit betekent dat er voldoende, verschillende soorten zijn en dat ze de ruimte hebben om te leven en verplaatsen, ook tussen de verschillende landschappen, natuurgebieden en in stedelijk gebied. Bijvoorbeeld via (passende) groenblauwe dooradering. We willen specifieke, bijzondere natuurgebieden behouden en zorgen dat de ecosystemen in deze gebieden veerkrachtig zijn. Agrariërs dragen nog meer (betaald) bij aan landschapsbeheer, bijvoorbeeld met agrarisch natuurbeheer. Een voorwaarde is dat er langdurige financiële vergoedingen tegenover agrarisch natuurbeheer staan. We zetten ons in om rijksgelden en provinciale gelden naar ons toe te trekken. Waar nodig wijzen we hogere overheden erop dat zij aan de lat staan om goede

Landschap en biodiversiteit

compensatieregelingen op te stellen. Rhenen kan vervolgens een rol spelen om deze

Wat zien we gebeuren: Rhenen heeft een bijzonder en divers landschap. Menselijke

ruimtegebruik.

regelingen in te zetten bij agrarisch natuurbeheer en/ of multifunctioneel

en economische activiteiten zorgen ervoor dat kenmerken van landschappen verloren gaan. Biodiversiteit staat binnen en buiten natuurgebieden onder druk

Wat vragen andere overheden en organisaties:

door veel verschillende factoren; verdroging, verontreiniging, versnippering,

Rijk: NPLG-doelen blijven staan, stikstofdoelen zijn in ontwikkeling.

verzuring, vermesting en verstoring. Plant- en diersoorten nemen in aantal en diversiteit af, ook de algemene soorten. Vaak komt dit door menselijke activiteiten

Provincie Utrecht: Uitbreiding van Natuurnetwerk Nederland (NNN), groene

(recreatie, uitstoot), menselijke ingrepen in het water- en bodemsysteem en te

contour en Groen Groeit Mee (GGM). Groenblauwe Dooradering (GBDA)-

weinig groene en blauwe structuren in het landschap (“groenblauwe dooradering”)

oppervlak naar 10% met kwaliteit. Extra bos, beschermen oude bosgroeiplaatsen,

Verdere verslechtering van de biodiversiteit verstoort de balans in het ecosysteem.

uitvoeren strategisch Bosbeleid. Ecologisch beheer van de al verplichte

Het verhoogt risico op plagen en ziektes. Zowel bij mensen als planten en dieren.

bufferstroken (5 meter) langs KRW-wateren. Uitvoering UPLG. Vermindering van

Minder insecten zorgen voor minder bevruchting van gewassen. In bossen vergroot

de recreatieve druk op de biodiversiteit. Behalen van Natura2000 doelstellingen.

een lage biodiversiteit het risico op natuurbranden. Door toenemende droogte en te

46% stikstofreductie t.o.v. 2018.

hoge stikstofdepositie zijn er verschillende problemen in de ecosystemen in de (stikstofgevoelige) N2000 gebieden in de buurt van Rhenen en in NNN-gebieden binnen Rhenen.

Waterschappen: aanleg en beheer van natuurvriendelijke oevers, water vasthouden en infiltreren op de Heuvelrug. Dit in samenwerking met TBO's en landgoedeigenaren.

17

Regio Foodvalley: realiseren van een basiskwaliteit natuur (BKN), buiten de bestaande natuurgebieden voor de hele regio.

Speerpunten voor Rhenen: - Doorlopende groene structuren in hele gemeente en nieuwe ecologische

TBO’s: Het verbinden van natuurgebieden door middel van agrarisch natuurbeheer

verbindingszones. Verbetering van bestaande GBDA (via dubbelgebruik).

(specifiek in uiterwaarden en bij de Grift), zodat deze minder geïsoleerd zijn. Over-

Doorgaande wegen overbruggen.

/onderdoorgangen maken bij wegen. Ecologische verbinding tussen Grebbeberg/

-

Meer agrarisch natuurbeheer.

Laarsenberg en Utrechtse Heuvelrug realiseren

-

Ruimte voor groen en verkoeling in de uiterwaarden

-

Ruimte voor weidevogels in het Binnenveld (geen weidevogelkerngebied).

