Bijlage 1 Kadernota 2024-2027
Tekst van het document
Wat willen we nog meer doen? (x € 1.000)
DP
2024
2025
2026
2027
Programma 4 - Sociaal maatschappelijk Wettelijk/onvermijdelijk 4a.
Gevolgen netcongestie voor nieuwbouw MFG Rhenen
4.3
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
4b.
Uitvoeren spreidingswet
4.5
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
0N
0N
0N
0N
Subtotaal (A) Bestuursprogramma 4c.
Ondersteuning vrijwilligers organisaties
4.4
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
4d.
Beleidskader sportaccommodaties
4.3
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
4f.
Uitvoeren plan van aanpak armoedebestrijding
4.6
50 N
35 N
35 N
35 N
Dekking reserve armoedebestrijding
15 V
Subtotaal (B)
35 N
35 N
35 N
35 N
Totaal (A+B)
35 N
35 N
35 N
35 N 38
Programma 4 Sociaal maatschappelijk
4a Gevolgen netcongestie voor nieuwbouw MFG Rhenen: Extra kosten bij de realisatie nieuwbouw Bij de realisering van MFG Rhenen worden we geconfronteerd met problemen in de levering van energie, de zogenaamde netcongestie. De noodzakelijke aansluiting van 740KW kan naar verwachting pas worden geleverd in de periode 2027-2029. De komende tijd worden verschillende scenario's onderzocht. In alle scenario's zullen we worden geconfronteerd met hogere investerings- dan wel exploitatiekosten. Er is een p.m. raming opgenomen omdat de financiële gevolgen nog niet duidelijk zijn. Dit hangt samen met de de hoogte van de kosten van de scenario's en de ambitie om een energieneutraal gebouw te realiseren. Daarnaast wordt er een extra investering verwacht in verband met gewijzigd beleid ten aanzien van waterberging. De norm voor klimaatadaptie is gewijzigd. De verwachting is dat deze kosten kunnen worden opgevangen binnen de post onvoorzien. 4b Uitvoeren spreidingswet: Verwachte toename van de opvang van het aantal vluchtelingen en statushouders De verwachting is dat spreidingswet vanaf 1 januari 2024 in werking treedt. Daarin wordt geregeld hoeveel vluchtelingen en statushouders er per gemeente worden opgevangen. Hierover is veel onduidelijk, maar we verwachten dat de aantallen naar boven bijgesteld moeten worden.
Op dit moment is niet duidelijk welke kosten dit met zich meebrengt en wat de gevolgen zijn voor de gemeentelijke organisatie en de Rhenense samenleving. In de wet is opgenomen dat gemeenten beboet worden als ze niet aan de aantallen voldoen. Hoe dit concreet uitgewerkt wordt is nu nog niet duidelijk. Er is een p.m. raming opgenomen omdat de financiële gevolgen nog niet duidelijk zijn. Wij gaan er vooralsnog wel vanuit dat het Rijk gemeenten voldoende compenseert voor de implementatie en uitvoering van de wet. Echter, vanuit sociaal-maatschappelijk perspectief is het wenselijk om voldoende opvangmogelijkheden te creëren.
H 2.3.4
4c Ondersteunen vrijwilligersorganisaties: Vrijwilligersorganisaties kunnen in financiële problemen komen door de inflatieontwikkelingen en met name de hoge energielasten. Er is een impactmeting uitgevoerd om de situatie in kaart te brengen. In 2023 wordt de raad voorgesteld een eenmalige compensatie beschikbaar te stellen. De gemeente ontvangt hiervoor middelen van het Rijk. Naast deze eenmalige compensatie willen we ook kijken welke (extra) ondersteuning structureel nodig is. Zorgen voor voldoende vrijwilligers, zorgen voor ondersteuning voor hen die zelf de middelen niet hebben. Dat vraagt om inzet bij alle maatschappelijke partners: gemeente, welzijn, verenigingen en inwoners zelf. Welke extra budgetten nodig zijn moet nog worden onderzocht. Er is een p.m. raming opgenomen omdat we nog onderzoek moeten doen naar de extra budgetten die hiervoor nodig zijn. Hierbij kijken we ook nadrukkelijk naar de Rijksmiddelen die we gaan ontvangen. 4d Beleidskader sportaccommodaties De gemeente Rhenen gaat in 2023 een Beleidskader Sportaccommodatiebeleid ontwikkelen. Een onderdeel hiervan is een afwegingskader om helder en transparant bestuurlijk te reageren op initiatieven vanuit de samenleving zoals de herinrichting van Sportpark Candia. In 2023 zal Green Engineers ook het idee van de sportverenigingen verder vormgeven, doorrekenen en een projectplan opstellen.
