Begroting 2022-online klein def
Tekst van het document
Bestuurlijk belang incl wijzigingen
Burgemeester Van der Pas zit namens de gemeente in het bestuur van het Regionaal Archief Zuid-Utrecht.
Eigen Vermogen
1-1-2022: € 799.146
31-12-2022: niet beschikbaar
Vreemd Vermogen
1-1-2022: € 74.591
31-12-2022: niet beschikbaar
Begrotingsesultaat GR 2022
€0
Bijdrage gem Rhenen
2022: 90.722 2021: € 90.345 2020: € 88.993
Relatie beoogd maatschappelijk effect
Het RAZU levert een belangrijke bijdrage aan het culturele erfgoed binnen onze gemeente. En draagt dus bij aan verbetering van het klimaat op het gebied van kunst en cultuur.
Risico’s
Het RAZU heeft op de balans uitsluitend financiële activa. Daarom bestaan er ten aanzien van materiële eigendommen geen risico’s. Een eventueel negatief exploitatiesaldo zal door de deelnemende gemeenten afgewikkeld worden, conform de gemeenschappelijke regeling (GR).
Doelen/ontwikkelingen Uitvoering reguliere taken op gebied van - Beheer en 2022 behoud - . Dit heeft betrekking op de oudere, openbare archieven en collecties van de gemeenten en van particulieren die naar de archiefbewaarplaats in Wijk bij Duurstede zijn overgebracht. Eind 2020 ging het om 626 verschillende archieven en verzamelingen vanaf 1300 tot heden met een omvang van 4,4 strekkende kilometer. Het jaar 2022 is het laatste van de vierjarige beleidsperiode, waarvoor het bestuur in december 2018 het plan Vooruit met het verleden vaststelde. In dit plan wordt gewerkt met 17 actielijnen en met acties die concretiseren wat we moeten doen om de missie als moderne archiefdienst waar te maken. Belangrijke actielijnen zijn het e-depot en dienstverlening op afstand en op locatie. In de tweede helft van 2021 zal begonnen worden met de evaluatie van het beleidsplan en de voorbereiding van het nieuwe beleidsplan vanaf 2023. In vervolg op het grote Privacy Programma dat in 2021 wordt uitgevoerd ter bescherming van de persoonsgegevens in de collectie van het RAZU, zullen in 2022 nog projecten plaatsvinden voor het beleid inzake auteursrechten en de juridische status van particuliere archieven en collecties. Programma
1 Bedrijfsvoering
Deelprogramma
1.3 facilitair Begroting 2022
1.3
programma dienstverlening
Inleiding De gemeente voert een aantal wettelijke (dienstverlenende) taken uit op het gebied van burgerzaken, verkiezingen en de Wet Openbaarheid van Bestuur. De klant wordt bediend door één herkenbare ingang te bieden voor alle diensten en beleidsvelden. Het invulling geven aan dit gastvrouwschap gemeentebreed maakt onderdeel uit van dit programma. De personeelskosten van specifieke dienstverlening - zoals bijvoorbeeld WMO en vergunningverlening - zijn opgenomen in het betreffende programma. De gemeente wil inwoners, bedrijven en instellingen een doeltreffende en doelmatige dienstverlening geven, zodat de gemeente een dienstbare, toegankelijke, betrouwbare, moderne en daadkrachtige overheid is. Het programma Dienstverlening kent het deelprogramma Rhenense publieksbalie. WAT WILLEN WE BEREIKEN? Maatschappelijk doel Doeltreffende en doelmatige dienstverlening aan inwoners, instellingen en bedrijven.
2
WAT MAG HET KOSTEN?
Programma
DIENSTVERLENING
(x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
Baten
230 V
222 V
222 V
222 V
Lasten
903 N
838 N
834 N
844 N
A. Saldo van baten en lasten
673 N
616 N
613 N
622 N
Onttrekking reserves
0N
0N
0N
0N
Toevoeging reserves
0N
0N
0N
0N
B. Mutaties reserves
0N
0N
0N
0N
673 N
616 N
613 N
622 N
Geraamd resultaat (A+B)
2
2.1
Deelprogramma
RHENENSE PUBLIEKSBALIE WAT WILLEN WE BEREIKEN? Beleidsdoel Goed bereikbaar voor inwoners, bedrijven en instellingen en open, deskundig en duidelijk in de wijze waarop wij gemeentelijke diensten verlenen. Onze inwoners weten zich gehoord en ondersteund in hun vragen aan de gemeente. 2.1.1 Vorm geven aan het programma Digitale Overheid 2020; burgers kunnen met al hun vragen zowel fysiek, telefonisch als digitaal bij de gemeente terecht. 2.1.2 Het beheren van betrouwbare basisregistraties, leveren van diensten en producten van burgerzaken en de burgerlijke stand. Daarnaast worden verkiezingen georganiseerd. WAT GAAN WE ER VOOR DOEN? Reguliere activiteiten: de Rhenense publieksbalie, burgerzaken (zoals burgerlijke stand, rijbewijzen, reisdocumenten), verkiezingen en de direct betrokken medewerkers.
36
WAT MAG HET KOSTEN? (x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
Baten
230 V
222 V
222 V
222 V
Lasten
903 N
838 N
834 N
844 N
A. Saldo van baten en lasten
673 N
616 N
613 N
622 N
Onttrekking reserves
0N
0N
0N
0N
Toevoeging reserves
0N
0N
0N
0N
B. Mutaties reserves
0N
0N
0N
0N
673 N
616 N
613 N
622 N
Geraamd resultaat (A+B)
programma fysiek
Inleiding Het programma fysiek kent de deelprogramma’s verkeer en openbare ruimte, ruimtelijke ontwikkeling en duurzaamheid. Verkeer en openbare ruimte In dit deelprogramma zijn de twee belangrijkste aandachtspunten: het waarborgen van de bereikbaarheid van de stad en de kernen in onze gemeente en het beheren van de openbare ruimte. De bereikbaarheid van de stad en de kernen betreft niet alleen de bereikbaarheid per auto of bijvoorbeeld fiets, maar ook de bereikbaarheid per openbaar vervoer (spoor en bus). Dit deelprogramma omvat de wegen, waterwegen (beheer van sloten), fietspaden, verkeer, verkeersveiligheid, openbaar vervoer en het parkeerbeleid. Het beheer van de openbare ruimte bestaat uit groenvoorziening (inclusief sportvelden), riolering, speelvoorzieningen, afvalverwerking en reiniging.
3
Programma
FYSIEK
37
Ruimtelijke ontwikkeling Dit deelprogramma omvat drie aandachtspunten, namelijk ruimtelijke ontwikkeling, ruimtelijke projecten, wonen en bouwen. Ruimtelijk ontwikkeling binnen de gemeente is met name gericht op het mogelijk maken van het comfortabel en betaalbaar wonen, nieuwbouw in inbreidingslocaties en nieuwe uitleg. Ook bestemmingsplannen vallen onder dit aandachtspunt. Ruimtelijke projecten bevat onder andere de bouwgrondexploitaties. Bouwen en wonen is vooral gericht op de woningbehoefte van de inwoners. Het woonbeleid valt hieronder, maar ook de uitvoering en toetsing van vergunningaanvragen. Tenslotte vallen onder dit deelprogramma ook de activiteiten met betrekking tot de Omgevingswet, de omgevingsvisie en het omgevingsplan. Duurzaamheid Dit deelprogramma gaat met name in op de beleidsmatige kant van duurzaamheid en milieu. Hieronder valt ook het beleid over ruimtelijke adaptatie.
3
programma fysiek
WAT WILLEN WE BEREIKEN? Maatschappelijk doel Het bevorderen en instandhouden van een gezond en duurzaam leefmilieu / openbare ruimte en in het bijzonder de zorg voor milieu, reiniging, afvalstoffenverwijdering en riolering. WAT MAG HET KOSTEN? (x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
Baten
6.465 V
6.437 V
6.136 V
6.231 V
Lasten
9.752 N
9.825 N
9.522 N
9.750 N
A. Saldo van baten en lasten
3.287 N
3.388 N
3.386 N
3.519 N
Onttrekking reserves
139 V
116 V
88 V
88 V
Toevoeging reserves
24 N
24 N
24 N
24 N
B. Mutaties reserves
116 V
92 V
64 V
64 V
3.171 N
3.296 N
3.321 N
3.455 N
Geraamd resultaat (A+B)
38
3
3.1
Deelprogramma
VERKEER EN OPENBARE RUIMTE
WAT WILLEN WE BEREIKEN? Beleidsdoel Rhenen is een leefbare gemeente, met een goed onderhouden, aantrekkelijke en evenwichtige openbare ruimte met bereikbare voorzieningen. 3.1.1 Een gemeente die verkeersveilig is, een goede doorstroming kent en bereikbaar is op elk moment van de dag met aandacht voor leefbaarheid en duurzaamheid. Het fietsgebruik wordt gestimuleerd en er is aandacht voor toekomstgerichte en integrale mobiliteit. 3.1.2 Rhenen is een prachtig groene gemeente met een goed onderhouden openbare ruimte en een veilige, schone en aantrekkelijke leefomgeving, inclusief voldoende speelvoorzieningen. Dit nodigt uit tot sociaal gedrag, verblijven en bewegen. 3.1.3 Bescherming van het milieu door de zorg voor een doelmatig beheer van afvalstoffen en een doelmatig beheer van afvalwater (veilige en milieuvriendelijke afvoer). 3.1.4 Elke burger heeft de mogelijkheid om begraven te worden in de gemeente Rhenen.