-

Doorlopende waterstructuren in hele gemeente met op meer plekken

Kaarten in bijlage: Ecologische structuurkaart, hoofdbomenstructuur, oude bosgroeiplaatsen, NNN en N2000 gebieden, Zoekgebieden NNN, verdrogingsgevoelige natuur, stikstofgevoelige natuur, Landschapstypekaart,

toegankelijke natuurvriendelijke oeverranden voor fauna. -

Utrechtse heuvelrug versterken: bestaand bos revitaliseren, kans op

landschapsanalyse.

natuurbranden verminderen, verlagen van impact van recreatie op

Overige ruimtelijke ontwikkelingen

biodiversiteit, meer groen en verkoeling. -

Natuurgebieden en gemeentegronden versterken: meer ecologisch beheer

Het landelijk gebied van Rhenen staat onder toenemende ruimtelijke druk. De

van bermen, perken, parken en begraafplaatsen. Verminderen van exoten

vraag naar woningbouw en duurzame energie (mede vanuit provincie en Rijk)

door bestrijding.

vraagt op zijn minst om een creatieve puzzel met de wens tot behoud van

-

Basiskwaliteit natuur bereiken. In samenwerking met de regio de

landbouw- en natuurgrond. Ook neemt de recreatiedruk toe. Rhenen staat voor de

basiskwaliteit van de natuur overal in Rhenen op orde brengen. Bij inwoners

uitdaging om keuzes te maken die recht doen aan de kwaliteit van het

meer kennis brengen wat iedereen hier in hun eigen tuin aan kan doen.

buitengebied. Deze ontwikkelingen worden vanuit de Visie op Rhenen verder uitgewerkt in de Randzonevisie en Gebiedsverkenning Binnenveld. De

-

Aandacht voor Natura2000-gebieden vanwege de impact van de herstelmaatregelen die genomen gaan worden (NDA’s).

randzonevisie gaat in op de ontwikkeling van wonen en bedrijfsactiviteiten aan de randen van de kernen. De Gebiedsverkenning Binnenveld is een onderzoek naar de ontwikkeling van woningen in Rhenen en een passende locatie daarvoor.

18

2. Het gebied en haar inwoners in 2035 en verder

Bijvoorbeeld omdat ze hebben weten om te schakelen naar biologisch of omdat zij

De Visie op Rhenen kijkt tot 2035. Onderstaande visie bouwt aan een lange termijn

reduceren; slimmer in lokale kringlopen werken en in harmonie werken met het

toekomstbestendig landelijk gebied. Daarom kijken we naar 2035 en verder. We

natuurlijk systeem. Zo worden Rhenense bedrijven minder afhankelijk van toevoer

bekijken hiervoor specifiek de vier landschappen.

van nutriënten van buitenaf en heeft klimaatverandering minder effect op de

De gemeente heeft in 2035 en verder een aantrekkelijk en levend landschap. Waarin een

klimaatbestendig

natuurlijk

systeem

samengaat

met

een

vitale

en

toekomstbestendige agrarische sector. Boerenbedrijven zijn economisch rendabel en worden maatschappelijk gewaardeerd. De trend naar minder agrarische bedrijven is doorbroken en er staan jonge boeren te wachten om het stokje van de generatie erboven over te nemen. De fysieke en mentale verbinding tussen de woonkernen en het landschap is sterk. Boeren staan meer in direct contact met inwoners van Rhenen, de consumenten van het lokaal geproduceerde voedsel. Door slimme keuzes, duurzame samenwerking en regie is een balans ontstaan tussen ecologie, economie en gezonde leefomgeving.

oekomstbestendige (agrarische) economie De economie in het landelijk gebied wordt gedragen door vitale (familie)bedrijven die er financieel goed voorstaan. De sector is in 2035 steeds meer klimaatadaptief, circulair en natuurinclusief. De meeste Rhenense boeren bevinden zich nog altijd in en om het Binnenveld. De sector is belangrijk voor Rhenen en daarom ondersteunt de gemeente deze ontwikkelingen met actief grondbeleid en begeleiding van (jonge) boeren. Zo begint er in 2035 vertrouwen te ontstaan dat er weer perspectief is voor de boer in het Binnenveld. De agrarische bedrijven hebben hun eigen manier gekozen om voedsel te produceren met een lagere impact op het milieu. Dat kan door extensiveren (op