Dit projectplan wordt ingediend bij de gemeenteraad. De gemeente is zelf bezig met het opstellen van een afwegingskader voor de toekomstige ontwikkeling van sportaccomodaties (vormgegeven in het nieuwe sport- en accomodatiebeleid). Belangrijk onderdeel van het beleidskader is de verduurzaming van sportaccommodaties. In het Sportakkoord staat de ambitie om Nederland te voorzien van een functionele, goede en duurzame sportinfrastructuur. Hierbij ligt de focus op accommodaties met een schone en hernieuwbare energievoorziening en groene beweegvriendelijke omgeving. Verschillende sportverenigingen in Rhenen hebben aangegeven dat zij worden geconfronteerd met hoge (energie)kosten. Het
39
Programma 4 Sociaal maatschappelijk
is niet alleen wenselijk maar ook noodzakelijk om accommodaties te verduurzamen. De kosten en opbrengsten van het verduurzamen van onze sportinfrastructuur moeten nog worden onderzocht. Daarom is er op dit moment geen concreet bedrag aan te koppelen. Welke ontwikkelingen zien we? Overbelast jeugdhulpstelsel Algemeen Het jeugdhulpstelsel is overbelast; toenemende vraag naar jeugdhulp, tekort aan jeugdhulpverleners, wachtlijsten vooral bij de J-GGZ, langere doorlooptijden en complexere vraagstukken. De landelijke hervormingsagenda en de verbeteragenda jeugdbescherming zijn erop gericht om het jeugdhulpstelsel te ontlasten. Echter, de maatregelen die worden getroffen hebben veelal tot gevolg dat de werkzaamheden vanuit de 2elijns jeugdhulp worden verplaatst naar de jeugdteams van de gemeenten. De jeugdteams moeten (nog)meer zelf jeugdhulp gaan verlenen en (nog) meer taken overnemen van de gecertificeerde instellingen (Samen Veilig Midden Nederland) op het gebied van de jeugdbescherming. Ook aan de capaciteit van het jeugdteam zit een max. Nu al is de werkdruk hoog en ook voor gemeenten geldt de arbeidsmarktkrapte. Om het jeugdteam te ontlasten wordt gezocht naar mogelijkheden. Twee sporen worden hiervoor uitgezet, namelijk: · Vroegsignalering/ normaliseren en · Uitbreiding (groeps)trainingen in het preventieve veld.
Voor vroegsignalering en normaliseren wordt samengewerkt met de scholen in de gemeente Rhenen. Hiertoe is een lokale agenda opgezet voor de komende jaren, namelijk:
40
H 2.3.4
1.
Uitbreiding schoolpilots onderwijs – jeugdhulp, waardoor via samenwerking tussen onderwijs en het jeugdteam kinderen eerder via lichte jeugdhulp geholpen kunnen worden, met als doel om tweedelijns jeugdhulp te voorkomen. 2. Gelijke kansen voor ieder kind, zoals taal, gezondheid, deelname aan activiteiten. Daarnaast wordt onderzocht welke (groeps)trainingen in het preventieve veld kunnen worden opgezet c.q. ingekocht om het jeugdhulpstelstel te ontlasten. Beide sporen zijn opgenomen in het bestuursprogramma. Besparingsopgave vanuit hervormingsagenda en aanvullende besparing Met de hervormingsagenda gaat ook een besparingsopgave gepaard. Deze besparingsopgave heeft zich financieel niet vertaald in een taakstelling in de begroting 2023 van de gemeente. Als het mogelijk is om de kosten van de jeugdzorg op een verantwoorde manier terug te brengen dan zullen we die maatregelen zeker inzetten. Op 17 april heeft de VNG een principe accoord bereikt met het kabinet over het financieel kader bij de hervormingsagenda Jeugd. Tijdens de ALV van de VNG op 14 juni zal het principe accoord worden voorgelegd. Uit het accoord blijkt ondermeer dat de besparingsopgave in 2024 en 2025 wordt bevroren op het niveau 2023. Dit betekent voor onze gemeente extra incidentele middelen. In deze nota is hiermee rekening gehouden.
Naast de besparingsopgave uit de hervormingsagenda heeft het kabinet besloten tot het realiseren van een aanvullende besparing van structureel € 511 miljoen. Deze besparing is een Rijksverantwoordelijkheid gemaakt. Concreet betekent dit dat het aan de Rijksoverheid is om de besparing in te vullen met (wettelijke) maatregelen. Het gaat daarbij om maatregelen waardoor gemeenten minder middelen nodig hebben of waarbij alternatieve inkomsten gegenereerd worden (bijvoorbeeld door middel van de invoering van een eigen bijdrage). Ook
40
Programma 4 Sociaal maatschappelijk
draagt het Rijk het budgettaire risico ingeval (een deel van) deze maatregelen geen of niet tijdig doorgang vinden. Vooralsnog zijn er geen (zichtbare) inspanningen van het Rijk te zien om deze besparing te kunnen realiseren. Deze besparing is, in tegenstelling tot de besparingsopgave uit de hervormingsagenda, wel financieel vertaald in de begroting 2023 van de gemeente. Het gemeentelijk aandeel van deze aanvullende besparing is voorzichtigheidshalve gebaseerd op 80%. Onderstaande bedragen zijn hiervoor als structurele taakstelling opgenomen in de begroting 2023: 2023: € 0 2024: € 101.000 2025: € 406.000 2026 en 2027: € 406.000 Uit het principe accoord blijkt dat de geraamde extra besparing van € 100 miljoen in 2024 vanwege de vertraging in het totstantkoming van de agenda inmiddels is vervallen. Tegenover deze extra opbrengst voor onze gemeente staat het vervallen van de taakstelling voor 2024. Het risico dat deze besparing niet wordt gerealiseerd is beperkt. Enerzijds in de besparingsopgave uit de hervormingsagenda financieel niet vertaald in de gemeentelijke begroting. Mogelijk zitten hier maatregelen bij waarmee de gemeente de kosten van de jeugdzorg wel kan terugbrengen. Het risico voor het niet realiseren van de aanvullende besparingsopgave ligt vooral bij het Rijk. Verder is deze besparingsopgave voor 80% vertaald in de begroting 2023.