39
WAT GAAN WE ER VOOR DOEN? Reguliere activiteiten: inrichting, aanleg, onderhouden/schoonhouden van wegen, riolering en openbaar groen. Onder dit deelprogramma vallen ook de afvalinzameling, de lijkbezorging, het parkeren, de openbare verlichting, speelvoorzieningen, de wijkonderkomens in Rhenen en Elst en de direct betrokken medewerkers.
deelprogramma verkeer en openbare ruimte
Activiteiten en ontwikkelingen in 2022 Mobiliteitsbeleid In 2022 wordt een nieuw mobiliteitsplan opgesteld. Hierin wordt nadrukkelijk de koppeling gelegd met verschillende landelijke, provinciale en regionale mobiliteitsplannen, -visies en strategieën, waaronder de Visie op Rhenen. Het doel is samen met verschillende stakeholders tot een toekomstbeeld te komen van een duurzaam bereikbaar en verkeersveilig Rhenen. In het mobiliteitsplan komt vervolgens de uitwerking van de wensen die er leven binnen de gemeente tot concrete onderwerpen waar we op mobiliteitsgebied in de gemeente mee aan de slag willen. We doen dit stapsgewijs. Een aantal onderwerpen pakken we nu al op, zoals stimuleren van elektrisch rijden, deelmobiliteit en parkeren. Werken aan de weg In 2022 zal er naar verwachting aan de volgende gemeentelijke wegen worden gewerkt. In sommige gevallen is daarmee in 2021 al begonnen. 1. Franseweg: afronden riolering en inrichting naar 30 km zone; 2. Nieuwe Veenendaalseweg: eerste fase nieuw ontwerp weg; 3. parallelweg Cuneraweg: herinrichting weg; 4. Paardenveld: nieuw ontwerp; 5. Platanenlaan: plan nieuwe inrichting; 6. Bruine Engseweg: plan nieuwe inrichting
40
Daarnaast zijn er twee belangrijke mobiliteitsprojecten die een inspanning vragen van de gemeente, maar worden opgepakt door de provincie. Het betreft de projecten Doorfietsroute Veendenaal - Utrecht en de verbetering van de verkeersveiligheid Parallelweg langs de N233. WAT MAG HET KOSTEN? (x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
Baten
5.168 V
5.329 V
5.356 V
5.450 V
Lasten
7.602 N
7.747 N
7.779 N
8.009 N
A. Saldo van baten en lasten
2.434 N
2.417 N
2.423 N
2.559 N
Onttrekking reserves
67 V
66 V
66 V
66 V
Toevoeging reserves
24 N
24 N
24 N
24 N
B. Mutaties reserves
43 V
42 V
42 V
42 V
2.390 N
2.375 N
2.381 N
2.517 N
Geraamd resultaat (A+B)
3.1
deelprogramma verkeer en openbare ruimte
3.1
WIE HEBBEN WE DAARBIJ NODIG? Afvalverwijdering Utrecht (AVU) Vestigingsplaats
Soest
Doel
De AVU is een publiekrechtelijke organisatie met een wettelijk geregelde bestuurlijke basis: de Gemeenschappelijke Regeling, die de belangen behartigt van de Utrechtse gemeenten op het gebied van afvalbewerking en -verwerking. Op grond van de statuten van de gemeenschappelijke regeling Afvalverwijdering Utrecht en het door het Algemeen bestuur vastgestelde Beleidsplan heeft de AVU de zorg voor een goede, reguliere en milieuverantwoorde verwijdering van door de gemeente(n) ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen (restafval, grof huishoudelijk afval, GFT-afval, textiel, injectienaalden, oude medicijnen, glas, kunststof verpakkingsafval, vlakglas) en de inzameling van glas en papier en karton. Hiervoor heeft de AVU contracten afgesloten.
Deelnemende partijen
De AVU is een verbonden partij voor de deelnemende gemeenten die zijn gelegen in de provincie Utrecht en die in 1993/1984 tot de oprichting van en toetreding tot de gemeenschappelijke regelijk afvalwijdering Utrecht hebben besloten. Het gaat om 25 gemeenten in totaal. Uitzondering is gemeente Vijfheerenlanden, waarbij Vianen niet meer deelneemt na na de herindeling met Zederik en Leerdam sinds 1 januari 2021.
Openbaar belang en ontwikkelingen
De AVU bundelt de deskundigheid van de aangesloten gemeenten, waardoor er voor beleid en uitvoering een platform met veel (plaatselijke) kennis beschikbaar is. Ook op dat gebied is de AVU van de gemeenten en werkt zij ten dienste van de gemeenten. Het zorgdragen voor een goede, reguliere en milieuverantwoorde verwerking van door de gemeenten ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen en de inzameling van glas, papier en karton, kunststof, ofwel de inzameling, het overladen, het transport en de verwerking van huishoudelijke afvalstoffen. Grote veranderingen in de contractafspraken met betrekking tot de afvalstromen verpakkingen en grof huishoudelijk afval, welke van invloed zijn op de inhoud van de begroting zijn respectievelijk in 2021 en 2022 doorgevoerd in de begroting. Zo worden er per 2021 geen post-collection-kosten voor de verpakkingen (PMD) meer opgenomen en is grof huishoudelijk afval per 2022 geen onderdeel meer van brandbaar afval, maar wordt als een aparte afvasltroom in de begroting verwerkt en weergegeven.
Bestuurlijk belang (incl wijzigingen)
De provincie Utrecht en alle in de provincie Utrecht gelegen gemeenten zijn vertegenwoordigd in het Algemeen Bestuur. Wethouder De Rooij vertegenwoordigt de gemeente Rhenen in het Algemeen Bestuur van de AVU. Voorts heeft de AVU eeen belang in ROVA en in BV Afvaloverslag. Van beide organisaties is AVU aandeelhouder. ROVA verzorgt voor AVU in de regio Amersfoort het overladen en transporteren van het restafval, grof huishoudelijk afval het GFT-afval en het kunststof verpakkingsafval gecombineerd met drankenkartons en blik. De BV Afvaloverslag verzorgt in Ede het overladen en transport van het restafval, grof huishoudelijk restafval en GFT-afval en het kunststof verpakkingsafval gecombineerd met drankenkartons en blik voor de gemeente Veenendaal, Rhenen, Renswoude en Utrechtse Heuvelrug (Amerongen, Doorn, Leersum).
Eigen Vermogen
1-1-2022: € 350.000
31-12-2022: € 350.000
Vreemd Vermogen
1-1-2022: € 15.095.000
31-12-2022: € 15.085.000
Begrotingsesultaat GR 2022
€0
41
programma fysiek
deelprogramma verkeer en openbare ruimte
Afvalverwijdering Utrecht (AVU) - vervolg Bijdrage gem Rhenen
2022: € 1.017.878* 2021: € 953.390* 2020: € 644.922 * De bijdragen van de gemeente Rhenen voor de 2021 en 2022 is nog gebaseerd op de hoeveelheid afval vóórdat de maatregelen vanuit het afvalbeleidsplan van kracht zijn geworden. Ten opzichte van 2020 zijn in 2021 en 2022 de prijzen van het verbranden van afval fors gestegen (onder meer door maatregelen vanuit de rijksoverheid).
Relatie beoogd maatschappelijk effect
Duurzame ontwikkeling gaat ook over milieu en dus over afvalverwijdering. Door te zorgen voor een milieuverantwoorde verwerking van afval wordt zo min mogelijk schade aangericht aan de natuur.
Risico’s
De AVU kent met uitzondering van een reservering voor onderhoud en risico voor de glas-, papier- en kleidingbakken- geen reserves en/of voorzieningen. Dit betekent dat eventuele tegenvallers direct worden verrekend met de deelnemende gemeenten. De vraag is of er tegenvallers te verwachten zijn. De overslag, het transport en de afvalverwerking is tot en met 2020 zeker gesteld. Ook de tarieven kunnen geen onverwachte tegenvallers opleveren. Deze staan vast tot eind 2020 en kunnen uitsluitend worden aangepast door middel van een jaarlijkse indexering, terwijl er voor de verwerking van het restafval en grof huishoudelijk afval een overeenkomst is gesloten die geen indexering kent. Verder worden bij het sluiten van de overeenkomsten de risico’s contractueel bij de opdrachtnemer neergelegd. Als er al een tegenvaller kan ontstaan, is dit veelal het gevolg van nieuw Rijksbeleid, met name op het belastinggebied. De nota Weerstandsvermogen en Risicobeheersing is in 2015 door het Algemeen Bestuur vastgesteld. De belangrijkste conclusie uit deze nota is dat een discontinuïteit in de afvoer en de verwerking van met name het huishoudelijk en het grof huishoudelijk restafval en het GFT-afval kan leiden tot de kortdurende inzet van extra financiële middelen. De kans hierop wordt echter zeer klein ingeschat, daarom wordt bij de AVU geen weerstandsvermogen aan gehouden.