leveren aan een lokale gemeenschap van afnemers. Of omdat ze kosten weten te

bedrijfsvoering. Nevenactiviteiten zoals zorg, recreatie of energievoorziening zijn ondersteunende inkomstenbronnen. De sector zet zich in voor de volgende zaken en wordt daarbij ondersteund door financiering vanuit het Rijk: Meer circulair: Sluiten van kringlopen, al dan niet samen met de buren, toe naar (gebieds)kringlopen. Meer klimaatneutraal: Energieneutrale bedrijfsvoering door eigen energie opwek, en -opslag, elektrificatie en vergisting. Innovaties toepassen waardoor stallen naar minder uitstoot van methaan, stikstof en fijnstof gaan. Ontwikkelen van nieuwe landbouwactiviteiten die minder broeikasgassen uitstoten. Zoals meer (eiwitrijke) plantaardige teelten voor menselijke consumptie, natte teelten of teelten voor de circulaire (bouw)economie. Meer natuurinclusief: extensivering door minder dieren per ha grond, waarbij agrarisch natuurbeheer ook financieel een aantrekkelijk alternatief wordt. In het bijzonder de gronden langs de Grift worden meer natuurinclusief. Meer klimaatadaptief: sector past zich aan het houdt rekening met extremer weer: waterbeschikbaarheid voor teelten en vee in droge jaren, hittestress bij vee, voorzorgsmaatregelen bij extreme buien. Meer verdienmodellen en nevenfuncties: Ontwikkelen van activiteiten die passen bij het (open) landschap. Bijvoorbeeld t.b.v. recreatie, gemeenschapslandbouw, educatie, energie en zorg.

Vitale en robuuste lee omgeving

grondgebonden bedrijven) of door technische innovaties toe te passen of door

Rhenen is uniek door de diversiteit aan landschapstypen zo dichtbij elkaar; Rijn en

geheel nieuwe teelten of modellen te ontwikkelen. Op basis van wat past bij het

uiterwaarden, bos, heide, veen, agrarische natuur en de Grift. Inwoners kunnen

karakter van de ondernemer en onderneming. Een goed verdienmodel en educatie

naar hartenlust genieten van het landschap met z’n rijke historie. De landschappen

is hiervoor de randvoorwaarde. Boeren maken een hogere marge op hun product.

hebben hun oorsprong in grondtype en dat zie je in het grondgebruik. Door het hele

19

gebied lopen grotere ecologische verbindingszones die de verschillende

langs de Grift loopt te behouden. Veel agrariërs verdienen geld met agrarisch

landschappen met elkaar verbinden zodat dieren van de uiterwaarden via de

natuurbeheer, van weidevogels tot houtwallen tot uitgesteld maaien tot

heuvelrug en het binnenveld naar de achterliggende landschappen kunnen. Door

slootkantbeheer – het aanbod van compensatiegelden hiervoor is flink verruimd.

slimme ruilverkaveling is het areaal natuur niet zozeer vergroot, maar wel slimmer

Op alle agrarische gronden worden de groene en blauwe doorgaande structuren

verbonden.

hersteld en met kennis van zaken beheerd door de agrariërs. Er komen ‘stapstenen’

Water is meestal overvloedig aanwezig en het is schoon. Er vinden weinig emissies van schadelijke stoffen meer plaats. De kosten voor het beheer van het watersysteem zijn te beheersen, ondanks het toenemende extreme weer. Agrariërs dragen als onderdeel van hun bedrijfsvoering bij aan beheer van het 4

landschap. Waardevolle landbouwgronden worden zoveel mogelijk behouden t.b.v. grondgebonden bedrijven. In Rhenen vind je deze vooral op de uitlopers van de flanken (de Esgronden en ook wel de lagere en iets nattere dekzandvlaktes en de rivierklei). De natte veengebieden en uiterwaarden zijn geschikter om (extensief) beweid worden. Ook begrijpen we als inwoners wat het natuurlijk systeem is. En hoe we daar als individuen een positieve rol in kunnen spelen.