Armoedebestrijding De toenemende armoede in Nederland is een groot probleem. Door stijgende prijzen neemt de groep inwoners waarvan de bestaanszekerheid onder druk staat toe. In de nieuwste raming van het Centraal Planbureau stijgt de armoede in 2024 naar 5,8% (2023 4,7%) van de bevolking, doordat
H 2.3.4
een aantal tijdelijke inkomensmaatregelen voor de laagste inkomens volgend jaar eindigen. In 2022 konden onze inwoners onder bepaalde voorwaarden energietoeslag aanvragen. 95% van de mensen die hiervoor in aanmerking kwamen in de groep tot 120% van het minimuminkomen heeft hiervan gebruik gemaakt. Bijkomend effect is dat bij het aanvragen ook de bekendheid van onze eigen minimaregelingen enorm is vergroot. Het gebruik van de Cunerapas is met maar liefst 50% toegenomen. Het is goed dat onze regelingen door de mensen die er recht op hebben ook daadwerkelijk worden gevonden. Hierdoor kunnen meer mensen op een positieve manier meedoen in de samenleving. De verschillende minimaregelingen zijn open einde regelingen. Dit betekent dat de uitgaven worden bepaald door de mate van beroep dat wordt gedaan op de regelingen. We monitoren de ontwikkeling van de uitgaven en stellen de budgetten bij waar nodig. Voor de energietoeslag van 2023 verwachten we een tekort aan middelen die hiervoor door het Rijk ter beschikking is gesteld. We zien vooralsnog geen aanleiding om de budgetten structureel bij te stellen. Ook omdat we met de uitvoering van het plan van aanpak armoedebestrijding de ambitie hebben om de armoede in Rhenen terug te dringen. In de risicoberekening voor het bepalen van ons weerstandsvermogen zullen we wel de weging van de minimaregelingen aanpassen.
Ontwikkeling bijstand Door de gunstige arbeidsmarktontwikkeling is er de laatste jaren sprake van een dalende trend van het aantal bijstandscliënten geweest. Eind 2022 zien we echter weer een relatief grote instroom c.q. lage uitstroom. Begin 2023 zien we weer een daling van de instroom. In de laatste macro economische verkenning wordt landelijk voor 2023 een daling van de bijstand verwacht. Er is echter wel sprake van een toename van het aantal statushouders als gevolg van de hoge instroom van asielzoekers. Landelijk onderzoek toont aan dat een deel van de statushouders
41
Programma 4 Sociaal maatschappelijk
voor meerder jaren in de bijstand terecht komt. Zo blijkt bijvoorbeeld dat van de statushouders uit 2015 ruim 20% eind 202 nog in de bijstand zitten. Op de langere termijn zijn er zorgen omdat er steeds meer mensen instromen die eerst in de WAJONG zouden instromen. Voor deze mensen is de afstand tot de arbeidsmarkt vaak groot/groter. Tegelijkertijd zijn er allerlei ontwikkelingen gaande om werkgevers in staat te stellen ook deze doelgroep in dienst te nemen (participatiewet-breed offensief). Onze conclusie is dat meer tijd nodig hebben om te kijken of de bijstand zich ontwikkelt zoals onze verwachting is in de huidige meerjarenbegroting. Als de rijkvergoeding niet voldoende is om eventuele hogere uitgaven op te vangen dan is ultimo 2022 een reserve WWB beschikbaar van € 670.000.
H 2.3.4
Herinrichting Sportpark Candia Gemeente Rhenen en de parkcommissie van Sportpark Candia zijn in gesprek over de herinrichting van Sportpark Candia. In het Bestuursprogramma is opgenomen dat we streven naar multifunctionele sportaccommodaties. Het huidige Sportbeleid 2019-2023 biedt geen afwegingskader voor het honoreren van initiatieven voor sportaccommodaties. Daarom maken we een verkenning: wat zijn de ambities en de rol van de gemeente als het gaat om multifunctionele sportaccommodaties? En hoe gaan we om met verzoeken en initiatieven vanuit de samenleving? Dit leggen we vast in een beleid voor multifunctionele sportaccommodaties (inclusief de sportvelden). Hiermee krijgen we een afwegingskader voor een onderbouwde bestuurlijke reactie op initiatieven vanuit de samenleving, zoals de herinrichting van het Sportpark Candia, inclusief een financiële onderbouwing.
Wat kost het? Financieel overzicht (x € 1.000)
2024
2025
2026
2027
Saldo van baten en lasten
Mutaties reserves
Geraamd resultaat
Geraamd resultaat
Geraamd resultaat
Geraamd resultaat
19.469 N
42 V
19.427 N
19.246 N
19.290 N
19.290 N
200 N
0N
200 N
124 N
58 V
67 V
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
19.669 N
42 V
19.627 N
19.370 N
19.232 N
19.223 N
50 N
15 V
35 N
35 N
35 N
35 N
19.719 N
57 V
19.662 N
19.405 N
19.267 N
19.268 N
Vertrekpunt kadernota Bijstellingen bestaand beleid Beleidsvoornemens wettelijk/onvermijdelijk Subtotaal (A) Beleidsvoornemens bestuursprogramma (B) Totaal (A+B) Toelichting bijstellingen bestaand beleid 4. Programma Sociaal - Maatschappelijk
DP
2024
2025
a.