De nota wordt eens per 5 jaar geactualiseerd en opnieuw vastgesteld door het Algemeen Bestuur. Op dit moment is - voorafgaand aan de aanstaande actualisatie - te vermelden dat het aan de gemeenten geadviseerde bedrag per ton huishoudelijk afval voor het aanhouden van een gemeentelijk weerstandsvermogen met betrekking tot de AVU, als gevolg van de per 2021 geldende hogere verwerkingstarieven moet worden begroot op € 35,00 per ton huishoudelijk restafval.
Doelen/ontwikkelingen 2022
O.a. aankopen van afvalverwerkingscapaciteit voor restafval, grof huishoudelijk restafval, GFT-afval, glas, papier en kunststof verpakkingsafval, Afvoer, hergebruik en be-vewerking afval, Advisering en ondersteuning van gemeenten, behartigen (strategische) belangen van gemeenten bij ministerie van Innovatie en Milieu, VNG en andere ter zake doende organisaties.
Programma
3 Fysiek
Deelprogramma
3.1 Verkeer en openbare ruimte
Begroting 2022 42
3.1
3.2
Deelprogramma
RUIMTELIJKE ONTWIKKELING
WAT WILLEN WE BEREIKEN? Beleidsdoel Een aantrekkelijke, veilige, efficiënte, duurzame en goed functionerende ruimtelijke omgeving, zoals het toekomstbestendig inrichten van het buitengebied. 3.2.1 Het ontwerp van de openbare ruimte is het resultaat van een zorgvuldige afweging om het welzijn van inwoners, bedrijven, werkenden, bezoekers en recreanten te vergroten. Het streven is een groenere leefomgeving in de kernen. 3.2.2 Rhenen realiseert ruimtelijke projecten die bijdragen aan het algemeen maatschappelijk doel. 3.2.3 Middels grondbeleid geeft de gemeente mede uitvoering aan andere gemeentelijke doelen op het gebied van wonen, werken, welzijn, infrastructuur, recreatie, milieu en landschapsontwikkeling. 3.2.4 Er zijn voldoende woningen die aansluiten bij de woonbehoeften in verschillende levensfasen. In het volkshuisvestingsbeleid leggen we de verbinding met de ontwikkeling naar de participatiesamenleving (zelfredzaamheid/zelfstandigheid). Energietransitie vormgeven bij nieuwe en bestaande woningen en woningen bouwen in sociale en middeldure huur. WAT GAAN WE ER VOOR DOEN? Reguliere activiteiten: principeverzoeken, omgevingsvergunningen, bestemmingswijzigingen, bouwgrondexploitaties en faciliterende grondexploitaties behandeld. Onder dit deelprogramma vallen ook wonen, het woonwagenkamp en de direct betrokken medewerkers. 43
Activiteiten en ontwikkelingen in 2022 Wonen in Rhenen In 2021 hebben we de woonvisie geactualiseerd. In 2022 sturen we op een toevoeging van 85-90 woningen in plaats van 50 woningen per jaar. Hiertoe zijn we in gesprek met ontwikkelaars, waarbij we kijken naar mogelijkheden om (gemeentelijke) procedures vlot te laten verlopen. Om het aantal woningen dat gebouwd kan worden op uitbreidings- en inbreidingslocaties te vergroten heroverwegen we de bestaande kwaliteitseisen. Daarnaast gaan we in gesprek met de provincie Utrecht om uitbreidingsmogelijkheden te zoeken en kijken we naar de randen van de bestaande kernen. We starten met een pilot om (zeer) grote woningen te splitsen in kamers voor studenten en/of arbeidsmigranten. We zoeken naar mogelijkheden om met de woningcorporatie en lokale makelaar doorstroom te stimuleren. In samenwerking met ontwikkelaars en woningcorporatie kijken we naar voldoende variatie in de woningbouw en -voorraad, waarbij ook de woonbehoefte van bijzondere doelgroepen geborgd wordt. Een belangrijk punt hierbij is de levensloopbestendigheid van de woningen. De ambities worden verwerkt in de prestatieafspraken met de woningcorporatie. De bijdrage aan duurzaamheid ligt tot 2030 vooral in energiebesparing en CO²-reductie. Vanaf 2030 zal de focus liggen op het van het aardgas afhalen van woningen.
Alle activiteiten staan in het teken van de woningbouwopgave die we lokaal en regionaal hebben.
deelprogramma ruimtelijke ontwikeling
Voor de komende tijd staat woningbouw op de volgende plaatsen gepland: • Servet-/Hofstraat - 11 woningen: vergunning verleend, start werkzaamheden 2021, oplevering 2022. • Rijksstraatweg 147-151 - 19 appartementen: vergunning verleend, verwachte start werkzaamheden 2021, oplevering 2022. • Franseweg/Sportweg - 5 woningen – vrije markt, duurdere segment: vergunning moet nog aangevraagd worden, vergunning 2022, start werkzaamheden 2022, oplevering 2023. • Franseweg 95 - 12 woningen – betaalbare koop: vergunning moet nog aangevraagd worden, vergunning 2021, start werkzaamheden 2022, oplevering 2023. • Entreegebouw Vogelenzang – 42 woningen – sociale huur: vergunning verleend, start werkzaamheden 2021, oplevering 2022. • Lijsterberg - 20 woningen – sociale huur: vergunning is aangevraagd, vergunning 2021, start werkzaamheden 2021/2022, oplevering 2022/2023. Ook zijn we bezig met de plannen voor een nieuw gezondheidscentrum. Daarover zijn we in gesprek met belanghebbenden.
Uitstel invoering Omgevingswet In mei 2021 heeft de minister opnieuw besloten de invoering van de Omgevingswet met een half jaar uit te stellen. De nieuwe invoeringsdatum is nu 1 juli 2022 in plaats van 1 januari 2022. Als gevolg van het uitstel moeten we langer investeren in de voorbereiding op de Omgevingswet. De ‘transitiekosten’ worden hoger dan verwacht en nemen door het uitstel verder toe. Als de Omgevingswet in 2022 midden in het kalenderjaar wordt ingevoerd zullen we bijvoorbeeld ook twee belasting- en legesverordeningen moeten opstellen en vaststellen. Piek werkzaamheden in relatie tot omgevingsplannen Voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet moeten de inrichting van het proces en de opbouw van een omgevingsplan helder en werkbaar zijn. In eerste instantie was het beeld dat keuzes over opbouw en systematiek tot 2029 konden worden gemaakt. Een complicerende factor is dat de (landelijke) software om alles op te bouwen en te stroomlijnen naar verwachting pas in september/oktober 2021 gereed is. Om toch op tijd te kunnen starten, zal er in de eerste helft van 2022 extra inzet nodig van de organisatie.
HOE METEN WE DAT? BBV indicator
2017
2018
2019
2020
Nieuw gebouwde woningen (aantal per 1.000 woningen)
10,2
13,8
9,8
7,3
2021
Trendlijn
Defintie: Nieuw gebouwde woningen, exclusief overige toevoegingen, zoals transformaties. Toelichting: Het aantal woningen muteert niet alleen door nieuwbouw, maar ook door sloop en overige toevoegingen en onttrekkingen. Hierdoor kan het totaal aantal woningen sneller stijgen dan het aantal nieuwbouwwoningen aangeeft. De afgelopen jaren is voldaan aan de ambities uit de woonvisie. Zowel lokaal als binnen de regio wordt extra inspanning geleverd om te komen tot voldoende nieuwbouwlocaties. WAT MAG HET KOSTEN? (x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
Baten
1.295 V
1.106 V
778 V
778 V
Lasten
1.818 N
1.757 N
1.449 N
1.447 N
A. Saldo van baten en lasten
523 N
650 N
671 N
669 N
Onttrekking reserves
10 V
0N
0N
0N
Toevoeging reserves
0N
0N
0N
0N
B. Mutaties reserves
10 V
0N
0N
0N
513 N
650 N
671 N
669 N
Geraamd resultaat (A+B) 44
3.2
deelprogramma ruimtelijke ontwikeling
WIE HEBBEN WE DAARBIJ NODIG? Omgevingsdienst Regio Utrecht (OdrU)
45
Vestigingsplaats
Utrecht
Doel
De OdrU ondersteunt gemeente en andere overheden in de riogen midden-Nederland bij de uitvoering van omgevingstaken op het gebied van bodem, bouw- en woningtoezicht, vergunningen en meldingen, geluid en lucht, klimaat, energie en duurzaamheid, natuur- en milieueducatie, ruimtelijke ordening en toezicht en handhaving.