Concretisering per deelgebied/landschap In het Binnenveld is het belangrijkste grondgebruik agrarisch. Sinds lang wordt dit gebied ingezet voor voedselproductie en dit blijft ook zo. Het open landschap is belangrijk. Zodra een agrariër wil bouwen of met alle agrarische takken stopt, dan verplaatst deze nieuwe activiteit naar de randen van de kernen (bijvoorbeeld via kavelruil). Het is wenselijk dat het familie-woonhuis behouden kan worden. Met duidelijke afspraken over milieunormen van omliggende agrarische gronden is het afhankelijk van het perceel mogelijk de woning te blijven gebruiken. De gebieden rond de Grift zijn natter geworden om de verdrogingsgevoelige vegetatie bij het N2000 gebied te herstellen en de ecologische verbindingszone die

4

Hieronder verstaan we: Een vruchtbare bodem (klei, leem of zand met voldoende organische stof); Niet te

nat en niet te droog en de bodem kan goed water vasthouden; Een gezonde, doorwortelbare structuur.

van natuurvriendelijke oevers, waardoor op diverse plaatsen fauna in en uit de sloot kan. Ook worden bodems duurzaam beheerd, waardoor er minder uitspoeling plaatsvindt. Er is ook ruimte voor recreatie in het Binnenveld. Hiervoor zijn er uitkijklocaties, locaties voor kort recreatief verblijf, diverse wandel- en fietspaden en door het weren van (zwaar) doorgaand verkeer blijven alle lokale bedrijven goed bereikbaar en is de verkeersveiligheid vergroot. In de uiterwaarden (incl. N2000 gebied) ligt de focus op natuurversterking. Agrarische gronden die hier verpacht worden voldoen aan hoge natuurinclusieve voorwaarden:

minimale

uitspoeling

van

nutriënten,

geen

chemische

gewasbeschermingsmiddelen, ecologisch maaibeleid en diversiteit in vegetatie. Daarbij is er ruimte voor waterberging om hoge rivierstanden op te vangen en zijn de uitwaarden (deels) toegankelijk voor recreatie. Zodat bij hitte mensen koele plekken kunnen opzoeken. De impact van recreatie op het natuurlijk systeem is beperkt door o.a. geen loslopende honden, rustplekken in het broedseizoen en bewuste keuzes welke menselijke evenementen hier plaats kunnen vinden. Op grotere schaal wordt de ecologische verbindingszone die van de blauwe kamer langs de rivier richting het westen loopt versterkt via suggestie: dubbelgebruik overal vervangen door multifunctioneel ruimtegebruik dubbelgebruik5 zodat dieren kunnen verplaatsen. In de woonkernen ligt de focus op wonen, ontmoeten en bedrijvigheid. Wijken zijn doorweven met groen en water, voor koele plekken bij hittestress. Rond de kernen zijn voldoende wandel en fietspaden, zodat inwoners dicht bij huis in het groen 5

Met dubbelgebruik wordt hier bedoelt dat gronden die als functie agrarisch hebben ook ruimte geven aan

doorgang van dieren en/of structuren hiervoor inrichten.

20

kunnen recreëren en de druk op de natuurgebieden lager is. Grond in de kernen

meegenomen zodat waardevolle landbouwgronden waar mogelijk behouden

wordt zo efficiënt mogelijk benut, waardoor nieuwe woningen en bedrijven zo min

blijven en landgoederen en ecologische verbindingen op de flanken een plek krijgen.

mogelijk agrarische gronden hoeven te gebruiken. Inbreiding en uitbreiding aan de randen geven enige verlichting van de gronddruk. Echter de randen die richting de rivier gaan blijven vrij gezien eventuele hoge afvoeren in de Rijn. In de kernen is vol ingezet

op

waterbesparende

maatregelen.

Regenwater

wordt

gescheiden

opgevangen en zo veel mogelijk afgekoppeld. Mensen vergroenen tuinen en nemen waterbesparende maatregelen. Riool overstorten zijn aangepakt en de gemeente beheert perken, parken en bermen ecologisch en biodivers waardoor de basiskwaliteit van de natuur op orde is en het gebied tegen klimaatverandering kan.

De gemeente neemt de regie in het landelijk gebied. Samen met agrariërs, terreinbeherende organisaties en inwoners zorgen zij voor duurzame inrichting en beheer van het landelijk gebied. Door duidelijk beleid met keuzes wat waar kan en door samenwerking ontstaat een landschap dat werkt: voor mens, natuur en economie.