Evaluatie transitieplan IW4 en financiering Wsw
4.6
62 N
b.
Vervallen taakstelling jeugd doordat aanvullende besparing 2024 van Kabinet Rutte IV wordt gecompenseerd in het gemeentefonds
4.2
77 N
c.
Kaderbrief GGDru 2024 en 1e begrotingswijziging 2023
4.1
d.
Proeftuin veiligheid (wet toekomstscenario jeugd en gezinbescherming)
e.1
2026
2027
58 N
131 V
131 V
35 N
33 N
33 N
33 N
4.2
52 N
52 N
52 N
52 N
Bijstelling afschrijvingslasten
div
28 V
28 V
21 V
17 V
e.2
Bijstelling toegerekende rentelasten
div
2N
9N
9N
4V
f.
Huisvestingsplan onderwijs
4.1
p.m.
p.m.
p.m.
124 N
58 V
67 V
Totaal
200 N
42
Programma 4 Sociaal maatschappelijk
H 2.3.4
Programma 5 ECONOMIE EN TOERISME 43
Programma 5 Economie & toerisme
Maatschappelijk doel Gemeente Rhenen is een gemeente waar het goed ondernemen is waarbij de kwaliteit van de leefomgeving in acht wordt genomen
H 2.3.5
Wat doen we nu? De reguliere activiteiten in programma Economische zaken & Toerisme richten zich onder meer op: het ondernemersklimaat, de agrarische sector, toerisme en recreatie, cultuur- en erfgoed en deelname aan reguliere overleggen in de regio over economische zaken en rondom landbouw.
Wat willen we nog meer doen? (x € 1.000)
DP
2024
2025
2026
2027
5.1
33 N
33 N
13 N
13 N
20 V
20 V
66 N
41 N
51 N
21 N
20 V
20 V p.m.
Programma 5 - Economie & Toerisme Bestuursprogramma 5a.
Opstellen cultuurnota 2024-2027 Dekking bestuursprogramma /begroting 2023
5b.
Uitvoeren erfgoedvisie
5.1
Dekking bestuursprogramma /begroting 2023 5c.
Nieuwe Regio Deal Foodvalley
5.1
p.m.
p.m.
p.m.
5d.
Uitvoeren economische agenda
5.1
45 N
45 N
45 N
Dekking reserve collegeprogramma
22 V
22 V
22 V
Dekking stimuleringsmiddelen
15 V
15 V
15 V
50 N
50 N
50 N
50 N
50 V
50 V
50 V
50 V
67 N
42 N
52 N
34 N
5e.
Uitvoeringsbudget landelijk gebied Dekking begroting + eventuele subsidies
Totaal
5a Opstellen cultuurnota 2024-2027: Investeren in cultuur De huidige cultuurnota ‘Cultuurrijk Rhenen’ moet worden opgevolgd door een nieuwe cultuurnota. Het participatietraject met de stakeholders is inmiddels gestart. De cultuursector wil vooruit en maakt volop plannen voor de toekomst. Indien we in 2024 meer invulling willen geven aan het cultuurbeleid zullen er extra middelen beschikbaar moeten komen. In het bestuursprogramma is voor de periode 2023-2025 € 20.000 per jaar opgenomen voor een extra impuls aan muziekonderwerpen en cultuurbeoefening voor kinderen. Daarbovenop ramen we € 10.000 structureel budget voor het cultuurfonds waarmee meer aanvragen door het cultuurplatform kunnen worden gehonoreerd (huidig budget € 15.000). Daarnaast ramen we een structureel
5.1
budget van € 2.500 ter ondersteuning van de Stichting Muziekonderwijs die het mogelijk moet maken dat iedereen gebruik kan maken van muziekonderwijs (huidig budget € 1.250). 5b Uitvoeren Erfgoedvisie: We behouden het Rhenens erfgoed door uitvoeren van de Erfgoedvisie In de Erfgoedvisie is vastgelegd hoe Rhenen omgaat met het erfgoed van de gemeente en waar de aandachtspunten en prioriteiten voor de komende jaren liggen. De geformuleerde ambities zijn samen te vatten in: de basis op orde, benutten, uitdragen en organiseren. Vanuit de visie is een uitvoeringsprogramma opgesteld waar inzet van extra middelen mee zijn gemoeid. Het gaat om een structureel budget van € 21.250 en een incidenteel budget van € 75.000 voor de 44
Programma 5 Economie & toerisme
jaren 2024-2026. Indien er geen extra middelen beschikbaar komen kunnen de ambities niet of in mindere mate worden gerealiseerd. 5c Nieuwe Regio Deal Foodvalley: Eind 2023 loopt de huidige Regio Deal van de Regio Foodvalley af. Dit biedt mogelijkheden om vanaf begin 2024 een nieuwe Regio Deal te sluiten. Afgelopen tijd is een verkenning gedaan naar de interesse voor een nieuwe Regio Deal en welke onderwerpen er dan centraal zouden moeten staan. Uit de verkenning kwam naar voren dat alle transities (landelijk gebied/stikstof, woningbouw, energietransitie, etc.) samenkomen in de Regio Foodvalley. Er zijn al programma’s om deze transities vorm te geven, maar in deze programma’s is weinig aandacht voor hoe de inwoners uit de regio kunnen aanhaken op deze transities. De nieuwe Regio Deal zou als doel moeten hebben om de brede welvaart in de gehele regio te verbeteren. Hier ligt de focus op vier pijlers: Economisch, Natuurlijk, Menselijk en Sociaal kapitaal. Het is de bedoeling dat er vooral aangesloten wordt op bestaande programma’s en projecten, zoals de Human Capital Agenda die begin dit jaar is vastgesteld. In de tweede helft van 2023 wordt door het Algemeen Bestuur van de Regio Foodvalley of er een voorstel wordt ingediend bij Ministerie van Binnenlandse Zaken om in aanmerking te komen voor een nieuwe Regio Deal.