Deelnemende partijen
15 gemeenten in de provincie Utrecht
Openbaar belang en ontwikkelingen
De OdrU is een gemeenschappelijke regeling van 15 gemeenten: Bunnik, De Bilt, Renswoude, Rhenen, Utrechtse Heuvelrug, Veenendaal, Wijk bij Duurstede, IJsselstein, Zeist, Montfoort, Oudewater, Ronde Venen, Stichtse Vecht, Woerden en Vijfheerenlanden. Door een wetswijziging op 1 juli 2017 zijn gemeenten verplicht bepaalde (milieu)taken over te dragen aan de omgevingsdienst. Deze taken worden sinds 2019 in de uitvoeringsprogramma’s meegenomen. Het bestuur van de OdrU zet de vastgestelde Koers 2019-2022 voort. In de provincie Utrecht zijn twee omgevingsdiensten actief, de OdrU en de RUD. De beide diensten hebben al enkele jaren een samenwering op inhoud. Recent is de wens ontstaan om de samenwerking meer te formaliseren. Er wordt gezamenlijk aan aan bestuursovereenkomst gewerkt. Het is wenselijk om in de regio Utrecht burgers en bedrijven op dezelfde manier te benaderen. Samenwerking kan daarnaast bijdragen aan efficiency. Het stelsel van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) is onderzocht door de commissie Van Aartsen. De commissie heeft maatregelen benoemd om het VTH-stelsel te verbeteren. Daarnaast heeft de Raad van State in juli 2021 een advies gepubliceerd over de wetswijziging om de politieke verantwoordelijkheid over gemeentelijke samenwerkingen te versterken.
Bestuurlijk belang (incl wijzigingen)
Alle 15 gemeenten nemen deel aan het algemeen bestuurlijk overleg. Wethouder De Rooij zit namens de gemeente Rhenen in het Algemeen Bestuur. Elke gemeente heeft 1 stem in het Algemeen Bestuur.
Eigen Vermogen
1-1-2022: € 922.737
31-12-2022: € 708.429
Vreemd Vermogen
1-1-2022: € 8.048.198
31-12-2022: € 7.935.060
Begrotingsresultaat GR 2022
€5.000
Bijdrage gem Rhenen
2022: € 315.695 2021: € 418.475 2020: € 380.432
Relatie beoogd maatschappelijk effect
De Omgevingsdienst helpt gemeenten bij hun taak om mensen prettig en duurzaam te laten wonen, te leven en te werken. Voor de gemeente Rhenen doet zij dit o.a. door: - Het adviseren over omgevingsvergunningen (milieudeel) - Het toezicht houden bij bedrijven - Het uitvoeren van archeologische taken - Het beoordelen van ecologische rapporten - Het invoeren van bodemonderzoeken in een database De OdrU heeft de doelen voor de huidige beleidsperiode vastgelegd in De Koers 2019-2022.
3.2
deelprogramma ruimtelijke ontwikeling
Omgevingsdienst Regio Utrecht (OdrU) - vervolg Risico’s
Een aantal zaken kunnen OdrU in de toekomst beïnvloeden en brengen mogelijk (financiële) risico’s met zich mee: a. het rapport van de commissie Van Aartsen over het stelsel van vergunningverlening, toezicht en handhaving; b. het advies van de Raad van State over de wetswijziging inzake versterking politieke verantwoording over gemeentelijke samenwerkingen; c. invoering van de Wet kwaliteitsborging bouwen (Wkb); d. invoering van de Omgevingswet; invoering van de Wet open overheid (Woo); e. wijziging van de Wet Bibob (Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur).
Doelen/ontwikkelingen 2022
De OdrU verwacht dat er vanuit de energie-duurzaamheidsopgave wettelijke taken voortkomen. Op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving wordt het bevoegd gezag voor het Bouwbesluit verantwoordelijk voor de handhaving van de label C-verplichting voor kantoren met een bepaalde grootte. De ontwikkelingen rondom PAS en stikstofemissie zijn nog in beweging, de eventuele impact is afhankelijk van landelijke regelgeving. In 2022 wordt in invoering van de Wet kwaliteitsborging bouwen en de Omgevingswet verwacht. Een wijziging van de Wet Bibob kan de aanpak van ondermijnende criminaliteit versterken. De bestuursovereenkomst met de RUD kan aanleiding zijn tot verdere intensivering van de samenwerking.
Programma
3 Fysiek
Deelprogramma
3.2 Ruimtelijke ontwikkeling
Begroting 2022
46
3.2
3.3
Deelprogramma
DUURZAAMHEID
WAT WILLEN WE BEREIKEN? Beleidsdoel Rhenen is een duurzame, klimaatbestendige en gezonde gemeente. Rhenen is circulaire in 2050, energieneutraal in 2040 en klimaatbestendig en water robuust in 2050. 3.3.1 Rhenen is een gemeente met een gezonde, stille en veilige leefomgeving, we besparen energie en wekken energie duurzaam op. WAT GAAN WE ER VOOR DOEN? Reguliere activiteiten: de energietransitie, klimaatbestendigheid en de circulaire economie alsook de direct betrokken medewerkers.
Activiteiten en ontwikkelingen in 2022 Inleiding De duurzaamheidsopgave kent de pijlers energietransitie, klimaatbestendigheid en circulaire economie. We richten ons in 2022 met name op de energietransitie. Daarnaast blijven 47
we inwoners informeren en stimuleren om energie te besparen. Met een lening duurzaam wonen via de SVN kunnen inwoners duurzaamheidsmaatregelen financieren. We ondersteunen ondernemers bij het opwekken en gebruiken van schone energie. Alle activiteiten dragen bij aan het overkoepelende thema energietransitie. In paragraaf 3.8 wordt een overzicht gegeven van de reguliere activiteiten met betrekking tot duurzaamheid. Energietransitie In het Nederlandse Klimaatakkoord is opgenomen dat Nederland in 2050 energieneutraal is. Dit betekent dat alle benodigde energie duurzaam wordt opgewekt. Als gemeentelijke organisatie willen we in 2040 energieneutraal zijn. Voor onze eigen gebouwen is in het bestuursakkoord afgesproken om in 2022 energieneutraal te zijn. Dit betreft het gebruik van elektriciteit. Op de daken van het Bestegoed in Elst, de gemeentewerf en het Huis van de gemeente wordt al zonne-energie opgewekt. Voor de eerste twee gebouwen is de opbrengst ongeveer gelijk aan het gebruik (de hoeveelheid opgewekte zonne-energie fluctueert). Het dak van het huis van de gemeente is niet groot genoeg om alle elektriciteit zelf op te wekken. Daarom kopen we voor het overige gebruik duurzame energie in (Nederlandse wind energie).
deelprogramma duurzaamheid
Veel energie besparende maatregelen met een korte terugverdientijd hebben we in de afgelopen jaren al uitgevoerd. Om verder te gaan met het verduurzamen van ons eigen vastgoed is inzicht in mogelijkheden nodig. Ook om uit te zoeken wat nodig is om onze gebouwen te verwarmen zonder aardgas. Daarom worden op dit moment afspraken gemaakt voor een (technisch) advies. Wat is mogelijk in de verschillende gebouwen, wat gaat het (ongeveer) kosten en wat levert het op. Deze plannen geven inzicht in de kosten voor de komende jaren om ons gemeentelijk vastgoed te verduurzamen. Deze onderzoeken combineren we met het vernieuwen van de energielabels van de gebouwen waarvoor dit nodig en/of verplicht is. Vanwege onze voorbeeldfunctie als gemeente richten we ons in eerste instantie op het Huis van de gemeente en de gemeentewerf. Warmtetransitie In het Nederlandse Klimaatakkoord is opgenomen dat Nederland in 2050 onafhankelijk is van aardgas en dat alle benodigde energie duurzaam wordt opgewekt. Iedere gemeente in Nederland moet daarom uiterlijk eind 2021 een transitievisie warmte hebben vastgesteld. In de Transitievisie Warmte wordt aangegeven in welke wijk(en) in de gemeente wordt begonnen met het opstellen van een wijkuitvoeringsplan. In Rhenen kiezen we ervoor om in twee wijken te beginnen, waarbij per wijk een verschillende oplossing wordt voorgesteld.