Van visie naar uitvoering Vanuit de brede opgaven en visie wordt in de uitvoering van het programma

De heuvelrug en de Grebbeberg zijn klimaatbestendiger; het watersysteem is

gefocust op wat de gemeente zelf kan doen. Om een realistisch programma met

versterkt en er is ruimte voor recreatie en beleving van de cultuurhistorie. Om de

draagvlak te realiseren zijn maatregelen en activiteiten geselecteerd op basis van een

drinkwaterbel onder de heuvelrug voor de toekomstige generaties te herstellen en

aantal keuzes. Deze keuzes zijn de kaders die zijn vastgesteld door de gemeenteraad

verdroging tegen te gaan zijn er infiltratiekuilen gegraven waardoor water

(bijlage 1), aangevuld met input uit het participatieproces. Ook de maatregelen en

minimaal afstroomt en maximaal infiltreert. Aan de voet van de heuvelrug is ruimte

activiteiten zijn mede-opgesteld en aangevuld tijdens de participatieavonden. Meer

voor kwelgevoelige natuur. Op hooggelegen gronden die veel invloed hebben op

informatie over het participatieproces staat in bijlage 1.

de kwelstromen die deze natuur voeden wordt extra ingezet op vermindering van uitspoeling (van mest en gewasbeschermingsmiddelen). De wegen op de heuvelrug worden onder/overbrugd zodat dieren kunnen oversteken. De bossen zijn divers

Kaders die aan de basis liggen van de gekozen maatregelen en activiteiten: 1.

aan soorten zodat brandgevaar verminderd, biodiversiteit vergroot en ze beter tegen de wisselende weersomstandigheden kunnen. Met de TBO’s is afgestemd hoe

draagt daaraan bij. 2.

recreatie ingepast kan worden om biodiversiteit te behouden (losloopgebieden, parkeren etc.). In de overgangsgebieden (de flanken en randen van de kernen) zijn slimme combinaties ontstaan van functies. Langs de randen van de kernen is het landschap meer verstedelijkt met bedrijven en (verplaatste) woningen. Er is een aparte planologische invulling voor deze overgangen beschikbaar (startend met de randzonevisie), waar duidelijke keuzes in wordt gemaakt waar wat kan en hoe combinatie van functies vorm wordt gegeven. Hierin wordt het type grond

We zijn trots op het Rhenense landschap en de lokale identiteit. Het programma De gemeente neemt de regie en wacht niet af tot andere overheden besluiten nemen.

3.

Grondeigenaren met initiatieven die bijdragen aan de doelstellingen van dit programma, worden zoveel mogelijk gefaciliteerd.

4.

We willen de natuur versterken in de gebieden waar het al is. Het gaat om de kwaliteit van de (bestaande) natuur is, niet de kwantiteit.

5.

Om duurzaam en toekomstbestendig te boeren, is grond nodig. Het is belangrijk om landbouwgrond te behouden voor extensivering van de bestaande bedrijven. We gaan bij alle initiatieven uit van vrijwilligheid.

21

6.

We werken aan herstel van het natuurlijk systeem door grondgebruik steeds

Maatregelen en activiteiten Rhenen

meer te laten aansluiten bij wat past bij het water- en bodemsysteem. 7.

Maatregelen en activiteiten landelijk gebied

We gaan duurzaam om met ons water voor toekomstige generaties.

1

3. Uitvoering en realisatiekracht

2

In dit hoofdstuk beschrijven wat nodig is voor uitvoering. Het programma focust op gebiedsgerichte maatregelen en activiteiten die de gemeente Rhenen zelf kan nemen voor een vitaal landelijk gebied, en welke andere partijen daarin een rol spelen.

Daarnaast

zijn

er

uiteraard

nog

generieke

maatregelen

en

subsidieregelingen vanuit de Rijksoverheid en provincies. En individuele erf/stalmaatregelen waarvan de verantwoordelijkheid bij de (agrarisch) ondernemer of landeigenaar ligt. Deze zijn niet onderdeel van dit programma. De gemeente is eindverantwoordelijk voor uitvoering van het programma. College en raad hebben de kaders voor het programma gezet vanuit de Visie op Rhenen

3 4 5 6 7

2035 en in afstemming met andere ontwikkelingen. De gemeente heeft in de uitvoering de rol van vergunningverlener, verbinder en financier. Er wordt samenhang gezocht met overige ontwikkelingen zoals recreatie, woningbouw en

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16259682/1