In de begroting is een jaarlijkse bijdrage opgenomen voor apparaatskosten van het regiokantoor en het uitvoeren van de programma’s uit de Strategische Agenda. Het is de bedoeling om in grote lijnen
H 2.3.5
aan te sluiten op bestaande programma’s en projecten. Hierdoor kan een groot deel van de bijdrage van de Regio en dus de gemeenten voor de Regio Deal vallen onder de jaarlijkse bijdrage van de gemeenten. Dit zou betekenen dat hiervoor geen extra budget nodig is. Echter zullen er ook nieuwe programma’s en projecten uit de Regio Deal voortkomen waar mogelijk wel extra budget voor nodig is. Er is een p.m. raming opgenomen omdat op dit moment nog niet bekend is wat de kosten voor de regiogemeenten zijn. Daarvoor moet er eerst een nieuw programma zijn. 5d Uitvoeren economische agenda: Ruimte voor ondernemerschap Het opstellen van een economische agenda heeft door de coronapandemie vertraging opgelopen. Doel van de economische agenda is het versterken van de lokale economie. Samen met ondernemend Rhenen, Elst en Achterberg is er een agenda uitgewerkt waarij de komende vier jaar de focus wordt gezet op 5 thema's: vitale kernen, stimulerend ondernemersklimaat, toekomstbestendig bedrijventerrein, toekomstbestendig buitengebied en human capital. Om de doelen te behalen is coördinator/verbinder nodig. We gaan uit van een formatieuitbreiding van 0,5 fte voor deze bestuursperiode. In de Perspectiefnota 2022 zijn middelen beschikbaar gesteld voor de economische impuls. Het betreft € 58.000 incidenteel en € 15.000 structureel.
De incidentele middelen zijn in 2022 niet uitgegeven en worden nu ingezet ter dekking van de tijdelijke formatieuitbreiding. Voor de jaren 2024 - 2026 worden de structurele middelen eveneens ingezet voor de formatie-uitbreiding.
45
H 2.3.5
Programma 5 Economie & toerisme
5e Uitvoeringsbudget landelijk gebied: De agrarische sector neemt een belangrijke positie in onze lokale samenleving. De komende jaren staat de agrarische sector onder druk door maatregelen vanuit het Rijk. Het is de ambitie van dit college dat de agrarische sector blijft bestaan in onze gemeente. Wij kiezen ervoor om als gemeente onze agrariërs te steunen in deze onzekere tijden. Als gemeente nemen we deel aan drie provinciale gebiedsprocessen (waaronder gebiedsproces Binnenveld), de ontwikkeling van het RPLG vanuit regio Foodvalley en wordt er op dit moment gewerkt aan een regionale uitvoeringsteam piekbelastersaanpak. Om als gemeente betrokken te zijn bij deze processen en om onze agrariërs te ondersteunen hebben we sinds 1 april een adviseur landelijk gebied. Vanwege bovenstaande ontwikkelingen en om onze agrariërs te betrekken zijn uitvoeringsbudgetten nodig. Het gaat dan hier om (eigen) onderzoeken, beleidsvorming en -uitvoering, communicatie en participatie. Via regio Foodvalley zijn we in gesprek met het ministerie van LNV om de extra kosten die de gemeenten maken gecompenseerd te krijgen. Op dit moment is daar nog geen uitsluitsel over te geven. Daarnaast is er in de begroting (beperkte) financiële ruimte voor uitvoering van de Foodvalley projecten.
Welke ontwikkelingen zien we? Stadshaven In 2020 is een burgerinitiatief gestart met als doel de bestaande troosteloze passantenhaven te vernieuwen. De raad heeft in 2020 en 2021 middelen beschikbaar gesteld voor plankosten, een bruidsschat en herontwikkeling van het omliggende gebied. De kosten voor aanpassing van de haven komen voor rekening van de initiatiefnemers. De gemeente draagt bij in deze kosten met de bruidsschat van € 225.000. Voor de integrale gebiedsontwikkeling zijn drie scenario's geschetst met daarbij een globale kostenraming. De investeringskosten van de scenario's variëren tussen € 1 - € 1,5 miljoen (kapitaallast € 41.000 - € 63.000). In de begroting en bestuursprogramma is geen rekening gehouden met deze investeringen. In de raad van september 2023 is een kredietaanvraag voorzien. Dan zal ook worden voorgesteld op welke wijze deze kosten gedekt kunnen worden.