Dit om breed ervaring op te doen met twee mogelijke oplossingen, een collectieve en een individuele oplossing. De definitieve keuze wat er in welke wijk moet gebeuren wordt in het vervolgtraject gemaakt. In het najaar van 2021 wordt begonnen met het opstellen van een wijkuitvoeringsplan voor de geselecteerde wijken. Hiervoor gaan we in gesprek met de gebouweigenaren van de wijken Remmerden en Achterberg. Samen kijken we hoe de wijken verduurzaamd kunnen worden en hoe ver we hierin willen gaan. Zoveel mogelijk gebruik van aardgas beperken of helemaal van het aardgas af? Bij het wijkuitvoeringsplan zal een wijkanalyse uitgevoerd worden. Wat zijn de kaders, sociale en fysieke kenmerken van de buurt? Op basis hiervan wordt een projectplan of startnotitie opgesteld. Hoe komen we tot een breed gedragen uitvoeringsplan? In het uiteindelijke uitvoeringsplan worden verschillende keuzes gemaakt, zowel technisch, financieel, ruimtelijk, bestuurlijk als juridisch. Dit zal allemaal samen met de wijk besloten worden. Goede participatie en communicatie zijn hierbij noodzakelijk. Hoe gaan we communiceren, wat hebben inwoners nodig om stappen te gaan zetten en welke stappen willen ze ook echt gaan zetten? Om als gemeente hulp hierbij te krijgen is bij de decembercirculaire 2019 een bedrag van € 202.101 aan de gemeente uitgekeerd.
Bij de resultaatbestemming jaarrekening 2019 - in 2020 - is dit bedrag toegevoegd aan de reserve duurzaamheid. De kosten voor de wijkuitvoeringsplannen kunnen derhalve onttrokken worden aan de voorziening duurzaamheid.
HOE METEN WE DAT? BBV indicator
2017
2018
2019
2020
Hernieuwbare elektriciteit
2,9%
4,6%
8,8%
15,0%
2021
Trendlijn
Defintie: Hernieuwbare energie is energie afkomstig uit natuurlijke bronnen. Deze worden constant hernieuwd en zijn daardoor oneindig beschikbaar. Het gaat om energie uit zon, wind, biomassa, bodem, buitenlucht en water. Het betreft hier het percentage hernieuwbare elektriciteit ten opzichte van het totale elektriciteitsverbruik. Toelichting: Het cijfer voor 2020 was ten tijde van het opstellen van de rapportage nog niet beschikbaar op de website ‘Waar staat je gemeente?’. Het cijfer is opgevraagd bij Rijkswaterstaat en dus voorlopig. In Rhenen komt de hernieuwbare energie alleen uit zonnestroom.
48
3.3
deelprogramma duurzaamheid
WAT MAG HET KOSTEN (x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
Baten
2V
2V
2V
2V
Lasten
332 N
321 N
294 N
294 N
A. Saldo van baten en lasten
330 N
320 N
292 N
292 N
Onttrekking reserves
62 V
50 V
22 V
22 V
Toevoeging reserves
0N
0N
0N
0N
B. Mutaties reserves
62 V
50 V
22 V
22 V
268 N
270 N
270 N
270 N
Geraamd resultaat (A+B)
49
Toelichting financiën De onttrekking aan de reserves en de lasten hangt samen met het inzetten van de rijksbijdrage uit de decembercirculaire 2019 ten behoeve van de warmtetransitie. Deze bijdrage is bij de resultaatbestemming jaarrekening 2020 aan de reserve duurzaamheid toegevoegd.
3.3
Inleiding In het visiedocument “Een vitale samenleving is nooit blut” heeft de gemeenteraad in 2014 twee hoofdopgaven voor het sociaal domein benoemd: 1. De vitale samenleving Het vergroten van de betrokkenheid van de inwoners bij elkaar en hun leefomgeving, en het vergroten van de verantwoordelijkheid voor het eigen welzijn en zelfredzaamheid. 2. Maatwerkondersteuning Het zorgen voor duurzaam beschikbare en betaalbare ondersteuning op maat, passend bij de persoonskenmerken en situatie van hen die daar een beroep op moeten doen. Alle werkzaamheden in het sociaal domein dragen bij aan deze hoofdopgaven. Het programma Sociaal maatschappelijk kent de deelprogramma’s sociaal domein, jeugd preventief, jeugd maatwerk, maatschappelijke ondersteuning preventief, maatschappelijke ondersteuning maatwerk, participatie preventief, participatie maatwerk. WAT WILLEN WE BEREIKEN? Maatschappelijk doel Rhenen is een vitale gemeente met een effectieve maatwerkondersteuning voor inwoners met een ondersteuningsbehoefte. WAT GAAN WE ER VOOR DOEN?
4
Activiteiten en ontwikkelingen in 2022
Programma
SOCIAAL MAATSCHAPPELIJK
50
Impulsplan Covid De coronacrisis heeft ook de samenleving binnen de gemeente Rhenen geraakt: ziekte, verlies van naasten, baan- en inkomensonzekerheid, leervertragingen, eenzaamheid, jongeren van wie het leven is ‘stilgezet’. Het is hierdoor urgent om als gemeente samen met inwoners, ondernemers en andere samenwerkingspartners aan de slag te gaan. Met dit doel voor ogen heeft het college middelen beschikbaar gesteld voor een impulsplan Covid. Dit plan is een paraplu-plan voor alle benodigde acties op het gebied van jongeren, preventie, economie, arbeidsmarkt, onderwijs, armoede, welzijn en Wmo. We brengen eerst in beeld wat de echte vraagstukken zijn, waarbij we een wezenlijk verschil kunnen maken. Hierbij investeren we in de sociale cohesie en de vele sociale initiatieven en verenigingen in onze gemeente. In kwetsbare wijken en delen van de gemeente werken we gebiedsgericht. We hebben hierbij speciale aandacht voor personen en huishoudens, waarbij meer problemen tegelijkertijd spelen. De focus hierbij is een brede aanpak, vanuit het perspectief en de mogelijkheden van de inwoner zelf en zijn leefomgeving.
programma sociaal maatschappelijk
Vanuit de visie op Rhenen komt er een vernieuwde visie op het sociaal domein. Dat levert een meerjarenbeleidsplan op, waarbij het herstelplan Covid het eerste jaar prioriteit krijgt. Uitgangspunt zijn de door het rijk (incidenteel) beschikbaar gestelde middelen. De verbinding wordt gelegd met regulier beleid en activiteiten. Op deze manier werken we aan een lange-termijnagenda, zodat de samenleving versterkt uit de crisis kan komen. Visie Sociaal Domein In aansluiting op de visie op Rhenen wordt gewerkt aan een geactualiseerde visie voor een verdere transformatie in het sociaal domein ten behoeve van de volgende bestuursperiode. Het is noodzakelijk om dit beleid te herzien wegens nieuwe regelgeving van het Rijk, de wettelijke herijking van het Wmo beleid, de effecten van de Covid pandemie en de betaalbaarheid van het voorzieningen niveau in Rhenen. Het is tevens een goed moment, om samen met de huisvesting van het consultatiebureau van de GGD in het Huis van de Gemeente een doorontwikkeling te maken. We denken dan aan de inrichting van een ‘sociaal plein’ in het Huis van de Gemeente, waar inwoners met hun vragen terecht kunnen voor voorlichting & advies, ondersteuning of maatwerkvoorzieningen. Daarbij hoort ook een goede aansluiting bij woningbouwprogrammering als het gaat over Wonen, welzijn en zorg.
We willen de aanpak van 1 gezin, 1 plan en 1 regisseur verder versterken en een aanpak voor multi-problematiek ontwikkelen. Daarbij hoort kostenbewustzijn, een goede monitor en een fraudebestendig proces. WAT MAG HET KOSTEN? (x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
Baten
5.168 V
5.255 V
5.346 V
5.380 V
Lasten
23.883 N
23.911 N
23.997 N
24.272 N
A. Saldo van baten en lasten
18.715 N
18.656 N
18.651 N
18.892 N
Onttrekking reserves
81 V
51 V
51 V
51 V
Toevoeging reserves
9N
9N
9N
9N
B. Mutaties reserves
72 V
42 V
42 V
42 V
18.643 N
18.614 N
18.609 N
18.850 N
Geraamd resultaat (A+B)
Toelichting financiën In 2022 wordt € 30.000 onttrokken aan de reserve budgetoverheveling (onderdeel participatie nieuwkomers) voor de subsidie aan het Taalhuis. Vanaf 2023 wordt de subsidie gedekt uit de middelen, die we ontvangen voor de Wet Inburgering 2021. 51
4.3
4.0
Deelprogramma
SOCIAAL DOMEIN
Het deelprogramma sociaal domein is ontstaan in 2018 toen gewerkt ging worden met een programmatische opzet binnen het sociaal domein. Inmiddels is de programmatisch opzet uitgevoerd en losgelaten. In dit deelprogramma is vanaf de begroting 2022 alleen nog een algemeen budget voor het sociaal domein en de netwerken opgenomen. Voor dit deelprogramma is dan ook geen beleidsdoel geformuleerd. Ook de opzet (wat gaan we ervoor doen?, hoe meten we dat? en wie hebben we daarbij nodig?) wijkt af van de andere deelprogramma’s.
WAT MAG HET KOSTEN? (x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
Baten
0N
0N
0N
0N
Lasten
17 N
17 N
17 N
17 N
A. Saldo van baten en lasten
17 N
17 N
17 N
17 N
Onttrekking reserves
0N
0N
0N
0N
Toevoeging reserves
0N
0N
0N
0N
B. Mutaties reserves
0N
0N
0N
0N
Geraamd resultaat (A+B)
17 N
17 N
17 N
17 N
52
4.1
Deelprogramma
JEUGD PREVENTIEF
WAT WILLEN WE BEREIKEN? Beleidsdoel Een leefbare en aantrekkelijke gemeente waarin jonge inwoners opgroeien onder gezonde en veilige omstandigheden en in staat zijn zich te ontwikkelen en ontplooien. 4.1.1 Jonge inwoners leven gezonder en krijgen optimale ontwikkelingskansen en ontplooiingsmogelijkheden. 4.1.2 Jonge inwoners groeien zo veilig mogelijk op, zowel thuis als in hun leefomgeving. WAT GAAN WE ER VOOR DOEN? Reguliere activiteiten: onderwijshuisvesting, peuteropvang, onderwijsachterstandenbeleid, jeugd-/jongerenwerk en de direct betrokken medewerkers.
WAT MAG HET KOSTEN? (x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
Baten
696 V
696 V
696 V
696 V
Lasten
2.040 N
2.034 N
2.031 N
2.029 N
A. Saldo van baten en lasten
1.344 N
1.338 N
1.335 N
1.332 N
Onttrekking reserves
22 V
22 V
22 V
22 V
Toevoeging reserves
0N
0N
0N
0N
B. Mutaties reserves
22 V
22 V
22 V
22 V
1.322 N
1.315 N
1.313 N
1.310 N
Geraamd resultaat (A+B)
HOE METEN WE DAT? INDICATOREN BBV
53
deelprogramma jeugd preventief
WIE HEBBEN WE DAARBIJ NODIG? GGD regio Utrecht
54
Vestigingsplaats
Zeist
Doel
De circa 350 Nederlandse gemeenten hebben de wettelijke taak om de gezondheid van burgers te bevorderen en beschermen tegen ziekten en calamiteiten. Deze taak is neergelegd bij de Gemeentelijke Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD). Rhenen is verbonden aan de GGD regio Utrecht (GGDrU). De GGDrU beschermt, bewaakt en bevordert de gezondheid van de ruim 1,2 miljoen inwoners van de 26 Utrechtse gemeenten vanuit de 76 locaties in de regio. Zij doen dat door risico’s voor de gezondheid te signaleren en de gezondheid van alle inwoners te bevorderen. Dit omvat onder andere het uitvoeren van gezondheidsonderzoeken, vaccinaties, het adviseren van gemeenten over het gezondheidsbeleid en ondersteunen van scholen en kinderopvang bij hun zorg voor een gezonde leeromgeving voor hun kinderen. Daarnaast verlenen zij hulp als er incidenten uitbreken in de regio, bijv. na een uitbraak van voedselvergiftiging of een infectieziekte en zorgen zij ervoor dat ze zijn toegerust op snelle hulpverlening bij eventuele crisis of rampen. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met de Veiligheidsregio Utrecht (GHOR).
Deelnemende partijen
Alle gemeenten in de provincie Utrecht (26 gemeenten)
Openbaar belang en ontwikkelingen
Het Algemeen Bestuur van de GGDrU (bestaande uit de wethouders gezondheid uit alle gemeentes) heeft op 30 januari 2019 de Bestuursagenda 2019-2023 vastgesteld. De bestuursagenda 2019-2023 legt inhoudelijke accenten op de werkzaamheden die we vanuit onze maatschappelijke opgave (zoals uit de Wet publieke gezondheid) doen. De inhoudelijke prioriteiten in de bestuursagenda zijn: kansrijk opgroeien, gezonde leefomgeving, langer gelukkig en gezond zelfstandig, eigentijds besturen, doorontwikkeling interne organisatie.
Bestuurlijk belang incl wijzigingen
Alle 26 gemeenten nemen deel aan het algemeen bestuurlijk overleg. Wethouder van Eeten zit namens de gemeente in het algemeen bestuur. Binnen het algemeen bestuur heeft Rhenen 1/68 stem. De rol van de portefeuillehouder is het verstrekken van inlichtingen en afleggen van verantwoording aan de gemeenteraad.
Eigen Vermogen
1-1-2022: € 3.270.000
31-12-2022: € 2.671.000
Vreemd Vermogen
1-1-2022: € 11.739.000
31-12-2022: € 11.682.000
Begrotingsesultaat GR 2022
€0
Bijdrage gem Rhenen
2022: €774.817 2021: €781.306 2020: € 709.247
Relatie beoogd maatschappelijk effect
De GGD helpt gemeenten bij de publieke gezondheid door middel van onderzoek en advies. Sinds 2020 speelt de GGD een grote rol in de bestrijding van het coronavirus. De algemene aanname is dat het coronavirus nog langere tijd blijft.
Risico’s
De GGDrU is een grote gemeenschappelijke regeling. In de omvang zit een risico wat betreft de beheersing en de invloed van de gemeenteraad op de processen, maar ook een bescherming. Het beleid van de GGDrU wordt door alle 26 gemeentes gecontroleerd en bij een financiële tegenvaller wordt het risico door alle 26 gemeentes samen gedragen. De ontwikkelingen in de corona-aanpak en aanwijzingen van het Rijk zijn van grote invloed op de af- en opschaling van reguliere processen en prioriteiten uit de bestuursagenda 2019-2023. De ontwikkelingen zijn moeilijk voorspelbaar en kunnen snel lopen.
4.1
deelprogramma jeugd preventief
GGD regio Utrecht - vervolg Doelen/ontwikkelingen 2022
De uitvoering van de bestuursagenda 2019-2023 brengt de ambitie mee een gezonde en veilige leefomgeving te bevorderen waar inwoners wonen, leven, naar school gaan en werken in een veilige omgeving waar aandacht is voor gezondheid en elkaar. Bedreigingen van de publieke gezondheid worden bestreden door samen met gemeenten in te zetten op een gezonde leefomgeving, binnen de regio de vaccinatiegraad te beschermen en te verbeteren, reizigers beschermd op reis gaan en bij terugkomst geen infectieziekten verspreiden, gemeenten en andere instanties de GGD vroegtijdig weten te vinden voor advies, ongewenste situaties en risico’s tijdig worden gesignaleerd en opgepakt, cliënten tevreden zijn over het contact met de GGD. Er wordt aangesloten op de ontwikkelingen die de omgevingswet met zich meebrengt. De leefomgeving is óók van belangrijke invloed op een langer gelukkig en gezond zelfstandig leven.
Programma
4. Sociaal Maatschappelijk
Deelprogramma
4.1 Jeugd preventief
Begroting 2022
55
4.1
4.2
Deelprogramma
JEUGD MAATWERK
WAT WILLEN WE BEREIKEN? Beleidsdoel Gezinnen voelen zich passend en efficiënt ondersteund in hun ondersteuningsbehoefte. 4.2.1 Wij zorgen ervoor dat voor iedere jeugdige tijdig passende (jeugd)hulp beschikbaar is. De hulpverlening die wij inzetten, sluit aan bij de mate van zelfredzaamheid van het gezin en zijn netwerk. 4.2.2 Wij zorgen dat voor iedere jeugdige tijdig passende jeugdhulp beschikbaar is bij gezinnen waar de veiligheid in het geding is. 4.2.3 Betere balans tussen kostenbeheersing en goede voorzieningen in het Sociaal Domein. WAT GAAN WE ER VOOR DOEN? Reguliere activiteiten: leerlingenvervoer, de jeugdhulp, de jeugdveiligheid en de direct betrokken medewerkers.
56
Activiteiten en ontwikkelingen in 2022 Norm voor Opdrachtgeverschap De Norm voor Opdrachtgeverschap (NvO) is op 10 juni 2020 in een resolutie vastgesteld door gemeenten in VNG-verband, zowel voor jeugd als voor beschermd wonen. De uitwerking van de NvO voor jeugd geschiedt in samenwerking met de gemeenten van de jeugdhulpregio Foodvalley. Wat regelt de NvO Met de NvO spreken gemeenten collectief af waaraan de samenwerking binnen regio’s en tussen regio’s minimaal moet voldoen en wanneer er sprake is van kwalitatief goede samenwerking. De NvO geeft duidelijkheid over wat er in ieder geval regionaal en bovenregionaal tussen regio’s afgesproken wordt. Welke afspraken worden gemaakt en hoe er invulling aan de samenwerking gegeven wordt, kan per regio verschillen - mede vanwege de keuzes, de historie en de omvang van de regio’s - en krijgt zijn weerslag in een regiovisie. In de NvO zijn acht afspraken beschreven, te weten: 1. Opstellen regionale visie 2. Borgen beschikbaarheid en continuïteit van jeugdhulp
deelprogramma jeugd maatwerk
3. 4. 5. 6. 7. 8.
Aansluiting van de lokale toegang op het regionaal gecontracteerd aanbod Formeel aanspreekpunt van een regio, niet-vrijblijvende governance-vorm Visie op bovenregionale samenwerking Reduceren administratieve lasten Zorgvuldig inkopen Hanteren van reële tarieven.
gemeenschappelijke regeling (hierna: GR) voor de jeugdregio te treffen en het instellen van een regionale entiteit met rechtspersoonlijkheid en sluit een regionale samenwerking op basis van een privaatrechtelijke samenwerkingsovereenkomst uit.