Wat kost het? Financieel overzicht (x € 1.000)
Vertrekpunt kadernota
2024
2027
Mutaties reserves
Geraamd resultaat
Geraamd resultaat
Geraamd resultaat
Geraamd resultaat
1.164 N
17 V
1.147 N
1.147 N
1.145 N
1.145 N
0N
0N
0N
0N
0N
1V
1.164 N
17 V
1.147 N
1.147 N
1.145 N
1.144 N
89 N
22 V
67 N
42 N
52 N
34 N
1.253 N
39 V
1.214 N
1.1189 N
1.197 N
1.178 N
Beleidsvoornemens bestuursprogramma (B) Totaal (A+B)
2026
Saldo van baten en lasten Bijstellingen bestaand beleid Subtotaal (A)
2025
Toelichting bijstellingen bestaand beleid 5. Programma Economie
DP
a. Bijstelling toegerekende rentelasten
5.1
2024
2025
2026
2027 1V
46
Programma 5 Economie & toerisme
H 2.3.5
Programma 6 VEILIGHEID & HANDHAVING 47
Programma 6 Veiligheid & handhaving
H 2.3.6
Maatschappelijk doel Rhenen is een gemeente waar inwoners, bezoekers en ondernemers veilig zijn en zich veilig voelen. Wat doen we nu? Openbare orde en veiligheid De reguliere activiteiten in deelprogramma Openbare orde en veiligheid richten zich op: Criminaliteitsaanpak, ondermijning, buurtbemiddeling, demonstraties, brandweerzorg, crisisbeheersing en geneeskundige zorg. Handhaving De reguliere activiteiten in deelprogramma Handhaving richten zich op: toezicht, juridische en bestuurlijke handhaving en de taken van de boa’s.
Wat willen we nog meer doen? (x € 1.000)
DP
2024
2025
6.1
20 N
20 N
20 N
20 N
2026
2027
0N
0N
Programma 6 - Veiligheid & Handhaving Bestuursprogramma 6a. Totaal
48
Uitvoeren aanbevelingen evaluatie jaarwisseling Achterberg
48
Programma 6 Veiligheid & handhaving
6a Uitvoeren aanbevelingen evaluatie jaarwisseling Achterberg Jaarwisseling Achterberg wordt weer een veilig feest Dit jaar gaan we verder aan de slag met de aanbevelingen uit de evaluatie van de jaarwisseling 2021-2022. In het afgelopen jaar hebben we gewerkt aan het aanscherpen van het handelingskader en zijn we gestart met het creëren van verbinding. Het komende jaar willen we hier meer mee bezig gaan door een bondgenoten overleg op te zetten en een extern bureau te betrekken bij het zoeken naar alternatieven voor de huidige jaarwisseling in Achterberg. Dit zal extra kosten met zich meebrengen. Ook beseffen we ons dat niet alles in één jaar opgelost kan worden.
H 2.3.6
Dit betekent dat we naar verwachting op de langere termijn hierin moeten blijven investeren. Het creëren van verbinding vergt naast ambtelijke capaciteit de inschakeling van een externe partij voor gerichte communicatie en het werken aan een alternatief voor de huidige jaarwisseling. Ook het organiseren van preventieve acties, zoals het inzetten van een vuurwerkbus of het verspreiden van flyers/folders vraagt om extra middelen. We ramen voor 2024 en 2025 incidenteel € 20.000. 49
Programma 6 Veiligheid & handhaving
H 2.3.6
Wat kost het? Financieel overzicht (x € 1.000)
2024
2025
2026
2027
Saldo van baten en lasten
Mutaties reserves
Geraamd resultaat
Geraamd resultaat
Geraamd resultaat
Geraamd resultaat
2.393 N
56 V
2.337 N
2.337 N
2.336 N
2.336 N
113 N
0N
113 N
113 N
113 N
112 N
0N
0N
0N
0N
0N
0N
2.506 N
56 V
2.450 N
2.450 N
2.449 N
2.448 N
20 N
0N
20 N
20 N
0N
0N
2.526 N
56 V
2.470 N
2.470 N
2.449 N
2.448 N
Vertrekpunt kadernota Bijstellingen bestaand beleid Beleidsvoornemens wettelijk/onvermijdelijk Subtotaal (A) Beleidsvoornemens bestuursprogramma (B) Totaal (A+B)
Toelichting bijstellingen bestaand beleid 6. Programma Veiligheid
DP
2024
2025
2026
2027
a.
Kadernota 2024 VRU: dekking stelpost prijsinflatie
6.1
114 N
114 N
114 N
114 N
b.1
Bijstelling afschrijvingslasten
6.1
1V
1V
1V
1V
b.2
Bijstelling rentelasten
6.1
Totaal
1V 113 N
113 N
113 N
112 N
50
Programma 7 ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN 51
Programma 7 Algemene dekkingsmiddelen
Inleiding In dit programma zijn de middelen verantwoord die vooraf geen bepaald bestedingsdoel hebben of niet toe te rekenen zijn aan de inhoudelijke programma’s. Voorbeelden hiervan zijn: belastingen, uitkeringen uit het gemeentefonds, treasury, dividend en onverdeelde lasten (stelposten).
H 2.3.7
Welke ontwikkelingen zien we? Weer geen duidelijkheid over uitbreiding gemeentelijke belastinggebied In de voorjaarsnota van het Rijk is weer geen duidelijkheid gegeven of het gemeentelijke belastinggebied al dan niet wordt uitgebreid of herzien. Het Rijk schrijft slechts: “In samenspraak met de VNG wordt bekeken welke mogelijkheden er zijn qua modernisering en uitbreiding van het belastinggebied.” Dus het blijft afwachten welke mogelijkheden gemeenten krijgen om hun financiële armslag te vergroten.