De afspraken 1, 2, 3 en 5 komen te samen in een op te stellen regionale visie, die moet worden vastgesteld door de gemeenteraden van de zeven gemeenten van de jeugdhulpregio FoodValley. Momenteel wordt een nieuwe regionale visie opgesteld. De reeds bestaande visiedocumenten: ‘Ons Verhaal’, ‘Visie Veiligheid’ en ‘Visie bovenregionale samenwerking’, maken deel uit van de nieuwe regionale visie. Daarnaast worden de strategische uitgangspunten bij de inkoop van jeugdhulp toegevoegd. Een van de onderwerpen daarin wordt onder andere de borging van de beschikbaarheid en de continuïteit van bepaalde functies jeugdhulp en de gewenste ontwikkeling van het zorglandschap. Deze regionale visie wordt ter vaststelling voorgelegd aan de gemeenteraden in december 2021. Afspraak 4: Niet vrijblijvende governance vorm Momenteel wordt er samengewerkt op basis van een privaatrechtelijke samenwerkingsovereenkomst. Naast de NvO speelt ook het wetsvoorstel Wet verbetering beschikbaarheid zorg voor jeugdigen. In dit wetsvoorstel worden enkele eisen voorgeschreven aan de regionale samenwerking van gemeenten in het kader van de Jeugdwet. Het merendeel van deze eisen komen overeen met de in de NvO beschreven eisen. Het wordt verplicht een
Het wetsvoorstel ligt momenteel voor advies bij de Raad van State. Het doel van de rijksoverheid is nu een inwerkingtreding van dit wetsvoorstel vanaf 1 januari 2023, daarna hebben gemeenten nog een jaar de gelegenheid voor het treffen van een GR en het instellen van een regionale entiteit. Naast het hierboven beschreven wetsvoorstel is momenteel ook een wetsvoorstel in proces welke ziet op de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regeling (Wgr). Het wetsvoorstel ziet - kort beschreven - onder andere in een betere positie van raadsleden (vanuit de kaderstellende en controlerende rol) binnen de besluitvorming in en door een GR, aanvullende controle-instrumenten en een verandering in de begrotingscyclus. Dit wetsvoorstel ligt momenteel nog bij de Tweede Kamer. Afspraken 6 en 8: Geen acties voor reduceren administratieve lasten en hanteren van reële tarieven Bij de uitvoering van de regionale werkzaamheden jeugd wordt al zoveel mogelijk rekening gehouden met het reduceren van de administratieve lasten. Over de tarieven is via het NvO de volgende afspraak gemaakt. Gemeenten hanteren in hun contracten reële tarieven en kunnen rekenen op transparantie van aanbieders in de opbouw van hun tarief. Deze afspraak behoeft geen invulling te krijgen, omdat alle vastgestelde tarieven reeds zijn gebaseerd op kostprijsonderzoeken.
HOE METEN WE DAT? BBV indicatoren
2017
2018
2019
2020
2021
Jongeren met jeugdhulp (% van alle jongeren tot 18 jaar )
8,8%
9,0%
8,9%
7,9%
6,6%
Trendlijn
Defintie: Het percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp ten opzichte van alle jongeren tot 18 jaar. Jeugdhulp is de hulp en zorg zoals deze bedoeld en beschreven is in de Jeugdwet (2014). Het betreft hulp en zorg aan jongeren en hun ouders bij psychische, psychosociale en/of gedragsproblemen, een verstandelijke beperking van de jongere, of opvoedingsproblemen van de ouders. Toelichting: Het percentage jongeren met jeugdhulp voor Nederland is 11,9% in 2020. In gemeenten met minder dan 25.000 inwoners is dit 10,6%. OVERIGE INDICATOREN BBV
57
4.2
deelprogramma jeugd maatwerk
WAT MAG HET KOSTEN? (x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
Baten
66 V
66 V
66 V
66 V
Lasten
5.932 N
5.935 N
5.935 N
5.935 N
A. Saldo van baten en lasten
5.867 N
5.869 N
5.869 N
5.869 N
Onttrekking reserves
0N
0N
0N
0N
Toevoeging reserves
0N
0N
0N
0N
B. Mutaties reserves
0N
0N
0N
0N
5.867 N
5.869 N
5.869 N
5.869 N
Geraamd resultaat (A+B)
58
Toelichting financiën Voor de jaren 2022 tot en met 2025 is bij de jeugdzorg geen rekening gehouden met een volumegroei. Voor jeugd is de meerjarige voorspelling een blijvende stabilisatie rond de 320-350 cliënten op enig moment in zorg. We kijken terug op een niet te voorspellen periode en die onvoorspelbaarheid speelt ook in de nabije en misschien zelfs verdere toekomst een grote rol. Het jaar 2020 zagen we een lichte daling in de aantallen, maar een stijging in de zware specialistische -lees duurdere- jeugdhulp, waardoor de lichte daling geen effect had op de budgetomvang. Het budget voor jeugd wordt jaarlijks in de voorjaarsrapportage geïndexeerd. Alleen als we in enig jaar een structurele groei of daling waarnemen, worden de budgetten daarop aangepast.
4.2
4.3
Deelprogramma
MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING PREVENTIEF WAT WILLEN WE BEREIKEN? Beleidsdoel Een leefbare en aantrekkelijke gemeente met gezonde en zelfredzame inwoners, die onderling betrokken zijn en bereid zijn elkaar te helpen. 4.3.1 Inwoners leven gezonder, voelen zich veiliger, zijn zelfredzamer en kunnen zich ontplooien. 4.3.2 Inwoners en maatschappelijke organisaties voelen zich meer onderling betrokken en verbonden en dragen bij aan de leefbaarheid en veiligheid van hun buurt. WAT GAAN WE ERVOOR DOEN? Reguliere activiteiten: maatschappelijke huisvesting (gezondheidscentra, sportaccommodaties en dorpshuizen, volksgezondheid), sport, bibliotheek, muziek, welzijn, vrijwilligers, mantelzorg en buurtsportcoaches alsmede de direct betrokken medewerkers.
Activiteiten en ontwikkelingen in 2022 Nieuw MFG Rhenen Eind 2021 is de aanbestedingsprocedure afgerond en is de winnaar van de aanbesteding bekend. In 2022 zal het vervolg samen met de winnaar worden opgepakt. Dit betekent het doorlopen van een participatieproces rondom het winnende concept ontwerp van gebouw en buitenruimte met omwonenden en gebruikers. Daarna zal in de 2e helft 2022 de aanvraag rondom bestemmingsplan en omgevingsvergunning worden opgepakt. 59
Dit loopt door tot in 2023. In het najaar van 2023 wordt begonnen met de bouw en afronding van de bouw en inrichting van de buitenruimte vindt plaats in het voorjaar van 2025. Hierbij wordt opgemerkt dat in de planning geen rekening is gehouden met eventuele procedures in verband met het bestemmingsplan of omgevingsvergunning. WAT MAG HET KOSTEN? (x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
Baten
396 V
396 V
396 V
393 V
Lasten
3.635 N
3.640 N
3.674 N
3.925 N
A. Saldo van baten en lasten
3.239 N
3.244 N
3.279 N
3.532 N
Onttrekking reserves
59 V
29 V
29 V
29 V
Toevoeging reserves
9N
9N
9N
9N
B. Mutaties reserves
50 V
20 V
20 V
20 V
3.189 N
3.225 N
3.259 N
3.512 N
Geraamd resultaat (A+B) HOE METEN WE DAT? INDICATOREN BBV
4.4
Deelprogramma
MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING MAATWERK WAT WILLEN WE BEREIKEN? Beleidsdoel De inwoners voelen zich passend en efficiënt ondersteund in hun ondersteuningsbehoefte. 4.4.1 De gemeente zorgt voor passende maatwerkondersteuning. WAT GAAN WE ER VOOR DOEN? Reguliere acitivieiten: de GGZ, WMO en de direct betrokken medewerkers.
Activiteiten en ontwikkelingen in 2022 Decentralisatie Beschermd Wonen De huidige situatie Beschermd Wonen is een centrum gemeentelijke taak. Ede voert dit uit voor de Valleiregio (Barneveld, Ede, Renswoude, Rhenen, Scherpenzeel en Wageningen). Ede ontvangt de financiële middelen van het Rijk. De verdeling van het landelijke BW-budget over de centrumgemeenten is tot op heden altijd gegaan op basis van historisch gebruik. De regio waar iemand daadwerkelijk in BW verblijft, is inhoudelijk en financieel verantwoordelijk. 60
Decentralisatie, objectief verdeelmodel, ingroeipad en woonplaatsbeginsel: Hieronder geven we de belangrijkste ontwikkelingen weer die met ingang van 2022 gaan veranderen. 1. De decentralisatie van Beschermd Wonen: De verantwoordelijkheid voor Beschermd Wonen wordt verlegd van de centrumgemeenten naar alle gemeenten. Elke gemeente krijgt dan ook een eigen budget in plaats van dat de middelen naar de centrumgemeenten gaan. 2. Objectief verdeelmodel: Dit eigen budget wordt niet langer historisch, maar objectief bepaald. De centrumgemeenten blijven verantwoordelijk voor bestaande cliënten. De nieuwe cliënten vallen vanaf dat moment onder de verantwoordelijkheid van alle gemeenten. Elke gemeente krijgt een budget dat is berekend o.b.v. een aantal objectieve criteria die de kans op BW gebruik voorspellen. Dit is net zoals in de rest van de Wmo al het geval is. Het nieuwe budget kan afwijken van het historisch budget. 3. Ingroeipad van 10 jaar: Er wordt een ingroeipad van 10 jaar gehanteerd om te komen van het huidige historische
deelprogramma maatschappelijke ondersteuning maatwerk
verdeelmodel naar een landelijk objectief verdeelmodel. Dat betekent dat gemeenten niet in één keer hun nieuwe objectieve budget ontvangen, maar stijgt dit budget in een periode van 10 jaar. Gemeenten krijgen 100% van hun objectief budget voor het eerst in 2032. 4. Woonplaatsbeginsel: Niet langer de gemeente waar iemand in BW verblijft is leidend voor de kosten, maar de gemeente waar iemand voor het laatst zelfstandig woonde krijgt de rekening voor verblijf in BW (de gemeente die beschikt, is automatisch de gemeente die betaald). De landelijke toegankelijkheid voor Beschermd Wonen blijft het uitgangspunt. Om te borgen dat dit mogelijk is en blijft, is dit geborgd in de wet. Gevolgen van de decentralisatie Vanaf 1 januari 2022 zullen de gemeenten de beslissingen over Beschermd Wonen gezamenlijk nemen (inhoudelijke doordecentralisatie). Met ingang van 1 januari 2023 start het bovengenoemde ingroeipad en krijgen de gemeenten geleidelijk een eigen budget. Afstemming en samenwerking op het gebied van Beschermd Wonen zal altijd nodig blijven om er o.a. voor te zorgen dat de capaciteit in de regio op het juiste peil blijft. Wet bevorderen samenwerking en rechtmatige zorg Wat betekent de wet voor de gemeente Rhenen? Welke stappen moeten ondernomen worden? Zorgfraude is een maatschappelijk probleem dat de aandacht verdient.
De gemeente wil het zorggeld besteden aan passende zorg voor iedereen en niet aan partijen die misbruik maken van kwetsbare inwoners en van het zorggeld. Op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) heeft de gemeente de verplichting om een toezichthouder
61
aan te wijzen. Tot nu toe is in de gemeente Rhenen alleen een toezichthouder kwaliteit aangewezen (de GGDrU) en niet een toezichthouder rechtmatigheid. In de Jeugdwet is het toezicht op de kwaliteit belegd bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) en is het toezicht op de rechtmatigheid de verantwoordelijkheid van de gemeente. De Jeugdwet geeft geen directe verplichting om een toezichthouder rechtmatigheid voor de Jeugdwet vast te leggen, maar de gemeenteraad dient wel bij verordening regels vast te stellen die ten onrechte ontvangen voorzieningen of persoonsgebonden budgetten voorkomt, als ook misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet. In Rhenen is tot nu toe het toezicht op de rechtmatigheid voor zowel de WMO als de Jeugdwet niet ingericht. Op eerdere vragen vanuit de Raad hierover is aangegeven dat er een aanzet geweest is tot onderzoek, maar dat dit vanwege andere prioriteiten nog niet tot een gedegen resultaat heeft geleid. Het college heeft tijdens de raadsvergadering van 6 juli toegezegd regelmatig aandacht te zullen besteden aan het onderzoek, zodat er ook vorderingen worden geboekt. Het onderzoek moet inzicht geven hoe we vanuit de huidige situatie naar de gewenste situatie kunnen komen om te kunnen voldoen aan de (minimale) wettelijke eisen van de Wmo en Jeugdwet voor wat betreft toezicht en handhaving (rechtmatig, doeltreffend en doelmatig).
Het doel is om dit dit onderzoek voor 1 april 2022 af te ronden met een rapport, een collegevoorstel en een raadsvoorstel ter consultatie. Het college informeert de raad over de probleemstelling, opdrachtformulering en resultaat van het onderzoek (ter consultatie en vaststelling van de opdracht). Daarbij volgt een begroting van het onderzoek en een passend dekkingsvoorstel.
4.4
deelprogramma maatschappelijke ondersteuning maatwerk
HOE METEN WE DAT? BBV indicator
2017
2018
2019
2020
Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo Aantal per 10.000 inwoners
600,0
610,0
590,0
590,0
2021
Trendlijn
Defintie: Aantal per 10.000 inwoners in de betreffende bevolkingsgroep (18 jaar en ouder). Een maatwerkarrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wmo. Toelichting: Eind augustus kwamen we voor deze indicator uit op 483 cliënten met een maatwerkarrangement Wmo per 10.000 inwoners in de bevolkingsgroep 18 jaar en ouder.
WAT MAG HET KOSTEN? (x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
Baten
118 V
118 V
118 V
118 V
Lasten
4.637 N
4.654 N
4.682 N
4.687 N
A. Saldo van baten en lasten
4.519 N
4.536 N
4.564 N
4.569 N
Onttrekking reserves
0N
0N
0N
0N
Toevoeging reserves
0N
0N
0N
0N
B. Mutaties reserves
0N
0N
0N
0N
4.519 N
4.536 N
4.564 N
4.569 N
Geraamd resultaat (A+B)
Toelichting financiën Voor de Wmo is over 2022 tot en met 2025 geen rekening gehouden met volumegroei. Dit
62
betekent dat het budget uit de voorjaarsrapportage 2021 is doorgetrokken in het meerjaren perspectief. Bij ieder planning en control product wordt de begroting op basis van de dan lopende beschikkingen en het verwachte verzilveringspercentage indien nodig aangepast. Het jaar 2020 laat zien dat het gebruik van de WMO-voorzieningen moeilijk blijkt te voorspellen. Er is nu geen directe aanleiding om uit te gaan van een forse volumegroei of zelfs daling. Het goed blijven monitoren van de budgetten is daardoor van groot belang. Het budget voor jeugd wordt jaarlijks in de voorjaarsrapportage geïndexeerd. Alleen als we in enig jaar een structurele groei of daling waarnemen, worden de budgetten daarop aangepast. De stijgende lasten in bovenstaande tabel is de reeds verwerkte indexering van de Valleihopper. Dit is gebeurd conform de ontwerpbegroting 2022-2025 van de bedrijfsvoering organisatie Valleihopper.
4.4
4.5
Deelprogramma
PARTICIPATIE PREVENTIEF
WAT WILLEN WE BEREIKEN? Beleidsdoel Inwoners kunnen zelfstandig in hun levensonderhoud voorzien. 4.5.1 Meer inwoners kunnen bijstandsafhankelijkheid voorkomen door het vinden of behouden van betaald werk. 4.5.2 Minder inwoners krijgen te maken met problematische schulden. WAT GAAN WE ER VOOR DOEN? Reguliere activiteiten: vluchtelingenwerk, nieuwkomers, maatschappelijke begeleiding en de direct betrokken medewerkers.
Activiteiten en ontwikkelingen in 2022 Wet Inburgering Met ingang van 1 januari 2022 treedt de Wet Inburgering 2021 in werking. Het nieuwe inburgeringsstelsel beoogt een bijdrage te leveren aan het maatschappelijk doel van in63
burgering, namelijk dat alle inburgeraars snel en volwaardig meedoen in de Nederlandse maatschappij, het liefst via betaald werk. Dit doel vertaalt zich in een specifiek doel voor het nieuwe inburgeringsstelsel: inburgeraars bereiken het voor hen hoogst haalbare taalniveau (liefst B1) en kennis van de Nederlandse maatschappij, in combinatie met gerichte inspanningen op participeren naar vermogen vanaf de start van het inburgeringstraject. Het centrale principe is dat gemeenten de regie voeren op de uitvoering van de inburgering. De inburgeraars blijven zelf verantwoordelijk voor het voldoen aan de inburgeringsplicht. In 2021 hebben wij de uitvoering van de wet voorbereid: met de arbeidsmarktregio Food Valley hebben we de drie leerroutes voor de inburgering ingekocht, de uitvoering hebben wij belegd bij de gemeente Veenendaal en dit is vast gelegd in een addendum op de dienstverleningsovereenkomst Werk en Inkomen. Ook zijn er samenwerkingsafspraken tot stand gekomen met maatschappelijke partners zoals het Netwerk voor Nieuwkomers en het Taalhuis. De gemeente Veenendaal heeft een implementatieplan uitgevoerd om de organisatie voor te bereiden op de uitvoering.