Wat willen we nog meer doen? Wat willen we extra gaan doen in 2024-2027 - vervolg
DP
2024
2025
2026
2027
7.1
300 N
600 N
600 N
0N
300 N
600 N
600 N
0N
Programma 7. Algemene dekkingsmiddelen Bestuursprogramma 7a. Demping woonlasten 2024 - 2026 Totaal 7a. Wens college ontwikkeling woonlasten 2024- 2026 In de begroting 2023 is de wens van het college opgenomen om de woonlasten in deze bestuursperiode niet te laten stijgen. De groep inwoners die door de alsmaar stijgende prijzen het financieel niet meer redden neemt toe. Daarom is bij de Najaarsrapportage 2022 besloten om incidenteel € 500.000 vrij te maken voor mensen in (energie)armoede. Dit is een gerichte
impuls voor inwoners in de meest kwetsbare positie. In het verlengde hiervan is besloten om de woonlasten in 2023 niet te laten stijgen. Dit betreft een maatregel die alle inwoners ten goede komt. Het is niet de verwachting dat de druk op de financiële huishouding van inwoners de komende jaren significant verbetert. Daarom heeft het college de wens om de woonlasten voor een gemiddeld gezin voor een langere periode niet te verhogen (periode 2024 – 2026).
Wat kost het? Financieel overzicht (x € 1.000)
Vertrekpunt kadernota Bijstellingen bestaand beleid Subtotaal (A) Beleidsvoornemens bestuursprogramma (B) Totaal (A+B)
2024
2025
2026
2027
Saldo van baten en lasten
Mutaties reserves
Geraamd resultaat
Geraamd resultaat
Geraamd resultaat
Geraamd resultaat
36.287 V
135 V
36.422 V
37.545 V
35.484 V
35.484 V
1.137 V
0N
1.137 V
1.109 V
855 V
281 V
37.424 V
135 V
37.559 V
38.654 V
36.339 V
35.765 V
300 N
0N
300 N
600 N
600 N
0N
37.124 V
135 V
37.259 V
38.054 V
35.739 V
35.765 V 52
Programma 7 Algemene dekkingsmiddelen
H 2.3.7
Toelichting bijstellingen bestaand beleid 7. Programma Algemene dekkingsmiddelen
DP
2024
2025
2026
2027
a.
OZB opbrengst door actualisatie woningbouwplanning en gewogen inflatiepercentage
7.1
246 V
246 V
272 V
456 V
b.
Indexering overige inkomsten door actualisatie gewogen inflatiepercentage
7.2
133 V
133 V
137 V
190 V
c.
Hogere loonontwikkeling 2024-2027
7.2
15 N
509 N
719 N
1.533 N
d.
Prijsontwikkelingen obv 80% budgetten
7.2
317 N
117 N
96 V
161 N
e.
Arbeidsmarktbudget
7.2
50 N
50 N
50 N
50 N
f,
Ontwikkelingen gemeentefonds decembercirculaire:
f.1
Extra inkomsten decembercirculaire 2022
7.2
172 V
145 V
114 V
114 V
f.2
Te reserveren uit decembercirculaire
7.2
17 N
18 N
17 N
17 N
g.
Ontwikkelingen gemeentefonds vooruitlopend op meicirculaire 2023
g.1
Verwachte loon- en prijscompensatie meicirculaire 2023
7.2
586 V
981 V
1.058 V
1.103 V
g.2 Uitkering door bevriezen hervormingsagenda jeugd in 2024 en 2025 op niveau 2023
7.2
86 V
189 V
g.3 Compensatie Rijk door vervallen aanvullende besparing kabinet Rutte IV in 2024. Gelijktijdig hiermee komt taakstelling bij jeugd maatwerk te vervallen.
7.2
96 V
g.4 Volume-accres 2027
7.2
g.5 Overige bijstelling gemeentefonds waaronder maatstaven en compensatie jeugd n.a.v. uitkomsten jeugd door commissie van wijzen.
7.2
344 V
251 V
331 V
507 V
h.
Meer inhuur door krapte op arbeidsmarkt (zie onderdeel overige ontwikkelingen programma 1 Bedrijfsvoering)
7.2
250 N
250 N
250 N
250 N
i.1
Dekking kadernota RAZU 2023 uit stelpost prijsinflatie
7.2
15 V
15 V
15 V
15 V
i.2
Dekking kadernota VRU 2024 uit stelpost prijsinflatie
7.2
93 V
93 V
93 V
93 V
i.3
Dekking aanbesteding accountant uit stelpost prijsinflatie
7.2
14 V
14 V
14 V
14 V
j.
Stelpost onvoorzien 2027
7.2
k.
Hogere financieringslasten door rente kasgeld en hogere rente van nog aan te trekken langlopende geldleningen
7.2
Totaal
144 V
5N 1.136 V
15 N
240 N
340 N
1.108 V
854 V
280 V
53
H 2.3.7
Programma 7 Algemene dekkingsmiddelen
H3 UITGANGSPUNTEN 54
3.1 Inleiding In de perspectiefnota (nu kadernota) stelt de raad uitgangspunten vast voor het opstellen van de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025-2027. In de financiële verordening heeft de raad besloten de uitgangspunten uit deze nota een op een over te nemen in de begroting. Vanzelfsprekend zal het college bij het opstellen van de begroting de vastgestelde uitgangspunten tegen het licht houden en de raad over de significante verschillen informeren.
Door het interne capaciteitstekort bij financiën is het helaas niet gelukt om de uitgangspunten over diverse rentepercentages zoals de rente voor de grondexploitaties, de omslagrente en de overheadpercentages te berekenen. Dit geldt ook voor de hoogte van de overheadpercentages. Daarvoor is als uitgangspunt genomen dat de berekeningswijze op dezelfde manier zal plaatsvinden als bij de begroting 2023. 55
Uitgangspunten
Nr.
Exploitatie
Indexering
Toelichting
1.1 Loonindexering
2024: 5,45% 2025: 6,15% 2026: 5,25% 2027: 4,65%
De loonstijgingen zijn gebaseerd op de prognose van het Centraal Planbureau voor het percentage prijs overheidsconsumptie beloning werknemers (CEP maart 2023). Dat percentage is verhoogd met 0,50% voor de werkgeverslasten en 0,25% voor de incidentele loonontwikkeling.
1.2 Prijsontwikkeling
Jeugd maatwerk: 2024: 4,61% 2025: 3,60% 2026: 3,93% 2027: 3,76%
De prijsontwikkelingen bij jeugd maatwerk zijn gebaseerd op het OVA percentage. De percentages zijn afkomstig van de Nederlandse zorgautoriteit en van de prognoses van het Centraal Planbureau (CEP maart 2023). De aangegeven percentages zijn gebaseerd op t-1. Het gepresenteerde percentage 2024 is de verwachte prijsontwikkeling in 2023. Dit is overeenkomstig de afspraken die hierover in regionaal verband zijn gemaakt. Dick nog contact over met Ede!!
Overig: 2024: 3,90% 2025: 1,60% 2026: 1,60% 2027: 1,60%
De prijsontwikkelingen bij de overige budgetten zijn gebaseerd op de prognose van het Centraal Planbureau voor de prijs materiële overheidsconsumptie uit het CEP maart 2023 (IMOC percentage).
2.1 Rente kortlopende geldleningen
2024-2027: 1,50%
Het percentage is gebaseerd op een kortlopende geldlening van 1 jaar.
2.2 Rente langlopende geldleningen
2024-2027: 3,41%
Het percentage is gebaseerd op de rente van een 30 jarige lineaire geldlening (peildatum 2 mei).
2.3 Rente grondexploitatie
2024-2027: nnb
Dit percentage is zoals vermeld in de inleiding nog niet bekend. De berekening van dit percentage is wettelijk bepaald. Het betreft het gewogen gemiddelde percentage van de geldleningen op 1-1-2024. Dit percentage wordt vervolgens gerelateerd aan de verhouding vreemd vermogen / totaal vermogen.
H 3.1
1. Loon en prijs-ontwikkelingen
2. Rente en renteomslag
NB in het gepresenteerde financieel perspectief is het percentage van 1,63% uit de begroting 2023 aangehouden. 2.4 Rente omslagpercentage
2024-2027: nnb
Dit percentage is zoals vermeld in de inleiding nog niet bekend. De berekening van dit percentage vindt plaats door de centraal verantwoorde rentelasten te verminderen met de rentebaten en de rente die wordt toegerekend aan de grondexploitatie. De uitkomst daarvan wordt gerelateerd aan de boekwaarde van de vaste activa. Met het renteomslagpercentage worden de rentelasten toegerekend aan de (deel)programma’s. NB in het gepresenteerde financieel perspectief is het percentage van 1,44% uit de begroting 2023 aangehouden.
56
Uitgangspunten
Nr.
Exploitatie en balans
Indexering
Toelichting
3.
Overige uitgangspunten
3.1
Gewogen inflatiepercentage
2024: 8,44% 2025: 2,74% 2026: 2,51% 2027: 2,36%
Het gewogen inflatiepercentage is een combinatie van de verwachte prijs- en loonontwikkeling. In het percentage 2024 is ook rekening gehouden met het effect van de nacalculatie van 2023 (4,15%).
3.2
Indexering subsidies
2024: 3,90% 2025: 1,60% 2026: 1,60% 2027: 1,60%
In de ramingen is rekening gehouden met een indexering van de subsidies met de prijs materiële overheidsconsumptie (IMOC percentage). Zie ook 1.2.
3.3
Volumegroei jeugd en WMO
In de ramingen voor de WMO en Jeugd in meerjarig geen rekening gehouden met volumegroei.
3.4
Uitkering gemeentefonds
De begroting 2024 en de meerjarenraming 2025-2027 worden opgesteld op basis van de meicirculaire 2023.
3.5
Overheadpercentages
Deze percentages zijn zoals vermeld in de inleiding nog niet bekend. Bij het bepalen van de hoogte van de overheadpercentage voor de in de begroting 2024 zal dezelfde berekeningswijze worden toegepast als in de begroting 2023. In de tarieven van de leges en de bestemmingsheffingen zullen die percentages worden gebruikt. Overheadpercentages: 1. Medewerkers gemeentehuis: nnb 2. Medewerkers Remmerden: nnb
H 3.1
57